2. Halfjaarrapportage jan-jun 2021 Progr Lightrail.pdf
Tekst van het document
Halfjaarlijkse rapportage Programma Lightrail 2020-2040 Periode: 1 januari t/m 30 juni 2021
*Z10A4DD2E46*
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Validatie en autorisatie Document
Halfjaarlijkse rapportage Lightrail 2020-2040
Periode
1 januari t/m 30 juni 2021
Opgesteld door
Projectteam Lightrail 2020-2040
Dossier
Projectbeheersing Integrale voortgangsrapportages
Documentnr. Versie document
0.4
Status
concept
Datum
11-10-2021
Omschrijving en toelichting versie
Datum
Versie
Kernteam
30-06-2021
0.1
Versie t.b.v. DT DBP i.o.
12-07-2021
0.2
Versie t.b.v. Amsterdams Directeurenoverleg
0.3
Versie t.b.v. B&W/gemeenteraad
11-10-2021
Definitief
0.4 1.0
Omschrijving review
Gereviewd door
Datum
Versie
Opmerkingen DT DBP i.o.
DT DBP i.o.
0.2
Opmerkingen Amsterdams Directeurenoverleg
Directeurenoverleg
0.3
Afstemming wethouders
Wethouders verkeer & vervoer/ Ruimtelijke Ordening
0.4
Gecontroleerd door
Goedgekeurd door
Vrijgegeven door
Vastgesteld door
Manager Projectbeheersing
Programmamanager
CFO
Programmadirecteur
Naam Functie Handtekening
Datum
2
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Halfjaarlijkse rapportage Programma Lightrail 2020-2040 Periode: 1 januari t/m 30 juni 2021
3
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 5 1.1 Doel en rapportageperiode ....................................................................................................... 5 1.2 Managementsamenvatting ...................................................................................................... 5 2 Projectvoortgang .................................................................................................... 8 2.1 Projectleiding ........................................................................................................................... 8 2.2 Techniek, uitvoering en overdracht .......................................................................................... 9 3 Projectbeheersing ................................................................................................. 11 3.1 Scope ....................................................................................................................................... 11 3.2 Planning ..................................................................................................................................
11 3.3 Financiën .................................................................................................................................12 3.3.1 Budget ..................................................................................................................................12 3.3.2 Financiering ..........................................................................................................................12 3.3.3 Prognose en resultaat ...........................................................................................................12 3.4 Risico’s.....................................................................................................................................14 4 Kwaliteit en organisatie ......................................................................................... 15 4.1 Kwaliteitsmanagement ........................................................................................................... 15 4.2 Tegenspraak ............................................................................................................................ 15 4.3 Audits ......................................................................................................................................
15 4.4 Organisatie en personeel ......................................................................................................... 15 4.5 Procedure AO&I ...................................................................................................................... 15 5 Omgeving en Communicatie .................................................................................. 16 5.1 Omgevingsmanagement .........................................................................................................16 5.2 Communicatie .........................................................................................................................16
4
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
1 Inleiding
Voor u ligt de rapportage over het eerste halve jaar van 2021 voor het Programma Lightrail 2020 2040. Het programma is ondergebracht bij de afdeling Bijzondere Opdrachten van Metro en Tram (MET). Vooruitlopend op besluitvorming over de startbeslissing Verkenningsfase wordt er halfjaarlijks gerapporteerd over het programma Lightrail 2020-2040.
1.1 Doel en rapportageperiode Het Programma Lightrail 2020-2040 levert de Amsterdamse bijdrage aan het onderzoek naar 2 metro-uitbreidingen (doortrekken Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp en het sluiten van de Ringlijn) onder de naam Toekomstbestending Mobiliteitssysteem Amsterdam-Schiphol-Hoofddorp (MASH). Deze halfjaarlijkse rapportage geeft het gemeentebestuur, de gemeentedirecties en de strategische partners inzicht in het gevolgde proces en heeft betrekking op de periode 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021.
