1. Toekomstplan Gaasperplas def.pdf
Tekst van het document
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 86
Huidige situatie Gaasperplas Legenda Manege
Waterspeelplaats
Camping
Pr ov
in
cia
le
Planetarium
we
g
G tro Me
Driemond Na
aa
Voormalig Floriadeterrein
ar
W ee
sp
eg
dw
on
iem
Dr
las
erp
sp
Boerderij Langerlust
Naar Mandelapark Haven
Waternet drinkwater Ballorig
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 87
7.2.2 Het park in de tijd
Floriade 1982 Nellestein 1979
De aanleg van de Gaasperplas is destijds in drie stappen gerealiseerd. In 1979 is de woonwijk Nellestein aangelegd in een parkachtige omgeving naar een ontwerp van de Gemeente Amsterdam. Nellestein kreeg een stedelijke parkstrook langs het water met een boulevard, een kademuur en een natuurlijke zwemoever. Aan de westzijde kwam een haventje voor verschillende vormen van waterrecreatie. Vanaf 1975 is het ontwerp gemaakt voor de Floriade, de tuinbouwtentoonstelling die in 1982 in het noordelijk deel van het park plaats vond. Het ontwerp is gemaakt door de toenmalige dienst Ruimtelijke Ordening van de Gemeente Amsterdam. Het park is ontworpen als decor voor de plantenpracht die tijdens de Floriade tentoon werd gesteld. Daarbij is gekozen voor grote en bijzondere parkbomen.
Groengebied Amstelland 1992 Het park in de tijd - tijd van aanleg van de verschillende delen
De zuid/zuidoostzijde tenslotte, is aangelegd in 1992 door Groengebied Amstelland. Het doel was, het park rond de plas af te maken met een invulling als recreatiegebied met een extensief beheerbeleid. Tot op de dag van vandaag is deze gefaseerde ontstaansgeschiedenis van het gebied herkenbaar in de grote verschillen in inrichting van het park. Zo is de variatie aan boom soorten aan de noordzijde veel groter dan aan de zuid- en oostzijde.
Het park in aanleg voor de Floriade 1982
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 88
De huidige situatie van de Azaleatuin
Kanoën op de Gaasperlas
Brug naar klein Rosarium
De kade bij Nellestein
Steiger surfweide
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 89
7.2.3 Onderzoek Monumenten en Archeologie De dienst Monumenten en Archeologie heeft in 2016 onderzoek verricht naar de cultuur historische waarden van het Floriade terrein uit 1982. Hieronder zijn kort de conclusies van dat onderzoek opgenomen. In de bijlage is de uitgebreide samenvatting met aanbevelingen opgenomen. Zonering Van begin af aan is het Gaasperplaspark bedoeld als regionaal recreatiepark. Sinds de aanleg van het park is de opgave voor een recreatiepark altijd het zoeken geweest naar een evenwicht tussen actieve en passieve ontspanning, tussen drukte en rust, tussen cultuur en natuur. Het park heeft echter, vanwege zijn ligging aan de metro, ook een rol als stedelijk park. Vanwege die dubbele betekenis hebben de ontwerpers destijds gekozen voor een overgang van een parkachtige, ‘cultuurlijke’ zone, naar de natuurlijke zone langs de oever van de plas. Die zonering is nu nog aanwezig. Het onderscheid tussen de zones is echter aanzienlijk vervaagd. Dat komt door het dichtgroeien van de beplantingsvakken en het verdwijnen of vervagen van de oorspronkelijke inrichting van de bijzondere elementen. Van enkele elementen, zoals de Rozentuin en de Vastenplantentuin, is de oorsponkelijke inrichting nog aanwezig. Ook de aanleg van de delen met natuurlijke vegetatietypen is nog enigszins herkenbaar.
Deze zijn bedoeld voor de, zoals dat in de beheersvisie heet, ´amfibische recreatie´. Luchtfoto’s uit de jaren tachtig laten zien dat het park beschouwd kan worden als een verzameling eilanden die door de vele bruggen met elkaar zijn verbonden. In veel traditioneel ontworpen landschapsparken hebben de waterlopen een belangrijke functie als drager van de ruimtelijke structuur. Bij de Gaasperplas zwakt het grillig verloop van de waterlopen die functie enigszins af. Bovendien bemoeilijkt oeverbegroeiing het zicht op het water en oeverrecreatie. Dat geldt voor zowel grote delen van de valleizone als voor de centrale ligweide, waar het panoramische uitzicht op de plas geheel is verdwenen door hoog opgaande oeverbegroeiing. Zichtlijnen De beplanting rond de ligweiden heeft verschillende functies: ze zorgt voor beschutting, bij kleinere ruimtes zorgt zij voor intimiteit en zij vergroot in ruimtelijk opzicht het contrast met de open ruimtes van de ligweiden. Een vergelijking tussen de silhouetkaarten van 1982 en 2014 laat zien dat de solitaire bomen die er nog waren, inmiddels zijn opgenomen in de bosvakken.
Ontsluiting De bedoeling van het oorspronkelijk ontwerp was, dat de hoofdroute voor bezoekers werd omgezet naar het fietspadennetwerk dat aansluit op de regionale fietsroutes. Een groot deel van de dwaalpaden zou verdwijnen. Voor de Floriade is om beheers technische redenen gekozen voor een hoofdentree die vanaf het ontmoetingsplein ”de Esplanade” bij de metro-uitgang, parallel aan de metrolijn loopt. Die entree is nog steeds de hoofdentree voor wandelaars. De aansluiting tussen hoofdentree en fietsroute ter hoogte van de Esplanade, is niet geslaagd. De hoofdentree doet nu benauwd aan. En fietsers moeten voor de toegang aan de noordzijde gebruik maken van een naargeestige ingang tussen kampeerterrein en waterspeelplaats in. Water Het karakter van het Foriadepark wordt sterk bepaald door de vele waterlopen die vanuit de plas tot diep in het park doordringen.
Floriade ontwerp - zoneringsvoorstel van cultuurlijk naar landschappelijk naar natuurlijk
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 90
Omdat er in de onderbegroeiing niet regelmatig wordt gedund, zijn doorzichten nauwelijks mogelijk, ook niet op plaatsen die volgens de beheersplannen van 1987 en 1994 vrij van onderbegroeing hadden moeten blijven. Het gebrek aan doorzichten draagt niet bij aan de sociale veiligheid. De onderbegroeing ondermijnt ook de ruimtelijke werking van delen van het park, zoals op het Vastenplanteneiland. De berken en berken stoelen kunnen hun beeldbepalende functie in het bosgedeelte, dat bedoeld was als groene buffer, slecht vervullen.Onderlinge verbindingen en zichtlijnen tussen bijzondere elementen, zoals tussen de ligweiden of tussen het park en de plas, zijn minder duidelijk geworden. Dat komt doordat ze door de voortwoekerende beplanting gedeeltelijk of geheel zijn dichtgegroeid. Voorbeelden zijn de relatie tussen de rozentuin en de daarlangs lopende waterloop, of het zicht op de plas vanaf de centrale ligweide.
Verdeelplein / plantanenplein tijdens de Floriade 1982
Bolwerk (Bastion) Het bolwerk is bedoeld als uitkijkpunt, waar de bezoekers tijdens de Floriade 1982 vanaf het terras konden genieten van het panorama over de plas. Op deze mooie plek was in het ontwerp van de Floriade een permanente horecavestiging gedacht. Het bolwerk vormt één geheel met de licht gebogen kade die langs de westzijde van het park loopt. Deze kade eindigt in een spiraalvormig bouwsel. Het bolwerk lijdt onder ernstige verzakking. De horeca werd na de sluiting van de Floriade niet gerealiseerd. De komst van horeca op deze locatie zou de attractiewaarde van het park kunnen versterken.
Vergelijking beplanting 1982 en 2014
Brug naar klein Rosarium tijdens de Floriade 1982
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 91
7.3 Motie
7.4 Opbrengst uit de participatie
In 2015 is gestart met het ontwerp voor het noordelijke deel van het rondje (fiets, wande len) rond de plas. Dat gebeurde in opdracht van GGA. In 2017 hebben enkele omwonenden van de Gaasperplas een inspraakreactie gegeven bij de raad. Zij maakten zich zorgen over het ontwerp voor het noordelijke deel van het rondje rond de plas. Naar aanleiding van de inspraakreactie heeft de Raad motie 974 van Groen, Van den Berg en Van Soest aangenomen. De motie houdt in: • Paden opknappen maar niet verbreden • Geen, of zo min mogelijk bomen kappen • Bestaande fijnmazige padenstructuur ook opknappen • Voor fase 1 (noordoever) alsnog participatie organiseren, zoals dat voor fase 2 (overige deel van het gebied) gepland staat.
De plenaire aftrap Op 1 februari 2018 vond de aftrap van het participatietraject plaats met een plenaire avondbijeenkomst in het congrescentrum het Planetarium. Op deze avond konden geïnteresseerden zich aanmelden voor de meedenkgroep of de klankbordgroep. In de meedenkgroep werd in co-creatie met het ontwerpteam gewerkt aan de ontwikkeling van een ontwerp. De klankbordgroep adviseerde het projectteam over het participatieproces. Na de plenaire bijeenkomst is een online enquête uitgevoerd, met vragen over o.a. de sterke en zwakke punten van het park en over de wensen voor het park. De enquête is door bijna 1400 mensen ingevuld.
Naar aanleiding van de motie is voor dit ambitiedocument een uitgebreid participatietra ject ingericht, waarbij het park in zijn geheel is opgenomen. In de volgende paragraaf is een samenvatting opgenomen van het participatieverslag. In het hoofdstuk ‘Toekomst plan’ is uitgelegd hoe binnen het ontwerp is omgegaan met de paden en de bomen.
Een participatief ontwerpproces De meedenkgroep is in 2018 acht maal bijeen gekomen. Er werd meegedacht en mee ontworpen. Men dacht mee over routes door het park en de oriëntatie. Waar zijn de routes onlogisch of onduidelijk, waar ontbreken paden, waar kunnen paden verwijderd worden, of waar zouden deze juist moeten worden toegevoegd? Men dacht mee over plekken en voorzieningen in het park. . Ook dacht men mee over het water en de mogelijkheden die dat brengt. Er werd onderzocht of er mogelijkheden zijn voor leukere routes voor kanovaarders, of er locaties zijn voor meer zwemwater en of de randen vanaf het water aantrekkelijker kunnen worden. Ook natuur is een belangrijk onderdeel aan de Gaasperplas en dat kreeg daarom in meerdere sessies aandacht. De aanwezige natuur is geïnventariseerd, mogelijkheden en wensen zijn opgehaald. Aanvullende participatie in de omgeving Aanvullend op de meedenkgroep is met diverse gebruikers van het park gesproken. Alle partijen die in het gebied gevestigd zijn, zijn benaderd om mee te denken. Er is gesproken met de evenementen organisatoren, met sportverenigingen binnen en buiten de Gaasperplas, met scholen en met passanten op markten in Zuidoost. De opgehaalde input werd tijdens de bijeenkomsten teruggekoppeld aan de meedenkgroep, om deze mee te nemen in de ontwikkeling van het plan.
Weging en verwerking van opgehaalde input Alle opgehaalde input is, aan de hand van de zogenaamde ontwerpprincipes, gewogen en al dan niet verwerkt in het ontwerp.
Huidige status tuinen en paden in tuinenvallei; foto hierboven: azaleatuin
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 92
De ontwerpprincipes zijn zeven uitgangspunten waaraan het toekomstige ontwerp van Gaasperplas moet voldoen. De principes zijn gedistilleerd uit de resultaten van de SWOT-analyse uitgevoerd in het begin van het participatietraject. De principes in willekeurige volgorde: • Goed toegankelijk, van buitenaf en voor minder validen • Behoud van de kernwaarden rust, ruimte, natuurbeleving • Sociaal veiliger • Uitnodigend voor zo breed mogelijke groep gebruikers • Natuurwaarden verhogen en toekomstbestendiger • Goede oriëntatie, zonder bebording • Afwisselend in beeld en aanbod Het klankbord De klankbordgroep is in zes bijeenkomsten steeds geïnformeerd over de stand zaken. De klankbordgroep adviseerde het projectteam over het participatieproces. De leden van het klankbord hebben ieder een advies uitgebracht aan het bestuur. Hierin hebben zij hun visie gegeven op het doorlopen participatieve ontwerpproces.
Participatie
Welke betekenis heeft Gaasperplas voor u? (Online enquête februari 2018)
Het participatieverslag In het Participatieverslag is de participatie voor dit project uitgebreid beschreven. Het verslag is opvraagbaar bij de Gemeente Amsterdam, Stadsdeel Zuidoost. Projectgroep Gaasperplas; gaasperplas@amsterdam.nl
7.5 Communicatie in dienst van participatie
Wat is er nodig voor u om vaker naar de Gaasperplas te gaan? (Online enquête februari 2018)
Alle communicatiemiddelen waarover de gemeente beschikt zijn ingezet om bewoners, gebruikers, stakeholders, Amsterdammers en onze buren te informeren over de ontwikkelingen rond de Gaasperplas en hen op te roepen mee te denken, mee te doen of simpelweg te reageren op ideeën van anderen. Daartoe zijn onder andere ingezet: • Artikelen gemeentekrant • Facebook (en facebook advertentie rond enquête) • Projectpagina met reactiemogelijkheid Daarnaast er zijn veel gesprekken gevoerd en bijeenkomsten georganiseerd met stakeholders en belangstellenden.
Bijeenkomst meedenkgroep
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 93
Vervolg 2019 en verder De komende periode richt de communicatie zich op het informeren van bewoners en stakeholders over de mogelijkheden in te spreken en te reageren op het planvoorstel. Via de webpagina en met andere middelen houden we bewoners en stakeholders op de hoogte van de ontwikkelingen rondom het bestuurlijke traject. Na besluitvorming in de gemeenteraad eind 2019, start een nieuwe periode waarin stakeholders betrokken worden bij de verdere uitwerking van het planvoorstel. Dat communicatie- en participatietraject wordt in de tweede helft van 2019 ontwikkeld.
7.6 Beleid en overige kaders Er is veel provinciaal en gemeentelijk beleid waarmee rekening is gehouden bij het maken van het ontwerp. In de bijlage is het beleid kort samengevat en is een verantwoording opgenomen hoe in het ontwerp met dit beleid is omgegaan. Participatie bij Langerlust
Op deze plek lichten we vier kaders kort toe, omdat zij specifiek richtinggevend zijn voor de Gaasperplas. 1) Natuurnetwerk Nederland Juridisch planologisch is relevant dat vrijwel het hele gebied in het Natuurnetwerk Nederland (NNN) valt. In de Provinciaal Ruimtelijke Verordening (PRV) zijn daarvoor de kaders beschreven. De kaders beschrijven of en zo ja, onder welke voorwaarden bebouwing is toegestaan.
Participatie in het park Gaasperplas
Natuurnetwerk Nederland
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 94
Ook beschrijft het beleid de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied, die niet aangetast mogen worden. Zie in de bijlage de toelichting op deze wezenlijke kenmerken en waarden in relatie tot het ontwerp. 2) Gemeentelijke structuurvisie Binnen de gemeentelijke structuurvisie ligt de Gaasperplas in de Hoofdgroenstructuur. Daarbinnen valt het gebied grotendeels in het type Stadspark en voor een kleiner deel in het type Stadsrandpolder.
Gemeentelijke structuurvisie
3) Het evenementenbeleid Binnen het evenementenbeleid gelden voor de Gaasperplas 3 locatieprofielen (bijlage): voor de noordoever, de zuidoever en voor de zuidoostoever. Het evenementenbeleid wordt na het evenementenseizoen van 2019 geëvalueerd. Veel participanten zien graag dat grote evenementen niet meer mogelijk zijn in het park Gaasperplas. De evenementen organisatoren zien graag behoud van hun mogelijkheden. In dit project is het beleid als randvoorwaarde meegenomen en is gezocht naar een manier waarop de organisatie van grote evenementen, beter in samenhang met andere belangen voor het gebied, kan worden vormgegeven. 4) Kaders GGA Groengebied Amstelland is verantwoordelijk voor het beheer van de Gaasperplas. Het recreatieschap werkt mee aan dit proces onder voorwaarde dat het planvoorstel beheerneutraal is. Het gebied van Groengebied Amstelland
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 95
Mogelijke zonering aanleg
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 96
8 8
Financiën en risico’s Budget Er zijn drie budgetten beschikbaar voor het uitvoeren van projecten rond de Gaasperplas: • Kwaliteitsimpuls Gelden; € 2.900.000,-. • Groengelden; € 995.000,• Bijdrage GGA (Groene Uitwegprogramma); € 450.000,Totaal; € 4.345.000,Financiële haalbaarheid Het Toekomstplan Gaasperplas bevat ambities voor het gebied voor de komende jaren. Het beschikbare budget is niet toereikend voor de realisatie van alle ambities. Er wordt daarom voorgesteld het ontwerp in deelprojecten op te delen. Zie de kaart op de vorige pagina. Daarbij wordt in de vervolgfase in samenspraak met Groengebied Amstelland een afweging gemaakt welke onderdelen als eerste aangepakt kunnen worden. Om alle ambities uiteindelijk te kunnen realiseren zal gezocht worden naar aanvullende financiële middelen. Investeringsraming Van het voorliggende ontwerp Gaasperplas is een eerste doorrekening gemaakt. De kosten voor aanleg bedragen ca. 13.000.000,00 Euro. Deze kosten liggen dus fors hoger dan het beschikbare investeringsbudget. Het voorliggende ontwerp zal in de komende periode verder onderzocht en uitgewerkt worden. In de fase van verdere uitwerking van het ontwerp zal opnieuw de samenwerking worden gezocht met betrokken stakeholders. Waar mogelijk worden krachten gebundeld en externe financiële bronnen benut.
Quick wins Sommige onderdelen van het ontwerp kunnen snel gerealiseerd worden, omdat er geen belemmeringen zijn op het gebied van de kosten èn alle stakeholders vóór realisatie zijn van dit onderdeel. Deze zullen voorrang bij de uitvoering krijgen.
Beperkende factoren voor uitvoering In de planning dient rekening gehouden te worden met beperkende factoren. Zoals aangegeven is het beschikbaar investeringsbudget ontoereikend om alle ambi ties direct waar te maken. Realisatie van de ambities neem meerdere jaren in beslag en zal afhankelijk van ter beschikking gesteld budget langer duren. Vigerend beleid vormt een beperkende factor voor realisatie van gebouwde voorzieningen. Het ontwerp past op het gebied van de gewenste horeca en de maatschappelijk/stedelijke functie niet in het bestaande beleid van het bestemmingsplan en het NNN-beleid. Om de ambities voor een museum, restaurant en overige horeca te kunnen realiseren is een wijzi ging in het bestemmingsplan en een verschuiving van het NNN-gebied noodzake lijk. Investeringsbudget; De doorlooptijd voor realisatie van alle ambities kan oplopen indien het benodigde investeringsgeld over meerdere jaren gevonden wordt. Indien geen of onvoldoende aanvullende middelen gevonden worden zullen niet alle ambities uit het plan gerealiseerd worden. Beheerbudget; Een eerste doorrekening van het ontwerp op de beheerkosten laat zien dat op basis van een gelijkblijvend onderhoudsniveau, de gemiddelde beheerkosten gelijkwaardig zijn die van de huidige inrichting.
Maatschappelijk/stedelijke functie en horeca; Indien de Provincie Noord-Holland niet akkoord gaat met de voorstellen voor wijziging in het bestemmingplan ten aanzien van het NNN-gebied, kan de ambitie voor een maatschappelijk/stedelijke functie en die van horeca niet gehaald worden.
Uitgangspunten | Gemeente Amsterdam | 97
Colofon Dit Toekomstplan is opgesteld door medewerkers van Ruimte & Duurzaamheid, gemeente Amsterdam. Ambtelijk opdrachtgever: Ashna Vishnudatt, directie Verkeer en Openbare Ruimte
Advisering op cultuurhistorie: Jouke van der Werf, Monumenten en Archeologie
Projectgroep samenstelling: Sebastiaan Weijer, projectmanager IB Olga Appelman, sr. ontwerp openbare ruimte R&D en opsteller Lia de Lange, sr. planoloog R&D en redactie Yvonne van Kessel en Karin Roos, omgevingsmanager IB Michael Boomsma, technisch projectleider IB Marina Meinster projectondersteuner IB Lune Renardel, sr. communicatie adviseur Merel Meijer, communicatie adviseur Clemmy Tjin, gebiedsmakelaar Gaasperdam en Driemond Jos IJkhout , Bernadett van Heel en Chantal Jansen, participatiebureau Stroom Jasper Beekhoven, Recreatie Noord Holland iov GGA
Opmaak; Kaartbeeld, tenzij anders vermeld: Ontwerpteam R&D
Ontwerpteam R&D Olga Appelman, sr. ontwerp openbare ruimte en trekker Leonie Nieuwland, ass. ontwerp openbare ruimte Ruben van der Giessen, ass. ontwerp openbare ruimte Erwin van Schagen, stedenbouwkundige Berta Gruodyte, ass. stedenbouwkundige Yttje Feddes, Rick Lensink, Marlies Doesburg, landschapsarchitectenbureau Feddes en Olthof
Beeldmateriaal, internet Bij het zoeken naar informatie op internet is het helaas niet altijd gelukt om de bronnen van het beeld te achterhalen. Indien u van mening bent beeldrecht te hebben op in Ambitiedocument gebruikt materiaal, verzoeken wij u zich te richten tot onderstaande afdeling. Informatie: Gemeente Amsterdam, Cluster Ruimte en Economie, Ruimte & Duurzaamheid, team gebied Zuidoost Anton de Komplein 150 Amsterdam Zuidoost 020 - 14020
