11. Raadsvoordracht BP E-buurt Oost en wijziging Welstandsnota.docx
Tekst van het document
Nummer < automatisch > Directie
< automatisch >
Voordracht voor de Raadsvergadering van 31 maart 2021
Portefeuille Agendapunt Datum besluit
Ruimtelijke Ordening College van B en W 2 maart 2021 Onderwerp
Vaststellen van het bestemmingsplan E-buurt Oost en wijzigen Welstandsnota
De gemeenteraad van Amsterdam besluit
gezien de voordracht van het college van burgemeester en wethouders: 1. Kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming: a. De zes ingebrachte zienswijzen naar aanleiding van de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost; en b. Dat gedurende de terinzagelegging van het ontwerp wijziging Welstandsnota geen zienswijzen zijn ingebracht; c. Het positieve advies van het Dagelijks Bestuur van stadsdeel Zuidoost over het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost en het ontwerp besluit tot wijziging Welstandsnota; 2. De zes zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1a te beantwoorden overeenkomstig is gesteld in de bijgevoegde Nota van beantwoording zienswijzen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit; 3. Kennis te nemen van het besluit d.d. 2 maart 2021 dat uit de beoordeling (vormvrije) m.e.r. beoordeling als onderdeel van de toelichting van het bestemmingsplan Ebuurt Oost voldoende is gebleken dat de beoogde ontwikkeling niet zal leiden tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu en om welke reden geen milieueffectrapport behoeft te worden gemaakt. 4.
Het bestemmingsplan E-buurt Oost bestaande uit een verbeelding en regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.T1802BPSTD-VG01 in elektronisch en analoge vorm, gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost zoals dat ter inzage heeft gelegen, overeenkomstig de van dit besluit onderdeel uitmakende Nota van wijzigingen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 2019; 5. Geen exploitatieplan vast te stellen; 6. Vast te stellen het wijzigingsbesluit welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, ten behoeve van de E-buurt Oost zoals opgenomen in bijlage 9 waarmee de verwijzing naar ‘E buurt (0833 E) Richtlijnen welstand E-buurt Oost en het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Oost’ wordt geschrapt. Wettelijke grondslag
-
Wet ruimtelijke ordening (Wro), artikel 3.1, eerste lid. De gemeenteraad is bevoegd om een bestemmingsplan vast te stellen. Hoofdstuk 7 Wet milieubeheer, in het bijzonder artikel 7.17 van de Wet milieubeheer. Het bevoegd gezag moet beslissen of een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. Woningwet, artikel 12a De gemeenteraad stelt de (wijziging van de) Welstandsnota vast.
Bestuurlijke achtergrond
Aanleiding & Doel De ontwikkeling van de E-buurt Oost is onderdeel van de Vernieuwing van de Bijlmermeer, waarbij voor de E-buurt Oost een Stedenbouwkundig Programma van Eisen is vastgesteld in 2007. De uitgangspunten van dit SPvE zijn opgenomen in het bestemmingsplan De Nieuwe Bijlmer. De E-buurt is gefaseerd ontwikkeld. Na vaststelling van de grondexploitatie zijn de flats Egeldonk (2010) en de kop van Gravestein (2011) gesloopt. De bedoeling was om kort daarna te starten met nieuwbouw in de E-buurt Oost, maar door de kredietcrisis en ongunstige woningmarktomstandigheden heeft de planontwikkeling van 2013 tot 2016 stilgelegen. Daarna is de planontwikkeling voor de Ebuurt Oost hervat. In de tussentijd is het stedelijk beleid wat gewijzigd en gelden er nieuwe stedelijke beleidskaders voor een duurzame, groene en gezonde stad, voor het parkeren, participatie en het selecteren van marktpartijen. De planlocatie van dit voorliggend bestemmingsplan wordt in Koers 2025 niet genoemd, omdat de locatie in het bestemmingsplan 'De Nieuwe Bijlmer' al aangewezen was als te ontwikkelen woonlocatie. Het bestemmingsplan past wel in het beleid zoals geformuleerd in Koers 2025. Op 20 juli 2017 heeft de gemeenteraad de Woonagenda 2025 vastgesteld. Het uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen is: 40% sociale huur 40% middelduur en 20% dure huur en koop.
Aan de hand van spelregels voor woningbouwprogrammering wordt per plangebied bepaald welk programma gerealiseerd wordt. Voor deze locatie ie gekozen voor circa 20% sociaal, 53% middensegment en 27% duur aan te houden. Reden om hier minder sociale huur te ontwikkelen ligt in de opgave om hier meer kansen te creëren voor bewoners om binnen Zuidoost door te stromen vanuit de sociale huur naar een ander segment. Deze woningen zijn nu nog te beperkt voorradig. De raad heeft op 27 november 2019 het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost vastgesteld voor de ontwikkeling van maximaal 550 woningen. Het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost dient als basis voor het voorliggend bestemmingsplan. Begrenzing plangebied Het plangebied van de E-buurt Oost wordt aan de noordkant begrensd door de Daalwijkdreef, aan de oostkant door de Elsrijkdreef, aan de westkant door de Emerald buurt en aan de zuidzijde door de flats Geldershoofd en Gravestein. Wat wijzigt er ten opzichte van het huidig bestemmingsplan? Ten opzichte van het huidige bestemmingsplan 'De Nieuwe Bijlmer' (vastgesteld 30 mei 2007) zijn de wijzigingen als volgt: - het maximum aantal woningen gaat van 400 naar 550 woningen;
-
de maximale hoogte van de bebouwing in het noordelijk deel blijft gelijk, namelijk maximaal 60 m; de maximale hoogte van de bebouwing in het zuidelijk deel gaat van 18 meter naar 7 – 32 meter.
Wijziging Welstandsnota In de Welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam wordt verwezen naar een welstandskader dat behoorde bij het oude Stedenbouwkundig Programma van Eisen Oost. Met het schrappen van de verwijzing gelden de algemene gebiedsgerichte welstandscriteria. Participatie In overeenstemming met de Algemene inspraakverordening heeft participatie plaats gevonden in het kader van het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost. Het concept Stedenbouwkundig Plan is besproken met de omwonenden, vervolgens heeft het ontwerp van dit plan ter inzage gelegen. Op een informatiemiddag/avond is het Stedenbouwkundig Plan toegelicht. Hierop zijn zienswijzen ingediend, die in de Nota beantwoording zijn voorgelegd aan de Stadsdeelcommissie Zuidoost. De Stadsdeelcommissie Zuidoost heeft ingestemd met het Stedenbouwkundig Plan. Op 27 november 2019 heeft de gemeenteraad het Stedenbouwkundig Plan vastgesteld. Het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost en de nog op te stellen Bouwenveloppen vervangen de ‘Richtlijnen welstand E-buurt Oost en het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Oost’, waarnaar in de Welstandsnota wordt verwezen. In het voorliggende wijzigingsbesluit welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, ten behoeve van de Ebuurt Oost wordt voorgesteld deze verwijzing te schrappen.
