1. Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie, 2e meting
Tekst van het document
-
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie Tweede meting Onderzoek, Informatie en Statistiek
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
In opdracht van: Ruimte en Duurzaamheid Gemeente Amsterdam Projectnummer: 20144 Auteur: Bart Sleutjes
Mersiha Tepic
Judith van Dijk
Sara Rubingh
J Bezoekadres: Weesperstraat 113-117
Telefoon 020 251 0402
Postbus 658, 1000 AR Amsterdam
data.amsterdam.nl
m.tepic@amsterdam.nl
Amsterdam, oktober 2020
Foto voorzijde: Zonnepanelen op het dak van de Hermitage, fotograaf Roos Trommelen (2020)
2
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Inhoud
Samenvatting
4
Inleiding
7
Onderzoeksvraag Werkwijze en respons Overige kenmerken onderzoekspopulatie
7 8 10
1 Kennis
11
1.1 Echt duurzame energiebronnen door overgrote meerderheid herkend 1.2 Biomassa minder als duurzaam gezien dan vorig jaar
11 12
2 Houding
14
2.1 Ruim drie kwart van de Amsterdammers vindt de overstap naar duurzame energie een goede zaak 14 2.2 Houding energietransitie grotendeels onveranderd 15 2.3 Ruime meerderheid is positief over aardgasvrij 16 2.4 Houding windmolens 18
3 Gedrag
19
3.1 Een kwart heeft plannen om in de komende 12 maanden duurzame maatregelen te nemen en de helft ziet hierbij obstakels 3.2 Minder of uitgestelde duurzame maatregelen door de coronacrisis
20 23
4 Enablers
25
4.1 Aanzienlijke groep verwacht hulp van de gemeente bij financiering of keuze maatregelen 4.2 Weinig mensen vinden de gemeentelijke communicatie goed en de grootste groep is neutraal 4.3 Praktische informatie, op maat voor de woning, en geen juichverhalen
25 27 29
Bijlage 1 Vragenlijst
31
3
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Samenvatting
In opdracht van Ruimte en Duurzaamheid heeft OIS een surveyonderzoek uitgevoerd onder Amsterdammers over hun kennis, houding en gedrag ten aanzien van de energietransitie. Dit is een vervolgmeting op eerder onderzoek in 2019. Aan het onderzoek in 2020 hebben 1.320 panelleden en 371 face to face geïnterviewde personen deelgenomen. Op de dataset is een weging toegepast op basis van de kenmerken leeftijd, opleidingsniveau en migratieachtergrond om ervoor te zorgen dat het onderzoek een representatief beeld geeft van het draagvlak van Amsterdammers voor de energietransitie. Er is rekening gehouden met streefaantallen respondenten per stadsdeel (in het online en face-to-face gedeelte) om ook uitspraken over draagvlak per stadsdeel te kunnen geven. Kennis
Zon en wind worden door minimaal 85% van de respondenten als duurzaam gezien; waterkracht en warmte uit de aarde door minimaal 64%. Bijna de helft van de ondervraagden beschouwt restwarmte van het afvalbedrijf of de industrie als duurzaam. Andere energiebronnen zoals biomassa, stadswarmte en kernenergie worden door een minderheid als duurzaam aangemerkt. Ten opzichte van de vorige meting wordt vooral biomassa minder vaak als duurzame bron beschouwd: een afname van 36% naar 13%. Amsterdammers schatten hun kennisniveau ongeveer hetzelfde in als een jaar eerder. In 2020 geeft 28% van de ondervraagden aan weinig tot geen kennis te hebben over het onderwerp duurzame energie; in 2019 was dit 25%. Bijna de helft (46%) geeft wel aan kennis te hebben, tegen 50% bij de vorige meting. Het kennisniveau verschilt naar opleiding, leeftijd en stadsdeel. Hoger opgeleiden, Amsterdammers van 35-49 jaar en bewoners van Centrum en West hebben vaker wel kennis. Lager opgeleiden en jongeren tot 35 jaar geven vaker dan gemiddeld aan geen kennis te hebben.
Houding
Het draagvlak voor de overstap naar duurzame energie is op dit moment groot, en grotendeels onveranderd sinds de vorige meting. Ruim driekwart van de respondenten vindt de overstap naar duurzame energie een goede zaak en twee derde geeft aan te vinden dat iedereen in de maatschappij verantwoordelijk is voor de overstap en ook zelf daaraan te zullen moeten bijdragen. Een minderheid van 13% geeft aan niets te maken te willen hebben met de energietransitie. Het draagvlak neemt gemiddeld genomen toe met opleidingsniveau en af met leeftijd. Ook zijn bewoners in Centrum vaker positief over duurzame energie en bewoners in Noord vaker negatief. Er is wel een verschil tussen wat men vindt en in hoeverre men er actief iets aan doet: een derde draagt zelf actief bij aan de overstap naar duurzame energie en ruim een
4
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
kwart probeert anderen mee te krijgen. Hoger opgeleiden en bewoners van Centrum en West zijn vaker actief, evenals Amsterdammers tussen 35 en 49 jaar. De houding van Amsterdammer ten aanzien van duurzame energie is het afgelopen jaar grotendeels onveranderd. Voor 68% is de houding hetzelfde gebleven, terwijl 21% van de respondenten positiever tegen duurzame energie is gaan aankijken en 9% negatiever. Van de respondenten vindt 60% het positief of zeer positief dat Nederland (en Amsterdam) van het aardgas af gaat. Ook vindt de meerderheid (54%) van de respondenten het positief of zeer positief dat Amsterdam in 2040 van het aardgas af gaat. Er is dus iets minder draagvlak dat Amsterdam in 2040 aardgasvrij is dan in 2050. Gemiddeld genomen zijn hoger opgeleiden en bewoners van Centrum, West en Zuidoost positiever over aardgasvrij. Amsterdammers ouder dan 50-jaar zijn minder vaak positief.
Gedrag
Een kwart van de respondenten heeft plannen om in de komende 12 maanden duurzame maatregelen te nemen. De twee populairste maatregelen zijn spaar- / ledlampen en zonnepanelen. In 2019 had nog 37% plannen voor duurzame maatregelen. De helft van de respondenten ziet obstakels bij het nemen van duurzame maatregelen. Als obstakels worden vooral kosten of bemoeilijking door een VVE of verhuurder genoemd. Of mensen van plan zijn maatregelen te nemen, en welke dat zijn, hangt mede af van welke maatregelen eerder zijn genomen/uitgevoerd in de woning. Bij een grote meerderheid van 88% zijn eerder duurzame maatregelen genomen. In meer dan de helft van de gevallen zijn deze maatregelen geheel of gedeeltelijk genomen voordat men er ging wonen. Respondenten is gevraagd of vanwege de coronacrisis duurzame maatregelen in de woning uitgesteld of niet meer genomen gaan worden. Dit is bij een minderheid van 13% het geval. Daar staat tegenover dat 40% de maatregelen niet uitstelt en ruim een derde van de respondenten al niet van plan was om duurzame maatregelen te nemen. Vooral hoger opgeleiden stellen maatregelen vaker niet uit vanwege de coronacrisis. Maatregelen die relatief vaak worden uitgesteld zijn zonnepanelen, van het gas af gaan en elektrisch koken. Driekwart van de respondenten geeft aan niet versneld duurzame maatregelen te gaan nemen vanwege de coronacrisis.
Enablers: wat wordt van de gemeente verwacht?
Een aanzienlijke groep verwacht hulp van de gemeente bij de financiering of de keuze van maatregelen. De enablers waar de meeste behoefte aan is zijn bijdragen aan de kosten (59%), informatie over subsidiemogelijkheden (59%), vrijheid geven om zelf keuzes te maken bij het nemen van duurzame maatregelen (49%) en advies welke duurzame maatregel het beste is voor de respondent (46%). Weinig mensen vinden de gemeentelijke communicatie goed (6%) en een derde vindt deze slecht. De grootste groep is neutraal (38%).
5
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Meer dan de helft van de respondenten (56%) wil via een website geïnformeerd worden. Een derde (33%) wil met een nieuwsbrief van de gemeente benaderd worden. Daarna volgen social media posts (26%), huis-aan-huis bladen(21%) en persoonlijk contact via een energiecoach (21%). Qua inhoud van communicatiemiddelen is vooral behoefte aan praktische tips, op maat voor de woning, en geen juichverhalen.
6
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Inleiding
Onderzoeksvraag Amsterdam wil een duurzame stad zijn. Daarom wil de gemeente Amsterdam in 2030 de CO2uitstoot verminderen met 55% en in 2050 met 95% in vergelijking met de uitstoot in 1990. De aanpak hiervoor staat beschreven in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050, vastgesteld door het college van B&W op 3 maart 2020. Deze Routekaart gaat over de ‘energietransitie’: de overgang van fossiele energie naar energie uit hernieuwbare en dus oneindig beschikbare bronnen. Daar is een brede, maatschappelijke verandering voor nodig die impact heeft op onze economie en op ons dagelijks leven. De gemeente heeft in het Coalitieakkoord naast de verduurzamingsdoelstellingen de intentie opgenomen dat de transitie naar een duurzame stad onder bepaalde voorwaarden plaats moet vinden. De gemeente vindt draagvlak onder Amsterdammers voor de energietransitie essentieel. De overstap naar een duurzame stad mag de ongelijkheid in de stad niet vergroten. In het Coalitieakkoord wordt bijvoorbeeld genoemd dat de woonlasten voor huishoudens met lage en middeninkomens niet mogen stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie. Om deze reden werd in 2019 het eerste onderzoek gedaan onder Amsterdammers om het draagvlak voor de transitie te meten.
De gemeente is geïnteresseerd in de stand van de kennis, houding en gedrag van Amsterdammers ten aanzien van het gebruik van energie, energiebesparing en de overstap naar duurzame energie. Daarnaast wil de gemeente ook graag leren wat de Amsterdammers zien als potentiële maatregelen door de gemeente die ze kan ondersteunen in hun overstap/transitie naar (meer) duurzame energiebronnen. In 2020 is de tweede meting uitgevoerd naar draagvlak voor de energietransitie onder Amsterdammers. De vragenlijst is aangepast aan de ervaringen die tijdens de eerste dataverzameling zijn opgedaan en de vragen die in de tussentijd op zijn gekomen. In dit rapport over de tweede meting staat de volgende vraag centraal: Zien we in het afgelopen jaar een verandering in kennis, houding en gedrag ten aanzien van de energietransitie onder de Amsterdammers (en verschillende groepen Amsterdammers)? In het rapport wordt de werkwijze toegelicht en worden de resultaten van het onderzoek uiteengezet. Met de resultaten wordt een beeld gegeven van het draagvlak voor de energietransitie onder de Amsterdammers.
7
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Werkwijze en respons OIS en Ruimte en Duurzaamheid van de gemeente hebben gezamenlijk een vragenlijst opgesteld die ingaat op de volgende onderwerpen: kennis over duurzame energiebronnen; houding: wat vindt de Amsterdammer van de overstap naar duurzame energie, verandering in houding; gedrag: het nemen van energiebewuste maatregelen in hun woning, invloed van de coronacrisis; hulp en communicatie door de gemeente om de overstap van Amsterdammers naar (meer) duurzame energie te bevorderen. In deze tweede meting doen we ook uitspraken op stadsdeelniveau. Dat was in de eerste meting niet het geval. De steekproef is daarom aangepast. Er zijn 2.400 panelleden aangeschreven, met een specifieke doelstelling per stadsdeel. Per stadsdeel is er een streefaantal voor niet-westerse respondenten. Dit streefaantal is berekend op basis van het stedelijk percentage niet-westerse Amsterdammers (34%). Het zorgt ervoor dat er per stadsdeel het stedelijk percentage aan nietwesterse Amsterdammers in de steekproef aanwezig is. Omdat we juist ook de kennis, houding en gedrag willen weten van groepen die minder vaak responderen op online onderzoeken, is de online dataverzameling aangevuld met face-to-face datacollectie (op straat). In elk stadsdeel zijn face-to-face interviews uitgevoerd.
Voor de faceto-face interviews is een verkorte versie van de vragenlijst gebruikt om het hanteerbaar te maken voor dit type van dataverzameling. Wegens de onvoorziene ontwikkelingen met betrekking tot de coronacrisis is besloten om de dataverzameling, in plaats van in het voorjaar, in het najaar van 2020 uit te voeren. De vragenlijst is in september 2020 uitgestuurd naar 2.400 leden van het online panel van OIS. Daarvan hebben 1.320 Amsterdammers de enquête ingevuld. In totaal, inclusief het face-to-face onderzoek, hebben 1.691 Amsterdammers meegedaan aan dit onderzoek. De onderstaande tabel laat een overzicht zien van de verdeling van de respons naar achtergrondkenmerken. Om een representatief beeld te geven van het draagvlak voor de energietransitie zijn de resultaten gewogen naar leeftijd, opleidingsniveau en migratieachtergrond. De tabel geeft weer hoe de verdeling van respons eruit ziet na de toepassing van de weging. Daarnaast wordt in de ‘Referentie’ kolom weergegeven hoe de werkelijke verdeling van Amsterdammers is op deze kenmerken. De weging en de weegfactor zijn op stadsniveau bepaald omdat het primaire doel is om een representatief beeld te geven over het draagvlak op stadsniveau. Het weergeven van resultaten per stadsdeel is mogelijk omdat er tijdens de dataverzameling rekening gehouden is met voldoende respons per stadsdeel.
Door het toepassen van de weging treedt er iets meer afwijking op in de verdeling over de stadsdelen ten opzichte van de referentie. Dit is acceptabel zolang er voldoende waarnemingen zijn per stadsdeel om de resultaten op dit niveau te kunnen tonen.
8
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Achtergrondkenmerken respons
Ongewogen
Gewogen
Referentie
#
%
#
%
%
< 35 jaar
269
16
685
42
32
35-49 jaar
332
20
341
21
21
50-64 jaar
571
34
334
20
18
65 plus
487
29
257
16
13
onbekend
32
2
32
2
laag
164
10
396
24
24
midden
339
20
604
37
32
hoog
1097
65
573
35
45
91
5
76
5
geen migratieachtergrond
1050
62
726
44
46
migratieachtergrond westers
176
10
152
9
19
migratieachtergrond niet-westers
420
25
738
45
36
onbekend
45
3
34
2
Centrum
161
10
104
9
10
West
265
16
253
15
17
Nieuw-West
324
19
362
22
18
Zuid
263
16
187
11
17
Oost
245
15
193
12
16
Noord
180
11
202
12
11
Zuidoost
195
12
206
13
10
onbekend
57
3
143
9
man
894
53
855
52
50
vrouw
775
46
778
47
50
anders
2
0
2
0
20 1691
1
14 1649
1
Leeftijd
Opleidingsniveau
onbekend Migratieachtergrond
Stadsdeel
Geslacht
onbekend Totaal
9
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Overige kenmerken onderzoekspopulatie De grootste groep van de respondenten bewoont een sociale huurwoning van een corporatie (45%). Ruim een derde van de onderzoekspopulatie betreft een eigenaar-bewoner (34%). Drie op de tien respondenten woont in een vooroorlogse woning; bijna een kwart bewoont een pand dat gebouwd is tussen 1946 en 1980. Onderzoekspopulatie naar woonsituatie 6%
4% 1% eigenaar
5% 34%
5%
sociale huurwoning van een woningcorporatie sociale huurwoning van een particuliere verhuurder vrije sector huurwoning van een woningcorporatie vrije sector huurwoning van een particuliere verhuurder anders, namelijk
45%
weet niet / geen antwoord
Onderzoekspopulatie naar bouwjaar woning
Ruim de helft van de onderzoekspopulatie heeft een huishoudensinkomen tot hooguit 3.050 euro netto per maand. Een relatief grote groep (21%) heeft deze vraag echter niet beantwoord. Onderzoekspopulatie naar huishoudensinkomen
10
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
1 Kennis
In dit hoofdstuk wordt besproken hoe het staat met de kennis van Amsterdammers van de overstap naar duurzame energie.
1.1 Zon en wind door overgrote meerderheid herkend als duurzame energiebronnen Om de kennis van Amsterdammers over duurzame energie(bronnen) te kunnen peilen is gevraagd om aan te geven welke energiebronnen men duurzaam acht. Figuur 1.1 geeft het beeld van de antwoorden weer. Men was in de gelegenheid om meerdere opties aan te kruisen. Vandaar dat we per bron weer kunnen geven welk aandeel van de respondenten elk van de bronnen als duurzaam heeft aangemerkt. Zon en wind worden door 89% cq. 85% van de respondenten als duurzaam gezien; waterkracht en warmte uit de aarde door minimaal 64%. Bijna de helft van de ondervraagden beschouwt restwarmte van het afvalbedrijf of de industrie als duurzaam. Andere energiebronnen zoals biomassa, stadswarmte en kernenergie worden door een minderheid als duurzaam aangemerkt. Diegenen die de optie ‘anders’ hebben ingevuld, geven bijvoorbeeld waterstof(gas) als additionele optie aan. Figuur 1.1 Welke van de volgende energiebronnen zijn volgens u duurzaam? (n=1649)
% 100 90
89
85
80
72
70
64
60 48
50
45
40 27
30
25
20
13
3
3
2
1
0
anders, namelijk
aardolie
kolen
geen van deze
aardgas
biomassa
kernenergie
stadswarmte
restwarmte van de industrie
restwarmte van het afvalbedrijf…
warmte uit aarde
waterkracht
wind
zon
0
7
weet niet / geen antwoord
10
11
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
De resultaten verschillen enigszins per stadsdeel. Bewoners van stadsdeel Centrum noemen vaker zon (98%), wind (95%), waterkracht (79%) en warmte uit aarde (73%) als duurzame bron. Bewoners van Noord beschouwen zon (80%), wind (72%) en waterkracht (62%) juist relatief minder vaak als een duurzame bron. Daarnaast wordt wind ook in West vaker als duurzame bron gezien (92%) en warmte uit aarde juist minder vaak door bewoners in Zuid (57%). Amsterdammers met een laag opleidingsniveau erkennen minder vaak zon (80%), wind (69%) en waterkracht (51%) als duurzame bronnen. Hoogopgeleide Amsterdammers noemen vooral aardwarmte (73%) en wind (93%) vaker dan gemiddeld als duurzame bron. Bewoners van West zijn relatief vaker hoogopgeleid en Jongeren (tot 35 jaar) erkennen stadswarmte (43%) en biomassa (22%) vaker als duurzame bronnen, maar zien de zon juist iets minder vaak als duurzaam (82%). Amsterdammers van 65 jaar en ouder zien wind (78%), waterkracht (66%) en warmte uit aarde (56%) minder vaak als duurzaam; kernenergie juist vaker (31%).
1.2 Biomassa minder als duurzaam gezien dan vorig jaar In de meting vorig jaar gaven ook de meeste respondenten aan zon en wind als duurzame energiebronnen te herkennen, daarna waterkracht en warmte uit de aarde, en daarna restwarmte. Ten opzichte van 2019 zien minder mensen biomassa als duurzame energiebron. Vorig jaar was dit 36% en dit jaar 13%. Bij de vraag naar de mening over de energietranistie werd in open antwoorden vaak gerefereerd naar de discussie over biomassa in de media en het uitstel van de komst van de biomassacentrale in Diemen dit jaar. Wellicht heeft dit dus een rol gespeeld bij de bijstelling van de mening. Amsterdammers schatten hun kennisniveau ongeveer hetzelfde in als vorig jaar. In 2020 geeft 28% van de ondervraagden aan weinig tot geen kennis te hebben over het onderwerp duurzame energie (Figuur 1.2). In 2019 was dit 25%. Bijna de helft (46%) geeft wel aan kennis te hebben, tegen 50% bij de vorige meting. Het kennisniveau verschilt naar opleiding en naar stadsdeel. Lager opgeleide Amsterdammers geven vaker aan geen kennis te hebben van duurzame energie (38%). Van de hoger opgeleiden heeft 60% wel kennis. Ook bewoners van West (61%) en Centrum (57%) geven vaker aan wel kennis te hebben. Daarnaast zien we verschillen tussen leeftijdsgroepen. Vooral jongeren tot 35 jaar geven relatief vaak aan geen kennis te hebben (37%).
De groep 35 tot 49 jaar heeft het vaakst wel kennis (55%).
12
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Figuur 1.2 Ik heb weinig tot geen kennis over het onderwerp, totaal en naar stadsdeel (n=1649) 70
%
60
50
(helemaal) eens
40
neutraal
30
(helemaal) oneens
20
weet niet/ geen antwoord
10 0
Centrum
West
Nieuw-West
Zuid
Oost
Noord
Zuidoost
Amsterdam
13
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
2 Houding
Dit hoofdstuk gaat over de houding die Amsterdammers hebben ten aanzien van de energietransitie en of die houding veranderd is.
2.1 Ruim driekwart van de Amsterdammers vindt de overstap naar duurzame energie een goede zaak In 2019 vond driekwart van de respondenten (75%) de overstap naar duurzame energie een goede zaak en in 2020 betreft dit ruim driekwart (78%). Daarnaast geeft 67% aan te vinden dat iedereen in de maatschappij verantwoordelijk is voor de overstap en ook zelf daaraan te zullen moeten bijdragen (Figuur 2.1). In 2019 ging het om 68%. Dit geeft aan dat het draagvlak voor de overstap naar duurzame energie op dit moment groot is. Dit draagvlak is ook grotendeels onveranderd ten opzichte van de vorige meting. Figuur 2.1 Hoe kijkt u in het algemeen aan tegen (de overstap naar) duurzame energie? (n=1649)
:
Wel zien we verschillen naar stadsdeel, opleidingsniveau en leeftijd. Bewoners in Centrum vinden vaker dan gemiddeld de overgang naar duurzame energie een goede zaak (88%); bewoners van Nieuw-West en Noord zijn het juist minder vaak met deze stelling eens (beiden 70%). Hoger opgeleiden vinden de overstap relatief vaker een goede zaak (87%) en lager opgeleiden juist
14
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
minder vaak (67%). De leeftijdsgroepen 50-64 jaar (72%) en 65-plus (69%) zien de overstap minder vaak als een goede zaak. Een vergelijkbaar patroon zien we bij de stelling dat iedereen in de maatschappij verantwoordelijk is voor de overstap en daaraan moet bijdragen. Bewoners van Centrum zijn het hier veel vaker dan gemiddeld mee eens (80%) en bewoners van Noord juist minder vaak (56%). Daarnaast zijn hoger opgeleiden het veel vaker eens met deze stelling (79%) dan lager opgeleiden (52%). Het aandeel dat het (helemaal) eens is met deze stelling neemt enigszins af met leeftijd: bij de groep tot 35 jaar is dit 69% en bij de groep 65-plus 61%. Er is wel een verschil tussen wat men vindt en in hoeverre men er actief iets aan doet. 32% is het (helemaal) eens met de stelling ‘ik draag actief bij aan de overstap naar duurzame energie’; 36% is het daarmee (helemaal) oneens, en 31% is neutraal. In 2019 zei nog 37% actief bij te dragen aan de overstap. Hoger opgeleiden geven vaker aan actief bij te dragen aan de energietransitie: 43% is het met deze stelling eens, vergeleken met 23% van de lager opgeleiden. Vooral in Zuid dragen bewoners naar verhouding minder vaak actief bij aan de energietransitie (24%). Naar leeftijdscategorieën is de groep 45-49 jaar het vaker eens met deze stelling (41%) en de groep 65-plus minder vaak (26%).
Met de stelling ‘ik probeer anderen mee te krijgen bij de overstap naar duurzame energie’ is 26% het (helemaal) eens en 43% het (helemaal) oneens. In 2019 was nog 32% het eens met deze stelling. Bewoners van West (36%) en Centrum (45%), en hoger opgeleiden (34%) geven relatief vaak aan te proberen anderen mee te krijgen. Onder bewoners van Nieuw-West is dit minder vaak het geval (19%). Ook de leeftijdsgroep 35-49 jaar is het vaker eens (34%). Tot slot geeft 13% aan niets te maken te willen hebben met de energietransitie; vergelijkbaar met 2019 (12%). Een grote meerderheid van 71% is het met deze stelling oneens. Bewoners in Noord zijn het minder vaak oneens met de stelling ‘ik wil er niks mee te maken hebben’ (64%). Bewoners in Centrum (81%) en West (77%) zijn het juist vaker oneens. Er is bovendien een groot verschil naar opleidingsniveau: lager opgeleiden zijn het veel vaker eens met deze stelling (23%) dan gemiddeld en vergeleken met hoogopgeleiden (4%). Ook jongeren tot 35 jaar zijn het vaker eens (18%); de groep 35-49 jaar is het het minst vaak eens (5%).
2.2 Houding energietransitie grotendeels onveranderd De houding van Amsterdammer ten aanzien van duurzame energie is het afgelopen jaar grotendeels onveranderd. Op de stelling ‘Bent u in het afgelopen jaar anders gaan aankijken tegen duurzame energie?’ antwoordt 68% dat de houding hetzelfde is gebleven. Daarnaast kijkt 21% van de respondenten positiever aan tegen duurzame energie en 9% negatiever (Figuur 2.2). Opvallend is dat middelbaar opgeleiden vaker negatiever tegen duurzame energie zijn gaan aankijken (14%) dan lager (8%) en hoger opgeleiden (7%). Ook bewoners in Noord hebben vaker een negatievere houding ten aanzien van duurzame energie dan een jaar geleden (16%).
15
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Figuur 2.2 Bent u in het afgelopen jaar anders gaan aankijken tegen duurzame energie? (n=1649)
2%
21% ja, positiever ja, negatiever 9%
nee, hetzelfde weet niet / geen antwoord
68%
Mensen die positiever zijn gaan aankijken tegen duurzame energie geven vaak als reden de noodzaak vanuit klimaatverandering en de toekomst van de planeet. Andere redenen die vaak genoemd worden: dat er meer mogelijkheden zijn en dat men meer informatie en kennis heeft gekregen, bijvoorbeeld door voorlichting en aandacht in de media (Figuur 2.3). Figuur 2.3 Redenen om positiever tegen duurzame energie aan te kijken (n=1649)
Mensen die negatiever zijn gaan aankijken tegen duurzame energie geven vaak als reden dat energiebronnen minder duurzaam blijken dan eerder gedacht; biomassa wordt veel genoemd. Veel mensen geven ook de kosten als reden voor hun negatievere houding. Daarnaast heeft een aantal respondent om verschillende redenen twijfels over de beslissing om van het gas af te stappen (Figuur 2.4). Figuur 2.4 Redenen om negatiever tegen duurzame energie aan te kijken (n=1649)
2.3 Ruime meerderheid is positief over aardgasvrij De Rijksoverheid heeft besloten dat Nederland, en dus ook Amsterdam, in 2050 aardgasvrij moet zijn. Van de respondenten vindt 60% het positief of zeer positief dat Nederland (en Amsterdam) van het aardgas af gaat; 17% is negatief of zeer negatief en 21% is neutraal (Figuur 2.5). Hoger opgeleiden (66%) en bewoners van Zuidoost (67%), Centrum (66%) en West (65%) zijn vaker positief. Bewoners van Noord (52%) en Zuid (53%) zijn minder vaak positief.
16
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Uitgesplitst naar leeftijd zijn vooral de groepen 50-64 jaar (53%) en 65-plus (48%) minder positief over aardgasvrij in 2050. Figuur 2.5 De Rijksoverheid heeft besloten dat Nederland, en dus ook Amsterdam, in 2050 aardgasvrij moet zijn. Wat vindt u ervan dat Amsterdam van het aardgas af gaat?(n=1649)
5%
3% zeer positief 22%
11%
positief neutraal negatief
21% 38%
zeer negatief weet niet / geen antwoord
Het beleid van de gemeente Amsterdam is om in 2040 aardgasvrij te zijn, dus tien jaar eerder dan de Rijksoverheid heeft besloten. De meerderheid (54%) van de respondenten vindt het positief of zeer positief dat Amsterdam in 2040 van het aardgas af gaat; 21% is negatief of zeer negatief en 22% is neutraal (Figuur 2.6). Er is dus iets minder draagvlak dat Amsterdam in 2040 aardgasvrij is dan in 2050. Vooral bewoners van Zuidoost zijn relatief vaak positief (66%). Ook zien we dat het draagvlak voor aardgasvrij in 2040 afneemt met leeftijd: de groep tot 35 jaar oud is het vaakst positief (60%), de groepen 50-64 jaar (46%) en 65-plus (45%) zijn minder vaak enthousiast. Figuur 2.6 Amsterdam wil in 2040 aardgasvrij zijn. Wat vindt u ervan dat Amsterdam in 2040 van het aardgas af gaat?(n=1649)
3% 8%
zeer positief 21%
13%
positief neutraal negatief
33% 22%
zeer negatief weet niet / geen antwoord
Ruim drie kwart (78%) van de respondenten vindt de overstap naar duurzame energie een goede zaak en een meerderheid is positief over aardgasvrij. De houding van Amsterdammers is dus overwegend positief. Wel valt op dat men positiever denkt over de energietransitie in het
17
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
algemeen dan over het specifiekere beleid van een aardgasvrije stad. Ook uit landelijk onderzoek blijkt dat mensen positiever zijn over het algemene beleid, dan over specifiekere maatregelen. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) publiceerde in mei 2020 ‘Op weg naar aardgasvrij wonen; de energietransitie vanuit burgerperspectief1’. De dataverzameling, analyses en uitwerking van dit rapport zijn uitgevoerd voorafgaand aan de huidige coronacrisis. Het SCP concludeert voor Nederland dat “(…) er in de basis steun lijkt te zijn voor beleid om klimaatverandering tegen te gaan. Dit vertaalt zich echter niet automatisch naar steun voor specifieke maatregelen, zoals een aardgasvrije woningvoorraad in 2050. Dit blijkt ook uit onze studie: meningen over het aardgasvrij-beleid zijn verdeeld. Een kleinere groep (49%) geeft aan het aardgasvrij-beleid te steunen, terwijl 27% aangeeft het beleid niet te steunen” (SCP, 2020, p.48). De vraagstelling van het SCP was: “In welke mate bent u voor of tegen het plan dat alle woningen in 2050 aardgasvrij moeten zijn?’ Het SCP legde respondenten deze vraag voor na een korte uitleg over wat het aardgasvrij-beleid behelst” (SCP, 2020, p.18).
2.4 Houding windmolens Halverwege 2019 stonden er 38 windmolens in Amsterdam. Voor het jaar 2030 worden waarschijnlijk 17 extra windmolens geplaatst. Amsterdammers is daarom gevraagd hoe zij aankijken tegen het realiseren van deze windmolens. OIS heeft daarnaast een rapport geschreven over het draagvlak voor windmolens (20202) in zeven gebieden waar wordt gezocht naar geschikte mogelijke locaties voor extra windmolens. Uit beide onderzoeken blijkt dat een ruime meerderheid positief is over de plaatsing van extra windmolens in Amsterdam. Ruim de helft van de respondenten die in en rond de zoekgebieden wonen geeft aan dat zij het (helemaal) eens is met de plaatsing van extra windmolens in de stad (56%). Bij respondenten uit de stad als geheel ligt dit aandeel hoger, namelijk op 65%. Onder bewoners in en rond de zoekgebieden is de weerstand tegen bijplaatsing van windmolens groter dan in de stad als geheel: 30% versus 14%.
1 S.Scholte, Y. de Kluizenaar, T. de Wilde, A. Steenbekkers en C. Carabain (2020). Op weg naar
aardgasvrij wonen; de energietransitie vanuit burgerperspectief. Den Haag; SCP. 2 OIS (2020). Draagvlakonderzoek nieuwe windmolens in Amsterdam
18
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
3 Gedrag
Dit hoofdstuk gaat in op het gedrag van Amsterdammers als het gaat over de transitie naar duurzame energie. Aan Amsterdammers is gevraagd welke duurzame maatregelen ze willen gaan uitvoeren in hun woning. Dit jaar is specifiek gevraagd naar de invloed van de coronacrisis. Op dit moment kookt een grote meerderheid van de respondenten op gas (71%); ruim een kwart kookt elektrisch (27%). Ook de verwarming van de woning gebeurt bij een grote meerderheid (76%) met gas, via een eigen Cv-ketel of gaskachel. Dit komt overeen met de resultaten van 2019. Figuur 3.1 Kookt u op gas of elektriciteit?
Figuur 3.2 Op welke manier wordt uw woning verwarmd? 80
%
70 60 50 40 30 20 10 0
gas (eigen CVketel of gaskachel
elektriciteit
stadsverwarming blokverwarming andere manier weet niet/ geen antwoord
19
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
3.1 Een kwart heeft plannen om in de komende 12 maanden duurzame maatregelen te nemen en de helft ziet hierbij obstakels Een kwart (25%) van de respondenten geeft aan dat er in het huishouden en/of de VVE plannen zijn om de komende twaalf maanden (nog) meer energiebewuste maatregelen te nemen (Figuur 3.1). Ruim de helft van de respondenten (55%) heeft geen plannen voor maatregelen de komende twaalf maanden, en 20% weet het niet of heeft geen antwoord gegeven. Bewoners in Centrum (36%), Oost (32%) en Noord (31%) hebben vaker plannen om het komende jaar meer duurzame maatregelen te nemen. Het aandeel respondenten met plannen neemt ook toe met leeftijd: jongeren tot 35 jaar hebben het minst vaak plannen (17%); ouderen van 65-plus het vaakst (34%). Ouderen hebben wel kleinere ingrepen in gedachten, zoals spaarlampen of het afnemen van energie van een 100% duurzame energieleverancier. Amsterdammers met een hoger opleidingsniveau hebben ook veel vaker plannen (35%) dan midden (20%) en lager opgeleiden (19%). Figuur 3.1 Zijn er plannen in uw huishouden en/of VVE om in de komende 12 maanden (nog) meer duurzame maatregelen te nemen? (n=1649)
40 % 35 30 25 20 15 10 5 0
Centrum
West Nieuw-West
Zuid
Oost
Noord
Zuidoost Amsterdam
De respondenten is gevraagd of ze van plan zijn de komende 12 maanden (nog) meer duurzame maatregelen te nemen. In 2019 waren de twee populairste maatregelen (drie)dubbel glas (16%) en een hoogrendements Cv-ketel (11%). Zoals Figuur 3.2 laat zien zijn in 2020 de twee populairste maatregelen spaar-/ledlampen (9%) en zonnepanelen (7%). De verschuiving in voornemens lijkt erop te wijzen dat een deel van de Amsterdammers haar plannen heeft bijgesteld naar minimale ingrepen zoals spaar/ledlampen. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn de ervaren obstakels en de coronacrisis. Hier wordt verderop in het rapport nader op ingegaan.
20
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Figuur 3.2 Welke maatregelen worden overwogen? (n=1649)
:
Of mensen van plan zijn maatregelen te nemen, en welke dat zijn, hangt mede af van welke maatregelen eerder zijn genomen/uitgevoerd in de woning. Bij een grote meerderheid van 88% zijn eerder duurzame maatregelen genomen. Zo geeft 72% van de respondenten aan al spaar- of ledlampen te hebben en 55% geeft aan dat de maatregel (drie)dubbelglas al uitgevoerd is. Bij een aanzienlijke minderheid is sprake van isolatie (29%), een energiebesparende hoogrendements Cv-ketel (24%), afnemen bij een 100% duurzame energiemaatschappij (21%) of koken op inductie (19%), In meer dan de helft van de gevallen (53%) zijn deze maatregelen geheel of gedeeltelijk genomen voordat men er ging wonen. Bij 10% van de respondenten zijn er geen duurzame maatregelen geweest (Figuur 3.3). Figuur 3.3 Welke duurzame maatregelen zijn eerder genomen in de woning (n=1649) 0 gebruik van spaarlampen / ledlampen (drie)dubbel glas vloerisolatie, muurisolatie of dakisolatie energiebesparende hoogrendements cv-ketel gas/stroom afnemen van 100% duurzame energiemaatschappij koken op inductie zonnepanelen volledig van gas af radiatorfolie energiemanager (bv. Toon) anders zonneboiler voor warm water warmtepomp geen
10
20
30
40
50
60
70
80
%
De helft van de respondenten ervaart of verwacht obstakels bij het nemen van deze duurzame maatregelen; 37% ervaart of verwacht geen obstakels en 13% weet het niet of geeft geen antwoord (Figuur 3.4). Hoger opgeleiden verwachten vaker obstakels (56%); lager opgeleiden (44%) en middelbaar opgeleiden (43%) juist minder vaak dan gemiddeld. Jongeren tot 35 jaar verwachten minder vaak obstakels (43%). Ook verwachten Amsterdammers met koopwoningen (58%) vaker obstakels dan Amsterdammers die huren (41%). Het zou kunnen dat huurder meer
21
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
leunen op de verhuurder en om die reden zich minder bekommeren over (obstakels bij) verduurzamingsmaatregelen. Figuur 3.4 Ervaart u of verwacht u bepaalde obstakels bij het nemen van deze duurzame maatregelen? (n=1649)
13% ja, namelijk nee weet niet / geen antwoord 50%
37%
Verreweg het meest genoemde obstakel betreft de kosten van de maatregelen. Daarnaast geven mensen aan dat de VVE of verhuurder een obstakel is bij het nemen van duurzame maatregelen, of dat het een oud (monumentaal) pand betreft. Daarbij wordt in het bijzonder tegenwerking bij, of de onmogelijkheid van, het plaatsen van zonnepanelen genoemd (Figuur 3.5). Figuur 3.5 Meest genoemde obstakels bij het nemen van duurzame maatregelen (n=1649)
I&O Research deed in opdracht van Binnenlands Bestuur in 2019 en 2020 onderzoek onder Nederlanders naar duurzaamheid3. Een vraag is dit onderzoek was: Heeft u concrete plannen dit jaar (2020) iets te doen om uw woning energiezuiniger te maken? Hoewel de vraagstelling en antwoordcategorieën wat verschillen van het onderzoek in Amsterdam, volgen hierna kort de landelijke resultaten. “Een op de vijf Nederlanders (18%) heeft concrete plannen om hun woning in 2020 energiezuiniger te maken. Dit zijn vaker mensen met een boven modaal inkomen dan een onder modaal inkomen (23% versus 11%) en logischerwijs vaker huizenbezitters dan huurders (22% versus 8%). Het meest genoemd is het (laten) leggen van zonnepanelen of het plaatsen van dubbel glas of HR-glas. Het beeld is hetzelfde als in 2019. Toen had ook een op de vijf (20%) concrete plannen voor dat jaar” (I&O research, 2020, p.47). Amsterdammers lijken dus vaker naar gemiddeld in Nederland bereid te zijn om duurzame maatregelen te nemen, zij het 3 P. Kanne, J. de Jong, L. van Noort en D. Rosegg (2020). Duurzaam denken is nog (steeds) niet duurzaam doen.
Amsterdam; I&O Research.
22
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
vaker spaarlampen en zonnepanelen. Ook in Amsterdam zijn kopers (40%) en Amsterdammers met een hoog inkomen (30%) vaker van plan duurzame maatregelen te nemen dan gemiddeld (25%).
3.2 Minder of uitgestelde duurzame maatregelen door de coronacrisis Respondenten is gevraagd of de coronacrisis ervoor zorgt dat duurzame maatregelen in de woning uitgesteld of niet meer genomen gaan worden. Ruim een derde van de respondenten was al niet van plan om duurzame maatregelen te nemen en 40% stelt maatregelen (waarschijnlijk of zeker) niet uit vanwege de coronacrisis. Bij 13% van de respondenten is dat zeker of waarschijnlijk wel het geval en 5% gaat maatregelen misschien uitstellen of niet meer doen (Figuur 3.6). Zij besluiten om bijvoorbeeld geen of later zonnepanelen of (drie)dubbel glas aan te schaffen. Ook van het gas af gaan en koken op inductie worden genoemd als maatregelen die nu uitgesteld worden. Een deel van de mensen die duurzame maatregelen uitstelt of niet meer neemt, geeft aan dat vanwege inkomensdaling alles wat extra geld kost niet meer gedaan wordt (Figuur 3.7). Hoger opgeleiden geven vaker dan gemiddeld aan dat maatregelen niet uitgesteld worden (51%) en geven ook minder vaak aan toch al geen plannen te hebben (26%). Jongeren tot 35 jaar geven minder vaak aan dat maatregelen niet worden uitgesteld (30%) en hebben vaker toch al geen plannen om duurzame maatregelen te nemen (46%). De groep 50-64 jaar geeft relatief vaak aan dat maatregelen niet uitgesteld worden (52%) en heeft minder vaak geen plannen voor duurzame maatregelen (21%).
De groep 65-plus geeft vaker aan dat maatregelen niet uitgesteld worden (48%) en heeft minder vaak dan gemiddeld geen plannen voor duurzame maatregelen (23%). Daarnaast zijn er verschillen tussen stadsdelen. Bewoners in Centrum (46%), West (46%), Zuid (48%), Oost (46%) en Zuidoost (49%) geven vaker aan dat maatregelen niet worden uitgesteld door de coronacrisis. In Centrum (23%), Oost (24%), Zuidoost (26%) en West (27%) geven respondenten minder vaak dan gemiddeld aan toch al geen plannen te hebben om duurzame maatregelen door te voeren. Figuur 3.6 Zorgt de coronacrisis ervoor dat u duurzame maatregelen in uw woning uitstelt of niet meer gaat nemen? (n=1649)
23
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Figuur 3.7 Welke duurzame maatregelen gaat u (misschien) uitstellen of niet meer nemen vanwege de coronacrisis? (n=1649)
Driekwart van de respondenten geeft aan niet versneld duurzame maatregelen te gaan nemen vanwege de coronacrisis; 2% gaat dit zeker of waarschijnlijk wel doen (Figuur 3.8). Figuur 3.8 Zorgt de coronacrisis ervoor dat u duurzame maatregelen in uw woning juist versneld gaat nemen? (n=1649)
Wanneer maatregelen versneld worden genomen gaat het vaak om zuinigere verlichting (spaarlampen of ledlampen), zonnepanelen of elektrisch koken. Ook geeft een aantal respondenten aan algemeen kritischer te kijken naar hoe energie bespaard kan worden (Figuur 3.9). Figuur 3.9 Welke duurzame maatregelen heeft u extra/versneld genomen of gaat u nemen vanwege de coronacrisis? (n=1649)
24
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
4 Enablers
Dit hoofdstuk gaat in op communicatie en hulp van de gemeente Amsterdam om de overstap naar duurzame energie te vergemakkelijken.
4.1 Aanzienlijke groep verwacht hulp van de gemeente bij financiering of keuze maatregelen Wat verwacht u van de gemeente Amsterdam om uw huishouden te helpen bij het treffen van duurzame maatregelen? Bij deze vraag konden respondenten meerdere opties aangeven. Een aanzienlijke groep verwacht hulp van de gemeente bij de financiering of de keuze van maatregelen. Een meerderheid van 59% van de respondenten verwacht dat de gemeente (een deel van) de kosten vergoedt. Een even grote meerderheid heeft behoefte aan informatie vanuit de gemeente: 59% wil informatie over financierings-en subsidiemogelijkheden. Vier op de tien respondenten heeft daarnaast behoefte aan informatie over maatregelen die samen met buren genomen kunnen worden (38%). Bijna de helft (46%) wil dat de gemeente aangeeft welke maatregel het beste is voor hem/haar, 41% verwacht dat de gemeente wijst op geschikte (installatie)bedrijven en 29% verwacht dat de gemeente aangeeft welke stappen wanneer te nemen (Figuur 4.1). Bijna een kwart van de Amsterdammers (23%) wil dat de gemeente hen verbindt met buurtgenoten die ook duurzame maatregelen in hun woning nemen. De helft van de Amsterdammers (49%) wil dat de gemeente de vrijheid geeft om zelf de keuze te maken bij het nemen van duurzame maatregelen.
Slechts 4% van de respondenten wil dat de gemeente zich niet bemoeit met het nemen van duurzame maatregelen in zijn/haar woning. Bij de andere verwachtingen die respondenten hebben, wordt vaak genoemd dat de gemeente contact heeft met de woningcorporaties of de VVE over duurzame maatregelen. Er zijn ook mensen die om specifieke aandacht vragen voor monumenten.
25
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Figuur 4.1 Wat verwacht u van de gemeente Amsterdam om uw huishouden te helpen bij het treffen van duurzame maatregelen? Ik verwacht dat de gemeente… [meerdere opties mogelijk] (n=1649) 0
20
40
60
informatie geeft over financierings- en/of subsidiemogelijkheden
59
(een deel van) de kosten vergoedt
59
mij de vrijheid geeft om zelf de keuze te maken bij het nemen van duurzame maatregelen
49
aangeeft welke duurzame maatregel het beste voor mij is
46
mij wijst op geschikte en betrouwbare (installatie)bedrijven
%
41
informatie geeft over duurzame maatregelen die ik samen met buurtgenoten kan nemen
38
zegt welke stappen ik wanneer moet nemen
29
mij verbindt met buurtgenoten die ook duurzame maatregelen in hun woning nemen
23
anders, namelijk
10
weet niet / geen antwoord zich niet bemoeit met het nemen van duurzame maatregelen in mijn woning
80
7 4
Er zijn verschillen in de verwachtingen ten aanzien van de gemeente naar stadsdeel, leeftijd en opleidingsniveau. Bewoners van Zuid (43%) en Noord (51%) verwachten minder vaak dat (een deel van) de kosten vergoed worden. Jongeren tot 35 jaar hebben deze verwachting vaker (69%); de groepen 50-64 jaar (46%) en 65 plus (50%) juist minder vaak. Hoger opgeleiden verwachten dit minder vaak (50%) en vooral middelbaar opgeleiden relatief vaak (66%). Informatie over financierings- en/of subsidiemogelijkheden wordt vaker gewenst in West (68%) en minder in Zuid (47%). Wederom wordt dit vaker gewenst door jongeren tot 35 jaar (67%) en minder vaak door de groepen 50-64 jaar (52%) en 65 plus (44%). Hoger opgeleiden hebben deze verwachting vaker (66%) en lager opgeleiden het minst vaak (48%). Jongeren tot 35 jaar verwachten vaker de vrijheid om zelf de keuze te maken bij het nemen van duurzame maatregelen (56%). De groepen 50-64 jaar (43%) en 65-plus (40%) hebben deze behoefte minder. Aangeven welke maatregel het beste voor de respondent is wordt vaker gewenst in West (56%), en minder in Noord (35%), Nieuw-West (40%) en Zuid (41%). Ook hier zijn het vooral jongeren die hier behoefte aan hebben (56%); de groepen 50-64 jaar (35%) en 65-plus (38%) verwachten dit minder vaak van de gemeente.
De respondent wijzen op geschikte en betrouwbare (installatie)bedrijven wordt vaker verwacht in West (47%) en minder vaak in Zuid (32%), Noord (33%) en Nieuw-West (35%). Ook
26
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
verwachten jongeren dit vaker (50%), terwijl de groepen 50-64 jaar (31%) en 65-plus (28%) dit minder vaak verwachten van de gemeente. Zeggen welke stappen wanneer genomen moeten worden, wordt vaker van de gemeente verwacht in Zuidoost (40%) en minder vaak in Noord (20%) en Zuid (23%). Jongeren tot 35 jaar hebben deze verwachting vaker (37%); bewoners van 50-64 jaar (19%) of ouder dan 65 jaar (16%) minder vaak. Bewoners in Noord willen vaker worden verbonden met buurtgenoten die ook duurzame maatregelen in hun woning nemen (32%). In Nieuw-West en Zuid (beiden 14%) is deze behoefte juist minder. Amsterdammers van 35-49 jaar hebben deze behoefte vaker (29%) dan stadgenoten tussen 50 en 64 jaar (16%) of ouder dan 65 (12%). Informatie over duurzame maatregelen die met buurtgenoten genomen kunnen worden, is minder vaak gewenst in Nieuw-West (31%) en vaker in Oost (45%). Bewoners van 35-49 jaar hebben deze behoefte vaker (44%) dan stadgenoten tussen 50 en 64 jaar (30%) of ouder dan 65 (24%). Hoger opgeleiden hebben deze verwachting relatief vaker (44%); lager opgeleiden juist minder vaak (26%). Vooral bewoners ouder dan 65 jaar verwachten relatief vaak dat de gemeente zich niet bemoeit met het nemen van duurzame maatregelen in de woning (9%).
4.2 Weinig mensen vinden de gemeentelijke communicatie goed en de grootste groep is neutraal Een minderheid van 6% van de respondenten vindt de communicatie van de gemeente Amsterdam over duurzame maatregelen in huis goed, 32% vindt de communicatie slecht en de grootste groep is neutraal (38%) (Figuur 4.2). Jongeren tot 35 jaar vinden de communicatie relatief vaker goed (12%). Lager opgeleiden (42%) en middelbaar opgeleiden (38%) ervaren de communicatie juist vaker als slecht; onder hoogopgeleiden betreft dit 24%. Ook bewoners van Noord zijn bovengemiddeld vaak negatief over de communicatie door de gemeente (38%). Figuur 4.2 Wat vindt u op dit moment van de communicatie van de gemeente Amsterdam over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis? (n=1649)
6%
goed
18%
neutraal
6% 38% 32%
slecht
anders, namelijk weet niet / geen antwoord
27
|
Onderzoek, Informatie en Statistiek
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Meer dan de helft van de respondenten (56%) wil via een website geïnformeerd worden. Een derde (33%) wil met een nieuwsbrief van de gemeente benaderd worden (Figuur 4.3). In de open antwoorden geven mensen aan dat dit niet maandelijks hoeft, maar minder frequent of als er echt iets te melden valt. Daarna volgen social media posts (26%), huis-aan-huis blad (21%) en persoonlijk contact via een energiecoach (21%). Bij ‘anders, namelijk’ geven mensen vaak aan benaderd te willen worden per (persoonlijke) brief, e-mail, en in (buurt)bijeenkomsten met gerichte adviezen. Eén van de respondenten geeft aan dat kindvriendelijke bijeenkomsten bijdragen aan de motivatie om te komen. Een aantal mensen wijst op het belang van communicatie in de eigen taal. Figuur 4.3 Als u zou moeten kiezen uit de onderstaande manieren van benaderen door de gemeente (over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis en de eventuele ondersteuning daarbij), welke heeft dan uw voorkeur? (n=1649)
100 % 80 60 40 26
21
21
16
social media posts
een huis-aan-huisblad
persoonlijk contact met een energiecoach
anders, namelijk
33
een maandelijkse nieuwsbrief
0
56
een website met daarop informatie
20
:
Bewoners van Zuid willen minder vaak door middel van een huis-aan-huisblad geïnformeerd worden (12%). Bewoners van West (68%) en Zuidoost (62% willen relatief vaak geïnformeerd worden via een website. Bewoners van Zuid (7%) en Centrum (14%) willen minder vaak geïnformeerd worden via social media; bewoners in West (33%) willen dit juist vaker. Persoonlijk contact met een energiecoach is vooral gewenst in Centrum (27%) en West (28%). Hoogopgeleiden willen vaker door middel van een website worden geïnformeerd (66%); lager opgeleiden juist minder (44%). Ook persoonlijk contact met een energiecoach wordt vooral gewenst door hoger opgeleiden: 28%, vergeleken met 15% bij lager opgeleiden. Bij social media zien we een omgekeerd patroon: lager opgeleiden willen vaker op deze manier worden geïnformeerd (33%); hoger opgeleiden minder vaak (19%). Animo voor nieuwsbrieven neemt toe met leeftijd: bij de groep tot 35 jaar wil 27% op deze manier worden geïnformeerd; bij 65plussers betreft dit 40%. De groep 65-plus heeft juist relatief minder vaak behoefte aan informatie via een website (49%). Informatie via social media is vooral populair bij jongeren tot 35 jaar (46%); bij de groepen 50-64 jaar (8%) en 65-plus (4%) heeft slechts een kleine minderheid een voorkeur voor dit communicatiemiddel.
28
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
4.3 Praktische informatie, op maat voor de woning, en geen juichverhalen Als mensen in een open vraag aangeven hoe ze het liefst benaderd willen worden door de gemeente, valt op dat veel mensen advies op maat willen voor hun woning. Deskundigheid, onafhankelijkheid, eerlijkheid en realisme zijn aspecten die mensen belangrijk vinden. Zo geeft één van de respondenten aan dat op een plankaart voor de wijk 100% elektrisch staat, terwijl hij/zij dit niet wenselijk vindt voor het soort huis en bouwjaar. Daardoor ontbreekt nu het vertrouwen. Een andere respondent geeft aan dat niet alles moet worden afgeschoven op een warmtepomp die niet geschikt is voor zijn/haar soort huizen. Iemand anders geeft aan niet alleen maar juichverhalen te willen horen, omdat dit niet geloofwaardig is. Een groep mensen geeft aan dat de gemeente de communicatie moet laten verlopen via de VVE, woningcorporatie of verhuurder. Gevraagd naar de inhoud van de gemeentelijke informatie, wil meer dan de helft van de respondenten praktische informatie over subsidies (64%) en duurzame tips (58%). De helft van de respondenten hoort graag veel gestelde vragen en antwoorden (Figuur 4.4). 79% van de mensen heeft geen behoefte aan inspirerende verhalen over duurzame initiatieven. Ook bij de ‘anders, namelijk’ antwoorden geven mensen aan geen mooie verhalen, verkapte reclamecampagne of goed nieuws show te willen horen.
Respondenten geven aan behoefte te hebben aan echt nuttige informatie. Iemand hoort graag ervaringen van buren in hetzelfde postcodegebied. Figuur 4.4 Welke inhoud zou u het liefst tegenkomen bij informatie van de gemeente over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis en de eventuele ondersteuning daarbij? (n=1649)
100 %
80 60 64
58
20
50
inspirerende verhalen over duurzame initiatieven
veel gestelde vragen en antwoorden
duurzame tips
praktische informatie over subsidies
21 0
8 anders, namelijk
40
:
Vooral hoger opgeleiden hebben vaak behoefte aan praktische informatie over subsidies: 74%, vergeleken met 56% bij lager opgeleiden. Ook heeft de groep hoger opgeleiden de grootste behoefte aan veel gestelde vragen en antwoorden (57%). Lager opgeleiden hebben minder vaak behoefte aan duurzame tips (48%) en inspirerende verhalen (12%). De behoefte aan duurzame
29
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
tips neemt af met leeftijd. Vooral respondenten boven de 50 jaar hebben weinig behoefte aan inspirerende verhalen. Praktische informatie over subsidies is vooral gewenst onder Amsterdammers van 35 tot 49 jaar (79%).
30
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
Bijlage 1 Vragenlijst
Online vragenlijst 1. Bent u huurder of eigenaar van uw woning? ik ben eigenaar van de woning waarin ik woon ik huur een sociale huurwoning van een woningcorporatie ik huur een sociale huurwoning van een particuliere verhuurder ik huur een vrije sector huurwoning van een woningcorporatie ik huur een vrije sector huurwoning van een particuliere verhuurder anders, namelijk…. weet niet / geen antwoord 2. Maakt uw woning deel uit van een vereniging van eigenaren (VvE)? ja nee weet niet / geen antwoord 3. Wat is het bouwjaar van uw woning? voor 1946 1946-1980 1981-1990 1991-2000 2001 -heden weet niet / geen antwoord 4. Kookt u op gas of op elektriciteit? Hiermee wordt niet de oven bedoeld. gas elektriciteit (incl. inductie) een andere manier, namelijk… weet niet / geen antwoord 5. Op welke manier wordt uw woning verwarmd? Meerdere antwoorden mogelijk. met behulp van gas (een eigen CV-ketel of gaskachel) met behulp van elektriciteit met behulp van stadsverwarming met behulp van blokverwarming op een andere manier, namelijk… weet niet / geen antwoord
31
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
6. Welke van de volgende energiebronnen zijn volgens u duurzaam? Meerdere antwoorden mogelijk. [Antwoorden graag randomiseren.] aardgas aardolie kolen stadswarmte restwarmte van het afvalbedrijf (AEB) restwarmte van de industrie zon wind biomassa waterkracht warmte uit aarde kernenergie anders, namelijk…. geen van deze weet niet / geen antwoord [na vraag 6 niet meer terug kunnen klikken] 7. Duurzame energiebronnen zijn bijvoorbeeld zonne-en windenergie. Hoe kijkt u in het algemeen aan tegen (de overstap naar) duurzame energie? Kunt u per stelling aangeven in hoeverre u het ermee eens bent. [alle items 5-punts schaal van helemaal mee eens tot helemaal mee oneens] [Antwoorden graag randomiseren.] ik heb weinig tot geen kennis over het onderwerp duurzame energie ik vind de overstap naar duurzame energie een goede zaak iedereen in de maatschappij is verantwoordelijk voor de overstap naar duurzame energie, ook ik zal hieraan moeten bijdragen ik wil er niets mee te maken hebben ik draag actief bij aan de overstap naar duurzame energie ik probeer anderen mee te krijgen bij de overstap naar duurzame energie [na vraag 7 wel meer terug kunnen klikken] 8.
Bent u in het afgelopen jaar anders gaan aankijken tegen duurzame energie? ja, positiever (ga naar vraag 9) ja, negatiever (ga naar vraag 9) nee, hetzelfde (ga naar vraag 10) weet niet/geen antwoord (ga naar vraag 10) 9. Wat denkt u dat de reden is dat u <positiever/negatiever [inspelen op antwoord vraag 8]> aan bent gaan kijken tegen duurzame energie? [open vraag] weet niet / geen antwoord [10a en 10b samen op 1 page] 10a. De Rijksoverheid heeft besloten dat Nederland, en dus ook Amsterdam, in 2050 aardgasvrij moet zijn. Wat vindt u ervan dat Amsterdam van het aardgas af gaat? zeer positief
32
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
positief neutraal negatief zeer negatief weet niet/geen antwoord
10b. Amsterdam wil in 2040 aardgasvrij zijn. Wat vindt u ervan dat Amsterdam in 2040 van het aardgas af gaat? zeer positief positief neutraal negatief zeer negatief weet niet/geen antwoord 11. Zijn één of meer van de onderstaande duurzame maatregelen of acties tot nu toe genomen/uitgevoerd in uw woning? [antwoorden randomiseren, Meerdere antwoorden mogelijk] gebruik van spaarlampen / ledlampen (drie)dubbel glas vloerisolatie, muurisolatie of dakisolatie radiatorfolie energiebesparende hoogrendements cv-ketel energiemanager (bv. Toon) gas en/of stroom afnemen van een 100% duurzame energiemaatschappij volledig van gas af zonneboiler voor warm water zonnepanelen warmtepomp koken op inductie anders, namelijk ….. geen van bovenstaande (ga naar vraag 13a) weet niet / geen antwoord (ga naar vraag 13a) 12.Waren deze maatregelen in uw woning genomen voordat u er ging wonen? ja, allemaal ja, gedeeltelijk nee weet niet / geen antwoord 13a. Zijn er plannen in uw huishouden en/of VVE om in de komende 12 maanden (nog) meer duurzame maatregelen te nemen? Indien ja, kunt u aangeven welke maatregelen worden overwogen? [Meerdere antwoorden mogelijk] ja, spaarlampen / ledlampen ja, (drie)dubbel glas ja, vloerisolatie, muurisolatie of dakisolatie
33
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
ja, radiatorfolie ja, energiebesparende hoogrendements cv-ketel ja, energiemanager (bv. Toon) ja, gas en/of stroom afnemen van een 100% duurzame energiemaatschappij ja, volledig van gas af ja, zonneboiler voor warm water ja, zonnepanelen ja, warmtepomp ja, koken op inductie ja, anders, namelijk ….. nee (ga naar vraag 14) weet niet / geen antwoord (ga naar vraag 14)
13b. Ervaart u of verwacht u bepaalde obstakels bij het nemen van deze duurzame maatregelen? ja, namelijk… nee weet niet / geen antwoord 14. Zorgt de coronacrisis ervoor dat u duurzame maatregelen in uw woning uitstelt, niet meer gaat nemen, of juist versneld gaat nemen? ja, zeker (ga naar vraag 15a) waarschijnlijk wel (ga naar vraag 15a) misschien (ga naar vraag 15a) waarschijnlijk niet (ga naar vraag 16) zeker niet (ga naar vraag 16) weet ik niet (ga naar vraag 16) ik was al niet van plan om duurzame maatregelen te nemen (ga naar vraag 16) vanwege de coronacrisis ben ik extra/versneld duurzaamheidsmaatregelen gaan nemen (ga naar vraag 15b) 15a. Welke duurzame maatregelen gaat u (misschien) uitstellen of niet meer nemen vanwege de coronacrisis? [open vraag] weet niet / geen antwoord 15b. Welke duurzame maatregelen heeft u extra/versneld genomen vanwege de coronacrisis? [open vraag] weet niet / geen antwoord
16. Wat verwacht u van de gemeente Amsterdam om uw huishouden te helpen bij het treffen van duurzame maatregelen? Ik verwacht dat de gemeente… [meerdere antwoorden mogelijk] (een deel van) de kosten vergoedt Informatie geeft over financierings- en/of subsidiemogelijkheden aangeeft welke duurzame maatregel het beste voor mij is mij de vrijheid geeft om zelf de keuze te maken bij het nemen van duurzame maatregelen
34
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
zegt welke stappen ik wanneer moet nemen mij wijst op geschikte en betrouwbare (installatie)bedrijven mij verbindt met buurtgenoten die ook duurzame maatregelen in hun woning nemen informatie geeft over duurzame maatregelen die ik samen met buurtgenoten kan nemen zich niet bemoeit met het nemen van duurzame maatregelen in mijn woning anders, namelijk … weetniet / geen antwoord
17. Wat vindt u op dit moment de communicatie van de gemeente Amsterdam over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis? goed neutraal slecht anders, namelijk… weet niet / geen antwoord 18a. Hoe zou u het liefst benaderd willen worden door de gemeente over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis en de eventuele ondersteuning daarbij? [open vraag] weet niet / geen antwoord 18b. Als u zou moeten kiezen uit de onderstaande manieren van benaderen door de gemeente (over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis en de eventuele ondersteuning daarbij), welke heeft dan uw voorkeur? Via… een maandelijkse nieuwsbrief een huis-aan-huisblad een website met daarop informatie social media posts persoonlijk contact met een energiecoach anders, namelijk… weet niet / geen antwoord 19. Welke inhoud zou u het liefst tegenkomen bij informatie van de gemeente over de mogelijkheden van duurzame maatregelen voor uw huis en de eventuele ondersteuning daarbij? nieuwsartikelen duurzame tips inspirerende verhalen over duurzame initiatieven praktische informatie over subsidies veel gestelde vragen en antwoorden anders, namelijk… weet niet/ geen antwoord 20. De ambitie van de gemeente Amsterdam is om voor het jaar 2030 circa 17 (extra) windmolens bij te plaatsen. Maximaal de helft hiervan zou in het havengebied passen.
De windmolens zullen ongeveer 150 meter hoog worden en volgens alle wettelijke normen worden geplaatst (o.a. ten aanzien van geluid en slagschaduw). Met de Amsterdamse ambitie voor meer
35
Onderzoek, Informatie en Statistiek
|
Routekaart Klimaatneutraal Draagvlak Energietransitie
windmolens én zonnepanelen op de helft van de geschikte daken wordt in 2030 genoeg duurzame elektriciteit opgewekt voor 80% van de Amsterdamse huishoudens. Bewoners in de buurt van de windmolens krijgen de mogelijkheid om mee te denken over de plannen en om financieel mee te profiteren van de opbrengsten.
Kunt u aangegeven in hoeverre u het ermee eens bent dat extra windmolens gerealiseerd worden in Amsterdam? helemaal mee eens mee eens neutraal mee oneens helemaal mee oneens weet niet / geen antwoord (ga naar vraag 22) 21. Wilt u dat toelichten? [open vraag] weet niet / geen antwoord 22. Hieronder zijn 7 gebieden weergegeven waar wordt gezocht naar geschikte locaties voor de extra windmolens (plus een extra gebied als er onvoldoende mogelijkheden blijken te zijn in de 7 gebieden).