0. 20240814 Beantwoording raadsadres inzake Den Brielstraat - kopie.pdf
Tekst van het document
Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl
Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam
Schenkeveld Advocaten N.V. T.a.v. Mevrouw mr. S. Smit Postbus 172 1800 AD Alkmaar
Datum
12 augustus 2024
Behandeld door Anne Vernooij Onderwerp
Uw brief van 14 mei 2024 over de Den Brielstraat
Geachte mevrouw Smit,
Dank voor uw brief d.d. 14 mei 2024 over de situatie aan de Den Brielstraat aan de gemeenteraad. U schrijft deze brief namens uw cliënt en vraagt in de brief het handhavingstraject te heroverwegen. Op 30 mei 2024 heeft de gemeenteraad mij gevraagd om uw brief te beantwoorden. In uw brief geeft u aan dat uw cliënt al bijna veertig jaar staat ingeschreven in een kantoorgebouw in de Den Brielstraat en dat zij hier wil blijven wonen. Gebleken is dat het gehele bedrijfspand in de afgelopen jaren bewoond en verhuurd is aan verschillende bewoners. Dit pand is een bedrijfsruimte en volgens het bestemmingsplan - nu het omgevingsplan - mag daar niet gewoond worden. Hierover is uw cliënt in de afgelopen jaren meermaals geïnformeerd. In 2012 heeft de echtgenoot van uw cliënt een aanvraag gedaan voor een erfpachtsplitsing en daarbij aangegeven dat er op de begane grond van het pand gewoond werd. De gemeente heeft deze erfpachtconversie uitgevoerd en heeft daarbij heeft uitdrukkelijk laten weten dat er mogelijk een omgevingsvergunning aangevraagd diende te worden om de woning van uw cliënt in het pand te legaliseren. Hiervoor is destijds nooit een aanvraag ingediend. In 2013 is geconstateerd, na controle door de toezichthouders, dat het gehele pand aan de Den Brielstraat illegaal bewoond werd door meerdere personen. Dit is bekendgemaakt aan uw cliënt en haar echtgenoot.
Ook hierna is geen omgevingsvergunning aangevraagd. In 2019 is nogmaals door de toezichthouders geconstateerd dat in het pand meerdere niet vergunde woningen aanwezig waren. Met de echtgenoot van uw client is toen besproken dat de gemeente ging onderzoeken of het mogelijk zou zijn om het wonen te legaliseren.
Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl.
Gemeente Amsterdam
Datum Kenmerk Pagina 2 van 3
In 2020 werd geconcludeerd dat er geen zicht bestond op een legalisatie. Het pand van uw cliënt bevindt zich op het bedrijventerrein Landlust. Dit is geen geschikte plek om te wonen vanwege de aard van de werkzaamheden en de milieubelasting van de verschillende bedrijven op het bedrijventerrein. In februari 2021 heeft het college daarom een vooraankondiging van een handhavingsbesluit naar uw cliënt gestuurd. Daarin hebben wij uw cliënt nogmaals geïnformeerd dat het niet toegestaan is om in het pand te wonen en woningen te verhuren en wij van plan zijn om de illegale bewoning te beëindigen. Het college heeft daarbij geen aanleiding om aan te nemen dat uw cliënt over onvoldoende financiële middelen beschikt om een woning elders te betrekken. Uiteindelijk heeft het college op 17 januari 2023 een last onder dwangsom aan uw client opgelegd om de illegale bewoning te beëindigen. Het college begrijpt dat het voor uw client belastend was om geconfronteerd te worden met een handhavingsbesluit. Het college ziet echter geen reden om de handhaving te heroverwegen. In het kader van het handhavingsbesluit van 17 januari 2023 diende uw cliënt een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de woning van uw cliënt in het pand. Op 14 maart 2023 heeft het college deze geweigerd omdat het wonen in strijd is met het bestemmingsplan.
Het college heeft gekozen om niet af te wijken van het bestemmingsplan vanwege eerder genoemde redenen. Een latere aanvraag voor tijdelijke bewoning is eveneens afgewezen. Tegen deze besluiten en de besluiten om de dwangsommen in te vorderen is uw cliënt in beroep gegaan en vervolgens in hoger beroep. De rechtbank Amsterdam heeft in de uitspraak van 1 maart 2024 de beroepen ongegrond verklaard. Het college heeft volgens de rechtbank de besluiten dus terecht genomen. Het college is nu in afwachting van de behandeling van de zaak van uw client in hoger beroep bij de Raad van State. In het verweerschrift heeft het college aangegeven waarom de genomen besluiten niet onevenredig zijn. Gezien de lopende juridische procedure verwijs ik naar de inhoud van deze stukkenOp dit moment is de verhuur van de overige woningen door uw cliënt beëindigd en woont alleen uw cliënt nog in het pand. Er loopt momenteel geen juridische procedure om deze bewoning daadwerkelijk te beëindigen. Het college wacht de uitspraak van de Raad van State af. Het college blijft echter van mening dat uw cliënt niet in deze woning kan blijven wonen. Uiteraard heeft het college begrip voor haar gezondheidssituatie. De rechtbank Amsterdam heeft echter geoordeeld dat dit verhuizing niet onmogelijk maakt. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Reinier van Dantzig Wethouder Woningbouw en Stedelijke Ontwikkeling
Gemeente Amsterdam
Datum Kenmerk Pagina 3 van 3