1. Aanpak voor ontwikkeling Amsterdamse volkstuinparken.docx
Tekst van het document
November 2021
Aanpak voor ontwikkeling Amsterdamse volkstuinparken Meer te doen voor meer Amsterdammers
Inhoud
1.
Inleiding...............................................................................................................3
2.
Huidige situatie.....................................................................................................5
3.
Ambitie en toekomstbeeld .....................................................................................7
4.
Samen uitgangspunten geformuleerd ......................................................................9
5.
Uitvoering en samenwerking ................................................................................19
Bijlage: Overzicht volkstuinparken................................................................................24
1.Inleiding
Amsterdam heeft circa veertig volkstuinparken. De waarde van deze groene oases in een drukker wordende stad is enorm. De waarde is veel groter dan alleen het groen. Ze leveren een grote bijdrage aan het welzijn van mensen, de bewegingsruimte van kinderen, het tegengaan van eenzaamheid, het tegengaan van overgewicht en het inclusief samenleven. Hoe kunnen de volkstuinparken ook in de toekomst hun belang voor de stad waarmaken? Amsterdamse volkstuinparken vormen belangrijke groene gebieden in de stad. Belangrijk voor tuinders, voor andere Amsterdammers, voor dieren en planten. Het is groen van hoog kwaliteitsniveau met een uniek en eigen karakter, en een bijzondere geschiedenis. De gemeente wil de prachtige (cultuurhistorisch en ecologisch waardevolle) volkstuinparken, die al ruim honderd jaar bij de stad horen, dan ook behouden voor de toekomst. Daarbij is het belangrijk dat steeds meer Amsterdammers hiervan kunnen genieten en dat de circa driehonderd hectare volkstuinparken nog sterker onderdeel worden van de structuur van de stad. De volkstuinparken onderschrijven deze doelstellingen. In de afgelopen jaren was op een aantal volkstuinparken in Amsterdam veel onzekerheid en onrust over de toekomst.
Het gemeentebestuur maakt daarom een aantal duidelijke keuzes: bestaanszekerheid voor alle Amsterdamse volkstuinparken gekoppeld aan een verdere ontwikkeling naar meer publieke toegankelijkheid en meer activiteiten voor en medegebruik door meer Amsterdammers. Deze keuzes zijn in hoofdlijnen opgenomen in de Groenvisie Amsterdam en de Omgevingsvisie Amsterdam. Voorgeschiedenis In 2005 heeft de gemeenteraad de Nota Volkstuinen in Amsterdam vastgesteld. De nota omschrijft de gemeentelijke uitgangspunten, ambities en doelstellingen, zoals in onderstaande passage: “Wat is de gewenste rol van volkstuinparken in Amsterdam? Aan de ene kant is er een duidelijke behoefte aan volkstuinen. Hun belang voor recreatie, gezondheid en sociale samenhang wordt breed onderkend. Dat vraagt zorgvuldige ruimtelijke afwegingen om het aanbod van volkstuinen, zowel kwantitatief als kwalitatief, op peil te houden. Aan de andere kant dwingt de grote ruimtevraag in Amsterdam er toe dat volkstuinparken hun plek in de stad legitimeren. Volkstuinparken moeten daarom hun clientèle verbreden, zodat meer stedelingen er baat bij hebben. In deze nota wordt dit ‘modernisering’ genoemd.
Het Amsterdamse gemeentebestuur ziet het waarborgen van het aanbod van volkstuinen en het moderniseren van de volkstuinparken daarom als belangrijke opgaven.” In oktober 2018 nam de gemeenteraad een motie aan waarin het college werd gemaand om werk te maken van de uitvoering van het volkstuinbeleid zoals dat in 2005 was vastgesteld, maar dat in de ogen van de raad onvoldoende tot uitvoering was gekomen. In 2019 en begin 2020 is gewerkt aan de Uitvoeringsstrategie Volkstuinenbeleid om uitvoering te geven aan deze motie.
November 2021
De Uitvoeringstrategie liep in tijd gelijk op met de Groenvisie Amsterdam 20202-2050, die in december 2020 door de raad is vastgesteld en waarin het belang en behoud van de volkstuinparken is opgenomen. Bij de gemeenteraad en de volkstuinparken bleek echter onvoldoende draagvlak te bestaan om de Uitvoeringsstrategie vast te stellen. Daarom is de besluitvorming over die strategie gepauzeerd en een vervolgtraject gestart waarin gezamenlijk met de Bond van Volkstuinders (waarbij twee derde van de Amsterdamse volkstuinparken zijn aangesloten) en de overige, zelfstandige verenigingen is gewerkt aan een beter en meer gedragen voorstel. Vanuit de Bond en de andere verenigingen is bovendien het plan Een Beter Alternatief aangeboden aan het college. Dit plan heeft in het proces van overleg een belangrijke plek gekregen. Dat proces resulteerde in de opstelling van de ‘Gezamenlijke Uitgangspunten voor de ontwikkeling van de volkstuinparken in Amsterdam’ (hierna te noemen de Gezamenlijke Uitgangspunten) door de verenigingen en de gemeente van 6 mei 2021. De Gezamenlijke Uitgangspunten vormen de inhoudelijke kern van deze Aanpak voor ontwikkeling van de Amsterdamse volkstuinparken. De Aanpak vervangt daarmee de Uitvoeringsstrategie en geeft de door de raad gevraagde uitwerking van het in 2005 vastgestelde beleid.
5
2.Huidige situatie
De druk op het groen en de openbare ruimte in Amsterdam is sterk toegenomen en zal de komende jaren nog verder oplopen. Steeds meer mensen hebben behoefte aan ontspanning in het groen. De volkstuinparken kunnen hierin een grotere rol spelen door (een nog verdere) ontwikkeling van de tuinparken tot groene gebieden die voor Amsterdammers een bekende en gebruikelijke plek zijn om te ontspannen en recreëren. Parkbezoek is in de afgelopen 25 jaar verdubbeld tot in sommige stadsparken zelfs verviervoudigd. Het aantal inwoners, maar ook het aantal bezoekers en het aantal forenzen dat in Amsterdam werkt, blijft onverminderd stijgen. Tussen 2020 en 2040 komen er naar verwachting 110.000 nieuwe woningen bij, vooral buiten de Ring A10 en in Haven-Stad. We moeten het bestaande groen dus met steeds meer mensen delen. Voor de volkstuinparken betekent dit dat ze volop inzetten op behoud en op verdere ontwikkeling. Ze zijn waardevol voor tuinders, voor Amsterdammers, maar ook voor een grote diversiteit aan dieren en planten. Het is groen met een uniek karakter: ze horen al ruim honderd jaar bij de stad en zijn ecologisch, maatschappelijk en cultuurhistorisch van grote waarde en van hoog niveau. Volkstuinparken blijven daarom groen en krijgen langdurige bestaanszekerheid.
