2. Mandaatbesluit projectdirecteur MIRT verkenning OVAH.docx
Tekst van het document
Opmerkingen voor publicatie: Te publiceren in: Uiterlijk bekendmaken op:
Niet eerder bekendmaken dan op: Consolideren op overheid.nl Gevolgen voor de werking van een andere regeling: Externe informatieve bijlage voor de leesbaarheid: Andere bijzonderheden:
Gemeenteblad [zo snel mogelijk / datum (hou rekening met maximaal twee weken verwerkingstijd na vaststelling en kies als datum geen weekenddag of feestdag)] [n.v.t. / datum] NEE n.v.t. [n.v.t. / titel externe informatieve bijlage] […]
Kennisgeving MANDAAT PROJECTDIRECTEUR MIRT-VERKENNING OVVERBINDING AMSTERDAM-HAARLEMMERMEER
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, Gelet op: -
Afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht; de Samenwerkingsovereenkomst voor de MIRT-verkenning OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer d.d.20 december 2023 (de “Samenwerkingsovereenkomst”);
Overwegende dat: -
-
-
-
-
-
het noodzakelijk is om reeds in de fase van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. -Verkenning (MIRT) van een OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer (OVAH) publiekrechtelijke bevoegdheden uit te oefenen om tot een voorkeursbeslissing zoals bedoeld in de MIRT-spelregels te kunnen komen; besluiten door de bevoegde gezagen in de MIRT-Verkenningsfase vastgelegd zijn in de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit Het gaat daarbij om de formele stappen c.q. handelingen die zowel in de MIRT-Verkenning als in de mer-procedure moeten worden uitgevoerd door de bevoegde gezagen, waarbij ook het voorbereiden van deze besluitvorming formeel bij de bevoegd gezagen ligt.
in deze MIRT Verkenning sprake is van vier bevoegde gezagen, te weten de minister van Infrastructuur & Waterstaat, de provincie Noord-Holland, de gemeente Amsterdam en de gemeente Haarlemmermeer, zolang er nog geen voorkeursbeslissing is genomen; één of meerdere van de bevoegde gezagen, al dan niet deels, uiteindelijk bij de vaststelling van de MIRT-voorkeursbeslissing als bevoegd gezag voor het voorkeursalternatief zal/zullen acteren en deze publiekrechtelijke bevoegdheden dient/dienen uit te oefenen; het daarom vanuit een oogpunt van efficiëntie wenselijk is om enkele bevoegdheden voor het stadium MIRT-verkenning te mandateren aan de projectdirecteur MIRT-verkenning OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer; de projectdirecteur OVAH gemandateerd wordt voor de voorbereiding van publiek/bestuursrechtelijke besluiten;
-
-
bij de mandatering het nemen van specifieke voorbereidende stappen en het uitvoeren van handelingen in de kader van de MIRT Verkenning en van de merprocedure centraal staan. De eerste stap betreft de kennisgeving van het voornemen tot een mer-procedure voor de MIRT Verkenning (start procedure voorkeursbeslissing) en het vrijgeven van het ontwerp van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD)voor publicatie en terinzagelegging; het nemen van de besluiten blijft voorbehouden aan de bevoegd gezagen zelf.
Besluit: Aan de projectdirecteur MIRT-verkenning OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer (onder)mandaat te verlenen voor het uitoefenen van de volgende wettelijke bevoegdheden: 1. Kennisgeving van een voornemen in de zin van artikel 5.47 Omgevingswet, inclusief terinzagelegging van een ontwerp-Notitie Reikwijdte en Detailniveau; 2. Het uitvoeren van een verkenning in de zin van artikel 5.48, eerste en tweede lid Omgevingswet; 3. Raadpleging van wettelijke adviseurs in de zin van artikelen 16.36, 16.38 en 16.39 Omgevingswet, waarbij de bevoegdheid van artikel 16.39 enkel kan worden uitgeoefend wanneer dit gebeurt voorafgaand aan terinzagelegging van de voorkeursbeslissing in de zin van artikel 5.49 Omgevingswet; Een en ander voor zover van toepassing in samenhang met artikel 5.55 Omgevingswet en steeds uitsluitend voor zover benodigd voor het uitvoeren van de MIRT-verkenning OVverbinding Amsterdam-Haarlemmermeer om tot een voorkeursbeslissing in de zin van artikel 5.49 Omgevingswet te komen. De onder 1 genoemde bevoegdheid zal slechts worden uitgeoefend na voorafgaande afstemming met het bevoegd gezag conform artikel 8 lid 1 van de Samenwerkingsovereenkomst. Het besluit treedt in werking met ingang van de dag na uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst en eindigt op 31 december 2025. Ondertekening Aldus vastgesteld in de vergadering van 12 maart 2024
De voorzitter Femke Halsema
De gemeentesecretaris Peter Teesink
2