CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Actieplan Schone Lucht-Monitor 2021.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 20 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: NSL-rekenresultaten van 2021 over het zichtjaar 2020 (de situatie in Amsterdam) en de jaarlijkse monitor van het Actieplan Schone Lucht (ZD2021-016767)7.217 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Monitor Actieplan Schone Lucht 2021 Uitstootvrij Amsterdam

Samenvatting ACTIEPLAN SCHONE LUCHT Op 1 oktober 2019 heeft het college het Actieplan Schone Lucht (ASL) vastgesteld. Daarin is de ambitie opgenomen om vanaf 2030 te voldoen aan de WHO-Advieswaarden (2005) voor luchtkwaliteit. Daarnaast is ten doel gesteld om zo snel mogelijk te voldoen aan de wettelijke (Europese) normen voor luchtkwaliteit. Bovendien draagt het ASL bij aan een reductie van 9% van de gehele CO2uitstoot van Amsterdams. EU-GRENSWAARDEN LUCHTKWALITEIT De jarenlange inzet op de verbetering van luchtkwaliteit loont. Voor het eerst voldoet Amsterdam overal aan alle wettelijke grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2.5). De laatste knelpunten, die er de afgelopen jaren alleen nog waren voor NO2, zijn daarmee verdwenen. Aan de grenswaarden voor fijnstof voldeed Amsterdam al jaren.

WHO-ADVIESWAARDEN De gemeente ligt op koers om in 2030 overal in Amsterdam te voldoen aan de WHO-advieswaarden (2005) voor NO2, PM10 en PM2.5. Ten aanzien van de doelstelling op PM2.5 is de opgave het grootst, maar tegelijkertijd is de invloed van het wegverkeer op de concentratie fijnstof beperkt. Daarom is de Amsterdamse bijdrage aan het Schone Lucht Akkoord (SLA) van groot belang (zie H1.1)

We boeken resultaat, maar er is nog een lange weg te gaan Ondertussen zijn de WHO-advieswaarden in 2021 stevig aangescherpt. Dit onderstreept de noodzaak van verdere verschoning van de lucht. Amsterdam bekijkt met de SLA-partners welke conclusies hieraan moeten worden verbonden in het Actieplan Schone Lucht.

zo heeft de ondertekening van de Uitvoeringsagenda Stadslogistiek (UAS) door het Rijk, gemeenten en diverse partijen uit de vervoerssector plaats-gevonden. En voor taxi’s is het afgelopen jaar de Routekaart Zero Emissie Taxi landelijk ondertekend.

CO2-REDUCTIE De 9% reductie van CO2uitstoot, waar het ASL aan bijdraagt, relateert aan de verschoning van het Amsterdamse wagenpark. Voorwaarde is dat de geleverde energie afkomstig is van een duurzame bron. De verschoning is ingezet, maar er is nog een lange weg te gaan naar uitstootvrije mobiliteit. Het is m.b.t. de Routekaart Amsterdam Klimaat Neutraal daarom van groot belang om het invoeren van uitstootvrije zones (2025) door te zetten.

Daarnaast zijn we verder gegaan met het treffen van stimulerende maatregelen voor het wegverkeer. Verder wordt er hard gewerkt aan de verdere uitwerking van de maatregelenpakketten voor mobiele werktuigen en houtstook. Met betrekking tot houtstook is dit jaar gestart met de voorlichtings-communicatie voor bewust(er) stoken.

ASL KRIJGT HANDEN EN VOETEN Ook in 2021 heeft de gemeente belangrijke stappen gezet in de verdere uitwerking van het ASL. Alles is in gereedheid gebracht om de laatste geplande milieuzones (aanscherping van de huidige milieuzones voor vrachtauto’s en autobussen/touringcars) per 1 januari 2022 in te voeren. Vanaf 2022 zal de focus liggen op het voorbereiding van 2025, waarin de eerste uitstootvrije zones zullen worden ingevoerd. Hiervoor zijn het afgelopen jaar een aantal belangrijke stappen gezet:

LAADINFRASTRUCTUUR GROEIT We zijn gestart met de uitvoering van het Strategisch Laadplan. Het laadnetwerk groeit gestaag. Het afgelopen jaar zijn er 363 laadpunten op 182 laadpalen bij geplaatst in het publieke laaddomein. Tevens zijn er 10 extra snelladers geplaatst. TOTAL is de nieuwe concessiehouder die het plaatsen van laadpalen de komende tijd realiseert. Een belangrijke nieuwe uitdaging is de congestie op het elektriciteitsnet. Dat dwingt de gemeente om na te denken over slimme en flexibele laadtoepassingen voor mobiliteit. Met Flexpower 3 en de Batterijhub P&R Zeeburg wordt geëxperimenteerd met innovatieve oplossingen. November 2021 I 2

Inleiding

BELEIDSCONTEXT

AMBITIES

INTERNATIONAAL

Op 1 oktober 2019 heeft het college het Actieplan Schone Lucht (ASL) vastgesteld. Daarin is de ambitie opgenomen om vanaf 2030 te voldoen aan de oude WHO-Advieswaarden1 voor luchtkwaliteit. Daarnaast is het doel gesteld om zo snel mogelijk te voldoen aan de wettelijke (Europese) normen voor luchtkwaliteit. Bovendien draagt het ASL substantieel bij aan het behalen van de Amsterdamse doelstellingen ten aanzien van beheersing van de klimaatproblematiek: uitvoering van alle ASLmaatregelen leidt in 2030 tot een reductie van 9% van de totale CO2-uitstoot op Amsterdams grondgebied.

Akkoord van Parijs – het mondiale verdrag om de opwarming van de aarde te beteugelen en te beperken tot max. 1,5°C.

AANPAK De aanpak kenmerkt zich door een aanpak bij de bron. Er wordt ingezet op vervuilingsbronnen waar de gemeente de meest directe invloed op heeft: het wegverkeer, de passagiers- en pleziervaart, mobiele werktuigen en houtstook. Hierbij wordt een mix van soorten maatregelen gehanteerd: communiceren, stimuleren, faciliteren en reguleren.

Het Actieplan Schone Lucht geeft in Amsterdam invulling aan:

NATIONAAL

Klimaatakkoord – een onderdeel van het Nederlandse klimaatbeleid. Een overeenkomst tussen overheden, organisaties en bedrijven om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Schone Lucht Akkoord – een overeenkomst tussen Rijk, provincies en gemeenten om de luchtkwaliteit in Nederland permanent te verbeteren. REGIONAAL

Regionaal Mobiliteitsplan - een uitwerking van het Klimaatakkoord om toekomstbestendige oplossingen te realiseren die bijdragen aan de transitie naar een duurzaam mobiliteitssysteem LOKAAL

Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 – Een beleidsplan waarin is vastgelegd hoe Amsterdam haar CO2-uitstoot met 5% reduceert in 2025, met 55% in 2030 en met 95 procent in 2050 (ten opzichte van 1990).

