1. Raadsinformatiebrief Lodewijk van Deysselbuurt.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening toezegging
Aan:
Portefeuillehouder(s): Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 21 februari 2023 RO en Monumenten Reinier van Dantzig Ruimte en Duurzaamheid (bestuurszaken.rd@amsterdam.nl)
Onderwerp
Afdoening toezegging uit de raadsvergadering van 21 december 2022
Datum Portefeuille(s)
Geachte leden van de gemeenteraad, In de raadsvergadering van 21 december jl. werd door mij naar aanleiding van een vraag van raadslid Hofman (D66) een beeld geschetst van hoe de verduurzaming van de Lodewijk van Deysselbuurt in Nieuw West is verlopen. Ik kondigde daar aan op dit onderwerp terug te komen en uw raad te laten weten welke stappen zijn gezet om de verduurzaming van corporatiebezit sneller en gemakkelijker te laten verlopen. In deze brief geef ik u een stand van zaken. Achtergrond De Lodewijk van Deysselbuurt werd gebouwd in 1954 als onderdeel van de westelijke tuinsteden en bestaat in het totaal uit circa 30 blokken met ongeveer 1500 portieketagewoningen, bijna geheel corporatiebezit. Net als in de andere delen van de westelijke tuinsteden is ook in deze wijk het stedenbouwkundige patroon uniek: alle woningen zijn in principe noord-zuid georiënteerd en in de ruim bemeten openbare ruimte is veel plaats voor bomen, plantsoenen en speelplekken voor kinderen. De kwaliteit van de individuele woningen en van de architectonische buitenzijde is sterk wisselend. Door materiaalschaarste na de oorlog en de enorme opgave om versneld woningen te bouwen, zijn de woningen vaak klein en is de buitenkant sober. In de jaren ’80 en ’90 zijn de meeste blokken in deze buurt (laagwaardig) gerenoveerd in de vorm van buitenisolatie met betegelde plinten en stucwerk.
Deze blokken worden nu voor het grootste deel gesloopt en door nieuwbouw vervangen. Sinds de jaren ’90 is de aandacht voor de kwaliteit van de westelijke tuinsteden aanzienlijk toegenomen, waarbij de nadruk ligt op de bijzondere stedenbouwkundige aanleg, het karakteristieke patroon van de ‘stempels’, het groene karakter van de openbare ruimte en de oriëntatie van de woningen. Nieuw West kent inmiddels twee gemeentelijke beschermde gezichten en een deel van de tuinsteden is door het Rijk aangewezen als ‘wederopbouwgebied van nationaal belang’. De Lodewijk van Deysselbuurt is geen onderdeel van de beschermde wijken, maar bij renovatie wordt in de hele westelijke tuinsteden geprobeerd een balans te vinden tussen verdichting, renovatie (energieprestatie) en behoud van stedenbouwkundige en architectonische waarden, uitgangspunten die door bewoners in algemene zin worden ondersteund. In 2021 is het stedenbouwkundig plan voor de Van Deysselbuurt door uw raad vastgesteld. Dit plan is gebaseerd op een mix tussen sloop-nieuwbouw, verdichting en renovatie van bestaande blokken waarbij de stedenbouwkundige waarden intact blijven en waar mogelijk op een
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 2 van 3
gedoseerde manier wordt verdicht en woningen worden toegevoegd. Dit plan wordt gesteund door Monumenten en Archeologie (M&A) en door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). De discussie die recent is ontstaan gaat dan ook niet over de renovatie van de gehele Lodewijk van Deysselbuurt maar over vier van de zogenaamde ‘F-blokken’ met in het totaal 192 woningen. F-blokken Als onderdeel van het bovengenoemde stedenbouwkundige plan worden vier blokken behouden omdat zij aan de buitenzijde nog relatief origineel zijn en daarmee een goed beeld geven van het oorspronkelijke jaren ’50 karakter van deze buurt. Om die reden en vanwege de hier wél zorgvuldige vormgeving en detaillering van de gevels, zijn ze op de Stedenbouwkundige en Architectonische Waarderingskaarten AUP gewaardeerd als orde 2 (met voor het onderdeel architectuur de hoogste subwaardering van 5 punten). In het in opdracht van Rochdale gemaakte beeldkwaliteitplan voor de nieuwe buurt zijn de blokken, samen met een deel van de laagbouw, aangemerkt als ‘identiteitsdragers’ die richting kunnen geven aan de nieuwbouw en die de visuele relatie tussen vroeger en nu in stand moeten houden. Behoud is dus het uitgangspunt en als zodanig zijn de blokken ook opgenomen in het stedenbouwkundig plan.
Voor orde 1 en orde 2 panden geldt als beleidsuitgangspunt een ‘restauratieve aanpak van de buitenzijde’, waarbij het aanbrengen van een isolatiepakket aan de buitenkant in principe niet mogelijk is. Hoewel er aanvankelijk overeenstemming was over de uitgangspunten, kwam uit overleg met de bewoners een sterke voorkeur naar voren voor het aanbrengen van buitenisolatie. Dat heeft te maken met de beperkte omvang van de woningen en de keuze van de corporatie om bij ingrijpende renovatie uit te gaan van een energielabel A. Een plan in die geest is verder uitgewerkt en ingediend als aanvraag omgevingsvergunning. Dat plan is aanvankelijk negatief beoordeeld door M&A en door de CRK vanwege het verlies aan erfgoedwaarde en omdat het aanbrengen van buitenisolatie niet in overeenstemming is met de beleidsmatige uitgangspunten voor behoud en herstel. In heroverweging heeft de CRK aangegeven toch akkoord te gaan met dit plan onder voorwaarde dat voor de uitwerking van de buitenzijde in plaats van minerale steenstrips (kunststof), keramische steenstrips worden gebruikt en dat wordt nagegaan hoe dit soort misverstanden in de toekomst kunnen worden voorkomen. De reden voor heroverweging was dat er al verregaande afspraken waren gemaakt met bewoners en dat de plannen zover waren uitgewerkt dat een geheel nieuw plan zou zorgen voor een onevenredige vertraging.
Duurzaam na-isoleren De voorgestelde manier van isoleren heeft een aantal (technische) voordelen maar uit milieuoogpunt ook een aantal evidente nadelen. Zowel het isolatiemateriaal als de aanvankelijk voorgestelde minerale steenstrips zijn op aardolie gebaseerde producten, niet circulair en niet recyclebaar en met een onzekere levensverwachting voor de buitenschil. Het op deze manier inpakken van gebouwen is snel en efficiënt en kan voor de korte termijn een oplossing zijn om de energieprestatie van gebouwen te verbeteren maar is voor de langere termijn moeilijk verenigbaar met gemeentelijke opvattingen over duurzaamheid en circulariteit. Om die reden wordt vanuit de afdeling Duurzaamheid gekeken naar toekomstige alternatieven die in de markt beschikbaar komen en is het overleg over biobased en circulair na-isoleren een van de vervolgstappen. Verbeterpunten en vervolg
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
-
-
-
Datum 21 februari 2023 Pagina 3 van 3
Door Ruimte en Duurzaamheid en de corporaties wordt een overlegmodel in het leven geroepen waarbij in de afweging tussen sloop-nieuwbouw of renovatie, naast de erfgoedwaarde, ook de belangen van huurders, de staat van de woningen en de technische/ financiële mogelijkheden zijn meegenomen. In geval van renovatie moet vroeg in het proces worden vastgesteld of na-isoleren aan de binnenzijde mogelijk is of dat gekozen wordt voor renovatie in combinatie met een nieuwe buitenschil. Betere afstemming aan het begin had in het geval van de Lodewijk Van Deysselbuurt kunnen voorkomen dat in de fase van vergunningverlening alsnog tegenstellingen aan het licht kwamen, die op een ongewenst moment in het proces voor vertraging zorgen. De CRK geeft in overleg met de corporaties opdracht voor het updaten van de richtlijnen van ‘Mooi Verduurzamen’ (zie ook: https://www.crk.amsterdam.nl/mooi_verduurzamen). Daarin worden voorbeelden verzameld waarbij technische verbetering hand in hand is gegaan met behoud van architectonische kwaliteit en erfgoedwaarde. Deze voorbeelden kunnen door initiatiefnemers (corporaties, VVE’s en particuliere opdrachtgevers) worden gebruikt in de planvorming en geven zicht op een soepele besluitvorming en vergunningverlening.
Als onderdeel van het Amsterdams Isolatieplan wordt onderzoek gedaan naar het na-isoleren van bestaande gebouwen, waarbij rekening wordt gehouden met huidig en toekomstig beleid ten aanzien van biobased en circulaire isolatiematerialen.
Ik verwacht u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, Met vriendelijke groet,
Reinier van Dantzig Wethouder Woningbouw en Stedelijke Ontwikkeling
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl