CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bestedingsvoorstel Klimaatfonds Collectieve warmte

RAAD 10 december 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Beschikbaar stellen van gelden uit het Klimaatfonds ten behoeve van de subsidieregeling Duurzame Amsterdamse Gebouwen (VN2025-013934)2.221 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestedingsvoorstel Klimaatfonds: Collectieve warmte Samenvatting van het voorstel Met dit voorstel wordt verzocht om een bijdrage van €12.000.000,- uit het Amsterdamse Klimaatfonds voor collectieve warmte oplossingen voor corporatiewoningen en verenigingen van eigenaren zoals aangekondigd in de raadsinformatiebrief d.d. 3 juli 2025. In de raadsinformatiebrief is de €12.000.000 als volgt opgedeeld: Subsidieregeling •

Kansen voor corporatiewoningen

Totaal

Looptijd

subsidiebedrag

subsidieregeling

€7.000.000

1 januari 2026 t/m

warmtenetten •

Kansen voor collectieve

31 december 2027 €5.000.000

warmteoplossingen vve’s

1 januari 2026 t/m 31 december 2027

De reservering in het klimaatfonds van ruim € 7 mln euro is hiervan onderdeel. Dat betekent dat de oude subsidieregeling voor Warm Amsterdam (hoofdstuk 3) wordt afgesloten vervangen door deze nieuwe regeling. Deze bijdrage maakt de realisatie mogelijk van lopende trajecten van diverse VvE’s en corporaties. Op deze trajecten is in de afgelopen jaren positieve besluitvorming bereikt met alle betrokkenen. Dat betekent dat alle stappen zijn doorlopen en dat technisch, juridisch en financieel uitzoekwerk is verricht met kansrijke uitkomsten en dat communicatie en participatie dusdanig hebben plaatsgevonden dat eigenaren en bewoners gezamenlijk de benodigde meerderheden hebben bereikt bij hun besluitvorming. De uitvoering is wel afhankelijk van het tijdig zekerstellen van de benodigde financiering. Deze regelingen ondersteunen de in de raadsinformatiebrief van 3 juli 2025 vermelde kansen voor de kleinschalige uitbreiding van warmtenetten in de bestaande stad en collectieve duurzame warmtevoorzieningen op aquathermie, collectieve warmtepompen en dergelijke. Deze kansen zijn zowel bij corporatiewoningen als bij VVE's aanwezig. Vaak zijn de natuurlijke momenten de aanleiding: renovatie, vervanging van CV-ketels en rookgasafvoeren.

De werkwijze bij het verzilveren van kansen is ontwikkeld in de samenwerking Warm Amsterdam, waarin de gemeente samen met corporaties en warmtebedrijven voor specifieke buurten het voortouw nam voor het ontwikkelen van warmtenetten. VVE's en particulieren konden daarop aanhaken. De volgende aanpassingen zijn doorgevoerd in de werkwijze: -

1/7

Kleinschaliger aanpak, gericht op alleen de rendabele projecten en concrete kansen

-

Verbreding van warmtenetten naar alle vormen van collectieve duurzame warmtevoorzieningen

-

Verbreding van specifieke buurten naar de hele stad.

Er is een aantal projecten in beeld die met deze subsidie in uitvoering gebracht zullen worden. De gemeentelijke subsidie blijft een aanvulling op bestaande landelijke subsidies. Voor de subsidieregeling die wij hiervoor willen gebruiken is duurzame Amsterdamse gebouwen is het hoofdstuk 3 Warm Amsterdam het uitgangspunt. We nemen het hoofdstuk 3 gaat het over het over gebouwen aansluiten op collectieve warmtesystemen. De benodigde aanpassingen in de regeling ten opzichte van de Warm Amsterdam subsidieregeling zijn zeer beperkt. Het betreft met name de verbreding naar de hele stad in plaats van enkele specifieke buurten. Dat geeft alle kansrijke projecten de gelegenheid om aanspraak te doen op deze regeling. Verder zijn het vooral administratieve zaken zoals aanpassing van de data en de hoogte van het plafondbedrag. In de verbreding naar andere systemen dan warmtenetten was in de oorspronkelijke regeling al tijdelijk voorzien; die wordt structureel gemaakt. We zoeken daarbij wel enige schaalgrootte, dus de projecten moeten bestaan uit minimaal 2 woningen. Deze ondergrens sluit aan de bij ondergrens van de WCW. Hiermee stimuleren we collectieve oplossingen. Voor individuele woningen is de subsidieregeling voor hybride warmtepompen in voorbereiding.

En om te voorkomen dat het beschikbare geld slechts bij één of enkele projecten terechtkomt, stellen we een bovengrens van € 4 miljoen euro voor een subsidieaanvraag. Deze bovenstaande subsidieregeling heeft als doel om het aardgasvrij worden van de gebouwen door het aansluiten op de collectieve warmtevoorzieningen , in lijn met de raadsbrief van 3 juli 2025. De regeling wordt ontwikkeld en voorbereid door het programma Energie voor de Stad/directie Ruimte & Duurzaamheid en uitgevoerd door het subsidiebureau van de gemeente Amsterdam. Deze maatregel is expliciet opgenomen in het door de raad vastgestelde bestedingsperspectief 2025 van het Klimaatfonds, en past binnen de gemeentelijke inzet op kosteneffectieve, schaalbare maatregelen voor CO₂-reductie. Er zijn intussen door het rijk wijzigingen doorgevoerd in de landelijke subsidieregelingen. De Warmtenetten en Investeringssubsidie (WIS) en Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH) zijn aanvankelijk opgehoogd. Inmiddels is de SAH-subsidie op en is nog niet duidelijk of er een vervolg op komt en in welke vorm. De gemeente gaat ervan uit dat het rijk hierin zijn verantwoordelijkheid blijft nemen.

2/7

Beschrijving van de beoogde besteding Het totale bedrag van €12.000.000 wordt onderverdeeld in twee onderwerpen voor een periode van twee jaar. Subsidieregeling •

Kansen voor corporatiewoningen

Totaal

Looptijd

subsidiebedrag

subsidieregeling

€7.000.000

1 januari 2026 t/m 31

warmtenetten •

Kansen voor collectieve

december 2027 €5.000.000

warmteoplossingen vve’s Totaal

1 januari 2026 t/m 31 december 2027

€12.000.000

Kwaliteitscriteria Hieronder wordt de aanvraag getoetst aan de zeven kwaliteitscriteria uit het kader van het Klimaatfonds. i.

Past binnen het doel van het fonds De voorgestelde besteding draagt direct bij aan het doel van het Klimaatfonds: het ondersteunen van investeringen in de stad die bijdragen aan een rechtvaardige transitie naar een klimaatneutraal en aardgasvrij Amsterdam.

ii.

Binnen de gemeentegrenzen De regeling is van toepassing op alle kansrijke projecten in de hele gemeente. Er zijn meerdere van de projecten waar we subsidie voor beschikbaar willen maken, liggen nabij de bestaande stadsverwarming. Aansluiting erop is nu goed mogelijk en zal dat straks ook zijn. Altijd gaat het om complexen van tientallen tot honderden appartementen. Individuele warmtepompen voor ieder appartement zijn voor betrokken eigenaren en gebruikers niet de beoogde oplossing, vanwege ruimtegebrek, esthetiek, praktische en financiële zaken. De beoogde collectieve warmteoplossingen zijn niet zomaar uit hun trajecten naar voren gekomen als beste optie, het draagvlak onder de besluiten ervoor stoelt op gedegen afwegingen en onderzoek.

iii.

Past binnen het bestedingsperspectief Deze regeling is staat genoemd in de raadsbrief van 3 juli 2025.

iv.

Cijfermatige bijdrage aan de doelen van het fonds De gemeentelijke financiële bijdrage stelt woningcorporaties en VVE's in staat om hun woningen aardgasvrij te verwarmen. Als het aardgasverbruik voor ruimteverwarming en warm tapwater wordt vervangen door een duurzame collectieve warmtevoorziening (zoals

3/7

stadsverwarming of een lokaal duurzaam collectief warmtesysteem) levert dit een substantiële CO2-reductie op waarvan de hoogte afhangt van de bron(nen) van de warmte. Bij stadsverwarming vanuit de Diemencentrale is de CO2reductie 59% ten opzichte van gasketels (Vattenfall Stadswarmte-etiket 2023 na TNO), bij stadsverwarming vanuit WPW is de reductie hoger, bij de meeste lokale systemen, met een collectieve warmtepomp als hoofdbron, ook. Bij verdere verduurzaming van de warmtebronnen, wat in gang is en wat via de Wet collectieve warmte ook bij wet wordt geregeld, gaat de CO2-emissie van de collectieve warmtesystemen naar nul. Met deze regeling kunnen we ongeveer 2500 woningen van een duurzame warmteoplossing voorzien. Een gemiddeld Amsterdams appartement verbruikte in 2023 570 kuub gas. Met een minimale CO2-reductie van 59% voor een collectief warmtesysteem komt de totale CO2-reductie bij benutting van deze regeling en het huidige budget van 12 miljoen euro, op 1.900 ton per jaar. 2500

Appartementen

800

m3 aardgas per appartement (gemiddeld Amsterdam 2024)

2.000.000

m3 aardgas voor 2.500 appartementen

1,78

Kilogram CO2 per m3 aardgas

3.560

Ton CO2-emissie voor die 2.500 appartementen Minimale CO2-reductie collectieve warmtesysteem (warmte-etiket Diemenwarmte

53,6%

2024) Minimale jaarlijkse CO2-reductie in ton voor collectieve warmte 2.500

1.908 v.

appartementen

Dekking uit reguliere planning of bijdragen derden De subsidie is aanvullend op investeringen van de eigenaren en rijkssubsidies. De gemeentelijke bijdrage is nooit hoger dan het tekort in de begroting van het betreffende project. Met een maximum van 5.300 euro per woning. Dit sluit aan bij de maximale bijdrage voor verwarming van 4.300 en 1.000 euro voor tapwater waarvan sprake was bij Warm Amsterdam. Dit bedrag is niet geïndexeerd. De bijdrage van 500 euro kookvoorzieningen uit Warm Amsterdam wordt niet opgenomen. De continuïteit van de rijkssubsidies is een belangrijk aandachtspunt. Op dit moment is één van deze subsidies, namelijk de SAH subsidie, uitgeput. Nog niet zeker is of deze subsidie wordt gecontinueerd. De rijkssubsidies zijn cruciaal voor de meeste projecten; deze gemeentelijke subsidie kan het wegvallen daarvan niet compenseren en is daar ook niet voor bedoeld.

vi.

4/7

Financieel instrumentarium en beleidskaders

De besteding van de aangevraagde middelen uit het Klimaatfonds gaat volgens een gemeentelijke subsidieregeling. Deze subsidieregeling zal een onderdeel worden van de bestaande subsidieregeling Duurzame Amsterdamse Gebouwen. Deze regeling is gebaseerd op de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2023. De voorgenomen subsidieregeling voldoet aan het reguliere subsidie- en financieel beleid van de gemeente. vii.

Risico’s en beheersmaatregelen Risico 1:

Beheersmaatregel:

Klimaatfondsbijdrage te laat in relatie tot

Steeds toelichten waar we staan en hoe onze

besluitvormingsmomenten van VVE's en

besluitvorming eruitziet, in relatie tot

corporaties.

zekerheden VVE-besluitvorming en andere onzekerheden. Escaleren als besluitvorming te lang duurt.

Risico 2

Beheersmaatregelen:

Dat er te weinig gebruik wordt gemaakt van

Lobby bij de rijksoverheid op de rijks

de subsidie

financiering die rand voorwaardelijk is voor realisatie van warmtetransitie, helpen met het optimaliseren van projecten, promotie van de regeling bij relevante doelgroepen. Looptijd is 2 jaar.

Risico 3:

Beheersmaatregel:

Er worden meer en/of grotere aanvragen

Afstemming houden met initiatiefnemers

gedaan dan waar budget voor is. Er zijn nu

waar we mee in contact zijn en die hebben

diverse concrete en kansrijke trajecten in

aangegeven de hier beoogde subsidie te

beeld en als die zoals beoogd tot een

willen aanvragen.

aanvraag komen, is het huidige budget uitgeput. Het risico is dat er ook aanvragen komen die nu niet in beeld zijn. Risico 4:

De inschatting is dat de

De subsidieregeling voor collectieve

subsidieregeling door vve’s

warmteoplossingen bij vve’s kan voor alle

voornamelijk gebruikt gaat worden

vormen van collectieve duurzame

voor warmtenetoplossingen. Het

warmtevoorzieningen gebruikt worden, in

aantal woningen waarbij sprake zal

potentie ook voor volledig elektrische

zijn van volledig elektrische

collectieve lucht-water warmtepompen. Op

collectieve lucht-water

het elektriciteitsnetwerk van Amsterdam is

warmtepompen zal naar verwachting

momenteel sprake van netcongestie. Het

heel beperkt zijn, waardoor de impact

plaatsen van extra volledige elektrische

5/7

•

warmtepompen zou extra uitdagingen op dit

op het elektriciteitsnetwerk

gebied tot gevolg kunnen hebben.

vermoedelijk nihil is. •

We monitoren de aanvragen van vve’s en indien nodig zullen we hierover het gesprek met de netbeheerder aangaan.

