CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notitie Uitkomsten meicirculaire 2022 gemeentefonds c.a.

Raadsvergadering 13 juli 2022, gemeente amstelveenBij agendapunt: Behandeling Perspectiefnota 20237.233 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INTERNE NOTI TIE

Aan Via Van

Betreft

De gemeenteraad Burgemeester en wethouders Herbert Raat, wethouder financiën

Datum

21 juni 2022

Kopie

Uitkomsten meicirculaire 2022 gemeentefonds c.a. 0. Inleiding/Samenvatting Deze notitie informeert u over de uitkomsten van de meicirculaire 2022 over de uitkering gemeentefonds1. Deze aanvullende informatie is aangekondigd in de Perspectiefnota 2023 en kan worden betrokken bij de Raadsbehandeling van de Perspectiefnota. In deze notitie worden ook enkele overige actuele ontwikkelingen meegenomen om een zo actueel en volledig mogelijk beeld te geven voor de behandeling van de Perspectiefnota. Dit betreft met name informatie over de bijstandsgelden (BUIG-budgetten). Deze meicirculaire is met afstand de meest complexe van het achterliggende decennium door de cumulatie van een ingrijpende wijziging van het verdeelmodel met effecten nieuw Regeerakkoord, deels weer ingehaald door nadere besluitvorming via de Voorjaarsnota Rijk incl. hoge inflatie. Samenvatting uitkomsten 1. Deze notitie levert “onderaan de streep” een structureel voordeel op van € 5,2 miljoen vanaf 2023, te betrekken bij de opstelling van het CUP 22-26. Hier staat onder meer een tekort sociaal domein van afgerond € 9 miljoen in de bestaande begroting tegenover; 2. Deze notitie levert “onderaan de streep” over de jaren ’22-’25 per saldo een incidenteel voordeel op van ruim € 17 miljoen ten gunste van de algemene reserve, eveneens te betrekken bij de opstelling van het CUP 22-26; 3.

Het incidentele voordeel in ’22-’25 komt door fors extra incidenteel geld vanuit Regeerakkoord/Voorjaarsnota. Dit beeld is in lijn met eerdere globale duidingen van het Regeerakkoord; 4. De structurele plus blijft hierbij achter waardoor het beeld voor ’26 problematisch blijft en ontoereikend is om gezonde financiële verhoudingen te herstellen. Dit staat inmiddels bekend als “het ravijnjaar”. Zo is er alleen incidenteel extra geld Jeugd voor ’23 in deze circulaire, wordt de opschalingskorting alleen incidenteel t/m ’25 opgeschort en is de invoering van het nieuwe verdeelmodel (waarin Aveen voordeelgemeente is) fors afgetopt. Verder zit in het structurele beeld een nadeel van € 0,85 miljoen verwerkt als gevolg van de actualisering van de bijstandsbudgetten; 5. In samenhang met de nominale component in de hogere gemeentefondsuitkering (opwaartse bijstelling van de loon- en prijsontwikkeling) is ook de uitgavenkant hierop aangepast. Ten slotte is rekening gehouden met een stuk onderuitputting op de nu geraamde Rijksuitgaven; 6. De circulaire bevat verder de nodige specifieke taakmutaties. Deze mutaties worden als regel budgettair neutraal verwerkt in relatie met samenhangende uitgavenposten en/of in afwachting van nadere besluitvorming.

Naast een aantal kleinere posten bevat deze circulaire twee grote eenmalige toekenningen in 2022 voor de energietoeslag lage inkomens (€ 3,9 miljoen) en voor uitvoeringskosten klimaatakkoord (€ 0,5 miljoen).

1

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/circulaires/2022/05/31/meicirculaire-gemeentefonds-2022 [Notitie Uitkomsten meicirculaire 2022 100/F012/ICT

gemeentefonds ca]

Pagina

2 van 15

1. Financieel totaaloverzicht met postgewijze toelichting Onderstaand overzicht geeft een recapitulatie van de uitkomsten van deze notitie. Na dit overzicht volgt een postgewijze toelichting. Uitkomsten meicirculaire 2022 en overige ontwikkelingen

negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro

2022

2023

2024

2025

2026

-2.895

-12.598

-11.174

-14.746

-6.076

400

400 -400

-2.490

-3.090

-400 -3.740

-467 -3.845

-1.829 -6.255

-3.191 -7.815

-3.191 -2.885

A. Uitkomsten meicirculaire A.1. budgettair meicirculaire 2022 ev. 1a. extra budget Jeugd '23 (macro 1,445 miljard) 1b. eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Regeerakkoord) * samenhangende inkomsten 1c. fasering opschalingskorting t/m '25 1d. mutaties/afrekeningen oude jaren (2021) * reeds ingeboekt/verwerkt in Jaarrekening '21 1e. herverdeeleffect nieuw verdeelmodel 1f. algemene mutaties accres, uitkeringsfactor, areaal/nominaal, c.a.

-5.796

-3.676 3.117 -2.336

0

0

0

0

0

2a. toegekende taakmutaties

-4.667

-217

-214

-209

-197

2b. aanpassing bijbehorende uitgavenbudgetten

4.667

217

214

209

197

A. Effect meicirculaire B. BUIG-gelden C. Oekraïne (via apart raadsvoorstel)

-2.895 850 5.000

-12.598 850

-11.174 850

-14.746 850

-6.076 850

D=A+B+C. TOTAAL EFFECT MEICIRCULAIRE & BUIG & Oekraïne WAARVAN: D.1. Structureel -> reservering t.b.v. opstelling CUP '22-'26 D.2. Incidenteel -> ten gunste/laste van algemene reserve totaal

2.955

-11.748

-10.324

-13.896

-5.226

2.955 2.955

-5.226 -6.522 -11.748

-5.226 -5.098 -10.324

-5.226 -8.670 -13.896

-5.226 0 -5.226

A.2. taakmutaties

A.1. Budgettair effect meicirculaire 2022ev Het budgettair effect is te onderscheiden in enerzijds een structureel effect, dat wordt verklaard via de regels 1e en 1f en anderzijds incidentele effecten op de regels 1a, 1c en 1d. Regel 1b is neutraal. 1a. extra budget Jeugd 2023 De Perspectiefnota besteedt in paragraaf 2.2 met bijbehorende bijlage 1 uitvoerig aandacht aan de grote tekorten op Jeugd waar gemeenten mee te kampen hebben en die zelfs tot een arbitrageprocedure tussen Rijk en VNG hebben geleid. Een eenzijdige extra korting van ruim € 500 miljoen door het Rijk via het Regeerakkoord was reden voor de VNG om het lopende overleg op te schorten. Het Rijk is erin geslaagd met een bezweringsformule 2 de VNG weer aan tafel te krijgen en de impasse te doorbreken, maar daarmee zijn de zorgen op dit punt verre van weggenomen en is het perspectief onverminderd zorgelijk.

2

De meicirculaire verwoordt dit als volgt”(blz.17): “…Het is aan het Rijk de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen waarvoor het Rijk aan zet is en die aanvullend zijn op de beoogde Hervormingsagenda. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden door middel van de invoering van een eigen bijdrage. Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. Uiteraard is het noodzakelijk - en gaat het kabinet hiervan uit - dat gemeenten hun medewerking verlenen bij de uitwerking en uitvoering van deze maatregelen…”

Pagina

3 van 15

In deze meicirculaire komt het Rijk nog slechts “schoorvoetend mondjesmaat” over de brug. Alleen voor de jaarschijf 2023 wordt incidenteel extra geld toegekend volgens de uitspraak van de Commissie van Wijzen in genoemde arbitrageprocedure. Voor Amstelveen gaat dit om € 5,8 miljoen. 1b. eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Regeerakkoord) In het Regeerakkoord is opgenomen dat het kabinet werkt aan een aanpassing van de eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp in de Wmo. Het huidige “vaste abonnementstarief” heeft een aanzuigende werking en leidt tot oplopende tekorten bij gemeenten die het Rijk niet vergoedt (“wel bepalen, niet betalen”). Een aanpassing vraagt een wetswijziging en vergt een aanzienlijke implementatietijd waardoor de beoogde datum van inwerkingtreding op 1 januari 2025 is gesteld. De aanpassing dient vanaf 2025 te leiden tot een taakstellende besparing van € 95 miljoen. De algemene uitkering wordt vanaf 2025 met dit bedrag verlaagd. Voor Amstelveen gaat het om afgerond € 0,4 miljoen. Dit bedrag is vooralsnog, in afwachting van het verdere verloop, neutraal in de boeken opgenomen. 1c. fasering opschalingskorting t/m 2025 De rijksbegroting bevat een ‘opschalingskorting’ in de ontwikkeling van het gemeentefonds. Deze korting is in het kabinet Rutte II geïntroduceerd als financieel effect van beoogde schaalvergroting van gemeenten.

Die schaalvergroting is er nooit gekomen, de opschalingskorting is gebleven; de facto een ordinaire greep uit de kas. Extra discutabel is, dat dit een lange reeks van een structureel oplopende korting is die begint in 2015 en doorloopt tot en met 2025, waarbij de hoogste kortingen in de laatste jaren zitten. Het nieuwe Regeerakkoord ‘bevriest’ de korting voor de komende kabinetsperiode. Rutte III was hier al mee begonnen voor jaren 2020 tot en met 2022. Deze vorstperiode is nu verlengd tot en met 2025. Structureel staat de korting nu in één keer in volle omvang in de boeken voor 2026. Dat betekent dat gemeenten in de eerste jaren (t/m 2025) tijdelijk, eenmalig minder nadeel hebben, maar dat zij tegelijkertijd met een structurele korting vanaf 2026 moeten blijven rekenen in de meerjarenbegroting. Concreet voor Amstelveen betekent dit incidentele voordelen van afgerond € 2,5 miljoen in 2023, € 3,1 miljoen in 2024 en € 3,7 miljoen in 2025. Vanaf 2025 geeft dit een structureel nadeel van € 3,7 miljoen. 1d. mutaties/afrekeningen oude jaren (2021) De meicirculaire bevat 3 posten met afwikkelingen over het jaar 2021:  Afrekening BTW-Compensatiefonds (BCF) Gemeenten kunnen hun betaalde BTW (met inachtneming van de nodige nuanceringen) declareren bij het BCF. In het kader van het Regeerakkoord Rutte II was het voornemen om dit fonds af te schaffen.

In nader overleg met de VNG is hiervan afgezien, maar is wel het budgettaire risico afgewenteld op de gemeenten3. Als gemeenten in totaliteit meer declareren dan beschikbaar in het BCF, dan wordt dit bedrag gekort op het gemeentefonds. Als gemeenten minder declareren komt het niet benutte deel van het fonds (de onderuitputting) ten gunste van het gemeentefonds. Deze meicirculaire bevat de definitieve afrekening over het jaar 2021 en dat levert een restitutie op van € 505.000.

Op de keper beschouwd heeft het Rijk geen budgettair risico, want hogere BTW-declaraties betekenen tegelijkertijd hogere BTW-inkomsten. Het Rijk ziet dit echter als twee verschillende dingen vanwege “gescheiden begrotingskaders” voor inkomsten en uitgaven. 3

Pagina

4 van 15

Coronacompensatie inkomstendervingen 2021 Op basis van de jaarrekeningcijfers ontvangen gemeenten achteraf coronacompensatie over gederfde inkomsten (met name toeristenbelasting en parkeerbelasting). Voor Amstelveen betreft dit een bedrag van € 1.723.000. Dit was al bekend en is reeds in de jaarrekening 2021 meegenomen. Ook de inkomstenderving toeristenbelasting over 2021, die in 2022 wordt opgelegd, wordt door het Rijk gecompenseerd. Inmiddels is deze oplegging over 2021 bekend. Deze bedraagt € 768.000. Dit betekent een inkomstenderving van € 1.394.000 ten opzichte van de primitieve begroting. Mutaties aantallen verdeelmaatstaven oude jaren Aanpassingen op verdeelmaatstaven in oude uitkeringsjaren door actuelere CBS-statistieken zorgen deze keer voor een beperkte mutatie (€ 54.000 positief);

1e. herverdeeleffect nieuw verdeelmodel algemene uitkering Algemeen De afgelopen jaren is gewerkt aan een nieuw verdeelmodel voor het gemeentefonds. De noodzaak daartoe werd in algemene zin breed omschreven. Als het huidige verdeelmodel aanpassing behoeft om tot een betere verdeling te komen, dan brengt dat logischerwijs herverdeeleffecten met zich mee. Herverdeeleffecten roepen altijd discussie op maar zijn tegelijkertijd juist beoogd, omdat de bestaande verdeling niet goed is. Nadelige herverdeeleffecten betekenen idealiter correctie van een te hoge vergoeding in het verleden. Positieve herverdeeleffecten doen dan recht aan gemeenten die nu te weinig krijgen. In het onderhavige traject liep de discussie, c.q. weerstand hoog op, maar werd tegelijkertijd ook de urgentie gevoeld “wel van start te gaan met een nieuwe verdeling en in ieder geval een stap(je) te zetten”. Dit heeft geleid tot invoering van een nieuw model per 1jan23 in zeer sterk afgetopte vorm. Het maximale effect per gemeente is -/+ € 7,50 per inwoner in 2023 en -/+ € 15 per inwoner in 2024 en 2025. Voor gemeenten met een beperkte financiële draagkracht en een lage sociaal economische status geldt tot en met 2025 een aangepast ingroeipad. Dat geldt eveneens voor gemeenten die tot en met 2022 aanvullende middelen ontvangen vanwege bevolkingsdaling. De wijziging van het verdeelmodel is ingrijpend.

Het verdeelmodel gaat terug van 88 naar 49 maatstaven. Van die 49 maatstaven zijn er 8 nieuw. Ook de relatieve gewichten van bestaande maatstaven en de uitkeringsfactor zijn fors gewijzigd. Dat laat onverlet, dat dit model geen eindstation is. Er is een onderzoekagenda vastgesteld gericht op kritiekpunte van ROB en VNG. Het Rijk zal het nieuwe model tijdig evalueren om aan de hand daarvan te besluiten over het traject 2026 en verder. Uitkomst voor Amstelveen Onderstaand overzicht geeft aan de hand van de Amstelveense algemene uitkering een indruk van de aard en omvang van de transformatie van het verdeelmodel:

Pagina

A lg.uitkering '22 o ud mo del vervallen o ude maatstaven vervallen aparte decentr.uitk. vervallen o ude negatieve maatst. aanpassing def.bestaande maatst. nieuwe maatstaven aanpassing gewicht best.maatst.

141,9 -66,3 -2,7 22,5 -5,1 52,5 90,7

aanpassing uitkeringsfacto r

-83,0

A lg.uitkering '22 nieuw mo del

150,5

bruto herverdeeleffect afto pping via suppletie-uitkering netto hervervdeeleffect

5 van 15

141,9

150,5 8,6 -8,1 0,5

Gedurende het traject om te komen tot een nieuw verdeelmodel zijn vanaf februari 2021 enkele malen indicatie cijfers over herverdeeleffecten per gemeente gepubliceerd. Amstelveen was van meet af aan een voordeelgemeente in die cijfers en dat is ook in deze meicirculaire het geval. Het bruto-herverdeeleffect (voor “aftopping”) bedraagt afgerond € 93 per inwoner, overeenkomend met een totaalbedrag van € 8,6 miljoen zoals gepresenteerd in bovenstaand overzicht. Onderstaand overzicht laat zien hoe het herverdeeleffect via de opeenvolgende publicatiemomenten gaandeweg is gegroeid van € 42 naar € 93 per inwoner.

Amstelveen

BRUTO - herverdeeleffect in bedrag per inwoner FEB'21 JUL'21 AUG'21 DEC'21 MEI'22 42 54 72 80 93

Na (rigoureuze) aftopping houdt Amstelveen hier in 2023 netto € 0,5 miljoen herverdeelvoordeel over. In 2024 en 2025 komt daar per jaar € 1,35 miljoen bij, zodat per 2025 structureel € 3,2 miljoen (37%) van het bruto-voordeel is toegekend. Er staat dan nog € 5,4 miljoen afgetopt herverdeelvoordeel open. Wat daarmee gebeurt in 2026 en verder is afhankelijk van de evaluatie. De linkergrafiek hieronder laat zien wat er nu in de meicirculaire is verwerkt. De rechtergrafiek laat het beeld zien als het ingroeipad in 2026 verder met dezelfde, ongewijzigde cijfers wordt “afgelopen”.

Pagina

6 van 15

Een heldere analyse/verklaring van het herverdeeleffect wordt niet meegeleverd en is redelijkerwijs op eigen kracht niet te geven. In grote lijnen kan wel enige duiding worden gegeven via de volgende overwegingen:  Amstelveen scoorde erg laag/ongunstig op het oude verdeelmodel sociaal domein in het algemeen en Jeugd in het bijzonder. Dit onderdeel is stevig op de schop gegaan en dat hier een stuk reparatie zou plaatsvinden ten gunste van de groep/categorie gemeenten waartoe Amstelveen behoort, dat lag wel in de lijn de verwachtingen;  Hoe vervolgens het exacte herverdeeleffect per gemeente uitpakt kan soms erg verschillen door specifieke eigenheden per gemeente. Denk daarbij in het geval van Amstelveen aan de economische regio (A’dam/Schiphol, gemiddeld inkomen, studentenstad, internationaal karakter);  Dat het eindbeeld in de meicirculaire nog weer iets positiever is dan de laatste tussenstand (dec’21) kan verband houden met het feit dat de WOZ-waarde als aftrekpost op 80%/70% blijft staan en niet is opgetrokken naar 90% zoals eerst de bedoeling was;  In het oude verdeelmodel zat het Amstelveense aandeel in de koek op 0,43%. In het nieuwe model is dat 0,47%. Daarmee beweegt het zich meer in de richting van het relatieve aandeel op basis van inwoneraantal (0,52%). ad. 1f: algemene mutaties accres, uitkeringsfactor, areaal/nominaal, c.a.

Deze paragraaf behandelt de meerjarige accresontwikkeling in samenhang met de nominale ontwikkeling en overige algemene mutaties die met elkaar “de lengte of de breedte”, c.q. de groei/krimp van de speelruimte van de algemene uitkering bepalen. specificatie algemene mutaties accres, uitkeringsbasis, areaal, c.a.

negatief bedrag is voordelig/overschot; bedrag x 1.000 euro

2022

2023

2024

2025

2026

1f-1) reëel accres (incl. aanp. nominaal & onderuitp.) 1f-2) uitkeringsbasis/areaal, c.a. 1f-3) ontwikkeling WOZ 1f-4) vrijval bijdrage aan SVB uitvoering PGB * reservering vrijval tbv uitname septembercirculaire 1f-5) contributie VNG (incl. GGU) * inzet stelpost nominaal

-695 -1.077 -564

-3.110 -452 -283 -130 130 45 -45

-5.540 -432 -283 -130 130 45 -45

-7.100 -432 -283 -130 130 45 -45

-2.170 -432 -283 -130 130 45 -45

Totaal

-2.336

-3.845

-6.255

-7.815

-2.885

1f-1) accres De bijstelling van het gemeentefondsaccres betekent dat het gemeentefonds “mee-ademt” met de ontwikkeling van de Rijksuitgaven (“samen trap op en samen trap af”). De te verdelen koek wordt groter of kleiner al naar gelang het Rijk zelf meer of minder uitgeeft. “Accres” is de gemeentefondsterm voor groei. Dit accres, c.q. deze groei kan ook negatief zijn. Er wordt onderscheid gemaakt tussen nominaal accres (de totale mutatie inclusief inflatie) en reëel accres (de totale mutatie geschoond voor inflatie). De inflatiecomponent bevat naast loon- en prijsontwikkeling in enge zin ook een (beperkte) ruimte voor jaarlijkse autonome ontwikkelingen/groei. Tenzij anders vermeld wordt met accres het nominaal accres bedoeld. De accressen worden achteraf op basis van de werkelijke Rijksuitgaven definitief vastgesteld (“nagecalculeerd”). Dus als het Rijk in werkelijkheid minder uitgeeft dan geraamd, dan wordt het accres achteraf, met terugwerkende kracht lager vastgesteld. Bij de huidige hoge uitgavenramingen is een substantiële onderuitputting meer dan waarschijnlijk.

Pagina

7 van 15

Twee werelden: 2022-2025 versus 2026 en verder De “trap-op-trap-af”-systematiek is toegepast tot en met 2025. In de jaren 2022 tot en met 2025 is sprake van forse hogere accressen als doorwerking van hoge extra Rijksuitgaven via het nieuwe Regeerakkoord en via de Voorjaarsnota4. Voor 2026 en verder verlaat het Rijk deze systematiek en is een veel lager vast/gefixeerd accresbedrag opgenomen. Dit onder verwijzing naar een nog nader uit te werken nieuwe financieringssystematiek, waarbij de mogelijkheid van een eigen belastinggebied wordt betrokken. “Ravijnjaar” 2026 Samen met de eerder behandelde opschalingskorting in 2026 en het ontbreken van een deugdelijke structurele bekostiging voor het sociaal domein (met name Jeugd/Wmo) is het structurele perspectief voor 2026 en verder voor gemeenten met grote onzekerheden omgeven en met de huidige cijfers ronduit ongunstig. Dat stelt gemeenten voor grote problemen om voor 2026, het laatste jaar van de komende meerjarenbegroting 2022-2026 tot een reële, structureel sluitende begroting te komen. Op aandringen van de Tweede Kamer heeft het Rijk een onafhankelijk procesbegeleider aangesteld om te bezien hoe hiermee om te gaan. Het streven is om hierover tijdig voor de begrotingsbehandeling in november nader uitsluitsel, c.q. houvast te bieden, maar vooralsnog is volstrekt onduidelijk wat dit dan zou moeten inhouden.

Wellicht dat de zegswijze, dat aan de rand van de afgrond de mooiste bloemen bloeien, hier in vervulling gaat, maar dat is vooralsnog een schrale troost. Amstelveense koers In de begroting 2022 heeft Amstelveen de noodzakelijke uitgaven opgenomen om het bestaande beleid in stand te houden, waarbij de tekorten sociaal domein door achterblijvende Rijksbekostiging in afwachting van een nieuw Regeerakkoord vooralsnog voor eigen rekening zijn genomen ten laste van de reserve. De gedachte was, dat een nieuw Regeerakkoord voldoende uitsluitsel zou geven over het financiële perspectief, om daarna zelf via het CUP 22-26 de afwegingen te kunnen maken die nodig zouden zijn voor het continueren van een duurzaam financieel gezond beleid. Het voorgaande maakt duidelijk dat de verwachte duidelijkheid voor 2026 er nog niet is. Dat laat onverlet via het traject CUP 22-26 voorstellen zullen worden voorbereid om in de begrotingsraad in november via integrale afweging de meerjarige begrotingskaders en financiële koers te bepalen die het beste recht doen aan een bestendig financieel gezond beleid in de huidige omstandigheden. De uitwerking van de meicirculaire is onderdeel van de vertrekpositie, c.q de springplank om deze uitdaging aan te gaan.

Concrete cijfermatige vertaling bruto-netto accressen De totaalregel 1f-1 laat een positief netto accres zien dat oploopt tot ruim € 7 miljoen in 2025 en dan terugvalt naar € 2,2 miljoen in 2026. Deze netto-reeks is het bruto-accres, rekening houdend met: a) doorwerking van de hogere inflatie aan de uitgavenkant van de gemeentebegroting; b) onderuitputting op de Rijksbegroting.

4

Daarbij heeft het Rijk overigens wel tijdens de wedstrijd de spelregels wat aangepast in eigen voordeel: (1) In de eerste plaats laat het Rijk een deel van de extra uitgaven Regeerakkoord buiten de accressen. Dit betreft omvangrijke bedragen die in verschillende fondsen worden gestopt, waaronder het Klimaatfonds. Daarbij is wel meegenomen, dat gemeenten uit dit Klimaatfonds apart vergoedingen krijgen voor gemeentelijke uitvoeringskosten voor het Klimaatakkoord. (2) In de tweede plaats haalt het Rijk bedragen uit het gemeentefonds (gaan dus af van de accressen) ten bate van een Volkshuisvestingsfonds en een regeling Woningbouwimpuls.

Pagina

8 van 15

Dit leidt tot het volgende beeld:

bruto-netto accres meicirc.'22 Omschrijving 2022 bruto accres -4.295 stelp.nominaal 2.900 corr.onderuitputting 700 netto-accres -695

negatief bedrag is vo o rdelig/o verscho t; bedrag x 1.000 euro

2023 -10.660 4.600 2.950 -3.110

2024 -17.090 6.300 5.250 -5.540

2025 -21.550 8.000 6.450 -7.100

2026 -11.870 9.700 -2.170

Ad. a: hogere inflatie De meicirculaire bevat geactualiseerde, hogere aannames voor de loon- en prijsontwikkeling op basis van het CEP (maart 2022). De vorige aannames waren nog gebaseerd op het MEV (najaar 2021, Miljoenennota). De gemeentelijke nominale grondslagen passen we in samenhang hiermee aan, dit is uitvoeriger uitgelegd in de Perspectiefnota (paragraaf 2.6.3)5. Dit betekent voor 2022-2026 een geraamde loonontwikkeling van 4% in plaats van 2,5%. Voor de prijsontwikkeling betekent dit in plaats van 1,5% nu 4% in 2022 en 2,5% in 2023-2026. Naast de directe budgettaire vertaling betekent dit ook een aanpassing van de te hanteren indexeringen in de begroting 2023. In de voorgestelde besluitvorming is meegenomen de prijsindex 2023 op 5% te zetten (incl. doorwerking 2022), de loonindex op 4% en de tariefindex (inflatiecorrectie) op 4,5%. Via de Tweede Tijdvakrapportage 2022 in het najaar wordt gerapporteerd over de korte termijngevolgen van de gestegen inflatie. Binnen de organisatie zijn algemene uitgangspunten uitgezet hoe hiermee om te gaan, met als kern dat alleen noodzakelijk meerkosten die niet binnen de bestaande budgetten kunnen worden opgevangen onderbouwd en toetsbaar kunnen worden voorgelegd. Ad.

b: onderuitputting Incidenteel is in 2022-2025 een correctiepost opgenomen voor verwachte onderuitputting op de Rijksbegroting, leidend tot lagere accressen via nacalculatie. Voor het structurele beeld 2026 en verder heeft dit geen effect. Voor 2022-2025 is eerst de nominale component van de accressen apart gezet (loon- en prijsontwikkeling) op het resterende deel is uitgegaan van 50% onderuitputting. Daarmee dekken we ons in tegen hele vervelende neerwaartse bijstellingen achteraf “waar niemand iets mee kan”. 1f-2) uitkeringsbasis/areaal Samen met het accres worden overige algemene mutaties verwerkt, zoals de opschalingskorting en de ontwikkeling van de uitkeringsbasis in samenhang met volumemutaties op maatstaven, landelijk en lokaal. Deze categorie mutaties valt onder regel 1f-2. Vanwege de impact/omvang worden de mutaties op de WOZ-maatstaven apart behandeld onder 1f-3. In 2022 is sprake van een fors voordeel van afgerond € 1 miljoen, met name door een sterk gestegen aantal inwoners per 1jan22. Dit is door een snel herstel en doorgroei na een teruggang vanwege corona in de cijfers per 1jan21. In 2023 en verder blijft hier structureel grofweg de helft van over door een per saldo negatief effect op overige mutaties in verdeelmaatstaven.

5

Voor goede orde: Er is geen permanente, directe 1-op-1-relatie waardoor gemeenten hun nominale kosten automatisch via het gemeentefonds gecompenseerd krijgen. Denk aan de volgende verschillen: (1) Rijk en gemeenten kennen eigen cao’s die ongelijktijdig verlopen en ook qua uitkomsten verschillen. (2) De Rijksbegroting kent verschillende indexen die niet parallel lopen met de gemeentelijke huishouding. (3) Het is wisselend en onduidelijk hoe/wanneer nominale ontwikkelingen zich exact vertalen in de uitzetting van departementsbegrotingen, c.q. Rijksuitgaven. (4) Onderdeel van de accressen is ook de volume ontwikkeling, denk aan zorguitgaven.

Pagina

9 van 15

1f-3) WOZ/belastingcapaciteit Het verdeelstelsel voor de algemene uitkering houdt rekening met verschillen in belastingcapaciteit tussen gemeenten. De achterliggende gedachte is, dat gemeenten met hogere WOZ-waarden geacht worden meer eigen belastinginkomsten te genereren en minder geld uit het gemeentefonds nodig hebben6. De herberekening van het onderdeel WOZ/belastingcapaciteit levert een voordeel van afgerond € 0,6 miljoen op voor 2022 en een nadeel van € 0,3 miljoen voor 2023. De bijstellingen 2022 en 2023 zijn twee verschillende stappen, die samen optellen tot per saldo een structureel voordeel van € 0,35miljoen vanaf 2023:  Als eerste stap is de actuele stand van de WOZ-waarden voor 2022 bepaald. Dit heeft gevolgen voor de gemeentelijke ozb-opbrengst, maar ook voor de algemene uitkering. Het optredende voordeel € 0,6 miljoen komt doordat de stijging van de WOZ-waarde woningen uitkomt op 7% in plaats van 9%. De iets lagere stijging betekent een lagere hoge aftrekpost in de verdeling van het gemeentefonds. Het definitieve tariefvoorstel OZB voor 2022, vastgesteld in de decemberraad houdt al rekening met deze 7%;  Het nadeel in 2023 zit ingebakken in de voor Amstelveen ongunstige systematiek en komt door een nadelig herverdeeleffect op de verwerking van de jaarlijkse WOZ-hertaxatie.

Landelijk houdt de meicirculaire voor 2023 rekening met een waardestijging van 13,5% voor woningen en een waardedaling voor niet-woningen van -/-0,5%. Deze waarde-ontwikkeling is ook op de Amstelveense cijfers toegepast. In het najaar, bij de opmaak van de tariefvoorstellen ozb voor 2023 wordt dit opnieuw beoordeeld. Dan is meer informatie beschikbaar over de waarde-ontwikkeling in Amstelveen. Amstelveen scoort ongunstig op deze maatstaf door de relatief hoge woningwaarden. Concreet betekent dit per 2023 een structureel nadelig herverdeeleffect van € 0,3 miljoen. Paragraaf 4.2.1. en bijlage 2 in de Perspectiefnota gaan uitvoeriger in op de rol van de WOZ-waarden in de verdeling gemeentefonds. 1f-4) uitvoering door SVB van PGB Ter dekking van de uitvoeringskosten bij de SVB voor pgb trekkingsrechten wordt jaarlijks bij de septembercirculaire een bedrag uit het gemeentefonds genomen op basis van de nieuwe SVB-begroting. Het jaar erop valt dit bedrag vrij in de meicirculaire en wordt vervolgens weer een nieuw bedrag uitgenomen in de septembercirculaire. Gelet op het terugkerende karakter van deze post wordt de vrijval in de meicirculaire gereserveerd in afwachting van uitsluitsel in de komende septembercirculaire over de (bijdrage in de) uitvoeringskosten 2023. De vrijval en reservering betreffen een bedrag van afgerond € 0,1 miljoen; 1f-4) contributie VNG (incl.

bijdrage voor Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering/GGU) Bij het opstellen van deze notitie werd het contributievoorstel VNG voor ’23 bekend via de stukken voor de ALV. Uit praktische overwegingen wordt dit meegenomen in deze notitie om te verwerken in de begroting. De Amstelveense bijdrage stijgt met € 45.000 en kan worden gedekt uit de stelpost nominaal.

