2. Evaluatierapport GPS
Tekst van het document
Evaluatierapport GPS 2.0 winteropvang 2025/2026
Inleiding Ook dit jaar hebben wij vanuit GPS opnieuw geëvalueerd op onze drie kernfuncties: gastheerschap, peer support en signalering. Na de editie van vorig jaar lag er een sterke blauwdruk met duidelijke lessen, aandachtspunten en aanbevelingen. Veel van deze signalen hebben we dit jaar direct bij de start van het project opgepakt en geborgd, zodat we niet opnieuw in dezelfde knelpunten zouden belanden. In vergelijking met vorig jaar konden we dit seizoen rekenen op meer projectleiding uren in vergelijking met vorig jaar. Daarnaast hebben we gebruik gemaakt van de forfaitaire loonkostensubsidie, waardoor we met een aanvullende eigen investering een vijfde GPS-collega konden aanstellen. Dat vonden wij belangrijk om meerdere redenen. Niet alleen omdat werk en verantwoordelijkheid bijdragen aan perspectief, herstel en kansen richting duurzaam werk, maar ook omdat we vorig jaar merkten hoeveel collega’s zelf nog midden in de gevolgen van dakloosheid zitten of hier recent uit zijn gekomen. De mentale belasting, stress en instabiliteit zorgen soms voor uitval of terugval. Juist daarom bleek het werken met een team van vijf collega’s, én het hanteren van een vier-ogen beleid op de winteropvang, van grote meerwaarde voor de continuïteit, veiligheid en kwaliteit van het werk. Onze rol beperkte zich dit jaar niet enkel tot aanwezigheid op de locaties.
Er was ook een grote betrokkenheid buiten de opvang, bijvoorbeeld in individuele cliëntondersteuning en het meedenken rondom praktische en persoonlijke vraagstukken van bezoekers. Daarnaast hebben wij als team veel geïnvesteerd in ontwikkeling en deskundigheid, zowel via interne als externe trainingen en opleidingen. Op beide locaties organiseerden wij maandelijks bezoekers overleggen, inclusief voorbereiding, verslaglegging en opvolging van signalen. Ook bezochten wij meerdere keren de WKR-locaties van de Regenboog Groep in de sporthallen, om daar ervaringen en signalen van bezoekers op te halen. Als kers op de taart vonden wij het belangrijk om dit jaar ook ná de winteropvang, binnen de KDO, nog twee bezoekers overleggen te organiseren. Het actief uitnodigen van oud-bezoekers in april voor een vergaderlunch op ons kantoor bleek ontzettend waardevol: niet alleen kregen wij eerlijke feedback op ons werk en de opvangstructuur, maar ook nieuwe inzichten, ideeën en perspectieven voor de toekomst. Daarnaast hebben wij dit jaar bewust gekozen om onze eindevaluatie in een “hotel rating”-jasje te gieten. Dat deden wij niet alleen als creatieve vorm, maar ook als inhoudelijke spiegel. De winteropvang kost jaarlijks enorme bedragen aan publieke middelen. Dan mag verwacht worden dat basisvoorwaarden zoals hygiëne, nachtrust en kwalitatief eten op orde zijn.
Tegelijkertijd roept dit de vraag op of we als stad voldoende durven nadenken over alternatieven en andere concepten van opvang. Vanuit die gedachte organiseerden wij ook een ludieke actie rondom het leegstaande Maritim Hotel, waar honderden kamers leeg staan terwijl tegelijkertijd gezocht wordt naar honderden opvangplekken voor volgend jaar. Achter die actie zat een serieuze vraag: kunnen we voor een deel van de doelgroep niet menswaardig, rustiger en efficiënter organiseren? We kijken ook met waardering terug op de samenwerking met de verschillende aanbieders. Bij het Leger des Heils zagen wij dat signalen uit vorig jaar zichtbaar waren opgepakt. Zo waren kluisjes 1
vanaf het eerste moment aanwezig, lag de hygiëne opvallend hoog dicht tegen hotelkwaliteit aan en werden winteropvang gesprekken en opvolging zorgvuldig en adequaat uitgevoerd. Bij HVO Querido verliep de samenwerking in het begin stroever. Onze aanwezigheid en kritische houding werden aanvankelijk ervaren als controlerend, wat spanning gaf in de samenwerking. Tegelijkertijd zagen wij ook de enorme druk waaronder gewerkt werd, onder andere rondom de lange wachtrijen bij Transformatorweg 6, waar bezoekers in het begin soms anderhalf uur buiten moesten wachten in weer en wind. Waar Straatalliantie vooral frustratie voelde over de situatie, zagen wij ook een organisatie die probeerde oplossingen te vinden binnen een complexe realiteit en hun visie op de winteropvang. Door deze spanningen bespreekbaar te maken, groeide er gaandeweg meer wederzijds begrip en balans in de samenwerking. Vanaf ongeveer de tweede maand merkten wij bovendien dat de bezoekers overleggen door HVO steeds serieuzer werden genomen en dat er daadwerkelijk grote verbeterstappen werden gezet. Daarbij willen wij nadrukkelijk benoemen dat beide locaties fundamenteel van elkaar verschillen in schaal, infrastructuur, doelgroep en context. Een één-op-één vergelijking doet daarom niet volledig recht aan de realiteit van beide opvanglocaties.
Wat ons wel opviel, is dat een sterke focus op controle en beheersing niet altijd positief uitpakte voor de sfeer en leefbaarheid binnen de opvang. Tegelijkertijd verdienen de flexibiliteit en inzet rondom de Ramadan en de omgang met de over aantallen tijdens de WKR-periode absoluut erkenning. Met dit rapport hopen wij niet alleen terug te blikken op de winteropvang van 2025–2026, maar vooral ook bij te dragen aan een eerlijk gesprek over kwaliteit, menswaardigheid, samenwerking en de toekomst van opvang in Amsterdam.
2
3
Het belang van bezoekers overleggen: een stem voor de bezoeker Een van de grootste meerwaardes van GPS binnen de winteropvang blijft het organiseren van bezoekersoverleggen. Niet alleen omdat bezoekers hierdoor hun ervaringen, frustraties en ideeën kwijt kunnen, maar vooral omdat het hen daadwerkelijk een stem geeft binnen een systeem waar vaak óver mensen wordt gesproken in plaats van mét mensen. De maandelijkse bezoekers overleggen dit jaar met hoge opkomsten en betrokkenheid. Bezoekers maakten actief gebruik van de ruimte om signalen te delen, verbeterpunten aan te kaarten en met concrete voorstellen te komen. Wat daarin bijzonder waardevol was, was het lunchoverleg na 1 april met oud-bezoekers van de winteropvang. Juist doordat mensen met meer afstand konden terugkijken op hun ervaringen, ontstonden er diepere gesprekken, eerlijke reflecties en nieuwe inzichten voor de toekomst. We organiseerden 8 overleggen telkens in de ochtend met een gemiddelde van een 30 tal aanwezigen per locatie. De verantwoordelijke manager van de locatie is telkens aanwezig om vragen te beantwoorden en om toe te lichten. Deze ervaringen maken voor ons duidelijk dat, wanneer een derde jaar GPS overwogen wordt, we nog sterker willen inzetten op het versterken van de positie van de bezoekers zelf.
Hoe zorgen we ervoor dat mensen niet alleen tijdens een bezoekersoverleg gehoord worden, maar altijd ergens terecht kunnen met signalen of ideeën? Hoe kunnen bezoekers ondersteund worden om zichzelf meer zelfstandig te organiseren, en mét ondersteuning waar nodig? De kracht van bezoekersparticipatie zit niet alleen in inspraak, maar ook in preventie en verbetering. De feedback vanuit bezoekers geeft aanbieders namelijk de kans om tijdens de winteropvang snel bij te sturen en richting een volgend seizoen beter voorbereid te zijn. Dat zagen we dit jaar ook daadwerkelijk gebeuren: signalen vanuit de overleggen leidden op meerdere momenten tot concrete verbeteringen in sfeer, voorzieningen en werkwijzen binnen de locaties. Daarnaast biedt de onafhankelijke positie van Straatalliantie hierin een belangrijke meerwaarde. Juist omdat wij dicht op de leefwereld van bezoekers staan, onafhankelijk zijn en dagelijks aanwezig zijn binnen de opvang, kunnen thema’s en spanningen vroegtijdig worden opgepikt en bespreekbaar gemaakt. Hierdoor ontstaat niet alleen beter zicht op wat er speelt, maar ook meer ruimte om escalaties of structurele problemen tijdig aan te pakken. Tot slot vinden wij het essentieel dat signalen niet ieder jaar opnieuw “opnieuw ontdekt” hoeven te worden.
Het structureel borgen van ervaringen, verbeterpunten en aanbevelingen in draaiboeken, evaluaties en voorbesprekingen kan ervoor zorgen dat opgedane lessen behouden blijven. Daarmee hoeft het wiel niet telkens opnieuw uitgevonden te worden. Ook biedt dit de gemeente Amsterdam de mogelijkheid om deze lessen mee te nemen in het inkoopbeleid en kwaliteitseisen rondom winteropvang, zodat bezoekersparticipatie en minimale kwaliteitsstandaarden steviger verankerd raken binnen toekomstige opvangvoorzieningen.
4
5
3 Functies project: Gasthost, Peersupport en Signalering
Ø
Gasthost
Het wegwijs maken van bezoekers, hen ontvangen en op hun gemak stellen binnen de winteropvang. Conclusie: De gasthost functie heeft dit jaar zichtbaar bijgedragen aan een laagdrempelige, veilige en mensgerichte sfeer binnen de winteropvang. De herkenbaarheid van de GPS-medewerkers, de persoonlijke benadering en de actieve aanwezigheid op de vloer zorgden ervoor dat bezoekers ons makkelijk wisten te vinden en vertrouwen voelden om contact te leggen. De waardering vanuit bezoekers laat zien hoe belangrijk het is dat mensen binnen de opvang niet alleen praktisch geholpen worden, maar zich ook gezien en serieus genomen voelen. Tegelijkertijd heeft dit jaar ook duidelijk gemaakt waar verdere professionalisering mogelijk is. Meer kennis van het sociale domein, sterkere onderlinge afstemming en duidelijke communicatie richting bezoekers en aanbieders kunnen de functie verder versterken. Ook blijft het belangrijk om de onafhankelijke positie van GPS helder uit te dragen. De ervaringen van dit jaar bevestigen dat de kracht van de gasthost functie niet alleen zit in aanwezigheid, maar vooral in nabijheid, vertrouwen en het vermogen om verbinding te maken. Daarnaast hadden we het idee vorig jaar en bij aanvang dat GPS overbodig zou moeten zijn, met betrekking tot deze functie zien we dat die moeilijk opgepakt kan worden door de aanbieder.
Personeel heeft het druk met inchecken, eten, opbergen, bagage en maaltijden. Er is weinig ruimte om te gaan zitten met mensen in de avond. Hieronder lichten we de bevindingen toe die vanuit de 2 verschillende perspectieven hebben bijgedragen aan deze conclusie. Bevindingen vanuit het GPS-team: De inzet van herkenbare gele truien werkte in de praktijk goed. Bezoekers konden GPS-medewerkers eenvoudig herkennen en benaderen. Ook konden de zorgaanbieders op deze manier makkelijk naar iemand met een gele trui doorverwijzen. Daarnaast konden de bezoekers makkelijk één van de andere gele truien aanspreken, als diegene waar hij of zij eerder contact mee had gehad die avond niet op locatie was. Vanuit het Leger des Heils op de Barndesteeg werden wij gebeld op het moment dat we wel op het eerder toegezonden rooster stonden, maar er niet waren, omdat bezoekers naar ons vroegen. Hoewel dit positief was, omdat we hieruit op maakten dat bezoekers op ons rekenen en we iets konden toevoegen, bleek ook dat we dit beter moeten communiceren. Anderzijds is het onaangekondigd ook belangrijk om er zo waakzaam voor te zijn dat de aanbieder zich niet gaat aanpassen aan de momenten dat GPS op de vloer is. Suggesties om te verbeteren:
6
-
-
-
Hoe vinden de bezoekers ons nog beter? o Betere communicatie met aanbieders bij roosterwijzigingen, ziekte of uitvallen van medewerkers. o Voorspelbaarheid kan verder verbeterd worden door een bord bij de ingang te zetten met de dagen waarop we die week aanwezig zullen zijn. o Misschien een lijstje vanuit de zorgaanbieder met nieuwe mensen, zodat we ook kennis konden maken met deze nieuwe bezoekers en meer mensen in beeld hebben. Meer kennis over het sociale domein, zodat we ook beter kunnen doorverwijzen. o Vanuit de GPS-medewerkers was er nog meer behoefte aan kennis van het werkveld en doorverwijsmogelijkheden. Het bezoek vanuit de Regenboog over tijdelijk wonen, het langsgaan bij Buitenhof en de gasthost functie op kantoor werd als toevoeging ervaren. Fijn om dit ook nog bij andere partijen in het veld te doen. Daarnaast ook fijn om mee te lopen met professionals zoals cliëntondersteuners en de sociaal juridische dienstverleners op kantoor. Dit helpt om beter te weten hoe je mensen kunt ondersteunen en waar je naartoe kunt doorverwijzen. Inwerktijd meer focussen op deze aspecten ipv op opleidingen en cursussen bij de vrijwilligersacademie. Hoe zouden we onderling het overzicht beter kunnen bewaren? o Het was lastig voor de GPS-medewerkers om onderling overzicht te houden wie wat al voor bezoekers had gedaan.
Betere afstemming nodig, maar misschien kwam dit ook uit het gebrek aan contactmomenten met elkaar. Misschien vaste contactmomenten op kantoor afspreken. o Voor kantoor, misschien een read only functie op advos. o Overdracht of lichte registratie? Hier lopen we tegen de AVG aan.
Bevindingen vanuit bezoekers: Bezoekers van de winteropvang ervaren de benadering van GPS als heel positief. Met name de persoonlijke en actieve houding waarmee de GPS-medewerkers zelf op mensen afstapten werd gewaardeerd. Het contact werd als heel persoonlijk ervaren. Bezoekers vonden het fijn dat ze in het contact niet gelijk in een hokje werden gestopt, bijvoorbeeld zelfredzaam – niet zelfredzaam. De persoonlijke benadering kwam heel betrouwbaar over. Suggesties voor verbetering: -
Bezoekers hadden niet altijd door dat wij daar waren vanuit een onafhankelijke positie. Belangrijk omdat te benoemen in het contact.
7
8
Ø
Peer support
Het bieden van ondersteuning aan bezoekers vanuit eigen ervaringskennis. Conclusie De inzet van peer support heeft dit jaar opnieuw laten zien hoe krachtig ervaringskennis kan zijn binnen de winteropvang. Juist doordat GPS-medewerkers zelf ervaring hebben met dakloosheid of opvang, ontstond er sneller vertrouwen, herkenning en gelijkwaardigheid in het contact met bezoekers. Bezoekers voelden zich begrepen zonder veel uitleg nodig te hebben “jullie spreken dezelfde taal” en zelfs “jullie zijn familie van ons” zijn uitspraken die de impact van deze werkwijze treffend samenvatten. Tegelijkertijd werd ook zichtbaar dat peer support meer vraagt dan alleen het hebben van ervaringskennis. Het vraagt ondersteuning, reflectie, opleiding en goede begeleiding om eigen ervaringen op een professionele en duurzame manier in te zetten. De training rondom ervaringskennis droeg hier positief aan bij en liet zien hoeveel potentie er ligt in verdere ontwikkeling van deze rol. Daarnaast maakte dit jaar duidelijk dat het werk emotioneel belastend kan zijn, zeker wanneer medewerkers zelf nog midden in herstel of bestaansonzekerheid zitten. Continuïteit, ondersteuning vanuit de organisatie en ruimte voor onderlinge uitwisseling blijven daarom essentieel.
De ervaringen van dit jaar bevestigen dat peer support niet alleen een aanvullende functie is binnen de winteropvang, maar een fundamentele meerwaarde vormt in het creëren van vertrouwen, menswaardigheid en verbinding. Hieronder lichten we de bevindingen toe die vanuit 2 verschillende perspectieven hebben bijgedragen aan deze conclusie. Bevindingen vanuit het GPS-team: De training ‘Ontwikkel je ervaringkennis’ werd als waardevol ervaren. Fijn om te weten wat je kan met je ervaringskennis. Geleerd hoe ervaringskennis om te zetten in het helpen van anderen en niet alleen maar ervaringskennis hebben. Dit hielp medewerkers om hun eigen ervaringen doelgericht in te zetten in het contact met bezoekers. Ook kwam naar voren dat het werk mentaal ook belastend kon zijn door alle verhalen van andere mensen, doordat mensen zelf ook nog hun eigen dingen hadden die speelden. Daarnaast had uitval door ziekte impact op de uitvoering. Dit legde extra druk op de projectleiding om de continuïteit van aanwezigheid op beide locaties te kunnen blijven garanderen. Suggesties vanuit het team: -
-
Samenwerking met ervaren oud GPS medewerkers zou waardevol zijn. Misschien een training vanuit een oud GPS-er of team waarin bijvoorbeeld de helft oud GPS is en de helft nieuw GPS. Op deze manier kun je van elkaar leren en kan het project in kwaliteit verbeteren. Misschien iedere GPS-er een vast contactpersoon vanuit de organisatie om de connectie ook te behouden met het kantoor en voor de samenwerking + van elkaar leren.
9
-
Misschien in samenwerking met de vrijwilligersacademie een training maken die aansluit bij het GPS-project. Nu worden niet alle trainingen als even aansluitend ervaren.
Bevindingen vanuit de bezoekers: De bezoekers van de winteropvang waren heel positief over de inzet van mensen met ervaringskennis op de winteropvanglocaties. Zij gaven aan dat: -
GPS-medewerkers spreken dezelfde taal. Heel fijn dat jullie zelf ook ervaring hebben met dakloosheid of slapen in de opvang. Dan weten jullie waar we het over hebben. Het contact werd als persoonlijk en betrouwbaar ervaren. ‘Jullie zijn familie van ons', dit illustreert de sterke vertrouwensband.
10
11
Ø
Signalering:
Het actief ophalen, observeren, bundelen en bespreekbaar maken van signalen, ervaringen en knelpunten van bezoekers binnen de winteropvang, met als doel de kwaliteit, veiligheid en menswaardigheid van de opvang te verbeteren en structurele aandachtspunten zichtbaar te maken voor aanbieders, gemeente en betrokken organisaties. Conclusie De signaleringsfunctie heeft dit jaar duidelijk laten zien hoe waardevol structurele bezoekersparticipatie is binnen de winteropvang. Door maandelijks bezoekersoverleggen te organiseren, ontstond er ruimte voor eerlijke gesprekken, concrete feedback en snellere opvolging van signalen. Vooral de open sfeer, de kringopstelling en de onafhankelijke rol van GPS droegen eraan bij dat bezoekers zich vrijer voelen om hun ervaringen, frustraties en ideeën te delen. Het eenmalige lunchoverleg op het Daklozenkantoor vormde hierin een bijzondere meerwaarde. Buiten de opvang setting ontstond meer diepgang, eigenaarschap en vertrouwen. Bezoekers kregen niet alleen meer inzicht in het doel van de overleggen, maar werden ook actiever betrokken bij het verbeteren van de winteropvang zelf. Dit bevestigt voor ons dat signalering het sterkst werkt wanneer bezoekers niet alleen gehoord worden, maar ook daadwerkelijk invloed ervaren. Daarnaast liet dit jaar zien dat terugkoppeling essentieel is.
Wanneer zichtbaar wordt gemaakt wat er met signalen gebeurt, groeit het vertrouwen in de overleggen en de bereidheid om mee te denken. Tegelijkertijd blijven er verbeterpunten, zoals betere communicatie over de overleggen, ruimte voor anonieme input en het verder versterken van eigenaarschap van bezoekers, bijvoorbeeld via een bezoekersraad. De ervaringen van dit jaar bevestigen dat signalering meer is dan het ophalen van klachten of aandachtspunten. Het is een manier om de leefwereld van bezoekers zichtbaar te maken, aanbieders de kans te geven sneller bij te sturen en structurele lessen vast te leggen voor toekomstige winters. Daarmee vormt signalering een essentieel onderdeel van kwalitatieve, menswaardige en lerende winteropvang. Het is wel zo dat het organiseren van een bezoekersoverleg best intensief is voor de aanbieder en GPS, voorbereiding, langere openingsuren in de ochtend, meer personele inzet en follow-up.
12
13
Bevindingen vanuit het GPS-team: -
-
-
De kringopstelling werkte goed en bevorderde openheid, participatie en openheid. Het lunchoverleg op het Daklozenkantoor met een aantal bezoekers (12) van de winteropvang zorgde voor diepere en eerlijke input. De onafhankelijke setting buiten de opvang gaf bezoekers meer ruimte om zich uit te spreken Tijdens het overleg op kantoor kregen bezoekers een beter beeld van de bezoekersoverleggen en waarvoor deze er zijn. Bovendien kregen bezoekers zo meer eigenaarschap. De opvang locaties zelf laten terugkoppelen wat er is veranderd ten opzichte van het vorige bezoekersoverleg. Elke maand een bezoekersoverleg werkte goed. Dit zorgde ervoor dat signalen sneller werden opgepakt. Het is wel intensief voor het project en de aanbieder, extra uren op momenten dat we en de aanbieder niet werkt. Toch zag iedereen de meerwaarde hiervan. Koekjes of cake meebrengen werkte goed.
Aandachtspunten: -
-
-
Bezoekersoverleggen werden aangekondigd via het ophangen van posters. Het aankondigen kon beter door bijvoorbeeld de medewerkers van de zorgaanbieders beter te informeren en misschien een bord bij de ingang te zetten met het bezoekersoverleg. Anonieme input was onvoldoende geborgd. In de notulen een kort overzicht laten terugkomen met wat er is opgepakt en wat nog gedaan wordt voor zowel de bezoekers als voor de zorgaanbieders. Het lunchoverleg op kantoor werd als heel waardevol beschouwd. Sterk aangeraden om dit erin te houden bij een eventueel volgend project, maar dan met een frequentie van bijvoorbeeld drie keer. Via het lunchoverleg bezoekers meer onderdeel laten zijn en eigenaarschap laten hebben over het verbeteren van de winteropvang. Bezoekersraad opzetten. Aanwezigheid van de verantwoordelijke van de aanbieders.
14
Bevindingen vanuit bezoekers: Verbeterpunten: -
Aankondiging van de overleggen kan beter Ruimte houden om bezoekers zelf punten in te laten brengen naast de punten die sowieso worden besproken. Naast de bezoekersoverleggen zou het fijn zijn dat punten ook anoniem gedeeld kunnen worden.
Suggesties: -
-
-
Een vast mededelingsbord bij binnenkomst. Werknemers van de zorgaanbieders ook informeren over het bezoekersoverleg, zodat zij daarin kunnen ondersteunen. Niet beginnen met vastgestelde punten, maar eerst de bezoekers uitnodigen om iets te zeggen over de winteropvang. Vervolgens kunnen de vooraf bedachte punten, gebaseerd op voorgaande bezoekersoverleggen, besproken worden. Misschien een vorm van een nieuwsbrief als terugkoppeling, naast de terugkoppeling. Het opzetten van een bezoekersraad met de garantie dat het niet ten koste gaat van je plek in de winteropvang. Een optie aanbieden dat mensen anoniem punten kunnen doorgeven. Daarnaast werd er geopperd of er een soort nieuwsbrief gemaakt kan worden waarin de besproken punten staan, maar ook wat er vervolgens mee is gebeurd. Duidelijker communiceren bij elk overleg welke punten van het vorige bezoekersoverleg besproken zijn en wat er mee is gebeurd. Bij T6 werden de signalen oppervlakkig opgepakt.
Positief: -
-
-
-
De collega’s met ervaringskennis. Sneller vertrouwen of aansluiting bij de bezoekers. Hoop en perspectief bieden. En dezelfde taal. Proactieve benadering van bezoekers door de collega’s met ervaringskennis. Het contact werd als persoonlijk ervaren en bezoekers voelden zich niet in een hokje geplaatst. Daarnaast spraken ze dezelfde taal. Hierdoor ontstond er snel vertrouwen en openheid. De herkenbare gele truien droeg eraan bij dat bezoekers de GPS-ers snel konden vinden en maakte het makkelijk om op iemand af te stappen. De borging van vorig jaar zorgde ervoor dat we vanuit daar verder konden doorbouwen. Hierdoor waren er al wat signalen van vorig jaar bij de start getackeld. Bijvoorbeeld de kluisjes bij Barndesteeg (?) De bezoekersoverleggen werden goed bezocht. De maandelijkse bezoekersoverleggen zorgden ervoor dat signalen vanuit de bezoekers sneller zichtbaar werden en signalen sneller werden opgepakt. Op beide locaties waren er veranderingen zichtbaar naar aanleiding van signalen uit de bezoekersoverleggen. Het lunchoverleg werd zowel door bezoekers als door de collega’s met ervaringskennis als bijzonder waardevol ervaren. De onafhankelijke setting zorgde voor meer openheid. Daarnaast droeg dit bij aan de empowerment en eigenaarschap van de bezoekers van de winteropvang. Dit zou verder kunnen worden uitgebouwd tijdens een eventuele volgende (soortgelijke) editie. 15
-
Binnen het team werkte het vierogenprincipe goed. Het project had ook impact op de mensen met ervaringskennis zelf. Het project bood ruimte voor ontwikkeling, scholing, werkervaring en het doelgericht inzetten van ervaringskennis. Voor meerdere medewerkers droeg deelname bij aan netwerkopbouw, empowerment en voor drie van de vijf een baan binnen het sociale domein en 1 als taxi chauffeur bij het RMC.
Verbeterpunten: Tegelijkertijd bracht het project ook aandachtspunten en leerpunten met zich mee. -
Anonieme input bij de bezoekersoverleggen was niet gewaarborgd. Aankondiging van de bezoekersoverleggen kon beter. Betere communicatie richting bezoekers over aanwezigheid GPS Bezoekers wisten niet altijd dat wij onafhankelijk waren
Straatalliantie: -
De nieuwe collega’s kwamen terecht in een bestaand team dat basis kon geven. Hierin was meer behoefte om bijvoorbeeld mee te lopen met collega’s van het bestaande team, een buddy systeem op te richten zodat er kennisdeling is, maar ook verbinding tussen winteropvang en kantoor en misschien een keer deel te nemen aan de teamvergadering met het hele Straatalliantie team.
Evaluatie opzet team ervaringskennis en projectleiding: -
Soms was het aanhoren van de situaties van de bezoekers van de winteropvang mentaal belastend. Daarnaast waren er persoonlijke omstandigheden die invloed hadden op de belastbaarheid en beschikbaarheid binnen het team. Dit legde druk op de projectleiding om enerzijds collega’s te ondersteunen en anderzijds de continuïteit en aanwezigheid op beide locaties te waarborgen. Ook kon dit voor spanningen binnen het team zorgen, omdat het teamgevoel mede daardoor soms wegviel.
16
Opleidingen en voorbereidingsperiode -
-
-
Bezoek aan Buitenhof Tijdelijk wonen van de Regenboog zet uit elkaar hoe aanmelden en criteria Opleidingen vanuit de Vrijwilligersacademie: o Basistraining maatjes o Ontwikkel je ervaringskennis o Contact is de sleutel o Ontdek je eigen wijsheid Interne opleiding o Gasthost functie ontwikkelen door mee te lopen als Gasthost op het Daklozenkantoor o WMO route en traject o Zelfredzaamheidscriteria en route Deelname aan de jongerendag van Permens Deelname aan de Regenboog dag Rue Parre Kennismaking en afspraken met het Leger des Heils Kennismaking en afspraken met HVO-Querido
17
Impact project Het GPS-project heeft gedurende de winteropvang zichtbaar impact gehad op zowel bezoekers, zorgaanbieders, de Straatalliantie als het GPS-team zelf.
Conclusie Het GPS-project heeft gedurende de winteropvang van 2025–2026 op meerdere niveaus impact gemaakt. Niet alleen voor bezoekers van de winteropvang, maar ook voor de aanbieders, de Straatalliantie en de collega’s met ervaringskennis zelf. De combinatie van gastheerschap, peer support en signalering zorgde ervoor dat bezoekers zich sneller gezien, gehoord en begrepen voelden binnen een vaak onpersoonlijke opvangstructuur. Juist de inzet van mensen met ervaringskennis bleek hierin van grote meerwaarde: zij spraken dezelfde taal, bouwden sneller vertrouwen op en boden hoop en perspectief vanuit herkenning en gelijkwaardigheid. De zichtbaarheid van GPS, onder andere door de herkenbare gele truien en de actieve aanwezigheid op de vloer, maakte de drempel laag voor bezoekers om contact te zoeken. Tegelijkertijd zorgden de maandelijkse bezoekersoverleggen ervoor dat signalen sneller zichtbaar werden en dat aanbieders gedurende de winteropvang concreet konden bijsturen. Dat op beide locaties veranderingen zichtbaar waren naar aanleiding van feedback van bezoekers, laat zien dat structurele participatie daadwerkelijk impact heeft op de kwaliteit en sfeer binnen de opvang. Ook het lunchoverleg buiten de opvang setting bleek van grote waarde. In een onafhankelijke omgeving ontstonden meer openheid, eigenaarschap en diepgaande gesprekken.
