1 SP Amstelstation-Amsteloever.pdf
Tekst van het document
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervalt het huidige instrument van bestemmingsplannen. Daarvoor in de plaats komt één omgevingsplan voor heel Amsterdam.
6.3 Fasering & BLVC De gemeente streeft ernaar de fasering van de nieuwe maaiveld inrichting aan te laten sluiten bij de realisatie van het nieuwe woningbouwprogramma en kantoren. Hiermee wordt voorkomen dat het maaiveld te vroeg wordt aangelegd en mogelijk beschadigd wordt tijdens de bouw en wordt ook voorkomen dat toekomstige bewoners en gebruikers veel overlast ervaren, doordat de definitieve inrichting nog niet is opgeleverd. In het gebied Amsteloever zijn veel ontwikkelingen voorzien. Dat zal de komende jaren leiden tot veel bouwactiviteit. Gelijktijdig moet het gebied wel leefbaar en bereikbaar blijven en uiteraard veilig. Binnen Amsterdam worden daarvoor BLVC (Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie)-plannen opgesteld. Ook voor de Amsteloever zal dit gebeuren.
Door goed te plannen en te faseren kan er toch gebouwd worden, terwijl de overlast binnen de perken blijft en het gebied goed bereikbaar. Het BLVC plan zal worden opgesteld zodra meer bekend is over de planning van de diverse ontwikkelingen en bouwactiviteiten. In dit stadium zijn wel de volgende randvoorwaarden te geven: •
elangrijke functies in het gebied (woningen, B bedrijven, station) dienen altijd bereikbaar te blijven;
•
oofdroutes in het gebied (zoals Mr. Treublaan, H hoofdfietsroutes) mogen niet worden gestremd; uitzonderingen pas na afstemming en goedkeuring vooraf met alle betrokkenen;
•
e ontwikkeling van gebouw de Leeuwenburg D of de vernieuwing van de Van der Kunbuurt grenzen mogelijk direct aan de te realiseren fietsparkeergarage. Afstemming tussen beide bouwprojecten - zowel in ruimte als tijd - is noodzakelijk;
•
ondom de bouwkavels moet de veiligheid altijd zijn R geborgd;
•
e ruimte voor bouwterreinen is zeer beperkt, dit D stelt hoge eisen aan het ruimtegebruik en aan de aanvoer en afvoer van bouwmaterialen;
•
In het gebied is sprake van binnenstedelijk bouwen. De bouwmethoden moeten gericht zijn op het beperken van omgevingshinder;
•
Tijdelijke voorzieningen, zoals omleidingen, tijdelijk beheer en bouwafzettingen, moeten van voldoende kwaliteit zijn, zodat de leefbaarheid van het gebied overeind blijft.
•
abels en leidingen: Ontwikkelaars en gemeente K moeten ruimte bieden aan derden voor het bijtijds aanleggen van kabels en leidingen (hoofdnet, distributienet), zodat nieuwe kavels en functies bijtijds aangesloten kunnen worden;
Ter uitwerking hiervan zal in de vervolgfases (VO en DO) een faserings- en (bouw)logistiek plan worden opgesteld.
openbare ruimte Amsteloever. Deze worden in principe door de gemeente, Vervoersregio en het Rijk gedragen. Er is wel een bijdrage vanuit deze gebiedsexploitatie voorzien. De kosten voor beheer zijn berekend op basis van een onderhoudsniveau ‘verzorgd’.
Beheertoets Uitgangspunt bij de keuzes in het SP is dat het gebied straks goed kan worden onderhouden. Bij de nieuwe inrichting wordt daarom gekozen voor de toepassing van materialen uit het Handboek Puccini. De materialen uit dit handboek zijn getoetst op goede onderhoudbaarheid. De beheerkosten van de nieuwe inrichting zijn berekend en vergeleken met de bestaande inrichting. Dit op basis van globale kostenkengetallen en een verzorgd onderhoudsniveau. Daaruit blijkt dat de nieuwe inrichting van het gebied qua beheerkosten vergelijkbaar is met de oude inrichting. In de vervolgfases (VO en DO) zal een gedetailleerde beheerkostentoets worden verricht.
6.5 Risico’s en robuustheid Het plan heeft een lange doorlooptijd en de ontwikkelsnelheid verschilt per ontwikkellocatie. Om onderlinge afhankelijkheden zoveel als mogelijk te voorkomen worden nu (financiële) afspraken vastgelegd in samenwerkingsovereenkomsten en anterieure overeenkomsten en daarna kan iedere partij in eigen tempo (gefaseerd) ontwikkelen. Voor de ontwikkellocaties wordt uitgegaan van het plan zoals dat er nu ligt – qua volume en programma. De financiële bijdrage van de eigenaren van deze ontwikkellocaties is hierop gebaseerd. Majeure aanpassingen aan het plan qua volume of programma kunnen leiden tot discussie over de hoogte van de financiële bijdrage van deze eigenaren en daarmee de financiële haalbaarheid van het voorliggende plan. Het plan zal dan mogelijk aangepast of heroverwogen dienen te worden.
6.4 Financiële haalbaarheid Van de aanpassingen in de openbare ruimte is een kostenraming (SSK-raming) gemaakt. De totale investering in de openbare ruimte bedraagt ruim € 60 mln. Deze investering wordt gedragen door de gemeente en alle marktpartijen in het gebied en wordt verrekend op basis van het toegevoegd programma dat mogelijk gemaakt wordt met het plan voor Amsteloever. Zoals hiervoor aangegeven zijn de financiële afspraken met de marktpartijen vastgelegd in overeenkomsten. De kosten van de (half)verdiepte fietsenstalling zijn geen onderdeel van de hierboven genoemde investering in de
81