Technisch werkt dit via een negatieve verdeelmaatstaf (aftrekpost) belastingcapaciteit. Het negatieve bedrag via deze verdeelmaatstaf wordt weer verdeeld via de overige verdeelmaatstaven en de uitkeringsfactor zodat de koek even groot blijft. De aftrekpost wordt berekend door de werkelijke WOZwaarde per gemeente te vermenigvuldigen met landelijke geldend rekentarieven voor woningen en niet-woningen. Daarbij doet 80% van de woningwaarde mee en 70% van de waarde niet-woningen. 6

Pagina

10 van 15

A.2. Taakmutaties De meicirculaire bevat de volgende nieuwe toevoegingen en onttrekkingen in verband met specifieke maatregelen (taakmutaties). De algemene beleidslijn is, dat het in deze gevallen gaat om wijzigingen in taken/werkzaamheden en dat er een directe relatie is met samenhangende uitgavenbudgetten waarmee verrekening plaatsvindt. Afhankelijk van de aard en omvang van de maatregel kan nadere besluitvorming plaatsvinden aan de hand van aparte advisering. Naast een aantal kleinere posten bevat deze circulaire twee grote eenmalige toekenningen in 2022 voor de energietoeslag lage inkomens (€ 3,9 miljoen) en voor uitvoeringskosten klimaatakkoord (€ 0,5 miljoen). bedragen x € 1.000

specificatie taakmutaties 2022 a) EPBD III (Eur.richtl. Energieprest. Gebouwen) b) Uitvoeringskosten klimaatakkoord '22 c) extra boa's in de openbare ruimte d1) Inburgering - ELIP (Eindelening) d2) Inburgering - Leefbaarheidstoets e1) Participatie - in relatie tot AM-Match e2) Participatie - nieuwe doelgroep f) Eenmalige energietoeslag lage inkomens g) GIDS (Gezond in de Stad), aanvulling h) POK-gelden, systeemleren i) WOO-WOB structureel Totaal toekenning taakmutaties

incidenteel incidenteel structureel incidenteel structureel structureel structureel incidenteel incidenteel

9 528 45 16 22 79 19 3.925 24

incid. t/m'27 struct, bijstelling

4.667

2023

2024

2025

2026

45

45

45

45

22 76 41

22 73 41

22 68 41

22 56 41

25 8

25 8

25 8

25 8

217

214

209

197

Ad. a) Handhaving Eur.richtlijn Energieprestaties gebouwen Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving op de inmiddels geimplementeerde tweede herziening van de Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD III). De regeling heeft als doel om de energie-efficiëntie van gebouwen te verbeteren. Amstelveen ontvangt eenmalig € 9.000 in 2022. Ad. b) Uitvoeringskosten klimaatakkoord Het Regeerakkoord bevat de instelling van een apart Klimaatfonds, dat onder meer moet gaan voorzien in een vergoeding aan gemeenten voor hun uitvoeringskosten voor klimaaten energiebeleid. Dit heeft betrekking op de periode 2023-2030. Via deze circulaire haalt het Rijk een deel van deze middelen naar voren voor een bijdrage in 2022 “… om de reeds in 2022 gewenste versnelling teweeg te brengen…”. Concreet voor Amstelveen wordt de beoogde versnelling veeleer gerealiseerd doordat Amstelveen uit eigen middelen reeds volop inzet op de uitvoering van het klimaatakkoord en daarbij niet wacht op uitsluitsel van het Rijk over de bekostiging. Hiervoor gebruikt Amstelveen de reserve duurzaamheid. De nu toegekende middelen ad. € 0,5 miljoen vloeien terug naar de reserve duurzaamheid.

Over de resterende middelen, c.q de bekostiging in 2023 en verder van de uitvoeringskosten van medeoverheden voor het klimaatakkoord en aanvullend klimaatbeleid vinden nog gesprekken plaats tussen onder andere VNG, IPO en het Rijk.

Pagina

11 van 15

Ad. c) Extra boa’s in de openbare ruimte In de openbare ruimte verrichten BOA’s belangrijk werk in specialistische en complexe beleids- en wetsgebieden. In de afgelopen jaren zijn BOA’s binnen hun bevoegdheid ook steeds meer taken gaan uitvoeren. Naar aanleiding van een door de Tweede Kamer aanvaarde motie bij de Algemene Politieke Beschouwingen heeft het Kabinet structureel € 200 miljoen vrijgemaakt voor handhaving en veiligheid. Hiervan komt € 13 miljoen via het gemeentefonds beschikbaar voor de capaciteit van BOA’s in de openbare ruimte. Voor Amstelveen gaat het om € 45.000 structureel. Het bedrag voor 2022 wordt in deze notitie toegekend ter (gedeeltelijke) dekking van de meerkosten van BOA-contracten na gehouden aanbesteding (totale meerkosten € 95.000). Voor 2023 en verder wordt het bedrag gereserveerd in afwachting van nadere besluitvorming via de opstelling van het CUP 22-26. Ad. d1/d2) Inburgering – ELIP & Leefbaarheidstoets In 2022 ontvangen gemeenten conform afspraken in bestuurlijk overleg tussen Rijk en VNG een bedrag voor het ondersteunen van de zogenaamde Einde lening inburgeringsplichtig (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. Gemeenten kunnen inburgeraars die tot deze doelgroep behoren begeleiden. Amstelveen ontvangt eenmalig € 16.000 in 2022.

De leerbaarheidstoets is onderdeel van de brede intake in de Wet inburgering. De leerbaarheidstoets heeft als doel om inzicht te geven in het niveau van de Nederlandse taal dat een inburgeringsplichtige kan bereiken gedurende de inburgeringstermijn. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de begeleiding bij de afname van de leerbaarheidstoets. In de raadsvergadering van 2 juni 2021 is de Kadernota veranderopgave inburgering inclusief financieel totaalkader vastgesteld. Daarin is aangegeven dat sprake is van inschattingen en fluctuaties in bedragen, die in de P&C-cyclus zullen worden betrokken. Dat geldt ook voor de onderhavige aanpassingen. Deze worden verwerkt in de samenhangende budgetten. In het kader van de opstelling van de Tweede Tijdvakrapportage volgt een prognose van de jaaruitkomsten en zal worden gerapporteerd ingeval van afwijkingen. Ad e1)/e2) Participatie (Decentralisatie uitkering Werk) – AM Match en nieuwe doelgroep De bedragen die Amstelveen ontvangt via de Decentralisatie uitkering Werk zijn geactualiseerd. Dit betreft enerzijds een indexering van het WSW-budget met als direct samenhangende post de gemeentelijke bijdrage aan AM-Match. Daarnaast ontstaat door de afbouw, c.q. inperking van de WSW en de Wajong een toenemende nieuwe doelgroep voor de gemeentelijke re-integratie.

Het gemeentelijke budget om deze doelgroepen naar zo regulier mogelijk werk te begeleiden neemt ook toe. Ad f) Eenmalige energietoeslag lage inkomens De kosten voor energie zijn enorm gestegen en dit raakt minima, zowel financieel als sociaal. Via een wijziging van de Participatiewet krijgen gemeenten de mogelijkheid een energietoeslag uit te keren aan lage inkomens. Anticiperend op deze wetswijziging en de te ontvangen middelen van het Rijk heeft het college op 19 april 2022 de beleidsregels eenmalige energietoeslag 2022 gemeente Amstelveen vastgesteld om zo snel mogelijk te kunnen starten met de uitbetaling van de eenmalige energietoeslag 2022. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd via een raadsbrief van 19 april 2022.