LAADINFRASTRUCTUUR

Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) - een meerjarige beleidsagenda met ambities en acties die zorgen voor een landelijke uitrol van een dekkend laadnetwerk. Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL G4) – Een uitwerking van de NAL. In dit verband staan de G4-steden gezamenlijk aan de lat voor het realiseren van laadinfra en het vervullen van een voorbeeldfunctie voor de andere regio’s.

INHOUD In deze tweede Monitor Actieplan Schone Lucht (ASL-monitor) wordt gerapporteerd over enerzijds de voortgang ten aanzien van de ambities, en anderzijds over de uitvoering van de belangrijk(st)e maatregelen van het ASL. De ASL-monitor zal ook hierna jaarlijks worden voorgelegd. Deze toezegging is bij de publicatie van het ASL in oktober 2019 aan de Raad gedaan. Allereerst worden de monitoringsresultaten m.b.t. de luchtkwaliteit en CO2-reductie in Amsterdam toegelicht. Deze zijn afkomstig van de meetrapportage van de GGD Amsterdam en van de landelijke rapportage van het RIVM. In het tweede deel staat de aanpak vanuit het ASL centraal en geven we een overzicht van de uitgevoerde activiteiten.

1. Hiermee wordt bedoeld: de WHO-advieswaarden zoals deze in 2005 zijn vastgesteld. Deze advieswaarden zijn in 2021 aangescherpt.

November 2021 I 3

1.1 De Missie:

Schone Lucht Amsterdamse luchtkwaliteit weer verbeterd Monitoring en wettelijke toetsing van de luchtkwaliteit gebeurt in Nederland op basis van een combinatie van metingen (landelijk meetnet luchtkwaliteit) en berekeningen. Deze monitoring en toetsing vindt jaarlijks plaats binnen het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) en wordt aangevoerd door het RIVM. De NSL-monitoringsresultaten van 2021 hebben betrekking op het zichtjaar 2020 en zijn voor Amsterdam sterk verbeterd t.o.v. zichtjaar 2019. De emissies stikstofdioxiden (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2.5) zijn allen gereduceerd. Houd hierbij rekening met het versterkende Corona-effect (zie paragraaf ‘Gevolgen van Corona en het weer’). De GGD-meetresultaten zijn in lijn met die van het NSL. In Amsterdam wordt de luchtkwaliteit ook uitgebreid gemeten. De GGD is beheerder van het Amsterdamse luchtmeetnetwerk. De concentraties NO2, PM10, PM2.5 en roet (EC) zijn lager dan in 2019. De grootste dalingen zijn zichtbaar bij luchtverontreinigende componenten die sterk aan de uitstoot van verkeer zijn gerelateerd (NO2 en EC).

Voldoet Amsterdam aan de wettelijke EU-grenswaarden? Een mijlpaal: In 2020 voldoet Amsterdam voor het eerst sinds de intrede van het NSL (2010) overal aan de wettelijke EU-grenswaarden m.b.t. jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide (NO2). Tabel 1 laat zien hoe de laatste knelpunten de afgelopen jaren geleidelijk zijn verdwenen. In 2019 waren de laatste drie knelpunten gelegen aan de Stadhouderskade. Aan de grenswaarden m.b.t. fijnstof (PM10, PM2.5) voldeed Amsterdam al jaren. Tabel 1

NSL-monitoring (NO2)

Zichtjaar

'17

'18

'19

'20

Aantal straten met knelpunten*

9

3

1

0

Aantal knelpunten

33

18

3

0

“Amsterdam voldoet in 2020 overal aan alle wettelijke EU-grenswaarden!” Voldoet Amsterdam aan de WHO-advieswaarden? In het ASL is de doelstelling opgenomen om in 2030 te voldoen aan de WHO-advieswaarden zoals deze in 2005 zijn vastgesteld. De WHOadvieswaarden voor NO2 zijn gelijk aan de EUgrenswaarden en daar voldoet Amsterdam inmiddels aan. Voor PM10 en PM2.5 zijn de WHOadvieswaarden aanzienlijk strenger. Op respectievelijk 2,6% en 30,4% van alle Amsterdamse toetslocaties werden de advieswaarden in 2020 overschreden (zie figuur 1).

* 100 m. rijrichting met een wettelijke overschrijding

Gevolgen van Corona en het weer Algemeen kan worden gesteld dat de luchtkwaliteit als gevolg van Corona aanzienlijk is verbeterd. Dit komt door een afname van economische activiteit, maar vooral door een afname van het verkeer. Voor de meeste componenten is de daling in gemeten concentraties significant groter dan dat op basis van de trend van afgelopen jaren werd voorspeld. Al met al lijkt het weer in 2020 íets gunstiger voor de luchtkwaliteit vergeleken met 2019, maar de verschillen zijn klein.

Figuur 1: knelpuntlocaties fijnstof: geel = PM2.5 ; rood = PM10

November 2021 I 4

Prognoses 2030 en haalbaarheid ASL

WHO-advieswaarden aangescherpt

In de monitoringsystematiek van het NSL is ook m.b.t. het zichtjaar 2030 de luchtkwaliteit in beeld gebracht. De resultaten daarvan vormen de best beschikbare indicatie voor de haalbaarheid van de ASL-doelstellingen voor luchtkwaliteit. De prognoses die in dit hoofdstuk worden gepresenteerd, gaan uit van scenario’s exclusief het ’incidentele’ Corona-effect. Verder is niet vastgesteld overheidsbeleid (beleid dat nog niet officieel is bekrachtigd door formele besluiten, zoals verkeersbesluiten over de uitstootvrije zones in Amsterdam) ook niet meegewogen. Belangrijk om hierbij te beseffen is dat de onzekerheidsmarges m.b.t. de prognoses in 2030 zijn relatief groot zijn. Een tegenvaller in de prognoses kan zorgen voor een grote toename van het aantal te verwachten overschrijdingslocaties in 2030.

In 2021 zijn de WHO-advieswaarden, zoals deze in 2005 voor het laatst werden vastgesteld, stevig aangescherpt. Uit tal van wetenschappelijk uitgevoerd onderzoek is gebleken dat ook bij heel lage concentraties nog gezondheidseffecten optreden. Verbeterde luchtkwaliteit leidt dus vrijwel altijd en overal tot gezondheidswinst. Dit onderstreept de noodzaak van verdere verschoning van de lucht. Wegens de grote afhankelijkheid van omliggend beleid, bekijkt Amsterdam in overleg met alle SLA-partners welke consequenties aan de aangescherpte WHOadvieswaarden moeten worden verbonden. Het college zal hier dan vervolgens een besluit overnemen. In tabel 2 zijn de verschillende grensen advieswaarden schematisch weergegeven. Per waarde is gemarkeerd of Amsterdam in 2020 voldoet.

Histogram 1: aantal toets-locaties per concentratiewaarde μg/m3 voor PM2.5 (bron: NSL-monitoringstool ronde 2021)

De ASL-maatregelen zullen daarom lokaal beperkt bijdragen aan het behalen van de doelstellingen voor PM2.5. De effecten van de variaties in achtergrondconcentraties zijn veel groter.

