CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

- 19 Grondzaken (31) 1 SP Amstelstation-Amsteloever

RAAD 22 april 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met de financiële paragraaf en Stedenbouwkundig Plan Amstelstation-Amsteloever en het beschikbaar stellen van een uitvoeringskrediet. Nr. VN2021-00143828.566 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

De toren bij het station vormt een onlosmakelijk onderdeel van de nieuwe Van der Kunbuurt en krijgt een uitstraling die past bij de woonfunctie. De vormgeving van de toren zoekt daarbij ook aansluiting bij die van de andere

29 januari 2020 |

torens in het hoogbouwensemble van Amsteloever, ze vormen een familie. Dat betekent dat de opbouw uit eenrondom basement, middenstuk en beëindiging met een lagere gebouwen woonstraat overwegend vierkante hoofdvorm bestaat.

•

hogere bebouwing aan de noord en oostrand

een (half)verdiepte fietsenstalling ten behoeve van het station. Wordt hier in een later stadium voor gekozen, dan wordt er bovenop de stalling een groene omgeving met voldoende ruimte voor sport en spel gecreëerd.

•

relatief grote afgesloten Openbarebinnenhoven ruimte

Het ontwerp van de groene buitenruimte aan de binnenzijde van de buurt wordt samen met de bewoners uitgewerkt. Een aanzienlijk deel daarvan ligt op een (half) verdiepte parkeervoorziening voor fietsen en auto’s. Om een groene inrichting mogelijk te maken dient het dek voldoende gronddekking te krijgen.

• •

duidelijke afbakening openbaar en prive

De Mr. Treublaan, Weesperzijde, het stationsplein en de zone langs het spoor vormen de belangrijkste openbare ruimte rondom de Van der Kunbuurt. De Mr. Treublaan wordt ingericht als een laan die aansluit bij het karakter van de Vrijheidslaan. De Weesperzijde wordt ingericht als fietsstraat met ruimte voor parkeren voor bewoners met een beperking en laden en lossen. Hierdoor ontstaat er ruimte voor een brede groene oever langs de Amstel, een echt verblijfsgebied. Langs de te handhaven flat komt een breed trottoir. Het stationsplein wordt een voetgangersgebied met een groene inrichting. Het groen wordt daarbij gebruikt om het plein te zoneren tussen een wat drukker deel aan de park kant van de Leeuwenburg en een wat rustiger deel met Maat en sfeer van de ruimte iets meer privacy aan de kant van de Van der Kunbuurt. De zone langs het spoor is in beeld als mogelijke plek voor

ark

Indicatieve verkaveling Er zijn in overleg met de huidige bewoners verschillende verkavelingsprincipes onderzocht. Twee varianten bleken populair. De eerste wordt gekenmerkt door een groene binnenwereld met losse woonblokjes en collectieve ruimtes voor bewoners. De tweede variant gaat uit van meer traditionele stadsblokken met een woonstraat en besloten binnentuinen. Er is nog geen voorkeur voor een specifieke verkaveling.

park

29 januari 2020 | 32

•

veel groen

•

kleinschalige gebouwen in het par

•

het park is semi - openbaar

•

het park is goed afgeschermd van

•

goede bezonning

De huidige strokenverkaveling opent de buurt naar alle kanten. Herontwikkeling biedt de kans om een meer besloten en rustig woon- en leefmilieu te creëren. (studie ANA architecten).

29 januari 2020 | 28

Ruime en lichte entrees van de woongebouwen.

Een veilige en groene woonwereld vlakbij het station.

59

Stationsplein

Weesperzijde Mr. Treublaan

25,0

+NAP

78,0

+NAP

40,0

Deze voorbeelduitwerking laat een mogelijke uitwerking van de ontwikkellocatie zien. De uitkoop van woonboten vindt op vrijwillige basis plaats. Op termijn zal in overleg over een herschikking worden nagedacht.

+NAP

Programma (BVO) 47,4 +NAP

rgang derdooimte) 17,5- on 25,0 (zoekru

wonen kantoren voorzieningen

74,0

ng orga erdo te) ond oekruim (z

18,0

+NAP

15

zoek

17,525,0 +NAP

32,0

rga doo hte

parkeren

101,5 +NAP

ng

8

25,0

+NAP

6

17,525,0 +NAP

18,0

28,5

8

7

eigen behoefte & bezoekers op eigen terrein & inpandig

10 scooter Minimaal: volgens norm

Minimaal & maximaal: volgens norm

bezoekersparkeerplekken in eigen parkeervoorziening

De parkeervoorziening heeft voldoende mogelijkheden voor vergroening van het dak, hierbij moet ook ruimte zijn voor bomen.

28,0

15

Parkeren wordt binnen de kavel opgelost.

Op eigen kavel moet minimaal 3.150m2 aan groen gerealiseerd zijn in de eindsituatie. (Dit kan op daken, op eigen erf of op ondergrondse bouwlagen.)

bouwvlak met verplichte rooilijn bebouwingspercentage 80 -100%

tuinen privé

ruimte voor voetgangers, fietsers en autos

bouwvlak met indicatie rooilijn

te behouden deel / transformatie 22,0

expeditie

indicatie maximale bouwhoogte NAP

onderdoorgang (mogelijk)

route auto-ontsluiting

zoekruimte voor toren

onderdoorgang (verplicht)

zoekruimte fietsenstalling (met indicatieve toegang)

+NAP

gebouwen staan min. 12 meter uit elkaar bebouwingspercentage max. 35% 60

Minimaal: volgens norm

eigen behoefte & bezoekers op eigen terrein & inpandig

legenda

22

fiets

auto

42,0

12

55,0

60.800 - 62.900m2 n.v.t. 1.500 - 3.600m2

BVO metrage geldt voor de gehele kavel en is exclusief buitenruimtes en fiets/scooter parkeren. Parkeren van auto's en technische ruimtes met vloeren gelegen onder 0,70 meter NAP vallen niet onder het BVO.

rplic

e te v ruim 17,525,0 +NAP

+NAP

max. 64.400m2 *

38,0

55,5

17,5

* Dat is exclusief de bebouwing aan de Weesperzijde van 5.600m2.

ruimte voor voetgangers en fietsers

+ 101,5m NAP Tot 2/3 van de hoogte mag de toren opgedikt worden, nader te bepalen in overleg met de supervisor.

5-7,5 m

zoekruimte voor de toren

+ 38,0m NAP

+ 0,8m NAP

e imt

ht

plic

ver

ang

org

o ed

+ 25,0m NAP + 17,5m NAP

kru

zoe

+ 0,7m NAP

Treublaan Weesperzijde + 2,3m NAP +25,0m NAP

+ 101,5m NAP

ng

te

lich

e

imt

kru

zoe

p ver

a org

do

+ 38,0m NAP

+ 0,7m NAP + 0,8m NAP min. 8,0m

Stationsloper

Spoor min. 8,0m

+ 2,3m NAP Voor de toren geldt een zoekruimte binnen het gearceerde vlak. Voor de toren geldt dat het bovenste 1/3 deel overwegend vierkant is. Het maximale vloeroppervlakte per verdieping in dit deel is 750 m². Er is nog geen maat bepaald voor de verhouding tussen lengte en breedte van het bovenste 1/3 deel van de toren, dit zal in overleg met de supervisor worden gedaan. De onderste 2/3 mag aan één zijde van de toren worden opgedikt tot in de bouwenvelop aangeduide maatvoering. Een dergelijke opdikking kan ook door de toepassing van buitenruimtes worden bereikt. Wordt hiervan afgezien dan ontstaat een lange slanke toren uit één stuk. In dat geval dient de bovenste 1/3 architectonisch te worden verbijzonderd zodat het principe van voet, middenstuk en beëindiging behouden blijft. Het totaal te realiseren BVO in de bouwenvelop bedraagt 64.400 m² en is exclusief de oppervlakte van buitenruimtes. Bij de volumebepaling is uitgegaan van bouwlagen voor wonen met een hoogte van circa 3 meter en voor kantoren van circa 3,5 meter. De plint heeft tot een diepte van 5 meter uit de gevel een hoogte van 6 à 7 meter. In het geval van een woonplint volstaat een architectonische plint van 2 lagen met een begane grond hoogte van minimaal 3,5 meter.