1.2 Managementsamenvatting
Q3+Q4
Q1+Q2
2020
2021
Project Voortgang
In het BO MIRT van 25 november 2020 heeft positieve besluitvorming plaats gevonden ten aanzien van het metropakket doortrekken Noord/Zuidlijn en sluiten Ringlijn. In april 2021 heeft het Groeifonds voorwaardelijk besloten om een bijdrage van € 1,5 miljard te reserveren voor het doortrekken van de Noord/Zuidlijn. Voorwaarde voor toekenning van het gereserveerde bedrag is een positieve MKBA en een positief bbp-effect die uiterlijk 9 maanden na besluitvorming moet worden aangeleverd aan het Groeifonds. De door het Groeifonds gevraagde onderbouwingen worden door ZWASH, in nauwe samenwerking met de MASH-partners, uitgewerkt ten behoeve van verdere besluitvorming eind 2021/ begin 2022. Hiermee schuift de mogelijke startbeslissing voor de Verkenningsfase op van juni 2021 naar eind Q1 2022. Ook de verdere doorontwikkeling van de Ringlijn wordt vanuit ZWASH opgepakt in nauwe samenwerking met programma HavenStad en programma Lightrail.
5
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Tenslotte kan worden gemeld dat er goede voortgang wordt geboekt op een aantal “no regret maatregelen” in combinatie met project Zuidasdok. De benodigde raakvlakafstemming wordt de komende periode verder voortgezet.
Scope/VTW’s
Geen wijzigingen ten aanzien van de scope van het programma lightrail 2020-2040.
Planning
Voor de definitieve besluitvorming over de financieringsbijdrage uit het Nationaal Groeifonds is gevraagd om een nadere MKBA op te stellen. De geplande afronding van de initiatiefase, en daarmee de startbeslissing (inclusief financiering), wordt hierdoor verschoven naar eind Q1-2022. Voor de MKBA-analyse worden tracé-varianten NZL-2B kort (tot Schiphol) en lang (tot Hoofddorp), NZL3C kort en lang en optioneel een 1b kort in de planning geactualiseerd en/of opgenomen. Deze resultaten worden in Q3-2021 definitief verwacht en gerapporteerd.
Financiën
De projectkosten voor het pakket doortrekken NZL en sluiten Ringlijn, zijn geraamd op € 4,7 miljard (prijspeil 2020). De MASHpartners hebben toegezegd om € 1,025 miljard bij te dragen indien het het gecombineerde pakket wordt uitgevoerd. Vanuit het Groeifonds is voorwaardelijk € 1,5 miljard toegezegd voor de doortrekking Noord/Zuidlijn. Komend half jaar zal in het teken staan van het sluitend krijgen van de 75%-financiering die benodigd is voor de startbeslissing Verkenningsfase. De stand van de aangegane verplichtingen en cumulatieve uitgaven voor de Amsterdamse inbreng in de onderzoeksfase blijven ruim binnen het toegekende budget. De verwachting is dat het resterende budget, conform vorig jaar, zal worden doorgeschoven naar 2022. Dit zal in overleg gaan met de fondsbeheerder van de SMF-fonds.
Risico’s
Het risicomanagement voor het Programma Lightrail 2020 – 2040 is gericht op het succesvol behalen van de programmadoelstellingen. Ten opzichte van de vorige rapportage is één toprisico (risico 3) toegevoegd. De drie toprisico’s die nu worden onderkend zijn: 1. Zicht op financiering; 2. Covid-19; 3. Uitloop planning raakvlakproject Zuidasdok. In de tweede helft van 2021 staat een risicosessie gepland die vooral zal zijn toegespitst op de verkenningsfase.
6
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Kwaliteit en Organisatie
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Eén van de lessen van de Noord/Zuidlijn is het belang van het organiseren van tegenspraak. Deze tegenspraak krijgt vooralsnog vorm door middel van second opinions (o.a. het projectcommissariaat). Vooruitlopend op zicht van 75% financiering wordt er binnen het programma nagedacht over de inrichting van de werkorganisatie voor de verkenningsfase. Hiervoor is een nieuw programmaplan in de maak.
Omgeving en communicatie
Het stakeholdersmanagement is ondergebracht bij ZWASH. De periode tot aan de daadwerkelijke start van de MIRT-verkenning dient als voorbereiding voor het formele participatie traject. De aanpak voor omgevingsmanagement kenmerkt zich de komende periode door het voorzetten van de intensieve betrokkenheid met de partners welke deelnemen in de stuurgroep ZWASH. Daarnaast zullen de contacten met stakeholders uit de 2e schil geactiveerd en geïntensiveerd worden om de relaties met hen te versterken en zodoende om betrokkenheid, commitment en draagvlak te creëren. Tevens worden de stakeholders in staat gesteld om zich voor te bereiden op de aanstaande verkenningsfase. Het doortrekken van de Noord/Zuid-lijn en het sluiten van de Ringlijn hebben vele raakvlakken met lopende projecten en programma’s. De afgelopen periode is dan ook intensief contact geweest met vertegenwoordigers van o.a. programma Haven-Stad, programma Schinkelkwartier en project Zuidasdok. Met betrekking tot communicatie kan worden gemeld dat de werkgroep communicatie in juni (vanuit ZWASH) in uitgebreide vorm bijeen is geroepen mede ingegeven door de berichtgeving over het Groeifonds De verwachting is dat er zeker richting en rondom het BO Mirt in november weer veel vragen zullen komen. Vandaar dat In september weer een tweede bijeenkomst met de werkgroep zal worden ingepland.
Rondom de uitkomst van het Groeifonds zijn er meerdere publicaties geweest in diverse landelijke en regionale media waaronder het NRC en het Parool. De berichtgeving hierover was tamelijk feitelijk.
Afspraken/Acties/ Maatregelen
7
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
2 Projectvoortgang
2.1 Projectleiding Eind 2020 heeft het programma Lightrail haar eerste doelstellingen bereikt: het idee over het doortrekken van de metro naar Schiphol en hoofddorp en het sluiten van de Ringlijn is nu een concreet en onderbouwd BO-MIRT besluit, waarin bevestigd is dat zowel de Noord/Zuidlijn als de Ringlijn van groot belang zijn voor de bereikbaarheid van Nederland, de Gebiedsontwikkeling binnen de MRA en de transitie van vliegverkeer naar trein. In april 2021 volgde het bericht van de Groeifonds-commissie dat 1,5 miljard euro gereserveerd is voor het doortrekken van de Noord/Zuidlijn, waarbij aanvullende onderbouwing eind 2021 (9 maanden na besluit) aangeleverd moeten worden. De Groeifonds-commissie heeft De Tweede Kamer schriftelijk geïnformeerd over “Het voorstel Schaalsprong Metropolitaan OV-systeem MRA en verstedelijking”, waarin de volgende hoofdpunten zijn opgenomen: De commissie adviseert het kabinet om het voorstel Schaalsprong Metropolitaan OV-systeem MRA en verstedelijking niet te bekostigen met uitzondering van het onderdeel ‘Doortrekken van de Noord/Zuidlijn via Schiphol naar Hoofddorp‘ en maakt hiervoor een reservering van maximaal 1500 miljoen euro (50% van de geschatte kosten). De ingediende MKBA stelt de commissie niet in staat om tot een positief oordeel te komen over de MKBA-score en het bbp-effect.
De reservering is bestemd voor het doortrekken van het Noord/Zuidlijn metrotracé van Amsterdam Zuid naar Schiphol en Hoofddorp en blijft vooralsnog beschikbaar voor een periode van negen maanden na openbaarmaking van het besluit van het kabinet. De commissie constateert dat het doortrekken van de Noord/Zuidlijn in de Ontwikkelagenda Toekomstbeeld OV van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat als cruciale, randvoorwaardelijke ingreep wordt aangemerkt, en ook als zeer belangrijk voor de ontwikkeling van het nationale mobiliteitsnetwerk wordt bestempeld. Het gereserveerde bedrag kan geheel, gedeeltelijk of niet worden toegekend op basis van een aangepast voorstel voor het onderdeel ‘Doortrekken Noord/Zuidlijn. Er moet dan wel definitief sprake zijn van een positieve MKBA en een positief bbp-effect. Na groen licht door de commissie kan dan het reguliere MIRT proces gecontinueerd worden Voorwaarde voor toekenning van het gereserveerde bedrag is een positieve MKBA en een positief bbp-effect. De door het Groeifonds gevraagde onderbouwingen worden door ZWASH, in nauwe samenwerking met de MASH-partners uitgewerkt ten behoeve van verdere besluitvorming eind 2021/ begin 2022. Ook Amsterdam, waarbinnen met name het programma Lightrail maar ook Havenstad, levert hier een actieve bijdrage aan.
De adviezen van het Groeifonds zijn om de baten van woningbouw niet te vermengen met de baten van nieuwe infrastructuur. Daarmee wordt de aanvraag voor het totaalpakket (en specifiek 8
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
de Ringlijn niet gehonoreerd). De MRA is van mening dat de urgente behoefte aan nieuwe woningen een indiening voor de Ringlijn toch rechtvaardigt en gaat in overleg met het Kabinet en de commissie voor het Nationaal Groeifonds. Basis voor deze gesprekken is het beeld dat het juist nu nodig is om in de nabijheid van OV infrastructuur van de MRA te bouwen en de (groei van) automobiliteit te beperken. Juist samen zorgen de Noord/Zuidlijn en de Ringlijn voor grote voordelen, met name op het gebied van internationale, nationale en regionale bereikbaarheid, woningbouw en het verdienvermogen van Nederland. De gemeenteraad wordt actief geïnformeerd door Wethouder De Vries over de diverse ontwikkelingen binnen dit dossier.
Vanuit de Rijk/regio combinatie SBAB (Samen Bouwen aan Bereikbaarheid) wordt, in samenwerking met de MRA-partners en de gemeente actief gewerkt aan het verder door ontwikkelen van zowel de Noord/Zuidlijn als de Ringlijn. Hiermee blijft de inhoudelijke voorbereidingen van de Ringlijn op gelijkwaardig niveau met de Noord/Zuidlijn. Binnen Amsterdam werken hier specifiek de teams van Lightrail (MET) en programma Havenstad aan, die veel inhoudelijke input leveren die voor de besluitvorming benodigd is. Daarnaast is directeur rijk/regio (Bart van der Heiden van RO) nauw betrokken bij dit proces.
Een positief besluit vanuit het BO MIRT (nov 2021), het Groeifonds (begin 2022) gevoegd bij het feit dat de MASH-partners onder leiding van toenmalig portefeuillehouder Verkeer en Vervoer Dijksma, onder de voorwaarde dat het gecombineerd pakket wordt uitgevoerd, een bijdrage van meer dan € 1 miljard voor het gecombineerde pakket op tafel hebben gelegd, moet de randvoorwaarde van 75% financiering voor de startbeslissing Verkenningsfase voor het metropakket positief invullen. Als laatste kan gemeld worden dat er goede voortgang geboekt wordt op een aantal “no regret maatregelen” in combinatie met project Zuidasdok. Vooral het verbreden van de M3-brug over de Parnassusweg ziet er positief uit en wordt naar alle waarschijnlijkheid onderdeel van het DO OVT 1. De benodigde generieke raakvlakafstemming tussen Zuidasdok en het programma Lightrail wordt in de komende periode verder voortgezet.
2.2 Techniek, uitvoering en overdracht No-regretmaatregel Kunstwerk Parnassusweg Aan de projectorganisatie Zuidasdok is gevraagd te onderzoeken in welke mate het ontwerp van Zuidasdok moet/kan worden aangepast om een toekomstige doortrekking niet onmogelijk te maken. Het ontwerpproces voor deze “no regret” maatregelen is eind 2020 opgestart. Afgelopen periode is door het Ingenieursbureau van Zuidasdok (IBZ) het ontwerp voor de Noregret maatregel kunstwerk Parnassusweg opgesteld. Ten opzichte van het oorspronkelijke ontwerp wordt op verzoek van programma Lightrail het kunstwerk verbreed. Hierdoor wordt het brugdek van spoor M3 breed genoeg zodat deze geschikt is voor het spooralignement bij doortrekken NZL. Daarnaast wordt in het oostelijk landhoofd van het kunstwerk een ruimte gecreëerd voor de toekomstige S&C-apparatuur omdat de huidige beoogde S&C locatie op maaiveld ook conflicteert met het spooralignement bij doortrekken NZL.
9
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Op 26 maart 2021 is het VoorOntwerp (VO) door IBZ opgeleverd. De verwachting is dat het Definitief Ontwerp (DO) in de eerste helft van juli 2021 ter review wordt aangeboden. Door IBZ is aangeven dat na verwerking reviewcommentaar het DO eind augustus van 2021 zal worden ingediend. Op basis van het VO en bijbehorende SSK-raming is ook gestart met het inbrengen van deze wijziging in de scope van Zuidasdok (ZAD). Beoogd wordt dit brede i.p.v. huidige smalle brugdek in het werkpakket van OVT-1 op te laten nemen. Hiervoor heeft afstemming plaatsgevonden met: ZAD, Vervoerregio, GVB-exploitatie en met de afdelingen S&C en E&B van MET. Besluitvorming in het OGO (opdrachtgeversoverleg) Zuidasdok vindt op dit moment plaats. Naar verwachting wordt besloten om de no-regret op te nemen in de scope van OVT1. Raakvlakken Doortrekken NZL met Zuidasdok Het afgelopen jaar is ook met ZAD afgesproken de technische raakvlakken gezamenlijk te inventariseren en vast te leggen. Hierbij wordt er per project van ZAD een gezamenlijk document op gesteld. Het betreft de ZAD-projecten: OVT, Knopen en Tunnels. Voor het vierde project S&C/ICT is afgesproken dat deze – in dien van toepassing – in het document van de andere drie projecten wordt meegenomen. Doel is om in juli 2021 deze documenten gezamenlijk vast te stellen met de projecten OVT en Knopen van ZAD.
Voor het project Tunnels zal dat later zijn daar dit project momenteel bij ZAD nog in een opstartfase zit. Doel van de raakvlakafstemming is om actief informatie te delen tussen beide projecten en 2jaarlijks en geactualiseerd raakvlakdocument vast te stellen. Op die manier wordt actief gewerkt aan het voorkomen van toekomstige knelpunten en wordt er gezocht naar potentiele kansen ten aan zien van het principe: werk-met-werk-maken Huiswerk Groeifonds Ten behoeve van de beantwoording van de gestelde vragen en opmerkingen uit het Groeifonds is de Werkgroep A “Tracé en Kosten” weer opgestart. Amsterdam levert hier een actieve bijdrage aan, inclusief het voorzitterschap. De werkgroep werkt enkele inhoudelijke vraagstukken uit in opdracht van ZWASH, welke gebruikt zullen worden als input voor de MKBA-uitwerking in de 2e helft van 2021. Om gericht antwoord te geven wordt er doelgericht gekeken naar enkele tracés die afgewogen worden in de MKBA, fasering tot Schiphol, innovaties (bijvoorbeeld bestuurderloos rijden), duurzaamheid, opstelterreinen, planning en realisatiekosten. Verder worden de rijtijden, vervoerswaarde en kwalitatieve voor- en nadelen van deze varianten aangescherpt. Het streven is om de resultaten uit de werkgroep in augustus 2021 op te leveren.
10
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
3 Projectbeheersing
3.1 Scope Programma Lightrail 2020-2040 Het Programma Lightrail 2020 – 2040 richt zich op: 1. Het realiseren van de Amsterdamse bijdrage aan MASH en ZWASH: advies voor voorkeurstracés naar Schiphol-Hoofddorp en het sluiten van de Ringlijn tussen station Isolatorweg naar Centraal Station, inclusief hoofdkeuzes t.a.v. systemen en rijdend materieel. Van deze voorkeursvariant zal een kostenindicatie opgesteld worden voor de initiële aanleg, exploitatie en beheer & onderhoudskosten. 2. In het licht van de prioriteit voor deze 2 mogelijke uitbreidingen van het metronet komen tot, en bijhouden van, een lightrail agenda gericht op het bereikbaar en leefbaar houden van Amsterdam in de periode 2020 – 2040. 3. Het programmateam vormt de verbindende factor tussen de verschillende stakeholders binnen de gemeente Amsterdam (en overige stakeholders in samenwerking met de VRA), stelt het gemeenschappelijk belang centraal bij de inhoudelijke uitwerking en neemt bij eventuele conflicten in belangen, een faciliterende rol in om deze te overbruggen en tot besluitvorming te brengen. Wijzigingen/VTW: Geen bijzonderheden te melden op dit punt.