Belang van het Schone Lucht Akkoord Ten aanzien van de jaargemiddelde concentraties NO2 en PM10 is de huidige verwachting op basis van de huidige inzichten dat de ASL-doelstellingen in 2030 zullen worden gehaald. De haalbaarheid van de doelstelling m.b.t. PM2.5 is het meest onzeker. Het histogram toont aan dat Amsterdam op de rand staat om te voldoen aan de WHO-richtlijn van 10,0 μg/m3 voor PM2.5. De PM2,5-concentraties in 2030 worden voornamelijk bepaald door de achtergrondconcentraties (meer dan 90%). De lokale bijdragen (van bijv. verkeer) zijn beperkt (minder dan 10%).

In 2020 ondertekenden het Rijk, alle provincies en een groot aantal gemeenten het Schone Lucht Akkoord (SLA). Daarin zijn de WHO-advieswaarden én het streven naar een permanente verbetering van de luchtkwaliteit landelijk omarmd. De grote impact van achtergrondconcentraties op de lokale situatie (met name m.b.t. fijnstof-concentraties) onderstreept het belang van een gezamenlijke aanpak. Dat wil zeggen dat de luchtkwaliteit in Amsterdam op den duur niet verder kan verbeteren als de omgeving niet méé verbetert, en andersom. Met het ASL draagt Amsterdam zijn steentje bij!

Tabel 2

Wettelijke EU-grenswaarden en WHO-advieswaarden

Jaarlijks gem. concentratie (μg/m3)

EU wettelijk

WHO 2005

WHO 2021

Stikstofdioxide (NO2)

40 μg/m3

40 μg/m3

10 μg/m3

Fijnstof (PM10)

40 μg/m3

20 μg/m3

15 μg/m3

Fijnstof (PM2.5)

25 μg/m3

10 μg/m3

5 μg/m3

November 2021 I 5

Hoe dragen diverse bronnen bij aan de concentraties in Amsterdam? Omdat lokaal wegverkeer beperkt bijdraagt aan de concentraties fijnstof (ten aanzien waarvan de gemeente de grootste opgave kent) én omdat de WHOadvieswaarden voor zowel NO2, PM10 en PM2.5 zijn aangescherpt, is het relevant om te weten welke (overige) bronnen een bijdrage kunnen leveren aan verdere reductie. In diagram 1 is op basis van de nationale emissieregistratie inzichtelijk gemaakt uit welke bronnen (wegverkeer en niet-wegverkeer) de totale concentraties zijn opgebouwd.

Bijdrage mobiele werktuigen Onder andere uit analyse van de registratiedata van de RDW, een recent uitgevoerde enquête (waarbij o.a. informatie vanuit de markt is opgehaald) (Dellaert et al., 2021) en nieuwe emissiemetingen blijkt dat de aantallen machines en de totale emissies een stuk hoger (een conservatieve inschatting is 50% hoger) kunnen liggen dan momenteel door de modellen wordt berekend. De verwachting is dat bijvoorbeeld de aantallen kleinere en oudere machines onderschat worden in de gebruikte emissiemodellen. De definitieve cijfers worden vastgesteld in december 2021.

Diagram 1: concentraties in de Amsterdamse lucht naar sector van herkomst. Bron: emmissieregistratie.nl, zichtjaar 2018

November 2021 I 6

1.2 De Missie:

Klimaat Een forse CO2-opgave Wanneer alle mobiliteit in Amsterdam uitstootvrij is en de productie van elektriciteit volledig duurzaam, wordt een reductie van 9% van de totale CO2-uitstoot van Amsterdam gerealiseerd. Het verschonen van de productie van elektriciteit is geen onderdeel van ASL, maar onderdeel van het landelijke Klimaatakkoord. Voor mobiele werktuigen geldt een CO2-reductie van 2%. De maatregelen in het ASL zijn daarom ook belangrijk voor het halen van de Amsterdamse klimaatambities.

Monitoren voortgang Jaarlijks rekent CE Delft door waar Amsterdam staat in het halen van de CO2-doelen voor 2025, 2030 en 2050. De resultaten worden opgenomen in de jaarlijkse Klimaatrapportage. Door de gemeente zelf is een methode ontwikkeld om een zo accuraat mogelijke inschatting te kunnen maken van de CO2uitstoot die wordt gegenereerd door specifiek het Amsterdamse wagenpark (alle voertuigen die in Amsterdam rijden).

Daarbij wordt gebruik gemaakt van de geregistreerde voertuigkilometers uit het Verkeersmodel Amsterdam, data over de samenstelling van het wagenpark met behulp van kentekencamera’s en de door TNO ontwikkelde emissiefactoren.

Hoe dragen ASL-bronnen bij aan CO2-uitstoot? Zoals aangegeven leidt een volledige uitvoering van het ASL tot een tot een reductie van 9% van de uitstoot. In de praktijk is dit een conservatieve prognose, omdat dit percentage betrekking heeft op een volledige verschoning van het wegverkeer op Amsterdams grondgebied. Snelwegen zijn rijkswegen en vallen daarmee dus buiten de scope van het ASL. De verwachting is echter dat de verschoning in Amsterdam een (sterk) uitstralingseffect heeft op de samenstelling van het verkeer op de omliggende snelwegen (Ring A10). TNO heeft in 2020 de uitstraling berekend op basis van verkeersstromen. 45% van de huidige uitstoot van verkeer op snelwegen in Amsterdam is van voertuigen met een herkomst of bestemming in Amsterdam, terwijl 55% enkel passeert. Als al het verkeer binnen de stad uitstootvrij zou worden conform het ASL, dan zou de uitstoot op snelwegen in Amsterdam daardoor met 45% afnemen.

Diagram 2: uitstoot van CO2 in A’dam naar sector van herkomst – ASLbronnen (bron: emissieregistratie, zichtjaar 2019)

In diagram 2 is weergegeven hoe de verschillende ASL-bronnen bijdragen aan de CO2-uitstoot. Houd er rekening mee dat de bijdragen van mobiele werktuigen sterk onderschat zijn (zoals uitgelegd op pagina 7). Houd er ook rekening mee dat het verschonen van de GVB-veren, de passagiersvaart en de recreatievaart slechts een onderdeel zijn van de hele categorie vaartuigen. Een grove schatting is dat de passagiers- en recreatievaart voor maximaal 3% bijdragen aan de CO2-uitstoot van ASL-bronnen.

November 2021 I 7

Ligt Amsterdam op koers om de CO2doelstellingen op mobiliteit te halen? Of Amsterdam zijn CO2-doelstellingen gaat halen, hangt mede af van het aantal voertuigkilometers i.c.m. de verschoning van het wegverkeer (daarover wordt gerapporteerd in Hoofdstuk 3). In grafiek 1 is de CO2-uitstoot weergegeven die hoort bij het Amsterdamse wegverkeer (snelwegen en mobiele werktuigen zijn uitgesloten). Met betrekking tot 2020 is een extra scenario berekend waarin Corona-effecten zijn uitgesloten. Te zien is dat er zonder Corona een toename van de CO2-uitstoot van het wegverkeer zou zijn verwacht. (let op: de verwachte toename is grotendeels methodisch van aard. Alleen m.b.t. 2020, dat als basisjaar is genomen, zijn de voertuigkilometers bepaald o.b.v. het VMA in combinatie met actuele informatie vanuit verkeerscamera’s). Conclusie: zonder mitigerend beleid blijft de verkeersdruk op de stad onverminderd groot en als Amsterdam aan zijn CO2-doelstellingen wil voldoen, is de volledige verschoning van het wagenpark (i.c.m. de Agenda Autoluw) een cruciale pijler. Nu verloopt de verschoning (zonder Corona) niet in een snel genoeg tempo. CE Delft rekent jaarlijks het totale maatregelenpakket voor CO2-reductie door en rapporteert over de haalbaarheid van doelstellingen m.b.t. 2025, 2030 en 2050.

