CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Concept Investeringsnota Ruychaverkwartier Nov 28 2023 .pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 7 februari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de vrijgave voor inspraak van de concept Investeringsnota Ruychaverkwartier in stadsdeel Nieuw-West. (VN2023-027077)16.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

parkeerplaats speelplek speelplek in te met vullen met bewoners nadernader in te vullen bewoners terrassen terrassen parkeer plaats

N

Overgang openbaar - privé

Overgang openbaar - privé

Overgang openbaar - privé

Uitgangspunten Voor een kwalitatief goede, fysieke inrichting van de openbare ruimte van Amsterdam, die ook op lange termijn te onderhouden is, is de Leidraad CVC en de Puccinimethode leidend. Daarbij is de toegankelijkheid en bereikbaarheid van de woning en de diverse voorzieningen in de buurt van belang en draagt een heldere structuur bij aan het juiste, gewenste gebruik van de verschillende ruimtes.

De drie parkeerhoven zijn familie van elkaar en dat kenmerkt zich door dezelfde ruimtelijke opzet en in het materiaalgebruik van de verharding. De twee groene hoven zijn familie van de vergroende Ruychaverstraat en dat kenmerkt zich in het materiaalgebruik van de verharding en het toe te passen (zit) meubilair. In het schetsontwerp zijn suggesties voor de inrichting van de hoven opgenomen. Ten minste twee speelplekken komen terug in groene vorm in de binnenhoven. Voor de uiteindelijke invulling is samenwerking met de aanwonenden wenselijk.

Boomstructuur De Bomentaal van Nieuw-West, de kenmerkende plaatsing en keuze van de bomen in de stedelijke ruimte in het stadsdeel, wordt gehandhaafd. Daar waar kap van bomen onvermijdelijk is, zal worden gecompenseerd en worden bomen teruggeplaatst volgens het principe van de bomentaal.

Groenstructuur Uitgangspunt bij de vernieuwing en verdichting van de buurt is het versterken van het groene karakter van de buurt. Daarbij is de doorkoppeling van de groene ruimtes van woning tot in het landschap van belang. Net als in de oorspronkelijke ontwerpideeën kunnen bewoners vanaf hun woning de stedelijke groene gebieden bereiken. De opeenvolgende reeks van privaat groen naar openbare groenstrook wordt versterkt. Vanuit de tuin of margestrook loopt men via het groene hof en de groene Ruychaverstraat naar de parkstrook van het Eendrachtspark. Via deze route zijn de grotere parken in de buurt goed te voet of met de fiets te bereiken. Met name in de hoven is een forse kwaliteitsslag mogelijk door deze beter te definieren en deels autovrij te maken. Door verschil te maken tussen de drie parkeerhoven met voordeuren en de vergroende hoven nodigen ze uit tot verschillend gebruik.

De groenvakken worden gedefinieerd door een informeel vormgegeven padenverloop. Hierdoor ontstaat meer contrast met de functioneel vormgegeven parkeerhoven. De paden worden deels omrand door hagen/lage sierheesters (ca. 1-1,2m hoog)zodat de looplijnen worden benadrukt en de groenen ruimtes worden ingedeeld. de groenvlakken bestaan uit bloemrijke zaaimengsels. De combinatie van deze bloemen met de hagen/heesters geven volop kansen voor biodiversiteit. Belangrijk aandachtspunt bij de verdere uitwerking is de sociale veiligheid en het voorkomen van overlast. De eisen en aanbevelingen vanuit het Politiekeurmerk Veilig Wonen zijn hierbij richtinggevend, zoals voldoende zicht vanuit woningen op de entrees naar de hoven, voldoende verlichting en een inrichting die overlastgevend sport en spel zoveel mogelijk wordt voorkomen.

De Burg. Röellstraat krijgt nieuwe bomenrijen in het verlengde van deze lange stadslaan. Ook in de Doctor H. Colijnstraat wordt de bestaande bomenlaan waar mogelijk aangevuld. De kenmerkende gorpen bomen met platanen aan de Jan Abelszstraat blijven gehandhaafd en waar nodig aangevuld. De nieuwe bomen worden geplant in de nieuwe parkeerstraten, daar waar geen kabels en leidingen liggen. Als overgang van deze parkeerstraten naar de groenstrook van de Ruychaverstraat worden bomen behouden waar mogelijk en aangevuld. De twee groene hoven en de groene Ruychaverstraat krijgen gestrooide bomen passend bij de informele groeninrichting en bepaald door de ligging van kabels en leidingen.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 29

30 Investeringsnota Ruychaverkwartier

LEGENDA LEGENDA 38 bestaande bomen 96 nieuwe bomen

35 te kappen bomen 38 bomen te behouden bomen 35 bomen te kappen81 35 bestaande te kappen bomen 134 bomen schetsontwerp (+53 bomen) 96 bomen toe te voegen 81 nieuwe bestaande bomen 96 bomen 81 bestaande bomen 134 bomen schetsontwerp (+53134 bomen) bomen schetsontwerp (+53 bomen) (53 extra bomen)

38 bestaande bomen LEGENDA 96 bomen 35 nieuwe te kappen bomen 38 bestaande bomen

Ruychaverkwartier bomen balans 20-07-2023 1:750 Ruychaverkwartier bomen balans Ruychaverkwartier bomen balans 20-07-2023 1:750

A3

A3 20-07-2023

1:750

A3

Totaal: 134 bomen LEGENDA Boombalans Ruychaverkwartier 38 bestaande bomen 35 te kappen bomen 96 nieuwe bomen

81 bestaande bomen 134 bomen schetsontwerp (+53 bomen)

Sport, spel en ontmoeten De huidige speelplekken worden goed gebruikt. In twee vergroende hoven worden opnieuw speeltuinen aangelegd. Voor de speelplekken is enkel een ruimte reservering opgenomen, de exacte inrichting van de speelplekken is nader te bepalen in overleg met omwonenden. De grote speelplaats ‘Colijnstraat’ is goed bereikbaar via de Ruychaverstraat en Burg. Röellstraat.

picknickplek. Ook kleinschalige buitensport kan indien gewenst door bewoners in deze groenstrook worden gesitueerd.

De centraal gelegen groene ruimte van de Nicolaas Ruychaverstraat biedt ruimte aan nieuwe ontmoetingsplekken. De groene velden kunnen in samenspraak met bewoners verder worden ingevuld.

Op de koppen van de bebouwing langs de Burg. Röellstraat zijn bedrijfsruimten die kansrijk zijn voor (dag)horeca. Hier is ruimte gereserveerd voor terrassen.

We onderzoeken zoveel mogelijk hoe we verschillende invullingen van het groen conform de gestelde normen kunnen realiseren in het eigen projectgebied. Hierbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld een natuurspeeltuin, rustplek, nutstuin, kruidentuin, wadi, waterspeelplek,

Daarnaast liggen aan deze groenstrook de twee op de buurt gerichte paviljoens voor maatschappelijke voorzieningen. Afhankelijk van de invulling is er ruimte in de groenstrook voor een buitenruimte.

Door het concentreren van de parkeerplaatsen en het hieraan koppelen van de (hoofd)entrees ontstaat in deze gebieden meer ruimte voor ontmoeting van je buurtgenoten. De entrees van de bouwblokken aan de Burg. Röellstraat zijn gekoppeld aan de (onder)doorgangen naar de Ruychaverstraat. Hierrdoor ontstaat er meer reuring en plek voor ontmoeting.

Ruychaverkwartier bomen balans 20-07-2023 1:750

A3

Verkeer Alhoewel de nieuwe stedenbouwkundige verkaveling gebaseerd is op de bestaande stedenbouwkundige structuur, wijzigt de verkeersstructuur fors. In de huidige situatie is het autoverkeer dominant in de buurt. In de nieuwe situatie is de buurt voor autoverkeer enkel nog in te rijden via de Jan Abelszstraat. Via deze straat is de Nolensstraat en Burg. Röellstraat te bereiken. De Burg. Röellstraat blijft een eenrichtingsstraat voor auto's (richting stad) en een tweerichtingsstraat voor de fietsers. Een knip bij de tramspoorovergang bij de Willem Baerdesenstraat voor autoverkeer zorgt dat er via deze route alleen langzaam verkeer met de Bakemabuurt mogelijk is. Daarmee wordt het autoverkeer in de buurt teruggebracht naar enkel bestemmingsverkeer. Vanuit de Jan Abelszstraat zijn drie doodlopende parkeerstraten Pieter Buyskensstraat, Gerrit Stuyverstraat en De Grote Investeringsnota Ruychaverkwartier 31

1

1

2

23.00

12.00

23 m

3.75

1

Profiel 1: Lieven Keersemakerstraat 32 Investeringsnota Ruychaverkwartier

2

1.5

2

23 m 1

3

1

5

Profiel 2: Gerrit Stuyverstraat & Pieter Buyskensstraat

6

23.00

2

3

2

Overgang openbaar - privé bij een groene binnenhof

Overgang openbaar - privé aan de parkeerhof

Overgang openbaar - privé aan de parkeerhof

Geusplein bereikbaar. De Lieven Keersemakerstraat, Hans Onversaagdstraat en Nicolaas Ruychaverstraat verliezen hun doorgaande wegprofiel voor autos en fietsen. Met de nieuwe groene inrichting is er dan alleen nog ruimte voor voetgangers.

Parkeren Zoals beschreven in hoofdstuk 4 worden, conform het gemeentelijk parkeerbeleid, nieuwe bewoners uitgesloten van een ontheffing of parkeervergunning op straat, met uitzondering van de huidige bewoners die nu al over een ontheffing beschikken en terugkeren naar de nieuwbouw. Voor deze terugkeerders worden wel parkeerplaatsen in de openbare ruimte aangelegd. 50% van de bewoners hebben aangegeven om terug te willen keren naar het gebied. Er komen circa 35% terugkeerders in Ruychaverkwartier, andere 15% komen terug in de van Swietenhof. Ook voor bezoekers worden parkeerplaatsen gemaakt op straat.

Overgang openbaar - privé Tussen de voordeuren en de openbare ruimte ligt een overgangszone.

Aan de Burg. Röellstraat worden rond de trambaan vereteringen aangebracht. De ongebruikte tramhalte(stad in) bij de Doctor Colijnstraat wordt verwijderd. Beide tramhaltes van Lambertus Zijlplein worden toegankelijk gemaakt voor rolstoelen. Hiervoor wordt de noordelijke (eind)halte iets verbreedt waardoor het fietspad ter plaatse iets wordt versmald. De zuidelijke tramhalte (stad in) wordt in oostelijke richting verplaatst zodat deze tegenover de andere halte komt te liggen. Hiermee kan de huidige tramhalte stad in worden verwijderd waardoor ruimte ontstaat voor een nieuwe fietsroute tussen Willem Baerdesenstraat en Kruisherenpad. Hierdoor krijgen de Burg. Röellstraat en het Lambertus Zijlplein een directe fietsverbinding.

Voor de voorzieningen zijn er 12 parkeerplekken. Hierbij zijn 3 aanvullende laad- en losplekken voorzien; 2 langs de Burg. Röellstraat en 1 langs de Doctor H. Colijnstraat. Alles bij elkaar zijn er 128 parkeerplaatsen op straat nodig bij een aanname van ca. 35% terugkeerders (ongeveer 59 parkeerplaatsen voor terugkeerders en 45 voor bezoekers). Parkeren Parkeerplekken Terugkeerders 59 Bezoekers 45 Voorzieningen 12 +10% deelmobiliteit 12 Totaal 128

Eventuele erfafscheidingen tussen de woningen en tussen privaat en openbaar gebied worden meeontworpen met de architectuur van de blokken. Deze zone is door bewoners naar eigen inzicht in te richten. Bij de blokken met eenzijdige woningen op de begane grond is deze zone minimaal 2 meter. De blokken met eengezinswoningen hebben aan de achterzijde 2 meter overgang en aan de voorzijde 1 meter. Aan de parkzijde krijgt de erfafscheiding een groen karakter. Speciale aandacht wordt gevraagd voor een kwalitatief hoogwaardige overgang van de privétuin naar openbaar gebied. Een groene afscheiding van maximaal 0,7 m hoog zorgt hier voor enige privacy.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 33

3

4

6 5

Nicolas Ruychaverstraat

SO_Profielen Schaal 1.100, AO

Dr.H. Colijnstraat

0

1

3m

SO_Profielen Schaal 1.100, AO

0

1

3m

4

2.5

4.00

2.50

0.80

0.8

2

2.00

0.80

Profiel 3: Burg. Röellstraat

0.8

2.5

5.9

2.7 2.70

2.7

5.90

3.5

3.85

2.70

3.85

3.50

1

1.00

18.5 m

2.1

18.50

2.10

3

2

3.00

2.00

Profiel 4: Nicolaas Ruychaverstraat

3

3.00

10 m 10.00

7

7.00

2

2.00

1.5 1.50

2

2.00

34 Investeringsnota Ruychaverkwartier Profiel 5: Doctor H. Colijnstraat

3.75 3.75

1.75 1.75

3.75 3.75

2

2.00

1.5 1.50

2

2.00

2.5

2.50

5

5.00

5

5.00

Profiel 6: Nicloaas Ruychaverstraat bij toren

Willem Baerdesenstraat

SO_Profielen Schaal 1.100, AO

0

1

9

3m

8 7

De-Grote-Geusplein

SO_Profielen Schaal 1.100, AO

0

1

3m

22 6

2.8 2.80

1

1.00

5

5.00

6.00

10.00

10

22.00

2

2.00

3.2 3.20

3.2

2

2.00

3.9

3

7.5 7.50

Profiel 7: De Grote Geusplein

Oppervlakte groen In de bestaande situatie is het groen versnipperd, voornamelijk in eigendom van de corporatie en weinig bruikbaar. In de nieuwe situatie komt er flink meer openbaar groen. Dit komt doordat veel groen van de corporatie openbaar wordt. Het nieuwe groen wordt meer geconcentreerd en hierdoor beter bruikbaar en toegankelijk. In de verdere uitwerking krijgt dit nieuwe openbare groen betekenis voor de vergroting van biodiversiteit, rainproof maatregelen en klimaat adaptatie.

5.9 5.90

6.4 6.40

3

3.00

Profiel 8: Hans Onversaagdstraat

Profiel 9: Willem Baerdesenstraat

Kabels en leidingen In het plan is zo goed als mogelijk rekening gehouden met de bestaande tracés van kabels en leidingen. Deze liggen grotendeel onder de huidige straten. Daarom zijn in het plan deze plekken vrijgehouden van bebouwing. De enige uitzondering daarop is de Ruychaverstraat en de nieuwe flat. De nieuwe bebouwing komt daar deels over de huidige kabels en leidingen te liggen. Deze worden vernieuwd en verlegd naar de nieuwe, autoluwe en groene, Ruychaverstraat. Ook Hans Onversaagdstraat en de Lieven Keersemakerstraat worden vergroend. Hier is straks geen straat maar een groene inrichting. Uitgangspunt is dat de locatie van kabels en leidingen richtinggevend zijn voor de inrichting. Boven en nabij kabels en leidingen worden geen bebouwing, WADI’s en bomen gerealiseerd.

Nutsvoorzieningen De toekomstige nieuwbouw wordt gasvrij en de behoeft aan elektriciteit neemt sterk toe. Binnen het plan wordt rekening gehouden met deze aanpassingen. Dat betekent dat de nieuwe elektriciteit- en verdeelstations en andere vergelijkbare ruimtes inpandig opgelost moeten worden. Afval Op vier plekken in de buurt zijn ondergrondse containers voor huishoudelijk afval opgenomen. Deze liggen in de Jan Abelszstraat en langs de Burg. Röellstraat. Bij de locaties is rekening gehouden met loopafstanden voor bewoners van en naar huis en de aanwezigheid van bestaande bomen. De doodlopende buurtstraten blijven vrij van afvalcontainers. Investeringsnota Ruychaverkwartier 35

4 Beeldkwaliteitsplan

J.A. dèr Mouwstraat Ruychaverstraat, ritmiek van de slanke elegante profielen 36 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Ruychaverflat en gelaagheid in de gevel, horizontaliteit is leidend (blauw), bij de verticaliteit speelt er veel spiegeling,ritme en symmetrie (rood gestippeld)

Westgevels van de strookbebouwing hebben meer details, gelaagdheid, witte elementen enz.

4.1 Bestaande waarden

en dakkapellen voegen hier een speels element toe.

Zoals benoemd in het vorige hoofdstuk, is de traditionalistische naoorlogse beeldkwaliteit bijzonder in deze buurt. Hier analyseren we nog welke kenmerken van belang zijn op de schaal van de gevels en architectuur.

Terwijl de langsgevels symmetrisch zijn, is er bij de kopgevels van afgeweken. Deze zijn speelser met enkele asymmetrische ramen, garage entrees of schoorstenen.

In het Ruychaverkwartier vallen de eenduidige, simpele volumes op. Dit soort volumes zijn kenmerkend voor systeem bouwen, wat bij het naoorlogse bouwen veel werd toegepast. Bij deze stroken verkaveling zijn de elegante silhouetten zeer kenmerkend. Bepalend in de vorm van de silhouetten zijn de smalle, ranke gevels, de ritmiek van de schoorstenen en de schuine kappen. Bij alle gevels is de horizontaliteit leidend (blauw in de schema’s). Dit wordt gerealiseerd door de 3-deling: plint, middendeel en bovendeel (schuin dak), waar elk element een horizontale lijn benadrukt. Op de kleinere schaal is er een pandsgewijze verticale indeling toegepast, circa elke 10 meter. Dit is gevormd door repeterende schoorstenen, uitgelijnde balkons en ramen. Bij de positionering van deze verticale elementen is er symmetrie, ritmiek en spiegeling toegepast. Kleine ramen

Oostgevels zijn meer eenvoudig en hebben subtiele verschillen tussen A en B strookgebouwen: andere ritmiek ramen, kleinere ramen enz.

Plastiek in de gevels is bereikt door half verdiepte balkons te realiseren. Het zichtbaar maken van de dikte van de kopgevel breekt ook het volume open. Het belangrijkste materiaal is baksteen. Raamopeningen en witte elementen worden zorgvuldig in ritmiek toegepast. Bij de strookbebouwing is er een duidelijk verschil tussen de westelijke en de oostelijke gevels. Er zijn veel details aan de westelijke zijde: de entrees, verschillende materialen, balkons, diepte in de gevel enz. De oostelijke gevels zijn sober. Hier spelen kleine ramen een rol om de gevels te verzachten.

Andere traditionalistiche AUP gebouwen kunnen inspiratie zijn voor de nieuwe Ruychaverkwartier (Lambertus Zijlplein)

Investeringsnota Ruychaverkwartier 37

4.2 Beeldkwaliteitsregels

D

C

A

B

A

B

A

Het stedenbouwkundig ensemble bestaat uit architectonische eenheden, die samen één familie vormen

Moderne interpretatie van een schuin dak (rechts - Bedaux de Brouwer, Cenakel torens, Tilburg)

Galerijen en trappenhuizen passen binnen het hoofdvolume (Geurst en Schulze architecten, Kolenkitbuurt, Amsterdam)

1. Bestaande en nieuwe bebouwing in de Wegener Sleeswijkbuurt vormt één familie Het ensemble van het Ruychaverkwartier wordt een hedendaagse vertaling van het traditionalistische naoorlogse bouwen en vormt één familie. Dit is zowel in vormentaal als materialisering. Het ensemble vormt ook een eenheid met de bestaande bebouwing ten zuiden van de Jan Abelszstraat.

Hierbij is van belang: - Het versterken van de stedenbouwkundig ensemble van de Wegener Sleeswijkbuurt. - Het ensemble bestaat uit architectonishe eenheden, waarvan sommige gerepeteerd worden (A en B), en andere uniek zijn (C en D). - Volumeopbouw, detaillering en materialisatie zijn per gebouwtype verschillend, maar wel aan elkaar en de omgeving verwant. - Om een samenhang en eenheid te waarborgen wordt er bij voorkeur één architectenbureau geselecteerd voor alle gebouwen, dat affiniteit met traditionalistische AUP bouwen heeft. - Het gebied is gekenmerkt door eenvoudige blokken met eenvoudige daken.

2. Zorgvuldig vormgegeven daklandschap en elegante silhouetten - De hoofdvolumes van de gebouwen hebben een schuine dakvorm, van 15°-45°. Verschillende dakvormen zijn denkbaar, maar voor alle blokken wordt dezelfde dakvorm toegepast (de toren kan hiervan afwijken). - Bij het ontwerpen van de dakvorm wordt er zo min mogelijk afgeweken van de verhouding straat tot gebouw 3 tot 2. - De kap is een onderdeel van het hoofdvolume, het is geen losstaand object. - Nok- en goothoogtes verschillen per gebouw en zijn in de randvoorwaarden kaart aangegeven. - Het nieuwe daklandschap kent een eigen, hedendaags vormgegeven ritmiek. Denk hierbij aan de ritmiek van dakkapellen, afvoeren, zonnepanelen, groen op het dak etc. De duurzaamheidsmaatregelen zijn in een vroeg stadium meeontworpen en moet het daklandschap versterken. Voorkeur is om rode zonnepanelen te gebruiken die beter aansluiten bij de rode daken van de Sleeswijkbuurt. - In de uitwerking van de rainproof-eisen zijn de schuine daken uitgangspunt.

Bestaande beeldkwaliteitswaarden met een hedendaagse twist vormen de basis voor de nieuwe buurt. Andere traditionalistische AUP gebouwen kunnen als inspiratie worden gebruikt. Het kader geeft aanvullende criteria naast de bestaande welstandscriteria. Het plan dient verder te voldoen aan de regels van de Nota Cultuurhistorie Nieuw-West (2013), beschermingsregime Tuinstad Standaard.

38 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Balkons steken niet uit 5 meter vanaf de koppen (GWL terrein, Amsterdam)

Ritmiek en repetitie in de gevel (Martens Willems & Humblé Architecten, Vaals)

Materialisering - witte elementen en bakstenen, afgestemd op het omgeving

- Doorgaande dakkapellen, die een bijdrage leveren aan het daklandschap, zijn denkbaar, maar zijn ondergeschikt aan het hoofdvolume. Daarom kunnen ze maximaal op 40% van de lengte van het dak worden gesitueerd. - De koppen van de strokenbouw zijn gekenmerkt door slanke profielen. Hier zijn de gebouwen niet dieper dan 12 meter. - Galerijen worden binnen het hoofdvolume opgelost. - De trappenhuizen zijn onderdeel van het hoofdvolume en dienen doorzichtig zijn om uitnodigend vormgegeven te worden. - Balkons steken zo min mogelijk uit en hebben een transparante uitstraling, waarbij er rekening is gehouden met de privacy wens van bewoners. Uitstekende balkons steken max 1.6 meter uit. Ze moeten ten minste 7 meter van de kop af blijven. Binnen deze 7 meter kunnen alleen inpandige balkons komen. Zie op de randvoorwaarden kaart waar de uitstekende balkons gerealiseerd kunnen worden ( . 20).

3. De gevels zijn een hedendaagse vertaling van het traditionalistisch naoorlogse bouwen. - De gebouwen zijn gekenmerkt door een eenvoudige gevelindeling. - De gevels hebben een duidelijke horizontale opzet, die leidend voor de volumes zijn. Met name de opzet van plint, middendeel en bekroning (schuin dak) spelen hier een rol. - De gevels hebben een pandsgewijze verticale compositie, welke altijd gepaard gaat met een functioneel element zoals een trappenhuis of een schoorsteen. - De compositie van de gevels is gekenmerkt door een duidelijke ritmiek, symmetrie en spiegeling. Deze worden op verschillende schalen toegepast. - Plasticiteit, diepte in de gevels, tektoniek door bijvoorbeeld diepe neggen, half-inpandige balkons creëren een schaduwwerking op de gevel. - De zorgvuldig vormgegeven gevels met een semi-pandsgewijze indeling maken het mogelijk om makkelijk ‘de eigen woning’ aan te wijzen - Kopgevels hebben meer vrijheid in de indeling. Asymmetrische raampartijen, balkons of gevelopeningen met een afwijkende grootte kunnen hier worden toegepast.

- De materialisering en detaillering voegt zich in de architectuur van de Sleeswijkbuurt en bestaat uit bakstenen, aangevuld met glas en witte elementen. Materialen zijn hoogwaardig, van duurzaam herkomst en ze verouderen mooi. - Plaatmaterialen met zichtbare bevestigingen zijn uitgesloten. De maatvoering van plaatmateriaal dient zorgvuldig op de ritmiek van het gevelbeeld afgestemd te worden. - Hemelwaterafvoer is zorgvuldig mee-ontworpen in het gevelbeeld. - Maatregelen tegen windhinder zijn een integraal onderdeel van het gevelontwerp.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 39

Diepe neggen geven plasticiteit in de gevel

Een duidelijke voorzieningenplint bij de Ruychaverflat en voorzieningen plint aan de Colijnstraat (Het Zamen gebouw, Den Haag)

Uitnodigend en veilig onderdoorgang (Staalmanpleinbuurt, Amsterdam)

4. Alzijdige volumes Alle gebouwen kennen een alzijdige vormgeving, passend bij de open strokenverkaveling van de wijk:

5. De bebouwing krijgt aantrekkelijke plinten en herkenbare entrees - De openingen in de plinten bij zowel woningen als voorzieningen dragen bij aan een goede overgang tussen privé en openbaar, waarbij een balans wordt gezocht tussen privacy van de bewoners en de vraag naar genoeg “ogen op straat”.

- De gevels met voorzieningen zijn afwisselend transparant, maar bieden ook genoeg privacy. Dichtgeplakte gevels zijn niet gewenst en dienen voorkomen te worden. Minimaal 60% van de gevel is (niet-afgeplakt) glas.

- Het bestaande onderscheid tussen oost en westgevel in blokken A en B komt terug. - Bij alle gebouwen zijn beide gevels uitgewerkt op hetzelfde detailniveau als een voorgevel. - De koppen vormen bijzondere elementen die afwijken van de ritmiek en symmetrie van de langsgevels. - Technische ruimtes hebben een minimaal impact op de levendigheid van de straat. - Gesloten gevels dienen voorkomen te worden. Deze kunnen niet langer dan 1 beukmaat zijn.

Woningen: - Extra kwalitatieve materialisering op de begane grond zorgt voor betere interactie op straatniveau. - Hoofdentrees krijgen elk een herkenbare, eigen identiteit, uitnodigende uitstraling en een heldere vormgeving, transparant naar de omgeving. De locaties van de brievenbussen wordt in een vroeg stadium opgenomen. - De plint bij gemeenschappelijke fietsparkeren is op een kwalitatieve manier ingericht. Voorzieningen: - De architectuur van de plint maakt het duidelijk waar er voorzieningen aanwezig zijn. - Er is extra aandacht voor de kwaliteit van de materialen op de begane grond. Dit is de plek waar voorbijgangers de architectuur het meest van dichtbij ervaren en waar ze zelfs de gevels kunnen voelen.

40 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Onderdoorgangen - De onderdoorgangen zijn zorgvuldig vormgegeven met extra aandacht voor de kwaliteit van de materialen, goede verlichting, en zicht van bewoners op de onderdoorgangen.

Uitnodigend en veilig onderdoorgang (Wesselkvartalet, Noorwegen)

Margestrook bij een groene binnenhof, waar privacy is gecreëerd door groen

Margestrook bij de parkeerhof, waar privacy is gecreëerd door verhoogde groen en verblijfsplek

Een doorzichtig paviljoen (Dudokbuurt, Amsterdam)

6. De bouwblokken zijn in nauwe samenhang met de openbare ruimte ontworpen - In de huidige situatie is er geen goede overgang prive/ openbaar. We kiezen er voor nieuwe elementen en een ontwerp dat wezenlijk verschilt van de uitgangspunten van het AUP, toe te voegen om deze overgang te verbeteren. - Groen is een integraal onderdeel van het project en wordt in een vroege stadium in het ontwerp opgenomen.

- De overgangen op de begane grond van privé naar openbaar en naar de groene hoven worden meeontworpen. Meeontworpen architectonische elementen zoals muurtjes, hagen of andere afscheidingselementen leveren een bijdrage aan een goede overgang. Deze mogen niet hoger dan 70 cm zijn. - Op 2 plekken komen kleinere margezones van 1 meter breed. Deze zijn groen ingericht en worden niet door de bewoners gebruikt. - De margestroken zijn voornamelijk groen voor een groene uitstraling van de buurt, daarom is groen minimaal 60% van de oppervlakte. - Schuttingen en bergingen zijn nergens toegestaan. - Afscheiding tussen woningen in de buitenruimte kan 1.5 m hoog en ze worden ook meeontworpen.

7. De twee paviljoens - De gebouwen zijn gekenmerkt door open plinten en veel connectie met buiten, die de relatie tussen binnen en buiten stimuleren. - Het paviljoen is een voornamelijk doorzichtig volume om de doorkijk naar het groene hof te behouden. De zijgevel kan gesloten zijn. - Het paviljoen is verbonden met het naastgelegen bouwblok zodat er geen steegje ontstaat. Bewoners kunnen gebruik maken van deze interne verbinding tussen paviljoen en gebouw. - De paviljoenen zijn specials in de taal van naoorlogse bouw, zoals op de referentie (Staalmanpleinbuurt). - Dak is ontworpen en bij voorkeur groen. Het kan ook een functie hebben, zoals terras voor de bovenwonende mensen.

Margestroken bij de woningen: - Bij het ontwerp van de margestroken is het van belang om een goede relatie tussen binnen en buiten te creëren. Hierbij moet er een goede balans gevonden worden tussen openheid en geslotenheid van de gevel om gesloten gordijnen te voorkomen. - De 1 en 3,75 meter margezones worden bij de meeste gevels toegepast. Bij de woningen worden ze gebruikt als privé buitenruimtes van de woningen op de begane grond.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 41

Aanvullende regels voor de toren en de Ruychaverflat

De toren en Ruychaverflat vormen één eenheid

Er zijn speelse elementen op de gevels, die horizontaliteit en verticaliteit verbreken (Heren 5, Amsterdam)

8. De toren en Ruychaverflat zijn het visitekaartje van de buurt en vormen een eenheid. - Voor beide gebouwen worden dezelfde materialen gebruikt en dezelfde opbouw van de gevels toegepast.

- De toren is ook gemaakt van de 3-deling: basement, middendeel en bekroning. - De strenge horizontaliteit en verticaliteit wordt af en toe gebroken door speelse elementen zoals bijvoorbeeld balkons of grotere raamopeningen). Deze elementen kunnen meer plasticiteit in de gevel geven.

8A. De toren is een special. - De woontoren op de kruising heeft een uitgesproken vormgeving nodig, die de entree naar Geuzenveld markeert. De toren wordt met extra aandacht en met een rijke gevels ontworpen. - De toren refereert subtiel aan de daken, materialisatie en gevelopbouw in de buurt. Hierbij hoeft niet de vorm van de daken te worden overgenomen. - De toren kan een dubbele plint hebben om het gebouw meer te accentueren. - Alle gevels van de toren zijn voorgevels.

42 Investeringsnota Ruychaverkwartier

8B. Ruychaverflat - Het gebouw is vormgegeven met een plint en een bekroning (dak) die duidelijke eenheden vormen. - De functionele verticale geleding wordt toegepast op een lager niveau in de plintindeling om een lang gebouw te verbreken. Hier kan bijvoorbeeld een driedeling ontstaan. In deze indeling moet nog steeds de repetitie en symmetrie toegepast zijn. Dit houdt in dat alle delen min of meer hetzelfde zijn. - Het westelijke aanzicht van de Ruychaverflat krijgt aandacht en wordt in een harmonieuze verhouding uitgevoerd. - De inrichting van de galerij krijgt extra aandacht om ontmoeting te stimuleren. Verbinding tussen verschillende niveaus moet gestimuleerd worden.

Schematische weergave van de gevels van de toren: horizontaliteit en verticaliteit wordt gebroken door de speelse elementen (bijvoorbeeld balkons)

Ruychaverflat - horizontaliteit is leidend (plint en dak), verticaliteit op een lagere schaal (blauw)

Investeringsnota Ruychaverkwartier 43

5

Participatie 44 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Bewoners Bewonerscomissie de Ruychaverflat en Bewonerscommissie van de 5 woonblokken van de Wegenersleeswijkbuurt worden begeleid door onafhankelijke woonconsulenten. Samen met Eigen Haard werken de twee commissie aan twee sociale plannen. De buurtbewoners zijn sinds 2019 in gesprek met Eigen Haard over de plannen voor de buurt. De meerderheid van de bevraagde huurders (70% tot 80%) was voor sloop-nieuwbouw.

Kinderen Kinderen uit de buurt zijn gevraagd hun droomstraat te tekenen. De gemeente en Eigen Haard hebben veel mooie tekeningen ontvangen. De tekeningen hadden allemaal een gezamenlijke boodschap; een wens voor een gezellige en levendige buurt met meer speelplekken in de wijk. Het projectteam heeft ruimte voor speelplekken gereserveerd voor speelpleinen in de binnengebieden. Daarnaast wordt het Ruychaverkwartier autovrij met meer gebruiksgroen dat uitnodigt om te spelen.

Informatieavonden oktober en november 2022 en Buurtbus mei 2022 Huurders van Eigen Haard uit de Nicolaas Ruychaverstraat, Burg. Röellstraat, Pieter Buyskensstraat, Lieven Keersenmakerstraat, Gerrit Stuyverstraat, Hans Onversaagdstraat en DeGrote-Geusplein zijn uitgenodigd voor de inloopavonden. De aanwezigen konden hun voorkeur aangeven voor de inrichting van de buurt. Bij het verder uitwerken van de plannen is hier waar mogelijk rekening mee gehouden. Voor de inrichting van de Ruychaverstraat hebben de meeste bezoekers een voorkeur voor een rustig beeld met groen. Tussen de woonblokken willen de meeste bewoners meer variatie en een levendige sfeer met speelplekken. De Nicolaas Ruychaverstraat wordt autovrij en groen, dat vinden de meeste bewoners en omwonenden prettig. Ongeveer 34 mensen hebben de informatieavonden bezocht.

Buurtonderzoek Playgroundcity voorzieningen en bedrijvigheid - juli 2023 140 bewoners inclusief een aantal ondernemers hebben deelgenomen aan het buurtonderzoek voor de voorzieningen in de buurt. Buurtmakers van Playgroundcity hebben dit in opdracht van de gemeente Amsterdam en Eigen Haard uitgevoerd. De uitkomsten van dit onderzoek staan beschreven bij Overige voorzieningen en Bedrijvigheid.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 45

6

Hof in de Dichtersbuurt 46 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Duurzaamheid, milieu en onderzoeken

6.1 Duurzaamheid De gemeente Amsterdam heeft de doelstelling van het Klimaatakkoord van Parijs overgenomen en wil in 2030 60% CO2uitstoot reductie. Voor 2050 moet de CO2-uitstoot verlaagd zijn met 100%, in vergelijking met het niveau van 1990. Het vraagt om een aanpak die zo toekomstbestendig mogelijk is. Een heel pakket van mogelijkheden komt daarvoor in beeld. De gemeente Amsterdam zet in op een zestal thema’s: duurzame energie, circulair bouwen, klimaatadaptie, natuurinclusief bouwen, uitstootvrije mobiliteit en schone lucht en afval. Zie voor alle randvoorwaarden en ambities van deze thema’s amsterdam.nl/duurzaamontwikkelen. We zetten in deze investeringsnota uiteen wat deze randvoorwaarden en ambities voor de herontwikkeling van Ruychaverkwartier betekenen. Klimaatadaptatie In het extremer wordende klimaat en de verder verdichtende stad is een extra inspanning nodig om de leefkwaliteit van de stad te behouden. Daarom is het aanpassen van de omgeving aan de klimaatverandering (klimaatadaptatie) onontkoombaar. Klimaatadaptatie omvat onderwerpen als regenbestendig (Amsterdam Rainproof), hittebestendig en droogtebestendig ontwikkelen. Om hittestress, wateroverlast en schade in Ruychaverkwartier te voorkomen worden rainproof- en hittebestendige maatregelen genomen in de openbare ruimte.

In de openbare ruimte wordt rekening gehouden met volgens de Hemelwaterverordening gestelde eisen om een bui van 70 mm/uur te kunnen verwerken middels vasthouden en bergen. Er worden extra bomen toegevoegd voor wateropvang en schaduwrijke plekken. Het groen in de privéhoven krijgt een grotere maat en daarmee meer wateropvang en verkoeling. Elke bewoner krijgt op deze manier binnen 300 m toegang tot een koele plek. De groene ruimte in de hoven wordt een nieuwe ontmoetingsplek en wordt in samenspraak met bewoners ingevuld. Dit kan klimaatadaptief door het toevoegen van een natuurspeeltuin, wadi’s, waterspeelplek, waarbij water kan worden opgevangen. Daarnaast wordt rekening gehouden met waterspreidende, waterafvoerende en waterbergende straten. Elke ontwikkelende partij dient te voldoen aan de Hemelwaterverordening op eigen terrein. Bij het ontwerpen van gebouwen moet het opvangen, vasthouden en vertragen van hemelwater

worden meegenomen zodat het niet op de riolering wordt geloosd en eventueel kan worden hergebruikt. Ook in de gebouwen zal hittestress moeten worden tegengegaan. Door te investeren in vergroenen van de buitenruimte, groene (waterretentie) daken en gevels wordt overlast door hitte en wateroverlast bij zware regenbuien voorkomen. Gebouwen dienen ook hittebestendig te worden ontworpen. Er wordt een QuickScan klimaatadaptatie uitgevoerd om de risico’s van het gebied goed in beeld te brengen. Natuurinclusief bouwen en biodiversiteit Een van de duurzaamheidsdoelen van de gemeente Amsterdam, zoals ook benoemd in de Groenvisie 2020-2050, is het versterken van de biodiversiteit in de stad. Voordat de ontwikkeling plaats kan vinden dient een zogenaamde QuickScan flora en fauna plaats te vinden. Onderzocht wordt of op de locatie dier- en/ of plantsoorten zijn die op grond van de Wet natuurbescherming strikt beschermde soorten worden aangetroffen. In de openbare ruimte wordt het groene karakter van de buurt versterkt, natuurinclusief ingericht, waarbij rekening wordt gehouden met verbeteren van de ecologische waarde en aansluiting wordt gezocht op de vegetatie in de omgeving. Daarnaast wordt de biodiversiteit versterkt door middel van type inrichting van groen. Het transformeren van de openbare ruimte is een kans om innovatieve manieren van groen toe te passen.

Voor de Ruychaverkwartier betekent dit in ieder geval het toepassen van groen dat insecten (zoals bijen en vlinders) aantrekt en ratten juist afstoot. Dit zal in het ontwerp van de openbare ruimte concreet moeten worden. Door het aanleveren van een groenplan door de ontwikkelende partij wordt toegelicht hoe er wordt omgegaan met natuurinclusief bouwen en op welke wijze, met welk doel en met welke beplanting groen wordt gerealiseerd. De ontwikkelende partij wordt uitgedaagd te voldoen aan minimale natuurinclusiviteitsscore van 30 punten. De ingepaste natuurmaatregelen moeten aansluiten op de omgeving van het terrein en de biodiversiteit in het herontwikkelingsgebied helpen verhogen. Samen met een ecoloog wordt con¬creet invulling gegeven aan deze ambitie. Bij afronding van dit project is de hoeveelheid groen waarschijnlijk gelijk maar de ecologische- en gebruikskwaliteit van het groen is significant verbeterd.

Reductie CO2 uitstoot In Ruychaverkwartier is de ambitie om de CO2 uitstoot in de gebiedsontwikkeling en gebruiksfase van de woningen en voorzieningen zo laag mogelijk te houden. Dit doen we met; • circulair gebouwde omgeving; • uitstootvrije mobiliteit en schone lucht; • duurzame energie; • efficiënt ontwerp. Circulair gebouwde omgeving Amsterdam wil in 2030 50% minder nieuwe grondstoffen gebruiken en in 2050 100% circulair (volledig recyclebaar) zijn. Circulair bouwen bestaat hier uit twee onderdelen: materiaalgebruik en flexibel ontwerp. In het Ruychaverkwartier wordt maximaal ingezet op circulariteit door middel van hergebruik van bestaande materialen/grondstoffen in de gebouwen én in de openbare ruimte. De ambitie in Ruychaverkwartier is om hergebruikte materialen te kunnen toepassen in de openbare ruimte zonder de Puccini uitgangspunten te schaden. Waar mogelijk worden materialen die vrijkomen tijdens het slopen van huidig vastgoed of elders in de stad geïnventariseerd en hergebruikt. Op gebouwniveau worden ontwikkelende partijen zoveel mogelijk uitgedaagd om de gebouwen zo te ontwerpen dat de materialen een zo lang mogelijke levensduur krijgen door middel van het hergebruik of herbestemming, dan wel door het gebruik van biobased / herbruikbare materialen.

Het convenant houtbouw wordt toegepast waarbij wordt gekozen voor hout met een FSC- keurmerk of vergelijkbaar kwaliteit. In Ruychaverkwartier wordt gepionierd met een lokale materialen hub. Daarnaast wordt voor het bestaande groen gebruik gemaakt van initiatieven zoals Struikrovers. Waar mogelijk bouwen ontwikkelende partijen adaptief en demontabel. De milieuprestatie van de gebouwen en de gebruikte materialen wordt gemeten aan de hand van de Milieu Prestatie Gebouwen (MPG). De landelijke MPG is een vereiste voor nieuwbouw en is momenteel ≤ 0,8 voor woningbouw en ≤ 1,0 voor kantoren (groter dan 100m²). Gezien landelijk de MPG wordt verscherpt naar van ≤ 0,5 voor nieuwbouwwoningen en van ≤ 0,85 voor nieuwe kantoorgebouwen, dagen wij ontwikkelende partijen uit om deze score aan te houden.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 47

Uitstootvrije mobiliteit en schone lucht Het Actieplan Schone Lucht omschrijft de maatregelen om op korte termijn te voldoen aan de Europese grensnorm voor luchtkwaliteit. Echter, de ambitie van de gemeente is groter. In 2030 moet de stad voldoen aan een 2 keer zo strenge advieswaarden van de World Health Organization (WHO). Dit leidt tot een stillere, beer leefbare stad en een mogelijke CO2-verminderling van 9%. Om dit te behalen gebruiken we het STOMPprincipe: Stappen, Trappen, OV, MaaS (mobility as a service) en Privé-auto. De volgorde is op prioriteit, wandel en fietsroutes krijgen voorrang op de auto. Daarom bevat het plan zo min mogelijk parkeerplaatsen in de openbare ruimte en zijn er autoluwe straten of zelfs straten heringericht als groene ruimte. Ten aanzien van de laadinfrastructuur voor de te realiseren parkeervoorzieningen worden dan ook afspraken gemaakt over het minimale percentage dat voorzien zal worden van een laadpaal en het minimale percentage dat elektrisch is voorbereid. In de openbare ruimte wordt deelmobiliteit gestimuleerd door onder andere onderzoek te doen naar een aanbieder voor een passend en uitstootvrij deelmobiliteitsconcept. Uiteraard wordt voldaan aan de “nota parkeernormen fiets en scooter”. De parkeerplekken worden op eigen terrein ge¬realiseerd (met uitzondering van de terugkerende houders van een parkeervergunning).

In de bouwfase wordt gezorgd voor duurzame bouwlogistiek en wordt schone werktuigen gestimuleerd waarbij de uitstoot wordt geminimaliseerd. Duurzame energie De gemeente Amsterdam heeft als doel om in 2050 100% gebruik te maken van duurzame energie. Hierbij zet de gemeente in op lage temperatuursystemen en een aardgasvrije stad. De doelen voor duurzame energie zijn uitgewerkt in de routekaart Amsterdam klimaatneutraal 2050 waarin de ambitie is vastgelegd om gebouwen te leveren met een energieprestatie van zeer energiezuinig tot energieleverend. De nieuw te realiseren woningen in Ruychaverkwartier zullen voldoen aan de duur¬zaamheidseisen (BENG) op moment van realisatie en zullen aardgasvrij worden ontwikkeld. In dit project worden de woningen bij oplevering collectief en duurzaam verwarmd en gekoeld, mogelijk door middel van een hybride aansluiting (WKO en stadswarmte). Leidend daarin is de uitkomst van een nog te houden Totale Keten Kosten Analyse (TKK). Er wordt gestreefd naar CO² arme gebouwen, waarbij zowel de CO² productie tijdens bouw als gedurende de exploitatiefase in ogenschouw wordt genomen. 48 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Afval Afvalverzameling voor klein huishoudelijk afval gaat in Ruychaverkwartier in principe plaatsvinden met ondergrondse afvalcontainers in de openbare ruimte, voor restafval, glas, oud papier en karton en textiel. Niet-woonfuncties moeten, conform het beleid van Amsterdam, afvalscheiding op eigen kavel organiseren. Verder wordt in Ruychaverkwartier het zwerfafval actief voorkomen en onderzocht hoe gft-afval kan worden hergebruikt. Dit kan bijvoorbeeld via een afval vergister wat tegelijk bijdraagt aan tegengaan van ongedierte. Afsprakenkader en afwegingskader Over bovenstaande ambities zullen concrete afspraken gemaakt worden op het moment dat dat mogelijk is en het project daar om vraagt. Voor de invulling van de concrete afspraken zal vooral de afweging tussen betaalbaarheid en duurzaamheid samen met de gemeente worden gemaakt. Inzet op circulariteit, duurzame energie en klimaatadaptatie Circulariteit - niveau 3: maximaal/pionieren. In dit project wordt maximaal ingezet op circulariteit d.m.v. hergebruik van bestaande materialen/grondstoffen in de gebouwen én in de openbare ruimte. Er wordt gepionierd met een lokale materialen hub. Ook voor het bestaande groen werken we zo en gebruiken we initiatieven zoals Struikrovers. Het convenant houtbouw wordt toegepast en waar mogelijk bouwen we adaptief en demontabel. Natuurinclusief bouwen – niveau 2: significant beter.

Bij afronding van dit project is de hoeveelheid groen waarschijnlijk gelijk maar de ecologischeen gebruikskwaliteit van het groen is significant verbeterd. We schakelen een ecoloog in om concreet invulling te kunnen geven aan deze ambitie.

Duurzame energie – niveau 2: significant beter. In dit project worden de woningen bij oplevering collectief en duurzaam verwarmd en gekoeld, mogelijk m.b.v. een hybride aansluiting (WKO + stadswarmte). Mobiliteit & schone lucht – niveau 2: significant beter. In dit project wordt uitstoot geminimaliseerd tijdens de bouw en krijgen wandelen, fietsen en deelmobiliteit voorrang op de auto. In de bouwfase zorgen wij voor een duurzame bouwlogistiek en stimuleren wij schone werktuigen. Klimaatadaptatie – niveau 2: significant beter. In dit project wordt hittestress zo veel mogelijk voorkomen Waar mogelijk wordt regenwater opgevangen en hergebruikt en niet op de riolering afgekoppeld. Tevens wordt geïnvesteerd in slim vergroenen van de buitenruimte, daken en gevels, in het bijzonder op plekken waar overlast door hitte het meest voorkomt. Deze vergroening kan ook weer bijdragen aan betere waterretentie om zo water overlast bij zware regenbuien te voorkomen. Afvalvrije stad – niveau 1: minimaal wettelijk niveau. In dit project wordt zwerfafval actief voorkomen en onderzocht hoe gft-afval hergebruikt

6.2 Onderzoeken en milieu Flora en Fauna onderzoek Het plangebied maakt geen onderdeel uit van de Hoofdgroenstructuur of Ecologische Hoofdstructuur. Een Quickscanrapport, naar effecten op natuurwaarden, geeft aan dat er geen beschermde plantensoorten aanwezig zijn binnen de planlocatie. In het projectgebied komen mogelijk verschillende soorten voor die zijn beschermd onder paragrafen 3.1, 3.2 en 3.3 van de Wet natuurbescherming. Voor huismus, gierzwaluw en vleermuizen kan door middel van nader onderzoek in beeld gebracht worden of de soorten aanwezig zijn, wat de effecten van de ontwikkeling zijn en of een activiteitenplan en ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig is. Archeologie Door BMA is 2018 in het kader van het bestemmingsplan Slotermeer 2018 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor geheel Slotermeer. Uit dit onderzoek blijkt dat ter plaatse van de planlocatie een lage archeologisch verwachtingswaarde geldt, omdat sprake is van recente verstoringen in de vorm van ophogingen. Nader onderzoek naar archeologische waarden is dan ook niet noodzakelijk. Luchtkwaliteitsonderzoek De planlocatie ligt binnen een aandachtsgebied voor luchtkwaliteit. Binnen een dergelijke aandachtsgebied mogen activiteiten niet leiden tot een verhoging van concentraties in de buitenlucht van een tweetal stoffen, namelijk fijnstof en stikstofdioxide.

Hoge concentraties van die stoffen zijn nadelig voor de gezondheid van mensen. Het project maakt meer woningen mogelijk dan in de bestaande situatie. De daarmee gepaarde gaande toename in verkeer van en naar het projectgebied, leidt mogelijk tot hogere concentratie in de buitenlucht van de eerdere genoemde stoffen. Toetsing aan de gestelde omgevingswaarden voor deze stoffen is dan wettelijk gezien verplicht, tenzij aangetoond wordt dat het toelaten van de activiteiten niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Gezien de beperkte toename van het verkeer van en naar het projectgebied is de verwachting dat sprake is van een project dat niet in betekende mate bijdraagt.

Wateronderzoek Voor het projectgebied is met een Fase 1 QuickScan klimaatadaptatie al een eerste risico-inschatting gemaakt betreffende de vier thema’s van klimaatadaptatie; droogte, hemelwateroverlast, hitte en overstromingen. Hieruit bleek dat er een risico is op hemelwateroverlast en grondwateroverlast. De mogelijke Rainproof voorzieningen zijn in kaart gebracht. In de uitwerking van de rainproof-eisen zijn de schuine daken uitgangspunt. Ophoging van het maaiveld is nodig is om te voldoen aan de ontwateringsnorm van de gemeente Amsterdam en voor het plaatsen van de Rainproof voorzieningen. Bomenonderzoek De meeste bomen binnen het plangebied staan niet op de Hoofdbomenstructuur en staan ook niet op de lijst met monumentale bomen. De conditie van de bomen in het plangebied verschilt sterk. Zo hebben de platanen een redelijke conditie, maar zijn de sierkersen en essen veelal matig tot slecht. Bij de platanen aan de J. Abelszstraat hebben de wortels zich met name in het plantsoen ontwikkeld en in mindere mate onder de verharding. Dode bomen en de bomen met een slechte conditie, worden vervangen. Kabels en leidingen Er is inzicht in de aanwezige kabels en leidingen in het vernieuwingsgebied. De kabels en leidingen van de Wegenersleeswijkbuurt (ten zuiden van Ruychaverstraat) zijn onlangs vernieuwd.

Bestaande tracés die niet vervangen dienen te worden blijven zo veel mogelijk behouden. De huisaansluitingen zullen worden opgezegd en verwijderd. Voor de nieuwe situatie zal in goed overleg met diensten en bedrijven een nieuw tracé voor de kabels en leidingen worden vastgelegd.