Buitenruimtes zijn integraal onderdeel van de architectuur. Balkons mogen worden gecombineerd met een loggia. Tot een hoogte van 38 meter NAP zijn buitenruimtes tot 2,5 meter buiten het gevelvlak toegestaan. Vanaf 38 meter NAP mogen buitenruimtes tot 1 meter buiten het gevelvlak steken. Deze 1 meter uitkraging telt niet mee in het vloeroppervlakte van de toren (750 m2). Indien nodig, daar waar het gevelvlak van de toren op de rand van de zoekruimte ligt, mag de 1 meter uitkraging van het balkon ook door de zoekruimte prikken, mits dit privaatrechtelijk en boven de openbare ruimte mogelijk is. Een goed windklimaat is belangrijk voor een openbare ruimte waar voetgangers en fietsers zich prettig voelen. Rond de entree(s) van een gebouw is een A windklimaat wenselijk maar is een B klimaat ook acceptabel. Langs de overige gevels is het streven een A/B windklimaat en kan bij uitzondering een C klimaat optreden. Bij hoge uitzondering mag er in de openbare ruimte een minder goed windklimaat optreden mits dat geen hinderlijke situatie oplevert. Het windhinderonderzoek is verplichtend en gebeurt in samenwerking met de gemeente. Hebben maatregelen en voorzieningen in of rond het gebouw om een goed windklimaat te bereiken effect op de uitstraling van het gebouw, dan worden die in overleg met de supervisor bepaald.

61

4.3 Amstelstation Huidige situatie

eigenaar

NS/ProRail

grondpositie

eigen grond

BVO

55 m2 (kiosk)

gebruik

openbare ruimte en kiosk

vigerend bestemmingsplan openbare ruimte, kleinschalige detailhandel en spoorreservering Toekomstige situatie In het plan wordt het mogelijk gemaakt om een tweede stationshal met een beperkte uitbreiding van detailhandel te realiseren. De hal staat los van de stationsoverkapping die onderdeel van het rijksmonument is. Voor de bijbehorende fietsenstalling zijn twee opties in beeld: (half) verdiept langs de spoordijk richting de Mr. Treublaan of geheel verdiept onder het stationsplein richting de Amstel. De 12 meter brede spoorreservering blijft in alle gevallen intact. Oriëntatie De nieuwe stationshal staat op het snijpunt van de stationspassage, het stationsplein, het groene talud richting de Mr. Treublaan waar een (half)verdiepte

62

fietsenstalling kan komen en de parkeerbak tussen het station en de Leeuwenburg waar de wandelroute richting het Amstelplein een upgrade behoeft. De hal heeft een langwerpige footprint evenwijdig aan het spoor. De westgevel is de hoofdgevel die primair op de Amstel is gericht. De korte gevels aan de noord- en zuidzijde doen daar qua representativiteit niet voor onder. De minimale bouwhoogte is in ieder geval gelijk aan de plinten rondom het stationsplein (6 à 7 meter). De maximale bouwhoogte is 10 meter t.o.v. het omliggende maaiveld. Expressie In het beeldkwaliteitskader zijn handvaten voor de architectonische vormgeving gegeven. De stationshal krijgt een transparante en representatieve uitstraling die op een subtiele manier refereert aan het historische stationsgebouw van architect H.J. Schelling. Daarbij is ruimte voor het toevoegen van een verticaal accent aan de overwegend horizontale hoofdvorm. Dit accent heeft een kleine footprint van niet meer dan 5 m² en is maximaal 20 meter hoog. Openbare ruimte Het stationsplein, de zone langs het spoor richting de Mr. Treublaan en de parkeerbak richting het Amstelplein vormen de belangrijkste openbare ruimte rondom het station. Het stationsplein wordt een voetgangersgebied met een groene inrichting, ook als er voor een ondergrondse stalling onder het plein gekozen wordt. De entree van de stalling bevindt zich in dat geval aan de

Weesperzijde. Ook de zone langs het spoor is in beeld als plek voor een (half)verdiepte fietsenstalling. De entree bevindt zich dan aan de Mr. Treublaan waarvan het profiel juist aan die zijde zal worden verbreed. Wordt voor deze laatste optie gekozen, dan wordt er bovenop de stalling een groene omgeving met voldoende ruimte voor sport en spel gecreëerd. Het hoogteverschil tussen het stationsplein en de lager gelegen Van der Kunbuurt wordt in alle gevallen door trappen en een hellingbaan overbrugd. De parkeerbak wordt deels overdekt ten behoeve van een comfortabele loop vanuit het station richting het Amstelplein waar zich een concentratie van kantoren bevindt. De gedeeltelijke overdekking van de bak is bovendien gunstig voor de Leeuwenburg waar, in het kader van de beoogde herontwikkeling, een publieksgerichte plint met entrees zal worden gemaakt. De bak blijft in alle gevallen geschikt voor expeditieverkeer. Bovendien is er ruimte voor MAAS (Mobility As A Service) concepten. De exacte invulling zal in een latere fase worden bepaald. Dan zal ook worden onderzocht of er een additionele ontsluiting voor expeditieverkeer aan de noordzijde van het station nodig is. Indicatieve verkaveling De voorbeelduitwerking laat de maximale omvang van de stationshal zien, inclusief een indicatie van het tussenstuk waardoor de hal loskomt van de stationsoverkapping.

Het tussenstuk heeft ook praktisch nut in relatie tot de spoorreservering waarmee rekening dient te worden gehouden.

Het opgetilde groen op het Mahlerplein fungeert tevens als zitplek tussen de middag.

doorsnede spoortalud - Van der Kunbuurt

7,0m

25,0m

12,0m 44,0m

63

Rivierenplein

Stationsplein

Amstelstation

38,0

+NAP

Deze voorbeelduitwerking laat een mogelijke uitwerking van de ontwikkellocatie zien.

17,525,0 +NAP

Programma (BVO) 17,525,0 +NAP

max. 1.400 m²

wonen n.v.t. kantoren n.v.t. com. voorzieningen max. 300 m2 (netto)

12 40,0

20,0

De bouwhoogtes worden gemeten vanaf een nader te bepalen maaiveldhoogte. 71,5

10 10,0

42,0 20,0

*

6

Op eigen kavel moet minimaal 390m2 aan groen gerealiseerd zijn in de eindsituatie. (Dit kan op de daken.)

28,0

21,0

legenda

mogelijkheid voor een hoogteaccent

route auto-ontsluiting

indicatie maximale bouwhoogte

mogelijk afgedekte parkeerbak

zoekruimte fietsenstalling

ruimte voor voetgangers en fietsers

expeditie

ruimte voor bouwvlak in afstemming met mogelijk toekomstige spooruitbreiding

bouwvlak met maximale rooilijn 22

64

* tot max. 20 meter

Reservering spooruitbreiding (geen onderdeel van het plan).

bestaande perronkap

mogelijkheid voor een hoogteaccent tot max. 20 meter

+ 10,0 m t.o.v. omliggende maaiveld nader te bepalen maaiveldhoogte

* nader te bepalen maaiveldhoogte

+ 6,70m NAP

doorsnede spoortalud - Leeuwenburg

27m

6m

12m

45,0 m

65

4.4 Leeuwenburg

doorsnede over de oost- en westzijde van het Amstelstation (met rechts de Leeuwenburg)

Huidige situatie De Leeuwenburg is een belangrijk anker in het gebied. Binnen de verdichtingsopgave rondom het Amstelstation is de herontwikkeling van de Leeuwenburg de schakel die het kantorencluster aan het Amstelplein met de woonomgeving van de Van der Kunbuurt samenbrengt. Leeuwenburg is samen met de Van der Kunbuurt de begrenzing van het nieuwe stationsplein uitlopend in het Rivierenplein. Het nieuw te vormen hart van Amsteloever.

eigenaar Vastint Netherlands BV grondpositie eigen grond BVO 50.095 m2 (volgens bestemmingsplan) gebruik kantoor en onderwijsvoorziening aantal parkeerplaatsen 294 (inpandig en buiten op terrein) vigerend bestemmingsplan gemengde bestemming met kantoor en maatschappelijk dienstverlening in de vorm van onderwijsvoorziening.

Toekomstige situatie De Leeuwenburg is de schakel tussen het Amstelstation, het wonen in de Van der Kunbuurt en de kantoren rondom het Amstelplein. De bestaande schijf langs het spoor wordt behouden, verduurzaamd en hergebruikt en er worden meerdere verdiepingen aan toegevoegd. Het lagere deel mag geheel of gedeeltelijk worden gesloopt. De nieuwbouw langs het stationsplein, het Rivierenplein en de fietsroute naar het Amstelplein (“diagonaal”) heeft maximaal de hoogte van de eerste huidige horizontale snede (“inkraging”) in de schijf, hetgeen correspondeert met circa 23,5 meter NAP meter vanaf maaiveld. Verder vanaf de openbare ruimte bedraagt de bouwhoogte van de nieuwbouw maximaal 39 meter NAP. Vanuit het basement van dit adaptieve stadsblok rijst een toren van maximaal 136 meter NAP op die dusdanig is gepositioneerd dat het samen met de andere torens van het hoogbouwensemble een spannend en toch harmonieus geheel vormt. Het is daarbij belangrijk dat ze zoveel mogelijk langs elkaar heen kijken. De nieuwe Leeuwenburg huisvest een mix van wonen, kantoren en voorzieningen. Gezien de schakelfunctie van het gebouw is de vormgeving en programmering van de plint essentieel. Dit is ten behoeve van een programmering met een uitnodigend en levendig karakter, bij voorkeur ook in de avonduren.

