(V2) Bijlage 2 Nota van Toelichting bij de Nadere regels meerjarige subsidie cultuur
Tekst van het document
Nota van toelichting bij de Nadere regels subsidie cultuur Zaaknummer: Z21-093330 Datum: Algemeen Een sterk cultureel klimaat draagt bij aan de leefbaarheid, de aantrekkingskracht en de levendigheid van de stad. Kunst en cultuur zijn dan ook van groot belang voor de economische positie van de stad, geven een impuls aan de lokale economie, maken de stad aantrekkelijk en dragen bij aan een brede ontwikkeling van de inwoners van Amstelveen. Hierbij is het zoveel mogelijk mensen in aanraking brengen met kunst en cultuur het uitgangspunt. Om dat te bereiken is een breed cultureel aanbod en een in de basis sterke culturele infrastructuur noodzakelijk. Het cultuurbeleid van de gemeente Amstelveen richt zich mede op een viertal ambities die staan beschreven in de Cultuuragenda 2020-2024. De gemeente stelt zich ten doel deze ambities te realiseren in nauwe samenwerking met de culturele veld.
Artikelsgewijs Artikel 1 Definities a. Cultuurbeleid: het cultuurbeleid van de gemeente Amstelveen vloeit voort uit onder andere, maar niet beperkt tot, de ASV, de cultuuragenda, eventuele voorafgaand aan de aanvraag door het college gegeven extra criteria danwel preadviezen (al dan niet generiek). Artikel 2 Doel De Nadere regels meerjarige subsidie cultuur maken deel uit van de herziening van de jaarlijkse subsidiesystematiek voor de grotere culturele instellingen van de gemeente Amstelveen. Deze reeds structureel gesubsidieerde culturele instellingen in Amstelveen wordt middels deze meerjarige regeling meer perspectief/zekerheid geboden waardoor zij gestimuleerd worden om zich te verder te blijven ontwikkelen. Dit moet leiden tot een cultureel veld dat zich (nog) innovatiever kan opstellen, makkelijker tot samenwerking komt, zich focust op het maatschappelijk effect en dat zich (nog) nadrukkelijker tot de eigen omgeving verhoudt. Daarbij nodigt een meerjarige regeling uit tot verdergaande bedrijfsmatige en (artistiek) inhoudelijke ontwikkelingen, ook voor de langere termijn. De regeling draagt bij aan de bestendiging van de culturele infrastructuur in Amstelveen doordat meer zekerheid wordt geboden. Instellingen kunnen hierdoor eveneens voor een langere termijn plannen ontwikkelen en doorvoeren.
Artikel 3 Aanvrager Deze regeling staat open voor grotere aanvragers uit de culturele sector, die reeds een reguliere subsidierelatie met de gemeente Amstelveen hebben. Aanvragers organiseren in continuïteit activiteiten die samen een coherent, betekenisvol en onderscheidend geheel vormen. De regeling is gericht op het presenteren van cultuur aan publiek, het produceren daarvan, op cultuureducatie, talentontwikkeling en het verbreden en versterken van de cultuurparticipatie. Artikel 5 Subsidieplafond/flexibele projectsubsidies 1. en 2. De budgetten zijn onder voorbehoud van de jaarlijkse vaststelling van de begroting door de gemeenteraad (ex. art. 4 en 5 lid 2 ASV Amstelveen 2016). Artikel 6 Flexibele projectsubsidie(s) Indien de gemeente Amstelveen na een termijn van 4 jaar daartoe aanleiding ziet, kan zij bij een opvolgende aanvraag besluiten een bepaald percentage van de reguliere meerjarige subsidie in te zetten voor meer flexibele projectsubsidies. Aanleiding hiervoor kan bijvoorbeeld zijn om gerichter innovatieve projecten, (onderlinge) samenwerkingen, maatschappelijke activiteiten etc. te stimuleren. Artikel 8 Aanvraagprocedure Een aanvraag voor de vierjaarlijkse subsidie, dient uiterlijk op 1 juni voorafgaand aan het jaar voor de periode waarvoor wordt aangevraagd door het College van de gemeente Amstelveen te zijn ontvangen.
Pagina
2 van 5
Het indienen van een aanvraag geschiedt conform de richtlijnen van de gemeente, die te vinden zijn op https://www.amstelveen.nl/regelen-aanvragen/publicatie/subsidies De aanvraag voor meerjarige subsidie in het kader van deze regeling bestaat, naast de vereisten uit art. 6 ASV, uit een ingevuld en ondertekend aanvraagformulier plus een aantal bijlagen, zoals de meest recente jaarrekening/jaarverslag, een activiteitenplan en/of projectplan en een meerjarige begroting met toelichting. In het activiteitenplan/projectplan geeft aanvrager in ieder geval een toelichting op de aspecten waarop de aanvraag wordt beoordeeld (zie hieronder bij artikel 9 Beoordeling). Indien het college dat nodig acht, kunnen extra vormvereisten bij een aanvraag worden opgelegd. Hierbij kan worden gedacht aan een aangepast aanvraagformulier, de wijze van aanleveren etc. Naast de criteria uit deze regeling, de ASV en de cultuuragenda, kan het college voorafgaand aan de aanvraag extra criteria aan aanvragen de instellingen stellen en/of een preadvies aan deze voorleggen. Indien dit het geval is dient de instelling hier in haar aanvraag aan tegemoet te komen. Naast het bovenstaande dient de bibliotheek zich in haar aanvraag eveneens te verhouden tot de op de dat moment vigerende visie/beleid van de gemeente op de bibliotheek.
Indien een organisatie een hoger bedrag aanvraagt dan zij in het verleden heeft ontvangen, dient zij te onderbouwen waarvoor het extra bedrag bestemd is en hoe dit zich verhoudt tot de doelstelling van deze regeling. Artikel 9 Beoordeling Het college beoordeelt de jaarlijkse en meerjarige subsidieaanvragen aan de hand van de beoordelingscriteria uit de regeling. Bij de beoordeling aan de hand van criterium c, staat het college vrij een of meer Externe experts met aanvullende inhoudelijke expertise te betrekken (betreft advies conform afdeling 3.3 art. 3:5 - 3:9a Awb). De selectie van deze Externe experts vindt plaats op basis van professionele kennis van een of meer relevante disciplines of thema’s en/of van kennis van actuele ontwikkelingen op het gebied van cultuur, met name in Amstelveen. De culturele instellingen, die onder deze regeling vallen, kan advies worden gevraagd omtrent het profiel van deze externe deskundigen. Alle aanvragen die voldoen aan de formele vereisten worden getoetst aan de hand van de volgende criteria: a. maatschappelijk(e) betekenis en/of belang voor de stad Een sterke cultuursector is een dynamische sector die in verbinding staat met de stad en haar bewoners en die inspeelt op de lokale en/of regionale actualiteit en behoefte.
De toetsing op dit criterium draait onder andere om de mate waarin en de wijze waarop de aanvrager zich verhoudt tot Amstelveen en haar bewoners, tot lokale vraagstukken, tot culturele én maatschappelijke organisaties in de stad en tot de omgeving waarin de organisatie is gevestigd en/of actief is. Met dit criterium toetst de gemeente: - de bijdrage die de organisatie via haar activiteiten levert aan de realisatie van de culturele zowel als aan cultureel-maatschappelijke ambities van de gemeente, zoals beschreven in deze regeling; - de inbedding van de organisatie in de gemeente Amstelveen en haar omgeving. b. Artistieke en/of inhoudelijke kwaliteit Centraal staan de missie en visie van de organisatie en de concrete vertaling hiervan in het activiteitenplan. De visie geeft een beeld van de artistieke en inhoudelijk culturele ontwikkeling die de aanvrager voorstaat op de langere termijn. Dit in relatie tot de positie die hij inneemt in de lokale, regionale en (indien van toepassing) landelijke culturele infrastructuur. De activiteiten die de aanvrager van plan is uit te voeren vloeien hier idealiter logisch uit voort, houden verband met elkaar en geven blijk van een bewustzijn van het publiek dat de aanvrager wil te bereiken. De aanvrager heeft een herkenbaar artistiek en/of inhoudelijk cultureel profiel, dat tot uiting komt in een onderscheidend programma.
Ook de artistieke en/of inhoudelijke deskundigheid van de betrokkenen maakt deel uit van de beoordeling. Bij het aspect vakmanschap wordt gekeken naar de deskundigheid en de vaardigheid waarmee de aanvrager zijn activiteiten ontwikkelt en uitvoert.
Pagina
3 van 5
Met dit criterium toetst de gemeente: - de artistieke en/of inhoudelijke visie van aanvrager en de artistieke en/of inhoudelijke kwaliteit van de werkzaamheden en activiteiten die hieruit voortvloeien; - de deskundigheid van aanvrager: het vakmanschap van de bij de activiteiten van de organisatie betrokken medewerkers. c. Organisatorische kwaliteit Bij de beoordeling van de organisatorische kwaliteit wordt gewogen of en hoe de organisatie van de aanvrager in staat is om het activiteitenplan op professionele wijze te realiseren. De organisatie dient een gezonde bedrijfsvoering te hebben teneinde het activiteitenplan conform en het beoogde publiek te bereiken. De begroting en het dekkingsplan dienen reëel en sluitend te zijn een middels een evenwichtige financieringsmix. De aanvrager verhoudt zich tot de Governance Code Cultuur, de Fair Practice Code en de Code Culturele Diversiteit. Met dit criterium toetst de gemeente: - de kwaliteit van de bedrijfsvoering van de aanvrager, zoals die onder andere tot uiting komt in zijn ondernemerschap en in de financieringsmix die hiervan het resultaat is; - de manier waarop de organisatie (praktisch) invulling geeft aan de Governance Code Cultuur, de Fair Practice Code en de Code Culturele Diversiteit. d. Samenwerking De culturele infrastructuur van Amstelveen is bescheiden en compact.
Voor een optimale taakuitoefening is het van belang dat culturele organisaties goede onderlinge afspraken maken over het programma en over de planning van de activiteiten. Door effectief samen te werken en tijdig af te stemmen, vergroten aanvragers de impact van hun eigen aanbod en dat van de Amstelveense cultuursector als geheel. Ook samenwerking tussen lokale cultuurinstellingen en organisaties uit andere domeinen, zoals maatschappelijke organisaties, het onderwijs en het bedrijfsleven, vergroot de effectiviteit van ieders inspanningen en laat zien hoe een aanvrager is ingebed in de stad. Met dit criterium toetst de gemeente: - de mate waarin en de manier waarop de aanvrager samenwerkt met andere culturele organisaties in met name Amstelveen, maar ook met die uit de Metropool Regio Amsterdam, Nederland en/of met organisaties in het buitenland; - de mate waarin en de manier waarop hij bij de uitvoering van zijn activiteiten samenwerkt met personen en (maatschappelijke) instellingen uit andere sectoren dan de cultuursector. e. Publiek Onder publiek verstaan we zowel bezoekers en toeschouwers als actieve deelnemers. De omvang en de samenstelling van het beoogde publiek sluit idealiter optimaal aan bij het karakter van de organisatie, zijn activiteiten en/of programmering.
Het gaat om een passende en realistische ambitie wat betreft enerzijds het aantal bezoekers en/of deelnemers, en anderzijds de samenstelling van de groep bezoekers en/of deelnemers. Bij samenstelling van het publiek valt bijvoorbeeld te denken aan leeftijdsopbouw, sociale achtergrond, wijken waar bezoekers gevestigd zijn, etc. Met zijn activiteiten en werkzaamheden draagt de aanvrager bij aan het bereiken van een divers samengesteld publiek (zoals bedoeld in de Code Culturele Diversiteit). De aanvraag beschrijft onder andere de marketing- en communicatiestrategie die wordt ingezet om bestaand en beoogd publiek te bereiken. De aanvraag specificeert bestaande en beoogde doelgroepen die passen bij de verschillende typen activiteiten en toont aan dat aanvrager beschikt over relevante expertise op het gebied van communicatie en publiekswerking, al dan niet via inhuur of samenwerking met derden. Ook verwoordt aanvrager de noodzaak voor de beoogde ontwikkeling op het gebied van publieksbereik en noemt hij een realistisch einddoel. Met dit criterium toetst de gemeente: - de ambitie van de aanvrager ten aanzien van zijn publieksbereik en de manier waarop de instelling dat verwacht te realiseren; - de visie van de aanvrager op en zijn bijdrage aan cultuureducatie en –participatie.
Pagina
4 van 5
f. Innovatieve kwaliteit; Innovatie is een containerbegrip waarmee in deze regeling niet alleen gedoeld wordt op het steeds initiëren van volledig nieuwe activiteiten of het compleet vernieuwen van (onderdelen van de) organisatie e.d. Hierbij kan ook worden gedacht aan wijzen waarop een instelling: - met nieuwe trends/ontwikkelingen omgaat/adapteert; - aan de actuele publieke behoefte tegemoet komt; - bepaalde activiteiten, organisatorische werkwijzen etc. door ontwikkelt; - inzet op de inhoudelijke en/of organisatorische versterking of vernieuwing; - nieuwe samenwerkingsvormen ontwikkeld. Het nut en de noodzaak van de innovatie dient helder en overtuigend te worden onderbouwd en zal nadrukkelijk in de weging van de aanvraag worden meegenomen.