Ontwerp bestemmingsplan en ontwerp wijzigingsbesluit welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, ten behoeve van de E-buurt Oost Het ontwerp bestemmingsplan heeft van 23 januari 2020 tot en met 4 maart 2020 ter inzage gelegen. Tijdens de ter inzage legging van het ontwerp bestemmingsplan is in een bijeenkomst voor de wijk en andere belangstellenden het plan toegelicht. Er zijn 6 zienswijzen ingediend. Tegen het ontwerp wijzigingsbesluit welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, ten behoeve van de E-buurt Oost zijn geen zienswijzen ingediend. Advies Dagelijks Bestuur Stadsdeel Zuidoost Conform de Verordening op het lokaal bestuur is het Dagelijks Bestuur van het stadsdeel Zuidoost in de gelegenheid gesteld om een advies uit te brengen. Onderbouwing besluit
Ad 1a en b – Kennisnemen van en betrekken bij besluitvorming van ingebrachte zienswijze Het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost heeft van 23 januari 2020 tot en met 4 maart 2020 ter visie gelegen. Gedurende die periode kon iedereen een zienswijze indienen op het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost. Er zijn in totaal zes zienswijzen ingediend bij de gemeenteraad. De zienswijzen zijn afkomstig bewoners in de omgeving en van de woningcorporatie Rochdale. Het ontwerp besluit tot wijziging van de Welstandsnota heeft tegelijkertijd met het ontwerp bestemmingsplan E-buurt Oost ter inzage gelegen. Tegen het ontwerp besluit zijn geen zienswijzen ingediend. Ad 1c – Kennisnemen en betrekken bij besluitvorming van het advies Dagelijks Bestuur van
stadsdeel Zuidoost Conform de Verordening op het lokaal bestuur is het Dagelijks Bestuur van het stadsdeel Oost in de gelegenheid gesteld om een advies uit te brengen. De stukken zijn ter kennisname naar de stadsdeelcommissie gestuurd, de stadsdeelcommissie heeft geen aanleiding gezien het bestemmingsplan te agenderen. Op 26 november 2019 heeft het dagelijks bestuur positief geadviseerd over de voorgenomen planherziening en het wijzigingsbesluit welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, ten behoeve van de Ebuurt Oost. Ad 2 – Voorgestelde beantwoording zienswijzen Gedurende de terinzagelegging zijn zes zienswijzen ontvangen. De zienswijzen van de bewoners uit de omgeving hebben betrekking op het behoud van groen, bomen en het reliëf van het landschap, verlaging van de hoogte van het CPO blok (wonen – 4) en betere loop- en fietsroutes in het gebied en daaromheen. Het bebouwen van het gebied kan (helaas) niet zonder het kappen van een deel van de bomen. Er is een inventarisatie gemaakt van de aanwezige bomen. Daaruit blijkt dat ca. 132 bomen moeten worden gekapt. In het gebied zullen weer nieuwe bomen geplant worden. Er zal nog een bomeneffectanalyse (BEA) worden uitgevoerd om te bekijken welke maatregelen er nodig zijn om de bomen tijdens de bouw te beschermen.
Uit de BEA kan ook naar voren komen dat bomen toch moeten worden gekapt of verplaatst als gevolg van bouwwerkzaamheden, ophogen of het verleggen van ondergrondse infrastructuur. Vanwege de noodzakelijke ophoging kan het bestaande reliëf niet behouden worden. De gronden rondom de bebouwing hebben een groenbestemming en een verkeersbestemming voor de ontsluiting van het gebied. De groenbestemming maakt een groene inrichting van het gebied mogelijk, waardoor heen voet- en fietspaden lopen. Uiteraard zal daarbij gelet worden op een goede aansluiting van de voet- en fietspaden op de wegen en paden. In het vervolgproces worden bewoners actief betrokken bij het ontwerp van de openbare ruimte. In een gezamenlijk proces bespreken we de randvoorwaarden, waarna we gezamenlijk de wensen inventariseren, de mogelijkheden verkennen, keuzes maken en een ontwerp opstellen. Ruimtelijk is het wenselijk om een overgang te creëren tussen de hoogbouw en de laagbouw. Het CPO-blok (Wonen – 4) moet wel enige hoogte hebben om als overgang te kunnen fungeren. Daarnaast wordt een plein gevormd tussen de hoogbouw en het CPOblok. Omdat een plein ontstaat door wanden met een zekere hoogte, is een hoogte van 17 m voor het CPO-blok nodig. In de zienswijze van Rochdale wordt gevraagd om ruimere bouwmogelijkheden en verhoging van het aantal woningen in het bestemmingsvlak Wonen -2.