Colofon | Gemeente Amsterdam | 98
Bijlage Adviescommissies Advies Centrale Verkeerscommissie (CVC) R&D R&D vraagt aandacht voor het punt waar het fiets- en voetpad bij elkaar komen en adviseert om de brug niet te steil te maken voor vooral mindervaliden. Het project antwoordt dat de bruggen (vrijwel) vlak zijn. In profiel BB moet de rijbaan 5,80 m breed zijn wanneer de Driemondweg wordt versmald. R&D gaat niet akkoord met de door het project voorgestelde vormgeving van de fietskruising Meibergpad en raadt aan de voorrang tussen fietsers onderling niet te regelen. Volgens R&D moet zeker aandacht zijn voor het nieuwe parkeerterrein bij Langerlust. Het project dient oog te hebben voor de steilheid van de weg en het verkeer dat vanaf de provinciale weg af komt. R&D maakt zich grote zorgen over het zicht komende vanaf het parkeerterrein en het zicht op bromfietsers en fietsers op het tweerichtingenfietspad. Het uitzicht wordt ook belemmerd door de bocht in de Provinciale weg. Cliëntenbelang Amsterdam Cliëntenbelang Amsterdam ondersteunt de opmerkingen van R&D. Cliëntenbelang Amsterdam verzoekt de bruggen goed aan te laten sluiten op de fiets- en voetpaden en zo vlak mogelijk aan te leggen. Verder pleit Cliëntenbelang Amsterdam voor een goede en veilige gehandicaptenparkeerplaats die aan de eisen voldoet op alle gehandicaptenparkeerplaatsen rond de Gaasperplas.
Politie De politie sluit aan bij de opmerkingen van R&D. De politie informeert of de snorfietsen zijn toegestaan op het fietspad. Het project antwoordt dat in Zuidoost zowel bromfiets als snorfiets op het fietspad rijden, dus ook bij het rondje Gaasperplas. In dat geval pleit R&D voor een fietspadbreedte van 4,50 m (bromfietspad in twee richtingen). De politie sluit zich hierbij aan.
MET (metro & tram) MET adviseert om de bruggen geschikt te maken voor de nood- en hulpdiensten in verband met de bereikbaarheid van het gebied. Op de bruggen rekening houden met schrikruimte ten opzichte van de leuningen. In de uitwerking overwegen middenmarkering aan te brengen op de tweerichting (brom-)fietspaden. Wanneer de aansluiting van de Driemondweg op de provinciale weg wordt aangelegd, stelt MET voor om het begin breder te maken, zodat verkeer op elkaar kan wachten zonder op het fietspad of de provinciale weg te gaan staan. Aandachtspunt is de route voor bevoorrading van Ballorig. GVB GVB sluit aan bij de gemaakte opmerkingen. In verband met de veiligheid van de bezoekers van het gebied raadt GVB af om bromfietsen toe te staan binnen het rondje Gaasperplas. Het project licht toe dat de zuidkant wel veel gebruikt wordt door bromfietsen om naar Weesp te gaan. Vanuit veiligheid vindt GVB de verlichting ook een aandachtspunt. Fietsersbond De Fietsersbond sluit aan bij de gemaakte opmerkingen en uit ook haar zorgen over de kruising tussen auto en fietsers bij de provinciale weg. Voor de herkenbaarheid alle fietspaden en dus ook het rondje in rood materiaal aanleggen. V&OR V&OR maakt zich zorgen over de aansluiting van het parkeerterrein bij Langerlust. De voorkeur gaat uit naar een aansluiting die met een VRI is geregeld.
Advies/besluit CVC De CVC is onder voorwaarden akkoord met het voorliggende ontwerp. De CVC constateert dat het project de bromfiets ook op het fietspad laat rijden en pleit daarom voor een fietspad van 4,50 m breed.
Bijlage | Gemeente Amsterdam | 99