1. 20201007 Besluit hogere waarden OBP Woonbuurt Ravel.pdf
Tekst van het document
Besluit hogere waarden Wet geluidhinder t.b.v. Bestemmingsplan Zuidas Ravel Ontwikkelveld 2 Versie 7 oktober 2020
1
Inleiding Het bestemmingsplan Zuidas-Ravel voorziet in de ontwikkeling van een gebied van wonen, werken en voorzieningen. Voorliggend besluit tot vaststelling van hogere geluidwaarden zoals bedoeld in de Wet geluidhinder (Wgh) is noodzakelijk om woningbouw, een school en een kinderdagverblijf mogelijk te maken op een locatie waar niet overal de voorkeursgrenswaarden voor geluid worden gehaald. Omschrijving plangebied Het plangebied is gelegen ten westen van de Beethovenstraat, ten noorden van de De Boelelaan, ten oosten van de Antonio Vivaldistraat en ten zuiden van de A10 Zuid. Binnen het bestemmingsplan Zuidas-Ravel zijn twee ontwikkelvelden met een woonfunctie voorzien. Ontwikkelveld 2 betreft het zuidelijke ontwikkelveld. Voor ontwikkelveld 2 zijn geluidgevoelige functies - woonfunctie, de onderwijsfunctie en de maatschappelijke functie (kinderdagverblijf) - onderdeel van een nader uit te werken bestemming “Gemengd - Uit te werken 2”. Binnen ontwikkelveld 2 zijn tien kavels te onderscheiden: A tot en met J. Het beoogde eindbeeld voor ontwikkelveld 2 is te omschrijven als deelgebouwen die gezamenlijk een carrévormig karakter hebben, met daarbinnen buitengebieden. In alle kavels komen woningen (totaal 125.000 m2 BVO toegestaan), in kavel B komen de school en het kinderdagverblijf.
Een tweede kinderdagverblijf in het plangebied wordt overwogen, waarbij het uitgangspunt is dat het tweede kinderdagverblijf gesitueerd is op een locatie waarvan de geluidbelastingen voldoen aan de voorkeursgrenswaarden van de Wet geluidhinder. In met name kavels C, D, E en H zijn, naast wonen, een aanzienlijk kantoorprogramma en in mindere mate voorzieningen. Het kantoorprogramma in deze kavels is zodanig gesitueerd dat het deels de woningen van wegverkeerslawaai of spoorweglawaai afschermt. Wettelijk kader Indien de voorkeursgrenswaarde die de Wet geluidhinder aangeeft wordt overschreden, dan is het mogelijk om zogenaamde hogere waarden (dan de voorkeursgrenswaarde) vast te stellen. Deze hogere waarden zijn aan een wettelijk maximum gebonden. Boven dat maximum zijn geen woningen toegestaan tenzij sprake is van dove gevels (gevels zonder te openen delen), loggia’s of dergelijke. De waarden van de voorkeursgrenswaarde en de maximale hogere waarden zijn afhankelijk van de aard van de geluidbron. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het vaststellen van hogere waarden.
Het vaststellen van een hogere waarde is conform artikel 110a, lid 5, van de Wet geluidhinder slechts mogelijk indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting van de gevel van de betrokken woningen tot de voorkeursgrenswaarde onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Gemeentelijk beleid Daar waar sprake is van een hogere waarde dient te worden voldaan aan de eisen uit het Amsterdams geluidbeleid Hogere waarden Wet geluidhinder 2016 (laatst gewijzigd op 5 maart 2019).
2
Het doel van het geluidbeleid is het borgen van een akoestisch aanvaardbaar woon- en leefklimaat bij het bouwen van woningen en andere geluidgevoelige functies op geluidbelaste locaties. Belangrijke aspecten die in het Amsterdamse geluidbeleid zijn: • Voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is in elk geval nachtrust van essentieel belang. In dat verband is belangrijk dat geslapen kan worden met geopend raam bij een aanvaardbare geluidbelasting. • Hierbij wordt in mede ogenschouw genomen dat de keuze van een bewoner om een raam wel of niet te kunnen openen – en daarbij de mogelijkheid heeft om met open raam te slapen – bijdraagt aan het vergroten van het wooncomfort. • Iedere woning heeft in principe een stille zijde. Een stille of geluidluwe zijde (de termen zijn synoniem) is een (deel van een) gevel waar de gesommeerde geluidbelasting gelijk is aan de voorkeursgrenswaarde of lager. De gesommeerde geluidbelasting wordt per bronsoort bepaald (wegverkeerslawaai, spoorweglawaai, industrielawaai). • Ondanks dat de stedelijke omgeving van Amsterdam met zich meebrengt dat op veel plaatsen een hoge geluidbelasting aanwezig is, moeten ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk blijven. • Een hogere waarde kan niet altijd vermeden worden en zelfs een stille zijde is niet altijd mogelijk, maar wel blijft de bescherming van het woon- en leefklimaat van belang.
• Het Amsterdams geluidbeleid biedt de basis en het gereedschap voor het maken van een evenwichtige afweging van belangen. • Indien voor een woning een hogere waarde nodig is en diezelfde woning ondervindt een geluidbelasting door een andere geluidbron die boven de voorkeursgrenswaarde ligt dan wordt de cumulatieve geluidbelasting bepaald. Het bevoegd gezag kan slechts hogere waarde vaststellen als de gecumuleerde geluidbelasting (na correctie volgens de Wet geluidhinder) niet leidt tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidbelasting. Er treedt conform het Amsterdamse geluidbeleid geen onaanvaardbare geluidbelasting op als de gecumuleerde waarde niet meer dan 3 dB hoger is dan de hoogste van de maximaal toegestane ontheffingswaarden. Geluidonderzoek De resultaten van de geluidonderzoeken zijn vastgelegd in de volgende twee rapporten: • ‘Bestemmingsplan Zuidas-Ravel in Amsterdam; onderzoek omgevingsgeluid Kavels A en B’ van 9 juli 2020, referentienummer 02563-44450-09. • ‘Bestemmingsplan Zuidas-Ravel in Amsterdam; onderzoek omgevingsgeluid Kavels C tot en met J’ van 7 oktober 2020, referentienummer 02563-44450-11. Dit onderscheid (kavels A-B en kavels C-J) is gemaakt omdat eerst sprake was van 2 plannen. Voor alle 10 kavels (A tot en met J) gezamenlijk is het voorliggende hogere waardenbesluit gemaakt.
Voor het onderhavige project zijn de volgende geluidbronnen van toepassing: • Wegverkeer autosnelweg A10 (Zuidasdok) • Wegverkeer Beethovenstraat • Wegverkeer De Boelelaan • Spoorvak RAI-Schiphol (alleen de noordelijke kavels D tot en met H zijn gelegen binnen de geluidzone) • Metro lijnen 50, 51 en 52 (de noordelijke kavels D tot en met H als ook kavel I zijn gelegen binnen de geluidzone)
3
Het plangebied is gelegen binnen de Zuidas grenzend aan het Zuidasdok (A10). Daarmee is sprake van een steeds wijzigende situatie: • Huidige situatie, zonder Zuidasdok • Zuidasdok in aanleg • Zuidasdok gereed Op grond van de Wet geluidhinder en het Reken- en meetvoorschrift moet worden gerekend met de geluidbrongegevens in het geluidregister van Rijkswaterstaat. Deze geluidbrongegevens corresponderen met de geluidsituatie zoals deze is na uitvoering van het Tracébesluit Zuidasdok. Dat betekent dat onder meer moet worden uitgegaan van de schermen zoals deze in het Tracébesluit zijn opgenomen. In het geluidregister zijn per 11 mei 2016 de uitgangspunten en maatregelen van het Tracébesluit opgenomen. De rekenresultaten geven het volgende beeld: Wegverkeergeluid Rijksweg A10 Ter plaatse van de noordelijke en oostelijke kavels treden ter hoogte van de hoger gelegen woonlagen de hoogste geluidbelastingen L(den) op: ter plaatse van kavel G tot en met 56 dB (na aftrek) en ter plaatse van kavels F, H en I tot en met 53 dB (na aftrek). Ter plaatse van kavels A, E en J treden geluidbelastingen op van ten hoogste 49 of 50 dB (na aftrek). Ter plaatse van kavels B, C en D wordt geheel voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Ook ter plaatse van de school en het kinderdagverblijf in kavel B wordt geheel voldaan aan de voorkeursgrenswaarde.