De zienswijze van Rochdale sluit voor wat betreft de verruiming van de bouwmogelijkheden aan bij de ambtshalve wijziging om de bebouwingsmogelijkheden flexibeler te maken. Voor de verdere beantwoording van de zienswijzen wordt verwezen naar de Nota van beantwoording die als bijlage bij het bestemmingsplan E-buurt Oost is gevoegd. Ad 3 – Geen milieueffectrapport opstellen Ten behoeve van het project is een m.e.r.-beoordeling opgesteld waarin aandacht is besteed aan de milieugevolgen van de ontwikkeling. Per aspect is beoordeeld wat de gevolgen zijn van het plan met als criterium: de kenmerken van de activiteit, de plaats van de activiteit en de kenmerken van het potentiële effect. Uit de beoordeling volgt dat er geen effecten te verwachten zijn op Natura 2000-gebieden, NNN-gebieden en de hoofdgroenstructuur van de gemeente Amsterdam. Uit het onderzoek naar de
stikstofdepositie op Natura 2000 gebieden volgt dat de ontwikkeling geen effect heeft. De geluidsbelasting blijft binnen de normen van de Wet geluidhinder en het Amsterdamse geluidbeleid. Daar waar nodig zullen gevelmaatregelen worden getroffen in verband met de eis van een stille zijde. Ook voor de overige aspecten zijn er geen effecten te verwachten zodat de conclusie van de m.e.r.-beoordeling is dat geen sprake is van belangrijke milieugevolgen en er dus geen MER noodzakelijk is. Ad 4 – Het bestemmingsplan E-buurt Oost bestaande uit een verbeelding en regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.T1802BPSTD-VG01 in elektronisch en analoge vorm, gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan E-buurt Oost zoals dat ter inzage heeft gelegen, overeenkomstig de van dit besluit onderdeel uitmakende Nota van wijzigingen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 2019 Voorgesteld wordt het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen overeenkomstig de Nota van wijzigingen. Dit zijn ambtshalve wijzigingen, wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen en verduidelijkingen in de planregels en verbeelding.
De ambtshalve wijzigingen zijn gericht op meer flexibiliteit in situering en vormgeving van gebouwen, niet op het vergoten van bouwmassa. Dit sluit aan op een zienswijze. Verder is rekening gehouden met de magneetveldzone van de aanwezige elektriciteitskabels. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de toelichting op enkele punten nog is aangevuld en geactualiseerd. Omdat de toelichting van het bestemmingsplan E-buurt Oost geen deel uitmaakt van het vaststellingsbesluit, hebben deze wijzigingen in de toelichting geen juridische status in formele zin. Wettelijke termijn Op grond van de Wro dient een bestemmingsplan te worden vastgesteld binnen twaalf weken na de termijn terinzagelegging (artikel 3.8 lid 1, onder e Wro). De termijn van terinzagelegging eindigde op 4 maart 2020, zodat vaststelling van het bestemmingsplan eind mei 2020 zou moeten plaats vinden. Het bleek echter nodig te zijn een onderzoek te laten doen naar de magnetische veldzone van de ondergrondse elektriciteitskabel. De uitkomst was aanleiding om overleg te voeren met het RIVM, de GGD en Tennet, ook omdat er een wijziging van het Rijksbeleid en/of wettelijke regeling op dit punt in voorbereiding is. Er is nagegaan of er maatregelen mogelijk of nodig zijn en wat de magnetische veldzone betekent voor de bouw van de woningen.
