CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

- 06 Raadsaangelegenheden (7) Bijlage 6 - advies bezwaar Stichting Oy Vey

RAAD 10 februari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Beslissingen op de bezwaarschriften inzake de besluiten van de gemeenteraad op de aanvragen op grond van de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden. Nr. VN2021-0021104.140 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

X

x x

Gemeente Amsterdam

Advies inzake bezwaar tegen het besluit van de raad van de gemeente Amsterdam van io december 2019 inzake een aanvraag op grond van de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden Kenmerk: D.1.2o.001232.00i

Advies over het bezwaarschrift ingediend door Stichting Oy Vey

tegen het besluit van de raad van de gemeente Amsterdam van io december 2019 (hierna: de raad). Met dit besluit heeft de raad de subsidieaanvraag van Oy Vey op grond van de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoedeni afgewezen.

2.. Inleiding

Oy Vey heeft op 14 januari 2020 bezwaar gemaakt tegen het besluit van de raad van io december 2029. Op 11 augustus 2020 is daarop namens de raad met een verweerschrift gereageerd. Daarin is onder andere aangegeven dat de beoordeling van de aanvraag berustte op een misverstand en de aanvraag om die reden opnieuw zou worden beoordeeld. Op 4 september 2020 heeft de bezwaarschriftencommissie van de raad (hierna: de bezwaarschriftencommissie) partijen op een hoorzitting gehoord. Bij e-mail van 13 oktober 2020 is namens de raad aangegeven dat de aanvraag van Oy Vey alsnog gedeeltelijk wordt

toegekend. Het gaat in deze procedure om de verlening van subsidie op grond van de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden (verder: de subsidieverordening). Naar aanleiding van de conclusies in het NIOD-rapport 'Openstaande Rekeningen, de gemeente Amsterdam en de gevolgen van roof en rechtsherstel, 1940-2.950' heeft de raad op 14 juli 2016 besloten om een collectieve tegemoetkoming van €10 miljoen2 ter beschikking stellen aan de Amsterdams Joodse gemeenschap.

1 Gemeenteblad 11 september 2018, nr. 193148. 2

Op 3.8 juli 2018 heeft de raad besloten om het budget te verhogen naar €io,8 miljoen.

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 2 van 12

Op 27 september 2017 heeft de raad besloten om voor de verdeling van deze tegemoetkoming een adviescommissie in te stellen, de Commissie Joodse erfpachttegoeden (verder: de commissie). Deze commissie had tot taak om de raad te adviseren over de besteding van de collectieve tegemoetkoming aan de Amsterdams Joodse gemeenschap. De raad heeft er daarbij bewust voor gekozen om de commissie samen te stellen uit leden die afkomstig zijn uit de Joodse gemeenschap zelf, zodat verdeling van de ter beschikking gestelde tegemoetkoming werd belegd bij vertegenwoordigers van die gemeenschap. Op 18 juli 2018 heeft de raad de zes personen tot lid van de commissie te benoemd die, zoals gezegd, allen uit de Joodse gemeenschap afkomstig zijn.

Met het oog op een evenredige verdeling van de tegoeden over verschillende aanvragen, afkomstig uit de Joodse gemeenschap, zijn de aanvragen onderverdeeld in vijf sectoren. Het gaat om Educatie, Religie, Welzijn & Zorg, Jongeren en Erfgoed & Cultuur. Vervolgens heeft de Commissie Joodse erfpachttegoeden de aanvragen binnen de verschillende sectoren beoordeeld op basis van de criteria in de subsidieverordening. Het zwaartepunt van deze beoordeling lag bij de mate waarin een aangevraagde activiteit een bijdrage levert aan de continuiteit van de Joodse gemeenschap. Verder werd onder andere beoordeeld of de doelstelling paste binnen de sector waartoe de aanvraag behoorde, of de aanvraag kans van slagen had, of het bereik van de activiteit in verhouding stond tot de kosten die daarmee waren gemoeid en de mate waarin sprake was van medefinanciering door de aanvrager zelf of derden.

