CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

1b. regels bestemmingsplan Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 10 april 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken’ (VN2024-002168)3.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestemmingsplan Partiële Technische Herziening Drijvende Bouwwerken

Vastgesteld

Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid bestemmingsplan Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken

Colofon

Opdrachtgever Opdrachtnemer

Ruimte en Duurzaamheid

IMRO_idn

NL.IMRO.0363.GA2301PBPGST-VG01

Datum print

25 Februari 2024

Planstatus

vastgesteld

blz. 3

Inhoudsopgave Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Hoofdstuk 2 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Hoofdstuk 3 Artikel 6

5 Inleidende regels

6

Begrippen

6

Bestemmingsregels

7

Wijzigingen begrippen Wijzigingen wijze van meten Wijzigingen bestemmingsregels Wijzigingen bijlagen

7 8 9 17

Overgangs- en slotregels

18

Slotregel

18

Gemeente Amsterdam

blz. 4

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 5

Regels

Gemeente Amsterdam

blz. 6

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels Begrippen

plan:

Het (paraplu)bestemmingsplan Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken met identificatienummer NL.IMRO.0363.GA2301PBPGST-OW01 van de gemeente Amsterdam; 1.2

bestemmingsplan:

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3

bestemmingsplan Drijvende bouwwerken

Het (paraplu)bestemmingsplan 'Drijvende bouwwerken' van de gemeente Amsterdam met identificatienummer NL.IMRO.0363.GA1601PBPGST-VG01, bij besluit van 18 september 2019. 1.4

planregels

De regels, deel uitmakende van het (paraplu)bestemmingsplan 'Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken'. 1.5

verbeelding

De verbeelding van het bestemmingsplan.

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 7

Hoofdstuk 2 Artikel 2

Bestemmingsregels Wijzigingen begrippen

De begrippen van het bestemmingsplan 'Drijvende bouwwerken' worden als volgt herzien: Artikel 1.17 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1.17

Waterbeleidsregels

de beleidsregels welke betrekking hebben op water en waarin toetsingscriteria ten aanzien van drijvende bouwwerken zijn opgenomen: 'Bootrichtlijnen 2014' van het stadsdeel Centrum (vastgesteld door het dagelijks bestuur op 21 januari 2014), opgenomen in Bijlage 2; 'Beleidsnotitie woonboten en oevergebruik Stadsdeel Oost' van het stadsdeel Oost (vastgesteld door de stadsdeelraad Oost op 25 juni 2013), opgenomen in Bijlage 3; 'Richtlijnen woonboten Stadsdeel Westerpark 2008' van het stadsdeel Westerpark (vastgesteld door het dagelijks bestuur op 18 november 2008), opgenomen in Bijlage 4; 'Beoordelingscriteria historische boten in de Amsterdamse binnenstad' van het stadsdeel Centrum (vastgesteld door het dagelijks bestuur op 19 augustus 2008), opgenomen in Bijlage 5; 'Richtlijnen bij vervanging van woonboten' (vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam op 13 juni 1996), opgenomen in Bijlage 6. Artikel 1.18, 1.19 en 1.20 worden doorgenummerd naar 1.19, 1.20 en 1.21, aan artikel 1 wordt een nieuw artikel 1.18 toegevoegd en komt als volgt te luiden: 1.18

Waterlijn

de grens tussen boven en onder water; Artikel 1.19 dat wordt doorgenummerd naar 1.20 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1.20

woonboot, woonschip, woonvaartuig, woonark

voor zover in het moederplan staat dat deze objecten geen bouwwerken zijn als bedoeld in de Woningwet, dient deze zinsnede te worden beschouwd als geschrapt. In dit plan wordt uitgegaan van het hoofdbegrip woonboot, dat onderverdeeld wordt in woonschepen, woonvaartuigen en woonarken. Indien het moederplan een ander hoofdbegrip hanteert, dient daar waar in dit plan "woonboot" staat het desbetreffende hoofdbegrip uit het moederplan te worden gelezen.

Gemeente Amsterdam

blz. 8

Artikel 3

Wijzigingen wijze van meten

De wijze van meten van het bestemmingsplan 'Drijvende bouwwerken' wordt als volgt herzien: Aan artikel 2 wordt 2.4 toegevoegd en komt als volgt te luiden: 2.4

de diepgang van een drijvend bouwwerk

De verticale afstand gemeten vanaf de waterlijn tot aan het laagste punt van een drijvend bouwwerk.

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 9

Artikel 4

Wijzigingen bestemmingsregels

De bestemmingsregels van het bestemmingsplan 'Drijvende bouwwerken' worden als volgt herzien: 4.1

Artikel 3 - Recreatie-dagrecreatie 1

De eerste volzin van artikel 3.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 3.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 3.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 3.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. Artikel 3.1.2 sub d wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: d. Onderlinge afstand 1. De onderlinge afstand tussen de voor- en achterzijden van drijvende bouwwerken en/of schepen als bedoeld in artikel 1, lid 7, van de Woningwet bedraagt tenminste 2 meter, tenzij: de bestaande afstand kleiner is. In dat geval geldt die kleinere afstand; op grond van de waterbeleidsregels een grotere afstand gehanteerd moet worden. In dat geval geldt de afstand in de waterbeleidsregels. Artikel 3.1.2 sub e wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: e. Verbouwen en vervangen 1.

Bij het verbouwen en vervangen van drijvende bouwwerken is artikel 3.1.6 van overeenkomstige toepassing. Aan artikel 3.1.2 wordt sub f toegevoegd: f. Dubbel afmeren 1. Een drijvend bouwwerk dat aan de lange zijde van de waterzijde van een ander drijvend bouwwerk ligt of komt te liggen, wordt geplaatst in overeenstemming met de waterbeleidsregels. Aan artikel 3.1 worden 3.1.6 en 3.1.7 toegevoegd: 3.1.6 Verbouwen en vervangen

Gemeente Amsterdam

blz. 10

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk waarbij een drijvend bouwwerk wordt verbouwd tot of vervangen door een ander drijvend bouwwerk, wordt slechts verleend indien het verbouwen of vervangen voldoet aan de geldende voorschriften uit de waterbeleidsregels, daaronder begrepen: 1. verbouwen en vervangen; 2. specifieke en beperkende maatvoeringen. 3.1.7 Terrassen en drijvende tuinen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een terras op of aan of een drijvende tuin aan een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien deze voldoet aan de waterbeleidsregels. De eerste volzin van artikel 3.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Bij omgevingsvergunning kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en afmetingen van het drijvende bouwwerk, terrassen en drijvende tuinen indien dit noodzakelijk is vanwege: 4.2

Artikel 5 - Water

De eerste volzin van artikel 5.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 5.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 5.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 5.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. Artikel 5.1.2 sub d wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: d. Onderlinge afstand 1. De onderlinge afstand tussen de voor- en achterzijden van drijvende bouwwerken en/of schepen als bedoeld in artikel 1, lid 7, van de Woningwet bedraagt tenminste 2 meter, tenzij: de bestaande afstand kleiner is. In dat geval geldt die kleinere afstand. op grond van de waterbeleidsregels een grotere afstand gehanteerd moet worden. In dat geval geldt de afstand in de waterbeleidsregels. 2.

Indien op grond van de waterbeleidsregels een bepaalde afstand moet worden gehanteerd tussen een drijvend bouwwerk en een brug, geldt die afstand als minimale onderlinge afstand tussen een drijvend bouwwerk en een brug. bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 11

Artikel 5.1.2 sub e wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: e. Verbouwen en vervangen 1. Bij het verbouwen en vervangen van drijvende bouwwerken is artikel 5.1.6 van overeenkomstige toepassing. 2. In afwijking van het eerste lid en artikel 9.2.1. van het moederplan 'Water' is het verbouwen en vervangen van een drijvend bouwwerk ter plaatse van de dubbelbestemming 'Waterstaat – Waterbergingsgebied' toegestaan, mits de hoogte, lengte, breedte en diepgang ten opzichte van het bestaand drijvend bouwwerk, niet wordt vergroot. Aan artikel 5.1.2 wordt sub f toegevoegd: f. Dubbel afmeren 1. Een drijvend bouwwerk dat aan de lange zijde van de waterzijde van een ander drijvend bouwwerk ligt of komt te liggen, wordt geplaatst in overeenstemming met de waterbeleidsregels. Aan artikel 5.1 worden 5.1.6 en 5.1.7 toegevoegd: 5.1.6 Verbouwen en vervangen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk waarbij een drijvend bouwwerk wordt verbouwd tot of vervangen door een ander drijvend bouwwerk, wordt slechts verleend indien het verbouwen of vervangen voldoet aan de geldende voorschriften uit de waterbeleidsregels, daaronder begrepen: 1. verbouwen en vervangen; 2. specifieke en beperkende maatvoeringen.

5.1.7 Terrassen en drijvende tuinen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een terras op of aan of een drijvende tuin aan een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien deze voldoet aan de waterbeleidsregels. De eerste volzin van artikel 5.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Bij omgevingsvergunning kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en afmetingen van het drijvende bouwwerk, terrassen en drijvende tuinen indien dit noodzakelijk is vanwege: 4.3

Artikel 6 - Water - 1

De eerste volzin van artikel 6.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 6.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale Gemeente Amsterdam

blz. 12

bouwhoogte. Artikel 6.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 6.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. Artikel 6.1.2 sub d wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: d. Onderlinge afstand 1. De onderlinge afstand tussen de voor- en achterzijden van drijvende bouwwerken en/of schepen als bedoeld in artikel 1, lid 7, van de Woningwet bedraagt tenminste 2 meter, tenzij: de bestaande afstand kleiner is. In dat geval geldt die kleinere afstand. op grond van de waterbeleidsregels een grotere afstand gehanteerd moet worden. In dat geval geldt de afstand in de waterbeleidsregels. Artikel 6.1.2 sub e wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: e. Verbouwen en vervangen 1. Bij het verbouwen en vervangen van drijvende bouwwerken is artikel 6.1.6 van overeenkomstige toepassing. Aan artikel 6.1.2 wordt sub f toegevoegd: f. Dubbel afmeren 1. Een drijvend bouwwerk dat aan de lange zijde van de waterzijde van een ander drijvend bouwwerk ligt of komt te liggen, wordt geplaatst in overeenstemming met de waterbeleidsregels.

Aan artikel 6.1 worden 6.1.6 en 6.1.7 toegevoegd: 6.1.6 Verbouwen en vervangen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk waarbij een drijvend bouwwerk wordt verbouwd tot of vervangen door een ander drijvend bouwwerk, wordt slechts verleend indien het verbouwen of vervangen voldoet aan de geldende voorschriften uit de waterbeleidsregels, daaronder begrepen: 1. verbouwen en vervangen; 2. specifieke en beperkende maatvoeringen. 6.1.7 Terrassen en drijvende tuinen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een terras op of aan of een drijvende tuin aan een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien deze voldoet aan de waterbeleidsregels.

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 13

De eerste volzin van artikel 6.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Bij omgevingsvergunning kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en afmetingen van het drijvende bouwwerk, terrassen en drijvende bouwwerken indien dit noodzakelijk is vanwege: 4.4

Artikel 7 - Water - 2

De eerste volzin van artikel 7.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 7.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 7.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 7.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. 4.5

Artikel 8 - Water - 3

De eerste volzin van artikel 8.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 8.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 8.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 8.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. 4.6

Artikel 9 - Water - 4

De eerste volzin van artikel 9.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels:

Gemeente Amsterdam

blz. 14

Artikel 9.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 9.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 9.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte.

4.7

Artikel 13 - Wonen - 2 (wonen op water 123)

De eerste volzin van artikel 13.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 13.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 13.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 13.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. Artikel 13.1.2 sub d wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: d. Onderlinge afstand 1. De onderlinge afstand tussen de voor- en achterzijden van drijvende bouwwerken en/of schepen als bedoeld in artikel 1, lid 7, van de Woningwet bedraagt tenminste 2 meter, tenzij: de bestaande afstand kleiner is. In dat geval geldt die kleinere afstand. op grond van de waterbeleidsregels een grotere afstand gehanteerd moet worden. In dat geval geldt de afstand in de waterbeleidsregels. Artikel 13.1.2 sub e wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: e. Verbouwen en vervangen 1.

Bij het verbouwen en vervangen van drijvende bouwwerken is artikel 13.1.6 van overeenkomstige toepassing.

