1 240429 Raadsinformatiebrief PvA Hbh wachtlijsten.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 29 april 2024 Portefeuille(s) Zorg en maatschappelijke ontwikkeling Portefeuillehouder(s): Alexander Scholtes Behandeld door Onderwijs, jeugd, zorg en diversiteit, bestuurszaken.ojz@amsterdam.nl Datum
Bijlagen
Onderwerp
1.
Plan van aanpak wachtlijsten Hulp bij huishouden (vastgesteld 27 juni 2023)
2.
Overzicht voortgang maatregelen Plan van aanpak wachtlijsten Hulp bij huishouden
Voortgang Plan van aanpak wachtlijsten Hulp bij huishouden
Geachte leden van de gemeenteraad, Vanwege de zorgwekkende lengte van de wachtlijsten voor de Wmo-voorziening Hulp bij huishouden (Hbh) heeft het college 27 juni 2023 een plan van aanpak vastgesteld om deze wachtlijsten te doen verminderen, met daarin een reeks uiteenlopende maatregelen (zie bijlage 1). Met deze brief bied ik u een volledig overzicht van de stand van zaken van alle maatregelen weer, met een nadere uitweiding over een aantal van de belangrijkere maatregelen. In deze brief treft u ook een update aan over de uitvoering van de motie Grote Schoonmaak van het lid Van Pijpen (GL) c.s. die op 19 juli 2023 is aangenomen (motie 456.23). Hiermee heeft de raad aan het college gevraagd te zorgen dat iedereen op de wachtlijst voor hulp bij huishouden een eenmalige Grote Schoonmaak van maximaal 2x 3 uur zou worden aangeboden.
1. Huidige situatie met betrekking tot de wachtlijsten Wachtlijsten Per 31 december 2023 stonden er ongeveer 1500 mensen op de gezamenlijke wachtlijsten van de aanbieders. Naar verwachting betreft dit feitelijk ongeveer 1250 mensen die geen eigen oplossing hebben en wachten op hulp van de gemeente. Hier vindt momenteel dankzij de actie Grote Schoonmaak een opschoning in plaats. Er is voortdurend doorloop, zodat het aantal cliënten op de wachtlijst altijd een momentopname is. Het aantal mensen in zorg is in 2023 toegenomen, van ongeveer 10.800 tot 11.200. Dat is deels het gevolg van maatregelen uit het plan van aanpak, zoals het verruimen van budgetplafonds voor sterk groeiende aanbieders, waar overigens al mee gestart is voor de vaststelling van het plan in juni. Toch is het aantal mensen op de wachtlijst niet verminderd: de toestroom van nieuwe klanten lijkt gestegen te zijn. Het inzicht van de gemeente in de wachtlijsten is gebaseerd op de gegevens die buurtteams en vooral aanbieders in het gezamenlijke registratiesysteem invoeren. Door administratieve achterstanden en soms ook misverstanden was er bij gemeente en aanbieders niet altijd een
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 2 van 11
gelijkluidend beeld van de wachtlijst. Hier is in de tweede helft van 2023 hard aan gewerkt door zowel gemeente als aanbieders, waardoor het beeld van de wachtlijst steeds beter wordt. Wachttijden De langste wachttijden zijn verminderd. De wachttijd verschilt per stadsdeel van zes tot ongeveer zestien maanden. De wachttijden zijn het langst in Zuid en West, gevolgd door Oost, Centrum en NieuwWest. Door uitwisseling van wachtlijstcliënten tussen aanbieders is de langste wachttijd verminderd van ongeveer achttien naar ongeveer zestien maanden. Er zijn nog steeds cliënten die langer op de wachtlijst staan, maar dat is omdat ze de voorkeur geven aan blijven wachten op de aanbieder van hun keuze boven een kortere wachttijd bij een andere aanbieder. Het streven voor 2024 is om de wachttijd overal terug te brengen naar maximaal twaalf maanden. Personeel Gebrek aan personeel is onverminderd de beperkende factor waardoor het niet lukt de wachtlijst (sneller) weg te werken. Een relatief grote uitstroom van personeel, en vaak al na een korte dienstperiode, maakt de druk op het vinden van nieuw personeel alleen maar groter. Aanbieders doen wat ze kunnen om meer personeel aan te nemen en personeel te behouden, maar in de huidige arbeidsmarkt is het bijzonder moeilijk nieuw personeel te vinden en te behouden.
Budget In de begroting voor 2024 en verder is nog steeds voldoende ruimte om te groeien naar 11.800 cliënten, het volume aan cliënten waarvoor de huidige aanbieders in 2022 gecontracteerd zijn. Om verdere groei in het aantal cliënten mogelijk te maken zal extra budget vrijgemaakt moeten worden. Op dit moment is dat er niet.
Voortgaande lobby bij Rijk om financiering Om de Wmo toekomstbestendig te maken en te houden, blijft de gemeente Amsterdam - samen met de G4 en de VNG - de lobby opvoeren richting het Rijk. Het (demissionair) kabinet is nog steeds voornemens om de inkomensafhankelijke eigen bijdrage vanaf 2026 in te voeren. Tegelijkertijd wil het Rijk op dat moment ook een korting doorvoeren ter hoogte van de opbrengsten die het Rijk verwacht dat herinvoering van die eigen bijdrage gemeenten oplevert. Amsterdam is er, samen met de VNG, van overtuigd dat het Rijk die opbrengsten veel te hoog inschat. Dit blijven we daarom kenbaar maken bij het Rijk en een nieuw kabinet.
2.
Maatregelen uit Plan van Aanpak - algemeen
Plan van aanpak wachtlijsten Hulp bij huishouden In juni 2023 heeft het College het plan van aanpak vastgesteld met 29 maatregelen om de wachtlijsten voor hulp bij huishouden te helpen verminderen (bijlage 1). Het plan van aanpak bestaat kort samengevat uit maatregelen gericht op behoud en werving van personeel (campagne, training, inzet anderstaligen, urenuitbreiding, keuze in contracten, aanbrengbonus) en op versterking van zelfredzaamheid van cliënten (huishoudcoach, tijdelijk minder frequente zorg, BRP-check); verder verschillende onderzoeken (in het bijzonder naar inzet van extern personeel op verschillende manieren) en inzet op verbetering van werkprocessen (o.a. samenwerking versterken tussen Hbh-aanbieders, buurtteams en gemeente).
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 3 van 11
Effect van de maatregelen Het effect van de maatregelen is nog beperkt. We hebben de langste wachttijd weten terug te dringen, maar met de voortdurende personeelskrapte en de aanhoudende druk op de voorziening hebben we de wachtlijsten nog niet terug kunnen dringen. Er zijn ook geen eenvoudige oplossingen die snel zichtbare resultaten opleveren. Sommige maatregelen nemen veel tijd in beslag voordat we er de vruchten van kunnen plukken. Voor alle maatregelen geldt dat er geen enkele is die op zichzelf genomen dé oplossing biedt. We moeten het hebben van de optelsom van de effecten van allemaal verschillende maatregelen. Effecten herinvoering inkomensafhankelijke eigen bijdrage De wachtlijst is uiteindelijk niet oplosbaar voordat de inkomensafhankelijke eigen bijdrage weer wordt ingevoerd, wat het Rijk per 2026 van plan is. De eigen bijdrage van € 20,60 per maand die nu van kracht is (sinds 2019 het landelijk maximum, inclusief indexatie), is voor een aantal cliënten met middelhoge en hoge inkomens aanleiding om zorg te vragen van de gemeente die ze bij een hogere eigen bijdrage zelf particulier zouden hebben georganiseerd en gefinancierd. Hierdoor is de druk op de gemeentelijke voorziening Hbh momenteel ongeveer 10% hoger dan het geweest zou zijn met een inkomensafhankelijke eigen bijdrage. Die 10% maakt precies het verschil waardoor we nu een wachtlijst hebben.
Het is helaas niet zo dat we kunnen verwachten dat de wachtlijst meteen opgelost is als de inkomensafhankelijke eigen bijdrage weer wordt ingevoerd. Naar verwachting zullen veel van de meer vermogende cliënten die al huishoudelijke hulp van de Wmo hebben het voor lief nemen dat ze daar meer voor moeten gaan betalen. De instroom van nieuwe cliënten zal naar verwachting echter wel met ongeveer 10% afnemen. Op termijn kan daardoor de wachtlijst in principe opgelost worden. Houdbaarheid Wmo op langere termijn We mogen de ogen er niet voor sluiten dat de houdbaarheid van de Wmo landelijk onder druk staat. De combinatie van enerzijds de toenemende vergrijzing met daardoor een toenemende druk op zorgvoorzieningen, en anderzijds de personele krapte en beperkte middelen, geven door het hele land het beeld van een zorgstelsel onder druk. Ook VWS ziet deze druk toenemen en onderzoekt de houdbaarheid van de Wmo op langere termijn. Amsterdam zet naar aanleiding van de problematiek rond de wachtlijsten Hbh een werkgroep op gericht op oplossingen voor de langere termijn, om te zorgen dat alle Amsterdammers die het nodig hebben van een minimale zorg verzekerd zijn.
3. Stand van zaken Maatregelen uit Plan van Aanpak Sinds juni 2023 is hard aan het plan van aanpak gewerkt en er zijn veel ontwikkelingen in te rapporteren. De ontwikkelingen zijn allemaal in een matrix gezet, met een korte aanduiding wat per maatregel de volgende actie is (zie bijlage 2). Vijf van de belangrijkste maatregelen worden in deze brief uitgelicht en uitgebreider toegelicht. Deze vijf worden uitgelicht omdat er een (potentieel) relatief groot effect op de wachtlijsten van werd verwacht. Net als alle andere maatregelen zijn zij ook opgenomen in het overzicht in bijlage 2. Hier in deze brief staat een uitgebreidere toelichting dan in bijlage 2 opgenomen.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 4 van 11
Maatregel 5 - Campagne Zorg voor Amsterdam In gezamenlijkheid met de acht gecontracteerde aanbieders Hbh voert de gemeente de campagne ‘Zorg voor Amsterdam’ uit. Doelstelling van de campagne is het werven van nieuw huishoudelijk personeel waardoor er zo gauw mogelijk meer mensen op de wachtlijst kunnen worden geholpen. Daarnaast verstevigt de campagne het imago van het beroep huishoudelijke hulp, waardoor het eveneens bijdraagt aan de waardering en het behoud van het huidige personeel. De campagnestrategie is erop gericht inwoners van Amsterdam te activeren om direct te solliciteren en de wachtlijsten voor hulp bij huishouden te verminderen. De campagne Zorg voor Amsterdam is gestart op donderdag 29 februari. Op die dag is de première van de eerste aflevering van de zesdelige AT5-serie “Zorg voor elkaar” uitgezonden. De serie is 12 weken op tv en toont 6 koppels, bestaande uit een Amsterdammer en zijn/haar hulp in de huishouding. Het waardevolle werk en de persoonlijke relatie tussen de medewerker en de Amsterdammer staan centraal. Gelijktijdig loopt de outdoor- en online campagne via social media en de website www.zorgvoor.amsterdam. Tevens is de campagne zichtbaar in het straatbeeld en in de metro en tram.
Bereik doelgroepen De doelgroepen waar de campagne Zorg voor Amsterdam zich op richt zijn: studenten en jongvolwassenen, statushouders, alleenstaande ouders met schoolgaande kinderen, burgers met een migratie achtergrond en vijftigplussers zonder werk. Daarnaast is het belangrijk dat de huidige medewerkers bij de gecontracteerde Hbh aanbieders zich ambassadeurs voelen van hun vak. In samenwerking met de Hbh aanbieders stimuleren wij medewerkers om mensen uit hun eigen netwerk te activeren om te solliciteren. Daarom krijgen de Hbh aanbieders kant-en-klaar communicatiemateriaal (bijvoorbeeld beeldmateriaal voor social media accounts) dat zij eenvoudig kunnen inzetten in hun eigen interne communicatiekanalen en wat vervolgens weer makkelijk te verspreiden is door de ontvangers. Deze communicatiematerialen worden eveneens verzonden aan gemeentelijke collega’s van Werk Participatie en Inkomen (WPI). Instroom sollicitanten Er is een nauwe samenwerking met WPI en het Regionaal Werkcentrum (RWC). Sinds het derde kwartaal van 2023 vervullen zij een belangrijke rol binnen het proces van aanmelden en selecteren van potentiële medewerkers. Het is WPI die het eerste contact legt met geïnteresseerden die zich naar aanleiding van de campagne aanmelden.
Dit maakt de werving en selectie vanuit de campagne Zorg voor Amsterdam, die voorheen bij de afzonderlijke Hbh aanbieders zelf lag, veel efficiënter. Daarnaast worden op deze manier de klantenbestanden van WPI beter benut en wordt het potentiële bereik van de klantmanagers WPI vergroot.
Maatregel 10 - Controle op huisgenoten bij Bureau Registratie Persoonsgegevens (BRP) Een maatregel waarvan een positief effect wordt verwacht op de wachttijden, is het standaard controleren of er huisgenoten op hetzelfde adres staan ingeschreven bij een cliënt volgens de Bureau Registratie Persoonsgegevens (BRP). In de verordening is opgenomen dat er geen Hulp bij huishouden wordt geleverd indien er (volwassen) huisgenoten zijn die het huishoudelijk werk kunnen overnemen.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 5 van 11
Zoals het toegangsproces nu is ingericht, kunnen de intakers van het buurtteam of de Hbhaanbieder niet controleren wie er op het adres van de cliënt staan ingeschreven. Zij komen er in de praktijk soms pas gedurende de werkzaamheden achter dat er huisgenoten zijn. Dit leidt tot vervelende situaties, waarin discussie ontstaat over of iemand wel of geen huisgenoot is. Als dit het geval is moet diegene mee beoordeeld worden in een tussentijdse evaluatie in het kader van het leveren van gebruikelijke hulp. We willen een werkwijze ontwerpen waarbij structureel en vroegtijdig een huisgenotencheck plaatsvindt. De uitdaging is een zo veel mogelijk geautomatiseerd systeem te ontwerpen, omdat het volume dusdanig groot is dat handmatig werken arbeidsintensief en daarom ook foutgevoelig is. Er zijn 4 scenario’s onderzocht om te komen tot een nieuwe structurele werkwijze voor het checken van huisgenoten. De scenario’s omvatten handmatige, systematische en digitale mogelijkheden tot een huisgenotencheck. De voorkeur gaat vooralsnog uit naar een digitaal aanmeldsysteem. Een huisgenotencheck vindt dan plaats middels een online aanvraagformulier. Deze werkwijze wordt ook toegepast bij het aanvragen van een Pgb. Als deze optie niet haalbaar blijkt dan onderzoeken we de mogelijkheid voor het aanpassen van onze systemen.
Het handmatig opvragen en controleren op de aanwezigheid van huisgenoten is de laatste keus. Ook onderzoeken we de mogelijkheid om in het ondersteuningsplan een aanpassing met betrekking tot huisgenoten te maken in het intakeformulier. Deze maatregel op zich is niet voldoende, maar bevordert wel dat huisgenoten vaker tijdens de intake ter sprake zullen komen. Door middel van een steekproef door het Data-team is in kaart gebracht hoe vaak er huisgenoten op een adres van een cliënt wonen. Het blijkt dat bij 12,5% van de cliënten tenminste één huisgenoot van 18-80 jaar woont. Voor de goede orde: pas na onderzoek kan bepaald worden of de huisgenoot ook in staat is bij te dragen aan het huishouden! We hebben nog niet in kaart kunnen brengen hoe vaak de mogelijkheden van deze huisgenoot of huisgenoten om bij te dragen in het huishouden mee zijn gewogen bij de intake. De volgende stap is deze scenario’s verder uit te werken om de haalbaarheid en kosten in kaart te brengen en te kijken wat technisch mogelijk is. Bij een digitaal aanmeldsysteem zal ook naar een alternatief gekeken moeten worden voor niet digitaal vaardige mensen. Het meest haalbare scenario werken we uit.
Maatregel 11 – Invoering van een huishoudcoach We hebben onderzoek gedaan naar ervaringen met een huishoudcoach in andere gemeenten. Een klein aantal gemeenten is bezig met een pilot, waarvan de resultaten in 2024 worden verwacht. Eén opvallende uitkomst is de gemeente Heerde. Die ziet een substantieel effect op de instroom na een jaar begeleiding door een huishoudcoach. Deze huishoudcoach richt zich op complexere situaties, gezinnen en tweepersoonshuishoudens. Binnen deze huishoudens is sprake van leervermogen. De pilot richt zich niet zo zeer op oudere personen zonder netwerk. Voor aanpassingen in huis wordt in Heerde samengewerkt met vrijwillige hulpdiensten in de gemeente.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 6 van 11
Uit een eerdere werkgroep met Tzorg, Cordaan Thuisdiensten en Zilveren Kruis blijkt enthousiasme voor het opzetten van een kleinschalige pilot rondom een huishoudcoach. Cordaan Thuisdiensten heeft ervaring met een huishoudcoach. Deze ervaring en die van andere gemeenten zetten we in om een gezamenlijke pilot in Amsterdam voor te bereiden. In maart is een interne werkgroep samengesteld om deze voorbereidingen te treffen, die in april wordt uitgebreid met externe partners. We betrekken hierbij niet alleen aanbieders maar ook Zorgkantoor/ zorgverzekeraars. Ook gaan we de samenwerking zoeken met vrijwillige hulpdiensten. Het doel is dat er voor de zomer een gezamenlijk plan ligt waarmee we conform planning in september kunnen starten met een pilot in één stadsdeel. De keuze hiervoor moet nog bepaald worden, maar NieuwWest heeft voorlopig de voorkeur.
Onderzoeksmaatregel 15 – Contracteren van extra partijen (evt als tijdelijke oplossing) De acht gecontracteerde aanbieders Hbh krijgen de wachtlijst naar verwachting niet binnen twee jaar opgelost. Daarvoor zouden er tenminste 12.500 cliënten in zorg moeten zijn. Op basis van ramingen van aanbieders en groeiprognoses vanuit gemeentelijke data overstijgen de huidige aanbieders zelfs in het meest gunstige geval in 2024 nauwelijks de 11.800 cliënten waar zij gezamenlijk voor zijn gecontracteerd. Het heeft daarom zin buiten deze acht aanbieders te zoeken naar extra capaciteit. Hiervoor zijn drie mogelijkheden onderzocht: 1. 2. 3.
Onderaannemerschap Andersoortige dienstverlening (schoonmaakbedrijven) Aanvullende Hbh-aanbieders verworven uit aanbesteding.
Onderaannemerschap Onderaannemende partijen beschikken over personeel dat vanwege goed werkgeverschap of een bepaalde achtergrond graag bij deze Hbh-partijen willen (blijven) werken. Drie van de acht contractpartners werken momenteel al met onderaannemers. Daar zijn relatief weinig cliënten bij ondergebracht, ongeveer 450 cliënten, 4% van het totaal. Omdat de contractpartners de volledige verantwoordelijkheid dragen voor de onderaannemende partij, is zo’n constructie niet voor iedere zorgaanbieder weggelegd. Het vraagt veel qua vertrouwen, communicatie en onderlinge afstemming. Een samenwerking afdwingen is niet altijd wenselijk. De gemeente heeft geen formele relatie tot een onderaannemende partij en kan alleen indirect sturen op (de kwaliteit van) de uitvoering. Resumerend: onderaannemerschap levert tot nu toe niet veel extra op en een samenwerking afdwingen is niet altijd wenselijk. Andersoortige dienstverlening In het kader van de motie Grote Schoonmaak doen we momenteel ervaring op met andersoortige dienstverlening (schoonmaakbedrijven). Uit een meervoudige onderhandse aanbesteding zijn 2 partijen geselecteerd die eenmalig hun schoonmaakdiensten aanbieden aan alle Amsterdammers die in 2023 op de wachtlijst stonden en nog niet in zorg zijn.
Bij een positieve ervaring geeft dit een indicatie of we Hulp bij huishouden tijdelijk aan schoonmaakbedrijven kunnen uitbesteden als overbruggingsvoorziening van bijvoorbeeld een jaar.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 7 van 11
Omdat we eerst nog ervaring gaan opdoen met deze vorm van dienstverlening (in de periode van 1 maart tot 1 juli 2024) en daarna pas kunnen starten met voorbereidingen voor een eventuele aanbesteding duurt deze optie lang. Ook vanuit logistieke en met name juridische overwegingen heeft deze optie niet de voorkeur. Vanuit juridisch oogpunt geldt dat bij een overbruggingsvoorziening duidelijk moet zijn wanneer een Amsterdammer met een beschikking krijgt waar die recht op heeft: de voorziening Hulp bij huishouden vanuit de Wmo. Daarvoor moet zicht zijn op het einde van overbruggingshulp. Dit is daarom op zichzelf staand geen oplossing, maar kan wel bijdragen aan vermindering van de wachtlijst als een aanvullende aanbesteding onvoldoende oplevert. Resumerend: Schoonmaakbedrijven zijn een optie voor het leveren van vervangende schoonmaakhulp, want ze hebben capaciteit. We wachten echter eerst de ervaringen af met de uitvoering van de motie Grote Schoonmaak voor we hen eventueel inzetten als overbruggingshulp. Aanvullende aanbesteding reguliere Hbh Een duurzame oplossing waar we als gemeente op kunnen sturen is aanvullend aanbesteden. De bestaande aanbestedingsleidraad kan met betrekkelijk geringe aanpassingen opnieuw gebruikt worden.
Duidelijk moet zijn dat partijen inzichtelijk moeten maken dat zij over voldoende personeel beschikken dan wel inzetten op werving van personeel uit ‘vernieuwende bronnen’. Denk aan mensen die een re-integratieproces hebben doorlopen, werknemers met een bepaalde achtergrond of buitenlandse krachten. Het heeft geen meerwaarde om nieuwe partijen te contracteren die voor hun personele werving gaan concurreren met onze huidige contractpartners. Het risico is echter niet uit te sluiten dat nieuw gecontracteerde partijen ‘in dezelfde vijver gaan vissen’. Het is de vraag hoe sterk dit risico zich in de praktijk zal voordoen. Wanneer nieuwe partijen vooral met de huidige partijen gaan concurreren met de huidige partijen, dan halen we ons de last van extra contract- en samenwerkingspartijen op de hals zonder dat daar voldoende meerwaarde tegenover staat. Resumerend: Iedere vorm van extra capaciteit heeft zijn eigen voor- en nadelen. Uit analyse lijkt aanvullend aanbesteden het meest kansrijk. Door 700 klanten aanvullend aan te besteden zouden we in overzienbare tijd kunnen sturen op vermindering van de wachtlijst zodat meer Amsterdammers Hulp bij huishouden ontvangen.
Ik ga graag in de raadscommissie Onderwijs Zorg en Armoede het gesprek hierover met u aan op welke wijze we het beste meer uitvoerende partijen kunnen aantrekken voor de uitvoering van hulp bij huishouden.
Onderzoeksmaatregel 16 - Dienstencheque Eén van de maatregelen is een onderzoek naar de inzet van vrij te besteden dienstencheques of vouchers bij andere gemeenten. De gedachte is dat (wachtlijst)cliënten door middel van zo’n voucher mensen uit eigen kring of een schoonmaakbedrijf tijdelijk kunnen inzetten voor hulp bij het huishouden.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 8 van 11
Op basis van onderzoek bij andere gemeenten trekken we de volgende twee conclusies: 1. De dienstenvoucher zoals andere gemeenten die nu inzetten (via ZIN), heeft geen meerwaarde voor het verminderen van de wachtlijsten voor Hulp bij huishouden. 2. Een eigen te ontwikkelen variant met een vrij te besteden voucher lijkt moeilijk uitvoerbaar en niet wenselijk. De twee conclusies worden hieronder nader toegelicht. Conclusie 1: Vouchers in de vorm van ZIN hebben geen meerwaarde. Uit onderzoek bij andere gemeenten blijkt dat de dienstenvouchers alleen in te zetten zijn bij door de gemeente gecontracteerde zorgorganisaties voor zorg in natura (ZIN). Het zijn juist de gecontracteerde organisaties in Amsterdam die al met personeelstekorten kampen. Ook indien besloten wordt tot aanvullend aanbesteden heeft de dienstenvoucher in deze vorm geen meerwaarde. Het zou dan enkel gaan om een andere wijze van verstrekking van de voorziening Hbh door het opzetten van een nieuw (voucher)systeem. De ervaring bij andere gemeenten leert dat het in de praktijk geen flexibele maatregel is. Door het landelijke personeelstekort stelt elke gemeente voorwaarden aan het aantal vouchers dat ingezet mag worden. De inzet per klant is daardoor vaak beperkt. Met name zorgaanbieders krijgen het niet geregeld als gebruikers van de voucher de uren over de maand willen verspreiden.
Dit bleek in het verleden alleen haalbaar als klanten met een Hbh-indicatie een extra uur aan hun al geïndiceerde hulp per week voegden. De dienstenvouchers in de vorm van ZIN zijn daarom meer van toepassing op cliënten die al in zorg zijn dan cliënten op de wachtlijst. Uit de analyse blijkt ook dat de dienstenvouchers niet (meer) zo zeer gericht zijn op cliënten met een indicatie. Gemeenten zijn de voorziening gaan gebruiken ter ondersteuning van mantelzorgers en het voorkomen van overbelasting van deze groep. Zij kunnen middels een ‘Huishoudelijke Hulp Toelage’ (HHT) de Wmo wachtlijsten omzeilen en sneller zichzelf van hulp voorzien – maar alleen als er capaciteit beschikbaar is, wat overal steeds minder het geval is. Overigens is het in Amsterdam staand beleid dat voorkomen van overbelasting van een mantelzorger voldoende reden is voor een toekenning van hulp bij huishouden.
Conclusie 2: Een vrij te besteden dienstenvoucher is moeilijk uitvoerbaar en niet wenselijk. Opvallend is dat geen enkele gemeente de vouchers op een vrij te besteden manier inzet. Dit heeft er vermoedelijk mee te maken dat er een groot aantal praktische problemen bij komt kijken. Zo lang er geen contracten zijn met aanbieders kan er geen hulp in uren worden toegekend (middels te verzilveren vouchers), maar alleen hulp uitgedrukt in eigen te besteden budget. Dit heeft veel weg van het reguliere Pgb proces. In de praktijk leidt het werken met vrij te besteden vouchers tot onderstaande vraagstukken en praktische bezwaren: • Vrij te besteden vouchers doen een beroep op de Pgb-vaardigheden van cliënt Net als bij een Pgb zal een cliënt die een dienstencheque krijgt zelf personeel moeten kunnen inhuren en aansturen en een (financiële) administratie voeren. Dat betekent een forse drempel. De klanten waar we een dienstencheque voor overwegen zijn juist klanten die hebben gekozen voor
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 9 van 11
zorg in natura en niet voor een Pgb. Juist voor deze klanten zal dit daarom ook vaak een te hoge drempel zijn. • Verplichting is niet mogelijk Zorg in natura blijft altijd een optie voor cliënten, het is niet mogelijk een dienstencheque verplicht te stellen in plaats van het leveren van zorg in natura. De belangstelling zou gering kunnen blijken. • Aanschaf van een digitaal vouchersysteem De praktische organisatie van een geautomatiseerd systeem kan bijzonder groot uitvallen, terwijl een handmatige aanpak ongeschikt is voor een gemeente van de omvang die Amsterdam heeft en tevens te foutgevoelig is. • Uitbetaling van hulpverlener kan niet via rekening van cliënt De praktische problemen met het beschikbaar stellen van middelen als betaling voor de geleverde huishoudelijke dienst zijn niet triviaal. • Vrij te besteden dienstenvouchers zijn fraudegevoelig en kwaliteit is niet te garanderen Wanneer er geen controle is op hoe of bij wie een cliënt de dienstenvoucher besteedt, kunnen we als gemeente niet instaan voor de geboden kwaliteit en maken we ons kwetsbaar voor frauduleuze uitvoeringen. •
Algemene maatregel biedt geen ruimte voor maatwerk: vaststellen van eigen bijdrage en aantal te besteden vouchers. Wanneer de voucher als algemene maatregel beschikbaar wordt gesteld, is het niet mogelijk daar een afgepaste eigenbijdrageheffing op te voeren (en kan er voor geen enkele voucher een eigen bijdrage worden gevraagd); bovendien hebben we nu geen indicatiesysteem om individueel maatwerk toe te kennen voor het aantal uren huishoudelijke dienstverlening waar een cliënt recht op zou hebben (en moet je iedereen een zelfde aantal uren toe kennen.)
4 Stand van zaken uitvoering Motie Grote Schoonmaak Op 19 juli 2023 heeft de raad motie 456.23 van Van Pijpen (GL) c.s. aangenomen, waarmee het college wordt verzocht een grote schoonmaak te organiseren voor iedereen op de Hbh wachtlijst. Het college heeft de opdracht tot het verlenen van een grote schoonmaak meervoudig onderhands aanbesteed en twee partijen geselecteerd die tussen maart en juli 2024 bij alle cliënten die voor of in 2023 op de wachtlijst zijn gekomen een grote schoonmaak zal aanbieden. In de komende maanden zullen alle cliënten worden gebeld door de Hbh aanbieder bij wie ze op de wachtlijst staan. Die vraagt ze eerst of ze nog belangstelling hebben voor huishoudelijke hulp, want sommige cliënten op de wachtlijst hebben inmiddels al andere oplossingen gevonden. Daarna vraagt de aanbieder of zij prijs stellen op een Grote Schoonmaak. Alle cliënten die dit willen en ermee instemmen dat daartoe hun telefoonnummer via de gemeente aan de schoonmaakbedrijven beschikbaar wordt gesteld, zullen vervolgens door het schoonmaakbedrijf worden gebeld voor het maken van een afspraak. De eerste lichtingen cliënten hebben een brief gekregen om aan te kondigen dat zij binnenkort door hun aanbieder gebeld zullen worden. Deze eerste lichtingen zijn ook gebeld door hun
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 10 van 11
aanbieder. De schoonmaakbedrijven hebben contact gelegd met deze cliënten en de eerste schoonmaakbeurten zijn uitgevoerd. Iedere maand wordt een nieuwe lichting aangeschreven en worden de verschillende stappen van dit proces doorlopen. Van de bereikte cliënten heeft tot nu toe ongeveer 75% belangstelling voor de grote schoonmaak. De geholpen cliënten waar respons van is ontvangen waren blij met de hulp; er zijn tot op heden geen klachten over binnen gekomen. De kosten hiervoor zijn gedekt vanuit de motie.
5 Reactie Cliëntenbelang Amsterdam (CBA) d.d. 16 april 2024 • Wachtlijst We vinden het een goede zaak dat er meer mensen in zorg zijn genomen, dat de langste wachtlijstcliënten worden uitgewisseld en dat de maximale wachttijd is verlaagd van 18 naar 16 maanden. 16 maanden is echter nog steeds veel te lang. We vragen ons af of het haalbaar is om deze wachtlijstduur in 2024 te verlagen naar 12 maanden, maar wat ons betreft moet dit absoluut prioriteit nr 1 zijn. • Hulp eens in de 14 dagen We vinden het belangrijk dat deze maatregel heel goed wordt geëvalueerd. Als er cliënten zijn voor wie dit voldoende is, is dit uiteraard prima, maar dit moet geen nieuwe norm worden. Uitbreiding van uren moet echt heel snel mogelijk zijn als mensen in hun gezondheid achteruitgaan. • De motie grote schoonmaak Heel fijn dat dit plan nu echt in uitvoering is / gaat. En dat er één op één bij mensen thuis wordt gekeken hoe het met hen gaat en wat zij nodig hebben. We kijken uit naar de uitkomsten. • Personeel Er zijn verschillende stappen gezet om meer personeel te werven, dat is mooi. Goed dat er intensief wordt samengewerkt met WPI. We zijn erg benieuwd naar de resultaten van de campagne en vragen ons af of er niet substantieel meer budget nodig is om de campagne ook actueel te houden. • Nieuwe partijen De gemeente stelt dat er meer partijen nodig zijn om meer mensen in zorg te kunnen nemen.
Er worden drie opties benoemd: onderaannemerschap, extra aanbesteding, externe schoonmaakbedrijven. Wij willen ervoor pleiten om hier absoluut werk van te maken in welke vorm dan ook. Onderaannemerschap kan zeker niet afgedwongen worden, maar wat ons betreft wel gestimuleerd worden. Samenwerking met en of uitbreiding van aanbieders lijkt ons van grote meerwaarde juist omdat er geconcludeerd wordt dat de wachtlijst groeit, maar vanuit het Rijk vooralsnog geen extra geld bijkomt (eerder een korting in 2026). Het probleem wordt in de toekomst naar verwachting alleen maar groter en daar is substantieel meer mankracht, capaciteit en geld voor nodig. • De toekomst Goed dat de gemeente hier een werkgroep voor gaat instellen, want de situatie is wat ons betreft onhoudbaar. De gemeente stelt terecht dat de wachtlijst niet met deze maatregelen wordt
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 29 april 2024 Pagina 11 van 11
opgelost. Door dit pakket aan maatregelen worden hopelijk meer mensen in zorg genomen, maar het structurele probleem blijft bestaan. De vraag naar Hbh wordt alleen maar groter. De conclusie dat de wachtlijst nu gecreëerd wordt door 10% hogere inkomens wordt naar onze mening niet voldoende aangetoond, maar is eigenlijk ook weinig relevant aangezien niemand verwacht dat door de inkomensafhankelijke bijdrage de huidige wachtlijst gaat verdwijnen. Kortom, er is meer nodig om Amsterdammers die aangewezen zijn op huishoudelijke hulp nu en in de toekomst te helpen.
6 Reactie Wethouder namens College op reactie Cliëntenbelang Amsterdam Het College dankt CBA voor de constructieve reactie op deze stand van zaken. Terecht geeft Cliëntenbelang Amsterdam aan dat het verminderen van de wachttijd prioriteit nummer 1 moet zijn. Alle maatregelen uit het plan van aanpak worden gemonitord en geëvalueerd. Daarnaast worden alle cliënten, zowel die op de wachtlijst als die al ondersteuning krijgen, dringend verzocht zo snel mogelijk aan te geven wanneer hun situatie verandert, zodat zo snel mogelijk passende actie ondernomen kan worden. De input van CBA ten aanzien van onderaannemerschap zal ik betrekken bij het gesprek dat ik in de raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoede met u wil voeren over hoe we het beste meer uitvoerende partijen kunnen aantrekken voor de uitvoering van hulp bij huishouden.
Tot slot Het College blijft onverminderd werken aan de uitvoering van het plan van aanpak en het terugdringen van de wachtlijsten voor hulp bij huishouden. Voor dit moment hoop ik u voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Alexander Scholtes Wethouder Zorg & Maatschappelijke Ontwikkeling