CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Eindrapportage - Uitgaand Getijde - Zeecruise Amsterdam.pdf

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 12 september 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief 'Handelingsperspectief Zeecruise Amsterdam' en de verdiepende analyse naar de zeecruise in Amsterdam (VN2024-011440)13.838 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitgaand getijde

1/42

RAPPORT

Uitgaand getijde Verdiepende analyse naar de zeecruise in Amsterdam 71749 - Vertrouwelijk - 18 juni 2024

GRONDLEGGER VAN VOORUITGANG

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

2/42

INHOUDSOPGAVE

Samenvatting ..................................................................................................................... 3

Inleiding - Uitvoering geven aan de motie ‘Amsterdam vaart beter zonder cruise’ ....................... 8

Hoofdstuk 1 | Context: de zeecruise als een puzzelstuk in de regio ....................................... . 9

Hoofdstuk 2 | Varianten: hulpmiddelen en knoppen om aan te draaien .................................. 18

Hoofdstuk 3 | Publieke waarden: verschillende perspectieven, verschillende waarden .............. 21

Hoofdstuk 4 | Consequenties ............................................................................................ 33

Hoofdstuk 5 | Handelingsperspectief.................................................................................. 38

Bijlage 1 - lijst gesprekspartners .......................................................................................... 41

Foto voorkant: Rein van Zanen/ANP

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

3/42

SAMENVATTING Het college van BenW van de gemeente Amsterdam heeft behoefte aan een afgewogen en uitvoerbaar voorstel voor uitvoering van de motie ‘Amsterdam vaart beter zonder cruise’. In deze verdiepende analyse zijn de feiten en consequenties in beeld gebracht, toewerkend naar een handelingsperspectief. De context: de zeecruise als puzzelstuk in de regio In 2000 is de Passengers Terminal Amsterdam (PTA) geopend op zijn huidige locatie aan de Veemkade, om te voldoen aan de alsmaar groter wordende schepen en de rol van de cruise voor de Amsterdamse economie. In 2023 meerden 109 schepen aan bij de Veemkade met zo’n 320.000 passagiers. Ter vergelijking, in 2018 brachten 181 zeecruises een bezoek aan Amsterdam met circa 425.000 passagiers. De zeecruise is de afgelopen jaren onderdeel van diverse afspraken en werkzaamheden geweest in en om het IJ en Noordzeekanaalgebied, waaronder de Zeesluis IJmuiden. In de onderliggende maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) levert de zeecruise een bijdrage aan de totale verwachte extra inkomsten, waarvan de hoogte van de bijdrage afhankelijk is van het economisch scenario. De discussie over verplaatsing speelt al sinds 2016. Uiteindelijk besluit het college van Amsterdam in 2021 (opnieuw) om de Coenhaven als voorlopige voorkeurslocatie aan te wijzen.

Verplaatsing blijkt praktisch gezien mogelijk naar de Coenhaven, maar meer onderzoek is nodig naar externe veiligheid, stikstof, geluid, verkeer en vervoer. Het besluit volgt de lijn van de commissie D’Hooghe, die in 2020 een advies had neergelegd voor een toekomstbestendig inrichtingsplan voor het IJ met genereuze oeververbindingen en een vrije en robuuste vaarweg. Eén van de conclusies van het advies was om de verplaatsing van de PTA (‘bij voorkeur naar de Coentunnel’) een eigen looplijn te laten worden. De aanleg van de Westbrug moet wachten totdat deze verplaatsing is afgerond. Tenslotte is eind 2021 de beleidsnota ‘Zeecruise op Koers’ vastgesteld in het bestuursplatform Noordzeekanaalgebied en aangeboden aan de Amsterdamse gemeenteraad. Hierin wordt geconstateerd dat Port of Amsterdam inzet op een plafond van maximaal 190 calls in Amsterdam, als bestaande maximale capaciteit. Ook wordt vooralsnog ingezet op één ligplaats in de Coenhaven met een capaciteit van 100 calls, vanaf het moment dat deze niet op de huidige locatie van de PTA kan voortbestaan. Varianten Voor het inzichtelijk maken van consequenties en publieke waarde voor de stad zijn drie varianten opgesteld: vertrek uit Amsterdam, verplaatsing naar de Coenhaven en behoud op de huidige locatie. Deze varianten zijn vervolgens met elkaar vergeleken.

Dit profiel heeft te maken met de locatie, het aantal calls en kades, de aanwezigheid van walstroom en de functie van de huidige terminal. De opvangcapaciteit van de andere havens, die van Velsen en IJmuiden, speelt hierin een rol. Velsen heeft aangegeven geen calls te kunnen opvangen, omdat de opgave van de energietransitie prioriteit heeft – die strijdt om dezelfde fysieke ruimte. Rotterdam kan naar verwachting veertig calls opvangen. Dit aantal komt overeen met het beeld dat naar voren komt in de gesprekken met de gemeente Rotterdam en de rederijen. De fysieke ruimte in deze haven ontbreekt om meer schepen te kunnen laten aanmeren.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

4/42

De publieke waarden In het maatschappelijk debat over de zeecruise spelen de beleving, de kennispositie en de belangen van de inwoners, bedrijven, overheden en andere partijen een essentiële rol. Het is aan elke persoon en organisatie om de baten en lasten van de verschillende publieke waarden tegen elkaar af te wegen. De volgende overwegingen spelen onder meer een rol richting het handelingsperspectief. Voor alle overwegingen verwijzen we naar de complete rapportage. -

Druk op de binnenstad verschilt per type cruise: Een transit-cruise heeft Amsterdam als tussenstop en komt daarbij meestal vroeg in de ochtend aan om ’s avonds weer te vertrekken. Tijdens een dergelijk bezoek blijft gemiddeld 20% van de passagiers aan boord, terwijl 80% van boord gaat. Ongeveer een derde van de passagiers bezoekt met (vooraf geboekte) (dag)trips de regio, bijvoorbeeld de Zaanse Schans en de Keukenhof. Voor de turnaround-cruise is Amsterdam het vertrek- en eindpunt. Dit betekent dat een groot deel van de passagiers – gemiddeld 60% – voorafgaand of na afloop van de cruise zelfstandig in de stad verblijft. Dit zorgt voor spreiding van de toeristische drukte en een hoger uitgavepatroon, ten opzichte van de transit-passagier.

-

Type toerist: De zeecruisetoerist is gemiddeld 53 jaar. Er is een verschil tussen transit- en turnaround-toeristen als het gaat om hun bestedingen. Dit komt doordat turnaroundtoeristen voorafgaand of na afloop van hun cruise in de stad verblijven, en reizen van en naar de stad (veelal per vliegtuig). Transit-toeristen besteden gemiddeld € 76,- en turnaround-toeristen € 375,-, waarvan voor deze laatste groep een groot deel besteed wordt aan het vliegticket en de hotelovernachting.

-

Verduurzaming van de cruisevaart via walstroom: De zeecruise is een relatief vervuilende manier van vervoer, ten opzichte van andere vervoersmiddelen. De verduurzaming van de cruisevaart komt deels door strengere verplichtingen vanuit de Europese Unie, als uitvoering van de Green Deal. Vanaf 1 januari 2030 is walstroom verplicht voor havens met calls van meer dan 40 grote passagiersschepen per jaar.

-

Luchtkwaliteit: De zeecruise zorgt voor de uitstoot van stikstofoxiden, zwaveloxiden en fijnstof. De hiervoor genoemde getallen nemen ook met walstroom niet af naar nul, omdat de zeecruiseschepen gebruik blijven maken van diesel en LNG om de reis naar de kade te maken.

-

Turnaround-passagiers komen met het vliegtuig: Omdat voor turnaround-cruises Amsterdam de begin- en eindhaven is, moeten passagiers eerst naar Amsterdam komen. Dit doen zij voor een deel met het vliegtuig, wat een additionele bron van uitstoot is van het cruisetoerisme.

-

Toegevoegde waarde voor de stad: De zeecruise draagt economisch bij aan de stad, met name in de vorm van bestedingen van toeristen. De totale directe en indirecte toegevoegde waarde van de PTA voor Nederland kwam bij een nulmeting in 2018 uit op € 105 miljoen. Bij 100 calls zal de toegevoegde waarde voor Nederland naar € 84 miljoen gaan, bij een vertrek naar € 39 miljoen. De toegevoegde waarde en de werkgelegenheid voor de stad Amsterdam daalt bij een vertrek uit Amsterdam niet naar nul, omdat Rotterdam een deel van de calls opvangt en een deel van deze cruisepassagiers naar Amsterdam zal reizen om daar alsnog geld te besteden.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

-

5/42

Impact op de werkgelegenheid: Deze werkgelegenheid bestaat voor een deel uit de werknemers die werken voor de rederijen, Port of Amsterdam, de cruiseterminal, transportbedrijven en onderhoudsbedrijven. De directe en indirecte werkgelegenheid tijdens een nulmeting in 2018 was 1.718 fte voor heel Nederland, waarvan 567 fte werkzaam in Amsterdam. In het scenario waarbij de PTA teruggaat naar 100 calls, is de verwachting dat de PTA zorgt voor 1.034 fte in 2030 (294 fte in Amsterdam). Wanneer de PTA zou sluiten, loopt dit aantal terug naar 576 fte (123 fte in Amsterdam).

-

Beslag op de ruimte: Met een verplaatsing of het opheffen van de zeecruiseterminal, kan de PTA een nieuwe bestemming krijgen. Bij een herontwikkeling van de Veemkade is het mogelijk om de kade bij de PTA te gebruiken voor riviercruise. Deze analyse gaat verder niet in op een mogelijke invulling daarvan, maar kijkt wel naar de potentiële grondopbrengsten, in het hoofdstuk consequenties.

De consequenties In de gesprekken hebben partijen veelvuldig hun ongenoegen geuit over de koerswijziging van de gemeenteraad, zowel vanuit de publieke als de private sector. Medeoverheden trekken de discussie breder en vragen zich af wat dit betekent voor de samenwerking met de gemeente Amsterdam, om de energie- en bereikbaarheidsopgaven in de regio aan te pakken. Ondernemers geven aan behoefte te hebben aan zekerheid om te willen investeren in de toekomst. Gegeven de eerdere bestuurlijke besluitvorming van de gemeente wordt met de uitvoering van de motie aan deze zekerheid niet tegemoetgekomen. De conclusies en afspraken uit het rapport van commissie D’Hooghe zijn echter niet collectief hardgemaakt. Dit heeft ervoor gezorgd dat er geen gezamenlijke bestuurlijke afspraken zijn gemaakt in het kader van de bruggen over het IJ. Vanuit juridische optiek is een drietal aspecten relevant om tot een handelingsperspectief te komen: de lopende afspraken met rederijen (één á twee jaar van tevoren), de havenverordening om te handhaven op enkel schepen met walstroom en de juridische planologische procedures voor eventuele verplaatsing naar de Coenhaven, naast aanvullend financieel, technisch en juridisch onderzoek. In het financiële plaatje is een onderscheid te maken tussen de financiële consequenties bij vertrek en bij verplaatsing naar de Coenhaven.

In beide situaties geldt een andere impact op de kosten en opbrengsten. Bij vertrek uit Amsterdam spelen de derving van havengelden (~€ 2 miljoen) en toeristenbelasting (~€ 1 miljoen) een rol, maar ook de desinvestering in de walstroom afhankelijk van het jaartal van vertrek. Bij de investering is rekening gehouden met een looptijd van twintig jaar. Tenslotte dient de installatie van de walstroom omgebouwd te worden naar andere functies, zoals bijvoorbeeld een laadpunt voor touringcars. Nader onderzoek is nodig om tot een uitgewerkte businesscase te komen. De totale investeringskosten voor verplaatsing naar de Coenhaven zijn eerder geschat op € 119,3 miljoen, waarvan € 55,0 miljoen aan directe bouwkosten. Aanvullend zijn investeringen benodigd aan de Veemkade, waaronder een herinrichting van de openbare ruimte van de Veemkade, het aanpassen van het wegprofiel van de S100 en de sloop van bestaande opstallen. Deze investeringskosten zijn geschat op € 5,9 miljoen. Afhankelijk van de opbrengsten van de transformatie van de huidige PTA aan de Veemkade, kunnen de kosten van de werkzaamheden aan de Coenhaven deels worden opgevangen. In dezelfde verkenning naar verplaatsing naar de Coenhaven is een prognose opgetekend tussen minimaal € 21,9 miljoen en maximaal € 78,8 miljoen aan grondopbrengsten.

Nader onderzoek is ook aan de opbrengstenkant nodig om daarmee een exactere prognose en een gedifferentieerder beeld van de financiële consequenties van de verplaatsing naar de Coenhaven inzichtelijk te

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

6/42

maken. De huidige inschattingen laten in elk geval een financieel tekort zien, variërend tussen de € 46 miljoen en € 103 miljoen. In deze globale berekening is geen rekening gehouden met erfpacht. Narratief naar een handelingsperspectief Aan de hand van de context, publieke waarden en consequenties ontstaan de volgende contouren voor een handelingsperspectief: De inzet op walstroom zorgt voor een lokale impuls op duurzaamheid, maar de zeecruise blijft een relatief vervuilende, toeristische sector ten opzichte van andere vervoersmiddelen. Voor het zwaaien en varen naar de kade blijft dieselolie of LNG nodig. Voor de toeristische druk op de binnenstad zorgt het terugbrengen van het aantal calls voor minder cruisepassagiers in de stad op jaarbasis. Economisch gezien levert de zeecruise directe toegevoegde waarde op voor Amsterdam, dat zich bij het terugbrengen van het aantal calls naar verwachting deels zal vullen met andere toeristen. Hotels zullen immers proberen om de vrijgekomen kamers aan andere toeristen te verhuren. Tenslotte zorgt de motie voor spanning op de relatie met de NZKG-partners, Port of Amsterdam en het ministerie van IenW. Goed relatiemanagement kan verzachtend en opbouwend werken.

Handelingsperspectief Op basis van de gesprekken en beschouwing van de varianten komen een aantal elementen naar voren om tot gedegen uitvoering van de motie te komen: 1) De gemeente Amsterdam streeft naar een vertrek in 2035 van de Passengers Terminal Amsterdam van de huidige locatie aan de Veemkade. Dit is een invulling van de ‘eigen looplijn’, zoals vermeld in het advies van commissie D’Hooghe en maakt daarmee de (vaar)weg vrij voor de komst van de Westbrug. Door het noemen van een jaartal geeft dit duidelijkheid over de periode tot wanneer exploitatie van de huidige PTA-locatie aan de orde is en wordt er nadruk gelegd op de voorwaarden en keuzes die samenhangen met een mogelijke verplaatsing naar de Coenhaven. De bepaling van het definitieve jaartal van vertrek is onderdeel van aanvullend financieel, technisch en juridisch onderzoek (zie punt 4). 2) De capaciteit van de PTA wordt per direct teruggebracht naar één ligplaats en het aantal calls gaat vanaf 1 januari 2026 terug naar maximaal 100, met een voorkeur voor turnaroundpassagiers. Huidige afspraken met de rederijen worden gerespecteerd. Hierover wordt een bindende afspraak met de Port of Amsterdam gemaakt. 3) Vanaf 1 januari 2027 ontvangt de Passengers Terminal Amsterdam alleen cruiseschepen met walstroom. Port of Amsterdam gaat vanaf 1 juli 2024 alleen afspraken aan met rederijen die gebruik maken van walstroom.

Huidige afspraken met rederijen lopende tot en met 2026 worden gerespecteerd. Hierover wordt een bindende afspraak met Port of Amsterdam gemaakt, waarbij het CNB dit actief zal handhaven. 4) De gemeente Amsterdam nodigt het Rijk, Port of Amsterdam en de provincie Noord-Holland uit om in het najaar van 2025 tot gezamenlijke bindende afspraken te komen over de (ruimtelijke) ontwikkeling van het westelijk deel van het IJ, inclusief een besluit of de verplaatsing naar de Coenhaven haalbaar is.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

7/42

a) Over de gezamenlijk inrichting van het proces hiertoe, de te onderzoeken inhoud en de besluitvorming wordt in eerste aanleg (najaar 2024) een gezamenlijke Terms of Reference voorgesteld, om uiterlijk in het najaar van 2025 tot een bindende afspraak te komen over genoemde ontwikkeling. De eventuele verplaatsing van de PTA wordt daarmee bezien in een breder ruimtelijke perspectief en de volgtijdelijkheid van ontwikkelingen, waaronder de Westbrug. b) Als belangrijke bouwsteen voor de besluitvorming doet de gemeente Amsterdam, samen met Port of Amsterdam en het ministerie van IenW, aanvullend financieel, technisch en juridisch onderzoek naar de consequenties van de verplaatsing naar de Coenhaven. Het rapport wordt medio 2025 opgeleverd.

Uitgaand getijde

8/42

INLEIDING - UITVOERING GEVEN AAN DE MOTIE ‘AMSTERDAM VAART BETER ZONDER CRUISE’ Tijdens de vergadering van 19 en 20 juli 2023 heeft de gemeenteraad van Amsterdam de motie ‘Amsterdam vaart beter zonder cruise’ aangenomen.1 De motie draagt op om een einde te maken aan de zeecruise in Amsterdam en de Passengers Terminal Amsterdam (PTA) een nieuwe bestemming te geven. In de motie spelen twee pijlers een belangrijke rol: de gezondheid van de Amsterdamse inwoners en de druk van het massatoerisme op de binnenstad. Volgens de motie zorgt cruisetoerisme in Amsterdam voor luchtvervuiling en is slechts een klein deel van de wereldwijde vloot geschikt voor walstroom. Ook benoemt de motie dat de leefbaarheid in de stad onder druk staat, door kortdurend toerisme waar de stad weinig baat bij heeft. De motie heeft emoties losgemaakt bij diverse partijen, onder meer verwoord door ondernemers met een ingezonden brief in het Parool.2 Het college van BenW van de gemeente Amsterdam heeft behoefte aan een afgewogen en uitvoerbaar voorstel voor uitvoering van de motie om een eind te maken aan de zeecruise in Amsterdam. Berenschot heeft in opdracht van de gemeente Amsterdam een verdiepende analyse uitgevoerd om de feiten en consequenties in beeld te brengen. Deze analyse heeft geleid tot een advies, in de vorm van een handelingsperspectief voor het bestuur van de gemeente Amsterdam.

De analyse en het advies vindt u terug in dit document terug. Werkwijze & verantwoording gevolgde stappen De feiten, consequenties en beelden zijn op twee manieren geïnventariseerd. Enerzijds vanuit de bestaande documenten, anderzijds door gesprekken te voeren met relevante partijen. Voor de analyse is een uitgebreide verzameling aan documenten opgebouwd, mede op basis van ontvangen stukken vanuit de gemeente Amsterdam, Port of Amsterdam en de andere gesprekspartners. In de analyse is geen aanvullend onderzoek gedaan naar feiten en cijfers. Enkel de bestaande onderzoeken zijn gebruikt. Wel is kritisch gekeken naar de onderbouwing van de onderzoeken. Een volledig overzicht van deze bronnen is te vinden bijlage 1. In de analyse wordt expliciet verwezen naar de gebruikte bronnen. In de gespreksronde zijn gestructureerde interviews afgenomen bij 23 partijen.3 De interviews richtten zich op de (bestuurlijke) afspraken, de mogelijke varianten en de publieke waarden. Dit zijn ook de drie thema’s die terugkomen deze rapportage: de bestuurlijke afspraken komen terug in Hoofdstuk 1, de varianten in Hoofdstuk 2 en de publieke waarden in Hoofdstuk 3. In de interviews kwamen feiten, beelden en meningen voorbij. Deze rapportage heeft als vertrekpuntpunt de feiten, die waar nodig zijn ondersteund door beelden uit de gesprekken.

Na afloop van de documentenanalyse en de gespreksronde is op donderdag 4 april een besloten technische briefing gehouden voor de Amsterdamse gemeenteraad. In deze briefing is een eerste beeld gepresenteerd van de feiten over en consequenties van de zeecruise in Amsterdam. De vragen uit deze sessie hebben tot aanscherping en uitbreiding geleid van deze analyse. Gedurende het hele proces stond een team van ambtenaren van de gemeente Amsterdam Berenschot bij in een begeleidingsgroep. De inbreng van hun kennis van het domein, aanvullende vragen, ophelderingen en scherpte hebben geleid tot het rapport dat nu voorligt.

Gemeente Amsterdam (2023). Amsterdam vaart beter zonder cruise. Link. Het Parool (19 juni 2023). Opinie: Cruiseschepen verbieden is slecht voor Amsterdam. Link. 3 Zie bijlage 1. 1 2

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

9/42

HOOFDSTUK 1

Context: de zeecruise als een puzzelstuk in de regio Een begrip van de context is essentieel om tot een haalbaar en voldragen handelingsperspectief te komen. Die context is op te bouwen aan de hand van eerder gemaakte bestuurlijke afspraken, beleidskaders en onderzoeken. Van een Zeesluis IJmuiden tot het advies van commissie D’Hooghe.

De eerste passagiersterminal aan de Oostelijke Handelskade (Stadsarchief Amsterdam / Ino Roël)

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

10/42

De geschiedenis van de Passengers Terminal Amsterdam Amsterdam heeft een lange geschiedenis met zeevaart, waar de cruise sinds het begin van de twintigste eeuw een onderdeel van is. Vanaf 1970 is er in Amsterdam een passagiersterminal aan de Oostelijke Handelskade voor cruiseschepen. Door de alsmaar groter wordende schepen en de rol van de cruise voor de Amsterdamse economie, heeft de gemeenteraad in 1996 besloten om de PTA te bouwen.4 De PTA staat vanaf het jaar 2000 aan de Veemkade, naast het Mövenpick Hotel, Muziekgebouw aan het IJ en het Bimhuis. De nieuwbouw van de passagiersterminal voor cruiseschepen was één van de eerste uitgevoerde projecten in het kader van de vernieuwing van de Oostelijke Handelskade. De terminal is momenteel hoofdzakelijk in gebruik bij rederijen die met cruiseschepen de stad aandoen. Buiten het cruiseseizoen wordt het gebouw gebruikt als locatie voor evenementen, manifestaties, beurzen, exposities en conferenties. In samenwerking met het Mövenpick Hotel worden congressen en evenementen georganiseerd. Ontwikkeling van het aantal passagiers Het totaal aantal cruisepassagiers fluctueert over de afgelopen jaren, wat voor een deel te wijten is aan de coronaperiode. Het jaar 2018 was een hoogtepunt, zowel voor het aantal schepen als passagiers.

In dat jaar meerden er 181 schepen af in Amsterdam, met 184.843 transit-passagiers en 240.843 turnaround-passagiers. Een totaal dus van 425.686 zeecruisepassagiers. Voor het afgelopen jaar, 2023, gaat het om 109 schepen, waarvan 60 transit- en 49 turnaround-schepen. In totaal hadden zij 319.290 passagiers aan boord, waarvan 135.509 transit-passagiers en 183.781 turnaround-passagiers. Corona heeft geleid tot een plotselinge stop in het aantal schepen. In 2023, en naar verwachting in 2024, is het aantal calls nog niet terug op het niveau van voor corona. 450.000

200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0

400.000 350.000 300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000 0

Waarvan turnaround

Waarvan transit

Figuur 1. Hoeveelheid zeecruisepassagiers in Amsterdam van 2016 – 2023.

Figuur 2. Hoeveelheid zeecruiseschepen in Amsterdam van 2016 – 2024.5

Bron: Cruise Port Amsterdam

4 5

Gemeente Amsterdam (1996). Voorbereiding nieuwbouw Internationale Passagiers Terminal Amsterdam. Link. Voor 2024 is een verwachting van het aantal zeecruiseschepen gegeven.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

11/42

Tijdlijn: van realisatie van de PTA naar de motie De zeecruise is de afgelopen jaren onderdeel van diverse afspraken en werkzaamheden geweest in en om het IJ en Noordzeekanaalgebied. In de tijdlijn zijn deze afspraken op een rij gezet, inclusief de wijze en het (bestuurlijk) gremium van vaststelling. Hoofdstuk 4 gaat nader in op de consequenties van deze bestuurlijke afspraken, waaronder de hardheid van de motie, en haar impact op de houdbaarheid van deze afspraken.

Figuur 3. Tijdlijn van afspraken met betrekking tot de zeecruise.

2014 – 2022 | Zeesluis IJmuiden In 2022 is de Zeesluis IJmuiden geopend. Bij de onderbouwing van het voorkeursbesluit in 2012 is een MKBA opgesteld. De zeecruise leverde een bijdrage aan de verwachte extra inkomsten in deze MKBA. De Zeesluis is bedoeld om meer capaciteit te leveren voor de groei van de scheepvaart en om grotere schepen te accommoderen, ten opzichte van de huidige Noordersluis. De Noordersluis zou naar verwachting in 2029 tegen het einde van haar levensduur aanlopen. Om de economische impact op de regio te beperken, is uiteindelijk in 2014 besloten om de Zeesluis op een andere locatie dan de huidige Noordersluis te bouwen. Ook is besloten om de sluis eerder te realiseren dan 2029. In 2022 is de Zeesluis IJmuiden geopend. Zeecruise als onderdeel van de onderliggende MKBA In 2012 is het voorkeursbesluit van de Zeesluis IJmuiden genomen door de minister van IenW, geraamd op € 740 miljoen en met een taakstellend budget van € 848,4 miljoen. Voor de onderbouwing van het voorkeursbesluit is een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) opgesteld. In deze MKBA leverde de zeecruise een bijdrage aan de totale verwachte inkomsten.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

12/42

Totaal directe baten

Baten zeecruise (havengeld en bestedingen)

Hoog scenario

€ 415 miljoen

€ 47 miljoen

Tussenscenario

€ 357 miljoen

€ 31 miljoen

Laag scenario

€ 108 miljoen

€0

Resultaten maatschappelijke kosten-batenanalyse Zeetoegang IJmond, 2012, bij afmeting 700 x 500 x 17 meter.

De MKBA bestond uit drie scenario’s, die als bandbreedte fungeerden voor de verwachte baten en kosten. In de MKBA waren de totale directe baten geschat op € 415 miljoen. De analyse ging bij een economisch hoog scenario uit van circa 200 cruiseschepen in 2040, die naar verwachting € 47 miljoen extra aan directe baten opleverden over de jaren heen (contante waarde, prijspeil 2011). In het tussenscenario leverde de zeecruise € 31 miljoen extra op, in het economische lage scenario waren er geen aanvullende directe baten. De baten bestonden uit de havengelden en de toeristische bestedingen van de cruisepassagiers. Afspraken vastgelegd in een overeenkomst, met financiële bijdrage van de gemeente Amsterdam Het ministerie van IenW, de provincie Noord-Holland en de gemeente Amsterdam hebben in 2009 een ‘Convenant planstudie fase Zeetoegang IJmond’ ondertekend in 2009. In 2014 volgde een Bestuurlijke Overeenkomst tussen diezelfde partijen, waarin de kosten zijn verdeeld om het voorkeursbesluit uit te voeren. In 2017 zijn de definitieve bedragen vastgesteld in een vaststellingsovereenkomst: het Rijk € 565,19 miljoen, de provincie € 39,00 miljoen en de gemeente Amsterdam maximaal € 46,51 miljoen. Het Rijk droeg de opdrachtgevers- en eigenaarsrisico’s, als toekomstig eigenaar van de nieuwe sluis.

Gebruik van de zeesluis door cruiseschepen afhankelijk van verschillende omstandigheden De Zeesluis heeft een breedte van 70 meter, waardoor er ook ruimte is om grotere cruisesschepen te ontvangen tot 399 meter lang en 57 meter breed.6 De huidige Noordersluis verwerkt schepen met een maximale breedte van 42 meter.7 Tot 2025 wordt er echter gewerkt aan het project ‘Selectieve Onttrekking’, waardoor de haven niet zeker weet of de Zeesluis IJmuiden of de Noordersluis kan worden gebruikt om te schutten. Daarom wordt de maximumbreedte van de Noordersluis aangehouden bij het accepteren van calls van cruiseschepen. De Zeesluis is het afgelopen jaar beperkt(er) gebruikt, ook door cruisesschepen. De reden voor het beperkte gebruik van de zeesluis komt door de inlaat van te veel zout water bij het schutten met de nieuwe Zeesluis. Scheepvaartverkeer moet zoveel mogelijk met de Noordersluis worden geschut en de Zeesluis IJmuiden kan alleen onder zeer beperkte en strikte voorwaarden gebruikt worden. Rijkswaterstaat werkt momenteel aan het project ‘Selectieve Onttrekking’ om de zoutinlaat te minimaliseren, dat naar verwachting in 2025 gereed is.8 Tot die tijd wordt de Zeesluis onder zeer beperkte en strikte voorwaarden gebruikt. Na oplevering van het project wordt de Noordersluis ‘uitgerangeerd’ en gerenoveerd tot noodsluis.

Port of Amsterdam (2023). Zeesluis IJmuiden, gebouwd voor de toekomst. Link De huidige Noordersluis heeft een afmeting van 400x50x15m 8 Rijkswaterstaat (2023). Selectieve Onttrekking bij Zeesluis IJmuiden: Zoutdam IJmuiden. Link 6 7

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

13/42

2016 – 2021 | Verplaatsing eerder aan de orde, Coenhaven als voorkeursalternatief Een verplaatsing van de PTA is al eerder vóór de motie aan de orde gebracht. Zo werd in 2016 deze wens uitgesproken door toenmalig wethouder Economie en Haven, Kajsa Ollongren, vanwege de toeristische drukte in het centrum en het plan om de Javabrug over het IJ aan te leggen.9 Het Amsterdamse gemeentebestuur wees eind 2017 de Coenhaven aan als voorkeurslocatie.10 In het coalitieakkoord 20182022 van de gemeente Amsterdam werd dit besluit echter teruggetrokken en werd de wens uitgesproken om een alternatieve locatie buiten Amsterdam te zoeken.11 Verkenning naar alternatieve locatie cruiseterminal: Coenhaven enige optie De verkenning naar een alternatieve locatie is gestart door het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied (NZKG) in november 2018, gecombineerd met de totstandkoming van een nieuw beleidskader en regionale visie op zeecruise.12 De verkenning concludeert dat binnen het NZKG alleen de Coenhaven geschikt is als alternatieve locatie voor de PTA.

Als gevolg van deze verkenning besloot het college van Amsterdam op 16 februari 2021 opnieuw om de Coenhaven als voorlopige voorkeurslocatie aan te wijzen, in lijn met het advies van commissie D’Hooghe (zie volgende paragraaf).13 Uitgelicht: Bestuursplatform en samenwerking Noordzeekanaalgebied Het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied (NZKG) is een publiek-private samenwerking, onder voorzitterschap van de provincie Noord-Holland. Het platform bestaat verder uit vertegenwoordigers van alle betrokken gemeenten (Amsterdam, Beverwijk, Heemskerk, Haarlemmermeer, Velsen en Zaanstad), de havendirecties van Port of Amsterdam en Zeehaven IJmuiden N.V., en Tata Steel. Ook werkt het platform nauw samen met Rijkswaterstaat en de ministeries van IenW, EZK en BZK. Centraal in het werk staan de opgaven in de regio om het gebied aantrekkelijk te houden om te werken, wonen en recreëren. Het Bestuursplatform stuurt via twee programma’s (energietransitie en NOVEX) de ontwikkelingen in het gebied aan. Uit een nadere verkenning14 blijkt dat verplaatsing van de PTA praktisch gezien mogelijk is. Een eerste m.e.r.-beoordeling was positief, al is meer onderzoek nodig naar externe veiligheid, stikstof, geluid, verkeer en vervoer in de vorm van een plan- of project-m.e.r.

Voor het realiseren van een nieuwe terminal aan het Westerhoofd in de Coenhaven gaat de verkenning uit van minimaal vijf jaar aan voorbereidingstijd, rekening houdende met de minimale termijnen voor het doorlopen van juridische planologische procedure. In Hoofdstuk 4 worden de financiële consequenties van een verplaatsing naar de Coenhaven uiteengezet.

Het Parool (2016). Wethouder Ollongren: Cruiseterminal moet weg uit binnenstad. Link. Gemeente Amsterdam (2017). Concept-Bestuursopdracht Verplaatsen PTA. Link. 11 GroenLinks, D66, PvdA, SP (2018). Coalitieakkoord 2018-2022: Een nieuwe lente en een nieuw geluid. p. 51. Link. 12 “De regiopartners in het Noordzeekanaalgebied (NZKG) waren bereid om samen met Amsterdam te zoeken naar alternatieven voor de PTA onder de voorwaarde dat dit in het kader van een regionale visie op de zeecruise zou plaatsvinden en dat als zoekgebied voor een alternatieve locatie voor de PTA het totale NZKG, dus inclusief Amsterdam, zou gelden”. Raadsinformatiebrief, 18 februari 2021. 13 College van BenW, gemeente Amsterdam (2021). Toekomst PTA in relatie tot het Advies Oeververbindingen. Link. 14 Verkenning haalbaarheid verplaatsing PTA naar de Coenhaven, 1 juli 2020. 9

10

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

14/42

Uitgelicht – boot voor asielopvang in Coenhaven Op dit moment ligt er al een cruiseferry in de Coenhaven, die als opvang dient voor 1.500 asielzoekers.15 Deze zou er vanaf 1 oktober 2022 zes maanden liggen, maar de bestuursovereenkomst is tot 20 oktober 2024 verlengd.16,17 Voordat deze kade dienst kan doen als aanmeerplaats voor zeecruiseschepen die af en aan met passagiers komen, moet er een aantal voorzieningen worden toegevoegd. Zo moet ten minste de kade worden versterkt, walstroom worden aangelegd, moeten er sloop- en baggerwerkzaamheden plaatsvinden en moet er een nieuw terminalgebouw komen.18 2019 – 2022 | commissie D’Hooghe adviseert eigen looplijn voor verplaatsing PTA, bij voorkeur naar de Coentunnel In 2019 hebben het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de gemeente Amsterdam een onafhankelijke adviescommissie onder leiding van Alexander D’Hooghe aangesteld om een advies uit te brengen over waar, hoe en wanneer de oevers van het IJ en een deel van het Amsterdam Rijnkanaal (de Rijkswateren in Amsterdam) te verbinden voor het langzame verkeer.19 Voor het realiseren van de ambities van beide partijen waren heldere afspraken nodig, waarin de werelden van de stad en de haven bijeen werden gebracht.

Naar een toekomstbestendig inrichtingsplan: eerst de Oostbrug, dan de Westbrug De commissie komt tot principes en projecten, als bouwstenen voor een inrichtingsplan voor het IJ. Concreet bestond het advies uit de bouw van twee bruggen (de Oost- en Westbrug), twee nieuwe pontverbindingen en een voetgangerstunnel bij het Centraal Station. De hoogte van de bruggen is afgesteld op de veilige doorvaart van containerschepen met vier high cube containers. De bruggen zijn bedoeld voor fietsers en voetgangers en initieel ook voor openbaar vervoer in de vorm van tram of bus. De Oostbrug is enkel bedoeld voor langzaam verkeer, over de Westbrug moet nog besloten worden of het ov hier overheen kan. Het gehele IJ moet daarnaast nautisch goed begaanbaar blijven. De commissie adviseerde om eerst te starten met de Oostbrug, zonder een specifiek jaartal voor de realisatie te benoemen. Intussen lopen de voorbereidingen voor het ontwerp van de Oostbrug. Coenhaven als enige mogelijke nieuwe locatie voor de PTA, met eigen looplijn De commissie concludeert dat een vaste oeververbinding ten westen van het centraal station onmogelijk te realiseren is, zolang er cruiseschepen aanmeren bij de huidige locatie van de PTA. Zeecruiseschepen kunnen namelijk niet onder de 12,50 meter hoge brug door. Het advies van D’Hooghe is om de PTA te verplaatsen naar de Coenhaven. D’Hooghe stelt dat:

COA (2024). Amsterdam, Westerhoofd. Link. Parool (30 augustus 2022). Amsterdam krijgt een zeecruiseschip voor 1000 asielzoekers in Westelijk Havengebied. Link. 17 COA (2024). Amsterdam, Westerhoofd. Link. 18 Gemeente Amsterdam & Port of Amsterdam (2020). Verkenning haalbaarheid verplaatsing PTA naar de Coenhaven. 19 Adviescommissie Oeververbindingen Rijkswateren Amsterdam (Commissie D’Hooghe) (2020). Genereus Verbonden: Een concept-inrichtingsplan voor het IJ in Amsterdam als robuust en toekomstvast waterkruispunt. 15 16

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

15/42

De verplaatsing van de PTA is al langere tijd een gespreksonderwerp in Amsterdam. Uitgebreide studies naar alternatieve locaties binnen en buiten de gemeentegrenzen hebben één mogelijke nieuwe locatie aangewezen: de Coenhaven. Op deze locatie is voldoende kadelengte om aan te meren, en voldoende ruimte voor de benodigde gebouwen en faciliteiten. Vanwege het belang van de verplaatsing van de PTA om de Westbrug mogelijk te maken, stelt D’Hooghe ook het volgende: Op dit moment heeft de verplaatsing van de PTA nog geen bestuurlijke prioriteit. Gezien de afhankelijkheid van een westelijke verbinding van de verplaatsing van de PTA moet worden gekeken naar de versnelling van besluit- en procesvorming. Uiteindelijk komt de commissie tot de conclusie dat verplaatsing van de PTA een eigen looplijn nodig heeft: De verplaatsing van de PTA (bij voorkeur naar de Coentunnel) wordt een eigen looplijn. De aanleg van de Westbrug moet wachten totdat deze verplaatsing is afgerond, en de maritieme toegangsweg is afgewaardeerd. Doorvertaling advies gebeurt op meerdere manieren Het advies van de commissie D’Hooghe is op 26 juni 2020 aangeboden aan de opdrachtgevers. Vervolgens hebben meerdere gesprekken plaatsgevonden tussen de gemeente en het Rijk over de vervolgstappen.

De gemeenteraad is op 18 februari 2021 geïnformeerd over de vervolgstap om het advies uit te werken naar een inrichtingsplan.20 Gelijktijdig heeft de minister van IenW de Tweede Kamer een brief gestuurd, waarin zij aangeeft dat het advies ‘voldoende aanknopingspunten biedt om de samenhang van zowel de publieke belangen op het land als op het water te borgen’.21 De gemeente Amsterdam heeft de afspraken uit het advies uiteindelijk vastgelegd in ‘Actualisatie Nota van Uitgangspunten Sprong over het IJ’, met instemming van de gemeenteraad op 17 februari 2022. In dit document wordt verwezen naar het besluit van het college op 16 februari 2021 om de Coenhaven als voorlopige voorkeurslocatie op te nemen. Intussen werken IenW, Rijkswaterstaat, gemeente Amsterdam en andere NZKG-partners aan een uitwerking van het inrichtingsplan.

College van BenW, gemeente Amsterdam (2021), Vervolg advies commissie D’Hooghe. Link. Ministerie van IenW (2021), Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2021. Link. 20 21

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

16/42

Figuur 4. Inrichtingsplan Rijkswateren Amsterdam (versie oktober 2023).

2018 – 2021 Zeecruise op Koers (NZKG) In 2018 heeft het Bestuursplatform NZKG opdracht gegeven om in een beleidsnota op te tekenen welke visie er is op de zeecruise in het NZKG. Het platform heeft op 29 september 2021 ingestemd met de beleidsnota, waarin de maximale capaciteit van 190 calls wordt aangehouden voor Amsterdam, en bij verplaatsing naar de Coenhaven vooralsnog sprake is van één ligplaats met een capaciteit van 100 calls.

De beleidsnota ‘Zeecruise op Koers’ hanteert de volgende conclusies en uitgangspunten: •

Toerisme: Het stuk stelt duidelijk dat de zeecruise een welkome activiteit blijft in de haven, maar dat een begrenzing van de hoeveelheid calls gewenst is. Met name de turnaround-cruise is het meest gewenst.

•

Duurzaamheid: In het stuk is uitgesproken dat Amsterdam ernaar streeft de duurzaamste terminal van Noordwest-Europa te worden. Dit betekent het terugdringen van emissies tot onder het wettelijk niveau.

•

Economie: De beleidsnota spreekt uit niet langer de autonome marktgroei te willen faciliteren maar het aantal calls in het NZKG te beperken en selectief beleid toe te passen.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

•

17/42

Ruimte: Er zijn drie beleidsdoelen afgesproken in het stuk: o

Ten eerste wordt de marktgroei niet gevolgd, maar maximaal de huidige capaciteit aangehouden in het NZKG (260 calls, waarvan 190 in Amsterdam).

o

Ten tweede wordt ingezet op vervanging van de PTA met vooralsnog één ligplaats in de Coenhaven met een capaciteit van 100 calls, vanaf het moment dat deze niet op de huidige locatie kan voortbestaan.

o

Ten derde wordt ingezet op uitbreiding van de capaciteit in de IJmondhaven als de calls vanuit de PTA niet volledig door de Coenhaven kunnen worden overgenomen.

Het college van Amsterdam heeft de beleidsnota op 14 december 2021 aangeboden aan de gemeenteraad, samen met de beantwoording van de motie over uitstootvrije zeecruises bij de toekomstige PTA. Motie 400 van het lid Boutkan e.a. over uitstootvrije zeecruise bij toekomstige PTA22 In deze aangenomen motie wordt het college verzocht om bij de ontwikkeling van de nieuwe PTA (in de Coenhaven) exclusief in te zetten op selectief toelatingsbeleid door de meest duurzame cruiseschepen ter wereld te ontvangen en hiertoe vroegtijdig convenant-afspraken te maken met andere Europese (cruise)steden en de branchevertegenwoordigers Cruise Lines International Association Europe (CLIA). Volgens de motie betekent dit concreet: 1. dat alle cruiseschepen op de nieuwe PTA-locatie gebruik maken van groene walstroom, waarmee Amsterdam zero-emissie bij de PTA realiseert 2. dat het traject tussen Zeesluis IJmuiden en de nieuwe PTA-locatie in principe volledig emissievrij dient te worden afgelegd, dat indien hier door rederijen van afgeweken wordt het principe ‘comply or explain’ geldt, en dat er een selectief ligplaatsbeleid is voor cruiseschepen die voldoen aan emissievrije entry vanaf Zeesluis IJmuiden 3. dat alle logistieke bewegingen voor het vervoer van passagiers en goederen van en naar de PTA-locatie waar PTA verantwoordelijk voor is of inkoopt via een tender, geheel emissievrij zijn.

2021 – 2023 Investering in walstroom In 2021 is de gemeenteraad geïnformeerd over de plannen van Port of Amsterdam om walstroom te realiseren. In 2023 heeft het college van BenW het investeringsbesluit genomen en is de subsidie toegekend. Momenteel vorderen de werkzaamheden voor de realisatie van walstroom aan de Veemkade. In Hoofdstuk 4 wordt nader ingegaan op financiële consequenties van en voorwaarden aan de toegekende subsidie voor walstroom.

Gemeente Amsterdam (27 mei 2021). Motie van de leden Boutkan, Groen en De Jager inzake uitstootvrije zeecruise bij toekomstige PTA. Link. 22

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

18/42

Foto: Frans Lemmens / ANP

HOOFDSTUK 2

Varianten: hulpmiddelen en knoppen om aan te draaien Voor het inzichtelijk maken van consequenties en publieke waarde voor de stad zijn drie varianten opgesteld. De varianten zijn gebaseerd op de uitgangspunten in bestaande onderzoeken en op gesprekken met de betrokken partijen, en onderscheiden locatie, het aantal calls en kades, de aanwezigheid van walstroom en de functie van de huidige terminal. Deze varianten hoeven elkaar niet uit te sluiten.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

19/42

Variant #1 - Vertrek uit Amsterdam, beperkte opvang door Rotterdam en geen opvang door IJmuiden In deze variant meren er geen cruiseschepen meer in Amsterdam af. Deloitte schatte in een rapport uit 2019 over de economische waarde en marktpotentie van de zeecruise in het NZKG dat er veertig calls overgenomen kunnen worden door de cruiseterminal in Rotterdam.23 De fysieke ruimte in de havens van Rotterdam en Velsen ontbreekt momenteel om meer schepen te kunnen laten aanmeren. Die veertig calls in Rotterdam komen overeen met het beeld uit de gesprekken met de gemeente Rotterdam en de rederijen. De gemeente Velsen, en ook andere NZKG-partners, hebben aangegeven de opgave van de energietransitie prioriteit te geven. De energietransitie strijdt om dezelfde fysieke ruimte als de zeecruise en vraagt ook om aanvullende financiering in het havengebied van IJmuiden. In de haven van IJmuiden kunnen nu en in de toekomst niet meer dan veertig schepen per jaar worden ontvangen. Het merendeel van de oorspronkelijke zeecruises naar Amsterdam zal Nederland dus niet meer aandoen bij een vertrek uit Amsterdam. Uitgelicht – situatie Rotterdam Ook Rotterdam heeft een cruiseterminal, gelegen naast de Erasmusbrug op de Kop van Zuid. Cruiseschepen komen daar ook tot in het centrum van de stad.

Bij de terminal zijn komend jaar zo’n negentig calls voorzien.24 Vanwege de schaarse ruimte op de kade, is er maximaal plaats voor zo’n 150 calls, wat overeenkomt met de marktpotentie in 2030 uit het onderzoek van Deloitte.25 De Cruise Port Rotterdam is, net als die in Amsterdam, een walstroominstallatie aan het aanleggen.26 Deze is naar alle verwachting in de tweede helft van 2024 beschikbaar. De gemeente houdt rekening met een looptijd van twintig jaar om de investering terug te verdienen, wat betekent dat de zeecruise in elk geval tot en met 2044 welkom is in Rotterdam.

Locatie Mogelijke calls Walstroom Kade PTA

n.v.t. Geen calls in Amsterdam, Rotterdam neemt 40 calls over Ombouw huidige installatie Veemkade n.v.t. Herbestemming van huidige terminal

Variant #2 - Verhuizing naar de Coenhaven In deze variant verhuist de PTA naar de Coenhaven, ongeacht de komst van de Westbrug. De variant gaat niet uit van een specifiek jaartal, maar een verhuizing zal vanuit de benodigde ruimtelijke procedures niet eerder dan 2030 plaatsvinden. De huidige locatie van de PTA krijgt een herbestemming. De precieze invulling van deze herbestemming vormt geen onderdeel van dit onderzoek. Deze variant gaat uit van één ligplek in de Coenhaven, in lijn met de beleidsrichting uit de nota ‘Zeecruise op Koers’ van het Bestuursplatform NZKG. In een eerdere verkenning naar een alternatief voor de huidige PTA is ook onderzoek gedaan naar twee ligplaatsen in de Coenhaven. De kosten voor twee ligplaatsen ligt echter fors hoger dan voor één ligplaats. Voor de vergelijking

Deloitte (2019). Economische waarde en marktpotentie zeecruise NZKG. Cruise Port Rotterdam (2024). Cruise calls. Link. 25 Deloitte (2019). Economische waarde en marktpotentie zeecruise NZKG. 26 Cruise Port Rotterdam (9 maart 2022). In 2024 zullen cruiseschepen aan de walstroom kunnen in Rotterdam!. Link. 23 24

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

20/42

met de volgende variant (huidige locatie PTA), waarin één ligplek ook het uitgangspunt is door de beschikbaarheid van één walstroominstallatie, is gekozen om dit uitgangspunt ook voor de Coenhaven te hanteren. Zoals ingestemd door de Raad in bovenstaande motie 400 van het lid Boutkan e.a. en voorgenomen door Port of Amsterdam, is hier vanaf het begin af aan walstroom beschikbaar. Verhuizing naar Coenhaven Locatie Coenhaven Mogelijke calls 100 calls in Amsterdam, Rotterdam neemt 20 calls over Walstroom Beschikbaar vanaf verplaatsing, ombouw huidige installatie aan Veemkade Kade 1 kade PTA Herbestemming van huidige terminal

Variant #3 - Behoud zeecruise op huidige locatie Veemkade In deze variant blijft de PTA zijn functie behouden voor de zeecruise. Verhuizing naar de Coenhaven is pas aan de orde als er duidelijkheid bestaat over de komst van de Westbrug. Uiteindelijk is er in deze variant dus ook sprake van een overgang naar variant #2. Deze variant is met name bedoeld om de effecten en consequenties van het doorzetten van de toekomstige situatie inzichtelijk te maken. Port of Amsterdam heeft recent in haar jaarverslag27 aangekondigd dat vanaf 2026 alle cruiseschepen aan de walstroom liggen. In deze variant gaan we daarom uit van één ligplek aan de Veemkade. Dit uitgangspunt vertaalt zich naar ongeveer 100 calls per jaar.

Behoud zeecruise op huidige locatie Locatie Veemkade, tot verplaatsing naar Coenhaven (zie variant #2) Mogelijke calls 100 calls in Amsterdam (vanaf 2026) Walstroom Vanaf 2027 Kade 1 kade PTA Functie blijft gehandhaafd, herbestemming bij verplaatsing

27

Port of Amsterdam (2024), Volop in transitie, Port of Amsterdam Jaarverslag 2023. Link.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

21/42

Foto: Unsplash, Sebastian Enrique

HOOFDSTUK 3

Publieke waarden: verschillende perspectieven, verschillende waarden

In het maatschappelijk debat over de zeecruise spelen de emotie, de kennispositie en belangen van de inwoners, bedrijven, overheden en andere partijen een essentiële rol. Het is aan elke persoon en organisatie om de kosten en baten van de verschillende publieke waarden tegen elkaar af te wegen. In dit debat zijn grofweg een viertal publieke waarden te onderscheiden: stad & toerisme, gezondheid & duurzaamheid, stedelijke economie, en ruimte & bereikbaarheid.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

Stad & toerisme • Druk op de binnenstad • Type toerist

Stedelijke economie • Toegevoegde waarde • Werkgelegenheid

Gezondheid en duurzaamheid • Verduurzaming (zeecruisevaart) • Luchtkwaliteit

Ruimte & bereikbaarheid • Netwerk • Beslag op de schaarse ruimte

22/42

Stad en toerisme Druk op de binnenstad Toerisme ligt als onderwerp de laatste jaren onder een vergrootglas in de gemeente Amsterdam. Dit straalt ook af op het zeecruisetoerisme. In de Strategie Bezoekerseconomie 2035 schrijft de gemeente: “Met ruim 21 miljoen toeristische overnachtingen in 2019 is Amsterdam populairder dan ooit. Deze populariteit heeft haar weerslag op de stad, en daarmee ook op hoe we in Amsterdam wonen, leven en werken. De verordening ‘Toerisme in balans’ signaleert wat al veel langer voelbaar en merkbaar is, met name in de binnenstad: het is te druk. Te veel bezoekers op een te klein oppervlak leidt op zichzelf al tot onwenselijke situaties, en tot een te grote druk op de leefbaarheid en het karakter van de stad.28” Uitgelicht - Bezoekers gemaximaliseerd op 20 miljoen bezoekers per jaar In 2021 heeft de gemeenteraad een verordening ‘Toerisme in balans’ vastgesteld, naar aanleiding van het volksinitiatief ‘Amsterdam heeft een keuze’. Met deze verordening stelt de gemeenteraad het maximumaantal toeristenovernachtingen en dagbezoeken op twintig miljoen per jaar. Wanneer er meer dan achttien miljoen toeristen naar Amsterdam komen, dient het college in te grijpen. Van de twintig miljoen toeristen overnacht momenteel veertig procent in Amsterdam, terwijl zestig procent de stad als dagtoerist aandoet.

Wanneer een cruiseschip aanmeert in Amsterdam, betekent dat een aankomst van gemiddeld 2.000 tot 3.000 passagiers. In totaal dragen zeecruises de afgelopen jaren tussen 1 en 2 % bij aan het totaal aantal toeristen in Amsterdam (figuur 5). Het totaal aantal passagiers vertelt niet het complete verhaal. De druk op de stad kan bijvoorbeeld verschillen tussen de twee typen cruises: transit en turnaround.

28

Gemeente Amsterdam (2023), Visie bezoekerseconomie in Amsterdam 2035. Link.

in miljoenen

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

23/42

25

20

1,9%

2,0%

1,4%

1,0%

1,9%

15

10

0,0%

0,1%

17,7

19,8

20,9

21,5

8,3

8,7

20,3

5

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Toeristen

Waarvan zeecruisepassagiers

Figuur 5. Cruisetoeristen ten opzichte van het totaal.

Druk op de binnenstad verschilt per type cruise Een transit-cruise heeft Amsterdam als tussenstop en komt daarbij meestal vroeg in de ochtend aan om ’s avonds weer te vertrekken. Tijdens een dergelijk bezoek blijft gemiddeld 20% van de passagiers aan boord, terwijl 80% van boord gaat. Ongeveer een derde van de passagiers bezoekt met (vooraf geboekte) (dag)trips de regio, bijvoorbeeld de Zaanse Schans en de Keukenhof. Tijdens de aankomst van een cruiseschip ontstaat hierdoor een concentratie van touringcars bij de PTA. Een groot deel van de overige passagiers bezoekt de binnenstad van Amsterdam, veelal lopend vanaf de PTA.29 Voor de turnaround-cruise is Amsterdam het vertrek- en eindpunt. Dit betekent dat een groot deel van de passagiers – gemiddeld 60% – voorafgaand of na afloop van de cruise zelfstandig in de stad verblijft. Deze toerist blijft daardoor vaak langer in de stad, gemiddeld ruim twee dagen. In die tijd bezoekt de turnaround-passagier zelfstandig de stad en/of regio. Dit zorgt voor spreiding van de toeristische drukte en een hoger uitgavepatroon, ten opzichte van de transit-passagier. Het vervoer van en naar de terminal wordt veelal met taxi’s geregeld, in plaats van met touringcars.30 Ook uit onderzoek naar de riviercruise komen de verschillen tussen deze type passagiers naar voren.

Turnaround-passagiers zijn over het algemeen langer in Amsterdam, besteden meer en ondernemen meer activiteiten binnen Amsterdam, ook op eigen gelegenheid.31 Cruise kent piekmomenten en dagen Zowel over het jaar als gedurende de week zijn er duidelijke piekmomenten te zien. Kijkend naar de prognose voor 2024 arriveren de meeste zeecruiseschepen pas vanaf de maand mei. De piekmaanden zijn mei en augustus, met respectievelijk 22 en 24 schepen.32

Zeecruise op koers Zeecruise op koers 31 Impactanalyse scenario’s riviercruisevaart Amsterdam, Decisio, 20 juli 2023 32 Stand van zaken op 21 maart 2024 via: https://zee.cruiseportamsterdam.nl/cruise-kalender/ 29 30

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

24/42

De cruiseschepen arriveren redelijk verspreid over de dagen. Op donderdagen en vrijdagen komen er duidelijk meer schepen aan dan gemiddeld. Op zondagen komen minder schepen dan gemiddeld aan. 30 30

25

25

20

20

15

15

10

10

5

5

0

0

Figuur 6. Hoeveelheid schepen per maand, prognose 2024.

Figuur 7. Hoeveelheid schepen per dag van de week, prognose 2024.

Bekeken vanuit de varianten

Vertrek uit Amsterdam

Aantal toeristen door zeecruise daalt niet naar nul, omdat Rotterdam en IJmuiden een deel opvangt. Circa 40% van de Rotterdamse passagiers maakt een georganiseerde reis buiten Rotterdam en 50% gaat zelf op pad, blijkt uit onderzoek. In totaal blijft 54% van de Rotterdamse passagiers in Rotterdam, gaat 23% naar Amsterdam en 23% naar andere bestemmingen in Nederland (Kinderdijk, Gouda, Delft, etc.).33

Verhuizing naar Coenhaven

Aantal toeristen daalt naar maximaal 200.000 tot 300.000 toeristen, door beschikking van één kade met een maximum van 100 calls jaarlijks. Percentage dat aan boord blijft zal waarschijnlijk gelijk blijven.

Behoud zeecruise op huidige locatie

Aantal toeristen daalt naar maximaal 200.000 tot 300.000 toeristen, door beschikking van één kade met een maximum van 100 calls jaarlijks. Percentage dat aan boord blijft zal waarschijnlijk gelijk blijven.

Type toerist De zeecruisetoerist is gemiddeld 53 jaar. Door veel van de gesproken partijen wordt deze toerist niet gezien als ‘overlastgever’, maar vaak aangeduid als ‘kwaliteitstoerist’. De groep heeft dan ook een relatief hoog inkomen en budget, ten opzichte van toeristen die met een ander vervoermiddel naar Amsterdam komen. De nationaliteit van de toerist verschilt per rederij; Duitse rederijen hebben over het algemeen Duitse toeristen, Italiaanse rederijen Italiaanse toeristen enzovoort.

33

Port of Rotterdam en Gemeente Rotterdam (2018). Rotterdam Cruiseport. Make it happen. Bijlage II. Link.

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

25/42

Tabel 1. Top drie herkomstlanden PTA, cijfers over 2023.