Dit liet zien hoeveel potentie er ligt in het verder versterken van de stem en positie van bezoekers binnen toekomstige edities van de winteropvang. Daarnaast had het project een belangrijke impact op de GPS-collega’s zelf. Voor veel medewerkers betekende deelname meer dan alleen werkervaring. Het project bood ruimte voor scholing, ontwikkeling, empowerment en het professioneel leren inzetten van ervaringskennis. Ondanks de mentale belasting die het werk soms met zich meebracht, zeker omdat sommige collega’s zelf nog midden in herstel of bestaansonzekerheid zitten, groeiden medewerkers zichtbaar in zelfvertrouwen, netwerk en perspectief. Voor drie van de vijf collega’s leidde dit uiteindelijk zelfs tot een baan binnen het sociale domein. Daarmee laat GPS niet alleen zien wat ervaringskennis kan betekenen voor bezoekers, maar ook hoeveel potentie er schuilt in het investeren in mensen met ervaringskennis zelf. Tegelijkertijd bracht het project ook duidelijke leerpunten naar voren. De communicatie over de aanwezigheid en onafhankelijke positie van GPS kon beter, bezoekersoverleggen konden zichtbaarder aangekondigd worden en anonieme input was onvoldoende geborgd. Deze aandachtspunten doen echter niet af aan de kern van het project, maar bieden juist concrete handvatten om een volgende editie verder te versterken.
De ervaringen van dit jaar bevestigen dat GPS niet alleen een ondersteunende functie vervult binnen de winteropvang, maar een wezenlijke bijdrage levert aan menswaardigheid,
18
vertrouwen, participatie en kwaliteitsverbetering zowel voor bezoekers als voor de mensen die vanuit hun eigen ervaring anderen ondersteunen.
19
20
Verdere impact en uitbreiding van het project De uitbreiding van de projecturen zorgde er dit jaar ook voor dat er meer ruimte ontstond om verder te kijken dan alleen de dagelijkse aanwezigheid binnen de winteropvang. Hierdoor konden extra initiatieven en activiteiten worden opgezet die de impact van het project aanzienlijk vergroten. Zo was er ruimte voor het organiseren van de ludieke actie rondom leegstand en winteropvang, deelname aan en voorbereiding van gesprekken rondom het beleidsplan 2030, het organiseren van bezoekersoverleggen binnen het KDO en de maandelijkse bezoekersoverleggen op de winteropvanglocaties zelf. Daarnaast kon GPS ook inhoudelijk sterker worden ingezet binnen de Barndesteeg, waar voornamelijk economisch dakloze mensen verbleven. Hier ondersteunen GPS-collega’s bezoekers actief bij het reageren op woningen buiten de regio, gingen zij mee naar bezichtigingen en boden zij praktische ondersteuning richting uitstroom. Dit liet zien hoe waardevol laagdrempelige, nabij georganiseerde ondersteuning kan zijn voor mensen die vooral vastlopen op huisvesting en bureaucratie. Tegelijkertijd viel op hoeveel bezoekers kampten met ernstige somatische en medische problematiek. GPS-collega’s werden hierdoor regelmatig extra ingezet rondom medische ondersteuning en opvolging.
Er waren situaties van mensen die een beenamputatie nodig hadden, ernstige ziektes ontwikkelden, een schedeloperatie moesten ondergaan of met andere zware medische klachten kampten. GPS ging mee naar Kruispost of andere afspraken, hield contact tijdens ziekenhuisopnames, haalde post op en ondersteunde bezoekers in het behouden van overzicht en continuïteit in zorg. Juist dit outreachende en mensgerichte stuk liet zien dat er nog altijd een gat bestaat binnen het ondersteuningssysteem voor dakloze mensen. De praktijk maakte duidelijk hoeveel extra stappen nodig zijn om mensen daadwerkelijk aangesloten te houden bij zorg en ondersteuning. Tegelijkertijd liet het project zien dat ervaringsdeskundige en nabij georganiseerde ondersteuning hierin een belangrijke brugfunctie kan vervullen. Dit outreachende aspect verdient daarom verdere uitwerking en versterking binnen toekomstige edities van GPS.
21
22
Aanvullende impact op de Straatalliantie Het GPS-project had niet alleen impact op bezoekers en de GPS-collega’s zelf, maar betekende ook voor de Straatalliantie een intensief en leerzaam traject. Hoewel er dit jaar meer projectleiding uren beschikbaar waren, bleef de praktische en inhoudelijke belasting groot. Door het vier-ogen beleid waren projectleiding zeer regelmatig zelf aanwezig op de locaties en werd er ook frequent ingevallen wanneer GPS-collega’s uitvallen. Daarnaast ging veel tijd en aandacht naar het voortdurend passen en meten rondom uurroosters, loonbeslagen, persoonlijke problematiek en verblijfsplek issues van collega’s. De Straatalliantie heeft ervoor gekozen om niet alleen in te zetten op uitvoering van het project, maar ook op doorstroom en ontwikkeling van de GPS-collega’s zelf. Er werd actief ondersteund bij sollicitaties, het schrijven van aanbevelingsbrieven en het vergroten van kansen richting duurzame arbeid binnen het sociale domein. Tegelijkertijd werd opnieuw zichtbaar hoe kwetsbaar de overgang van uitkering naar werk kan zijn. Zo ontstonden er ook dit jaar problemen rondom adreswijzigingen en communicatie bij uitstroom vanuit de bijstand, waarbij processen tussen Jan van Galen en Kruislaan onvoldoende op elkaar aansloten. Dit zorgde voor onrust en onzekerheid bij collega’s die juist stappen vooruit probeerden te zetten.
Daarnaast bracht het project ook inhoudelijk veel waarde voor de Straatalliantie. De adviserende rol van de GPS-collega’s, gebaseerd op hun ervaringskennis, gaf voortdurend nieuwe inzichten in de leefwereld van bezoekers en de werking van de opvang. Hun observaties, signalen en contacten vanuit peer support hielpen niet alleen om bezoekers beter te begrijpen, maar droegen ook bij aan de inhoudelijke ontwikkeling van de organisatie zelf. Hierdoor groeide de Straatalliantie niet alleen organisatorisch, maar ook in kennis, sensitiviteit en verbinding met de doelgroep waarvoor zij zich inzet. Met trots op onze collega's kunnen we stellen dat er 4 van de 5 collega's een nieuwe baan hebben aan einde tijdelijk contract van de Straatalliantie. Zo gaat er 1 bij de KDO Regenbooggroep werken, een andere bij het Leger des Heils veldteam, ook het mobiel team van HVO wordt versterkt door een collega uit het GPS team en een andere collega gaat aan de slag bij het RMC. De collega die nog geen vervolgplek heeft gaat vast snel volgen want heeft naast ervaring bij GPS ook veel ervaring in de thuiszorg.
23
24
Aanbeveling aan de gemeente Amsterdam Blijf als gemeente Amsterdam een voorbeeld voor andere gemeenten als het gaat om het bieden van opvang aan iedereen die daar nood aan heeft. Juist in een tijd waarin steeds kritischer wordt gekeken naar toegankelijkheid van opvang, is het belangrijk om vast te houden aan het uitgangspunt dat niemand buiten hoeft te slapen. Tegelijkertijd vraagt dit uitgangspunt ook om blijvende scherpte op de kwaliteit van de opvang. Wanneer publieke middelen worden ingezet voor menswaardige opvang, mag de gemeente duidelijke verwachtingen hebben ten aanzien van basisvoorwaarden zoals hygiëne, veiligheid, nachtrust, privacy en toegang tot goede begeleiding. Wanneer minimale standaarden rondom bijvoorbeeld hygiëne niet gehaald worden, vinden wij dat daar een heldere uitleg, reflectie en verbeterplan tegenover moet staan. Goede intenties alleen zijn niet voldoende, bezoekers mogen verwachten dat de basis op orde is. Daarbij willen wij nadrukkelijk benoemen dat wij geloven dat aanbieders in de kern de beste intenties hebben en vaak werken onder grote druk, met complexe doelgroepen, personeelskrapte en een systeem dat regelmatig piept en kraakt. Juist daarom is het belangrijk dat de gemeente niet alleen toetst op resultaten, maar ook goed luistert naar de praktijkervaringen van de aanbieders.
Waar lukt iets goed en waarom? En waarom lukt het op de ene locatie wel en op de andere niet? Kritisch kijken naar verschillen in kwaliteit en werkwijzen biedt kansen om van elkaar te leren en de opvang als geheel te versterken. Wat ons daarbij opviel, is dat binnen sommige opvang settings de nadruk nog sterk ligt op beheersing, controle en het “in gareel houden” van bezoekers. Hoewel structuur, veiligheid en duidelijke grenzen belangrijk blijven, zagen wij ook dat een te sterke focus op controle soms ten koste ging van leefbaarheid, sfeer en vertrouwen. Juist opvang vraagt om een voortdurende balans tussen veiligheid én menselijkheid. Wij vinden daarom dat de gemeente streng mag zijn in haar inkoopbeleid en duidelijke kwaliteitseisen mag stellen. Controle en verantwoording blijven essentieel, zeker gezien de grote publieke investeringen die met de winteropvang gepaard gaan. Daar tegenover staat echter ook dat uitvoerders voldoende gehoord moeten worden over de knelpunten waar zij dagelijks tegenaan lopen en wat zij nodig hebben om kwalitatief goede opvang te kunnen bieden. Daarnaast zien wij een bredere systeem vraag die niet los te zien is van de druk op de winteropvang. De lange wachtlijsten in de maatschappelijke opvang en begeleid wonen zorgen ervoor dat de winteropvang steeds vaker een overloopfunctie krijgt voor problematiek die eigenlijk elders in de keten vastloopt.
Dat is geen natuurverschijnsel dat ons simpelweg “overkomt”, maar een signaal van een systeem dat op onderdelen onvoldoende functioneert. Ook binnen het veld zelf vraagt dit om kritische reflectie op de manier waarop doorstroom georganiseerd is en welke prikkels onbedoeld bijdragen aan opstopping in de keten. De analyse dat er sprake is van structurele knelpunten en mogelijk verkeerde financiële prikkels binnen het systeem wordt ook breder herkend in het veld. Zo beschreef de MDHG recent in Spuit 11 treffend dat “de keten niet alleen vol is, maar het systeem kapot” en dat voortdurende noodmaatregelen onvoldoende antwoord bieden op fundamentele problemen.
25
Juist daarom vraagt de toekomst van de winteropvang niet alleen om voldoende bedden, maar ook om een eerlijk gesprek over kwaliteit, samenwerking, doorstroom en de vraag hoe we opvang organiseren op een manier die menswaardig, effectief én duurzaam is. Soms lijkt het alsof we ingewikkelde noodconstructies normaal zijn gaan vinden: mensen in een oude jeugdgevangenis, te kleine bedden, met velen op een kamer of in sporthallen die telkens met enorm veel inzet tijdelijk worden omgebouwd tot opvang. Dat vraagt veel van bezoekers, aanbieders en publieke middelen. Juist daarom mag de vraag gesteld worden waarom een stad die kampt met opvangtekorten tegelijkertijd jarenlang leegstaande hotels en gebouwen kent. Zijn dit niet precies de momenten waarop we als stad groter durven nadenken over menswaardige, rustigere en efficiëntere vormen van opvang? .
26
27
Aanvullende aanbeveling: investeren in preventie bij jongeren Juist rondom jongeren van 18 tot 23 jaar vragen wij aandacht voor een preventieve benadering binnen de winteropvang en het bredere ondersteuningssysteem. We horen signalen dat er in de wandelgangen kritischer wordt gekeken naar het huidige beleid, met name rondom jongeren onder de 23 jaar die mogelijk “misbruik” zouden maken van de winteropvang. Tegelijkertijd willen wij daar een duidelijke kanttekening bij plaatsen: welke jongere kiest er vrijwillig voor om in een winteropvang te slapen tussen mensen die soms vijftig jaar ouder zijn? Niemand belandt voor zijn plezier in deze setting. Wanneer jongeren daar terechtkomen, zegt dat vaak meer over het ontbreken van alternatieven, perspectief en passende ondersteuning dan over misbruik van het systeem. Wat wij dit jaar zagen, was een groep jongeren die vaak nog niet volledig “vastgelopen” was, maar zich wel in een uiterst kwetsbare overgangsfase bevindt. Veel jonge bezoekers waren zichtbaar onder de indruk van de realiteit van de winteropvang en liepen daarbuiten grotendeels verloren rond. Informatie over rechten, inkomen, huisvesting, hulpverlening en toekomstperspectief ontbrak vaak. Een deel van deze jongeren, met name jongeren zonder vastgestelde kwetsbaarheid, zonder duidelijke binding of met een onduidelijke hulpvraag viel vervolgens tussen wal en schip.
Zelfs tijdens de WKR-periode konden velen van hen overdag nergens terecht voor rust, een douche, het wassen van kleding of een warme maaltijd. Juist op deze leeftijd is de manier waarop jongeren hun eerste contact met dakloosheid, opvang en hulpverlening ervaren van grote invloed op hoe zij zich later tot het systeem zullen verhouden. Jongeren die zich gezien, serieus genomen en ondersteund voelen, blijven sneller in beeld, accepteren eerder hulp en behouden meer vertrouwen in instanties en samenleving. Andersom zagen wij jongeren die nu al het geloof in het systeem verliezen, mede doordat zij met minder inkomen moeten rondkomen dan mensen boven de 23 jaar, terwijl zij tegelijkertijd minder toegang hebben tot ondersteuning en voorzieningen. Langdurige bestaansonzekerheid en het gevoel nergens welkom te zijn vergroten het risico op verdere uitval, wantrouwen en escalatie van problematiek. Daarnaast vragen wij expliciet aandacht voor jongeren uit het buitenland met bijvoorbeeld een Nederlandse nationaliteit of jongeren zonder duidelijke binding met Amsterdam. Ook deze groep raakt in de praktijk regelmatig klem tussen systemen en voorwaarden, terwijl de realiteit is dat zij zich wél in de stad bevinden en vaak nergens anders terechtkunnen.
Wanneer er geen passend antwoord komt op hun situatie, verdwijnen zij niet, zij raken verder uit beeld, bouwen wantrouwen op en lopen grotere risico’s op langdurige dakloosheid, schulden, psychische problematiek of andere vormen van maatschappelijke uitval. Juist daarom bevelen wij aan om deze groep eerder in beeld te krijgen, sterker in te zetten op laagdrempelige dagvoorzieningen, informatievoorziening, begeleiding en perspectief niet pas wanneer problemen escaleren, maar preventief. Preventie is in die zin niet alleen menselijker, maar uiteindelijk ook goedkoper en effectiever dan ingrijpen wanneer problemen al volledig uit de hand zijn gelopen. Uiteindelijk blijft voor ons de kernvraag overeind: hoe groot moet de wanhoop of onzekerheid zijn voordat een jongere ervoor kiest om in een winteropvang terecht te komen?
28
29
Extra activiteiten GPS: Enquête afgenomen in de winteropvang dakloosheid voorbij Bezoek Straatconsulaat Actie 1 april demonstratie en plakactie door de hele stad met Loesjes Posters Bezoek KDO en bezoekers overleggen op datum van zie verslagen in bijlage Inspreken winteropvang in de raad, bevindingen zie tekst Deelname aan WPI dag Deelname aan beleidsplan voorbereiding 2030 Meegelopen met de winteropvang screening gesprekken bij de GGD Deelname aan het web overleg om de 6 weken waardoor we direct contact hadden met Kevin Koenen die als beleidsadviseur zorg verantwoordelijk was voor de winteropvang Lunch evaluatie op het Daklozenkantoor met 13 bezoekers die gebruik hebben gemaakt van de winteropvang dit jaar. Teamuitje, pizza eten bij Lab111
30
Beoordeling winter opvanglocaties: Barndesteeg en Transformatorweg Dit jaar hebben wij ervoor gekozen om de eindevaluatie van de winteropvang in een “hotel rating”-jasje te gieten. Niet om de opvang te ridiculiseren, maar juist omdat wij ons realiseren hoeveel publieke middelen er jaarlijks naar deze voorzieningen gaan. Wanneer er sprake is van zulke hoge nachtprijzen, mag verwacht worden dat basisvoorwaarden zoals hygiëne, rust en kwalitatief eten gegarandeerd zijn. Juist daar schrokken wij van: hoeveel signalen bezoekers gaven over vieze sanitaire voorzieningen, gebrek aan nachtrust en de kwaliteit van maaltijden. Tegelijkertijd begrijpen wij ook waar deze hoge kosten vandaan komen. Een groot deel van de investering gaat niet naar het bed zelf, maar naar begeleiding, zorg, beveiliging en personele inzet. Dat roept echter een fundamentele vraag op: zetten wij onze middelen wel op de meest effectieve manier in? Binnen de winteropvang zien wij namelijk een zeer diverse groep mensen. Natuurlijk zijn er bezoekers met complexe problematiek die intensieve begeleiding, zorg en bescherming nodig hebben. Voor deze groep moet juist méér aandacht, kwaliteit en gespecialiseerde ondersteuning beschikbaar zijn. Maar er is ook een grote groep voor wie de grootste problematiek in essentie neerkomt op één ding: het ontbreken van huisvesting.
Daarom is het misschien tijd om anders te durven denken. Als de kosten per overnachting inmiddels vergelijkbaar zijn met hotelprijzen, moeten we ons afvragen of een deel van deze groep niet beter opgevangen kan worden in reguliere hotelovernachtingen of kleinschalige woonvormen. Dat zou verschillende voordelen kunnen hebben: minder stigma, minder negatieve groepsdynamiek, meer rust en privacy, en minder noodzaak voor zware personele bezetting binnen grote opvanglocaties. De winteropvang zou dan meer kunnen functioneren als een vorm van triage: een plek waar snel wordt beoordeeld welke ondersteuning iemand daadwerkelijk nodig heeft. Mensen zonder zware zorgvraag kunnen vervolgens buiten de opvang verder worden begeleid, mét monitoring en ambulante ondersteuning. Hierdoor ontstaat er binnen de opvang zelf meer ruimte, aandacht en kwaliteit voor bezoekers die wel intensieve hulp nodig hebben. Onze ludieke actie bij het Maritim Hotel was daarin natuurlijk ook een knipoog, maar wel één met een serieuze ondertoon. Terwijl daar honderden kamers leegstaan naar verluidt zo’n 600 is de gemeente Amsterdam tegelijkertijd alweer locaties aan het schouwen voor ongeveer 600 opvangplekken voor volgend jaar.
Dat contrast roept een logische vraag op: waarom blijven we denken in grootschalige noodopvangconstructies, terwijl er misschien alternatieven bestaan die menswaardiger, rustiger en mogelijk zelfs efficiënter zijn? Misschien ligt de echte vraag dus niet alleen in hoeveel geld we investeren, maar vooral in hóé we het investeren. Want als we bereid zijn zulke hoge bedragen uit te geven aan noodopvang, moeten we ook bereid zijn kritisch te kijken of het huidige systeem nog aansluit bij de behoeften van de mensen voor wie het bedoeld is.
31
32
Barndesteeg
Hygiëne Sterren: 4/5 Hygiëne was een terugkerend thema. Over het algemeen werd de opvang als schoon ervaren, maar werd er wel overlast ervaren van vuil en achtergelaten spullen in bijvoorbeeld de douches door andere bezoekers. Een belangrijk inzicht is dat de hygiëne bij de Barndesteeg niet alleen afhankelijk was van schoonmaak, maar sterk samenhangt met: -
Gedeeld gebruik van ruimtes Onderlinge aanspreekbaarheid Sociale veiligheid.
Bezoekers gaven aan het lastig te vinden elkaar aan te spreken, uit angst voor conflicten. Wel werd het door de bezoekers als fijn ervaren dat zij zelf schoonmaakspullen konden pakken. Verder werd de overlast door muizen aangegeven als een structureel probleem. Leger des Heils had hier zelf ook last van, maar dat heeft met het gebouw te maken. Conclusie: de hygiëne was goed, er werd goed schoongemaakt. Wat lastig bleef was het delen van ruimtes en het aanspreken van elkaar.
33
Eten Sterren: 4/5 Het eten werd wisselend beoordeeld. Er was waardering voor de inzet en de verbetering richting het einde van de periode zoals meer variatie. Daarnaast heel fijn dat er gebruikgemaakt kon worden van de koelkast om daar eten te bewaren. Aandachtspunten die naar boven kwamen waren: -
Beperkte variatie, vooral het ontbijt Klachten over smaak en lichamelijke reacties zoals buikpijn Het heropwarmen waardoor er water in het eten komt wat kan gaan schimmelen en vervolgens weer uitserveren.
Benodigdheden Sterren: 4/5 De benodigdheden die mensen nodig hadden waren aanwezig. Bezoekers vinden het fijn dat ze deze benodigdheden zelf kunnen pakken. Soms werd er meer per persoon gepakt waardoor de voorraad snel op ging. Leger des Heils heeft hier samen met de bezoekers afspraken over gemaakt. Bejegening Sterren: 4/5 De bejegening door het personeel werd positief ervaren. Bezoekers gaven terug dat het personeel vriendelijk, sociaal en behulpzaam was. Ook gaven bezoekers aan zich over het algemeen veilig te voelen op de locatie. Voor sommigen was de Barndesteeg de beste plek om voor nu te verblijven. Wel waren er signalen over: Onderlinge spanningen tussen bezoekers Groepsvorming en uitsluiting Informatievoorziening Sterren: 4/5 Richting het einde van de opvang en als de WKR tot zijn eind kwam, was het niet altijd voor iedereen even duidelijk waar iemand dan naartoe zou kunnen. ‘Wat gebeurt er na 1 april?’ ‘Waar kan ik terecht?’. Bezoekers gaven aan: -
Meer begeleiding richting uitstroom Duidelijk overzicht van wat de mogelijkheden voor mensen zijn Tijdige ondersteuning, niet pas op het laatste moment.
