CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Atelier Haven-Stad Schetsboek Integraal Raamwerk web.pdf

RAAD 14 mei 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief opbrengst van het Samen Stadmaken proces Haven- Stad (VN2025-004839)34.589 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Wat maakt een stad aantrekkelijk voor jongeren om er fijn te kunnen leven, wonen en naar school te gaan? Waar moeten we nu al rekening mee houden bij het ontwikkelen van een aantrekkelijke leefomgeving voor de jongeren van de toekomst? 32

Via de eigen netwerken van de Kerngroep werden jongeren tussen de 15 en 25 jaar persoonlijk benaderd en uitgenodigd.

Programma Het programma van het derde Atelier bestond uit:

3. Het verslag van de gesprekken heeft elke groep zelf ter plekke gemaakt door middel van een digitaal whiteboard. De foto’s die de deelnemers voor de bijeenkomst hadden ingestuurd, zijn hierin meegenomen. Tijdens het gesprek konden zij met de eigen telefoon notities en foto’s op het whiteboard plaatsen.

1. Een klim naar het dakterras van REM-eiland alwaar de jongeren werden beloond met een geweldig uitzicht over het gebied van Haven-Stad. De hoofdstedenbouwkundige van de gemeente gaf hier uitleg over het te ontwikkelen gebied. Het verhaal van Haven-Stad werd daarna binnen verder toegelicht aan de hand van een korte presentatie. 2. Na deze inleiding splitste de deelnemers zich op in vier groepjes om verder in gesprek te gaan. Bij alle vier de gesprekstafels stonden drie hoofdvragen centraal: •

• •

Hoe kijk je nu als jongere naar de bestaande stad als het gaat over wonen, werken, studeren, verkeer en vrije tijd? Hoe ziet jouw ideale stad eruit als jij het voor het zeggen hebt? Hoe maken we volgens jou van Haven-Stad een aantrekkelijk stadsgebied waar jij zowel als jongere als volwassene in 2050 graag wilt wonen?

Derde atelier: Het verhaal van Haven-Stad

Thema’s Uit de opbrengsten van de gesprekstafels kwam een zestal thema’s naar voren die jonge Amsterdammers belangrijk vinden voor de verdere ontwikkeling van Haven-Stad. Hieronder worden deze toegelicht. 1. Wonen ‘Een plek om te wonen voor iedereen’ stond hoog op de agenda van veel jongeren. Iedereen moet een gelijke kans hebben op een woning. Huizen moeten betaalbaar zijn en voor iedereen bereikbaar. De mensen die in Amsterdam zijn geboren en opgegroeid moeten hier kunnen blijven wonen. Een nieuwe woning moet dan ook niet alleen zijn weggelegd voor de meest vermogenden. Gezinnen die het moeilijk hebben moeten ondersteund worden in het zoeken naar een huis. Ook vonden de jongeren de doorstroming in de eigen buurt, zodat je niet hoeft te verhuizen naar een andere buurt, belangrijk. Hoogbouw wordt in Haven-Stad als kans gezien om in de kwantitatieve woonbehoefte te voorzien. En niet zoals bij de laagbouw van de Houthavens. Daar hadden veel meer mensen kunnen wonen. Buurten moeten ook gemengd zijn met mensen van verschillende achtergronden. De gemeente moet daarom niet plannen op basis van één soort profiel. Er werd

ook nagedacht over creatieve oplossingen als families en gezinnen samen met ouderen en singles te laten samenwonen, huurprijzen koppelen aan inkomens of een basispakket instellen zodat iedereen met een ‘pakket woning’ begint waarmee je je verder kan ontwikkelen. 2. Maatschappelijk en sociaal Een buurt moet niet alleen een plek zijn om te wonen maar het moet ook uitnodigend zijn voor mensen uit de andere stadsdelen. Met leuke activiteiten die niet gericht zijn op toeristen. Jongeren vinden het belangrijk dat er sociale verbindingen zijn in de buurt. Dit kan door het creëren van gemeenschappelijke plekken waar mensen elkaar buitenshuis en buiten werktijd ontmoeten, samenkomen, leren kennen. Denk aan cafés, koffietenten, pleinen, bibliotheken en open groene speelplekken voor kinderen. Sport is hierbij een belangrijk bindmiddel. De sportverenigingen moeten voor de buurt behouden blijven; voetbal, hockey, klimmen en ga zo maar door. Verschillende sporten kunnen daarbij gecombineerd worden op één goed bereikbare centrale plek. Een plek waar je kunt doen waar je zin in hebt, waar je jezelf kunt zijn, waar je lekker keihard mag schreeuwen. Ook zwemplekken/baden zijn hierbij belangrijk, binnen en buiten. Nu wordt vaak gezegd, “hier mag je niet zwemmen”.

3. Bouwen Ook de manier waarop gebouwd wordt vinden jongeren belangrijk. Kijk naar de Jordaan, met een speels straatbeeld door het ontwerp van de openbare ruimte, leuke kleine paadjes, plekken om te zitten of te zijn. De menselijke maat moet hierbij in het oog worden gehouden door speelse bouwblokken, smalle straten en gemeenschappelijke, intieme hang- en verblijfsplekken zodat je graag naar buiten gaat. Bruggen kunnen ook speelsheid toevoegen. Kunstenaars moeten worden uitgenodigd om hierover na te denken, maar ook over kleine kunstwerken in de openbare ruimte. Compacte hoogbouw voor een stedelijk gevoel met leuke architectuur door afwisseling. Zo zien jongeren HavenStad. Hierbij moet oog zijn voor het behoud van mooie oude en historische gebouwen. 4. Bereikbaarheid Bereikbaarheid is een onderwerp dat vaak terugkwam in de gesprekken. De ’15 minuten stad’ werd hierbij diverse malen genoemd. Een stad waarbij alle voorzieningen die je nodig hebt lopend of met de fiets binnen 15 minuten binnen handbereik zijn. Nu moeten sommige jongeren naar een ander stadsdeel of gebied dat lastig te bereiken is met het OV. Meer frequent OV en betere verbinding zijn daarom ook belangrijk. Aangegeven wordt dat de auto voor bewoners belangrijk is om stad uit te gaan, maar dat de buurten toch zoveel mogelijk autovrij moeten zijn en ingericht op de fietsers. Scooters

33

en auto’s die maar 30 kilometer per uur mogen rijden zijn ook niet fijn. Dit zorgt voor meer verkeersdrukte. Autoluwe buurten zorgen daarentegen voor een betere veiligheid voor kinderen op straat. Zo kunnen zij makkelijk zelf naar school of de sportclub. Ook de metro wordt gezien als must. 5. Natuur In Haven-Stad moet genoeg ruimte zijn voor natuur. Het Brettenpad is hier een goed voorbeeld van. In deze groengebieden moeten activiteiten zijn voor kinderen, zoals bij het Woeste Westen. Plekken met uitdagingen, onbepaald, met meerdere manieren om te spelen en te ontdekken. Maar denk ook aan hofjes, tuinen en intieme ontmoetingsplekken in de natuur waar je voor je rust komt. Daarnaast geven de jongeren aan dat parken nu vaak niet schoon zijn en een plek voor daklozen. Je hebt daardoor niet echt het gevoel dat je in de natuur bent. Dat moet anders. 6. Voorzieningen Het laatste thema waar jongeren over nadachten waren de voorzieningen in Haven-Stad. Jongeren willen meer café achtige plekken waar scholieren en studenten kunnen studeren. Denk aan een leerplek in een bolderklimhal. Hierbij zijn veel nieuwe combinaties denkbaar. Goede werkplekken waar studenten gratis kunnen zijn. Dit is heel belangrijk omdat huisvesting voor studenten vaak klein en duur is. Ook het samenvoegen van plekken schept kansen.

