1. Raadsinformatiebrief Uitwerking nieuwe koers warmte.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
Portefeuillehouder(s): Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 3 juli 2025 Duurzaamheid, Energietransitie, Circulaire Economie Zita Pels Energie voor de Stad (bestuurszaken.uie@amsterdam.nl)
Onderwerp
Uitwerking nieuwe koers warmtetransitie
Datum Portefeuille(s)
Geachte leden van de gemeenteraad, Amsterdam wil het gasverbruik en de CO2-uitstoot terugdringen. Daarom heeft het college op 30 januari 2025 de nieuwe koers voor de warmtetransitie met u gedeeld. De kernpunten van de nieuwe koers zijn gericht op het versnellen van de warmtetransitie. Onze doelen zijn en blijven ambitieus, maar de weg daar naartoe vullen we pragmatisch in. Daarbij richten we ons zoveel mogelijk op de bewoners zelf, om hen maximaal te faciliteren in de keuzes van deze warmtetransitie. Het is immers de bewoner zelf die kiest. • We verleggen onze inzet binnen de bestaande bouw naar korte termijn CO2-reductie. Hiermee kiezen we voor een meer diverse en flexibele strategie, met focus op een gebouwgerichte aanpak in plaats van buurtgericht. Belangrijke stappen daarin zijn het vergroten van de inzet van (hybride) warmtepompen, het nemen van extra maatregelen om het energiegebruik te verminderen en het pakken van kansen voor warmtenetten waar deze betaalbaar zijn. • We stimuleren de warmtetransitie op de middellange termijn door onder andere het verbeteren van betaalbaarheid voor bewoners, deelname in een publiek warmtebedrijf voor de regio Amsterdam en een volwaardige rol voor warmtegemeenschappen. Hiermee worden ook de kansen voor collectieve warmtenetten in de toekomst verbeterd.
Ons doel is zoveel mogelijk CO2-reductie op korte termijn, zonder de ambitie aardgasvrij uit het oog te verliezen. Uitgangspunten voor stappen richting een aardgasvrije stad zijn en blijven dat alternatieve warmte oplossingen betaalbaar, duurzaam en betrouwbaar zijn. Met deze brief informeer ik u over de stappen die sinds januari 2025 gezet zijn. Het college hecht eraan uw raad actief te betrekken bij strategische keuzes en zo samen richting te geven aan de warmtetransitie. In deze brief ga ik achtereenvolgens in op: 1. Concrete acties voor bewoners die we in de komende 9 maanden, tot het eind van de winter, inzetten. 2. Een verdere uitwerking van de maatregelen die op korte termijn bijdragen aan een reductie van de CO2-uitstoot. 3. Een uitwerking van de maatregelen voor de middellange termijn die bijdragen aan de randvoorwaarden voor de warmtetransitie.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 2 van 16
4. Het betrekken van bewoners bij de keuzes die we maken en de rol voor energiegemeenschappen. 5. Ten slotte geef ik u een beeld van de middelen die we vanuit het Klimaatfonds inzetten voor de warmtetransitie. 1. Concrete acties voor bewoners in de komende 9 maanden, tot het einde van de winter In de warmtetransitie staat de bewoner centraal. Elke maatregel gericht op duurzame warmte en energiebesparing raakt immers direct de woning. Daarom is het cruciaal dat bewoners en woningeigenaren actief betrokken zijn bij en invloed hebben op de keuzes die hun woning raken. Draagvlak onder bewoners is cruciaal voor de warmtetransitie. Hoewel de warmtetransitie tijd vraagt om tot zichtbare resultaten te komen, staat de uitvoering niet stil. We zetten dit jaar al extra stappen om bewoners te ondersteunen bij de overgang naar duurzame warmte en bij het nemen van maatregelen om hun energieverbruik te verlagen. In de komende maanden kunnen bewoners het volgende verwachten van de gemeente: • We voorzien dat in de komende jaren circa 8.000 (hybride) warmtepompen in woningen geïnstalleerd worden waarmee direct de energierekening wordt verlaagd. Dat vergt dat bewoners en woningeigenaren die stap willen zetten en dat installatiebedrijven voldoende capaciteit hebben.
Als gemeente staan we klaar om deze bewoners (of meer) hierin actief te ondersteunen met onder meer een subsidieregeling die dit najaar klaar is. Bewoners kunnen dan nog deze winter deze stap gaan zetten. • Voor bewoners die willen weten of hun woning geschikt is voor een hybride warmtepomp komt in het najaar een webtool beschikbaar. Hier kunnen bewoners voor hun adres te zien krijgen of een hybride warmtepomp vermoedelijk een rendabele investering is en of er waarschijnlijk ruimte voor een buitenunit is. Op de website zal ook informatie te vinden zijn over welke vervolgstappen gezet kunnen worden door bewoners met interesse hierin. • In vijf buurten zijn we gestart om in beeld te brengen welke belemmeringen bewoners ervaren bij de aanschaf van een warmtepomp. Na de zomer starten we met een stadsbrede aanpak per die we op basis van de opgedane ervaringen in deze buurten verder invullen. • Een andere maatregel die deze winter al effect gaat hebben, is het optimaal afstellen van cv-ketels en waterzijdig inregelen van radiatoren bij bewoners. Dat kan tot 10% besparing op de energierekening leiden. Via de nieuwe subsidieregeling voor gebiedsgerichte bestrijding energiearmoede waarover uw raad per brief van 24 juni 2025 is geïnformeerd kunnen bewonersinitiatieven coaches inzetten om bij de bewoners thuis de verwarming te optimaliseren.
Daarnaast zetten we in op publieksvoorlichting over duurzaam gebruik van verwarmingssystemen. • Deze maatregel is onderdeel van subsidie voor gebiedsgerichte bestrijding van energiearmoede (in vervolg op de Energiebespaarservice) waarmee lokale initiatieven kleine energiebesparende maatregelen nemen bij huishoudens die te maken hebben met energiearmoede.
Gemeente Amsterdam
•
•
Datum 3 juli 2025 Pagina 3 van 16
Verder komt er een subsidieregeling waarmee we aanleg van zonwering subsidiëren om hittestress tegen te gaan in woningen waar dat het meest speelt. En we ondersteunen persoonsgerichte oplossingen zoals infraroodverwarming en slimme alternatieven om overbodig energieverbruik te voorkomen. Gedrag blijft een belangrijke factor in de energietransitie. In oktober 2025 volgt een tweede ronde van de bewustwordingscampagne “Het is tijd”, ondersteund via o.a. de websites duurzaamwonen.amsterdam en duurzaamondernemen.amsterdam. Ook blijft het mobiele loket Jouw huis van morgen actief.
Het uitvoeren van deze acties zorgt niet alleen voor minder kosten voor bewoners, maar ook voor een lager aardgasverbruik in de stad en minder uitstoot van CO2. In de volgende paragraaf lichten we deze voorstellen voor de korte termijn verder toe. 2. Uitwerking korte termijn maatregelen voor reductie CO2-uitstoot Zoals aangekondigd in januari 2025 is de aanpak voor de korte termijn gericht op ondersteuning van bewoners en gebouweigenaren die nú stappen willen of kunnen zetten om energie te besparen en CO2-uitstoot te reduceren. Versnelde en vergrote inzet op (hybride) warmtepompen We zien op dit moment veel kansen voor hybride warmtepompen. Met een hybride warmtepomp is het mogelijk om 60% van het gasverbruik te besparen. Het is een relatief goedkope verduurzamingsmaatregel waarmee snel en jarenlang CO2-uitstoot kan worden gereduceerd. Vanaf een bepaald jaarlijks aardgasverbruik is een hybride warmtepomp in afzienbare tijd terug te verdienen, ook bij minder goed geïsoleerde woningen. Hybride warmtepompen leggen minder druk op het elektriciteitsnet dan volledig elektrische warmtepompen, omdat ze bij een hoge warmtevraag overschakelen naar gas. Daarmee vormen zij een aantrekkelijke maatregel voor energiebesparing en CO2-reductie op de korte termijn, zonder andere toekomstige warmteoplossingen uit te sluiten.
Woningeigenaren behouden bij hun keuze voor deze warmteoplossing namelijk flexibiliteit om na verloop van tijd over te stappen naar bijvoorbeeld een volledig elektrische warmtepomp, collectieve warmte of andere oplossingen. Analyse kansrijkheid hybride warmtepompen De voorgaande conclusies komen naar voren uit diepgaande analyses die we in de afgelopen periode hebben uitgevoerd. Er is onder andere gebruik gemaakt van het landelijke Demonstratieproject Hybride warmtepompen waar de prestaties van hybride warmtepompen in bijna 200 woningen twee jaar lang intensief zijn gemonitord. Met behulp van uitvoerige informatie over de Amsterdamse woningvoorraad, praktijkervaringen met warmtepompen en een doorvertaling naar de verschillende warmtepomptechnieken is het mogelijk geworden om de kansen voor warmtepompen in Amsterdam in beeld te krijgen. Hieruit blijkt dat momenteel bij circa 50.000 woningen in Amsterdam een hybride warmtepomp relatief eenvoudig geïnstalleerd zou kunnen worden en voor de woningeigenaar rendabel is. De woningen met kansen hiervoor bevinden zich verspreid over de stad en zijn verdeeld over
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 4 van 16
verschillende eigenaars- en woningtypen. Het gaat om meer dan de helft van alle grondgebonden en duplexwoningen van eigenaar-bewoners met een gasgestookte cv-ketel (ca. 30.000 woningen). Daarnaast betreft het een kleiner deel van de huurwoningen bij dezelfde woningtypes (ca. 10.000 corporatiewoningen en ca. 10.000 woningen van particuliere verhuurders). In totaal is hiermee uiteindelijk een jaarlijkse reductie mogelijk van ruim 50 miljoen m3 aardgas en bijna 60 kton CO2uitstoot. Uitrol hybride warmtepompen in de praktijk In de afgelopen 5 jaar hebben ruim 1.500 bewoners een warmtepomp aangeschaft. We hebben de afgelopen periode inzicht gekregen in alle woningen in Amsterdam die technisch geschikt zijn voor hybride warmtepompen. Als steeds meer woningeigenaren bekend worden met de voordelen verwachten we dat er in de periode 2026 t/m 2030 in totaal ca. 8.000 (hybride) warmtepompen worden geïnstalleerd in Amsterdam. Het vooruitzicht is dat het daarna om zo’n 5.000 warmtepompen per jaar gaat en dat dit aantal vervolgens verder zal oplopen. Het is aan de woningeneigenaren om te besluiten om deze stap al dan niet te zetten. Wij zetten ons als gemeente in om zoveel mogelijk eigenaren hiervoor enthousiast te maken en zullen eigenaren hierbij actief ondersteunen. Om woningeigenaren te enthousiasmeren voor een warmtepomp gaan we diverse acties in gang zetten.
Er is om te beginnen gestart met een participatieve aanpak in vijf buurten. In gesprek met eigenaar-bewoners en andere woningeigenaren verkennen we de houding ten aanzien van warmtepompen. Ook brengen we in beeld welke belemmeringen, drempels en kansen worden ervaren bij het verduurzamen van de woning en de overstap op een warmtepomp. We spreken hierbij zowel woningeigenaren, installateurs als Liander. Na de zomer wordt de aanpak met behulp van de opgehaalde ervaringen uitgebreid naar de buurten waar volgens de Transitievisie Warmte uit 2020 de beoogde warmteoplossing uit warmtepompen bestaat en waar dit volgens Liander mogelijk is. Met de inzichten die worden opgedaan leren we en leggen we de basis voor een stadsbrede aanpak. Om te beginnen bij eigenaar-bewoners van grondgebonden en duplexwoningen en in een volgende fase ook bij andere woningen waar kansen zijn voor warmtepompen. Vanaf dit najaar stellen we een online tool beschikbaar waarmee bewoners kunnen controleren of een (hybride) warmtepomp voor hun woning vermoedelijk een rendabele oplossing is. Ook kan op deze website worden nagegaan of de woning waarschijnlijk de mogelijkheid heeft voor het plaatsen van een benodigde buitenunit voor de warmtepomp. De buitenunit is in sommige gevallen een praktische uitdaging bij lucht-water warmtepompen.
In delen van de stad mogen buitenunits onder voorwaarden al vergunningsvrij worden geplaatst. Als gemeente werken we aan een voorstel om plaatsing van de buitenunit in meer situaties vergunningvrij te maken. Ook-onder voorwaarden- in beschermd stads- en dorpsgezicht, waarbij de invloed op de cultuurhistorische waarde tot een minimum beperkt wordt. Hiermee vereenvoudigen we de regelgeving en maken we de toepassing van warmtepompen makkelijker. In de zomer publiceren we een handreiking voor het plaatsen van buitenunits met daarin regelgeving en praktische tips voor woning- en gebouweigenaren in Amsterdam. Daarnaast is ook het geluid van de buitenunit van lucht-water warmtepompen een aandachtspunt. We gaan hier nader onderzoek naar doen en bekijken op basis daarvan welke eventuele acties op dit gebied nodig zijn.
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 5 van 16
We inventariseren op dit moment verder of er bij het stimuleren van warmtepompen financiële ondersteuning van de gemeente nodig is. Bij de keuze voor financiële instrumenten nemen we ongelijk investeren voor gelijke kansen als vertrekpunt. We reserveren voor de financiële ondersteuning (bijvoorbeeld voor subsidie of aantrekkelijke leningen) €7,5 mln vanuit het Klimaatfonds en komen hier in november 2025 bij u op terug. Bij het opstellen van het (dienstverlenings)aanbod wordt samengewerkt met het isolatieoffensief, zodat woningeigenaren integrale keuzes voor de verduurzaming van hun woningen kunnen maken. Hierbij verwachten we onder andere een additionele €1,5 mln uit het Klimaatfonds in te zetten voor energieadviezen voor woningeigenaren of andere maatregelen zoals collectieve inkoopacties. Naast deze acties werken we de komende maanden aan een bredere verkenning van de verdere mogelijkheden voor warmtepompen in de stad, zoals gedeelde bronnen voor bodem-water warmtepompen en bij gebouwen met blokverwarming. Bodem-water warmtepompen hebben een hogere aanschafprijs, maar kennen ook voordelen ten opzichte andere warmtepompen, zoals de afwezigheid van een buitenunit, de mogelijkheid tot koelen en een langere levensduur. We gaan werken met praktijkproeven om zodoende kennis te ontwikkelen.
We verwachten hier aanvullend een bedrag van €1 mln vanuit het Klimaatfonds voor te gebruiken. Deze verkenningen dragen bij aan het vergroten van het inzicht in het aantal woningen waarvoor een warmtepomp een rendabel alternatief is voor aardgas. Als het elektriciteitsnet steeds meer toekomstbestendig wordt, de landelijke productie van elektriciteit duurzamer wordt, elektriciteitsgebruik betaalbaar blijft en woningen voldoende geïsoleerd zijn, is het mogelijk om met volledige elektrische warmtepompen het aardgasverbruik in Amsterdam verder te reduceren. We hebben nog steeds, zoals benoemd in de raadsbrief van januari 2025, het aantal van 110.000 woningen dat geschikt is voor een warmtepomp op het oog. Vanuit het warmteprogramma (zie verderop in deze brief) zal dit aantal worden geactualiseerd. De uitwerking van onze verdere aanpak wordt in nauw overleg afgestemd met Liander. Kansen pakken waar warmtenetten betaalbaar zijn Ondanks belemmeringen bestaan er nog kansen voor kleinschalige uitrol van collectieve warmtenetten in de bestaande stad. Verhoging van de Warmtenetten Investeringssubsidie (WIS) en de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH) helpen bij het bewerkstelligen van een betere business case voor collectieve warmte en een aantrekkelijk aanbod voor bewoners.
Samen met Westpoort Warmte (WPW) en enkele woningcorporaties brengen we in beeld waar een aantrekkelijk aanbod mogelijk is. Momenteel zijn er meerdere (delen van) buurten in beeld, welke verder onderzocht worden. Door slim te combineren met andere werkzaamheden (‘werk met werk maken’) en subsidies in te zetten waar nodig, kunnen deze projecten tóch van de grond komen zonder dat betaalbaarheid voor bewoners in het geding komt. Voor afstemming met bewoners worden de resultaten van het bewonersonderzoek onder huurders (zie ook later in deze brief) actief benut. De gezamenlijke analyse wijst op circa 5.500 bestaande woningen die kansrijk zijn. Er wordt komende maanden verder uitgewerkt of een aantrekkelijk aanbod kan worden gedaan en of er draagvlak is in de buurten. Op deze manier wordt ook duidelijk wat de succesfactoren zijn die
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 6 van 16
gebruikt kunnen worden voor verdere opschaling naar meer projecten. We denken onder andere aan de manier waarop we bewoners betrekken, hoe de kosten worden verdeeld en welke technische maatregelen werken. Om de kansen te kunnen verzilveren zal ook een bijdrage van de gemeente nodig zijn. Om een kwart van deze woningen (een voorlopige inschatting van het aantal kansen dat op korte termijn slaagt) van het aardgas te halen is ongeveer €7 mln nodig vanuit het Klimaatfonds. Deze middelen zijn binnen het klimaatfonds beschikbaar binnen lopende aardgasvrijregelingen. We werken een voorstel voor aanpassing van bestaande regelingen uit en leggen dat in het najaar 2025 aan uw raad voor. Er zijn daarnaast vve’s waarvan de cv-ketels en rookgasafvoerkanalen op de komende jaren vervangen moeten worden. Dit is het natuurlijke moment voor overschakelen op duurzame warmte. We helpen deze vve’s bij de praktische invulling, bij de contacten met het betrokken warmtebedrijf en eventueel betrokken woningcorporaties. Voor besluitvorming door vve-leden is er zicht op de financiële haalbaarheid nodig. In de meeste gevallen is daarvoor op dit moment een financiële bijdrage van de gemeente nodig, naast subsidies van de rijksoverheid. De focus ligt daarbij op vve’s met een collectieve gasketel, omdat die relatief eenvoudig zijn aan te sluiten dus ook sneller CO2-winst opleveren.
Op basis van deze cases ontwikkelen en verbreden we de vveaanpak van het isolatieoffensief. We verwachten hiermee in 2025 en 2026 1.500 tot 3.000 woningen aardgasvrij te kunnen maken. Hiervoor verwachten we circa €5 mln in te zetten. Ook hiervoor wordt nu een bestedingsvoorstel uitgewerkt dat in het najaar 2025 aan uw raad wordt voorgelegd. Een complicatie is dat de pot met SAH-subsidie voor dit jaar leeg is. Dit zorgt er bij een aantal projecten voor dat verduurzaming van warmte financieel niet meer haalbaar is. Als hiervoor geen oplossing komt, zal er vaker gekozen worden voor nieuwe cv-ketels. We kijken nog, mede in overleg met het Rijk, of hier een tussenoplossing mogelijk is. Wij informeren u hierover bij de uitwerking van de bestedingsvoorstellen voor de inzet van het klimaatfonds. Uitbreiding isolatieoffensief In januari 2025 hebben we aangegeven het isolatieoffensief te verbreden. Door minder energieverbruik dragen we bij aan CO2-reductie. Dit doen we in de eerste plaats door te kijken of en hoe we de dienstverlening van het isolatieoffensief kunnen uitbreiden door ook te adviseren over alternatieven voor aardgas. We beginnen hierbij met de 169 voorrangsbuurten van het isolatieoffensief. Voor zowel vve’s als eengezinswoningen worden de mogelijkheden om de dienstverlening uit te breiden uitgewerkt.
De subsidie voor planvorming bij vve’s wordt verbreed zodat vve’s ook plannen kunnen ontwikkelen voor aardgasvrij oplossingen en complexe zonneprojecten. Hiervoor voorzien we 5 mln euro uit het Klimaatfonds in te zetten. In het najaar 2025 volgt een bestedingsvoorstel. Om op korte termijn over te kunnen gaan tot actie maken we binnen de aanpak voor het stimuleren van warmtepompen (zie hierboven) gebruik van uitbreiding van adviezen van het isolatieoffensief om bewoners in warmtepompbuurten van advies te kunnen voorzien. Daarnaast kijken we of we ook buiten de 169 voorrangsbuurten bewoners van advies kunnen voorzien, mits dat niet ten koste gaat van de inzet voor de bewoners in de 169 buurten. Als laatste is er binnen het bestedingsperspectief van het Klimaatfonds ruimte om het isolatieoffensief voort
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 7 van 16
te kunnen zetten in 2027. Hiervoor wordt voor 2026 een bestedingsvoorstel uitgewerkt en aan uw raad voorgelegd. Bestaande installaties efficiënter instellen Voor CO₂-reductie op de korte termijn zetten we in op het verbeteren van bestaande verwarmingsinstallaties. Een belangrijke maatregel is het waterzijdig inregelen van radiatoren en het optimaal afstellen van hr-ketels. Onderzoek wijst uit dat hiermee gemiddeld 10% gasbesparing mogelijk is. Naar schatting zijn de systemen in 75% van de woningen in Nederland niet goed ingeregeld; hoe hoog dit percentage ligt in Amsterdam wordt parallel onderzocht. Voor huishoudens in energiearmoede hebben we €750.000 uit het Klimaatfonds beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn toegevoegd aan de subsidie gebiedsgerichte bestrijding van energiearmoede (in vervolg op de Energiebespaarservice) waarmee lokale initiatieven huishoudens die te maken hebben met energiearmoede kunnen ondersteunen met kleine energiebesparende maatregelen. Deze subsidieregeling is op 1 juli 2025 opengesteld. Met deze middelen kunnen lokale initiatieven in de stad circa 1.000 tot 1.500 huishoudens ondersteunen bij het duurzaam instellen van hun installatie. Deze ambitie is uitvoerbaar, mits we tijdig afspraken kunnen maken met lokale uitvoerders en woningcorporaties. De beschikbaarheid van capaciteit bij installateurs is een reële onzekerheid.
We streven ernaar om samen met de betrokken partijen zo snel mogelijk tot uitvoering over te gaan zodat de aanpak bij een positieve evaluatie in 2026 kan worden opgeschaald. Naast gerichte ondersteuning zetten we in op publieksvoorlichting om duurzaam gebruik van installaties te bevorderen. Dit is van belang omdat technische maatregelen alleen effectief zijn wanneer bewoners ook weten hoe ze hun installatie optimaal gebruiken; verkeerd of inefficiënt gebruik kan de verwachte energiebesparing aanzienlijk verminderen. Daarbij sluiten we aan bij bestaande netwerken zoals GasTerug en Stichting !Woon, die via energiecoaches, buurtgerichte voorlichting en/of concrete hulpmiddelen bewoners ondersteunen bij bijvoorbeeld bewust en zuinig gebruik van verwarming. Aanvullende korte termijn maatregelen In samenwerking met stadsdelen, belangenorganisaties en kennisinstellingen worden aanvullende maatregelen voor CO₂-reductie verkend en uitgewerkt. Veelbelovende maatregelen zijn: • Zonwering en passief koelen – Veel bewoners in Amsterdam ondervinden hittestress. Airconditioning zorgt voor extra CO2-uitstoot, hogere energiekosten en draagt bij aan de opwarming van de omgeving. Zonwering is een effectieve en energiezuinige maatregel die de aanschaf van airconditioning in veel gevallen kan voorkomen.
In oktober 2025 volgt een bestedingsvoorstel voor het Klimaatfonds met als doel oververhitting van sociale huurwoningen in kwetsbare buurten tegen te gaan door het toepassen van zonwering. • Gasloos koken – Elektrisch koken is in gebieden met stadswarmte soms nog een laatste benodigde stap om volledig aardgasvrij te worden. Gasloos koken wordt al steeds vaker meegenomen bij onderhoud door corporaties. Er is een landelijke subsidieregeling beschikbaar voor mensen die met op elektrisch koken van het gas afgaan. We onderzoeken nu of een aanvullende subsidie met middelen uit het Klimaatfonds hierop nodig is voor versnelling en stellen een stappenplan voor bewoners op.
Gemeente Amsterdam
•
•
•
Datum 3 juli 2025 Pagina 8 van 16
Blokverwarming – Ook blokverwarming is vaak niet efficiënt ingeregeld. Naast inregelen van de installatie kunnen leidingisolatie en radiatorverbeteringen leiden tot een lager energieverbruik. De besluitvorming binnen vve’s is daarnaast vaak complex en tijdrovend. Actieve gemeentelijke ondersteuning kan helpen om de uitvoering te versnellen. Persoonsgerichte oplossingen – Door slimme en persoonlijke oplossingen kunnen we voorkomen dat grote ruimtes onnodig verwarmd worden. Infraroodverwarming hoort hier ook bij. Een pilot van Actienetwerk GasTerug leverde een besparing van 15% op het gasverbruik per huishouden op en een vermindering van gezondheidsklachten. Een vervolg is gericht op zorginstellingen, gebruikers voedselbank en dakloze mensen. We onderzoeken nu de mogelijkheid om dit met subsidie uit het Klimaatfonds te ondersteunen. Consumentenbewustwording – Gedrag is van grote invloed op de CO2-uitstoot. Om deze reden focussen we ons op het verkleinen van de CO2-voetafdruk van de Amsterdammer, in samenwerking met kennisinstellingen. Vanaf 19 mei 2025 was de ‘Het is Tijd’ campagne twee weken zichtbaar in de stad. Met als doel om Amsterdammers aan te zetten tot verduurzaming. Na de zomer - rond oktober - zal er een tweede ronde zijn. Deze campagne wordt ondersteund met online uitingen zoals via de websites duurzaamwonen.amsterdam en duurzaamondernemen.amsterdam.
Ook is het mobiele loket ‘Jouw huis van morgen’ tussen komend half jaar aanwezig op verschillende plekken in de stad om vragen van bewoners over verduurzaming van hun woning te beantwoorden.
De verdere uitwerking en financiële onderbouwing van de aanvullende maatregelen volgt in het najaar. 3. Stimuleren warmtetransitie op middellange termijn Het college blijft werken aan structurele verbeteringen van de randvoorwaarden die noodzakelijk zijn om de warmtetransitie in een hoger tempo en met voldoende draagvlak te kunnen uitvoeren. Context Op 19 mei startte in de Tweede Kamer de behandeling van de Wet collectieve warmte (Wcw). Naar verwachting wordt nog voor het zomerreces over de Wcw gestemd. De Wcw is cruciaal omdat het publieke meerderheidsaandeel van warmtebedrijven en kostprijsgebaseerde tarieven voor warmte hierin worden vastgelegd. De Wet gemeentelijke instrumenten warmtevoorziening (Wgiw) is op 10 december 2024 aangenomen in de Eerste Kamer. Het ministerie werkt nog aan verdere uitwerking hiervan, in het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Bgiw). Hiermee worden de kaders voor de afsluitbevoegdheid van aardgas ingevuld. Met de aankomende Wcw en Wgiw wordt de regierol voor de gemeente in de warmtetransitie wettelijk verankerd, met een uitgebreide set aan nieuwe wettelijke taken en bevoegdheden. Betaalbaarheid De betaalbaarheid van de warmtetransitie voor bewoners en woningeigenaren is en blijft een cruciale randvoorwaarde die op orde moet worden gebracht. In de brief van januari is met u
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 9 van 16
gedeeld dat de verantwoordelijkheid voor structurele betaalbaarheid, het tegengaan van energiearmoede en het financieren van de warmtetransitie primair bij het Rijk ligt. Zoals toen ook is aangegeven, is betaalbaarheid voor ons een voorwaarde voor de transitie, zodat iedereen mee kan in de transitie. Totdat de randvoorwaarden zijn ingevuld door het Rijk, werken we aan projecten en kansen waar de betaalbaarheid wel op orde is. Er zijn in 2025 verbeteringen doorgevoerd in de WIS en de SAH, wat kansen biedt voor verschillende projecten om op korte termijn een goed aanbod te doen aan Amsterdammers. Zo pakken we, naast individuele oplossingen, ook kansen voor collectieve warmtenetten in WPWgebied waar deze betaalbaar zijn. In onze aanpak is het streven dat bewoners een aanbieding krijgen met kosten vergelijkbaar met aardgas, liefst lagere kosten. Daarnaast onderzoeken we gelijktijdig de mogelijkheid om projecten uit te blijven voeren bij de Amsterdammers die dat kunnen en willen dragen. De Kamerbrief van minister Hermans van 17 april 2025 over betaalbaarheid van de warmtetransitie sluit inhoudelijk aan op wat er volgens ons nodig is om de transitie weer op gang te brengen.
Helaas beperkt het zich tot onderzoek en uitwerking van instrumenten om betaalbaarheid te verbeteren, maar ontbreken vooralsnog de benodigde middelen om betaalbaarheid daadwerkelijk te verbeteren en te garanderen. Bij de voorjaarsnota heeft het Rijk geen geld vrijgemaakt voor de warmtetransitie – sterker nog de energiebelasting op fossiel aardgas is verlaagd. Wat de noodzaak van financiële tegemoetkoming onderstreept, is dat het Tijdelijke Noodfonds Energie binnen een week was uitgeput. Dit fonds werd eind april 2025 geopend en bracht verlichting voor Amsterdammers met een kleinere portemonnee. We roepen, samen met de VNG, het Rijk op om het noodfonds structureel te maken en om voldoende middelen te reserveren in de rijksbegroting voor een betaalbare warmtetransitie. Rechtvaardige warmtetransitie middels ongelijk investeren In de brief van januari schetsten we het dilemma dat het prioriteren van CO2-reductie en ongelijk investeren voor gelijke kansen niet altijd tot dezelfde keuzes leidt. We werken nu verder uit hoe we ongelijk investeren voor gelijke kansen in de warmtetransitie kunnen invullen via verschillende scenario’s voor de inzet van capaciteit en middelen.
Het gaat dan om vragen als: wat doen we in de 169 voorrangsbuurten, wat doen we daarbuiten en op welke wijze en in welke mate ondersteunen we bewoners? We concretiseren de scenario’s met gegevens over het effect op energiearmoede, de CO2uitstoot, de korte-termijn-aanpak en de uitvoeringscapaciteit. In de brief van november 2025 leggen we een voorstel aan u voor. Concrete keuzes die op korte termijn kunnen bijdragen aan het ongelijk investeren voor gelijke kansen zijn eerdergenoemde voorstellen, zoals het pakken van kansen voor warmtenetten waar deze wel betaalbaar zijn en de voorgestelde inzet voor (hybride) warmtepompen in de voorrangsbuurten.
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 10 van 16
Oprichting en deelname publiek warmtebedrijf In het collegebesluit van januari 2025 is opgenomen dat voor deelname van de Gemeente Amsterdam aan een publiek warmtebedrijf verkennende gesprekken worden gevoerd met EBN en Firan (100% dochter van Alliander). Op 7 mei 2025 tekende wethouder Pels namens het college van B&W de intentieovereenkomst (IOK) voor een publiek warmtebedrijf met Firan en de Nederlandse Staat, daarbij vertegenwoordigd door de minister van Klimaat en Groene Groei (KGG). Hierover bent u die dag per brief geïnformeerd. In deze intentieovereenkomst is afgesproken dat de gemeente, Firan en EBN (als beoogde nationale deelneming in publieke warmtebedrijven) gaan onderzoeken wat nodig is om te werken naar een gezamenlijk publiek warmtebedrijf voor de regio Amsterdam. Met een publiek warmtebedrijf wordt geanticipeerd op de besluitvorming over de Wcw en geven de gemeente, Firan en EBN invulling aan de benodigde publieke uitvoeringskracht. Een publiek warmtebedrijf biedt een goede basis om vertrouwen in en draagvlak voor warmtenetten te vergroten; zoals andere belangrijke nutsvoorzieningen komen warmtenetten zo in publieke handen. Deelname in een publiek warmtebedrijf geeft de gemeente meer invloed op keuzes over groeisnelheid, tarieven en duurzaamheid. Tegelijkertijd moet ook een publiek warmtebedrijf kostendekkend kunnen opereren.
Het publiek warmtebedrijf biedt zodoende een deel van de oplossing voor de aanpak van de warmtetransitie. Samen met enkele andere randvoorwaarden vanuit het Rijk, zoals ten aanzien van het verbeteren van de betaalbaarheid, is het publiek warmtebedrijf een belangrijk middel om de warmtetransitie te versnellen. In de intentieovereenkomst is vastgelegd welke onderwerpen worden besproken om te komen tot een samenwerkingsovereenkomst (SOK) tussen de gemeente, Firan en EBN, die op haar beurt de basis vormt voor de uitwerking van de oprichtingsdocumentatie. In de (concept)samenwerkingsovereenkomst zullen inhoudelijke keuzes worden gemaakt, waaronder: • De gezamenlijke doelstellingen, de randvoorwaarden, en hoofdkeuzes over de scope van het publiek warmtebedrijf • Een ondernemingsplan met strategie, organisatie en financiële implicaties en kaders op hoofdlijnen • Afspraken over de juridische structuur, governance en zeggenschap • Uitgangspunten en afspraken voor samenwerking met andere gemeenten, warmtegemeenschappen en andere ketenpartners. De SOK vraagt bestuurlijke besluitvorming van alle partijen en zal voor wensen en bedenkingen aan uw raad worden voorgelegd.
Partijen streven ernaar om de samenwerkingsovereenkomst kort na de zomer in concept af te ronden, onder voorwaarde dat de Tweede Kamer instemt met de nieuwe warmtewet (Wcw), de minister voornemens is EBN aan te wijzen als nationale deelneming warmte, en er zicht is op een oplossing voor betaalbaarheid vanuit het Rijk. Met de beoogde ondertekening van de SOK later dit jaar, ronden we het onderzoek naar de oprichting van een publiek warmtebedrijf af om over te gaan tot de voorbereiding van de oprichting.
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 11 van 16
Over de financiële bijdrage vanuit de gemeente wordt na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 besloten. De mate waarin Amsterdam financieel wil en kan bijdragen aan het warmtebedrijf en haar projecten is medebepalend voor zowel het tempo van de uitvoering van de warmtetransitie, als de mate van zeggenschap van de gemeente in het warmtebedrijf. De intentie is dat het publieke warmtebedrijf actief wordt in de regio Amsterdam. In dat kader stemmen Firan, EBN en de Gemeente Amsterdam af met andere gemeenten en de provincie. Met Almere, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel en Zaanstad worden gesprekken gevoerd op ambtelijk en bestuurlijk niveau. Ook met andere gemeenten in de regio is contact. De doelstelling is een publiek warmtebedrijf dat de gemeenten zouden willen aanwijzen voor hun gemeente, zodat zij later eventueel kunnen instappen als aandeelhouder. Ook met vertegenwoordigers van warmtegemeenschappen wordt verkend hoe het publiek warmtebedrijf en de warmtegemeenschappen elkaar kunnen versterken. Wij hechten er belang aan dat een op te richten publiek warmtebedrijf ruimte biedt aan en waar zinvol samenwerkt met lokale initiatieven. Het publiek warmtebedrijf wordt actief in een regio waar al grote en kleinere warmtenetwerken liggen, waaronder die van Westpoort Warmte, Vattenfall en Eneco.
Hier vindt nog steeds uitbreiding plaats en er liggen afspraken over de verdere verduurzaming van de warmtebronnen. De verhouding van het publieke warmtebedrijf tot de bestaande warmtenetten en –bedrijven (en hun plannen) is daarom een belangrijk onderdeel van het op te stellen ondernemingsplan, evenals hoe om te gaan met lopende projecten en initiatieven in de regio. In de raadsbrief van 30 januari 2025 hebben we reeds toegelicht waarom de samenwerking met EBN en Firan de voorkeursoptie is. De terugvalopties lijken namelijk minder aantrekkelijk, omdat deze leiden tot een hogere financiële bijdrage van of grotere risico's voor de gemeente. Er bestaat echter nog onzekerheid of de voorgestelde samenwerking uiteindelijk haalbaar is en er is nog onduidelijkheid of er middelen komen van het Rijk om bestaande warmtenetten over te nemen. De alternatieven blijven we daarom onderzoeken. Als we besluiten in november een SOK met Firan en EBN aan u voor te leggen zullen we u ook meenemen in de afweging ten opzichte van alternatieven. Warmte- en koudenetten in nieuwbouw Zoals beschreven in de brief van januari zetten we bij grote gebiedsontwikkelingen alleen in op collectieve warmtevoorzieningen als dat nodig is. Dit geldt bijvoorbeeld voor wijken met een zeer hoge dichtheid van bebouwing waardoor individuele oplossingen per gebouw niet zijn in te passen.
Als er voor zo’n collectieve voorziening op korte termijn geen private interesse is, kan het betekenen dat de gemeente hier zelf in zal moeten investeren – al dan niet via een op te richten publiek warmtebedrijf. Sluisbuurt Noord kent een hoge dichtheid aan woontorens en beperkte ondergrondse ruimte, waardoor een collectieve warmteoplossing noodzakelijk is. Op 20 maart 2025 bent u geïnformeerd over het gunningsbesluit voor de aanbesteding van het collectief warmte- en koudesysteem. Eteck is hiervoor geselecteerd. De bouwteamfase met Eteck loopt tot november 2025. De komende
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 12 van 16
maanden wordt gewerkt aan het uitwerken van het technisch ontwerp en het maken van concessieafspraken. Deze concessieafspraken moeten ervoor zorgen dat de rechten en plichten van de concessiehouder gedurende de ontwikkel- en exploitatiefase helder zijn. Ook worden afspraken gemaakt over minimale prestaties, waaronder op het gebied van duurzaamheid en klanttevredenheid. U wordt later dit jaar geïnformeerd over de uitkomsten. Omdat nog niet zeker is dat deze fase leidt tot een concessieovereenkomst, onderzoekt de gemeente parallel een terugvaloptie. De inwerkingtreding van de Wcw betekent dat bestaande concessieovereenkomsten binnen een jaar moeten worden omgezet naar zogeheten 'aanwijzingen'. De gemeente zal als concessieverlener het gesprek aangaan met alle betrokken warmtebedrijven. De realisatie van deze omzetting wordt voorzien in 2026/2027. Voor optimaal gebruik van bodemenergie uit WKO’s in de nieuwbouw worden in 2025 acht bodemenergieplannen in procedure gebracht. Met bodemenergieplannen kunnen we sturen op het optimaal benutten van de beschikbare bodemenergie. In bestaande concessiegebieden worden nieuwe woningen en nieuwe gebouwen volgens lopende afspraken aangesloten op collectieve netten. Westpoort Warmte, 50% in eigendom van de gemeente Amsterdam, sluit naar verwachting circa 2.500 nieuwbouwwoningen aan dit jaar.
Warmteprogramma Het Warmteprogramma is een vanuit het Rijk verplicht programma onder de Omgevingswet dat elke 5 jaar opgesteld moet worden. Het warmteprogramma dat we nu voorbereiden is de opvolger van de Transitievisie Warmte uit 2020. In het warmteprogramma wordt richting gegeven aan de warmtetransitie: de buurten waar we de komende 10 jaar aan de slag gaan, wat daar de voorkeurstechniek is, welke fasering we voor ogen hebben en welke afwegingen daaraan ten grondslag liggen. Het college heeft ingestemd met de Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma die is opgesteld in afstemming met bewoners en andere stakeholders. De notitie vindt u als bijlage bij deze brief (bijlage 1). De uitgangspunten zijn gebaseerd op de nieuwe koers warmtetransitie en gaan over betaalbaarheid, duurzaamheid, bron- en netcapaciteit, ruimtegebruik, mogelijke koeling en het combineren van geplande werkzaamheden. De thema’s zijn uitgewerkt in uitgangspunten voor zowel de techniekkeuze per buurt als de fasering van uitvoering. De notitie is een afwegingskader voor de keuzes die dit najaar bij het opstellen van het concept-warmteprogramma worden gemaakt. Voor het warmteprogramma wordt een planMER (plan-milieueffectrapportage) opgesteld om de milieueffecten van verschillende warmteopties te onderzoeken.
Een planMER helpt om al in een vroeg stadium duurzame keuzes te maken, door alternatieven en milieugevolgen systematisch in beeld te brengen en met elkaar te vergelijken en ondersteunt transparante besluitvorming. Het planMER toetst o.a. op effecten op de ondergrond, biodiversiteit, waterkwaliteit, geluid, emissies en energiegebruik. De eerste stap om te komen tot een planMER is het opstellen van een Notitie Reikwijdte en Detail (NRD). Deze is momenteel in voorbereiding. Bewoners en belanghebbenden krijgen de mogelijkheid om te reageren op de concept-NRD.
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 13 van 16
De afgelopen maanden hebben we verkend in hoeverre hittestress in woningen speelt en hoe koeling onderdeel kan worden van onze aanpak. Uit een simulatiestudie blijkt dat veel Amsterdamse woningen nu al te warm worden. Daarom betrekken we het koelvermogen van duurzame warmtetechnieken bij de keuze voor een warmteoplossing. Passieve koelmaatregelen, zoals zonwering en ventilatie, worden opgenomen in het ondersteunend beleid. De wens koeling mee te nemen kwam ook naar voren bij de participatie met bewoners en de gesprekken met uw raad. (Zie bijlage 2). In het kader van de Wgiw stelt het college het Warmteprogramma vast. De raad speelt hierbij een belangrijke rol omdat keuzes in het programma publieke belangen raken, zoals duurzaamheid, betaalbaarheid, en rechtvaardigheid. Daarnaast kan uitvoering van het programma leiden tot omgevingsplanwijzigingen waarvoor instemming van uw raad nodig is. Wij zullen u stapsgewijs informeren zodat uw raad haar kaderstellende en controlerende taak goed kan vervullen. Het concept-warmteprogramma en de concept-planMER worden eind 2025 met uw raad gedeeld. Duurzame warmtebronnen Om ook in de toekomst voldoende warmtebronnen te hebben voor de verduurzaming van bestaande en toekomstige collectieve netten onderzoeken en faciliteren we de ontwikkeling van duurzame bronnen, zoals restwarmte van datacenters, aquathermie en aardwarmte.
Op het gebied van aardwarmte staat veel te gebeuren. In het najaar van 2025 staat grootschalig onderzoek gepland om de potentie van aardwarmte (geothermie) beter in kaart te brengen. U kunt dit in een groot deel van de stad tijdelijk opmerken. Zo gaan er voertuigen rondrijden om het onderzoek uit te voeren. Daarnaast wordt op Strandeiland in de zomer van 2025 een onderzoeksboring naar aardwarmte uitgevoerd in opdracht van het Rijksprogramma SCAN. Om aardwarmte uiteindelijk te winnen bereiden we komende tijd de selectie van een partner voor de uitvoering voor. Zo werken we samen met partners EBN en Vattenfall aan de voorbereiding op aardwarmtewinning. Ook over het inzetten van aquathermie als warmtebron voor de bestaande bouw leren we momenteel veel. Met energiecoöperatie KetelhuisWG, woningcorporatie Stadgenoot en Waterschap Amstel, Gooi en Vecht werken we bijvoorbeeld nauw samen aan het lokale warmtesysteem dat gebruik gaat maken van warmte uit oppervlaktewater. 4. Betrekken van bewoners Betrekken van bewoners is cruciaal in de warmtetransitie. Om inzichten te krijgen hoe we het draagvlak voor de transitie kunnen vergroten betrekken we bewoners en doen we onderzoek naar inzicht in de wensen, zorgen en motivaties.
Recent en lopend onderzoek en de door bewoners geformuleerde adviezen tijdens het buurtberaad Warm Huis worden uitgevoerd waar passend binnen de bestaande kaders en benut bij het maken van (beleids)keuzes, zoals het warmteprogramma, in de uitvoering en in communicatie. De centrale positie van bewoners in de warmtetransitie wordt zo stap voor stap vormgegeven.
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 14 van 16
Volwaardige rol warmtegemeenschappen in de warmtetransitie Warmtegemeenschappen krijgen een volwassen en volwaardige plek in de Amsterdamse warmtetransitie. Deze bewonerscollectieven spelen een groeiende rol in het versnellen van de energietransitie en het vergroten van draagvlak. Het college ondersteunt initiatieven actief in de onderzoeks- en ontwikkelingsfase en enkele koplopers worden financieel ondersteund om te komen tot realisatie van een coöperatief warmtesysteem. Begin 2025 is een praktijkpilot gestart voor de ontwikkeling van een Energiedienstenorganisatie (EDO). In deze pilot worden vijf warmteinitiatieven ondersteund. De eerste resultaten worden in september 2025 verwacht. Parallel is onderzoek gedaan naar verschillende organisatiemodellen voor de EDO. Energiegemeenschappen (die door de EDO worden ondersteund) leveren een significante bijdrage in het reduceren van CO2-emissie. Dit doen zij door het vergroten van het aandeel duurzame energieopwekking, energiebesparing en door het ondersteunen van duurzame buurtinitiatieven. Voor het zomerreces verschijnt bovendien een stappenplan op duurzaamwonen.amsterdam waarmee beginnende én gevorderde bewonersinitiatieven, die hun buurt aardgasvrij willen maken, inzicht krijgen in de stappen die zij moeten doorlopen en welke ondersteuning de gemeente Amsterdam kan bieden.
De komende periode werken de gemeente en APEC (de Amsterdamse Producerende Energie Coöperaties) uit hoe warmtegemeenschappen betrokken worden bij het inrichten van de gemeentelijke kaders (zoals het warmteprogramma) en het op te richten publieke warmtebedrijf. Daarnaast worden juridische en beleidsmatige kaders voor de positionering van warmtegemeenschappen en de herhaalbaarheid van succesvolle modellen (zoals Ketelhuis WG) onderzocht. U ontvangt voor het zomerreces een aparte raadsinformatiebrief over de voortgang op- en de volwaardige positionering van energie- en warmtegemeenschappen. Buurtberaad Warm Huis De gemeenteraad heeft 19 juli 2023 de motie 505.23 van leden Itay Garmy en Imane Nadif aangenomen, waarin verzocht wordt om een buurtburgerberaad te organiseren ‘inzake de warmtestrategie’. Het doel is om lokale kennis en zorgen mee te nemen in de besluitvorming. We starten het buurtberaad voor de zomer, hierover bent in een brief van 26 maart 2025 geïnformeerd. Voor het buurtberaad Warm Huis zijn bewoners uit de Van Tuyllbuurt, Marathonbuurt en Bertelmanpleinbuurt uitgenodigd. Vanaf juni tot en met september 2025 gaan circa 75buurtbewoners met elkaar in gesprek. Het buurtberaad bestaat uit vijf bijeenkomsten en volgt de methode van een burgerberaad.
De deelnemers zijn een afspiegeling van de buurt, krijgen ondersteuning van deskundigen en formuleren samen goed onderbouwde en haalbare adviezen. Het buurtberaad is een waardevolle kans om verschillende perspectieven te verbinden. Hierdoor ontstaan oplossingen voor een schone, betaalbare en betrouwbare warmtevoorziening, die passen bij de buurt. Als de adviezen van het beraad haalbaar zijn voeren we ze ook uit. U wordt separaat geïnformeerd over de voortgang en uitkomsten. Bewonersonderzoek naar overstap op warmtenetten (september 2024 – maart 2025) De afgelopen jaren hebben de gemeente Amsterdam en woningcorporaties zich ingezet in diverse buurten om woningen aardgasvrij te maken door ze aan te sluiten op een warmtenet. We hebben samen met de corporaties laten onderzoeken waarom bewoners van sociale huurwoningen in sommige gevallen wel, en in andere juist niet instemmen met aansluiting op een warmtenet. Het
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 15 van 16
onderzoek vindt u als bijlage bij deze brief (bijlage 3). Naar aanleiding van een krantenartikel over dit onderzoek zijn in de raadscommissie DC van 26 juni 2025 al enkele vragen gesteld. Uitkomsten zijn dat bewoners openstaan voor het warmtenet vanwege verwachte lagere kosten, veiligheid en een bijdrage aan het klimaat. De keuze om in te stemmen met een warmtenet als alternatief voor aardgas is wel vaak gebaseerd op de koppeling met een renovatie van de woning en dus de combinatie met woningverbetering. Het ontbreken van vertrouwen in de gemeente en corporaties, het proces van besluitvorming en kennis van het systeem blijken bepalende factoren om wel of niet in te stemmen. De opgedane lessen van het onderzoek nemen we mee in de aanpak voor toekomstige aardgasvrijtrajecten zoals duidelijkere communicatie over de voor- en nadelen van warmteoplossingen en een centraal aanspreekpunt voor bewoners gedurende het proces. Bewonersonderzoek betaalbaarheid warmtetransitie (gestart voorjaar 2025) Er loopt een grootschalig landelijk onderzoek naar betaalbaarheid. Amsterdam is hier actief bij betrokken en het onderzoek is breed uitgezet in Amsterdam. Het onderzoek richt zich op het concretiseren van het begrip ‘betaalbaarheid’ vanuit het perspectief van bewoners.
Wat betekent betaalbaar precies? Welke afwegingen maken mensen? Wat vinden zij acceptabel in ruil voor duurzame warmte? De inzichten uit dit onderzoek komen rond de zomer en kunnen ons helpen om keuzes beter af te stemmen op wat bewoners zelf als betaalbaar, eerlijk en haalbaar ervaren. Het onderzoek wordt deze zomer afgerond en daarna met uw raad gedeeld. 5. Inzet middelen Klimaatfonds Zoals opgenomen in het bestedingsperspectief voor het Klimaatfonds dat het college op 17 juni 2025 heeft vastgesteld zetten we € 25 - 30 miljoen in om uitvoering te geven aan de nieuwe koers van de warmtetransitie. Daarnaast is in het bestedingsperspectief € 5-10 miljoen opgenomen voor het voortzetten van het dienstverleningsaanbod gericht op isolatie voor tenminste 1 jaar na 2026. In de besprekingen over het bestedingsperspectief voor het Klimaatfonds heb ik u toegezegd in de brief over de uitwerking van de nieuwe koers warmtetransitie een overzicht te geven hoe de middelen worden ingezet. Op basis van de huidige plannen voorzien wij de volgende verdeling van middelen uit het Klimaatfonds voor de nieuwe koers warmtetransitie. • Individuele warmteoplossingen op gebouwniveau, € 10 mln. • Kansen voor corporatiewoningen warmtenetten, € 7 mln (dekking uit het niet vrijgevallen deel van het Klimaatfonds). • Kansen voor collectieve warmteoplossingen bij vve’s, € 5 mln.
• Besparing door middel van duurzamer instellen installaties, € 0,75 mln. • Passieve maatregelen tegen hittestress, € 2,5 mln. • Gasloos koken en overige maatregelen, € 3 mln. • Uitbreiding ondersteuning vve’s bij planvorming warmtetransitie, € 5 mln. Voor elk van deze maatregelen zetten we in op realisatie in 2025 en 2026. Mocht in de uitwerking blijken dat aanpassing van de verdeling nodig is zullen we u hierover informeren. Om de middelen rechtmatig te kunnen inzetten worden subsidies voorbereid. Bestedingsvoorstellen en regelingen om de middelen te kunnen inzetten worden in het najaar apart aan u voorgelegd. Eind 2025 is op
Gemeente Amsterdam
Datum 3 juli 2025 Pagina 16 van 16
die manier duidelijk hoe de middelen precies worden ingezet de komende jaren en welke effecten, zoals CO2-reductie, worden bereikt. Vervolg Het college blijft sturen op een warmtetransitie die duurzaam, betaalbaar en rechtvaardig is en houdt hierbij oog voor het noodzakelijke tempo en draagvlak onder bewoners. Het Rijk blijven we aanspreken we op haar verantwoordelijkheid om de randvoorwaarden voor de transitie op orde te brengen. Zoals in januari al aangekondigd, informeren we u middels deze brief en de verdere uitwerking daarvan in november. Als onderdelen, zoals een uitgewerkte subsidieregeling of het bewonersonderzoek naar betaalbaarheid eerder klaar zijn informeren we u daar tussentijds over. In het najaar ontvangt u zo verdere informatie over de voortgang van de aanpak voor (hybride) warmtepompen en de aanvullende maatregelen voor de korte termijn. Ook informeer ik u dan over de nadere uitwering van de scenario’s voor ongelijk investeren, de uitkomst van de bouwteamfase in Sluisbuurt-Noord en ontvangt u het concept-Warmteprogramma. Tevens ontvangt u een update over de samenwerkingsovereenkomst van het publiek warmtebedrijf en wordt de motie Bakker cs. Voorsorteren op subsidieregeling voor woningcorporaties voor isolatiewerkzaamheden afgedaan.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Zita Pels Wethouder Duurzaamheid, Energietransitie, Circulaire Economie
Bijlagen 1. Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma 2. Notitie Hitte en Koelbehoefte 3. Onderzoek onder huurders van Amsterdamse corporatiewoningen naar de overstap op warmtenetten