05 Nota van beantwoording en wijzigingen projectnota Schinkelkwartier.pdf
Tekst van het document
Dat geldt voor de geprojecteerde hoofdroute langzaam verkeer, de secundaire route langzaam verkeer als de suggestie voor oost-westverbinding ten zuiden van het Spijtellaantje. Daarmee is ook geen sprake meer van een fietsverbinding over het perceel Rijnsburgstraat 9-11. Naar aanleiding van de inspraakreacties wordt de voorkeursroute voor fietsverkeer aangepast. Vanaf de fietsbrug loopt de route via de Generaal Vetterstraat in noordelijke richting het Aalsmeerplein. De route vanaf de fietsbrug in westelijke richting blijft gehandhaafd. Deze loopt via de bestaande route langs de Schinkel in westelijke richting naar de havenkom en vervolgens naar de te verlengen Sloterweg. Uitgangspunt is ook dat door deze aanpassing de minder veilige fietsroute via het Spijtellaantje wordt ontlast. Dit wordt in de volgende fase nader in overleg met omwonenden uitgewerkt. De suggestie om de Generaal Vetterstraat tussen Valschermkade en Anthony Fokkerweg in te richten als ‘fietsstraat – auto te gast’ wordt meegenomen bij de nadere
81
uitwerking in de volgende fase (investeringsnota Schinkelhaven). De betrokken bewonersverenigingen worden daar vanzelfsprekend nauw bij betrokken.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 6.1 is aangegeven dat de aangepaste voorkeursroute voor fietsverkeer vanaf de fietsbrug via de Generaal Vetterstraat in noordelijke richting naar het Aalsmeerplein loopt. In hoofdstuk 5 zijn het stedenbouwkundig kader en het overige kaartmateriaal aangepast door de fietsverbindingen ter plaatse van Huis te Vraag te verwijderen en de voorkeursroute toe te voegen.
3.8.3
Cultuurhistorie (37, 41, 43, 44, 45, 48, 49, 56, 57, 58, 60, 69, 72, 73, 89, 91, 128, 135, 140, 146, 167 en 170)
Inspraakreacties Over de cultuurhistorische waardering van begraafplaats Huis te Vraag en het daaraan grenzende veenweidegebied zijn diverse inspraakreacties ingediend. De indieners vrezen voor de aantasting van dit cultuurhistorisch waardevol gebied en vinden dat het gezien de monumentale status moet worden beschermd. Veel insprekers wijzen erop dat het ensemble Huis te Vraag in 2009 is aangewezen als gemeentelijk monument. Volgens de bijbehorende objectbeschrijving omvat het ensemble de volgende onderdelen: het ontvangstgebouw, de gehele begraafplaats met graven en grafstenen, groenvoorziening, het toegangshek en het portiersgebouw. Van belang voor de cultuurhistorie is tevens het zuidelijk gelegen weidegebied. Andere insprekers wijzen op de begrenzing van het monument zoals opgenomen in de (concept) Cultuurhistorische verkenning Schinkelkwartier. Een andere inspreker is van mening dat niet alleen het pand maar ook de omringende veengrond is aangewezen als gemeentelijk monument. In andere reacties wordt gesteld dat de begraafplaats onderdeel is van een beschermd stadsgezicht. Weer een andere inspreker meldt dat de begraafplaats is aangewezen als rijksmonument. Stichting Huis te Vraag wijst erop dat de begraafplaats sinds enkele decennia door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wordt erkend als cultureel erfgoed met een hoge cultuurhistorische waarde.
De Stichting stelt dat verder de cultuurhistorische waarde wordt herkend in de tijdlaag die over de begraafplaats ligt en het feit dat het de eerste protestantse begraafplaats in een katholieke gemeenschap was. Om die reden pleit de Stichting voor het respecteren van de begraafplaats, zodat de locatie van de begraafplaats zal blijven herinneren aan de ontstaansgeschiedenis van het gebied. Door het voortbestaan van de begraafplaats te borgen kan de pre-stedelijke stadsrand uit eind negentiende eeuw midden in een oprukkende stad zichtbaar blijven.
Antwoord Verschillende insprekers wijzen op de beschermde status van de begraafplaats en de aangrenzende graslanden. In tegenstelling tot wat enkele insprekers beweren is begraafplaats Huis te Vraag geen rijksmonument en ook geen onderdeel van een beschermd stadsgezicht. Wel is in 2009 besloten om de begraafplaats aan te wijzen als gemeentelijk monument. In de objectbeschrijving blijkt dat de intentie was het ontvangstgebouw, de gehele begraafplaats met graven en grafstenen, groenvoorziening, het toegangshek en het portiersgebouw aan te wijzen. Inmiddels blijkt uit het 82
besluit dat door een administratieve omissie uiteindelijk alleen het ontvangstgebouw is aangewezen. De overige genoemde onderdelen van het ensemble zijn formeel dus (nog) niet aangewezen als gemeentelijk monument. Om deze onderdelen alsnog aan te wijzen zal het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuid een aanvullingsbesluit moeten nemen. In de objectbeschrijving uit 2009 worden het zuidelijk gelegen weidegebied niet genoemd in de opsomming van het monumentale ensemble Huis te Vraag, wel wordt gemeld dat dit deel voor de cultuurhistorie van belang is. Monumenten en Archeologie (gemeente Amsterdam) heeft bevestigd dat het zuidelijk gelegen weidegebied buiten de monumentenbescherming valt. Sommige insprekers verwijzen voor de begrenzing van het gemeentelijk monument naar de concept Cultuurhistorische verkenning Schinkelkwartier van Monumenten en Archeologie. Deze verkenning is nog niet definitief. Voor het bepalen van de uiteindelijke begrenzing van het gemeentelijk monument moet worden gekeken naar de verschillende onderdelen van Huis te Vraag. Uitgangspunt voor het aanvullingsbesluit is dat de te realiseren aanlanding van de fietsbrug ingepast wordt in het aan de begraafplaats grenzende weidegebied. Daarbij is de objectbeschrijving uit 2009 leidend.
Wijzigingen Deze inspraakreacties geven geen aanleiding om de projectnota te wijzigen. Wel is in paragraaf 2.3 aangegeven dat door een administratieve omissie alleen het ontvangstgebouw van begraafplaats Huis te Vraag is aangewezen als gemeentelijk monument en dat een aanvullingsbesluit moet worden genomen om de begrenzing uit te breiden.
83
3.9 De Oeverlanden (ingediend door 5, 6, 13/14, 16/17, 84/85, 99, 100, 121, 145, 162, 163 en 164) In veel inspraakreacties zijn zorgen geuit over de gevolgen van de ontwikkeling van Schinkelkwartier voor het aangrenzende groengebied De Oeverlanden. Om die reden zijn De Oeverlanden in deze paragraaf als apart thema behandeld. De inspraakreacties hebben met name betrekking op eventuele bebouwing, de gevolgen voor de natuurwaarden, de bereikbaarheid van het gebied vanuit bestaande wijken en enkele specifieke in het gebied geprojecteerde functies. In hoofdstuk 3 van de projectnota zijn de ambities voor groen beschreven. In paragraaf 4.2.1 is ingegaan op de alternatieven voor de benodigde aanpassing van de groenstructuur, waarbij ook de mogelijke rol voor De Oeverlanden is betrokken. De uitkomsten van deze alternatievenafweging zijn verwerkt in het stedenbouwkundig kader (hoofdstuk 5). Dit stedenbouwkundig kader wordt in de volgende fase nader uitgewerkt in stedenbouwkundige plannen per deelgebied.
3.9.1
Toenemende druk op de Oeverlanden (5, 6, 13/14, 16/17, 84/85, 100, 121, 145, 162 en 163)
Inspraakreacties Diverse inspraakreactie hebben betrekking op mogelijke ontwikkelingen in het gebied De Oeverlanden. Daarbij zijn er bezwaren tegen het realiseren van een stadsstrand, het doortrekken van het fietspad Johan Huizingalaan tot in De Oeverlanden en het reserveren van ruimte voor buitensport. Dit doet afbreuk aan het zorgvuldige proces dat in het kader van de Ontwikkelstrategie Oeverlanden is doorlopen. Ook wordt bezwaar gemaakt tegen de suggestie in de projectnota om bebouwing te realiseren in de strook tussen de Oude Haagseweg en de A4. De projectnota zou volgens de insprekers geen voorstellen mogen bevatten voor aanpassingen buiten het plangebied. Diverse insprekers wijzen op het belang van de bescherming van De Oeverlanden als natuurgebied en onderdeel van de hoofdgroenstructuur. Er wordt aangegeven dat landontginning ten behoeve van een stadsstrand ingrijpende gevolgen voor bestaande bebouwing en een negatieve impact op de waardevolle natuur heeft. Een andere inspreker pleit ervoor om het karakter van De Oeverlanden te versterken door het in te richten als een ruig bos en niet als een te net ingericht stadspark. Het Amsterdamse Bos wordt hierbij als gewenst referentiebeeld aangehaald. Ook wordt gesteld dat De Oeverlanden nu al overbelast is en dat deze overbelasting door de ontwikkeling van Schinkelkwartier toeneemt.
Antwoord De gemeente heeft de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden vastgesteld, een richtinggevende visie voor de periode tot 2040. Een belangrijk voorstel is de zonering van De Oeverlanden, wat inhoudt dat kwetsbare delen en voor de natuur waardevolle delen binnen De Oeverlanden vooral rustig blijven en dat in andere (minder kwetsbare) delen van het gebied de toenemende recreatiedruk kan worden gefaciliteerd. Dankzij de voorgestelde zonering blijven De Oeverlanden, ook in de toekomst, een ruig, authentiek natuurgebied met bijzondere flora en fauna met een belangrijke rol in het gehele ecologische netwerk van Amsterdam en regio én kan het gebied tegelijkertijd een belangrijke functie vervullen voor de toenemende behoefte aan recreatiemogelijkheden aan het water. 84
In De Oeverlanden zijn geen ingrepen nodig om de haalbaarheid van de transformatie en verdichting van het plangebied Schinkelkwartier aan te tonen. Dat geldt ook voor de eventuele bebouwing in de parkwal in de strook tussen de Oude Haagseweg. De Oeverlanden vallen buiten de plangrenzen van Schinkelkwartier, maar we zien, mede door de nabijheid van dit bijzondere gebied, wel kansen op een functionele en ecologische verbinding tussen de gebiedsontwikkeling in het Schinkelkwartier en de ambities voor De Oeverlanden. We hebben daarom een aantal suggesties voor De Oeverlanden gedaan om kansen en mogelijkheden voorstelbaar te maken. De suggesties voor het realiseren van een stadsstrand, het doortrekken van het fietspad Johan Huizingalaan en plekken voor buitensport in de concept projectnota waren niet geheel in overeenstemming met de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. Het is dan ook begrijpelijk dat deze suggesties voor De Oeverlanden onrust hebben veroorzaakt. We hebben de projectnota in overeenstemming gebracht met de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. In overeenstemming met de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 wordt een aanduiding voor stedelijke ontwikkeling in de strook tussen de Oude Haagseweg en de A4 opgenomen. Dit betreft een indicatieve ontwikkeling voor de langere termijn, die is gekoppeld aan de gewenste aanleg van de verlengde Noord/Zuidlijn.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota te wijzigen. In hoofdstuk 5 zijn het stedenbouwkundig kader, de kaarten en teksten over De Oeverlanden aangepast en sluiten deze aan op de uitgangspunten van Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. Voor de strook tussen de Oude Haagseweg en de A4 is aangesloten op de aanduiding ‘indicatieve zone verbinding stad en land’ uit de Omgevingsvisie Amsterdam 2050.
3.9.2 Bereikbaarheid voor bestaande wijken (121 en 145) Inspraakreacties In inspraakreacties van bewoners uit wijken die aan Schinkelkwartier grenzen zijn zorgen geuit over het behoud van voldoende groen. Door de toevoeging van 11.000 woningen komt het bestaande groen onder druk te staan en is er minder beschikbaar voor bestaande bewoners. Om de groengebieden, zoals De Oeverlanden, beschikbaar en bereikbaar te houden voor bewoners uit aangrenzende wijken is er behoefte aan aantrekkelijke noord-zuid fietsverbindingen. In een andere inspraakreactie wordt aangegeven dat een goede ontsluiting van De Oeverlanden mogelijk kan helpen om andere groengebieden in Schinkelkwartier, zoals Huis te Vraag, juist rustiger te houden.
Antwoord Uitgangspunt van de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden is het beschermen en kwalitatief verbeteren van het huidige groen en de aanwezige natuurwaarden, maar ook het realiseren van een kwaliteitsverbetering ten behoeve van recreatie. Het vinden van de juiste balans tussen natuur en de toenemende recreatiedruk is hierbij een belangrijke opgave. In de Ontwikkelstrategie is aangegeven dat het gebied een rol speelt voor alle Amsterdammers, dat er meer (recreatieve) ruimte komt voor gezinnen, maar dat andere doelgroepen ook welkom zijn en blijven. Het toenemende aantal bezoekers uit de omgeving is daarbij een gegeven dat door de voorgestelde ontwikkelingsrichting in de Ontwikkelstrategie zo zorgvuldig mogelijk wordt ingepast en gefaciliteerd. 85
Ook de ontwikkeling van Schinkelkwartier zal zorgen voor meer recreatiedruk in het gebied. Om die toenemende recreatiedruk te faciliteren is het van belang dat delen van het gebied die geschikt zijn voor recreatie beter toegankelijk worden gemaakt. Bijvoorbeeld door het aansluiten van bestaande en nieuwe fietsroutes in Schinkelkwartier op de routes in en naar De Oeverlanden. Wij onderschrijven dat het beter toegankelijk maken van delen van De Oeverlanden ervoor kan zorgen dat andere buurtparken en groengebieden in Schinkelkwartier worden ontlast. Los daarvan wordt begraafplaats Huis te Vraag behouden en ingepast als rustig groengebied.
Wijzigingen Deze inspraakreacties geven geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
3.9.3 Geprojecteerde functies (99, 162, 163 en 164) Inspraakreacties In enkele inspraakreacties wordt bezwaar gemaakt tegen in de projectnota geprojecteerde functies in De Oeverlanden. Zo geeft Watersportvereniging Onklaar Anker aan geen culturele functie en fietsverbinding ter plaatse van hun gebied te wensen en vraagt om de watersportvereniging als bestaande functie in de projectnota op te nemen. Tuinpark Ons Buiten verzoekt om de geprojecteerde kinderboerderij op het evenemententerrein, dat in beheer is bij de vereniging, uit de projectnota te verwijderen.
Antwoord In de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden is in de context van de groeiende stad gezocht naar een goede balans tussen natuur, rust en reuring. Schinkelkwartier en De Oeverlanden hebben hun eigen opgave en kunnen elkaar daarbij helpen als het gaat om routes maken, groene (ecologische) verbindingen realiseren en recreatieve functies en gebruik. Vanuit dat perspectief zijn in de concept projectnota ter plaatse van De Oeverlanden verbindingen, een culturele functie en een kinderboerderij gesuggereerd. Deze suggesties mogen echter niet leiden tot onzekerheid over de toekomst voor bestaande gebruikers, zoals de Watersportvereniging Onklaar Anker of het Tuinpark Ons Buiten.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In hoofdstuk 5 zijn het stedenbouwkundig kader, de kaarten en teksten over De Oeverlanden aangepast en sluiten deze aan op de uitgangspunten van Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. Op het kaartmateriaal is ten aanzien van eventuele fietsverbindingen ook aangesloten op de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden.
86
3.10 Geluid, luchtkwaliteit en lichthinder (ingediend door 6, 10, 19, 82, 83, 86, 88, 101, 102, 106/107, 116, 120, 121, 122, 127, 133, 140, 143 en 156) Geluid is een belangrijk thema in de projectnota Schinkelkwartier: het is kaderstellend en heeft grote invloed op de ruimtelijke keuzes die we maken. Bewoners hebben vooral gereageerd op de benodigde maatregelen ter afscherming van snelweggeluid en luchtvaartgeluid. Een aantal bedrijven heeft zorgen geuit over de impact van woningbouw op hun vergunde geluidruimte en vragen gesteld over de gevolgen voor hun bedrijfsvoering. Onder dit thema behandelen we ook de inspraakreacties over de milieuaspecten luchtkwaliteit en licht(hinder. De geluidbelasting in de huidige situatie is in paragraaf 2.7 van de projectnota beschreven. In het kader van de projectnota en het concept Omgevingseffectrapport (OER) is onderzoek gedaan naar geluid. De uitkomsten daarvan zijn verwerkt in paragraaf 4.2.5 t/m 4.2.7 van de projectnota, waarin de beoogde geluidmaatregelen zijn beschreven. De uitkomsten zijn verwerkt in het stedenbouwkundig kader (hoofdstuk 5) en hebben geleid tot spelregels voor bouwinitiatieven. In de volgende fase zal voor geluid een strategisch geluidsplan worden opgesteld, waarin de condities voor en fasering van de geluidmaatregelen nader worden uitgewerkt. Dit plan vormt een bouwsteen voor de investeringsnota’s per deelgebied.
3.10.1 Geluidafschermende maatregelen plangebied (10, 19, 83, 86, 106/107, 116, 120, 122 en 133) Inspraakreacties De leefbaarheid en woonkwaliteit zijn zeer afhankelijk van de maatregelen die genomen worden op het gebied van geluid (lucht- en wegverkeer). Het is goed dat er in de nota veel aandacht voor is, maar het valt of staat met de uitwerking. Er wordt aandacht gevraagd voor de geluidbelasting in de bestaande woonwijk Park Haagseweg. Daarbij wordt gemeld dat slapen met open ramen door de hoge geluidbelasting niet mogelijk is en dat zelfs met gesloten ramen de geluidniveaus hoog zijn. De geluidwerende maatregelen zijn ook van belang voor bestaande bewoners. Gevraagd wordt of nieuwe bewoners wel beschermd worden tegen geluidoverlast en bestaande bewoners niet. Door een inspreker wordt opgemerkt dat de voorgestelde bouwhoogte langs de A10 een belangrijke geluidafscherming vormt. De gekozen opzet zorgt ervoor dat woongebouwen in de luwte van kantoren kunnen worden gerealiseerd zodat een bijdrage wordt geleverd aan het voorzien in een goed woon- en leefklimaat. Door een inspreker wordt gevraagd of en zo ja hoe de (al bestaande) geluidhinder in de spoorzone breder wordt aangepakt, concreet in het gebied tussen metrostation Heemstedestraat en Amstelveenseweg.
87
Antwoord Om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te realiseren zijn diverse geluidmaatregelen nodig. Wij onderschrijven de constatering dat de uitwerking van deze maatregelen essentieel is. In het verlengde van de projectnota wordt een strategisch geluidsplan opgesteld, waarin de condities voor en fasering van de geluidmaatregelen nader worden uitgewerkt. Op basis daarvan wordt duidelijk wanneer welke maatregelen kunnen worden getroffen. De beschermingsniveaus voor nieuwe en bestaande woningen zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder. De beoogde nieuwe woningen in Schinkelkwartier moeten voldoen aan de nu geldende geluidgrenswaarden. Verondersteld mag worden dat bij de realisatie van Park Haagseweg in jaren negentig rekening is gehouden met wettelijke geluidseisen en dat waar nodig maatregelen zijn getroffen. In het kader van de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier is er geen wettelijke verplichting om de geluidssituatie voor bestaande woningen buiten het plangebied te verbeteren. De geluidmaatregelen die in het kader van Schinkelkwartier worden getroffen zullen echter ook de geluidssituatie voor de bestaande woningen in Park Haagseweg verbeteren, zodat bestaande bewoners hier profijt van hebben. De geluidafschermende maatregelen om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen realiseren worden hierna behandeld.
Onderdeel van het in de projectnota genoemde pakket met geluidmaatregelen is afschermende eerstelijnsbebouwing langs de A10-West, wat zorgt voor afscherming van het achtergelegen gebied. Overigens is niet bepaald dat deze eerstelijnsbebouwing een kantoorfunctie krijgt. In deze fase wordt niet uitgesloten dat hier ook woningbouw, voorzien van een dove gevel of vliesgevel, kan komen. Dit wordt in de volgende planfase nader uitgewerkt. In delen van het plangebied wordt de voorkeursgrenswaarde voor spoorweg- en metrogeluid overschreden. Om de geluidbelasting van de spoorlijn en metro te beperken worden geluidschermen (2 meter hoog op lager met een gelijkwaardig effect) gerealiseerd. Het realiseren van geluidschermen in de spoorzone buiten het plangebied Schinkelkwartier valt buiten de scope van de projectnota Schinkelkwartier en is ook niet voorwaardelijk voor de haalbaarheid. Wel worden in het kader van het project Zuidasdok geluidschermen ten zuidwesten van het plangebied gerealiseerd waarmee ook geluid van de spoorlijn en metro wordt afgeschermd.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 4.2.5 is opgenomen dat ter afscherming van het geluid van de A4 ter hoogte van Nieuwe Meer West een geluidscherm is voorzien.
3.10.2 Geluidswal en fasering (10, 19, 83, 86, 106/107, 116, 120, 122 en 133) Inspraakreacties Er wordt aangegeven dat een gezonde leefomgeving in de woonwijk Park Haagseweg onder druk staat. Vanuit die wijk en overige delen van Nieuw Sloten is er behoefte aan geluidbescherming. In dat kader wordt aangegeven dat de geluidswal langs de A4 vanaf de Zuidas tot aan de Anderlechtlaan of mogelijk tot de Schipholtunnel zou moeten doorlopen. Verondersteld wordt dat ten westen van de Johan Huizingalaan tussen de bebouwing en de snelweg onvoldoende ruimte is voor een geluidswal. Opgemerkt wordt dat hier wel een adequate geluidswering gewenst is, die 88
mogelijk ook kan bijdragen aan het beperken van het (grond)geluid van Schiphol. Het herhalen van de parkwal in de strook tussen de A4 en de Oude Haagseweg wordt gezien als een belangrijke maatregel. Ook bebouwing in die strook kan bijdragen aan vermindering van geluidoverlast. De geluidswal zou, vooruitlopend op de nieuwbouw, in een keer moeten worden aangelegd. Alleen dan wordt tijdig de benodigde afscherming gecreëerd. Bovendien biedt dit voordelen voor de gemeente (minder ziektelast, een enkele aanbesteding). Er wordt gemeld dat veel bewoners van Nieuw Sloten in de veronderstelling zijn dat dat de gehele geluidswal er in de eerste fase komt en dat de projectnota op dat onderdeel onduidelijk is.
