1_20211122 Lodewijk van Deysselbuurt_Investeringnota H1-H6.pdf
Tekst van het document
Investeringsnota Lodewijk van Deysselbuurt september 2021
Opdrachtgever: Nabila Bouabbouz (G&O)
euwenla
an
Plein ‘40 - ‘45
rlaan
elstraat
rmee
Lambertus Zijlplein
v. Deyss
Slote
Lodewijk
ster v. Le
(projectmanager) (assistent-projectmanager) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (planningsadviseur) (planningsadviseur) (projectleider G&O) (ontwerper openbare ruimte) (verkeersontwerper) (adviseur duurzaamheid) (planeconoom) (projectleider sociaal) (maatschappelijke voorzieningen) (maatschappelijke voorzieningen) (gebiedsmakelaar) (projectleider openbare ruimte) (RO-jurist) (adviseur economie) (adviseur economie) (adviseur wonen) (adviseur communicatie) (adviseur communicatie)
Burgemee
Gemeente Amsterdam: Irma Dejong Christina Marigliano Mei van Eeghen Elmer Verhaak Gerard Lont Tim Nagtegaal Peter Slot Sander Drost Desiree Markiet Mieke Ruisch Houssain Ait-Taleb Mark Koelman Joep Timmer Anucha El Morabet Quinten Atsma Marloes v.d. Swaluw Gerardie de Graaf Adri Hofstra Koen Vreeker Ruth Engels Boris Nienhuis Michiel Mulder Michel Buhrs Dorrileen Gaus Rijnboutt Frederik Vermeesch Arnon Jordan Anna Rodionova
Burgemee
ster Röel
lstraat
Confuciusplein
(architect partner, Rijnboutt) (stedenbouwkundige, Rijnboutt) (stedenbouwkundige, Rijnboutt) Sloterplas
Verantwoording beeldmateriaal, kaarten & foto’s: Beeldbank Amsterdam Collectie kaarten & foto’s, gemeente Amsterdam, Rijnboutt Alle impressies en tekeningen zijn indicatief en hier kunnen geen rechten aan ontleend worden.
Sloterpark
De verankering van de Lodewijk van Deysselbuurt in de context van Geuzenveld- Slotermeer
Inhoudsopgave 1. Samenvatting4 2. Aanleiding & opgave
8
3. Consultatie, participatie & communicatie 3.1 Betrokken partijen 3.2 Eerdere plannen 3.3 Participatie Vernieuwingsplan 3.4 Vervolg participatie 3.5 Communicatie- en participatiemiddelen
12 14 14 14 16 16
4. Analyse18 4.1 Omgeving 20 4.2 Vigerend beleid 22 4.3 Historische analyse 26 4.4 Sociaaleconomische analyse 30 4.5 Woningvoorraad 32 4.6 Bestaande voorzieningen 34 4.7 Ruimtelijke analyse 36 5. Toekomstperspectief44 5.1 Uitgangspunten voor het vernieuwingsplan 46 5.2 Woningen 50 5.3 Lodewijk van Deysselstraat 52 5.4 Voorzieningen 56 5.5 Buitenruimte en groenstructuur 59 6. Duurzaamheid & milieu 6.1 Energie 6.2 Klimaat 6.3 Rainproof 6.4 Watercompensatie en groennormen. 6.5 Planten en dieren 6.6 Materialen 6.7 Mobiliteit 6.8 Afvalinzameling 6.9 Overig
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
7. Stedenbouwkundig plan 7.1 Hoofdlijnen 7.2 Lodewijk van Deysselstraat 7.3 Van Moerkerkenstraat 7.4 Burgemeester van Leeuwenlaan 7.5 Middenzone 7.6 Zuidstrook 7.7 Nieuwe alles-in-één-school 7.8 Jongerencentrum/talentenhuis 7.9 Zuidoosthoek 7.10 Overgang openbaar - privé 7.11 Burgemeester Röellstraat 7.12 Parkeren 7.13 Beeldkwaliteit
68 70 78 82 84 86 88 92 92 93 94 95 100 101
8. Planning & proces
102
9. Organisatie106 10. Ontwikkelstrategie / Financiën 10.1 Ontwikkelstrategie 10.2 Financiën
108 110 113
60 62 63 63 63 64 64 65 65 65
3
1 Samenvatting
4
Bijeenkomst bij een van de L-blokken aan de Lodewijk van Deysselstraat Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
5
1. Samenvatting De gemeente Amsterdam en woningcorporatie Rochdale gaan de Lodewijk van Deysselbuurt in stadsdeel Nieuw-West integraal opknappen om de leefbaarheid voor bewoners verbeteren. De aanpak van deze ‘ontwikkelbuurt’ is urgent, omdat eerdere vernieuwingen werden afgeblazen vanwege de economische crisis van 2008. Deze Investeringsnota is bepalend voor de vernieuwing van de Lodewijk van Deysselbuurt. De nota bevat een ontwikkelstrategie met heldere uitgangspunten voor de ruimtelijke inrichting, de woningen en sociaal-fysieke ingrepen in de buurt. De in 2018 door gemeente en Rochdale vastgestelde ‘Gebiedsanalyse en Toekomstperspectief Lodewijk van Deysselbuurt’ en de gemeentelijke ‘Principenota Geuzenveld- Slotermeer’ (2019) liggen hier aan ten grondslag. Beide partijen hebben samen een actieve bewonersparticipatie georganiseerd. Bewoners hebben hieraan deelgenomen met wisselende intensiteit, eerst in de klankbordgroep Lodewijk van Deysselbuurt (2016-2018) en daarna in het ‘meedenknetwerk’ (2018-2020). Nu de plannen concreter worden, is er in 2020 een Buurtplatform opgericht. Gemeente en corporatie pakken daarmee samen de participatie verder op. Deze Investeringsnota legt een aantal principiële keuzes vast voor de fysieke en fysiek-sociale aanpak, waarvoor de gemeente financiële middelen wil reserveren.
De precieze keuze van ingrepen werken gemeente en corporatie in de verschillende vervolgstadia verder uit, samen met bewoners en andere partijen. Het project kent een doorlooptijd van circa 10 jaar. Een aantrekkelijke en toekomstbestendige buurt De Lodewijk van Deysselbuurt wordt een aantrekkelijke en toekomstbestendige buurt, zowel ruimtelijk als sociaal. Om de Lodewijk van Deysselbuurt te verbeteren, kiezen gemeente en corporatie ervoor om te investeren in vastgoed, openbare ruimte en de sociaaleconomische positie van bewoners. Met uitzondering van het gebouw de ‘Grote en Kleine Verfdoos’ worden alle
6
1.168 woningen van Rochdale in de buurt gerenoveerd en verduurzaamd dan wel vervangende nieuwbouw gebouwd. Rochdale pakt ook aangrenzende bedrijfsruimten en parkeergarages aan. De corporatie is alvast begonnen met de renovatie van alle woningen in de noordstrook van de buurt. De mogelijkheden van vernieuwing in het zuid- en middengebied zijn onderzocht. In de buurt ligt een kans om circa 700 extra woningen toe te voegen door de sloop van ongeveer 500 woningen en de bouw van circa 1200 woningen. De gemeente versterkt de relatie tussen Lodewijk van Deysselbuurt en de omgeving door de veranderende aansluiting op de Burgemeester Röellstraat. Om de buurt als geheel sterker te maken, is een breder aanbod aan woningen en bijbehorende huuren koopprijzen nodig dan alleen grotendeels voor de laagste inkomens. De kans die de sloop-nieuwbouw in delen van de buurt biedt om extra woningen bij te bouwen, benutten we om een divers woningaanbod te realiseren. In de buurt komen meer vrijesectorwoningen, waardoor het aandeel van sociale huurwoningen afneemt, zonder dat het absolute aantal sociale huurwoningen daalt. Verbreding van het woningaanbod is er in de eerste plaats op gericht om de huidige bewoners die na de vernieuwing niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning (vanwege hun inkomen) ook perspectief te bieden op een woning in de buurt.
Hoewel bewoners nog steeds op straat kunnen parkeren, zal de auto minder dominant aanwezig zijn in het straatbeeld. Om van de Van Deysselbuurt ook in sociaal opzicht een sterkere buurt te maken, doen we in deze investeringsnota ook voorstellen voor fysiek-sociale ingrepen. Gemeente Amsterdam zet in op de bouw van een nieuwe alles-in-één school op een centrale plek in de buurt, ter vervanging van het huidige, verouderde en
achteraf gelegen schoolgebouw in de buurt. Daarnaast werkt de gemeente aan een hybride Jongerencentrum XL met mogelijkheden voor talentontwikkelingsactiviteiten op het gebied van educatie, kunst en cultuur en sport en spel. Een jongerencentrum/talentenhuis dat effectief en efficiënt kan inspelen op de jongerenopgave in de Van Deysselbuurt en breder in Geuzenveld-Slotermeer. Openbare sport- en speelplekken worden opgeknapt en de gemeente kijkt samen met bewoners hoe de gebruikswaarde en sociale veiligheid van de sport- en speelruimte en het groen in de buurt versterkt kan worden. Zo wordt de leefbaarheid vergroot en stimuleren we ontmoeting en beweging. Bewoners krijgen zo nodig op een laagdrempelige manier hulp om zelfredzamer te worden. Organisaties bieden integraal ondersteuning bij activiteiten die bijdragen aan het versterken van gezondheid en zelfredzaamheid, zelfstandig wonen en het bestrijden van eenzaamheid. Bijzondere aandacht is er voor de vergroting van kansen voor jongeren, bijvoorbeeld door ruimte voor studie en talentontwikkeling buitenshuis aan te bieden. Deze sociale programmering voor basisvoorzieningen en buurtteams heeft ook een plek nodig in de buurt. De ruimtereservering en de benodigde verwervingen hiertoe maken daarom onderdeel uit van deze Investeringsnota.
Op dit moment is het maatschappelijk vastgoed in de buurt ontoereikend om te voorzien in de maatschappelijke opgave. Extra woningen Met dit ontwerp geven we een helder antwoord op de vraag naar extra woningen in dit deel van Amsterdam Nieuw-West. De gemeente heeft de ambitie om de Burgemeester Röellstraat om te vormen naar een volwaardige stadslaan. De Lodewijk van Deysselbuurt is een mooi voorbeeld van de buurtopzet volgens de tuinstadgedachte van het Amsterdamse Uitbreidingsplan (AUP) uit 1934. De verkavelingsstructuur van het AUP
is dan ook de stedenbouwkundige taal waarbinnen we de extra woningen bouwen. De verbindingen met de overige buurten (de Lodewijk van Deysselstraat, de Van Moerkerkenstraat en de burgemeester van Leeuwenlaan) worden als ‘lange lijnen’ behouden en in hun karakteristiek versterkt. Deze straten zijn de begrenzing van velden die op hun beurt, bestaan uit verschillende bouwblokken. Binnen deze blokken komen extra woningen, vooral in het zuiden langs de Burgemeester Röellstraat. Tegelijk met de bouw van de nieuwe woningen komen er aan de straat nieuwe functies, zoals woningen en bedrijfsruimten. Daardoor wordt de sociale veiligheid op straat verhoogd. Herdefiniëren van de openbare ruimte De openbare ruimte en het groen in de Lodewijk van Deysselbuurt zijn geordend volgens de regels van het AUP en kennen een duidelijke hiërarchie: van privétuin, straatgroen en plantsoen tot park. Dit geeft de buurt zijn huidige, groene karakter – een kwaliteit die we behouden. Het gebruik van het groen is echter sinds het ontwerp en de realisatie van het AUP sterk veranderd. Overgangen openbaar/collectief/privé zijn niet duidelijk meer en de druk op de openbare ruimte is sterk toegenomen door stijging van het autogebruik. Dit vraagt om een nieuwe invulling van de openbare ruimte.
In het stedenbouwkundig plan doen we voorstellen om de straatprofielen aan te passen zodat het groen beter bruikbaar en toegankelijk wordt. We herdefiniëren de groenruimten met in gedachten de regels van het AUP, geven ze gebruikswaarde voor verschillende doelgroepen en geven de overgangen opnieuw vorm. Zo wordt de groenstructuur van de buurt duidelijker zichtbaar voor de bewoners en stimuleren we het gebruik ervan. De openbare ruimte van de Van Deysselbuurt is straks niet alleen aantrekkelijk en groen, maar ook gebruiksvriendelijk. Lodewijk van Deysselstraat als hart van de buurt
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
Centraal in de buurt is én blijft de Lodewijk van Deysselstraat de belangrijkste straat voor bewoners. Door de kenmerkende en monumentwaardige bebouwing grotendeels te behouden, vertelt deze straat ook in de toekomst het verhaal van de buurt. Dat neemt niet weg dat de Lodewijk van Deysselstraat zowel fysiek als programmatisch versterkt moet worden. In ruimtelijke zin worden de te handhaven bouwblokken gerenoveerd en krijgen ze voordeuren aan de straat. In programmatische zin kan de straat buurtgerelateerde functies faciliteren, zoals een buurtkamer en buurtgeoriënteerde (ondergeschikte) horeca om buurtnetwerken en zelfstandig ondernemers een aantrekkelijke plek om elkaar te ontmoeten te kunnen bieden. Een sociaal maatschappelijk concept om zorgverlening en laagdrempelige voorzieningen voor ontmoeten te combineren wordt met de corporatie nader uitgewerkt. Zo kan de Lodewijk van Deysselstraat zich ontwikkelen tot een echte buurtstraat en hart van de buurt.
Amsterdam Nieuw-West en de grote groenstructuren in het stadsdeel. Dit kan tot uiting komen in natuurinclusief bouwen en in de keuze van beplanting als onderdeel van het ontwerp van de bebouwing en de openbare ruimte. Voor de Van Deysselbuurt is de sociale duurzaamheid een belangrijke doelstelling. Met het verbeteren van de huidige sociale woningbouwvoorraad en het toevoegen van nieuwe woningtypen, wordt de hele buurt een toekomstbestendige buurt.
Verduurzamen Een toekomstbestendige buurt is een duurzame buurt. Duurzaamheidsmaatregelen hebben te maken met klimaatadaptatie, energietransitie, circulariteit, mobiliteit, ecologie en sociale duurzaamheid. Bomen, groen en minimale verharding dragen eraan bij om de hitte in de zomer te verminderen, regenpieken op te vangen en water vertraagd af te voeren. De te renoveren bebouwing dient verduurzaamd te worden als antwoord op de energietransitie, ditzelfde geldt uiteraard ook voor de nieuwbouw. Circulariteit kan tot uitdrukking komen in de inrichting van de openbare ruimte en in het materiaalgebruik van de nieuwbouw en/ of eventueel hergebruik van materialen van de te slopen bebouwing. Vanwege de bouw van extra woningen speelt mobiliteit een belangrijke rol, bijvoorbeeld met flexibele parkeergarages, of concepten voor deelvervoer en aanleg van laadpalen. De ecologische waarde van het groen is van groot belang als onderdeel van het groene
7
2 Aanleiding & opgave
8
Middenzone van de Lodewijk van Deysselbuurt Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
9
2. Aanleiding & opgave De Lodewijk van Deysselbuurt in Amsterdam Nieuw-West is dringend toe aan vernieuwing. De bewoners wachten al sinds 2005 op vernieuwing van hun buurt, zoals aangegeven in het Vernieuwingsplan Buurt 5, in het kader van Richting Parkstad 2015. Het aanpakken van de buurt en de woningen is nodig omdat de meeste woningen technisch niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd en ook niet meer aan de behoefte van de bewoners aan een gezonde en prettige woning. De buurt heeft een eenzijdige woningvoorraad en mist mede daardoor een gevarieerdere bewonerssamenstelling. Bovendien zijn er veel sociaal-maatschappelijke problemen. De openbare ruimte heeft nauwelijks gebruikskwaliteit en is ernstig achterhaald, met een profiel dat grotendeels dateert uit de jaren vijftig. Het doel van de opgave is van de Van Deysselbuurt een aantrekkelijke, gemengde en toekomstbestendige buurt te maken, in eerste plaats voor de huidige bewoners. Een integrale vernieuwing is noodzakelijk, de fysieke verbetering moet bij kunnen dragen aan de opgaven op sociaal maatschappelijk gebied. Er ligt een vraag voor extra woningen in de buurt. De vernieuwing van de Burgemeester Röellstraat kan hier een rol in spelen; daarnaast ligt er de wens het voorzieningenaanbod dient beter aan te sluiten bij de wensen en behoeften van de buurt.
De woningvoorraad moet beter voldoen aan de behoeften van de huidige en toekomstige bewoners en de gebruikswaarde van het groen en de openbare ruimte moet vergroot worden.
10
In 2018 hebben stadsdeel Nieuw-West en corporatie Rochdale gezamenlijk vastgesteld wat de ambities en opgave voor de buurt zijn (Gebiedsanalyse en Toekomstperspectief Lodewijk van Deysselbuurt). Vervolgens hebben de gemeente en de gezamenlijke corporaties de opgave breder opgepakt voor Geuzenveld- Slotermeer als geheel, in het bijzonder de buurten gelegen aan de Burgemeester Röellstraat. Dit heeft geleid tot het ‘Principebesluit Geuzenveld Slotermeer’. In 2020 hebben de gemeente en drie woningcorporaties specifiek voor de drie Röellbuurten in de Verbeteraanpak Röellbuurten (2020) en de Uitvoeringsagenda Sociaal Röellbuurten (2020) concrete afspraken verbonden aan de doelstellingen uit de Bestuursopdracht Ontwikkelbuurten (2019 - 2022). Ten aanzien van de fysieke en fysiek-sociale opgave heeft Rochdale het Vernieuwingsplan Lodewijk van Deysselbuurt (2020) opgesteld voor haar vastgoed en daarin een voorstel gedaan voor stedenbouwkundige aanpassingen in de Lodewijk van Deysselbuurt. Na een draagvlakpeiling in de buurt (mei 2020) heeft de gemeente dit vernieuwingsplan verder uitgewerkt en uitgebreid met delen van de buurt die niet in bezit zijn van Rochdale. Deze Investeringsnota is daarvan het resultaat.
De Lodewijk van Deysselstraat Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
11
3 Consultatie, participatie & communicatie 12
Bijeenkomst bij De Eendagszaak aan de Lodewijk van Deysselstraat Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
13
3. Consultatie, participatie & communicatie 3.1 Betrokken partijen De Lodewijk van Deysselbuurt is een compacte buurt met een overzichtelijk aantal betrokken partijen. De belangrijkste partij is de initiatiefnemer van de vernieuwing, corporatie Rochdale. De gemeente draagt er zorg voor dat deze vernieuwing samengaat met andere met de corporatie afgesproken doelstellingen op het gebied van duurzaamheid, toevoegen van woningen, behoud van sociale huur en tegelijkertijd een diverser woningaanbod en verbetering van het voorzieningenaanbod voor de bewoners. Dit leidt tot een herstructurering van zowel bebouwing als openbare ruimte. De grootste groep belanghebbenden bij de vernieuwing vormen de bewoners. Hun belang bij de vernieuwing is groot. Hun woning en buurt worden direct geraakt. Dit maakt meteen de opgave voor participatie door de bewoners een ingewikkelde. Zolang bewoners geen concreet plan voor de toekomst van hun eigen individuele woning kennen was het voor veel bewoners (te) veel gevraagd om mee te doen in een proces dat moet leiden tot een compleet vernieuwingsplan voor bijna de gehele buurt. Maar omgekeerd bepaalt dat complete plan voor de gehele buurt de toekomst van die eigen individuele woningen. Deze context voor de totstandkoming van onderhavig plan vroeg en vraagt om een specifieke communicatieen participatiestrategie.
Want voor een breed gedragen toekomstplan met blijvend resultaat op thema’s als bebouwing, openbare ruimte, voorzieningen, mobiliteit en duurzaamheid is het noodzakelijk dat gemeente en corporatie structureel meningen en wensen ophalen en vervolgens toetsen in de buurt of ze wat de bewoners betreft op het goede spoor zitten. Naast de bewoners zijn er nog enkele andere belanghebbenden in het gebied. Dit zijn de ondernemers
14
in het bedrijfsonroerend goed van Rochdale en overige eigenaren/ontwikkelaars. Corporatie en gemeente hebben met een aantal van hen verkennende gesprekken gevoerd over hun eventuele toekomstplannen.
3.2 Eerdere plannen In het verleden hebben bewoners meegesproken over het Vernieuwingsplan Buurt 5 (2005), waar de Lodewijk van Deysselbuurt deel van uitmaakt. Als gevolg van de economische crisis vanaf 2008 heeft dit voor de Van Deysselbuurt tot niks geleid. Omdat de corporatie had aangekondigd voorlopig geen substantiële investeringen in de woningen in de Van Deysselbuurt te kunnen doen, had de gemeente besloten daarop niet te wachten. De gemeente vroeg de bewoners in 2014 mee te denken en voorstellen te doen voor de herinrichting van de openbare ruimte van de gehele buurt. Los daarvan heeft de Hoge School van Amsterdam een onderzoek gedaan naar wensen van bewoners in Nieuw-West voor de inrichting van hun straat, en in het bijzonder van de overgang van hun woning (privé) naar de straat (openbaar). Ook daarin hebben bewoners van de Van Deysselbuurt geparticipeerd (2016). In 2016 was het ontwerp voor de openbare ruimte voor de gehele Van Deysselbuurt gereed voor bestuurlijke besluitvorming. Op dat moment kondigde Rochdale aan toch plannen voor de vernieuwing van de woningen in de Van Deysselbuurt te gaan maken, inclusief sloopnieuwbouw. Daarop besloot de gemeente om het plan voor de openbare ruimte niet vast te stellen. Financieel maatschappelijk is dit een verantwoorde keuze.
Het is een logischer volgorde om in geval van sloop-nieuwbouw eerst de gebouwen aan te pakken en aansluitend de openbare ruimte, in plaats van andersom. Voor de bewoners betekende dit echter dat ze opnieuw moesten wachten op een substantiële verbetering van
hun woonomgeving. En dat corporatie en gemeente hen opnieuw vroegen om mee te denken over een integraal vernieuwingsplan plan voor hun buurt. Alleen voor de noordzone van de buurt wordt het plan voor de openbare ruimte vastgesteld, vooruitlopend op deze Investeringsnota, omdat voor deze woningen relatief snel duidelijk was dat het om renovatie zou gaan, zonder herstructurering.
3.3 Participatie Vernieuwingsplan In aanloop naar deze Investeringsnota hebben er gesprekken plaatsgevonden met bewoners en enkele andere belanghebbenden. In oktober 2018 heeft Woon! zogenoemde ontwikkelgesprekken gevoerd met sleutelfiguren in de Van Deysselbuurt om thema’s die leven in de buurt op te halen. In november 2018 heeft Woon! in het kader van de Principenota Geuzenveld Slotermeer (2019) een inloopmiddag en -avond georganiseerd voor bewoners en belangstellenden in de Van Deysselbuurt om wensen en zorgen op te halen. In juni 2019 hebben Rochdale en gemeente vervolgens een participatieavond met bewoners uit de Van Deysselbuurt georganiseerd over concrete thema’s en ontwerpdilemma’s. Het betrof bewoners die in de fase van de Principenota hadden aangegeven bereid te zijn mee te denken met het plan voor hun eigen buurt (door Woon! verenigd in het ‘Meedenknetwerk’), aangevuld met bewoners uit het bewonersnetwerk van Rochdale. Verder is er een buurtpunt in de wijk, waar bewoners terecht kunnen voor al hun vragen. Er worden ook (sociaal) spreekuren gehouden. Daarnaast leggen medewerkers van het buurtpunt huisbezoeken af om te inventariseren wat nodig is om de woningen op orde te houden, tot de daadwerkelijke vernieuwing van start kan gaan. Bovendien krijgt het gebiedsteam Geuzenveld Slotermeer op haar reguliere participatiemomenten in
Beste meedenker,
de buurt ook wensen en zorgen mee over het huidig functioneren van de buurt als gevolg van fysieke gebreken aan woningen en woonomgeving. Op alle participatiemomenten verzochten bewoners om bij het vernieuwingsplan voor de buurt aandacht te hebben en oplossingen te bedenken voor: ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■
Het eenzijdige woningaanbod Overbewoning Behoud van sociale huur Voorzieningenaanbod Type invulling van bedrijfsruimten Verkeersveiliger inrichting straten en stoepen Het ruimtebeslag van alle typen vervoer Meer mogelijkheden voor laagdrempelig ontmoeten en spelen (voor alle leeftijden) ■ Oplossingen voor hangjongeren – zowel voor henzelf (jongerencentrum/talentenhuis) als voor de degenen die overlast van hen ervaren (tegengaan van ‘aantrekkelijke’ hangplekken zoals de vele portieken en onoverzichtelijke achteraf gelegen plekken in de buurt) ■ Meer gebruiksmogelijkheden van de groengebieden ■ Meer handhaving op onderhoud privétuinen
Hartelijk dank voor uw komst en denkkracht tijdens onze meedenkbijeenkomst maandagavond ndagavon 24 juni 2019. U kijkt hopelijk ook terug op een avond waar u uw ideeën heeft kunnen delen om te komen tot een plan voor de toekomst van de buurt. Wij, Rochdale en de gemeente, kunnen echt verder met de uitkomsten van de gesprekken over de verschillende dilemma’s en thema’s. We weten nu wat u belangrijk vindt en wat u graag anders ziet. Maar zoals iemand ook al benoemde en waar we nog echt wel moeten puzzelen is dat als je kiest voor bijvoorbeeld meer parkeerruimte, dat dat kan betekenen dat er minder speelruimte komt en andersom. En nu? Na de zomer krijgen alle bewoners de Van Deysselkrant met deze terugblik en andere actuele informatie. Intussen werken wij met uw ideeën verder aan het stedenbouwkundig plan. We verwachten dat plan in het najaar af te kunnen maken. We nodigen u nog een keer uit zodra we zelf ook weer een stap verder zijn. Een fijne zomer, ook namens Gemeente Amsterdam en !WOON Woningstichting Rochdale
In het algemeen merkten we aan alle tafels dat mensen in de buurt willen blijven wonen:
De vragen, opmerkingen en ideeën die bewoners hierbij hebben aangedragen, hebben mede als input gediend voor het huidig stedenbouwkundig ontwerp. Andere opmerkingen en wensen zullen als input dienen voor de concrete woningcomplexontwerpen en het openbare ruimteontwerp, na het Investeringsbesluit.
Veel privetuinen worden slecht onderhouden. beter Toetsen Vernieuwingsplan in de Tip: buurt handhaven. In mei 2020 hebben gemeente en corporatie Meer ruimte voor ontmoeting in het groen maken
vele verschillende (digitale) communicatie- en participatiemiddelen ingezet om het draagvlak voor het gemaakte plan te toetsen. Uit de honderden reacties tijdens een webinar kwam vooral naar voren
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
“Niet meer zoals vroeger” Lodewijk van Deysselstraat heeft teveel bedrijfsruimtes die een gesloten uitstraling hebben. Draagt niet bij aan buurtgevoel/veiligheid. Zelf doen mensen weinig inkopen meer in de buurt; vroeger veel meer, maar toen waren er nog winkels voor de dagelijkse 15 boodschappen. Lodewijk van Deysselstraat is wel belangrijk, maar niet als het bijzondere icoon van de buurt. Architectuur mag levendiger
dat wat de bewoners betreft met de uitvoering van het vernieuwingsplan niet snel genoeg kan worden begonnen. Er was geen enkele vraag naar het ‘waarom’ en een enkele vraag of opmerking over het ‘hoe’. Veruit de meeste reacties begonnen met ‘Wanneer [..]?’, met als onderwerp: sloop, herhuisvesting, -vergoeding, terugkeer, etc. Buurtplatform Medio 2020 is het meedenknetwerk door stichting !Woon omgevormd tot een buurtplatform, om verder te participeren over het vernieuwingsplan. Sinds medio 2020 zijn er circa 10 (digitale) overleggen geweest tussen het buurtplatform, gemeente en Rochdale. Naast de formele en informele overleggen is er ook schriftelijk veel informatie uitgewisseld, zijn er vragen beantwoord en is gereageerd op adviezen. Het buurtplatform is het in grote lijnen eens met het vernieuwingsplan: ook zij onderkennen de noodzaak tot vernieuwing, inclusief gedeeltelijke sloop-nieuwbouw, verdichting en het toevoegen van woningen in andere segmenten. Het buurtplatform heeft echter twijfels over de wijze van verdichten. Zij zouden deze liever meer verdelen over de buurt als geheel, door de nieuwbouw aan de Burgemeester Röellstraat te verlagen van 7 naar 5 lagen en ter compensatie de plantsoenen aan de Van Moerkerkenstraat te bebouwen. Om verschillende redenen (o.a. efficiënt ruimtegebruik, behoud kenmerkende groenstructuur, woningtypologie) is hier niet voor gekozen.
Het buurtplatform heeft ook zorgen geuit over de geplande (uitbreiding van) voorzieningen en met name omzetten van woningen daarvoor in de Van Deysselstraat. Het buurtplatform vreest dat de buurtvoorzieningen ook gebruikt zullen worden door mensen van buiten de buurt en extra verkeer aan zullen trekken. Ook denkt ze dat er geen draagvlak is voor kleinschalige bedrijfsruimten, op
16
basis van ervaringen uit het verleden. Mede op basis van dit signaal is het oppervlak toe te voegen bedrijfsruimte verkleind van 3.500 m2 naar 2.000 m2. Dit wijkt hiermee af van de gemeentelijk ambitie om per toegevoegde woning ook 5 m2 bedrijfsruimte toe te voegen. Zowel het buurtplatform als corporatie en gemeente willen graag weten hoe de bewoners van de Van Deysselbuurt aankijken tegen de plannen. Daarom is afgesproken om tijdens de inspraakperiode een buurt enquête te houden, om het draagvlak voor de plannen te peilen. De enquête wordt uitgevoerd door een onafhankelijk bureau in opdracht van gemeente en Rochdale. De aanpak en vragen worden vooraf afgestemd met het buurtplatform. Dit besluit is niet het einde van het participatietraject, maar voor veel onderdelen juist het begin van het vernieuwingsproces, waar in de loop van 10 jaar veel uitgewerkt zal worden en waarin het buurtplatform een belangrijke rol kan vervullen.
3.4 Vervolg participatie Na het vaststellen van de Investeringsnota gaan gemeente en Rochdale door met overleg met de buurt en bredere communicatie. Beide partijen hebben hier eigen verantwoordelijkheden, maar trekken vooral ook samen op waar het kan. Alle doelstellingen, randvoorwaarden, uitgangspunten, kaders en dergelijke hiervoor zijn beschreven in een gezamenlijk strategisch communicatieen participatieplan, per fase uit te werken in een uitvoeringsplan. De communicatie rondom de Van Deysselbuurt is niet één geregisseerd proces, maar een brede en kleurrijke mix van acties, activiteiten, middelen en interventies die bijdragen aan geformuleerde doelstellingen. Elk project, plan, deelplan en initiatief vraagt om een
eigen participatie- communicatieaanpak die bijdraagt aan het grotere verhaal van de ontwikkeling van de buurt. Bewoners zullen bijvoorbeeld uitgebreid kunnen participeren bij het opstellen van het Sociaal Plan, het maken van plannen voor de openbare ruimte en meedenken over de buurtvoorzieningen. Om al deze communicatie en participatie op elkaar af te stemmen, maken Rochdale en gemeente op basis van het strategisch plan steeds uitvoeringsplannen voor een half jaar. Deze plannen worden voortdurend gemonitord en ook besproken met de bewonersvertegenwoordiging.
3.5 Communicatie- en participatiemiddelen Allereerst vindt er structureel overleg met bewoners plaats via het Buurtplatform. Daarnaast wordt ook de komende periode een brede range aan participatieen communicatiemiddelen en –activiteiten ingezet. Denk daarbij onder meer aan (digitale) informatieen participatieavonden, (digitale) nieuwsbrieven, het buurtpunt, de inzet van de websites van gemeente en Rochdale en zeker ook de eigen projectwebsite Deysselbuurt.nl. Minstens drie keer per jaar verschijnt er een Deyssel Krant. Waar mogelijk wordt nieuws ook gedeeld op Facebook en Twitter. Om de regie op de samenwerking te versterken schakelen we samen met Rochdale een communicatiebureau in dat ons ondersteunt op de juiste inzet op de verschillende momenten in het proces.