De meeste voorzieningen komen in de gevelwand langs het stationsplein en Rivierenplein, waarbij de hoek bij het station veel potentie heeft. Richting de Amstel is het gewenst om boven de plint woningen te realiseren zodat er voldoende “ogen op straat” zijn. Voorzieningen langs de fietsroute naar het Amstelplein, waar de rooilijn ten gunste van de openbare ruimte zal worden teruggelegd, zijn eveneens wenselijk. Datzelfde geldt aan de kant van het spoor waar de bestaande wandelroute naar het Amstelplein een upgrade verdient.

66

Ook als er sprake is van een werkprogramma op de begane grond, dient er sprake te zijn van fysieke dan wel visuele interactie met de straat.

Oriëntatie De Leeuwenburg krijgt een alzijdige oriëntatie met representatieve op het maaiveld aansluitende gevels en entrees. Indien het verdiepte maaiveld aan de oostgevel niet wordt afgedekt is deze gevel hiervan vrijgesteld. Alle gevels, met uitzondering van de bestaande bebouwing, hebben als uitgangspunt een plinthoogte van 6 à 7 meter. Langs de stationspleinzijde tot om de hoek aan het Rivierenplein heeft de begane grond tot een diepte van circa 5 meter de volledige plinthoogte. Van de plinthoogte kan vanwege aansluiting aan de bestaande bebouwing op basis van een onderbouwd architectonisch voorstel worden afgeweken. De plinthoogte is in zo'n geval minimaal 4 meter. De entree van de toren bevindt zich aan het stationsplein en/of aan de diagonaal. Naast de hoek bij het station, verdient ook de gevel aan het Rivierenplein extra aandacht. De ligging aan de rivier maakt het tot een plek met allure. De ligging op de overgang naar de woonbebouwing van de Omval vraagt daarnaast om een functie met betekenis voor de buurt. De entree van de inpandige fietsenstalling bevindt zich tussen de Leeuwenburg en de Rembrandttoren. De ondergrondse parkeervoorziening wordt, net als in de huidige situatie, ontsloten via het Amstelplein en de lager

32m

20m

96m

62m

210m

gelegen bak langs het spoor waar zich tevens het halen en brengen en de expeditie bevinden. Utilitaire voorzieningen zoals transformatoren worden opgenomen in het gebouw, bij voorkeur ondergronds.

Expressie In het beeldkwaliteitskader zijn handvaten voor de architectonische vormgeving gegeven. De verduurzaming en het hergebruik van de schijf kan bouwtechnische consequenties voor de bestaande gevel hebben. Is dat het geval, dan gebeurt dat in de geest van de oorspronkelijke brutalistische beeldtaal. Dat geldt niet voor het deel boven de tweede horizontale snede waar een hedendaagse interpretatie denkbaar is: een iconische bekroning van een iconisch gebouw. De nieuwbouw heeft dezelfde insteek. Dat wordt een hedendaagse toevoeging die naadloos op de schijf en op de openbare ruimte aansluit. De vormgeving van de toren zoekt daarbij ook aansluiting bij die van de andere torens in het hoogbouwensemble van Amsteloever, ze vormen een familie. Dat betekent dat de opbouw uit een basement, middenstuk en beëindiging met een overwegend vierkante hoofdvorm bestaat. Tot 2/3 van de bouwhoogte mag de toren aan een zijde worden opgedikt.

Openbare ruimte Het stationsplein, het Rivierenplein, de fietsroute naar het Amstelplein en de wandelroute langs het spoor vormen de belangrijkste openbare ruimten rondom de Leeuwenburg. Het stationsplein wordt een voetgangersgebied met een groene inrichting; de bestaande luifels, betonnen keermuren ed. worden verwijderd. Bij het ontwerp van de Leeuwenburg dient rekening te worden gehouden met het geleidelijk aflopende hoogteverschil tussen het station en het Rivierenplein dat op de waterkering ligt. Het Rivierenplein wordt de ontmoetingsplek van het gebied. Het huidige plantsoen wordt heringericht tot een aangenaam verblijfsgebied. De autoroute tussen de Berlagebrug en de Omval blijft behouden maar dan als onderdeel van een fietsstraat. Het terugleggen van de rooilijn langs de fietsroute naar het Amstelplein biedt de mogelijkheid om deze openbare ruimte het karakter van een verblijfsgebied te geven. Diezelfde ambitie geldt voor het gebied langs het spoor. De parkeerbak wordt deels overdekt ten behoeve van een comfortabele loop vanuit het station met zo min mogelijk hoogteverschillen en andere obstakels. Het ontvangstmilieu van de Leeuwenburg mag iets hoger liggen zodat het aansluit op de huidige begane grond van het gebouw. De inrichting hiervan sluit aan bij die van de openbare ruimte in de omgeving.

Tevens is het de wens om het -1 niveau in de bak, waar zich de drop-off bevindt, een upgrade te geven.

67

Stationsplein

Rivierenplein 38,0

+NAP

17,525,0 +NAP

17,525,0 +NAP

Deze voorbeelduitwerking laat een mogelijke uitwerking van de ontwikkellocatie zien. De uitkoop van woonboten vindt op vrijwillige basis plaats. Op termijn zal in overleg over een herschikking worden nagedacht.

17,525,0 +NAP

Programma (BVO)

42,0 24,0

20,0

*

10

70,0

+NAP

8

parkeren

70,0

136,0

+NAP

52,5

+NAP

+NAP

fiets

32,0

+NAP

48,0

6,5

34,0

+NAP

61,0

17,0

23,5

Minimaal: volgens norm eigen behoefte op eigen terrein & inpandig

39,0

38,0

10.000 - 42.000 m2 42.000 - 75.000 m2 3.000 - 4.500 m2

BVO metrage geldt voor de gehele kavel en is exclusief buitenruimtes en fiets/scooter parkeren. Parkeren van auto's en technische ruimtes met vloeren gelegen onder 1,00 meter NAP vallen niet onder het BVO.

29,0

28,0

47,0

23,5

7

max. 88.000 m2

wonen kantoren com. en /of maat. voorzieningen

10

15,0

8

scooter Minimaal: volgens norm eigen behoefte op eigen terrein & inpandig

auto

Minimaal & maximaal: volgens norm bezoekersparkeerplekken in eigen parkeervoorziening

Parkeerbehoefte wordt ondergronds in eigen parkeervoorziening opgelost. Op eigen kavel moet minimaal 2.950m2 aan groen gerealiseerd zijn in de eindsituatie. (Dit kan op de daken of op eigen erf.)

legenda

68

bouwvlak met maximale rooilijn

te behouden deel (met ruimte voor optopping en aanpassing rooilijnen)

ruimte voor voetgangers, fietsers en auto's

*

verdikking van de gevel oudbouw nader te bepalen

route auto-ontsluiting

22

indicatie maximale bouwhoogte NAP

zoekruimte ondergrondse fietsenstalling ruimte voor voetgangers en fietsers

zoekruimte voor toren

mogelijk afgedekte parkeerbak

expeditie

+ 136,0m NAP Tot 2/3 van de hoogte mag de toren opgedikt worden, de richting nader te bepalen in overleg met de supervisor.

zoekruimte voor de toren

+ 70,0m NAP

Rivierenplein min. 8,0m

+ 23,5m NAP + 23,5 NAP

min. 10,0m

Amstelplein (ing mog ev elijk par al van e en kee afd tree rba ek s k) ken

+ 1,2m NAP

ren

nto

o ew

(ho

ofd

+ 136,0m NAP

)en

tre

e

ree

ent

fd)

o (ho

tre en ee r t en en tie ing ica ien ind oorz nader te bepalen. afhankelijk van OR ontwerp. v

drop-off in het verlaagd maaiveld/overdekt parkeerbak 5-7,5 m

+ 70,0m NAP

zoekruimte voor de toren

min. 15,0m

+ 39,0m NAP

min.10,0m

+ 23,5m NAP

+ 23,5m NAP

nader te bepalen. afhankelijk van OR ontwerp.