Met dit criterium toetst de gemeente: - de mate van (innovatieve) ontwikkeling van de aanvrager op inhoudelijk en/of organisatorisch niveau; - de bijdrage die de aanvrager levert aan samenwerkingen en maatschappelijke impact in Amstelveen. g. Duurzaamheid In een duurzame wereld zijn mens, milieu en economie met elkaar in evenwicht, zodat wij de aarde niet uitputten. De gemeente Amstelveen neemt verantwoordelijkheid op dit terrein. Amstelveen vindt het van belang dat ook aanvragers van subsidie zich bewust zijn van hun rol en verantwoordelijkheid op dit gebied. Met dit criterium toetst de gemeente: - de visie van de aanvrager op duurzaamheid; - de bijdrage die de aanvrager met zijn programma levert aan de duurzaamheidsagenda van Amstelveen. De criteria worden toegepast om vast te stellen welke aanvragen het beste aansluiten bij de doelstelling van de regeling en of het daarbij aangevraagde subsidiebedrag passend is. Alle criteria wegen hierbij even zwaar. Het college besluit of de aanvraag al dan niet wordt toegewezen. Het uitgangspunt bij het bepalen van de subsidiehoogte daarbij is niet per definitie het door de aanvrager aangevraagde bedrag, maar het bedrag dat redelijk wordt geacht voor de desbetreffende aanvraag. Dit betekent bijvoorbeeld dat wordt beoordeeld of sprake is van een redelijke verhouding tussen de activiteiten en de kosten die hiervoor staan begroot.
Hierbij wordt gekeken naar wat gebruikelijk is in de sector en wat in het verleden is toegekend. Ook dient het gevraagde subsidiebedrag in redelijke verhouding te staan tot het aandeel van de activiteiten in Amstelveen en tot het bereik van bezoekers en/of deelnemers in Amstelveen. Het kan voorkomen dat aan bepaalde onderdelen van het plan in het geheel geen subsidie wordt toegekend en aan andere onderdelen van het plan wel. Hiervan kan sprake zijn indien het college van oordeel is dat, terwijl de aanvraag als geheel als subsidiabel wordt beoordeeld, bepaalde onderdelen van het plan geen prioriteit krijgen. Dit kan resulteren in een aangepast toegewezen subsidiebedrag. Artikel 10 Beoordelingsprocedure De beoordeling van de aanvraag leidt tot een besluit van het college over de toekenning van subsidie en over de hoogte van het subsidiebedrag. Het besluit is gebaseerd op de toetsing aan de criteria, waarbij eveneens rekening wordt gehouden met het beschikbare budget. Een positief besluit leidt om die reden niet automatisch tot subsidieverlening van het volledig aangevraagde bedrag. Om tot een overwogen oordeel te komen, beslist het college op een aanvraag voor meerjarige subsidie binnen 13 weken na de indientermijn van 1 juni, doch uiterlijk binnen 4 maanden of zoveel eerder als mogelijk.
Pagina
5 van 5
Artikel 11 Verplichtingen en verantwoording 1. Om de ontwikkeling van en uitvoer door de aanvrager te kunnen monitoren vindt minstens een keer per jaar een voortgangsgesprek en een (tussentijdse) inhoudelijke en financiële evaluatie plaats. De aanvrager licht hierbij toe wat de ontwikkelingen zijn, of (voldoende) navolging wordt gegeven aan de aanvraag en de hierin genoemde activiteiten, en of aan de verdere uitvoering van deze kan worden voldaan. Indien de financiële evaluatie van een aanvrager daar aanleiding toe geeft, kan de gemeente Amstelveen de aanvragende instelling daarop aanspreken en/of, indien de omstandigheden daarom vragen, ingrijpen middels een bijstelling/heroverweging van het subsidiebedrag. De gemeente geeft tijdig aan op welke wijze de monitoring plaats zal vinden en wat aanvrager hiervoor dient aan te leveren. 2. Aan het einde van de vierjarige subsidieperiode vindt de vaststelling van de gehele periode plaats. Hierbij wordt een financiële en inhoudelijke evaluatie uitgevoerd over de gehele periode waarvoor subsidie is verstrekt. Indien niet aan de opdracht is voldaan zoals overeengekomen, kan het subsidiebedrag worden bijgesteld. Ook is het mogelijk dat de geleverde resultaten van een aanvrager meewegen in de beoordeling van een nieuwe aanvraag.