- 04 Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel) (10) 00 Voordracht Ref
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
Portefeuille
Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel)
Agendapunt
3
Datum besluit
26 oktober 2021 Onderwerp
Vaststellen van de nieuwe referendumverordening gemeente Amsterdam 2022 De gemeenteraad van Amsterdam besluit
1. De Referendumverordening Gemeente Amsterdam 2022 vast te stellen en deze per 1 februari 2022 in werking te laten treden. Hoofddoel van de nieuwe referendumverordening is burgers meer directe invloed te geven op publieke besluiten die genomen moeten worden in Amsterdam. Nevendoelen daarbij zijn: • a. zeggenschap voor iedereen vergroten; • b. burgerschap en betrokkenheid versterken; • c. debat en dialoog in de stad tussen burgers en politici stimuleren;d. zorgen voor inclusiviteit. Daarnaast zijn in de verordening reacties en adviezen verwerkt van: • e. de referendumcommissie • f. de stadsdelen en insprekers, met bijbehorende nota van beantwoording En zijn besluiten toegevoegd over • g. het beleggen van de ondersteuning bij de griffie, na overleg met het presidium • h. inwerkingtreding op 1 februari 2022 Ad a. Het vergroten van de zeggenschap krijgt vorm door: • Eén instrument dat drie soorten referenda mogelijk maakt: over (voorgenomen) collegeen raadsbesluiten (correctief referendum), over eigen voorstellen (volksinitiatief) en een combinatie daartussen (burgers komen met alternatief voor een voorgenomen college- of raadsbesluit. • Meer besluiten worden referendabel.
De beperking tot besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) vervalt en er worden referenda mogelijk over collegebesluiten die voor wensen en bedenkingen aan de raad worden voorgelegd; • Een deel van de uitzonderingen wordt geschrapt. Dit betekent bijvoorbeeld dat referenda mogelijk worden bij: • het instellen en opheffen van stadsdelen, • het voornemen tot besluiten met zwaarwegende belangen, • het voornemen tot besluiten met een spoedeisend karakter, • de opschortende werking wordt uitgebreid en is in beginsel bij alle drie de soorten referenda aan de orde: het raadsbesluit wordt opgeschort totdat op het referendumverzoek is beslist of het referendum plaatsgevonden heeft. Er is alleen een uitzondering voor spoedeisende besluiten. Ad b. Het versterken van de burgerschap en betrokkenheid krijgt vorm door: • Een verlaging van de hoeveelheid ondersteuningen voor een inleidend verzoek en definitief verzoek naar respectievelijk 1.000 en 10.000 ondersteuningsverklaringen en het verlengen van de termijn voor het inzamelen van 10.000 handtekeningen van zes tot tien weken; • Dat er geen opkomst- of uitkomstdrempels meer zijn;
Gegenereerd: v1.17
1
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
• De manier van inzamelen van handtekeningen blijft zoals die nu is, met vrije inzameling op papier en aanvullend online via de website, zonder dat DigiD vereist is. Dit om het zo laagdrempelig mogelijk te laten. Ad c. Het stimuleren van debat en dialoog in de stad tussen burgers en politici krijgt vorm door: • Als de raad met een voorstel komt, kunnen burgers een referendum starten, maar ook een alternatief voorstel doen. Als burgers met een eigen voorstel komen (via volksinitiatief), kan de raad met een alternatief voorstel komen; • De verordening biedt ruimte aan initiatiefnemers en om met de gemeente te overleggen en samen tot een oplossing te komen. Voorstel is om het overleg plaats te laten vinden tussen de initiatiefnemers en (vertegenwoordigers van) de raad. Ad d. Het zorgen voor inclusiviteit krijgt vorm door: • In het kader van de implementatie wordt onderzocht of het mogelijk is om het stemmen te vergemakkelijken en dus niet alleen stemmen via een stembureau, maar ook online of per brief mogelijk te maken; • mogelijk te maken dat specifiek binnen een bepaald gebied kan worden gestemd (stadsdeelreferenda). Ad e.
De adviezen van de referendumcommissie zijn als volgt verwerkt: • het schrappen van het artikel over zelinding: er is geen aparte bepaling meer over het moment dat raadsleden in de gelegenheid worden gesteld om vooraf aan te geven hoe zij met de uitslag van het referendum zullen omgaan; • de referendumcommissie is niet verantwoordelijk voor de inhoudelijke redactie van de te publiceren referendumkrant, maar houdt toezicht op de redactie; • het geven van een plek van stadsdeeladviescommissie(s) bij de advisering aan de raad over de vraag of het referendum een aangelegenheid is voor een of meerdere stadsdelen; • dat de antwoordmogelijkheden bij het referendum over een alternatief burgervoorstel en bij referendum over alternatief raadsvoorstel zijn: “Bent u voor plan A, plan B of geen van beide”; • Aan de hand van het tweede advies is de verordening aangepast op de volgende (deels technische) punten: • In de relevante artikelen is ‘de voorzitter van..’ toegevoegd aan ‘de raad’.
Hiermee zijn deze artikelen in overeenstemming met artikel 6, lid 3 waar al wel over de voorzitter van de raad gesproken wordt; • Definitie van ‘referendum alternatief raadsvoorstel’ in artikel 1, lid i is gewijzigd in ‘volksraadpleging waarbij een keuze wordt voorgelegd tussen het ontwerp raads- of collegebesluit en het alternatief burgervoorstel, als bedoeld onder h’; • ‘College’ in artikel 11, lid 5 is gewijzigd in ‘voorzitter van de raad’; • In artikel 13, lid 3 is ‘presidium’ vervangen door ‘afvaardiging’; • In artikel 6, lid 3 en artikel 11 lid 5 is ‘2 dagen’ vervangen door ‘7 dagen’; • In artikel 25 is een derde lid toegevoegd ten aanzien van het vaststellen van de uitslag; • In de toelichting bij artikel 2 is een aanvullende toelichting over burgemeestersbevoegdheden opgenomen. • In de raadsinformatiebrief van 15 november 2021 (bijlage 20) is ingegaan op de tweede ronde (d.d. 8 november) aan adviezen van de referendumcommissie (bijlage 19). Ad f De inspraakreacties en adviezen van stadsdelen zijn als volgt verwerkt: • dat de stadsdeelcommissies positie krijgen bij het adviseren of een referendum voor de gehele stad of een deel van de stad (een of meerdere stadsdelen van toepassing is); • dat er meer uitleg in de algemene toelichting op de verordening komt waarom stadsdeelbesluiten in formele zin niet referendabel zijn;
Gegenereerd: v1.17
2
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
• dat we de voorgestelde hoeveelheid ondersteuningsverklaringen bij stadsdeelreferenda aanpassen om deze meer in lijn te brengen met het percentage van het aantal inwoners bij stadsbrede referenda. Respectievelijk voor stadsdelen met minder dan 100.000 inwoners op 3.000 ondersteuningsverklaringen (in plaats van 5.000), voor staddelen tussen de 100.000 en 2300.000 inwoners 5.000 ondersteuningsverklaringen (in plaats van 7.500) en voor (gecombineerde) stadsdelen met meer dan 300.000 inwoners blijft het 10.000 ondersteuningsverklaringen; • dat geen stemrecht voor 16-jarigen bij het referendum wordt ingevoerd; • dat van de referendumkrant een audiovisuele ‘variant’ wordt gemaakt en breed verspreid, om bij te dragen aan laagdrempelige communicatie Ad g. het beleggen van de ondersteuning bij de griffie, na overleg met het presidium • Na overleg met de griffie en presidium is besloten om het Referendumbureau (de ambtelijke ondersteuning en begeleiding van het proces rond de initiatiefnemers en de referendumcommissie) te plaatsen onder de verantwoordelijkheid van de raad.De griffie en het presidium hebben aangegeven dat het hen een goede zaak lijkt als het Referendumbureau onder de raad valt Ad h.