Pagina

12 van 15

De beleidsregels stellen een toeslag beschikbaar voor huishoudens met een inkomen tot 130% van de toepasselijke bijstandsnorm. Medio juni 2022 had Amstelveen meer dan 2.980 van de 4.900 huishoudens met een laag inkomen in Amstelveen bereikt voor de energietoeslag. Dat is 60% van deze vaak moeilijk bereikbare doelgroep. Amstelveen ontvangt afgerond € 3,9 miljoen, waarvan € 0,2 miljoen voor uitvoeringskosten. De Rijksbekostiging gaat uit van een bereik van 85% van de doelgroep tot 120%. Mogelijk zal de bijdrage van het rijk niet voldoende zijn. Via de Tweede Tijdvakrapportage wordt nader gerapporteerd over het financiële verloop. Ad. g) Gezond in de Stad (GIDS) Amstelveen neemt deel aan het stimuleringsprogramma Gezond in de Stad (GIDS), dat geselecteerde gemeenten extra ruimte biedt om de gezondheid van mensen in een lage sociaaleconomische positie structureel en duurzaam te verbeteren. Dit programma loopt af in 2022. Het voor 2022 toegekende bedrag wordt via deze circulaire met € 24.000 verhoogd van € 77.000 naar € 101.000. Ad. h) POK-gelden Als uitvloeisel van het rapport ‘Ongekend Onrecht’ van de Parlementaire Onderzoekscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) ontvingen gemeenten via de decembercirculaire 2021 middelen (meerjarig incidenteel 2022-207) voor het structureel verbeteren van de dienstverlening. Dit is verwerkt in de Perspectiefnota 2023.

De meicirculaire bevat een aanvullend bedrag voor Amstelveen van € 25.000 (2023-2027). De Perspectiefnota 2023 geeft in paragraaf 2.2.2 sub (a) een uitvoeriger toelichting op de (inzet van de) POK-middelen. Ad. i) Wet Open Overheid (Woo) / Wet Openbaarheid Bestuur (Wob) Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de (Wijzigingswet) Wet open overheid (Woo) aangenomen. Het betreft een initiatiefwet uit de Tweede Kamer die beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken. Via de septembercirculaire 2021 hebben gemeenten middelen ontvangen (structureel en meerjarig incidenteel) voor deze wettelijke taakuitbreiding. De actuele cijfers volgens de meicirculaire leiden tot een geringe extra structurele aanvulling van € 8.000 met ingang van 2023. Dit wordt toegevoegd aan de bestaande reservering ten behoeve van aparte besluitvorming. Een belangrijk deel van de beschikbare middelen in inmiddels via de Perspectiefnota 2023 ingezet (zie paragraaf 2.3.6 van de Perspectiefnota 2023).

B. BUIG-gelden Algemeen Naast de algemene uitkering gemeentefonds is ook de ontwikkeling van het BUIG-budget (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten) een belangrijke factor in de financiële verhoudingen. Het Rijk bepaalt jaarlijks een macrobudget op basis van het werkelijk landelijke bijstandsvolume in het achterliggende jaar en de verwachte ontwikkeling in het lopende en komende jaar als afgeleide van de werkloosheidsprognose (conjunctuur) en eventuele landelijke beleidsmaatregelen. Dit macrobudget wordt voor grootste deel via een objectief verdeelmodel wordt toegekend. Centraal staat de verwachte bijstandskans per huishouden per gemeente op basis van een set van objectieve kenmerken en de toepassing van regressie analyse).

Pagina

13 van 15

Zoals ieder objectief verdeelmodel brengt ook dit verdeelmodel voor- en nadeelgemeenten met zich mee. Amstelveen behoort relatief bezien in dit model tot de grotere voordeelgemeenten. Eerder onderzoek heeft uitgewezen dat er een verband is tussen een actief beleid in Amstelveen en een voordelig resultaat op het bijstandsbudget. Dat correspondeert met het feit, dat Amstelveen tegelijkertijd veel meer middelen inzet op re-integratie dan de hiervoor beschikbare gelden. Per saldo (bijstandsgelden en reïntegratiegelden) is dus sprake van een geringer voordeel. Het voordeel op bijstand/reïntegratie is in de Amstelveense begroting ingezet binnen het gehele sociaal domein ter dekking van (een deel van) het tekort op de Jeugdgelden. In algemene zin spelen twee risico’s voor Amstelveen op dit onderdeel:  Er lopen nog steeds onderzoeken om het verdeelmodel verder te verbeteren, met name waar het gaat om de (relatieve) “uitschieters” in de verdeling. Een lagere uitkering door modelaanpassingen blijft daarmee een risico;  Bij de huidige arbeidsmarktkrapte daalt het bijstandsvolume. Een lager macrobudget betekent ook een lager herverdeelvoordeel. Daarnaast is het (relatief geringe) Amstelveense bijstandsbestand veel minder “beweeglijk” dan het landelijk bestand.

Bijstelling 2022 (structureel) De actualisatie van de ontwikkeling van de ontvangen bijstandsgelden (BUIG-budget) en de samenhangende uitgavenontwikkeling geeft het volgende beeld: Inkomstenkant: bijstelling € 0,65 miljoen lager budget De huidige begroting bevat een BUIG-budget van € 23,2 miljoen conform het eind 2021 door het Rijk gepubliceerde voorlopige budget 2022. Inmiddels heeft het Rijk een nader voorlopig budget vastgesteld, dat voor Amstelveen € 1,5 miljoen lager uitkomt op € 21,7 miljoen. Deze daling komt door een landelijk lager werkelijk bijstandsvolume 2021, dat versterkt doorwerkt naar 2022 omdat de prognose voor 2022 ook positief is bijgesteld (verdere daling bijstandsvolume). Bij de definitieve vaststelling van het BUIG-budget in het najaar wordt nog een indexering toegevoegd. Op basis van het thans bekende nader voorlopig vastgestelde budget 2022 ad. € 21,7 miljoen en een verwachte indexering 2022 van € 0,85 miljoen (4%), wordt uitgegaan van per saldo € 0,65 miljoen minder BUIG-budget 2022 (€ 22,5 miljoen). Uitgavenkant: bijstelling € 0,2 miljoen meer uitgaven Op basis van het aantal uitkeringsgerechtigden in de eerste vijf maanden van 2022 zien we een daling van het bestand vergeleken met 2021. De prognose voor het totale jaar is gebaseerd op het extrapoleren van het huidige aantal van rond de 1.065 uitkeringen.