Civieltechnisch De civieltechnische randvoorwaarden waaraan het plan moet voldoen zijn: de gemiddelde maaiveldhoogte wordt nader bepaald met als uitgangspunt een robuust peil in het licht van de klimaatverandering. Kasten, onderstations en dergelijke voor kabels en leidingen worden inpandig opgelost. In de planvorming moet rekening worden gehouden met de eisen voor toegankelijkheid voor nood- en hulpdiensten. Bij waterbergings- en infiltratievoorzieningen is de beschikbare verticale ruimte in de ondergrond van belang. In de huidige situatie is de ontwatering (GHG t.o.v. maaiveld) 0,7 – 0,9 m, en wordt dus niet wordt dus niet voldaan aan de minimale ontwateringseis voor nieuwbouw- en transformatiegebied. De conclusie is dat ophoging nodig is. Windhinderonderzoek Vanwege de hoogte van de woontoren die op de hoek van de Burgemeester Roëllstraat met de Dr. H. Colijnstraat komt is windhinderonderzoek gedaan. Dit onderzoek laat zien dat er in de nieuwe situatie mogelijk een verslechtering van de windkimaat ontstaat ten opzichte van de huidige situatie. Van windgevaar is echter geen sprake.

Omdat de gemeente een gunstig verblijfsklimaat in de openbare ruimte wenselijk vindt en het onderzoek laat zien dat in de openbare ruimte op een aantal plaatsen een ongunstig verblijfsklimaat door windhinder te verwachten is, zal nog nader onderzoek gedaan worden hoe het windklimaat verbeterd kan worden. Dit kan gevolgen hebben voor de hoogte, de vormgeving de positie en de aansluiting van de toren op de Ruychaverflat. Ook wordt nog gekeken naar mogelijk andere positionering van onderdoorgangen en aanpassingen aan het ontwerp van het woongebouw dat in het verlengde van de woontoren langs de Burgemeester Roëllstraat komt. MER In bijlage V van het Omgevingsbesluit is opgenomen voor welke activiteiten de m.e.r.-(beoordelings)plicht bestaat. Het gaat dan met name om activiteiten die aanzienlijke effecten op het milieu kunnen hebben. Voorliggend project voorziet in nieuwe woningbouw en kan aangemerkt worden als een stedelijk ontwikkelingsproject. Dergelijke projecten zijn genoemd in bijlage V van het Omgevingsbesluit. Het is vanwege voorgaande noodzakelijk om een m.e.r.-beoordeling te doen. De m.e.r-beoordeling wordt gekoppeld aan het eerste ruimtelijke besluit wat in procedure wordt gebracht. Investeringsnota Ruychaverkwartier 49

Geluid Wegverkeer De planlocatie ligt naar verwachting binnen de geluidaandachtsgebieden (voorheen geluidzone) van de Dr. H. Colijnstraat, de Burg. Röellstraat en de Savornin Lohmanstraat, omdat dit 50 km/u wegen betreft, die gelegen zijn in de nabijheid van het project. Het project valt binnen het geluidaandachtsgebied van de Burg. Röellstraat ook omdat hierin een trambaan is gelegen. De verwachting is dat de standaardwaarden (voorheen voorkeursgrenswaarde) voor woningen worden overschreden vanwege het wegverkeerslawaai van Dr. H. Colijnstraat en tramlawaai. Voor de woningen waarop de standaardwaarden wordt overschreden, zal beschouwd moeten worden of wordt voldaan aan de grenswaarde (voorheen hogere grenswaarde). Mocht niet voldaan worden aan de grenswaarde, dan is het nog mogelijk om maatregelen te treffen bijvoorbeeld in de vorm van het uitvoeren van de woningen met een niet-geluidsgevoelige gevel (voorheen dove gevel). Bij woningen waar niet aan de standaardwaarden voldaan kan worden, moet op grond van het geluidbeleid van Amsterdam in beginsel een geluidluwe gevel (voorheen stille zijde) aanwezig te zijn. Industrieterrein Westpoort Het plan is gelegen binnen het geluidaandachtsgebied van het gezoneerde industrieterrein Westpoort.

De verwachting is dat, gezien de afstand tot het gezoneerde industrieterrein de standaardwaarde vanwege industrielawaai niet wordt overschreden. Indien uit nader onderzoek blijkt dat de standaardwaarden wel wordt overschreden, dan moet beoordeeld worden of aan de grenswaarden wordt voldaan. LIB 5 zone Schiphol Het projectgebied is gelegen binnen de zogenaamde LIB 5 zone Schiphol. Op grond van de Omgevingsverordening van de Provincie Noord-Holland dient binnen deze zone, rekenschap gegeven te worden van het feit dat op de betreffende locatie sprake is van geluid vanwege het luchtverkeer en moet in een ruimtelijk besluit de redenen worden vermeld die er toe hebben geleid om op de betreffende locatie nieuwe woningen mogelijk te maken.

50 Investeringsnota Ruychaverkwartier

Bodem Er zal een verkennend bodemonderzoek moeten worden verricht, om te beoordelen of de bodem geschikt is voor de functie wonen. Het nieuwe gebouw wordt namelijk anders georiënteerd en komt deels op gronden te staan die nu als weg in gebruik zijn. Op voorhand dient duidelijk te zijn of deze gronden niet zodanig verontreinigd zijn dat de niet geschikt zijn voor de functie wonen. Ook wordt het aanwezige talud waartegen het gebouw nu deels staat afgegraven. Duidelijk moet zijn of de grond verontreinigd is of niet. Luchtkwaliteit De projectlocatie ligt binnen een aandachtsgebied voor luchtkwaliteit. Binnen een dergelijke aandachtsgebied mogen activiteiten niet leiden tot een verhoging van concentraties in de buitenlucht van een tweetal stoffen, namelijk fijnstof en stikstofdioxide. Hoge concentraties van die stoffen zijn nadelig voor de gezondheid van mensen. Het project maakt meer woningen mogelijk dan in de bestaande situatie. De daarmee gepaarde gaande toename in verkeer van en naar het projectgebied, leidt mogelijk tot hogere concentratie in de buitenlucht van de eerdere genoemde stoffen. Toetsing aan de gestelde omgevingswaarden voor deze stoffen is dan wettelijk gezien verplicht, tenzij aangetoond wordt dat het toelaten van de activiteiten niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit.

Gezien de beperkte toename van het verkeer van en naar het projectgebied is de verwachting dat sprake is van een project dat niet in betekende mate bijdraagt. Archeologie Door BMA is 2018 in het kader van het bestemmingsplan Slotermeer 2018 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor geheel Slotermeer. Uit dit onderzoek blijkt dat ter plaatse van de planlocatie een lage archeologisch verwachtingswaarde geldt, omdat sprake is van recente verstoringen in de vorm van ophogingen. Nader onderzoek naar archeologische waarden is dan ook niet noodzakelijk.

Water Op grond van de Waterschapsverordening moet bij een toename in verharding van meer dan 1.000 m² verhard of bebouwd oppervlak binnen stedelijk gebied, minstens 10% van het extra verharde of bebouwde oppervlak aan nieuw oppervlaktewater worden gecompenseerd. Omdat binnen het projectgebied de verharding niet met 1.000 m² toeneemt, bestaat er geen compensatieverplichting. Oppervlakte verhard en bebouwd nu

21 711 m²

Oppervlakte verhard en bebouwd nieuw

22 038 m²

Toename verharding

327 m²

Benodigde compensatie extra water oppervlakte (10%)

0 m²

Overige onderzoeken Als onderdeel van de aanvraag voor een vergunning op basis van de Omgevingswet zal de aanvrager de daarvoor noodzakelijke onderzoeken (laten) uitvoeren. Dit gebeurt in de volgende fase. Mogelijke onderzoeken zijn met vormvrije m.e.r.-beoordeling, geluidsonderzoek, onderzoek naar stikstofdepositie, pfas-onderzoek, enz.

Investeringsnota Ruychaverkwartier 51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13730094/1