CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

00. Gemeenteraad Voordracht.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 3 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het toepassen van de Wet voorkeursrecht gemeenten op een deel van de locatie Tt. Vasumweg en Tt. Melissaweg te Amsterdam. (ZD2020-014314)3.457 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

Portefeuille

Grondzaken

Agendapunt

0

Datum besluit

College van B&W 15 december 2020 Onderwerp

Instemmen met het toepassen van de Wet voorkeursrecht gemeenten op een deel van de locatie Tt. Vasumweg en Tt. Melissaweg te Amsterdam. De gemeenteraad van Amsterdam besluit

1. 2.

3.

4. 5.

6. 7. 8. 9.

Gegenereerd: v1.27

Kennis te nemen van het besluit van het college van B&W van 15 december 2020 tot het toepassen van de Wet voorkeursrecht gemeenten (ex artikel 6 Wvg) op een deel van de locatie Tt. Vasumweg en Tt. Melissaweg te Amsterdam. Te concluderen dat er een planologische grondslag (een structuurvisie) aanwezig is op basis waarvan het voorkeursrecht kan worden gevestigd, om die reden het voorkeursrecht op grond van artikel 4 Wvg wordt gevestigd en te concluderen dat als eerstvolgende planologische grondslag wordt overgegaan tot het vaststellen van een bestemmingsplan. Aan te wijzen op basis van artikel 4 Wvg voor de duur van drie jaren als percelen waarop de artikelen 10 tot en met 15, 24 en 26 van de Wvg van toepassing zijn, de percelen, zoals dat is aangegeven op de bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte kadastrale tekening met nummer TK-30437174-02 en perceelslijst, inhoudende de kadastrale aanduiding van de in de aanwijzing opgenomen percelen, hun grootte, alsmede de namen van de eigenaren en de rechthebbenden op de daarop rustende beperkte rechten, één en ander volgens de openbare registers van het Kadaster per 19 november 2020. Te concluderen dat het onderhavige besluit van rechtswege vervalt drie jaar na dagtekening van dat besluit, tenzij voor dit tijdstip een bestemmingsplan is vastgesteld. Te concluderen dat één van de hiervoor onder punt 3.

genoemde percelen is eerder betrokken geweest bij een aanwijzing ingevolge de Wet voorkeursrecht gemeenten. Dit betreft het perceel kadastraal bekend als gemeente Amsterdam, sectie AH, nummer 1444, ter grootte van 3.530 m², aangewezen bij het besluit van de raad van de gemeente Amsterdam van 4 november 2015 op basis van artikel 4 Wvg. Dit besluit is op 4 november 2018 van rechtswege komen te vervallen, waardoor voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 9c Wvg. De overige hiervoor onder punt 3. genoemde percelen zijn niet eerder in een aanwijzing op grond van de Wvg betrokken geweest. Dit besluit te publiceren in onder meer de Staatscourant en het ter plaatse verschijnende blad Noord Amsterdams Nieuwsblad, opdat het rechtsgevolg als bedoeld in artikel 7, eerste lid Wvg ontstaat. Te concluderen dat er geen zienswijzen zijn ingediend en geen aanleiding bestaat om de raadsvoordracht en/of -besluit aan te passen. Kennis te nemen van kabinet-bijlage 15 bij deze voordracht.

Kennis te nemen van de geheimhouding die op grond van artikel 25, tweede lid van de Gemeentewet in combinatie met artikel 10 van de Wob, tweede lid onder b (om de financiële en economische belangen van de gemeente veilig te stellen) en onder g (om onevenredige bevoordeling of benadeling van de bij deze aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel derden te voorkomen) is opgelegd op kabinet-bijlage 15 en het verzoek aan de gemeenteraad om die tijdens de eerstvolgende vergadering na aanlevering van de bijlage bij de raadsgriffie te bekrachtigen. De geheimhouding is opgelegd tot het

1

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

moment van definitieve verkoop en levering van alle percelen, doch uiterlijk tot 31 december 2028. Wettelijke grondslag

Vestigingsgrondslag artikel 4 Wvg, alsmede de overige van toepassing zijnde bepalingen van de Wvg en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Artikel 25 lid 3 van de Gemeentewet: Wanneer de verplichting tot geheimhouding volgens het tweede lid is opgelegd op tot aan de raad overlegde stukken, vervalt deze geheimhouding indien de raad deze niet in zijn eerstvolgende vergadering, die door meer dan de helft van het aantal leden is bezocht, bekrachtigt. Bestuurlijke achtergrond

De gemeenteraad heeft op 17 februari 2011 de Structuurvisie Amsterdam 2040 vastgesteld. In de Structuurvisie is vermeld dat de toegedachte bestemming van de locatie 'wonen - werken' is. Op 20 juni 2013 heeft de deelraad van het stadsdeel Noord het bestemmingsplan Cornelis Douwesterrein II vastgesteld, waarin aan de betreffende percelen de bestemmingen 'Bedrijf -1' en 'Verkeer' zijn toegekend. Het bestemmingsplan voorziet derhalve niet in de mogelijkheid tot het toevoegen van de bestemming woningbouw. Het bestemmingsplan kan materieel gezien dan ook niet ten grondslag worden gelegd aan het onderhavige besluit en de gemeente dient de Structuurvisie Amsterdam 2040 als grondslag voor de vestiging van het voorkeursrecht te hanteren. Onderbouwing besluit

Ad 1. Kennis te nemen van het besluit van het college van B&W van 15 december 2020 tot het toepassen van de Wet voorkeursrecht gemeenten (ex artikel 6 Wvg) op een deel van de locatie Tt. Vasumweg en Tt. Melissaweg te Amsterdam. Voorbescherming door college Burgemeester en wethouders kunnen een voorkeursrecht vestigen voor de duur van ten hoogste drie maanden (artikel 6 Wvg), te rekenen vanaf de datum van het collegebesluit. Het voorkeursrecht treedt in werking op de dag na publicatie van de bekendmaking van het besluit in de Staatscourant. Binnen deze termijn van drie maanden dient de gemeenteraad het voorkeursrecht te bestendigen, anders vervalt het gemeentelijk voorkeursrecht van rechtswege. Vestigingsduur De vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht door de raad geldt voor een periode van maximaal drie jaar. Binnen deze periode dient een bestemmingsplan te worden vastgesteld en op basis daarvan wordt het voorkeursrecht automatisch verlengd. Doel/resultaat Met de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht verkrijgt de gemeente een voorkeurspositie op de grondmarkt in het betreffende gebied, c.q. een eerste recht van koop op de in het besluit betrokken percelen.

Gegenereerd: v1.27

2

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

De eigenaren en beperkt gerechtigden van de betreffende percelen dienen hun eigendom/beperkte rechten op de percelen bij voorgenomen vervreemding eerst aan de gemeente aan te bieden. Het gemeentelijk voorkeursrecht maakt het de gemeente mogelijk om een faciliterend grondbeleid te voeren bij de herontwikkeling van de betreffende percelen en zelf de regie te houden bij de uitvoering van haar plannen. Het gemeentelijk voorkeursrecht voorkomt, dat een andere partij zich in het gebied een positie verschaft, waardoor de gemeentelijke regierol kan worden verstoord. Ad 2. Te concluderen dat er een planologische grondslag (een structuurvisie) aanwezig is op basis waarvan het voorkeursrecht kan worden gevestigd, om die reden het voorkeursrecht op grond van artikel 4 Wvg wordt gevestigd en te concluderen dat als eerstvolgende planologische grondslag wordt overgegaan tot het vaststellen van een bestemmingsplan. Ad 3.

Aan te wijzen op basis van artikel 4 Wvg voor de duur van drie jaren als percelen waarop de artikelen 10 tot en met 15, 24 en 26 van de Wvg van toepassing zijn, de percelen, zoals dat is aangegeven op de bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte kadastrale tekening met nummer TK-30437174-02 en perceelslijst, inhoudende de kadastrale aanduiding van de in de aanwijzing opgenomen percelen, hun grootte, alsmede de namen van de eigenaren en de rechthebbenden op de daarop rustende beperkte rechten, één en ander volgens de openbare registers van het Kadaster per 19 november 2020. Ad 4. Te concluderen dat het onderhavige besluit van rechtswege vervalt drie jaar na dagtekening van dat besluit, tenzij voor dit tijdstip een bestemmingsplan is vastgesteld. Huidig gebruik/toegedachte bestemming Voor het vestigen van het gemeentelijk voorkeursrecht dient de gemeente aan te geven dat het huidige gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming. De locatie kent op dit moment de bedrijfsen verkeersbestemming en is hoofdzakelijk in gebruik als scheepswerf en deels als horeca en verkeersvoorzieningen. Aan de onderhavige locatie wordt de woonfunctie toegevoegd en er zal bij de herontwikkeling sprake zijn van een intensivering van het huidige (bedrijfs)gebruik door programmatische verdichting.

De toegedachte bestemming voor de locatie is: 'wonen - werken met bijbehorende voorzieningen, alle niet-agrarisch en nader uit te werken.' De planologische grondslag voor de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht kan derhalve niet gevormd worden door voornoemd bestemmingsplan, omdat dit bestemmingsplannen niet voorziet in de mogelijkheid tot realisering van de toegedachte aanvullende woonbestemming. In de Structuurvisie Amsterdam 2040 is wel opgenomen dat deze locatie getransformeerd zal worden naar 'wonen – werken' en is derhalve in de beoogde ruimtelijke herontwikkeling voorzien. De grondslag voor het vestigen van het voorkeursrecht wordt daarom gevormd door artikel 4 Wvg. In artikel 4 Wvg is opgenomen dat voor aanwijzing c.q. vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht ook in aanmerking gronden die zijn begrepen in een structuurvisie, waarbij aanwijzingen zijn gegeven voor de bestemming en waaraan bij de structuurvisie een niet-agrarische bestemming is toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming; Het uitgangspunt is dat de eerstvolgende planologische stap zal zijn de vaststelling van een bestemmingsplan. Argumenten

Gegenereerd: v1.27

3

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

De argumenten om het voorkeursrecht te vestigen, zijn: 1.

2. 3. 4.

Het gemeentelijk voorkeursrecht verschaft de gemeente een betere uitgangspositie op de grondmarkt. Hierdoor wordt de gemeente beter in staat gesteld een grondstrategie te voeren. Het voorkeursrecht, als passief verwervingsinstrument, kan een ondersteuning betekenen van het te voeren verwervingsbeleid. De gemeente kan hierdoor een centrale regierol uitoefenen bij de ontwikkeling van plannen in dit gebied. Het gemeentelijk voorkeursrecht vormt gedurende het planontwikkelingsproces (van ontwerp tot uitvoering) een beschermingsinstrument, waardoor ongewenste verkopen (al dan niet bedoeld als grondspeculatie) kunnen worden tegengegaan. Het voorkeursrecht voorkomt buitensporige grondprijsstijgingen (buiten de normale markteconomische prijsstijgingen). Het voorkeursrecht maakt het in deze de gemeente mogelijk om te interveniëren in het natuurlijke proces van aan- en verkoop binnen de locatie. Bij een voorgenomen gewenste verkoop van een eigenaar is in deze als eerste de gemeente aan bod om aan te kopen. Door deze interventie in het natuurlijke proces van aan- en verkoop kan de gemeente zo mogelijk een langdurig en kostbaar verwervingsproces of onteigening voorkomen.

Als de mogelijkheden van de Wvg niet of onvoldoende worden benut, bestaat de kans dat de te ontwikkelen grond in handen van (andere) marktpartijen overgaan. Hierdoor kan een evenwichtige ontwikkeling van de plannen worden verstoord. Belangenafweging Het algemeen belang dat gediend is met de vestiging van het voorkeursrecht afwegend tegen het individueel belang, komen wij tot de conclusie dat het vestigen van het voorkeursrecht zwaarder moet wegen dan het achterwege laten van de toepassing daarvan. De uit de vestiging van het voorkeursrecht volgende plicht die op de eigenaren, beperkt zakelijk gerechtigden en andere belanghebbenden wordt gelegd rust niet onevenredig zwaar op hen in verhouding tot het met de vestiging gediende algemeen belang, waarbij is meegewogen dat in de belangen van de eigenaren en zakelijk gerechtigden die bij de besluitvorming dienen te worden betrokken door de Wvg-wetgever reeds op uitvoerige wijze is voorzien. Gedacht wordt daarbij onder meer aan het feit dat: • de Wvg een uitgebreide rechtsbescherming kent voor de gerechtigden van de aangewezen percelen; • de Wvg reeds in voldoende mate heeft voorzien in de gevallen waarin de gemeente bestaande rechtsverhoudingen dient te respecteren, en de aanbiedingsplicht derhalve niet van toepassing is; • eigenaren (i.c.

erfpachters) en beperkt gerechtigden niet worden verplicht hun rechten te verkopen, zij zijn vrij te bepalen of, en wanneer zij tot verkoop wensen over te gaan; • de gerechtigden, wanneer zij in beginsel tot verkoop aan de gemeente willen overgaan, een reële prijs krijgen voor hetgeen zij verkopen en wanneer de eigenaar (i.c. erfpachters) en de gemeente geen overeenstemming kunnen bereiken over de prijs, de rechter een oordeel zal vellen over een reële prijs. Daarbij is ook aandacht besteed aan het gegeven dat een erfpachter binnen korte termijn twee geconfronteerd wordt met de vestiging van een voorkeursrecht. Nu de gemeente (nog steeds) voornemens is om de locatie te herontwikkelen en het behouden en versterken van haar regierol kan bijdragen aan een succesvolle herontwikkeling, ziet zij zich genoodzaakt om opnieuw tot de vestiging van het voorkeursrecht over te gaan, uiteraard binnen de wettelijke kaders. Het algemeen

Gegenereerd: v1.27

4

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

belang (volkshuisvesting) dat gediend is met de vestiging van het voorkeursrecht is zoals vermeld afgewogen tegen het individueel belang. De conclusie is dat het vestigen van het voorkeursrecht zwaarder moet wegen dan het achterwege laten van de toepassing daarvan. Toelichting op de onderhavige situatie De betreffende percelen zijn gelegen ter plaatse van het bedrijventerrein Cornelis Douwesterrein te Amsterdam. Specifieker aangeduid als het gebied ter hoogte van de Tt. Vasumweg 97-105 en Tt. Melissaweg 10, 12, 15, 20 en 22 te Amsterdam c.q. de percelen kadastraal bekend als gemeente Amsterdam, sectie AH, nummers 1444, 1446, 1447, 1448, 1449, 1545, 1546, 1699 en 1700. Kanttekeningen/risico’s Risico's van de vestiging zijn nauwelijks aanwezig. Het meest in het oog springende risico is dat de gemeente op het moment dat zij een beginselbesluit heeft genomen om de gronden/ beperkte rechten te willen verwerven zij op enig moment verplicht zou kunnen worden om de erfpachtrechten inclusief opstallen af te nemen, tegen een door de rechtbank vast te stellen prijs op basis van bijzondere persoonlijke omstandigheden (waarbij vermeld wordt dat bijzondere persoonlijke omstandigheden zeker niet snel aanwezig worden geacht). Bovendien is het risico beperkt, omdat afname geschiedt tegen de marktwaarde.

Verder is het van belang dat de termijnen in de Wvg worden nageleefd, aangezien dit zonder uitzondering allemaal fatale termijnen betreffen. De 'sanctie' is dat als deze termijnen niet worden nageleefd de eigenaar/beperkt gerechtigde gedurende een periode van drie jaar mag vervreemden aan een willekeurige derde. De vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht kan betekenen dat grond/het recht van erfpacht aan de gemeente te koop wordt aangeboden. In geval van voorgenomen verwerving zal de eventuele aankoop dienen te geschieden conform de daarvoor staande normen (de marktwaarde), hetgeen op dat moment uiteraard wel financiële consequenties heeft. Indien de gemeente niet reageert binnen de termijn van 6 weken na een aanbod van de eigenaar/beperkte gerechtigde, dan volgt sanctie: de eigenaar/beperkte gerechtigde is dan gedurende drie jaar vrij om de gronden/ beperkte rechten aan een andere partij te vervreemden. Ad 5. Te concluderen dat één van de hiervoor onder punt 3. genoemde percelen is eerder betrokken geweest bij een aanwijzing ingevolge de Wet voorkeursrecht gemeenten. Dit betreft het perceel kadastraal bekend als gemeente Amsterdam, sectie AH, nummer 1444, ter grootte van 3.530 m², aangewezen bij het besluit van de raad van de gemeente Amsterdam van 4 november 2015 op basis van artikel 4 Wvg.

Dit besluit is op 4 november 2018 van rechtswege komen te vervallen, waardoor voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 9c Wvg. De overige hiervoor onder punt 3. genoemde percelen zijn eerder in een aanwijzing op grond van de Wvg betrokken geweest. Ingevolge artikel 9c Wvg kunnen gronden die belast zijn met het voorkeursrecht niet binnen twee jaar na het van rechtswege vervallen van het vestigingsbesluit opnieuw met een voorkeursrecht op dezelfde grondslag worden belast. Op 4 november 2020 kan derhalve op zijn vroegst pas een nieuw voorkeursrecht (met dezelfde vestigingsgrondslag) worden gevestigd op (een deel van) de onderhavige locatie. Het raadsbesluit tot vestiging van het voorkeursrecht staat gepland voor 10 maart 2021, waardoor niet in strijd met het herhalingsverbod wordt gehandeld.

Gegenereerd: v1.27

5

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

Ad 6. Dit besluit te publiceren in onder meer de Staatscourant en het ter plaatse verschijnende blad Noord Amsterdams Nieuwsblad, opdat het rechtsgevolg als bedoeld in artikel 7, eerste lid Wvg ontstaat. Communicatie Publicaties De bekendmaking wordt gepubliceerd in de Staatscourant en in het plaatselijk huis-aan-huisblad en voorts op de gebruikelijke wijze. Kennisgeving belanghebbenden Verder worden de eigenaren/beperkt gerechtigden op de in het besluit betrokken percelen, na de inwerkingtreding van het gemeentelijk voorkeursrecht, over de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht geïnformeerd door middel van een kennisgeving met bijlagen, waaronder een uitgebreide notitie over de betekenis van het gemeentelijk voorkeursrecht. Inschrijving van het voorkeursrecht Op grond van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken ('Wkpb') wordt in het gemeentelijk beperkingenregister aangetekend dat op genoemde percelen het gemeentelijk voorkeursrecht van toepassing is. Verder worden de gemeentelijke beperkingen in de landelijke voorziening (LV) geregistreerd op (kadastraal) perceelsniveau. Ad 7. Te concluderen dat er wel/geen zienswijzen zijn ingediend en wel/geen aanleiding bestaat om de raadsvoordracht en/of -besluit aan te passen. Bezwaar, beroep en zienswijzen Tegen het besluit van de raad staat bezwaar en beroep open.

Op grond van artikel 6 lid 3 Wvg worden bezwaarschriften, ingediend tegen het besluit van burgemeester en wethouders, thans geacht tegen het raadsbesluit gericht te zijn. De ontwerp-voordracht aan de raad met de daarbij behorende stukken hebben voor een ieder ter inzage gelegen. Hiervan is openbaar kennis gegeven via een publicatie in de Staatscourant en in plaatselijk huis-aan-huisblad, onder vermelding van de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. Er zijn geen zienswijzen ingediend, zodat er geen aanleiding bestaat om de voordracht aan de raad aan te passen en/of het ontwerp-raadsbesluit aan te passen. Ad 8. Kennis te nemen van kabinet-bijlage 15 bij deze voordracht. Ad 9. Kennis te nemen van de geheimhouding die op grond van artikel 25, tweede lid van de Gemeentewet in combinatie met artikel 10 van de Wob, tweede lid onder b (om de financiële en economische belangen van de gemeente veilig te stellen) en onder g (om onevenredige bevoordeling of benadeling van de bij deze aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel derden te voorkomen) is opgelegd op kabinet-bijlage 15 en het verzoek aan de gemeenteraad om die tijdens de eerstvolgende vergadering na aanlevering van de bijlage bij de raadsgriffie te bekrachtigen. De geheimhouding is opgelegd tot het moment van definitieve verkoop en levering van alle percelen, doch uiterlijk tot 31 december 2028.

Gegenereerd: v1.27

6

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

Op kabinet-bijlage 15 is geheimhouding opgelegd tot het moment van definitieve verkoop en levering van alle percelen, doch uiterlijk tot 31 december 2028. De opgelegde geheimhouding dient door de gemeenteraad te worden bekrachtigd op grond van artikel 25 derde lid van de Gemeentewet. Dit met een beroep op artikel 10, tweede lid onder b en g van de Wet openbaarheid van bestuur. Voortijdige openbaarmaking van deze gegevens zou de economische en financiële belangen van de gemeente schaden, omdat in dat geval prijsgevoelige informatie in de openbaarheid zou komen. Door deze informatie geheim te houden worden de belangen van de gemeente beschermd. De bijlage wordt daarnaast geheimgehouden om onevenredige bevoordeling of benadeling van de bij deze aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel derden te voorkomen.

Financiële onderbouwing Consequenties gedekt?

Ja

Overige toelichting

Voor de vestiging van het voorkeursrecht worden (beperkt) proceskosten à € 9.000 gemaakt. Deze zullen worden gedekt uit het budget proceskosten van de afdeling Gebiedsontwikkeling van Grond & Ontwikkeling. Indien op enig moment tot aankoop van de betreffende erfpachtrechten wordt besloten zal dit leiden tot een toekomstige vast te stellen grondexploitatie om de gebiedsontwikkeling mogelijk te maken. De genoemde beslispunten hebben financiële consequenties en die zijn reeds gedekt. Conclusie

Geheimhouding

De geheimhouding is toegelicht onder Ad 9 in de rubriek Onderbouwing.

Welke stukken treft u aan

Gegenereerd: v1.27

7

Gemeenteraad

VN2020-030125 rve grond en ontwikkel

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 10 maart 2021

Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2021-015682

01. TE ONDERTEKENEN Perceelslijst ex artikel 4 Wvg-01.doc (msw8)

AD2021-015683

02. TE ONDERTEKENEN Kadastrale tekening met kenmerk TK-30437174-02.pdf (pdf)

AD2021-015681

03. Publicatie Staatscourant ex artikel 4 Wvg-01.doc (msw8)

AD2021-015684

04. Publicatie plaatselijk huis-aan-huisblad noord amsterdams nieuwsblad ex artikel 4 Wvg-01.doc (msw8)

AD2021-015685

05a. Format brief aan belanghebbenden ex artikel 4 Wvg-01.doc (msw8)

AD2021-015686

05b. Bijlage bij format brief aan belanghebbenden ex artikel 4 Wvg-01.doc (msw8)

AD2020-098697

06. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1444 - AD2020-093133.pdf (pdf)

AD2020-098698

07. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1446 - AD2020-093134.pdf (pdf)

AD2020-098699

08. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1447 - AD2020-093135.pdf (pdf)

AD2020-098700

09. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1448 - AD2020-093136.pdf (pdf)

AD2020-098701

10. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1449 - AD2020-093137.pdf (pdf)

AD2020-098702

11. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1545 - AD2020-093138.pdf (pdf)

AD2020-098693

12. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1546 - AD2020-093139.pdf (pdf)

AD2020-098691

13. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1699 - AD2020-093140.pdf (pdf)

AD2020-098692

14. Eigendomsinformatie - Amsterdam AH 1700 - AD2020-093141.pdf (pdf)

AD2020-098705

15. KABINET-bijlage - AD2020-095522.pdf (pdf)

AD2020-098688

Gemeenteraad Voordracht (pdf)

Registratienr.

Naam

Ter Inzage

Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)

Grond & Ontwikkeling, Patrick Spaans, 020-2544272, P.Spaans@amsterdam.nl

Gegenereerd: v1.27

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9776677/1