CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Samenvatting Evaluatie.docx

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 10 januari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief (met bijlagen) over de Evaluatie van de inzending Amsterdam-Almere op Floriade EXPO 2022 (VN2023-024895)2.396 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1 Beschrijving van uitvoeringslijnen, doelstellingen, evaluatie en leerpunten Activiteiten per uitvoeringslijn In opdracht van het college van B&W zijn rond de Floriade 3 uitvoeringslijnen uitgevoerd zijnde: 1. 2. 3.

Het programma WeMakeThe.City Green. Het maken van twee exposities voor de Floriade Expo met de naam ‘The Voice of Urban Nature’ en ‘de Schooltuin’ Het vormen van nalatenschap onder de naam ‘Building the green City’.

Hieronder vindt u een beschrijving van de activiteiten per uitvoeringslijn: 1) Het programma WeMakeThe.CityGreen: In Almere en Amsterdam zijn 12 gesprekken georganiseerd ten aanzien van het thema ‘Greening the City’ in Pakhuis de Zwijger (Amsterdam) en Avanti (Almere). Deze avonden werden door AT5 en Salto TV in Amsterdam uitgezonden. Het doel van deze gesprekken voor Amsterdam was om het ‘rigoureus vergroenen’ van de stad een extra impuls te geven – met bijzondere aandacht voor het ‘leven met de stadsnatuur’ door de vraag te stellen: ‘Welke bijdrage kun jij (of jouw bedrijf / organisatie / inwoner) leveren aan het maken van de groene stad?’ Veel groene initiatiefnemers in de stad maakten van de aanleiding gebruik om ‘groene’ activiteiten in de stad te promoten. Aanvullend werd met groene koplopers in de stad een podcast serie ontwikkeld, nieuwsbrieven uitgestuurd alsook diverse events door Pakhuis de Zwijger zelf georganiseerd. Ook organiseerde WeMakeThe.CityGreen vanuit de gezamenlijke begroting van de Floriade, in 2022 de eerste Open Groen Dag, die in 2023 een vervolg heeft gehad, zowel in Amsterdam als in Almere. Dit event zorgde naast het bereiken van het brede publiek ook voor nieuwe verbindingen van relevante stakeholders in de stad. Het vergrootte de zichtbaarheid van diverse ‘groene’ activiteiten in de stad.

2) Het maken van twee exposities voor de Floriade Expo met de naam ‘The Voice of Urban Nature’ en ‘de Schooltuin’: Bij de expositie The Voice of Urban Nature werd het verhaal van een natuurinclusieve stad voor alle levende wezens verteld. Bezoekers konden verhalen van Amsterdammers en Almeerders van verschillende leeftijden beluisteren over hun bijdrage aan een groene stad. Deze verhalen zijn nog steeds als podcast serie op Spotify te beluisteren en zijn o.a. hergebruikt voor een MBO lesprogramma in Amsterdam. Het paviljoen van ‘The Voice of Urban Nature’ was volledig gemaakt van biobased materialen die zo lokaal mogelijk waren verworven of al een eerder leven hadden gehad. Het paviljoen werd door bezoekers, pers en vakwereld als een innovatief voorbeeld voor bouwmogelijkheden in de toekomst gezien. De tuin bestond uit nieuwe combinaties van inheemse planten die een toonbeeld werden van ‘natuur inclusief’ beheer. Deze inzending was – volgens de Floriade BV - een van de publieksfavorieten van de Floriade met ca 250.000 bezoekers. De inzending kreeg zowel in de (inter-) nationale brede pers alsook de vakpers veel aandacht. Op ‘Utopia eiland’ is in samenwerking met het Amsterdamse schooltuinenprogramma en de Almeerse natuureducatie-organisatie ‘Stad en Natuur’ een schooltuin en expositie over natuur- en voedseleducatie in Amsterdam en Almere gerealiseerd.