Tijdbalk bewonersparticipatie Lodewijk van Deysselbuurt 2015
2016
2017
2018
nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei aankondiging buurtbijeenkomst
Krant uitgangspunten buurtaanpak
Communicatie over de gebiedsvisie d.m.v. krant
Hele buurt Woonwensenonderzoek (alle woningen aangeschreven, respons 60%) Eerste bijeenkomst klankbordgroep
Bijeenkomst Klankbordgroep (15 deelnemers)
Oprichting Meedenknetwerk
(42 deelnemers)
Klankbord Vervolg bijeenkomst klankbordgroep (30 deelnemers)
2019
2018
2020
2021
c jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec Communicatie over de gebiedsvisie d.m.v. krant
Terugkoppeling aan de buurt december 2019 Digitale bijeenkomsten, 3 Webinars
%)
eelnemers)
(ruim 300 deelnemers) Oprichting Meedenknetwerk
Fysieke bijeenkomst buurtplatform over het vernieuwingsplan Bijeenkomst Meedenknetwerk bijeenkomst buurtplatform Bijeenkomst Meedenknetwerk
bijeenkomst buurtplatform bijeenkomst buurtplatform bijeenkomst buurtplatform bijeenkomst buurtplatform
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
17
4 Analyse
18
De Burgemeester van Leeuwenlaan Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
19
4. Analyse 4.1 Omgeving Locatie in de stad Slotermeer, waar de Lodewijk van Deysselbuurt deel van uitmaakt, heeft een centrale ligging in de grootstedelijke regio van Amsterdam: halverwege Haarlem en Amsterdam-IJburg. Het uitgestrekte havengebied van Amsterdam ligt net ten noorden van de buurt, samen met bedrijventerrein Sloterdijk. De haven is een belangrijke bron van werkgelegenheid. Vanaf Sloterdijk centrum naar het noordoosten wordt Haven-stad ontwikkeld, hier verrijzen woon-werkwijken met ruimte voor duizenden woningen en arbeidsplaatsen. De Lodewijk van Deysselbuurt is onderdeel van stadsdeel NieuwWest. Binnen Nieuw-West is de buurt onderdeel van de buurtcombinatie Slotermeer-Zuidwest. Vanuit de binnenstad van Amsterdam en vanuit de regio is de Van Deysselbuurt op verschillende manieren te bereiken. Zo is er een directe tramverbinding (tram 13) met het Centraal Station (in een halfuur te bereiken). De binnenstad van Amsterdam is vanaf de Slotermeerlaan ook met de tramlijn 7 binnen een halfuur te bereiken. De andere kant op ligt treinstation Sloterdijk op 10 minuten afstand. Met de komst van de Westtangent komt er een hoogwaardige busverbinding tussen Sloterdijk en Schiphol, via de Slotermeerlaan. Deze buslijn verbindt de buurt ook met het centrum van Nieuw West (het Osdorpplein).
Even verderop zijn er vanaf de Burgemeester de Vlugtlaan busverbindingen met het Centraal Station van Amsterdam (lijn 21) en met Zandvoort (lijn 80). De buurt ligt relatief ver van een metrostation. Metrohaltes Jan van Galenstraat en Burgemeester de Vlugtlaan liggen beide op circa 1,5 kilometer afstand van de buurt, maar zijn via de verschillende tram- en busverbindingen in 5 minuten te bereiken. Kortom: ondanks de ligging aan de westrand van Amsterdam is
20
de buurt per openbaar vervoer goed bereikbaar. Door bezuinigingen staat het openbaar vervoer echter wel onder druk. Ook per fiets is de Lodewijk van Deysselbuurt goed bereikbaar. Er zijn voldoende fietspaden die de buurt met de stad en haar omgeving verbinden. De autobereikbaarheid van de buurt is eveneens uitstekend. De buurt is vanaf de ringweg A10, de N200 (Haarlemmerweg) en de A5 (Westrandweg) in 5 minuten te bereiken. Locatie in Geuzenveld- Slotermeer De Lodewijk van Deysselbuurt ligt centraal in GeuzenveldSlotermeer, ten zuidwesten van Plein ’40 – ’45. De buurt sluit aan op diverse stedelijke structuren, zoals de hoofdgroenstructuur met het gebied Eendrachtspark – Sloterpark. Daarnaast ligt de buurt aan de belangrijke Slotermeerlaan (noord-zuid), die Sloterdijk en Slotermeer met Osdorp verbindt, en de Burgemeester Röellstraat (oost-west), die Geuzenveld en Slotermeer verbindt met de A10 en Amsterdam binnen de ring. Op een lager schaalniveau wordt de buurt via een parallelle route (Lodewijk van Deysselstraat) verbonden met het Lambertus Zijlplein en het Plein ’40 –’45. Haaks daarop ligt de verbinding met het Confuciusplein. Aan de kant van de Slotermeerlaan zijn diverse voorzieningen op de begane grond van de bebouwing gehuisvest.
De Slotermeerlaan is een eenzijdig georiënteerde ‘stadsstraat’, die net als de Burgemeester de Vlugtlaan als aanloopstraat naar het Plein ’40 – ’45 fungeert. De buurt kent zelf een scala aan kleinschalige voorzieningen, aan de Lodewijk van Deysselstraat en in de Burgemeester van Leeuwenlaan. Even verderop zijn het gewaardeerde Gerbrandypark, het Sloterpark met de Sloterplas en het nieuwe Sloterstrand te vinden.
Ondanks de centrale ligging heeft de buurt het karakter van een tuinstad en profileert deze zich niet uitgesproken naar buiten toe. De beslotenheid en tuinstedelijke luwte, in combinatie met een prettige menselijke maat, zorgen voor een (in potentie) prima woonkwaliteit.
Binnenstad
Sloterdijk Gerbrandypark Sloterplas
Plein ‘40 - ‘45
Sloterstrand
Sloterpark Lodewijk v. Deysselbuurt Eendrachtspark Confuciusplein
Confuciusspeeltuin
Lambertus Zijlplein
De positie van de Lodewijk van Deysselbuurt (midden) in de stad Amsterdam, met op de voorgrond het Lambertus Zijlplein en op de achtergrond Plein ‘40 - ‘45, Sloterdijk en de binnenstad van Amsterdam
21
4.2 Vigerend beleid Rijksbeleid
Beleid gemeente Amsterdam
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geeft aan dat het Rijk drie hoofddoelen heeft voor stedelijke ontwikkeling:
Omgevinsgvisie Amsterdam 2050 De omgevingsvisie is de opvolger van de Structuurvisie Amsterdam 2040 en is op 8 juli 2021 door de raad vastgesteld. In de omgevingsvisie staan de opgaven waar Amsterdam voor staat.
■ Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; ■ Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; ■ Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Voor de Lodewijk van Deysselbuurt zijn met name de hoofddoelen over bereikbaarheid en een leefbare buurt met behoud van cultuurhistorische waarden van belang. Luchthavenindelingsbesluit (LIB) De Lodewijk van Deysselbuurt is verder onderdeel van het zogeheten Luchthavenindelingsbesluit (LIB). Hierin staan regels die de veiligheid van het vliegverkeer moeten waarborgen. Dit besluit heeft gevolgen voor het toevoegen van woningen en de maximale bouwhoogte. Voor de Lodewijk van Deysselbuurt geldt vanuit het LIB een maximale bouwhoogte van circa 51 meter. Bovendien geldt dat een ontwikkelaar(/corporatie) toekomstige bewoners vooraf en actief moet informeren over mogelijke geluidhinder.
Amsterdam ziet het als een verantwoordelijkheid om te groeien en zo te voldoen aan de vraag die er ligt. De visie beschrijft de gewenste ontwikkeling op basis van vijf strategische keuzes die gelden als voorwaarde voor de groei. Dit zijn: ■ meerkernige ontwikkeling ■ groeien binnen grenzen ■ duurzaam en gezond bewegen ■ rigoureus vergroenen ■ samen stadmaken
Koers 2025 In Koers 2025 heeft de gemeente, als uitwerking van de Structuurvisie Amsterdam 2040, GeuzenveldSlotermeer aangewezen als een van de tien gebieden om kwalitatieve en kwantitatieve ambities voor te benoemen. Daarbij is voorzien dat aanvullend op de transformatie van de Ringzone West en Sloterdijk tot hoogstedelijke gebieden, ook Geuzenveld en Slotermeer aanvullend ruimte kunnen bieden aan zowel bestaande bewoners als ook midden- en hogere inkomens (lokale stijgers, spijtoptanten uit groeikernen en nieuwe stedelingen). Amsterdam heeft daarbij het verhogen en op peil houden van de leefbaarheid in deze voormalige stedelijke vernieuwingsgebieden benoemd als expliciete opgave. Daarvoor zijn besluiten nodig ten aanzien van projecten voor gebiedsontwikkeling, bijbehorende ingrepen in de
De visie bevat ook een ruimtelijk-programmatisch kader en een beleidsagenda waarin al het bestaande beleid voor de fysieke leefomgeving is samengevat.
Omgevingsvisie Amsterdam 2050
Koers 2025
Ruimte voor de stad Versie april 2016
Een menselijke metropool
22
infrastructuur en andere fysieke maatregelen. Woonagenda 2025 Vanuit de Woonagenda 2025 komen drie criteria voor woningen: voldoende, betaalbaar en goed. Voor het uitgangspunt ‘voldoende woningen’ is de ambitie om de woningvoorraad en woningbehoefte in 2025 beter op elkaar te laten aansluiten. Enkele acties die hierbij horen: ■ Jaarlijks minimaal 1.500 middeldure huurwoningen laten bouwen; ■ Het stedelijke uitgangspunt voor de woningbouwprogrammering is 40 procent gereguleerde huur, 40 procent middeldure huur en koop en 20 procent dure huur en koop. Per plangebied bepalen we welk programma wordt gerealiseerd; ■ Ernaar streven dat een significant deel van het middensegment in de nieuwbouw groter wordt dan 70 m²; ■ Met de corporaties en de bewoners nieuwe afspraken maken over de huisvestingsopgave voor kwetsbare groepen; ■ Met de corporaties en de bewoners aanvullende
duurzaamheidseisen afspreken voor nieuwbouw. Economie van Morgen Het document Economie van Morgen bestemt de Van Deysselbuurt voor wonen én werken. Bedrijfsruimte wordt geïntegreerd in woonwijken. Integratie van bedrijven in woonwijken is nodig om divers ondernemerschap voor de stad te behouden: ■ Bedrijfsruimte is grondgebonden; aanvullende kantoorruimte op bovenlaag. Integratie van productieve bedrijven biedt ook sociaaleconomische kansen voor wederopbouwwijken in Nieuw-West, Noord en Zuidoost; ■ Bij inrichting openbare ruimte rekening houden met behoeftes aan bedrijfsmatig functioneren.
Bestuursopdracht Ontwikkelbuurten Met het coalitieakkoord ‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid’ en de Uitvoeringsagenda 2019 heeft het College van B&W ervoor gekozen om samen met de stadsdeelbestuurders consequent bewoners te ondersteunen die het moeilijk hebben. Het College kijkt samen met de stadsdeelbestuurders nadrukkelijker naar de noden in verschillende gebieden en buurten en investeert op basis daarvan het meest in die plekken waar de nood het hoogst is. Voor de meeste kwetsbare buurten in Amsterdam heeft het College van B&W een Bestuursopdracht Ontwikkelbuurten opgesteld. In deze opdracht zijn de vijf onderstaande doelstellingen verwoord: ■ Verbetering van de kwaliteit van woningen, woonomgeving en gebouwde voorzieningen; ■ Verbetering van de leefbaarheid; ■ Verbetering van de sociaaleconomische positie van de buurt en haar bewoners; ■ Koppeling van stedelijke ontwikkelingsgebieden met strategische buurtontwikkeling; ■ Verbetering van de energetische kwaliteit (duurzaamheid) van de woningen waaronder het aardgasvrij maken van bestaande bouw en nieuwbouw.
Woonagenda
2025 Ruimte voor de Economie van Morgen Ruimtelijk Economische Bouwstenen voor de groei van Amsterdam / Koers 2025
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
Vastgesteld door College van B en W op 18 juli 2017
23
Specifiek beleid voor Nieuw-West Principenota Geuzenveld Slotermeer De Principenota Geuzenveld Slotermeer kent de volgende programmatische uitgangspunten: ■ De verbetering vindt plaats vanuit het perspectief van de huidige bewoners (wooncarrière, betaalbaarheid en herhuisvesting / terugkeermogelijkheid staat centraal); ■ Het absolute aantal sociale huurwoningen per buurt blijft gelijk; ■ Divers woningaanbod voor verschillende doelgroepen waar mogelijk; ■ Binnen het Rijkswederopbouwgebied Westelijke Tuinsteden en de gemeentelijk beschermde stadsgezichten Noordoever Sloterplas en Van Eesteren worden ingrepen extra zorgvuldig afgewogen in relatie tot de cultuurhistorische waarden.
Nota Cultuurhistorie Amsterdam Nieuw-West De Nota Cultuurhistorie Amsterdam Nieuw-West (2013) geeft weer op welke wijze de gemeente gebiedsgericht wil omgaan met haar erfgoed. Voor de Lodewijk van Deysselbuurt geldt het regime ‘Tuinstad Standaard’. Enkele regels die daarbij horen: ■ Bij nieuwbouw in principe van oorsprong voorkomende verkavelingtypologieën terugbouwen, geen gesloten bouwblokken; ■ De maatvoering van de onbebouwde ruimte tussen bebouwing bedraagt minimaal anderhalf keer de maat van de bouwhoogte van het hoogste gebouw (2 : 3 verhouding).
Voor de netwerken in de buurt gelden de volgende regels: ■ Indeling van groen, water en bebouwing blijft in stand ■ Bestaand stratenplan mag worden gewijzigd mits de hiërarchie behouden blijft ■ Alle schaalniveaus groen blijven gehandhaafd ■ Toepassen ‘Bomentaal Nieuw-West’, waarbij het bomenpatroon aansluit op de architectuur ■ Straatprofielen zijn asymmetrisch ■ Collectief groen, groen hof of openbaar groen tussen bouwblokken minimaal 20 x 30 meter (bij strokenbouw: groenstrook minimaal 10 meter breed). ■ Hof is bereikbaar en zichtbaar van buiten het bouwblok. Horeca- en Leisurevisie In Nieuw-West is een Horeca- en Leisurevisie van kracht. Deze stelt concrete beleidskaders voor de plekken in het stadsdeel met een hoge concentratie aan horeca, zoals het Osdorpplein en het Plein ´40 -´45. Om het woon- en leefklimaat in woongebieden (zoals de Lodewijk van Deysselbuurt) te beschermen, is horeca in de buurt slechts beperkt toegestaan. Voorwaarde voor vestiging van nieuwe horeca is dat deze moet aansluiten bij de behoefte van de buurt. Ook mag het woon- en leefklimaat niet onevenredig worden belast.
Principenota Geuzenveld-Slotermeer Ruimtelijke en programmatische richtlijnen voor vernieuwing
Januari 2019 1
24
Juridisch planologisch kader Voor de Lodewijk van Deysselbuurt geldt het bestemmingsplan Slotermeer 2018. Dit bestemmingsplan is een conserverend bestemmingsplan en maakt de ontwikkeling in de Van Deysselbuurt niet mogelijk. Dit betekent dat de herontwikkeling van delen van de buurt op een andere wijze mogelijk gemaakt moet worden. Daarbij behoort een bestemmingsplan niet meer tot de mogelijkheden, vanwege de aankomende Omgevingswet, die naar verwachting op 1 juli 2022 van kracht wordt. Het instrument bestemmingsplan bestaat na het van kracht worden van deze wet niet meer. Vanaf dat moment dient gewerkt te worden met het nieuwe instrument, het omgevingsplan. De verwachting is dat het eind 2022 mogelijk is om voor de ontwikkelingen in de buurt een omgevingsplan op te stellen. Het is niet wenselijk om tot die tijd geen ontwikkelingen mogelijk te maken in de buurt. Vandaar dat we tot die tijd gaan werken met afwijkingen van het bestemmingsplan en in 2022 mogelijk met afwijking van het tijdelijk omgevingsplan1. Gezien de omvang van de ontwikkelingen zal het gaan om ingrijpende afwijkingen van het bestemmingsplan, waarvoor wettelijk de uitgebreide voorbereidingsprocedure voorgeschreven is. Tevens dient bij een dergelijke afwijking een goede ruimtelijke onderbouwing gevoegd te worden en dient de afwijking aangevraagd te worden (aanvraag om een omgevingsvergunning).
In 2022 geldt het tijdelijk omgevingsplan. Hiervan kan ook met een omgevingsvergunning afgeweken worden en voor die afwijking is de reguliere voorbereidingsprocedure 1
standaard voorgeschreven. Bij afwijkingen van het tijdelijke omgevingsplan moet gemotiveerd worden dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Uitgangspunt is dat de initiatiefnemer, i.c. de corporatie, zorg draagt voor de aanvragen omgevingsvergunning en de daarbij behorende onderbouwingen of motiveringen. Om de integraliteit van de ontwikkelingen te behouden zal het door de gemeente opgestelde stedenbouwkundig plan behorend bij het door de gemeente te nemen investeringsbesluit het kader zijn waarbinnen de afwijkingen moeten passen. Vanwege de omvang van de totale herontwikkeling van de buurt, is een zogenaamde m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. Dit betreft een toets van het bevoegd gezag (de gemeente) om te bepalen of er bij de ontwikkelingen mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. In deze m.e.rbeoordeling moet de totale ontwikkeling van de buurt worden beschouwd. Indien uit de m.e.r-beoordeling blijkt dat er nadelige milieugevolgen kunnen optreden, is het doorlopen van een volledige m.e.r-procedure noodzakelijk. De verwachting is dat dat niet het geval is. De m.er.-beoordeling dient gedaan te zijn, voordat de eerste afwijkingsprocedure wordt opgestart.
Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet worden de binnen de ge-
meente geldende bestemmingsplannen aangemerkt en onderdeel van het tijdelijk omgevingsplan. Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
25
4.3 Historische analyse Amsterdam Nieuw-West maakte oorspronkelijk deel uit van het Utrechts-Hollands veenweidelandschap. Op de plek van de huidige Lodewijk van Deysselbuurt bevonden zich uitgestrekte weilanden en sloten. Het polderlandschap werd doorsneden door de Groeneweg en de Uitweg, waaraan een aantal boerderijen stonden. Begin twintigste eeuw was Amsterdam grotendeels een verpauperde stad. Toen de gemeente Amsterdam in 1921 verschillende (delen van) buurgemeenten annexeerde, was dit aanleiding om na te denken over de ontwikkeling van de stad als geheel. Daarop werd het Algemeen Uitbreidingsplan voor Amsterdam in 1934 opgesteld, gebaseerd op de stedenbouwkundige principes van het CIAM, het moderne Bouwen. Het was voor het eerst dat ruimte voor ontspanning en recreatie zo’n prominente plek kreeg in een stedenbouwkundig ontwerp. Theodoor Karel van Lohuizen had de leiding over het stedenbouwkundig onderzoek, terwijl Cornelis Van Eesteren en Jakoba Mulder de leiding kregen over het stedenbouwkundig ontwerp. Slotermeer werd de eerste Tuinstad in de Westelijke Tuinsteden. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog leverde echter een enorme vertraging op. Pas na de oorlog kwam er een vervolg op het plan uit 1939: uitbreidingsplan Tuinstad Slotermeer 1952. Dit was een plan-in-hoofdzaak. Slotermeer werd opgedeeld in deelplannen.
Op 6 januari 1954 is het deel voor de Lodewijk van Deysselbuurt vastgesteld en kon de bouw van start gaan. De Lodewijk van Deysselbuurt is vrijwel letterlijk uitgevoerd zoals in 1954 bedacht. Tussen 1954 en 1956 zijn er een kleine 1.200 woningen gebouwd. Volgens de ontwerpprincipes van het AUP kent de buurt veel open ruimtes en repeterende, ritmische verkavelingen. De bebouwing is optimaal op de zon
26
gesitueerd en staat vaak haaks op de doorgaande (hoofd) wegen, zoals aan de Burgemeester Röellstraat, de Lodewijk van Deysselstraat en de Van Moerkerkenstraat. De opzet van de bebouwing bestaat uit een duidelijke repetitie van de voor- en achterkant en van verschillende typen bebouwing. In de buurt is veel groen aanwezig dat hiërarchisch is verdeeld in de buurt. De essentie van het groen van Nieuw-West is de aansluiting tussen de groene ruimtes, vanaf de woning naar de grote schaal van het landschap. De privétuin gaat over naar straatgroen, het straatgroen sluit aan op het plantsoen, de parkstrook, het park en uiteindelijk het landschap. In de Van Deysselbuurt liggen de privétuinen veelal aan groene hoven en plantsoenen en (straat)groen langs de strokenverkaveling. De bouwstroken zijn iets van elkaar verschoven, hierdoor springt de groene ruimte vanuit de stroken als het ware de buurtstraat over naar de aangrenzende groene hoven en plantsoenen. De bomen ondersteunen de vorming van de ruimte, als begrenzing in de vorm van boomgroepen of als verbindend element in de vorm van een bomenlaan. De randen van de Lodewijk van Deysselbuurt behoren tot de parkstroken. Aan de westzijde ligt de lange groene lijn die van het Amsterdamse Bos naar de Brettenzone loopt en aan de noordzijde ligt de parkstrook die in verbinding staat met het park ten noorden van de buurt.
De hele buurt was toentertijd gericht op de voetgangers en fietsers. De auto was nauwelijks aanwezig en dus niet dominant.
De algemene AUP kenmerken: Structuur - Open, repeterende, ritmische verkaveling - Optimale situering op de zon en overheersende windrichting Groen - Hiërarchische opbouw: tuin - straatgroen - plantsoen - park - Ontspanning en recreatie voor alle leeftijdsgroepen - Buffer voor geluid en inkijk Indeling - Hoogbouw aan de randen - Wonen haaks op doorgaande (hoofd)wegen - Gericht op voetganger en fietser; auto gebruik is nog niet in zwang - Veilige routes voor voetgangers
Historische kaart Amsterdam met het Algemeen Uitbreidingsplan voor Nieuw-West. Lodewijk van Deysselbuurt in het witte kader.
Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
27
Waardering architectuur
Waardering tuinstadverkaveling
Orde 1 Orde 2 Orde 3 Orde 4 Geen waardering Ordekaart Lodewijk van Deysselbuurt
28
Historische luchtfoto, onderaan de Lodewijk van Deysselbuurt
Historisch Investeringsnota beeld van de- Lodewijk middenstrook van Deysselbuurt met zicht op de L-blokken aan de Lodewijk van Deysselstraat
29
4.4 Sociaaleconomische analyse Bevolking De Lodewijk van Deysselbuurt is een buurt met een grote diversiteit aan bewoners en huishoudens. De buurt kent een relatief jonge bevolkingssamenstelling (een derde is jonger dan 20 jaar) Er wonen relatief veel bewoners met een niet-Westerse achtergrond (81 procent). Alleenstaande vormen de grootste groep maar er zijn ook relatief veel grote gezinnen, met vijf personen of meer. Op de pagina hiernaast staan enkele demografische gegevens. Gebiedskenmerken De leefsituatie in Nieuw-West is relatief ongunstig en verschilt steeds meer van de leefsituatie in andere buurten binnen de ringweg A10. De Lodewijk van Deysselbuurt scoort, net als de rest van de buurten in Geuzenveld-Slotermeer, over het algemeen ruim onder het stedelijk gemiddelde. Binnen Slotermeer scoort de Lodewijk van Deysselbuurt het slechtst op de kernindicatoren. Een aantal kenmerken is zorgelijk. Op de pagina hiernaast staat er een aantal genoemd. WiA-scores Elke twee jaar houden de gemeente en de corporaties het onderzoek Wonen in Amsterdam (WiA), dat laat zien hoe Amsterdammers naar hun woonsituatie kijken. De WiA-scores voor de Lodewijk van Deysselbuurt tonen aan dat met name de voorzieningen in de omgeving goed worden gewaardeerd. Zo geven de bewoners voor de winkels een 7,4 op een schaal van 10.
Slecht scoort de fysieke omgeving; zowel de openbare ruimte als de woningen (5,3 en een 5). Bewoners ervaren vooral overlast van criminaliteit en vervuiling (5,2 en 4,4). Hoewel de WiA-scores op enkele punten licht zijn vooruitgegaan in de loop der jaren. Zo is de waardering van de eigen woning een punt gestegen van 5,5 naar 6,5. Ze blijven echter nog altijd ruim achter bij het stedelijk gemiddelde van 7.5.
30
Economische activiteit De Lodewijk van Deysselbuurt kent een hoog percentage werkloosheid. Dat is niet alleen zorgelijk voor de bewoners die het betreft, het zorgt ook voor een geringe draagkracht binnen de buurt voor ondernemers en ondernemingen. In de buurt zelf is weinig werk; wie werkt, doet dat over het algemeen buiten Nieuw-West. Binnen de buurt is dus weinig economisch verkeer. Van een sterke wijkeconomie is geen sprake, wat niet bijdraagt aan meer levendigheid en sociale samenhang. Veel ondernemers in de buurt zijn van Turkse of Marokkaanse afkomst en werkzaam in de kleinschalige detailhandel. Ook zijn er mensen die graag willen ondernemen en kennis hebben, maar voor wie de stap naar het ondernemerschap te groot is. Dit vanwege een taalachterstand, ontbrekende administratieve vaardigheden en te weinig eigen middelen of geen toegang tot financiële middelen. Conclusie Ondanks de (lichte) verbetering van enkele WiA-scores scoren de leefsituatie van bewoners en de leefbaarheid in de buurt slecht ten opzichte van het stedelijk gemiddelde. De Lodewijk van Deysselbuurt trekt al langere tijd vooral bewoners aan met weinig keuzemogelijkheden. Zij zitten in een negatieve spiraal. Het leidt tot een toenemende concentratie van armoede en bijbehorende problematiek.
Daarnaast geeft de relatief slecht beoordeelde leefbaarheid de buurt voor huidige en potentiële bewoners een onaantrekkelijke uitstraling. Vanwege dit gegeven en het feit dat de woningvoorraad is verouderd, is de Lodewijk van Deysselbuurt voor zowel de gemeente als Rochdale een aandachtswijk.
Demografie
Gebiedskenmerken
3.681
Westers
19%
Laag opgeleid (52%)
Inwoners
81%
1.410 90% Woningen
Sociale huur
Niet- westers
Veel schooluitval Grote niet- westerse gemeenschap, voornamelijk van Turkse en Marokkaanse komaf
Groot aandeel sociale huur
26,2% 0-17 jaar
8,9%
100
Lage sociaaleconomische score
80
De SES is een inschatting van iemands positie op de maatschappelijke ladder op basis van inkomensen opleidingsniveau. (% van inwoners met laag SES)
65 en ouder
Relatief jonge bevolking en relatief kleine groep ouderen
2,7 Gemiddelde woningbezetting
60
40
Laaggeletterdheid eigen taal niet machtig en daardoor ook niet in staat om Nederlands te leren
Gezondheidsproblemen
53% 27%
€ €€
20
Lodewijk van Deysselbuurt Gemeente Amsterdam
0
Slechts 61% leeft in goede gezondheid 56% heeft overgewicht
40,2%
Grote schuldenproblematiek
door o.a. hogere werkloosheid (16%)
Overlast
Alleenstaand
door hangjeugd, drugs -en alcoholgebruik. maar ook door (sluip)- verkeer
14,4%
Veel huiselijk geweld
Grote gezinnen
Alleenstaanden vormen de grootste groep, maar er zijn relatief veel grote gezinnen (gezin met 3 jonge kinderen of meer). De grote gezinnen zijn vaak te klein behuisd
Negatief
Leefbaarheid Positief
Scoort laag op leefbaarheidsindex
Criminaliteit
cijfers uit 2020 (OIS Amsterdam) Investeringsnota - Lodewijk van Deysselbuurt
31
4.5 Woningvoorraad In de Lodewijk van Deysselbuurt hoort 90 procent van de woningen bij de gereguleerde huursector. Voor heel Amsterdam is dat 53 procent (2017). De gemiddelde sociale huurprijzen zijn laag: 94 procent van alle woningen van Rochdale ligt onder de eerste aftoppingsgrens. Dit betekent dat bewoners recht hebben op de maximale huurtoeslag. De gemiddelde huurprijs in Slotermeer Zuidwest is € 460. De lage huren zijn een gevolg van de matige kwaliteit van de woningen. Deze lage huren veroorzaken een instroom van veel sociaal economisch zwakke groepen. De woningvoorraad is eenzijdig en bestaat hoofdzakelijk uit portieketageflats. Daarmee zijn ook de meeste woningen enkel bereikbaar per trap en dus niet geschikt voor ouderen en mensen met een beperkte mobiliteit. Zoals de meeste woningen uit de jaren zestig, zijn deze relatief krap naar de huidige ruimtelijke maatstaven. Vooral voor grotere huishoudens zijn deze vaak onvoldoende passend. Bijzonder is dat 45 procent van de woningen wel vier of meer kamers telt. Hierdoor wonen er ook nu nog veel gezinnen en veel kinderen. Voor deze groep kent de wijk in aantal voldoende woningen. Toch is overbewoning een groot probleem, want de woningverdeling is scheef. Ruim 23 procent van de huishoudens woont te krap én te klein.
Daar staat tegenover dat circa 20 procent van de huishoudens in een woning woont die ook geschikt is voor grotere huishoudens.
32
De woningen worden goed verhuurd, dankzij de overspannen Amsterdamse woningmarkt, maar ze zijn niet gewild. Nieuwe bewoners zijn vaak jongere volwassenen, al dan niet in de gezinsvormende fase. Zij komen er vooral wonen omdat ze (financieel) geen andere keuze hebben. Veel bewoners die weg willen, hebben daartoe niet de middelen of mogelijkheden. Door veroudering zijn alle woningen van Rochdale (met uitzondering van reeds gerenoveerde blokken) hoognodig aan een opknapbeurt toe, zowel van buiten als van binnen. Veel woningen hebben schimmelproblemen, deels omdat de ventilatiemogelijkheden zijn verouderd, naar huidige maatstaven, deels als gevolg van (onjuist) gebruik en overbewoning. Verder kampen de woningen met vervuiling van trappenhuizen en ongedierte. De gehorigheid van de oudere gebouwen, zeker in combinatie met overbewoning, veroorzaakt relatief vaak geluidsoverlast. De woningen hebben energielabels C t/m F. Bewoners klagen soms over te koude woningen. In het licht van de bestaande energie-afspraken vraagt dit om een substantiële verbetering.
Van Voorthuijssenlocatie Noordrand Entreegebied Oost Een overzicht van de woningtypes in de Lodewijk van Deysselbuurt (bloktypen aangegeven met letter binnen de volumes)
Middengebied Zuidrand
33
4.6 Bestaande voorzieningen Commerciële voorzieningen In de Lodewijk van Deysselbuurt is een beperkt aanbod van bedrijfs- en winkelruimtes. De kwaliteit van de bedrijfsruimtes is matig. De huidige ruimtes zijn veelal gevuld met detailhandel, kantoren, horeca en maatschappelijke voorzieningen. Andere bedrijven in het gebied zijn onder andere: afhaalrestaurants, een wasserette, een kapsalon, een autorijschool, een winkel in vechtsportartikelen en een coffeeshop. De coffeeshop trekt ook klanten (en verkeer) uit andere buurten en zorgt op de huidige locatie voor enige overlast. Daarnaast kent de buurt veel aan huis gebonden bedrijven, zoals taxibedrijven en zakelijke dienstverlening. Maatschappelijke voorzieningen Het huidige aanbod aan maatschappelijke voorzieningen in de buurt zelf bestaat uit een tandarts, een voorziening voor schuldhulpverlening, een voorziening voor jeugdzorg (Levvel), een stichting voor sport en coaching voor de jeugd, een basisschool, een kinderopvang en een kleinschalige buurthuiskamer met moestuin, de Social Garden. De Social Garden voorziet ook in de behoefte aan studieruimtes, plekken waar kinderen die thuis onvoldoende plek en/of rust hebben hun huiswerk kunnen maken. Daarnaast is er in de buurt een aantal buurtoverstijgende maatschappelijke voorzieningen gehuisvest, zoals pre-penitentiaire instelling, een GGZ instelling, en een Molukse kerk.
Medio 2017 hebben woningcorporatie Rochdale en stadsdeel Nieuw-West een laagdrempelig inloopspreekuur geopend (Buurtpunt De Leeuw) waar buurtbewoners terecht kunnen voor vragen op het gebied van onder meer financiën, zorg, welzijn en eenzaamheid. Dit inloopspreekuur wordt voortgezet door het buurtteam.
34
Direct grenzend aan de buurt zijn ook nog belangrijke voorzieningen voor bewoners. Op weg naar de markt en het winkelcentrum op Plein 40-45 komen bewoners langs multifunctioneel centrum De Honingraat. In dit centrum zitten een vestiging van de OBA (Openbare Bibliotheek Amsterdam), Huis van de Wijk Slotermeer, Ouder -en Kindteam, een jongerencentrum/talentenhuis, een verloskundigencentrum en laagdrempelige horeca (Coffeemania). Verder zit er aan de nabijgelegen Slotermeerlaan een gezondheidscentrum met onder andere huisartsen en een apotheek. Aan de andere kant van de buurt ligt het Confuciusplein met nog een gezondheidscentrum met eveneens huisartsen en apotheek. Aangrenzend aan de noordzijde van de buurt ligt een scholencluster waar twee bestaande basisscholen, de Burgemeester de Vlugtschool en de Immanuelschool recent nieuwbouw hebben gekregen. Bij deze scholen is eind 2018 de nieuwe sportzaal Jan de Louter opgeleverd. Beide scholen gebruiken deze sportzaal. In de avonduren en weekenden is in de sportzaal een divers aanbod van buurt- en verenigingssport. De Multibox , ook binnen het voorzieningencluster Jan de Louter, biedt plaats aan vrouwencentrum De Hippe Heks, Stichting Unite, fitness en kickboksen en NIVO/ESAN, buurtkamer voor ouderen.