Volkstuinparken gericht op de buurt Een heel aantal volkstuinparken biedt al regelmatig mooie activiteiten aan voor buurtbewoners, zoals een cursus over bijen, een bomenwandeling of een stekjesmarkt. Sommige tuinparken hebben een tuinhuisje speciaal gereserveerd voor bijzondere groepen zoals kunstenaars of hebben andere soorten tuinen toegevoegd, om ook andere typen tuinders te trekken. Nagenoeg alle parken zijn al (binnen bepaalde tijden) toegankelijk voor bezoekers; dit met uitzondering van de nutstuinen. Sommige volkstuinparken, vooral de wat meer centraal gelegen en fysiek ‘open’ parken, zoals Klein Dantzig in de Watergraafsmeer en Sloterdijkermeer/Nut & Genoegen in Westerpark, kunnen al stijgende bezoekersaantallen melden. Tegelijkertijd liggen er nog veel kansen voor de volkstuinparken om meer gericht te zijn op de buurt en organisaties in de omgeving. Een plek met natuur en gebouwen waar meer te doen is voor meer Amsterdammers en waar iedereen welkom is. Denk daarbij enerzijds aan het verbeteren van de toegankelijkheid, zoals het aanpassen van de entreegebieden en verruiming van de openingstijden. Anderzijds kunnen de volkstuinparken een meer faciliterende rol spelen in het binnenhalen van buurtactiviteiten. Op die manier worden de tuinparken meer gericht op de buurt en de omgeving, en kunnen meer Amsterdammers gebruikmaken van de prachtige volkstuinparken.
Op de site van de Bond van Volkstuinders is een overzicht met naar buiten gerichte initiatieven: www.bondvanvolkstuinders.nl/volkstuinen/iedereen-welkom. Op de gemeentelijke website www.amsterdam.nl/volkstuinparken staat een overzicht van alle Amsterdamse volkstuinparken.
6
Daarop staat per tuinpark het bezoekadres, de openingstijden en wat het voor bijzonders aan bezoekers te bieden heeft.
Informatiebord toegankelijkheid tuinparken Westerpark
Website gemeente Amsterdam over de volkstuinparken
7
3.Ambitie en toekomstbeeld
De ambitie voor de volkstuinparken is om deze te behouden voor de stad, gekoppeld aan een verdere ontwikkeling. Deze moet er de komende jaren toe leiden dat het voor de gemiddelde Amsterdammer heel normaal wordt om een volkstuinpark te bezoeken, om te wandelen, te ontspannen, of om mee te tuinieren. Over een jaar of tien bieden of faciliteren alle Amsterdamse volkstuinparken terugkerende activiteiten aan, voor buurtbewoners en/of bijzondere groepen, en zijn op alle tuinparken uitnodigende entrees, aantrekkelijke wandelroutes en meer verschillende tuinen te vinden. Deze Aanpak neemt de nota Volkstuinen van Amsterdam, die in 2005 werd vastgesteld en nog steeds geldt, als vertrekpunt. De met de volkstuinverenigingen geformuleerde Gezamenlijke Uitgangspunten vormen de uitvoering hiervan (zie hoofdstuk 4). In hoofdstuk 5 wordt het vervolgproces geschetst. Passend bij het volkstuinenbeleid 2005 en zoals ook te lezen is in de Gezamenlijke Uitgangspunten, rust de vernieuwing van de volkstuinparken op twee pijlers:
Zekerheid: zoals afgesproken in het coalitieakkoord worden de volkstuinparken niet bebouwd met woningen of andere bouwwerken (*). We geven ze bestaanszekerheid via langlopende huurcontracten en planologische bescherming als onderdeel van de hoofdgroenstructuur. (Voor de volkstuinparken in de gemeente OuderAmstel geldt een status aparte vanwege hun ligging en omdat ze onderdeel vormen van een grotere gebiedsontwikkeling; de volkstuinparken De Vrijbuiters en VTV Kweeklust kennen een afwijkende positie vanwege hun niet-gemeentelijke grondeigendom.)
Ontwikkeling: de volkstuinparken worden verder ontwikkeld. Ze zorgen dat meer mensen van de Amsterdamse volkstuinparken kunnen genieten. De tuinparken krijgen dan een nog grotere betekenis voor de stad: voor ontmoeting, ontspanning, sporten en bewegen, educatie, natuurbeleving, biodiversiteit en klimaatbestendigheid. Er komt meer variatie in soorten tuinen en vormen van (samen) tuinieren. Door wandelroutes en uitnodigende entrees worden tuinparken beter verbonden met de buurt. Dit alles met behoud en waar mogelijk versterking van de ecologische waarde en biodiversiteit op de tuinparken.
Meer bezoekers en meer medegebruik moet uiteraard passend zijn bij het karakter van de volkstuinparken, dus met name gericht op tuinieren, natuurbeleving en rust. Verdere ontwikkeling van stadstuinieren, ook buiten de huidige volkstuinparken, past ook goed in de gemeentelijke ambities om groenbeleving en -gebruik op alle schaalniveaus mogelijk en bereikbaar te maken. De volkstuinverenigingen bieden daarbij hun kennis, expertise en ideeën aan. De gemeente ziet vanwege de vele ‘groene functies’ die een plek zoeken in de stad geen ruimte voor aanleg van nieuwe volkstuinparken, en wil daarom graag stadstuinieren buiten de huidige tuinparken stimuleren.
8
9
4.Samen uitgangspunten geformuleerd
In de eerste helft van 2021 heeft een intensief traject van overleg plaatsgevonden tussen gemeente, Bond van Volkstuinders en vertegenwoordiging van de zelfstandige verenigingen, onder begeleiding van een onafhankelijke gespreksleider. Niet alleen het staande volkstuinenbeleid van de gemeente vormde de basis voor dit overlegtraject, maar ook de ambities en belangen van de volkstuinverenigingen zelf. Zo staat in ‘Een Beter Alternatief’ (van de Bond van Volkstuinders met aanvullingen van de zelfstandige volkstuinverenigingen): “Ons alternatief gaat uit van hetzelfde doel als dat van de gemeente: een grotere toegankelijkheid, meer variatie in tuinen en betere gebruiksmogelijkheden voor buurt en verwante organisaties. Het beheer wordt niet door de gemeente uitgevoerd, maar blijft bij de tuinparken zelf. Toegangstijden worden zo ruim mogelijk, de parken worden meer als wandel- en natuurgebieden ingericht, tuinen krijgen meer gebruiksmogelijkheden, fietsers zijn te gast. Er zijn allerhande faciliteiten voor verwante organisaties en voor buurtgroepen en omwonenden worden actief betrokken bij de ontwikkelingen.”
Het overlegtraject heeft geleid tot overeenstemming over gezamenlijke uitgangspunten voor de verdere ontwikkeling van de Amsterdamse volkstuinparken. Ook de tuinders zelf zijn in overgrote meerderheid positief over de uitgangspunten. De overeenkomst over de uitgangspunten is aangegaan onder voorbehoud van goedkeuring van de raad van de nieuwe huurprijzen en de vorming van het beheerbudget voor het beheer en onderhoud op de tuinparken. Hieronder leest u de volledige tekst van de Gezamenlijke uitgangspunten van gemeente en volkstuinverenigingen. Naar aanleiding van de ledenconsultatie bij de tuinverenigingen zijn aan de genoemde nader uit te werken punten in de Gezamenlijke uitgangspunten twee onderwerpen toegevoegd: de opstelling van de nieuwe huurcontracten en de afstemming over de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor eventueel achterstallig groot onderhoud.
10
Gezamenlijke uitgangspunten verdere ontwikkeling volkstuinparken in de gemeente Amsterdam – overeenstemming 6 mei 2021 Voor de verdere ontwikkeling van de volkstuinparken hebben de bond, zelfstandige verenigingen en de gemeente relevante onderwerpen besproken en afspraken gemaakt. Hieronder de weergave van deze gezamenlijke uitgangspunten en afspraken. Algemene uitgangspunten Volkstuinparken blijven behouden voor Amsterdam. De volkstuinparken hebben een uniek karakter, zijn belangrijke onderdelen van de hoofdgroenstructuur en een toevoeging aan het publiek toegankelijke groen naast bijvoorbeeld de stadsparken. Volkstuinparken en Volkstuinverenigingen (hierna wordt alleen de term volkstuinparken gebruikt maar beide bedoeld) en gemeente werken samen aan het vergroten van de toegankelijkheid van de volkstuinparken, meer variatie in tuinen en betere en ruimere gebruiksmogelijkheden voor de buurt en aanverwante organisaties. Op deze manier kunnen meer Amsterdammers genieten van het groen in de stad. Een volkstuinpark blijft een ongedeelde eenheid, zonder kunstmatige afscheidingen tussen privé en publiek toegankelijk gebied, hetgeen de beleving van het tuinpark door iedereen, zowel tuinders als bezoekers ten goede komt. De volkstuinverenigingen blijven verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de publiek toegankelijke delen.
Gemeente Amsterdam en de volkstuinverenigingen werken samen aan deze transitie, die energie, creativiteit, tijd en middelen vraagt. Samen ontwikkelen is het uitgangspunt. Verdere ontwikkeling van stadstuinieren, ook buiten de huidige volkstuinparken, is tevens een gezamenlijk doel en past goed in de gemeentelijke ambities om groenbeleving en - gebruik op alle schaalniveaus mogelijk en bereikbaar te maken (zie de Groenvisie Amsterdam 2020-20250). De gemeente is op zoek naar concrete locaties (variërend van postzegelformaat tot grotere gebieden) om nieuwe vormen van stadstuinieren te ontwikkelen en werkt hierbij ook graag samen met de volkstuinverenigingen gezien de kennis, expertise en ideeën hierover van de tuinparken. Publieke toegankelijkheid De gemeenschappelijke delen van de volkstuinparken worden nog meer publiek toegankelijk gemaakt, waarbij elk tuinpark streeft naar uitnodigende entreegebieden en tenminste één aantrekkelijke groene zone in elk volkstuinpark. Hierbij geldt: iedereen is welkom, maar niet elk gedrag is welkom. Toegangstijden worden zo ruim mogelijk. De toegangstijden van de volkstuinparken worden zo ruim mogelijk. De tuinparken zijn nu al van zonsop- tot zonsondergang open in het tuinseizoen. De duur van het tuinseizoen (zomer) varieert tussen de 7 en 9 maanden.
In de resterende maanden (winter) zien we dat steeds meer tuinparken overdag zijn geopend, met name in het weekend. Voor bezoekers is het essentieel dat zij van de openingstijden op aan kunnen en niet onverwacht voor een dicht hek staan (of erger: ingesloten raken). Die tijden komen ook op de websites van de volkstuinparken en van de gemeente te staan. Afsluitsystemen die wel van buiten naar binnen in het slot vallen, maar van binnenuit altijd opengemaakt kunnen worden hebben daarom de voorkeur. Volkstuinparken kunnen 11
experimenteren met wat voor hen werkt. Het gaat zowel om (meer) uren per dag en (meer) maanden per jaar. Parken worden meer als wandel- en natuurgebieden ingericht. Uitgangspunt is dat wandelen, naast tuinieren nog meer het centrale thema van de volkstuinparken wordt. Bezoekers kunnen genieten van de natuur, van rust en van de grote verscheidenheid aan tuinen. Daarmee blijven de parken oases in de stad. Rust en veiligheid staan dan centraal. Om het wandelen te stimuleren en faciliteren gaan gemeente en volkstuinparken aan de slag met ruimere en meer toegangen op de volkstuinparken, aangeven van wandelroutes, duidelijke bewegwijzering naar de parken toe, banken en picknicktafels aanbrengen. Het uitgangspunt hier is dat aangesloten wordt bij wat al gebeurt op de volkstuinparken. Fietsers zijn te gast op de wandelpaden (als die zich daartoe lenen). Fietsers zijn welkom op de wandelpaden van volkstuinparken, als gast. Ten aanzien van de tuinparken in het Westerpark geldt de afspraak dat de mogelijkheid en de noodzaak van een doorgaand fietspad over 8-9 jaar verder wordt onderzocht in relatie tot de ontwikkeling en bereikbaarheid van Haven-Stad. Ten aanzien van het gebied in de Nieuwe Kern van de gemeente Ouder-Amstel geldt een apart proces en gesprekstafel.
Waar tuinparken nu al een onderverdeling kennen met een openbaar fietspad tussen twee gedeelten van het tuinpad blijft deze situatie ongewijzigd. Voorbeelden zijn tuinpark Osdorp en Wijkergouw. Gedragsregels opgesteld door volkstuinparken Volkstuinparken stellen gedragsregels op voor huurder en bezoekers op de volkstuinparken. De gemeente kijkt waar deze eventueel in strijd zijn met de ambitie ten aanzien van publieke toegankelijkheid waarna een gesprek gericht op overeenstemming tussen de vereniging en de gemeente volgt. Publieke toegankelijkheid op de nutstuinen op afspraak Voor nutstuinparken zijn de mogelijkheden tot publieke toegankelijkheid beperkter gegeven het gebrek aan toezicht, de vaak afgelegen ligging en de vaak specifieke inrichting van die complexen. Ook hier geldt: nutstuinen geven zelf aan waar ze mee zouden willen starten. Denk daarbij aan opening op enkele vaste tijden in de week, maand of jaar en een wandeling op afspraak. Nutstuinparken zetten zich daarnaast in om meer activiteiten te organiseren samen met maatschappelijke partners en uit de buurt. Daarbij wordt nadrukkelijk de aansluiting op andere ‘groene’ buurtactiviteiten gezocht. Gezamenlijke communicatie Om voor wandelaars de informatie t.a.v. openingstijden overzichtelijk te maken, kan een gezamenlijke website ondersteuning bieden.
Met name de nutstuinparken geven aan hier behoefte aan te hebben (deze hebben vaak geen website). Samen met de gemeente wordt gekeken naar de communicatie over openingstijden en activiteiten op de volkstuinparken. Beter en meer divers gebruik van de volkstuinparken Tuinen krijgen meer gebruiksmogelijkheden. Volkstuinparken vormen in feite een buurt- en wijkvoorziening en hebben daarnaast vaak ook een stedelijke uitstraling en betekenis. Samen vormen de volkstuinparken een belangrijk onderdeel van 12
de stedelijke Hoofdgroenstructuur - het geheel is meer dan de optelsom van de afzonderlijke tuinparken. Volkstuinparken vormen daarbij op een aantal plekken in Amsterdam een samenhangend en aaneengesloten natuurgebied. Niet alleen wonen veel tuinders in de aangrenzende wijken, maar de parken bieden ook faciliteiten aan andere buurtbewoners en een bredere groep belangstellenden. Voor hen, en voor alle andere tuinparkbezoekers wordt meer ruimte gemaakt voor nieuwe initiatieven, die de natuurwaarden en de inrichting als tuin- en wandelomgeving versterken. Voorbeelden van mogelijkheden zijn: - Het in algemeen gebruik geven (onder nader uit te werken voorwaarden) van delen van algemeen groen aan geïnteresseerde groepen – vooral voor de tuinparken met grote oppervlak algemeen groen. - Meer betrekken van andere tuinliefhebbers. - Toevoegen kleinschalige functies (zoals plukweide, moestuintjes etc). - Samenwerking voor gemeenschappelijke activiteiten en samenwerkingsvormen die op het externe buurtwerk zijn gericht: buiten spelen voor kinderen, bescheiden horeca, aanbieden van logeerhuisjes etc. Het streven is, naast wandelen en tuinieren, per tuinpark minimaal één andere activiteit toe te voegen. Veiligheid wordt nauw gemonitord Meer publieke toegankelijkheid van volkstuinparken kan consequenties hebben voor de veiligheid.
Deze eventuele consequenties moeten goed in beeld gebracht worden. Hierbij kan geleerd worden van bijvoorbeeld de pilot Tuinen van Westerpark. Eventuele consequenties voor veiligheid en de te nemen maatregelen worden gemonitord bij de concrete plannen van aanpak per park en vormen een apart onderdeel van de jaarlijkse evaluatie. De inzet van gemeente en volkstuinparken is om met politie en handhaving op stedelijk niveau afspraken te maken over hun rol en inzet. Hiertoe kunnen bestaande afspraken tussen bepaalde volkstuinparken en wijkagenten als voorbeeld dienen. Wanneer bij de monitoring blijkt dat meer inbraak en/of vandalisme heeft plaatsgevonden, wordt gezocht naar adequate oplossingen en, indien noodzakelijk, kan de toegankelijkheid tot een aanvaardbaar niveau teruggedraaid worden tot een betere oplossing is gevonden. Breder aanbod, meer gebruikers Het gezamenlijk doel is hier: tuinieren voor meer mensen toegankelijk maken. Dat doen we door vergroting van het aanbod door bijvoorbeeld het splitsen en delen van tuinen en een gevarieerd aanbod in tuinieren te bieden zoals moestuinbakken, collectieve tuinen en plukweides te stimuleren. Buurtbewoners en andere geïnteresseerden kunnen actief deelnemen aan het onderhoud van het gemeenschappelijk groen bijvoorbeeld door mensen die op de wachtlijst staan actief te betrekken, of door ‘vrienden van’ constructies.
Om de tuinen aantrekkelijker te maken werken we aan een bijzondere inrichting, doorkijkjes tussen afscheidingen, lagere heggen en toegankelijke informatie over uiteenlopende vormen van natuurbeheer en over speciaal ingerichte tuinen die er op de tuinparken te bewonderen zijn. Vrijkomende tuinen en huisjes op organische wijze splitsen en delen Afbraak van huisjes is alleen dan aan de orde indien de voordelen duidelijk opwegen tegen de nadelen, bijvoorbeeld om ruimere entrees aan te leggen of publiek toegankelijke groene zones te
13
verruimen of te verbeteren. Dit kan aan de orde komen bij de concrete plannen van aanpak per park. Daarbij geldt dat ook naar betere alternatieven dan afbraak gekeken moet worden. Vrijkomende tuinen (door natuurlijk verloop) kunnen worden gesplitst en/of ingezet voor meerdere gebruikers (op organische wijze). Afhankelijk van vraag uit de buurt, het gebied in de directe omgeving van een tuinpark, is toetreding door andere partijen dan tuinders op een wachtlijst mogelijk. Dit vergt uitwerking en aanpassing in de aanbod-, wachtlijst- en administratieve systemen. Samenwerking met maatschappelijke (buurt)organisaties Volkstuinparken zijn een belangrijke voorziening voor omringende buurten en wijken. Om deze rol te versterken wordt, met ondersteuning vanuit de programmaorganisatie Vernieuwing Volkstuinparken en in ieder geval in samenspraak met het betrokken stadsdeel, samenwerking gezocht met maatschappelijke organisaties uit de omgeving. Dat kan gaan om scholen of zorginstellingen, maar ook aanbieders van yoga of andere voorzieningen. Hierbij geldt weer: aansluiten bij wat kan en wat leeft als wensen/vragen in de buurt. Om dit mogelijk te maken werken volkstuinparken nauw samen met contactpersonen uit de verschillende stadsdelen (gebiedsteams).
Samen kunnen ze op zoek naar het maken van een match tussen vraag en aanbod in buurtvoorzieningen – en ook hier zal de programmaorganisatie ondersteuning bieden indien gewenst. (Commerciële) exploitatie accommodaties en ondersteunende horeca wordt onder voorwaarden mogelijk Zaalverhuur aan instellingen en experimenteren met commerciëlere exploitatie ten behoeve van de maatschappelijke functie en beleidsdoelstelling wordt mogelijk gemaakt. Hierbij dient bepaald te worden welke voorwaarden en kaders hiervoor gelden. Gemeente en volkstuinparken werken samen de voorwaarden uit. Voorstel is om een aantal pilots te starten op volkstuinparken die hier belangstelling voor hebben. De meeropbrengsten uit de exploitatie kunnen aangewend worden voor het beheer en onderhoud en activiteiten op de volkstuinparken, conform de uitgangspunten die gezamenlijk zijn opgesteld. Eisen en voorwaarden aan commerciële exploitatie dienen verder te worden uitgewerkt. Zo zal stand-alone horeca niet mogelijk en niet wenselijk zijn. Ook gelden er specifieke eisen voor bijvoorbeeld voorzieningen als kinderopvang. Biodiversiteit Meer variatie en diversiteit De biodiversiteit van de volkstuinparken en hun natuurwaarden zijn uitermate belangrijk. De volkstuinparken willen deze natuurwaarden voor de toekomst veiligstellen, versterken en voor meer bezoekers meer zichtbaar maken.
Dit betekent meer variatie en diversiteit, geen uniformiteit, maar volkstuinparken met een eigen karakter. Ecologisch tuinieren als norm Ecologisch tuinieren is de norm, óók voor de volkstuinparken, waaronder nutstuinen, waar dit nu nog niet zo is. Het gebruik van gif en kunstmest wordt gaandeweg onmogelijk gemaakt. Volkstuinparken streven daarbij naar extra stippen op het lieveheersbeestje van het keurmerk Natuurlijk Tuinieren.
14
Samenwerkingsafspraken en plannen van aanpak per volkstuinpark Samenwerkingsafspraken per type park De gezamenlijke uitgangspunten vormen de basis van de samenwerkingsafspraken per type park (verblijfstuinen, dagrecreatie parken en nutstuinen). Het gaat hierbij om uitgangspunten, randvoorwaarden, ambitieniveau, keuzemenu, evaluatie en monitoring. Deze samenwerkingsafspraken worden gemaakt op hoofdlijnen tussen de gemeente en de volkstuinparken. Al het werk op de parken is vrijwilligerswerk. Jaarlijkse evaluatie op hoofdlijnen De samenwerking wordt jaarlijks op hoofdlijnen geëvalueerd. Hierbij gaat het zowel om de uitvoering van de samenwerkingsafspraken per type tuinpark, als om de samenwerking tussen de gemeente en volkstuinparken in algemene zin. Voor de volkstuinparken komt één aanspreekpunt binnen de gemeente (komende periode is dat de programmamanager vernieuwing volkstuinparken). Gezamenlijke uitgangspunten als basis voor plannen van aanpak De volkstuinverenigingen ontwikkelen op basis van de samenwerkingsafspraken voor ieder volkstuinpark een plan op maat. Daarbij komen de thema’s zoals genoemd in dit kader van uitgangspunten in ieder geval terug: - vergroten publieke toegankelijkheid; - verbreden van aanbod van functies en activiteiten; - meer divers gebruik; - samenwerking met buurtorganisaties etc.
Het plan van aanpak zoals dat bestaat voor de Tuinen van Westerpark kan als referentie dienen. Plannen kunnen in een jaar gereed zijn. Daar waar een volkstuinpark langer nodig heeft kan het in twee jaar. Plannen van aanpak van onderop De ambitie de gemeente om meer te doen voor meer Amsterdammers moet passen in het verenigingsleven en haar lange geschiedenis. Draagvlak en enthousiasme bij de tuinders zijn daarbij belangrijk. De plannen van aanpak die gemaakt worden per park starten daarom van onderop, aansluitend bij initiatieven die tuinders willen en kunnen nemen, de partners die ze daarbij vinden en activiteiten die al lopen. Inspiratie en ondersteuning Om de beweging naar ‘meer te doen (in het groen) voor meer Amsterdammers’ is ondersteuning en inspiratie nodig. De vrijwilligers van de verenigingen zullen dit niet alleen kunnen trekken. De gemeente gaat ondersteuning bieden via het programmateam en met verenigingen afstemmen waar behoefte aan is. In ieder geval komen er contactpersonen per stadsdeel om o.a. de matching met buurtorganisaties te ondersteunen. Daarnaast kan bijvoorbeeld gezamenlijk een jaarlijks (wandel)evenement georganiseerd worden, waar alle volkstuinparken activiteiten organiseren en bezoekers kennis kunnen maken met de mogelijkheden. Bij de nutstuinparken is ook aangegeven dat inspiratie en uitwisselen ervaringen onderling zeer gewenst zijn.
De gemeente wil kijken hoe en of het nodig is daarbij te ondersteunen. 15
Voortgang per park Samen met de gemeente wordt gekeken naar een beperkte maar passende set indicatoren die de voortgang per park inzichtelijk maken. Ook wordt samen met de gemeente en de volkstuinparken nog uitgewerkt wie en hoe de voortgang per park wordt gevolgd.
Huurprijzen, beheerbudget, onderhoudskosten etc. Beheer en onderhoud blijven bij de volkstuinparken. De volkstuinparken blijven verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de publiek toegankelijke delen. Daarmee komt er geen scheiding tussen openbare en niet openbare delen op de volkstuinparken. De volkstuinparken blijven dus voor 100% verhuurd aan de vereniging. Huurprijzen voor privé tuinen gaan omhoog Omdat er (wel indexering) maar al geruime tijd geen aanpassing van de huurprijzen had plaatsgevonden (terwijl andere gemeentelijke huurtarieven wel zijn verhoogd), wil de gemeente nieuwe huurprijzen vaststellen en ook de verschillen in huurprijzen opheffen die in de loop van de tijd zijn ontstaan tussen de tuinparken. De eerder aangegeven huurprijs van 2,25 euro/m2 voor de volkstuinparken heeft tot veel zorgen geleid. De gemeente heeft hiervan goed kennis genomen en stelt, gezien de door volkstuinders opgestelde en door vele tuinders en betrokkenen ondergetekende petitie (ruim 29.000 in totaal) waarin staat vermeld ‘dat volkstuinders best wat meer willen betalen, maar dat deze huurverhoging buitenproportioneel is’ (…), ‘en verzoeken…, een redelijk en billijke huurverhoging geleidelijk door te voeren, zodat tuinders hun tuin kunnen blijven behouden’, een nieuwe een redelijke huurverhoging voor.
De gemeente stelt de volgende huurprijzen voor de privétuinen (tuinen, die individuele tuinders huren): 0,30 euro/m2 bedragen voor de nutstuinparken, 0,80 euro/m2 voor de dagtuinparken 0,95 euro/m2 voor de verblijfstuinparken De gemeente gaat ervanuit dat deze huurprijzen redelijk en betaalbaar zijn. Daar waar dat niet het geval blijkt, zal er tussen de gemeente en de besturen van de verenigingen een overleg plaatsvinden om te bezien wat een mogelijke oplossing kan zijn, bijvoorbeeld het gebruik van de stadspas met een groen stip. Indien binnen de verblijfstuinen een deel wordt omgezet naar nutstuinen of gemeenschappelijke tuinen wordt opnieuw gekeken naar de totale huurprijs. De te hanteren formule hiervoor wordt in een volgende fase verder uitgewerkt. Geen huurverhoging publiektoegankelijke delen De publiek toegankelijke delen van de volkstuinparken blijven op dezelfde huurprijs. Omdat de gemeente de (huidige) kleine verschillen in huurprijzen niet in stand wil laten, zal voor deze delen dan een gemiddelde, huidige, huurprijs gaan gelden. Dit gaat er dan als volgt uitzien: 0,30 euro/m2 voor de nutstuinparken (gehele park), 0,47 euro/m2 voor de publiek toegankelijke delen van de dagtuinparken 0,47 euro/m2 voor de publiek toegankelijke delen van de verblijfstuinparken. 16
De huurverhoging voor de privé delen gaat in stappen (5 jaar) en de huurprijs voor de publiektoegankelijke delen geldt vanaf 1-1-20221. Jaarlijkse indexering van de huurprijzen vindt plaats volgens de CPI-index met prijspeil 1-1-2022. Contracttermijn De contracttermijn van de huurovereenkomst (die nu vaak slechts enkele maanden is) gaat naar 10 jaar zodat tuinparken voor lange tijd rust en zekerheid krijgen. Daarna wordt het contract steeds met 10 jaar verlengd, tenzij er dwingende redenen zijn om naar een andere contracttermijn over te gaan. In de huurovereenkomst wordt voor huurder en verhuurder een ruime opzegtermijn van 2 jaar opgenomen. Indien een van de partijen de huurovereenkomst wil beëindigen, dan moet minimaal 2 jaar voor het einde van de huurtermijn van 10 jaar schriftelijk worden opgezegd. Deze opzegging dient hierdoor uiterlijk in het zevende huurjaar te worden verzonden. Wordt dit in de eerste termijn niet opgezegd, dan wordt de huurtermijn met nogmaals 10 jaar verlengd. Na deze tweede termijn loopt de overeenkomst van rechtswege door en blijft de opzegtermijn uiteraard 2 jaar. Meeropbrengsten huur en huidige onderhoudsbijdragen terug naar de parken op eerlijke en transparante wijze De meeropbrengsten van de huurverhoging worden beschikbaar gesteld voor het beheer en onderhoud van de volkstuinparken.
Daaraan worden de huidige onderhoudsbijdragen die enkele parken ontvangen vanuit gemeentelijk vastgoed aan toegevoegd. NB Over het deel de onderhoudskosten waar nog geen overeenstemming over is wordt geprobeerd cq is de inzet de komende twee weken (de termijn van de ledenraadpleging) tot een mogelijke oplossing te komen’2. De buiten de huurcontracten bestaande afspraken tussen individuele volkstuinparken en stadsdelen ten aanzien van onderhoudsbijdragen voor beheer en onderhoud vallen buiten deze middelen. De wijze van beschikbaarstelling van de meerinkomsten van de huurverhoging en de daaraan toegevoegde onderhoudsgelden wordt op zo kort mogelijke termijn verder uitgewerkt. Belangrijk is dat de meeropbrengsten en de huidige onderhoudsbijdragen gekoppeld blijven aan de volkstuinparken en terugvloeien naar de tuinparken. Deze gelden dienen op eerlijke en transparante wijze verdeeld en verantwoord te worden tussen de volkstuinparken. De volkstuinverenigingen nemen zelf de onderlinge verdeling van deze gelden ter hand, op basis van jaarlijkse beheer en onderhoudsplannen alsmede meerjarenonderhoudsplannen. De gezamenlijke uitgangspunten voor de verdere ontwikkeling van de volkstuinparken van gemeente en volkstuinparken vormen daarbij het kader.
De bond van volkstuinders en de zelfstandige volkstuinverenigingen komen samen tot een voorstel voor een organisatievorm hierin en leggen dit voor aan de gemeente. Leidend is een verdeling naar maatregelen waar de noodzaak het hoogst is en de meerwaarde voor tuinders en bezoekers het grootst is.
1 Ingangsdatum is in overleg met de tuinverenigingen verplaatst naar 1 juli 2022. 2 Dit punt is opgenomen in de verdere procesafspraken.
17
Omdat het beheer en onderhoud bij de volkstuinverenigingen ligt, is het belangrijk dat er zekerheid is over de jaarlijkse bijdragen voor het uitvoeren van deze taken. Daarom vindt de gemeente het – bij wijze van uitzondering – verantwoord en belangrijk om de extra inkomsten vanuit de huur te oormerken voor beheer en onderhoud van de tuinparken, in plaats van deze op te nemen in de ‘grote pot’ van gemeentelijke huurinkomsten. Stedelijke groeninvesteringen voor vernieuwingsplannen Om de vernieuwing wat betreft inrichting, verhoging natuurwaarden en publieke toegankelijkheid mogelijk te kunnen maken heeft de gemeente gelden voor stedelijke groeninvesteringen (via het Strategisch Huisvestingsplan Bovenwijks Groen). Hierbij geldt dat volkstuinparken zelf plannen van aanpak opstellen en deze door de gemeente ingebracht worden voor financiering. Volkstuinparken en gemeente maken in overleg ramingen van de noodzakelijke ingrepen. Er is geen garantie vooraf dat de middelen worden toegekend aan de ingediende plannen, omdat de raad steeds een jaarlijks budget moet vaststellen en het college een keuze moet maken uit een grote lijst van aanvragen. Verbetering van de volkstuinparken is opgenomen als één van de doelstellingen waar projecten op geselecteerd worden. Mochten de plannen niet gehonoreerd worden, wordt opnieuw gekeken naar de ambities en deze eventueel bijgesteld.
Bij de toekenning van de middelen wordt advies gevraagd van de tuinparken. Riolering Tuinparken die geen eigen riolering hebben en nu nog vuilwater lozen op het oppervlaktewater moeten maatregelen nemen om te voldoen aan de wettelijke eisen op dit gebied. Gemeente en tuinparken willen graag voorkomen dat er dure investeringen worden gedaan die weinig flexibel zijn en vele maanden per jaar niet gebruikt worden. Daarom is het belangrijk naar alle mogelijke oplossingen te kijken en goed uit te zoeken wat de verantwoordelijkheden van de gemeente (als verhuurder) en de verenigingen (als huurder) en de individuele tuinders (als gebruikers) zijn. Op basis van de uitkomsten wordt een meest gewenste oplossing bepaald (deze kan mogelijk per tuinpark verschillen). Ook moet dan gekeken worden naar de financiering van deze oplossingen, waarbij de mogelijkheid van het rioleringsfonds wordt betrokken. Verdere uitwerking gezamenlijke uitgangspunten Bovenstaand betreft de uitgangspunten op hoofdlijnen. De komende maanden zullen deze punten verder uitgewerkt moeten worden tussen de gemeente en de volkstuinparken.
Dit betreft in ieder geval de volgende punten: - De samenwerkingsafspraken per type volkstuinpark - Het format voor de plannen van aanpak per volkstuinpark en de bijbehorende indicatoren voor de monitoring - Eisen en kaders ten behoeve van exploitatie van voorzieningen aan anderen dan de volkstuinverenigingen - Organisatie vorm beheer en onderhoudsorganisatie (samenwerking zelfstandige tuinparken en bond van volkstuinders) - Veiligheidsmaatregelen (inbraak- en vandalismepreventie) - Gezamenlijke punten van jaarlijkse evaluatie samenwerking - Vuilwateropgave en riolering - Gezamenlijke communicatie activiteiten - Concrete ondersteuning van gemeente
18
Volkstuinverenigingen en gemeente spreken af dat zodra de gezamenlijke uitgangspunten zijn vastgesteld door de gemeenteraad, ze samen opnieuw aan tafel te gaan om de verdere fasen van concrete uitwerking samen vorm te geven.
19
5.Uitvoering en samenwerking
Het proces van samenwerking tussen gemeente en volkstuinverenigingen in de eerste helft van 2021 heeft geleid tot goede, gedragen resultaten en een verbeterde verstandhouding. Het doel van de Gezamenlijke Uitgangspunten en deze Aanpak is om op dezelfde voet het proces van uitvoering van de ambities in te gaan. Gezamenlijkheid en afstemming in de lijn van ‘Samen stadmaken’ zijn daarbij steeds de basis. Commitment van gemeente en tuinparkverenigingen om kwaliteit in de uitwerking en uitvoering van de plannen te leveren, is daarin cruciaal. De ambitie is dat alle circa dertig dag- en verblijfstuinparken (exclusief de circa tien nutstuinparken) in Amsterdam de komende tien tot vijftien jaar een verdere ontwikkeling doormaken, waarbij toegankelijkheid verder wordt vergroot en er meer te doen komt voor meer Amsterdammers. Om in dit ambitieuze proces tot goede gezamenlijke resultaten te komen ligt, zoals door de tuinders gewenst, het initiatief bij de volkstuinverenigingen en wordt gewerkt volgens de Agenda ‘Samen Stadmaken’ zoals beschreven in de Omgevingsvisie 2050 (hoofdstuk 21, vanaf pagina 248). Dit betekent dat er veel ruimte wordt geboden aan zeggenschap en eigenaarschap bij de tuinders. De gemeente heeft een duidelijke rol en verantwoordelijkheid in het realiseren van de ambitie om de toegankelijkheid van de volkstuinparken te vergroten.
De gemeente zet zich in om kwaliteit te waarborgen in de uitwerking van de afspraken. Tegelijkertijd nemen gemeente en volkstuinverenigingen over en weer een open houding aan en zijn ze gericht op goede samenwerking. De uitvoering van deze Aanpak wordt onderdeel van de uitwerking van de Groenvisie en het Uitvoeringsprogramma Groen. De afgesproken uitwerkingsproducten van de Gezamenlijke Uitgangspunten zijn bedoeld om de afspraken concreter te maken, zowel kwalitatief als kwantitatief. De eerste stap is het uitwerken van de samenwerkingsafspraken per type tuinpark (nutstuinpark, dagtuinpark en verblijfstuinpark). Daaraan gekoppeld zijn het format voor het plan van aanpak en de indicatoren voor monitoring. Veel verenigingen hebben al goede ideeën voor de vernieuwing van hun volkstuinpark. De tuinparken gaan zelf aan de slag met het uitwerken van een plan van aanpak voor hun tuinpark en vullen een jaarlijkse monitor in waarin de activiteiten en ontwikkelingen worden bijgehouden. Zo wordt duidelijk hoe de vernieuwing van de volkstuinparken ervoor staat en is er mogelijkheid tot bijsturing. De periode na besluitvorming in de raad over de Gezamenlijke uitgangspunten bestaat uit drie fasen: 1. Uitwerking van afspraken 2. Plan van aanpak per tuinpark 3. Uitvoering van de plannen van aanpak
20
1. Uitwerking van de afspraken In de eerste fase na besluitvorming in de raad ligt de nadruk op de gezamenlijk uitwerking van benodigde afspraken en formats voor de uitvoering. Deze fase loopt tot 1 juli 2022, zoals afgesproken met de volkstuinverenigingen. Hiervoor wordt een gezamenlijke overleg- en werkstructuur ingericht met een coördinatiegroep en werkgroepen. Hierdoor krijgt de samenwerking tussen de gemeente en de volkstuinverenigingen vanaf het begin goed gestalte volgens de principes van ‘Samen stadmaken’. De stadsdelen zullen vroegtijdig worden betrokken in de uitwerking van de afspraken. De vijf werkgroepen richten zich op: De opstelling van de nieuwe huurcontracten, De regeling of methode voor opstellen van het onderhoudsfonds, De samenwerkingsafspraken per type tuinpark samen met een format voor de plan van aanpak en een monitor met een beperkte set van indicatoren. De vuilwateropgave. De promotie van de volkstuinparken. De nieuwe huurprijs gaat per 1 juli 2022 in. Gezamenlijk streven is dan ook de nieuwe huurcontracten in te laten gaan.
Onderdelen van het proces tot vernieuwing van de huurcontracten zijn: de afspraken over de vijfjaarstermijn voor de getrapte invoering van de huurverhoging de koppeling van de ontwikkelambitie aan de huurcontracten door de samenwerkingsafspraken het beheerbudget het format voor de plannen van aanpak het format voor de monitoringsafspraken. In de werkgroep voor de vuilwateropgave ligt een belangrijke rol voor Waternet/waterschap Amstel, Gooi en Vechtstreek en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier e.a. De werkgroep wil komen tot een oplossing voor de vuilwaterproblematiek, die adequaat en financieel aantrekkelijk is voor zowel voor de gemeente als de volkstuinverenigingen. Een maatwerkoplossing met gebruik van de septic tanks behoort tot de mogelijkheden, mits deze voldoet aan de eisen die het bevoegd gezag stelt. 2. Opstellen plan van aanpak per tuinpark Na 1 juli 2022 gaat de tweede fase van start. In deze fase werken de volkstuinbesturen zelf op basis van een format een plan van aanpak uit voor hun park dat concrete invulling geeft aan de gewenste vernieuwing. Hierin wordt nauw samengewerkt met het betreffende stadsdeel. Het plan van aanpak verschilt per tuinpark, afhankelijk van onder meer het karakter van het tuinpark en de ligging in de stad.
Hierin kunnen de volkstuinparken hun eigen creativiteit kwijt: welke aanpassingen en activiteiten passen bij hunzelf, bij het park en bij de buurt? Omdat het bij de verenigingen om vrijwilligers gaat, is het essentieel dat zij energie voelen voor de uitvoer van de plannen. Voor de nutstuinparken geldt een beperkter plan van plan aanpak (zie verder het onderdeel nutstuinparken). Zoals in de Gezamenlijke Uitgangspunten aangegeven, hebben de tuinparken een jaar de tijd (tot juli 2023) voor het opstellen van een plan. In uitzonderlijke gevallen is er een uitloopmogelijkheid tot uiterlijk juli 2024. Naar aanleiding van de opgestelde plannen van aanpak wordt een uitvoeringsprogramma, een beheer- en onderhoudsprogramma en een investeringsprogramma opgesteld. Vanaf begin 2023 (of eerder indien tuinparken in een 21
sneller tempo tot een plan van aanpak komen) wordt gestart met een vertaling van de plannen in een investeringsprogramma om in aanmerking te komen voor gemeentelijke investeringsbijdragen voor groen. 3. Uitvoering van de plannen van aanpak Daarna start in de derde fase de daadwerkelijke uitvoering van de plannen van aanpak. In een periode van tien tot vijftien jaar ontwikkelen de volkstuinparken zich tot groene gebieden die voor Amsterdammers een gebruikelijke plek zijn om te ontspannen en recreëren. Er zijn regelmatig activiteiten voor zowel de geïnteresseerde buurtbewoner, als voor bijzondere groepen zoals ouderen, mensen met een beperking of schoolkinderen. Er zijn uitnodigende entrees gerealiseerd met interessante wandelroutes langs de tuintjes en velden, en eventueel extra toegangen. Bijzondere elementen nodigen Amsterdammers uit om mee te genieten. Ook actieve deelname van niet-tuinders is op alle parken mogelijk: op de volkstuinparken zijn meer verschillende soorten tuinen, zoals meerdere kleine tuinen op de plek waar eerst één grote was, groepstuinen, tijdelijke tuinen, deeltuinen, pluktuinen et cetera. Uit de opgestelde monitoring moet blijken wat de impact van de vernieuwing is en of de maatregelen inderdaad tot hogere bezoekersaantallen en gezamenlijke activiteiten op de tuinparken leiden.
Financiering Voor het vergroten van de toegankelijkheid van de tuinparken kan al veel in gang worden gezet, maar kan ook een beroep gedaan kunnen worden gedaan op gemeentelijke investeringen (het SHP Bovenwijks Groen). Vanaf heden kan al gewerkt worden aan een verbeterde toegankelijkheid, bijvoorbeeld door verruiming van de openingstijden en faciliteren van buurtactiviteiten. Voor de fysieke maatregelen, zoals aanpassing van de entreegebieden, zijn investeringen echter noodzakelijk. Het sluit aan bij de lijn van de Groenvisie, waarin gepleit wordt voor het structureel investeren in de groene infrastructuur, parallel aan de groei en verdichting van de stad en daarbij een extra impuls te kunnen geven aan het beter benutten van het bestaande groen, zoals de volkstuinparken. Communicatie Gemeente en verenigingen trekken sinds de zomer van 2021 samen op om de volkstuinparken en de activiteiten die er georganiseerd worden, nog beter onder de aandacht bij de Amsterdammer te brengen. Dit proces van gezamenlijke communicatie, waarbij de gemeente haar gemeentebrede kanalen inzet om de volkstuinparken te ondersteunen in hun communicatie naar Amsterdammers, en de volkstuinverenigingen actiever communiceren naar (mogelijke) bezoekers, wordt de komende jaren voortgezet en uitgebouwd.
Initiatief, experimenten en ondersteuning De tuinders hebben aangegeven graag de verantwoordelijkheid te willen (blijven) dragen voor de vernieuwing op de volkstuinparken. De gemeente ondersteunt dit initiatief en maakt ruimte om te experimenteren. Volkstuinverenigingen zijn vrijwilligersorganisaties. Van de besturen is de afgelopen tijd veel gevraagd, en dat zal in de verdere uitwerking van de plannen deels zo blijven. Daarbij dient gekeken te worden hoe ondersteuning de inzet naar een voor vrijwilligers aanvaardbaar niveau kan brengen. Deze ondersteuning zal nodig zijn in alle drie de genoemde ontwikkelfasen. Belangrijk voor de volkstuinverenigingen is om een vast aanspreekpunt bij de gemeente en/of het betreffende stadsdeel te hebben. Continuïteit en partijen die actief hun relatie onderhouden, zijn hierbij essentieel. Een gemeentelijk coördinatiepunt dat in 22
samenwerking met de betrokken lijnafdelingen dit aanspreekpunt vormt, is een van de mogelijkheden en zorgt voor korte lijnen tussen de gemeente en de verenigingen. In de daadwerkelijke uitvoering van de plannen spelen behalve de bestuurders van de verenigingen, ook de overige tuinders zelf een belangrijke rol. Alle activiteiten en het beheer van collectieve delen die nu al plaatsvinden, gebeuren voornamelijk vanuit enthousiasme voor de vereniging en de gedeelde liefde voor tuinieren en de natuur. Deze intrinsieke motivatie is ook een voorwaarde bij het opstellen en uitvoeren van de plannen van aanpak. Ze moeten passen bij het karakter van het tuinpark, bij de behoefte in de omgeving maar zeker ook bij de mogelijkheden (tijd, energie, ideeën) van de leden. De gemeente zal hen hierbij ondersteunen met coördinatie, netwerkvorming en inspirerende voorbeelden. De Bond voor Volkstuinders en de zelfstandige verenigingen monitoren zelf de voortgang van de uitvoering en bespreken met de gemeente hoe het gaat en wat er eventueel nog nodig is. Gaat alles volgens planning? Zijn er extra acties of afspraken nodig? Op belangrijke momenten worden gemeentebestuurders waar nodig over de stand van zaken geïnformeerd. De gemeente helpt verder met kennis en het aanvragen van budgetten voor investeringen in de vernieuwing.
Bijzondere positie nutstuinparken De ambitie ‘meer te doen voor meer Amsterdammers’ geldt voor alle tuinparken. Wel is er verschil in urgentie en de mogelijkheden die de verschillende soorten tuinparken (dagtuinparken, verblijfstuinparken en nutstuinparken) daarvoor kunnen bieden. De nutstuinparken vormen een aparte categorie. Nutstuinparken bestaan over het algemeen uit een verzameling kleine moestuinen zonder huisje, aan de rand van de stad met weinig voorzieningen en gemeenschappelijke delen in de vorm van wandelpaden, velden of een clubgebouw. Omdat er minder toezicht is door de vaak afgelegen ligging en de vaak specifieke inrichting van deze tuinparken zijn er minder mogelijkheden tot publieke toegankelijkheid. De ontwikkelopgave wordt daarom vooral gelegd bij de dag- en verblijfsparken en veel minder bij de nutstuinparken. Voor nutstuinparken geldt daarom een beperkt plan van aanpak. Maatwerk is nodig en nutstuinparken zullen daarbij zelf aangeven wat er wel mogelijk is. Denk daarbij aan opening op enkele vaste tijden in de week, maand of jaar of een wandeling op afspraak of educatieve activiteiten. Nutstuinparken zetten zich waar mogelijk in om meer activiteiten te organiseren samen met de buurt en maatschappelijke partners. Hierbij wordt gekeken naar de aansluiting op andere ‘groene’ buurtactiviteiten.
Er is gevraagd om extra ondersteuning op het gebied van communicatie, dus dat wordt samen met de gemeente opgepakt. Ook hebben de nutstuinparken aangegeven dat inspiratie en uitwisselen van kennis voor de plannen van aanpak zeer gewenst is. Samen werken aan de Amsterdamse Volkstuinparken We gaan komende jaren samen aan de slag om de volkstuinparken verder te ontwikkelen. De volkstuinverenigingen en gemeente werken op basis van deze Aanpak om tot het doel ‘meer te doen voor meer Amsterdammers’ op de volkstuinparken te komen. Zo krijgen de tuinparkverenigingen zekerheid voor de toekomst en kunnen meer mensen genieten van de Amsterdamse volkstuinparken.
23
24
Bijlage: Overzicht volkstuinparken
Volkstuinparken in Amsterdam, Ouder-Amstel en Weesp (situatie mei 2021) (NB) = geen grondeigendom gemeente Amsterdam Noord 1. De Bongerd 2. Buitenzorg 3. De Swaenen 4. Buikslotermeer 5. De Molen 6. Tuinwijck 7. Kweeklust 8. Wijkergouw 9. Rust en Vreugd
29. Klein Dantzig 30. Amstelhof 31. Hof van Eden 32. Nieuwe Levenskracht 33. Nieuwe Diep Zuidoost 34. De Vijf Slagen 35. Reigersbos 36. De Vrijbuiters (NB) 37. Linnaeus 38. Frankendael 39. Tuindersvereniging Driemond
West 10. Zonnehoek 11. Sloterdijkermeer 12. Nut en Genoegen
Ouder-Amstel (grondeigendom gemeente Amsterdam) 40. Dijkzicht 41. Ons Lustoord 42. Nieuw Vredelust 43. De Federatie
Nieuw-West 13. Bretten 14. De Groote Braak 15. De Oase 16. De Ark 17. Osdorp 18. T.I.G.E.N.O. 19. Nieuw Bijenpark (uitgifte in erfpacht) 20. De Eendracht 21. Lutkemeer 22. VAT Sloten 23. Eigen Hof 24. Lissabon 25. Oud Bijenpark 26. Ons Buiten
Weesp 44. Van Houten 45. VTV Kweeklust (NB)
Zuid 27. De Groenlijn Oost 28. Amstelglorie 25
26
Colofon Titel Aanpak voor ontwikkeling Amsterdamse volkstuinparken Meer te doen voor meer Amsterdammers Datum november 2021 Bestuurlijk opdrachtgever Marieke van Doorninck, wethouder Ruimtelijke Ordening & Duurzaamheid Ambtelijk opdrachtnemers Directie Ruimte en Duurzaamheid en Gemeentelijk Vastgoed, gemeente Amsterdam In samenwerking met Bond van Volkstuinders zelfstandige volkstuinparken Amsterdam Public Mediation Fotografie Gemeente Amsterdam Contactadres volkstuinparken@amsterdam.nl www.amsterdam.nl/volkstuinparken
27