In deze schooltuin hebben elke dinsdag kinderen van een basisschool uit Amsterdam en Almere een jaar lang met veel plezier hard gewerkt aan hun eigen stukje groen. Zij volgde primair het Amsterdamse schooltuinprogramma dat werd aangevuld met bijdragen van de Almeerse organisatie. Buiten de lesuren konden bezoekers via informatiemateriaal over het Amsterdamse, maar ook Almeerse natuureducatieprogramma leren. Hier werd bijvoorbeeld een compilatie van de film ‘100 Jaar Amsterdamse schooltuinen’ getoond. In

3)

de schoolvakanties en in de weekenden hebben ruim 2500 kinderen (en volwassenen) hier leerzame en inspirerende groene workshops gevolgd. Ook werd er een Engelstalige brochure over het Amsterdamse schooltuinenprogramma ontwikkeld voor bezoekers en konden zij uitleg krijgen over hoe je een schooltuinenprogramma kunt inrichten. Zo kon het Amsterdamse schooltuinenprogramma internationaal zijn expertise delen. De Schooltuin heeft een bronzen award gewonnen bij de ‘Exhibitors Competition’ in de categorie ‘Garden and Landscape Design’. Het creëren van nalatenschap onder de naam ‘Building the green City’: Amsterdam en Almere ambieerden een modulair en circulair paviljoen te ontwerpen dat uit lokaal geoogst materiaal zou worden gerealiseerd. In het plan van aanpak werd voorgesteld om het tijdelijke paviljoen ‘The Voice of Urban Nature’ na afloop van de Floriade in twee delen te splitsten en in iedere stad te herbouwen – op kosten van de nieuwe gebruiker. Na afloop van de Floriade bleek de restwaarde van het paviljoen vrij laag vergeleken met investeringskosten voor heropbouw – vooral als maatschappelijke functie. Op basis van het advies van een Saxion Hogeschool, is besloten om af te wijken van het oorspronkelijk plan van aanpak en de ‘Legacy’ anders invulling te geven. Een deel van het restmateriaal is aan maatschappelijke organisaties in Amsterdam en Almere gegeven.

Amsterdam heeft haar deel van de bouwmaterialen aan ‘’t Groene Veld’ geschonken met de voorwaarde om hier opnieuw maatschappelijke voorzieningen van te bouwen. De materialen van de schooltuinexpositie (tent, kasten, meubilaire en gereedschappen) zijn door het Amsterdamse schooltuinprogramma overgenomen. Het wordt nog verkend of de materialen van de expositie mogelijk voor de 750ste verjaardag van Amsterdam kunnen worden hergebruikt.

Evaluatie Amsterdam en Almere hebben gezamenlijk het procesadviesbureau ‘De hele olifant’ gevraagd om een lerende evaluatie uit te voeren over het behalen van de doelstellingen van de inzending en leerpunten te benoemen rond het proces van en voor het ‘Het Nieuwe Normaal’, het realiseren van een circulaire bouwcultuur. Aanvullend werd een expert-oordeel gevraagd aan Hogeschool Saxion, vakgroep Sustainable Area and Soil Transitions, ten aanzien van het proces rond de bouw op zich alsook de technische beoordeling van de restmaterialen van het paviljoen ‘The Voice of Urban Nature’. Doelstellingen die de basis vormen voor het plan van aanpak In het plan van aanpak van de gezamenlijke inzending Amsterdam-Almere zijn een aantal doelstellingen opgenomen die tijdens de evaluatie werden besproken namelijk: a) Het uitdragen van de Amsterdamse groenvisie ‘de groene stad voor mens en dier’; b) Een betekenisvolle expositie creëren die bezoekers activeert zelf iets te doen; c) Bezoekers kennis laten maken met nieuwe (biobased/circulaire/klimaat-adaptieve) bouwmaterialen en natuurinclusief bouwen en/of tuinieren; d) Een prijswinnende architectuur opzetten welke een publiekstrekker is; e) Een circulair paviljoen bouwen dat in Amsterdam/Almere kan worden hergebruikt; f) Het uitdragen van het Amsterdamse schooltuinenprogramma; g) Binnen budget blijven en de inzending op tijd realiseren.

Conclusies door De Hele Olifant (proces evaluatie) Voor de evaluatie zijn de betrokken ontwerpers, aannemers en ambtenaren geïnterviewd, en werden alle relevante besluitvormingsstukken aangeleverd. Daarnaast vond een gezamenlijke werksessie plaats om gezamenlijk de leerpunten te benoemen. Geconcludeerd wordt dat het team een inspirerende samenwerking en een zeer succesvolle inzending heeft vormgegeven. De inzending is gewaardeerd door het publiek en professionals, de samenwerking binnen het ontwerpteam was inspirerend en de verbinding tussen de gemeenten Almere en Amsterdam is versterkt (waarbij het blijvende effect beperkt is). Bovendien heeft het team geëxperimenteerd met materialen en

manieren van werken die bij kunnen dragen aan het verder door ontwikkelen van circulair bouwen in Nederland. Bij dit succes plaatst het één grote kanttekening: het gegeven dat het paviljoen niet zoals bedoeld herplaatst kan worden. Inhoudelijk is dit een teleurstelling, maar zeker ook het gegeven dat in de demontagefase onvoldoende onderling gecommuniceerd is over verschuivende doelen, belangen en besluiten beschouwt het team als een leerpunt.” Uit de gevoerde dialoog destilleert het team de volgende kernpunten als leeropbrengst voor volgende projecten: Leeropbrengst rond het proces In de door iedereen als waardevol betitelde evaluatie komt het team tot een leeropbrengst die kan bijdragen aan succes in volgende projecten waar sprake is van circulair, herbouwbaar bouwen óf bouwen voor een expositie of evenement. 1. Creëer een structuur en cultuur waarbinnen alle betrokken partijen elkaar interdisciplinair op een open en gelijkwaardige manier kunnen inspireren. Dit aspect is een belangrijke factor geweest in het succes van de inzendingen voor de Floriade. 2. Zorg voor een ambitieniveau dat energie losmaakt bij betrokken partners in de vraagstelling en de opdracht. 4. Kom bij de start expliciet gezamenlijke doelen en prioriteiten overeen, en vooral: blijf deze tijdens het traject herijken.

In een lang lopend traject zullen prioriteiten bij partners bijna per definitie in beweging zijn, afstemming hierover blijft noodzakelijke gedurende het traject. 5. Start een traject voor een expositie vanuit het ontwikkelen van het concept, het grotere verhaal. Ontwikkel daarbinnen en daarna het pand. Werk bij het aanbesteden met consortia, waarvan in ieder geval een expositie-ontwikkelaar ook onderdeel uitmaakt. 6. Neem in geval van een ambitie om te herbouwen de demontage op in de opdracht, en plaats deze bij voorkeur bij de partij die het gebouw bouwt. Demontage (in elementen) ligt in het beeld van dit team dichter bij bouwen dan bij slopen. 7. Als daadwerkelijk herbouwen belangrijk is, neem dan in de opdracht voor het ontwerp goed doordachte randvoorwaarden op voor de herbouw en denk ook na over mogelijkheden voor financiering hiervan. 8. Organiseer, ook in een project met tijdsdruk, dat op hoofdpunten verder vooruit gemanaged wordt dan alleen de eerstvolgende fase. Conclusies Saxion (technische evaluatie van de bouw van het paviljoen) De onderzoekers van de Hogeschool Saxion hadden de opdracht antwoorden te vinden op volgende vragen: Vraag 1: Hoe had de nu ontstane situatie voorkomen kunnen worden? Hierbij nadrukkelijk ook de tenderfase betrekken.

Vraag 2: Waren de ambities in relatie tot het gestelde budget juist geformuleerd en haalbaar? Vraag 3: Wat zijn zo duurzaam mogelijke toepassingen voor het restmateriaal in de huidige staat? Naar aanleiding van de analyse van de aangeleverde stukken en de gehouden interviews concluderen zij: 1. Door de gemeenten Almere en Amsterdam is een ambitieuze uitvraag gedaan om te komen tot een gezamenlijk paviljoen dat op de Floriade 2022 in Almere gerealiseerd is. In het kader van dit onderzoek wordt opgemerkt, dat het vanaf het begin helder is geweest dat het paviljoen zo circulair mogelijk ontworpen en gebouwd moest worden. Ook was helder dat het na afloop van de Floriade gedemonteerd en (in delen) herbouwd zou moeten worden. 2. Zowel tijdens de tenderfase, als tijdens de realisatie- en demontage-fases speelde tijdsdruk een belangrijke, zo niet bepalende rol in de keuzes die gemaakt zijn. Dat geldt voor de keuze van de te gebruiken materialen (er is bijvoorbeeld voor een deel ‘vers gekapt’ hout toegepast), maar ook voor de keuzes die gemaakt zijn voor de demontage / sloop. Een uitspraak die tijdens de interviews werd gedaan was duidelijk: “Het ging met grof geweld. Alleen zo kon het op tijd uit elkaar gehaald worden.” Tegelijkertijd moet geconstateerd worden, dat men er trots op was dat de demontage/sloop ruim binnen de gestelde tijd klaar was. 3.

De tijdsdruk speelde ook een rol bij de keuze voor een partij die het paviljoen zou gaan demonteren. Omdat de eerste inschatting van de demontagekosten een bedrag opleverde, dat volgens het gemeentelijk beleid een meervoudige uitvraag nodig maakte, werden uiteindelijk drie partijen gevraagd.

4.

De partij die de realisatie van het paviljoen had verzorgd was daar ook bij, maar die gaf aan het niet meer te kunnen doen binnen de gestelde tijd. Daardoor is de keuze – opnieuw vanwege de grote tijdsdruk – gevallen op een andere aanbieder, die ook al bij de demontage van andere paviljoens betrokken was. Er is wel afgesproken dat gedemonteerd zou worden voor herbouw, maar dat is uiteindelijk niet gebeurd. Ook is de opslag niet in een geklimatiseerde ruimte gedaan, maar zijn de materialen in zeecontainers afgevoerd en opgeslagen. Wel werd de oorspronkelijke bouwende partij gevraagd om als adviseur op te treden. Dat is ook gebeurd, maar slechts om aanwijzingen te geven hoe de demontage gedaan kon worden. Verdere betrokkenheid van de adviserende oorspronkelijke bouwer is niet gevraagd door het bedrijf dat de demontage verzorgde. Uit de interviews komt een beeld naar voren dat er verschillend is gedacht over de toekomst van het paviljoen. Het best kan dat aangegeven worden met gebruik van de termen ‘hergebruik’ en ‘herbouw’. Het gebouw was ontworpen als een bouwsysteem dat in elementen uit elkaar gehaald zou moeten worden bij de demontage. Die elementen zouden dan ook weer samengesteld kunnen worden tot een gebouw (hetzelfde paviljoen of een deel ervan met andere samenstellingen). Wellicht zouden dan sommige onderdelen wel gerepareerd of vervangen moeten worden.

De manier waarop het paviljoen echter uit elkaar is gehaald doet geen recht aan het bouwsysteem. Het is zodanig gedaan dat er wel hergebruik van de bouwmaterialen mogelijk is, maar geen herbouw van het bouwsysteem. De conclusie is dan ook onvermijdelijk, dat de meerwaarde die het bestaande systeem in zich had niet meer vertaald kan worden in opbrengsten. Er rest alleen een aantal materialen die weer (deels) hergebruikt kunnen worden. Veel van de bestaande houtproducten kan weer opnieuw gebruikt worden in andere bouwwerken. De bestaande restanten van de kalkhennep-panelen kunnen worden vermalen, gedroogd en weer tot nieuwe kalkhennep-producten worden geperst. Het is echter de vraag of de kosten zulk hergebruik zullen rechtvaardigen. Ideële motieven zullen dan de doorslag moeten geven.

Aanbevelingen Op basis van de uitgevoerde studie komen we tot de volgende aanbevelingen: 1. Bij toekomstige uitvragen/tenders voor tijdelijke gebouwen, die na een tijd te zijn gebruikt moeten kunnen worden gedemonteerd en elders weer herbouwd, is het verstandig om niet alleen het ontwerp en de realisatie, maar ook de demontage en herbouw in een keer uit te vragen. Mocht er toch een scheiding gewenst zijn van realisatiefase en demontage/herbouwfase, dan zal in ieder geval een duidelijke demontage-handleiding moeten worden gevraagd, die ook door deskundigen op zijn merites zal moeten worden beoordeeld voordat de realisatie start. 2. Tijdsdruk en vernieuwende gebouwen zijn een slechte combinatie. Zorg voor voldoende tijd om innovaties goed te doordenken en de nodige expertise in te huren om de nieuwe producten / toepassingen te laten beoordelen. 3. Zorg voor een helder begrippenkader. Circulariteit is zo langzamerhand een containerbegrip geworden. Maak duidelijk wat bedoeld wordt met begrippen als ‘hergebruik’ of ‘herbouw’. Ook die begrippen kunnen weer geladen zijn. Bedoelen we hergebruik van materialen of hergebruik van het systeem, of zelfs van het gehele gebouw? In dit kader is bijvoorbeeld de terminologie zoals die is neergezet in het Lexicon van het Platform CB’23 een goede Leidraad. 4.

Verder onderzoek van alle opgeslagen materialen zal nodig zijn om duidelijk te krijgen welke materialen nog weer een toepassing kunnen vinden in andere gebouwen, welke materialen kunnen worden gecomposteerd of anderszins worden verwerkt, welke als brandstof kunnen dienen en welke helaas als afval zullen moeten worden beschouwd. Beide evaluaties zullen binnen het ambtelijk apparaat worden besproken als input voor vervolgprojecten. Tevens is er op basis van deze evaluatie een nieuw voorstel ontwikkeld voor hergebruik van het Amsterdamse deel van het restmateriaal door Stichting ’t Groene Veld in Amsterdam Noord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13622117/1