Uitgangspunten Warmteprogramma 2026
Tekst van het document
Uitgangspunten warmteprogramma 2026
1 Inleiding In 2030 wil Nederland volgens de Nederlandse
moet voldoen vastgelegd. Het warmteprogramma
klimaatwet 55% minder broeikasgassen uitstoten
beschrijft in ieder geval de aanpak van het isoleren
vergeleken met 1990. En in 2050 moet Nederland
en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving.
klimaatneutraal zijn. De broeikasgassen
Het warmteprogramma moet vóór december 2026
die Nederland in 2050 nog uitstoot, worden
vastgesteld worden door het college.
gecompenseerd met koolstofverwijdering. Hierdoor is
Daar waar een betaalbaar alternatief voor aardgas
er netto geen uitstoot meer.
beschikbaar is/komt kan het warmteprogramma aangeven welke buurten in de komende 10 jaar van het
In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt over het
aardgas gaan en hoe dat gebeurt. De aanwijsbevoegdheid
behalen van deze doelen. Afgesproken is dat Nederland in
zou dan ingezet kunnen worden.
2050 een aardgasvrije gebouwde omgeving wil hebben. In totaal moeten 7 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen
Waarom deze notitie?
van het aardgas af. Dit betekent dat we op een andere
Om het warmteprogramma te kunnen opstellen is het
manier onze woningen en gebouwen moeten verwarmen
noodzakelijke om uitgangspunten te benoemen. De
en dat we op een andere manier moeten koken.
uitgangspunten die in deze notitie worden besproken, worden gebruikt voor het maken van keuzes binnen de
Hoe we dat in Amstelveen gaan doen beschrijven we in het Warmteprogramma. In het Warmteprogramma
warmtetransitie in Amstelveen.
alternatief is, hoe en wanneer de buurten en wijken in
Hoe zijn de uitgangspunten tot stad gekomen?
Amstelveen van het aardgas af gaan.
Aangezien het warmteprogramma een vervolg is
Voor het gemeentelijke vastgoed is de ambitie om deze in
op de transitievisie warmte (2020) zijn we gestart
2035 aardgasvrij te hebben.
met de uitgangpunten die daarin benoemd zijn. De
communiceren we, daar waar er een betaalbaar
Waarom een warmteprogramma?
uitgangspunten zijn vervolgens geactualiseerd naar het beleid van 2025. Ook zijn de resultaten van de participatie
Het warmteprogramma is de opvolger van de in 2020
met inwoners en gesprekken met de stakeholders
vastgestelde Transitievisie Warmte en is een verplicht
verwerkt in de uitgangspunten.
programma onder de Omgevingswet.
Beslissingen voor het aardgasvrij maken van gebouwen
In de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie
zullen worden getoetst aan deze uitgangspunten. Het
(Wgiw)1 zijn de eisen waaraan een warmteprogramma
warmteprogramma zelf wordt vastgesteld door het college.
1 De exacte eisen waar het warmteprogramma moet voldoen en bijvoorbeeld de uitwerking van het begrip betaalbaarheid worden nog
MILIEU CENTRAAL
uitgewerkt in het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Bgiw). Deze treedt naar verwachting op 1 januari 2026 in werking.
2
2. Uitgangspunten De volgende uitgangspunten zijn opgenomen in de
Ook willen we lock-in effecten voorkomen. Een lock-
Transitievisie Warmte van Amstelveen uit 2020 en zullen
in effect treedt bijvoorbeeld op wanneer bewoners
ook bij de ontwikkeling van het warmteprogramma
in een buurt individueel aan de slag gaan met het
worden gehanteerd:
aardgasvrij maken van hun woning, waardoor het niet
a) De toekomstige warmtevoorziening is betaalbaar voor eindgebruikers
meer rendabel is een warmtenet aan te leggen. Het is daarom belangrijk duidelijk te communiceren over de toekomstige warmteopties in de verschillende buurten
Uit de enquêteresultaten blijkt dat veel Amstelveners zich
van Amstelveen en wat inwoners tot dat moment al
zorgen maken over de betaalbaarheid van alternatieve
kunnen ondernemen.
warmteopties. Veel deelnemers geven aan enkel van het aardgas af te willen gaan als er betaalbare alternatieven
Ten slotte houdt toekomstbestendigheid ook in dat er
zijn. Financiële haalbaarheid en duidelijkheid in beleid
geen keuzes worden gemaakt in één buurt die belangrijke
zijn belangrijke aandachtspunten; mensen zijn bang
opties in een andere buurt onmogelijk maken. Het kan
voor hoge kosten en onbetrouwbaar beleid. Daarom is
bijvoorbeeld op korte termijn gunstig zijn om bepaalde
financiële draagdracht een belangrijk uitgangspunt bij het
nieuwbouw op een warmtenet aan te sluiten. Als
opstellen van het warmteprogramma.
daardoor een andere buurt zeer dure maatregelen moet nemen omdat er geen warmte meer beschikbaar is,
Op aangeven van de tweede kamer wordt de definitie van
terwijl er voor de nieuwbouw goede alternatieven zijn, is
het begrip betaalbaarheid vastgelegd in de wet. Bij de
dit niet toekomstbestendig.
ontwikkeling van het warmteprogramma wordt daarvan uitgegaan.
c) CO2-reductie staat voorop Met de transitie naar een aardgasvrije gebouwde
De prijs van aardgas zal de komende jaren steeds
omgeving wordt beoogd bij te dragen aan het behalen van
verder oplopen o.a. door het in werking treden van
nationale CO2-reductiedoelstellingen zoals opgenomen
emissiehandel ETS2, waarmee CO2 uitstoot ook voor
in de Klimaat wet. Daarom staat CO2-reductie centraal
kleinverbruikers belast wordt. Dit betekent dat het
bij het maken van keuzes in de warmtetransitie. Dit kan
aardgasvrij maken van gebouwen niet alleen vraagt
bijvoorbeeld door het energiegebruik terug te dringen
om investeringen, maar op termijn ook besparing in de
door vroegtijdig en vergaand te isoleren. Maar ook
maandelijkse lasten kan betekenen. De opbrengsten
wanneer een buurt aangesloten wordt op een warmtenet
vanuit het ETS2 worden onder andere ingezet om
en daarmee aardgasvrij wordt, is het belangrijk dat
overstap naar aardgasvrije energievoorziening voor
het warmtenet steeds verder verduurzaamd wordt en
iedereen mogelijk te maken d.m.v. verschillende
uiteindelijk gevoed wordt met een CO2-vrije warmtebron.
subsidieregelingen en compensatiefondsen.
b) Onze keuzes zijn toekomstbestendig
Daarnaast besteden we aandacht aan CO2-reductie in buurten die voorlopig nog niet 100% aardgasvrij worden.
Een laatste belangrijk aandachtspunt is dat keuzes die
In deze buurten kan bijvoorbeeld aan de slag worden
worden gemaakt in de warmtetransitie in Amstelveen,
gegaan met het toepassen van isolatiemaatregelen
toekomstbestendig zijn. Dit houdt in dat zogenaamde no-
om energiebesparing en daarmee CO2-besparing te
regretmaatregelen de voorkeur hebben. Het toepassen
realiseren. Dit sluit aan bij de resultaten op Denk Mee
van isolatie is een voorbeeld van een dergelijke maatregel:
Amstelveen. 59% van de deelnemers vindt het een
hiermee wordt energie bespaard, maar de keuze voor een
goed idee om stap voor stap te stoppen met aardgas.
alternatieve warmtevoorziening ligt nog niet vast. Het is
Overigens zijn daarbij wel zorgen over betaalbaarheid,
wel van belang dat de isolatie passend is bij wat de warmte-
beschikbaarheid en betrouwbaarheid van een alternatief.
oplossing wordt. Maximaal isoleren tegen zeer hoge kosten moet afgewogen worden tegen minder vergaande isolatie
Bovendien kan op korte termijn CO2-reductie behaald
en een hogere temperatuur warmte-oplossing.
worden door in buurten die op korte termijn nog niet
3
aardgasvrij worden, hybride oplossingen toe te passen.
Op lange termijn worden maatschappelijke kosten echter
Een hybride warmtepomp, bijvoorbeeld, gebruikt nog wel
uiteindelijk gedragen door alle inwoners van Nederland,
aardgas, maar veel minder dan een traditionele cv-ketel.
bijvoorbeeld via belastingen en vastrechttarieven.
d) De warmteoptie met de laagste kosten voor de maatschappij heeft de voorkeur
Daarom kan het gezien worden als ieders belang om de maatschappelijke kosten laag te houden. Ondanks dat het merendeel van de deelnemers aan Denk
In de WIGW staat dat gemeenten zich bij het in kaart
mee Amstelveen de keuzevrijheid in het kiezen van een
brengen van alternatieve warmteopties richten op de
energieleverancier belangrijk vindt, geeft ruim 41% van
alternatieven met de laagste maatschappelijke kosten.
de deelnemers aan lage maatschappelijke kosten het
Maatschappelijke kosten zijn de totale kosten van alle
belangrijkst te vinden bij het kiezen voor een alternatieve
maatregelen die nodig zijn om ergens (bijvoorbeeld in
warmtevoorziening.
een buurt) over te stappen op een andere manier van betaald. Het zijn kosten over de hele keten: productie,
e) We verbeteren comfort en leefbaarheid
distributie, besparing en consumptie. Maatschappelijke
In de transitie naar een aardgasvrije gebouwde omgeving
kosten geven dus een beeld van de totale kosten van
streven we naar zo min mogelijk overlast voor inwoners.
de warmtetransitie, zonder de belangen van één partij
Daarom houden we rekening met andere geplande
voorop te stellen.
projecten in de stad. Hiertoe werken we samen met
verwarmen, ongeacht door wie deze kosten worden
partijen als woningcorporaties en netbeheerders. De warmteoptie die in een buurt de laagste
Misschien kunnen de plannen voor het aardgasvrij maken
maatschappelijke kosten heeft, hoeft niet altijd de optie
van een buurt wel worden gecombineerd met gepland
met de laagste kosten voor de eindgebruiker te zijn.
grootschalig onderhoud van een woningcorporatie
Andersom geldt hetzelfde. Onderstaand kader gaat hier
of ingrepen in de openbare ruimte. Op deze manier
verder op in aan de hand van een voorbeeld.
beperken we de overlast én maken we minder kosten. We maken zo veel mogelijk gebruik van zulke
Tekstkader 1 - Voorbeeld: verschil maatschappelijke
meekoppelkansen. Dit is ook een duidelijk wens die
kosten en eindgebruikerskosten
bewoners in Denk mee Amstelveen hebben aangegeven.
Een buurt wordt aangesloten op een
technieken objectief met elkaar worden vergeleken.
warmtenet. De kosten hiervoor bestaan onder andere uit het aanleggen van een
De kosten voor de eindgebruiker zijn slechts deels
warmtenet, het plaatsen van installaties
gerelateerd aan deze maatschappelijke kosten. Een
in de woning om van de warmte gebruik te maken, het
bewoner betaalt enkel de kosten voor installaties en
aanbrengen van eenvoudige isolatie en de kosten voor
woningisolatie, en natuurlijk voor de energierekening.
het gebruik van warmte.
Daarnaast kan een bewoner soms gebruik maken van subsidies waardoor de eindgebruikerskosten lager
Bij maatschappelijke kosten worden al deze kosten bij
worden. Op basis van deze kostenberekening bepaalt
elkaar opgeteld. Er wordt geen rekening gehouden
een woningeigenaar of deze een warmtetechniek kan
met het feit dat de warmteleverancier de kosten
en wil betalen. De totale investering die dit vraagt is
voor het aanleggen uiteindelijk doorrekent naar een
hiermee echter buiten beeld. Eindgebruikerskosten
woningeigenaar: de kosten worden gemaakt, en bij
hangen onder andere af van de op dat moment
wie de kosten terechtkomen is voor deze berekening
aanwezige subsidies en de wijze waarop kosten
niet relevant. Op deze wijze kunnen verschillende
worden doorberekend aan de klant.
4
Overige uitgangspunten/definities
Geothermie
Naast bovenstaande strategische uitgangspunten zijn
Als vervolg op de proefboring naar geothermie bij
voor de uitwerking de onderstaande uitgangspunten/
Ouderkerk aan de Amstel wordt in 2025 een 3D scan
definities gehanteerd:
onderzoek uitgevoerd, zie ook de raadsbrief van 22 april 2025. Dit onderzoek wordt uitgevoerd om te
Isolatie
bepalen waar succesvol een winningsput geslagen zou
In de uitwerking van het warmteprogramma wordt
kunnen kan worden. Amsterdam, Vattenfall en EBN
gekeken naar de isolatiestandaarden die door het Rijk zijn
onderzoeken de ondergrond als onderdeel van de
ontwikkeld. Dit moet nog verder uitgewerkt worden.
samenwerkingsovereenkomst ‘Aardwarmte AmsterdamAmstelveen I’, . Zij hebben de opsporingsvergunning voor
Hybride warmtepompen
dit onderzoek gekregen.
Hybride warmtepompen gebruiken grote delen van het jaar elektra om woningen te verwarmen en besparen zo
Gezien de hoge investeringen die nodig zijn voor
aanzienlijk op het aardgasverbruik. Ze besparen hiermee
geothermie, wordt de potentiële warmte ingezet voor
direct CO2 Hybride warmtepompen zijn daarmee goede
het verduurzamen van het bestaande warmtenet in de
oplossingen, vooral in gebieden waar de definitieve
regio Amsterdam, inclusief Amstelveen. Een bestaande
aardgasvrije warmte-oplossing nog op zich laat wachten.
warmtenet heeft direct afnemers waardoor er een betere
Hybride warmtepompen zijn een tussenoplossing om de
businesscase ontstaat.
periode tot 2050 te overbruggen en al fors te besparen op aardgas.
De hoge investeringen en onzekerheid over de afname maken dat geothermie de komende 10 jaar geen reële
Groen gas
warmtebron is die Amstelveen kan inzetten voor het
Groengas is een duurzaam alternatief, maar door de
verder aardgasvrij maken van de bestaande bebouwing
beperkte beschikbaarheid is het niet geschikt als volledige
buiten het bestaande warmtenet van Eneco.
vervanging voor aardgas, zeker niet voor het verwarmen van alle huizen en gebouwen. In het warmteprogramma
Ook de gemeente Haarlemmermeer bereidt op dit
wordt er voor de periode tot 2035 daarom geen rekening
moment een seismisch onderzoek voor, voor het gebied
gehouden met de beschikbaarheid van groengas.
Greenport regio Aalsmeer. De potentie van dit gebied zal
Waterstof
later duidelijk kunnen worden. Potentiële afnemers voor
Waterstof kan een sleutelrol spelen in sectoren
deze geothermie zal waarschijnlijk in eerste instantie de
waar andere duurzame opties lastig zijn, zoals in
glastuinbouw zijn, eventueel aangevuld met de gebouwde
buitengebieden, historische stadscentra en monumentale
omgeving.
panden. Het kan ook ingezet worden als opslag voor een overschot aan groene stroom. Op korte termijn is
Biomassa
er niet genoeg groene stroom om grootschalig groene
De inzet van Biomassa binnen de bebouwde omgeving
waterstof te produceren. De bestaande groene stroom
is in verband met stankoverlast en de impact op de
is nu al hard nodig voor andere toepassingen. In het
luchtkwaliteit door de uitstoot van fijnstof en NOx niet
warmteprogramma wordt er voor de periode tot 2035
geschikt als alternatief voor aardgas.
geen rekening gehouden met de beschikbaarheid van waterstof voor de gebouwde omgeving.
Individuele biomassa In all-electric buurten bestaat het risico dat huiseigenaren
Temperatuur verlagen in warmtenet
de keuze maken om houtachtige biomassa te gaan
De gemeente werkt toe naar warmtenetten op
gebruiken. Deze oplossing is ongewenst in verband met
middentemperatuur (70°C) of lager. Hierbij wordt
stankoverlast en de impact op de luchtkwaliteit door de
goed gekeken naar de effecten op het noodzakelijk
uitstoot van fijnstof en NOx.
isolatieniveau van woningen. Bij nieuwbouw kijken we of lagere temperaturen haalbaar zijn in relatie tot de warm
Koelen en netimpact
tapwatervraag.
De afweging voor een warmte-infrastructuur moet
5
in samenhang gemaakt worden met de behoefte aan koeling, en met de impact op de infrastructuur voor elektra. Nieuwe ontwikkelingen en innovatie In het warmteprogramma wordt uitgegaan van technieken die nu beschikbaar zijn, maar wordt zoveel mogelijk ruimte gelaten voor ontwikkeling en innovatie. Bewoners initiatieven (nieuw) Bij de uitwerking van het warmteprogramma wordt samenwerkt met bewoners initiatieven.
6