02 Ontwerpbegroting RMA 2024 - inclusief eerste begrotingswijziging 2023
Tekst van het document
ONTWERPBEGROTING 2024
Ontwerpbegroting RMA 2024 Inclusief eerste begrotingswijziging 2023 3 MEI 2023
CONCEPT Dit betreft de Ontwerpbegroting RMA 2024 inclusief eerste begrotingswijziging 2023 van de Rekenkamer Metropool Amsterdam ten behoeve van het verkrijgen van een zienswijze van de gemeenteraden Amsterdam en Zaanstad.
ONTWERPBEGROTING RMA 2024
Inhoudsopgave 1
Inleiding ..................................................................................................................... 2
2
Beleidsbegroting 2024 ................................................................................................ 4
2.1 Onderzoeksprogramma’s ..............................................................................................................4 2.2 Paragrafen ....................................................................................................................................5
3
Financiële begroting 2024 .......................................................................................... 8
3.1 Programmabegroting 2024............................................................................................................8 3.2 Toelichting op de programmabegroting 2024 ................................................................................9 3.3 Specificatie naar taakvelden .......................................................................................................12 3.4 Investeringsbegroting .................................................................................................................13 3.5 Uiteenzetting financiële positie ...................................................................................................14
4
Eerste begrotingswijziging 2023 .............................................................................. 20
4.1 Toelichting eerste begrotingswijziging 2023 ...............................................................................21 4.2 Resumé eerste begrotingswijzing 2023 .......................................................................................22
1
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
1 Inleiding De Rekenkamer Metropool Amsterdam (RMA) is de gemeenschappelijke rekenkamer van de gemeenten Amsterdam en Zaanstad. Deze gemeenschappelijke regeling bestaat sinds 1 juni 2010. Vanaf 2005 voerde de Rekenkamer Amsterdam de rekenkamerfunctie reeds uit voor de gemeente Zaanstad op basis van een convenant. Missie De RMA voert onafhankelijk onderzoek uit naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur van de aangesloten gemeenten. Op die manier willen we bijdragen aan een transparante, betrouwbare en lerende gemeenten. Jaarlijks stelt de RMA voor de aangesloten gemeenten onderzoeksprogramma’s vast. Begroting 2024 en de eerste begrotingswijziging 2023 Dit document bevat de Begroting 2024 en de eerste begrotingswijziging 2023. Begroting 2024 De begroting bestaat uit een beleidsbegroting (hoofdstuk 2) en een financiële begroting (hoofdstuk 3). De beleidsbegroting bevat een toelichting op de onderzoeksprogramma’s en de voorgeschreven paragrafen over het weerstandsvermogen en de bedrijfsvoering. In de financiële begroting staat ook de meerjarenbegroting voor de periode 2024-2027. Gemeentelijke bijdragen In de gemeenschappelijke regeling is vastgelegd dat de beide gemeenteraden eens in de zes jaar de gemeentelijke bijdragen aan de rekenkamer zullen vastleggen.a De laatste zesjaarsperiode liep eind 2021 af.
Vanwege het aantreden van de nieuwe bestuurder/ directeur van de RMA per 1 maart 2022, heeft het presidium van Amsterdam, in overleg met betrokken raadsleden uit Zaanstad, besloten de gemeentelijke bijdragen voorlopig voort te zetten op basis van de afspraak die tot eind 2021 gold. Een afspraak over de bijdragen voor een nieuwe zesjaarsperiode zal worden gemaakt nadat de rekenkamer een toekomstvisie voor de RMA met een zesjarenbegroting heeft opgesteld.b Bij deze ontwerpbegroting is een notitie gevoegd waarin de beleidsvisiec en de gevraagde zesjarenbegroting is opgenomen. In deze notitie wordt aan beide gemeenteraden voorgesteld om de bijdrageregeling uit de periode 2016-2021 te continueren voor de periode 2023-2028. Overeenkomstig het voorstel zijn in deze begroting - evenals in 2022 en 2023 – de gemeentelijke bijdragen begroot op basis van de afspraken die daarvoor zijn gemaakt voor de periode 2016-2021. Eerste begrotingswijziging 2023 De oorspronkelijk vastgestelde Begroting 2023 is geactualiseerd. Voorgesteld wordt om het
a Conform de gemeenschappelijke regeling worden de bijdragen jaarlijks aangepast op basis van het
indexcijfer voor lonen voor overheidspersoneel. b Brief van het presidium Amsterdam aan de gemeenteraadsleden van Amsterdam, Weesp en Zaanstad met als onderwerp Zesjarenbegroting Rekenkamer Metropool Amsterdam, 22 juni 2021. c In plaats van de term ‘toekomstvisie’ hanteren we de bij de RMA in het verleden gebruikelijke term ‘beleidsvisie’.
2
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 jaarresultaat 2022 toe te voegen aan de algemene reserve. Verder wordt het voorstel gedaan een bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023 te vormen voor de dekking van de meerkosten als gevolg van de recente loon- en prijsontwikkelingen. In de begrotingswijziging is tevens een ICT-investering opgenomen. Voor de dekking van de toekomstige afschrijvingskosten is de ICT-reserve met eenzelfde bedrag verhoogd. Tot slot is het surplus aan vermogen in de algemene reserve – in afwachting van nadere besluitvorming – gestald in de reserve Zesjaarlijkse afrekening. De gewijzigde Begroting 2023 wordt in hoofdstuk 4 nader toegelicht. Procedure vaststelling van de begroting Overeenkomstig artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen is een ontwerpbegroting opgesteld en aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten voor een zienswijze voorgelegd. Het Overlegorgaan RMA - samengesteld uit vertegenwoordigers van de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad - gaf een positief advies over de ontwerpbegroting. Het RMA-bestuur stelt na de besluitvorming de Begroting 2024 en de begrotingswijzigingen 2023 vast. De vastgestelde begroting wordt op grond van artikel 11 van de Gemeenschappelijke regeling Rekenkamer Metropool Amsterdam toegestuurd aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en de gemeenteraden van deelnemende gemeenten.
Amsterdam, 3 mei 2023 Annelies Daalder bestuurder/directeur Rekenkamer Metropool Amsterdam
3
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
2 Beleidsbegroting 2024 2.1 Onderzoeksprogramma’s Wat is de doelstelling van de RMA? De RMA heeft als doel de controlerende rol van de gemeenteraden te versterken door onafhankelijk onderzoek uit te voeren naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur. Welke onderzoeken worden uitgevoerd? De rekenkamer onderzoekt de resultaten van het gemeentelijk beleid, de bedrijfsvoering en de informatievoorziening aan de raad. Voor iedere deelnemende gemeente stelt de rekenkamer jaarlijks een onderzoeksprogramma vast. Gemiddeld worden er op jaarbasis voor de gemeente Amsterdam circa zes grote onderzoeken uitgevoerd. Voor de gemeente Zaanstad wordt gemiddeld één groot onderzoek uitgevoerd. Daarnaast worden er voor de gemeenten ook verkenningen uitgevoerd ter voorbereiding van onderzoek en zijn er kleine onderzoeksprojecten, bijvoorbeeld in reactie op actuele onderwerpen op basis van eerder uitgevoerd onderzoek of bij de rekenkamer aanwezige kennis. Hoe wordt de voortgang van de opvolging van aanbevelingen bewaakt? Tot en met 2019 bewaakten we de opvolging van aanbevelingen door geregeld opvolgingsonderzoeken uit te voeren. Opvolgingsonderzoeken zijn onderzoeken waarbij wordt nagegaan in hoeverre het college de aanbevelingen van eerdere onderzoeken heeft opgevolgd. In Amsterdam is in 2020 een start gemaakt met een nieuwe werkwijze.
De nieuwe werkwijze houdt in dat in het raadsbesluit het college wordt gevraagd om de opvolging van aanbevelingen voortaan zelf te monitoren en daarover aan de raad te rapporteren. Wij kunnen dan volstaan met het steekproefsgewijs toetsen van een jaarlijkse voortgangsrapportage, maar we zien in een recent onderzoek naar de opvolging van elf rapporten die we openbaar maakten tussen juni 2020 en september 2022 dat het college nog onvoldoende gevolg heeft gegeven aan de monitoring van de aanbevelingen en de rapportage daarover. Naar aanleiding van dit onderzoek zullen er gesprekken plaatsvinden tussen college, raad en rekenkamer hoe deze monitorprocedure kan worden verbeterd. In Zaanstad is een analoge verandering van de werkwijze afgesproken, die voor het eerst is toegepast bij het onderzoek Meldingen openbare ruimte in Zaanstad (april 2021). Overigens is in de Wet versterking decentrale rekenkamers, de Gemeentewet uitgebreid met een artikel (art. 185a) dat het college per 1 januari 2023 verplicht de gemeenteraad jaarlijks te informeren over de opvolging van aanbevelingen die de lokale rekenkamer aan het college heeft gedaan. Hiermee is er nu een wettelijke verplichting voor het college om over de opvolging van de aanbevelingen te rapporteren.
Deze nieuwe wettelijke verplichting is door de directeur van de rekenkamer in diverse gesprekken onder de aandacht gebracht van de ambtelijke top van Amsterdam en Zaanstad.
4
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 Hoe is de procedure betreffende de onderzoeksprogramma’s? Jaarlijks brengen we in december of januari de onderzoeksprogramma’s uit voor het (volgende) kalenderjaar met daarin een overzicht van de geplande onderzoeken. Daaraan voorafgaand worden de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad gevraagd om suggesties te doen voor mogelijke rekenkameronderzoeken. Het is de wettelijke bevoegdheid van de bestuurder/directeur van de RMA om de onderzoeksprogramma’s vast te stellen. De onderzoeksprogramma’s worden aan de gemeenteraden en de colleges ter kennisname toegezonden. Ook worden de onderzoekprogramma’s op onze website gepubliceerd.
2.2 Paragrafen Het Besluit begroting en verslaggeving provincies en gemeenten (BBV) is ook van toepassing op de RMA. Het BBV schrijft voor dat er een aantal paragrafen moeten worden opgenomen in de beleidsbegroting waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. Wij beperken ons tot paragrafen over het weerstandsvermogen en de bedrijfsvoering.
2.2.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
De risico’s zijn minimaal. Met de gemeentelijke bijdragen is er een structurele dekking voor de reguliere kosten. In 2015 hebben de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad besloten om de huidige samenwerking voort te zetten en de gemeentelijke bijdragen, overeenkomstig artikel 12 lid 2 van de gemeenschappelijke regeling, voor zes jaar vast te stellen.d Deze bijdragen worden jaarlijks aangepast aan de loonontwikkeling. De huidige periode van zes jaar liep eind 2021 af. De raden hebben formeel nog geen besluit genomen over een bijdrage voor een nieuwe zesjaarsperiode. Gelet op het vertrek van de oud-/directeur van de rekenkamer per 1 maart 2022 heeft het presidium van Amsterdam, in overleg met betrokken raadsleden uit Zaanstad, besloten geen bijdrage voor de komende zes jaar vast te stellen, maar de bijdragen te baseren op de bijdragen van de voorgaande jaren.e Voor de continuïteit van de financiering en de onafhankelijkheid van de rekenkamer is het van belang dat de gemeentelijke bijdragen in ieder geval niet naar beneden zouden mogen gaan.f De gemeenteraad van Zaanstad heeft laten weten deze zienswijze te delen.g In deze begroting is daarom de hoogte van
d Raadsbesluit 171/647, Voortzetten van de samenwerking met Zaanstad ten behoeve van de
gemeenschappelijke rekenkamer, intrekken van de gemeenschappelijke regeling ‘Gemeenschappelijke Rekenkamer Metropool Amsterdam’ en vaststellen van de gemeenschappelijke regeling ‘Gemeenschappelijke Rekenkamer Metropool Amsterdam 2016’, 8 juni 2015. e Brief van het presidium Amsterdam aan de gemeenteraadsleden van Amsterdam, Weesp en Zaanstad met als onderwerp Zesjarenbegroting Rekenkamer Metropool Amsterdam, 22 juni 2021. f Brief aan de gemeenteraden met als onderwerp zienswijze Begroting 2022 RMA, 23 juni 2021. g Brief van de gemeenteraad Zaanstad met als onderwerp Zienswijze begroting 2022 en begrotingswijziging 2021 Rekenkamer Metropool Amsterdam, 8 juli 2021.
5
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM gemeentelijke bijdragen voor 2024 eveneens gebaseerd op de gemeentelijke bijdragen die ook golden in de vorige zesjaarsperiode.h Het grootste risico is dat een deelnemende gemeente de samenwerking via de gemeenschappelijke regeling opzegt. Het opzeggen van de samenwerking is echter niet primair een financieel risico van de rekenkamer. De medewerkers van het bureau van de rekenkamer hebben een ambtelijke aanstelling bij de gemeente Amsterdam. In de gemeenschappelijke regeling is bepaald dat de gemeenteraden de financiële gevolgen van een uittreding en de daarbij behorende verplichtingen van de uittredende gemeente vaststellen nadat zij het lid van de rekenkamer daarover hebben gehoord. Hieruit leiden we af dat de kosten die samenhangen met een eventuele uittreding niet voor rekening van de rekenkamer komen, maar ten laste van de uittredende gemeente. Voor het opvangen van schommelingen in de uitgaven streven we ernaar om een algemene reserve aan te houden tussen de 10 en 15% van de te ontvangen jaarlijkse bijdragen. Eind 2024 bedraagt de algemene reserve naar verwachting circa € 356.500 of 13,5% van de jaarlijkse bijdragen.
Wanneer de algemene reserve boven de 15% uitkomt, wordt in overleg met het Overlegorgaan RMA nagegaan hoe die middelen worden bestemd.i Hieronder is de voorgeschreven tabel inzake financiële kengetallen - voor zover relevant voor de RMA - opgenomen.
Tabel 2.1 - Verloop van de kengetallen Jaarrekening
Begroting 2023
Begroting
Meerjaren-
Meerjaren-
Meerjaren-
2022
(na eerste
2024
raming 2025
raming 2026
raming 2027
wijziging)
Solvabiliteitsratio
62%
73%
72%
70%
70%
70%
Netto schuldquote
-31%
-25%
-22%
-22%
-22%
-22%
Incidentele /structurele exploitatieruimte
11%
-5%
0%
0%
0%
0%
De solvabiliteitsratio geeft aan in welke mate de bezittingen (vaste en vlottende activa) zijn gefinancierd met eigen vermogen (algemene reserve en bestemmingsreserves). De solvabiliteitsratio ligt naar verwachting tussen de 70 en 73%. Dit duidt op een goede solvabiliteitspositie. Een netto schuldquote is een kengetal waarbij een relatie wordt gelegd tussen de netto schulden en de jaarlijkse totale baten. Voor dit verhoudingsgetal geldt: hoe lager hoe beter. De VNG geeft als indicatie dat indien dit percentage uitkomt boven de 100%, een gemeente zou moeten opletten. De negatieve netto schuldquote weerspiegelt dat aan het eind van h Overeenkomstige de gemeenschappelijke regeling zijn de begrote bijdragen aangepast op basis van
het indexcijfer voor lonen voor overheidspersoneel. i Het besluit over de bestemming van het jaarresultaat wordt in de jaarrekening vastgelegd onder ‘Overige gegevens van de jaarrekening’.
6
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 ieder jaar de (verwachte) vorderingen hoger zijn dan de (verwachte) schulden. Financieeltechnisch is dat positief. De lage netto schuldquote is mede een gevolg van het beleid van de RMA om investeringen met bestemmingsreserves te financieren. In 2022 was er een incidentele exploitatieruimte van 11% (positief) voornamelijk als gevolg van lagere personeelslasten. Dit kwam grotendeels doordat in 2022 enkele vacatures bewust niet zijn ingevuld door de vertrekkende directeur om de per 1 maart 2022 benoemde bestuurder/directeur meer ruimte te geven haar eigen formatieplan te laten opstellen. In 2023 is de incidentele exploitatieruimte negatief (-5%). Dit komt omdat de verhoging van de indexatie van 1,5 naar 7% met eigen middelen zal worden gedekt en niet via een verhoging van de gemeentelijke bijdragen. Hierdoor zijn de structurele uitgaven hoger dan de structurele inkomsten. Vanaf 2024 wordt een structurele exploitatieruimte verwacht van 0%. Dat betekent dat de structurele inkomsten en structurele uitgaven elkaar in evenwicht houden.
2.2.2
Financiering
De RMA financiert de lopende exploitatie met de ontvangen bijdragen van de deelnemende gemeenten, kortlopende schulden en de opgebouwde reserves. De RMA heeft geen langlopende leningen aangetrokken voor de financiering van de vaste materiële activa. De financiering vindt plaats met bestemmingsreserves. De RMA heeft een eigen bankrekening. Als gevolg van de Regeling schatkist-bankieren decentrale overheden wordt deze bankrekening dagelijks door Treasury van de gemeente Amsterdam aangezuiverd of afgeroomd waardoor het banksaldo dagelijks op nul euro uitkomt. Door het afromen of aanzuiveren ontstaat een rekening-courantverhouding met de gemeente Amsterdam. De rekenkamer betaalt geen rente over een eventueel negatief rekeningcourantsaldo, maar ontvangt ook geen rente over een positief rekeningcourantsaldo.
2.2.3
Bedrijfsvoering
Borging kwaliteit onderzoeken Voor het beheersen en bewaken van de kwaliteit van rekenkameronderzoeken heeft de RMA een webbased-handboek ontwikkeld. Hierin zijn de procedures beschreven voor de planning, het doen van onderzoek en het publiceren van rapporten. Het handboek wordt geregeld geactualiseerd. Daarnaast heeft de RMA tezamen met de G4-rekenkamers en de Randstedelijke Rekenkamer een kwaliteitshandvest vastgesteld op basis waarvan onderlinge reviews plaatsvinden. Het kwaliteitshandsvest is in april 2020 voor het laatst herzien. Opleiding, arbeidsomstandigheden en ziekteverzuim Het personeel van het bureau van de RMA is in dienst van de gemeente Amsterdam. De RMA volgt daarom het beleid van de gemeente aangaande de arbeidsvoorwaarden, de arbeidsomstandigheden en het ziekteverzuim. De rekenkamer hecht eraan dat medewerkers zich blijven bekwamen. Er is binnen de rekenkamer jaarlijks een totaal budget beschikbaar voor deskundigheids- en vaardigheidsbevordering. Dit budget bestaat
7
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM sinds 2022 uit twee pijlers: tijd en kosten. Deskundigheids- en vaardigheidsbevordering gebeurt namelijk niet alleen in concrete workshops, cursussen of opleidingen, maar ook door extra tijdsinvestering tijdens de projecten zelf. Voor de kosten is 2% van het personeelsbudget beschikbaar. Voor de te besteden uren in werktijd is maximaal 4% van de werktijd gereserveerd voor deskundigheids- en vaardigheidsbevordering. Automatisering en informatisering In 2019 is een eigen netwerk geïmplementeerd met specialistische programma’s voor het verzamelen en verwerken van onderzoekgegevens, het publiceren van rapporten en de kantoorautomatisering. Daarnaast kan de RMA ook gebruikmaken van het generieke netwerk van de gemeente Amsterdam. Voor het ontwikkelen van de website en onderhoud van het eigen netwerk wordt externe deskundigheid ingehuurd. Financieel beheer Voor het financieel beheer maakt de RMA gebruik van de diensten van de directie Financiële Dienstverlening van de gemeente Amsterdam. Periodiek wordt de getrouwheid van de financiële rapportages intern getoetst. Indien daar aanleiding toe is, vindt bijsturing plaats en wordt zo nodig de begroting aangepast. Zo’n begrotingswijziging wordt altijd eerst besproken in het Overlegorgaan RMA.
Om te kunnen bewaken dat de onderzoeksinzet gebeurt naar rato van de bijdragen van de gemeenten, wordt door de onderzoekers tijd geschreven. De jaarrekening van de RMA wordt gecontroleerd door een externe accountant.
3 Financiële begroting 2024 In dit hoofdstuk is de programmabegroting 2024 opgenomen inclusief de meerjarenbegroting 2024-2027. De investeringsbegroting ontbreekt, omdat op dit moment voor 2024 geen investeringsuitgaven worden voorzien.
3.1 Programmabegroting 2024 Het programma van de RMA bestaat uit het uitvoeren van de rekenkamerfunctie voor de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten.
Tabel 3.1 – Overzicht van begrote baten en lasten 2023 Jaarrekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
(na eerste wijziging) j
Baten Bijdrage Amsterdam
2.138.790
2.192.300
2.403.540
Bijdrage Zaanstad
217.360
220.620
241.880
Bijdrage Weesp
21.110
-
-
j Zie hoofdstuk 4 in deze begroting.
8
ONTWERPBEGROTING RMA 2024
Jaarrekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
(na eerste wijziging) j
Overige baten
5.585
P.M.
P.M.
Totaal baten
2.382.845
2.412.920
2.645.420
1.755.526
2.090.000
2.168.920
Overige personeelskosten
26.425
26.760
27.500
Huisvestingslasten
201.574
205.620
220.000
ICT-kosten
74.397
115.970
120.000
Publicatiekosten
14.957
22.145
23.000
Overige materiële kosten
104.253
71.175
74.000
Kapitaallasten
46.770
49.050
49.050
0
12.000
12.000
2.223.902
2.592.720
2.694.470
Saldo van baten en lasten
158.943
-179.800
-49.050
Onttrekkingen reserves
226.770
423.200
49.050
Toevoegingen reserves
-245.000
-243.400
0
Resultaat
140.713
0
0
Lasten Personeelslasten
Onvoorzien Totaal lasten
Het BBV schrijft voor dat gemeenschappelijke regelingen ook inzicht moeten geven in voorgeschreven taakvelden. In paragraaf 3.3 is daarom een overzicht opgenomen van baten en lasten naar taakvelden.
3.2 Toelichting op de programmabegroting 2024 Baten Bijdragen gemeenten Amsterdam en Zaanstad In de gemeenschappelijke regeling is bepaald dat de raden van de deelnemende gemeenten voor een periode van zes jaar de jaarlijkse bijdrage aan de RMA vaststellen. Na zes jaar kunnen nieuwe afspraken gemaakt worden over de jaarlijkse bijdragen van de deelnemende gemeenten. In 2015 zijn de afspraken gemaakt voor de periode 2016 tot en
9
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM met 2021. Conform de gemeenschappelijke regeling mogen de bijdragen jaarlijks worden aangepast aan de loonkostenontwikkeling. Er moet nog besluitvorming plaatsvinden in de raden over de bijdragen in de volgende periode (van 2022-2027). Bij het opstellen van de Begroting 2024 is ervan uitgegaan dat de afspraken op vergelijkbare wijze worden gecontinueerd. Dat betekent dat ten opzichte van 2023 de gemeentelijke bijdragen zijn geïndexeerd met 4,0%.k Bij het opstellen van de begroting moet de indexering worden geschat. De werkelijke indexering is pas na afloop van een kalenderjaar bekend. Nacalculatie vindt plaats op basis van de cijfers van het CBS (contractuele loonkosten per maand, CAO-sectoren Overheid). Een eventuele indexcorrectie wordt in een volgende begroting of begrotingswijziging verwerkt. Het presidium van Amsterdam wil dat op basis van een toekomstvisie voor de rekenkamer een zesjarenbegroting wordt opgesteld. Op 23 juni 2021 heeft de rekenkamer aan de raden een brief gestuurd met daarin haar zienswijze op het besluit om af te wijken van de gemeenschappelijke regeling.l In die zienswijze geeft de rekenkamer aan dat de continuïteit van de financiering van belang is voor de onafhankelijkheid van de rekenkamer.
Daarbij zouden de gemeentelijke bijdragen in ieder geval niet naar beneden mogen gaan omdat dat wel een heel ongelukkige start zou betekenen voor de nieuwe directeur die met een bepaald perspectief aan de baan is begonnen. De gemeenteraad van Zaanstad heeft laten weten deze zienswijze te delen.m Bijdrage gemeente Weesp Tot 24 maart 2022 vervulde de RMA ook de rekenkamerfunctie voor de gemeente Weesp. De bijdrage van Weesp is sindsdien geheel voor rekening van Amsterdam. Overige baten De RMA kan incidenteel overige baten realiseren door het op verzoek verzorgen van presentaties en gastcolleges. Ook komt het soms voor dat de RMA opbrengsten verkrijgt door met andere rekenkamers samen te werken. De omvang van deze activiteiten is beperkt. In de begroting is daarom voor overige opbrengsten een pro-memorie-post opgenomen. Lasten Personeelslasten Onder de personeelskosten zijn de totale loonkosten opgenomen van de vaste en tijdelijke medewerkers van de RMA. De begrote formatie van de RMA bedraagt 18,7 fte. Ook de personeelskosten van de bestuurder/directeur zijn onder deze post begroot. Verder worden onder deze post de kosten geboekt voor project-inhuur. Hierbij gaat het voornamelijk om het incidenteel inhuren van specifieke deskundigheid en expertise ter
k De voor 2023 oorspronkelijk begrote indexering van 1,5% wordt vanwege de recente loon- en
prijsontwikkeling bij de eerste begrotingswijziging 2023 verhoogd naar 7%. De verhoging wordt gedekt uit eigen middelen (zie hoofdstuk 4). De indexering van de gemeentelijke bijdragen voor 2024 is berekend op de bijdragen wanneer deze in 2023 wel opwaarts waren bijgesteld. l Brief aan de gemeenteraden met als onderwerp zienswijze Begroting 2022 RMA, 23 juni 2021. m Brief van de gemeenteraad Zaanstad met als onderwerp Zienswijze begroting 2022 en begrotingswijziging 2021 Rekenkamer Metropool Amsterdam, 8 juli 2021.
10
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 ondersteuning van het onderzoek. Om flexibel te kunnen reageren op ontwikkelingen in de arbeidsmarkt kunnen binnen het personeelsbeleid keuzes worden gemaakt voor meer of minder (specialistische) inhuur. Overige personeelslasten De overige personeelslasten hebben betrekking op het budget voor onder meer externe opleidingskosten en kosten voor sociale activiteiten, voor zowel de onderzoekers als de overige medewerkers. Huisvestingslasten De huisvestingslasten hebben betrekking op de huur- en de servicekosten van de kantoorruimte. Tevens zijn onder deze post de kosten begroot voor het schoonmaken en de periodieke vervanging van meubilair. De RMA heeft 525 m² kantoorruimte gehuurd. Het huurcontract loopt tot 16 september 2025. ICT-kosten De ICT-kosten hebben betrekking op de kosten die samenhangen met het beheer van het eigen ICT-netwerk, kleine ICT-aanschaffingen, jaarlijkse licenties, et cetera. Voor een beperkt aantal ICT-toepassingen maken we ook gebruik van het ADW-netwerk van de gemeente Amsterdam. De daarvoor in rekening gebrachte kosten worden ook op deze post verantwoord. Publicatiekosten Onder deze post worden de kosten opgenomen voor het onderhoud en het verder verbeteren van de website van de RMA.
Ook eventuele druk- en verzendkosten van rapporten, drukwerk en kosten met betrekking tot het visualiseren van rapporten worden onder deze post verantwoord. Overige materiële kosten Onder deze post zijn de kosten begroot die de gemeente Amsterdam in rekening brengt voor het voeren van de financiële administratie en ondersteuning met betrekking tot personeelszaken. Verder zijn onder deze post de accountantskosten, kosten externe inhuur functionaris gegevensbescherming, de kosten van contributies voor brancheorganisaties, verzekeringskosten, et cetera. begroot. Kapitaallasten De kapitaallasten in 2024 hebben betrekking op de afschrijvingskosten van verbouw- en inrichtingskosten van de Weesperstraat 105A, 6e verdieping (€ 32.870). De afschrijvingstermijnen zijn afgestemd met de looptijd van het huurcontract tot september 2025. Daarnaast wordt € 16.180 afgeschreven vanwege de investeringen in ICT. De afschrijvingstermijn voor ICT-investeringen is vijf jaar. Onvoorzien In de begroting is een post onvoorzien opgenomen van € 12.000. Gelet op het feit dat onvoorziene posten bij de RMA beperkt voorkomen, is de post onvoorzien bepaald op circa 0,5% van de begrote inkomsten (en afgerond op duizenden euro’s).
11
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM Resultaat Het saldo van baten en lasten voor 2024 wordt begroot op € 49.050 (negatief). Dit tekort komt door de begrote kapitaallasten voor ICT- en huisvestingsinvesteringen. Door € 49.050 te onttrekken aan de bestemmingsreserves, ontstaat er een sluitende begroting.
3.3 Specificatie naar taakvelden Op basis van het BBV moeten gemeenschappelijke regelingen vanaf de Begroting 2018 ook inzicht geven in de kosten per taakveld. Tevens moet een specificatie worden opgenomen van de verwachte incidentele baten en lasten en de beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Overzicht toedeling aan taakvelden Voor de RMA zijn de taakvelden rekenkamerfunctie en overhead van toepassing.n
Tabel 3.2 - Overzicht van begrote baten en lasten taakvelden Jaarrekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
(na eerste wijziging)
Baten Taakveld 0. Bestuur en ondersteuning
2.382.845
2.412.920
2.645.420
Taakveld 01. Bestuur Taakveld 04. Overhead Onvoorzien
1.635.089 588.813 -
1.925.145 655.575 12.000
1.997.440 685.030 12.000
Totaal lasten
2.223.902
2.592.720
2.694.470
Saldo van baten en lasten
158.943
-179.800
-49.050
Mutaties reserves
-18.230
179.800
49.050
Resultaat
140.713
0
0
Lasten
Toerekening personeelslasten aan taakvelden De RMA heeft een vastgestelde formatie, exclusief de bestuurder/directeur, van 17,7 fte. Hiervan heeft 15,5 fte betrekking op medewerkers die worden ingezet voor het doen van onderzoek. De kosten van deze medewerkers worden in principe volledig toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur. Het komt incidenteel voor dat deze medewerkers ook overheadstaken uitvoeren. In dat geval vindt een overboeking plaats naar het taakveld 04. Overhead. De kosten van de bestuurder/directeur worden volledig toegerekend aan het
n Het Iv3-Informatievoorschrift 2017 vermeldt de rekenkamer expliciet als een onderdeel van het
taakveld 01. Bestuur.
12
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 taakveld 01. Bestuur. Voor het secretariaat en het bureaumanagement is in de formatie 2,2 fte opgenomen. Een deel hiervan wordt beschouwd als overheadskosten. De communicatiewerkzaamheden voor de projecten vallen onder onderzoek en daarmee onder het taakveld 01. Bestuur. Binnen het personeelskostenbudget is ook beperkte ruimte voor het inhuren van externe expertise en uitzendkrachten. Om het personeelskostenbudget optimaal te benutten, kunnen bij natuurlijk verloop en arbeidsmarktontwikkelingen tijdelijk externen worden aangetrokken. Afhankelijk van de aard van de werkzaamheden worden de kosten daarvan toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur of taakveld 04. Overhead. Toerekening overige kosten aan taakvelden De overige personeelskosten, huisvestingslasten, overige materiële kosten en kapitaallasten worden alle toegerekend aan het taakveld 04. Overhead. De publicatiekosten worden volledig toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur. Overzicht incidentele baten en lasten begroting Voor het begrotingsjaar 2024 zijn er geen incidentele lasten begroot. Overzicht beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Er zijn bestemmingsreserves gevormd om de jaarlijkse afschrijvingslasten van de (geactiveerde) huisvestings- en ICT-investeringen te dekken.
Voor afschrijvingslasten huisvesting wordt jaarlijks € 32.870 aan de reserve huisvesting onttrokken. Voor de ICTinvesteringen wordt vanaf 2023 jaarlijks € 16.180 onttrokken aan de bestemmingsreserve ICT.
3.4 Investeringsbegroting In de onderstaande tabel staat de investeringsstaat van de RMA.
Tabel 3.3 - Investeringsstaat RMA Materiële vaste activa Investeringen tot een bedrag van € 10.000 worden niet geactiveerd, maar als last genomen in het jaar van aanschaf (in €)
Initiële investeringsbedrag
Boekwaarde per 1-1-2024
Investeringen 2024
Afschrijving in boekjaar
Boekwaarde per 31-12-2024
Initiële verbouwings-
250.000
50.000
0
25.000
25.000
en inrichtingskosten
Afschrijving (lineair)
10 jaar (2016-2025)
2015 Vergaderzaal en
17.500
5.000
bilaterale ruimte
0
2.500
2.500
7 jaar (2019-2025)
2018
13
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
Materiële vaste activa Investeringen tot een bedrag van € 10.000 worden niet geactiveerd, maar als last genomen in het jaar van aanschaf (in €) Deuren voor alle
Initiële investeringsbedrag
Boekwaarde per 1-1-2024
Investeringen 2024
Afschrijving in boekjaar
Boekwaarde per 31-12-2024
26.850
10.740
0
5.370
5.370
Afschrijving (lineair)
5 jaar
kantoorunits 2021 ICT-investeringen
(2021-2025) 69.500
27.800
0
13.900
13.900
5 jaar
2019 en 2020 Mobiele telefoon en
(2020-2024) 11.400
9.120
0
2.280
6.480
5 jaar
laptopbeveiliging
(2023-2027)
2023 Totaal
377.250
102.660
0
49.050
53.610
Voor 2024 zijn er geen grote investeringen voorzien. Eventuele investeringsuitgaven tot € 10.000 worden gedekt vanuit de exploitatiebegroting.
3.5 Uiteenzetting financiële positie Voor de RMA worden voor eind 2023 en eind 2024 de volgende balansen geprognosticeerd. Om inzicht te geven in de ontwikkeling van de diverse balansposten is tevens ter vergelijking de balans per 31 december 2022 toegevoegd.
Tabel 3.4 - Overzicht geprognotiseerde balansen Balans 31-12-2022
Geprognotiseerde balans 31-12-2023
Geprognotiseerde balans per 31-12-2024
98.610 27.800
65.740 23.020
32.870 6.840
86.577 0 958.317
50.000 0 792.806
50.000 0 792.806
1.171.304
931.566
882.516
(vóór resultaatbestemming)
Vaste activa Investeringen • Huisvesting • ICT
Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa Totaal activa
14
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 Balans 31-12-2022 (vóór resultaatbestemming)
Geprognotiseerde balans 31-12-2023
Geprognotiseerde balans per 31-12-2024
Eigen vermogen Algemene reserve
459.243
356.556
356.556
Reserve huisvesting
98.610
65.740
32.870
Reserve ICT
27.800
23.020
6.840
0
0
0
135.000
236.250
236.250
0
0
0
140.713
0
0
0
0
0
309.938
250.000
250.000
1.171.304
931.566
882.516
Reserve symposium Waardevol bestuur Reserve zesjaarlijkse afrekening Reserve kostenontwikkeling 2023 Nog te bestemmen Vaste schulden Vlottende schulden Kortlopende schulden en overlopende passiva Totaal passiva
Hierna volgt een toelichting op verschillende balansposten. Vaste activa De investeringen in huisvesting betreffen de verbouw- en inrichtingskosten in het pand Weesperstraat 105A, 6e verdieping. De investeringen worden in overeenstemming met de contractduur van de huurovereenkomst afgeschreven. Het jaarlijkse afschrijvingsbedrag is daardoor € 32.870. In 2018 en 2019 is geïnvesteerd in hard- en software voor een bedrag van € 69.500. Begin 2023 zijn nieuwe mobiele telefoons aanschaft en is de beveiliging van de bestaande laptops verbeterd. De investeringskosten daarvan bedroegen in totaal € 11.400. De ICTinvesteringen worden in 5 jaar afgeschreven. De totale afschrijvingskosten per jaar bedragen € 16.180. Vlottende activa De verwachte vorderingen aan het eind van 2023 en 2024 betreffen de vorderingen op de deelnemende gemeenten in verband met door te belasten btw die verrekend kan worden met het btw-compensatiefonds.
15
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM De overlopende activa-post heeft grotendeels betrekking op de rekening-courantverhouding met de gemeente Amsterdam. Deze is ontstaan door de verplichting om liquide middelen bij het Rijk te stallen (het zogenaamde schatkistbankieren). Eigen vermogen Het verwachte verloop van het eigen vermogen is hieronder inzichtelijk gemaakt. De reserves worden daarna in het kort toegelicht.
Tabel 3.5 - Verloopoverzicht reserves 31-12-2022
Begrote mutaties 2023
31-12-2023
Mutaties 2024
31-12-2024
599.956
-243.400
356.556
0
356.556
98.610
-32.870
65.740
-32.870
32.870
27.800
11.400
23.020
-16.180
6.840
(ná resultaatbestemming)
Algemene reserve Bestemmingsreserves:
• Huisvesting • ICT
-16.180
• Zesjaarlijkse afrekening
135.000
101.250
236.250
0
236.250
0
130.750
0
0
0
681.566
-49.050
632.516
• Kostenontwikkeling 2023
-130.750 Totaal
861.366
-179.800
Algemene reserve Met de vorming van de gemeenschappelijke regeling in 2010 heeft de RMA een financieel zelfstandige positie gekregen. Om de fluctuaties in de onderzoekskosten te kunnen opvangen, streeft de RMA naar een algemene reserve tussen de 10 en 15% van het jaarlijkse budget. Dit betekent een gewenste stand tussen de € 264.500 en € 396.800. Naar verwachting heeft de algemene reserve eind 2024 een stand van circa € 356.560. Daarmee valt de huidige stand van de algemene reserve binnen de streefwaarde van 10 tot maximaal circa 15% van de te ontvangen jaarlijkse bijdragen. De huidige stand kan wel betekenen dat wij bij een omvangrijk verzoekonderzoek conform de afspraken in de gemeenschappelijke regeling een deel van de extra kosten in rekening moeten brengen bij de betreffende gemeente. Voor extra onderzoeksactiviteiten kan ook gekozen worden om de reserve Zesjaarlijkse afrekening aan te wenden. Reserve huisvesting De RMA heeft een bestemmingsreserve huisvesting voor de financiering van de jaarlijkse afschrijvingskosten van de initiële en aanvullende investeringen in de huisvesting. Jaarlijks wordt daarom € 32.870 aan deze reserve onttrokken.
16
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 Reserve ICT In 2019 en 2020 heeft de RMA voor € 69.500 geïnvesteerd in ICT (zie tabel 3.3). Voor de dekking van de kapitaalslasten van ICT-investeringen is een reserve gevormd. ICTinvesteringen worden in vijf jaar afgeschreven. Dit betekent dat jaarlijks € 13.900 aan deze reserve wordt onttrokken ten gunste van de exploitatie. Begin 2023 zijn nieuwe mobiele telefoons aanschaft en is de beveiliging van de bestaande laptops verbeterd. Ter dekking van de jaarlijkse afschrijvingskosten van € 2.280 is in de begrotingswijziging 2023 de reserve ICT met een bedrag van € 11.400 aangevuld. Reserve Zesjaarlijkse afrekening Bij de resultaatbestemming 2022 is de reserve Zesjaarlijkse afrekening met € 101.250 aangevuld. Bij de ontwerpbegroting zal een aparte notitie worden gevoegd met een voorstel voor de aanwending van deze reserve. Door middel van een begrotingswijziging zal het aanwenden van de reserve worden verwerkt en toegelicht. Reserve Kostenontwikkeling 2023 In de eerste begrotingswijziging 2023 (zie hoofdstuk 4) is voorgesteld € 130.750 te onttrekken aan de algemene reserve en dit bedrag te storten in de reserve Kostenontwikkeling 2023. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar hoofdstuk 4. Voorzieningen Er zijn geen bijzondere uitgaven gepland of omstandigheden bekend waarvoor voorzieningen moeten worden getroffen.
Vaste schulden De RMA heeft geen langlopende leningen. Het beleid is om voor de financiering van investeringen bestemmingsreserves te vormen. Kortlopende schulden en overlopende passiva De kortlopende schulden aan het eind van het jaar hebben grotendeels betrekking op de per 31 december nog te betalen personeels- en ondersteuningskosten aan de gemeente Amsterdam. Meerjarenramingen In deze paragraaf zijn de meerjarenramingen van de balansen en exploitaties van de RMA opgenomen. De ramingen zijn voorzien van een korte toelichting.
Tabel 3.6 -Meerjarenraming balansen RMA per 31 december in duizenden euro’s 2024
2025
2026
2027
Activa Vaste activa Investeringen huisvesting en ICT
40
Vlottende activa
17
5
2
0
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
2024
2025
2026
2027
Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa
50 0 793
50 0 793
50 0 793
50 0 793
Totaal activa
883
847
845
843
357
357
357
357
- Huisvesting
33
0
0
0
- ICT
7
5
2
0
236
236
236
236
0
0
0
0
overlopende passiva
250
250
250
250
Totaal passiva
883
847
845
843
Passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves
- Zesjaarlijkse afrekening Vaste schulden Vlottende schulden Kortlopende schulden/
Het beleid van de RMA is om een algemene reserve aan te houden tussen de 10 en 15% van de jaarlijkse gemeentelijke bijdragen. Hierdoor kunnen schommelingen in het uitgavenniveau zelf worden opvangen. De begrote stand eind 2024 bedraagt € 356.556 (13,5%). Verder heeft de RMA als beleid om investeringen met eigen middelen te financieren. Dit doet zij door bestemmingsreserves te vormen. De jaarlijkse afschrijvingskosten worden met deze reserves gedekt. In september 2025 loopt het huurcontract af van de huidige kantoorlocatie van de rekenkamer. De in het verleden gedane investeringen zijn dan volledig afgeschreven. Als de RMA naar een nieuwe locatie moet verhuizen, zullen naast verhuiskosten vermoedelijk nieuwe investeringen in de huisvesting moeten worden gedaan. De rekenkamer zal het Overlegorgaan RMA in de zomerperiode per brief informeren over de stand van zaken met betrekking tot het huurcontract. De ICT-investeringen worden in vijf jaar afgeschreven. Vervanging van ICT-investeringen vindt plaats op het moment dat deze economisch zijn afgeschreven. Verder is de verwachting dat door innovatieve ontwikkelingen geregeld nieuwe investeringen in soft- en hardware zal moeten worden gedaan. Zodra dit aan de orde is, doet de rekenkamer daarvoor begrotingsvoorstellen.
18
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 Voor de besteding van de reserve Zesjaarlijkse afrekening zal - in samenhang met het vaststellen van de vaste gemeentelijke bijdragen tot en met 2028 - een aparte notitie worden opgesteld.
Tabel 3.7 - Meerjarenraming exploitatie RMA in duizenden euro’s 2024
2025
2026
2027
2.645,4
2.645,4
2.645,4
2.645,4
Taakveld 0.1 Bestuur
1.997,4
1.997,4
1.997,4
1.997,4
Taakveld 0.4 Overhead
685,0
685,0
685,0
685,0
Onvoorzien
12,0
12,0
12,0
12,0
2.694,5
2.694,5
2.694,5
2.694,5
Saldo van baten en lasten
-49,1
-49,1
-49,1
-49,1
Mutaties reserves
49.1
49.1
49.1
49.1
0
0
0
0
Baten Taakveld 0. Bestuur en ondersteuning Lasten
Totale lasten
Resultaat
Korte toelichting op de meerjarenraming exploitatie RMA De bedragen zijn gebaseerd op een geschat prijspeil 2024 zoals bij het opstellen van de begroting is voorzien (indexering van 4,0% ten opzichte van de Begroting 2023). Incidentele baten en lasten Vanaf 2024 zijn in de meerjarenraming geen incidentele baten of lasten voorzien. Jaarlijks wordt bij het opstellen van de jaarbegrotingen bezien of er aanleiding is om incidentele posten te begroten. Structurele onttrekkingen aan reserves De mutaties reserves hebben betrekking op onttrekkingen aan de bestemmingsreserves huisvesting en ICT. Deze onttrekkingen dienen om de afschrijvingslasten te dekken. In 2024 wordt hiervoor € 49.050 aan de betreffende reserves onttrokken. Ontwikkeling EMU-saldo Het EMU-saldo is het - gerealiseerde onderscheidenlijk geraamde - saldo van de ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis overeenkomstig de voorschriften van het BBV. Het verloop van het EMU-saldo voor de RMA is samengevat in onderstaande tabel. Alleen de posten die voor de RMA van toepassing zijn, zijn in de tabel opgenomen.
19
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
Tabel 3.8 - EMU-saldo per einde jaar (€ 1.000)
Exploitatie vóór
Jaarrekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Meerjarenraming 2025
Meerjarenraming 2026
Meerjarenraming 2027
158,9
-179,8
-49,1
-2,3
-2,3
-2,3
46,8
49,1
49,1
2,3
2,3
2,3
0
-11,4
0
0
0
0
205,7
-142,2
0
0
0
0
(na eerste wijziging)
mutaties reserves Afschrijvingen tlv exploitatie Investeringen in (im-)materiële activa EMU-Saldo
In 2022 is er een positief EMU-saldo van € 205.713. Dit is hoofdzakelijk een gevolg van een gerealiseerd positief saldo van baten en lasten vanwege lagere personeelskosten dan begroot. Het begrote negatieve EMU-saldo 2023 van € 142.150 heeft voor € 130.750 betrekking op de verwachte meerkosten vanwege de loon- en prijsontwikkelingen in 2023. Bij de eerste begrotingswijzing 2023 wordt voorgesteld deze hogere kosten niet te dekken via een verhoging van de gemeentelijke bijdragen, maar ze ten laste te laten komen van de bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023. Daarnaast zijn in 2023 investeringsuitgaven geweest voor ICT van € 11.400. Vanaf 2024 wordt er een EMU-saldo verwacht van € 0. Dit komt omdat de afschrijvingskosten (= geen uitgaven) worden gedekt door onttrekkingen aan bestemmingsreserves (= geen inkomsten). Vanaf 2028 (niet zichtbaar in de tabel) worden er geen afschrijvingskosten meer begroot, omdat de activa dan volledig afgeschreven zijn.
4 Eerste begrotingswijziging 2023 De oorspronkelijke Begroting 2023 is na de ontvangst van de zienswijzen van de gemeenteraden Amsterdam en Zaanstad op 27 juni 2022 door de bestuurder/directeur van de RMA vastgesteld. Vanwege diverse redenen is er aanleiding om de Begroting 2023 te actualiseren. De begrotingswijzigingen zijn een gevolg van:
• • • • •
resultaatbestemming 2022 ICT-Investering en een verhoging van de bestemmingsreserve ICT bijstellen van begrote lasten 2023 reservering kostenontwikkeling 2023 toevoeging aan de bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening
20
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 In paragraaf 4.1 lichten we de begrotingswijzigingen toe. Paragraaf 4.2 laat het effect zien van de begrotingswijzigingen op de programmabegroting 2023 en het verloop van de reservepositie in 2023.
4.1 Toelichting eerste begrotingswijziging 2023 Resultaatbestemming 2022 De Jaarrekening 2022 laat een positief resultaat zien van € 140.713. Voorgesteld wordt om het volledige jaarresultaat van € 140.713 toe te voegen aan de algemene reserve. ICT-investering en een verhoging van de bestemmingsreserve ICT Begin 2023 zijn de huidige 25 actieve mobiele telefoons van de rekenkamer vervangen voor nieuwe mobiele telefoons en de 24 bestaande laptops voorzien van nieuwe besturings- en beveiligingssoftware. Door deze upgrade is de beveiliging van de mobiele apparatuur verbeterd en zijn deze beter op afstand beheersbaar. Tegelijkertijd is de mobiele apparatuur voorbereid op het veilig werken met gegevens in de cloud, wat in de toekomst mogelijk verder uitgerold zal worden. De begrote investeringskosten bedragen in totaal € 11.400. De investering zal in vijf jaar worden afgeschreven. Om de afschrijvingskosten te kunnen dekken wordt - conform bestaand beleid - de bestemmingsreserve ICT met dit bedrag verhoogd. Bijstelling van begrote lasten 2023 De lasten in de oorspronkelijke Begroting 2023 (van juni 2022) worden verhoogd met € 133.030. De actualisatie van de begrote lasten kan als volgt worden toegelicht: a. In de Begroting 2023 is gerekend met een indexeringscijfer van 1,5%.
De structurele loonontwikkeling in 2023 en de kostenstijgingen van de overige (materiële) lasten in de afgelopen periode maakt het noodzakelijk de begrote lasten voor 2023 opwaarts bij te stellen.o De inschatting is dat voor 2023 de kosten niet met 1,5% maar gemiddeld met 7% zullen stijgen. De verhoogde indexering is evenredig naar rato doorgerekend over de in 2023 begrote lasten. De totale bijstelling als gevolg van de (loon)kostenstijging bedraagt € 130.750. b. Door de investeringen in nieuwe mobiele telefoons en de beveiliging van de bestaande laptops stijgen de jaarlijkse afschrijvingskosten met € 2.280. De kosten worden gedekt uit de reserve ICT, die daarvoor is bedoeld (zie hiervoor). Reservering kostenontwikkeling 2023 Vanwege recente loon- en prijsontwikkelingen zijn de begrote lasten 2023 met € 130.750 verhoogd (zie hiervoor). Op basis van de gemeenschappelijke regeling komen deze meerkosten - op basis van nacalculatie via het indexcijfer voor overheidspersoneel - voor rekening van de deelnemende gemeenten. Gelet op de omvang van de algemene reserve is het voor de rekenkamer mogelijk deze meerkosten voor eigen rekening te nemen. Het bedrag van € 130.750 zal ten laste van de algemene reserve worden gestort in een nieuw te
o Op 21 februari 2023 is een principeakkoord voor de Cao Gemeenten gesloten waarin (onder
andere) een structurele loonstijging per 2 januari 2023 voor gemeenteambtenaren is afgesproken. De loonstijging is afhankelijk van de salarisschaal. Op 5 april 2023 is met instemming van de leden en het bestuur van de VNG het principeakkoord bekrachtigd.
21
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM vormen bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023. Hiermee wordt afgezien van de keuze de lastenstijging te dekken via hogere gemeentelijke bijdragen. Toevoeging aan de bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening In de gemeenschappelijke regeling is bepaald dat de gemeenteraden eens in de zes jaar de jaarlijkse bijdragen voor de rekenkamer vaststellen.p De laatste periode liep tot en met 2021. De raden dienen ten minste twaalf maanden voor afloop van de zesjaarsperiode opnieuw de jaarlijkse bijdrage voor zes jaar vast te stellen. Dit is niet gebeurd. Gelet op het vertrek van de oud-bestuurder/directeur van de rekenkamer per 1 maart 2022 en het aantreden van een nieuwe bestuurder/directeur, hebben de raden van Amsterdam en Zaanstad besloten de huidige afspraak over de bijdragen te verlengen. Het beslissen over de bijdragen voor de komende zes jaar zou op een later tijdstip plaatsvinden.q In 2022 is in het Overlegorgaan RMA besproken dat, omdat de bijdrage voor de nieuwe zesjaarsperiode nog niet was vastgesteld, de afrekeningsperiode met een jaar zal worden verlengd. De regeling schrijft voor dat de rekenkamer een voorstel zal doen voor de betreffende afrekening. De rekenkamer zal in haar voorstel aangeven hoe de gemeente die gedurende de zesjaarsperiode te weinig onderzoeksuren heeft ontvangen zal worden gecompenseerd.
Bij het voorstel besteedt de rekenkamer ook aandacht aan de gewenste startreserve voor de nieuwe periode. Uitgaande van een gewenste startreserve voor de algemene reserve van maximaal circa 15% van de jaarlijkse bijdrage is er per 31 december 2022 in de algemene reserve nog een surplus vermogen beschikbaar van € 101.250. Dit bedrag wordt aan de bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening toegevoegd. Bij de Ontwerpbegroting 2024 voegt de rekenkamer de Notitie gemeentelijke bijdragen RMA toe, waarin een voorstel wordt gedaan voor de bestemming van deze reserve.
4.2 Resumé eerste begrotingswijzing 2023 Programmabegroting De door te voeren begrotingswijzigingen laten zich als volgt samenvatten.
Tabel 4.1 – Overzicht begroting 2023 vóór en na de begrotingswijziging in euro’s Oorspronkelijke begroting 2023
Eerste begrotingswijziging 2023
Begroting 2023, na eerste begrotingswijziging
2.192.300
0
2.192.300
Baten Bijdrage Amsterdam
p Deze bijdrage wordt jaarlijks aangepast op basis van het indexcijfer voor lonen voor
overheidspersoneel. q Brief van het presidium Amsterdam aan de gemeenteraadsleden van Amsterdam, Weesp en Zaanstad met als onderwerp Zesjarenbegroting Rekenkamer Metropool Amsterdam, 22 juni 2021.
22
ONTWERPBEGROTING RMA 2024
Oorspronkelijke begroting 2023
Eerste begrotingswijziging 2023
Begroting 2023, na eerste begrotingswijziging
220.620
0
220.620
2.412.920
0
2.412.920
1.982.045
107.955
2.090.000
Overige personeelslasten
25.375
1.385
26.760
Huisvestingslasten
195.000
10.620
205.620
ICT-kosten
110.000
5.970
115.970
Publicatiekosten
21.000
1.145
22.145
Overige materiële kosten
67.500
3.675
71.175
Kapitaallasten
46.770
2.280
49.050
Onvoorzien
12.000
0
12.000
2.459.690
133.030
2.592.720
Saldo van baten en lasten
-46.770
-133.030
-179.800
Onttrekkingen bestemmingsreserves
46.770
133.030
179.800
Toevoegingen bestemmingsreserves
0
-243.400
-243.400
Onttrekking algemene reserve
0
243.400
243.400
Toevoegingen algemene reserve
0
0
0
Begroot resultaat 2023
0
0
0
Bijdrage Zaanstad
Totaal baten Lasten Personeelslasten
Totaal lasten
Investeringsbegroting 2023 In de onderstaande tabel is de investeringsbegroting voor 2023 (na de begrotingswijzigingen) opgenomen.
Tabel 4.2 – Overzicht begroting 2023 vóór en na de begrotingswijziging in euro’s Oorspronkelijke begroting 2023
Eerste begrotingswijziging 2023
Begroting 2023, na eerste begrotingswijziging
Investeringen in huisvesting
0
0
0
Investering in ICT
0
11.400
11.400
Totaal baten
0
11.400
11.400
23
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM Nieuwe investering in ICT Begin 2023 zijn nieuwe mobiele telefoons aangeschaft en is de beveiliging van de bestaande laptops verbeterd (zie ook paragraaf 4.1). De kosten daarvan bedragen € 11.400 (exclusief btw). De investering zal in vijf jaar worden afgeschreven. Om de jaarlijkse afschrijvingskosten te kunnen dekken is - conform bestaand beleid - de bestemmingsreserve huisvesting met dit bedrag verhoogd. Begroting reserves RMA 2023 De eerste begrotingswijziging heeft effect op de reservepositie van de RMA. Het verloop van de reserves in 2023 kan als volgt worden samengevat.
Tabel 4.3 – Overzicht verloop reserves in 2023 in euro’s 31-12-2022 Stand vóór
Stand vóór 1e
begroting
resultaat-
begrotings-
2023
bestemming
Algemene reserve
31-12-2023
Mutaties
459.243
wijziging
0
459.243
31-12-2023
Mutaties 1e
Stand ná 1e
begrotings-
begrotings-
wijziging 2023
wijziging
140.713(1)
356.556
-11.400(2) -130.750(3) -101.250(4) Subtotaal
459.243
0
459.243
-102.687
356.556
• Huisvesting
98.610
-32.870
65.740
0
65.740
• ICT
27.800
-13.900
13.900
11.400(5)
23.020
Bestemmingsreserves:
-2.280(6)
• Zesjaarlijkse afreke-
135.000
0
135.000
101.250(7)
236.250
0
0
0
130.750(8)
0
ning
• Kostenontwikkeling
-130.750(9)
2023 Subtotaal
261.410
-46.770
214.640
110.370
325.010
Totaal
720.653
-46.770
673.883
7.683
681.566
(1) Het positief financieel resultaat 2022 is via de resultaatbestemming rechtstreeks toegevoegd aan de algemene reserve. (2) Onttrekking om de bestemmingsreserve ICT aan te vullen. (3) Onttrekking om de nieuwe bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023 te vormen. (4) Onttrekking om de bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening aan te vullen. (5) Storting ten laste van de algemene reserve om de bestemmingsreserve ICT aan te vullen. Zie ook punt 2.
24
ONTWERPBEGROTING RMA 2024 (6) Onttrekking aan de bestemmingsreserve om de hogere afschrijvingskosten ICTinvesteringen te dekken. (7) Storting ten laste van de algemene reserve om de bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening aan te vullen. Zie ook punt 4. (8) Storting ten laste van de algemene reserve om de nieuwe bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023 te vormen. Zie ook punt 3. (9) Onttrekking aan de bestemmingsreserve Kostenontwikkeling 2023 om de hogere persoonslasten en overige (materiële) kosten te dekken als gevolg van de caoloonstijging en hogere inflatie.
25