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 15

Aan artikel 13.1.2 wordt sub f toegevoegd: f. Dubbel afmeren 1. Een drijvend bouwwerk dat aan de lange zijde van de waterzijde van een ander drijvend bouwwerk ligt of komt te liggen, wordt geplaatst in overeenstemming met de waterbeleidsregels. Aan artikel 13.1 worden 13.1.6 en 13.1.7 toegevoegd: 13.1.6 Verbouwen en vervangen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk waarbij een drijvend bouwwerk wordt verbouwd tot of vervangen door een ander drijvend bouwwerk, wordt slechts verleend indien het verbouwen of vervangen voldoet aan de geldende voorschriften uit de waterbeleidsregels, daaronder begrepen: 1. verbouwen en vervangen; 2. specifieke en beperkende maatvoeringen. 13.1.7 Terrassen en drijvende tuinen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een terras op of aan of een drijvende tuin aan een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien deze voldoet aan de waterbeleidsregels. De eerste volzin van artikel 13.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Bij omgevingsvergunning kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en afmetingen van het drijvende bouwwerk, terrassen en drijvende tuinen indien dit noodzakelijk is vanwege: 4.8

Artikel 15 - Wonen - 3 (wonen op water 124)

De eerste volzin van artikel 15.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: De eerste volzin van artikel 15.1.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende maatvoeringsregels: Artikel 15.1.2 sub a onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale bouwhoogte. Artikel 15.1.2 sub b onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: 1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale lengte. Artikel 15.1.2 sub c onder 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Gemeente Amsterdam

blz. 16

1. De in de bouw- en/of (specifieke) gebruiksregels van het moederplan opgenomen maximale breedte. Artikel 15.1.2 sub d wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: d. Onderlinge afstand 1. De onderlinge afstand tussen de voor- en achterzijden van drijvende bouwwerken en/of schepen als bedoeld in artikel 1, lid 7, van de Woningwet bedraagt tenminste 2 meter, tenzij: de bestaande afstand kleiner is. In dat geval geldt die kleinere afstand. op grond van de waterbeleidsregels een grotere afstand gehanteerd moet worden. In dat geval geldt de afstand in de waterbeleidsregels. Artikel 15.1.2 sub e wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: e. Verbouwen en vervangen 1. Bij het verbouwen en vervangen van drijvende bouwwerken is artikel 15.1.6 van overeenkomstige toepassing. Aan artikel 15.1.2 wordt sub f toegevoegd: f. Dubbel afmeren 1. Een drijvend bouwwerk dat aan de lange zijde van de waterzijde van een ander drijvend bouwwerk ligt of komt te liggen, wordt geplaatst in overeenstemming met de waterbeleidsregels.

Aan artikel 15.1 worden 15.1.6 en 15.1.7 toegevoegd: 15.1.6 Verbouwen en vervangen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een drijvend bouwwerk waarbij een drijvend bouwwerk wordt verbouwd tot of vervangen door een ander drijvend bouwwerk, wordt slechts verleend indien het verbouwen of vervangen voldoet aan de geldende voorschriften uit de waterbeleidsregels, daaronder begrepen: 1. verbouwen en vervangen; 2. specifieke en beperkende maatvoeringen. 15.1.7 Terrassen en drijvende tuinen Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een terras op of aan of een drijvende tuin aan een drijvend bouwwerk wordt slechts verleend indien deze voldoet aan de waterbeleidsregels. De eerste volzin van artikel 15.2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden: Bij omgevingsvergunning kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en afmetingen van het drijvende bouwwerk, terrassen en drijvende tuinen indien dit noodzakelijk is vanwege:

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

blz. 17

Artikel 5

Wijzigingen bijlagen

De bijlagen van het bestemmingsplan 'Drijvende Bouwwerken' worden als volgt herzien: Bijlage 1 en 2 komen te vervallen en worden vervangen door bijlage 1 tot en met 6 zoals opgenomen in de regels van het bestemmingsplan. De geconsolideerde versie van het bestemmingsplan en het bestemmingsplan 'Drijvende bouwwerken' wordt toegevoegd als bijlage 7. Bijlage 3 en 4 worden vernummerd naar bijlage 8 en 9.

Gemeente Amsterdam

blz. 18

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Overgangs- en slotregels Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken'. De volledige naam is de aanhaaltitel.

bestemmingsplan_Partiële technische herziening Drijvende bouwwerken (vastgesteld)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13976747/1