Ateliers, bibliotheken of theaters waar studenten en creatieven elkaar ontmoeten en aanvullen. Maar ook nieuwe lokale speciaalzaken, minder commercieel, staan hoog op het verlanglijstje van

34

Jongeren in gesprek over de toekomst hoog boven het plangebied Haven-Stad sommigen. Plekken waar je je eigen hobby’s terugvindt. Maar er moet ook ruimte zijn voor nachtleven en aandacht voor het creëren van een prettige sfeer hierbij. Plekken waar meer verschillende bars dicht bij elkaar zijn zoals bijvoorbeeld op het Leidse Plein. Waar geen geklaag is over overlast. ⏹

Om toegang te krijgen tot het Miro-bord, scan je deze QR-code en gebruik je het wachtwoord: 123456789

Whiteboard

35

De Veldateliers van De Buren: een introductie door de Ateliermeester

De eerste twee Ateliers waren goed bezocht en leerzaam. Er was veel gehoord en besproken, maar de opbrengsten waren nog niet geanalyseerd. De Buren vroegen zich af: wat doen we met de inhoud van alles wat ingebracht wordt? De Kerngroep had behoefte aan meer verdieping en meer samen leren op een aantal belangrijke onderwerpen. Er was ook behoefte om het gebied in te gaan en zich te buigen over concrete plekken. In het gespreksverslag van de Kerngroep uit een bijeenkomst in juni 2023 valt te lezen:

Het schetsboek bestaat nu nog uit ‘kale’ opbrengsten; de analyseslag is nog niet gemaakt. De kerngroep moet dat nog samen gaan doen. Voor nu moet er een duidelijke scheiding zijn tussen opbrengsten van de Ateliers (onderwerpen die aan bod zijn gekomen aan de verbindingstafels) en een analyse van de belangrijkste thema’s/ dilemma’s. Ook moet het schetsboek een stuk concreter, door voorbeelden toe te voegen. Het is zonde als het werkboek een tekst op hoofdlijnen wordt; het mag juist soms schuren. Er komt na de zomervakantie (in het najaar) een bijeenkomst om de opbrengsten van alle Ateliers samen te analyseren.” Om toe te komen aan deze behoefte deden de Buren een voorstel om een aantal kleinere ateliers op locatie te houden. Zij wilden de nieuwere inzichten uit de Ateliers verbinden met de gedachten uit de ingediende

36

zienswijzen op het Integraal Raamwerk, en met de hoofdpunten die de Buren zelf formuleerden. Ze zeggen daarover:

We willen samen op een plankaart schetsen, niet in woorden, zoals de resultaten van de Ateliers, maar ‘plekgebonden’, om het gebied als geheel van verschillende ruimtelijke kwaliteiten in beeld te brengen (..) We gaan met een groepje bewoners en professionals het gebied in, wandelen, kijken, stellen ons dingen voor, vertellen dat aan elkaar, laten elkaar zien waar hobbels liggen. Want samen tekenen = samen al doende denken! Door te tekenen leer je het gebied nog beter/opnieuw kennen.” We noemen het ‘Veldateliers’. Mede door de zomervakantie die eraan zat te komen ontbrak het aan capaciteit van de ontwerpers van het Programmateam en de Ateliermeester om gelijk met de Buren mee te gaan. Dus gingen de Buren alvast zelf op pad. In eerste instantie om te oefenen: er werden twee momenten gepland begin september waarop de Buren samen met de gemeente en de Ateliermeester (en eventueel andere genodigden) op Veldatelier zouden gaan. Helaas zorgde diezelfde zomervakantie ervoor dat de voorbereiding van de gezamenlijke Veldateliers begin september niet van de grond kwam. Het was te kort dag.

De Buren waren inmiddels wel – samen met enkele exprofessionals – viermaal zelf op pad geweest. Van hun ontdekkingen maakten ze kaarten en een presentatie, die ze eerst aan hun eigen achterban presenteerden, en vervolgens aan de Kerngroep, op 11 september. Door een technische fout was het stuk helaas vooraf niet ontvangen door het Programmateam. Tijdens de presentatie onstond er verwarring over wat het stuk betekende en hoe het paste in het Samen Haven-Stad maken traject. Wat bedoeld was als een enthousiast delen van ervaringen van de Buren om de anderen te bewegen mee op pad te gaan, zorgde voor uiteenlopende verwachtingen en stuitte op onbegrip. De presentatie van De Buren op pad in hun stad: Westerparkhaven luidde het begin in van een pauze in het Ateliertraject, waar we op terugblikken in de reflectie op pagina 63. De tekst van de hand van de Buren die hierna te lezen is, is een nadere uitwerking van de gedachten, twijfels, vragen en overwegingen die ten grondslag liggen aan de originele Powerpointpresentatie van de Buren. De tekst is door henzelf geschreven en door de Kerngroep opgenomen in het schetsboek. ⏹

GEDICHT

Complexiteit Samen Stad Maken geeft toch energie ook al vraagt het soms teveel al die sessies al die tijd Ik brom dan, luister plak groepen op elkaar brouw soep maak salades Puzzelt het weer in mijn hoofd gaat er een anekdote mee vandoor vol van rare associaties ruik ik petroleumlucht op mijn nachtkastje Ik ga er steeds toch weer op af gefladder van lichte vleugels als de mot naar de verandering vlieg liever een drone vanaf grote hoogte spotten wirwar zien van bovenaf is zoveel zachter dan die van dichterbij

© Anne Marie Hoogland Voorgedragen op 19 juni 2023 tijdens Kerngroep Havenstad Atelier

37

De Buren op pad in hun stad Westerparkhaven © De Buren Westerparkhaven 2024 Dit hoofdstuk is een bijdrage van de Buren Westerparkhaven

38

Ons gehobbel over keien, zachtjes zoeven over asfalt, gebanjer door de modder, getrippel over glad natuursteen, ons genieten van ruimte en uitzicht, ons geborgen voelen in een stedelijke ruimte, ons koesteren in de zon of juist de schaduw, ons laven aan de geur van bomen, bloemen, water ook, ons laten verrassen door uitbundig vogelgezang in de groene oases, door plekken die herinneringen aan eerder, aan vroeger oproepen; dat zijn het soort alledaagse, vanzelfsprekende ervaringen. Té van-zelf-sprekend, want we zijn het ons nauwelijks bewust en vergeten bijna dat dát het is wat we allemaal, bewoners en professionals, daadwerkelijk delen. We zijn immers allemaal gebruikers van het uiteenlopende aanbod aan stedelijke - ‘rode’ en ‘groene’ - ruimten die onze stad ons biedt.

We wilden het gebied samen aan den lijve ervaren, om het met eigen ogen te zien en aan onze voeten te voelen, om te ruiken en te horen wat het gebied laat ruiken en horen. Om ons rationele denken te (blijven) voeden vanuit het ervaren van de materialen die de fysieke stad maken: groen, water, aarde, lucht, hout, stenen. Het zijn die materialen, de concrete plekken en situaties, die mensen met elkaar delen, die plaats bieden aan dagelijkse dingen en bijzondere gebeurtenissen, die vele herinneringen activeren en toekomstige herinneringen aanmaken. Want het fysieke en het sociale zijn - ondanks het onderscheid en de gemeentelijke organisatie anno nu - uiteindelijk geen aparte domeinen. Ze vormen een dynamisch, voortdurend veranderend complex geheel van wat we onze stad noemen.

Om die gemeenschappelijke ervaringen wél samen te delen hebben de Buren in vervolg op de twee eerste Ateliers in de Kerngroep het voorstel gedaan om gezamenlijk op pad te gaan, in zogenaamde Veldateliers. We wilden op die manier de vele woorden die in allerlei notities en bijeenkomsten worden gebruikt – en vaak zijn dat algemeenheden: inclusief, rechtvaardig, leefbaar, klimaatbestendig, duurzaam, gezond, identiteit – meer concreet maken, dat wil zeggen vorm en inhoud geven en plaats bieden. Bovendien kunnen in Veldateliers op specifieke plekken toekomstige (on-)mogelijkheden heel concreet aangewezen worden en voorstelbaar worden gemaakt aan elkaar: ah ja, natuurlijk!