Antwoord Zoals beschreven in de projectnota zijn diverse geluidafschermende maatregelen nodig om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen realiseren. Uitgangspunt van de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier is het realiseren van een geluidswal/parkwal langs de A4 om het geluid van snelweg en spoorlijn naar Schiphol af te schermen. De bewoners van de wijk Park Haagseweg en overige delen van Nieuw Sloten hebben profijt van die geluidmaatregelen. Bij voorkeur worden geluidafschermende maatregelen vooruitlopend op woningbouw getroffen. Vanuit financiële of andere strategische overwegingen is dit echter niet altijd mogelijk. Het blijkt niet mogelijk om de geluidswal in een keer aan te leggen. Zo is de sporendriehoek de komende periode nog in gebruik als werkterrein voor het project Zuidasdok, zodat de toegankelijkheid van dat gebied moet blijven gewaarborgd. Mogelijk leidt dit ertoe dat in delen van het gebied aanvullende maatregelen nodig zijn om woningbouw mogelijk te maken. Ter plaatse van deelgebied Nieuwe Meer West is technisch geen ruimte voor een geluidswal, op deze plek is daarom een geluidscherm voorzien. In het op te stellen strategisch geluidsplan wordt de fasering van de geluidmaatregelen nader uitgewerkt. Op basis daarvan wordt duidelijk welke maatregelen wanneer worden getroffen.
De projectnota ziet uitsluitend op de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier. Het doortrekken van de geluidswal in zuidwestelijke richting valt buiten de scope van de projectnota Schinkelkwartier en is ook niet voorwaardelijk voor de haalbaarheid. Het doortrekken van de geluidswal in de strook tussen de A4 en de Oude Haagseweg en bebouwing in die strook zijn geen onderdeel van de projectnota, maar zijn wel opgenomen als suggesties voor nadere planvorming.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 7.3 is een nadere toelichting opgenomen over de ontwikkelmogelijkheden totdat geluidafschermende maatregelen zijn gerealiseerd.
3.10.3 Geluidmaatregelen specifieke locaties (6, 121 en 127) Inspraakreacties De geluidoverlast van de Johan Huizingalaan voor de woningen aan de Duke Ellingtonstraat (Park Haagseweg) is de afgelopen jaren sterk toegenomen als gevolg van de toename van vrachtverkeer en structureel te hard rijden. De versmalling ter hoogte van de kruising met de Sloterweg heeft geen verbetering gebracht. De inspreker vraagt om de kruising Johan Huizingalaan met de Sloterweg de
89
voorzien van een voorrangsrotonde, zodat het verkeer wel kan doorstromen maar wel wordt gedwongen snelheid te minderen. Bewoners van de Generaal Vetterstraat stellen voor om aan de rand van de weg bij de woonbuurt Generaal Vetterstraat een geluiddempende wal van minimale dikte, begroeid met klimhortensia, te plaatsen. In de achtergrondinformatie bij het concept Omgevingseffectrapport (OER) staan geen meetgegevens over de beoogde fietsbrug over de Schinkel ter hoogte van de Laan de Hesperiden. De inspreker vraagt om uit te zoeken welke geluidcontouren bij deze brug horen.
Antwoord De Johan Huizingalaan blijft een belangrijke 50 km/u ontsluitingsweg voor autoverkeer richting de Oude Haagseweg/A4 en vice versa. In de volgende fase wordt de beoogde herprofilering van de Huizingalaan opgepakt. Daarbij zal ook worden bekeken in hoeverre maatregelen kunnen worden getroffen om hard rijden te voorkomen. Overigens zal de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier naar verwachting juist leiden tot een afname van geluidbelasting op de bestaande woningen in Park Haagseweg, met name als gevolg van afschermende geluidmaatregelen langs de A4 en stil asfalt op de Huizingalaan. Uit de inspraakreactie van de bewoners van de Generaal Vetterstraat blijkt niet duidelijk welke weg zij precies bedoelen. Verondersteld wordt dat het gaat om de Henk Sneevlietweg en/of het nieuwe Aalsmeerplein. De bewoners worden nauw betrokken bij de volgende planfase voor Schinkelhaven, waarvan ook de aanpassing van de Henk Sneevlietweg en de reconstructie van het Aalsmeerplein onderdeel zijn. In dat kader kan de suggestie van een groene geluidafscherming worden betrokken. Wat betreft de beoogde brug over de Schinkel geldt dat deze uitsluitend voor langzaam verkeer toegankelijk is. Een fietsverbinding is niet zoneringsplichtig volgens de Wet geluidhinder.
Het is dan ook niet nodig om onderzoek te doen naar de geluidbelasting van deze verbinding en de geluidcontouren voor de fietsbrug in beeld te brengen. Wel zal bij de ontwerp en de keuze voor materialisering rekening worden gehouden met het beperken van eventuele geluidhinder.
Wijzigingen Deze inspraakreacties geven geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
3.10.4 Geluidmetingen (19, 83 en 106/107) Inspraakreacties Om inzicht te krijgen in de actuele geluidoverlast van met name de A4 ter plaatse van de bestaande woningen in Park Haagseweg zijn volgens insprekers nieuwe geluidmetingen nodig. Om een representatief beeld te krijgen moeten deze metingen na de Corona periode worden gedaan op het moment dat sprake is van gangbare verkeersintensiteiten en in een periode dat niet alle bomen vol in het blad staan. Bij de metingen moet ook rekening worden gehouden met de invloed van de windrichting en reflectie door gebouwen.
Antwoord In het kader van de projectnota en het concept Omgevingseffectrapport (OER) is akoestisch 90
onderzoek gedaan. Dit onderzoek bestaat volgens de geldende wettelijke rekenmethoden uit geluidberekeningen en niet uit geluidmetingen. Deze geluidberekeningen zijn gebaseerd op de meest actuele brongegevens en houden rekening met de heersende weersomstandigheden. Geluidmetingen geven een momentopname en zijn daardoor niet representatief, terwijl geluidberekeningen uitgaan van een gemiddeld geluidniveau over een heel jaar. In het kader van de projectnota en OER is globaal onderzoek met geluidcontouren gedaan om zicht te krijgen op de haalbaarheid op hoofdlijnen en benodigde maatregelen. Bij elke ontwikkeling in het plangebied waar geluidgevoelige functies zoals woningen zijn voorzien is nader akoestisch onderzoek nodig, waarin ook reflectie door omliggende gebouwen moet worden beschouwd.
Wijzigingen Deze inspraakreacties geven geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
3.10.5 Toepassen geluidnormen (86, 88, 106/107, 127, 140 en 143) Inspraakreacties Geconstateerd wordt dat de geluidbelasting in het plangebied niet voldoet aan de normen. Vanuit gezondheidsperspectief is het niet wenselijk om verhoogde geluidsnormen te hanteren. In verband met het cumulatieve effect, de gezondheidsschade en economische schade wordt door andere insprekers gevraagd waarom elke geluidbron apart en niet in samenhang wordt bekeken. Er wordt verzocht om te kijken naar de totale geluidoverlast van alle bronnen samen (zogenaamde cumulatieve geluidbelasting). In dat verband wordt gemeld dat hier bij de bouw van Nieuw Sloten geen rekening mee is gehouden.