De vermelde geluidbelastingen ter plaatse van de kavels zijn op basis van een situatie zonder geluidafscherming door omliggende kavels van het plan. Ter plaatse van kavel G zijn ter plaatse van gevels met een geluidbelasting boven de 53 dB – de noord- en oostgevels op de bovenste bouwlagen - dove gevels nodig. Waar geen dove gevels nodig zijn, maar niet aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan, dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Hogere waarden voor de zuidelijke kavels zijn met name nodig voor de situatie dat nog geen afschermende bebouwing (bijvoorbeeld afscherming van kavel A door kavels E-F) is gerealiseerd. Wegverkeergeluid binnenstedelijke wegen Vanwege de Beethovenstraat bedraagt de geluidbelasting ter plaatse van woninggevels ten hoogste 59 dB (na aftrek). De maximale ontheffingswaarde (63 dB) wordt nergens overschreden. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt bij kavels C en D overschreden. Ter plaatse van deze kavels zijn daarom hogere waarden benodigd. Overige kavels voldoen ter plaatse van de woonprogrammadelen geheel aan de voorkeursgrenswaarde. Ook ter plaatse van de school en het kinderdagverblijf in kavel B wordt geheel voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Vanwege de De Boelelaan bedraagt de geluidbelasting ter plaatse van woninggevels ten hoogste 56 dB (na aftrek).
Ter plaatse van de zuidelijke kavels treden de hoogste geluidbelastingen L(den) op: ter plaatse van kavels C en J tot en met 56 dB (na aftrek) en ter plaatse van kavels B en I tot en met 55 dB (na aftrek). Ter plaatse van de overige kavels treden geluidbelastingen op van ten hoogste 49 of 50 dB (na aftrek). Bij geen van de kavels wordt geheel voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. 4
Ter plaatse van de school en het kinderdagverblijf in kavel B bedragen de geluidbelastingen L(den) respectievelijk ten hoogste 55 dB en 53 dB. De vermelde geluidbelastingen ter plaatse van de kavels zijn op basis van een situatie zonder geluidafscherming door omliggende kavels van het plan. Waar niet aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Hogere waarden voor de noordelijke kavels zijn nodig voor de situatie dat nog geen afschermende bebouwing (bijvoorbeeld afscherming van kavel E door kavels A-B) is gerealiseerd. Spoorgeluid De geluidbelasting vanwege spoorweglawaai bedraagt ten hoogste 58 dB, deze geluidbelasting treedt op ter plaatse van kavel H. Ter plaatse van de noordelijke kavels wordt de voorkeursgrenswaarde overschreden, aan de maximale ontheffingswaarde van 68 dB wordt overal voldaan. Waar niet aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Metrogeluid Ten aanzien van metrolawaai van lijnen 50, 51 en 52 wordt de voorkeursgrenswaarde (48 dB, de metrolijnen zijn niet aangewezen als spoorlijnen en moeten daarom bij de toepassing van de Wet geluidhinder worden behandeld als zijnde een weg) deels overschreden. De geluidbelasting bedraagt ten hoogste 56 dB (na aftrek). Deze geluidbelasting treedt op ter plaatse van de noordelijke kavels F en G.
Bij kavels D, E, H en I is een geluidbelasting van ten hoogste 53 dB. Aan de maximale ontheffingswaarde van 63 dB wordt overal voldaan. Waar niet aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Cumulatie van geluid De gecumuleerde geluidbelasting L(VL,cum) bedraagt ten hoogste 60 dB. Deze geluidbelasting treedt op ter plaatse van de westzijde van kavel C. De op het wegverkeerslawaai afgestemde grenswaarde van L(VL,cum) = 66 dB (63+3) wordt nergens overschreden. Er zijn op basis van de gecumuleerde geluidbelastingen dan ook geen extra maatregelen benodigd. Maatregelen Ten aanzien van mogelijke geluidbeperkende maatregelen als bedoeld in artikel 110a, lid 5, van de Wet geluidhinder geldt het volgende: - Maatregelen ter verlaging van de rijsnelheid zijn op de stedelijke wegen rondom het plangebied niet mogelijk in verband met het verkeersaanbod. - Afgezien van de haalbaarheid liggen geluidbeperkende maatregelen aan de treinen en railconstructie niet voor de hand gezien het heersende wegverkeerslawaai. - De A10 wordt reeds uitgevoerd met een geluidreducerend wegdek. - Geluidreducerend asfalt kan de geluidbelasting van de stedelijke wegen in theorie met circa 3-4 dB terugdringen, dit stuit echter op civieltechnische bezwaren aangezien ‘stille 5
-
wegdekken’ met een hoge geluidreductie minder goed bestand zijn tegen wringend verkeer en veelvuldig remmen en optrekken waardoor mechanische beschadiging van het wegdek optreedt. Hierdoor is slechts op een beperkt deel van de weg stil asfalt toepasbaar. Dit is vanuit beheers- en onderhoudsoverwegingen niet wenselijk. Daarnaast worden hogere waarden hier niet in alle gevallen mee voorkomen. Langs de A10 en het doorgaande spoor worden in het kader van het project Zuidasdok geluidschermen gerealiseerd. Geluidschermen langs binnenstedelijke wegen zijn uit stedenbouwkundig oogpunt onwenselijk. De stedenbouwkundige opzet van het plangebied en de verdere omgeving biedt geen ruimte om de woningen op grotere afstand van de wegen te projecteren. Iedere woning heeft, naast een of meer gevels met een hogere waarde, ook een stille/geluidsluwe zijde. Deze stille zijde is ter plaatse van de tuinzijde (binnenzijde van de carré-achtige opzet) direct aanwezig (natuurlijke stille zijde), uitgezonderd op grotere hoogten van de hoogteaccenten. Aan woningen die niet direct over een natuurlijke stille zijde beschikken worden – ter realisering van stille zijden - gebouwmaatregelen getroffen in de vorm balkons of loggia’s, al dan niet volledig (verdiepingshoog) verglaasd, of worden vergelijkbare oplossingen getroffen met gelijkwaardige geluidreducerende eigenschappen.
Deze oplossingen zijn omschreven in de genoemde onderzoeksrapporten.
Advies Het conceptbesluit hogere waarden is op 29 juli 2020 ter advisering voorgelegd aan het Technisch Ambtelijk Vooroverleg Geluid Amsterdam (TAVGA). De conclusies en het advies van het TAVGA zijn: a. De stille zijde dient in de planregels van het bestemmingsplan en ook in de motivering van het hogere waardenbesluit opgenomen te worden; b. Bij dienst Stad en Metro kunnen de intensiteiten van de metro worden geverifieerd en zo nodig worden aangepast; c. Als aandachtspunt geeft het TAVGA mee dat het kinderdagverblijf is gesitueerd naast woningen en een afweging hiervoor opgenomen dient te worden in het bestemmingsplan; d. Met inachtneming van het bovenstaande is TAVGA akkoord. Bovenvermelde conclusies en adviezen zijn doorgevoerd.
6
BESLUIT Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft besloten in te stemmen met het voorliggend besluit tot de vaststelling van de onderstaande hogere waarden voor het wegverkeerslawaai en spoorweglawaai zoals bedoeld in de Wet geluidhinder: Kavel
Geluidsbron
Kavel A
A10
Kavel B
Kavel C
Kavel D
Kavel E
Kavel F
Kavel G
Voorkeursgrenswaarde 48 dB
Aangevraagde waarde 50 dB
Aantal woningen 8
De Boelelaan
48 dB
50 dB 52 dB
8 32
Beethovenstraat
48 dB
50 dB 51 dB
14 10
De Boelelaan
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB 55 dB 53 dB
12 24 12 School kinderdagverblijf
Beethovenstraat
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB
26 22 10
De Boelelaan
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB 56 dB
20 38 2 10
Beethovenstraat
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB 58 dB 59 dB
4 16 10 6 6
De Boelelaan
48 dB
50 dB
20
Metro 50-52
48 dB
53 dB
18
A10
48 dB
49 dB
2
De Boelelaan
48 dB
49 dB
6
spoor
55 dB
57 dB
6
Metro 50-52
48 dB
53 dB
34
A10
48 dB
50 dB 53 dB
18 26
De Boelelaan
48 dB
50 dB
14
spoor
55 dB
57 dB
66
Metro 50-52
48 dB
50 dB 53 dB 56 dB
2 116 16
A10
48 dB
50 dB 53 dB
26 66 7
Kavel
Geluidsbron
(Kavel G)
De Boelelaan
Kavel H
Kavel I
Kavel J
Voorkeursgrenswaarde 48 dB
Aangevraagde waarde 50 dB
Aantal woningen 26
spoor
55 dB
57 dB
54
Metro 50-52
48 dB
50 dB 53 dB 56 dB
8 140 36
A10
48 dB
50 dB 53 dB
28 58
De Boelelaan
48 dB
50 dB
58
spoor
55 dB
57 dB 58 dB
54 50
Metro 50-52
48 dB
A10
48 dB
50 dB 53 dB 50 dB 53 dB
68 24 10 30
De Boelelaan
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB
40 24 28
Metro 50-52
48 dB
50 dB 53 dB
22 52
A10
48 dB
50 dB
52
De Boelelaan
48 dB
50 dB 53 dB 55 dB 56 dB
98 86 16 8
Overeenkomstig afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is kennis gegeven van het ontwerpbesluit en is het ontwerpbesluit inclusief de bijbehorende stukken gedurende zes weken ter inzage gelegd met de mogelijkheid voor belanghebbenden om zienswijzen in te dienen. p.m. Kadastrale gegevens De hogere waarden worden vastgesteld ten behoeve de kadastrale percelen: p.m.
8