1 - Raadsbrief nieuwe koers warmtetransitie 30 januari 2025.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 30 januari 2025 Duurzaamheid, Energietransitie, Circulaire Economie Zita Pels Energie voor de Stad (bestuurszaken.uie@amsterdam.nl) Nieuwe koers warmtetransitie en afdoening moties 134.24, 137.24, 138.24 en 139.24
Geachte leden van de gemeenteraad, De klimaatcrisis en stijgende energieprijzen maken dat we in een snel tempo over willen stappen naar een duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar warmtesysteem voor alle bewoners en ondernemers in Amsterdam en Weesp. Vanuit internationale verdragen, de nationale Klimaatwet en de daaruit volgende doelstellingen voor CO2-reductie, moet de gemeente uiterlijk in 2050 de transitie naar een fossielvrije warmtevoorziening hebben voltooid. Ondertussen gaat de klimaatverandering sneller dan verwacht. De urgentie om CO2 te reduceren neemt daarmee alleen maar toe. Tegelijkertijd wachten we nog op landelijke maatregelen en wetgeving die de gemeente meer instrumenten geeft. De warmtetransitie stokt echter. Als gemeente willen we daarin onze verantwoordelijkheid nemen. Daarom kiest het college voor een koerswijziging om de warmtetransitie te versnellen. In deze brief licht ik dit toe. Tevens doe ik hiermee vier moties af die betrekking hebben op de warmtetransitie. Koerswijziging nodig De huidige koers is vastgelegd in de Transitievisie Warmte uit 2020. In de bestaande stad zetten we met partners als woningcorporaties en warmtepartijen vooral in op collectieve warmtenetten, buurtgericht, als uitbreiding van de bestaande warmtenetten. Daarnaast dient een deel van de woningen all-electric te worden of van duurzaam gas voorzien.
Nieuwbouw moet al aardgasvrij gebouwd worden. Daar ontwerpen we per gebied een duurzame en betaalbare (collectieve) oplossing. Via deze route wilden we onze ambitie om aardgasvrij te zijn in 2040 realiseren. Maar we zien dat randvoorwaarden als wetgeving en financiering, waar we veelal het Rijk voor nodig hebben, vooralsnog niet op orde zijn. Hierdoor blijft vooral de uitbreiding van collectieve warmtenetten achter. Voor bewoners is duidelijkheid noodzakelijk over hun toekomstige energierekening. Betaalbaarheid is een voorwaarde om de transitie weer vlot te trekken. We zien nu dat de kosten voor warmtebedrijven, en daarmee de vastrechtkosten die warmtebedrijven rekenen voor warmtenetten, in 2024 aanzienlijk zijn gestegen, waardoor bewoners voor warmtenetten meer gaan betalen dan ze voor gas deden. Bewoners en woningeigenaren willen onder deze voorwaarden niet overstappen op collectieve warmtenetten en het draagvlak is daardoor afgenomen. Het is aan het Rijk om de betaalbaarheid voor bewoners te garanderen en de financierbaarheid van warmtenetten te verbeteren.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 2 van 11
Maar vooralsnog stelt het Rijk geen structureel geld beschikbaar en blijft het wachten op noodzakelijke wetgeving. De gestegen vastrechtkosten zijn daarnaast de oorzaak van het vastlopen van de samenwerking met Vattenfall en woningcorporaties in Warm Amsterdam om warmtenetten in bestaande wijken uit te breiden. Hierover bent u geïnformeerd met de raadsinformatiebrief van 26 maart 2024. In die brief is ook aangegeven dat dit reden is om ons te bezinnen op onze ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn. Investeringen in collectieve warmtevoorzieningen, zowel voor nieuwbouw als bestaande bouw, komen moeilijk van de grond. De financiële steun voor collectieve warmtenetten vanuit het Rijk is nu niet voldoende en het voorgestelde publiek meerderheidsbelang in warmtebedrijven in de nieuwe wetgeving (Wet collectieve warmte) maakt het voor private warmtebedrijven minder interessant om te investeren. Naast deze onzekerheid kent de aanleg van collectieve warmtenetten een lange realisatietijd (5 tot 10 jaar). Terwijl de urgentie om zo snel mogelijk CO2 te besparen groot is. Kern koerswijziging Door deze onzekerheden dreigt een impasse te ontstaan in de realisatie van de warmtetransitie. Reden voor het college om daarin onze verantwoordelijkheid te nemen en de koers te wijzigen. De nieuwe koers voor de warmtetransitie bestaat uit drie kernpunten: 1.
We verleggen onze inzet binnen de bestaande bouw naar korte termijn CO2-reductie. Hiermee kiezen we voor een meer diverse en flexibele strategie, met focus op een gebouwgerichte aanpak in plaats van buurtgericht. Belangrijke stappen daarin zijn: - Het vergroten van de inzet van hybride en all-electric warmtepompen. - Het nemen van extra maatregelen om het energiegebruik te verminderen. 2. We stimuleren de warmtetransitie op de middellange termijn door: - In onze lobby en in eigen maatregelen te richten op het verbeteren van de betaalbaarheid voor bewoners. - Deelname in een publiek warmtebedrijf voor de regio Amsterdam. - Kansen te pakken daar waar warmtenetten wel betaalbaar zijn. - Warmtegemeenschappen (initiatieven vanuit burgers en buurten) een volwaardige rol te geven in de warmtetransitie. 3. Aanpassing doelen en uitgangspunten. We gaan sturen op zoveel mogelijk CO2-reductie op korte termijn, zonder de ambitie aardgasvrij uit het oog te verliezen. Uitgangspunten daarvoor zijn en blijven dat warmte duurzaam, betaalbaar en betrouwbaar is. We sturen daarbij op rechtvaardigheid door ook in de warmtetransitie ongelijk te investeren voor gelijke kansen. De doelen blijven ambitieus, de weg er naartoe wordt pragmatisch. De omgeving verandert immers continu, wat van ons als gemeente meer flexibiliteit vraagt om de doelen te halen.
Maar tegelijk hebben we ook oog voor de behoefte van woningeigenaren aan langjarige zekerheid. Het college gaat graag in gesprek met uw raad over deze nieuwe koers. We hechten eraan om samen met u te komen tot de keuzes die nodig zijn om de warmtetransitie te versnellen. Daarvoor leggen we in deze brief ook enkele dilemma’s voor.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 3 van 11
De uitvoering staat niet stil Hoewel een forse koerswijziging nodig is, staat de uitvoering ondertussen niet stil. In samenwerking met afzonderlijke corporaties en warmtepartijen kijken we welke kleinere warmtenetprojecten nog wel door kunnen gaan. Daarnaast ontwikkelen warmtecoöperaties op het WG-terrein en in Middenmeer een eigen warmtenet met steun van de gemeente. Met het isolatieoffensief neemt het energiegebruik af en realiseren we CO2-reductie. En we verduurzamen de warmte van het Westpoort Warmtenet en Diemennet zonder biomassa met geothermie en restwarmte van datacenters. In bijlage 1 vindt u een stand van zaken van lopende acties en maatregelen. Hiermee rapporteren we over de voortgang van de uitvoeringsagenda warmtetransitie van juli 2023. 1) Korte-termijn-maatregelen die tot CO2-reductie leiden (in de komende 3-5 jaar) Actief sturen op CO2-reductie op de korte termijn verandert ook de inzet vanuit de gemeente. De focus komt meer te liggen op individuele gebouwen en woningen, in plaats van hele buurten. Daarbij kiezen we voor een flexibele en diverse aanpak, omdat warmtetechnieken nog in ontwikkeling zijn en buurten, gebouwen en omstandigheden variëren. Het gaat om maatregelen die we de komende 1,5 jaar in gang zetten en die de komende 3 tot 5 jaar tot CO2-reductie leiden. Dit doen we via drie routes: 1.
Versnelde en grotere inzet op warmtepompen (hybride en all-electric). Hiermee verlagen we de CO2-uitstoot en maken we woningen geheel of deels aardgasvrij (bij hybride warmtepompen). 2. Vermindering energiegebruik door verbeteren isolatie. Hiermee verlagen we de CO2-uitstoot en maken we woningen geschikter voor duurzame warmte. 3. Vermindering energiegebruik door duurzamer instellen van installaties. Hiermee verlagen we direct de CO2-uitstoot. Naast deze maatregelen kijken we naar aanvullende maatregelen voor CO2-reductie op korte termijn. Daarnaast prioriteren we de inzet van ambtelijke capaciteit en financiële middelen op basis van de bijdrage aan CO2-reductie. De komende periode werken we dit verder uit, en brengen we ook de potentiële CO2 reductie hiervan in beeld. Ad 1.1. Versnelde en grotere inzet op warmtepompen In de Transitievisie warmte (2020) is een beperkt aantal buurten aangewezen waar een all-electricoplossing de voorkeur heeft. Het college zet in op realisatie van hybride en all-electric warmtepompen in 110.000 woningen. Dit zijn alle woningen in de all-electric-buurten en naar schatting het aantal woningeigenaren in de gehele stad dat vanwege de aard van de woning zal kiezen voor individuele oplossingen. Dit aantal is niet nieuw, maar dat we er actief mee aan de slag gaan wel.
De aanpak hiervoor werken we in overleg met de relevante externe partijen, zoals woningcorporaties, netbeheerder en installateurs, de komende periode uit. Daarbij doen we ook voorstellen voor de rol van de gemeente, in subsidies en in wijze van ondersteuning en we kwantificeren de CO2-reductie. In juni 2025 rapporteren we hierover. En we kijken of in buurten of delen daarvan die tot nu toe aangemerkt staan als warmtenetbuurt, all-electric een betere warmteoplossing is en dus meer woningen onderdeel van de aanpak worden. Het is aan woningeigenaren zelf om te kiezen voor installatie van een hybride of all-electric warmtepomp, maar als gemeente willen we dit actief en gericht ondersteunen en aanjagen. Op basis van geleerde lessen vanuit collectieve inkoopactie voor warmtepompen in 2023 – 2024 wordt
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 4 van 11
deze aanpak opgeschaald. De advies- en begeleidingsacties zijn gestart in verschillende buurten in Nieuw-West en Noord. Dit breiden we uit door alle bewoners met een geschikte woning te faciliteren om hun woning via individuele of gebouwgebonden oplossingen (veelal all-electric) aardgasvrij te maken. Daarnaast maken we de installatie van hybride en all-electric-oplossingen eenvoudiger en beperken we waar mogelijk de vergunningsplicht, die voor het plaatsen van een buiten-unit geldt. Met gerichte informatievoorziening worden bewoners geïnformeerd over mogelijkheden voor installatie van all-electric-oplossingen en we voegen warmtepompen toe aan het renovatieadvies (in Nieuw West en Zuidoost) en de isolatie-ondersteuning. Bewoners met een smalle beurs krijgen extra ondersteuning bij installatie van warmtepompen. All-electric-oplossingen geven extra belasting op het al volle elektriciteitsnet. Voor de buurten die in de Transitievisie Warmte op all-electric staan, houdt de netbeheerder hier rekening mee. Daarnaast hanteren zij in hun prognoses een bandbreedte die het mogelijk maakt om woningen in de andere buurten all-electric te maken. Met de 110.000 woningen waar we nu naar kijken, houdt Liander al rekening, maar de precisering per buurt en vooral de timing vergt nauw overleg.
Het is evident dat de hele aanpak voor all-electric staat of valt bij wat het elektriciteitsnet aankan en de snelheid waarmee het netwerk wordt verzwaard. Ad 1.2. Verminderen energieverbruik door verbeteren isolatie Eind 2023 heeft het college het Isolatieoffensief gepresenteerd. Sindsdien is een groot aantal maatregelen in gang gezet om energie te besparen en het isolatieniveau van woningen in de stad te verbeteren. Met de Energiebespaarservice worden diverse energiebesparende maatregelen in woningen uitgevoerd. Daarnaast zijn woningeigenaren, huurders, vve’s, woningcorporaties en particuliere verhuurders steeds meer bezig met het voorbereiden op en het realiseren van isolatiemaatregelen. Voor het Isolatieoffensief zijn tot 2026 financiële middelen beschikbaar, maar de inzet is om hier de komende jaren mee door te gaan en waar mogelijk op te schalen en te verbreden. Een geïsoleerde woning kan zorgen voor een reductie van het gasverbruik van zo’n 30%, afhankelijk van het woningtype, bouwjaar en het huidige energieverbruik. Continuering, opschaling en verbreding van deze aanpak in de komende bestuursperiode, draagt daarmee op korte termijn bij aan reductie van de CO2-uitstoot. Wat daarvoor nodig is, werken we komende periode uit. Ad 1.3.
Verminderen energiegebruik door duurzamer instellen installaties Naast het installeren van duurzame warmtebronnen, is het van belang dat er minder warmte wordt verbruikt. We zetten daarvoor in op het duurzamer instellen van huidige warmteinstallaties. Dit houdt in dat de juiste hoeveelheid water op de juiste temperatuur door radiatoren stroomt, die nodig is om ruimtes goed te verwarmen. Hierdoor kan op zeer korte termijn het gasverbruik per woning afnemen met circa 10%, waardoor de CO2-uitstoot direct wordt gereduceerd. We stellen hiervoor in 2025 een plan op samen met installateurs, woningcorporaties en bewonersinitiatieven. In de uitwerking concretiseren we hoeveel woningen en hoeveel CO2reductie hiermee bereikt worden. 2) Stimuleren warmtetransitie op de middellange termijn (na 3-5 jaar) De rol van de gemeente in de warmtetransitie verandert door twee wetten; de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) en de Wet collectieve warmte (Wcw). De eerste is inmiddels
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 5 van 11
aangenomen, de tweede wordt nog behandeld in de Tweede Kamer. De wetten hebben als doel gemeenten de bevoegdheden te geven, die nodig zijn om nadrukkelijker regie te voeren in de warmtetransitie, deze te bevorderen en tegelijkertijd de publieke belangen duurzaamheid, leveringszekerheid en betaalbaarheid beter te borgen. De Wcw legt vast dat warmtebedrijven in meerderheid publiek moeten worden. De gemeente heeft actief gelobbyd voor de Wcw en hecht sterk aan het snel aannemen van het wetsvoorstel. Als ook de Wcw wordt aangenomen, kan de gemeente warmtekavels en warmtebedrijven of warmtegemeenschappen aanwijzen en aan een in meerderheid publiek warmtebedrijf deelnemen. De tarieven voor warmte zijn niet meer gerelateerd aan gas, maar gebaseerd op kosten voor warmte, wat de kosten transparanter maakt, maar niet per se goedkoper. Hiermee wordt continuïteit en investeringszekerheid voor warmtebedrijven geregeld. Tot slot heeft de gemeente met de Wgiw de mogelijkheid om buurten aan te wijzen die 'van het gas af’ gaan (na minimaal 8 jaar, mits een betaalbaar alternatief beschikbaar is). Zolang de betaalbaarheid niet op orde is, zal de gemeente terughoudend met deze bevoegdheid omgaan. Met deze wetgeving verbeteren de randvoorwaarden voor versnelling van de warmtetransitie. Maar het is niet genoeg. Daarvoor zetten we de komende tijd in op: a.
Verbeteren betaalbaarheid door overleg met het Rijk over het op orde krijgen van de randvoorwaarden voor collectieve warmte en eigen maatregelen. b. Deelname aan een publiek warmtebedrijf. c. Kansen pakken waar warmtenetten in bestaande bouw wel betaalbaar zijn. d. Warmte- en koudenetten in nieuwbouw. e. Stimuleren bewonersinitiatieven en energiegemeenschappen. Daarmee kiezen bewoners en ondernemers zelf voor de overstap naar duurzame warmte. f. Investeringsruimte. g. Vastleggen strategie in het Warmteprogramma. a. Verbeteren betaalbaarheid De betaalbaarheid van warmte is een landelijk probleem. Belangrijk in de gesprekken met het Rijk zijn de financiële randvoorwaarden die nodig zijn om duurzame warmte betaalbaar te houden voor de eindgebruiker. Pas als de betaalbaarheid - zowel op korte als lange termijn - op orde is, kunnen nieuwe collectieve warmtenetten gerealiseerd worden. We lobbyen daarom voor interventies van het Rijk om de betaalbaarheid voor bewoners structureel te verbeteren. De aandacht voor de hoge tarieven heeft inmiddels geleid tot aanscherping van de rekenregels door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en verlaging van het tarief. Met het aannemen van de Wgiw stijgen de kosten voor het vastrecht niet in 2025 en zijn de variabele tarieven lager dan in 2024. De totale kosten worden voor een gemiddelde gebruiker in Amsterdam daarmee circa €50 lager.
Door de uitbreiding van de Warmtenetten-investeringssubsidie (WIS) krijgen nieuwe warmteprojecten meer mogelijkheden voor een rendabele businesscase. Daarnaast heeft het kabinet een brief gestuurd aan de Tweede Kamer met voorstellen voor regulering van de tarieven voor warmte door een tarieflimiet of prijsgarantie. Deze voorstellen steunt het college, maar vooralsnog zijn hiervoor bij het Rijk geen structurele financiële middelen gereserveerd. Daarnaast zijn wij medeondertekenaar van het Warmtebod (samen met meer dan vijftig gemeenten, marktpartijen, koepelorganisaties, en warmtegemeenschappen). Het Warmtebod wil een impuls geven aan de collectieve warmtevoorziening in bestaande wijken. Een van de belangrijkste punten uit het bod is het verlagen van de kosten voor burgers en het doorbreken van
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 6 van 11
de stagnatie in de ontwikkeling van warmtenetten. Daarvoor zijn, naast de wetgeving, voldoende middelen vanuit het Rijk nodig. Anders komt de uitrol van warmtenetten niet van de grond. Met de steun van het kabinet en de Kamer hoopt de Warmtealliantie de warmtetransitie vlot te kunnen trekken. Als het Rijk de betaalbaarheid niet structureel verbetert, moeten we ons als gemeente beraden. Een optie kan dan zijn om als gemeente in te zetten op tijdelijke oplossingen en inzet van financiële middelen om de betaalbaarheid te verbeteren. Dit hebben we voor een kleine groep bewoners al gedaan met de vergoeding warmtetarieven om de ‘niet meer dan anders’-belofte na te komen. Hierover bent u afgelopen najaar geïnformeerd. Afhankelijk van landelijke ontwikkelingen overwegen we als gemeente aanvullende financiële middelen uit het Klimaatfonds in te zetten om de betaalbaarheid tijdelijk te verbeteren en zo meer warmteprojecten te kunnen realiseren. b. Deelname aan een Publiek warmtebedrijf Zoals aangekondigd in de raadsinformatiebrief ‘Onze stad van morgen’ van september 2023, is het college voorstander van een publiek warmtebedrijf en heeft op 21 januari 2025 de intentie uitgesproken hier aan deel te nemen.
Een publiek warmtebedrijf kan door andere omgang met risico's, lagere rendementseisen en langere afschrijvingstermijnen gemakkelijker warmtenetten financieren in bestaande bouw en nieuwbouw dan private partijen. Hierdoor worden deze mogelijk eerder gerealiseerd en beter betaalbaar. Daarnaast kan de bereidheid van bewoners om over te stappen op duurzame warmte verbeteren als een warmtebedrijf in publieke handen is. Het college onderschrijft daarom het recente advies van verkenner Frans Rooijers in opdracht van de minister van KGG om snel publieke warmtebedrijven op te richten. Samen met andere publieke partijen voert het college verkennende gesprekken over de oprichting hiervan en deelname hieraan o.a. met Energie Beheer Nederland (EBN - als nationale deelneming warmte) en Alliander (netbeheerder), maar ook met omringende gemeenten gezien de potentiële reikwijdte van een publiek warmtebedrijf. Onderwerpen van gesprek zijn onder meer de doelstellingen, uitgangspunten, verdeling van zeggenschap, benodigde financiële inbreng en omgang met bestaande warmtenetten en warmtebedrijven. Zoals in bijlage 2 (Notitie Warmtebedrijf) te lezen is beziet de gemeente meerdere varianten voor deelname aan een publiek warmtebedrijf waarbij de balans wordt gezocht tussen financieel risico en mate van invloed.
De voortgang van de gesprekken is mede afhankelijk van besluitvorming door het Rijk over de Wcw (die naar verwachting dit voorjaar in de Tweede Kamer behandeld wordt), en de aanwijzing en financiering van EBN als nationale deelneming warmte. We zitten nu in de verkenningsfase. Richting besluitvorming over deelname aan een publiek warmtebedrijf (oprichting ervan wordt niet eerder dan in 2026 verwacht) moeten er nog veel stappen doorlopen worden. Een voorgenomen besluit tot oprichting van en deelname aan een publiek warmtebedrijf (feitelijk een go/no-go moment) wordt te zijner tijd aan uw raad voorgelegd. Wanneer dat is, is nu nog moeilijk te zeggen. In de tussentijd blijven wij u informeren over de voortgang en de fasering in de besluitvorming. Het eerste moment is voor de zomer.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 7 van 11
Hiermee geeft het college invulling aan motie 138.24 Nadif c.s. inzake versnellen publiek warmtebedrijf (bijlage 5). Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. In bijlage 2 vindt u een nadere toelichting op de keuze voor een publiek warmtebedrijf. c. Kansen pakken waar warmtenetten in bestaande bouw wel betaalbaar zijn De woningcorporaties blijven gemotiveerd om hun bezit aan te sluiten op warmtenetten, omdat dat vanwege beschikbare ruimte in woningen en buitenruimtes in veel gevallen de meest geschikte oplossing is, mits betaalbaar voor hun huurders. Daar waar voor het warmtenet nu wel voldaan kan worden aan de betrokkenheid van en betaalbaarheid voor bewoners, kijken we of we in 2025 samen met de corporaties en bewoners tot een betaalbaar aanbod komen. De meeste kansen liggen bij Westpoort Warmte, dat geen investeringsstop kent. Rendabele projecten kunnen doorgang vinden. Afspraken daarover zijn vastgelegd tussen de aandeelhouders. Nadat Amsterdam, andere gemeenten en de VNG begin dit jaar de noodklok luidden over de betaalbaarheid van warmtenetten, heeft het Rijk eerste stappen gezet in de vorm van verbeterde subsidies. Er is inmiddels €2000 extra per woning beschikbaar, wat ingezet kan worden voor het verlagen van de kosten van huurders.
Momenteel wordt onderzocht of het daarmee vanaf het voorjaar van 2025 weer mogelijk is om bewoners een betaalbaar aanbod te doen voor een aansluiting op het warmtenet. Randvoorwaarde daarbij is dat we kunnen garanderen dat de huurders voor een langere periode niet meer (en liever iets minder) betalen dan voor gas. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan motie 139.24 van de leden Heinhuis (PvdA), Nadif (GL), Hofland (D66), Garmy (Volt) en Veldhuyzen (Lijst AV) inzake het betaalbaar houden voor huurders met stadswarmte (bijlage 6). Hiernaast zijn we intensief in contact met de Federatie van Amsterdamse huurderskoepel en stichting !Woon. Met hen en de andere stakeholders in de warmtetransitie (woningcorporaties, warmtebedrijven, Waternet en Liander) werken we samen in het Netwerk Collectieve Warmte. Met deze hernieuwde samenwerking wordt uitvoering gegeven aan de wens voor samenwerking in de motie 134.24 van de leden Hofland, Nadif, Heinhuis, Bobeldijk, Veldhuyzen en Garmy inzake houdt aardgasvrij 2040 in zicht (bijlage 3). d. Warmte- en koudenetten in nieuwbouw Hoewel nieuwbouw wettelijk aardgasvrij is, gaat ook daar de realisatie van collectieve duurzame warmte (en koude) niet vanzelf.
Zo’n collectieve voorziening vraagt grote voorinvesteringen met als risico dat, gaande de ontwikkeling van het gebied, onvoldoende ontwikkelaars aansluiten op het systeem, waardoor het systeem niet terug wordt verdiend. In de raadsinformatiebrieven over de ontbinding van de concessieovereenkomsten voor het Strandeiland (25 mei 2023) en het WADkwartier (21 juni 2024) bent u hierover geïnformeerd. Daarnaast leidt de onzekerheid over de Wcw tot beperkte investeringsbereidheid van private warmtebedrijven. Amsterdam merkt dit in de gebiedsontwikkeling. Omdat de woningbouwproductie niet gehinderd mag worden, kiezen we een nieuwe koers met zo min mogelijk risico’s voor de gebiedsontwikkeling. Dat betekent minder collectieve warmte (en koude) voorzieningen en meer gebouwgebonden oplossingen. Bij deze laatste richting reguleert de gemeente het optimaal gebruik van de ondergrond door het vaststellen van beleidsregels bodemenergie en kiezen de ontwikkelaars de beste techniek. Doorgaans zijn dat warmtepompen in combinatie met bodemwarmte.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 8 van 11
Voorheen werd bij grote gebiedsontwikkelingen altijd ingezet op een warmte- en koudenet. Dat doen we nu alleen daar waar een warmte- en koudenet echt nodig is, bijvoorbeeld in wijken met een zeer hoge dichtheid van bebouwing. Als voor een dergelijke collectieve voorziening op korte termijn geen private interesse is, kan het betekenen dat de gemeente hier zelf in zal moeten investeren, al dan niet via een op te richten publiek warmtebedrijf. Dit vergt dan (per project) een apart besluit dat aan uw raad wordt voorgelegd. Gemeente en Westpoort Warmte hebben nadere afspraken vastgelegd bij de Samenwerkingsovereenkomsten Stadswarmtelevering voor Amsterdam Noord en Nieuw-West, samen met woningcorporaties en ontwikkelaars van nieuwbouw. Met de nadere afspraken ontstaan er meer mogelijkheden om per project de beste warmtetechniek te kiezen, met behoud van verdienvermogen voor Westpoort Warmte. In de nieuwe werkwijze wordt in een jaarlijks overleg per gebied bekeken hoe de aanstaande nieuwbouwprojecten het beste kunnen worden voorzien van duurzame warmte (en koude). e. Stimuleren bewonersinitiatieven en energiegemeenschappen Gelijk aan de energiegemeenschappen, krijgen warmtegemeenschappen een volwassen en volwaardige rol in de warmtetransitie. Hierover bent u geïnformeerd met de raadsinformatiebrief van 28 november 2024.
Het komende jaar richten we ons op het verbeteren en uitbreiden van de ondersteuning van warmtegemeenschappen. We werken aan de oprichting van een Energiediensten-organisatie (EDO) en ontwikkelen een stappenplan voor warmteprojecten geïnitieerd vanuit bewoners. Hiermee stellen we bewoners in staat om zelf regie te nemen over de warmtetransitie in hun eigen gebouw, buurt of wijk. Voor de korte termijn gaan we in gesprek met gemeenschappen over de wijze waarop zij een bijdrage willen leveren aan maatregelen die de CO2-uitstoot verminderen en betaalbaar zijn. f. Investeringsruimte Het versnellen van de warmtetransitie vraagt grote investeringen door woningeigenaren, bedrijven, het Rijk en de gemeente. Investeringen in het verduurzamen van bronnen, in de aanleg van warmtenetten via een publiek warmtebedrijf, in individuele installaties en aanpassingen in woningen en andere gebouwen. Deze investeringen verdienen zichzelf niet altijd terug. Daarom zijn subsidies door het Rijk nodig, zoals de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE), Warmtenetten Investeringssubsidie (WIS) en Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH), om tot financieel sluitende projecten te komen. Ook voor het realiseren van de korte termijn CO2 reductie zijn middelen nodig.
Bijvoorbeeld voor de inzet op hybride en all-electric-oplossingen, op energiebesparing en het verbreden van het isolatieoffensief. In het kader van de herijking van het Klimaatfonds leggen wij binnenkort concrete voorstellen aan uw raad voor om voor de korte termijn maatregelen een substantieel bedrag te reserveren. g. Vastleggen strategie in het Warmteprogramma Met de Wgiw wordt de Transitievisie Warmte vervangen door het Warmteprogramma. Het Warmteprogramma is een vanuit het Rijk verplicht programma onder de Omgevingswet en wordt elke 5 jaar geactualiseerd. Zoals we hebben kunnen constateren bij de Transitievisie Warmte is uitvoering van een dergelijk programma lastig, onder andere door onverwachte exogene ontwikkelingen, maar zeker ook als relevante randvoorwaarden niet ingevuld zijn, zoals wetgeving en financiën.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 9 van 11
Bovenstaande keuzes voor de middellange termijn landen in het Warmteprogramma. Hierin wordt vastgelegd in welke (delen van) buurten we de komende 10 jaar aan de slag willen gaan, wat de fasering daarvan is en welke warmtetechniek daar de voorkeur heeft. Daarbij wordt expliciet gekeken naar een passende aanpak, waarin onder andere het borgen van een betaalbare warmtetransitie centraal staat. De meer diverse strategie die het college in deze brief presenteert, wordt in het Warmteprogramma verder concreet gemaakt. De komende periode bepalen we per buurt welke warmteoplossing de voorkeur heeft en welke fasering we daarbij voorstellen. Het is vanzelfsprekend essentieel dat bewoners en eigenaren nadrukkelijk betrokken worden bij de keuzes die hun woning raken. De afgelopen periode is door participatie met bewoners, stakeholders en energiegemeenschappen gekeken naar voor hen belangrijke uitgangspunten. Deze zijn in lijn met de uitgangspunten die het college hanteert: duurzaam, betaalbaar en rechtvaardig en betrouwbaar. Ook in de volgende stappen richting het Warmteprogramma en de uitwerking daarvan in buurtuitvoeringsplannen vindt participatie plaats. Het college verwacht het concept Warmteprogramma eind 2025 aan te bieden aan uw raad. Zo wordt uitvoering gegeven aan motie 137.24 Nadif c.s. inzake herijking transitievisie warmte (bijlage 4).
Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. 3) Aanpassing doelen en uitgangspunten warmtetransitie Het college stelt de volgende uitgangspunten centraal voor de koerswijziging: - Duurzaam. In onze doelen leggen we de focus op snellere CO2-reductie. - Betaalbaar. We hanteren hiervoor als referentie: niet duurder dan de actuele prijs voor gas. - Rechtvaardig. Meer dan nu wegen we ongelijk investeren voor gelijke kansen mee in de warmtetransitie. - Betrouwbaar. De leveringszekerheid van warmte (en de benodigde bronnen) voor gebruikers. Aanpassing doelen voor duurzaamheid De ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn blijft staan. Maar het volledig aardgasvrij maken van woningen in 2040 blijkt in het huidige tempo van realisatie niet haalbaar. De versnellende klimaatcrisis vraagt van ons om op korte termijn zoveel mogelijk CO2 te besparen. Daarop leggen we de focus, ook wanneer dat betekent dat we niet in alle gevallen meteen volledig aardgasvrij kunnen realiseren. Alle CO2-reductie die we nu realiseren telt. Door de koers te wijzigen, kunnen we flexibeler inspelen op wat nu mogelijk is. En kunnen we meer CO2-reductie realiseren en tegelijkertijd blijven werken aan de doelen om uiteindelijk de hele stad van het gas af te halen. Concreet betekent dit dat we vooral in de bestaande bouw van koers veranderen.
Nieuwbouwwoningen worden al aardgasvrij gebouwd, dat is wettelijk verplicht. In de bestaande bouw zetten we nog steeds in op het volledig aardgasvrij maken van woningen, maar nemen we in de tussentijd maatregelen die nu al tot CO2-reductie leiden, zoals energiebesparing of hybride en all-electric warmtepompen. Als het volledig aardgasvrij maken van woningen nog niet mogelijk is, maar CO2-reductie of gedeeltelijk aardgasvrij maken wel, is dat immers ook een bijdrage aan onze klimaatdoelstellingen die uiteindelijk moeten leiden tot een klimaatneutrale stad in 2050. Rechtvaardigheid in de warmtetransitie Een eerlijke verdeling van de kosten is cruciaal voor het draagvlak onder bewoners. Net als op andere terreinen gaan we rechtvaardigheid als uitgangspunt hanteren, door meer dan nu ongelijk
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 10 van 11
te investeren voor gelijke kansen in de warmtetransitie. Dat betekent dat we inzetten op CO2reductie en ongelijk investeren waar dat kan. Bij het uitwerken van ongelijk investeren benutten we de ervaringen met het isolatieoffensief waar de inzet van mensen en middelen grotendeels gaat naar 169 prioritaire buurten. Om de warmtetransitie te versnellen, treffen we maatregelen die de hele stad betreffen, maar we kijken daarbij wel hoe we kunnen investeren in specifieke buurten, voor specifieke doelgroepen of door selectief te zijn in de ondersteuning vanuit de gemeente. Armoede en energiearmoede vergen een bredere aanpak, maar binnen de warmtetransitie kunnen we bepaalde doelgroepen gericht subsidiëren voor warmtepompen of kiezen om bewonersinitiatieven in minder draagkrachtige wijken te subsidiëren of beter te ondersteunen. De komende periode werken we deze voorstellen verder uit. Vervolgstappen De komende maanden werken we de nieuwe koers in de warmtetransitie verder uit. Dat leidt tot nadere keuzes van het college en op onderdelen ook van uw raad, bijvoorbeeld rond de verdere stappen richting het publiek warmtebedrijf en de inzet van financiële middelen. Daarbij spelen een aantal dilemma’s, waar we graag met uw raad over in gesprek gaan: -
Snelle CO2-reductie en rechtvaardigheid. CO2-reductie is vooral snel te realiseren door woningeigenaren die nu kunnen en willen investeren in duurzame keuzes. Terwijl we als gemeente ook inzetten op een sociaal rechtvaardige transitie: we willen vooral die bewoners helpen waarvoor de energierekening een probleem is en investeren in verduurzaming niet betaalbaar. Het college kiest ervoor prioriteit te geven aan snelle CO2-reductie en daarbij waar mogelijk ook ongelijk te investeren.
-
Structurele verandering versus korte termijn resultaat. We zien dat versnelling van de warmtetransitie om structurele verbeteringen vraagt. Hiervoor zijn veranderingen op nationaal niveau nodig die tijd en forse investeringen kosten, die nu niet allemaal voor handen zijn. Terwijl de opgave urgent is en elke CO2-besparing bijdraagt aan het doel Klimaatneutraal 2050. Daarom zet het college nu in op snelle CO2-reducties, zonder daarbij af te willen stappen van de lange termijn focus.
Het college hecht eraan u het komende jaar actief te betrekken bij de complexe keuzes in deze warmtetransitie. In juni 2025 informeren we uw raad over de uitwerking van de hoofdkeuzes in concrete maatregelen en leggen nadere keuzes en besluiten aan u voor. Een tweede moment daarvoor is rond november 2025. In de koerswijziging die het college nu inzet, betrekken we de komende maanden ook de stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies. Ten slotte De warmtetransitie en welke keuzes wij als gemeente hierin maken, raakt onze stad en haar bewoners. Het heeft invloed op betaalbaarheid van warmte nu en in de toekomst, wooncomfort, een schone en duurzame omgeving, en haalbaarheid van nieuwbouwambities en klimaatdoelen. Tegelijkertijd legt de uitvoering hiervan een grote druk op de stad. We komen ‘achter de voordeur’ bij bewoners, vele straten moeten open en we leggen een grote ruimteclaim op de ondergrond en openbare ruimte. Deze opgave gaat ver over deze en de volgende bestuursperiode heen. Dat vraagt van ons een langjarige, flexibele en pragmatische koers, die ruimte biedt aan de complexiteit en tegenslagen die ongetwijfeld op ons pad komen. Maar ook een aanpak waarbij we
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 30 januari 2025 Pagina 11 van 11
kansen pakken, en een aanpak die genoeg houvast geeft aan alle partijen die hier een bijdrage in moeten leveren en aan de noodzakelijke versnelling. Ik ga daarover de komende tijd graag met u in gesprek.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam
Zita Pels Wethouder Duurzaamheid, Energietransitie, Circulaire Economie
Bijlagen 1. Voortgang uitvoering warmtetransitie 2. Notitie publiek warmtebedrijf 3. Motie 134.24 van de leden Hofland, Nadif, Heinhuis, Bobeldijk, Veldhuyzen en Garmy inzake houdt aardgasvrij 2040 in zicht. 4. Motie 137.24 Nadif c.s. inzake herijking transitievisie warmte. 5. Motie 138.24 Nadif c.s. inzake versnellen publiek warmtebedrijf. 6. Motie 139.24 van de leden Heinhuis (PvdA), Nadif (GL), Hofland (D66), Garmy (Volt) en Veldhuyzen (Lijst AV) inzake het betaalbaar houden voor huurders met stadswarmte.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl