1. Getekende RIB brief VN2023-012672 .pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 18 juli 2023 Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie Zita Pels Ruimte en Duurzaamheid, bestuurszaken.rd@amsterdam.nl Afdoening motie 019 van het lid Bobeldijk van de SP inzake onderzoek sturingsmogelijkheden bij netcongestie
Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 25-01-2023 heeft uw raad bij de behandeling van agendapunt 8 ‘Kennisnemen van de raadinformatiebrief ter afdoening van de toezegging over het elektriciteitsstation Nieuwe Meer 2 en het Ontwikkelingskader EVA 2035 en de ontwikkelingen van station Uilenburg VN2022-045253’, motie 019 van raadslid Bobeldijk van de SP aangenomen. Daarin wordt het college gevraagd om 1. Bij plannen met een component van ruimtelijke ordening te onderzoeken wat de impact kan zijn van de plannen op de vraag voor het elektriciteitsnet. Dit geldt in ieder geval voor a. Bedrijvenstrategie b. Stadsontwikkeling c. Wijzigingen van een stemmingsplan waarvan redelijkerwijs verwacht kan worden dat dit (grote) impact heeft op het elektriciteitsnet 2. Te onderzoeken of er mogelijkheden zijn maatschappelijke voorzieningen zoals scholen voorrang te geven bij het aansluiten op het elektriciteitsnet. 3. Te onderzoeken of het mogelijk is – bijvoorbeeld in de bedrijvenstrategie – aanvragen af te wijzen om te voorkomen dat de capaciteitsproblemen op het elektriciteitsnet en de grote vraag naar elektriciteit nadelige gevolgen hebben voor maatschappelijke voorzieningen zoals scholen.
Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: Ad 1) Bij plannen met een component van ruimtelijke ordening te onderzoeken wat de impact kan zijn van de plannen op de vraag voor het elektriciteitsnet De motie vraagt om mogelijke sturingsmiddelen via a) bedrijvenstrategie, b) stadsontwikkeling en c) wijzigingen van een stemmingsplan om de vraag op het elektriciteitsnet te beïnvloeden. Deze sturingsmiddelen zijn van groot belang om de schaarse elektriciteit bij de gewenste afnemers te brengen. Echter is het niet wenselijk om bij elk plan met een component van ruimtelijke ordening de impact op het elektriciteitsnet te bepalen. De hoeveelheid werk voor zowel de netbeheerder als de gemeente weegt niet op tot de beperkte inzichten die verkregen worden.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 2 van 5
De gevolgen van een inpassing op het elektriciteitsnet wordt door netarchitecten per casus geanalyseerd. Door de grote hoeveelheid netinpassingen in Amsterdam kampen de netarchitecten met capaciteitstekorten. De vraag om alle plannen met een ruimtelijk component te laten analyseren is niet realistisch met de huidige capaciteit van de netbeheerder. De gemeente zal intern alle plannen met een ruimtelijk component moeten verzamelen en communiceren met de netbeheerder ongeacht de haalbaarheid van een dergelijk project. Vervolgens zullen de gezamenlijke werkzaamheden niet resulteren in heldere inzichten maar tot aannames. Dit is het gevolg van de onzekerheid in casus specifieke netprofielen, een belangrijke variabele waarop de netimpact wordt bepaald. De meeste ontwikkelingen weten niet hoe hun netprofiel eruit zal zien. Een onzeker netprofiel resulteert in een onzekere impact op het net. Hierdoor is, naar onze mening, een sturingsmiddel op basis van casus specifieke impact berekeningen niet nuttig en gewenst. Wel is het mogelijk om de collectieve impact op het net van de verschillende casussen per sector te bepalen. Het energieprofiel van een sector gebonden collectief is accuraat te voorspellen op basis van historische data. Een collectieve impact berekening is ook efficiënt gezien de beperkte capaciteit van de netarchitecten.
Met behulp van een sector brede net impact is het doel, sturen op de grootste aanvragers, alsnog te bereiken. Daarom gaan wij in op de vraag door middel van de Themastudie Elektriciteit Amsterdam 2.0 (mei, 2021). Een update van deze studie wordt op dit moment gemaakt en zal aan u worden aangeboden in Q3 van dit jaar. Deze studie biedt inzicht in de wijze waarop toekomstige ontwikkelingen impact hebben op het elektriciteitsnetwerk. Het is belangrijk om dit integraal in beeld te brengen. Dit omdat de impact op het elektriciteitsnetwerk wordt bepaald door de verbruiksprofielen van gebruikers. Deze kunnen per segment verschillen. En in ieder gebied in de stad hebben we te maken met een andere samenstelling van gebruikers. De impact op het totaal van een bepaald segment kan dus per gebied verschillen. Daarnaast wordt bij de planvorming van verschillende ontwikkelingen in de stad intensief samengewerkt met Liander. Binnen deze samenwerking wordt met name gekeken naar de wijze waarop het netwerk lokaal moet worden uitgebreid ten behoeve van toekomstige ontwikkelingen. Ook wordt hierbij onderzocht wat de impact is op het elektriciteitsnetwerk en of er mogelijkheden zijn binnen de plannen om deze impact te beperken. De themastudie kan ook aanleiding geven om bij bepaalde ontwikkelingen die een grote impact hebben op het elektriciteitsnetwerk, sterker te sturen.
Zo is na de eerste Themastudie (mei, 2019) een voorbereidingsbesluit datacenters genomen. Ad 2) Te onderzoeken of er mogelijkheden zijn maatschappelijke voorzieningen zoals scholen voorrang te geven bij het aansluiten op het elektriciteitsnet.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 3 van 5
Op 2 maart 2023 heeft de Autoriteit Consument en Markt (ACM) aangekondigd dat zij het mogelijk maken om bepaalde projecten voorrang te geven op het elektriciteitsnet. De ACM verwacht in de zomer van 2023 een ontwerp codebesluit te publiceren, het juridische middel waar netbeheerders mee werken. De codewijziging zal 12 weken ter consultatie liggen na publicatie. De verwachting is dat de codewijziging na het zomerreces wordt ingevoerd. Tot die tijd heeft de ACM aangegeven niet te handhaven mochten netbeheerders nu willen prioriteren mits dit objectief en transparant gebeurt. Samen met de codewijziging wil de ACM ook een concept afwegingskader publiceren. Binnen een ambtelijke werkgroep met het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), ACM, provincies Noord-Holland en Flevoland, IPO, VNG, Netbeheer Nederland, Liander en de gemeente Amsterdam wordt daarom gewerkt aan een prioriteringskader waarmee het mogelijk zal zijn maatschappelijke voorzieningen zoals scholen voorrang te geven op transportcapaciteit. De keuzes die gemaakt worden in het opstellen van het prioriteringskader hebben verstrekkende gevolgen in welke partijen een stroomaansluiting kunnen krijgen. Daarom pleit Amsterdam voor een kader waarbinnen de mogelijkheid is om op basis van lokale context een invulling te geven aan dit kader.
Dit omdat de situatie per congestiegebied kan verschillen en daarom lokaal maatwerk nodig is. Binnen de Taskforce Congestie Amsterdam wordt alvast geanticipeerd op de codewijziging. Op basis van een inventarisatie wordt inzichtelijk gemaakt welke projecten mogelijk in aanmerking komen om geprioriteerd te worden. Prioriteren kan alleen wanneer er vermogen beschikbaar is. Hiervoor is een reservering nodig van vermogen, iets waar het aankomende codewijzigingsbesluit nog geen ruimte voor biedt. Daarom zijn wij ook met EZK en ACM in gesprek over de mogelijkheden voor netbeheerders om te reserveren. Ad 3) Onderzoek de mogelijkheid om aanvragen af te wijzen om nadelige impact te voorkomen De Gemeente is niet bevoegd om aanvragen af te wijzen op basis van de nadelige impact op het elektriciteitsnet. Aanvragen voor transportcapaciteit worden gedaan bij de netbeheerders. Zij hebben een wettelijke taak om hierin te voorzien. De gemeente kan dan ook geen aanvragen afwijzen. Wel zijn mogelijkheden onderzocht op welke wijze de gemeente door middel van het ROinstrumentarium hierop kan sturen. Dit wordt op dit moment op 2 manieren uitgewerkt: 1. Minister Jetten heeft in het Landelijk Actieprogramma Netcongestie (LAN) dit als één van de acties opgenomen. 2. Specifiek voor datacenters wordt hier in Amsterdam onderzoek naar gedaan.
Ad 3a) Actie uit het Landelijk Actieprogramma Netcongestie In het LAN is de volgende actie opgenomen: ‘1.4.2 Onderzoeken hoe bij ruimtelijke inpassing van initiatieven ook regionale schaarse transportcapaciteit als afwegingscriterium meegewogen kan
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 4 van 5
worden of dat hier een explicietere grond voor in RO-wetgeving moet komen. Bij het onderzoek het alternatief aan de zijde van de netbeheerder, het first permit first serve-principe (2.4.2.) betrekken.’ De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) heeft een opdracht gegeven aan AT Osborne om te onderzoeken welke juridische mogelijkheden gemeenten en provincies hebben om ruimtelijk te sturen op netinpassing. Ook wordt inzicht gegeven in de toepasbaarheid van deze mogelijkheden en toekomstige veranderingen als gevolg van aangekondigde wetswijzigingen. AT Osborne heeft het eindrapport opgeleverd aan de RVO en deze is te lezen met de volgende link : Ruimtelijk-sturen-op-netinpassing-juridische-instrumenten.pdf (rvo.nl). Uit het rapport blijken er meerder manieren te zijn om te sturen met het RO-instrumentarium. Er moet nog worden onderzocht hoe toepasbaar deze manieren zijn voor Amsterdam. U wordt hier in de tweede helft van het jaar over geïnformeerd. Ad 3b) Specifiek mogelijkheden bij datacenters In het specifieke geval van datacenters is hier onderzoek naar gedaan. Een datacenter is een beveiligd gebouw waarin ICT-apparatuur, meestal computerservers, continu verbonden zijn met het internet voor uitwisseling en opslag van data.
Uit het onderzoek blijkt dat er momenteel weinig mogelijkheden zijn om aanvragen af te wijzen wanneer deze binnen de kaders van een bestemmingsplan passen. De onderzoekers geven namelijk aan dat bij het reguleren van datacenters binnen het ruimtelijk planologisch kader het van belang is dat de aspecten die worden gehanteerd als toetsingskader ‘ruimtelijke relevantie’ hebben. In specifieke gevallen kan congestie op het elektriciteitsnet ruimtelijk relevant zijn voor zover aangetoond kan worden dat die congestie zou leiden tot beperkte vestigings- en gebruiksmogelijkheden elders. Echter, dit wordt tenietgedaan zodra door een initiatiefnemer ook zelf maatregelen kunnen worden genomen om het bestaande elektriciteitsnet te ontlasten. In een dergelijk geval, bijvoorbeeld als door de initiatiefnemer zelf zorg wordt gedragen voor de aansluiting op een elektriciteitsnet of op een inkoopstation op eigen terrein, dan is een beperking van de vestigingsmogelijkheden niet gerechtvaardigd. De onderzoekers adviseren stappen te zetten om te komen tot een nieuw juridisch-planologisch kader om te kunnen sturen op nieuwe vestigingen.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 5 van 5
Hiertoe wordt U Q3 van dit jaar nader geïnformeerd over de uitwerking van een nieuwe juridischplanologisch kader waarbij juist invulling gegeven wordt aan het scherper en restrictiever sturen op vestigingsmogelijkheden van datacenters los van eventuele beperkingen gerelateerd aan netcongestie.
Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Zita Pels Wethouder Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire economie
Bijlagen 1. Themastudie Elektriciteit Amsterdam 2.0 2. Landelijk Actieplan Netcongestie 3. Juridisch advies van AKD aan A’dam inzake datacenters
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl