CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

RSV bijlage 1- BIZ Verordening Noorder Legmeerpolder

Raadsvergadering 26 november 2025, gemeente amstelveenBij agendapunt: Vaststellen Bedrijveninvesterings Zone (BIZ) Verordening Noorder Legmeerpolder (NLMP) 2026-20301.214 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening BI-zone Noorder Legmeerpolder – vastgoedeigenaren 2026-2030 Z25-101114 Verordening van de Gemeenteraad van de Gemeente Amstelveen houdende regels omtrent de bedrijveninvesteringszone ondernemersvereniging Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren (Verordening BI-zone ondernemersvereniging Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren 2026-2030) Intitulé Verordening BI-zone Noorder Legmeerpolder - vastgoedeigenaren 2026-2030 De raad van de gemeente Amstelveen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2025 gelet op artikel 1, eerste, derde, vierde en vijfde lid, artikel 2, eerste en tweede lid, artikel 3, eerste lid en artikel 7, eerste en vierde lid van de Wet op de bedrijveninvesteringszones; gezien de uitvoeringsovereenkomst van 17 oktober gesloten met BIZ-ondernemersvereniging Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren en het advies van de commissie ABM; besluit vast te stellen de "Verordening bedrijveninvesteringszone Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren". Hoofdstuk I. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: -

bedrijveninvesteringszone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart;

-

BIZ-bijdrage: bestemmingsbelasting die op verzoek van eigenaren jaarlijks wordt geheven om met de opbrengst activiteiten te realiseren als bedoeld in artikel 1 tweede lid van de wet;

-

college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amstelveen;

-

uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en BIZ-ondernemersvereniging Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren op 17 oktober 2025 gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;

-

wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones.

Hoofdstuk II. Belastingbepalingen Artikel 2. Belastbaar feit en aard van de belasting 1. Onder de naam "BIZ-bijdrage" wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2. De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de

leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone. Artikel 3. Voorwerp van belasting 1.

Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak.

2.

Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken.

Artikel 4. Belastingplicht 1.

De BIZ-bijdrage wordt geheven van de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van een in de BIZzone gelegen onroerende zaak.

2. Voor de toepassing van dit artikel wordt als eigenaar aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.

Artikel 5. Maatstaf van heffing 1. De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde voor het kalenderjaar 2026. 2. Indien met betrekking tot de onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 6. Vrijstellingen 1. In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard; b. onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente; c.

onroerende zaken die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport, kunst of cultuur, of voor andere activiteiten van sociale of culturele aard; d. onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst ter zake van brandweerzorg, rampenbeheersing, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening in de regio en de handhaving van de openbare orde en veiligheid; e.

onroerende zaken die uitsluitend dienen als opslag of garagebox en waarbij geen economische activiteiten plaatsvinden; f. onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn als werken die zijn bestemd voor de elektriciteitsvoorziening (zoals trafo’s en stroomdistributiecentra) en telecommunicatie; Artikel 7. Tarief BIZ-bijdrage Het tarief van de jaarlijkse BIZ-bijdrage voor de vastgoedeigenaren bedraagt voor de jaren 2026 tot en met 2030 0,15% van de WOZ-waarde van de onroerende zaak, vastgesteld voor het belastingjaar 2026. Artikel 8. Wijze van heffing De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Artikel 9. Termijnen van betaling 1.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de aanslagen betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.

2.

In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan minder is dan € 3.500,00 en zolang de verschuldigde bedragen door een automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven in dat geval moeten de aanslagen worden betaald in negen opeenvolgende gelijke, met uitzondering van kleine afrondingsverschillen, maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

3.

De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 10. Looptijd belastingheffing De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van vijf (5) jaar. Artikel 11. Nadere regels door het college Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZbijdrage. Hoofdstuk III. Subsidiebepalingen Artikel 12. Aanwijzing BIZ-ondernemersvereniging Noorder Legmeerpolder vastgoedeigenaren wordt aangewezen als de vereniging als bedoeld in artikel 7 van de wet. Artikel 13. Buiten toepassing algemene subsidieverordening

Op de subsidie bedoeld in artikel 14 is de Algemene subsidieverordening Amstelveen 2023 niet van toepassing. Artikel 14. Subsidievaststelling 1.

De subsidie voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst wordt verstrekt aan de in artikel 12 aangewezen vereniging.

2.

De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks daadwerkelijk ontvangen BIZbijdragen, nadat daarop de perceptiekosten in mindering zijn gebracht.

3.

Voor zover dit niet reeds is geschied in de uitvoeringsovereenkomst, kan het college nadere regels stellen met betrekking tot de verplichtingen van de subsidieontvanger.

Hoofdstuk IV. Slotbepalingen Artikel 15. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag nadat het college heeft bekendgemaakt dat van voldoende steun als bedoeld in artikel 4 van de wet is gebleken. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026. Artikel 16. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: BIZ Verordening BI-zone Noorder Legmeerpolder – vastgoedeigenaren 2026-2030. Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 december 2025. De voorzitter, Tjapko Poppens De griffier, Debby de Heus

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=73e05bd0-172d-46c9-b038-32b195681598