CE Delft houdt ten aanzien van de toekomst rekening met o.a. de autonome ontwikkelingen, technische haalbaarheid en het huidige mandaat dat de gemeente Amsterdam heeft om de geplande uitstootvrije zones in te voeren. In grafiek 1 komen de rode stippellijnen samen op een CO2-uitstoot die volgens CE Delft hoort bij een scenario waarin het mandaat voor het invoeren van uitstootvrije zones beperkt is. De groene stippellijnen komen samen op een CO2-uitstoot waarin het ASL vrijwel volledig kan worden uitgevoerd. Het liggende zwarte streepje geeft het punt aan waarbij Amsterdam voldoet aan de verwachte afname van 95% CO2-uitstoot (tussen 2020 en 2030) van het wegverkeer. Omdat mobiele werktuigen geen onderdeel zijn van het wegverkeer, is apart een grafiek (2) opgenomen voor deze categorie. De resultaten zijn afkomstig van CE-Delft (update Klimaatrapportage 2021). Ook ten aanzien van mobiele werktuigen zijn scenario’s berekend waarin grof onderscheid gemaakt kan worden tussen een bijna volledige uitvoering van het ASL en een gedeeltelijke uitvoering van het ASL. In de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal is opgenomen dat een verschoning van het bouwmaterieel leidt tot een reductie van 2% van de Amsterdamse CO2-uitstoot.

Grafiek 1: CO2-uitstoot van wegverkeer. Bron: TNO (2017 t/m 2020), CE Delft (2030)

Grafiek 2: CO2-uitstoot van mobiele werktuigen. Bron: Emissieregistratie (2017-2018); TNO (2019-2030)

November 2021 I 8

2.1 Aanpak

Communiceren benadrukt de noodzaak van schone lucht en biedt handelingsperspectief: alle stakeholders moeten zich betrokken voelen bij de transitie! Belangrijkste inspanningen In het ASL is de toezegging gedaan om een campagne uit te voeren met als doel de bewustwording te vergroten en gedragsverandering te stimuleren. Verrichte inspanningen zijn uitingen van deze overkoepelende campagne.  Er is veel aandacht besteed aan de logistieke doelgroep, o.a. binnen Logistiek 020 en via de gemeentelijke webpagina’s. De gemeente biedt hiermee een platform en de handvatten ten aanzien van de logistieke transformatie. Dat betreft niet alleen de verschoning, maar ook het veiliger, lichter en slimmer maken van logistiek.  Er is een Masterclass Luchtkwaliteit georganiseerd voor het brede publiek. Het doel was om meer aandacht te vestigen op het belang van schone lucht. De belangstelling bleek groot.  Er is een Lespakket Luchtkwaliteit ontwikkeld voor basisscholen. De eerste voorlichtingslessen zijn reeds gegeven.  In samenwerking met AT5 zijn informatieve filmpjes ontwikkeld m.b.t. smog, schone wandel- en fietsroutes en veel gestelde vragen van kinderen over luchtkwaliteit.  In samenwerking met Programma Deelmobiliteit is er een communicatiecampagne ontwikkeld en uitgerold.

 Er zijn vier netwerkbijeenkomsten Koffie Elektrisch georganiseerd, waarvan één op locatie tijdens de EV Experience in Zandvoort. Koffie Elektrisch is een netwerkbijeenkomst voor partijen, bedrijven en organisaties die zich (gaan) bezighouden met elektrisch vervoer in Amsterdam.  Er zijn 3 Schone Lucht Wandelingen georganiseerd voor belangstellenden.

Communicatieonderzoek Jaarlijks wordt er een onderzoek uitgevoerd onder de inwoners (18+) van Amsterdam. Op basis hiervan kan de strategie (indien nodig) worden aangepast. Bekendheid 89% is bekend met het thema luchtkwaliteit en de negatieve gevolgen van vervuilde lucht voor gezondheid (2020: 87%) 46% is bekend met het streven binnen het ASL om de luchtkwaliteit in de stad te verbeteren (2020: 43%) 20% is bekend met minimaal één van de concrete doelstellingen of maatregelen binnen het ASL (2020: 17%) Draagvlak 31% staat wel achter de ambitie van het ASL (2020: 28%) 34% staat enigszins achter de ambitie van het ASL (2020: 36%) 35% staat niet achter de ambitie van het ASL (2020: 36%) Tevredenheid (faciliterende rol gemeente) 62% van de e-rijders is (zeer) tevreden over de gerealiseerde oplaadinfra 27% van de e-rijders is neutraal over de gerealiseerde oplaadinfra 11% van de e-rijders is (zeer) ontevreden over de gerealiseerde oplaadinfra Huidig gedrag (populairste bijdragen aan ASL) 33% maakt regelmatig gebruik van het OV (2020: 32%) 30% maakt bewust vaker gebruikt van een (e-)fiets (2020: 32%) 17% laat pakketleveringen bezorgen bij een pakketpunt (2020: 21%) 13% kiest voor fietsbezorgen bij maaltijdleveringen (2020: 9%) 11% kiest voor e-vervoer bij het pakketleveringen (2020: 8%) Toekomstig gedrag 37% verwacht over te stappen naar een elektrische auto (binnen 5 jaar) 25% is

neutraal over de overstap naar een elektrische auto (binnen 5 jaar) 38% denkt geen overstap naar een elektrische auto te maken (binnen 5 jaar)

2.2 Aanpak

Tabel 3: aantal aanvragen & verleningen per modaliteit

Aanvragen

Verleningen

Nieuwe taxi(bus)

56

31

Maakt de overstap naar uitstootvrije varianten laagdrempeliger: het alternatief is aantrekkelijk! Voertuigeigenaren worden met behulp van diverse prikkels aangemoedigd om de overstap te maken.

Gebruikte taxi(bus)

29

13

Nieuwe bestelauto

95

58

Gebruikte bestelauto

8

3

Nieuwe vrachtauto

13

11

Subsidies

Gebruikte vrachtauto

1

1

Stimuleren

Met diverse subsidieregelingen stimuleert de gemeente de zakelijke markt om nu al te kiezen voor uitstootvrij vervoer. Afgelopen jaar zijn de lopende regelingen verlengd (t/m 31 dec. 2022), de aanvraagcriteria versoepeld en alle bepalingen samengevoegd tot de overkoepelende Subsidieregeling Duurzame Amsterdamse Vervoermiddelen. Ondernemers kunnen subsidie aanvragen voor de aanschaf van een elektrische bedrijfsauto (bestel- of vrachtauto of autobus) of taxi(bus). Dit geldt voor nieuwe, gebruikte (en/of omgebouwde) voertuigen. Zie tabel 3 voor een overzicht van het aantal aanvragen en verleningen binnen deze regeling. De Subsidieverordening Sloop en Schoon Alternatief Vervoer Amsterdam is per augustus 2021 gesloten voor aanvragen. Met behulp van deze verordening zijn er in anderhalf jaar tijd 1385 dieselvoertuigen gesloopt en 35 schonere alternatieven aangeschaft.

Modaliteit

Stimuleren per modaliteit Elke modaliteit (doelgroep) vergt een andere aanpak en benadering. Daarom wordt in deze paragraaf per modaliteit een overzicht geboden van de belangrijkste inspanningen en resultaten van het afgelopen jaar. Stadslogistiek  De Uitvoeringsagenda Stadslogistiek (UAS) is ondertekend door het Rijk, gemeenten en diverse branchepartijen. Amsterdam wil in 2025 een uitstootvrije zone invoeren binnen de Ring A10. De kaders daarover zijn vastgelegd in de UAS.  Het platform Logistiek 020 is gelanceerd. Hierin wordt samen met branchepartijen een samenhangend, consistent overzicht van de logistieke transformatie geboden. Dit is een goede stap in het verder uitwerken van de UAS.

Taxi  De landelijke Routekaart Zero Emissie Taxi is door Amsterdam ondertekend. Diverse branchepartijen zijn daarbij aangesloten.  Verbod groengas taxi’s: Per 1 januari 2021 is er een verbod op groengas taxi personenauto’s op schone standplaatsen. Voor geregistreerde groengas taxibusjes werd de termijn verlengd tot juni 2021 (coulance i.v.m. onvoldoende beschikbaarheid). Gezien de impact van Corona op de taxibranche is er voor gekozen om het tempo in het verschonen van taxistandplaatsen te verlagen. In de komende periode wordt het huidige convenant met de taxibranche over de verschoning van de taximarkt geactualiseerd. Hierin zullen afspraken gemaakt worden over de verdere verschoning. •

Uitvoering van het taxi-convenant Vanwege de coronacrisis heeft dit een lagere urgentie gekregen. Zo zijn er geen nieuwe schone standplaatsen bij gekomen in 2021. Daarnaast is het uitstootvrij maken van toegangswegen naar standplaatsen on hold gezet. In het nieuwe convenant zullen afspraken met de branche worden gemaakt over verdere verschoning van de standplaatsen en wordt het onderzoek ‘intelligente toegangs-systemen’ na lockdown worden gestart.

November 2021 I 10

Touringcar  Aanpassing subsidieregeling: voor ANBIinstellingen is het subsidiebedrag verhoogd, met als resultaat dat bijvoorbeeld ook de vereniging GroenGrijs (dat personenvervoer beschikbaar stelt voor sociaal-maatschappelijke organisaties) een elektrische bus kon aanschaffen voor hun maatschappelijke activiteiten. Deze rijdt nu! De beschikbaarheid van uitstootvrije alternatieven blijft echter een aandachtspunt in deze transitie. •

Coalitie ZE touringcars (ontvangende partijen) Vanwege de coronacrisis heeft dit stilgelegen (de branche heeft door de crisis weinig tot geen investeringsruimte/er zijn beperkte ontwikkelingen m.b.t. geschikte uitstootvrije alternatieven).

Brom- en Snorfietsen  Middels duurzame inkoopvoorwaarden is verder gegaan met het stimuleren van leveranciers om uitstootvrije diensten aan te bieden. De 200 scooters van de gemeente zijn inmiddels 100% elektrisch.  Begin 2022 start een campagne om brom/snorfietsen uitgebreider te informeren over de invoering van de uitstootvrije zone per 2025. Ter voorbereiding hierop is een uitgebreid onderzoek uitgevoerd onder brom- en snorrijders om zo meer te weten te komen over hun kennis, houding en gedrag t.a.v. een uitstootvrije zone per 2025.

Mobiele werktuigen  Samen met CIAMS (Combi Infra Amsterdam) en aannemer Van Gelder is het Living Lab Uitstootvrije Bouwplaats een jaar lang uitgevoerd. Hierbinnen is ruime ervaring opgedaan met werken op een uitstootvrije bouwplaats, en met de inzet en het opladen van uitstootvrij bouwmaterieel.  In samenwerking met het Team Bouwdynamiek van Stadsdeel West is de Pilot Aggregaten OudWest uitgevoerd. Er is breed geëxperimenteerd met het weren van vervuilende aggregaten via de objectvergunningen binnen de APV. Op basis van deze inzichten wordt gekeken of/hoe stadsbreed kan worden opgeschaald. •

•

Opnemen gunningscriteria en eisen schone werktuigen in grond/weg-projecten Via de (landelijke) routekaart (zie grijze blok rechtsboven) worden generieke aanbestedingscriteria uitgewerkt om zo een gezamenlijke marktvisie en aanbestedingsbeleid vorm te geven.

Regulering mobiele werktuigen Ook ten aanzien van het reguleren van bouwmaterieel volgen we het landelijke spoort via de routekaart.

In samenwerking met de G4 en andere SLAdeelnemers wordt er gewerkt aan de Routekaart Uitstootvrije Mobiele Werktuigen. Het ministerie van I&W heeft hierin lead genomen en Twynstra Gudde heeft opdracht gekregen het proces te begeleiden. De deelnemers leveren inhoud. Er bestaat een werkgroep en een projectgroep. Gemeente Amsterdam neemt aan beide groepen deel. Binnen het SLA wordt ook gekeken naar mogelijkheden voor een betere aanpak van de overlast als gevolg van houtstook.

Houtstook  Er is gestart met de voorlichtingscommunicatie over het stoken van hout. Doel van de voorlichting is het creëren van bewustwording over de gevolgen van houtstoot voor de gezondheid en het bieden van handelingsperspectief voor verantwoord(er) hout stoken. Overig • Onderzoek differentiatie parkeertarieven De gemeente is ten aanzien van het mogen differentiëren in parkeertarieven (uitstootvrij vs. fossiel) afhankelijk van landelijke wetgeving. Momenteel voorziet de wetgeving nog niet in het lokaal mogelijk maken van parkeerdifferentiatie. Het is nog onbekend wanneer hierover meer duidelijk wordt.

November 2021 | 11

2.3 Aanpak

Faciliteren Veilige, betrouwbare, toegankelijk en betaalbare laadinfrastructuur is een randvoorwaarde voor de overstap naar uitstootvrije mobiliteit. In het Strategisch Plan Laadinfrastructuur 2020 – 2030 is de aanpak hiervoor beschreven.

Publiek laden In de openbare ruimte zorgt de gemeente voor een dekkend oplaadnetwerk voor elektrische auto’s. Het aantal standaard laadpalen is het afgelopen jaar gegroeid van 2312 tot 2494 palen. De laadpalen tezamen bevatten in totaal 4987 oplaadpunten.