De interne en externe afstemming van de magnetisch veldzone, het in beeld brengen van de stedenbouwkundige en juridisch planologische gevolgen voor het bestemmingsplan heeft de nodige tijd gevergd. Hierdoor wordt met de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan niet voldaan aan de eerder genoemde termijn. Het niet voldoen aan deze termijn heeft hier geen gevolgen. Het bestemmingsplan Programma Het bestemmingsplan maakt in navolging van het Stedenbouwkundig Plan (vastgesteld door de gemeenteraad op 27 november 2019) maximaal 550 woningen mogelijk. Het bestemmingsplan maakt ook onder een aantal woonblokken in de plint kleinschalige bedrijven, horeca en broedplaatsen, zoals kunstateliers mogelijk. De omvang van deze vestigingen is totaal maximaal 1200 m2. Evenals in het huidige bestemmingsplan ‘De Nieuwe Bijlmer’ maakt het plan op de hoek van de Elsrijkdreef/Daalwijkdreef een hoogte mogelijk van 60 meter. De andere
woonblokken zijn 20-40 meter hoog. De grondgebonden woningen kunnen maximaal 3 lagen bevatten. Op de hoeken en aan de zuidkant bij de grondgebonden in het bestemmingsvlak Wonen -1 is gestapelde woningen in 3 - 4 bouwlagen mogelijk. Het bestemmingsplan gaat uit van de parkeernormen zoals opgenomen in de Nota Parkeernormen Auto en de Nota Parkeernormen Fiets en Scooter. Het gaat hier om een B-locatie.
Stedelijke kaders Het voorliggende bestemmingsplan is opgesteld in overeenstemming met de stedelijke kaders en vormt geen strijd met provinciaal- dan wel rijksbeleid. Het plangebied ligt in het LIB 5 gebied (volgens het Luchthavenindelingbesluit Schiphol). Dit betekent dat een nadere afweging moet worden gemaakt. Het vigerende bestemmingsplan 'De Nieuwe Bijlmer', maakt al woningbouw op deze locatie mogelijk. En op een deel van het plangebied stonden flats die enige jaren geleden gesloopt zijn. In zekere zin is het daarmee geen nieuwe woningbouwlocatie, maar wel een intensivering van het aantal woningen. De Veiligheidsregio heeft op 8 oktober 2019 een advies uitgebracht. Daarin stelt de Veiligheidsregio dat de locatie goed bereikbaar is voor hulpverleners. Geadviseerd wordt om de toekomstige bewoners voor te bereiden op wat zij moeten doen bij een luchtongeval. De wijze van communicatie over (het risico van) een luchtongeval moet voor de stad nog verder uitgewerkt worden. Als er een vliegtuigongeval zal zijn, zal in ieder geval via NLAlert bewoners gewaarschuwd worden. De website http://www.watdoeje.nl/risico/vliegtuigongeval geeft aan wat te doen bij een vliegtuigongeval. Wonen De gemeenteraad heeft op 19 juli 2017 de Woonagenda 2025 en op 20 december 2017 het stedelijk kader voor sociale en middensegment huurwoningen in particuliere plannen vastgesteld.
In de woonagenda is een nieuwe woningbouwprogrammering voor Amsterdam opgenomen. Uitgangspunt bij woningbouw is 40% sociale huur, 40% middelduur en 20% dure huur en koop (40-40-20) en dat borging ervan primair privaatrechtelijk plaatsvindt. Het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost maakt een verdeling mogelijk van 20% in de sociale huur, 53% middensegment en 27% in het dure segment. In het Investeringsbesluit (Het Stedenbouwkundig Plan E-buurt Oost) wordt verwezen naar het Advies Woningbouwprogrammering Bijlmer, RVE Wonen, 30 november 2017, waarin wordt vastgesteld dat een beperkt aantal locaties in de Bijlmer zich leent voor het hogere segment. De E-buurt Oost is aangemerkt als kansrijke locatie om het hogere segment te realiseren. Reden om hier minder sociale huur te ontwikkelen ligt in de opgave om hier meer kansen te creëren voor bewoners om binnen Zuidoost door te stromen vanuit de sociale huur naar een ander segment. Deze woningen zijn nu nog te beperkt voorradig. Wel wordt op het niveau van Zuidoost een verdeling van 40-40-20 aangehouden. Voor het Stedenbouwkundig Plan is op basis van de proefverkaveling besloten tot de verdeling 20-53-27. Deze verdeling was gebaseerd op het realiseren van 518 woningen. Het maximum aantal woningen is in het Stedenbouwkundig Plan en het bestemmingsplan Ebuurt Oost gesteld op 550 woningen.
Het programma boven de 518 woningen zal worden gerealiseerd in de segmenten sociaal en middelduur. Geluid De gevelbelasting op de nieuw te bouwen woningen is op de gevels van de
woongebouwen langs de Daalwijkdreef en de Elsrijkdreef/Provincialeweg ten gevolge van deze wegen boven de voorkeursgrenswaarde, maar onder de maximale ontheffingswaarde. Dit geldt ook voor het geluid van de metro. In de planregels is opgenomen dat de woningen een stille zijde moeten hebben, conform het advies van Tavga. Het Stedenbouwkundig Plan is besproken in het TAVGA van 12 april en 26 juli 2018. Zoals met het TAVGA is afgesproken is het ontwerp bestemmingsplan schriftelijk aan hen wordt voorgelegd. Het TAVGA had geen opmerkingen op het ontwerp bestemmingsplan. Omdat bronmaatregelen en maatregelen in het overdrachtsgebied niet doelmatig zijn – dan wel niet wenselijk zijn om redenen van stedenbouwkundige en/of verkeerskundige aard – dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Het ontwerpbesluit hogere waarde is tegelijk met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Er zijn geen zienswijzen ingediend tegen het ontwerp besluit hogere waarden. Het besluit tot vaststelling van hogere waarden is middels een aparte voordracht maar gelijktijdig met de voordracht tot vaststelling van het bestemmingsplan E-buurt Oost aan het college van burgemeester en wethouders ter besluitvorming voorgelegd.
Magneetveldzone Naast de belemmeringenstrook van een boven- of ondergrondse hoogspanningsleiding moet rekening worden gehouden met mogelijke magnetische straling vanuit de leidingen, in ieder geval bij ondergrondse leidingen vanaf 150 kv. Hoogspanningsleidingen hebben een elektromagnetische straling. Met het oog hierop is vanuit het Rijk beleid ontwikkeld en is een advies aan gemeenten en provincies gezonden (3 oktober 2005 SAS/2005183118, verduidelijkt in de brief van 4 november 2008, Kenmerk DGM/2008105664, Ministerie van VROM) over hoogspanningsverbindingen in de nabijheid van gevoelige bestemmingen in verband met gezondheidsrisico's (hierna: het magneetveldvoorzorgsbeleid). Aanleiding voor het advies vanuit het Rijk is dat er een statistisch verband is gevonden tussen het wonen in de buurt van bovengrondse hoogspanningslijnen en de kans op leukemie bij kinderen. Omdat het magneetveld de oorzaak kan zijn, adviseert het Rijk om zoveel als redelijkerwijs mogelijk te vermijden dat er nieuwe situaties ontstaan waarbij kinderen langdurig verblijven in het gebied onder bovengrondse hoogspanningsverbindingen, waarbinnen het jaargemiddelde magneetveld hoger is dan 0,4 microtesla (de magneetveldzone). Er wordt geadviseerd zo weinig mogelijk gevoelige bestemmingen te situeren in de specifieke zone.
Onder het begrip "gevoelige bestemming" wordt verstaan een woning, school, crèche en kinderopvangplaats. Het gaat hierbij om een langdurig verblijf. Langdurig wil hier zeggen minimaal 14 tot 18 uur per dag gedurende minimaal één jaar. Er is daarom geen reden om het voorzorgbeleid uit te breiden naar bijvoorbeeld sportvelden, kinderspeelplaatsen en recreatiegebieden. Het huidige magneetveldvoorzorgbeleid gaat over bovengrondse hoogspanningsverbindingen. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft echter in een uitspraak (1 februari 2017, 201603535/1/R6) gesteld dat uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening in beginsel ook bij ondergrondse hoogspanningsverbindingen dit beleid moet worden toegepast. De minister van economische zaken en klimaat heeft op 1 oktober 2019 naar aanleiding
van een advies van de Gezondheidsraad in een brief aan de Tweede Kamer laten weten dat er regelgeving komt, ook voor ondergrondse hoogspanningsverbindingen. Vooruitlopend op deze regelgeving is uit voorzorg onderzocht of in het voorliggende bestemmingsplan gevoelige bestemmingen worden gerealiseerd in de magneetveldzone jaargemiddelde magneetveld hoger is dan 0,4 microtesla. Er is onderzoek gedaan naar de ligging van de magneetveldzone (Movares, C24-TMI-KA-1900040, 14 augustus 2020, bijlage 9 van de toelichting). Uit dit onderzoek volgt dat de magneetveldzone waar de magnetische straling hoger is dan 0,4 microtesla gerekend vanaf het hart van de leiding 19,2 m breed is op een hoogte van 1 meter. De straling neemt af op grotere hoogte, waarmee de magneetveldzone de vorm van een ellips heeft. In het bestemmingsplan is op de verbeelding de aanduiding 'specifieke vorm van wonen uitgesloten -1' aangegeven, de magneetveldzone. Binnen deze zone is het gebruik voor het gebruik als hoofdverblijf voor personen jonger dan 15 jaar en andere gevoelige bestemmingen verboden. Dit geldt niet als alleen de buitenruimten binnen de aanduiding zijn gelegen of voor de bouwlagen die buiten de magnetisch veldzone liggen, zoals aangegeven in bijlage 2 van de regels (Magnetische veldzone doorsneden). In twee situaties kan het college van B & W afwijking verlenen.
Dat is in het geval het beleid of regelgeving hieromtrent wijzigt en als de ligging en/of werking van de elektriciteitskabels is aangepast, zodanig dat de magnetische straling lager is dan 0,4 microtesla. De GGD in Amsterdam is betrokken bij het adviseren van de minister over het nieuwe voorzorgsbeleid. De GGD heeft positief geadviseerd over de regeling in het bestemmingsplan en daarbij aangegeven dat de regeling met de afwijkingsbevoegdheid anticipeert op het komende nieuwe beleid. Planschade Een extern bureau heeft een planschade risicoanalyse opgesteld. Daarin is nagegaan of de eventuele ontwikkeling voorzienbaar was voor de eigenaren van de omliggende woningen. Als dat het geval is, dan is er geen kans op planschade. Uit de planschade risicoanalyse komt naar dat voor de meeste objecten rondom het gebied geldt dat de ontwikkeling voorzienbaar was. Voor 14 woningen aan de zuidwestzijde van het plangebied kan er sprake zijn van geen of gedeeltelijke voorzienbaarheid. Als hier een planologische vergelijking wordt gemaakt met de planologische regeling uit het bestemmingsplan Bijlmermeer (vastgesteld op 19 maart 1975) dan volgt daaruit dat het bestemmingsplan Bijlmermeer op ca. 80 meter afstand een flat mogelijk van maximaal 34 meter hoog. Het voorliggende bestemmingsplan E-buurt Oost maakt woningbouw met een hoogte van 10 -13 meter mogelijk op ca.
40 meter afstand van de 14 woningen. Gelet op deze afstand en het aantal woningen, is er geen sprake van een planologisch nadeel. Voor zover er toch enig planologisch nadeel zou zijn dat niet voorzienbaar was, dan zal met de aftrek vanwege het normaal maatschappelijk risico de planschade nihil zijn.
Stikstofdepositie Het onderzoek naar de stikstofdepositie wijst uit dat zowel in de aanlegfase als de gebruiksfase met gebruik van werktuigen met een STAGE klasse IV (bouwjaar 2014) er geen sprake zal zijn van stikstofdepositie op het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied, Botshol. In het kader van de tender zal dit als voorwaarde worden opgenomen.
Flora en fauna Er is onderzoek gedaan naar de te beschermen flora en fauna in het plangebied. Daarin is geconcludeerd dat in een aantal bomen holten en nesten aanwezig zijn. Deze zijn echter niet geschikt voor broedplaatsen van vleermuizen. Ingeschat wordt dat er geen sprake is van aantasting van essentiële vliegroutes of foerageergebieden, mits het inpassingsplan gericht is op het behoud van bomenrijen als vliegroute en foerageergebied. De bomen in het plangebied zijn geïnventariseerd. Deze staan met name aan de Elsrijkdreef, Provinciale weg en Daalwijkdreef. Een deel van deze bomen zal gekapt worden. Deze zullen in het plangebied gecompenseerd worden, waarbij rekening zal worden gehouden met de instandhouding van de vliegroute en foerageergebied van de vleermuizen. Crisis- en herstelwet van toepassing Het voorliggende bestemmingsplan E-buurt Oost heeft betrekking op een project als bedoeld in bijlage I van de Crisis- en herstelwet aangezien er meer dan 11 woningen in een aaneengesloten gebied mogelijk worden gemaakt. Als gevolg daarvan is afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit brengt onder meer met zich mee dat bij een eventueel beroep alle beroepsgronden dienen te worden opgenomen en deze na afloop van de beroepstermijn niet meer kunnen worden aangevuld. Verder verloopt de behandeling van het beroep versneld.
Ad 5- Geen exploitatieplan vaststellen Op basis van 6.1.2 Wro dient in beginsel een exploitatieplan te worden opgesteld. De gemeente Amsterdam is in dit geval volledig eigenaar van de gronden, waarmee het kostenverhaal reeds anderszins is verzekerd in de zin van de Wro. Het kostenverhaal is verzekerd via het uitgeven van de gronden in erfpacht. Het is daarom niet noodzakelijk een exploitatieplan op te stellen. Ad 6 - Vaststellen van het besluit tot wijziging van de welstandsnota In de Welstandsnota Schoonheid van Amsterdam wordt E Buurt Oost genoemd onder ‘Ruimtelijke systemen 8, woongebieden na 1985’. Daar wordt voor de welstandscriteria verwezen naar ‘Richtlijnen welstand E-buurt Oost en het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Oost’. De richtlijnen welstand is een bijlage bij het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Oost. Formeel moeten bouwplannen aan deze criteria getoetst worden. Het nieuwe stedenbouwkundig plan gaat echter uit van andere richtlijnen. Dat betekent dat de Welstandsnota moet worden aangepast daar waar het verwijst naar de oude richtlijnen. Met de voorgestelde wijziging van de welstandsnota komt die verwijzing te vervallen. Door het schrappen van de verwijzing, gelden de algemene gebiedsgerichte welstandscriteria voor Gedifferentieerde woongebieden (8c).
Het ontwerp besluit tot wijziging van de Welstandsnota heeft tegelijkertijd met het ontwerp bestemmingsplan E-buurt Oost ter inzage gelegen. Tegen het ontwerp besluit zijn geen zienswijzen ingediend. Financiële onderbouwing
Financiële onderbouwing: Nee Geheimhouding
Niet van toepassing Welke stukken treft u aan? Registratienr.
Naam
< automatisch >
1.Verbeelding bestemmingsplan E-buurt Oost
< automatisch >
2.Regels bestemmingsplan E-buurt Oost 3.Bijlage bij regels bestemmingsplan E-buurt oost 4.Toelichting bestemmingsplan E-buurt Oost 5.Bijlage bij toelichting bestemmingsplan E-buurt Oost 6.Nota van beantwoording zienswijzen (geanonimiseerd) 7.Zienswijzen (geanonimiseerd) 8.Nota van wijzigingen 9.Advies DB Stadsdeel Zuidoost 10.Besluit wijziging Welstandsnota E-buurt Oost 11.VERTROUWELIJK Nota van beantwoording zienswijzen (niet geanonimiseerd) 12. VERTROUWELIJK Zienswijzen (niet geanonimiseerd)
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Ruimte en Duurzaamheid, Paulien Bouterse, 06-83357421, paulien.bouterse@amsterdam.nl