3.2 Planning Voor de definitieve besluitvorming over de financieringsbijdrage uit het Nationaal Groeifonds is gevraagd om een nadere MKBA op te stellen. De geplande afronding van de initiatiefase, en daarmee de startbeslissing (inclusief financiering), wordt hierdoor verschoven naar eind Q1-2022. Eerder was vanuit MASH gewerkt aan een startbeslissing in 2020 waardoor de lijnen begin jaren 30 operationeel zouden kunnen zijn. Dat schuift dus tenminste 1,5 jaar door. Voor de MKBA-analyse worden tracé-varianten NZL-2B kort (tot Schiphol) en lang (tot Hoofddorp), NZL3C kort en lang en optioneel een 1b kort in de planning geactualiseerd en/of opgenomen. In Q3-2021 worden voor deze planningen de berekende doorlooptijden verwerkt aan de hand van de nieuwe tracé-tekeningen. Dan kan ook een nieuwe prognose van de datum start exploitatie worden opgesteld.
11
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
3.3 Financiën 3.3.1 Budget De totale projectkosten voor het pakket doortrekken NZL en sluiten Ringlijn is geraamd op € 4,7 miljard (prijspeil 2020). De kosten voor de Amsterdamse inzet in de onderzoeksfase zijn geraamd op circa 1 miljoen voor 2019, 2 miljoen voor 2020 en 1 miljoen voor 2021.Deze kosten bestaan uit kosten voor capaciteit van het programmateam en advies en onderzoekskosten (zie kolom referentiebudget tabel PEW).
3.3.2 Financiering De MASH-partners hebben toegezegd om € 1,025 miljard bij te dragen indien het gecombineerde pakket wordt uitgevoerd. Vanuit het Groeifonds is voorwaardelijk € 1,5 miljard toegezegd voor de doortrekking Noord/Zuidlijn. Komend half jaar zal in het teken staan van het sluitend krijgen van de 75%-financiering die benodigd is voor de startbeslissing Verkenningsfase. De financiële dekking voor de onderzoeksfase voor 2019 bestaat uit een deel Algemene middelen en een deel SMF-bijdrage. Voor 2020 bestaat de dekking uit gelijke bijdragen uit het Stedelijk MobiliteitsFonds (SMF) en het Vereveningsfonds (VEF). De financiële dekking voor 2021 wordt volledig gefinancierd vanuit het SMF-fonds. De gemeenteraad heeft ingestemd met deze dekking via het vaststellen van de gemeentebegroting.
3.3.3 Prognose en resultaat In onderstaand tabel is de prognose einde werk weergegeven voor de onderzoeksfase tot en met 2021. PEW
Programma Lightrail 2020-2040
Referentie Beschikbaar Verplicht Betaald Nog te PEW 1e Saldo PEW PEW budget budget verplichten helft 2021 vorige rapp. mutaties 1 2 Prijspeil 2021 3 4 5 6=3+5 7=2-6 8 9=6-8 3.477.103 292.636 3.775.954 -298.851 Engineering 2019 t/m 2021 4.000.000 3.769.739 3.027.046 2.123.021 450.057
STAVAZA 30/06/2021
Totaal
4.000.000
3.769.739
3.027.046 2.123.021
450.057
3.477.103 292.636
3.775.954
-298.851
Toelichting op Beschikbaar budget: Het beschikbaar budget (€ 3,76 miljoen) tot en met 2021 wijkt af van het begrote budget (€ 4 miljoen). Dit heeft o.a. als reden dat in 2019 is afgerekend op werkelijk gemaakte kosten en het surplus niet doorgeschoven is naar 2020. Het beschikbaar budget wijkt iets af van de vorige rapportage omdat de werkelijke kosten van 2020 uiteindelijk iets hoger (€ 6.215,-) bleken te zijn.
