Notitie uitkomsten septembercirculaire 2021 gemeentefonds en overige ontwikkelingen
Tekst van het document
Z21-066542 D21-285984
INTERNE NO TITIE
Aan Via Van
De leden van de gemeenteraad Burgemeester en wethouders Herbert Raat, wethouder financiën
Datum
19 oktober 2021
Kopie
Uitkomsten septembercirculaire 2021 gemeentefonds en overige ontwikkelingen
Betreft
0. Inleiding/Samenvatting Deze notitie informeert u over de uitkomsten van de septembercirculaire 20211 en de bekendmaking van de bijstandsbudgetten 2021 (definitief) en 2022 (voorlopig)2. Deze aanvullende informatie is aangekondigd in de Programmabegroting 2022 en kan worden betrokken bij de Raadsbehandeling van de Programmabegroting 2022 op 10 november 2021. In deze notitie worden ook enkele overige actuele ontwikkelingen meegenomen om een zo volledig mogelijk beeld te geven voor de begrotingsbehandeling. De notitie sluit af met een actuele stand van de (ontwikkeling van de) algemene reserve en voorstellen voor besluitvorming. Samenvatting uitkomsten en voorstellen 1. De septembercirculaire en bekendmaking BUIG-budgetten betekenen “onderaan de streep” incidentele voordelen van € 2,1 miljoen in 2021 en € 1,7 miljoen in 2022. Structureel blijft de “reële nullijn” ongewijzigd in deze notitie: Nominaal is sprake van hogere accressen, maar dit betekent geen extra bestedingsruimte. Besluiten over structurele oplossingen, c.q. duidelijkheid over de tekorten sociaal domein en overige knelpunten in de financiële verhouding zijn doorgeschoven naar het nieuwe Kabinet en liggen nu op de formatietafel; 2.
Naast andere mutaties zijn het één jaar langer bevriezen van de opschalingskorting, een verwacht saldo (overschot) op het BCF (BTW Compensatiefonds) en de toekenning van een nieuwe tranche coronacompensaties de belangrijkste incidentele voordelen. Met de uitkering van extra geld voor Jeugdhulp (macro € 1,3 miljard naar aanleiding van advies arbitragecommissie Rijk/VNG) is al rekening gehouden in de aangeboden begroting. Als Amstelveens aandeel hierin is € 4 miljoen ingeboekt. Het definitieve bedrag volgens deze circulaire komt uit op € 4,25 miljoen; 3. De circulaire bevat verder enkele specifieke taakmutaties. Deze mutaties worden als regel budgettair neutraal verwerkt in relatie met samenhangende uitgavenposten en/of in afwachting van nadere besluitvorming. De grootste taakmutatie betreft € 0,8 miljoen incidenteel in 2021 als vervolgbedrag voor de TONK-regeling (Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten). Dit bedrag was al eerder aangekondigd; 4. Het slot van de notitie (paragraaf 2) behandelt een aantal overige ontwikkelingen (per saldo afgerond € 0,5 miljoen incidenteel extra middelenbeslag) om een zo actueel mogelijk beeld te bieden bij de begrotingsbehandeling. 5. Alle aanvullend voorgestelde besluitvorming na de opmaak van het begrotingsboek mondt uit in een nieuwe stand van de algemene reserve, die afgerond € 4,9 miljoen hoger uitkomt.
Hierin is niet alleen het effect van deze notitie meegenomen, maar ook het positieve effect van afgerond € 1,6 miljoen uit de Tweede Tijdvakrapportage 2021, die via een separaat collegevoorstel is aangeboden. Paragraaf 3 zet de stand van de algemene reserve op een rij. Het vervolg van deze notitie werkt een en ander uitvoeriger uit. Deze notitie met bijbehorende voorstellen worden, zoals aangekondigd, via een aangepast collegevoorstel “aanbieding Programmabegroting 2022” ter besluitvorming voorgelegd.
1
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/circulaires/2021/09/21/septembercirculaire-gemeentefonds-2021 https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2021/10/01/voorlopige-bijstandsbudgetten-2022-en-defini-
2
tieve-budgetten-2021-bekend
[Notitie uitkomsten septembercirculaire 2021 100/F012/ICT
D-2017/296946
gemeentefonds en overige ontwikkelingen]Z2017/046808
2 van 13
Pagina
1. Financieel totaaloverzicht met postgewijze toelichting Onderstaand overzicht geeft een recapitulatie van de uitkomsten van de septembercirculaire en de bekendmaking van de bijstandsbudgetten/BUIG-gelden. Na dit overzicht volgt een postgewijze toelichting. Uitkomsten septembercirculaire 2021 en bijstandsbudgetten/BUIG-gelden negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro
2021
2022
2023
2024
2025
-2.256
-3.398
-1.700
-1.700
-1.700
-1.700
-1.700
-1.700
A. Uitkomsten septembercirculaire A.1. budgettair septembercirculaire 2021 ev. 1a. extra budget Arbitrage Jeugd '22 (macro 1,3miljard) 1b. bevriezen opschalingskorting 1c. onderuitputting BCF 2021 1d. compensatie corona 2021/2022 1e. "oude jaren", bijstellingen 2019/2020 1f. algemene mutaties accres, uitkeringsfactor, areaal/nominaal, c.a.
-250 -1.210 -962 -281 77 -1.090
-238 -1.700
0
0
0
0
0
2a. toegekende taakmutaties 2b. aanpassing bijbehorende uitgavenbudgetten
-814 814
-114 114
-52 52
-52 52
-52 52
Sub-totaal A: Effect septembercirculaire
-2.256
-3.398
-1.700
-1.700
-1.700
167
315
315
315
315
-1.385 -1.698
-1.385
-1.385
-1.385
-2.089
A.2. taakmutaties
B. BUIG-gelden C. TOTAAL EFFECT SEPTEMBERCIRCULAIRE & BUIG C.1. Structureel -> reservering onzekerheid/tekorten C.2. Incidenteel -> ten gunste van algemene reserve
A.1. Budgettair effect septembercirculaire 2021ev Het budgettair effect is te onderscheiden in incidentele effecten 2021/2022 (de regels 1a t/m 1e) en posten met een meerjarige, structurele doorwerking (regel 1f). Hieronder volgt een postgewijze toelichting. ad. 1a) Arbitrage Jeugd Vlak ná het uitbrengen van de Perspectiefnota 2022 kwam het bericht dat het Rijk incidenteel voor 2022 een extra bedrag van € 1,3 miljard beschikbaar stelt aan gemeenten ter compensatie van de tekorten op Jeugd. Dit naar aanleiding van de uitspraak van de door Rijk en VNG ingestelde arbitragecommissie over de kosten voor Jeugdhulp, dat extra Rijksgeld voor gemeenten nodig is. Om een zo actueel en reëel mogelijk beeld te geven van onze financiële positie is via de aanvullende besluitvormingsvoorstellen bij de Perspectiefnota een indicatief, afgerond bedrag ingeboekt van € 4 miljoen als geschat Amstelveens aandeel in de genoemde € 1,3 miljard. De begroting bevat voor 2022 immers ook een reële raming van de noodzakelijke kosten, met een groot tekort “voor eigen rekening”. De uitkering van dit bedrag is nu verwerkt in de septembercirculaire en komt voor Amstelveen uit op een bedrag van € 4,25 miljoen. ad.
1b) Verlenging bevriezing opschalingskorting Het Kabinet Rutte-Samsom heeft met ingang van 2018 een tot en met 2025 (!) structureel oplopende “opschalingskorting” in het Regeerakkoord opgenomen van uiteindelijk een kleine € 1 miljard. Het venijn zit daarbij in de staart, de kortingen lopen de laatste jaren op. Vorig jaar in de septembercirculaire is de korting 2020/2021 incidenteel geschrapt. Het Kabinet heeft nu besloten om deze incidentele korting met een jaar uit te breiden en ook te laten gelden voor 2022.
Pagina
3 van 13
Voor Amstelveen bedraagt de cumulatieve korting die er in de jaarschijven 2020-2022 bijkomt afgerond € 1,2 miljoen per jaar. Dit bedrag valt nu incidenteel vrij in 2022. Hoewel deze korting over alle gemeenten volledig is losgezongen van de oorspronkelijke motivering (besparingen door een landelijke opschaling naar gemeenten met tenminste 100.000 inwoners), staat de korting structureel nog (?) onverminderd overeind. In de jaarschijven ‘24/’25 gaat het om respectievelijk € 0,6 en € 0,65 miljoen per jaar. De VNG brengt dit consequent als één van de grootste pijnpunten in de financiële verhouding ter sprake. ad. 1c) Onderuitputting BTW Compensatiefonds (BCF) De septembercirculaire bevat een toevoeging aan het gemeentefonds van € 216 miljoen (incidenteel 2021) op basis van een verwachte onderuitputting van het BCF over 2021. Voor Amstelveen betekent dit een incidenteel voordeel van € 0,96 miljoen. Gemeenten kunnen hun betaalde BTW (met inachtneming van de nodige nuanceringen) declareren bij het BCF. In het kader van het Regeerakkoord Rutte II was het voornemen om dit fonds af te schaffen. In nader overleg met de VNG is hiervan afgezien, maar is wel het budgettaire risico afgewenteld op de gemeenten. Als gemeenten in totaliteit meer declareren dan beschikbaar in het BCF, dan wordt dit bedrag gekort op het gemeentefonds.
Als gemeenten minder declareren komt het niet benutte deel van het fonds (de onderuitputting) ten gunste van het gemeentefonds. Dit wordt na afloop van het jaar afgerekend op basis van de werkelijke resultaten (meicirculaire 2022). Amstelveen heeft van meet af aan de bestendige gedragslijn gevolgd om de jaarlijkse afrekening van het BCF te verwerken op het moment van de definitieve nacalculatie (jaarlijks achteraf). Dat loopt op die manier gelijk op met de nacalculatie van de accressen op basis van werkelijke Rijksuitgaven (“samen trap op en trap af”). Gelijktijdige verwerking van beide nacalculaties geeft een dempend effect op de schommelingen. Voor 2020/2021 ligt de situatie anders, omdat Rijk en de VNG hebben afgesproken, vanwege de onzekerheden en verstoringen door de coronapandemie, om de accressen 2020 en 2021 te bevriezen op het peil van de meicirculaire 2020 en niet meer na te calculeren. Daarmee vervalt een belangrijke reden om de voorziene onderuitputting BCF aan te houden. Daarom volgen we in 2020/2021 de circulaire en valt nu incidenteel in 2021 een bedrag vrij. ad. 1d) compensatie corona De septembercirculaire bevat een nieuw pakket, het vijfde inmiddels, aan coronacompensatie. Het gaat om een totaalbedrag van € 1,3 miljoen, waarvan € 0,8 miljoen voor TONK (II), die hierna als aparte taakmutatie terugkomt.
De resterende € 0,5 miljoen betreft voor € 0,3 miljoen lokale cultuur/dorpshuizen (incidenteel ’21) en voor € 0,2 miljoen schuldenbeleid, bijzondere bijstand en reintegratie (incidenteel ’22). Conform de geldende lijn acteert Amstelveen op maat op noodzakelijke corona ondersteuning via het Lokaal Coronafonds en overige in de eigen begroting vrijgemaakte middelen (€ 1 miljoen/jaar 2021-2023 voor schuldhulpverlening en werk) en valt deze € 0,5 miljoen vrij ten gunste van de algemene reserve. Bijlage 1 bevat een overzicht van alle ontvangen coronacompensatiepakketten. Gemeenten ontvangen ook nog een compensatie voor gederfde inkomsten (met name toeristenbelasting, parkeerbelasting). Deze compensatie wordt over 2020 en 2021 achteraf toegekend op basis van de rekeningcijfers per individuele gemeente. Het streven is erop gericht om de compensatie over 2020 najaar 2021 uit te keren. De nog te ontvangen compensatie wordt ingeschat op circa € 2,7 miljoen.
Pagina
4 van 13
ad. 1e) “oude jaren” Bijstellingen op gehanteerde aantallen op verdeelmaatstaven (landelijk en lokaal), door het beschikbaar komen van nieuwe/definitieve CBS-statistieken leiden tot mutaties op reeds afgesloten uitkeringsjaren. Het effect hiervan is deze keer een incidenteel nadeel van € 77.000. ad. 1f: algemene mutaties accres, uitkeringsfactor, areaal/nominaal, c.a. Deze paragraaf behandelt de meerjarige accresontwikkeling in samenhang met de nominale ontwikkeling en overige algemene mutaties die met elkaar “de lengte of de breedte”, c.q. de groei/krimp van de speelruimte van de algemene uitkering bepalen. specificatie algemene mutaties accres, uitkeringsbasis, areaal, c.a.
negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro
2021
2022
2023
2024
2025
-1.482
-1.537
-1.592
-1.637
-995 -95
-342 209 -85
-287 209 -85
-232 209 -85
-187 209 -85
-1.090
-1.700
-1.700
-1.700
-1.700
1f-1) reëel accres (incl. stelpost nominaal) 1f-2) uitkeringsbasis/areaal, c.a. (incl. WOZ en stelpost areaal) 1f-3) macro mutaties sociaal domein * vrijval reservering uitname trekk.rechten uitvoering PGB Totaal
1f-1) accres De bijstelling van het gemeentefondsaccres betekent dat het gemeentefonds “mee-ademt” met de ontwikkeling van de Rijksuitgaven (“samen trap op en samen trap af”). De te verdelen koek wordt groter of kleiner al naar gelang het Rijk zelf meer of minder uitgeeft. “Accres” is de gemeentefondsterm voor groei. Dit accres, c.q. deze groei kan ook negatief zijn. Er wordt onderscheid gemaakt tussen nominaal accres (de totale mutatie inclusief inflatie) en reëel accres (de totale mutatie geschoond voor inflatie). Tenzij anders vermeld wordt met accres het nominaal accres bedoeld. Bij het uitbreken van de coronapandemie is het accres voor 2020 en 2021 bevroren ter wille van rust en zekerheid. Deze accressen wijzigen niet meer. Vanaf 2022 geldt weer de trap-op-trap-systematiek. Als uitvloeisel van forse extra Rijksuitgaven in de Miljoenennota, geeft deze circulaire per 2022 en een structureel hoger accres van € 2,6 miljoen, waarvan € 1,1 miljoen wordt gereserveerd voor een hogere loon- en prijsontwikkeling (stelpost nominaal). Er resteert dan een reële accrestoename van € 1,5 miljoen. De reservering voor nominaal is gebaseerd op 0,5% extra loonstijging (3% in plaats van 2,5% cao en sociale lasten) en 1% extra prijsstijging (2,5% in plaats van 1,5%).
De circulaire verwijst voor de nominale ontwikkeling naar de cijfers van het CPB (Centraal Planbureau) en benadrukt dat dit wel een eigen gemeentelijke vertaling vraagt3. Voor wat betreft de meerjarige accresontwikkeling 2023-2025 is de bestaande gedragslijn gehandhaafd van een trendmatige raming op basis van een “reële nullijn”. Dit betekent dat het uitgangspunt is, dat de meerjarige accressen toereikend zijn om de loon- en prijsontwikkeling op te vangen. Daarbij zijn ook de (relatief beperkte) meerjarige mutaties op areaal/uitkeringsbasis (regel 1f-2) meegenomen. De stelpost nominaal wordt meerjarig met € 0,25 miljoen verhoogd vanwege een groei van de totale omvang (grondslag) van de loon- en prijsgevoelige budgetten. Deze grondslag is geactualiseerd op basis van de gedetailleerde nominale uitwerking deze nieuwe begroting.
3
Er is geen permanente, directe 1-op-1-relatie waardoor gemeenten hun nominale kosten automatisch via het gemeentefonds gecompenseerd krijgen. Denk aan de volgende verschillen: (1) Rijk en gemeenten kennen eigen cao’s die ongelijktijdig verlopen en ook qua uitkomsten verschillen. (2) De Rijksbegroting kent verschillende indexen die niet parallel lopen met de gemeentelijke huishouding (bijv. Defensie). (3) Het is wisselend en onduidelijk hoe/wanneer nominale ontwikkelingen zich exact vertalen in de uitzetting van departementsbegrotingen, c.q. Rijksuitgaven. (4) Onderdeel van de accressen is ook de volume ontwikkeling, denk aan zorguitgaven.
Pagina
5 van 13
1f-2) uitkeringsbasis/areaal Samen met het accres worden ook overige algemene mutaties verwerkt, zoals de ontwikkeling van de uitkeringsbasis in samenhang met volumemutaties op maatstaven, landelijk en lokaal. Deze categorie mutaties valt onder regel 1f-2. De areaalontwikkeling wordt vertekend door een recente mutatie op een “zware” verdeelmaatstaf medicijngebruik. In de onderliggende specificaties per gemeente is al wel rekening gehouden met een groei van deze maatstaf (effect voor Amstelveen afgerond € 0,5 miljoen positief), maar in de circulaire is nog geen rekening gehouden met de doorwerking daarvan in de uitkeringsfactor (tegengesteld effect)4. Dit wordt meegenomen in de eerstvolgende circulaire. In afwachting hiervan is de te verwachten correctie ingedekt door een reservering op de stelpost areaal van € 0,5 miljoen structureel per 2022. Daarnaast is sprake van tal van andere bijstellingen op verdeelmaatstaven en uitkeringsfactor. De totale reservering (structureel 2022) op de stelpost areaal, inclusief een reguliere reservering voor overige areaalontwikkelingen bedraagt € 0,8 miljoen5. Met inachtneming hiervan is sprake van een structureel budgettair voordelig areaaleffect van € 0,3 miljoen per 2022. Incidenteel in 2021 is sprake van een voordeel van € 1 miljoen.
Meerjarig 2023-2025 zijn de accres- en areaalontwikkeling samen neutraal verwerkt (trendmatig stabiel, reële nullijn). 1f-3) macro mutaties sociaal domein Ter dekking van de uitvoeringskosten bij de SVB voor pgb trekkingsrechten wordt jaarlijks bij de septembercirculaire een bedrag uit het gemeentefonds genomen op basis van de nieuwe SVB-begroting. Het jaar erop valt dit bedrag vrij in de meicirculaire en wordt vervolgens weer een nieuw bedrag uitgenomen in de septembercirculaire. Gelet op het terugkerende karakter van deze post is de vrijval in de afgelopen meicirculaire gereserveerd in afwachting van uitsluitsel in de komende septembercirculaire over de (bijdrage in de) uitvoeringskosten 2021. De reservering ad. € 0,1 miljoen valt nu weer vrij, in samenhang met de uitname uit het gemeentefonds in deze septembercirculaire; Verder vinden nog enkele uitnames plaats uit het gemeentefonds op basis van specifieke afspraken. Het effect voor Amstelveen is incidenteel € 0,1 miljoen voordelig in 2021 en structureel € 0,2 miljoen nadelig vanaf 2022. De belangrijkste verklaring voor het structurele nadeel betreft de hulpmiddelenzorg aan cliënten die in een Wlz-instelling wonen. Vanaf 1 januari 2020 worden mobiliteitshulpmiddelen (zoals rolstoel, scootmobiel) voor alle cliënten in een Wlz-instelling verstrekt vanuit de Wlz en niet meer vanuit de Wmo 2015.
Hiervoor zijn “aan de voorkant” middelen overgeheveld op ramingsbasis. Op basis van nacalculatie wordt nu nog een extra bedrag uit het gemeentefonds overgeheveld naar de Wlz. Het incidentele voordeel komt door een nabetaling op extra gelden voor Jeugdhulp 2021 (verkorting wachtlijsten). In eerste aanleg was een bedrag achter de hand gehouden voor een centrale aanpak. Het niet bestede deel komt nu alsnog tot uitkering aan alle gemeenten.
4 Bij groei van een verdeelmaatstaf wordt er meer geld verdeeld via die maatstaf, maar “de koek” blijft evengroot. De groei van de maatstaf wordt dan gecompenseerd door de uitkeringsfactor in de algemene uitkering te verlagen. 5 De stelpost areaal heeft een tweeledig doel: In de eerste plaats worden via deze stelpost schommelingen in volumemutaties op de maatstafgegevens van verdeelmaatstaven verevend. Enerzijds plussen en minnen tussen verschillende maatstaven, anderzijds verschillen in de tijd tussen de verwerking in het gemeentefonds van mutaties op macroniveau en op gemeenteniveau. In de tweede plaats is er geen directe 1-op-1-relatie in tijd en omvang tussen areaaleffecten, c.q. autonome ontwikkelingen aan de uitgavenkant en aan de inkomstenkant. Deze stelpost biedt de mogelijkheid hier flexibel mee om te gaan. Een positief areaaleffect aan de inkomstenkant wordt via deze stelpost gereserveerd en de inzet verloopt als regel via integrale afweging bij de Perspectiefnota. De stelposten nominaal en areaal zijn twee stabilisatoren in het meerjarig trendmatig beleid.
Pagina
6 van 13
A.2. Taakmutaties De septembercirculaire bevat de volgende nieuwe toevoegingen en onttrekkingen in verband met specifieke maatregelen (taakmutaties). De algemene beleidslijn is, dat het in deze gevallen gaat om wijzigingen in taken/werkzaamheden en dat er een directe relatie is met samenhangende uitgavenbudgetten waarmee verrekening plaatsvindt. Afhankelijk van de aard en omvang van de maatregel kan nadere besluitvorming plaatsvinden aan de hand van aparte advisering. Deze circulaire gaat het om eenmalig € 0,8 miljoen in 2021 voor TONK (II) en enkele kleinere posten in 2021 en latere jaren. bedragen x € 1.000
specificatie taakmutaties 2021 a) TONK (II) b) Landelijk interventieteam c) EPBD (III); energieprestatie gebouwen d) Toez. & handh. Gastouderopvang e) Rijksvaccinatieprogramma f) GIDS (Gezond In De Stad) Totaal toekenning taakmutaties
incidenteel structureel incidenteel
2022
2023
2024
2025
7
7
7
7
30 15 62
30 15
30 15
30 15
114
52
52
52
804 10
structureel structureel incidenteel
814
ad a) TONK (II) Via Coronacompensatiepakket IV (maartbrief 2021, verwerkt in de Perspectiefnota 2022) heeft Amstelveen een eerste bedrag ontvangen van afgerond €0,3 miljoen voor de uitvoering van de TONK-regeling (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten). Dit bedrag was bedoeld voor de eerste maanden en daarbij is reeds een vervolgbedrag in het vooruitzicht gesteld voor de rest van 2021. Dat bedrag wordt nu uitgekeerd via de septembercirculaire en bedraagt € 0,8 miljoen. Via separate besluitvorming is hierop reeds geanticipeerd. Er valt op dit moment geen harde prognose van de uitgaven te maken. Op dit moment lijken de middelen voor deze specifieke regeling nog meer dan toereikend. Op andere onderdelen in het sociaal domein is sprake van tekorten. Voor een helder beeld en transparante verantwoording worden de ontvangen middelen toegevoegd aan het programma Sociaal Domein en vindt in de jaarrekening verantwoording plaats over de gemaakte uitgaven. ad. b) Landelijk interventieteam In de Landelijke Structuur Interventieteams (LSI) werken gemeenten samen met andere overheidsorganisaties ter voorkoming en terugdringing van belasting- en premiefraude, toeslagenfraude, uitkeringsfraude, overtredingen van arbeidswetgeving en daarmee samenhangende misstanden zoals door de LSI aangeduid.
Het Rijk stelt structurele middelen beschikbaar ter ondersteuning van gemeenten bij de uitvoering van projecten binnen de LSI. Voor Amstelveen gaat het om € 7.000 structureel vanaf 2022. ad. c) Europese richtlijn energieprestatie gebouwen (EPBD III) De regelgeving gericht op verbetering van de energie-efficiëntie van gebouw is uitgebreid (implementatie herziening Europese richtlijn). De gemeente is het bevoegde gezag en via de algemene uitkering ontvangen gemeenten compensatie voor de handhavingslasten. Voor Amstelveen gaat dit om een incidenteel bedrag van € 10.000 in 2021. Dit bedrag wordt gereserveerd voor de Omgevingsdienst, die deze taak uitvoert. Informatie over de bekostiging na 2021 volgt een in latere circulaire.
Pagina
7 van 13
ad d) Toezicht en handhaving gastouderopvang Voor het ondersteunen van gemeenten bij hun handhavingstaak in de kinderopvang in het kader van het intensiveren van toezicht en handhaving van de gastouderopvang stelt het Rijk een structureel bedrag beschikbaar. Amstelveen ontvangt € 30.000 structureel vanaf 2022. ad e) Rijksvaccinatieprogramma Amstelveen ontvangt € 15.000 structureel vanaf 2022 voor nieuwe taken die worden geserveerd voor een bijdrage aan de GGD/JGZ, die deze taken uitvoert. Het betreft een uitbreiding van het Rijksvaccinatieprogramma: Met ingang van 1 januari 2022 worden naast meisjes ook jongens gevaccineerd tegen het Humaan Papillomavirus (HPV-virus). Daarnaast wordt de vaccinatieleeftijd verlaagd naar 10 jaar ad f) GIDS (Gezond In De Stad) Amstelveen neemt deel aan het stimuleringsprogramma Gezond in de Stad (GIDS) en ontvangt in dat kader al enige jaren middelen via het gemeentefonds. Deze circulaire bevat een aanvullend incidenteel bedrag om dit programma ook in 2022 voort te zetten. Amstelveen ontvangt € 62.000. Het programma geeft de deelnemende gemeenten extra ruimte om de gezondheid van mensen in een lage sociaaleconomische positie structureel en duurzaam te verbeteren.
