CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

02 Bestuurlijk rapport Toegankelijkheid van stemlokalen

RAAD 13 november 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Overnemen van de aanbevelingen van het rapport van de rekenkamer Toegankelijkheid van stemlokalen (VN2024-014853)31.332 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

14 alinea's met “opening”: 549 568 570 601 628 647 649 811 1123 1124 1187 1272 1408 1411

In hoeverre zijn alle stemlokalen in Amsterdam toegankelijk voor mensen met een lichamelijke beperking?

2.

Is de informatievoorziening over toegankelijkheid van stemlokalen die de gemeente Amsterdam verspreidt op de website2 en in de Verkiezingskrant consistent, volledig en juist?

3.

In hoeverre is de gemeenteraad voorafgaand aan de verkiezingen volledig en juist geïnformeerd over de mate van toegankelijkheid van stemlokalen?

Voor de navolgbaarheid van onze onderzoeksbevindingen geven we allereerst een korte inleiding op het onderzoek en onze aanpak (hoofdstuk 8). Vervolgens beantwoorden we de deelvragen, waarbij deelvraag 1 de meeste ruimte inneemt. Hierbij nemen we de ‘reis’ die de kiezer aflegt in het uitbrengen van diens stem als leidraad. We beginnen bij de keuze van een stemlocatie en de afstand die kiezers daarnaartoe moeten afleggen (hoofdstuk 9). Vervolgens geven we inzicht in verschillende dimensies van toegankelijkheid: bereikbaarheid (hoofstuk 10), betreedbaarheid (hoofdstuk 11) en bruikbaarheid (hoofdstuk 12) van de stemlokalen. In hoofdstuk 13 schetsen we de hulp die op verkiezingsdag door stembureauleden werd geboden en aanpassingen die zij deden aan hun stembureau. Op een globaler niveau geven we in hoofdstuk 14 een overkoepelend beeld van de toegankelijkheid van stemlokalen, en in hoofdstuk 15 onderzoeken we hoe deze toegankelijkheid is veranderd in 2024 ten opzichte van 2019. Ten slotte geven we in hoofdstuk 16 antwoord op deelvraag 2 door de informatievoorziening aan kiezers te beoordelen en beantwoorden we in hoofdstuk 17 deelvraag 3 over de informatievoorziening aan de raad.

8.2

Toelichting data en methoden

In de volgende paragrafen geven we kort weer hoe we onze verschillende manieren van dataverzameling hebben vormgegeven en uitgevoerd. We lichten onze data en methoden verder toe in de loop van de volgende hoofdstukken.

8.2.1

Observaties

Onze voornaamste bron zijn observaties van stemlocaties. Deze observaties hebben wij (achttien medewerkers van de rekenkamer Amsterdam) uitgevoerd op de verkiezingsdag, donderdag 6 juni 2024. We gebruikten een checklist om de toegankelijkheid in beeld te brengen. Tijdens onze observaties werden we ondersteund door een medewerker van Cliëntenbelang Amsterdam die optrad als vraagbaak.

24

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Steekproef Omdat wij niet alle aangekondigde 420 stembureaus (of 350 stemlocatiesvii) in de gemeente Amsterdam konden observeren, trokken we een steekproef. Deze steekproef is gebaseerd op twee voorwaarden. Ten eerste zijn er 36 stembureaus die we voor ons onderzoek in 2019 hebben geobserveerd en die in 2024 weer werden gebruikt als stembureau. Dit zijn allemaal stembureaus in de stad Amsterdam.viii Deze 36 bureaus hebben wij ook in 2024 bezocht om een vergelijking tussen de twee jaren te kunnen maken. Van deze 36 stembureaus hebben 22 de toegankelijkheidsclassificatie A gekregen in 2024. Dit betekent dat zij volgens de gemeente voor eenieder toegankelijk zijn, dus ook voor mensen met een fysieke beperking. De overige 14 kregen van de gemeente de classificatie B (toegankelijk met hulp) of C (niet toegankelijk voor mensen met een beperking). Deze classificatie wordt verder toegelicht in hoofdstuk 9. Ten tweede vulden we de steekproef aan met een gestratificeerde steekproef van 107 stembureaus, waarbij de stadsdelen en het stadsgebied Weesp werden gebruikt als strata.ix Dat wil zeggen: binnen elk stadsdeel(/-gebied) is een gerandomiseerde steekproef getrokken. Zo konden we garanderen dat de verdeling van de stembureaus over de gemeente in onze steekproef ongeveer hetzelfde was als de verdeling van alle stembureaus over de gemeente.

Voor het tweede deel van de steekproef hebben we alleen stembureaus met de classificatie A geselecteerd. In totaal hebben we dus 143 stembureaus geselecteerd en bezocht, waarvan 129 stembureaus met een A-classificatie. Geen van de stembureaus in onze steekproef deelt een stemlocatie met een ander stembureau in de steekproef (i.e. elk bezocht stembureau ligt op een andere stemlocatie). In de meeste analyses – die van hoofdstukken 10 tot en met 14 – baseren we ons alleen op de stembureaus met classificatie A. Het gaat hier dus om de 22 A-stembureaus uit de steekproef van 2019 + de 107 aanvullende A-stembureaus = 129 stembureaus. Bij de vergelijking van 2019 en 2024 (hoofdstuk 15) gebruiken we voornamelijk de 36 stembureaus die hetzelfde waren in beide jaren. Dit betekent, voor alle duidelijkheid, dat er deels overlap is tussen de twee analyses: de 22 A-stembureaus die we ook onderzochten in 2019 komen in beide terug. In bijlage 1 tabel B1.1 staat de verdeling van stadsdelen onder alle stembureaus en in onze steekproef. In dit geval kijken we specifiek naar de A-stembureaus die de hoofdmoot van onze analyse vormen. De verdelingen zijn vrijwel hetzelfde, in lijn met het doel van onze steekproef.x In Weesp bezochten we wat meer stembureaus, waardoor we in absolute zin in elk stadsdeel/gebied minimaal elf stembureaus hebben geobserveerd.

Het gevolg hiervan is dat Weesp iets oververtegenwoordigd is in de steekproef. Meting van toegankelijkheid Omdat de Kieswet ten aanzien van 100% toegankelijkheid betrekking heeft op mensen met een

Er zijn meer stembureaus dan stemlocaties, omdat sommige stemlocaties meerdere stembureaus huisvestten (zie begrippenlijst). Onze steekproef is getrokken onder stembureaus. viii Omdat Weesp in 2019 nog geen deel uitmaakte van de gemeente Amsterdam, hebben wij Weesp destijds niet in het onderzoek meegenomen. ix Een stratum is een homogene deelpopulatie of subgroep op basis van bepaalde kenmerken, in dit geval het stadsdeel(/-gebied) waar een stembureau zich bevindt. x In de analyses gebruikten we aanvankelijk poststratificatie-gewichten om de verdelingen helemaal hetzelfde te maken. Omdat deze gewichten echter geen betekenisvolle invloed hadden op onze bevindingen, laten wij deze weg in het belang van eenvoud. Hetzelfde geldt voor de analyse van de enquête onder (plaatsvervangend) voorzitters die in paragraaf 8.2.2 wordt toegelicht. vii

25

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

lichamelijke beperking, zullen wij het onderzoek beperken tot deze groep (inclusief visuele beperking). Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (hierna: BZK) heeft het bureau PBTconsult BV opdracht gegeven om integrale criteria op te stellen voor de toegankelijkheid van stemlokalen.3 Het document bevat een groot aantal voorschriften die in detail uitwerken hoe stemlokalen volledig toegankelijk kunnen worden gemaakt voor mensen met een lichamelijke beperking. Ook wordt beschreven hoe aan de hand van deze voorschriften de toegankelijkheid beoordeeld kan worden en wordt een checklist gepresenteerd (hierna: de PBT-checklist). De toegankelijkheid voor de stemmer wordt beoordeeld vanuit drie dimensies: de bereikbaarheid en de betreedbaarheid van de stemlocatie en de bruikbaarheid van de stemruimte. De checklist is gericht op volledige toegankelijkheid en houdt daarom geen rekening met de diversiteit en gradaties in lichamelijke beperkingen. In het verlengde daarvan doen wij dat ook niet. Deze drie dimensies en de onderliggende toetspunten hebben wij overgenomen in onze checklist.xi Elke dimensie meten we aan de hand van zes verschillende indicatoren, die per hoofdstuk zullen worden toegelicht. Deze indicatoren zijn opgebouwd vanuit de toetspunten die deel uitmaken van de PBT-checklist. We meten toegankelijkheid op twee manieren.

Bij de eerste manier gaan we ervan uit dat toegankelijkheid gradaties kan hebben. Dat wil zeggen, hoe meer obstakels er zijn om te stemmen, hoe ontoegankelijker het hele proces is. Hier kunnen we een beeld van krijgen door het aantal indicatoren te meten waar locaties aan voldoen. Dit kunnen we doen voor bereikbaarheid (van 0 tot en met alle 6), betreedbaarheid (0 tot en met 6), bruikbaarheid (0 tot en met 6) of voor toegankelijkheid als geheel (door alle drie dimensies bij elkaar op te tellen, dus van tot en met 18). De tweede meting is dichotoom. Dat wil zeggen dat toegankelijkheid slechts twee uitkomsten kan hebben, namelijk ‘wel toegankelijk’ of ‘niet toegankelijk’. Hierbij is het idee dat één obstakel al voldoende is om een locatie ontoegankelijk te maken voor mensen met een beperking. Bij deze meting beperken we ons tot een selectie van alle indicatoren, acht in totaal, die in de PBTchecklist als cruciaal worden beschouwd. Alleen als een stemlocatie aan alle acht cruciale criteria voldoet, bestempelen we het als toegankelijk. Als er minstens één cruciaal criterium niet voldoet, is de stemlocatie ontoegankelijk. De details van de indicatoren worden in de volgende hoofdstukken gepresenteerd. We benadrukken hier de meer basale logica: toegankelijkheid kan worden gemeten op een graduele (meer of minder) of dichotome (wel of niet) manier.

Beide illustreren belangrijke aspecten van het concept toegankelijkheid en daarom passen we beide toe in onze analyse. De gedetailleerde uitkomsten van de observaties zijn te vinden in bijlage 1.

8.2.2

Enquête

Als aanvullende bron hebben wij een online enquête gehouden onder de voorzitters en plaatsvervangend (plv.) voorzitters van de stembureaus. Daarin hebben we hen gevraagd naar hun ervaringen met de toegankelijkheid van hun stembureau. De enquête, inclusief begeleidende mail, is door de gemeente Amsterdam verstuurd. Dat gebeurde op maandag 10 juni 2024, enkele dagen na de verkiezingen. In totaal ontvingen 836 (plv.) voorzitters een uitnodiging om de enquête in te vullen. 322 van hen (39%) hebben de gehele enquête ingevuld.

In 2019 gebruikten we ook de op dat moment meest recente PBT-checklist. Dit was een andere dan de checklist die we in 2024 gebruikten, omdat de PBT-checklist in 2020 is herzien. xi

26

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Onze oorspronkelijke bedoeling was dat alleen voorzitters uitgenodigd zouden worden voor de enquête. Na het versturen van de uitnodigingen bleek dat ook plv. voorzitters deze hadden ontvangen. Omdat de enquête geen vragen had over de naam of het nummer van het stembureau – in het kader van anonimiteit – weten we niet of de vragenlijst per stembureau nul, één of twee keer is ingevuld. We kunnen niet uitsluiten dat onze steekproef vertekend is door selectieve non-respons (of dubbel-respons). Tegelijkertijd lijkt dit ons onwaarschijnlijk, ook weer gebaseerd op de stadsdelen waar de (plv.) voorzitters actief waren.xii Bijlage 2, tabel B2.1 laat zien dat de respondenten proportioneel verdeeld zijn over de stad. Op basis hiervan concluderen we dat er geen aanwijzing is voor selectieve non-respons. De bevindingen van de enquête worden gepresenteerd in de loop van hoofdstukken 10 tot en met 12. Hoofdstuk 13 is volledig gebaseerd op de enquête. Bijlage 2 bevat de uitkomsten van de enquête samengevat in tabellen.

8.2.3

Overige bronnen

Naast de observaties en de enquête gebruiken we een aantal aanvullende bronnen. Eén hiervan is openbare geografische informatie over het aantal kiezers per postcode en de coördinaten van alle postcodes in de gemeente Amsterdam. Daarmee hebben we de afstanden berekend die kiezers moeten afleggen van hun woning tot de dichtstbijzijnde stemlocatie. Deze afstand zien wij ook als een vorm van toegankelijkheid, die voor kiezers aan het begin van hun ‘kiesreis’ komt. xiii Om deze reden bespreken we de afstand in hoofdstuk 9, waar ook meer details over de analyse worden gepresenteerd. Daarnaast hielden we twee interviews: één met de ambtelijke organisatie betrokken bij de organisatie van de verkiezingen en één met Cliëntenbelang Amsterdam. Voor het beoordelen van de informatievoorziening aan kiezers en de gemeenteraad bestudeerden we de website van de gemeente, de verkiezingskrant en raadsinformatiebrieven.

9

Keuze voor en afstand tot stemlocaties De gemeente wil dat voor iedere kiezer op loopafstand een stembureau beschikbaar is.4 Dit geldt dus ook voor kiezers met een lichamelijke beperking. In dit hoofdstuk bekijken we in paragraaf 9.1 hoe de gemeente ervoor probeert te zorgen dat (toegankelijke) stemlocaties beschikbaar zijn. Vervolgens gaan we in paragraaf 9.2 na in hoeverre stemlocaties al dan niet op loopafstand liggen.

9.1

Werkwijze gemeente rondom keuze voor en inrichting van stemlocaties

De gemeente Amsterdam vindt dat iedere Amsterdammer diens democratisch recht moet kunnen uitoefenen en daarom moet iedere kiezer, met of zonder beperking, in staat worden gesteld om zelfstandig diens stem uit te brengen. De gemeente probeert daarom alle stemlocaties toegankelijk te maken voor alle kiezers.5 De afgelopen jaren ziet Cliëntenbelang

Dit is de enige vraag in de enquête die we kunnen koppelen aan alle stembureaus. De afstand tot het stembureau kan worden gezien als een onderdeel van bereikbaarheid. In navolging van het ministerie van BZK passen wij bereikbaarheid echter alleen toe op de directe omgeving van het stembureau. Zodanig behandelen we de afstand als een andere vorm van toegankelijkheid. xii

xiii

27

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Amsterdam (hierna: CBA) meer aandacht bij de gemeente Amsterdam voor toegankelijkheid van de verkiezingen (en toegankelijkheid in zijn algemeenheid). De ratificatie van het VN-verdrag Handicap heeft daarbij geholpen en ook de inspanningen van de coördinator Toegankelijkheid van de gemeente.6 Toegankelijke stemlocaties vinden is lastig De gemeente streeft naar het voldoen aan de Kieswet. Tegelijkertijd geeft de gemeente aan dat het in een stad als Amsterdam, waar veel stemlocaties zijn, niet mogelijk is 100% van de stembureaus toegankelijk te laten zijn of te maken. De gemeente noemt een aantal redenen waardoor het lastig is om toegankelijke locaties te vinden:7

▪

Oude gebouwen (monumentaal of niet) zijn vaak niet voldoende toegankelijk. Daarvan zijn er veel in (bepaalde gebieden van) de stad.

▪

Stedenbouwkundig is Amsterdam ingericht met hoogteverschillen in, bij en rondom de gebouwen. Dit maakt locaties minder toegankelijk.

▪

Nieuwbouw wordt gebouwd als ‘oud-Amsterdam’, bijvoorbeeld met een aantal treden tot aan de toegangsdeur. Dat maakt locaties minder toegankelijk.

▪

Er is een duidelijk verschil tussen de verkiezingen vóór en na de coronapandemie. Vóór de pandemie waren veel buurthuizen, verpleeghuizen en scholen ook stemlocaties. Tijdens de pandemie kon dit niet. De ambtelijke organisatie merkt dat de stembureaus ook nu – na de coronapandemie – niet meer overal welkom zijn op deze locaties. Hierdoor is er een kleinere poule van stemlocaties die vanuit hun eigenlijke functie vaak goed toegankelijk zijn.

▪

Voor de gemeentelijke afdeling met gebouwen in eigen beheer wordt het steeds lastiger deze ter beschikking te stellen. De afdeling geeft aan dat deze plekken – die vaak wel toegankelijk zijn – al voor zoveel andere zaken worden gebruikt in plaats van waarvoor ze bedoeld zijn.

Daarnaast geeft de ambtelijke organisatie aan dat het voor de gemeente überhaupt lastig is om stemlocaties te vinden. Dat komt doordat er in de stad als geheel steeds minder gebouwen zijn met een maatschappelijke functie. De ambtelijke organisatie benoemt dat ze dit ook ziet in nieuwe gebieden; daar blijft de bouw van maatschappelijke voorzieningen zoals buurthuizen veelal achter. Tot slot ervaart de ambtelijke organisatie dat het in bepaalde buurten lastig is om geschikte locaties te vinden die ervoor zorgen dat bewoners binnen vijfhonderd meter naar een stembureau kunnen. Dat speelt veelal aan de randen van de stad: de letterlijke stadsgrenzen waar weinig bebouwing is en de gebieden langs het water met havens en schiereilandjes. 8 Dilemma’s in selectie van stemlocaties Het doel van de gemeente is dat alle mensen die willen stemmen, ook in hun buurt kunnen stemmen. Bij de selectie van stemlocaties spelen een aantal criteria mee: spreiding door de stad en voor iedereen een maximale afstand van vijfhonderd meter tot de stemlocatie, (verwachte) drukte, toegankelijkheid voor mensen met een lichamelijke beperking en bestuurlijke en maatschappelijke verzoeken. Soms is het nodig om deze criteria tegen elkaar af te zetten en een keuze te maken in welk criterium het zwaarst weegt. De ambtelijke organisatie ervaart daarbij soms een dilemma.

Wanneer er bijvoorbeeld in een gebied geen geheel toegankelijke locatie te vinden is, dan neemt de ambtelijke organisatie genoegen met een niet of minder toegankelijke locatie. Dan is er in elk geval een stemlocatie. Specifiek rondom het bestuurlijke verzoek om een stembureau voor dak- en thuislozen in te richten, ontstond een dilemma doordat geen van de opvanglocaties geheel toegankelijk was. De gemeente heeft toen gekozen voor een locatie die voor deze doelgroep bekend is, maar die niet toegankelijk is voor mensen met een lichamelijke beperking.9 Met de gemaakte keuzes houdt de gemeente zich strikt genomen niet aan de Kieswet, maar deze keuzes zorgen er wel voor dat er

28

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

meer stembureaus beschikbaar zijn. Het standpunt van de gemeente is hierbij dat het hebben van meer stembureaus positief kan uitwerken bij de opkomst. Ook de kosten voor het repareren, toegankelijk maken of aanpassen van een locatie spelen een rol bij de keuze voor al dan niet toegankelijke stembureau’s. Als deze kosten erg hoog zijn, xiv wordt de afweging gemaakt of het echt nodig is om niet-toegankelijke stemlocaties wel toegankelijk te maken, of dat er ook een andere locatie in de buurt is (die wel toegankelijk is).10 Voor de verkiezingen van november 2023 heeft de gemeente ongeveer € 23.000 betaald voor het laten plaatsen van onder andere drempeloverbruggingen. De verwachting van de gemeente voor deze verkiezingen is dat er voor circa € 19.000 aan tijdelijke voorzieningen zal worden geplaatst.11 Bepalen en verbeteren van toegankelijkheid van stemlocaties Zoals we in hoofdstuk 8 al noemden, gebruikt de gemeente een eigen classificatie om de toegankelijkheid van elke stemlocatie aan te geven. De categorieën van deze classificatie zijn A, B en C:

▪

A-locaties zijn voor een ieder toegankelijk.12 Dat betekent dat een Amsterdammer met een lichamelijke beperking zelfstandig en gelijkwaardig diens stem kan uitbrengen.

▪

B-locaties zijn voor een ieder toegankelijk, wellicht met enige hulp.13 Dat betekent dat een Amsterdammer met een lichamelijke beperking ergens op het traject van het kunnen bereiken, betreden en gebruiken van het stemlokaal mogelijk hulp nodig heeft, die kan worden geboden door een medewerker van het stembureau.

▪

C-locaties zijn niet voor een ieder toegankelijk.14 Dat betekent dat een kiezer met een lichamelijke beperking diens stem niet kan uitbrengen in C-locaties.

C-locaties voldoen sec gezien niet aan de eis van toegankelijkheid uit de Kieswet en de B-locaties niet aan het zelfstandig en gelijkwaardig kunnen stemmen.15 Bezien vanuit de Kieswet zijn de Blocaties een noodoplossing.16 De gemeente stelt dat ze gebruikmaakt van de PBT-checklist (genoemd in hoofdstuk 8). Met deze checklist worden stemlocaties voorafgaand aan de verkiezingen nagelopen door de medewerkers van Bureau Verkiezingen. Hoe een individuele locatie op basis van deze check wordt geclassificeerd als A-, B- of C-locatie, is niet bekend (i.e. hoe de criteria uit de checklist corresponderen met de gemeentelijke classificatie). Het is ook niet bekend wat voor een individuele B-locatie de hulp zou moeten inhouden. In zijn algemeenheid geeft de gemeente aan dat ze met ‘hulp’ bijvoorbeeld doelt op het openhouden van een (lift)deur of een klein zetje geven aan iemand die in een rolstoel zit. Als een medewerker voorafgaand aan de verkiezingen van mening is dat er een tijdelijke voorziening nodig is om de locatie op verkiezingsdag toegankelijk(er) te maken, gaat de firma die voor de gemeente de tijdelijke voorzieningen aanbrengt daar kijken en de aanpassingen inmeten en maken. De tijdelijke voorzieningen worden op de dag voor de verkiezingen aangebracht door de mensen die de stembureaus opbouwen.17 De PBT-checklist wordt niet op verkiezingsdag zelf gebruikt.

De gemeente merkt op dat de eisen voor toegankelijkheid bij verkiezingen hoger zijn dan reguliere toegankelijkheidseisen voor openbare gebouwen. Aandacht voor toegankelijkheid door stembureauleden Voorafgaand aan de verkiezingen wordt er in de training voor stembureauleden aandacht

Als voorbeeld noemt de gemeente hiervoor bedragen van bijvoorbeeld € 15.000. Bron: Gemeente Amsterdam, Reactie op nota van bevindingen Toegankelijkheid van stemlokalen, 29 augustus 2024. xiv

29

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

besteed aan toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Het team Verkiezingen heeft samen met CBA en mensen met een beperking een filmpje gemaakt bij de verkiezingen in 2023. Dit filmpje was in 2023 (en ook in 2024) onderdeel van het cursusmateriaal voor stembureauleden. In dit filmpje wordt kennis gedeeld over hoe stembureauleden kunnen omgaan met en eventueel hulp kunnen bieden aan mensen met een beperking. Daarnaast maken mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking in diverse stembureaus deel uit van het team van stembureauleden.18 Stemlocaties ongelijk verdeeld over de stad Voor de verkiezingen op 6 juni 2024 realiseerde de gemeente in totaal 350 stemlocaties (en binnen die locaties 419 stembureaus).xv Tabel 9.1 laat per stadsdeel(/-gebied) het aantal stemlocaties per 100.000 stemgerechtigde inwoners zien. Dit aantal is weergegeven voor alle typen locaties samen en specifiek voor de locaties die door de gemeente als toegankelijk zijn aangemerkt (A-locaties). Gemiddeld zijn er over de hele stad 58 stemlocaties per 100.000 stemgerechtigde inwoners beschikbaar, waarvan 47 A-locaties. De meeste (A-)locaties per 100.000 inwoners zijn beschikbaar in Centrum, Noord en Weesp. De minste (A-)locaties zijn beschikbaar in Nieuw-West en Zuidoost. We komen hieronder terug op deze verschillen.

Tabel 9.1 - Aantal stemlocaties per 100.000 stemgerechtigde inwoners per stadsdeel(-gebied) Stadsdeel(-

Alle locaties

A-locaties

Centrum

77

58

Noord

67

51

Weesp

63

63

Zuid

61

50

Oost

57

47

West

55

46

Nieuw-West

50

38

Zuidoost

48

36

Gemiddeld

58

47

gebied)

9.2

Kan de kiezer op maximaal vijfhonderd meter een stemlocatie vinden?

De gemeente maakt gebruik van een data-model om de stemlocaties zo goed mogelijk over de stad te verdelen.19 Het doel van de gemeente is om een goede stedelijke dekking van stemlocaties te hebben. Het geografisch datamodel is ontwikkeld met de afdeling Onderzoek & Statistiek van

De gemeente kondigde voor verkiezingsdag 420 stembureaus aan (zie ook paragraaf 8.2.1). Uiteindelijk zijn er op verkiezingsdag 419 stembureaus opengegaan, op 350 locaties. xv

30

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

de gemeente Amsterdam. In dit model zijn variabelen opgenomen als stembureaus (toeloop van de afgelopen tien verkiezingen, te verwachten aanloop, beoordeling van de locatie door stembureauleden), waar men woont, alternatieven in de buurt, etc.20 De gemeente streeft ernaar om voor alle stemgerechtigden binnen vijfhonderd meter een stemlocatie te hebben.21 Bureau Verkiezingen hanteert deze regel als vuistregel bij het bepalen van stembureaus.22 De burgemeester heeft de gemeenteraad geïnformeerd dat het niet overal is gelukt om voor alle kiezers binnen vijfhonderd meter een stemlocatie te hebben. De oorzaak is volgens haar dat het lastig is om in de uithoeken/randen van de stad locaties te vinden waar de gemeente een stembureau kan vestigen. Dit komt mede omdat hier ook niet altijd geschikte gebouwen aanwezig zijn die als stemlocatie kunnen dienen.23 Afstand tot de dichtstbijzijnde stemlocatie berekend Om meer inzicht te krijgen in de afstand die Amsterdammers moeten afleggen naar stemlocaties, hebben wij dit uitgerekend op basis van geografische informatie. De aanpak van deze berekening is toegelicht in het onderstaande kader. Toelichting bij berekening van afstanden De afstand tot de dichtstbijzijnde stemlocatie berekenden we op basis van de verspreiding van kiesgerechtigde inwoners over de gemeente, de locaties van stembureaus en het wegennetwerk.

De locaties van inwoners stelden we vast op het niveau van de volledige postcode. Dit is een erg gedetailleerd niveau: er zijn ruim 17.500 bewoonde postcodes in de gemeente. De coördinaten van alle postcodes komen van de gemeente Amsterdam.24 Voor het aantal kiezers per postcode gebruikten we gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek over het jaar 2022.25 De coördinaten van stemlocaties bepaalden wij met behulp van de MMQGIS-plugin in QGIS, met de volledige lijst van adressen als input. Het wegennetwerk dat we gebruikten is het loopfietsnetwerk, aan ons aangeleverd door Onderzoek & Statistiek.xvi Op basis van deze bronnen berekenden we de loopafstand van elke postcode naar de stemlocaties. Om tijd te besparen, deden we dit per gebied. Hierbij hielden we er wel rekening mee dat de dichtstbijzijnde stemlocatie voor een postcode in een bepaald gebied net buiten dit gebied kan liggen. Het eindresultaat is een dataset op het niveau van postcodes met de loopafstand naar de dichtstbijzijnde stemlocatie. We hebben ook een meting van de loopafstand naar de dichtstbijzijnde locatie met de classificatie A. Hieronder presenteren we de gemiddelden van de afstanden per stadsdeel of per buurt. Deze gemiddelden zijn gewogen naar het aantal kiezers per postcode.

13% woont op meer dan vijfhonderd meter afstand van een stemlocatie In tabel 9.2 staat het percentage kiezers dat meer dan vijfhonderd meter moet afleggen naar de dichtstbijzijnde stemlocatie, uitgesplitst per stadsdeel(-gebied). Onder alle inwoners van de gemeente Amsterdam gaat het om 13%. Met andere woorden, ongeveer een op de zeven kiezers moet (vanuit huis) verder reizen dan vijfhonderd meter om te kunnen stemmen.

Dit netwerk is gedetailleerder dan alternatieven, zoals het Nationaal Wegenbestand. Het loopfietsnetwerk is gebaseerd op Open Street Maps, de Basisregistratie Grootschalige Topografie, automatisch gegenereerde lijnen bij kruisingen en oversteken, en handmatig getekende lijnen om nog niet verbonden delen van het netwerk te verbinden. We hebben de versie van juli 2024 gebruikt. xvi

31

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

We zien verder in tabel 9.2 dat er grote verschillen zitten tussen stadsdelen. In Centrum en West komt een afstand boven vijfhonderd meter het minst vaak voor, hoewel dit ook hier nog speelt voor sommige bewoners. In andere delen van de gemeente ligt dit aandeel een stuk hoger, tot bijna een op de drie in Weesp en Zuidoost.xvii De gemeente geeft hiervoor als mogelijke verklaringen het meer landelijke karakter (van Weesp en Noord) en het feit dat Zuidoost en Weesp niet omsloten zijn door een ander stuk Amsterdam.

Tabel 9.2 - Percentage kiezers dat op meer dan vijfhonderd meter van een stemlocatie woont Stadsdeel(-gebied)

Percentage kiezers dat > 500 meter van locatie woont

Centrum

1

West

4

Zuid

11

Oost

12

Noord

13

Nieuw-West

18

Weesp

29

Zuidoost

30

Gemiddeld

13

Een visuele weergave van de afstanden presenteren we in figuur 9.1. Voor deze figuur is de gemiddelde afstand per buurt gebruikt (in plaats van per stadsdeel/-gebied) om iets meer detail te kunnen tonen. Buurten met minder dan dertig bewoners zijn hier niet weergegeven.

Wat betreft de mediane afstand die kiezers moeten afleggen, is de rangschikking van de stadsdelen vergelijkbaar: West (243 meter), Centrum (265 meter), Oost (266 meter), Zuid (290 meter), Noord (318 meter), Nieuw-West (329 meter), Weesp (372 meter) en Zuidoost (404 meter). De mediane afstand wil zeggen dat de helft van de bewoners minder ver moet reizen dan deze afstand, terwijl de andere helft van de bewoners verder moet reizen. xvii

32

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Figuur 9.1 - Gemiddelde loopafstand tot dichtstbijzijnde stemlocatie per buurt

De rode vlakken laten zien waar kiesgerechtigde inwoners gemiddeld meer dan vijfhonderd meter van een stemlocatie wonen. De figuur laat zien dat het hier niet alleen gaat om ‘de randen en uithoeken van de stad’26 maar op verschillende plekken ook om een brede zone langs deze randen. Bovendien zien we in alle stadsdelen, dus ook in Centrum, West en Zuid, postcodegebieden waar kiesgerechtigde inwoners op meer dan vijfhonderd meter van een stemlocatie wonen. De gemeente geeft aan dat het hier vooral gaat om buurten die liggen aan water of aan meer industrieel gebied.27 Een vijfde van de kiezers woont op meer dan vijfhonderd meter afstand van een A-locatie Ons onderzoek gaat specifiek over de toegankelijkheid van stemlocaties voor kiezers met een lichamelijke beperking. Daarom hebben we in tabel 9.3 ook weergegeven hoe vaak kiezers meer dan vijfhonderd meter moeten afleggen naar de dichtstbijzijnde A-locatie. Het betreft hier de stemlocaties die de gemeente als toegankelijk heeft aangemerkt. Voor de stad als geheel moet een vijfde van de kiezers meer dan vijfhonderd meter afleggen om bij de dichtstbijzijnde A-locatie te komen. Verder zien we hier grotendeels dezelfde verschillen tussen stadsdelen als bij de eerdere analyse van alle locaties.

In dit geval varieert het aandeel van de kiezers dat meer dan vijfhonderd meter moet afleggen van ongeveer een op de tien in Centrum en West, tot bijna een op de twee in Zuidoost. We merken ten slotte op dat we ons hier richten op de stemlocaties die door de gemeente als toegankelijk zijn geclassificeerd. In het vervolg van dit rapport wordt duidelijk dat lang niet al deze locaties ook echt toegankelijk zijn voor mensen met een lichamelijke beperking. De werkelijke afstanden tot een toegankelijke stemlocatie zullen daardoor hoger liggen dan genoemd in tabel 9.3.

33

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Tabel 9.3 - Percentage kiezers dat meer dan vijfhonderd meter van een Alocatie woont Stadsdeel(-gebied)

9.3

Percentage kiezers dat > 500 meter van A-locatie woont

Centrum

8

West

10

Zuid

14

Oost

19

Noord

25

Nieuw-West

27

Weesp

29

Zuidoost

48

Gemiddeld

21

Deelconclusie keuze voor en afstand tot stemlocaties

Het doel van de gemeente is om ervoor te zorgen dat alle mensen die willen stemmen, ook in hun buurt kunnen stemmen. De gemeente is er transparant over dat ze het niet mogelijk acht 100% van de stembureaus toegankelijk te laten zijn of te maken. Wel probeert de gemeente ‘in de buurt’ een toegankelijke stemlocatie te realiseren. Dat doet ze enerzijds door toegankelijke stemlocaties te zoeken. Dit is echter lastig, onder andere doordat na de coronapandemie minder locaties bereid zijn om als stemlocatie te fungeren. En anderzijds door te zorgen voor (tijdelijke) voorzieningen die stemlocaties toegankelijk(er) maken. Dit resulteerde in 2024 uiteindelijk in 350 stemlocaties, waarvan – volgens de eigen classificatie van de gemeente – een groot deel toegankelijk is, een deel toegankelijk is met hulp en een klein deel ontoegankelijk is. Hoe de gemeente precies bepaalt of een locatie toegankelijk is, is niet duidelijk. In de beslissing of een locatie toegankelijk gemaakt zal worden met behulp van tijdelijke voorzieningen neemt de gemeente onder meer de kosten en de eventuele aanwezigheid van een toegankelijke locatie in de buurt mee. We trekken twee conclusies uit onze analyse van de afstand die kiezers moeten afleggen tot stemlocaties. Ten eerste komt het regelmatig voor dat deze afstand groter is dan vijfhonderd meter (de gemeentelijke afstandsnorm).

Specifiek speelt dit voor 13% (alle stemlocaties) of 21% (A-locaties) van alle Amsterdammers en Weespers. Voor sommige bewoners zal dit geen obstakel zijn om te gaan stemmen. Voor anderen – waaronder mensen met een lichamelijke beperking – is een stemlocatie in de buurt juist belangrijk omdat zij de afstand moeilijker kunnen afleggen. Onze tweede deelconclusie ligt in het verlengde hiervan: er is ruimtelijke ongelijkheid in de nabijheid van stemlocaties. In het bijzonder merken we op dat er stadsdelen zijn – Nieuw-West en vooral Zuidoost – waar relatief weinig stemlocaties per stemgerechtigde zijn en waar de afstand tot de dichtstbijzijnde stemlocatie relatief hoog is. Daar komt bij dat juist in deze stadsdelen de

34

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

meeste mensen met een lichamelijke beperking wonen.xviii Met andere woorden, de afstanden tot een stemlocatie zijn gemiddeld het grootst in de stadsdelen waar deze het moeilijkst te overbruggen zijn.

10

Bereikbaarheid Bereikbaarheid betekent dat stemgerechtigden met een lichamelijke beperking zelfstandig en gelijkwaardig vanaf de openbare weg tot bij de buitendeur van de stemlocatie kunnen komen. Indien nodig zal de gemeente voorzieningen moeten treffen om de buitenruimte tot aan de buitendeur toegankelijk te maken. De structuur van dit hoofdstuk – en van de twee volgende hoofdstukken over betreedbaarheid en bruikbaarheid – is als volgt. Elke dimensie is gemeten aan de hand van zes verschillende criteria.xix Deze zijn weergegeven in een tabel (in dit geval: tabel 10.1). Voor elk criterium geven we weer welk percentage van de bezochte stembureaus hieraan voldeed. Omdat we met een steekproef werken, hebben we ook een 95%-betrouwbaarheidsinterval rondom dit percentage weergegeven. Dit betrouwbaarheidsinterval geeft weer in welke bandbreedte het percentage waarschijnlijk ligt onder alle stembureaus in Amsterdam en Weesp. Voor elke dimensie van toegankelijkheid maken we verder onderscheid tussen criteria die cruciaal zijn voor de toegankelijkheid en criteria die wenselijk zijn. Daarin volgen we de PBT-checklist.

Zo leidt een onjuiste aanduiding van de stemlocatie op de openbare weg niet automatisch tot een ontoegankelijke situatie, maar wel tot een minder toegankelijke situatie.28 Ten slotte bevat de tabel twee samenvattende statistieken over bereikbaarheid: het gemiddelde aantal criteria waaraan stembureaus voldoen (de graduele meting van toegankelijkheid, zoals omschreven in hoofdstuk 8) en het percentage van de stembureaus dat aan alle cruciale criteria voldoet (de dichotome meting). De cijfers uit de tabel worden in de daaropvolgende paragrafen in meer detail toegelicht. Ook hierbij is het belangrijk om te onthouden dat er onzekerheid rondom alle schattingen zit vanwege onze steekproef. Om de tekst overzichtelijk te houden, zullen we dit echter niet steeds herhalen. Dit geldt ook voor de enquête onder (plv.) voorzitters van stembureaus, waarvan wij de relevante resultaten richting het einde van het hoofdstuk bespreken.xx Ten slotte trekken we een gedeeltelijke conclusie over de betreffende dimensie van toegankelijkheid.

Uit de Amsterdamse Gezondheidsmonitor 2020 (p. 8): “In Zuidoost rapporteert een kwart van de inwoners minimaal één beperking [bij horen, zien of bewegen], in Noord 20% en Nieuw-West 19%.” Alle drie de stadsdelen liggen boven het stedelijk gemiddelde (15%). Zie GGD Amsterdam, Gezondheid en welbevinden in Amsterdam. Resultaten Amsterdamse Gezondheidsmonitor 2020, https://www.ggd.amsterdam.nl/onderzoek/gezondheidsmonitors/volwassenen-ouderen/, geraadpleegd op 11 juli 2024. xix Deze geobserveerde items maken alle deel uit van de PBT-checklist. xx De volledige uitkomsten van de observaties en de enquête zijn te vinden in respectievelijk bijlagen 1 en 2. xviii

35

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Tabel 10.1 - Geobserveerde criteria bij bereikbaarheid en percentage locaties dat voldoet Criterium

Score (met 95% betr. interval)

Cruciaal 1. De route naar de entreedeur is vlak, verhard of bij een hoogteverschil van

79%

meer dan 2 cm is een correcte overbrugging aangebracht. Dit betekent niet te steil, zit goed vast, weersbesteding en buigt niet door.

(72% – 86%)

2. De route naar de entreedeur is voldoende breed en hoog.

84% (78% – 91%)

Wenselijk 3. Er is een aanduiding aanwezig met stembureau of stemlokaal.

93% (89% - 97%)

4. De aanduiding is duidelijk zichtbaar en goed leesbaar.

9% (4% – 13%)

5. Er is een Gehandicapten Parkeerplaats Algemeen (GPA) aanwezig binnen 100 m van de entree die juist is uitgevoerd, mits deze er volgens de

67% (59% – 76%)

classificatie zou moeten zijn. 6. Kiezers kunnen veilig van de parkeerplaats op de stoep komen (er zijn geen hoogteverschillen of die zijn goed overbrugd).

72% (64% – 80%)

Totaal Gemiddeld aantal criteria van bereikbaarheid aan voldaan

4,0 (3,9 – 4,2)

Stemlocaties die voldoen aan alle cruciale criteria van bereikbaarheid

71% (63% - 79%)

In tabel 10.1 zien we dat een locatie gemiddeld voldeed aan ongeveer vier van de zes criteria over bereikbaarheid. Van de locaties die we bezochten, voldeed 71% aan de twee cruciale criteria van bereikbaarheid. In paragrafen 10.1 tot en met 10.3 lichten we toe hoe het is gesteld met de route naar de buitendeur (criteria 1 en 2), hoe duidelijk het stembureau is aangegeven (criteria 3 en 4) en hoe het staat met de parkeergelegenheid (criteria 5 en 6). In paragraaf 10.4 vullen we onze observaties aan met ervaringen van stembureauvoorzitters rondom bereikbaarheid.

10.1 Hoe is het gesteld met de route naar de buitendeur?

We zien in tabel 10.1 dat respectievelijk 79% en 84% van de bezochte stemlocaties voldeden aan de twee criteria rondom de route naar de ingang. Bij 71% van de locaties voldeed de route aan beide criteria. Dit laatste cijfer (71%) komt als volgt tot stand. Bij 56% van de locaties was de route naar de ingang goed begaanbaar. Dat betekent dat de route vlak, verhard, vrij van obstakels en breed genoeg was. Bij 44% (57 locaties) was dat niet het geval. Bij 37 van deze locaties (29% van het totaal) was er daadwerkelijk een probleem: een obstakel in hoogte of breedte dat niet was

36

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

opgelost. Daar is het voor kiezers met een lichamelijke beperking lastig om zelfstandig vanaf de openbare weg tot aan de buitendeur van de stemlocatie te komen. De problemen die we het vaakst constateerden, waren:

▪

een dusdanig smalle vernauwing dat het lastig tot onmogelijk was om daar met een rolstoel doorheen te rijden of iemand met een rolstoel veilig te passeren (16 locaties, 12% van het totaal);

▪ ▪ ▪

te steile overbruggingen van hoogteverschillen (15 locaties, 12%, van het totaal); geen afrijbeveiliging op overbruggingen hoger dan 5 cm (14 locaties, 11% van het totaal); geen vlakke uitrustplek op overbruggingen langer dan 150 cm (11 locaties, 9% van het totaal).

Onderstaande foto’s bevatten voorbeelden van te lange en steile overbruggingen.

Foto’s: te lange en te steile overbruggingen zonder vlakke uitrustplek.

10.2 Hoe duidelijk is het stembureau aangegeven?

Het is wenselijk dat de stemlocatie duidelijk en goed leesbaar op de openbare weg is aangegeven. Voor de aanduiding van stemlocaties heeft de gemeente Amsterdam een paar standaard vormen:

▪ ▪ ▪

bord op een metalen standaard, veelal op de openbare weg geplaatst; een standaard raam-aanduiding; print met tekst STEMBUREAU of STEMLOKAAL.

Foto’s: standaardvormen voor aanduidingen van stemlocaties.

37

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Bij 93% van de bezochte stemlocaties was er een aanduiding aangebracht (n = 120). In de meeste gevallen (n = 106) was deze duidelijk te onderscheiden van de omgeving en andere aangebrachte borden. In 109 gevallen was de aanduiding echter niet goed leesbaar. In de overige 11 gevallen was een andersoortige aanduiding aangebracht die wel voldeed aan het criterium ‘goed leesbaar’. In totaal voldoen alleen deze 11 locaties, ongeveer 9% van het totaal, aan alle richtlijnen voor de aanduiding (zie kader Richtlijnen lees en- en herkenbaarheid). Richtlijnen lees- en herkenbaarheid29 Om een aanduiding goed leesbaar te laten zijn, stellen de richtlijnen dat een letterhoogte van 25 cm nodig is (leesbaar van 5 m afstand). Bij de standaard aanduidingsvormen van de gemeente Amsterdam is de letterhoogte 3 cm (metalen standaard) en 9 cm (raamaanduiding); zie onderstaande foto’s. Dat is kleiner dan de richtlijn.

Foto’s: lettergrootte op standaard aanduidingsvormen.

10.3 Hoe is het gesteld met de parkeergelegenheid?

In ongeveer 67% van de gevallen was er een Gehandicapten Parkeerplaats Algemeen (hierna: GPA) die correct was uitgevoerd, mits die er volgens de aanduiding had moeten zijn. Onder deze 67% vallen aan de ene kant de 60 locaties die vanuit de gemeente niet de aanduiding A+P hadden gekregen. Daarnaast hebben we 69 locaties bezocht waar volgens de gemeente een (tijdelijke) GPA zou zijn.xxi Bij 35 van deze locaties hebben wij deze ook aangetroffen binnen 100 meter van de stemlocatie. Het is mogelijk dat er verder weg wel een GPA was, omdat de gemeente Amsterdam een eigen norm van 200 meter aanhoudt.xxii Van de gevonden GPA’s waren er 27 juist uitgevoerd (zie foto’s). De 60 A-locaties en 27 A+P-locaties met een correct uitgevoerde GPA zijn bij elkaar 67% van de steekproef.

De gemeente realiseerde bij de verkiezingen 53 extra tijdelijke gehandicaptenparkeerplaatsen. Daarnaast vonden we bij twaalf locaties – waar volgens de gemeente geen GPA zou zijn – wel een openbare gehandicaptenparkeerplaats. xxi

xxii

38

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Bij 72% van de bezochte locaties konden stemmers veilig van de parkeerplaats op de stoep komen, omdat er geen hoogteverschillen waren of omdat deze correct overbrugd waren.

Foto’s: juist uitgevoerde GPA’s.

10.4 Ervaringen van stembureauvoorzitters

In zijn algemeenheid waren de (plv.) voorzitters tevreden over de toegankelijkheid.xxiiixxiv De voorzitters die niet tevreden waren, schreven dat het vaakst toe aan de bereikbaarheid van hun stemlocatie.xxv Voorzitters van A-locaties gaven rondom de bereikbaarheid aan ontevreden te zijn over de afwezigheid van hellingbanen, drempeloverbruggingen en oprijplanken en te lange of te smalle toegangswegen. Naast tevredenheid vroegen we ook naar wat er daadwerkelijk aan de hand was op het gebied van bereikbaarheid. Van de 322 respondenten gaf 68% aan dat de bereikbaarheid van de stemlocatie goed was voor kiezers met een lichamelijke beperking.xxvi Van de voorzitters van Alocaties was dat 71%. Over de route naar de buitendeur gaven respondenten de volgende tekortkomingen aan:xxvii

▪

obstakels tussen de openbare weg en de buitendeur waren niet of moeilijk te overbruggen (6% van de respondenten);

▪

de route naar de stemlocatie was lang en er waren werkzaamheden waardoor de stemlocatie slecht bereikbaar was (6% van de respondenten);

▪

de aangebrachte tijdelijke voorzieningen waren niet geschikt (2% van de respondenten).

Van de voorzitters die onze enquête hebben ingevuld, gaf 91% aan in zijn algemeenheid tevreden te zijn over de toegankelijkheid (dus over bereikbaarheid, betreedbaarheid en bruikbaarheid samen). De resterende 9% was niet tevreden over de toegankelijkheid van de stemlocatie. Voor voorzitters van A-locaties was dat respectievelijk 93% en 7%. xxiv In het feitelijk wederhoor geeft de gemeente aan dat de ervaring van de stembureauvoorzitters aansluit bij de ervaring van de gemeente die deze verkiezingen zeer weinig klachten of signalen ontving over (on)toegankelijkheid van stemlocaties. Ook de gemeentelijke contacten met belangenverenigingen wijzen niet in de richting van klachten of signalen over ontoegankelijkheid. xxv De 27 voorzitters die toelichting gaven over hun ontevredenheid schreven deze ontevredenheid vooral toe aan de bereikbaarheid (elf keer) en betreedbaarheid (tien keer). xxvi Een deel van de respondenten was dus wel tevreden over de toegankelijkheid ondanks dat ze (ook) constateerden dat er iets aan de hand was. xxvii Zie bijlage 2 voor alle bevindingen van de enquête. xxiii

39

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Over de aanduidingen gaf 6% van de voorzitters aan dat deze vanaf de openbare weg niet goed zichtbaar of leesbaar was. Ook merkten een aantal voorzitters op dat de route buiten onduidelijk was doordat er niet genoeg materiaal was geleverd om de route goed aan te geven. Over de gehandicaptenparkeerplaats zei 19% van de voorzitters dat deze er niet was.xxviii Ook gaf 4% van de voorzitters aan dat de aanwezige gehandicaptenparkeerplaats niet of nauwelijks beschikbaar was. 30% van alle voorzitters vond dat er voor een volgende verkiezing qua toegankelijkheid iets moet worden aangepast bij het stembureau. Van de respondenten van een A-locatie was dat 25%. Van de 98 voorzitters die toelichting gaven bij deze vraag, gaven er 31 aan dat er iets moet worden aangepast op bereikbaarheid (waarvan 13 bij A-locaties). Gewenste aanpassingen gaan vooral over het meer en beter bewegwijzeren van de route buiten. Andere voorbeelden gaan over het aanbrengen van hellingbanen en een betere route tot aan de buitendeur voor mensen met een beperking.

10.5 Deelconclusie bereikbaarheid

Van de locaties die we bezochten – allemaal locaties die door de gemeente als toegankelijk zijn aangemerkt – voldeed 71% aan beide cruciale criteria van bereikbaarheid. 29% voldeed dus niet. Daar is het lastig tot onmogelijk voor kiezers met een lichamelijke beperking om zelfstandig vanaf de openbare weg tot aan de buitendeur van de stemlocatie te komen. Gemiddeld voldoen locaties aan ongeveer 4 van de 6 criteria over bereikbaarheid. De criteria waar locaties niet aan voldeden, waren vaak wenselijke criteria. Stembureauvoorzitters waren over het algemeen tevreden over de toegankelijkheid van hun stembureau. Als ze ontevreden waren, was dat het vaakst over de bereikbaarheid. 32% van de voorzitters gaf aan dat er ook daadwerkelijk tekortkomingen waren in de bereikbaarheid van hun stemlocatie. Bij de locaties die niet aan de cruciale criteria voldeden, kwam dat vaak doordat hoogteverschillen niet correct waren overbrugd. Dit werd ook door stembureauvoorzitters met regelmaat benoemd. Wanneer hellingbanen of andersoortige overbruggingen op de route buiten niet goed zijn aangelegd, kunnen kiezers met een lichamelijke beperking de buitendeur niet of niet veilig bereiken. Het vaakst was er iets aan de hand met de aanduiding van de stemlocaties. Bij het overgrote deel van de locaties voldeed de standaardaanduiding niet aan de richtlijnen voor leesbaarheid.

Ook voorzitters gaven aan dat er tekortkomingen waren rondom de bewegwijzering van de route buiten waardoor de stemlocatie lastig te vinden was. Tekortkomingen in de aanduiding van stemlocaties treffen alle kiezers, en niet alleen kiezers met een lichamelijke beperking. Als een kiezer de stemlocatie niet kan vinden, kan diegene daar immers ook niet gaan stemmen.

11

Betreedbaarheid De route vanaf de buitendeur tot bij de stemruimte noemen we betreedbaarheid. Het gaat er hier om dat de kiezer in en door de stemlocatie kan komen. Indien nodig zal de gemeente

Dit waren allemaal voorzitters die aangaven dat zij voorzitter waren van een A-, B- of C-locatie (dus zonder P), of aangaven niet te weten van welk type locatie zij voorzitter waren. Respondenten die antwoordden dat zij voorzitter waren van een A+P- of B+P-locatie, hebben geen enkele keer ingevuld dat er geen gehandicaptenparkeerplaats was. xxviii

40

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

voorzieningen moeten treffen om de route door de locatie vanaf de buitendeur tot aan de stemruimte toegankelijk te maken. Voor de beoordeling kijken we naar zes criteria. De eerste vier zijn cruciaal voor het daadwerkelijk kunnen betreden van de locatie waarin de stemruimte zich bevindt. De laatste twee criteria – duidelijk aangegeven route en geen losse matten of vloerbescherming – hebben we geclassificeerd als wenselijk. Dit deden we, omdat de checklist van PBTconsult geen uitsluitsel geeft of dit wel of geen cruciale criteria betreft. In tabel 11.1 staat hoe we betreedbaarheid hebben beoordeeld in de observaties en welk percentage van de stemlocaties voldeed aan elk van de criteria. Gemiddeld voldeed een locatie aan ongeveer vijf van de zes criteria over betreedbaarheid. Van de locaties die we bezochten, voldeed 42% aan alle cruciale criteria van betreedbaarheid. In paragrafen 11.1 en 11.2 lichten we toe hoe het is gesteld met de buitendeur van de stemlocatie (criteria 1 en 2) en met de route in de stemlocatie (criteria 3 tot en met 6). In paragraaf 11.3 vullen we onze observaties aan met ervaringen van stembureauvoorzitters rondom betreedbaarheid.

Tabel 11.1 - Geobserveerde criteria bij betreedbaarheid en percentage locaties dat voldoet Criterium

Score (met 95% betr. interval)

Cruciaal 1. De buitendeur voldoet aan de toegankelijkheidseisen (de buitendeur is breed genoeg (85 cm), er is voldoende opstelruimte, een juiste openingshoek

75% (68% – 83%)

en de deur is niet te zwaar). 2. Er zijn geen obstakels bij de buitendeur (drempels die niet of niet goed zijn overbrugd, roosters met te grote gaten).

69% (61% – 77%)

3. De route vanaf de buitendeur naar de stemruimte is vrij van obstakels en breed genoeg.

88% (82% – 93%)

4. Tussendeuren voldoen aan de toegankelijkheidseisen (breed genoeg,

81%

voldoende opstelruimte, niet te zwaar en geen/overbrugde drempels).

(75% – 88%)

Wenselijk 5. De route tussen de buitendeur en de stemruimte is duidelijk aangegeven.

92% (88% – 97%)

6. Op de route van de buitendeur naar de stemruimte liggen geen losse kokos-/rubberringmatten of losse (niet afgeplakte) vloerbescherming.

90% (85% – 95%)

Totaal Gemiddeld aantal criteria van betreedbaarheid aan voldaan. Stemlocaties die voldoen aan alle cruciale criteria van betreedbaarheid.

5,0 (4,8 – 5,1) 42% (33% - 50%)

41

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

11.1 Kan de kiezer in het stemgebouw komen?

De buitendeur was breed genoeg (85 cm), er was voldoende opstelruimte, een juiste openingshoek en de deur was niet te zwaar in 75% van de bezochte locaties. In de 25% van de locaties waar de buitendeur niet voldeed (n = 32), waren de meest voorkomende knelpunten:

▪ ▪

de buitendeur was niet breed genoeg (≥ 85 cm) (17 locaties, 13% van het totaal); de openingshoek van de deur was minder dan 90 graden, en het ging niet om een draaideur (9 locaties, 7% van het totaal);

▪

er is een handbediende deur die niet met twee vingers kon worden opengeduwd of getrokken (4 van de 9 locaties met een handbediende deur, 3% van het totaal).

Onderstaande foto’s geven voorbeelden van de voorgenoemde knelpunten.

Foto’s: knelpunten bij de buitendeur. Om zelfstandig en gelijkwaardig een locatie binnen te kunnen komen, is het voor mensen met een lichamelijke beperking cruciaal dat de deur breed genoeg is en dat deze minimaal in een haakse hoek open kan. Een handbediende deur mag niet te zwaar zijn of te weinig opstelruimte hebben. In 69% van de locaties (n = 89) waren er geen obstakels bij de buitendeur (drempels die niet of niet goed waren overbrugd, roosters met de grote gaten). De onderstaande foto geeft een voorbeeld van een buitendeur zonder obstakels.

42

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Foto: buitendeur zonder obstakels. In de locaties waar wel iets aan de hand was (31%, n = 40), kwamen we de volgende obstakels het vaakst tegen:

▪

van de buitendeuren met een drempel hoger dan 2 cm (51 locaties) was de drempel in 31 gevallen niet goed overbrugd (24% van het totaal);xxix

▪

het rooster of de rubbermat bij de buitendeur was niet afgedekt terwijl dat wel had gemoeten (12 locaties, 9% van het totaal). Of het was niet afgedekt met stevig, weersbestendig en goed verankerd materiaal (2 locaties, 2% van het totaal).xxx

Zie onderstaande foto’s voor voorbeelden van de voorgenoemde obstakels. Al deze gevallen kunnen gevaarlijke situaties opleveren en/of ervoor zorgen dat een kiezer in een rolstoel, scootmobiel of met een rollator niet zelfstandig naar binnen kan. Niet-afgedekte roosters kunnen met name gevaarlijk zijn voor mensen die met een wandelstok lopen, omdat de stok hierin kan blijven vastzitten.

Foto’s: voorbeelden van obstakels bij buitendeur.

Goed overbrugd betekent: de overbrugging zit goed vast en brengt het hoogteverschil terug tot maximaal 2 cm. xxx Er waren in totaal zeventien locaties waar een rooster of rubbermat bij de voordeur lag. xxix

43

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

Alles bij elkaar genomen voldeed de buitendeur bij de helft van de stemlocaties aan de toegankelijkheidseisen (criteria 1 en 2 in tabel 11.1). Bij de andere helft voldeed de buitendeur niet.

11.2 Hoe is het gesteld met de route in de stemlocatie? De route zelf In 92% van de locaties was de route binnen duidelijk aangegeven.xxxi

In 53 locaties (van de 106 locaties met een route binnen) was de route naar de stemruimte niet vlak, vrij van obstakels of breed genoeg. Bij zestien van deze locaties was geen goede overbrugging aangebracht voor een hoogteverschil en/of voldeed een vernauwing op de route niet aan de richtlijnen. De meest voorkomende knelpunten die de toegankelijkheid voor mensen met een lichamelijke beperking beïnvloedden, waren:

▪

een deel van de route binnen was zodanig smal dat het lastig tot onmogelijk was om daar met een rolstoel veilig te passeren (twaalf locaties, 9% van het totaal);

▪

bij hoogteverschillen op de route voldeed de aangebrachte hellingbaan niet aan de daaraan gestelde criteria (drie locaties, 2% van het totaalxxxii) of was er geen overbrugging van het hoogteverschil (twee locaties, 2% van het totaal).

▪

andere obstakels die we tegenkwamen op de route binnen, waren losliggende kleden, matten en tafels die in de weg stonden.

Zie onderstaande foto’s voor voorbeelden van de voorgenoemde knelpunten.

Foto’s: knelpunten op de route binnen. Tussendeuren en matten op de route In 81% van de bezochte locaties voldeden eventuele tussendeuren op de route aan de normen.xxxiii Dat betekent: de tussendeuren waren breed genoeg (85 cm), er was voldoende

Of er was geen route binnen, waardoor dit criterium geen obstakel kon zijn. In 106 locaties (82% van het totaal) moesten kiezers binnen wel een route afleggen. xxxii Bij alle drie was de hellingbaan te steil, bij twee zat er geen afrijbeveiliging op en de twee hellingbanen die langer waren dan 150 cm hadden beide geen vlakke uitrustplek (midden) op de hellingbaan. xxxiii Of er was geen tussendeur aanwezig. Bij 65 locaties, of 61% van het totaal, was een tussendeur aanwezig. xxxi

44

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

opstelruimte, een juiste openingshoek, de deuren waren niet te zwaar en drempels waren goed overbrugd. We kwamen de volgende knelpunten tegen bij de tussendeuren die niet voldeden:

▪ ▪

te smalle tussendeuren (twaalf locaties, 11% van het totaal); de handbediende deur was te zwaar (vier locaties, 3% van het totaal) en er was onvoldoende opstelruimte (drie locaties, 2% van het totaal).xxxiv

In 10% van de locaties kwamen we losse matten of losse (niet-deugdelijk afgeplakte) vloerbescherming tegen op de route binnen. In 90% voldeed de vloer wel aan de wenselijke criteria.

11.3 Ervaringen van stembureauvoorzitters

Zoals we al opmerkten in paragraaf 10.4 waren de (plv.) voorzitters van stembureaus grotendeels tevreden over de toegankelijkheid. De voorzitters die niet tevreden waren, schreven dat mede toe aan de betreedbaarheid van hun stemlocatie.xxxv Sommige voorzitters van A-locaties gaven rondom de betreedbaarheid aan niet tevreden te zijn over kapotte of onduidelijk aangegeven liften en over moeilijk te overbruggen drempels. Naast tevredenheid vroegen we ook naar wat zich daadwerkelijk voordeed rondom betreedbaarheid. 74% van de respondenten gaf aan dat de betreedbaarheid van de stemlocatie goed was. Volgens 26% was er wel iets aan de hand, met name bij buitendeuren en tussendeuren. Voorzitters signaleerden rondom de buitendeuren de volgende knelpunten:

▪ ▪ ▪

geen drempeloverbrugging (7% van de respondenten); te zware buitendeur (5% van de respondenten); te weinig opstelruimte (4% van de respondenten).

Rondom tussendeuren signaleerden voorzittersxxxvi de volgende knelpunten:

▪ ▪ ▪

te weinig opstelruimte (4% van de respondenten); geen drempeloverbrugging aanwezig (3% van de respondenten); te zware tussendeur (2% van de respondenten).

Overige knelpunten waren losse matten en/of andersoortige vloerbescherming (3% van de respondenten) en niet-werkende liften.xxxvii Van de voorzitters gaf 7% (n = 23) aan dat kiezers met een beperking of hun begeleiders problemen of knelpunten rondom toegankelijkheid hebben gemeld.xxxviii Bij elf van hen ging de melding over betreedbaarheid van de stemlocatie. Hier ging het bijvoorbeeld over drempels bij de

Er waren acht locaties met een handbediende deur die niet altijd open stond. De 27 voorzitters die toelichting gaven (waarvan 13 van A-locaties), schreven hun ontevredenheid vooral toe aan de bereikbaarheid (elf keer) en betreedbaarheid (tien keer). xxxvi Van de enquêterespondenten gaf 12% aan dat er iets aan de hand was bij tussendeuren. xxxvii Dit zijn voorbeelden uit de categorie Iets anders, namelijk... Voorzitters van A-locaties gaven daar aan: probleem met drempeloverbrugging (twee keer), probleem met tussendeur (twee keer) en lange route binnen (één keer). xxxviii 7% (n = 23) gaf aan dat er knelpunten of problemen zijn gemeld, 88% gaf aan dat geen knelpunten of problemen zijn gemeld en bij 5% wisten respondenten het niet of was het niet van toepassing. Bij voorzitters waar knelpunten of problemen zijn gemeld, ging dat drie keer over de bereikbaarheid, elf keer over de betreedbaarheid, zeven keer over de bruikbaarheid en twee keer over het stemproces. xxxiv xxxv

45

Rekenkamer Amsterdam - Bestuurlijk rapport - Toegankelijkheid van stemlokalen

buitendeur, problemen met de lift, de lengte van de route binnen en onduidelijke bewegwijzering binnen. Van de 98 voorzitters die toelichting gaven na een positief antwoord op de vraag “Zou er qua toegankelijkheid van uw stembureau iets moeten worden aangepast voor een volgende verkiezing?”xxxix, gaven de meesten aan dat er iets aangepast zou moeten worden op betreedbaarheid (45 respondenten).xl Voorbeelden van gewenste aanpassingen op betreedbaarheid bij A-locaties zijn verbeteringen bij de buitendeur (automatische en bredere deuren), het aanbrengen van drempeloverbruggingen en hellingbanen en het beter aanduiden van de route binnen.

11.4 Deelconclusie betreedbaarheid

Van de locaties die we bezochten, voldeed 58% niet aan alle cruciale criteria van betreedbaarheid. 42% van de locaties voldeed daar wel aan. Dus in ruim de helft van de stemlocaties die door de gemeente als toegankelijk zijn aangemerkt, was het voor kiezers met een lichamelijke beperking lastig tot onmogelijk om zelfstandig vanaf de buitendeur tot bij de stemruimte te komen. Individuele locaties voldeden gemiddeld aan vijf van de zes criteria over betreedbaarheid. Dat betekent dat er gemiddeld ‘slechts’ op één criterium iets aan de hand was. Tegelijkertijd betrof dat ene criterium vaak een criterium dat cruciaal was voor een kiezer om zelfstandig de route in de stemlocatie te kunnen afleggen. Stembureauvoorzitters die niet tevreden waren over de toegankelijkheid, schreven dat mede toe aan de betreedbaarheid. 26% van de voorzitters gaf aan dat er daadwerkelijk tekortkomingen waren in de betreedbaarheid van hun stemlocatie. Bij de locaties die niet aan de cruciale criteria voldeden, kwam dat het vaakst doordat zich iets voordeed bij de buitendeur. Hierbij ging het bijvoorbeeld om het ontbreken van een (goede) drempeloverbrugging bij drempels hoger dan 2 cm, roosters die niet waren afgedekt of een te smalle buitendeur. Ook voorzitters signaleerden de meeste knelpunten rondom de buitendeur.

Wanneer zich obstakels voordoen bij de buitendeur, kunnen kiezers met een lichamelijke beperking niet of niet zelfstandig in de stemlocatie komen. Op de route binnen waren er minder obstakels. Toch zagen we ook daar tekortkomingen, zoals geen goede overbrugging bij hoogteverschillen, losliggende kokos-/rubberring matten, vernauwingen op de route en dusdanig smalle tussendeuren waardoor een kiezer met een rolstoel er lastig doorheen kan komen. Voorzitters voegden daar niet-werkende liften aan toe. Elk van deze obstakels kan ervoor zorgen dat het voor een kiezer met een lichamelijke beperking lastig tot onmogelijk is om zelfstandig bij de stemruimte te komen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14766669/1