Snelladen Het aantal snelladers is het afgelopen jaar uitgebreid van 22 tot 32 snellaadlocaties (zie afbeelding). Afgelopen zomer is op het bedrijventerrein bij de Anthony Fokkerweg een publieke locatie geopend met 10 snelladers.  Vanuit de NAL (Nationale Agenda Laadinfrastructuur) is een werkgroep opgezet om kennis, kunde en netwerk te vergaren m.b.t. de uitrol van logistiek laden. In G4-verband is afgesproken om een Uitvoeringsplan Laadinfra Logistiek te maken. Onderdeel hiervan is de ontwikkeling van regionale laadplankaarten om de (snel)laadzekerheid voor herkomst- en bestemmingsladen te vergroten.

 In 2021 is een nieuw aanvraag- en realisatie systeem voor publieke laadpalen ontwikkeld. Hiermee neemt de gemeente meer regie over het plaatsingsproces en de locatiekeuze van laadpalen.  Total Energies is de nieuwe contractpartij die tot 2023 de benodigde groei van het publieke laadnetwerk gaat realiseren. De eerste palen binnen deze concessie zijn geplaatst. Ondertussen wordt de volgende aanbesteding voorbereid. Het doel hierbij is niet alleen om tot een kostenefficiënte overeenkomst te komen, maar ook om in te zetten op innovatieve oplossingen zoals slim laden.

November 2021 I 12

Semi-publiek & Privaat laden Naast de uitrol van het publiek laadnetwerk, is de groei van laadinfra in de semipublieke en private ruimte noodzakelijk om een volledig dekkend laadnetwerk te realiseren. Om plaatsing eenvoudiger te maken voor particulieren, VvE’s en andere eigenaren van parkeerterreinen wordt gewerkt aan de juiste omstandigheden en randvoorwaarden.  Parkeergarage-eigenaren vrezen dat elektrisch laden in (VvE-)garages onveilig is door brandgevaar en zijn bang voor hoge beheerkosten. Daarom is een samenwerking gestart met Brandweer Amsterdam Amstelland m.b.t. uitleg over brandveiligheid. De verwachting hiermee is dat de weerstand tegen het plaatsen van laadpunten afneemt en het draagvlak voor laadpunten in garages gestaag kan groeien.  In Amsterdam zijn 8 woningcorporaties actief. Daarvan hebben er 5 toegezegd om aan de slag te gaan met laadpunten en zijn er 4 reeds aan het onderzoeken hoe een start gemaakt moet worden. De gemeente ondersteunt het onderzoek met gedeeltelijke financiering. Binnenkort worden de eerste laadpunten verwacht in enkele garages.  Conform de toezeggingen in het Strategisch Laadplan is aan hand van een stakeholdersessie begonnen met het ontwikkelen van een aanpak/instrumentenkist voor het stimuleren van semipublieke en private laadpunten.

 In nieuwbouwprojecten worden al volop laadpunten gerealiseerd in garages. Een groeiende groep bewoners wil elektrisch kunnen laden in garages en binnen nieuwbouw kan een projectontwikkelaar deze wens relatief makkelijker realiseren. In samenwerking met het Programma Duurzame Gebiedsontwikkeling wordt gekeken welke randvoorwaarden vanuit de gemeente hiervoor nodig zijn.

Congestie op het elektriciteitsnet Het afgelopen jaar zijn delen van Amsterdam reeds geconfronteerd met capaciteitsproblemen op het energienet. De vraag naar elektriciteit zal de komende jaren onverminderd groot blijven. Het is daarom belangrijk om slim en flexibel om te gaan met de energievraag ten gevolge van elektrische mobiliteit (zie de volgende paragraaf ‘Energiestrategie’). Vooralsnog heeft de congestie geen betrekking op het laagspanningsnet (o.a. publieke laadinfrastructuur), maar wel op het middenspanningsnet (o.a. snelladen).

Energiestrategie Om te voorkomen dat het Amsterdamse elektriciteitsnet piekvragen niet aan kan, moet publieke laadinfrastructuur zoveel mogelijk flexibel kunnen laden. Door deze flexibiliteit kan het net ontlast worden op piekmomenten. De gemeente heeft een aanjagende rol om technische innovaties op dit vlak te stimuleren.  Er is gestart met Flexpower 3. Binnen dit project wordt gewerkt aan een opschaalbare, toekomstbestendige manier van het laden van personenauto’s aan publieke laadpalen. De insteek is dat deze aanpak kan worden verankerd in de toekomstige aanbesteding. Het gaat om 126 palen in 10 wijken. Het betreft een samenwerking met netbeheerder Liander, Heijmans, Vattenfall, Hogeschool van Amsterdam en ElaadNL  Er is gestart met het Project Batterijhub P&R Zeeburg. Binnen dit project wordt slim laden gestimuleerd door, aanvullend op de beperkte laadcapaciteit voor 8 laadpalen, gebruik te maken van de inzet van een batterij. De toegevoegde waarde, haalbaarheid en opschaalbaarheid worden gedurende de looptijd van het project in kaart gebracht.

November 2021 I 13

2.4 Aanpak

Reguleren Verplicht de overstap naar uitstootvrije varianten: er is een stok achter de deur om het alternatief na te leven! De invoer van milieu- uitstootvrije zones weert de vervuilendste voertuigen uit de stad. Milieuzones per 2021 Milieuzones zijn het sterkste regulerende middel om oude en vervuilende dieselvoertuigen uit de stad te weren. Andere brandstoffen zijn welkom. Met ingang van het jaar 2021 golden in Amsterdam de onderstaande milieuzones voor dieselvoertuigen.

 De milieuzone voor bestelauto’s, die per 1 november 2020 werd aangescherpt en werd uitgebreid met een geografisch groter gebied binnen de Ring A10, wordt vanaf 1 maart formeel gehandhaafd.

Voortgang en doorkijk ASL

Aanstaande aanscherping milieuzones

2022 (diesel)milieuzone vrachtwagens aanscherpen naar emissieklasse-6 diesel 

Op 8 december 2020 is het verkeersbesluit over de aanscherping van de (diesel)milieuzones voor vrachtauto’s en autobussen/touringcars definitief vastgesteld. Per 1 januari 2022 wordt het volgende van kracht:  Vrachtauto’s: toegang voor emissieklasse-6  Autobussen en touringcars: toegang voor emissieklasse-6

Verdere ontwikkelingen 2021  De nieuwe milieuzone voor personenauto’s, die per 1 november 2020 van kracht is, wordt vanaf 1 maart 2021 formeel gehandhaafd, wat wil zeggen dat overtreders vanaf dat moment beboet worden. Daarnaast is het geografische gebied binnen de Ring A10 vergroot.  Vrachtauto’s: toegang voor emissieklasse-4 en hoger  Autobussen en touringcars: toegang voor emissieklasse-4 en hoger  Bestelauto’s: toegang voor emissieklasse-4 en hoger  Personenauto’s: toegang voor emissieklasse-4 en hoger  Taxi’s: toegang voor voertuigen met een Datum Eerste Toelating vanaf 1-1-2009  Brom- en snorfietsen: toegang voor voertuigen met Datum Eerste Toelating vanaf 1-1-2011

2021 Verbod groengas taxi’s op schone taxistandplaatsen 

2022 (diesel)milieuzone autobussen aanscherpen naar emissieklasse-6 diesel  2025 Milieuzone bebouwde kom voor brom- en snorfietsen wordt uitstootvrij

2025 Uitstootvrije zone voor vracht- en bestelwagens binnen de Ring A10 (UAS) 2025 Uitstootvrije zone voor taxi’s, OVbussen en touringcars binnen de Ring A10

2025 Pleziervaart uitstootvrij in het centrum 2025 Passagiersvaart en GVB-veren uitstootvrij op Amsterdams binnenwater 2030 Uitstootvrij gebied binnen de bebouwde kom voor alle modaliteiten November 2021 I 14

Voorbereiding 2025 Na de aanscherping van de milieuzone voor vrachtwagens en autobussen per 1 januari 2022 komt de volgende mijlpaal inzicht: de invoering van uitstootvrije zones per 2025. Als alle in het ASL geprogrammeerde milieuzones begin 2022 zijn ingevoerd en aangescherpt, start de actieve voorbereiding op de volgende belangrijke mijlpaal: de invoer van uitstootvrije zones in 2025. De uitkomsten van de landelijke evaluatie van de Landelijke harmonisatie milieuzones in 2022 is bepalend voor het kunnen uitvoeren van deze ambities (zie kader). De gemeente wacht hier echter niet op en is gestart met de voorbereiding om op tijd klaar te zijn en om voertuigeigenaren duidelijkheid én handelingsperspectief te geven.

Stand van zaken landelijke discussie(s) Of Amsterdam de ambities uit het ASL (lees: de invoering van uitstootvrije zones) kan en mag uitvoeren, wordt in grote mate bepaald door de landelijke evaluatie van de harmonisatieregeling milieuzones (zie grijze blok).  Voor stadslogistiek vormt de landelijke Uitvoeringsagenda Stadslogistiek al wel een basis. De lokale invoering van de uitstootvrije zone is daarmee zo goed als zeker. Er is formeel draagvlak vanuit de Commissie Bevoorrading Amsterdam en het bedrijfsleven.

 Voor taxi is de Routekaart ZE Taxi landelijk ondertekend, een belangrijke stap in de richting van uitstootvrije zones als beleidsinstrument. In deze routekaart is expliciet opgenomen dat de mogelijkheden hiertoe nog wel uitvoerig moeten worden bekeken. Momenteel onderhoudt Amsterdam een convenant met de taxibranche in Amsterdam. Hierin is draagvlak voor de uitstootvrije zone bekrachtigd.  De mogelijkheid om een uitstootvrije zone voor autobussen/touringcars en personenauto’s in te stellen is afhankelijk van de landelijke uitkomsten van de evaluatie.  Voor de invoer van uitstootvrije zones voor brom- en snorfietsen en pleziervaart geldt een lokaal mandaat.

Evaluatie van ‘harmonisatie milieuzones’

De Amsterdamse route naar 2025 De gemeente is – vooruitlopend op de uitkomst van de landelijke discussie - begonnen met de voorbereiding van de invoering van de uitstootvrije zones in 2025. Daarbij hanteren we de volgende uitgangspunten:  Per modaliteit wordt een integraal maatregelenpakket uitgewerkt op basis van de bekende ASLpijlers: communicerend (duidelijkheid, perspectief), stimulerend (subsidies, privileges), faciliterend (laadinfrastructuur) en regulerend (uitwerking zones, ontheffingen). Dit doen we samen met stakeholders. Begin 2022 wordt de raad uitgebreider geïnformeerd over de voorbereidingen op de invoering van de uitstootvrije zones in 2025.

Op 29 oktober 2019 is door het Rijk het ‘besluit harmonisatie milieuzones’ genomen. De landelijke harmonisatie milieuzones zorgt voor uniformering van de toegangseisen van milieuzones in alle gemeenten in Nederland. Hierdoor weet de weggebruiker in heel Nederland waar hij aan toe is en wordt een lappendeken van verschillende gemeentelijke regelingen voorkomen. Het Rijk wil de landelijke harmonisatie milieuzones in 2022 evalueren waarna bekeken zal worden hoe de aanscherping van het milieuzone-beleid daarna vorm zal krijgen. De evaluatie wordt medio 2022 verwacht en over de feiten en uitkomsten wordt de Raad te zijner tijd ingelicht middels een uitgebreide Raadsinformatiebrief.

November 2021 I 15

3. Voortgang op Straat Wagenpark Amsterdam Inleiding Zoals toegezegd in het ASL wordt jaarlijks het wagenpark dat in Amsterdam rijdt gemonitord. Er is een analyse gedaan van kentekenscans, afkomstig uit alle Amsterdamse ANPR-camera’s. De gegevens in dit hoofdstuk hebben betrekking op aug. 2020 t/m juli 2021.

Wagenparksamenstelling en verschoning Diagram 1 geeft een representatief beeld van het Amsterdamse wagenpark (alle voertuigen die in Amsterdam rijden). Personenauto’s worden met 76% het meeste gedetecteerd. Een detectie staat gelijk aan één vervoersbeweging langs één van de ANPRcamera’s. De onderlinge verhoudingen zoals afgelopen jaar zijn vastgesteld, wijken nauwelijks af van de 12 maanden ervóór. Diagram 4 geeft per modaliteit het percentage uitstootvrije detecties t.o.v. het totaal weer. Hieruit blijkt dat de verschoning van de vloot taxi’s, bussen en brom- en snorfietsen (BSF) vooruitloopt op die van andere modaliteiten. De verschoning van autobussen en BSF hebben de grootste spurt doorgemaakt. Dit kan worden verklaard o.b.v. de verschoning van OVbussen i.c.m. de relatieve afwezigheid van touringcars gedurende Corona-tijd, en door de opmars van schone deelscooterconcepten in Amsterdam.

Diagram 3: verhouding detecties in Amsterdam per voertuigcategorie (bron: passagearchief)

Diagram 4: verhouding uitstootvrije detecties in Amsterdam t.o.v. het totaal aantal detecties per voertuigcategorie (bron: passagearchief)

November 2021 I 16

EURO-normen In deze paragraaf wordt de onderverdeling naar emissieklassen (diesel & benzine) per modaliteit weergegeven. Per modaliteit is gericht op de huidige milieuzone-gebieden per modaliteit. Voor motoren (waar geen milieuzone voor van kracht is) is net als bij brom- en snorfietsen (waarvoor een milieuzone geldt ter grootte van de bebouwde kom) gekozen voor een analysegebied binnen de gehele bebouwde kom. De emissieklassen waarvan het cumulatieve aandeel ten opzichte van het totale aantal detecties lager bleek dan 1% zijn buiten beschouwing gelaten. Voor deze voertuigen geldt dat hun aandeel in het totaal nihil is. Ook het aandeel ‘onbekende’ detecties is buiten beschouwing. Deze percentages variëren van 0% (personen) tot max. 5% (vracht).