B. Bijstandsbudgetten / BUIG-gelden Het Ministerie van SZW heeft 1 oktober opgaven verstrekt voor de bijstandsgelden 2020/2021. Dit betreft het definitieve budget 2021 en het voorlopige budget 2022. Deze gelden worden aangeduid als BUIG-gelden (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorziening Gemeenten). Het gaat om een budget dat gemeenten ontvangen voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen. Als gemeenten meer of minder uitgeven aan bijstandsuitkeringen blijft dit voor rekening van de gemeente. Het macrobudget wordt vastgesteld met rekenregels van het CPB voor de prognose van het totale verwachte bijstandsvolume als afgeleid van de economische ontwikkeling en de ontwikkeling van de werkloosheid, rekening houdend met eventuele gevolgen van specifiek Rijksbeleid dat van invloed is op het bijstandsvolume. Dit budget wordt voor het grootste bepaald via een objectief verdeelmodel. Nieuw is, dat met ingang een apart deelbudget Loonkostensubsidie is gevormd, dat wordt verdeeld op basis van de historische (werkelijke) uitgaven van gemeenten op dit onderdeel in het voorafgaande jaar (t-1). Dit als beoogde prikkel om dit instrument in te zetten. Dit budget gaat alleen over de uitkeringsgelden. De bekostiging van de ambtelijke uitvoeringskosten wordt geacht plaats te vinden via de algemene uitkering gemeentefonds.
Het totale macrobudget voor de BUIG-gelden bedraagt afgerond € 6,4 miljard, waarvan € 0,3 miljard deelbudget Loonkostensubsidie. In eerste aanleg had het Rijk extra middelen toegevoegd voor corona-effecten, maar door de steunpakketten en de momenteel sterk aantrekkende economie is hiervan nu geen sprake meer. Dit gaat niet over de TOZO-regeling, die kent een eigen geldstroom. 1. definitief budget 2021 Het Amstelveense BUIG-budget 2021 is definitief vastgesteld op € 23,2 miljoen. Dit is € 0,6 miljoen minder dan de actuele raming van € 23,8 miljoen. Het verschil wordt geheel verklaard door een positieve bijstelling van de conjunctuur (economische ontwikkeling). Dit positieve effect is ook aan de uitgavenkant zichtbaar. De uitgavenraming kan met afgerond € 0,45 miljoen worden verlaagd, zodat per saldo sprake is van een relatief geringe nadelige bijstelling van € 0,15 miljoen (incidenteel 2021).
Pagina
8 van 13
2. voorlopig budget 2022 Voor 2022 is nu een eerste voorlopige opgave verstrekt. Deze voorlopige opgave 2022 is per saldo vrijwel gelijk aan het definitieve budget 2021 met een marginale daling van € 50.000 (van € 23,20 miljoen naar € 23,15 miljoen). Daarbinnen is wel sprake van verschillende mutaties (afgeronde bedragen): a) Rijksbeleid: instroom door afbouw Wajong/WSW € 200.000 b) Rijksbeleid: instroom BBZ na stoppen TOZO-regeling 150.000 c) Nadelig herverdeeleffect actualisering maatstaven verdeelmodel 300.000 -/d) Conjunctuur (incl. apart nieuw deelbudget Loonkostensubsidie) 100.000 -/Totaal 50.000 -/====== ad. a) en b) Rijksbeleid De hogere instroom als gevolg van afbouw Wajong/WSW en hogere instroom in de BBZ na het stoppen van de TOZO-regeling zien en verwachten we ook in Amstelveen. Aan de uitgavenkant houden we rekening met een gelijke uitgavenstijging van in totaal € 350.000. ad. c) Nadelig herverdeeleffect De actualisering van de verdeelmaatstaven/grondslag van het verdeelmodel van 2021 naar 2022 betekenen voor Amstelveen een nadelig herverdeeleffect (lager budgetaandeel) van afgerond € 0,3 miljoen. Dit is een relatief gering effect (1,5% op het totale budget). Amstelveen blijft onverminderd een “voordeelgemeente” op dit onderdeel.
Het voordeel op de BUIG-gelden is in voorgaande jaren reeds geheel ingezet, deels voor een hogere inzet op re-integratie/Werkplein en deels om andere tekorten binnen het sociaal domein (met name op Jeugdhulp) voor een deel te dekken. Dit nadelig herverdeeleffect komt ten laste van de algemene middelen (cf. regel B. totaaloverzicht). ad. d) Conjunctuur De conjuncturele ontwikkeling blijft onzeker en is in deze notitie in structurele zin budgettair neutraal verwerkt. Inclusief de structurele doorwerking van de ontwikkeling van het bijstandsvolume 2021 komt dit neer op een aanvullende uitgavenverlaging in 2022 van afgerond € 0,25 miljoen.
C. Totaal effect Septembercirculaire en BUIG-gelden De uitwerking van de septembercirculaire en de bekendmaking van de BUIG-gelden leidt tot een incidenteel effect en een structureel effect. Incidenteel is sprake van € 2,1 miljoen voordeel in 2021 en € 1,7 miljoen voordeel in 2022. Dit betekent in totaal € 3,7 miljoen ten gunste van de algemene reserve. Structureel komt het effect uit op € 1,4 miljoen voordelig met het voorstel dit te reserveren op een stelpost onzekerheid/tekorten op grond van de volgende overwegingen: 1) Het nu rekenkundig resterende structurele effect is geen reële bestedingsruimte. In algemene zin is en blijft de actuele financiële verhouding uiterst complex, onzeker en risicovol. Het Rijk schuift structurele oplossingen, c.q. besluiten hierover naar voren, naar het nieuwe Kabinet. De grote lijn in de aangeboden begroting 2022 blijft ongewijzigd: Voor 2021/2022 blijven we doen wat nodig is en nemen grote tekorten voor eigen rekening in afwachting van uitsluitsel via een nieuw Regeerakkoord, c.a. om daarna de balans op te kunnen maken (“waarvoor staan we aan de lat?”) en een goede basis te hebben voor een eigen brede, integrale afweging van (structurele) maatregelen via het College Uitvoeringsprogramma 2022-2026;
Pagina
9 van 13
3) In het accres zit de doorwerking (“samen trap op”) van hogere uitgavenramingen van het Rijk in de Miljoenennota (o.a. klimaat). Als deze bedragen niet daadwerkelijk worden uitgegeven (en dat is in dit tempo hoogstwaarschijnlijk), dan gaan we eind van de rit met afrekenen weer samen de trap af en gaat het accres alsnog, achteraf omlaag; 4) In het accres zit niet de doorwerking van de extra uitgaven via de Algemene Politieke Beschouwingen (afgerond € 1 miljard). Daarin zitten onder andere bedragen voor hogere salarissen in de zorg. Dit zal hoogstwaarschijnlijk wel snel daadwerkelijk tot uitgaven leiden. Het Rijk stelt hiervoor “samen de trap op” buiten werking en wil dat in een breder kader (Regeerakkoord) bezien6; 5) In het verlengde hiervan zal het Rijk naar verwachting ook ten aanzien van klimaat, c.a. gemeenten aanspreken om vanuit de hogere accressen hun aandeel te leveren in deze maatschappelijke opgaven. Zo worden de accressen snel meer dan één keer uitgegegeven; 6) Het nu direct “wegstrepen” van het structurele voordeel van € 1,4 miljoen tegenover een deel van het huidige tekort op Jeugd is geen wenselijk alternatief omdat daarmee een helder zicht op de totale problematiek verdwijnt en een integrale afweging wordt doorkruist.
2. Overige ontwikkelingen In deze paragraaf een aantal overige, nagekomen ontwikkelingen aan de orde die nog een plekje vragen in de besluitvorming na de brede afweging bij de Perspectiefnota en de opmaak van het begrotingsboek. Het gaat niet om een heropening van de kaderstellende afweging van nieuwe ambities zoals die plaatsvindt bij de Perspectiefnota, maar om posten, c.q. onderwerpen die gelet op hun merites nu in beschouwing moeten worden betrokken voor een zo goed mogelijk beeld bij de begrotingsbehandeling. Structureel is sprake van één, beperkt en neutraal voorstel. Incidenteel gaat het om zes onderwerpen met per saldo een extra middelen beslag van € 0,5 miljoen. Onderstaand overzicht zet deze posten op een rij. Daarna volgt een postgewijze toelichting. Overige ontwikkelingen begrotingsbehandeling 2022
negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro
2021
2022
2023
2024
2025
-117 300
-12
-150
-68
175 -75
Incidenteel a) bijstelling 2e Tijdvakrapp., grondexploitaties b) vergaderfaciliteiten gemeenteraad c) kinderopvangtoeslag d) motie basisbanen * samenhangende verlaging b ijstandsb udget e) voorbereiding Omgevingswet/Wet kwaliteitsborging bouw f) voorbereiding en uitvoering nieuwe wet Inburgering g) hogere gasprijs/energiekosten
p.m. p.m. p.m.
175 -75 p.m. p.m. p.m.
Totaal incidenteel t.l.v./t.g.v. de algemene reserve
386
283
88
-150
-68
28 -28
28 -28
28 -28
28 -28
0
0
0
0
386
Structureel h) uitvoering beleid palen, Oude Dorp * t.l.v. stelpost onvoorzien Totaal structureel
6
0
Dossiers die een rol spelen in de bredere beschouwing van de financiële verhouding zijn in ieder geval (1) de bekostiging van het sociaal domein, in het bijzonder het structurele tekort Jeugd, maar ook het abonnementstarief en algehele kostenontwikkeling Wmo; (2) de bekostiging van het Klimaatakkoord (duurzaamheid, energietransitie, etc.); (3) de bekostiging van de invoering en uitvoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouw; (4) een geheel nieuw verdeelstelsel voor het gemeentefonds; (5) een evaluatie van de normeringssystematiek (samen de trap op en samen de trap af); (6) een mogelijke uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied.
Pagina
10 van 13
ad. a) bijstelling 2e Tijdvakrapportage, grondexploitaties De Tweede Tijdvakrapportage bevat bijstellingen van prognoses van projecten ruimtelijke ontwikkelingen uit het MPG (Meerjarenprogramma grondexploitaties) met een meerjarig effect op diverse taakvelden en programma’s. Hierop doet zich een nagekomen aanpassing voor. Deze heeft geen betrekking op 2021, maar betreft 2022 en verder. De aanpassing heeft geen gevolgen voor de inhoudelijke toelichtingen in de Tweede Tijdvakrapportage. Verspreid over de jaarschijven 2022 tot en met 2025 komt € 0,35 miljoen extra ten gunste van de algemene reserve. Bijstelling grexen, nagekomen aanpassing op Tweede Tijdvakrapportage 2021 Boekwerk Tweede Tijdvakrapportage 2021 -1.742 Nagekomen aanpassingen Totaal bijstelling grondexploitaties incl. aanpassingen -1.742
negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro
2022 614 -117 497
2023 -99 -12 -111
2024 340 -150 190
2025 -1.322 -68 -1.390
ad. b) vergaderfaciliteiten gemeenteraad In 2017 is de bestuursvleugel met uitzondering van de raadzaal gerenoveerd. Daarmee werd de mogelijkheid open gehouden om in overleg met de gemeenteraad te besluiten welke vergadervorm en daarbij behorende inrichting het meest toekomstbestendig zou zijn. De afgelopen bestuursperiode is de vergadervorm diverse keren geëvalueerd. In maart 2022 zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Voor die tijd zal de huidige raad een aangepast Reglement van orde voorgelegd krijgen waarin de uitwerking van het nieuwe vergadermodel is opgenomen. Aanpassingen aan de raadzaal kunnen in het zomerreces van 2022 worden gerealiseerd. De komende periode wordt de vervanging van het audio-/videosysteem in de raadzaal voorbereid. Dit systeem is uit de jaren 90 en dringend aan vervanging toe. De kosten hiervan worden gedekt uit het reguliere vervangingsbudget. Voor overige aanpassingen ter verbetering, c.q. uitbreiding van de vergaderfaciliteiten met het oog op het nieuwe vergadermodel, is een aanvullend incidenteel bedrag opgenomen van € 300.000. Dit betreft met name het mogelijk maken van parallel vergaderen inclusief het creëren van een tweede grotere vergaderruimte, als aanvulling op de raadszaal. ad.
c) Kinderopvangtoeslag (KOT) In de Perspectiefnota 2022 is aangegeven, dat naar aanleiding van de Kinderopvangtoeslagaffaire voor hulp en informatie binnen de gemeente een steunpunt is opgericht. Op dit moment is er meer bekend over de omvang van de affaire en worden de financiële consequenties duidelijker. Dit betreft enerzijds de kosten van het opgerichte meldpunt en anderzijds uitgaven minimabeleid: Ten aanzien van de uitvoeringskosten voor het meldpunt Kinderopvangtoeslagaffaire en de casusregie gaat het in 2021 om een bedrag van € 441.000 (uitvoeringskosten zoals consulenten steunpunt, coördinatie en casusregie). Vanuit de gemeente Aalsmeer wordt voor de dienstverlening van het meldpunt een bedrag van € 110.000 bijgedragen. Via de Perspectiefnota 2022 is voor 2021 reeds € 45.000 beschikbaar gesteld. Per saldo is dan nog € 286.000 extra nodig. Vanuit het Rijk is gevraagd om gedupeerden ruimhartig tegemoet te komen bij het compenseren van de gevolgen van deze affaire. De inwoners die zich hebben gemeld bij het steunpunt worden breed uitgevraagd op vijf leefgebieden. Tot op heden is de meeste compensatie geboden op het leefgebied inkomen. Dit heeft geleid tot extra uitgaven vanuit het minimabeleid en dan met name bij de verstrekking van bijzondere bijstand. In de periode van mei tot en met augustus 2021 is in totaal een bedrag uitgegeven van rond de € 55.000.
De inschatting is dat deze ontwikkeling zich tot het eind van het jaar zal voortzetten. Met het oog op deze ontwikkeling van de productkosten wordt voorgesteld het budget voor het minimabeleid in de begroting van 2021 te verhogen met € 100.000. Ook ten aanzien van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen handelen wij ruimhartig op dit dossier. Voor wat betreft de financiële gevolgen gaan we uit van een kostendekkende vergoeding van het Rijk via de Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp gedupeerden toeslagenproblematiek. Zoals eerder aangegeven nemen wij onze verantwoordelijkheid vooruitlopend op het beschikbaar komen van deze vergoeding.
Pagina
11 van 13
ad. d) motie basisbanen Ter uitvoering van de raadsbreed aanvaarde motie basisbanen (raadsvergadering 29sep21) bevat dit voorstel eenmalige bedragen in 2022 en 2023 voor het houden van de gevraagde pilot basisbanen. Inhoudelijke kern is inwoners sociaal/maatschappelijk mee te laten doen als zij structureel geen perspectief op werk hebben én waarvoor alles als is uitgeprobeerd om echt werk en echt salaris wel mogelijk te maken. In de motie zelf en een eerder uitgebrachte notitie basisbanen is dit nader uitgewerkt. De pilot houdt in, dat in beide jaren 5 personen deelnemen waarmee een bedrag aan kosten is gemoeid van € 35.000 per persoon (totaal € 175.000). Hiervan kan € 15.000 worden gedekt door het hierdoor “uitsparen” van een bijstandsuitkering (totaal € 75.000). Het netto-beslag op de algemene middelen is hiermee 2 keer € 100.000 per jaar ad. e) voorbereiding en implementatie Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouw Na enkele keren uitstel is nu 1 juli 2022 is datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor de bouw. Deze nieuwe wetgeving brengt ingrijpende wijzigingen met zich mee in regelgeving en uitvoering en heeft grote inhoudelijk en financiële impact. Dit laatste zowel wat de inkomstenkant als de wat uitgavenkant betreft.
Een structureel afdoende bekostiging van de uitvoering van de nieuwe wetgeving is nog niet goed geregeld en een risico. Voor de incidentele kosten van voorbereiding/invoering hebben in eerste aanleg beide gemeentebesturen van Amstelveen en Aalsmeer hiervoor bedragen toegekend. In tweede aanleg is binnen de bedrijfsvoering geld vrijgemaakt voor een noodzakelijke opschaling van de benodigde projectorganisatie om tijdig en goed toegerust te zijn voor de nieuwe wetgeving. Dit was nog geënt op inwerkingtreding per 1 januari 2022. Het naderhand bekend gemaakte verdere uitstel tot 1 juli 2022 betekent een langere doorloop van de voorbereiding en de projectorganisatie. Vooralsnog is het streven om de hiermee samenhangende meerkosten (indicatief € 0,5 miljoen) ook binnen de bedrijfsvoering op te vangen. Na opmaak van de jaarrekening 2021 ligt het ijkmoment op te bezien of dit haalbaar is. ad. f) voorbereiding en implementatie nieuwe wet inburgering Op 1 januari 2022 treedt de Wet inburgering in werking. Gemeenten ontvangen via een Specifieke Uitkering van SZW middelen voor de bekostiging van inburgeringsvoorzieningen. Deze bedragen zijn 30 september door het Rijk bekend gemaakt. Amstelveen ontvangt € 0,6 miljoen. Dit loopt in de pas met de tot dusver opgenomen raming, zodat het financieel kader in de vastgestelde nota Inburgering ongewijzigd blijft.
Naast de hier genoemde specifieke uitkering voor kosten van inburgeringsvoorzieningen ontvangen gemeenten via taakmutaties in het gemeentefonds bedragen voor invoerings- en uitvoeringskosten. Deze bedragen zijn al langer bekend via vorige gemeentefondscirculaires. ad. g) hogere gasprijs/energiekosten In paragraaf 1 is bij de algemene accresontwikkeling rekening gehouden met een hogere prijsontwikkeling. Daar is 1% extra prijsontwikkeling verwerkt per 2022 in aansluiting op de CPB-cijfers rond de Miljoennota. De actuele explosie van de gasprijs zit hierin niet verdisconteerd en het effect hiervan op de gemeentebegroting is nu niet aan te geven. Gevolgen voor 2021 komen tot uitdrukking in de jaarrekening. Eventuele meer structurele ontwikkelingen worden betrokken bij de Perspectiefnota 2023. ad. h) uitvoering beleid palen Oude Dorp De uitvoering van het nieuw vastgestelde beleid inzake de palen in het Oude Dorp brengt structureel € 28.000 aan kosten met zich mee (ontheffingenbeleid). Dit bedrag wordt via deze notitie toegevoegd aan de begroting met als dekking de inzet van de post voor onvoorziene uitgaven. Er is nog een restant op deze post in 2021, zodat dit niet ten koste gaat van het nieuw beschikbaar komende bedrag voor 2022.
Pagina
12 van 13
3. Stand en ontwikkeling algemene reserve Ten opzichte van het aangeboden boekwerk Programmabegroting 2022 leidt deze notitie tot voorstellen voor aanvullende besluitvorming met een positief effect op de algemene reserve van afgerond € 3,3 miljoen (effect septembercirculaire/BUIG ad. € 3,8 miljoen minus € 0,5 miljoen effect overige ontwikkelingen). Daarnaast staat in de begrotingsraad ook de Tweede Tijdvakrapportage 2021 op de agenda met een positief effect op de algemene reserve van € 1,6 miljoen. Samen betekent dit een verbetering van de reservepositie met € 4,9 miljoen ultimo 2025. Zie ook onderstaand overzicht. Algemene reserve
stand per 1jan; bedrag stand xper €1miljoen 1jan; bedrag x €1miljoen
2022
2023
2024
2025
2026
Stand algemene reserve per 1januari: # WAS: Boekwerk Programmabegroting 2022 (blz.12) # WORDT: Incl. aanvullend voorgestelde besluitv. Begrotingsraad
27,3 32,4
18,5 22,2
22,5 26,2
28,4 31,9
39,2 44,1
Hogere stand alg.reserve incl. aanv.voorgestelde besl.vorming
5,1
3,7
3,7
3,5
4,9
4. Voorgestelde besluitvorming 1. In te stemmen met de notitie inzake de uitkomsten van de septembercirculaire 2021 en overige ontwikkelingen en deze notitie aan te bieden aan de gemeenteraad om te betrekken bij de behandeling van de Programmabegroting 2022. 2. De gemeenteraad naar aanleiding van de septembercirculaire c.a. een aangepast collegevoorstel “Aanbieding Programmabegroting 2022” aan te bieden conform bijgaand concept met daarin het volgende toegevoegde (voorgesteld) besluit nummer 7 (onder vernummering van het huidige voorgesteld besluit 7): “Instemmen met verwerking van de uitkomsten van de septembercirculaire 2021 gemeentefonds en overige ontwikkelingen inhoudende: a) incidentele bedragen ten gunste van het begrotingssaldo vanwege het budgettair effect van de septembercirculaire en BUIG-gelden van € 2.089.000 in 2021, € 1.698.000 in 2022 conform regel C.2 in totaaloverzicht paragraaf 1 van de aangeboden notitie; b) een structureel budgettair neutrale verwerking (“reële nullijn”), met inachtneming van een reservering nominaal (€ 1.100.000 in 2022, meerjarig oplopend met € 250.000), een reservering areaal (€ 800.000 per 2022) en een uitgavenstelpost onzekerheid/tekorten per 2022 van € 1.385.000 conform regel C.1.
in totaaloverzicht paragraaf 1 van de aangeboden notitie; c) het toekennen van budgetten voor de volgende posten in samenhang met specifieke taakmutaties binnen de algemene uitkering conform de specificatie van onderdeel A.2 in totaaloverzicht paragraaf 1 van de aangeboden notitie: # TONK (€ 804.000 incidenteel 2021); # Landelijk interventieteam (€ 7.000 structureel per 2022); # Handhaving EPBD (III) energieprestatie gebouwen (€ 10.000 incidenteel 2021); # Intensivering Toezicht & handhaving gastouderopvang (€ 30.000 structureel per 2022); # Uitbreiding Rijksvaccinatieprogramma (€ 15.000 structureel per 2022); # Verlenging programma Gezond In de Stad (€ 62.000 incidenteel 2022); d) het verwerken van de volgende overige ontwikkelingen zoals gespecificeerd in het overzicht in paragraaf 2 van de aangeboden notitie: # Nagekomen bijstelling 2de Tijdvakrapportage (grondexpl.; incidenteel; € 347.000 voordelig); # Vergaderfaciliteiten gemeenteraad (incidenteel € 300.000 in 2022); # Kinderopvangtoeslag (€ 386.000 incidenteel 2021); # Pilot Basisbanen (€ 175.000 incidenteel 2021 en 2022, waarvan per jaar € 75.000 gedekt); # Beleid palen Oude Dorp (structureel € 28.000 per 2022 t.l.v. de post onvoorziene uitgaven).
Pagina
13 van 13
Bijlage 1: Coronacompensatie medeoverheden ‘20-‘22 t/m septembercirc.’21 gemeentefonds omschrijving
(1) juni brief '20 (2) sep.circ'20 (3) dec.circ.'20 (4) mrt.brf.'21&meicirc.'21 (5) sep.circ.'21 totaal macro/mln. Aveen/euro macro/mln. Aveen/euro macro/mln. Aveen/euro macro/mln. Aveen/euro macro/mln. Aveen/euro macro/mln. Aveen/euro
inhaalzorg Jeugd/Wmo eigen bijdrage Wmo DU Voorschoolse voorz. peuters Noodopvang kinderen ouders cruciaal beroep Quarantainekosten
144 23
156.000
26 18
91.000
23
127.000
34.000
5
re-integratie, aanv. pakket 2020/2021/2022 re-integratie, impuls 2021/2022 gemeentelijk schuldenbeleid 2020/2021/2022 bijzondere bijstand 2020/2021/2022 heroriëntatie zelfstandigen (meicirc.'21) DU- ink.derv. parkeer- en toeristenbelasting * parkeerbelasting * toeristenbelasting DU- ink.derv. precario/evenementen tot 1jun lokale culturele voorzieningen 2020/2021 buurt- en dorphuizen 2020/2021 vrijwilligers organisaties jeugd perspectief jeugd en jongeren 2020/2021 jongerenwerk jeugd mentale ondersteuning jeugd activiteiten en ontmoetingen jeugd jeugd aan zet (meicirc.'21)
74.000
4
20.000
127 48 45 15
101.000 38.000 194.000 64.000
60
288.000
toezicht en handhaving (o.a. boa's/verkeer)
20
79.000
60 17 7
283.000 84.000 41.000
50
150
34.000
606.000
Sub-totaal t.g.v. Algemene Reserve
452
1.184.000
195
960.000
415 1.097.000
Taakmutaties (specifieke samenhangende posten) IU Participatie / WSW --> naar AM-Match TK Verkiezingen 2021 --> Budget verkiezingen
90
91.000
50 30
51.000 125.000
22
275
232.000 49.000
1.136.000
437 1.202.000
230.000 91.000 55.000 127.000 20.000
142 91 75 30 6
115.000 81.000 315.000 124.000 34.000
125 100 20
448.000 258.000 79.000 1.409.000 133.000 41.000 194.000 67.000 56.000 39.000 10.000
40 14 12 8 3
194.000 67.000 56.000 39.000 10.000
320 27 7 40 14 12 8 3
37 36
134.000 187.000
37 36
134.000 187.000
50
255.000
28
146.000
1.414
4.648.000
140 52
142.000 230.000
28
146.000
189
888.000
163
519.000
105.000
TONK 2021 (I&II)
1.275.000
50 10
255.000
afvalverwerking
542
14.000 43.000 121.000 60.000
448.000 258.000
extra begeleiding kwetsbare groepen eenzaamheid ouderen
TOTAAL-GENERAAL
15 43 30 15 6
125 100
21.000
170 18 28 23 4
65
274.000
195
804.000
260
1.078.000
254
1.162.000
358
1.323.000
1.866
6.098.000