Uitgangspunten Klimaatfonds 1. Bereik maximaal resultaat voor de ingezette euro (kostenefficiëntie) De vve’s en woningbouwcorporaties die voor een vervangingsopgaven staan worden met deze subsidie gestimuleerd om aardgasvrij te worden. Deze werkzaamheden gelijktijdig uitvoeren zorgt ervoor dat de eigenaren hun reguliere investering voor vervanging CV-ketel en rookgasafvoer (vermeden CV-kosten) kunnen investeren in een aardgasvrije oplossing. Ook kunnen werkzaamheden vaak worden gecombineerd. De gemeentelijke subsidie is aanvullend op investeringen van de eigenaren en rijkssubsidies. Zonder gemeentelijke subsidie komt er voorlopig geen duurzame warmteoplossing. Als het pas weer lukt om over ongeveer 15 jaar een poging te doen, betekent dat tenminste monitoring van de buurt, contacten blijven onderhouden met de buurt alsmede een onbekende hoeveelheid te maken kosten in de toekomst (door veranderde techniek meer aanpassingen nodig, gestegen prijzen etc). Wat betreft deze subsidieregeling valt de regeling binnen de CO2-prijs uit de toepassingsregel van de Nota beoordeling investeringsvraagstukken (€448,-). Ook levert het uitvoeren van deze subsidieregeling waardevolle informatie op voor de verdere warmtetransitie in Amsterdam. 2.

Kies voor een lerende, adaptieve strategie We sluiten aan bij de werkwijze van Warm Amsterdam die we samen met de betrokken partijen hebben geëvalueerd en ontwikkeld. Verder benutten we projecten die nu lopen om ervaring op te doen voor de noodzakelijke opschaling in de toekomst naar meer buurten. We doen nu nieuwe ervaringen op met grote VVE's en met andere warmtesystemen. 3. Maak onderscheid tussen financiering en bekostiging Alleen de kosten die daadwerkelijk worden gemaakt en niet door andere subsidies worden vergoed, komen in aanmerking voor deze subsidie. Dat is geregeld in het algemene hoofdstuk 1 van de subsidieregeling.

6/7

Verder dienen eigenaren de kosten die ze toch zouden moeten maken voor een fossiele oplossing (vervanging van hun bestaande CV-ketel) zelf te dragen. Deze komen niet in aanmerking voor subsidie.

4.

Zorg voor een vliegwiel met gemeentelijke investeringen Door de kosten voor duurzame warmtevoorziening door middel van een subsidieregeling te verlagen, worden woningeigenaren gestimuleerd om te investeren in duurzame warmteoplossingen. Daarmee fungeert de subsidie als hefboom: een publieke bijdrage stimuleert meer activiteit op de warmtemarkt. Bovendien versterkt dit het vertrouwen in de technologie en versnelt het de marktontwikkeling, wat ook andere partijen zoals installateurs en leveranciers mogelijk aanzet tot aanvullende investeringen en het uitwerken van nieuwe constructies. Zo draagt de regeling bij aan het versnellen van de warmtetransitie zonder dat het Klimaatfonds alle kosten hoeft te dragen. Kansen worden regelmatig gecombineerd met werkzaamheden in de openbare ruimte, zeker als het een warmtenet betreft die over grote afstanden moet worden aangelegd. Dat lukt echter niet altijd omdat het incidentele kansen betreft. In de toekomst wordt een grootschalige aanpak nadrukkelijk afgestemd met de programmering van grootschalige werkzaamheden aan riolering en openbare ruimte.

5. De transitie moet financieel rechtvaardig zijn Alle kansrijke projecten in de hele stad komen ervoor in aanmerking. De regeling richt zich op VVE's, particuliere woningeigenaren of corporaties. Aanvragen kunnen pas gedaan worden nadat op gebouwniveau positieve besluitvorming heeft plaatsgevonden. Onderdeel daarvan is altijd de betaalbaarheid voor huurders, eigenaren en eigenaar-bewoners. Alleen financieel rechtvaardige voorstellen worden gefinancierd, omdat dit de enige voorstellen zijn die voldoende draagvlak hebben voor positieve besluitvorming. Daar worden de ervaringen en lessen uit de afgelopen jaren in meegenomen.

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16313341/2