12
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
Toelichting op Engineeringskosten tot en met 2021: De stand van de aangegane verplichtingen en cumulatieve uitgaven blijven ruim binnen het toegekende budget. De verwachting is dat het resterende budget, conform vorig jaar, zal worden doorgeschoven naar 2022. Dit zal in overleg gaan met de fondsbeheerder van het SMF-fonds.
13
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
3.4 Risico’s Het risicomanagement voor het Programma Lightrail 2020 – 2040 is gericht op het succesvol behalen van de programmadoelstellingen. Ten opzichte van de vorige rapportage is één toprisico toegevoegd (risico 3). De drie toprisico’s die nu worden onderkend zijn: 1. Zicht op financiering Het vinden van voldoende zicht op financiering (75% van de aanlegkosten) om met de verkenning te kunnen starten is een hoofdrisico. Als dat niet lukt treedt vertraging op die niet alleen invloed heeft op de directe bereikbaarheid maar ook op het tempo waarin o.a. Havenstad ontsloten kan worden en de transitie van vliegen naar trein kan plaatsvinden. Het groeifonds en anders de kabinetsformatie zijn de momenten om deze financiering voor elkaar te krijgen. Als beheersmaatregel (niet tegen het financieringstekort maar tegen verdere vertraging) wordt ook geïnventariseerd of, bij het ontbreken van zicht op 75% financiering, toch gestart kan worden met bepaalde activiteiten zoals het betrekken van stakeholders bij de plannen of de eerder genoemde no-regret maatregelen bij Zuidasdok. Verder wordt tezamen met o.a. de G4 gesproken met het rijk over aanpassing van deze financieringsvoorwaarde bij startbesluiten voor grote projecten. 2. Covid-19 De invloed van COVID-19 op het project heeft uiteraard ook de volle aandacht.
Het gaat dan om mobiliteitseffecten (al dan niet blijvend) en mogelijke invloed op de financiering. Voor wat betreft het eerste was de situatie pre corona zo dat de lijnen feitelijk 3 a 4 jaar “te laat” gereed zouden zijn om de ergste knelpunten in het OV op te lossen. Door COVID wordt dit gat in ieder geval kleiner, maar er is geen reden te veronderstellen dat de metro’s niet meer nodig zijn voor zowel het opheffen van bereikbaarheidsknelpunten als de eerdergenoemde gebiedsontwikkeling en transitiedoelstelling. Het risico is dat besluitvorming wordt uitgesteld omdat er onzekerheid is over de lange termijnaffecten van Covid. Mocht het OV dan groeicijfers pre corona krijgen dan dreigt net als voorheen een infarct omdat de nieuwe infrastructuur te laat gereed is. 3. Uitloop planning raakvlakproject Zuidasdok In het gebied van de verlengde Noord/Zuidlijn vindt ook het project Zuidasdok plaats. De onzekerheid van de NZL planning gecombineerd met de vertraging project Zuidasdok verhoogt risico’s op raakvlakken en uitvoerbaarheid in een toch al krap werkgebied. De samenwerking met Zuidasdok wordt geintensiveerd om tijdig knelpunten te signaleren en te mitigeren. In de tweede helft van 2021 staat een risicosessie gepland die vooral zal zijn toegespitst op de verkenningsfase.
14
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
4 Kwaliteit en organisatie
4.1 Kwaliteitsmanagement 4.2 Tegenspraak Eén van de lessen van de Noord/Zuidlijn is het belang van het organiseren van tegenspraak. Deze tegenspraak krijgt vooralsnog vorm door middel van second opinions. Dit is in de tweede helft van 2020 ingevuld door het laten opstellen van een SSK-raming, waarmee eerder uitgangspunten voor de raming verder getoetst en gehard werden Tevens is ten aanzien van het raakvlak met Zuidasdok veelvuldig gebruik gemaakt van het OV Overleg, waarin alle stakeholders betrokken zijn en benoemde uitdagingen en oplossingen breed besproken zijn. Daarnaast is tegenspraak binnen de gemeente georganiseerd op o.a. gebied van risicomanagement door bijvoorbeeld experts van Zuidasdok. Voor de actualisatie van de producten ten behoeve van de Groeifonds zal wederom gebruik worden gemaakt van second opinions.