+1,2 m NAP

Rivierenplein

in voo dicat rzie ie e nin ntre ge e n

ee ntr

en tor

ree en ent ets en oor fi n e gv s oss & l stallin ooter en c lad ndige en s a inp

min. 6,5m min. 8,0m

e

De toren mag schuiven binnen de zoekruimte, het gearceerde vlak in de bouwenvelop. Voor de toren geldt voor het bovenste 1/3 deel een overwegend vierkant hoofdvorm. Het maximaal vloeroppervlak van dit deel is 950 m² per laag. Er is nog geen maat bepaald voor de verhouding tussen lengte en breedte van het bovenste 1/3 deel van de toren, dit zal in overleg met de supervisor worden gedaan. Buitenruimtes mogen bijdragen aan het bereiken van een overwegend vierkante hoofdvorm. De onderste 2/3 van de toren mag aan één zijde worden opgedikt tot wat in de bouwenvelop maximaal is toegestaan. Wordt hiervan afgezien dan ontstaat een lange slanke toren uit één stuk. In dat geval dient de bovenste 1/3 architectonisch worden verbijzonderd zodat het principe van voet, middenstuk en beëindiging behouden blijft. Het totaal te realiseren BVO in de bouwenvelop bedraagt 88.000 m² en is exclusief de oppervlakte van buitenruimtes. Bij de volumebepaling is uitgegaan van bouwlagen voor wonen met een hoogte van circa 3 meter en voor kantoren van circa 3,5 meter. De plint heeft tot een diepte van 5 meter uit de gevel een hoogte van 6 à 7 meter. Van deze plinthoogtes kan worden afgeweken indien hiermee een betere aansluiting op te handhaven bebouwing ontstaat. In dat geval wordt uitgegaan van een minimale plinthoogte van 4 meter.

In het geval van een woonplint volstaat een architectonische plint van 2 lagen met een begane grond hoogte van minimaal 3,5 meter.

Amstelplein

Buitenruimtes zijn integraal onderdeel van de architectuur. Balkons mogen worden gecombineerd met een loggia. Tot een hoogte van 39 meter NAP zijn buitenruimtes tot 2,5 meter buiten het gevelvlak toegestaan. Vanaf 39 meter NAP mogen buitenruimtes tot 1 meter buiten het gevelvlak steken. Deze 1 meter uitkraging telt niet mee in het vloeroppervlakte van de toren (950 m2). Indien nodig, daar waar het gevelvlak van de toren op de rand van de zoekruimte ligt, mag de 1 meter uitkraging van het balkon ook door de zoekruimte prikken, mits dit privaatrechtelijk en boven de openbare ruimte mogelijk is. Een goed windklimaat is belangrijk voor een openbare ruimte waar voetgangers en fietsers zich prettig voelen. Rond de entree(s) van een gebouw is een A windklimaat wenselijk maar is een B klimaat ook acceptabel. Langs de overige gevels is het streven een A/B windklimaat en kan bij uitzondering een C klimaat optreden. Bij hoge uitzondering mag er in de openbare ruimte een minder goed windklimaat optreden mits dat geen hinderlijke situatie oplevert. Het windhinderonderzoek is verplichtend en gebeurt in samenwerking met de gemeente. Hebben maatregelen en voorzieningen in of rond het gebouw om een goed windklimaat te bereiken effect op de uitstraling van het gebouw, dan worden die in overleg met de supervisor bepaald.

69

4.5 Delta Lloyd Huidige situatie De voormalige Delta Lloyd kenmerkt zich door zijn oriëntatie op de Amstel. Het gebouw is opgebouwd in een drieslag. Beginnend met een klein volume aan de Amstel oplopend naar een groter, zwaarder volume aan de Spaklerweg.

eigenaar Breevast grondpositie eigen grond BVO 51.950m2 (bestemmingsplan ruimte) gebruik kantoor aantal parkeerplaatsen 230 (inpandig en buiten op eigen terrein) vigerend bestemmingsplan kantoor

Toekomstige situatie Delta Lloyd, ook wel bekend als het Tooropgebouw, ligt op een markante plek aan de Amstel. Kenmerkend voor het huidige gebouw is de drieslag van kantoorvleugels rondom een tuin die op het zuidwesten is gericht. Dat principe komt in de nieuwe situatie terug. Het is het streven grote delen van de drieslag te behouden. Daarmee blijft de essentie van de huidige structuur herkenbaar. De tuin, die nu nog afgesloten is, gaat in de toekomst gelijkmatig vloeiend over in de openbare ruimte langs de rivier. Langs de Spaklerweg schuift de rooilijn naar voren zodat deze stadsstraat door een stedelijke wand wordt begeleid. De terugkomende en uitgebreide drieslag vormt het in hoogte variërende basement voor twee torens. De toren van maximaal 101,5 meter NAP langs de Spaklerweg past in de oplopende lijn tussen Amstelkwartier en het hoogbouwcluster rond het Amstelplein. De andere toren van maximaal 126,5 meter NAP staat weloverwogen uit het gelid ten opzichte van de andere torens in het plangebied, om de majestueuze bocht in de Amstel te duiden. De nieuwe Delta Lloyd huisvest een mix van wonen, kantoren en voorzieningen. Door deze mix van functies krijgt de nieuwe Delta Lloyd plinten die goed aansluiten op de verschillende openbare ruimtes.

De eigenaar van het complex onderzoekt de mogelijkheid om de bankvilla op het einde van de Weesperzijde-Omval te verwerven en te slopen ten gunste van groen. In de bouwenvelop wordt met deze mogelijkheid rekening gehouden, evenals met behoud van de bankvilla. In het laatste geval beperkt de nieuwbouw zich tot de eigen kavel en kan maximaal 100.000 m² BVO worden gerealiseerd. Het werken oriënteert zich waarschijnlijk vooral op de Spaklerweg. De hoogte van de plint is daarbij afhankelijk van de aansluiting op de vloeren van bestaande bebouwing. De plint heeft bij voorkeur een hoogte van 6 à 7 meter ten behoeve van een programmering met een uitnodigend en levendig karakter, bij voorkeur ook in de avonduren. Ook als er sprake is van een werkprogramma op de begane grond, is er sprake van interactie met

70

de straat. De ruimte rondom het gebouw geeft op verschillende plekken aanleiding voor het vestigen van bijzondere voorzieningen. Deze voorzieningen liggen bij voorkeur aan de drukkere publieksgerichte ruimtes en in mindere mate aan de stillere woonzijdes van het gebouw.

Oriëntatie De gevels van Delta Lloyd langs de Spaklerweg en richting de Amstel zijn belangrijk en krijgen een representatief karakter. De plint langs de Spaklerweg en op de kop bij de Omvalbrug heeft hier tot circa 5 meter diep in het bouwblok een vrije hoogte van 6 à 7 meter. Bij te handhaven onderdelen kan van deze plinthoogte op basis van een onderbouwd architectonisch voorstel worden afgeweken om een goede aansluiting op de bestaande vloeren mogelijk te maken. De plinthoogte is in zo'n geval minimaal 4 meter. In deze plint is ruimte voor publiek programma en bevinden zich entrees. Op de hoek bij de brug dient rekening te worden gehouden met het ondergrondse kabels- en leidingentracé. Dit zou door middel van een overstek op minimaal 10 meter hoogte kunnen worden opgelost. Het minimaliseren van windhinder in de flaneerzone en onder de overstek heeft de aandacht bij verdere uitwerking van de kop bij de brug. Verder bestaat er de mogelijkheid om dwars door het gebouw een extra doorgang naar de semi openbare tuin en de woontoren aan de Amstel te creëren, bij voorkeur ter hoogte van de geplande voetgangersverbinding naar de nieuwe ontwikkeling op de plek waar nu nog café De Omval staat. Wordt daarvoor gekozen dan is deze gelijk aan de plinthoogte. Is er sprake van wonen dan volstaat een architectonische plint van ongeveer 6 à 7 meter hoog.

Die bestaat uit een begane grond met een vrije hoogte van minimaal 3,5 meter en een verdieping die suggereert alsof er van een dubbele hoogte sprake is. De entree van de inpandige fietsenstalling bevindt zich bij voorkeur aan de Spaklerweg of aan de Omval. Meerdere entrees zijn mogelijk en worden in dat geval bij voorkeur gecombineerd met woningentrees. De entree van de ondergrondse parkeervoorziening komt eveneens aan de Spaklerweg; hiervoor is een zoekruimte aangegeven. Utilitaire voorzieningen zoals transformatoren worden opgenomen in het gebouw, bij voorkeur ondergronds. De noordgevel die aan de binnenhof van de Amstelboulevard grenst dient met grote zorg te worden vormgegeven en mag zeker geen achterzijde worden.

Expressie In het beeldkwaliteitskader zijn handvaten voor de architectonische vormgeving gegeven. Een zo groot mogelijk deel van het casco van de drieslag, waaronder de centrale kern, wordt naar huidige inzichten hergebruikt. De gevel mag daarbij worden vervangen om aan de hedendaagse eisen te voldoen. De karakteristieke horizontale lijnvoering vormt daarbij een inspiratiebron. De oorspronkelijke vormgeving van de drieslag is terug te zien in het bouwvolume waaruit de twee torens oprijzen. De architectuur van de nieuwbouw en het te handhaven casco

doorsnede Spaklerweg - Delta Lloyd

6-12m

5,0m

5,2m

3,5m

2m

3,5m

12,5m

10,0m

47,7m - 53,7m

sluiten op elkaar aan, en op de openbare ruimte. Het verschil tussen de drukke Spaklerweg en de rustige Amstelzijde dient op een subtiele manier in de architectuur tot uitdrukking te worden gebracht. De vormgeving van de torens zoekt ook aansluiting bij die van de andere torens in het hoogbouwensemble van Amsteloever, ze vormen een familie. Dat betekent dat de opbouw uit een basement, middenstuk en beëindiging met een overwegend vierkante hoofdvorm bestaat. Tot 2/3 van de bouwhoogte mag de toren aan een zijde worden opgedikt. De twee torens staan op zeer verschillende locaties en hebben mogelijk een verschillend programma. De architectonische expressie en materialisatie mogen daarom van elkaar verschillen mits het familieverband niet verloren gaat.

Openbare ruimte De Spaklerweg en de flaneerroute langs de Amstel vormen de belangrijkste openbare ruimte rondom de Delta Lloyd. De Spaklerweg wordt opnieuw ingericht tot een lommerrijke stadsstraat met een breed trottoir en een tweerichtingenfietspad. De grote bomen die er nu staan worden ingepast. De beoogde parkachtige inrichting langs de Amstel gaat gelijkmatig vloeiend over in de semi openbare tuin van Delta Lloyd die bij voorkeur publiek toegankelijk wordt. Het hoogteverschil tussen openbaar en privé langs de Amstel bedraagt nooit meer

dan 0,5 meter ten opzichte van maaiveld, vanaf waar het geleidelijk naar het gebouw mag oplopen. In een later stadium zal in overleg met de eigenaar worden bezien hoe de bereikbaarheid en privacy van de nieuwbouw daarbij gewaarborgd worden. Streven is om het zicht tussen de oever en de Amstel te verbeteren door een vermindering van het aantal woonboten. Dat gebeurt op basis van vrijwillige verkoop door de eigenaar van de woonboot. Mocht dat een aantal keer lukken, dan zal de vrijgekomen ruimte opnieuw worden verdeeld zodat de doorkijkjes tussen de boten op logische plekken ten opzichte van zichtlijnen liggen. Ook een dergelijke herschikking gebeurt op vrijwillige basis en in overleg.

Indicatieve verkaveling De essentie van de drieslag blijft duidelijk herkenbaar. Een deel van de vleugels wordt, voor zover nodig na sloop om de bouw van de torens mogelijk te maken, herbouwd en/ of uitgebreid zonder dat het ten koste gaat van de tuin in de oksel van het gebouw. Het weghalen van de bankvilla door de eigenaar van Delta Lloyd is een grote ingreep maar creëert wel ruimte en groen op een beeldbepalende plek aan de Amstel. De mogelijkheid daartoe is daarom meer dan het onderzoeken waard.

Impressie

Aankomst bij plaza

Impressie

Publieke passage naar oeverpark

Verweving van bestaande en nieuwe bouwdelen (schets/studie mogelijk oplossing KCAP).

Delta Lloyd Amsterdam [NL]

Delta 13 Lloyd Amsterdam [NL]

14

71

38,0

+NAP

17,525,0 +NAP

101,5 +NAP

25,0

+NAP

10 10,0

0 P

70,0

+NAP

70,0

136,0

22,0

+NAP

+NAP

+NAP

Spaklerweg

39,0

+NAP

Oeverpark

22,0 +NAP

Deze voorbeelduitwerking laat een mogelijke uitwerking van de ontwikkellocatie zien. De uitkoop van woonboten vindt op vrijwillige basis plaats. Op termijn zal in overleg over een herschikking worden nagedacht.

18,0

20,0

26,5 43,5

+NAP

+NAP

47,5

83,0

+NAP

15 +NAP

8

126,5 +NAP

101,5

43,5

26.000 - 61.000 m2 42.000 - 77.000 m2 1.500 - 3.000 m2

fiets

Minimaal: volgens norm eigen behoefte & bezoekers op eigen terrein & inpandig

+NAP

zoekruimte toren A

5,0

40,0

+NAP

16,5

15,0

35,0

33,5 47,0

35,0

zoekruimte toren B

wonen kantoren com. voorzieningen

parkeren

9

*

26,0

106.000 m2 (bvo)

BVO metrage geldt voor de gehele kavel en is exclusief buitenruimtes en fiets/scooter parkeren. Parkeren van auto's en technische ruimtes met vloeren gelegen onder 0,40 meter NAP vallen niet onder het BVO.

64,5

21,5

37,0

40,0

Programma (BVO)

scooter

13,0

k

ste over

38,0

Minimaal: volgens norm eigen behoefte & bezoekers op eigen terrein & inpandig

+NAP

auto

Minimaal & maximaal: volgens norm bezoekersparkeerplekken in eigen parkeervoorziening

Parkeerbehoefte wordt ondergronds in eigen parkeervoorziening opgelost.

legenda

22

bouwvlak met maximale rooilijn

zoekruimte ondergrondse parkeergarage

ruimte voor voetgangers, fietsers en auto's

te behouden deel / transformatie

mogelijke zone voor herschikking van woonboten ruimte voor voetgangers en fietsers

route auto-ontsluiting mogelijke onderdoorgang

overstek

max. bouwvlak bij sloop bankvilla

indicatie maximale bouwhoogte zoekruimte voor toren

* 72

Op eigen kavel moet minimaal 4.250 m2 aan groen gerealiseerd zijn in de eindsituatie. (Dit kan op de daken, op eigen erf of op ondergrondse bouwlagen.)

verdikking van de gevel oudbouw nader te bepalen

+ 126,5m NAP Tot 2/3 van de hoogte mag de torens opgedikt worden, nader te bepalen in overleg met de supervisor.

+ 101,5m NAP 5-7,5 m

5-7,5 m

+ 40,0m NAP

min. 15 m

+ 26,0m NAP

zoekruimte voor de toren

+ 47,5m NAP + 43,5m NAP

Spaklerweg 16,5 m

+ 40,0m NAP

zoe k pa ruim rke te erg ent ara ree ge

+ 126,5m NAP + 101,5m NAP

5-7,5m zoekruimte voor de toren

16,5m

+ 40,0m NAP + 26,0m NAP

25,0m

Spaklerweg

min. 15m

Amstel

+ 0,4 NAP

10m

De torens mogen schuiven binnen de zoekruimtes, de gearceerde vlakken in de bouwenvelop. Voor de torens geldt voor het bovenste 1/3 deel een overwegend vierkant hoofdvorm. Het maximaal vloeroppervlak van dit deel is bij toren A aan de Spaklerweg 750 m² per laag en bij toren B aan de Amstel 850 m² per laag. Er is nog geen maat bepaald voor de verhouding tussen lengte en breedte van het bovenste 1/3 deel van de torens, dit zal in overleg met de supervisor worden gedaan. Buitenruimtes mogen bijdragen aan het bereiken van een overwegend vierkante hoofdvorm. De onderste 2/3 van de torens mag aan één zijde worden opgedikt tot wat in de bouwenvelop maximaal is toegestaan. Wordt hiervan afgezien dan ontstaat een lange slanke toren uit één stuk. In dat geval dient de bovenste 1/3 architectonisch worden verbijzonderd zodat het principe van voet, middenstuk en beëindiging behouden blijft. Het totaal te realiseren BVO in de bouwenvelop bedraagt 100.000 m² dan wel 106.000 m2 en is exclusief de oppervlakte van buitenruimtes. Bij de volumebepaling is uitgegaan van bouwlagen voor wonen met een hoogte van circa 3 meter en voor kantoren van circa 3,5 meter. De plint heeft tot een diepte van 5 meter uit de gevel een hoogte van 6 à 7 meter. Van deze plinthoogtes kan worden afgeweken indien hiermee een betere aansluiting op te handhaven bebouwing ontstaat.

In dat geval wordt uitgegaan van een minimale plinthoogte van 4 meter. In het geval van een woonplint volstaat een architectonische plint van 2 lagen met een

begane grond hoogte van minimaal 3,5 meter. Buitenruimtes zijn integraal onderdeel van de architectuur. Balkons mogen worden gecombineerd met een loggia. Tot een hoogte van 40 meter NAP zijn buitenruimtes tot 2,5 meter buiten het gevelvlak toegestaan. Vanaf 40 meter NAP mogen buitenruimtes tot 1 meter buiten het gevelvlak steken. Deze 1 meter uitkraging telt niet mee in het vloeroppervlakte van de torens (respectievelijk 750 m² en 850m²). Indien nodig, daar waar het gevelvlak van de toren op de rand van de zoekruimte ligt, mag de 1 meter uitkraging van het balkon ook door de zoekruimte prikken, mits dit privaatrechtelijk en boven de openbare ruimte mogelijk is. Een goed windklimaat is belangrijk voor een openbare ruimte waar voetgangers en fietsers zich prettig voelen. Rond de entree(s) van een gebouw is een A windklimaat wenselijk maar is een B klimaat ook acceptabel. Langs de overige gevels is het streven een A/B windklimaat en kan bij uitzondering een C klimaat optreden. Bij hoge uitzondering mag er in de openbare ruimte een minder goed windklimaat optreden mits dat geen hinderlijke situatie oplevert. Het windhinderonderzoek is verplichtend en gebeurt in samenwerking met de gemeente. Hebben maatregelen en voorzieningen in of rond het gebouw om een goed windklimaat te bereiken effect op de uitstraling van het gebouw, dan worden die in overleg met de supervisor bepaald.

73

Bewoners hebben de plannenmakerij kritisch gevolgd. Hun wensen, ideeën en feedback hebben tot wijzigingen in het plan geleid. 74

5. PARTICIPATIE EN INSPRAAK Het gemeentebestuur heeft zoals eerder aangegeven ambities voor gebied Amstelstation-Amsteloever. Deze zijn onder meer vastgelegd in de Structuurvisie Amsterdam 2040 en Koers 2025, en uitgewerkt in de Principenota uit 2017 en in voorliggend Stedenbouwkundig Plan. De planvorming voor het gebied doet de gemeente in samenwerking met betrokken grond- en vastgoedeigenaren. Bewoners en andere belanghebbenden zijn in een vroeg stadium uitgenodigd om mee te denken over de plannen, met als uitgangspunt: hoe kunnen we de plannen met de kennis en inbreng van bewoners beter maken? Hierbij is het belangrijk dat meedenken niet slechts voor een klein groepje is weggelegd. Iedereen die wil, moet mee kunnen doen. De participatie is daarom opgezet volgens het zogenaamde harmonicamodel: eerst breed uitvragen, daarna in kleinere groepen verder werken aan de uitwerking van ideeën en thema’s en deze vervolgens breed terugleggen. Hieronder leest u hoe invulling wordt gegeven aan de participatie en tot welke resultaten dit tot nu toe heeft geleid.

5.1 Uitgangspunten

met de gemeente. In augustus 2020 is het concept stedenbouwkundig plan door B&W vrijgegeven voor inspraak (inspraak periode van 26 augustus tot 7 oktober).

Organisatie van de participatie Voor de inloopavonden en informatiebijeenkomst zijn flyers en buurtkranten met een weergave van de plannen huis aan huis verspreid naar de bewoners en bedrijven in het gebied en de omliggende wijken, zoals Amsteldorp, Overamstel en de Amsteldijk (oplage: 4.000 exemplaren). Verder is gebruik gemaakt van posters op publieke plekken in het gebied, nieuwsbrieven, nieuwsberichten, toelichtende video’s en social media, en aanschrijving via e-mail van de belanghebbenden die eerder aangegeven hebben dat zij op de hoogte willen worden gehouden. In de communicatie is naar de webpagina (www.amsterdam.nl/amsteloever) en naar het project e-mailadres verwezen voor meer informatie en het beantwoorden van tussentijdse vragen. Ook hebben tussentijds persoonlijke gesprekken plaatsgevonden als men een specifieke vraag of aandachtspunt had. Op de website zijn de oproepen voor de participatie, de verslagen en de plannen gedeeld. Ook hebben de plannen in de media gestaan.

Na vaststelling van de Principenota zijn in het voorjaar en zomer van 2017 een inloopbijeenkomst en een tweetal meedenksessies gehouden. Met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden is gesproken over de onderwerpen die in het gebied belangrijk voor hen zijn en hoe deze thema’s meegenomen kunnen worden in de gebiedsontwikkeling Amstelstation-Amsteloever. Het ging daarbij om onderwerpen als leefbaarheid, het grote aantal fietsers door het gebied, hinderlijk ervaren geluid van kantoorinstallaties en brommers, de stenige omgeving, gevoelens van onveiligheid (te weinig toezicht op straat), de huidige kwaliteiten van het gebied en hoe het gebied ook in de toekomst aantrekkelijk te houden voor bewoners en gebruikers.

De volgende participatiebijeenkomsten hebben plaatsgevonden:

De gemeente en de grond- en vastgoedeigenaren hebben de resultaten van de meedenksessies meegenomen in hun eerste ontwerpverkenningen. Deze fase duurde langer dan gepland, onder meer door een tussentijdse nuancering van de uitgangspunten, zoals het te ontwikkelen woningbouwprogramma. In deze periode stond de participatie van de bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden daardoor op een lager pitje. De communicatie over het project verliep met name via incidentele nieuwsberichten op de website www. amsterdam.nl/amsteloever. In het voorjaar van 2019 is het participatieproces met bewoners weer breed opgepakt, door middel van inloopavonden, doe-mee-dagen (met gezamenlijke rondwandelingen in het gebied) en bijeenkomsten van meedenkgroepen. Ook startte in 2019 een informatie- en participatietraject van Stadgenoot met bewoners van de Van der Kunbuurt over de toekomst van de buurt: herontwikkeling of behoud, in samenspraak

Daarnaast heeft op verzoek incidenteel overleg plaatsgevonden met (groepen) bewoners die hierom verzochten. Met de bewoners van de Van der Kunbuurt hebben in 2019 en 2020 diverse bijeenkomsten plaatsgevonden (zie paragraaf Van der Kunbuurt).

• 29 mei 2017 inloopbijeenkomst na vaststellen Principenota • 8 juli 2017 meedenksessie • 17 juli 2017 meedenksessie • 16 mei 2019 inloopavond • 18 mei 2019 DoeMeeDag • 9 juli 2019 eerste bijeenkomst meedenkgroep • 3 september 2019 tweede bijeenkomst meedenkgroep • 8 oktober 2019 derde bijeenkomst meedenkgroep • 9 september 2020 informatiebijeenkomst (in kader van inspraakperiode).

In de eerste gesprekken in 2017 gaven bewoners, eigenaren en andere belanghebbenden aan dat de thema’s verkeersdrukte – en veiligheid met name rond de Berlagebrug en de drukke fietsroute dwars door het gebied, de stenige omgeving / meer groen in de buurt en geluidsoverlast belangrijk werden gevonden bij de verdere planvorming. Bij de totstandkoming van dit stedenbouwkundig plan zijn deze ideeën verder uitgewerkt.

75

In mei 2019 zijn twee bijeenkomsten gehouden. Hierin werd teruggekeken op de onderwerpen die in 2017 waren aangedragen en de stand van zaken in de planontwikkeling werd toegelicht. Op grote posters met de thema’s: 1. Ruimte voor de fiets, 2. Hergebruik is duurzaam, 3. Groen in de buurt, 4. Lekker slapen met de ramen open, 5. Stad maken, 6. Een toren om van te houden, was per thema aangegeven wat deelnemers aan de eerdere bijeenkomsten als aandachtspunten hebben aangegeven, wat het beleid van de gemeente is, welke ideeën de gemeente heeft om de door bewoners aangedragen punten te verbeteren. Bewoners werd gevraagd hun ideeën op de posters te schrijven. In de tweede bijeenkomst waren er rondwandelingen, workshops en lezingen rondom bovengenoemde thema’s. Bij deze bijeenkomst waren experts op gebied van architectuur en monumenten, hoogbouw, geluid, groen en waterhuishouding uitgenodigd. Bewoners konden op de bijeenkomsten in gesprek met de leden van het projectteam en deskundigen. Zo zijn er gesprekken gevoerd over de toenemende drukte in het gebied, hoe en waar het gebied het beste vergroend kan worden, de voorgestelde verkeersstructuur, hoe er een keuze wordt gemaakt over waar hoogbouw komt en waar niet en welke mogelijkheden er zijn de geluidsoverlast terug te brengen. Alle ideeën zijn achtergelaten op de posters.