Titelblad presentatie van de Buren in de Kerngroep op 11 september 2023

I. Veldateliers, schetsen, een Powerpointpresentatie, maar nog geen samenwerking en dialoog De Buren zijn - uit nieuwsgierigheid, om onderling ervaringen te checken en te delen, en als try-out ten behoeve van gezamenlijke veldateliers - in de zomerperiode van 2023 samen met enkele exprofessionals viermaal op pad geweest, een enkele keer, in de stromende regen, wat korter. Wat heel leerzaam bleek: we zijn steeds direct na een wandeling om tafel gegaan, en hebben ons over een luchtfoto gebogen – zoveel inzichtelijker dan een plattegrond! -, en hebben vervolgens proberen te tekenen wat we hebben opgemerkt. Dan blijken ook plattegronden inzichtelijker te worden en te kunnen gaan leven. We hebben ons denken samengevat in een

Hoe kan vanaf hier de Ringlijn worden gesloten?

kleurige schets van ons deel van Haven-Stad aan de zuidkant van het IJ, dat wij voortaan Westerparkhaven willen noemen. Op het waarom van die naam komen we in de concluderende paragraaf nog terug. Wij zien onze schets vooral als een prent, die tot de verbeelding spreekt en aanzet tot vragen en samen verder denken. Er zijn mogelijkheden geschetst ter illustratie, met de bedoeling om het gesprek erover te openen. En we hebben vooral ook veel vragen gesteld. We hadden gehoopt, zoals we ook op de Hoe verder?- pagina van onze presentatie schreven, dat ons enthousiasme over onze ontdekkingen breder gedeeld zou worden en dat we voor enkele specifieke plekken vervolg-veldateliers hadden kunnen organiseren als Kerngroep, dus samen met de gemeentelijke ontwerpers en beleidsmakers. De bevindingen van de Veldateliers hebben we in woord en beeld opgetekend in een Powerpoint, die we op 4

Dit zou dan station Hemknoop zijn als de Ringlijn aan de zuidkant van de Schiphollijn wordt aangelegd

september hebben gepresenteerd in de EPSalon aan een bredere groep van zo’n 25 betrokken buren. Daarna hebben we en groupe op 11 september de Powerpoint in de Kerngroep gepresenteerd. Het verhaal wat we toen hielden schrijven we in onderstaande tekst uit, om de achtergronden van onze suggesties en vragen niet verloren te laten gaan, maar overeind te houden voor een diepgaander inhoudelijke uitwisseling van inzichten dan tot nu toe mogelijk is geworden. Tot onze grote teleurstelling was de bijeenkomst op 11 september geen impuls aan de inhoudelijke samenwerking in de Kerngroep, en ook geen aansporing om als Kerngroep samen op Veldatelier te gaan, maar het begin van een lange pauze. Uiteindelijk hebben de inhoudelijke medewerkers van de gemeente op 15 januari 2024 hun reactie gepresenteerd, min of meer in de vorm van een Nota van Beantwoording, als ware onze presentatie een zienswijze. Met die enkele bespreking is weliswaar een begin van overleg gemaakt, maar we moeten constateren dat het tot nu toe nog niet echt

En dit stuk van het Woeste Westen gaat eraan als de Ringlijn aan de zuidkant van de Schiphollijn wordt aangelegd

Samen schetsen in de EPSalon in de Spaarndammerbuurt Buren Westerparkhaven

39

auto hoofdnet fiets pad langzaam vekeer voetganger voorrang / verblijfsplek spoor metro bestande bebouwing nieuwe bebouwing sportveld park water

Westerparkhaven in de optiek van de Buren

40

Buren Westerparkhaven

gelukt is om tot een dialoog te komen over mogelijke toekomsten in het gebied van Haven-Stad aan de zuidkant van het IJ. Maar wat niet is kan nog komen. Stadsontwikkeling is immers een proces van jaren. En alle partijen leren al doende. Wellicht kunnen er toch ook nog samen veldateliers georganiseerd worden, om op bepaalde plekken ervaringen uit te wisselen. En mogelijk zullen ook echte ‘Socratische gesprekken’ plaats kunnen vinden. Dat zijn gesprekken waarbij de ruimte wordt genomen om, voorbij een uitwisseling van meningen, tot een uitwisseling van inzichten en overwegingen te komen. Nieuwsgierigheid en openheid over en weer zijn daarvoor vereisten. Daaruit zullen zeer waarschijnlijk ook nieuwe inzichten geboren worden, als gezamenlijke verworvenheid van meerdere gesprekspartners. Het is vanuit die verwachting dat wij hier graag ons verhaal willen vertellen.

II. Het verhaal van de Buren Om de overwegingen achter onze voorstellen en vragen inzichtelijk te maken volgen we in onderstaande tekst in hoofdlijnen de Powerpoint: 1. hoofdlijnen van denken; 2. de ‘zachte’ infrastructuur: groen en water; 3. de ‘harde’ infrastructuur: openbaar vervoer en fiets.

II.1. Hoofdlijnen van denken

1.1. Buitendijks gebied: ‘buiten’ de Spaarndammerdijk

Eén cruciaal punt willen we hier, anders dan in de Powerpoint, vooropstellen: het feit dat het hier om buitendijks gebied gaat. We noemen het expliciet als eerste punt, om de urgentie te illustreren. Als dit punt niet meer structureel wordt aangekaart, dan zijn we bezig met luchtkastelen. Het is immers grotendeels gebied ‘buiten’ de Spaarndammerdijk, wat vroeger de Overbrakerbuitenpolder heette, door een lagere dijk beschermd tegen het water van het IJ. De Spaarndammerdijk (op 2,50 + NAP) is in de twaalfde eeuw aangelegd als Rijnlandse hoogwaterkering en is nog altijd – na de sluizen bij IJmuiden – de tweede zeewaterkering. De Spaarndammerdijk is niet overal meer in zijn oude gedaante aanwezig en herkenbaar, maar is bij de aanleg van het werkgebied ten zuiden van de Transformatorweg verplaatst en heeft vorm gekregen in een verhoogd deel van de Contactweg en in de spoordijk richting Haarlem (op onze OV schets in II.3. is het actuele dijk tracé gemarkeerd). In het ‘gat’ onder het spoor nabij het dorp Sloterdijk – ter plaatse van de onderdoorgang voor langzaam verkeer – is voor noodgevallen een hefdeur gemaakt.

Presentatie op 4 september 2023 aan een bredere groep Buren

Kaart deel 1 - Floris Balthasars, circa 1615

Wij moeten de bedreiging door opkomend water, in de geest van onze voorgangers in de middeleeuwen, niet onderschatten. Sinds de presentatie begin september is de ernst van de situatie alleen maar nog sterker doorgedrongen, mede vanwege de dreiging van het water op 2 november 2023 toen een overvloed aan regenwater en een storing bij

Fragment van reconstructie kaart ‘Halflandelijkheid’ 1800-1934, uit: Abrahamse e.a. 2010, p. 34-35. Buren Westerparkhaven

41

de zeesluizen het waterpeil in het IJ enorm deed stijgen. Het was zo ernstig dat de sluizen en waterkeringen in een gigantische operatie zijn dichtgezet. Maar in de buitendijks gelegen Houthaven - één van de Buren - , om de een of andere reden ondanks adviezen van het Waterschap minder opgehoogd dan andere buitendijkse gebieden langs het IJ, stond het water tot aan de ramen. De beperkte ophoging (tot 1 meter) die nu in de planvorming voor Sloterdijk Zuid wordt voorgesteld – sowieso problematisch in een gefaseerde herontwikkeling - stelt ons niet zomaar gerust dat dit ook duurzaam verantwoord is. Bijkomend probleem is dat daarmee het groen verloren gaat: geen boom zal zo’n ophoging overleven.

1.2. Verbreding van perspectief (1): kwantiteiten én kwaliteiten De Buren pleiten voor een verbreding van perspectief. En wel op twee punten. Ten eerste om het denken vanuit kwantiteiten, programma’s en volumes - van bovenaf expliciet aan te vullen met het denken vanuit kwaliteiten (in de zin van fysieke hoedanigheden!), verbindingen en materialen - van onderop.

Wij pleiten daarom voor alles voor een meer structureel onderzoek op welke wijze de transformatie van de stad in dit havengebied verantwoord en duurzaam plaats kan vinden met het oog op de klimaatveranderingen. De vraag is of er andere fysieke mogelijkheden dan ophoging zijn, bijvoorbeeld delen indijken? Van groot belang daarbij is ook hoe het bestaande (en mogelijk nu al te ontwikkelen) groen kan worden gerespecteerd en mogelijk een rol kan vervullen als waterbuffer.

Weliswaar noemt het Integraal Raamwerk ook beide invalshoeken: ‘kwantitatieve ambities’ (bijv. voor groen en sport, maar ook voor aantallen woningen) en ‘ruimtelijke kwaliteiten’, waarbij als voorbeeld de aanwijzing van ‘centrumgebieden, mogelijkheden voor unieke wijkparken, bijzondere kades of monumentale gebouwen’ wordt genoemd (2021: 22). Maar het blijft onduidelijk wat het betekent dat de Basisraamwerkkaart niet gelezen moet worden als een plan - en al helemaal geen blauwdruk -, maar als een getekend ‘programma van eisen’ (2021: 24). En voor zover er kwalitatieve keuzes worden gemaakt / richtingen worden aangegeven, gaat het om ‘fragmenten’ en ontbreekt inhoudelijke argumentatie.

