CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

02 Najaarsrapportage stadsbehoud 2021_DEF.pdf

Raadscommissie Wonen en Bouwen 3 november 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de Najaarsrapportage 2021 Programma Stadsbehoud (ZD2021-012149)8.530 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021 We werken de achterstalligheid weg

Inleiding 

3

1 Stadsbehoud op volle toeren

5

Realisatie 2020-2021 Stadsbehoud in vogelvlucht Wat deden we niet  Risico Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA)

2 Waar staan we nu?

Inhoud

Achterstalligheid: nog een lange weg te gaan Duurzaamheid van de openbare ruimte

6 7 11 12

13 15 17

3 Prioriteiten 2022-2026

18

 Inhalen achterstalligheid en instandhouding op een randvoorwaardelijk niveau van functionaliteit Aansluiten bij de veranderende vraag

19 21

4 Financiële uitdagingen

23

Begroting 2022: startpunt en eerste stappen 24 Begroting 2022: een stap vooruit naar structurele financiering 24 Risico’s25 Perspectief27

Foto voorzijde Alphons Nieuwenhuis

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

2

Sinds 2019 sturen we via het Programma Stadsbehoud op het beheer en onderhoud van onze spullen in de openbare ruimte (assets). Alle soorten onderhoud (zoals dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervanging) en al onze assets (tunnels, verhardingen, straatmeubilair en speelvoorzieningen, groen, water, civiele constructies, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties, verkeersinformatiesystemen) zijn in het Programma Stadsbehoud bijeengebracht om de stad in stand te kunnen houden volgens de ambitie van 1Amsterdam Heel en Schoon (1AH&S).

Foto Sven Cairo

Behoud van een veilige stad

Inleiding

Na drie jaar rapportages Stadsbehoud is één ding duidelijk: de instandhouding van de openbare ruimte in een springlevende en monumentale stad als Amsterdam is een uiterst dynamisch proces.

Steeds doen zich nieuwe uitdagingen voor, er is werkelijk geen asset te noemen die het predicaat saai verdient. De opgaven waar Stadsbehoud voor staat, lopen uiteen van het wegwerken van achterstallig onderhoud tot het anticiperen op de groei van de stad, klimaatverandering en technologische ontwikkelingen. Sinds de mondiale uitbraak van de coronacrisis is daar een nieuwe realiteit bij gekomen: die van beperktere budgetten. De gemeenteraadsverkiezingen staan alweer bijna voor de deur. Net als regeren is ook Stadsbehoud een kwestie van vooruitkijken.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

3

Een van de punten die tot nu toe in elke rapportage terugkeert, is het belang van structurele middelen voor bepaalde taken die nu eenmaal horen bij een stad die toegankelijk, veilig en prettig voor haar gebruikers wil zijn. Verderop in deze rapportage leest u over een akelig incident met een paard in het Amsterdamse Bos. Het drukt ons met de neus op de feiten: minder middelen leiden tot grotere risico’s. Hoeveel geld nodig is voor de instandhouding van de openbare ruimte in de stad wordt nu in beeld gebracht middels een extern onderzoek. De resultaten van dit externe onderzoek zullen voor het einde van het jaar gedeeld worden met gemeenteraad en bestuur. Bij de Voorjaarsrapportage Stadsbehoud 2022 zal een helder overzicht van de financiële knelpunten en beleidskeuzes voor het Programma Stadsbehoud voorliggen, nodig om achterstalligheid te voorkomen. Met deze najaarsrapportage schetsen we het speelveld voor de keuzes die worden voorgelegd bij de Voorjaarsrapportage Stadsbehoud en Voorjaarsnota 2022. We beschrijven de huidige status van de staat van de stad en voor programma Stadsbehoud. In hoofdstukken 1 en 2 lichten we toe wat er het afgelopen jaar tot stand is gebracht en waar we staan (de huidige kwaliteit op straat). Hierbij geven we van een paar assets een inkijkje in locaties of projecten die het afgelopen jaar zijn opgepakt.

Hoofdstuk 3 richt zich op de toekomst: welk onderhoud is nodig de komende jaren, en hoe komen we tot een onderhoudsprogramma dat recht doet aan de behoefte van Amsterdam en tegelijkertijd past binnen de financiële mogelijkheden van de huidige begroting?

Los van de capaciteit van onze organisatie en los van het feit dat de stad moet kunnen functioneren, is sober werken letterlijk het devies: we doen wat nodig is, we doen wat we kunnen (en het liefst wat meer), maar we kunnen niet alles doen. Ten slotte tonen we in hoofdstuk 4 hoe de benodigde programmering zich actueel verhoudt tot de huidige begroting. We lichten toe welke risico’s hiermee gemoeid zijn. De structurele tekorten voor Stadsbehoud zijn groot en het blijven ontbreken van de benodigde middelen voor beheer en onderhoud heeft verregaande consequenties voor de aantrekkelijkheid, de toekomstbestendigheid en het gebruik van de stad. We willen voorkomen dat we toekomstige gebruikers van de stad opzadelen met gaten in het asfalt, lege speelplekken en grote achterstalligheid. We gunnen hun evenmin een groot gat in de begroting omdat we boven onze stand hebben geleefd. Voldoende reden om in de nieuwe coalitie zorg te dragen voor duurzaam, bestendig Stadsbehoud.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

4

Stadsbehoud op volle toeren

1

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

5

Na het opstartjaar 2019 is de uitvoeringsorganisatie van het Programma Stadsbehoud in 2020 versterkt. We zijn samen met de markt in staat om grotere volumes onderhoud weg te zetten. Dat is maar goed ook, want om de stad structureel goed te onderhouden is ook een structureel grotere beheerinspanning nodig. Realisatie 2020-2021 In 2020 en 2021 hebben we zoveel mogelijk onderhoud verricht en gebruikgemaakt van de relatieve rust op straat als gevolg van de coronacrisis. Zo maakten we in 2020 en 2021 een versnelde inhaalslag voor achterstallig onderhoud. Om dit mogelijk te maken hebben we anticyclisch geïnvesteerd door toekomstige budgetten eerder in te zetten. Zo konden we in 2020 de productie van Stadsbehoud maximaal voortzetten. Ook in 2021 gaat dat lukken. De realisatie ligt op schema. Gezien de financiële krapte richten we ons vrijwel uitsluitend op plekken waar het niveau onder Sober ligt (zie Najaarsrapportage programma Stadsbehoud 2020). Ook bij het Programma Bruggen en Kademuren is in de afgelopen jaren een organisatie ingericht die past bij intensiever onderhoud. Voor de

vernieuwing van kademuren zijn twee langjarige samenwerkingsovereenkomsten afgesloten met elk drie partijen. In totaal zijn deze overeenkomsten goed voor minimaal 1,8 kilometer aan kadeprojecten per jaar (300 meter per partij), met ruimte voor meer. Voor bruggen werken we aan een soortgelijke samenwerkingsovereenkomst en zijn we bezig om de projectorganisatie op te zetten. Met de projecten die in voorbereiding zijn en in uitvoering gaan, wordt opnieuw meer werk gerealiseerd dan in de voorgaande jaren. We staan daarmee klaar om onze ambities waar te maken.

waarschijnlijk ook na de pandemie bestaan. Dit leidt tot een aangepaste beheerinspanning, die we hebben opgenomen in de programmering van Stadsbehoud.