Na deze grote bijeenkomsten konden belangstellenden zich opgeven om door te praten over specifieke thema’s met een kleinere groep mensen, de zogenaamde Meedenkgroep bijeenkomsten. In het najaar van 2019 zijn in de Leeuwenburg / Hogeschool van Amsterdam drie bijeenkomsten gehouden waar bewoners hebben meegedacht over de plus- en minpunten van het plan aan de hand van de thema’s verkeer, groen en hoogbouw. Gedurende de inspraakperiode is een corona-proof informatiebijeenkomst in Dauphine gehouden, waar bewoners, ondernemers en andere belangstellenden zich verder konden informeren over het ter inzage liggende concept Stedenbouwkundig Plan AmstelstationAmsteloever. Er was gelegenheid tot het stellen van vragen en in kleine groepen het gesprek over het plan aan te gaan. Ook was op deze bijeenkomst de maquette van het plan te zien. Deze maquette was gedurende de gehele inspraakperiode in de hal van het Amstelstation voor iedereen te bezichtigen. In de Nota van Beantwoording is het overzicht van de binnengekomen reacties en het antwoord daarop te vinden.

5.2 Draagvlak plan Bewoners staan gemiddeld genomen niet negatief tegenover het toevoegen van woningen en voorzieningen. Enerzijds draagt dit bij aan een prettiger en sociaal veiliger leefomgeving, met meer ogen op straat en draagvlak voor de gewenste extra voorzieningen. Het tekort aan woningen in Amsterdam is voor veel (kinderen van) bewoners herkenbaar, en men begrijpt de opgave waar Amsterdam

76

voor staat. Tegelijkertijd vreest men (nog) meer drukte in een gebied dat lange tijd ‘onontdekt’ was. Bewoners geven aan dat de directe omgeving van Amsteloever de laatste jaren al veel drukker is geworden, en hebben (over) last van de toenemende recreatie op het water en aan de oever en van de drukke fietsroute door het gebied. Ze verzoeken om maatregelen die deze overlast beperken, waar mogelijk zijn deze meegenomen in het plan, zoals een betere oversteekbaarheid van de fietsroute. Bewoners staan eveneens positief tegenover maatregelen om de geluidsoverlast in de openbare ruimte te dempen zoals door het toepassen van meer groen. Zij waarschuwen daarbij voor een onbedoeld neveneffect: wordt de oever mooi groen ingericht, dan leggen vaargasten juist daar aan met als gevolg dat plekken die voor de rust bedoeld zijn toch weer druk worden. Om dat te voorkomen zijn er in het plan bewust geen aanlegplaatsen gecreëerd en krijgt de oever op plekken waar een woonboot verdwijnt een drijvende groene inrichting. Bewoners zijn kritisch over de invloed die torens op de bezonning hebben. Ook wijzen ze op het huidige matige windklimaat, dat mag niet verder verslechteren. Bij de locatie van de torens is hier zoveel als mogelijk rekening mee gehouden. Voor het windklimaat zijn regels aangegeven.

Bewoners van de Omval waren kritisch over het verplaatsen van de knip in het autoverkeer naar de Amstelboulevard waardoor zij niet meer rechtstreeks over de Weesperzijde naar het centrum en de Rivierenbuurt kunnen rijden. Ook wilden ze geen autoverkeer door de Amstelboulevard. Ook de eigenaren van Amstelplein en (deel van de) Amstelboulevard wensten behoud van de huidige verkeerssituatie aldaar. Na aanvullend verkeerskundig onderzoek is de verkeersstructuur aangepast. De Weesperzijde wordt ingericht als fietsstraat en alleen autoverkeer van De Omval wordt over de Weesperzijde geleid. De kruising verbetert hiermee voldoende. Ook het opheffen van parkeerplaatsen aan de Weesperzijde is een punt van zorg bij de bewoners van de Van der Kunbuurt en woonbootbewoners. In het kader van autoluw en het autovrij maken van de kruising bij de Berlagebrug, voorziet het plan in een beperkt aantal parkeerplaatsen op straat. Bewoners hebben meermaals verzocht om (meer) handhaving om geluidsoverlast van illegaal langsrijdende snorfietsen en brommers (vooral in de nacht) te voorkomen. Deze signalen zijn doorgegeven aan de handhavende afdeling van de gemeente, maar het plan zelf gaat niet over het vastleggen van extra handhaving.

Wel zijn in de inrichtingsvoorstellen maatregelen genomen om de oversteekbaarheid van de fietsroute te vergroten, en waar mogelijk het verminderen van de snelheid en zodoende mogelijk ook het verminderen van de aantrekkingskracht van deze route op brommers. Op verschillende plekken in dit Stedenbouwkundig Plan

Sprekers, gidsen en experts tijdens de DoeMeeDag

is de opbrengst uit de gesprekken met de bewoners en andere belanghebbenden terug te zien. Het meest in het oog springend zijn:

•

Inzicht in welke delen van het gebied rustig moeten blijven en waar meer levendigheid kan worden gecreëerd. Voorbeelden zijn de levendige stadsplint langs de Leeuwenburg en het Rivierenplein met een ontmoetingsplek aan het water en de rustige groene inrichting langs de Amstel met groene drijvende eilanden zonder toegang naar het water te creëren.

•

Een beter gebruik van ruimte in het gebied, waardoor het openbaar gebied en de beleving daarvan kan worden vergroot, met een betere doorstroming van voetgangers, fietsers en auto (bestemmings-)verkeer in het gebied voor nu en in de toekomst.

•

De groene inrichting van het openbaar gebied voor een prettige en sociaal veilige leefomgeving, geluidsabsorptie, rainproof en als maatregel tegen hittestress.

•

Benadrukken van het belang van windtunnelsimulatie en bezonningssimulatie voor een optimalisatie van het stedenbouwkundig ontwerp.

•

Behoud van de huidige plek van de ‘verkeersknip’ voor autoverkeer, waardoor autoverkeer vanuit de Omval net als nu via de Treublaan wordt ontsloten.

•

Aangepaste weergave op de plankaart van de vrijwillige aankoop van woonboten door het arceren van de gehele strook.

Van der Kunbuurt Stadgenoot en bewoners hebben samen met de gemeente de mogelijkheden voor behoud of gedeeltelijke herontwikkeling van de Van der Kunbuurt onderzocht. Zoals eerder aangegeven speelde de bewonersenquete daarin een sleutelrol. In 2018 is door Stadgenoot een enquête onder alle bewoners van de Van der Kunbuurt uitgevoerd. Op basis van de resultaten van deze enquête

is besloten dat de gele portieketageflat met 66 woningen aan de Weesperzijde blijft staan. Onder de bewoners van de overige 5 blokken is in september / oktober 2020 een vervolgenquête gehouden. De uitslag van de enquête was duidelijk: meer dan 70% van de geënquêteerden stemde voor herontwikkeling. Dit betekent dat de Van der Kunbuurt wordt herontwikkeld. De herontwikkeling van de Van der Kunbuurt is opgenomen in voorliggend Stedenbouwkundig Plan. Ter voorbereiding op de tweede bewonersenquete heeft Stadgenoot alle bewoners van de buurt via een huisaan-huis verspreide brief uitgenodigd deel te nemen aan een meedenkgroep over de mogelijk toekomstige ontwikkeling van hun buurt. In een gezamenlijke opdracht van Stadgenoot en gemeente is een architectenbureau gevraagd deze meedenkgroep van bewoners te begeleiden en inzicht te geven in de mogelijkheden van nieuwbouw. Er zijn drie sessies met een dertigtal bewoners geweest. Het resultaat van deze sessies is een document met uitgangspunten die de bewoners aan Stadgenoot en gemeente meegeven.

5.3 Samen vooruit Ook na de vaststelling van het stedenbouwkundig plan en investeringsbesluit wordt het gesprek met de buurt voortgezet. Er wordt een periodiek beheeroverleg gestart door de omgevingsmanager, waarin gesproken gaat worden over actuele beheerzaken, maar ook over de fasering en uitvoering van de diverse werkzaamheden (zogenaamd BLVC-plan). De inrichtingsplannen voor de openbare ruimte – het groen en de speel- en sportplekken - worden in overleg met bewoners en het stadsdeel verder uitgewerkt tot definitieve ontwerpen. Ook de gesprekken met eigenaren en ontwikkelaars in het plangebied worden voortgezet en geïntensiveerd bij de verdere uitwerking van de plannen. Naarmate meer plannen tot uitvoering komen, zullen ook de toekomstige bewoners kunnen worden betrokken bij de planuitwerking en de inrichting van de openbare ruimte.

77

78

6. ONTWIKKELSTRATEGIE 6.1 Strategie In het project Amsteloever werken gemeente en marktpartijen samen aan de planontwikkeling. De beoogde toevoeging van woon- en werkprogramma vindt voor een groot deel plaats op grond in volledig eigendom van marktpartijen. De van der Kunbuurt bestaat uit sociale huurwoningen met een erfpachtrecht voor Stadgenoot. De sleutel voor het mogelijk maken van de toevoeging van programma ligt enerzijds in de nabijheid van een openbaar vervoersknooppunt (Amstelstation) en anderzijds in het kwalitatief verbeteren van de openbare ruimte zodat gewaarborgd wordt dat ook in de toekomstige situatie, bewoners en gebruikers op een prettige manier in het gebied kunnen wonen, werken en verblijven. De openbare ruimte wordt grotendeels aangelegd en heringericht op gronden van de gemeente. Echter een deel van de gronden, zoals het open distributie-erf / parkeervoorziening langs het spoortalud (NS) of het Amstelplein (privaat eigendom), is in handen van andere partijen. Hier dient overeenstemming te worden bereikt over de beoogde herinrichting.

Verdere uitwerking van de openbare ruimte en de ontwikkellocaties tot een definitief ontwerp (DO) zal per fase binnen de kaders van dit ontwerp plaatsvinden. Er zijn enkele aspecten die nog tot wijzigingen kunnen leiden omdat deze pas concreet kunnen worden uitgewerkt wanneer het architectonische ontwerp van de bebouwing verder is. De gronden in de Van der Kunbuurt zijn in erfpacht uitgegeven aan woningcorporatie Stadgenoot. Herontwikkeling houdt in sloop/nieuwbouw van de blokken aan de Treublaan, Goudriaanstraat en Van der Kunstraat. Na de sloop wordt het erfpachtrecht beëindigd en zal de gemeente percelen uitgeven ten behoeve van de nieuwbouw. Stadgenoot zal de sociale huurwoningen ontwikkelen. De percelen voor de middeldure huurwoningen en vrije sector woningen worden door de gemeente door middel van een tender uitgegeven.

Wie doet wat?

GEMEENTE De samenwerking tussen gemeente en marktpartijen heeft geleid tot een integraal stedenbouwkundig plan waarbij programma, kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte op elkaar zijn afgestemd. Gemeente en marktpartijen hebben op hoofdlijnen afspraken gemaakt over het toe te voegen bouwvolume, het programma, de bijdrage in de kosten van de herinrichting van de openbare ruimte, verantwoordelijkheden van en taakverdeling tussen partijen, risico’s en maatregelen om die te beheersen. Deze afspraken zijn vastgelegd in voorovereenkomsten. Vóór het investeringsbesluit dat door de gemeenteraad wordt genomen worden de afspraken met de marktpartijen nader uitgewerkt en vastgelegd in anterieure overeenkomsten. De Van der Kunbuurt wordt herontwikkeld. In de tweede bewonersenquete stemde meer dan de benodigde 70% van de geënquêteerden voor herontwikkeling. Voor de Van der Kunbuurt is met woningcorporatie Stadgenoot een samenwerkingsovereenkomst gesloten. Met NS en ProRail is een intentieovereenkomst gesloten, welke indien nodig wordt gevolgd door integrale projectafspraken van gemeente, Vervoersregio, NS en ProRail over de inrichting van de stationsomgeving (fietsenstalling, parkeerdek, stationshal). De taakverdeling houdt in dat de gemeente zich primair richt op de herontwikkeling van de openbare ruimte, zodat deze kwalitatief geschikt wordt voor de nieuwe functies in het gebied.

De gemeente zal geen gronden of vastgoed verwerven ten behoeve van de kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte en de beoogde vergroening van zones binnen het plan. Voor zover gronden of vastgoed van eigenaren nodig mochten zijn om de openbare ruimte en publieke voorzieningen aan te leggen, zal dit plaatsvinden in overleg met de eigenaren.

•

I­s verantwoordelijk voor de aanleg van een aantrekkelijke openbare ruimte;

•

­ erkt samen met netwerkbeheerders en W marktpartijen aan ontwerp, planning en uitvoering van een gefaseerde aanleg van kabels en leidingen;

•

­Stelt een bodemenergieplan op;

•

­ telt een plan op voor de tijdelijke inrichting voor de S openbare ruimte met een bijbehorend beheerplan;

•

­Stelt een BLVC-kader op voor het openbaar gebied;

•

Is verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte: schoon en veilig;

•

­ oet onderzoek naar mogelijke ontwikkelstrategieën D met betrekking tot mobiliteit;

•

Stelt een Stedenbouwkundig Plan met een Ruimtelijk Kader, Beeldkwaliteitplan en bouwenveloppen op als bijlage bij de investeringsnota;

•

Voert overleg met Prorail/NS,VRA en private partijen over de haalbaarheid van een (half)verdiepte fietsenstalling, mogelijke aanpassingen van de verkeerssituatie bij de Spaklerweg en de overkapping van het distributie-erf / de parkeervoorziening en het spoortalud.

•

Is verantwoordelijk voor de maatschappelijke voorzieningen.

79

GEMEENTE - VAN DER KUNBUURT

6.2 Instrumentarium

•

Is verantwoordelijk voor de planvorming van de bouwkavels;

•

Is verantwoordelijk voor een kwalitatief hoogwaardige parkeeroplossing voor bezoekers en terugkeerders;

De Amstel, Ringvaart, Weespertrekvaart en spoordijk begrenzen het projectgebied. Dat valt binnen de bestemmingsplannen ‘Omval’ en ‘Amsteldorp, Julianapark, De Wetbuurt, Drieburg’ en beslaat in totaal 17 hectare. Het bruto vloeroppervlak bedraagt maximaal 340.000 m2, althans conform vigerende plannen.

•

Doet de onderzoeken ten behoeve van de bestemmingsplan wijziging;

•

Creëert een parkeerstrategie voor bezoekers en bewoners;

•

Werkt samen met netwerkbeheerders en markt/ woningcorporatie aan ontwerp, planning en uitvoering van een gefaseerde aanleg van kabels en leidingen;

•

Doet de uitgifte van percelen aan de markt/ woningcorporatie en bouwrijpe percelen geschikt voor woonbestemming;

MARKTPARTIJEN

80

•

Zijn verantwoordelijk voor de planvorming voor de bouwkavels, onderlinge afstemming van de fasering en uitvoering werkzaamheden in overleg met gemeente en de andere marktpartijen, het realiseren van het vastgoed en voor de BLVC-aspecten tijdens de bouw;

•

Zijn verantwoordelijk voor de aanpassing en aanleg van kabels en leidingen op de eigen kavels;

•

Werkt samen met netwerkbeheerders én gemeente aan planning en uitvoering van een gefaseerde aanleg van kabels en leidingen;

•

Bouwen gebouwen die flexibel zijn te gebruiken en functiemenging stimuleren;

•

Zorgen voor een open karakter van de plint, inpandige bedrijfsvuilopslag, inpandige trafo’s, inpandig autoparkeren, inpandige fietsenstalling,

•

Groene binnenruimtes en groen-blauwe daken;

•

Zorgen voor geluidswerende voorzieningen aan de gevel, waar nodig;

•

Zorgen ervoor dat hun bouwplannen voldoen aan alle relevante kaders;

•

Onderzoeken, waar relevant, de wijze waarop cultuurhistorische waarden opgenomen kunnen worden in transformatievoorstellen.

Hoe het projectgebied zich de komende jaren zal ontwikkelen ligt nog niet vast, maar de ruimtelijke randvoorwaarden en spelregels waarbinnen deze ontwikkelingen de komende jaren kunnen plaatsvinden worden in deze nota vastgelegd. Voor het projectgebied Amsteloever is in 2013 het bestemmingsplan Omval vastgesteld. Duidelijk is dat de voorziene ontwikkelingen binnen dit gebied niet passen binnen het huidige bestemmingsplan. Nadat deze ruimtelijke randvoorwaarden zijn vastgesteld door de raad, is het de bedoeling om dit kader juridisch planologisch te borgen in een nieuw bestemmingsplan. Het uitgangspunt daarbij is om één integraal bestemmingsplan vast te stellen voor het hele plangebied. Dit sluit goed aan bij de afspraken die met de verschillende ontwikkelende eigenaren in het gebied zijn gemaakt over de integraliteit van het kostenverhaal en het opnieuw inrichten van het openbare gebied. Deze afspraken worden voor vrijgave inspraak en vervolgens vaststelling door de raad, vastgelegd in respectievelijk een voorovereenkomst en een anterieure overeenkomst. Om de ruimtelijke randvoorwaarden zo snel mogelijk nadat deze zijn vastgesteld door de raad juridisch planologisch te borgen is het streven van de gemeente om voor inwerkingtreding van de Omgevingswet een ontwerpbestemmingsplan in procedure te brengen. Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10049381/1