Antwoord De normen voor wegverkeersgeluid, spoorweggeluid en industriegeluid zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder. Er is sprake van een voorkeursgrenswaarde en een maximale ontheffingswaarde. De wet biedt ruimte om hogere waarden dan de voorkeursgrenswaarde vast te stellen. Dit moet wel goed worden onderbouwd en er moet worden voldaan uit de voorwaarden uit het Amsterdam geluidbeleid. Zo moet een woning zijn voorzien in een stille zijde en moet sprake zijn van een aanvaardbare cumulatieve geluidbelasting. Voor luchtvaartgeluid gelden geen normen, wel moet rekening worden gehouden met de beperkingen uit het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (zie ook de beantwoording bij het thema geluidhinder Schiphol). Schinkelkwartier is een gebied met een hoge geluidbelasting, waar in de huidige situatie bijna overal de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden. In de huidige situatie wordt ook in delen van het gebied de maximale ontheffingswaarde overschreden. Een geluidbelasting boven de maximale ontheffingswaarde wordt geassocieerd met negatieve gezondheidseffecten. Ondanks de beoogde geluidmaatregelen zal het niet mogelijk zijn om overal aan de grenswaarden te voldoen, zodat op die locaties woningbouw alleen mogelijk is na vaststelling van hogere waarden of na realisatie van dove gevels.
In het kader van de projectnota en concept Omgevingseffectrapport (OER) is niet alleen onderzoek gedaan naar de afzonderlijke geluidbronnen, maar is ook op hoofdlijnen de cumulatieve geluidbelasting in beeld gebracht. De cumulatieve belasting blijft op de meeste locaties onder de waarde die op grond van het Amsterdams geluidbeleid aanvaardbaar wordt geacht. Bij elke ontwikkeling met geluidgevoelige functies zoals woningen, waar sprake is van een overschrijding 91
van de voorkeursgrenswaarde, moet onderzoek worden gedaan naar de cumulatieve geluidbelasting. Dit is wettelijk verplicht en vastgelegd in het Amsterdams geluidbeleid. In de gevallen dat sprake is van overschrijding van de maximale waarde op meerdere gevels, een onaanvaardbare cumulatieve geluidbelasting en een stille zijde niet mogelijk is, dan worden daar geen woningen gerealiseerd.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 4.2.5 is een nadere toelichting opgenomen over de cumulatieve geluidbelasting.
3.10.6 Geluidhinder Schiphol (82, 83, 88, 106/107, 122 en 133) Inspraakreacties Geluidhinder door Schiphol (overvliegende vliegtuigen en grondgeluid van vliegtuigen op Schiphol) wordt volgens een inspreker in de projectnota niet genoemd, terwijl die gezien de ligging nabij Schiphol aanzienlijk zal zijn. Er wordt gemeld dat hier bij nieuwbouw rekening mee wordt gehouden, maar daarbij wordt gevraagd wat de gemeente doet voor bewoners die al in het projectgebied wonen. Tot slot wordt gesteld dat de voorgestelde bouwhoogte effectief is in het tegengaan van geluidsreflectie als gevolg van vliegverkeer. Insprekers vragen speciale aandacht voor het grondgeluid van startende vliegtuigen vanaf de Aalsmeerbaan. Dat geluid vormt in Nieuw Sloten een bron van overlast die vaak onderbelicht blijft. Dit laagfrequente geluid kan op grote afstand hoorbaar en voelbaar zijn. In dat verband wordt gemeld dat het gebruik van de Aalsmeerbaan de afgelopen jaren sterk is toegenomen. Bovendien wordt grondgeluid niet meegenomen in de theoretische rekenmodellen waarmee de geluidcontouren van Schiphol worden bepaald. Geluidwerende voorzieningen ten noorden en zuiden van de A4 kunnen mogelijk bijdragen aan het beperken van deze geluidsoverlast in Nieuw Sloten. Daarnaast is het wenselijk om te zorgen voor een zo geluiddempend mogelijke inrichting van het gebied tussen de Aalsmeerbaan en Nieuw Sloten.
Dergelijke maatregelen kunnen het woonklimaat in het Schinkelkwartier en Park Haagseweg verbeteren. Er wordt door een ander inspreker gewezen op de ontwikkeltermijn van Schinkelkwartier en mogelijke veranderingen in de omgeving, zoals de geluidoverlast van Schiphol. In recente plannen voor aanpassing van het banenstelsel wordt gesproken over een parallelle Kaagbaan, waarbij de Aalsmeerbaan en Oostbaan worden gesloten. Bij die variant zullen de geluidoverlast en de bouwbeperkingen als gevolg van grondgeluid van de Aalsmeerbaan en vliegverkeer van de Oostbaan verdwijnen. Ook schept dit ruimte voor woningbouw elders in de regio. Dit zou voldoende reden voor de gemeente moeten zijn om zich ten behoeve van woningbouw in het algemeen en Schinkelkwartier in het bijzonder in te zetten voor een dergelijke aanpassing van het banenstelsel van Schiphol.
Antwoord In de projectnota wordt in paragraaf 2.7 en 4.2.6 uitgebreid aandacht besteed aan luchtvaartgeluid en mogelijke geluidadaptieve maatregelen om de blootstelling aan luchtvaartgeluid te beperken. Een groot deel van Schinkelkwartier ligt binnen het LIB-5 gebied. Daarbinnen moet de gemeente rekenschap geven van luchtvaartgeluid en mogelijke maatregelen en een afweging maken over de aanvaardbaarheid van het toevoegen van woningbouw. Deze afwegingsplicht geldt niet voor 92
bestaande woningen, bovendien ligt de woonwijk Park Haagseweg buiten het LIB-5 gebied. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat voor bestaande woningen buiten het LIB-2 gebied het geen wettelijke verplichting is om maatregelen tegen luchtvaartgeluid te treffen. Grondgeluid van Schiphol is niet genormeerd en wordt niet altijd betrokken bij de beoordeling van de geluidbelasting van Schiphol. Ook zijn er vooralsnog geen modellen beschikbaar waarmee indicatieve berekeningen ten aanzien van grondgeluid kunnen worden uitgevoerd. In 2011 heeft NLR in opdracht van Schiphol op basis van metingen een inventarisatie uitgevoerd naar grondgeluid in onder andere Amsterdam-West. Daaruit blijkt dat grondgeluid in delen van Amsterdam-West hinder kan veroorzaken. Dit is ook gemeld in paragraaf 2.7 van de projectnota. In de projectnota kan worden volstaan met een kwalitatieve beschrijving van de mogelijke effecten van grondgeluid. De beoogde geluidswal en geluidscherm ten noorden van de A4 kunnen mogelijk de effecten van grondgeluid beperken. Het is niet mogelijk om de effecten hiervan te onderzoeken. De voorgestelde maatregelen tegen grondgeluid in het gebied tussen de Aalsmeerbaan en Nieuw Sloten vallen buiten de scope van de projectnota.
Dat geldt ook voor het doortrekken van de geluidswal tussen de A4 en de Oude Haagseweg, wat in de projectnota overigens wel als suggestie voor nadere planvorming is opgenomen. Eventuele afschermende maatregelen tegen grondgeluid zullen op initiatief van Schiphol moeten worden getroffen. Het samenspel tussen de regels voor het luchtvaart-spoor (Luchthavenverkeerbesluit) en het ruimtelijke spoor (Luchthavenindelingbesluit) moet de omgeving van Schiphol uiteindelijk beschermen tegen hinder en ruimte bieden voor ontwikkeling. Het is daarbij van belang dat de consequenties van keuzes in het luchtvaart-spoor en het ruimtelijke spoor in onderlinge samenhang in beeld wordt gebracht. Deze ontwikkelingen hebben invloed op de gehele metropoolregio en overstijgen de invloedssfeer van het project Schinkelkwartier. Een eventuele toekomstige aanpassing van het banenstelsel zal leiden tot andere vliegroutes, andere hindercontouren en andere ontwikkelmogelijkheden in de omgeving van Schiphol. Aangezien over de parallelle Kaagbaan nog geen besluitvorming door het Rijk heeft plaatsgevonden en vooralsnog alleen een ruimtelijke reservering is opgenomen, kan hier niet op worden voorgesorteerd. De consequenties van een eventuele aanpassing van het banenstelsel en de gevolgen daarvan voor de ontwikkelmogelijkheden in de omgeving zullen eerst nog in beeld moeten worden gebracht.
Gedurende de transformatie van Schinkelkwartier worden ontwikkelingen in het luchtvaart-spoor nauwgezet gemonitord, zodat hier tijdig op kan worden ingespeeld. Uitgangspunt van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 het terugdringen van de milieucontouren van Schiphol om negatieve gezondheidseffecten in de omgeving te beperken en voldoende ruimte te bieden voor ruimtelijke ontwikkelingen.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 4.2.6 is een nadere kwalitatieve beschrijving over grondgeluid van vliegtuigen op Schiphol opgenomen. In paragraaf 5.2 is opgenomen dat de geluidwal mogelijk een middel kan zijn tegen grondgeluid.
93
3.10.7 Geluid NLR (101 en 127) Inspraakreacties Ten aanzien van de toekomst van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR) zijn reacties ingediend door het NLR zelf en door omwonenden. NLR vraagt of menging met wonen in Schinkelhaven mogelijk is, zeker in de directe omgeving van het NLR. Er is sprake van een tweeslachtige richting: enerzijds behoud van NLR met een eigen geluidzonering, anderzijds transformatie van het NLR terrein rond 2030. Gezien grootschalige renovatie en nieuwbouw de afgelopen tien jaar is NLR niet van plan om uit te wijken naar een andere locatie. NLR zal zich verzetten tegen elke druk van buiten die de bedrijfsvoering in gevaar kan brengen. Omwonenden stellen dat NLR in verband met geluidproductie niet past in een gebied waar meer woningen moeten komen en pleiten voor verhuizing van het bedrijf. De gemeente moet onderkennen dat de industrie moet wijken als wordt gekozen voor een mooie en comfortabele woonwijk. Er wordt verzocht om een heldere keuze te maken, zodat wordt voorkomen dat een onbebouwde zone rondom NLR ontstaat en de woonkwaliteit van de omgeving vermindert. Als alternatief wordt het omheinen van NLR met muren als alternatief genoemd. NLR heeft onder verwijzing naar de projectnota nog enkele vragen gesteld. De vragen zijn: Op pagina 28 van de projectnota staat NLR ten onrechte niet genoemd bij de bedrijven met geluidbelasting.
Op pagina 8 is specifiek genoemd dat NLR haar geluidzone zal behouden, terwijl voor de andere bedrijven andere oplossingen komen. Er wordt verwezen naar de beoogde gedeeltelijke dezonering, waarbij NLR gezoneerd terrein blijft en een eigen geluidzone houdt. Hier staat niets vermeld over kortstondige piekniveaus die NLR incidenteel veroorzaakt en die toekomstige omwonenden mogelijk als zeer hinderlijk kunnen ervaren. Op pagina 56 van de projectnota staat dat bedrijven mengbaar moeten blijven met wonen en dus maximaal tot milieucategorie 3.1 behoren. Gevraagd wordt hoe dit zich verhoudt tot de eerdere constatering dat NLR een voorheen aangeduide grote lawaaimaker is. Op pagina 68 van de projectnota staat dat het OER leidde tot de keuze voor een breed pakket met maatregelen, waaronder een brede geluidswal langs de snelweg en afschermende bebouwing of geluidschermen op andere locaties in het gebied. Vraag is of het klopt dat NLR onder die andere locaties valt. Op pagina 134-135 zijn onder risico’s de beperkingen voor woningbouw als gevolg van vliegverkeer en snelweggeluid genoemd, maar niet het geluid van bedrijven. Op pagina 135 is opgenomen dat als bedrijfsverplaatsing onvermijdelijk is, verwerving kan worden overwogen. Gevraagd wordt of dit ook voor NLR geldt.
Antwoord NLR is een inrichting die in belangrijke mate geluidhinder kan veroorzaken (voorheen grote lawaaimaker genoemd). De toegestane geluidruimte van NLR is vastgelegd in een milieuvergunning. Om ruimte te bieden voor het introduceren van woningbouw in Schinkelhaven is het noodzakelijk om het huidige gezoneerde industrieterrein (gedeeltelijk) te dezoneren. Op basis van een alternatievenafweging in het concept Omgevingseffectrapport (OER) is gedeeltelijke
94
dezonering in de concept projectnota als voorkeursalternatief opgenomen. Uitgangspunt daarbij is dat alleen NLR gezoneerd terrein blijft en een eigen geluidzone behoudt. De bedrijfsverplaatsing van NLR is voorlopig niet het uitgangspunt. Dit is stedenbouwkundig en planologisch haalbaar en aanvaardbaar. In het stedenbouwkundig kader in de projectnota is wel een vooruitzicht gegeven op een mogelijke eindsituatie in 2050, waarbij het NLR terrein wel is getransformeerd tot gemengd gebied. Het is in deze fase niet te zeggen in hoeverre (gedeeltelijke) verwerving daarbij aan de orde is. In de volgende fase wordt met NLR besproken wat hun toekomstplannen zijn. In dat kader verkent de gemeente ook graag wat de (on)mogelijkheden zijn om meer ontwikkelruimte voor woningbouw te creëren in de omgeving van NLR. Daarbij zal worden beoordeeld in hoeverre het mogelijk is om maatregelen te treffen zonder de huidige bedrijfsvoering van NLR onevenredig te belemmeren. Daarbij kan gedacht worden aan bron- of afschermende maatregelen, inperken onbenutte vergunde geluidruimte of aanpassing van de bedrijfsactiviteiten. Afhankelijk van de uitkomst van deze verkenning met NLR ontstaan er wellicht mogelijkheden om onder de Omgevingswet de omvang van het gezoneerde terrein en de geluidzone verder te verkleinen.
Met de tekst ‘voorheen genoemde grote lawaaimaker’ wordt gedoeld op de vroegere benaming van zoneringsplichtige bedrijven. Inmiddels worden dit op grond van het Besluit omgevingsrecht (Bor) formeel ‘inrichtingen als bedoeld in artikel 41 Wet geluidhinder die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken’ genoemd. Het NLR valt vanwege het huidige opgesteld elektrisch vermogen ook in deze categorie. De opsomming op pagina 68 van de projectnota is niet limitatief. De genoemde geluidswal, afschermende bebouwing en geluidschermen hebben betrekking op afschermende maatregelen bij infrastructuur en gaan dus niet over industriegeluid. De constatering dat op pagina 134-135 van de projectnota de beperkingen voor woningbouw als gevolg van industriegeluid ontbreken is terecht. Hoewel dit deels is afgedekt met de tekst over weerstand wonen Schinkelhaven op pagina 135, wordt dit alsnog toegevoegd.
Wijzigingen Deze inspraakreactie(s) geeft (geven) aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 2.7 is NLR toegevoegd als bedrijf waarbij rekening moet worden gehouden met de (vergunde) geluidbelasting. In paragraaf 4.2.7 is opgenomen dat we in de volgende fase graag in overleg met NLR de (on)mogelijkheden verkennen om met oog op meer ontwikkelruimte voor woningbouw maatregelen te treffen zonder de bedrijfsvoering van NLR onevenredig te belemmeren. In paragraaf 4.2.7 is opgenomen dat bij NLR rekening moet worden gehouden met beperkingen vanwege incidentele piekgeluiden. Tot slot is in paragraaf 10.2 industriegeluid toegevoegd als mogelijke beperking voor woningbouw.
3.10.8 Geluid en trillingen Global Switch (156) Inspraakreactie Er wordt gesteld dat Global Switch een ‘grote lawaaimaker’ als bedoeld in Bijlage I onderdeel D van het Besluit omgevingsrecht is omdat de inrichting aan tenminste een van de volgende criteria voldoet: nominaal thermisch ingangsvermogen ≥ 75 MWth of gelijktijdig inschakelbaar motorisch 95
vermogen ≥ 15 MW. Dit heeft als direct gevolg dat het datacenter op een gezoneerd bedrijventerrein moet zijn gevestigd. Het feit dat de gemeente de huisvesting op onderhavige locatie heeft toegestaan en alle medewerking heeft verleend betekent dat er geen mogelijkheid is deze locatie te dezoneren door het inperken van de geluidruimte. Verzocht wordt om dit aan te passen en uit te gaan van het handhaven van Global Switch op de huidige locatie. In het verlengde daarvan wordt opgemerkt op dat de gemeente niet voor ieder bedrijf dezelfde maatstaf lijkt te hanteren, aangezien NLR op de bestaande locatie gevestigd kan blijven in combinatie met geluidwerende maatregelen bij toekomstige woningbouw in de omgeving. Gevraagd wordt daarom voor Global Switch een vergelijkbare afweging te maken als voor NLR. Verzocht wordt om de mogelijke trillingen als gevolg van het aanpassen van metrostations te onderzoeken in relatie tot het datacenter. Op basis daarvan kan een integrale risicobeoordeling worden gedaan. Verzoek is om de projectnota hierop aan te vullen met een risicoanalyse.
Antwoord Global Switch vormt door het extensieve ruimtegebruik en de geluidbelasting een belemmering voor de gewenste stedelijkheid en ruimtelijke kwaliteit. Bovendien legt het datacenter door het hoge energieverbruik een groot beslag op het elektriciteitsnet. Daar staat tegenover dat de restwarmte van het datacenter in het gebied mogelijk kan worden gebruikt als bron voor een warmtenet op lagere temperatuur. Verplaatsing van het datacenter is vanwege de installaties en ondergrondse infrastructuur echter uiterst complex en kostbaar. Dit vraagt te zijner tijd om een bestuurlijke en financiële afweging die in overleg met het bedrijf moet worden voorbereid. Net als voor NLR is ook voor Global Switch in het kader van het concept Omgevingseffectrapport (OER) een integrale afweging gemaakt met het oog op de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling. Voor beide bedrijven geldt dat verplaatsing voorlopig niet aan de orde is. De situatie waarin deze bedrijven aanwezig zijn is vanuit stedenbouwkundig en planologisch perspectief haalbaar en aanvaardbaar, al zijn mogelijk wel maatregelen nodig voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in de directe omgeving. In de projectnota is ook een mogelijke eindsituatie in 2050 opgenomen waarin zowel NLR als Global Switch niet meer aanwezig zijn en beide terreinen zijn getransformeerd.
Global Switch is gevestigd op het voormalige gezoneerde industrieterrein IBM. Aangezien IBM op het terrein de productiewerkzaamheden had beëindigd en er geen andere ‘grote lawaaimakers’ aanwezig waren is het terrein met de vaststelling van bestemmingsplan Nieuwe Meer e.o. (2013) gedezoneerd. De uitbreiding van Global Switch is planologisch mogelijk gemaakt via het wijzigingsplan Johan Huizingalaan 759 (2014). Op basis daarvan is in 2015 een omgevingsvergunning verleend. De voorbereiding van genoemde bestemmingsplannen en omgevingsvergunning heeft in nauw overleg met Global Switch plaatsgevonden. In dat kader is destijds geconcludeerd dat Global Switch geen ‘grote lawaaimaker’ was. In de omgevingsvergunning is vastgelegd dat nooit alle noodstroomaggregaten gelijktijdig in werking zijn, waardoor het vermogen altijd onder de 75 MW blijft. Echter, een wijziging van het Besluit omgevingsrecht in 2014 heeft ertoe geleid dat datacenters die beschikken over een gelijktijdig inschakelbaar motorisch vermogen van ≥ 15 MW moeten worden gezien als ‘grote lawaaimakers’. Uit nader onderzoek van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied blijkt dat Global Switch inderdaad aan een gelijktijdig inschakelbaar motorisch vermogen 96
heeft van ≥ 15 MW en zodoende moet worden aangemerkt als ‘grote lawaaimaker’. Aangezien verplaatsing op korte termijn niet aan de orde is, zal in de volgende fase worden beoordeeld wanneer het Global Switch terrein via een bestemmingsplanwijziging kan worden aangewezen als gezoneerd industrieterrein. De geluidzone van dit terrein zal overeenkomen met de vergunde geluidruimte van Global Switch. Overigens zal deze wijziging niet leiden tot extra beperkingen voor de ontwikkelmogelijkheden in de omgeving van Global Switch. In de projectnota is de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling op hoofdlijnen onderzocht. Het onderzoeken van mogelijke trillingen als gevolg van het aanpassen van metrostations is niet bepalend voor de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling. Dit is een onderzoek dat in het kader van de aanpassing van het metrostation moet worden uitgevoerd. Eventuele risico’s op dit gebied kunnen in principe goed worden gemitigeerd, bijvoorbeeld door het voorschrijven van een specifieke uitvoeringsmethode. In het spelregelkader behorende bij het concept Omgevingseffectrapport (OER) wordt opgenomen dat bij ontwikkelingen in de omgeving van Global Switch onderzoek moet worden gedaan naar mogelijke trillinghinder.
Wijzigingen Deze inspraakreactie geeft een aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 2.7 en 4.2.7 is toegevoegd dat Global Switch als gevolg van een wijziging van het Besluit omgevingsrecht als ‘grote lawaaimaker’ moet worden aangemerkt.
3.10.9 Geluid Olympisch Stadion (102) Inspraakreactie Het Olympisch Stadion kan zich geen (extra) belemmeringen in de exploitatie permitteren, dat geldt zowel voor de reguliere exploitatie als de (publieks)evenementen. Naast haar reguliere gebruik heeft het Olympisch Stadion de mogelijkheid om 12 geluidsontheffingen per jaar aan te vragen voor evenementen. Daarnaast beschikt ook het omliggende evenemententerrein over 12 geluidsontheffingen en een reguliere programmering die invloed op omgeving kan hebben. Niet duidelijk is in hoeverre rekening is gehouden met de milieuvergunning en de geluidsontheffingen. Toekomstige woningbouw zal zonder concreet beleid tot een belemmering van de exploitatie leiden en daarmee een bedreiging voor het Olympisch Stadion zijn. Gevraagd wordt in hoeverre hier op voorhand rekening mee is gehouden. Dat het Olympisch Station in de projectnota buiten beschouwing wordt gelaten is een omissie. Ander aandachtspunt is het beperken van de geluidhinder tijdens de bouw om jarenlange overlast voor gebruikers en organisatoren van evenementen van het Olympisch Stadion te voorkomen.
Antwoord De gemeente vindt het Olympisch Stadion als icoon van de stad en als locatie voor (sport)evenementen van groot belang. De gebruikersovereenkomst tussen de gemeente en de Stichting Exploitatie Olympisch Stadion (SESAM) is op 1 januari 2021 voor 4 jaar verlengd. Hierin zijn de afspraken vastgelegd over het gebruik en de programmering van het Olympisch Stadion. De projectnota gaat over de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier. Naar aanleiding van de inspraakreactie is de akoestische situatie van het Olympisch Stadion beoordeeld. Daarbij is uitgegaan van de huidige vergunde geluidruimte van het Olympisch Stadion. Op grond van het Amsterdamse evenementenbeleid geldt dat het geluid door muziek of andere activiteiten 97
op de gevel van woningen niet meer mag bedragen dan 85 dB(C). Een dergelijke geluidbelasting kan in principe maximaal 12 maal per jaar worden toegestaan. Uit de akoestische beoordeling, die naar aanleiding van de inspraakreactie is uitgevoerd, blijkt dat de huidige geluidruimte van het Olympisch Stadion niet tot beperkingen voor woningbouw in Schinkelkwartier leidt. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat toekomstige bewoners in Schinkelkwartier vooraf geïnformeerd worden over de geluidsituatie in het algemeen. Op grond van de akoestische beoordeling is de conclusie dat de ontwikkeling van Schinkelkwartier verenigbaar is met de huidige geluidruimte van het Olympisch Stadion en daarmee de exploitatie van het Olympisch Stadion niet in de weg staat. Ten aanzien van eventuele hinder het als gevolg van de bouw van Schinkelkwartier geldt dat een BLVC-plan wordt opgesteld, waarin ook aandacht is voor geluidhinder door bouwwerkzaamheden. Bouwwerkzaamheden en routes van bouwverkeer zullen te zijner tijd zo veel mogelijk worden afgestemd op evenementen in het Olympisch Stadion, zodat eventuele hinder kan worden voorkomen.
Wijzigingen Deze inspraakreactie geeft aanleiding om de projectnota aan te passen. In paragraaf 2.7 is toegevoegd dat bij het realiseren van geluidgevoelige functies uitgegaan wordt van de huidige geluidruimte van het Olympisch Stadion. De huidige geluidruimte van het Olympisch Station wordt opgenomen in het Omgevingseffectrapport (OER) Schinkelkwartier.
3.10.10 Luchtkwaliteit en locatie scholen (86) Inspraakreactie Luchtkwaliteit is een aandachtspunt als er twee scholen dichtbij de snelweg worden gepland. In dat kader wordt gevraagd of over 25 jaar al het vervoer elektrisch is.
Antwoord Op grond van de Richtlijn gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit gelden er in Schinkelkwartier beperkingen voor het realiseren van gevoelige bestemmingen. Onder gevoelige bestemmingen worden verstaan: scholen (voor minderjarigen), kinderdagverblijven en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen. Vanuit gezondheidsperspectief mogen binnen een zone van 300 meter aan weerszijden van de snelwegen A4 en A10 geen nieuwe gevoelige bestemmingen worden gerealiseerd. Alleen wanneer bijzondere omstandigheden en belangen daartoe aanleiding geven, dan mag gemotiveerd afgeweken worden van de richtlijn mits dit bestuurlijk is goedgekeurd. De Richtlijn gevoelige bestemmingen is in de projectnota als uitgangspunt gehanteerd. Er worden in principe geen scholen gerealiseerd binnen de zone van 300 meter vanaf de snelwegen. De precieze locaties van scholen wordt in de volgende fase nader uitgewerkt. De toename van elektrisch vervoer zal de komende decennia tot een verbetering van de luchtkwaliteit leiden. In hoeverre dit leidt tot aanpassing van de Richtlijn en daarmee tot meer ruimte voor het realiseren van gevoelige bestemmingen is op dit moment nog niet te zeggen. Dit wordt gedurende de transformatie van Schinkelkwartier gemonitord.
98
Wijzigingen Deze inspraakreactie geeft geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
3.10.11 Lichthinder (83) Inspraakreactie Diverse bedrijven in het plangebied hebben ’s nachts gevelverlichting aan, wat leidt tot lichthinder en verstoorde nachtrust voor bewoners en dieren. Verzocht wordt of de gemeente met deze bedrijven kan afspreken dat zij deze verlichting ’s nachts uitzetten.
Antwoord Schinkelkwartier kent een relatief hoge lichtuitstraling ten opzichte van andere delen van Amsterdam. Het beperken van de nachtelijke lichtuitstraling zorgt voor minder lichthinder en een beperking van het energiegebruik. Bij nieuwe ontwikkelingen geldt dat nieuwe lichthinder moet worden voorkomen. Voor bestaande bedrijven geldt dat er geen wettelijke basis is om af te dwingen dat zij ’s nachts hun gevelverlichting uitzetten. Wel is het mogelijk om bedrijven te wijzen op hun zorgplicht op grond van het Activiteitenbesluit om lichthinder te voorkomen.
Wijzigingen Deze inspraakreactie geeft geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
99
3.11 Sociale veiligheid (ingediend door 86, 127, 134, 142 en 143) Enkele inspraakreacties hebben betrekking op het aspect sociale veiligheid. De projectnota gaat over de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier. Sociale veiligheid is niet zozeer van invloed voor die haalbaarheid, maar vormt wel een belangrijk aandachtspunt voor de nadere uitwerking van de plannen per deelgebied, met name voor het ontwerp van de openbare ruimte.
Inspraakreacties Bewoners noemen het opvallend dat in een nieuw te ontwikkelen stadsgebied er niets gezegd wordt over sociale veiligheid. Gezien de voorgestelde dichtheid wordt sociale veiligheid volgens bewoners een centrale zorg. Gevraagd wordt om een visie van de gemeente op veiligheid en leefbaarheid. In een andere reactie worden zorgen geuit over de sociale veiligheid in Nieuw-West. Het is voor vrouwen 's avonds niet prettig om door Nieuw-West te rijden. Voorgesteld wordt om vrouwen met behulp van computersimulaties te betrekken bij de beoordeling van geplande fietsroutes. Een tweede inspreker benoemt het realiseren van commerciële functies nabij verbindingspunten als mogelijkheid om de sociale veiligheid te vergroten. Tot slot geeft een inspreker aan dat het realiseren van verblijfsplekken en groenparken ook voor overlast en vervelende doelgroepen kan zorgen, wat een onveilig gevoel geeft. Bij het realiseren van openbare ruimte moet daarom ook sprake zijn van voldoende toezicht en handhaving.
Antwoord Het toekomstig netwerk van fiets- en wandelpaden in Schinkelkwartier is comfortabel, overzichtelijk en veilig. We moeten voldoen aan de daarvoor geldende normen. We onderkennen het belang van sociaal veilige fiets- en wandelpaden. Bij de nadere uitwerking van het ontwerp houden we er rekening mee dat het merendeel van de doorgaande fietspaden via hoofdroutes en bijzondere plekken loopt. Op die locaties is reuring op straat, wat bijdraagt aan de sociale veiligheid. Bij de inrichting besteden we aandacht aan levendige functies, goede verlichting en lange doorzichten. Dit bevordert de sociale veiligheid. We hanteren hierbij de gemeentelijke voorschriften uit het ‘Beleidskader verlichting’. De suggestie om vrouwen met behulp van computersimulaties te betrekken bij de beoordeling van het ontwerp nemen we mee als input voor de volgende planfase.
Wijzigingen Deze inspraakreacties geven geen aanleiding om de projectnota aan te passen.
100