Er konden tot en met 31 december 2018 aanvragen worden ingediend. De raad heeft 123 aanvragen ontvangen voor een subsidie op grond van de subsidieverordening, in totaal voor een bedrag van in totaal 35,8 miljoen. De commissie heeft deze aanvragen conform de criteria in de verordening beoordeeld en advies uitgebracht over de kwaliteit van de aanvragen en — op basis daarvan — de verdeling van de gelden over alle aanvragen. De commissie heeft daarbij geadviseerd om 13 aanvragen volledig in te willigen, 38 aanvragen gedeeltelijk in te willigen en de overige aanvragen af te wijzen. Oy Vey heeft op 30 december 2018 een subsidie aangevraagd van €154.448,00. De aanvraag heeft betrekking op het realiseren van een Joodse ontmoetingsplek, waarbinnen Oy Vey verschillende activiteiten wil verrichten. Het gaat dan om Oy Vey Hub, Oy Vey Salon, Oy Vey De Krom, Oy Vey Workshop en Oy Vey Evenementen.

2

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 3 van 12

Met besluit van io december 2019 is de aanvraag afgewezen. Overweging daarbij was dat het project wel een bijdrage kan leveren aan de continuiteit van de Amsterdamse Joodse gemeenschap, maar dat er twijfels zijn over de haalbaarheid. Dit omdat er uit werd gegaan van soo betalende deelnemers of abonnees. In het verlengde daarvan werden de kosten te hoog geacht in verhouding tot het bereik en het totaal beschikbare subsidiebedrag. Tegen dit besluit heeft Oy Vey bezwaar gemaakt. Daarbij is aangegeven dat het feitelijk onjuist is dat de aanvraag is gebaseerd op soo betalende deelnemers en dat dit aantal in de aanvraag ook niet genoemd is. Het verwachte bereik komt volgens Oy Vey uit op ongeveer 6o duizend deelnemers of bezoekers over een periode van drie jaar. Verder stelde Oy Vey dat het project in verhouding tot het bereik neer komt op een gemiddeld bedrag van c 12,33 per persoon. De kosten worden voornamelijk ook uit die inkomsten gedekt. Vanuit de subsidie is er sprake van een bijdrage van c 2,39 per deelnemer. Dit was volgens Oy Vey ook ingegeven doordat inzet is dat het project na drie jaar financieel autonoom is en dus zelfstandig kan blijven voortbestaan. Naar aanleiding daarvan is op 11augustus 2020 een verweerschrift ingediend. Daarin is kenbaar gemaakt dat de beoordeling van de aanvraag op een misverstand berust en dat de aanvraag opnieuw zal worden beoordeeld.

De commissie heeft de aanvraag van Oy Vey vervolgens behandeld binnen de sector 'Erfgoed en Cultuur'. De adviescommissie staat positief tegenover de verschillende onderdelen van de aanvraag. Van de meeste (sub)activiteiten verwacht zij een belangrijke en positieve bijdrage aan de continuïteit en infrastructuur van de Amsterdamse Joodse gemeenschap. De commissie is echter van oordeel dat 'Oy Vey De Krom' deze bijdrage te beperkt met zich zal meebrengen. In een aanbod van dergelijke Joodse winkels is naar het oordeel van de commissie reeds voldoende voorzien, wat maakt dat de commissie bij dit onderdeel een beperktere behoefte binnen de en bijdrage aan de (continuiteit van de) Amsterdamse Joodse gemeenschap verwacht. De commissie adviseert daarom om de aanvraag van Oy Vey toe te kennen voor zover het gaat om de overige vier activiteiten, voor een bedrag van cg9.766.00. Met dit advies is de raad deels tegemoet gekomen aan de bezwaren van Oy Vey. In deze bezwaarprocedure staat alleen nog ter discussie of de raad kan besluiten dat de aanvraag van Oy slechts gedeeltelijk wordt toegekend. Hieronder treft u daarover het advies aan.

De bezwaarschriftencommissie adviseert de raad om het bezwaar van Oy Vey gegrond te verklaren, het advies van de commissie over te nemen en het besluit van 10 december 2019 in zoverre te herroepen dat aan Oy Vey alsnog een subsidie van c99.766.00 wordt verleend en de aanvraag voor het overige wordt afgewezen.

