02 Bijlage: Keurmerkenplantmateriaal.pdf
Tekst van het document
Wat zeggen keurmerken en certificatie van planten en bollen over het gebruik van pesticiden? 1 •
•
Samenvatting SKAL: Bij SKAL gecertificeerde planten zijn tijdens en na de teelt geen chemische bestrijdingsmiddelen toegepast. Alleen biologische bestrijdingsmiddelen mogen worden toegepast en de teler moet aan de richtlijnen voor biologisch teelt voldoen. MPS-GreenerGrown***: Bij planten met het keurmerk MPS-GreenerGrown (met 3 sterren) mogen alleen biologische bestrijdingsmiddelen worden toegepast, verder hoeft de teler de richtlijnen van biologische teelt niet te volgen.
Wat betreft overige genoemde keurmerken, hier zijn alle wettelijk toegestane bestrijdingsmiddelen geoorloofd: • On the way to PlanetProof: Plantmateriaal met het keurmerk “On the way to PlanetProof”, geeft geen enkele garantie dat de planten of bollen voor insecten, bijen en de biodiversiteit veilig zijn. • MPS: MPS-ABC label planten zijn in het algemeen wél behandeld met pesticiden; als plantmateriaal uit een niet-EU land stamt, zelfs met in de EU verboden pesticiden. Het is dus geen enkele garantie dat de planten of bollen voor insecten, bijen en de biodiversiteit veilig zijn. • Select Plant: Plantmateriaal met het keurmerk Select Plant, geeft geen enkele garantie dat de planten of bollen voor insecten, bijen en de biodiversiteit veilig zijn. • NL Greenlabel: Plantmateriaal met het keurmerk NL Greenlabel, geeft geen enkele garantie dat de planten of bollen voor insecten, bijen en de biodiversiteit veilig zijn; tenzij het plantmateriaal biologisch gecertificeerd is. Het aantal residuen en de maximaal toegestane gehalten op planten, bomen, struiken of bollen zijn in de sierteelt wettelijk niet geregeld en de koper kan ervan uitgaan dat het gangbare materiaal met resten van bestrijdingsmiddelen is besmet.
2
Biologisch – SKAL gecertificeerd
Een biologische teler mag tijdens en na de teelt van planten, bollen en bomen geen synthetische pesticiden als gewasbeschermingsmiddel en geen kunstmest toepassen. In de Uitvoeringsverordening 2021/1165 is in bijlage 1 een lijst met stoffen die een teler voor de biologisch teelt mag toepassen; het betreft middelen die een natuurlijke oorsprong hebben, waarvan het niet de bedoeling is dat ze preventief worden toegepast. In deze lijst zijn 3 insecticiden, spinosad, azadirachtin en pyrethrinen, die ondanks hun natuurlijke oorsprong, behalve voor plaaginsecten ook voor andere insecten giftig zijn. Deze middelen mogen echter alleen in “nood gevallen” worden toegepast. Vergeleken met de honderden pesticiden die
1
preventief en ook nog na de oogst in de gangbare land- en tuinbouw worden toegepast, vallen deze 3 insecticiden in het niet. SKAL controleert steekproefsgewijs het eindproduct op resten van bestrijdingsmiddelen en doet bij eventueel aangetroffen resten van bestrijdingsmiddelen bij een gehalte van meer dan 0,01mg/kg nader onderzoek naar de bron van het middel.
3
On the way to PlanetProof
Volgens de website van On the way to PlanetProof 1, streeft dit keurmerk naar een landbouw in balans met de draagkracht van onze planeet, met zoveel mogelijk gesloten kringloop van grondstoffen en gewaardeerd door de maatschappij en in de markt. Het keurmerk is gebaseerd op een bonus/malussysteem en geldt per teelt en gewas. Dus niet voor het hele bedrijf. Over het gebruik van gewasbescherming, geeft on the way to PlanetProof aan dat ze de ambitie heeft nagenoeg zonder emissie en zonder schade aan de leefomgeving gewassen te tegen plagen te beschermen. Helaas mogen bij dit keurmerk nog veel giftige middelen worden toegepast. Het certificeringsschema on the Way to PlanetProof hanteert verschillende lijsten. Er is een lijst met verboden werkzame stoffen, maar die zijn met uitzondering van twee stoffen, sowieso in de EU verboden. Ook is er een lijst met groene middelen, waarvoor de teler bij gebruik een bonuspunt krijgt. En een lijst met wettelijk toegestane maar problematische middelen, waarvoor de teler bij gebruik een malus punt krijgt. Deze maluspunt kan worden gecompenseerd met eenvoudige biodiversiteitsmaatregelen zoals het ophangen van nestkastjes of de aanleg van een bloemenstrook. In feite mag een on the Way to PlanetProof gecertificeerde teler 99% van alle wettelijk toegelaten middelen toepassen.
Het certificeringsschema bevat een overzicht van gewassen met de maximaal toegestane hoeveelheid werkzame stof per gewas of gewasgroep zowel voor de open als bedekte teelt, alsmede ook voor de bemesting. Deze hoeveelheden hebben dezelfde normen als in de reguliere land- en tuinbouw. Conclusie: zolang de teler zich aan de wetgeving houdt, geeft het certificeringschema on the Way to PlanetProof veel ruimte om bestrijdingsmiddelen preventief en ook na de oogst te gebruiken. Het keurmerk controleert geen resten van bestrijdingsmiddelen op het eindproduct.
4
MPS-ABC
4.1
Het kwalificatie schema
MPS (Milieu Project Sierteelt) is een landelijk stichting van alle Nederlandse bloemenveilingen en LTO/NTS 2 glastuinbouw. MPS is inmiddels actief in 50 landen, met name in de sierteelt-, bloembollenen boomkwekerijsector en groente- en fruitsector. De MPS-ABC systematiek is gebaseerd op een puntenschema voor de elementen gewasbescherming, energie, meststoffen, afval, water en milieu. De deelnemers moeten hun bestrijdingsmiddelen- en meststoffengebruik registeren en worden d.m.v. monsternames, bedrijfsaudits en periodiek gecontroleerd. 3 Aan het gebruik worden kwalificatie-punten gekoppeld: hoe minder het verbruik, hoe meer kwalificatiepunten. Er zijn 5 verschillende puntenschema´s. Waar welk puntenschema geldt, is afhankelijk van het land. Een teler kan in totaal maximaal 110 punten behalen. Voor het element gewasbescherming in bedekte (kassen) teelt en onbedekte teelt kan maximaal respectievelijk 40 of 50 punten behaald worden. De MPS-ABC systematiek hanteert de doelstelling dat 70% van een groep kwekers binnen een product(groep) een MPS-A of MPS-A+ kwalificatie behaalt. De overige 30% zal een B- of Ckwalificatie behalen. Mocht dit percentage van 70% (duidelijk) worden overschreden, dan wordt
https://www.planetproof.eu/over-het-keurmerk/ambitie/ LTO: Land- en Tuinbouw Organisatie; NTS: Nieuwe TeeltSystemen 3 https://www.allesduurzaam.nl/keurmerken/keurmerken_item/t/milieu_project_sierteelt 1 2
2
vanuit MPS de normeringen aangescherpt, zodat er weer rond de 70% MPS-A of MPS-A+ kwalificaties zijn. In de onderstaande tabel is het aantal punten en de bijbehorende kwalificatie die een MPS-teler voor een product mag toekennen, inzichtelijk gemaakt. MPS-kwalificatie
Aantal van de maximaal 110 te behalen punten
MPS A+
90 of meer punten
MPS A
70 – 110 punten
MPS B
55 – 69,9 punten
MPS C
10 – 54,9 punten
Deelnemer
< 10 punten
4.2
MPS-MIND pesticiden
MPS hanteert een lijst met 766 verschillende werkzame stoffen (pesticiden), die met de kleur groen, oranje of rood gecodeerd zijn. Dit zijn de zogenaamde MPS-MIND kleuren. 4 De MPS Pesticide kleuren Indicator geeft volgens MPS een indicatie van het potentiële milieurisico van het middel, waarbij groen als het meest veilig scoort. Helaas bevat de lijst MPS-MIND “groen” behalve een aantal schadelijke insecticiden en PFAS-pesticiden, ook 17 middelen die door de Europese Commissie als Kandidaat voor Vervanging (KvV) zijn geclassificeerd. Een KvV heeft minstens twee van de drie volgende negatieve eigenschappen: persistent, toxische en bio-accumulerend. Verder is er een lijst met 109 verboden stoffen, die onder bepaalde conventies vallen (POP, PIC, PAN, EPA 5) en in de EU en vele andere landen sowieso verboden zijn. Voorbeelden zijn DDT, dieldrin of parathion. Of een MPS-teler een bepaald pesticide mag toepassen, is afhankelijk van de nationale wet- en regelgeving ten aanzien van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. In veel landen buiten de EU is de pesticiden wetgeving zwak en mogen giftige middelen toegepast worden, die in de EU al jaren verboden zijn. Dit heeft tot gevolg, dat de MPS-MIND lijst vele werkzame stoffen bevat met ernstige negatieve eigenschappen voor mens en/of natuur.
Ter vergelijking: in de EU hebben 476 werkzame stoffen een toelating als gewasbeschermingsmiddel en in de MPS-MIND lijst staan 766 werkzame stoffen; dus 290 stoffen die in de EU verboden zijn. Gevolg is dat plantmateriaal geïmporteerd uit een niet-EU land met in de EU verboden middelen besmet kan zijn.
4.3
MPS- GreenerGrown
Januari 2024 heeft MPS een MPS-GreenerGrown kwalificatie met een drie sterrensysteem gelanceerd.6 MPS-GreenerGrown met 3 sterren geeft aan dat er alleen biologische bestrijdingsmiddelen zijn gebruikt, 2 sterren geeft aan dat er alleen biologische bestrijdingsmiddelen en witte middelen (o.a. schoonmaakmiddelen, plantversterkers) zijn gebruikt, 1 ster geeft aan dat er ook synthetische bestrijdingsmiddelen uit de lijst MPS-MIND groen zijn toegepast, dus inclusief voor mens en natuur schadelijk middelen.
5
Select Plant
Naktuinbouw Select Plant onderzoekt rassen, keurt en inspecteert zaad- en plantmateriaal en toetst op ziekten en plagen. Hierdoor kunnen de tuinbouwondernemers hun plantmateriaal voor bloemen, groenten en bomen over de hele wereld verhandelen. 7 Bij de beoordeling van gecertificeerd materiaal wordt vooral gelet op ras-echtheid, raszuiverheid, herkomst, gezondheid (vrij van virussen,
PAN-NL heeft toegang tot de lijst gekregen onder de voorwaarde dat de lijst alleen intern gebruikt wordt. POP The Stockholm Convention on Persistant Organic Pollutants; PIC The Rotterdam Convention on Prior Informed Consent; PAN Dirty Dozen; EPA Banned or severely restricted pesticides. 6 https://my-mps.com/nieuws/mps-introduceert-mps-greenergrown/ 7 https://www.naktuinbouw.nl/over-ons/de-organisatie 4 5
3
schimmels, bacteriën of aaltjes) en kwaliteit. Select Plant beoordeelt dus niet de mate van duurzaamheid van de teelt, zoals het gebruik van bestrijdingsmiddelen of meststoffen. Gezien de strenge fytosanitaire eisen voor de internationale handel van plantmateriaal is het zeer aannemelijk dat gecertificeerd materiaal van Select Plant met synthetische bestrijdingsmiddelen is behandeld.
6
NL Greenlabel
NL Greenlabel is een platform voor duurzame buitenruimtes. Het duurzaamheidspaspoort van NL Greenlabel geeft aan hoe haar partners (leveranciers van tuinplanten en tuinmaterialen) scoren op bedrijfsvoering en hoe hun producten scoren op duurzaamheid. Label A kent de hoogste duurzaamheidsscore, label G de laagste. Het duurzaamheidspaspoort bekijkt de milieu-impact van een plant of materiaal tijdens de productie, het gebruik en de eindverwerking. Bedrijven leveren zelf gegevens aan over o.a. transportafstanden, gebruikte grondstoffen, verpakkingsmateriaal, eindverwerking en duurzame bedrijfsvoering. Het duurzaamheidspaspoort kent geen eisen maar geeft aan hoe een product scoort op verschillende onderdelen. Het beeldmerk wordt daarom niet gezien als keurmerk. 8 Plantmateriaal met het NL Greenlabel is zeker geen waarborg dat planten, bollen en bomen zonder toepassing van bestrijdingsmiddelen zijn geteeld en residu vrij zijn. In de homepage van NL Greenlabel komt de term gewasbescherming of bestrijdingsmiddelen niet voor. Wel is er een pagina (Excel) met bedrijfsnamen die producten met het “NL Greenlabel” aanbieden; o.a. grondstoffen en materialen, inrichting buitenruimte, zaden en beplanting. 9 Voor een deel is het plantmateriaal biologisch geteeld.
Het bloembollenmengsel voor verwildering met het NL Greenlabel worden geleverd door JUB Holland en zijn geteeld door een teler die MPS-A en on the Way to PlanetProof is gecertificeerd. 10 JUB biedt daarnaast ook biologisch bloembollen aan, die van biologische bollentelers betrokken worden. 11
PAN-NL, februari 2024
https://keurmerkenwijzer.nl/keurmerken/nl-greenlabel/ https://docs.google.com/spreadsheets/d/1kGkOOF0eF5VFk-fUJWvL0o_bVt_UOO8Q/edit#gid=1190801836 10 https://producten.nlgreenlabel.nl/producten/bloembollenmengsels-jub-holland/ 11 https://www.jubholland.nl/nl/landscape/producten/biologische-bloembollen 8 9
4