inwerkingtreding op 1 februari 2022 • De nieuwe referendumverordening treedt niet per direct, maar op 1 februari 2022 in werking, zodat er tijd is om het referendumbureau te organiseren en een overgangsregeling op te stellen voor het Burgerinitiatief, dat buiten de scope van de nieuwe verordening valt, maar wel behouden dient te blijven. 2. Kennis te nemen van het voorstel tot afdoening van de moties die zijn ingediend bij de behandeling van de hoofdpunten op 22 april • Motie 233 over het maximaal hanteren van de voorhangprocedure: wordt afgedaan met de constatering dat het college dit beschouwt als onderdeel van de verplichting die het college heeft conform artikel 169 lid 4 van de Gemeentewet om ”….indien de raad daarom verzoekt of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente (…) In dat geval neemt het college geen besluit dan nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.” • Motie 246 over stadsdeelreferenda: wordt afgedaan door aan te geven op welke (beperkte) wijze stadsdeelbesluiten referendabel zijn, op welke overige wijze besluiten en vraagstukken met betrekking tot een specifiek stadsdeel referendabel kunnen zijn en op welke wijze stadsdeelcommissies hierover worden geïnformeerd.
• Motie 256 over evaluatie van de verordening wordt afgedaan conform voorstel van de indiener: een nulmeting en een evaluatie na 3 jaar zijn opgenomen in de verordening. • Motie 245’ over evaluatie na een jaar: verzoekt het presidium om na het eerste referendum een evaluatie te doen. Het college geeft aan dat zij budget zal vrijmaken indien het presidium dit wenst en geeft de suggestie deze evaluatie vooral op de praktische verbeterpunten te richten, vanwege de evaluatie na drie jaar die ook zal plaatsvinden; • De moties worden afgedaan via een aparte raadsinformatiebrief, zie bijlage 2. Wettelijke grondslag
Artikel 147 en artikel 160 Gemeentewet Bestuurlijke achtergrond
Op 30 januari 2019 is in de commissie Kunst, Diversiteit en Democratisering (KDD) gesproken over een notitie van het College met voorstellen voor de verordening op het burgerinitiatief, het
Gegenereerd: v1.17
3
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
volksinitiatief en het referendum. Uit het debat kwam naar voren dat er een wens bestaat de verordening op een fors aantal punten aan te passen en wellicht zelfs volledig te herzien. Op 9 maart 2021 heeft het college ingestemd met de raadsbrief met de hoofdpunten voor de nieuwe referendumverordening. Op 22 april 2021 heeft uw raad in de besluitvormende raadsvergadering met een ruime meerderheid ingestemd met de hoofdpunten voor de nieuwe referendumverordening. Bij behandeling van de raadsbrief met de hoofdpunten voor de nieuwe referendumverordening in uw raad is ook een aantal moties aangenomen. Ook is er door leden van uw raad over een aantal onderdelen vragen gesteld. Op 24 augustus 2021 heeft de Initiatief- en Referendumcommissie Gemeente Amsterdam (verder: Referendumcommissie) over de, op dat moment voorliggende, eerste conceptverordening en toelichting een eerste advies uitgebracht (bijlage 15). Amsterdammers zijn tot 24 oktober 2021 in de gelegenheid gesteld om te reageren op de concept-referendumverordening en bijbehorende toelichting.
Hiervan is 21 keer gebruik gemaakt; 5 reacties op het nieuwsbericht op de website van de gemeente Amsterdam, 3 reacties per email en 13 ingevulde online inspraakformulieren via de daartoe opgezette en ingerichte site www.amsterdam.nl/referendum Verder is er vanuit het college van B&W aan de stadsdeelbesturen advies gevraagd, waarbij de stadsdeelbesturen de gelegenheid is geboden om tot 24 oktober 2021 te reageren op de conceptreferendumverordening en bijbehorende toelichting (bijlage 8 t/m 14). In de raadsinformatiebrief van 5 oktober is uw raad (onderwijl de inspraak- en adviesperiode) geïnformeerd over een aantal vragen die gesteld is bij de bespreking van de hoofdpunten en over het advies van de referendumcommissie. Daarnaast is aangegeven hoe het college voornemens was de door u aangenomen moties uit de raadsvergadering van 22 april uit te voeren. In de bijgevoegde raadsbrief (bijlage 2) worden deze moties formeel afgedaan. Op 12 oktober 2021 heeft er in Pakhuis De Zwijger een openbare bijeenkomst plaatsgevonden onder de titel “Het nieuwe referendum in Amsterdam”. Daar konden geïnteresseerde Amsterdammers met dr. Philip van Praag jr. (lid van de referendumcommissie en politicoloog) en wethouder Rutger Groot Wassink in gesprek over de opzet van het nieuwe Amsterdamse referendum.
Deze bijeenkomst werd georganiseerd door de stichting Meer Democratie in samenwerking met de gemeente (bijlage 17). In de bijgevoegde Nota van beantwoording (bijlage 7) wordt ingegaan op de inspraakreacties, de adviezen van de stadsdeelbesturen en de openbare bijeenkomst van 12 oktober 2021 in pakhuis De Zwijger. Direct na de deadline op 24 oktober 2021 van zowel de inspraak als de adviesaanvragen bij de stadsdelen, is de Referendumcommissie gevraagd voor een tweede advies op de aangepaste concept-referendumverordening en toelichting en heeft er nog een gesprek plaats gehad met de wethouder op 3 november 2021. De referendumcommissie heeft haar advies daarnaast nog toegelicht in een technische sessie met de gemeenteraad op 9 november 2021. Op 8 november 2021 heeft de Referendumcommissie over de, op dat moment voorliggende, conceptverordening en toelichting haar tweede advies uitgebracht (bijlage 19). In de raadsbrief van 15 november 2021 is hier op gereageerd (bijlage 20). Op 9 november heeft er technische sessie plaats gevonden waarbij naast een aantal leden van uw raad en een afvaardiging van de Referendumcommissie, de heer N. Dubbelboer (expert referenda), twee betrokken ambtenaren (Juridische Zaken en CT/team democratisering) ook leden van de griffie aanwezig waren. Tijdens de Commissie Kunst, Diversiteit en Democratisering op 17 november jl.
is besloten de behandeling van de Referendumverordening te verplaatsen naar de commissievergadering van 8
Gegenereerd: v1.17
4
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
december 2021. Deze beslissing werd mede ingegeven door het feit dat het tweede advies van de Referendumcommissie te kort in de openbaarheid was geweest. Onderbouwing besluit
Ad 1 De Referendumverordening Amsterdam 2022 Zoals hierboven al geschetst en ook vastgelegd in de op 22 april aangenomen hoofdpunten, is het hoofddoel van de nieuwe referendumverordening om burgers meer directe invloed te geven op publieke besluiten die genomen moeten worden in Amsterdam. Door het afschaffen van de opkomstdrempel, het verlagen van het aantal ondersteuningsverklaringen voor het aanvragen van referenda, door het verminderen van uitgezonderde onderwerpen, door de mogelijkheid te geven aan Amsterdammers om met alternatieve voorstellen te komen en door referenda op staddeelniveau mogelijk te maken, denkt het College dit te bewerkstelligen. De referendumverordening en artikelsgewijze toelichting vindt u in bijlage 1. Ad 1 e De adviezen van de Initiatief- en Referendumcommissie De referendumcommissie heeft aangegeven de nieuwe verordening een verbetering te vinden ten opzichte van de oude. De oude verordening was in de loop van de jaren met allerhande aanpassingen inconsistent geworden. Ook is de referendumcommissie ingenomen met het afschaffen van de opkomstdrempel. Vanwege het raadgevende karakter van het referendum is een opkomstdrempel ook overbodig en leidt het vaak tot het ongewenste fenomeen van strategisch stemmen (thuisblijven omdat dan de drempel niet gehaald wordt).
Het merendeel van de adviezen van de referendumcommissie is overgenomen, waardoor de verordening is aangepast. Zo ziet u niet meer het voorstel voor het opnemen van een artikel waarin raadsleden zich voorafgaand aan een te houden referendum uitspreken hoe ze om zullen gaan met de uitslag. Dit stuitte op grondwettelijke bezwaren volgens de referendumcommissie.Ook gaf de referendumcommissie aan niet verantwoordelijk te kunnen zijn voor de inhoudelijke redactie van de te publiceren referendumkrant, maar in plaats daarvan wel toezicht te willen houden op de werkzaamheden en de producten van de redactie, conform de bepalingen in de verordening. Verder is hun advies overgenomen om stadsdeelcommissies een plek te geven bij de advisering aan de raad over de vraag of het referendum een aangelegenheid is voor een of meerdere stadsdelen of voor de gehele stad.Op advies van de commissie hebben we de antwoordmogelijkheden bij het referendum over een alternatief burgervoorstel en bij volksinitiatief met een alternatief raadsvoorstel, veranderd in: “Bent u voor plan A, plan B of geen van beide”. De termijn 2 dagen’ vervangen door ‘7 dagen’ De ‘twee dagen’ berustte op de oude verordening waar nog een voorfase zat voor initiatiefnemers waarin het voorstel voor volksinitiatief eerst nog werd onderzocht door de referendumcommissie ten aanzien van de referendabiliteit.
Die eerste stap is in de nieuwe verordening verdwenen maar per abuis niet de twee dagen als uiterlijke termijn aangepast. Hierdoor er nu een te korte termijn is voor de referendumcommissie om een advies te kunnen geven over de referendabiliteit van het verzoek. Dit dient zeven dagen te zijn. Niet overgenomen is het advies om de het budget voor de subsidie voor het voeren van campagne voor de initiatiefnemers en de gemeente ook open te stellen voor maatschappelijke actieve groepen in de stad. De referendumcommissie vindt het een goede zaak wanneer meer groepen in de stad aanspraak zouden kunnen maken op middelen om het gesprek in de stad te stimuleren. Ook een aantal stadsdelen hebben hiervoor gepleit in hun adviezen, zie onder 1f. Door de voorziene bureaucratie (toekenning van subsidie bij overinschrijving en achteraf check op besteding) wordt het naar de mening van het college te complex en daarmee onwenselijk om af te wijken van het huidige voorstel. Voor het gehele eerste advies en de eerste reactie erop verwijzen we respectievelijk naar bijlage 15 en bijlage 7.
Gegenereerd: v1.17
5
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
In haar tweede advies heeft de referendumcommissie nog een aantal zaken onder de aandacht gebracht. Voor de reacties op het tweede advies verwijzen we naar de raadsinformatiebrief van 15 november 2021 (bijlage 20) Ad 1 f. De stadsdelen en insprekers, met bijbehorende nota van beantwoording 21 insprekers hebben een reactie gegeven per inspraakformulier, op de discussiepagina op de website van de gemeente of per mail. De meeste reacties zijn summier. Ongeveer de helft geeft met een bondige opmerking weer dat ze de nieuwe verordening steunen of juist aeuren. Er is steun voor het verlagen van de drempels waarbij een enkeling de drempels nog steeds te hoog vindt. Weer anderen zijn het niet eens met principe van het referendum en spreken zich er tegen uit. Ook worden er opmerkingen gemaakt om referendum gepaard te laten gaan met goede voorlichting en deliberatieve processen. Tenslotte zijn er concrete vragen ter opheldering gesteld, die we in de Nota van beantwoording behandelen en deels al rechtstreeks aan indieners hebben beantwoord.Vanuit de stadsdelen zijn vragen gesteld over de precieze verhouding die het stadsdeel heeft ten opzichte van het stedelijke referendum.
In de toelichting op de verordening en in de nota van beantwoording is nader in gegaan op die vraag met als kern dat de stadsdelen formeel geen zelfstandige besluiten nemen die in aanmerking komen voor een referendum. Dit komt omdat de staddelen rechtstreeks onder het college van B&W vallen en niet onder de raad. Alleen stadsdeelbesluiten in mandaat genomen die door het college voor wensen en bedenkingen moeten worden ‘voorgehangen’ aan de raad (of op verzoek van de raad daartoe worden aangemerkt), zouden kunnen leiden tot een referendum. Wel is de adviespositie van de stadsdelen bij het bepalen of er in hun stadsdeel al dan niet een referendum van toepassing is, in de verordening verankerd. Een en ander in lijn met het advies van de referendumcommissie, die ook pleitte voor een adviesrol van de stadsdelen op de vraag of een referendum een aangelegenheid is voor de hele stad of voor een of meerdere stadsdelen. Ook is gevraagd om referenda op wijkniveau mogelijk te maken, maar dit is op advies van dr. Clara Egger (Rijksuniversiteit Groningen) tijdens een eerdere expertsessie geschrapt, vanwege de ervaringen op lokaal niveau in Frankrijk, waar veel discussie ontstond tussen groepen bewoners die wel en niet mochten meestemmen.
Daar waar het soms al lastig zal blijken te zijn bij het bepalen of een referendum op stadsdeelniveau wenselijk is, is dit voor een buurt of wijk nog lastiger te bepalen. De suggestie om stemrecht voor 16-jarigen in te stellen is niet overgenomen. Op stedelijk en landelijk niveau is de leeftijd van 18 jaar de norm voor het stemrecht, en daarom ligt het voor de hand om de leeftijd voor het stemrecht voor het referendum hierop aan te laten sluiten. Er is geadviseerd om de regeling aan te passen op de verdeling van de campagnemiddelen (subsidieregeling) voor initiatiefnemers en gemeente. Hoewel er voordelen te benoemen zijn van een regeling die meer ten goede komt aan verschillende organisaties en groepen Amsterdammers die voor of tegen het voorliggende referendumbesluit zijn , is de voorziene bureaucratie (toekenning van subsidie bij overinschrijving en achteraf check op besteding) te complex, waardoor het college besloten heeft het huidige voorstel niet aan te passen. Ad 1 g. het beleggen van de ondersteuning bij de griffie, na overleg met het presidium In overleg met de griffie en het presidium is besloten om een referendumbureau in het leven te roepen ten behoeve van de ambtelijke ondersteuning en begeleiding van initiatiefnemers, raad en de referendumcommissie en dit bureau te plaatsen onder de verantwoordelijkheid van de raad.
De griffie en presidium hebben aangegeven dat het hen een goede zaak lijkt als het referendumbureau onder de raad valt. Ook vanwege het uitgangspunt van de nieuwe verordening om de dialoog te stimuleren tussen initiatiefnemers en de raad, door voorstellen in te brengen als alternatief voor het voorstel van de gemeente respectievelijk de initiatiefnemers. In de verordening is daarom nu geregeld dat alle inleidende en definitieve verzoeken worden gericht aan de raad en dat de begeleiding van de initiatiefnemers waaronder de eventuele afstemming en overleg met de
Gegenereerd: v1.17
6
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
(delegatie van de) raad gedurende het referendumproces ook onder de verantwoordelijkheid van de raad plaatsvindt. Ad 1 h. inwerkingtreding op 1 februari 2022 Het onderdeel ‘Burgerinitiatief’ (hoofdstuk 2 in de oude verordening) is bewust niet overgenomen in de nieuwe verordening. Vanwege het verschil in opzet en werking met de bepalingen van het referendum- en volksinitiatief is het verstandiger om het burgerinitiatief apart te regelen. Het burgerinitiatief is namelijk het recht van Amsterdamse burgers om een onderwerp op de agenda van de raad te krijgen, mits ondersteund door 200 Amsterdammers. De bepalingen voor het burgerinitiatief waren in de oude verordening in een apart hoofdstuk geregeld en kennen andere uitzonderingsgronden en een andere procedure. Dit maakte het niet tot een duidelijk of coherent onderdeel van die verordening en daarmee ook niet van de nieuwe verordening die het recht om een referendum te organiseren regelt. Een eigenstandige regeling voor het burgerinitiatief is dus wenselijk. Mede daarom treedt de regeling op de nieuwe verordening in werking per 1 februari 2022 in plaats van op 1 januari 2022. Hierdoor ontstaat extra tijd die nodig is voor het vormgeven van een goede plek voor het burgerinitiatief. En het creëert daarnaast tijd voor het goed opzetten van het referendumbureau. Financiële onderbouwing Consequenties gedekt? Overige toelichting
Voor de dekking van het referendumbureau i.o. (ten behoeve van 1) het contact met initiatiefnemers, 2) het ambtelijk ondersteunen en secretariaat vormen van de, Initiatief- en Referendumcommissie Gemeente Amsterdam, 3) het begeleiden van het eventuele overleg tussen initiatiefnemers en raad en 4) het helpen voorbereiden van een eventueel te organiseren referendum), is een bedrag voorzien ter grootte van € 255.000. Dit bedrag wordt incidenteel gedekt uit programma 12.2 democratisering in 2022. Voor de periode na 2022 zal er structurele dekking moeten worden gezocht. Voor het organiseren van een referendum zijn op dit moment geen middelen gereserveerd in de begroting van de gemeente Amsterdam. Amsterdammers hebben ook zonder een nieuwe verordening nu ook al het recht op het organiseren van een referendum. De laatste keer dat door Amsterdammers een referendum is georganiseerd is echter alweer enige tijd geleden. De FSA was toen nog niet van toepassing. De kosten van een referendum bedragen circa € 400.000 als die tegelijkertijd met de verkiezingen voor de gemeenteraad, provinciale staten, de Tweede Kamer of een ander orgaan plaatsvinden. De kosten bedragen € 2 miljoen als een referendum los van een verkiezing wordt georganiseerd. Deze kosten zijn echter met name zo hoog doordat er nu nog fysiek wordt gestemd, dus op een stembureau.
Aan het stemmen per brief of digitaal stemmen zien op dit moment deskundigen (van de Raad van State, het Ministerie van Binnenlandse Zaken en het Amsterdamse verkiezingsbureau) nog juridische en technische obstakels. Hierdoor kan niet ingeschat worden of en zo ja, welke kosten(besparingen) er aan deze manieren verbonden zijn. We blijven dit in de komende periode verder onderzoeken. Conclusie
Gegenereerd: v1.17
7
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn niet of gedeeltelijk geraamd in de begroting. Een dekkingsvoorstel ontbreekt of voorziet niet in volledige dekking en derhalve is niet voldaan aan de begrotingsregels. Geheimhouding
Niet van toepassing.
Welke stukken treft u aan
Gegenereerd: v1.17
8
Gemeenteraad
VN2021-033125 CTO Innovatieteam
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 22 december 2021
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2021-127013
Bijlage 01_Referendumverordening en toelichting 3.0.docx (msw12)
AD2021-127014
Bijlage 02_BRIEF. afdoening_moties 233 245' 246 en 256 DEF.pdf (pdf)
AD2021-127015
Bijlage 03_ 233.21.Motie inzake zo min mogelijk belemmeringen bij starten referendum.pdf (pdf)
AD2021-127016
Bijlage 04_245accent.21.Motie Vroege referendum evaluatie.pdf (pdf)
AD2021-127017
Bijlage 05_246.21.Motie Vroege referendum stadsdelen.pdf (pdf)
AD2021-127018
Bijlage 06_256.21.Motie De Grave-Verkerk evaluatie referendumverordening.pdf (pdf)
AD2021-127114
Bijlage 07_ Nota van beantwoording versie 25 oktober def.pdf (pdf)
AD2021-127020
Bijlage 08_Advies SD Centrum.docx (msw12)
AD2021-127021
Bijlage 09_Advies SD Nieuw-West .docx (msw12)
AD2021-127022
Bijlage 10_Advies SD Noord .docx (msw12)
AD2021-127023
Bijlage 11_Advies SD West.docx (msw12)
AD2021-127024
Bijlage 12_Advies SD Zuidoost.docx (msw12)
AD2021-127025
Bijlage 13_Advies SD Oost.docx (msw12)
AD2021-127026
Bijlage 14_ Advies SD Zuid.pdf (pdf)
AD2021-127027
Bijlage 15_Advies concept Referendumverordening Amsterdam 24 augustus 2021.pdf (pdf)
AD2021-127028
Bijlage 16_Brief 8 oktober 2021 eerste reactie op advies referendumcommissie.pdf (pdf)
AD2021-127029
Bijlage 17_ verslag bijeenkomst 12 oktober 2021 .docx (msw12)
AD2021-127030
Bijlage 18_Raadsinformatiebrief Stand van zaken Referendumverordening 211005.pdf (pdf)
AD2021-127031
Bijlage 19_Tweede advies concept Referendumverordening Amsterdam 2.0 211108.pdf (pdf)
AD2021-127032
Bijlage 20_Raadsinformatiebrief referendumverordening 211115.pdf (pdf)
AD2021-126972
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
CTO Innovatieteam (in nauwe samenwerking en afstemming met DJZ) , Hettie Politiek, +31 6 10182493, h.politiek@amsterdam.nl
Gegenereerd: v1.17
9