3

Verslag (vervolg) Pagina 4 van 12

Gemeente Amsterdam

2. Juridisch kader

Het juridisch kader in deze zaak wordt in algemene zin gevormd door de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en meer specifiek door de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden en de Verordening commissie Joodse erfpachttegoeden. Algemene wet bestuursrecht Indien een besluit berust op een onderzoek naar feiten en gedragingen dat door een adviseur is verricht, dient de raad zich op grond van artikel 3:9 Awb ervan te vergewissen dat dit onderzoek op zorgvuldige wijze heeft plaatsgevonden. Op grond van artikel 3:46 Awb dient een besluit te berusten op een deugdelijke motivering. Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden In artikel 2 lid J. van de subsidieverordening is bepaald dat deze verordening van toepassing is op het budget dat de raad op 14 juli 2016 beschikbaar heeft gesteld als collectieve tegemoetkoming aan de Joodse gemeenschap. Het doel van deze verordening is subsidiering van activiteiten ten behoeve van met name de Amsterdams Joodse gemeenschap. Op grond van artikel 3 lid a. van de subsidieverordening is er een commissie die de raad adviseert over de subsidieaanvragen gedaan op basis van deze verordening. Op grond van artikel 4 van de subsidieverordening kan de raad subsidie verlenen ten behoeve van activiteiten als bedoeld in artikel 2 in één of meer van de volgende sectoren: "a. Educatie b. Religie c. Welzijn & zorg d. Jongeren e.

Erfgoed & cultuur." Op grond van artikel 6 van de subsidieverordening worden de aanvragen die aan de voorwaarden gesteld in de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden voldoen gerangschikt op basis van hun kwaliteit.

4

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 5 van 12

Op grond van artikel 12 van de subsidieverordening wordt de kwaliteit van de subsidieaanvraag vastgesteld aan de hand van de volgende, beoordelingscriteria, die zijn opgesomd in volgorde van hun relatieve belang: a. de mate waarin een activiteit een bijdrage levert aan de continuïteit van de Joodse gemeenschap; b. de doelstelling van de activiteit die moet passen in een van de in de artikel 4 genoemde sectoren; c. de beoordeling van de slagingskans van de activiteit door de commissie; d. het bereik van de activiteit gerelateerd aan de daaraan verbonden kosten; e.de mate waarin een aanvraag financiële soliditeit vertoont; f. de mate waarin sprake is van medefinanciering door de aanvrager zelf of derden; g. de waarborg van de continuïteit van de aanvrager. Deze criteria zijn in de toelichting bij de subsidieverordening nader toegelicht: "Dit artikel bevat de criteria aan de hand waarvan de kwaliteit van een subsidieaanvraag wordt vastgesteld. De beoordelingscriteria staan in volgorde van hun relatieve belang. Dat wil zeggen dat aan het criterium onder a. het meeste gewicht en het criterium onder h. het minste gewicht wordt toegekend bij het beoordelen van de kwaliteit van een aanvraag Hieronder volgt een nadere omschrijving van de criteria. De mate waarin een activiteit een bijdrage levert aan de continuïteit van de Joodse gemeenschap.

Het moet gaan om activiteiten die een bestendig karakter hebben en die bijdragen aan de Joodse infrastructuur. Dit zal meestal gaan om een nieuwe activiteit, maar ook bestaande activiteiten kunnen voortoekenning in aanmerking komen. Ook langlopende activiteiten kunnen voor toekenning in aanmerking komen middels een meerjarenplan, met een maximum van vierjaar. De doelstelling van de activiteit De doelstelling van de activiteit dient te passen binnen een van de in artikel 4 genoemde sectoren.

5

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 6 van 12

De slagingskans van de activiteit De commissie zal zich een oordeel trachten te vormen over de mogelijkheden van de aanvrager de activiteit tot een goed einde te brengen. Het bereik van de activiteit gerelateerd aan de daaraan verbonden kosten. Hoeveel personen hebben profijt bij de activiteit in relatie tot de kosten ervan. Het gaat hier om het realiteitsgehalte van een activiteit. De mate waarin een aanvraag financiële soliditeit vertoont. Dit criterium houdt verband met de slagingskans van de activiteit. Medefinanciering De mate waarin sprake is van medefinanciering van de activiteit door andere organisaties dan de aanvrager. Gezien de beperktheid van het totaal toe te kennen bedrag kan het in het bijzonder bij omvangrijke activiteiten eenvoudiger worden een uitkering toe te kennen indien anderen dat ook doen. De mate waarin sprake is van medefinanciering van de activiteit door de aanvrager dan wel doordeelnemers/gebruikers. Hierbij dient ook gedacht te worden aan wat door afnemers voor de door de activiteit gegenereerde diensten wordt betaald. Uiteraard zal hierbij de totale financiële situatie van de aanvrager worden betrokken, in het bijzonder ook de omvang van het eigen vermogen. De waarborg van de continuïteit van de aanvrager. De continuïteit van een aanvrager kan door het uitvoeren van een omvangrijke activiteit of investering in gevaar komen.

Vragen die hierbij gesteld moeten worden zijn bijvoorbeeld of het mogelijk zal zijnde jaarlijkse kosten die uit de investering voortkomen op te brengen en of de deelname aan de activiteit of investering en de daarmee gepaard gaande inkomsten aan de verwachtingen voldoen." Op grond van artikel 11 lid 4 van de subsidieverordening kan de raad naar aanleiding van het advies van de commissie subsidie tot een lager bedrag toekennen dan is aangevraagd. Verordening Commissie Joodse erfpachttegoeden In artikel i is bepaald dat er een Commissie Joodse erfpachttegoeden is, dat deze commissie bestaat uit zes leden en tot taak heeft de raad te adviseren over de besteding van de collectieve

6

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 7 van 12

tegemoetkoming van tien miljoen euro aan de Joodse gemeenschap voor de erfpachttegoeden. Op grond van artikel 2 van deze verordening benoemt de raad de leden van de commissie. Op grond van artikel 5 lid 1 zijn de leden van de commissie gezamenlijk, voor de uitoefening van hun taak, verantwoording schuldig aan de raad. Op grond van het tweede lid geven zij de raad alle inlichtingen die de raad daarvoor nodig heeft. 3. Verloop van de procedure Op 30 december 2018 heeft Oy Vey een aanvraag gedaan voor subsidie op grond van de subsidieverordening. Bij besluit van io december 2019 heeft de raad de aanvraag van Oy Vey afgewezen. Op 20 januari 2020 heeft Oy Vey tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Op 11augustus 2020 is namens de raad met een verweerschrift gereageerd op het bezwaar van Oy Vey. Daarin is onder andere het volgende aangegeven: "Zoals bezwaarde aangeeft blijkt niet uit de aanvraag van bezwaarde dat wordt gerekend op soo betalende deelnemers/abonnees. De commissie kan niet anders concluderen dan dat er hiermee abusievelijk een misverstand bij de advisering is betrokken. De commissie geeft u dan ook graag in overweging om te bezien of bezwaarde alsnog een bedrag kan worden toegekend. De commissie zou hiertoe graag een nieuw voorstel doen. De aanvraag ziet op een vijftal activiteiten, namelijk: OY VEY HUB, OY VEY SALON, OY VEY KROM, OY VEY WORKSHOP, EY VEY EVENEMENTEN.

De adviescommissie staat positief tegenover de verschillende onderdelen waar de aanvraag van bezwaarde op ziet. Van de meeste projecten verwacht zij een belangrijke en positieve bijdrage aan de continuïteit en infrastructuur van de Amsterdamse Joodse gemeenschap. De commissie is echter van oordeel dat 'De Krom' deze bijdrage te beperkt met zich zal meebrengen. In een aanbod van dergelijke Joodse winkels is naar het oordeel van de commissie reeds voldoende voorzien, wat maakt dat de commissie bij dit onderdeel

7

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 8 van 12

een beperktere behoefte binnen de en bijdrage aan de (continuïteit van de) Amsterdamse Joodse gemeenschap verwacht." Op 4 september 2020 heeft de bezwaarschriftencommissie het bezwaar van Oy Vey op een hoorzitting behandeld. Uit het verslag van de hoorzitting volgt dat Oy Vey daar over de activiteit Oy Vey De Krom het volgende heeft aangegeven: "(...) Voor wat betreft de Joodse winkel 'De Krom' merkt bezwaarde op dat de opmerking in het verweerschrift dat er al Joodse winkels bestaan klopt, maar dat de opzet hier anders is. Dit gaat om een winkel waar lokale productie wordt gestimuleerd. Lokale designers, kunstenaars en andere ondernemers moeten producten gaan leveren. Producten die niet specifiek Joods zijn, maar die uiting kunnen geven aan de Joodse cultuur. Het gaat dus niet alleen om religieuze objecten, maar juist ook om producten die de Joodse eigenheid uit kunnen dragen. Zoals tassen en keramieke synagoges, maar ook andere designobjecten. Bezwaarde legt uit dat zij een aanvulling willen bieden op wat er al is. Met een uitstraling naar heel Amsterdam en ook daar buiten. En het zou mooi zijn als dat in het hart van het Joodse kwartier en dus de binnenstad is.

Als daar weer een levendige Joodse cultuur kan ontstaan." Bij e-mail van 13 oktober 2020 heeft de bezwaarschriftencommissie de nieuwe beoordeling van de aanvraag aan Oy Vey toegestuurd en Oy Vey gelegenheid gegeven om daarop te reageren. Uit deze e-mail blijkt dat de commissie de raad adviseert om de aanvraag van Oy Vey alsnog gedeeltelijk toe te kennen. Bij e-mail van 28 oktober 2020 heeft Oy Vey op de e-mail van 13 oktober 2020 gereageerd. Oy Vey geeft daarin aan blij te zijn met het nieuwe advies over haar aanvraag. Verder maakt Oy Vey een kanttekening bij het advies van de commissie om geen subsidie te verstrekken voor de activiteit Oy Vey De Krom, maar geeft tegelijkertijd aan het te begrijpen als daarvoor geen subsidie wordt verstrekt. 4. Onderliggende stukken raadscommissie en gemeenteraad De bezwaarschriftencommissie heeft in verband met de advisering over de ingediende bezwaren niet alleen de dossiers maar ook de onderliggende raadsstukken bestudeerd en

8

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 9 van 12

kennis genomen van de bespreking van deze stukken in raadscommissie en raad. Daaruit blijkt dat de raad in juli 2016, naar aanleiding van de conclusies in het NIOD-rapport, heeft besloten een tegemoetkoming te doen aan de Amsterdams Joodse gemeenschap. Onderdeel van dat besluit was dat er een stichting zou worden opgericht bestaande uit personen uit de Joodse gemeenschap die de raad zou adviseren over de besteding van die tegemoetkoming. Uiteindelijk is er geen stichting opgericht, maar is er door de raad een commissie in het leven geroepen. Daarbij is overeind gebleven dat de leden onderdeel uitmaken van de Joodse gemeenschap. De leden zijn vanuit die hoedanigheid door de burgemeester gevraagd en door de raad als lid van de commissie benoemd. Verder heeft de raad aan de commissie de kaders meegegeven waarbinnen zij haar advies moest geven. Deze kaders zijn tot stand gekomen na advies van de commissie en vastgelegd in de Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden. In het kort blijkt uit de verordening dat de tegemoetkoming zou worden verdeeld via een zogenoemde subsidietender. Er konden gedurende een aantal maanden aanvragen worden gedaan, waarna de commissie op basis van de in de verordening opgesomde kwaliteitseisen advies zou geven aan de raad. De raad zou vervolgens op basis van die adviezen een besluit nemen over de toekenning of afwijzing van de aanvragen.

Uit de stukken, met name artikel 12 van de verordening, komt naar voren dat de kern van het advieswerk van de commissie wordt gevormd door de vraag of een activiteit een bijdrage levert aan de continuïteit van de Joodse gemeenschap. In dat kader heeft de commissie in de eerste plaats benadrukt het van groot belang te achten dat de tegemoetkoming terecht zou komen bij de verschillende onderdelen van de Joodse gemeenschap in de ruimste zin en bij de verschillende geloofsrichtingen binnen de Joodse gemeenschap. Aan de verschillende onderdelen is recht gedaan door in de verordening vijf sectoren te onderscheiden. Die zijn volgens de commissie essentieel voor het voortbestaan van de gemeenschap. Voor de verschillende geloofsrichtingen geldt dat de commissie kenbaar heeft gemaakt dat voor de continuïteit ook van belang was dat elke stroming een (enigszins) evenredig deel zou krijgen. Uit de stukken blijkt dat de commissie hier dus ook specifiek aandacht aan heeft besteed. Met inachtneming daarvan speelde de kwaliteit van de aanvragen de voornaamste rol.

9

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina ao van 12

Door de commissie is kenbaar gemaakt dat zij zich bij de beoordeling van de aanvragen heeft laten leiden door de in artikel 12 van de verordening vermelde toewijzingscriteria. Zo droeg naar het oordeel van de commissie een aanvraag die niet tot een succesvol afgerond project zou leiden, niet bij aan de continuïteit. Om die reden is bijvoorbeeld meegewogen of de aanvrager een eigen bijdrage levert. Dat vergroot de kans dat een project uitgevoerd kan worden. Voor het beoordelen van de aanvragen geldt dat uit de stukken blijkt dat de (ontvankelijke) aanvragen eerst zijn ingedeeld per sector. Vervolgens zijn per sector twee personen uit de commissie aan de slag gegaan om een voorselectie te maken. Die voorselectie is besproken in de gehele commissie, waarna een lijst met voorlopige toe- en afwijzingen volgde. Deze lijst is gelegd langs de te behalen doelen en is beoordeeld op de hiervoor bedoelde evenredige spreiding, waarna besloten is sommige aanvragen meer en andere minder subsidie toe te kennen. Op die manier is per aanvraag het definitieve advies tot stand gekomen. Commissieleden die betrokken waren bij een aanvrager, hebben zich daarbij volgens de commissie onthouden van stemming bij alle aanvragen in de betreffende sector waaronder die aanvraag viel.

Tot slot is nog van belang dat de commissie in het kader van de adviezen heeft geadviseerd budget over te hevelen van de ene naar de andere sector op grond van artikel 5, derde lid van de Verordening. In de stukken is aangegeven dat de commissie dit gedaan heeft omdat een deel van het budget binnen een sector na honorering van de meest geschikte aanvragen onbenut bleef. Ook bij het overhevelen heeft de continuïteit van de Joodse gemeenschap voorop gestaan. 5. Overwegingen De bezwaarschriftencommissie zal hierna beoordelen of de raad kan beslissen om de aanvraag van Oy Vey gedeeltelijk af te wijzen. Daarbij stelt de bezwaarschriftencomnnissie het volgende voorop. Het gaat in deze procedure om de toekenning van subsidie. Bij de beslissing aan welke aanvrager subsidie wordt verleend, baseert de raad zich op advies van de Commissie Joodse erfpachttegoeden. Uit artikel 3:9 Awb volgt dat de raad zich er daarbij van dient te vergewissen dat het advies van de commissie op zorgvuldige wijze tot stand gekomen is (de zogenoemde `vergewisplichti ). De motivering van het advies over de aanvraag en de motivering van de

10

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina ii van 12

totstandkoming van de rangschikking tussen de aanvragen speelt daarbij een rol (artikel 3:46 Awb). In deze procedure is daarentegen sprake van een bijzondere vorm van subsidie, die maakt dat hier een meer terughoudende invulling van de vergewisplicht van artikel 3:9 Awb op zijn plaats is. De Subsidieverordening Joodse erfpachttegoeden heeft tot doel om de Amsterdams Joodse gemeenschap collectieve tegemoetkoming te bieden voor de erfpachtgelden die de gemeente tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft geïnd en de boetes die in verband daarmee zijn opgelegd. Vanuit dat doel heeft de raad er op 18 juli 2018 bewust voor gekozen om de verdeling van de tegoeden over te laten aan de Amsterdams Joodse gemeenschap zelf. Het is immers die gemeenschap waarvoor de tegoeden zijn bedoeld, en die zelf ook het beste kan beoordelen waarvoor de tegoeden gebruikt dienen te worden. Bij de beoordeling van de adviezen over de verdeling van de subsidies past daarom een terughoudende opstelling van de raad, die zich vertaalt in een terughoudende toets van het advies van de commissie. Tegen deze achtergrond beperkt de bezwaarschriftencommissie zich in deze procedure tot de vraag of de raad zijn besluit over de subsidieaanvraag, met inbegrip van de daarbij gepaste terughoudendheid, op het advies van de Commissie Joodse erfpachttegoeden heeft kunnen baseren.

De bezwaarschriftencommissie zal daarbij beoordelen of het advies van de commissie op hoofdlijnen zorgvuldig tot stand gekomen en deugdelijk gemotiveerd is, mede in het licht van de bezwaren die Oy Vey daarover naar voren brengt. De motivering van het bestreden besluit Uit hoofdstuk 2 van dit advies volgt dat de Commissie Joodse erfpachttegoeden de aanvraag van Oy Vey heeft beoordeeld op basis van een aantal criteria. Het gaat dan onder andere om de mate waarin een activiteit een bijdrage levert aan de continuïteit van de Joodse gemeenschap (artikel 12, aanhef en onder a), het bereik van de activiteit gerelateerd aan de daaraan verbonden kosten (artikel 12, aanhef en onder d) en de mate waarin sprake is van medefinanciering door de aanvrager zelf of derden (artikel 12, aanhef en onder f). Uit hoofdstuk 3 van dit advies volgt dat de commissie op basis van deze criteria tot de conclusie is gekomen dat de (sub)activiteit Oy Vey De Krom slechts in beperkte mate een bijdrage zal leveren aan de continuiteit en infrastructuur van de Amsterdamse Joodse gemeenschap. Naar het oordeel van de commissie is in het aanbod van dergelijke Joodse winkels reeds voldoende voorzien, wat maakt dat de commissie bij dit onderdeel een beperktere behoefte binnen de en bijdrage aan de (continuiteit van de) Amsterdamse Joodse gemeenschap verwacht.

11

Verslag (vervolg)

Gemeente Amsterdam

Pagina 12 van 12

De bezwaarschriftencommissie acht deze uitleg navolgbaar en daarmee deugdelijk gemotiveerd. In het licht van de zojuist genoemde terughoudende toets van de raad, is de bezwaarschriftencommissie daarom van mening dat de raad het advies van de Commissie Joodse erfpachttegoeden om gedeeltelijk subsidie te verlenen, kan overnemen. De bezwaarschriftencommissie betrekt daarbij dat Oy Vey op de hoorzitting van 4 september 2020 ook zelf heeft aangegeven dat er al Joodse winkels bestaan en Oy Vey De Krom is

bedoeld als aanvulling op wat er al is. De bezwaarschriftencommissie leest daarin de bevestiging dat de beoordeling van de commissie deugdelijk gemotiveerd is. 6. Conclusie en advies De bezwaarschriftencommissie adviseert de raad om deze reden om het bezwaar van Oy Vey gegrond te verklaren, het besluit van io december 2019 te herroepen en te besluiten dat aan Oy Vey op grond van de subsidieverordening een subsidie wordt verleend van €99.766.00 en de aanvraag voor het overige wordt afgewezen. Dit maakt dat er ook grond is voor een vergoeding voor de kosten van het bezwaar ex artikel 7:15 van de Algemene wet bestuursrecht.

Amsterdam, 19 januari 2021 De bezwaarschriftencommissie,

rot.st Wiu Ay5egiil Kiliç,

Jurien Korzelius,

Voorzitter

Secretaris

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9707170/1