Meer nog dan wij ten tijde van onze presentatie beseften is het opbouwen van een samenhangend groen-blauw raamwerk – in drogere tijden een paradijs voor wandelaars, sporters en natuurvorsers, in nattere tijden waterbuffer - en als zodanig fysieke basis voor een biodivers milieu met verscheidene biotopen, naast maatregelen om ervoor te zorgen dat de bebouwing droge voeten houdt, dé uitdaging voor Haven-Stad.

De Buren missen het grotere verhaal, het kwalitatieve verhaal achter de impliciet gebleven keuzes. Het kwantitatieve verhaal is dominant: we moeten hier veel woningen bouwen, want iedereen wil in Amsterdam wonen. Hoe relevant ook, dat ontslaat ons niet van de plicht om na te denken over de integrale toekomstwaarde van (dit stuk van) de stad, over de ecologische waarde van het stadslandschap in de brede

42

Buren Westerparkhaven

Hier kan de waterkering in geval van nood worden gesloten.

Hemknoop geintegreerd - Schets ‘Hemknoop geïntegreerd’: Van bovenaf

Van onderop

zin van samenhang en wisselwerking tussen mensen, fauna en flora. Er is kortom vooral een kwalitatief verhaal nodig: Wat voor stuk stad gaan we hier maken? Hoe verhoudt zich dat tot de omringende buurten? Wat hebben bestaand en nieuw elkaar te bieden? De Buren menen een impuls te kunnen geven aan dit verhaal vanuit hun lokale kennis en ervaringen, vanuit het dagelijkse gebruik van ondernemers, bezoekers van voorzieningen en van de Buren zelf, die er fietsen en wandelen en genieten. 1.3. Verbreding van perspectief (2): naast Oost-West ook Noord-Zuid Het tweede punt pleit voor een oriëntatie NoordZuid, om de stad ten zuiden van de Haarlemmerweg met groene zones te verbinden met de weidsheid van de havenbekkens. Om ‘de stad aan de haven vast te wandelen’. Op die manier krijgt de smalle groene OostWest scheg van de Brettenzone - met aan de Westkant bij Halfweg de ‘verdikking’ bij de Groote Braak en Spaarnwoude - ook aan deze oostkant veel meer body en robuustheid in een Groot Westerpark. De Brettenzone krijgt als het ware het model van een halter, met de zwaartepunten bij de Groote Braak/ Spaarnwoude en bij het Groot Westerpark. Daarmee kan het overvolle Westerpark worden ontlast en kan er voor de toekomst, wanneer er nog meer mensen in dit gebied wonen, voldoende groene ruimte worden geboden.

Voor wat betreft de verandering van oriëntatie, gaat het de Buren expliciet - en het kan niet genoeg worden benadrukt - om groene verbindingen, en dan in het bijzonder wandelverbindingen noord-zuid, zodat de groene verblijfsplekken onderling verbonden zijn en over en weer goed bereikbaar zijn! Deze andere oriëntatie impliceert dus dat tal van infrastructurele barrières, die met het AUP zijn opgeworpen tussen de toentertijd te scheiden werken woongebieden, nu op de een of andere manier geslecht moeten worden, in het bijzonder spoordijken, Transformatorweg en Nieuwe Hemweg. En dat is een enorme, maar noodzakelijke uitdaging, de stad Amsterdam met zijn stedenbouwkundige wereldtraditie waardig. Deze verbreding van perspectief is niet de ‘uitvinding’ van de Buren. Al sinds de jaren zeventig wordt door buurtbewoners ingezet op versterking van de Brettenzone als de Groene Longen voor de aangrenzende buurten. En dat impliceerde decennia lang de uitbreiding van het Westerpark tot een Groot Westerpark, tot aan de Transformatorweg. Wij breiden het verhaal nu uit met groene verbindingen tot aan de havenbekkens. Dat verhaal wordt alleen maar belangrijker nu het voorstel er ligt om met Haven-Stad het bedrijfsgebied te laten verkleuren naar een gemengd woon-werkgebied.

We maken dit opnieuw meer expliciet, omdat we denken dat hier, in het consequent hanteren van dit bredere perspectief, dé basis ligt voor een inhoudelijk verhaal wat

Abrahamse e.a. 2010; De groene scheg is smal en kwetsbaar

De groene scheg krijgt body en wordt meer robuust voor stuk stad we hier in aansluiting op de bestaande buurten zouden willen maken. 1.4. Plekken met ziel Het verbrede perspectief wordt ten eerste geïllustreerd in de plekken met ziel, zoals die in de eerste twee Ateliers door omwonenden en ondernemers zijn gepresenteerd in een reeks van pitches. Die zijn hiervoor in dit Schetsboek toegelicht. Buren Westerparkhaven

43

Terecht is opgemerkt dat sommige bezielde plekken niet locatie-gebonden zijn; dat zijn meer functies die ook op een andere plek kunnen gedijen en hun betekenisvolle rol kunnen blijven vervullen. Maar de meeste genoemde plekken zijn wel locatie-specifiek ‘stadslandschap’ en verankerd in het historisch besef van de omliggende buurten. Maar er is nog iets méér mee aan de hand. De plekken met ziel zijn niet zomaar een lijst van geliefde, fijne, waardevolle plekken. De Buren hebben die plekken op een kaart ingetekend, om vervolgens te ontdekken dat de plekken met ziel samen een doorgaande structuur (kunnen gaan) vormen van groen-blauwe ecologische verbindingen en verblijfsplekken. En dat is waarom het behoud van deze plekken extra waardevol is. Ze zijn op zichzelf van betekenis én als deel van een groter geheel. Dat is ruimtelijk-fysiek zo, maar ook als deel van de sociale en culturele geschiedenis van de omliggende buurten. 1.5. Doorgaande structuur van groen-blauwe verbindingen: stad en haven aan elkaar vast wandelen Het verbrede perspectief wordt ook op een andere manier concreet: de Buren stellen voor om een doorgaande structuur van groen-blauwe verbindingen te maken, om op die manier ‘de bestaande stad aan de haven vast te wandelen’. De Buren wijzen er met nadruk op dat die nu al kan worden uitgebouwd! Die hoeft niet te wachten op nieuwe bebouwing en nieuwe bewoners.

Die is nu al van waarde voor de Buren van dit gebied: de bewoners van Bos en Lommer, Waterleidingterrein, Staatsliedenbuurt,

44

Buren Westerparkhaven

Spaarndammerbuurt en Houthaven. We wonen niet alleen in een buurt, we wonen in een stad, die groter is dan de eigen buurt, met winkels, scholen, culturele voorzieningen, parken en sportfaciliteiten. We leven ver over de grenzen van de buurt heen! Dat is de essentie van onze drive om ons als Buren druk te maken over dit stuk van de stad! Wij ‘wonen’ daar al en willen er nog veel meer ‘wonen’. En wij gunnen het vele andere Buren om met ons mee te genieten van de verrassingen van het gebied ten noorden van de spoorlijn naar Haarlem tot aan het IJ. Zorgen voor zo’n continue groene wandelstructuur is een concrete uitwerking van de veelgehoorde ambitie om een gezonde, complete stad te willen maken. We hebben er verder (nog) niet uitgebreid op gestudeerd, maar uitgaande van de stad als een ‘eigen’ ecologisch systeem, menen wij dat niet alleen de mensen, maar ook fauna en flora wel zullen varen bij zulke doorgaande verbindingen.

invulling van de voormalige gasfabriek een park op de schaal van de regio, of meer nog: met alle culturele programma’s en festivals is het zelfs een landelijke voorziening. De verschillende parkdelen - naast het cultuurpark met ook de grote lig- en speelweide zijn er nog het 19de eeuwse romantische park en het gebied rondom de water-natuurtuin, het stiltegebied - worden mede daardoor extra druk en overlopen. En daarom is het park minder goed - en soms zelfs helemaal niet toegankelijk voor bewoners van aangrenzende buurten. Wij pleiten er daarom voor om hier geen grootschalige (buiten-) evenementen meer te organiseren, zodat er een duurzaam toegankelijk park ontstaat. We zien ook graag minder stelconplaten, en meer groen, meer bomen, in het cultuurpark. Daarnaast is er dringend behoefte aan meer uitloopmogelijkheden en extra verblijfsgebieden. Het realiseren van een Groot-Westerpark aan weerszijden van de spoordijk naar Haarlem, dus ook aan de noordzijde, is daarvoor van groot belang. Groot-

II.2. De ‘zachte’ infrastructuur: groen en blauw We maken hierna al vertellend als het ware een wandeling door het gebied, en we beginnen in het Westerpark. 2.1. Westerpark en Groot-Westerpark De structuur van groen-blauwe verbindingen is vooral zo belangrijk omdat het huidige Westerpark meer dan overbelast is. Het Westerpark is sinds de culturele

Verparken van het Cultuurpark

Westerpark wordt eigenlijk al sinds de jaren tachtig bepleit door actieve buurtgroepen, sinds de aanleg van infrastructuur en industrie een aanslag vormden op groen, sport en recreatie in beide Overbrakerpolders. Met de verplaatsing van het spoor naar Haarlem (in 1981 gereed) is de Overbrakerbinnenpolder in tweeën is geknipt. Meteen in die eerste jaren tachtig was er al het idee om het park tot aan de Spaarndammerdijk uit te breiden. En ook nog verder noordwaarts, om ook de sportvelden van SDZ in de Overbrakerbuitenpolder integraal onderdeel van het park te laten zijn. Zeer lezenswaardig in deze is ‘Het Westerpark van nu en morgen’ van de Vereniging Vrienden van het Westerpark uit 1996, waarin de verschillende onderdelen A tm F worden benoemd (pp. 37-38). Wat dat betreft is ons denken 40 jaar later niets nieuws onder de zon…. Groot-Westerpark strekt zich dus in noord-zuid richting uit van de Haarlemmertrekvaart tot aan de kadijk aan de noordzijde van de Overbrakerbuitenpolder, daar waar nu ongeveer de Schiphollijn ligt. En als zodanig kan het als geheel van plekken en verbindingen het groene hart vormen waar mensen, fauna en flora floreren.

overeenstemming over het behoud van het stukje polder. Dat stemt ons als Buren zeer tevreden, want anders zou niet alleen de polder zelf, maar eigenlijk ook de historische Spaarndammerdijk - waarover later nog meer - vrijwel ‘onzichtbaar’ worden. Tussen de (opgehoogde) begraafplaats en de dijk blijft er dan niet meer dan een diepliggende bredere sloot over, zoals we kunnen zien nabij de entree van de begraafplaats. Laagliggende polder en hoge dijk horen bij elkaar, maken elkaar beleefbaar en historisch begrijpelijk. Het zou naar de mening van de Buren doodzonde zijn geweest om dit stukje polder op te offeren, voor de begraafplaats maar ook als (toegankelijk) park. Met een laarzenpad kan het groen qua m2 meetellen, maar is het zonder laarzenpad niet net zo goed genietbaar, juist omdat je er niet kunt komen?! Laat het gewoon zoals het is: kijkgroen, maar dan wel heel erg bijzonder kijkgroen! In verschillende jaargetijden op verschillende manieren adembenemend mooi! En herinnerend aan het oude veenweide landschap dat ooit dit gebied kenmerkte als gevolg van

Niet alleen de Spaarndammerdijk en de polder - deels in gebruik bij de duivenmelkers en een hondenschool -, ook de buurtboerderij, de stemmige begraafplaats, het Woeste Westen, de smalle bosstrook tegen de spoordijk aan, waar je je in de zomer in contrast met de open polder totaal verborgen kunt wanen, en ook de manege Kakelbont die er een reststrookje vult, geven kleur aan dit gebied. Er is van alles te doen, en het is gewoon een prachtige wandeling, langs fysieke plekken en relicten die in het nu bijzonder zijn en tegelijkertijd de herinnering activeren en de geschiedenis levend houden. Inderdaad, er is weinig ‘ligweide’; alleen aan de zuidkant van de polder is er een lekker strookje. Groot-Westerpark aan weerszijden van het spoor biedt van alles: tal van functies, bijzondere stukken ‘natuur’, prachtige wandelroutes en grotere en kleinere verblijfsgebieden. 2.3. Extra spoor-onderdoorgang westzijde veenweidegebied

2.2. Overbrakerbinnenpolder: erfgoed In het noordelijke deel van de Overbrakerbinnenpolder is nog een laatste restje veenweidegebied in Amsterdam: de driehoek van het Woeste Westen, waar gebruik wordt gemaakt van de nattigheid als natuurspeeltuin, en het deel ten westen van de begraafplaats. Begraafplaats Sint Barbara had er willen uitbreiden op het grondgebied van het bisdom, maar zeer recent (voorjaar 2024) is er

de inpoldering uit de 16de eeuw, deel uitmakend van het Amsterdams Erfgoed.

Restant veenweidegebied in de Overbrakerbinnenpolder

Maar dan moet je er wel over en weer kunnen komen. En tot nu toe is er hier maar een enkele onderdoorgang onder het spoor, het Overbrakerpad tussen het Woeste Westen en Barbara, waardoor het daar nu al erg druk is. En dat wordt nog veel drukker als het Westerpark ook vanaf de Transformatorweg een als zodanig gemarkeerde ‘toegang’ zou krijgen. Pas bij het dorp Sloterdijk is een tweede onderdoorgang. Vanuit onze Buren Westerparkhaven

45

eigen wandelervaringen stellen wij als Buren daarom voor om een extra onderdoorgang voor wandelaars onder het spoor te maken in het verlengde van het pad westelijk van het relict van de Overbrakerbinnenpolder (bij de hondenschool zeg maar). Dan spreiden mensen zich en wordt het bovendien mogelijk om meer gevarieerde wandelroutes te volgen.

Een tweede onderdoorgang voor voetgangers onder het spoor naar Haarlem door. 2.4. De dwaalwereld van de Tuinen van Westerpark Vanaf die nieuwe onderdoorgang kom je aan de

zuidkant van de spoordijk op het pad tussen spoordijk en de volkstuinparken, die in de jaren twintig in de Overbrakerbinnenpolder zijn aangelegd. De volkstuinen ten noorden van de spoordijk zijn in de jaren zeventig, met de verplaatsing van de spoorlijn en de aanleg van het industriegebied (Sloterdijk zuid) opgedoekt. Aan het pad ten zuiden van de spoordijk liggen

46

Buren Westerparkhaven

twee entrees naar de verrassende dwaalwereld van de volkstuinen. Er is door de Tuinen van Westerpark (initiatief volkstuinverenigingen Nut & Genoegen en Sloterdijkermeer) een aantal wandelroutes uitgezet die beide complexen met elkaar en de omgeving verbinden. Zo kun je dus (tussen zonsopgang en zonsondergang) vrijelijk rondwandelen, aan de ene kant erin, aan een andere kant er weer uit. Je loopt dus zo van en naar Bos en Lommer of het dorp Sloterdijk, in een omgeving vol uitzonderlijke planten en bomen, vogelgeluiden en ook stilte. Als je hier wandelt word je niet door fietsers van je sokken gereden. De mogelijke aanleg van een OV-verbinding in Noord-Zuid richting lijkt weliswaar ‘logisch’ voort te komen uit het wegennetwerk - zoals al in het AUP van Van Eesteren ingetekend -, maar we vragen ons af of het in aanvulling op de andere OVverbindingen iets toevoegt, en of en zo ja hoe de oase van de volkstuinen, van belang voor zowel tuinders als wandelaars, kwalitatief gewaarborgd kan blijven met de aanleg en gebruik van zo’n verstorende verkeersroute. Eind jaren zeventig is na intensief overleg - en strijd - tussen gemeente en de verzamelde buurtgroepen afgezien van een dergelijke verbinding. Wij voelen er weinig voor om deze strijd opnieuw te voeren. 2.5.

Transformatorlaan Terug naar de noordkant, waar we al wandelend, in ons hoofd en op de schets verder doorbouwen aan de groen-blauwe structuur. We lopen westelijk van de Overbrakerbinnenpolder noordwaarts (met aan de linkerhand industriegebied en Mediacollege) en steken

eerst de Spaarndammerdijk, dan de Transformatorweg over. Die laatste oversteek vraagt extra aandacht bij de reeds op stapel staande herprofilering van de Transformatorlaan, zoals de Buren hem liever willen noemen.

De imposante Transformatorlaan De huidige inrichting van de Transformatorlaan met de imposante bomenrijen langs het riooltracé in het midden maakt de getrapte oversteekbaarheid ondanks het vele verkeer overzichtelijk. Maar de laan moet hevig op de schop volgens de voorstellen van de gemeente. Als toegang naar de A10 (S102) wordt de weg afgewaardeerd (terwijl de S101 wordt opgewaardeerd). Het waarom hierachter is niet helemaal duidelijk, zie ook hierna onder punt II.2.8, waar we de Nieuwe Hemweg proberen over te steken. Er moet ruimte komen voor een snelbus (hoewel niet duidelijk is of een snelbus wel door de Van Diemenstraat past? Zie ook punt II.3.1, waar we de metrovarianten bespreken). Er moet een brede watergang worden aangelegd om meer

oppervlaktewater te maken. En de weg zou 1 meter hoger moeten worden aangelegd, hetgeen betekent dat de bomen zullen sneuvelen. Ze zouden ook niet meer in goede staat zijn, aldus de uitleg van de gemeente. Voor dit alles wordt door de gemeente een nieuw asymmetrisch profiel voorgesteld. De Buren vragen zich echter af of er geen alternatieve oplossingen te bedenken zijn om de bomenrijen te redden. De Buren denken tegelijkertijd ook ‘dwars’: de Buren willen de Transformatorlaan ook veilig kunnen oversteken. Het Raamwerk spreekt van het beeld van een ‘stadsstraat’, maar wij denken niet dat hier een gezellige straat zal ontstaan met plintfuncties, daarvoor is het ‘programma’ zoals zojuist beschreven -snelbusbaan, waterloop, riool-zone, autoverkeer - letterlijk te wijdlopig. Wij zien meer in een majestueuze Transformatorlaan met goede verkeersdoorstroming en waterberging, die goed oversteekbaar is, van en naar de groene verbindingen en de straten er dwars daarop. Die laatsten, zoals de Isolatorstraat en de Contactstraat zijn daarentegen bij uitstek geschikt voor plintfuncties: winkels en voorzieningen. De Buren overzien nu niet wat het nieuwe profiel impliceert om de oversteekbaarheid te optimaliseren.

In het kader van de groene verbindingen en het bovenbuurtse belang van zowel metrohalte Isolatorweg als het toekomstige SDZ 2.0, zouden de Buren het liefste ongelijkvloerse, voor kinderen veilige oversteken zien. De downgrading van de Transformatorlaan lijkt positief, maar moet ook in relatie tot de Nieuwe Hemweg bekeken worden.

2.6. Overbrakerbuitenpolder Aan de westzijde van de sportvelden van SDZ tekent zich een groen-blauwe verbinding af, die zich aan de zuidzijde van de Schiphollijn (eind jaren tachtig gerealiseerd) verbreedt tot een gebied met waardevolle bomen rondom een waterplas, vermoedelijk een relict van een kadijk-doorbraak in de Overbrakerbuitenpolder. Deze plek met veel bijzondere bomen, aldus de inspirerende pitch van Martin Abma (1957-2023) in Atelier 1, staat ook in het Groenstructuurplan en heeft grote ecologische waarde.

Waardevolle groen- en waterzone ten westen van het huidige SDZ, en openbare ruimtelijke drager van een uitgebreid SDZ 2.0 tot aan de Contactweg 2.7. Samenspel Doet Zegevieren: SDZ 2.0 Deze groene zone zou de openbare ruimtelijke drager kunnen worden van een sport- en voorzieningencluster, waarin het huidige SDZ (Samenspel Doet Zegevieren - een meer dan honderd jaar oude leus die de Buren graag actief herinnerd houden, niet in de laatste plaats

als motto voor onze onderlinge samenwerking!) in een SDZ 2.0 wordt uitgebreid tot aan de Contactweg. Aanvullende voorzieningen op het gebied van gezondheid, andere sporten en mogelijk ook cultuur completeren de cruciale functie die SDZ nu al heeft: namelijk om bevolkingsgroepen uit verschillende buurten - kinderen komen uit centrum, jordaan, staatsliedenbuurt, bos en lommer, spaarndammerbuurt, houthaven - met elkaar te verbinden. Ook hier spreken de Buren van een grove onderschatting, een doodzonde, wanneer voorbij wordt gegaan aan deze betekenis van SDZ. Het gaat om veel meer dan een aantal voetbalvelden; het gaat om ontmoeting, om sociale binding en cohesie, tussen verschillende bevolkingsgroepen, tussen voetballers en hockeyers, tussen kickboksers en tennissers. SDZ 2.0 op deze plek brengt gezondheid letterlijk en figuurlijk binnen bereik van kinderen van ouders met kleine en grotere beurzen. Ze kunnen zo zelf naar hun club, lopend of op de fiets, want niet alle ouders hebben tijd en/of een (bak)fiets/auto om ze te brengen. Wanneer sport naar het buitengebied wordt verbannen - zoals in het verleden inderdaad steeds is gebeurd; er zijn vele sportclubs uit het gebied rond de Spaarndammerdijk verplaatst; zie ook punt 1 hierboven - wordt het voor kinderen bijna onmogelijk om in het steeds drukker wordende verkeer zelf naar hun club te komen.

Het zou werkelijk te zot zijn om de aanwezigheid van SDZ midden in het plangebied niet te gebruiken als uitgangspunt, als sociaal centrum om op voort te bouwen, ook voor toekomstige bewoners in dit gebied. Buren Westerparkhaven

47

2.8. Barrières slechten: Schiphollijn, Hemweg Als we verder noordwaarts willen wandelen komen we nog meer barrières tegen, om te beginnen de Schiphollijn. We moeten dan even westwaarts om de bestaande onderdoorgang van de Contactweg te gebruiken. Maar dan stuiten we verderop op een welhaast onneembare barrière: na de Haarlemlijn, de Transformatorlaan en de Schiphollijn doemen de Nieuwe Hemweg en het parallelle spoor op. Op dit moment is die oversteek alleen te maken nabij de A10 en op het kruispunt met de Transformatorlaan. De Buren begrijpen niet goed wat de redenering is achter het voorstel in het Raamwerk om de Transformatorweg te downgraden (zelfs tot een ‘stadsstraat’??) en de Nieuwe Hemweg als directe verbinding met de A10 juist te upgraden.

De upgrading van de Nieuwe Hemweg - in combinatie met de aanwezigheid van sporen - draagt daarentegen het grote risico in zich dat de havenbekkens van Coenen Vlothaven - en de parken en nieuwe wijken aldaar - zeer moeilijk bereikbaar zullen blijven. In de huidige situatie lijkt de nieuw aangelegde tunnel onder het spoor, die in de Alfadriehoek geen contact maakt met de Contactweg, maar een hoek van 90 graden maakt, voor iedereen een onaangename verrassing. Hoe kan zoiets tot stand zijn gekomen? Voor voetgangers heeft deze tunnel al helemaal geen betekenis. Het is voor de Buren nu nauwelijks voorstelbaar wat daar in concreto aan de hand is, maar een ding is zeker: als we de stad aan de haven vast willen wandelen, als we de havengebieden op termijn integraal onderdeel van de stad willen laten zijn, dan is de oversteekbaarheid van de Nieuwe Hemweg (op meerdere punten) cruciaal. Dit is een van de grote vraagtekens in dit deel van Haven-Stad. 2.9. Neptunuspark en Mercuriuspark

Over de Nieuwe Hemweg heen: Neptunushaven. Links de scrapterminal, op de kortere termijn een park? Aan de overzijde de monumentale industriële silo’s, op de langere termijn een park?

48

Buren Westerparkhaven

Wanneer deze barrières kunnen worden genomen, dan komt de Neptunushaven in zicht en binnen bereik en vandaar een nieuw aan te leggen Neptunuspark ter plaatste van de Amsterdam Scrap Terminal. Ook al staat dit gebied zelf voorlopig niet op de nominatie voor transformatie (Amsterdam: Bouwen aan buurten van de toekomst. Ontwikkelstrategie 2035. Concept tbv inspraak. Zonder datum; de bijlagen zijn gedateerd op 15 januari 2024), voor de ‘overburen’ in het gebied rond de Houtveemhal is een scrap terminal misschien niet het meest aantrekkelijke uitzicht. Voor de hele stad geldt dat een extra park kwantitatief en kwalitatief bijdraagt aan

de gezonde, groene stad die we willen zijn. Een park kan op deze plek zonder veel kapitaalvernietiging, wanneer elders in het kader van de circulaire economie een andere locatie voor de scrap terminal wordt gevonden, op middellange - of liever middelkorte… - termijn gerealiseerd worden. We hebben ook een industrieel park ingetekend op de hoek van de Vlothaven en de Mercuriushaven, met behoud van de beeldbepalende silo’s. Maar dat is pas op de langere termijn relevant. 2.10. Houtveempark Veel eerder is de omgeving van de Houtveemhal aan de beurt om te ‘verkleuren’ van werkgebied naar gemengd gebied. Op basis van wat we nu al kunnen zien direct aangrenzend aan en op het leeggekomen Renewiterrein, doen we de suggestie om de reminiscentie aan het voormalige Houtveemkanaal in leven te brengen niet door het kanaal uit te graven, zoals de gemeente

Het bestaande stuk van het Houtveemkanaal met rechts aan de overkant het voormalige Renewi terrein

voorstelt, maar om er een groene zone van te maken: het Houtveempark. Dat doen we zowel om functionele als om financiële redenen. De aanzet ligt er al! Het kost veel minder, het staat meer gebruik toe, de ruimte kan als zodanig herkenbaar blijven, en de wateropgave kan - weliswaar anders en deels - in de inrichting van het groen worden meegenomen. Het brengt ook, in aanvulling op de vele havenbekkens een andersoortige kwaliteit in het te transformeren gebied, een groen uitloopgebied direct aan de voeten van de vanwege de na te streven dichtheid hogere bebouwing, met directe verbindingen naar Groot-Westerpark en naar de groenstructuur van Minervahaven, Houthaven en Spaarndammerbuurt. Juist voor een hoogbouwbuurt is het van groot belang om de voeten in zulke groene aarde te hebben, om compensatie te bieden voor het gebrek aan directe relatie tussen woningen en bomen / groen. Het bestaande stuk van het Houtveemkanaal tussen het nieuwe park en de Mercuriushaven blijft uiteraard intact, zodat ook die kwaliteit in het gebied verzekerd is. 2.11. Houtveemhal We lopen even de Houtveemhal in: het is waarlijk een industriële kathedraal.

We stellen ons in gedachten voor dat dit het station is voor de halte van de Ringlijn, dat er markt wordt gehouden, dat er een ambachtsschool 2.0 is gevestigd voor jongeren die toekomst zien in handwerk, in vakwerk; of zelfs een combinatie van alle drie? Met het Houtveempark en de Houtveemhal krijgt deze

buurt direct een unieke kwaliteit, die tegelijkertijd ook op de grote schaal voor de wandelaars van aangrenzende buurten van belang is. 2.12. Voormalig Renewi-terrein Een deel van het sinds najaar 2023 vrijgekomen Renewiterrein wordt dus in onze optiek Houtveempark. Voor het gebied tussen het park en de Mercuriushaven vragen we ons samen met deelnemers aan Atelier 2 af of, ondanks de milieucontouren van de bedrijven aan de overzijde van de Mercuriushaven, hier nu al betaalbare huisvesting voor de middellange termijn kan worden gerealiseerd voor (kleinere) bedrijven en initiatieven. De ruimte die dan elders wordt vrijgespeeld kan dan al definitief verkleuren. En achter een wand met bedrijfshuisvesting is ook woningbouw (voor starters?) denkbaar, gelegen aan het nieuwe Houtveempark. En zou een lege bedrijfshal niet kunnen worden ingericht voor vrije urban sports (zoals bijvoorbeeld in Brooklyn Bridge Park)?

Het gedempte deel van het Houtveemkanaal links van het voormalige Renewiterrein. Op de achtergrond de Houtveemhal, tussen enerzijds de Mercuriushaven en anderzijds het (gedempte) Houtveemkanaal.

2.13. Grondbeleid We maken even een zijstapje van de fysieke werkelijkheid naar beleid, in casu grondbeleid. Dat is een belangrijk punt dat mede naar aanleiding van het Renewi-terrein aan de orde kwam, ook in eerdere discussies in de Kerngroep. De meeste gronden in het gebied zijn door de gemeente in erfpacht uitgegeven via het Havenbedrijf. We zien nu dat ontwikkelaars opstallen aankopen en bestaande erfpachtrechten overnemen om aldus voor te sorteren op toekomstige herontwikkeling. Het Havenbedrijf laat dat toe. De Buren

Houtveempark en Archangelplantsoen

De Houtveemhal Buren Westerparkhaven

49

pleiten ervoor dat het Havenbedrijf, zoals dat elders in het havengebied wèl gebruikelijk is, ook hier een actief grondbeleid voert, opdat ook door middel van bestaande erfpachtcontracten de toekomstige vestiging van goedkopere huisvesting voor ondernemingen en woningen mogelijk blijft. 2.14. Archangelplantsoen Terug weer naar het Houtveempark. De Buren zien mogelijkheden om het groen continu te maken doordat het Houtveempark uitkomt op een knoop van reeds bestaand groen langs de Archangelkade en ‘nieuw’ (tijdelijk) groen op het perceel voor Student Experience, dat we voorlopig Archangelplantsoen hebben genoemd. Het is een stuk groen, maar gecombineerd met een straat, een trambaan: het verkeer is er geheel ingebed in een omvangrijk groengebied. 2.15. Minervahaven - Danzigerbocht - Haparandadam - strekdam Die groene knoop staat enerzijds in verbinding met de groenstrook langs de kop van de Minervahaven, het water en groen van de historische Danzigerbocht en vandaar met de Haparandadam en de strekdam daar dwars op. De Buren vinden het in het Raamwerk voorgestelde Haparandapierpark een aantasting van de uitzonderlijke kwaliteiten die dam en strekdam nu hebben: aan de ene kant is het een zone met havenbedrijvigheid, aan de andere kant biedt het enige vrije ruimte voor wat gerommel en geëxperimenteer, plekken zoals het Raamwerk ze ook zelf propageert, het

50

Buren Westerparkhaven

is bovendien een groenstrook van ecologische waarde, en tenslotte is de wandeling is een unieke belevenis (voor wie er voor open staat…). Dat de exploitant van het REM-eiland juist wel een park zou willen, baart ons extra zorgen; want dan is de kans dus groot dat er op maaiveld geconsumeerd gaat worden en er dus ook opstallen zullen verschijnen. De natuurwaarde van de nu onbereikbare strekdam aan de westkant van de Haparandadam wordt met een park direct aangetast. Ook betwijfelen de Buren de waarde van sportfaciliteiten in dit park, zoals het Raamwerk suggereert. Ten eerste vanwege de wind, die aan het IJ wat heftiger is dan ‘landinwaarts’. Maar ook omdat het (sport-) park van belang zou moeten zijn voor de nieuwbouw die op afstand ligt. Het voorstel om het Houtveempark te maken in het hart van toekomstige nieuwbouw, met de verbindingen naar het ommeland zoals zojuist beschreven, snijdt meer hout volgens de Buren. Daar kunnen direct in de buurt kleinere urban sports voorzieningen worden ingepast.

bieden aan een wandelpaadje, een struinpaadje, nogmaals, een route exclusief voor wandelaars. 2.17. Zaanstraat emplacement Via die wandelroute over het voormalige spoortracé komen we bij de kop van het Zaanstraat emplacement. We hebben inmiddels begrepen dat de cultuurhistorische waarde niet alleen van het kopgebouw, maar ook van het lange werkplaatsgebouw hoog is en er dus zoveel mogelijk moet worden behouden, meer dan wat wij hebben getekend. Op de schets hebben wij een voorstel gedaan - in verzet tegen hoge torens, die schaduw werpen op de wereldberoemde monumenten en in analogie met de naastgelegen Zaanhof - voor een groot dubbelwandig bouwblok rondom een groene hof. Aan de twee uiteinden zien wij twee parkdelen. In het noordwestelijke parkdeel nabij de Spaarndammerdijk is een deel van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing

En wanneer SDZ wordt uitgebouwd tot een SDZ 2.0 vinden bewoners van oude én nieuwe buurten elkaar daar voor hun meer georganiseerde en gespecialiseerde sportactiviteiten (zie 2.7). 2.16. Struinpaadje voormalig spoortrace Zonnehoek Naar de andere kant toe biedt het Archangelplantsoen een directe verbinding met volkstuinenpark Zonnehoek. Het in onbruik geraakte spoortracé (aan beide zijden door sloten gescheiden van de volkstuinen) kan ruimte