4.3 Audits Geen bijzonderheden te melden.
4.4 Organisatie en personeel Het programmateam bestaat uit een vaste kernteam aangevuld met experts binnen- en buiten de MET-organisatie. De gehele programma organisatie kenmerkt zich door een voortrollend karakter, wat betekent dat deze meegroeit met de omvang van de opgave. Vooruitlopend op zicht van 75% financiering wordt er binnen het programma alvast nagedacht over de inrichting van de werkorganisatie voor de verkenningsfase. Hiervoor is een nieuw programmaplan in voorbereiding.
4.5 Procedure AO&I N.V.T.
15
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
5 Omgeving en Communicatie
5.1 Omgevingsmanagement Het stakeholdersmanagement is ondergebracht bij ZWASH. De vacature van omgevingsmanager binnen ZWASH is de afgelopen periode, op verzoek van VRA, vanuit programma Lightrail ingevuld. Mede ingegeven door deze benoeming draagt het programma lightrail actief bij aan het stakeholdersmanagement. De periode tot de daadwerkelijke start van de MIRT-verkenning dient als voorbereiding voor het formele participatie traject. De aanpak voor de komende periode kenmerkt zich door het voorzetten van de intensieve betrokkenheid met de partners welke deelnemen in de stuurgroep ZWASH. Daarnaast zullen de contacten met stakeholders uit de 2e schil geactiveerd en geïntensiveerd worden om de relaties met hen te versterken en zodoende om betrokkenheid, commitment en draagvlak te creëren. Tevens worden de stakeholders in staat gesteld om zich voor te bereiden op de aanstaande verkenningsfase. Het stakeholdermanagement van Programma Lightrail 2020 -2040 blijft ook voor de komende periode met name gericht op de verschillende directies binnen de gemeente Amsterdam.
De betrokken teamleiders van Verkeer & Openbare Ruimte, Ruimte & Duurzaamheid, Economische Zaken, Clusterstaf Ruimte & Economie, Public Affairs en Bestuurlijke Projecten en het Programma Lightrail 2020-2040 stemmen de voortgang van de verschillende mobiliteits- en gebiedsontwikkelingen, en de Amsterdamse inzet daarin, met elkaar af. Raakvlakken projecten en programma’s Het doortrekken van de NoordZuid-lijn en het sluiten van de Ringlijn hebben vele raakvlakken met lopende projecten en programma’s. De afgelopen periode zijn o.a. contacten geweest met programma Haven-Stad, programma Schinkelkwartier en project Zuidasdok. Er heeft o.a. afstemming plaatsgevonden op o.a. het gebied van planning, tracés en impact van de metrouitbreidingen. Met Haven-Stad heeft er afstemming plaatsgevonden over het Integraal Raamwerk Haven-Stad waarin ook het sluiten van de Ringlijn nadrukkelijk naar voren komt. Verder is de afgelopen periode de mobiliteitsmanager van Haven-Stad vanuit de regio gestart als duoprojectleider op de deelopgave sluiten Ringlijn.
5.2 Communicatie De werkgroep communicatie van ZWASH is afgelopen periode één keer bij elkaar gekomen. Dit was mede ingegeven door de berichtgeving over het Groeifonds m.b.t. de reservering voor het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp van € 1,5 miljard.
16
Gemeente Amsterdam Kwartaalrapportage Q1-Q2 2021
Versie document Status Datum Kenmerk
0.4 concept 11-10-202110
De werkgroep heeft een nieuwe appgroep aangemaakt om elkaar vroegtijdig te kunnen informeren bij vragen vanuit de media en om de gestelde vragen snel en adequaat te kunnen beantwoorden. De eerder gemaakte Q en A zal hiervoor ook worden aangepast. De verwachting is dat rondom het BO Mirt in november weer veel vragen zullen komen. In september zal daarom een tweede bijeenkomst met de werkgroep worden ingepland. Rondom de uitkomst van het Groeifonds zijn meerdere publicaties geweest in diverse landelijke en regionale media waaronder het NRC en het Parool. De berichtgeving hierover was tamelijk feitelijk.
17