Herkomstland

Percentage Aantal passagiers

Verenigde Staten

32%

56.921

Verenigd Koninkrijk

31%

55.640

Nederland

11%

20.257

Daarnaast is er ook een verschil tussen transit- en turnaround-toeristen als het gaat om hun bestedingen. Dit is met name vanwege het feit dat turnaround-toeristen voorafgaand of na afloop van hun cruise in de stad verblijven, en naar de stad toe moeten komen (veelal per vliegtuig). In de paragraaf over stedelijke economie staat deze verdeling verder uitgelicht. Volgens een rapport uit 2019 besteden transit-toeristen gemiddeld € 76,- en turnaround-toeristen € 375,-.34 Bekeken vanuit de varianten

Vertrek uit Amsterdam

Onduidelijk of het type toerist (‘kwaliteitstoerist’) verandert. Verwachting is dat de hotelkamers, waar eerst turnaround-passagiers verbleven, gevuld blijven.

Verhuizing naar Coenhaven

=

Geen verandering verwacht in type toerist.

Behoud zeecruise op huidige locatie

=

Geen verandering verwacht in type toerist.

Gezondheid en duurzaamheid Verduurzaming van de cruisevaart, onder meer via walstroom De zeecruise is een relatief vervuilende manier van vervoer, ten opzichte van andere vervoersmogelijkheden.35 De noodzaak tot verduurzaming van de cruisevaart komt deels door strengere verplichtingen vanuit de Europese Unie, als uitvoering van de Green Deal.36,37 De nieuwe Alternative Fuels Infrastructures Regulation stelt bijvoorbeeld het gebruik van walstroom vanaf 1 januari 2030 verplicht voor havens die meer dan 40 grote passagiersschepen per jaar

Deloitte (2019). Hoofdrapport: Economische waarde en marktpotentie zeecruise NZKG. De bedragen zijn niet geïndexeerd naar het huidige prijspeil. 35 Buzova, D. (2023). Cruise Ships and Sustainability. Link; Kennedy, R.D. (2019). An investigation of air pollution on the decks of 4 cruise ships. A report for Stand.earth. Link 36 De Green Deal gaat om het terugbrengen van uitstoot in de EU naar netto nul in 2050. 37 Europese Commissie (2022). Good Practices for Sustainable Cruise Tourism. Link 34

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

26/42

ontvangen.38,39 Deze verplichting geldt dus ook voor zeecruises. Vanaf 2025 is er in Amsterdam een installatie voor walstroom, waar schepen gebruik van kunnen maken. Daarnaast vraagt de EU via de Transition Pathway to Sustainable Tourism aan rederijen om te investeren in circulariteit, door energie, afval, water en vervuiling te verminderen.40 Momenteel is 52% van alle zeecruiseschepen uitgerust om op walstroom aangesloten te worden.41 CLIA (Cruise Lines International Association) verwacht dat 70% van zijn leden in 2028 op walstroom kan aansluiten. De Amsterdamse haven kan echter al via de havenverordening gebieden aanwijzen waar een generatorverbod geldt. Op die manier kan de haven schepen weren, die niet aan de walstroom kunnen aansluiten.42 Belasten van vervuilende motoren via havengelden De haven van Amsterdam hanteert een prijsdifferentiatie op de zeehavengelden voor verschillende typen motoren. De oudere en meest vervuilende motoren stoten meer stikstof uit dan de nieuwere, schonere motoren. De oudste en meest vervuilende typen motoren (Tier 0) zijn niet toegelaten. Schepen met Tier 1-motoren moeten 10% extra betalen op hun zeehavengelden, schepen met Tier 2-motoren hoeven niets extra’s te betalen.43 De schoonste schepen – schepen met Tier 3-motoren – krijgen 30% korting op hun zeehavengelden.

Vanaf 2026 verandert deze differentiatie nogmaals, om schonere schepen meer te bevoordelen.

Het gaat hierbij om ‘de zeehavens van het TEN-T-kernnetwerk en de zeehavens van het uitgebreide TEN-Tnetwerk, die de jongste drie jaar jaarlijks gemiddeld meer dan 40 havenaanlopen ontvingen van aan de kade aangemeerde zeegaande roropassagiersschepen [roll-on, roll-off; schepen bedoeld voor voertuigen] van meer dan 5 000 brutoton en zeegaande hogesnelheidspassagiersvaartuigen van meer dan 5 000 brutoton, jaarlijks voldoende walstroom kunnen voorzien voor ten minste 90 % van het totale aantal havenaanlopen van aan de kade aangemeerde zeegaande roropassagiersschepen van meer dan 5 000 brutoton en zeegaande hogesnelheidspassagiersvaartuigen van meer dan 5 000 brutoton in die zeehaven’. (Art. 9, lid 1, a. Verordening 2023/1804. Link) 39 Verordening 2023/1804. 40 Europese Commissie (2022). Good Practices for Sustainable Cruise Tourism. Link 41 CLIA (2024). Environmental Sustainability. Link 42 Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2023. Link 43 Port of Amsterdam (2022). On course for an emission-free docking of sea cruise vessels. Link 38

Verdiepende analyse zeecruise Amsterdam - Uitgaand getijde

27/42

Walstroom alleen oplossing aan de kade, niet voor de reis Het gebruik van walstroom vermindert de CO2- en fijnstofuitstoot van aangemeerde schepen. Schepen varen echter ook nog door het Noordzeekanaal en over het IJ om bij de PTA te komen. Voordat zij kunnen aanmeren, moeten de schepen ook ‘zwaaien’ – hierbij draaien zij om hun as om met de boeg naar de uitgang van de haven te liggen. Al deze manoeuvres doen de schepen over het algemeen met diesel, met recent een groei in schepen dat op LNG kan varen. LNG stoot minder CO2 uit, maar er komt nog steeds veel onverbrande methaan vrij, wat een sterk broeikasgas is.44 Rederijen testen momenteel ook andere hernieuwbare brandstoffen en alternatieve energiedragers, zoals biobrandstoffen en synthetische koolstofbrandstoffen.45 Ook is vijftien procent van de nieuwe schepen die in de komende vijf jaar worden gelanceerd, uitgerust met brandstofcellen of batterijen, om hybride te kunnen varen.46 Bekeken vanuit de varianten

Vertrek uit Amsterdam

Geen uitstoot binnen de gemeentegrenzen. Wanneer een andere haven niet kan voldoen aan de eis van walstroom in 2030, zal die maximaal 25 schepen per jaar mogen toelaten. Dit is mogelijk in IJmuiden het geval.

Verhuizing naar Coenhaven

Alleen beschikbaar voor schepen met walstroom. Realisatie walstroom mede afhankelijk van ruimte op het elektriciteitsnet.

Behoud zeecruise op huidige locatie

Vanaf 2030 moeten alle schepen verplicht op walstroom vanuit de EU. Op de PTA is walstroom vanaf 2025 beschikbaar en vanaf 2027 verplicht.

Luchtkwaliteit Volgens een onderzoek uitgevoerd door TNO voor het projectbureau NZKG in 2018, zorgt de zeecruise voor de uitstoot van stikstofoxiden (1,7%), zwaveloxiden (0,3%) en fijnstof (0,30,4%).47 Deze cijfers hebben betrekking op het totale grondgebied van de NZKG-gemeenten (inclusief Amsterdam en Haarlemmermeer) en zijn niet te verfijnen naar Amsterdam of naar het NZKG-gebied. De eerdergenoemde walstroom zorgt naast minder CO2-uitstoot terwijl het schip afgemeerd is, ook voor minder fijnstof, stikstof- en zwaveloxiden en voor minder geluidsoverlast. De hiervoor genoemde getallen nemen ook met walstroom niet af naar nul, omdat de zeecruise gebruik blijft maken van diesel en LNG om de reis naar de kade te maken. Touringcarbussen rijden veelal op Euro5 of Euro6 diesel Een andere bron van uitstoot die de luchtkwaliteit beïnvloedt, is het gebruik van touringcars. Passagiers maken daar voor reizen binnen en buiten de stad geregeld gebruik van. Die touringcars rijden nu veelal op Euro5 of Euro6 diesel. Vanwege de invloed van touringcars op zowel de drukte als de uitstoot in de stad, heeft de gemeente Amsterdam in 2020 een ‘Agenda Touringcar 2020 – 2025’ opgesteld.48 De voortgang hiervan is in 2023 bezien, waardoor per 1 januari 2024 een

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14462425/1