2. Klimaatfonds bestedingsvoorstel wind NIJP aangepast .pdf
Tekst van het document
Subsidie coöperatieve ontwikkeling windenergie Noorder IJ-plas
Concept bestedingsvoorstel voor besteding uit het Klimaatfonds van de gemeente Amsterdam
1
1 Het voorstel ............................................................................................................. 3 1.1 Omschrijving .............................................................................................................................3 1.1.1 Lopende trajecten ................................................................................................................. 4 1.1.2 Passend bij de doelstellingen van het College ........................................................................ 4 1.2 Het doel van de te verstrekken subsidie ................................................................................... 5 1.3 De resultaten............................................................................................................................ 5 1.4 De locatie ................................................................................................................................. 6 1.5 Stakeholders ............................................................................................................................. 7 1.6 Leerkansen en adaptatie .......................................................................................................... 8 1.7 Het Rijk ....................................................................................................................................
8 2 Financieel ................................................................................................................ 9 2.1 Investeringsbedrag .................................................................................................................. 9 2.2 Investeringsvorm ..................................................................................................................... 9 2.3 Zakelijke afweging ................................................................................................................... 9 2.4 Kasritme ................................................................................................................................. 10 2.5 Kostenefficiency ..................................................................................................................... 10 3 Risicoanalyse en - mitigatie..................................................................................... 11 4 Afsluiting .............................................................................................................. 12
2
1 Het voorstel
1.1 Omschrijving Door drie burgercoöperaties en een bedrijfscoöperatie wordt sinds 2012 gewerkt aan een plan om in het Noorder IJ-plas (NIJP) gebied windturbines te realiseren. De vier coöperaties zijn: - De Windvogel - https://windvogel.nl - Amsterdam Energie - https://amsterdamenergie.nl - Energie coöperatie Zuiderlicht - https://zuiderlicht.nu (alle drie burger coöperaties) en - NDSM Energie (een coöperatie van bedrijven in en rondom Amsterdam De coöperaties hebben zich verenigd in Wind Ontwikkeling Amsterdam Noord B.V. (WOAN). Bij de provincie is in 2023 vergunning aangevraagd voor drie turbines, zie onderstaand kaartje voor de locaties. Omdat de concept VVGB door Provinciale Staten van Noord-Holland is geweigerd heeft WOAN BV besloten om bij het college van B&W een aanvraag in te dienen voor de realisatie van één windturbine (WTB 3). Deze is in behandeling bij stadsdeel Noord.
Aangevraagde locaties windturbines.
3
1.1.1 Lopende trajecten De ontwikkeling van windenergie binnen de stadsgrenzen valt binnen het gemeentelijk beleid. De doelstellingen voor de opwek van duurzame energie op het grondgebied van de gemeente Amsterdam is een politieke keuze en vastgelegd door de gemeenteraad in afspraken uit de RES 1.0 en in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. In de RES 1.0 en de Routekaart is de ambitie vastgelegd om tenminste 127 MW opgesteld vermogen windenergie te realiseren voor 2030. De inzet van het college blijft onverminderd de energiedoelstellingen te halen, daarbij wordt gestreefd naar minimaal 50% lokaal eigendom. De omvang van dit project is (grofweg) 15MW voor het provinciale traject met 3 windturbines en 5MW voor de aanvraag bij de gemeente. De besluitvorming over de windturbines is een langdurig proces. WOAN is al sinds 2020 aan het investeren in de projectontwikkeling, maar er is nog steeds geen zekerheid. Door zowel de gemeente als door WOAN is begin januari 2025 beroep aangetekend bij de Rechtbank Noord-Holland tegen de weigering van de VVGB. Een definitief besluit door de Provincie voor 3 windturbines laat daarmee nog een aantal jaren op zich wachten. Om het traject voor een vergunning voor 1 windturbine bij Stadsdeel Noord succesvol af te kunnen ronden is een positief besluit nodig van de OD NHN met betrekking tot de natuurvergunning en ontheffing.
Daarnaast is een extra inspanning nodig om de onderzoeken aan te passen aan de aanvraag voor slechts 1 windturbine. De (meeste) onderzoeken hebben de situatie met 3 windturbines als uitgangspunt. Op 30 september 2024 heeft WOAN het college van B&W een brief gestuurd waarin aangegeven is dat WOAN de lopende leningen af wil ronden en -zodra er positieve besluitvorming is over een van beide aanvragen- een nieuwe lening aan wil vragen uit het duurzaamheidsfonds. In deze brief heeft WOAN ook aangegeven geen juridische procedure bij de Rechtbank van NoordHolland te willen starten om de hele gang van zaken bij de provincie van de afgelopen jaren aan te vechten. Uiteindelijk is die stap wel gezet, mede om te voorkomen dat ook andere windprojecten rondom Amsterdam met dezelfde argumentatie zullen worden afgewezen door de Provincie. WOAN BV heeft hiervoor hiervoor wederom kosten gemaakt.
1.1.2 Passend bij de doelstellingen van het College Het College streeft naar minimaal 50% lokaal eigendom. In dit project is 100% van de energieopwekking lokaal georganiseerd. Voor Amsterdam is het cruciaal dat de ontwikkeling van wind bij NIJP doorgang vindt om aan de energiedoelstellingen te voldoen. Sterker, als dit project geen doorgang vindt kan dat een precedentwerking hebben op de gehele winddoelstelling van de gemeente. Geen enkel burgerinitiatief zal de risico’s die gepaard gaan met een politiek gevoelig (en inherent langdurig) project nemen. Vanuit financieel oogpunt is het echter onverantwoord om door te gaan met de ontwikkeling, vandaar dat WOAN een verzoek tot subsidieverstrekking doet.
4
Er is voor dit project nog geen eerdere subsidie verleend. Wel is door B&W eerder een lening verstrekt vanuit het duurzaamheidsfonds (6 juli 2021) en deze lening is aangepast op 7 februari 2024. In de toekomst zal de coöperatieve ontwikkeling anders georganiseerd worden en zal de gemeente een grotere rol spelen bij het aanvragen van vergunningen en zal het financieel risico voor coöperaties daarmee beperkter worden. Daar is destijds niet voor gekozen bij NIJP. Gebleken is dat gezien de langdurige ontwikkelperiode het niet realistisch is coöperaties dit risico te laten nemen voor ontwikkeling die uit het gemeentelijk beleid volgt. Om die reden wordt het college gevraagd een eenmalige subsidie te verstrekken, zodat juridische procedures afgemaakt kunnen worden door WOAN en de organisatorische kosten gedekt zijn tot in ieder geval 1 mei 2025. Dan zal ook een hernieuwde lening aangegaan kunnen worden.
1.2 Het doel van de te verstrekken subsidie De subsidie kent meerdere doelstellingen: - Het realiseren van windenergie NIJP om aan de gemeentelijke, regionale, provinciale en landelijke doelstellingen te voldoen. - Het voeren van de noodzakelijke juridische procedures (tegen de provincie en Omgevingsdienst Noord-Holland-Noord) door WOAN. Dit is ook voor Amsterdam nodig om zelf succesvolle juridische procedures te kunnen voeren. Als de vergunningaanvrager geen beroep aantekent is de kans namelijk gering dat beroep van Amsterdam ontvankelijk verklaard wordt, omdat de initiatiefnemer zich bij het besluit van de provincie dan neergelegd heeft. - Het in stand houden van de werkorganisatie van WOAN om kennis te borgen, de juridische procedure te begeleiden, vergunningverlening bij SD Noord te realiseren en tot een hernieuwde lening (met terugbetaalverplichting) te komen. - Het proces van de afgelopen jaren te evalueren ten einde nieuwe windprojecten in Amsterdam dusdanig te kunnen organiseren dat de juridische en financiële risico’s gelijkmatiger verdeeld zijn tussen gemeente en coöperaties. Het beleid van de gemeente en de RES-regio ten aanzien van windenergie is dat ernaar gestreefd wordt dat alle nieuwe windmolens ten minste 50 procent lokaal eigendom worden en het liefst 100 procent.
Amsterdam wil namelijk dat omwonenden kunnen meeprofiteren van de opgewekte elektriciteit en dat ze zeggenschap krijgen. Deze ambitie is vastgelegd in de concept Regionale Energiestrategie Noord-Holland Zuid en in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050. De windturbines spelen een belangrijke rol om de ambities om Amsterdam in 2050 klimaatneutraal te laten zijn en om Amsterdam in 2040 aardgasvrij te laten zijn.
1.3 De resultaten Het resultaat van deze investering is meerledig:
5
-
-
-
De juridische procedures tegen het weigeringsbesluit van de provincie kunnen gevoerd blijven worden. Wet natuurbeschermingstoestemmingen: Uit de gesprekken met Omgevingsdienst NoordHolland Noord is gebleken dat aanvullend onderzoek kan helpen bij het toekennen van de ontheffings- en vergunningaanvraag Wet natuurbescherming. De toekenning van de ontheffings- en vergunningsaanvraag is noodzakelijk voor het project. Hiervoor is een bemiddelingstraject onder leiding van de provincie gestart en dat heeft nog niet tot resultaten geleid. Kosten voor reservering aansluiting op hoogspanningsstation Liander en voorbereidingskosten aanleg i.v.m. meeliften aanbesteding andere werkzaamheden Liander richting Zaanstad Tenslotte zal de vergunningsaanvraag voor 1 windturbine bij Stadsdeel Noord aangevuld worden met als doel dat het proces van vergunningverlening doorgang kan vinden.
Door de realisatie van windenergie NIJP worden de volgende emissies vermeden: Emissie (ton/jaar) COx NOx SO2 PM VOS
3 turbines 28.493 39,1 21,5 1,7 30,9
1 turbine 9.498 13,0 7,2 0,6 10,3
1.4 De locatie Op onderstaande afbeelding zijn de locaties van de windturbines waar aanvragen voor zijn ingediend aangegeven. Bij de provincie is vergunning voor alle drie de turbines aangevraagd. Bij het college van B&W alleen voor de zuidelijke turbine (WTB-3).
6
1.5 Stakeholders Betrokken stakeholders zijn: - College van B&W Amsterdam: als verstrekker van lening en beoogde subsidie en voor de realisatie van duurzaamheidsdoelstellingen d.m.v. duurzame energieopbrengst door windturbines. - Initiatiefnemers: Wind Ontwikkeling Amsterdam Noord BV (WOAN), een samenwerking van drie burgercoöperaties Zuiderlicht, Amsterdam Energie en de Windvogel en bedrijfscoöperatie NDSM Energie. Dit is een samenwerking gericht op realisatie van windenergie bij de Noorder IJ-plas - Gedeputeerde Staten provincie Noord-Holland, bevoegd gezag voor vergunningverlening 3 windturbines. - Omgevingsdienst Noord Holland Noord voor Wnb-toestemmingen - Liander voor aansluiting op hoogspanningsstation en aanleg verbinding - Stadsdeelcommissie Noord: Gemandateerd bevoegd gezag vergunningverlening voor 1 windturbine.
7
1.6 Leerkansen en adaptatie Het College streeft naar minimaal 50% lokaal eigendom. Bij de ontwikkeling van windenergie bij de NIJP is het leerpunt geweest dat het gehele ontwikkelproces en de vergunningprocedure een groot financieel risico vormen voor burger- en bedrijfscoöperaties. Voor andere windprojecten in Amsterdam zal een andere constructie gekozen worden en zal Amsterdam een grotere rol spelen in het ontwikkelproces en met name de vergunningprocedures. De komende maanden zal ook het proces geëvalueerd worden met WOAN, zodat er voor nieuwe windontwikkelingen in Amsterdam een andere ontwikkelstructuur gemaakt kan worden waarbij de risico’s beter verdeeld zijn tussen de realisatie van gemeentelijke doelstellingen en coöperatieve ontwikkeling van windenergie.
1.7 Het Rijk Realisatie van wind sluit aan bij de landelijke klimaatdoelstellingen.
8
2 Financieel
2.1 Investeringsbedrag Door B&W is eerder een lening verstrekt vanuit het duurzaamheidsfonds (6 juli 2021) en deze lening is aangepast op 7 februari 2024. De coöperaties hebben zelf €373.000 ingebracht. Er wordt voor nu een subsidie gevraagd van €100.000,-. Dit is een eenmalige subsidie. De komende maanden wordt door WOAN en Amsterdam gewerkt aan het hernieuwen en aanvullen van de bestaande lening. Omdat de vergunning geweigerd is door de provincie vervalt de terugbetaalverplichting van 2/3 van de bestaande lening. Dat is ook in de brief van B&W van 12 februari 2025 aangegeven. Indien 1 turbine vergund wordt en Financial Close bereikt wordt door de initiatiefnemers wordt een derde deel van het geleende bedrag vermeerderd met rente over dat deel terugbetaald.
2.2 Investeringsvorm De investeringsvorm is subsidie vanuit de gemeente.
2.3 Zakelijke afweging In deze paragraaf wordt ingegaan op de samenhang tussen de voorgestelde besteding en reeds gedane investeringen. Amsterdam heeft reeds meerdere leningen uit het Klimaatfonds verstrekt van in totaal ruim €607.000. Dit is in onderstaande tabel weergegeven: Lening Tot vergunning Voorfinanciering uit Klimaatfonds aansluiting Liander Voorfinanciering uit Klimaatfonds aansluiting Liander Totaal
Bedrag € 396.000 € 54.000
verplichting Terugbetaling bij financial close Terugbetaalverplichting bij financial close
€ 157.888,19
Terugbetaalverplichting
€ 607.888,19
9
Door WOAN is tot nu toe € 373.000 besteed. -
-
-
-
-
Welke stakeholder profiteren van de bijdragen? Welke opbrengsten zijn er te verwachten? o WOAN en daarmee hun aandeelhouders (ca 3000 bewoners en tientallen bedrijven) en omwonenden. De opbrengst is terugbetaling van reeds geleende gelden met renteopslag. Voor de uiteindelijke molen(s) zullen certificaten worden uitgegeven waarmee omwonenden en bedrijven kunnen participeren in de molen(s). Leidt de investering tot een besparing op de energie- en onderhoudslasten van een andere stakeholder? Hoe groot is die besparing? o Nee Leidt de investering tot mogelijke bijdragen van andere overheden of derden? Hoe groot is die bijdrage? o De uiteindelijke windmolen(s) zullen mogelijk deels worden gefinancierd met bancair geld, tegen gebruikelijke marktcondities. Voor de exploitatie wordt mogelijk gebruik gemaakt van de door het Rijk opengestelde SDE++ regeling Draagt de gemeente nog op andere manieren bij aan dit voorstel, bijvoorbeeld uit reguliere investeringsplannen? o nee Heeft de investering effect op bestaande of in voorbereiding zijnde grondexploitaties van de gemeente Amsterdam? o Nee
2.4 Kasritme Uitbetaling van het volledige bedrag per 1 maart 2025
2.5 Kostenefficiency De financiering van de ontwikkelkosten voor windparken is momenteel neergelegd bij coöperaties. Deze hebben beperkte middelen om voorinvesteringen te doen. Pas nadat financial close bereikt is kunnen zij grote investeringen doen, terwijl het wel van belang is voor alle partijen dat coöperaties deze voorinvestering doen. Leerpunt voor volgende windparken is dat Amsterdam een andere structuur opzet ten aanzien van de ontwikkeling van windparken, waarbij de gemeente mogelijk zelf meer voorinvesteringen doet om zodoende het risico voor (burger) coöperaties te beperken.
10
3 Risicoanalyse en - mitigatie
Het grootste risico is dat er uiteindelijk geen vergunning verleend wordt door Stadsdeel Noord of dat de Raad van State het weigeringsbesluit niet vernietigt. In dat geval zullen er geen windturbines gerealiseerd worden bij de NIJP. Het afgeven van het weigeringsbesluit door de provincie en daarmee het weigeren van de vergunning is een politiek besluit geweest. Dat besluit is in de ogen van WOAN en het college van B&W niet rechtmatig. Als mitigerende maatregel heeft WOAN een kwalitatief hoogwaardig beroepschrift ingediend. Het duurt echter lang voordat er uitsluitsel is, onder meer omdat eerst de rechtbank een uitspraak zal doen alvorens de Raad van State uitspraak kan doen. De ontheffing en vergunning Wet natuurbescherming wordt door Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied geweigerd op basis van onjuiste gronden. Daar is door WOAN een zienswijze en een bezwaar tegen ingediend en hier vindt thans overleg over plaats, waardoor de kans aanwezig is dat deze alsnog verleend gaan worden. Het is voor Amsterdam van cruciaal belang dat deze ontheffing en vergunning alsnog verleend worden, omdat: 1) Deze noodzakelijk zijn om (alsnog) 1 of 3 windturbines te kunnen realiseren bij de NIJP 2) Op deze manier kan worden voorkomen dat er een erg grote onderzoeks-last en buitenproportionele mitigerende maatregelen bij andere toekomstige windprojecten in Amsterdam noodzakelijk zijn.
Om deze reden is in januari 2025 een ‘mediation’ traject met ODNZKG opgestart met de insteek om ‘common ground’ te verkennen. Hieruit is gebleken dat de OD bepaalde informatie mist, die alsnog door initiatiefnemers zal worden aangeleverd. Die informatie is geleverd en daarna is weer om aanvullende informatie gevraagd. Op basis hiervan overweegt OD een herstelbesluit te nemen voor zowel de natuurvergunning als – ontheffing.
11
4 Afsluiting
De ontwikkeling van windenergie in het Noorder IJ-plas gebied is van cruciaal belang voor het behalen van de energiedoelstellingen van Amsterdam. Ondanks de uitdagingen en de langdurige procedures, blijft de inzet van zowel de gemeente als van de coöperaties, verenigd in WOAN BV, onverminderd nodig. Met de steun van de subsidie kunnen de noodzakelijke juridische procedures worden voortgezet en kan de werkorganisatie van WOAN BV haar kennis en expertise blijven inzetten. Dit project is een belangrijke stap richting een duurzame en klimaat neutrale toekomst voor Amsterdam.
12