Beperkte impact covid-19 Covid-19 heeft beperkt impact op de realisatie van het Programma Stadsbehoud. We hebben de lockdown zoveel mogelijk aangegrepen om versneld of vervroegd onderhoud uit te voeren aan evenemententerreinen en winkelstraten, onder meer bij de Dappermarkt, het Vondelpark en het Museumplein. Grote evenementen in de openbare ruimte zijn er tot augustus 2021 niet geweest. In 2020 en 2021 is hard gewerkt om het dagelijks beheer van de openbare ruimte op peil te houden en waar mogelijk zelfs te verbeteren. De coronacrisis leverde nieuwe beheeruitdagingen op doordat het gebruik van de openbare ruimte veranderde. Parken, andere recreatieplekken en het Amsterdamse Bos werden intensiever gebruikt. Een asset die eveneens tijdens de pandemie intensief werd gebruikt, zijn de verkeerinformatiesystemen voor de handhaving van verkeersregels en voor crowdcontrol en -monitoring. Sommige van deze opgaven blijven

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

6

Stadsbehoud in vogelvlucht Verhardingen

Straatmeubilair en speelvoorzieningen

‘In een crisis op volle toeren draaien’ was het devies voor Stadsbehoud. Er is flink gewerkt om de rust en de ruimte van het stilgevallen openbare leven te benutten voor werk dat hard nodig was. We mogen trots zijn op het resultaat. Zo zijn er in 2020 maar liefst 78 verhardingsprojecten van groot onderhoud of vervanging opgeleverd en in beheer genomen. Deze projecten beslaan een oppervlak van in totaal 300.000 m2. Voorbeelden zijn de Dappermarkt, fietspaden in landelijk Noord en het Brettenpad in West. Bij verhardingen kiezen we vanwege de lange doorkijk (tot wel 60 jaar) voor toekomstbestendig beheer. We werken aan assets die hitte- en droogtebestendig zijn en die minder grondstoffen gebruiken. We streven ernaar om materialen zoveel mogelijk gelijkwaardig te hergebruiken: wat eruit komt, gaat er ook weer in terug. Dat is zowel kostenefficiënt als duurzaam. Zo is in 2020 op de Nieuwe Leeuwardenweg 100% gerecycled asfalt toegepast.

In 2020 zijn er 494 speeltoestellen en ondergronden vervangen. In Oost zijn de Cruyff Courts opgeknapt en in Nieuw-West het Nouriplein.

Voor groot onderhoud (foto links) en Na groot onderhoud (foto rechts) Laagte Kadijk

Civiele constructies

Groot onderhoud Dapperstraat

In 2020 hebben we gewerkt aan de grote onderhoudsopgave op het gebied van bruggen en kademuren. Dit is een complexe puzzel. In samenwerking met de afdeling Stadsregie van Verkeer en Openbare Ruimte is er vanuit het Programma Bruggen en Kademuren een programmering voor vernieuwing opgesteld voor de periode 2021-2026, met een doorkijk tot 2040. Bij veel kades en bruggen zijn lastbeperkingen ingevoerd of veiligheidsconstructies geplaatst. In 2020 is vol ingezet op de voorbereiding van mogelijke proeftuinen voor levensduurverlenging, toetsing, monitoring en sensoring, en vernieuwing. Er is een samenwerking met de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) gestart, evenals drie raamovereenkomsten waarmee opdrachten verstrekt kunnen worden aan onze belangrijkste kennispartners Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

7

Solutions (AMS), de Technische Universiteit Delft, Deltares en de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO). Hierbij is speciaal aandacht voor sociaal opdracht­geverschap. In 2020 is in samenwerking met Bureau Social Return de PBK-Academy opgericht voor de ontwikkeling en uitvoering van projecten gericht op werk, educatie en participatie. Een mooi voorbeeld hiervan is de opleiding en inzet van nautische verkeersregelaars in samenwerking met AmsterdamWerkt! In het reguliere beheer van civiele constructies sloten we in 2020 aan op een aantal lopende ontwikkelingen, zoals het opstellen van raamovereenkomsten voor groot onderhoud. In verband met corona en dankzij de nieuwe contracten hebben we ingezet op het sneller wegwerken van achterstallig onderhoud. Er is in 2020 onder andere gestart met groot onderhoud aan de Erasmusgracht, de Burgemeester van Tienhovengracht en de Borneokade en met de renovatie van de Akersluis en de Cramersluis. Deze werkzaamheden lopen door in 2021. Vooral in West en Nieuw-West is groot onderhoud uitgevoerd aan voetgangers- en fietsersbruggen, en in Zuid en Noord aan verkeersbruggen. Van zes beweegbare bruggen is de verharding en/of conservering vervangen en van drie zijn de houten dekken vervangen. Van zeventien beweegbare bruggen is de voorbereiding van groot onderhoud gestart.

Bij zeven bruggen zijn tijdelijke maatregelen genomen om de beschikbaarheid te kunnen garanderen.

Groen In 2020 en het eerste kwartaal van 2021 zijn op 120 locaties verspreid over de stad plantvakken en gazons gerenoveerd. Ook zijn twee evenementen­ terreinen in het Rembrandtpark en het Sloterpark hersteld. Een ambitie was om goed in te spelen op de ervaringen en opvattingen van bewoners over het groen in hun omgeving. In de aanplantprogrammering is bijvoorbeeld gebruikgemaakt van de meldingen van bewoners over verdwenen bomen. Vanaf 2020 is het vervangingsprogramma bomen gestart met de opgave om 2000 tot 2500 bomen met veiligheidsrisico te vervangen, te beginnen met 1500 bomen in het seizoen 2020/2021. Vergunningen zijn aangevraagd, bodemonderzoeken zijn uitgevoerd en er zijn groeiplaatsen gerealiseerd. Daarbij is er intensief gecommuniceerd met bewoners. In het seizoen 2020/2021 zijn uiteindelijk 1569 bomen geplant.

Vervanging houten bruggen Schoolpad

Monumentale iep met iepziekte aan de Kostverlorenstraat

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

8

In 2020 zagen we ook hoe klimaatverandering steeds meer impact heeft op de stad. Zo zijn er dat jaar maar liefst driehonderd bomen door storm geveld. Dit heeft tot de nodige herstelwerkzaamheden geleid. Ook kregen door de hoge temperaturen in de winter en het voorjaar ziekten en plagen meer kans. In 2020 was de aantasting door de iepziekte relatief groot (628 bomen). Ook was er een grote uitbraak van de eikenprocessierups. De parken waren een belangrijke opgave voor de asset groen in 2020. Bij veel parken leidt een zwakke bodem tot afsterven van beplanting of bomen. Dit valt niet op te lossen met regulier groot onderhoud of vervanging. In 2020 is voor het Martin Luther Kingpark, het Vondelpark, het Beatrixpark, het Museumplein en het Oosterpark de volledige problematiek in beeld gebracht. We willen de opgave integraal aanpakken en de parken structureel verbeteren.

En verder Naast de genoemde projecten zijn er in 2020 en begin 2021 projecten uitgevoerd bij de assets openbare verlichting, verkeersregelinstallaties en verkeersinformatiesystemen, water en tunnels. In totaal is er in 2020 voor meer dan € 90 miljoen aan groot onderhoud en vervanging uitgevoerd uitgevoerd in Amsterdam. Daarmee dient het Programma Stadsbehoud ook een groot sociaal belang als motor voor werkgelegenheid. Er werken duizenden mensen aan het beheer van de openbare ruimte, van dagelijks onderhoud tot grote projecten.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

9

Werk met werk maken In onze onderhoudsprogrammering hebben we zoveel mogelijk contact gezocht met andere partijen met een opgave in de openbare ruimte, met als doel werk met werk te maken. Waar mogelijk versterkten we onderhoudsmaatregelen met gewenste maatregelen vanuit gebiedsinput, of vanuit andere programma’s zoals de ontwikkelbuurten, Programma Stadsverbetering, Programma Autoluw, het Strategisch Huisvestingsplan Bovenwijks Groen, en Amsterdam Rainproof.

Corridoraanpak Programma Bruggen en Kademuren Bij het Programma Bruggen en Kademuren is een programmering voor vernieuwing opgesteld voor de periode 2021-2026, met een doorkijk tot 2040. In de programmering zoeken we de balans tussen urgentie (op grond van technische staat en veiligheid) en bereikbaarheid met robuuste routes. Vanuit dat perspectief is gekozen voor een corridoraanpak. Hierbij worden de bruggen op een route (corridor) in één keer aangepakt, zoals bij de Vijzelstraat en de Oranje Loper. De bruggen in de corridors vormen het geraamte van de hoofdprogrammering. Daaromheen worden de bruggen en kades gebiedsgericht ingepast. Door meerdere jaren vooruit te kijken ontstaan er mogelijkheden om opgaven slim te combineren en hierop te anticiperen. Zo geven we houvast aan de buurt en ondernemers, en volgen na de onvermijdelijke overlast ook lange perioden van rust. Bij verkeersregelinstallaties (VRI) en verkeers­ informatie­systemen (VIS) is groot onderhoud aan kruispunten voor VRI vaak aanleiding om ook de installaties te onderhouden of te vervangen. Hierbij wordt altijd gekeken hoe werk kan worden gecombineerd met verhardingen. Daarnaast werkten we nauw samen met Programma Autoluw.

Werkzaamheden aan Ringvaart

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

10

Integraal programmeren: integratie met het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) Stedelijk Beheer (V&OR) en Waternet (en hun voorgangers) werken sinds de jaren ’80 als afzonderlijke partners samen. Zij hebben een gezamenlijk doel om de gemeentelijke assets te onderhouden. Om de kosten zo laag mogelijk te houden en zo weinig mogelijk overlast te veroorzaken volgt Waternet in de regel de opgaven van Stedelijk Beheer. Maar omdat de programmeringen van Stedelijk Beheer en Waternet niet altijd overeenkomen, betekent dit in de praktijk dat riolering soms vervangen wordt voordat het stelsel technisch is afgeschreven. Stedelijk Beheer is op zijn beurt afhankelijk van nutspartijen die willen meeliften op onderhoud in de straat. Omdat de planning van deze werkzaamheden doorgaans laat wordt afgestemd, ontstaan er knelpunten in de voorbereiding. Het gevolg is dat werkzaamheden worden uitgesteld en verschoven. Daardoor komt het regelmatig voor dat de jaardoelstellingen en opgaven niet worden gehaald.

Eind 2019 hebben Stedelijk Beheer en Waternet de handen ineengeslagen om te komen tot een betere gezamenlijke programmering van de onderhoudsprogramma’s. Door in overleg verder vooruit te plannen ontstaat er een efficiënte programmering, waarbij de technische restlevensduur en de staat van onderhoud centraal staan. Deze gezamenlijke programmering wordt vertaald in een vlekkenplan, waarbij de opgave van riolering mede leidend wordt. Op straatniveau zijn verschillende prioriteiten vastgesteld: van ’urgente vervangingen’ tot en met ‘inbreng is mogelijk’. Het vlekkenplan dient als vertrekpunt voor uitbreiding met andere opgaven, zoals de vervangingsopgave van de drinkwaterdistributieleidingen en andere Amsterdamse assets (Metro en Tram, groen, water, openbare verlichting, beweegbare bruggen en sluizen en verkeersinstallaties).

Duurzaamheid en klimaatadaptatie Waar mogelijk werkten we aan het thema duurzaamheid en klimaatadaptatie. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat we bij circa 11% van de beheerprojecten bij verhardingen een duurzaamheidsmaatregel hebben kunnen toepassen. Hierbij valt te denken aan het gebruik van laagtemperatuur asfalt, cementarm beton, waterdoorlatende klinkers en funderingen van gerecycled huisvuil. We voerden experimenten uit met waterdoorlatende verharding, waterbergende kratjes onder de weg en biobased markeringen. Daarnaast hanteren we standaardmilieueisen in de contracten voor groot onderhoud aan verhardingen, zoals emissievrij werken en hergebruik van materiaal. Bij groencontracten gelden duurzaamheidseisen. Bij openbare verlichting werkten we aan de afronding van de werkzaamheden in het kader van de verledding. We begonnen in 2021 aan de overspanningen (lichtpunten aan draden tussen gevels en boven trambaan) en de onderdoorgangen. Bij tunnels is in 2020 een duurzaamheidsplan opgesteld mede gebaseerd op de doelstellingen van de gemeente Amsterdam. In 2021 beginnen we met de uitvoering van de maatregelen daarvan.

Wat deden we niet

Watertuin in de Boerenwetering, Hobbemakade, Edwin van Eis

De huidige financiële situatie betekent ook dat we bepaalde zaken niet kunnen doen. In 2022 voeren we noodgedwongen bezuinigingen door in het Programma Stadsbehoud, waarbij we garanderen dat functionaliteit en veiligheid op de eerste plaats komen. Zoals gezegd is de groot onderhoudsen vervangingsprogrammering van de assets

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

11

teruggebracht tot de werkzaamheden die nodig zijn voor randvoorwaardelijke instandhouding. Dit betekent dat er voorlopig bezuinigd wordt op de andere ambities van 1Amsterdam Heel en Schoon. We probeerden met de beschikbare middelen zoveel mogelijk te bereiken door werk met werk te maken en kansen te pakken als die zich voordoen. Bij de assets verhardingen en straatmeubilair en speelvoorzieningen is de groot onderhouds- en vervangingsprogrammering in 2020 en 2021 streng geherprioriteerd. We voerden uitsluitend maatregelen uit om te voldoen aan de wet- en regelgeving. Bij de asset groen was er geen geld om tegemoet te komen aan de wens van bewoners om bomen aan te planten die in de toekomst een monumentale status kunnen krijgen, of de wens om van regulier groen over te stappen op ecologisch groen.

Risico Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) Nu de uitvoeringsorganisatie van Stadsbehoud is opgetuigd, vormt de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) een risico voor het programma. Handhaving van de wet zou betekenen dat niet alle contracten van zzp’ers in stand gehouden zouden kunnen worden. Hierdoor kunnen continuïteitsproblemen ontstaan. Een deel van de sleutelposities bij groot onderhoudsen vervangingsprojecten en programma’s van Stadsbehoud en bij het Programma Bruggen en Kademuren wordt vervuld door zzp’ers.

Foto Sven Cairo

In het Amsterdamse Bos zijn bruggen afgesloten voor publiek omdat er onvoldoende middelen zijn om de achterstalligheid aan te pakken en de veiligheid niet meer kan worden gegarandeerd. In 2021 zakte een paard door een van de monumentale bruggen. Door de noodgedwongen afsluitingen werden delen van het Bos onbegaanbaar. Er was onvoldoende financiële ruimte om de monumentale staat van het Amsterdamse Bos in stand te houden.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

12

Foto Sven Cairo

Waar staan we nu?

2

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

13

De realisatie van het Programma Stadsbehoud in 2020 en de voorgaande jaren heeft zijn vruchten afgeworpen. We zien de achterstalligheid teruglopen. Periodiek meten we door middel van schouwen en inspecties hoe we ervoor staan en welke impact onze maatregelen hebben gehad. Aanvullend op de technische inspecties wordt de visuele kwaliteit voor dagelijks beheer gemonitord. Door de assets steeds gestructureerder te monitoren en te inspecteren kunnen we de kwaliteit steeds beter in kaart brengen. De huidige kwaliteit op straat is het startpunt voor sturing op Stadsbehoud en voor de meerjarenprogrammering. We beoordelen de kwaliteit van de openbare ruimte aan de hand van de doelstellingen van 1Amsterdam Heel & Schoon (1AH&S): functionaliteit, aantrekkelijkheid, duurzaamheid, participatie en kostenefficiëntie. Op grond van steeds specifiekere informatie kunnen we steeds beter sturen op de beleidsdoelstellingen uit 1AH&S.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

14

De factsheets in de bijlage geven een overzicht van de gemeten kwaliteit van de openbare ruimte per asset. De factsheets illustreren wat we op dit moment kunnen vertellen over de kwaliteit. Hieronder gaan we in op de belangrijkste observaties.

Achterstalligheid: nog een lange weg te gaan Uit de inspectieresultaten blijkt dat de aanpak van Stadsbehoud aantoonbaar werkt. We komen steeds dichter bij een stad met een minimale basiskwaliteit op niveau Sober. Bij de assets groen en verhardingen was in 2016 voor € 100 miljoen aan achterstalligheid geconstateerd. We hebben deze achterstand de afgelopen jaren weten terug te brengen tot € 20 miljoen. Met het Programma Bruggen en Kademuren worden grote stappen gezet in het wegwerken van achterstalligheid bij civiele constructies. Tegelijkertijd krijgen we het areaal steeds beter in beeld. Daardoor ontdekken we soms nieuwe achterstalligheid. Ook breidt het areaal zich uit en krijgen we soms areaal in beheer dat niet op niveau is, zoals de relatief nieuwe asset water. Ondanks het vele harde werk is er nog (grote) achter­ stalligheid bij de assets verhardingen, groen, civiele constructies en water. Zoals eerder gerapporteerd is er een meerjarige aanpak nodig om deze achter­ stalligheid weg te werken. Bij verhar­dingen is er nu gemiddeld over de hele stad 12% kwaliteitsniveau D (gebaseerd op de inspectieresultaten tot en met het vierde kwartaal 2020). Dat duidt op 2% achterstalligheid. Omdat sommige inspecties in een meerjarencyclus worden uitgevoerd, zijn de meest

recente werkzaamheden niet altijd verwerkt in de cijfers. De hoeveelheid achterstallig onderhoud bij civiele constructies is nog steeds hoog. Uit de inspecties blijkt dat 12% van de objecten achterstallig onderhoud vertoont. Bij 5% van de geïnspecteerde objecten is het achterstallig onderhoud dusdanig dat het risico op functieverlies als ‘hoog tot zeer hoog’ wordt ingeschaald. Momenteel zijn we nog bezig met de inspecties van de elektrische en mechanische installaties van beweegbare bruggen en sluizen. Op grond van de inspectieresultaten tot nu toe verwachten we dat er bij ongeveer 30-40% van het civiele areaal sprake is achterstallig onderhoud. Deze achterstalligheid heeft betrekking op de objecten in het reguliere beheerprogramma. Daarbij komt nog de vervangingsopgave die door het Programma Bruggen en Kademuren wordt uitgevoerd. In 2020 zijn ongeveer 90 bruggen op houten palen geïnspecteerd. Het blijkt dat een fors deel ervan niet voldoet aan de eisen die we eraan stellen. Van de geïnspecteerde brugfunderingen bleek 33% in slechte staat, hoewel slechts bij enkele bruggen een veiligheidsmaatregel getroffen moest worden (ca. 5%). Dit valt binnen de prognose uit 2019 dat tussen de 10% en 60% van de constructies in slechte staat is. We verwachten dat ongeveer de helft van de circa 270 bruggen op houten palen binnen afzienbare tijd vernieuwd moeten worden.

Ook zijn 102 kademuren (rakken) op houten palen onderzocht. Bij ongeveer 25% van de beoordeelde kades is een veiligheidsmaatregel getroffen. Eind 2021 verwachten we nieuwe inzichten op basis van de onderzoeksresultaten. Er zijn afgelopen jaar geen calamiteiten geweest aan de kademuren van de gemeente Amsterdam. Het incident aan de

Werkzaamheden aan de Berlagebrug

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

15

Grimburgwal (eigendom UvA) maakt echter duidelijk dat een calamiteit nooit uit te sluiten is. Bij het Amsterdamse groen zijn we in 2020 gestart met een nieuwe driejaarlijkse inspectiecyclus. Intussen is grofweg een derde van het groen geïnspecteerd. We hebben beter overzicht van de staat van onderhoud. Uit de conditiemeting in 2020 is naar voren gekomen dat van dit derde deel 350.000 m2 in zeer slechte conditie of afgestorven staat verkeert (conditiescores 5 en 6), terwijl 2.600.000 m2 een matige tot slechte conditie heeft. Als deze cijfers vertaald worden naar de hele stad betekent dit dat in totaal 1,3% van de plantvakken een zeer slechte conditie heeft en 12,8% een matige tot slechte conditie. Groen kan alleen een optimale bijdrage leveren aan het klimaat en de leefbaarheid in de stad als het in goede conditie is. Bij bomen is er sprake van een achterstallige herplant van 1650 bomen. Deze staat voor 2021-2024 geprogrammeerd. Bij water is de volledige omvang en staat van het areaal nog niet in beeld. Het waterareaal bestaat uit beschoeiingen, natuurlijke oevers, diverse soorten watergangen, woonbootligplaatsen en drainagesystemen. Bij de overdracht was al bekend dat er sprake was van grootschalige achterstalligheid op deze onderdelen. De overgedragen budgetten zijn ontoereikend voor het uitvoeren van dagelijkse beheer- en onderhoudstaken.

Steekproeven bevestigen het beeld van achterstalligheid. Vooral bij de woonbootligplaatsen is de situatie urgent. Doordat de waterobjecten en de beschoeiingen rond woonbootligplaatsen in het verleden niet structureel zijn onderhouden, ligt er op deze

locaties veel slib. Amsterdamse woonbootbewoners melden geregeld dat zij scheef liggen of vastzitten in de bodem, zelfs met risico op breuk. Ook op het gebied van drijfvuilvissen en onderwatermaaien heerst achterstalligheid. De eerste inspectie van het waterareaal staat gepland voor 2021. Hierbij zal de totale omvang van de achterstalligheid bij water duidelijker worden. Schade aan het brugdek van Brug 485 aan de De Ruijterkade

In het Amsterdamse Bos is er bij de ruim tachtig jaar oude infrastructuur, beschoeiingen en voorzieningen veel achterstallig onderhoud. Hierdoor kan het Amsterdamse Bos nauwelijks voldoen aan de minimale wettelijke verplichtingen (onder meer zorgplicht, Wegenverkeerswet en Wet natuurbescherming) en het minimale dagelijkse onderhoud (maaiwerk, reinigen van toiletten, afvalinzameling, gebouwonderhoud etc.). Ondanks een inhaalslag en een strategische verwijdering van paden is bij nog ongeveer 20% van de fiets- en wandelpaden in het bos sprake van achterstallig onderhoud.

Versleten verhardingen aan het Weerslootpad

Een kleine honderd bruggen, waaronder de monumentale Piet Kramerbruggen, hebben urgent onderhoud nodig om veiligheid en instandhouding te waarborgen. In de speelweiden is de drainage verouderd, wat zorgt voor toenemende vernatting. Van de bomenpopulatie is 17% aangetast door ziekte; dit brengt veiligheidsrisico’s met zich mee. De monumentale kinderbaden voldoen niet meer aan de wettelijke milieueisen. De kwaliteit van het water is ondermaats, onder andere doordat er jarenlang niet meer is gebaggerd. Noodzakelijk onderhoud aan Brug 414 aan het Zuideramstelkanaal

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

16

Duurzaamheid van de openbare ruimte Het niveau van duurzaamheid en klimaatbestendigheid van de openbare ruimte is een thema dat steeds belangrijker wordt. In 2020 zijn er maar liefst 300 bomen door storm geveld. Ook stierven in 2020 628 iepen aan de iepziekte, mede door de stijgende temperatuur. Klimaatverandering heeft daarmee zichtbaar grote impact op de stad en op de assets. Om de stad toekomstbestendig te houden moet het areaal enerzijds klimaatadaptief worden in verband met het veranderende klimaat en moeten we aan de andere kant een bijdrage leveren aan het verder tegengaan van klimaatverandering. Door klimaatadaptatie zorgen we ervoor dat het areaal beter bestand is tegen extreme neerslag, droogte en hitte. Ook houden we rekening met waterveiligheid (zeespiegelstijging en hoog rivierwater). Daarvoor is het van belang dat klimaatadaptatie standaard onderdeel wordt van de beheerinspanning. Om klimaatverandering verder tegen te gaan, zetten we in op verdere verduurzaaming van het beheer en maken we onder andere processen circulair. In 2020 werd er bij 11% van de verhardingenprojecten een specifieke duurzaamheidsmaatregel uitgevoerd. Bij de asset groen besteden we aandacht aan ecologisch beheer, biodiversiteit en aan de bestrijding van ziekten en plagen, maar er zijn nog geen normen opgesteld voor deze ambities.

De conditie van het groen is suboptimaal, waardoor het minder bijdraagt aan klimaatadaptatie dan mogelijk is. Prestatie-indicatoren om de duurzaamheidsprestaties te monitoren zijn nog in ontwikkeling.

Vergroening van binnentuinen aan de Albert Cuypstraat

Wel zijn er al diverse maatregelen ingevoerd. Bij de verkeersregelinstallaties (VRI’s) realiseren we jaarlijks een lager energieverbruik, onder andere door ledverlichting te installeren. In 2020 is het energieverbruik met 3,8% afgenomen. De verledding van openbare verlichting heeft haar vruchten afgeworpen: in 2020 is het energieverbruik gedaald met 8,5%. Desalniettemin zijn er nog grote stappen nodig om tot een klimaatbestendige openbare ruimte te komen. We kampen met wateroverlast op straat bij

piekbuien, er zijn vaker herstelwerkzaamheden nodig naar aanleiding van droogte, stormen en ziekte en plagen, en in de zomer lopen de temperaturen vooral in de gebouwde binnenstad ongezond hoog op (het hitte-eilandeffect).

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

17

Foto Sven Cairo

Prioriteiten 2022-2026

3

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

18

In de komende jaren werken we verder om de hele stad technisch op kwaliteitsniveau Sober te brengen. De financiële realiteit dwingt ons echter om streng te prioriteren in de groot onderhoudsen vervangingsprogrammering van Stadsbehoud. Het is nog belangrijker geworden om functionaliteit op de eerste plaats te zetten. Met de beperkte middelen die er zijn, willen we in de eerste plaats de veiligheid en beschikbaarheid van de assets garanderen. Als we door het onderhoud de assets niet meer op een randvoorwaardelijk niveau van functionaliteit in stand kunnen houden, moeten we assets afstoten of uit functie nemen. De belangrijkste uitdagingen zijn inlopen van de bestaande achterstalligheid, voorkomen dat er nieuwe achterstalligheid ontstaat (door noodzakelijk onderhoud voor randvoorwaardelijke instandhouding uit te voeren), omgaan met de veranderende vraag, en omgaan met areaaluitbreidingen.

Brug 414 aan het Zuideramstelkanaal voor en na uitvoering van groot onderhoud

Inhalen achterstalligheid en instandhouding op een randvoorwaardelijk niveau van functionaliteit In de eerste plaats richten we ons op het wegwerken van achterstalligheid om de openbare ruimte weer op het minimale kwaliteitsniveau te brengen. Waar dit niet kan, moeten we assets afstoten. Ons doel is om dit zo weinig mogelijk te doen. Bij verhardingen is de hoofddoelstelling dat we in 2025 in alle stadsdelen een kwaliteitsniveau realiseren waarbij minder dan 10% van de asset op niveau D (slecht) is. In 2021 ligt de nadruk op verbetering van verhardingen in woon- en verblijfsgebieden (vooral ontwikkelbuurten) en op de vervangingsopgave in Landelijk Noord. Deze laatste opgave neemt circa tien jaar in beslag.

Bij groen richten we ons de komende periode vooral op vervanging van afgestorven beplanting en op de bestrijding van ziekten en plagen. Vooral bij de bestrijding van de Japanse duizendknoop is de veiligheid in het geding aangezien de woekerplant funderingen van panden, bruggen en kades aantast. Daarnaast werken we in 2022-2026 aan de toegankelijkheid, verbindingen, (grond-) waterproblematiek en de ecologische opgave van parken. Tot en met 2023 worden door de hele stad tussen de acht- en tienduizend bomen vervangen. Hiermee halen we achterstallige herplant in en voeren we noodzakelijke kap uit vanwege de veiligheid en de gemeentelijke herplantplicht. Bij de asset water pakken we de urgente situaties aan, zoals bij Zijkanaal I, waar woonboten op het slib liggen en dreigen te breken, of als we een

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

19

aanschrijving van het waterschap ontvangen. Het gaat hierbij om achterstallig baggeronderhoud. Ook moet worden voorzien in een veilige, toegankelijke oevervoorziening. Door langjarige samenwerkingen met marktpartijen en kennisinstellingen, en door met een stadsbrede en langjarige blik naar de programmering van de projecten te kijken verschuift het zwaartepunt van het Programma Bruggen en Kademuren de komende jaren van het veilig stellen van zwakke constructies naar het opschalen van de vernieuwingsprojecten. Om nieuwe achterstalligheid en onveilige situaties in de toekomst te voorkomen werken we ernaartoe om jaarlijks ten minste twee kilometer kademuur en acht bruggen te vernieuwen vanuit het Programma Bruggen en Kademuren. Dit niveau halen we vanaf 2025, waarbij we de ontstane achterstalligheid nog niet inlopen. Daarvoor moet het tempo verder omhoog.

Ringvaart voor groot onderhoud

Voorlopig blijven veiligheidsmaatregelen aan de orde. Het versterken van bruggen en kademuren met veiligheidsconstructies verlicht de druk op de omgeving. Dit is echter kostbaar en we kunnen de grachten vanwege de noodzaak van waterberging en doorvaarbaarheid niet onbeperkt versmallen. Vanuit het reguliere beheer aan civiele constructies gaan we in 2022 door met onderhoud aan de beweegbare bruggen waar dat het hardst nodig is. Er staan nog circa twintig beweegbare bruggen op het programma. Bij vaste bruggen focussen we het komend jaar op regulier groot onderhoud aan de verkeers- en voet/fietsbruggen en op de vervangingen

van de eenvoudige voet/fietsbruggen. Ook wordt de komende jaren aan een bovengemiddeld aantal sluizen onderhoud uitgevoerd. Bij oevers (vooral beschoeiingen) en steigers richten we ons op vervanging van onderdelen die niet meer functioneren. Om de beschikbare middelen in te zetten waar deze het hardst nodig zijn, werken we met een risicogestuurde aanpak. Door systematische inspecties en gestandaardiseerde risicoanalyses identificeren we de objecten met de hoogste risico’s ten aanzien van veiligheid en beschikbaarheid. Bij diverse assets werken we momenteel aan een grootschalige inspectieslag. We streven ernaar dat in 2021 alle bruggen zijn geïnspecteerd. In 2021 is gestart met de inspecties van de elektrische en mechanische installaties van beweegbare bruggen en sluizen. Ook bij groen en water wordt in deze periode voor het eerst het volledige areaal systematisch geïnspecteerd. Uit deze inspecties zal benodigd onderhoud naar voren komen dat wordt toegevoegd aan het onderhoudsprogramma. Bij de assets tunnels voeren we in 2022 onderhoud uit om de tunnels veilig te houden. In 2022 ronden we bijvoorbeeld het onderhoud aan de Piet Heintunnel af. In 2024/2025 is de IJtunnel toe aan een onderhoudsbeurt.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

20

groot onderhoud Nieuwe Leeuwarderweg

Aansluiten bij de veranderende vraag Intussen verandert zowel het areaal dat de gemeente beheert, als de behoefte van de stad. Klimaatverandering, technologische ontwikkelingen en veranderingen in functionaliteiten/gebruikerswensen en daarmee de eisen die aan de assets worden gesteld, stellen ons voor nieuwe beheertaken. Het is onze bedoeling dat de huidige assets in elk geval functioneren. We evalueren in hoeverre onze assets nog aan hun functie voldoen en met onze

programmering en assets proberen we zo goed mogelijk aan te sluiten bij de vraag. Soms betekent dat dat we onze assets of beheermethodes moeten aanpassen. Door hogere temperaturen in de winter en het voorjaar krijgen ziekten en plagen meer kans. We bereiden ons erop voor dat zich in 2022 en de daaropvolgende jaren vergelijkbare situaties als in 2020 kunnen voordoen ten gevolge van

klimaatverandering. Om klimaatadaptatieve en andere duurzame maatregelen structureel in te bedden in onze instandhoudingsopgaven, moeten nieuwe oplossingen en werkwijzen worden ontwikkeld en gestandaardiseerd. Deze transitie in beheer wordt begeleid door het Programma Klimaatadaptatie van de gemeente Amsterdam in samenwerking met het initiatief Toekomstbestendige Assets binnen Stedelijk Beheer. Dit gebeurt bijvoorbeeld door geslaagde klimaatadaptieve en circulaire oplossingen te

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

21

verankeren in programma’s van eisen (PVE’s) en in de Puccinimethode. Daarnaast verzorgen we opleidingen op het gebied van klimaatadaptatie en trainen we medewerkers om met nieuwe oplossingen te werken. Crowdcontrol, de handhaving van milieuzones en het omleiden van verkeer voor een bereikbaardere, veilige en toegankelijke stad (Agenda Autoluw) stellen andere eisen aan de assets VRI (verkeersregelinstallaties) en VIS (verkeersinformatiesystemen). Om de doorstroming en de luchtkwaliteit in de stad te verbeteren en de luchtkwaliteit en de verkeersveiligheid te vergroten doen we inmiddels aan dynamisch verkeersmanagement. Dit is datagedreven verkeersmanagement, waarbij we met sensoren en camera’s in de openbare ruimte realtime informatie over de verkeerssituatie in de stad verzamelen. Op basis hiervan kunnen we de mobiliteitsketen aansturen, reistijden berekenen, VRI’s en DRIP’s (dynamische route-informatiepanelen) aansturen, en druktebeelden vaststellen van voetgangers op een aantal plekken in de stad (zoals het Vondelpark, de Dam, de Wallen). Dit stelt nieuwe eisen aan de IT-systemen en software van VRI/VIS en van de verkeerscentrale. Ook wet- en regelgeving verandert soms. In 2022 geven we prioriteit aan speelbadjes en speeltoestellen. Dit hangt samen met de wetgeving die in 2022 in werking treedt: het Besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (Bhvbz).

We zijn in overleg met de Omgevingsdienst om de werkzaamheden zodanig vorm te geven dat de voorzieningen beschikbaar blijven.

Omgaan met areaaluitbreiding De omvang van het areaal dat de gemeente in beheer heeft, neemt jaarlijks toe. Dit is het gevolg van de groei van de stad, maar ook van beleidswijzigingen, zoals bijvoorbeeld de mogelijke inbeheername van volkstuincomplexen (nog niet geëffectueerd) en de voorgenomen vergroening via het Strategisch Huisvestingsplan Groen. In de factsheets is te zien hoeveel areaal in beheer is (zie bijlage Factsheets Stadsbehoud 2021). In de afgelopen jaren is het areaal onder andere uitgebreid door de inbeheername van de asset water. Daarnaast heeft de gemeente nu de onderhoudstaak in Weesp, Haven-Stad, Sloterdijk en de Volgermeerpolder. Een ander voorbeeld van areaaluitbreiding is de sterke groei bij de asset VRI/VIS door de toenemende inzet van deze installaties. In 2020 is de Agenda Amsterdam Autoluw gepresenteerd met de ambitie om meer schone lucht, meer ruimte en een duurzaam bereikbare stad te creëren. Veel van de maatregelen uit de agenda hebben direct impact op bewegwijzering, parkeerverwijzing, DRIP’s, camera’s en verkeersregelinstallaties. Dat geldt ook voor crowdcontrol en handhaving van milieuzones. Daarnaast zijn er nieuwe types objecten aan het areaal toegevoegd. Het groenareaal is bijvoorbeeld uitgebreid met beregeningsinstallaties, faunavoorzieningen en wadisystemen. Ook krijgen we gaandeweg steeds meer ‘verdwaalde’ assets in beheer.

Hiertoe behoren onder andere openbare toiletten, hoogteportalen, knipperbollen (bij voetgangersoversteekplaatsen), laadpalen voor boten, geleiderailconstructies, peperbussen/plakzuilen,

kleine geluidschermen, brandblusinstallaties en hardlooproutes. Het waarborgen van de functionaliteit geldt ook voor areaal dat we nieuw in beheer hebben gekregen. We nemen deze arealen op in het beheerregime, zodat ook deze assets worden geïnspecteerd, gemonitord en in stand gehouden. Dit doen we ondanks het feit dat voor veel van deze uitbreidingen geen structurele middelen voor beheer zijn toegevoegd aan de begroting. Dat veroorzaakt veel problemen. De komende jaren verwachten we opnieuw uitbreiding van het areaal. Dit hoort bij het natuurlijke verloop en de groei van de stad. De beheerinspanning voor deze uitbreidingen wordt geprogrammeerd vanaf het moment dat we het betreffende areaal in beheer nemen. In de nieuwe investeringssystematiek is het de bedoeling dat bij de investeringen die leiden tot areaaluitbreidingen ook de budgetten worden toegewezen voor het onderhoud.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

22

Foto Sven Cairo

Financiële uitdagingen

4

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

23

Uit de recente rapportages blijkt dat het Programma Stadsbehoud op stoom is. De uitvoeringsorganisatie is bestendigd. We hebben de capaciteit om achterstalligheid te blijven wegwerken en de stad structureel goed te onderhouden. Nu de realisatie niet meer de beperkende factor is, kunnen we geleidelijk toegroeien naar het benodigde onderhoudsniveau , waarmee achterstalligheid in de toekomst wordt voorkomen. De langjarige structurele middelen zijn nog echter onvoldoende. Toen in 2019 de eerste stappen naar structurele middelen zijn gezet, was de boodschap dat hier een vervolg aan zou moeten worden gegeven. Bij de voorjaarsnota 2020 en 2021 kon dit niet gebeuren vanwege de coronacrisis. Door anticyclisch te investeren en door een financieringsconstructie te treffen, konden het geprogrammeerde groot onderhoud en de vervanging in 2020 en 2021 alsnog uitgevoerd worden. Door de besluiten die zijn genomen bij de Voorjaarsnota 2021 en de Voorjaarsnota 2022 was er nog steeds sprake van grote meerjarige financiële tekorten voor instandhouding van de stad. In de begroting 2022 wordt een stap gezet om een aanzienlijk deel hiervan op te lossen. De hoogte van de middelen die meerjarig beschikbaar komen voor Stadsbehoud is nog niet vastgesteld. Ook loopt onderzoek naar de hoogte van de benodigde

middelen nog. Om deze reden doen we in deze rapportage nog geen uitspraken over getallen, maar besluiten we met een beschrijving van de financiële situatie en de stappen die we nemen richting de voorjaarsrapportage 2022 waar we scenario’s zullen voorleggen voor de toekomst.

Begroting 2022: startpunt en eerste stappen Stand van de middelen voor randvoorwaardelijke instandhouding en voorkomen achterstalligheid voorafgaand aan de begroting 2022 Het grootste deel van de financiële tekorten vóór de begroting 2022 betrof het gebrek aan de structurele middelen die nodig zijn om het areaal dat we momenteel in beheer hebben, in stand te houden. Hoewel in het verleden veel geld voor onderhoud is vrijgemaakt, waren dit grotendeels incidentele inhaalslagen. Dat betrof DORA in 2016 en de grote dotatie aan de reserve Achterstallig onderhoud en het Programma Bruggen en Kademuren bij de Voorjaarsnota 2019, beide toegekend vanwege achterstalligheid. Voor veel maatregelen en assets is tot de begroting 2022 geen structureel budget toegekend. Voor groot onderhoud en vervanging van straatmeubilair en speelvoorzieningen, water en diverse onderdelen van de asset groen ontbraken de benodigde middelen volledig. Daarnaast was er een groot knelpunt tussen de beschikbare en de benodigde middelen voor het inlopen van het bestaande achterstallig onderhoud. Voor groen, verhardingen, civiele constructies,

straatmeubilair en speelvoorzieningen en VRI/VIS is in 2019 incidenteel budget voor achterstalligheid toegekend. Daarbij werd gesteld dat het inlopen van de achterstalligheid bij deze assets een meerjarige aanpak vereist. Zoals hoofdstuk 2 laat zien is de achterstalligheid bij onder andere civiele constructies en water nog steeds zeer groot. Dat betekent dat er nog meer middelen nodig zijn om de achterstalligheid in te lopen. Ook bij het Amsterdamse Bos is sprake van een groot budgettekort voor beheer en onderhoud. De hoogte van de tekorten is nog onderwerp van onderzoek.

Begroting 2022: een stap vooruit naar structurele financiering De financiële uitdaging blijft groot. Achterstalligheid wordt aangepakt, maar het is ook een kwestie van lange adem om achterstalligheid niet alleen weg te werken maar niet opnieuw te laten ontstaan. Daarvoor is structurele financiering nodig. In de begroting 2022 wordt daar een substantiële bijdrage aan geleverd: Er wordt ruimte vrijgemaakt die ten goede komt aan de reserve Stadsbehoud en de exploitatie, waarmee er structurele dekking ontstaat voor een belangrijk deel van de opgave bij het groot onderhoud en dagelijks onderhoud. Ook voor areaaluitbreiding worden middelen toegekend. Met name voor de vervangingsinvesteringen hebben we nog een weg te gaan. Die weg gaat via het onderzoek naar normgetallen en het opstellen van scenarios’s op basis van financiële randvoorwaarden die zijn meegegeven in deze begroting. Dit leidt tot een aantal keuzes die moeten landen bij de

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

24

coalitievorming begin 2022. Deze keuzes zullen worden verwoord in de voorjaarsrapportage Stadsbehoud. Op basis daarvan kunnen in de begroting van 2023 en verder opnieuw besluiten genomen worden over de dan nog benodigde structurele financiering.

Dekking areaaluitbreidingen Een van de oorzaken van het oplopen van structurele tekorten was het feit dat bij investeringen in areaaluitbreiding in het verleden vaak geen middelen voor beheer en onderhoud werden toegevoegd aan de begroting van Stadsbehoud. In het voorstel over het nieuwe investeringsstelsel bij de begroting 2022 wordt een systematiek voorgesteld om structureel geld vrij te maken voor onderhoud bij elke investeringsbeslissing. Ook de beheerkosten van gebieden die we overnemen van andere partijen, willen we in de toekomst bij het moment van overdracht vastleggen en verwerken in de begroting. Tot die tijd hebben we te maken met gebieden die opgeleverd worden op grond van investerings- en overdrachtsbesluiten waarbij dit nog niet het geval was. Vanuit de post Groei van de Stad uit het herstelplan Samen sterker uit de crisis is bij de Voorjaarsnota 2021 voor een deel tegemoetgekomen in de structurele tekorten. Bij de Begroting 2022 worden additionele middelen toegekend ten behoeve van areaaluitbreidingen.

Vervangingsinvesteringen De prioriteringen van de investeringen onder de investeringsplafonds raakt ook het programma Stadsbehoud. Op dit vlak zijn er nog de nodige uitdagingen. Dit raakt met name de vervangingsinvesteringen van het programma Bruggen en Kademuren. Tegelijk zit er in de hoogte van de structureel benodigde middelen nog onzekerheid. Het onderzoek naar de normkosten gaat hier in de benodigde besluitvorming in 2022 houvast geven.

Risico’s Ondanks dat er structurele middelen worden toegekend in de begroting 2022 voor beheer en onderhoud van de stad, lopen we nog steeds risico’s. Hier geven we aan wat de consequenties zijn van onvoldoende structurele middelen voor Stadsbehoud.

Voorkomen van achterstalligheid blijft aandacht vragen Er is nog sprake van achterstalligheid bij groen, verhardingen, water, civiele constructies en straatmeubilair en speelvoorzieningen. Achterstalligheid houdt onder andere in dat de veiligheid van wegen, straatmeubilair en speelvoorzieningen afneemt, dat we vaker aansprakelijk worden gesteld voor letsel en schade, dat de kans groot is dat beweegbare bruggen ongepland falen, en dat de bodemproblematiek in parken toeneemt. Hierbij treedt het risico op dat we niet meer voldoen aan de wettelijke verplichtingen. De gemeente heeft als beheerder op grond van onder andere de Wegenwet en het Burgerlijk Wetboek een wettelijk zorgplicht om de openbare ruimte

gedurende langere termijn ‘schoon, heel en veilig’ te houden. Daarnaast hebben we te maken met de eigen regelgeving, zoals de Algemene plaatselijke verordening (APV; wildplakken, graffiti) en de Afvalstoffenverordening (zwerfafval, bijplaatsingen).

Niet nakomen wettelijke verplichtingen en uit functie nemen asset In het uiterste geval zullen assets dan uit functie moeten worden genomen omdat ze niet meer aan de wettelijke verplichtingen voldoen. Dit heeft onmiddellijk gevolgen voor de kwaliteit op straat. Het zal voorkomen dat een beweegbare brug uit gebruik wordt genomen omdat de veiligheid bij bediening niet gegarandeerd kan worden. Dit leidt dan tot stremming voor vaarverkeer of wegverkeer. Straatmeubilair en speelvoorzieningen zullen uit functie worden genomen, en een deel van de ziekten en plagen bij groen kan niet meer doeltreffend worden bestreden. Hierdoor treden directe gezondheidsrisico’s op. Ook bomen zullen op termijn moeten worden verwijderd omdat er geen middelen zijn voor de randvoorwaardelijke veiligheidskap. Op gebied van water zullen we de wettelijke verplichtingen niet kunnen nakomen (met bijbehorende aanschrijvingen en procedurekosten tot gevolg). Water kan niet uit functie worden genomen. Zelfs bij afsluiting van een onveilige watergang blijven we als gemeente verantwoordelijk voor de volksgezondheid en de functie van de watergang in het grotere watersysteem. De gevolgen hiervan zijn nog niet geanalyseerd.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

25

Een ander risico is dat we niet voldoen aan de verplichtingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). We hebben de verplichting om in geval van achterstalligheid de benodigde middelen voor randvoorwaardelijk beheer en onderhoud te organiseren in een voorziening of reserve, dan wel we dienen het kwaliteitsniveau naar beneden toe bij te stellen. Hier komen we bij de Voorjaarsrapportage Stadbehoud 2022 op terug.

Hogere kosten Bezuinigen op beheer en onderhoud of verlagen van het instandhoudingsniveau brengt maar tijdelijk verlichting: Als onderhoud wordt uitgesteld vindt onderhoud niet op het optimale moment in de levenscyclus plaats. Dat betekent dat we van preventief onderhoud overgaan naar een situatie van reactief onderhoud en storingsonderhoud. Hierdoor stijgen de kosten van dagelijks onderhoud, maar ook de veiligheidsrisico’s en daarmee de kosten van verzekeringen en aansprakelijkheidsclaims. Over de hele levenscyclus van de assets genomen vallen de kosten juist hoger uit.

Dagelijks onderhoud en groot onderhoud / vervanging als communicerende vaten: Een voorbeeld van deze dynamiek in het boomonderhoud Als structurele middelen ontbreken wordt de focus vooral gelegd op de veiligheid van de snoei. Hierdoor wordt de reguliere snoeiopgave (begeleiding- en onderhoud snoei) niet geheel uitgevoerd. De achterstand die hierdoor ontstaat, heeft negatieve gevolgen op de ontwikkeling van de bomen en zorgt ervoor dat de jaarlijkse onderhoudskosten op termijn toenemen. Het duurt namelijk langer voordat het eindbeeld van de boom is bereikt en er ontstaan onveilige situaties op willekeurige plekken in de stad die moeten worden opgelost. Deze ad-hoc vorm van onderhoud is per snoeibeurt duurder dan planmatig beheer. Uitvoeringsorganisatie en vertrouwen markt Als middelen voor het Programma Stadsbehoud niet structureel op niveau zijn zijn heeft dat ook negatieve effecten voor de bedrijfsvoering. We werken sinds de start van het Programma Stadsbehoud aan vergroting, bestendiging en daarmee het voorspelbaar maken van onze uitvoering. Dit is ook noodzakelijk om met de markt langdurige afspraken te kunnen maken zodat deze partner kan investeren in een productieproces dat geoptimaliseerd is op de Amsterdamse context. Als er gebrek is aan continuïteit in de budgetten, kunnen martkpartijen niet voor meerdere jaren worden gebonden.

Daarnaast moet in het uiterste geval de productie worden afgeschaald. Dit kan schade toebrengen aan de ingezette organisatieontwikkeling en de opgebouwde relaties met de markt, waar we

Kanoërs in het Amsterdamse Bos, Sven Cairo

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

26

juist veel in hebben geïnvesteerd. Herhaaldelijke start/stopsignalen zouden leiden tot het verlies van vertrouwen van onze opdrachtnemende (markt) partijen en de onmogelijkheid om te bouwen aan een betrouwbare, voldoende bestendige uitvoeringsorganisatie (randvoorwaardelijk voor kostenefficiënte operatie van Stadsbehoud in de toekomst). Bij klimaatadaptatie is budget nodig voor nieuwe oplossingen en werkwijzen vanuit het Programma Klimaatadaptatie. Omdat dergelijke oplossingen nog niet standaard zijn, worden ze niet structureel toegepast. De gemeente Amsterdam loopt het risico dat er areaal wordt vervangen of aangelegd op basis van oude inzichten. Als er vervolgens alsnog aanpassingen nodig zijn voordat het technisch nodig is, treedt er kapitaalvernietiging op. Bovendien neemt met elk project dat niet klimaatadaptief wordt uitgevoerd, de kans op gevolgschade door hitte, droogte of extreme neerslag toe.

Loslaten ambities 1AH&S Als de gestelde kwaliteitsambities voor de openbare ruimte volledig worden losgelaten, telt alleen functionaliteit. Er blijft geen enkele ruimte over om te investeren in de andere doelstellingen uit 1AH&S (aantrekkelijkheid, duurzaamheid, participatie en kostenefficiëntie). Om de functie en de ontwikkeling van de stad te ondersteunen, is het belangrijk dat de budgetten voor beheer en onderhoud aansluiten bij de behoefte en de groei van de stad.

Perspectief Om de huidige opgave van Programma Stadsbehoud ook de komende jaren het hoofd te bieden, moeten in 2022 opnieuw keuzes gemaakt worden. Om deze keuzes inzichtelijk te maken, zetten we de volgende stappen richting de het voorjaar.

Extern onderzoek normkosten Normkosten zijn een belangrijk sturingsinstrument binnen het Programma Stadsbehoud. De normkosten worden in samenwerking met gespecialiseerde bedrijven opgesteld door specialisten van de gemeente Amsterdam. Ze worden berekend conform de CROW-systematiek en zijn gebaseerd op landelijke databases van kostenkengetallen, ervaringscijfers en eenheidsprijzen die worden aangeleverd door het Ingenieursbureau (IB). De normkosten bieden inzicht in de gemiddelde kosten voor het beheer en onderhoud van het areaal gedurende een langere periode en bij een bepaald kwaliteitsniveau. Bij het Programma Stadsbehoud gebruiken we de normkosten om te toetsen of de beheerinspanning en de budgetaanvraag passend zijn. Bij de Voorjaarsnota 2021 heeft het college opdracht gegeven om de inhoudelijke opbouw van de normkosten extern te toetsen. Hierbij wordt onderzoek gedaan naar de inschatting van de benodigde structurele middelen om het minimale kwaliteitsniveau te behalen zonder dat er achterstallig onderhoud ontstaat. Witteveen en Bos toetst de onderbouwing van de bouwkosten en de frequentie van de maatregelen in de gebruikte normkosten van het dagelijks en groot onderhoud. Ook wordt gekeken

naar de definities van de niveaus Sober en Verzorgd, de verschillen tussen deze niveaus en de kansen en risico’s die horen bij deze kwaliteitsniveaus. Op basis hiervan wordt bepaald of de kosten­ inschatting van programma Stadsbehoud op basis van de programmering passend en legitiem is, en worden de randvoorwaardelijke kosten voor Stadsbehoud vastgesteld.

Extern onderzoek Amsterdamse Bos Bij de Voorjaarsnota 2021 heeft het college ook opdracht gegeven om te onderzoeken hoe het beheer van het Amsterdamse Bos duurzaam op orde gebracht kan worden. Voor de totstandkoming van een nieuw coalitieakkoordvoeren we een extern onderzoek uit naar de benodigde middelen en de organisatorische randvoorwaarden (capaciteit en aansturing) voor duurzaam beheer van het bos en een reële invulling van verdienmodellen en mogelijke dekkingsbronnen. Op basis daarvan kan een instandhoudingsplan voor het Amsterdamse Bos worden uitgewerkt, op basis waarvan beleidskeuzes kunnen worden voorgelegd om het beheer en het onderhoud van het Amsterdamse Bos (gefaseerd) op orde te brengen. Op basis van een actualisatie van het instandhoudingsplan Amsterdamse Bos (DG groep, 2017) worden het achterstallig onderhoud en het structurele tekort voor het beheer en onderhoud per relevante asset in beeld gebracht. Ook wordt inzichtelijk gemaakt welke randvoorwaarden (sturing/ capaciteit) nodig zijn om de extra inspanningen te realiseren.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

27

Er wordt verkend of de verdienmodellen kunnen worden uitgebreid binnen de kaders van het Bosplan en het reguliere onderhoudsbudget van het Bos. Hierbij betreft het de verhoging van huurtarieven voor nieuwe voorzieningen, de verhoging van de vergoeding voor evenementen, vergoeding voor autogebruik in het Amsterdamse Bos, nieuwe vormen van besturing en financiering (bijvoorbeeld in samenwerking met de gemeente Amstelveen), nieuwe initiatieven voor sponsoring, inning van inkomsten voor de verwerking van hout, en subsidiemogelijkheden.

Nieuwe rapportage coalitie We bundelen deze nieuwe inzichten in een Voorjaarsrapportage Stadsbehoud 2022, zodat ze eventueel meegenomen kunnen worden bij een nieuw coalitieakkoord. De voorjaarsrapportage zal een totaaloverzicht geven van alle aspecten van de Stadsbehoudsystematiek (realisatie-programmanormkosten-begroting). In de Voorjaarrapportage 2022 zullen de opgave, de daarvoor benodigde middelen versus de reeds beschikbare middelen en de beleidskeuzes voor Stadsbehoud worden toegelicht, onderbouwd met het externe onderzoek naar de normkosten en het Amsterdamse Bos. Deze rapportage biedt handelingsperspectief aan de nieuwe coalitie. We geven aan welke prestaties we realistisch kunnen uitvoeren binnen het Programma Stadsbehoud, wat de kosten hiervan zijn en welke risico’s met deze prestatiekeuzes samenhangen. Op basis hiervan kan het bestuur geïnformeerde afwegingen maken over de beleidskeuzes voor de toekomst van het Programma Stadsbehoud.

Najaarsrapportage Stadsbehoud 2021

28

Colofon Amsterdam, september 2021 Tekst Gemeente Amsterdam, Verkeer en Openbare Ruimte Vormgeving Vorm de stad, Tom van Veenhuijzen Fotografie Gemeente Amsterdam Meer informatie Verkeer en Openbare Ruimte Postbus 95089 1090 HB Amsterdam

Foto Sven Cairo

T 14020 www.amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10719685/1