34
35
Transformatorweg 6
Hygiëne Sterren: 3/5 Hygiëne was gedurende alle bezoekersoverleggen een veelbesproken onderwerp. Bezoekers gaven aan dat de sanitaire voorzieningen regelmatig vies waren of stonken, dat toiletten kapot waren en dat douches niet goed functioneerde. Ook werd genoemd dat het sanitair koud en tochtig was en dat schoonmaak niet altijd zichtbaar was of als voldoende werd ervaren. Tegelijkertijd werd er ook een oproep naar elkaar gedaan om zelf meer verantwoordelijkheid te nemen om de sanitaire voorzieningen schoon te houden. Voor sommigen is dit lastig, omdat ze bijvoorbeeld in de war zijn. Tegen het eind van de winteropvangperiode werd zichtbaar dat er stappen werden gezet in de hygiene naar aanleiding van de signalen uit de bezoekersoverleggen. Zo werden extra schoonmaakuren ingezet, waardoor het schoner werd. Bezoekers kwamen zelf met voorstellen zoals: -
Toegang tot schoonmaakmiddelen om zelf schoon te maken Meer toezicht door werknemers op het gebruik van de sanitaire voorzieningen Een check systeem voor sanitair. Hiermee werd bedoeld of er gecheckt kon worden of de schoonmaak daadwerkelijk de douches en wc’s schoonmaakten. Het afsluiten van een deel van de toiletten/douches in de nacht zodat deze schoon blijven voor de ochtend.
Daarnaast werd aangegeven dat sommige bezoekers moeite hadden met de hygiëne van medebewoners, wat spanning gaf op de gedeelde kamers. Conclusie: Hygiëne bleef een belangrijk aandachtspunt binnen de opvang. Positief is dat signalen vanuit bezoekers uiteindelijk hebben geleid tot concrete verbeteracties en er meer aandacht voor schoonmaak en sanitair kwam.
36
Eten Sterren: 3/5 Het eten werd in het begin van de winteropvang kritisch beoordeeld. Bezoekers gaven aan dat maaltijden soms weinig smaak hadden, te weinig vulden of onvoldoende aansloten bij wat mensen nodig hadden om gezond te blijven. Er werden signalen gegeven over: -
Te weinig variatie Te weinig koolhydraten Gebrek aan fruit Kwaliteit van het opgewarmde eten werd betwist Geen mogelijkheid om eigen eten mee naar binnen te nemen terwijl hier wel een wens naar is.
Bij het tweede bezoekers overleg werd aangegeven dat er een sterke verbetering was wat betreft het eten. Er was meer variatie in het eten en meer fruit. Ook was het fijn dat tijdens de Ramadan de eetzaal eerder open ging en dat je eten voor de Ramadan mee naar binnen mocht brengen. Conclusie: Het eten werd gedurende de opvangperiode zichtbaar verbeterd naar aanleiding van signalen van bezoekers. Met name de grotere variatie en aandacht voor de Ramadan werd positief ontvangen. Tegelijkertijd bleef er behoefte aan meer flexibiliteit rondom eigen eten meebrengen. Benodigdheden Sterren: 2/5 Benodigdheden en verzorgingsproducten waren een terugkerend onderwerp tijdens de bezoekersoverleggen. Bezoekers gaven aan dat zij geen eigen verzorgingsproducten mee naar binnen mochten nemen zoals shampoo, tandpasta, elektrische tandenborstels, nagelknippers en medicatie. De zorgaanbieder prioriteerde hierbij veiligheid boven gezondheid. Dit werd door de bezoekers als ongehoord ervaren. Niet alleen de eigen gezondheid kwam hiermee in het geding, maar ook autonomie en waardigheid. Naar aanleiding van de signalen is het beleid gedurende de winteropvang aangepast. In eerste instantie mochten producten zoals shampoo en tandpasta overgeheveld worden naar kleine plastic bakjes die mee naar binnen mochten. Hierin gaven bezoekers aan dat dit niet handig is en de logica voorbij gaat.
Het meenemen van medicatie kon in kleine hoeveelheden, maar volgens sommige bezoekers was dit niet goed. Ook hierin voelden mensen zich niet serieus genomen. Uiteindelijk is het beleid soepeler geworden en mochten producten zoals shampoo en tandpasta mee naar binnen, maar een elektrische tandenborstel of nagelknipper niet. Daarnaast kwamen praktische aandachtspunten naar voren zoals: -
Onvoldoende uitleg over het gebruik van kluisjes Wens om gesloten flesjes water of drinken mee naar binnen te nemen Behoefte aan slippers
37
Conclusie: Benodigdheden en verzorgingsproducten raakten voor bezoekers aan meer dan alleen praktische zaken: het ging ook over autonomie, gezondheid en waardigheid. Positief is dat er gedurende de opvangperiode ruimte ontstond om het beleid rondom persoonlijke spullen soepeler toe te passen. Nachtrust Sterren: 2/5 Slaap en rust waren belangrijke thema’s binnen de bezoekersoverleggen. Bezoekers gaven aan dat zij regelmatig slecht sliepen door: -
Veel lawaai op kamers Laat slapende medebewoners Zieke kamergenoten Veel wek rondes in de ochtend Vroege uitcheck momenten
Met name de combinatie van de onrust ’s nachts op de kamers en de meerdere wek rondes plus het vroeg moeten verlaten van de opvang werd als belastend ervaren. Sommige bezoekers gaven aan hierdoor onvoldoende rust te krijgen. Daarnaast werden de stapelbedden door meerdere bezoekers als ongeschikt voor volwassen mannen ervaren, zowel qua stevigheid als comfort. Het delen van de kamers met meerdere mensen zorgden voor spanning en irritatie. Conclusie: Rust en slaap beleven een belangrijk aandachtspunt binnen de opvang. Vooral gedeelde kamers, geluidsoverlast en de ochtendstructuur hadden invloed op het welzijn van bezoekers. Tegelijkertijd werd zichtbaar dat begeleiding probeerde mee te denken bij individuele problemen rondom slapen en kamergenoten.
38
Medische zorg Sterren: 3/5 Bezoekers waardeerden dat er verpleegkundigen aanwezig waren binnen de opvang. Tegelijkertijd bleek niet altijd duidelijk wat bezoekers van deze ondersteuning konden verwachten. Vanuit bezoekers kwamen vragen en zorgen naar voren over: -
Medische hulp in de nacht Toegang tot medicatie Omgaan met medische hulpmiddelen Ondersteuning bij ziekte op de kamers
Vanuit de organisatie werd toegelicht dat verpleegkundigen vooral een signalerende en doorverwijzende rol hebben en geen medicatie kunnen verstrekken. Ook werd aangegeven dat maatwerk rondom medicatie bespreekbaar was. Conclusie: De aanwezigheid van medische ondersteuning werd gewaardeerd. Wel bleef duidelijke communicatie over verwachtingen, mogelijkheden en procedures belangrijk om onzekerheid bij bezoekers te verminderen. Bejegening en sfeer Sterren: 2/5 Bezoekers gaven zowel positieve als kritische signalen over de bejegening en sfeer binnen de opvang. Er kwamen signalen naar voren over: -
Onduidelijkheid over regels Spanningen tussen bezoekers Ongelijkheid tussen WKO en WKR. Hierin was er vooral kritiek over de communicatie waardoor het onduidelijk was dat mensen vanuit de WKO mochten doorlopen terwijl mensen vanuit de WKR in de rij moesten blijven staan.
39
40
Demonstratie “open die deur” song
41