Geen torens, maar een Zaanhof nieuwe stijl, een waardig vervolg op de voorbeeldige 20ste eeuwse blokken.

van het emplacement geïntegreerd, het kopblok plus een deel van de werkplaats. Wanneer een groter deel behouden kan / moet blijven kan dat ook worden gecombineerd met een daarop aangepast dubbelwandig bouwblok tot een uniek ensemble. Het zuidelijke parkdeel begint ter hoogte van het bouwblok van Michel de Klerk en sluit aan op het Spaarndammerplantsoen, omgeven door eveneens unieke monumenten van de vroeg 20ste eeuwse volkswoningbouw. De Buren verschilden hierover wel van mening met direct omwonenden, zo bleek op 4 september, voorzover zij liever helemaal geen woningbouw willen in dit gebied. Wij denken echter dat nieuwe bebouwing in lijn met de rijke Amsterdamse School - traditie de buurt als totaal kan verrijken. Wij kiezen voor de in dit geval prachtige gulden middenweg tussen (modieuze) torenhoge bebouwing in superhoge dichtheid en helemaal niets. 2.18. Spaarndammerbuurt: binnendijks Laten we even een extra ommetje maken door de wereldberoemde Spaarndammerbuurt, om de verworvenheden van die rijke traditie aan den lijve te ervaren. We lopen langs het sculpturale rode bakstenen bouwblok van Het Schip, over het Spaarndammerplantsoen met het zo mogelijk nóg intrigerender bouwblok van gele baksteen, Het Gele Blok, ook van Michel de Klerk aan de zuidzijde van het plantsoen, door de Krommeniestraat

met de twee recente voorbeeldige, bijzonder stijlvolle nieuwbouwprojecten, en dan weer terug langs de kop van Het Schip naar de Zaanhof. Dat blok is een project van architect Walenkamp, met boven-benedenwoningen in de binnenschil rondom de verstilde groene hof en portieketagewoningen in de buitenschil. In de luwte van de Zaanhof vindt jaarlijks de 4 mei herdenking van de buurt plaats. Daarvandaan steken we over naar een tweede dubbelwandig bouwblok, dat het Zaandammerplein omsluit, met daaraan een vroegere basisschool, wat nu buurthuis de Horizon is. Als we vandaar de Uitgeeststraat nemen, dan moeten we een trap omhoog om op de Spaarndammerdijk te komen. Hier voel je nog direct dat de buurt lager ligt in de polder achter de aloude zeewaterkering, de Spaarndammerdijk. Vanwege de prachtige bouwblokken, maar ook om de aanwezigheid van de dijk te voelen, daarom maakten we even een ommetje… 2.19. ‘Aanhelen’ en ervaarbaar maken van de eeuwenoude Spaarndammerdijk De Spaarndammerdijk is in de 12de eeuw aangelegd als Rijnlandse hoogwaterkering, tevens verbindingsroute van de Haarlemmerpoort via Sloterdijk naar Haarlem en verder tot Leiden. Het historische tracé liep, vanaf de Haarlemmerpoort over de Spaarndammerstraat om dan westwaarts af te buigen langs de huidige noordrand van de wijk.

Daar zien we nog de trappen die het hoogteverschil markeren tussen de dijk en de Overbrakerbinnenpolder, waar de bouwblokken gebouwd zijn waar we (in het vorige punt) doorheen wandelden.

Het Gele Blok, Spaarndammerplantsoen Zaanstraat, arch. Michel de Klerk, 1920

Spaarndammerhart, Krommeniestraat, arch. Korth Tielens ism Marcel Lok, 2021

Zaanhof, arch. Walenkamp, 1916 Buren Westerparkhaven

51

Met de Haarlemmertrekvaart (1632) was de Spaarndammerdijk tot in de jaren zeventig van de 20ste eeuw voor Amsterdammers van grote betekenis voor uitjes en vertier in het buitengebied. Vanuit de Uitgeeststraat lopen we westwaarts dus over de oude dijk, langs het zwembad en het monumentale kopgebouw van het treinemplacement. De dijk is echter verdwenen ter plaatse van de dikke bundel van sporen. Met het verdwijnen van het emplacement kan ook de sporen bundel worden opgeschoond. En dat maakt het voor de Buren voorstelbaar om vanaf de kop van het Zaanstraatemplacement een traverse te maken over de sporen, exclusief voor voetgangers: de Spaarndammerdijktraverse. Behalve dat de traverse een geweldig uitzichtpunt biedt over Groot-Westerpark, de Spaarndammerbuurt, de nieuwe Houtveembuurt en het havengebied, willen de Buren met de traverse in het bijzonder het verloop van de historische dijk opnieuw ervaarbaar maken. Want aan de andere kant van de traverse kom je uit op de dijk langs de begraafplaats Barbara en het relict van de Overbrakerbinnenpolder met de Buurtboerderij. Verderop westwaarts is het dijklichaam afgegraven ten behoeve van de aanleg van het bedrijventerrein en verplaatst naar een verhoging in de Contactweg en het dijklichaam waar het spoor naar Haarlem is gerealiseerd. Dit kwam al even ter sprake bij het allereerste vraagstuk hoe om te gaan met dit buitendijkse gebied.

Op de OV werkschets in II.3. is het bochtige verloop van de dijk met streepjes aangegeven.

52

Buren Westerparkhaven

De Buren stellen voor dat ingeval van herontwikkeling van het bedrijventerrein tot gemengd stuk stad het verloop van de historische dijk hier op de een of andere manier weer fysiek zichtbaar wordt gemaakt in de vorm van een wadi, een bomenrij, een wandelpad of anderszins. Bij het dorp Sloterdijk is de dijk weer als zodanig zichtbaar. De herstelde Banpaal (1632) kan beter zichtbaar naar Sloterdijk worden verplaatst. Ook kan de Zuil van Froger - de man van het Noordzeekanaal - weer teruggezet worden op zijn oude plek.

De Spaarndammerdijktraverse knoopt stukken van de dijk aan elkaar

Oude kaarten en etsen van onder meer Rembrandt kunnen op weerbestendige panelen worden getoond. Wij vinden dat het zeer de moeite waard is om met de traverse en de landschappelijke markering in het deelgebied Sloterdijk Zuid de losse stukken dijk met elkaar te verbinden. Daarmee kan de cultuurhistorisch waardevolle dijk over de lengte van Haarlemmerpoort tot dorp Sloterdijk ervaarbaar worden gemaakt. Door enkele van de Buren is een uitgebreide studie van de geschiedenis van de dijk ondernomen en separaat op schrift gesteld.

New York Moynihan connector High Line

2.20. Waterrijk Contactplein Tenslotte stellen de Buren voor om op het kruispunt van Spaarndammerdijk - tracé en de huidige Contactweg, een waterrijk Contactplein te maken. Enerzijds om aan de wateropgave te voldoen. Maar ook om een grotere bijzondere verblijfsplek toe te voegen aan dit nieuwe woon-werkgebied. Dat zou anders een groter groengebied moeten ontberen (er is een tekort).

‘Herstel’ verloop Spaarndammerdijk als cultuurhistorisch erfgoed; in het midden het waterrijke Contactplein

Wij zien ruimte voor water en groen, tussen de markering van het tracé van de Spaarndammerdijk aan noordkant en het aan te leggen dijkpark aan de zuidkant. Daarmee worden die twee groene ‘lijnen’ onderling met elkaar verbonden en wordt het een verrijking van hetgeen Groot-Westerpark te bieden heeft. Anders dan de voorstellen in het Raamwerk zien wij gebouwde centrumvoorzieningen liever niet hier, maar aan de noordzijde van de Transformatorlaan, in relatie tot (loop- en fiets-) verbindingen van en naar metrohalte Isolatorweg, alsook in de strook ten westen van het huidige SDZ. De buren hebben hier met name ingezoomd op het groen, omdat dat heel direct voorstelbaar is, en brengen zo nu en dan het water ter sprake. Dat laatste vraagt veel meer technisch inzicht (waterpeilen, watereenheden) dan bij de Buren aanwezig, om vandaar een meer samenhangende, ook ecologische structuur te schetsen. Vooral ook vanuit het oogpunt van het buitendijks gebied, zoals de eerste hoofdlijn van denken propageert, zullen principes van klimaatbestendig bouwen moeten worden uitgewerkt, die de verdere uitbouw van het groene-blauwe netwerk zullen bepalen. Hier ligt de meest cruciale opgave.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15504690/1