12,17%

   

5,01%

  

Uitstootvrij is licht toegenomen (1.62%-punt) Emissieklasse 6 is heel licht toegenomen (0.5%-punt) Emissieklassen-5, -4 en -3 zijn allen licht afgenomen

Uitstootvrij is licht toegenomen (1.47%-punt) Emissieklasse-6 is fors toegenomen (12%-punt) Emissieklasse-5 is fors afgenomen (-10%-punt) Emissieklasse-4 is vrijwel volledig verdwenen

2,07%

  

12,39%

  

Uitstootvrij is fors toegenomen (8%-punt) Emissieklasse-6 is fors afgenomen (8%-punt) Emissieklasse-5 is redelijk afgenomen (5%-punt)

Uitstootvrij is licht toegenomen (0.69%-punt) Emissieklassen-6 is redelijk toegenomen (7%-punt) Emissieklassen-5, -4 en -3 zijn allen licht afgenomen

1,99%

  

Uitstootvrij is licht toegenomen (0.31%-punt) Emissieklasse-6 is redelijk toegenomen (7%-punt) Emissieklasse-5 is fors afgenomen (13%-punt)

November 2021 I 17

Vergelijking met vorig jaar (algemeen) 15,30%

Uitstootvrij is fors toegenomen (8%-punt)

0,73%

 

De korte teksten in de rode kaders onder elke diagram sommen de verschillen t.o.v. vorig jaar op. Over het algemeen kan geconcludeerd worden dat de verschoning voor elke modaliteit van het wegverkeer, met uitzondering van motoren, heeft voortgezet. De stijging van het aandeel brom- en snorfietsen en van bussen is het grootst (let op: Corona heeft invloed op de samenstelling OV-bussen vs. touringcars). De verschoning van stadslogistiek verloopt het langzaamst. Voor alle modaliteiten, m.u.v. bussen en motoren, geldt verder dat de emissieklassen van de motoren (hier: onderdeel van de aandrijflijn) schoner wordt. Er wordt steeds vaker emissieklasse-6 gedetecteerd. De emissieklassen 1 t/m 5 neemt over het algemeen (variërend van licht naar fors) gestaag af. Dit zou erop duiden dat de ingevoerde milieuzones effectief zijn in het weren van de oud(st)e en vervuilend(st)e voertuigen uit Amsterdam.

Uitstootvrij is licht afgenomen (0.44%-punt) Overige verhoudingen zijn nagenoeg gelijk gebleven

November 2021 I 18

4. Stand van Zaken overige ASL-opgaven Varen/Veren /OV-bussen/Gemeente-wagenpark Varen Alle passagiersvaartuigen op het Amsterdamse binnenwater dienen in 2025 uitstootvrij te varen. Voor pleziervaartuigen geldt dat in 2025 in het centrum uitsluitend nog uitstootvrij mag worden gevaren. Vanaf 2030 geldt dat alle pleziervaart in heel Amsterdam uitstootvrij moet zijn. 70% van de passagiersvoertuigen vaart in 2021 uitstootvrij. De prognose is dat er volledig uitstootvrij wordt gevaren per maart 2025. 5% van de pleziervaart vaart in 2021 uitstootvrij. Dit is een grove schatting van het Programma Varen. Eind 2022 staat een evaluatie gepland om de uitstootcijfers van pleziervaart opnieuw te bepalen. Dan wordt het percentage uitstootvrije vaartuigen (incl. voertuigoppervlak) accurater ingeschat).

 Het vergunningsstelsel voor transport over water wordt aangepast waarbij één van de eisen wordt dat er sprake moet zijn van uitstootvrij transport. Implementatiedatum hiervan is nog onbekend.  Voor zowel passagiers- als pleziervaart wordt m.b.v. pilots toegewerkt naar een passende laadstrategie (2022). Voor pleziervaart is reeds gestart met de aanleg van een laadnetwerk. In 2021 zijn 10 nieuwe palen geplaatst.

Veren De gemeente heeft samen met GVB afspraken gemaakt over het verschonen van de IJveren. De strategie schrijft een stapsgewijze verschoning van de vloot tot 2030 voor. Jaarlijks wordt de strategie geëvalueerd en waar nodig aangepast op basis van prognoses m.b.t. de reizigersgroei.  Het college heeft dit jaar besloten om o.b.v. Update Nota Veren 2021 aan te sluiten op de vervangings- onderhoudsschema’s van de huidige veren. Dit sluit beter aan bij huidige financiële condities van de stad. De komende jaren worden naar verwachting 7 nieuwe emissievrije veren aangeschaft. Het College zal de Raad uiterlijk in 2024 de keuze voorleggen om alle bestaande veren om te bouwen naar plug-in hybride.  Als hiervoor wordt gekozen, zal de gehele vloot in 2028 emissievrij kunnen varen. Eind 2025 zou de samenstelling van de vloot overeenkomen met de staafdiagram, zoals hiernaast getoond.

OV-bussen GVB, de Vervoersregio Amsterdam en de gemeente Amsterdam werken samen aan de realisatie van uitstootvrije bussen voor de concessie Amsterdam. Het doel is om in 2025 alleen nog maar met ZE bussen te rijden. Dit wordt bereikt door de huidige dieselbussen van GVB aan het eind van hun technische levensduur te vervangen door ZE bussen. Zo ontstaat op een natuurlijke wijze de vervanging in verschillende opeenvolgende batches.  2 van de 6 batches zijn inmiddels verschoond. Naar verwachting wordt de 3e batch in 2022 verschoond. Verschoning van de overige batches volgt vanaf 2023. Het complete wagenpark kent momenteel de samenstelling zoals weergegeven in onderstaande tabel.  De bussen van Connexxion, die onder de concessie van Amstelland rijden, zijn bijna inmiddels al bijna volledig uitstootvrij. Milieuklasse

Aantal

EEV1

118 (55%)

EURO VI

54 (25%)

ZE

44 (20%)

Totaal

216

1 = een tussencategorie tussen EURO V en EURO VI

November 2021 I 19

Gemeente-wagenpark “Goed voorbeeld doet volgen”, zo luidt de strategische leus in het ASL. In het Transitieplan Verduurzaming Amsterdams Wagenpark (2019) zijn doelstellingen afgesproken om het eigen wagenpark tot 2030 stapsgewijs te verschonen. Ondanks dat de gemeente goed op weg is om de gestelde ambities na te jagen, is er de komende jaren nog veel werk te verzetten om deze daadwerkelijk te realiseren. Afgelopen jaar zijn enkele belangrijke mijlpalen behaald.  Alle nieuwe bestellingen en leasecontracten van personenauto’s zijn vanaf heden uitsluitend elektrisch.  Er is een elektrische voertuigen hub gerealiseerd op de Weesper-As. Voor drie gemeentelijke panden op de Weesperplein en Weesperstraat zijn opgeteld 54 laadaansluitingen aanwezig.  De aanbesteding voor de aanschaf van elektrische heftrucks is afgerond. Daarmee is de vervanging van fossiel aangedreven heftrucks naar een elektrische variant ingezet en is de prognose dat de doelstelling voor heftrucks in 2022 behaald wordt.

November 2021 I 20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10968368/1