CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Evaluatieverslag !WOON proeftuin buurtplatformrecht incl kennisbank

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 20 maart 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van raadsinformatiebrief over de evaluatie van de proeftuin buurtplatformrecht13.327 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

informatie en advies

EVALUATIE RAPPORTAGE

Proeftuin Buurtplatformrecht

NOVEMBER 2023

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

1

Inhoud

4 7 11 17 23 25 Contactpersonen !WOON Mirjam Sierat

27

Hoofdstuk 1 De waarde van succesvolle buurtplatformen Hoofdstuk 2 Een Proeftuin voor Buurtplatformrecht Hoofdstuk 3 De ontwikkeling van de Proeftuin Hoofdstuk 4 De oogst van de Proeftuin in 5 lessen Hoofdstuk 5 Een sterkere stad met Buurtplatformrecht Conclusie Waarom Amsterdam investeert in haar buurtplatformen Bijlagen

Projectcoördinator Proeftuin Buurtplatformrecht m.sierat@wooninfo.nl 06 30 82 69 18 Jantina Bijpost Programmaleider Bewonersinvloed j.bijpost@wooninfo.nl 06 31 68 87 67

!WOON 020 5230 130 Nieuwezijds Voorburgwal 32 1012 RZ Amsterdam info@wooninfo.nl www.wooninfo.nl KVK 41207159 IBAN NL84 INGB 0004 7905 02 IBAN NL85 SNSB 0635 1136 94 EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

2

Inleiding Amsterdam kent een rijke traditie van democratische vernieuwing. Sinds 2021 voltrekt zich een nieuw experiment in de wijken en de straten van de hoofdstad: de Proeftuin Buurtplatformrecht. Dit initiatief heeft als doel de lokale betrokkenheid te vergroten en de stem van de gemeenschap te versterken. Amsterdam, als broedplaats voor vooruitstrevende ideeën, heeft zich een pionier getoond door ruimte te bieden aan deze bijzondere test-case rond (netwerk-)participatie. Dit rapport biedt inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen rondom het Buurtplatformrecht in de stad. Bezien vanuit - en dat moet benadrukt worden - de ervaringen van de deelnemende buurtplatformen. Deze evaluatie is dan ook tot stand gekomen op basis van uitgebreide input en feedback van de betrokken buurtbewoners. Stichting !WOON is gevraagd om de platformen bij dit proces te ondersteunen. Te lezen valt wat er onder de vlag van de Proeftuin is onderzocht, opgelost, uitgeprobeerd en georganiseerd. In de eerste twee hoofdstukken leggen we uit wat een buurtplatform precies inhoudt, hoe de stad profiteert van succesvolle buurtplatformen en waarom dit is uitgemond in de Proeftuin voor Buurtplatformrecht. Hoofdstuk 3 blikt vervolgens terug op de eerste twintig maanden van dit bijzondere experiment. Dit doen we aan de hand van vijf sleutelmomenten.

De hieruit getrokken lessen zetten we, ondersteund door concrete voorbeelden, in hoofdstuk 4 overzichtelijk op een rij. Waarna we in het vijfde, laatste hoofdstuk vooruit kijken. Wat is er nog meer nodig om het Buurtplatformrecht optimaal te laten functioneren? Centraal staat telkens opnieuw de vraag wat de impact van de Proeftuin en het beoogde Buurtplatformrecht is op Amsterdam. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat bewoners niet het gevoel hebben langs de kant te staan, maar beter in staat zijn zelf hun stem te laten horen én verantwoordelijkheid te nemen voor hun stad? Daarmee biedt deze verkenning niet alleen inzicht in de specifieke Amsterdamse context. Zij dient ook als inspiratiebron voor gemeenschappen elders die streven naar nieuwe, krachtige vormen van participatieve democratie.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

3

HOOFDSTUK 1

De waarde van succesvolle buurtplatformen Iedereen kent er wel één. Of het nou de vrouw in de flat is die wekelijks soep kookt voor buren die dat kunnen gebruiken; de handige klusser die nooit te beroerd is om een lamp te repareren of een stop te vervangen; de moeder die met buurvrouwen het nieuwe plein wil mee-ontwerpen, of het manusje-vanalles dat nu eens subsidie weet te regelen om het plaatselijke speeltuintje op te knappen, dan weer huiswerkbegeleiding op poten zet voor middelbare scholieren zonder rijke ouders. Mensen die zich, kortom, grotendeels vrijwillig en belangeloos inzetten voor elkaar en voor hun stad. Zij zijn het sociale cement in een buurt.

Energiebommetjes Informele netwerken van zulke actieve mensen zijn er gelukkig overal in Amsterdam. Zij zetten zich in voor meer groen, minder overlast of bieden steun aan buurtgenoten die het nodig hebben. Overal ziet dat netwerk er anders uit, maar één ding hebben ze gemeen. Ze bestaan uit mensen die er voor elkaar willen zijn en hun buurt willen verbeteren. Deze mensen noemen wij in de Proeftuin energiebommetjes; doeners die het werk opknappen dat een buurt een thuis maakt. Een vangnet van naar-elkaar-omkijkers. Deze energiebommetjes krijgen hun daadkracht van doen, maken, organiseren en zorgen. Niet van vergaderen en administratief werk. Als deze energiebommetjes gaan samenwerken ontstaat een buurtplatform, een netwerk van actieve bewoners. Dat creëert randvoorwaarden voor hen om te kunnen knallen. Buurtplatforms houden daarmee een buurt en haar actieve bewoners leefbaar, gezond en veerkrachtig. Zij staan voor menselijke waarden als liefde, zorgzaamheid, verdraagzaamheid, veiligheid, vrijgevigheid, behulpzaamheid en geduld.

Gratis oplossingen Zulke netwerken waren er altijd al, maar sinds twee jaar hoor je de term “buurtplatform” steeds vaker. De definitie hiervan, zoals wij die met de Proeftuin hebben ontwikkeld, is “een vanuit EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

4

Participatie - what’s in a name? Met participatie worden alle manieren bedoeld waarop de gemeente samen met bewoners werkt aan de stad. De gemeente onderscheidt drie vormen: •

•

Wanneer de burgers actief meedenken, adviseren of samenwerken voor de voorbereiding of uitvoering

de buurt ontstaan netwerk dat zich inzet voor de

van de plannen van de gemeente, noemen we het

verbetering van de buurt”.

burgerparticipatie (het initiatief ligt bij de gemeente,

Dit geeft de gemeenschap in een buurt een stem (die

bewoners doen of denken mee)

kan, uiteraard, ook meervoudig zijn) en biedt een

Andersom, wanneer de overheid initiatieven van

structuur om samen activiteiten te ondernemen. Een

bewoners(organisaties) voor een betere buurt, wijk of

buurtplatform bestaat uit buurtbewoners, -initiatieven

stad ondersteunt, spreken we over overheids-

en -organisaties die willen samenwerken ter

participatie (het initiatief ligt bij burgers, de gemeen-

verbetering van de leefbaarheid in hun omgeving.

te doet of denkt mee) •

Netwerkparticipatie gaat over meer structurele en

Daarvan kan ook de stad in zijn geheel profiteren.

langdurige samenwerking tussen gemeente en het

De waarde van deze platforms voor Amsterdam is

netwerk van bewonersorganisaties en initiatiefne-

namelijk dat zij eigenhandig, efficiënt en vrijwel gratis

mers. Buurtplatformen hebben bij deze vorm van

oplossingen bieden voor grootstedelijke problematiek.

participatie een bijzondere positie als vaste ge-

Denk aan het bestrijden van eenzaamheid.

sprekspartner van de gemeente.

Buurtplatformen kunnen ook in een vroegtijdig stadium wijzen op de gevaren van gentrificatie en het belang van wat sociologen ‘publieke familiariteit’ noemen. Dit laatste zorgt voor een voorspelbare, stabiele

leefomgeving. Het bevordert een gevoel van veiligheid en vertrouwdheid met de openbare ruimte. Dit alles doen ze uiteraard niet op dezelfde manier als maatschappelijke organisaties die draaien op professionals. Het gaat om een vorm van zelforganisatie. “Er is een schat aan historische kennis van de buurt, maak daar gebruik van als gemeente”, zegt Platform Van Deyssel hierover. “Samen ben je slimmer dan alleen”. Het alternatief, leggen zij uit, is dat de lokale politiek veel geld moet uitgeven om die kennis naar boven te halen. Bijvoorbeeld door externe onderzoeksbureaus in de hand te nemen. Buurtplatformen beschikken al over de benodigde contacten in de wijk. Zij kunnen daarom snel sleutelfiguren bereiken: of het nou in die ene flat is, bij de moskee, bij een andere organisatie of een ondernemer. EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

5

Omdat zulke kwaliteiten vanzelfsprekend lastig in cijfers te vatten zijn of anderszins ‘hard’ te maken, hebben alle bij de Proeftuin betrokken buurtplatformen een zogenoemde social handprint gemaakt van Maex Amsterdam. Hun methode biedt extra inzicht in de waarde en behoeften van maatschappelijke initiatieven. De resultaten hiervan zijn onderdeel van de totale eindevaluatie van de Proeftuin¹.

Succesfactoren Er is niet één smaak als het om buurtplatformen gaat. Ze zijn er in allerlei soorten en maten. Dat is ook logisch, want elke buurt kent zijn eigen thema’s en werkwijze. Wel is er een reeks factoren die maken dat buurtplatformen wel of niet in hun missie slagen. Succesvolle buurtplatformen: 1.

Zijn van onderop ontstaan en werken vanuit de ‘doe-democratie’: ter versterking van de representatieve democratie met haar wetten en procedures pakken bewoners zelf verantwoordelijkheid voor hun leefomgeving.

2.

Sluiten niemand uit. Het maakt niet uit welke achtergrond, gender, geaardheid of geloofsovertuiging iemand heeft, iedereen is in beginsel welkom.

3.

Beschikken over een fysieke (ontmoetings)ruimte waar buurtbewoners elkaar kunnen treffen, vergaderen, organiseren.

4.

Hebben goede communicatieve vaardigheden: zowel online op internet als offline in de fysieke leefomgeving.

5.

Hebben een koepelfunctie in de buurt. Om die te krijgen en te behouden, zetten ze zich in om steeds weer nieuwe groepen en mensen uit de wijk aan zich te binden.

6.

Zijn vaak in een vroeg stadium op de hoogte van wat er speelt in hun leefomgeving. Ze zijn de ogen en de oren van de buurt.

7.

Staan in nauw contact met de gemeente en andere stakeholders in de buurt, waardoor ze goed in kunnen spelen op veranderingen in hun buurt en beleid kunnen beïnvloeden.

8.

Streven het algemene belang na, in de zin van wat goed is voor de buurt. Individuele behoeften mogen er zijn, maar voeren niet de boventoon.

9.

Zijn naast een vangnet voor de buurt ook een vangnet voor elkaar. Dat is belangrijk, omdat het takenpakket van een platform doorgaans amper valt af te bakenen, waardoor het werk emotioneel belastend en tijdrovend is. Dit maakt dat overbelasting op de loer ligt.

10. Succes is ook afhankelijk van de kunst om ondersteuningsbronnen aan te boren in personele en financiële zin. Kan je een coördinator betalen? Kan je een ruimte huren?

1

Niet alle waarde-elementen zijn hierin te vatten. Zo heeft Maex aan Hart voor de K-buurt gevraagd de extra elementen ook op te schrijven om aan te bieden. Zie: https://docs.google.com/document/d/1APZttkiUurPQsPsohwDOaABRBi3GuSdBrN5eHt4GVLI/edit?usp=sharing

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

6

HOOFDSTUK 2

Een Proeftuin voor Buurtplatformrecht Gezien hun waarde voor de stad en haar bewoners ligt het voor de hand om succesvolle buurtplatformen zo veel en zo goed mogelijk te ondersteunen. Dat is dan ook wat Amsterdam probeert te doen. Desondanks lopen zij nog regelmatig tegen barrières aan. Vanuit die ervaring is het idee voor het Buurtplatformrecht ontstaan.

Black box Een van de onderwerpen die in de gesprekken hierover steeds terugkwamen, is hoe lastig het is om de juiste persoon binnen de gemeentelijke organisatie te spreken te krijgen. Het lokale bestuur wordt op zo’n moment ervaren als een fort waar het moeilijk binnenkomen is. Sumadi van Platform Sierplein vergelijkt het ook wel met een black box. Je stop er iets in - een brief over een zorgwekkende ontwikkeling, een e-mail met praktische hulpverzoeken, telefoontjes om uitleg te vragen - waar je vervolgens nooit meer wat van hoort. Eerlijk is eerlijk: de gemeente Amsterdam werkt er hard aan om bereikbaar en transparant te zijn voor haar inwoners. Tegelijkertijd realiseert ook zij zich dat het voor bewoners niet altijd even makkelijk is om hun stem te laten klinken. Niemand is dan ook blij met deze situatie. Bewoners willen gehoord worden en de gemeente wil dat haar inwoners zich gehoord voelen. Wat de platformen daarom vragen, is een aanvulling op het huidige participatiebeleid. Zij willen niet alleen meedoen of meedenken, maar ook zelf kunnen agenderen en initiëren. Hun wens is, kortom, de kwaliteit van participatie te vergroten. Om samen te onderzoeken hoe het beter kan, is de Proeftuin in het leven geroepen.

Gesprekspartner Begin 2022 hebben negen actieve buurtplatformen zich verenigd met als doel kennis en ervaringen uit te wisselen. Het idee was om te werken alsof ze al een Buurtplatformrecht zouden hebben - waarover later meer. Het ging om Buurt- en bewonersplatform Gein, H-Buurt, Mama Florijn (Shain Foundation), Buurtplatform Van Deyssel, Platform Sierpleinbuurt, Bewonersvereniging De Mirandabuurt, Red Amsterdam Noord, Hart voor de K-buurt en Schinkelbuurt. Tijdens een startconferentie kregen zij een certificaat van erkenning van de status van buurtplatform uitgereikt door wethouder Rutger Groot Wassink, verantwoordelijk voor democratisering. Vanuit deze positie konden zij verder gaan met experimenteren. EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

7

Vanaf het begin was een van de belangrijkste vraagstukken hoe je als buurtplatform zorgt dat de doe-democratie meer tot zijn recht komt. Hoe kun je als gelijkwaardige gesprekspartner meepraten en beslissen over zaken die jouw medebewoners direct aangaan. Hierbij is de vergelijking gemaakt met de bevoegdheden van bewonerscommissies. Die zijn complexgebonden. Anders dan buurtplatformen hebben zij wél een erkende juridische positie. Daardoor dienen zij, bijvoorbeeld in het geval van sloop of renovatie, geraadpleegd te worden. De bewonersplatformen streven een soortgelijke positie na. Denk aan het geraadpleegd worden bij het opstellen van gebiedsplannen voor hun buurt. Aan vroegtijdige betrokkenheid bij het herinrichten van de publieke ruimte of nieuwbouwprojecten. Uit de analyse dat hier sprake is van een democratische lacune komt het idee van het Buurtplatformrecht voort.

Werkwijze De Proeftuin kent een reeks samenkomsten en interactiemomenten. •

Wekelijks vindt er een uur (digitaal) overleg plaats met elkaar, het Tussenteam van Gemeente Amsterdam en !Woon.

•

Elke maand is er een meet-up waarbij de platformen reflecteren op de dagelijkse praktijk en aan peer review doen. Dit vindt plaats op een roulerende locatie in een buurt waar een buurtplatform actief is.

•

Er zijn ook periodieke samenkomsten (om de twee maanden) met het stedelijk Tussenteam van de gemeente, inclusief de stedelijk directeur gebiedsgericht werken en stadsbeheer.

•

Incidenteel voortgangsgesprek (om de 5 à 6 maanden) met de wethouder democratisering.

•

Incidentele bijeenkomsten rondom het ontwikkelen van het Buurtplatformrecht en de online Kennisbank: buurtplatforminfo.nl. Zoals schrijfsessies, inhoudelijke discussies met de Proeftuin-leden en ambtenaren.

•

Met gemeenteambtenaren zijn bijeenkomsten per stadsdeel georganiseerd, met name in Zuidoost, Nieuw West en Noord. Deze bijeenkomsten hadden als doel de samenwerking vorm te geven, te intensiveren en te verbeteren.

•

Kennisdelen met andere groepen die geïnteresseerd zijn in het ontwikkelen van hun buurtorganisatie en interesse hebben in het Buurtplatformrecht.

•

De platforms zijn doorgegaan met hun eigen buurt verbeteren. Ieder platform doet dit op een geheel eigen wijze en tempo. Soms is het Tussenteam ‘ingevlogen’ om te ondersteunen bij het lokaal goed inregelen van de samenwerking.

Krukje aan tafel De proeftuin startte zoals gezegd met negen proeftuin-leden. Plus een buurtplatform dat op iets meer afstand wilde meekijken - de zogenaamde kweekvijver-rol. Op dit moment kent de proeftuin zeven leden. Van de oorspronkelijke groep zijn twee platformen geen kernlid meer. Platform van Deyssel heeft om persoonlijke redenen en een gebrek aan capaciteit een stap teruggedaan. Het neemt sinds een jaar niet meer deel aan de bijeenkomsten van de Proeftuin. Hetzelfde geldt voor Bewonersvereniging De Mirandabuurt. Beide platformen zijn op de achtergrond wel betrokken en bovendien aangesloten bij de Coalitie van buurtplatformen (zie hoofdstuk 3 voor meer informatie over deze coalitie).

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

8

Het gezamenlijk optrekken in de Proeftuin heeft de platforms heel wat gebracht. Inhoudelijk is er veel gedeeld: ervaringen, kennis, frustraties en successen. Alle deelnemers benoemen deze collectieve ervaring als zeer waardevol. De gesprekken brengen zowel herkenning als erkenning. Ze hebben de onderlinge menselijke band versterkt. Iets wat meer dan welkom is in een situatie die deze vrijwilligers regelmatig als energieslurpend ervaren. Binnen de Proeftuin deden de platforms ook aan peer-review, zeg maar het “zelfreinigend vermogen”. Elkaar aanspreken. Dat leverde een serie zeer openhartige, pittige en verrijkende discussies op. Er was onder andere debat over thema’s als: •

Is er een gevaar dat je zogenaamde “buurtbaronnen” faciliteert?

•

Kunnen er meerdere platformen in één buurt actief zijn?

•

Hoe zit het met de representativiteit van een buurtplatform?

Nog meer aandacht ging echter uit naar een tweetal andere vragen. Hoe kan een Buurtplatformrecht er uit zien? En hoe vertaalt zich dat in de praktijk? In dat kader zijn er vele nuttige gesprekken gevoerd met ambtenaren uit het werkveld. Daarbij kwamen uiteraard specifieke casussen ter sprake. Maar het ging ook over de bredere betekenis en de positie van een platform in een buurt, en wat er voor nodig is om goed, vertrouwd en veilig samen te kunnen werken.Deze gesprekken waren een goede voedingsbodem voor het uiteindelijke beleidskader Buurtplatformrecht (meer hierover in het kader Buurtplatformrecht. De inzichten die dit heeft opgeleverd, resulteerden onder andere in de oprichting van een actief “Tussenteam” (zie hoofdstuk 3) binnen de gemeente en een leertraject voor ambtenaren. Maar bovenal heeft het geleid tot meer participatie en eigenaarschap onder stadsbewoners. Nog geen volwaardige plek in de besluitvorming - daarover later meer - maar wel, zoals buurtplatform Gein het met een knipoog verwoordt: “een klein krukje aan de tafel”.

Financieel overzicht Om de Proeftuin Buurtplatformrecht op te tuigen heeft de raad geld ter beschikking gesteld. In 2022 € 150.000. In 2023 en een deel van 2024 € 200.000. Ongeveer 60% van dit geld is besteed aan onafhankelijke ondersteuning, waaronder een Proeftuin-coördinator van Stichting !WOON. De buurtplatformen zelf hebben een bijdrage gekregen om hun deelname aan de Proeftuin mogelijk te maken en/of ter ondersteuning van Proeftuin-gerelateerde activiteiten en benodigdheden. Hier is 30%van het geld naar toe gegaan. De overige 10% is en wordt uitgegeven aan onder meer het organiseren van bijeenkomsten en het opzetten van een digitale kennisbank voor buurtplatformen. Ook is er geld gestoken in het opzetten van een stedelijke Coalitie van buurtplatformen.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

9

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

EVALUATIE RAPPORTAGE 10

HOOFDSTUK 3

De ontwikkeling van de Proeftuin 1. Een gepeperde start Het is een drukte van jewelste op donderdagavond 24 maart in A-Lab in Noord. De avond luidt de officiële start van de Proeftuin in. Iedereen is aanwezig: de buurtplatforms die meedoen natuurlijk, maar ook hun lokale en stedelijke partners, medewerkers van woningcorporaties, ambtenaren en wethouder Rutger Groot Wassink. ‘We moeten zoeken hoe we de kracht van bewonerscollectieven kunnen versterken en hoe we kunnen samenwerken’, zegt hij bij het uitreiken van een certificaat aan de negen betrokken buurtplatformen. Vanaf nu zijn zij officieel onderdeel van het experiment om buurtplatformen meer rechten te geven. Deze status is bedoeld om de platformen een stevigere positie te geven, meer middelen en onafhankelijke ondersteuning². De avond blijkt een mooi startpunt. Deelnemers voelen zich geïnspireerd om met de Proeftuin aan de slag te gaan. Elk van de negen betrokken buurtplatformen heeft daarnaast een eigen doel geformuleerd en een aantal basisafspraken gemaakt met wijkpartners. Ook de wethouder gaat deze avond niet met lege handen naar huis. Een bewoner van Platform Schinkelkwartier geeft hem een chilipeperplant: als pittig startsymbool van de Proeftuin.

2. Oprichting Tussenteam Na de euforie volgt de eerste teleurstelling: de status van erkend buurtplatform brengt minder dan gedacht. Hieruit volgt al snel de gedachte dat er meer steun nodig is van binnenuit de gemeentelijke organisatie. Veel platformen proberen daar tot dan toe zelf een weg in te vinden. Met hun aanspreekpunt, de gebiedsmakelaar, hebben zij uiteenlopende ervaringen. De geluiden variëren van “helemaal geen contact mee kunnen krijgen” tot “heel behulpzaam” en “goed bereikbaar”. Ook de zeer bereidwillige gebiedsmakelaars worstelen met vragen over bestuurlijke vernieuwing. Waar moet zo’n buurtplatform dan precies aankloppen? Welke afdeling moet je hebben? Of begin je bij je gebiedsteam, de stadsdeelcommissie of toch het stadsdeelbestuur? En bovenal: hoe vind je een ambtenaar die tijd kan maken voor, en die het belang inziet van wat de platformen de stad te bieden hebben? 2

Later zijn hier nog twee doelen aan toegevoegd: een eigen werkwijze; en geen parallelle structuur topdown oprichten. Voor het hoe en waarom, zie hoofdstuk 4, les 5.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

11

Het gevaar is dat elk buurtplatform voor zich een pad moet zien te vinden binnen dit gemeentelijke doolhof. Gelukkig dient zich het begin van een oplossing aan op een bijeenkomst met de stedelijke directeur gebiedsgericht werken en stadsbeheer; tevens ambtelijk opdrachtgever van de Proeftuin. Tijdens tweemaandelijkse sessies bespreken de betrokken buurtplatformen met haar de voortgang, de grote lijnen en de struikelblokken. De stedelijk directeur fungeert daarbij als aanjager en geeft scherpe feedback.

Bij haar wordt het verzoek neergelegd voor de vorming van een zogeheten Tussenteam. Dat is een groep ambtenaren die adviseert, stuurt en op zijn tijd voor een beetje smeerolie kan zorgen. Het duurt even voordat de juiste ambtenaren zijn gevonden die tijd kunnen vrijmaken om zo’n actieve rol op zich te nemen. In de loop van 2022 wordt het Tussenteam gevormd. De leden spelen sindsdien een cruciale rol in de voortgang van de Proeftuin. Ze creëren wederzijds begrip tussen medewerkers van de gemeente en buurtplatformen en helpen met het formuleren van ambtelijke input. Daarmee verschaffen zij de bewoners hoop en lucht. Concreet bestaat het Tussenteam uit een coördinator plus gemiddeld drie betrokken participatiespecialisten. Zij nemen binnen de gemeentelijke organisatie belanghebbenden mee in de ontwikkeling van het Buurtplatformrecht. De rol van het Tussenteam is veelzijdig: 1.

In samenwerking met !WOON organiseert het de bijeenkomsten van de Proeftuin en brengt het structuur aan in het proces. Hieronder valt ook het opstellen van teksten en andere documenten die nodig zijn om te komen tot het uiteindelijke Buurtplatformrecht.

2.

Het ondersteunen van buurtplatformen die vastlopen binnen het gemeentelijk apparaat. Indien nodig worden er wat plooien gladgestreken, zodat een platform een positie, middelen en ondersteuning krijgt.

3.

Het Tussenteam draagt actief de mentaliteit uit dat we allemaal werken aan een plek waarin “samen stad maken” de norm is. Dit doen zij in hun eigen functioneren, maar ook door middel van gesprekken, workshops en artikelen voor en door collega’s.

4.

Er wordt actief meegedacht in de Proeftuin over hoe de aanwezige wijsheid uit de leefwereld van de stadsbewoners geborgd en vertaald kan worden.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

12

3. De Coalitie van Buurtplatformen Tijdens de woelige eerste paar maanden van de proeftuin doen we twee belangrijke, positieve ontdekkingen. Ten eerste blijkt de leeromgeving die de betrokken platformen met elkaar hebben opgezet erg goed te werken. Zij leren op veel vlakken van elkaar. Daar komt bij dat ze op deze manier, zoals in het vorige hoofdstuk is uitgelegd, steun ervaren, erkenning en herkenning voelen, alsmede nieuwe inspiratie opdoen. De tweede les is dat we zien hoe steeds meer andere buurtplatformen hiervan willen meeprofiteren. Ook hun wens is om een stevig netwerk in de buurt op te bouwen. Zij herkennen de vraagstukken waar de Proeftuin zich op richt uit hun eigen praktijk, en zouden op termijn ook gebruik willen maken van het Buurtplatformrecht. Een deel van deze platformen bestaat al langere tijd. Zij verrijken de stad, en dus ook de proeftuin, met hun eigen werkwijze. Vaak worstelen zij ook met dezelfde uitdagingen: positie ten opzichte van de gemeente, middelen en ondersteuning. Maar er zijn ook beginnende platforms die zoeken naar steun en inspiratie om hun organisatie op te bouwen. Om al deze groepen te kunnen faciliteren, nemen we in 2022 het besluit de Proeftuin uit te breiden naar een Amsterdamse Coalitie van buurtplatformen. Platformen, al dan niet nog in oprichting, kunnen zich hierbij aansluiten. Op die manier worden zij onderdeel van

E C O A LITI

Een belangrijke ontwikkeling is de online Kennisbank. De afgelopen maanden

PROEFTUIN

MEN

toetreden en op termijn aanspraak maken op de status van buurtplatform.

LA OR

als “kweekvijver”. Buurtorganisaties met de ambitie om door te groeien kunnen

V

U U RTP

TF

een netwerk met veel ervaring en deskundigheid. De Coalitie dient daarnaast ook

B AN

heeft de Proeftuin hier onder begeleiding van specialisten van Studio Broei aan gewerkt. Aan de hand van verschillende sessies met focusgroepen is gekeken welke elementen uitgewerkt moeten worden. Er zijn hoofdonderwerpen, deelontwerpen en concrete thema’s geïdentificeerd. Deze vormen de basis van de Kennisbank. De vertaling naar een daadwerkelijke indeling en inhoud is een intensief proces gebleken. Als platform is Gebiedonline geselecteerd, een coöperatie die zelf eigenaar is van de software en gespecialiseerd in het creëren van online platformen voor bewonersinitiatieven. Vervolgens is op basis van de thema’s en bevindingen vanuit de Proeftuin informatie samengesteld over onderwerpen als het oprichten van een buurtplatform, het vinden van financiering, welke tools en technologie door buurtplatformen toegepast kunnen worden en relevante regelgeving. De komende tijd worden hier nieuwe elementen toegevoegd. Per thema gaan we de ervaringen van een aantal buurtplatformen beschrijven. Hierbij wordt de theorie aangevuld met praktische ervaringen. Vanuit de Coalitie van buurtplatformen wordt ook gekeken naar een andere manier van financiering voor buurtorganisaties. Een die niet afhankelijk is van tijdelijke projectsubsidies. Dit slokt namelijk kostbare energie en tijd op - schaarse uren die beter ergens anders in kunnen worden gestoken.

De gedachten gaan uit naar een structureel organisatiebudget per platform. De lessen uit de Proeftuin worden hierin meegenomen. EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

13

4. Werken aan vertrouwen tussen ambtenaren en bewoners Het spreekt voor zich dat er niet automatisch een plek is gereserveerd voor buurtplatformen aan de tafel waar beslissingen genomen worden die hun achterban aangaan. In de wijken wordt daarom gedurende 2022 het gesprek aangegaan met plaatselijke ambtenaren. Wat moet en kan de rol van een buurtplatform zijn in de besluitvorming? Het levert wisselende reacties op. Sommige platformen krijgen een vriendelijke ontvangst. Op andere plekken wordt minder ruimte gegeven aan een buurtplatform. “Gaan die burgers nou bepalen hoe ik mijn werk moet doen?” is een veelgehoord bezwaar. Of, iets subtieler: “Natuurlijk mogen buurtbewoners meedenken over het nieuwe speeltuintje, maar wij kunnen ze niet mee laten denken over stedelijke vernieuwing, dat gaat ze boven de pet.” Opvallend genoeg ervaren zowel de buurtplatformen als lokale ambtenaren hierbij iets wat je kunt omschrijven als onveiligheid. Er is, anders gezegd, een gebrek aan wederzijds vertrouwen. Het ontbreekt dan ook aan afspraken over hoe je op een prettige manier samenwerkt, over wat hier de wederzijdse verwachtingen van zijn en binnen welke kaders dit moet gebeuren. Het geleidelijk ontstane inzicht dat ook de Proeftuinleden hier iets mee moeten, is eind 2022 een sleutelmoment geweest. Vervolgens is geprobeerd hierover samen met ambtenaren in gesprek te gaan.

Waar mogelijk zijn reeds afspraken gemaakt over hoe een gezonde en vruchtbare samenwerking vorm kan krijgen. In Noord is men al een eind op weg. Bewoners, verenigd in Red Amsterdam Noord (RAN), hadden reeds eerder een concreet plan geformuleerd voor wat er volgens hén moet gebeuren om de problemen op te lossen. Aanpak Noord is hier onder andere op gebaseerd. Hierbij werden ook afspraken op papier gezet over hoe zij graag willen samenwerken met de gemeente. Voorbeelden zijn: •

Niet de gemeente, maar bewoners nemen het voortouw in de Aanpak Noord. Zij bepalen het tempo.

•

Bij Aanpak Noord moet anders worden gewerkt dan voorheen. Samen, gelijkwaardig en met respect voor elkaar.

•

Doel is een duurzame relatie. Aanpak Noord duurt ongeveer 25 jaar. Want het kost nu eenmaal tijd om een blijvende verandering tot stand te brengen.

Ook elders in de stad zien we inspirerende initiatieven om tot een nieuwe, evenwichtige verhouding te komen tussen burgers en overheid. In Zuidoost slaan afgevaardigden van de Coalitie van buurtplatformen de handen ineen met een aantal ambtenaren met wie in de praktijk al prettig samengewerkt is. Of die in het verleden hebben aangegeven graag in deze relatie te willen investeren. EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

14

Het leidt tot een lokale bijeenkomst met als motto: samen bouwen aan krachtige buurten. De organisatie heeft nog wat voeten in de aarde, maar het resultaat mag er zijn. Uiteindelijk gaan ongeveer 40 bewoners en evenveel ambtenaren met elkaar in gesprek over goede samenwerking in Zuidoost. Hoe pak je dat aan? Op basis van ingebrachte casussen praten zij hierover. Na het succes van deze bijeenkomst in Zuidoost willen actieve bewoners in Nieuw West iets soortgelijks organiseren. “Het draaiboek ligt ten slotte al klaar”, merken ze op. Toch blijkt het lastig om een groep vertegenwoordigers van buurtplatformen en ambtenaren te vinden die dit op zich kunnen nemen. Inmiddels zijn er zeven gesprekken geweest over de randvoorwaarden om dit samen te kunnen organiseren en over het doel van de bijeenkomst. Het vergt tijd, kortom, maar je kunt deze gesprekken ook als een doel op zich beschouwen. Een eerste stap in de samenwerking. De verwachting is dat er in de lente van 2024 alsnog een stadsdeelbrede bijeenkomst georganiseerd gaat worden in Nieuw West.

5. Kader Buurtplatformrecht Zoals aangegeven, merkten de betrokken buurtplatformen al kort na de start van de Proeftuin dat alleen hun officiële status nog niet het gewenste effect heeft. Dat blijkt ook uit een tussentijdse evaluatie. Te veel actieve buurtvrijwilligers gooien het bijltje erbij neer omdat zij vast zeggen te lopen in het systeem. Als buurtplatform wil je, om het maar even heel plat te zeggen, niet slechts afhankelijk zijn van de goodwill van een willekeurige ambtenaar. De vrijblijvendheid moet er af. De buurtplatformen hebben meer steun nodig: een recht waar zij zich op kunnen beroepen. Hoe zou dat eruit kunnen zien? Vanaf de zomer van 2022 worden er diverse sessies georganiseerd om dit uit te diepen. Een goed uitgangspunt vormt het kader van Samen Stadmaken. Dit document wordt gekozen als basis voor het werkdocument. De auteur van dit kader, planoloog bij de gemeente Amsterdam, schrijft vervolgens samen met de Proeftuin aan het kader Buurtplatformrecht zoals het er nu ligt. Het werkdocument trekt al snel de aandacht. Dat het een gevoelige snaar raakt, blijkt in de late herfst van 2022 als het document zijn weg vindt binnen het gemeentelijk apparaat. Sindsdien is er veel meer reuring rond de Proeftuin en de betrokken buurtplatformen. Er worden goede vragen gesteld, kritiek gegeven, mogelijke bezwaren opgeworpen maar vooral ook heel veel solidariteit getoond.

De discussie over het document is ronduit levendig te noemen. Er zijn gesprekken met participatiedeskundigen van de gemeente Amsterdam. Er wordt zorgvuldig geluisterd naar de reacties van gebiedsmakelaars, projectleiders democratisering en managers. Ook een aantal externe partijen en stichting !Woon leveren input. Uiteindelijk werkt het Tussenteam al deze input uit in een kadernota die is meegenomen als document in de totale eindevaluatie van de Proeftuin.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

15

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

EVALUATIE RAPPORTAGE 16

HOOFDSTUK 4

De oogst van de Proeftuin in 5 lessen Les 1: Alleen status is niet genoeg De officiële status van deelnemer had de betrokken buurtplatformen begin 2022 veel positieve energie gegeven. Het gaf ze een gevoel van erkenning. Naarmate de tijd vorderde, groeide echter de teleurstelling. De platformen dachten dat ze met behulp van hun vers verworven status makkelijker konden meepraten over buurtplannen en -ontwikkelingen. Dat bleek niet het geval. Ook ervoeren sommige bewonersgroepen dat de status te laat kwam. Belangrijke ontwikkelingen in hun wijk zijn al in gang gezet. Omdat alleen een formele status niet genoeg is om serieus genomen te worden als buurtplatform, zijn vervolgstappen nodig. Daarover meer in hoofdstuk 5. Op deze plaats volstaat de constatering dat het niet enkel een kwestie is van simpelweg meer initiatief tonen als actieve bewoners, zoals weleens gesuggereerd is. Zo vroeg buurtplatform Gein om inspraak bij het aannemen van een nieuwe gebiedsmakelaar. Hoewel het om hun eigen leefomgeving gaat, werd dit verzoek met onbegrip ontvangen, ook binnen andere stadsdelen.

Les 2: Werk aan vertrouwen en relaties Niet alleen in Amsterdam, ook in de landelijke politiek gaat het veel over wantrouwen tussen burger en overheid. Te vaak blijft het dan bij abstracte termen als de ‘nieuwe bestuurscultuur’ die nodig zou zijn. Die vaagheid maakt het lastig om concrete oplossingen te formuleren. Daarom proberen wij het eerder gesignaleerde wantrouwen en de onbekendheid tussen ambtenaren en buurtplatformen te ontleden in een aantal concrete drempels. Dat maakt het makkelijker om er iets te doen. Tijd: Zo zien wij, ten eerste, te weinig tijd en capaciteit bij ambtenaren. Een verzoek vanuit platformen om samen te werken met een projectorganisatie wordt daardoor te vaak afgewezen. Veel gebruikte argumenten zijn, zoals een van de buurtplatformen het samenvat: “geen capaciteit, geen tijd, we zijn overspannen, onze mensen vallen uit”. En ook: “Straks wil iedereen een bijzondere behandeling.” Dit duidt op een misverstand. Er wordt namelijk bij voorbaat vanuit gegaan dat zulke participatie extra werk oplevert. Dit terwijl het juist in een later stadium veel werk kan besparen als er onnodige fouten vermeden worden en er meer draagvlak is vanuit de buurt.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

17

Informatie: Ten tweede beschikken ambtenaren over te weinig informatie en handvatten over hoe ze vruchtbaar kunnen samenwerken met een buurtplatform. De verwarring die dat oplevert, blijkt bijvoorbeeld uit een veelgestelde vraag van ambtenaren over de rol van een buurtplatform. Moet ik alleen die groep erbij betrekken als vertegenwoordiger van de buurt? Dat is natuurlijk niet de bedoeling. De kadernota beschrijft het helder: “Het is niet dat de gemeente alleen met dit platform spreekt. Er is altijd een veelheid aan actoren en stakeholders in een wijk. Maar men gaat er niet aan voorbij en betrekt in ieder geval het buurtplatform overal bij en steunt het in haar rol om als netwerkkoepel van de buurt te fungeren.” Vertrouwen: Een derde probleem is dat niet elke ambtenaar evenveel vertrouwen lijkt te hebben in betrokken bewoners. Het overkomt buurtplatformen regelmatig dat ze buiten overleggen en communicatiestromen worden gehouden. Daarnaast komt het voor dat participatieplannen buiten een buurtplatform om worden opgesteld. Terecht of niet, het voedt bij burgers het idee dat sommige vertegenwoordigers van de gemeente potentieel lastige situaties en verschillende belangen liever bij voorbaat ontwijken. Wantrouwen leidt ook hier weer tot uitvluchten, geven de buurtplatformen aan. “Daar is geen plek voor nu”, heet het dan bijvoorbeeld.

Hiermee wordt bedoeld dat (deze vorm van) participatie niet in het projectplan is opgenomen. Er moet bovendien al zoveel afgestemd worden met andere partijen waaraan men zich heeft gecommitteerd - denk in het geval van bouwplannen aan grondeigenaren, aannemers, et cetera. Ook gehoord: het past niet in het ontwerp. Er komen in een gebied duizenden woningen en tal van nieuwe wegen en routes. Al met al een hele puzzel, waarbij eventuele aanpassingen gemist kunnen worden als kiespijn. Hoe begrijpelijk dat soms ook lijkt te midden van de dagelijkse hectiek, hierbij wordt iets cruciaals over het hoofd gezien. Participatie is in een democratische samenleving niet iets wat aan het einde van de rit nog even afgevinkt dient te worden. Het zou het eerste hoofdstuk moeten zijn waarmee elk project begint - niet het nawoord.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

18

Onzekerheid: ten vierde bespeuren wij soms onzekerheid bij ambtenaren over hun eigen positie en rol. Het valt op dat managers en directeuren veelal enthousiast zijn over het bottom-up werken met buurten. De bottleneck zit hem dan bij individuele ambtenaren die onzeker zijn over hun positie. Zij vinden het lastig om anders te gaan werken en zijn bang om informatie en controle uit handen te geven. Liever dan een stukje leefwereld toe te laten kiezen zij - niet geheel onlogisch - voor de heldere kaders van hun systeemwereld. Leidend blijft in dat geval het proces, niet het resultaat. Black box: De gemeentelijke organisatie wordt ervaren als een black box. Bewoners sturen een e-mail of stellen een vraag. Te vaak komt er geen antwoord. Gebeurt dit wel, dan blijft het soms gissen naar wat de motivatie achter het antwoord is. Gelukkig zijn al deze problemen, eenmaal concreet gemaakt, verre van onoplosbaar. Om systemische verandering in gang te zetten is een expliciete uitnodiging vanuit de leiding nodig aan alle ambtenaren om met elkaar te leren én fouten te mogen maken. Ook een opdracht vanuit de politiek behoort tot de mogelijkheden. Een sleutelrol is in elk geval weggelegd voor de lokale ambtenaren die nu al samenwerken in de buurten met platformen. Vanuit het Tussenteam wordt ook een leeromgeving aangeboden om lokale ambtenaren verder te helpen met specifieke casussen.

Interne lessons learned worden hierbij gedeeld.

Les 3: Een Tussenteam is nodig Om te voorkomen dat ieder buurtplatform het wiel opnieuw gaat uitvinden, is er een Tussenteam gekomen van ambtenaren. Zij helpen de actieve bewoners hun weg te vinden binnen de gemeente. Bovendien springen zij bij zodra processen dreigen vast te lopen. De vrijwilligers voelen zich hierdoor gehoord, gesteund en gemotiveerd. De conclusie is dan ook dat een Tussenteam nodig is en blijft. Als gids in het gemeentelijk labyrint, als smeerolie wanneer het contact stroef loopt, als ondersteuning voor zowel buurtplatformen als collega-ambtenaren. Gezien alle waardevolle tijd en energie die anders verloren zou gaan bij beide partijen, betaalt deze constructie zich ons inziens dubbel en dwars uit.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

19

Les 4: Leren van elkaar We beseffen ons als buurtplatformen terdege dat als je vraagt om rechten, daar ook iets tegenover mag staan. Gedurende de hele Proeftuin is er uitvoerig nagedacht over waar een goed, succesvol buurtplatform aan moet voldoen. Op basis van die gesprekken is een aantal criteria opgesteld. Buurtplatformen zijn kort samengevat ontstaan door en voor de buurt. Ze fungeren als paraplu voor buurtinitiatieven en ze focussen zich op doen in plaats van op praten. Het belang van leren van elkaar kan hierbij nauwelijks overschat worden. “Het heeft ertoe geleid dat we in contact staan met andere buurtplatformen”, laat een actieve bewoner desgevraagd weten. “Met elkaar kunnen we goed zien wat we als platform nodig hebben om binnen het systeem op eigen benen te staan. Daarbij is het enorm waardevol om te beseffen dat je niet gek bent.” Of zoals een ander het zegt: “Zonder platform was ik allang vertrokken.” Door wederzijds respect te tonen, elkaar nadrukkelijk te zien en naar elkaar te luisteren ontstaan collectieven die de menselijke maat terugbrengen. De peer-review heeft er mede voor gezorgd dat een aantal platforms de verbinding met de buurt gestructureerd aan het organiseren is. Ze hebben bijvoorbeeld actief bewonerscommissies opgezocht. Sowieso worden lastige vragen binnen de Proeftuin niet geschuwd.

Mag de trekker van jouw platform een maatschappelijke organisatie zijn? Als het grootste deel van jouw taken uit lobbywerk bestaat in plaats van activiteiten te organiseren, ben je dan een buurtplatform? Vinden wij als Proeftuin dat een deel van de hiervoor beschikbare financiën mag worden uitgegeven als loonkosten? En zo ja, hoe groot mag dat deel zijn en wat vinden wij dan een redelijk uurloon? De antwoorden op deze vragen zijn meegenomen in het kader Buurtplatformrecht. We willen de kennisuitwisseling tussen platformen verder organiseren via de Coalitie van buurten. In dat kader wordt op dit moment ook gewerkt aan een Kennisbank. Die bevat informatie over het opbouwen van platformen (in oprichting). Doel is dat deze, in een later stadium van de Proeftuin en bij de uiteindelijke komst van het Buurtplatformrecht, kunnen meeliften op de geleerde lessen en best practices.

Les 5: Een buurtplatform is geen mini-overheid Buurtplatformen moeten hun organisatie zo inrichten dat dit het maximale resultaat voor de buurt oplevert. Ze werken vanuit intrinsieke motivatie, zijn wendbaar en hebben korte lijntjes met hun achterban. Die werkwijze zal vanzelfsprekend regelmatig afwijken van hoe de gemeente het zou doen. De overheid werkt immers op basis van processen. Dat verschil in aanpak is niet erg. Sterker nog: het móet. Een buurtplatform is namelijk geen mini-overheid. Buurtplatformen zijn er om hun buurt mooier, socialer en leefbaarder te maken. Daarbij mag van ze verwacht worden dat zij open en transparant zijn over hun werkwijze en organisatiestructuur, zowel naar de buurt toe als richting de wijkpartners en gemeente. Maar het zijn geen professionele, ambtelijke organisaties. Hoe vanzelfsprekend het ook lijkt, dat zorgt regelmatig voor wrijving.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

20

In de Proeftuin zien wij bijvoorbeeld hoe sommige kartrekkers overwerkt raken door wat zij beschouwen als “randzaken” waarmee zij zich noodgedwongen bezighouden. Denk aan de vergadercultuur die ontstaat rond buurtbudgetten. Hierdoor komen zij niet toe aan waar zij goed in zijn: hun buurt beter maken. Wat evenmin helpt, is het “tempoverschil” tussen buurtplatformen en gemeente. Professionals lijken het soms vanzelfsprekend te vinden dat een platform, draaiend op vrijwilligers, meegaat in hun ritme. Dit uit zich bijvoorbeeld in agenda’s en vergaderstukken die pas op het laatste moment worden rondgestuurd, waar dan wel onmiddellijk iets van gevonden moet worden. Ook de gebrekkige beschikbaarheid van ambtenaren in de avonduren, wanneer de meeste bijeenkomsten van bewoners plaatsvinden, is een hindernis. Wij begrijpen dat dit voor werknemers die hun balans tussen baan en privé moeten bewaken lastig kan zijn, maar overdag bij elkaar komen is vaak geen optie. Dan moeten veel buurtbewoners immers zelf werken. Tenslotte maken wisselende contactpersonen binnen de gemeente het lastig voor buurtplatformen om effectief te opereren. Dit gebrek aan continuïteit is de meeste platforms een doorn in het oog. Telkens opnieuw kennis maken kost tijd en energie. Bovendien ontstaan hierdoor eerder misverstanden. Denk aan subsidieafspraken die ineens niet worden nageleefd.

Het goede nieuws is dat dit punt veelal erkend wordt door gebiedsteams. Een positief voorbeeld komt dan ook van buurtplatform Sierpleinbuurt. Dat wist zijn gebiedsmakelaar te behouden door actief het gesprek aan te gaan over het verlengen van zijn tijdelijke contract. Ook aan de belasting door randzaken valt wat te doen. Een van de mogelijke oplossingen is een vergoeding geven voor bepaalde noodzakelijke klussen binnen buurtplatformen, zoals het bijhouden van de communicatie. Daarvoor is het dan wel noodzakelijk dat er meer continuïteit komt in hun financiering. Dat is nu nog niet het geval. Het tempoverschil tussen gemeente en buurtplatformen vergt op zijn beurt aanpassingsvermogen en creativiteit vanuit de ambtenaren. Daarnaast is het belangrijk dat een buurtplatform ook zelf zijn grenzen bewaakt.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

21

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

22

HOOFDSTUK 5

Een sterkere stad met Buurtplatformrecht Een sterke stad staat of valt met sterke bewoners. Die heeft Amsterdam als geen ander. Willen deze betrokken bewoners hun buurten nog mooier en leefbaarder kunnen maken, bijvoorbeeld in de rol van buurtplatformen, dan hebben zij daar extra ruimte voor nodig. Noem het ingrediënten, nodig voor de perfecte mix van succesvol bestuur en democratische participatie. Een groot aantal van deze ingrediënten passeerden in het voorgaande hoofdstuk de revue. Buurtplatformen hebben meer nodig dan alleen een formele status om serieus genomen te worden. De onbekendheid tussen actieve bewonersorganisaties en gemeentelijke ambtenaren, soms uitmondend in wantrouwen, moet en kan verdwijnen. Het Tussenteam bleek cruciaal voor het functioneren van de buurtplatformen. Net als het uitwisselen van ervaringen en lessen, iets wat binnenkort ook structuur krijgt binnen de digitale Kennisbank. En er is, tenslotte, wederzijds begrip nodig voor elkaars werkwijze: een buurtplatform is geen overheid op Madurodam-formaat. Daarmee is nog één laatste instrument onbesproken gebleven. Het allerbelangrijkste zelfs. Zonder het Buurtplatformrecht zal deze vorm van participatie te vaak een wassen neus blijken. Iets wat we “er ook nog even bij kunnen doen” - maar nu niet, want de tijd dringt en bewoners met een mening maken het alleen maar ingewikkelder.

Democratie van onderop als extraatje dus. Terwijl we er in Amsterdam allemaal van overtuigd zijn dat dit juist de kern hoort te zijn.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

23

Het gevolg van die vrijblijvendheid kan zijn dat actieve buurtvrijwilligers teleurgesteld afhaken. Of, minstens zo erg, dat gewone bewoners cynisch worden en de (lokale) politiek de rug toekeren. Zo hoeft het niet te gaan. Wat de buurtplatformen nodig hebben, is extra steun in de rug. Een recht dat onderstreept dat de gemeente hen serieus neemt als het gaat om de toekomst van hun eigen buurt. Om die reden verzoekt de Proeftuin om het Buurtplatformrecht op te nemen in de participatieverordening. Hiervoor is reeds een voorsteltekst en een voorstelkader geschreven. Deze documenten zijn elders in dit pakket te lezen.

Om het Buurtplatformrecht goed te implementeren is flankerend beleid nodig. Omdat deze voorwaarden al uitvoerig aan bod zijn gekomen in dit rapport, vatten we onze voorstellen hiertoe op deze plek kort samen: 1.

Voortgaan op de ingeslagen weg naar meer wederzijds begrip tussen burger en overheid. Geen enkele ambtenaar die wij hebben gesproken is tegen participatie. Maar hoe doe je zo goed mogelijk recht aan die stem van de buurt? Hoe zorg je ervoor dat alle partijen deze participatie als waardevol ervaren? Voor die vragen kunnen nog betere, gezamenlijke antwoorden gevonden worden.

2.

Het Tussenteam is een onmisbare schakel tussen de wereld van de ambtelijke organisatie en die van de betrokken buurtbewoners. Het blijft daarom beschikbaar.

3.

Niet alleen buurtplatformen bewegen zich op nieuw terrein, ook voor ambtenaren brengt dit experiment vragen met zich mee. Zij hebben daarom een duidelijk mandaat nodig. Ook moet er geïnvesteerd worden in extra vaardigheden in de omgang met actieve burgers.

4.

Om de vruchtbare leeromgeving die de Proeftuin vanaf de start bood aan haar deelnemers een structureel karakter te geven, wordt deze taak ondergebracht bij de Coalitie van buurtplatformen. De Kennisbank wordt uitgebreid.

5.

Voor het uitvoeren van hun vrijwilligerswerk hebben buurtplatformen budget nodig. Daarbij gaat de voorkeur uit naar meer continuïteit in de financiering. Het telkens opnieuw aanvragen van geldpotjes kost immers tijd en energie die beter gestoken kunnen worden in het werken aan een leefbare buurt.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

24

CONCLUSIE

Waarom Amsterdam investeert in haar buurtplatformen De Proeftuin Buurtplatformrecht is een concreet, hoopgevend voorbeeld van democratische vernieuwing op lokaal niveau. Juist omdat het gaat om organisaties voor en door buurtbewoners - op een iets grotere schaal dan de bestaande bewonerscommissies, maar decentraler dan de stadsdelen - biedt het kansen om de stedelijke democratie verder te laten bloeien. Dat komt de veelbesproken vertrouwenskloof tussen burgers en overheid ten goede. Om te voorkomen dat het bij fraaie woorden blijft, helpt het om duidelijke afspraken te maken over rechten en plichten. In dit rapport, geschreven vanuit de ervaringen van de buurtplatformen, is geschetst waaruit die zouden kunnen bestaan. Er is uitgelegd wat buurtplatformen zijn, welke waarde zij hebben voor Amsterdam en onder welke condities zij succesvol kunnen zijn. De Proeftuin startte begin 2022 vanuit hun wens en de behoefte om volwaardig mee te praten over belangrijke kwesties die de eigen buurt aan gaan. We hebben beschreven hoe dit experiment zich sindsdien ontwikkeld heeft. Het ging niet allemaal vanzelf, er waren ook tegenslagen. We hebben de belangrijkste lessen en succesfactoren op een rij gezet. Dat biedt waardevolle inzichten voor zowel de gemeente als de platformen zelf.

Uiteindelijk gaat het erom vitale buurten te creëren die kunnen functioneren als waren het ‘democratische arena’s’. Plekken waar bewoners met elkaar aan de slag gaan om zeggenschap te krijgen over hun eigen leefomgeving én daar ook verantwoordelijkheid in te nemen. Om hen in staat te stellen die actieve rol op te pakken, is het Buurtplatformrecht een onmisbaar ingrediënt. Het is medezeggenschap die naar de wijken toe komt. Mits goed vormgegeven en uitgevoerd, kan dit ervoor zorgen dat bewoners hun stem beter kunnen laten horen. Zo ontstaat een levendige ‘doe-democratie’: ter versterking van de representatieve democratie met haar wetten en procedures pakken bewoners zelf verantwoordelijkheid voor hun directe leefomgeving. Het behoeft geen uitleg dat dit soort hoogkwalitatieve participatie voor een grote stad als Amsterdam extra belangrijk is. De gemeentelijke politiek staat hier nu eenmaal letterlijk en figuurlijk - op grotere afstand van haar bewoners dan in een dorp het geval is. Door hen dit extra instrument in handen te geven, geeft Amsterdam haar actieve bewoners niet de wind van voren, maar een extra duwtje in de rug.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

25

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

26

BIJLAGEN

Producten van de Proeftuin •

Online Kennisbank voor buurtplatformen – zie: https://buurtplatforminfo.nl/

•

Oprichting van een stedelijk netwerk - Coalitie van buurtplatformen Amsterdam • Waaronder een Coalitie van buurtplatformen Zuidoost • Meet en Greets in alle buurten met de stadsdeelcommissie in Zuidoost

•

Coalitie van buurtplatformen, stedelijke bijeenkomst op 13 december

•

Kader Buurtplatformrecht

•

Filmpje: Buurtplatformen en het Buurtplatformrecht

•

Startconferentie maart 2022

•

Werken aan samenwerken - Bijeenkomst in Zuidoost en gesprekken in Nieuw West en Noord

•

Coördinator in Noord

•

Coördinator in Nieuw West

•

Administratieve ondersteuning voor platformen die dat nodig hebben

•

Tussenteam + Inzet Tussenteam als troubleshooter/smeerolie (oa beweging Hart voor de Kbuurt, co-creatie Schinkelbuurt)

•

Verantwoording door horizontale uitwisseling tussen de platformen: Peergroupsupport, het zelfreinigend vermogen.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

27

EVALUATIE PER PLATFORM

Status. Lid van Proeftuin of coalitie van buurtplatformen?

Ervaringsreis: Deelname Proeftuin algemene reflectie. Hoe kijk je terug op de afgelopen 1,5 jaar? Inzet, groei, lessen etc

Wat heb je gehad aan de status, aan het begin van de proeftuin?

Waar maakte de proeftuin het verschil voor jullie platform?

Wat is er niet veranderd bij jouw platform tijdens de proeftuin?

H-Buurt www.clthbuurt.nl/

Proeftuinlid

Deelname aan de proeftuin werd een extra stimulans om de plannen voor een buurtplatform op te zetten aan te jagen. Het initiatief is genomen door 4 organisaties met een grote bewoner achterban in de buurt. Het lukt steeds beter, maar het bleek niet makkelijk om bewoners volledig in de kartrekkersrol te krijgen. We werken inmiddels met een kernteam van 3 bewoners en 4 bewoners die daar iets losser aan bij dragen, waarmee we verschillende buurtverbetertrajecten uitvoeren. De Proeftuin en haar doel om structureel recht voor de platformen te verkrijgen werkt daarbij erg motiverend. Daarnaast hebben we binnen de proeftuin veel geleerd van de uitwisseling met andere platformen.

Met de status kan je overtuigd het buurtplatform in de buurt zijn. Het gaf een prikkel (zeker niet de enige) voor mensen om zich aan te sluiten. In relatie tot wijkpartners en gemeente bleek de status geen extra middel om aan tafel te komen.

Door aanhoudend werken aan de kennis over, en begrip van buurtplatformen vanuit verschillende invalshoeken: in de buurt, in Stadsdeel ZO, stedelijk en binnen de Gemeente door het tussenteam, en !Woon door de gehele proeftuin, begint er steeds meer te bewegen. In de afgelopen maanden komen we steeds makkelijker aan tafel en worden uitgenodigd. Wat ook gelijk druk zet op de organisatie..

Er is veel te doen met weinig mensen. Er zijn steeds meer mensen betrokken, maar er is ook steeds meer te doen. Dat goed organiseren vraagt aandacht, maar krijgt het nog te weinig. Daarom zijn structurele organisatie kosten zo belangrijk

Buurt en bewonersplatform Gein www.stadsdorpgein.nl/

Proeftuinlid

Intensieve periode, doordat het eigenlijk samenviel met de uitrol in Amsterdam ZO van het Buurtbudget Model C en we daardoor in de projectencarousel terecht kwamen.

Aan het begin van de Proeftuin hebben we richting Stadsdeel niet veel gehad aan de Status, maar je merkt nu wel dat er “iets” bezig is dat meer naar onze richting wil komen.

Energie, die je krijgt vanuit de Peer to Peer gesprekken, de wekelijkse online gesprekken met het tussenteam, ergens kunnen aankloppen, kortere lijnen, een krukje aan tafel.

De reguliere informatiestromen/ communicatie uitingen tussen Centrale Stad, Stadsdeel ZO en Buurtplatformen verlopen nog steeds moeizaam. Wie doet wat en wanneer is nog steeds vaak onduidelijk en/of té laat. Wat gebeurt er in je wijk qua werkzaamheden….

Mama Florijn www.mamaflorijn.nl

Proeftuinlid

Mama Florijn is actief in de F-, D-buurt en Vogeltjeswei in Amsterdam zuidoost. Aan het begin zagen wij ons niet direct als buurtplatform. De Proeftuin heeft ons overtuigd dat de rol die wij in de buurt vervullen zeker wel die van een platform is. Wij hebben veel realiseringskracht. Wij oefenen flink in de praktijk met de doe-samenleving (democratisering zie ik als visiedocumenten en beleidsbrieven) en de mogelijkheden die het buurtplatfromrecht mogelijk biedt.

Het was heel fijn om die erkenning te krijgen. Het was een feestelijke bijeenkomst. In de praktijk veranderde het niks.

Je kunt jezelf analyseren. Je ziet het platform in een groter geheel. Ons concept is enorm ontwikkeld. Wij zijn nog in ontwikkeling. De proeftuin is een leerplek om te groeien naar een solide platform voor de buurt. Daarnaast is de proeftuin een manier om samen met de andere platformen te strijden voor erkenning van de systeemwereld.

Onze eigen werkwijze. Hoe wij opereren in de buurt. We organiseren nog steeds heel veel activiteiten in het buurtlokaal, de moestuin en de buurtkeuken. We hebben alleen iets meer middelen dus we doen net iets meer.

EVALUATIE RAPPORTAGE PROEFTUIN BUURTPLATFORMRECHT

28

Wat is het grootste succes van de afgelopen 1,5 jaar voor jullie platform?

Wat heb je gehad aan de andere platformen?

Wat heb je gehad aan !Woon?

Wat heb je gehad aan het tussenteam?

Wat is jullie grootste frustratie van de laatste 1,5 jaar?

Wat moet er nog gezegd worden?

We richten ons met name op de toekomstige gebiedsontwikkeling. Daarin willen we zeggenschap vergroten en positie van bewoners verbeteren. Momenteel organiseren we zowel met Maatschappelijke Voorzieningen als met G&O het participatietraject van resp. Huis van de Wijk en de Publieke ruimte. Dit doen we in co--creatie. De twee processen staan aan de start, dus of het écht een succes wordt moet blijken.

Inspiratie, gedeelde pijn, uitwisseling op verschillende thema’s.

Naastde facilitatie/ organisatie van de proeftuin is St !Woon een continue sparringspartner. Dat is heel prettig.

Het tussenteam voelt als een ruggensteun binnen de gemeente. Waar gesprekken of efforts bij een hulpvraag niet direct iets opleverde droegen die op de lange termijn wel bij aan verandering. Voorbeeld participatie Publieke Ruimte, droeg een gesprek met G&O en tussenteam niet direct iets bij om G&O met het buurtplatform te laten samenwerken. Na escalatie van een participatie avond is er wel iets veranderd. Daarbij heeft het eerdere gesprek waarschijnlijk ook aan bijgedragen.

Er zijn zoveel dingen te doen in de buurt. Het is daarbij moeilijk om realistische keuzes te maken met de menskracht die er beschikbaar is. Wij hebben momenteel 2 van de 6 bewoners uit het kernteam met burn-outklachten ‘even uit de running’.

BP conferentie in ZO nog niet benoemd. Het gaat erom dat de buurtplatformen en het recht op verschillende momenten, in verschillende vormen en voor/door een verscheidenheid aan mensen onder de aandacht komt. De conferentie was een waardevolle aanvulling. Een verscheidenheid aan ambtenaren die met de platformen reflecterend op de praktijk in gesprek ging. Dat moeten we er jaarlijks in houden.

Dat we meer naamsbekendheid gekregen hebben en met veel succes activiteiten in het Buurthuis georganiseerd hebben én dat we toestemming gekregen hebben om -in ieder geval- voor een jaar een eigen plek in een leegstaand gebouw krijgen.

Zo veel! Een schouder om op uit te huilen als er iets misgegaan was maar ook Successen kunnen delen! Goede tips en tricks in de Peer to Peer gesprekken. Niet steeds weer het wiel zelf uit te moeten vinden. Samen bouwen aan de Buurtplatformen, spullen lenen van elkaar, enzovoort.

Professionele, onafhankelijke ondersteuning. Fijn om met hen van gedachten te wisselen en fijn dat ze administratief ook werk uit handen konden nemen. Wel jammer dat Buurtplatform Gein zo veel wisselingen heeft gehad van contactpersoon.

Veel, de wekelijkse updates (en geboden bemiddeling) zijn goed van pas gekomen en de betrokkenheid van het tussenteam (én ook de maandelijkse overleggen met Sjoukje Alta) hebben mij veel kennis gebracht.

Dat het, voor ons gevoel, zo langzaam gaat om verandering in denkwijze te bewerkstelligen, dat er nog steeds verkorting is tussen de verschillende diensten en dat er bv nog steeds glasresten in de boomspiegels geveegd wordt door de medewerkers van afd Schoon

Dat erkende Buurtplatformen een belangrijke schakel zijn voor een buurt want wij kennen de buurt en wij zijn de ogen en oren van de buurt.

Wij zijn een stuk professioneler geworden. Check onze buurtkrant en social media! De kracht en kunde van de buurt ontdekken en inzetten is hier de sleutel. We hadden al een flatkrant. Het krantenmakers team was er al, maar we zijn enorm gegroeid. Er komen nu mensen aan ons vragen waar wij onze vormgeving vandaan hebben omdat ze het zo mooi vinden.

De positie bepalen. Welke kant willen wij op? Andere platformen zijn al veel verder. Je ziet hoe andere mensen bezig zijn. Wij Spiegelen ons daaraan.

!Woon is wel de trekker. Het is een veilig gevoel als Mirjam er bij is. Samen maken we een safespace. Het is fijn dat er een stabiele factor is. Iemand die overzicht heeft.

Geen inzet van het tussenteam gevraagd voor het platform. Fijn dat er iemand aan onze kant staat bij de coalitie van buurtplatformen zuidoost. Heel fijn dat ze erbij waren, Zij zijn onze ingang in de enorme olietanker.

Het is wel een hele grote investering qua uren. Ik vind het heel belangrijk, maar doe wat ik kan. Er is soms de angst dat het allemaal voor niks is geweest. Dat wij al dit werk voor niets hebben gedaan. De gemeente draait soms opeens 180C. Eerst zien dan geloven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13974056/1