In 2021 lag het gemiddelde aantal uitkeringen op 1.111. Deze daling is ook verdisconteerd in de uitgavenraming 2022. De geactualiseerde uitgavenraming komt niettemin € 0,2 miljoen hoger doordat aan de uitgavenkant al wel het prijspeil 2022 is verwerkt. Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt en ondanks een hogere uitstroom dan instroom op dit moment is met de stabilisatie van het bestand op het huidige aantal sprake van een verantwoorde prognose. Doordat Amstelveen bovengemiddeld presteert op duurzame uitstroom ligt het bestand in verhouding al een stuk lager dan bij andere gemeenten. Het aantal potentiële kandidaten dat in een krappe arbeidsmarkt de stap naar werk kan maken ligt daardoor in Amstelveen lager.

Pagina

14 van 15

Daarnaast spelen een aantal onzekerheden die van invloed kunnen zijn op de bestandsontwikkeling. Dit betreft ten eerste de onzekere economische situatie ontstaan door de oorlog in Oekraïne. Verder is de vraag wat er de komende maanden met de ontheemden uit Oekraïne gaat gebeuren. Op dit moment is het nog onzeker of de ontheemden uit Oekraïne asiel kunnen aanvragen. Mocht dat het geval zijn dan ontstaat de mogelijkheid dat zij recht op bijstand krijgen. Op basis van het huidige beeld is het niet de verwachting dat het stopzetten van de BBZlight7 gaat leiden tot een toename van het beroep op Bbz voor levensonderhoud of reguliere bijstand. Wel is het onzeker wat een mogelijke opleving van het Coronavirus voor gevolgen heeft voor de economie. En de vraag daarbij is, in hoeverre het Rijk opnieuw met behulp van steunpakketten de economische situatie zal stabiliseren. Per saldo: € 0,85 miljoen nadeel bijstelling 2022 De actuele prognose betekent een wijziging van de begroting 2022 met een structureel nadelig effect van € 0,85 miljoen. In het najaar wordt het BUIG-budget 2022 definitief vastgesteld en wordt het voorlopige budget voor 2023 bekend gemaakt. C. Oekraïne In de Perspectiefnota 2023 is rekening gehouden met twee tranches à € 5 miljoen die als Lokaal Werkbudget Oekraïne zijn vrijgemaakt ten laste van de algemene reserve.

Inmiddels is een voorstel voor een derde tranche van € 5 miljoen aan de gemeenteraad aangeboden. Verwacht mag worden dat de reservering voor het Oekraïnefonds geheel of grotendeels voorfinanciering betreft, waar Rijkscompensatie voor zal worden ontvangen. Voor een actueel beeld van de stand en ontwikkeling van de algemene reserve is deze 3 de tranche in de cijfers meegenomen. Inmiddels is een declaratie van € 12 miljoen ingediend bij het Rijk. 2. Overige Ontwikkelingen Vooraankondigingen (indicatieve) bedragen te ontvangen via septembercirculaire Via deze meicirculaire geeft het Rijk al gedetailleerde tabellen met indicatieve bedragen die gemeenten via de septembercirculaire gaan ontvangen voor de invoering van de Omgevingswet (incidenteel 2022 € 579.000) en voor de in- en uitvoering van de Wet kwaliteitsborging bouw (incidenteel 2022 € 95.000, structureel 2023 en verder € 39.000). Verder heeft het Rijk ook bedragen bekendgemaakt die gemeenten via de septembercirculaire ontvangen voor kosten leerlingenvervoer opvang vluchtelingen Oekraïne (€ 0,1 miljoen). Deze notitie volgt de daadwerkelijke uitkeringen in deze meicirculaire, de aankondiging richting septembercirculaire is op dit moment ter informatie.

Grote openstaande dossiers Rode draad blijft, dat er de eerste jaren incidenteel extra geld komt, maar dat een structureel perspectief voor gezonde financiële verhoudingen vooralsnog ontbreekt. Dossiers die daarin een rol spelen zijn in ieder geval:  de bekostiging van het sociaal domein: het tekort Jeugd, het abonnementstarief Wmo, de autonome groei van de zorgvraag, de decentralisatie Beschermd Wonen;  de bekostiging van het Klimaatakkoord (duurzaamheid, energietransitie, etc.);  de bekostiging van de invoering en uitvoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouw;  een geheel nieuw verdeelstelsel voor het gemeentefonds;  een evaluatie van de normeringssystematiek (samen de trap op en samen de trap af);  een mogelijke uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied.

Een vanwege de coronapandemie tijdelijk versoepelde/verruimde BBZ-regeling ter financiële ondersteuning van zelfstandigen 7

Pagina

15 van 15

3. Voorgestelde besluitvorming 1. In te stemmen met de interne notitie inzake de uitkomsten van de meicirculaire 2022 en deze notitie aan te bieden aan de gemeenteraad om te betrekken bij de behandeling van de Perspectiefnota 2023. 2. De gemeenteraad een naar aanleiding van de meicirculaire aangepast raadsvoorstel “Behandeling Perspectiefnota 2023” met bijbehorend concept-raadsbesluit aan te bieden conform bijgaand concept met daarin het volgende toegevoegde (voorgesteld) besluit nummer 11: 11. Instemmen met verwerking van de uitkomsten van de meicirculaire 2022 gemeentefonds, inclusief overige ontwikkelingen inhoudende: a) incidenteel ten laste van de algemene reserve (begrotingssaldo) € 2.955.000 in 2022 incl. 3e tranche Lokaal Werkbudget Oekraïne via apart raadsvoorstel en incidenteel ten gunste van de algemene reserve (begrotingssaldo) € 6.522.000 in 2023, € 5.098.000 in 2024 en € 8.670.000 in 2025 conform regel D.2. in het financieel totaaloverzicht in de aangeboden notitie (per saldo € 17.335.000 voordelig); b) het hernoemen van de bestaande structurele stelpost “reservering onzekerheid/tekorten” tot structurele stelpost “opstelling CUP 22-26” en hieraan toevoegen van € 5.226.000 met ingang van 2023 conform regel D.1.

in het financieel totaaloverzicht in de aangeboden notitie; c) het opnemen van de volgende posten in samenhang met specifieke taakmutaties binnen de algemene uitkering conform de specificatie van onderdeel A.2 in de aangeboden notitie met totaalbedragen van € 4.667.000 in 2022, € 217.000 in 2023, € 214.000 in 2024, € 209.000 in 2025 en € 197.000 in 2026: # toekenning budget voor kosten handh. Eur.richtl. energ.prest. gebouwen (EPBD III); # toevoeging aan reserve duurzaamheid van bedrag uitvoeringskosten klimaatakkoord; # toekenning budget voor boa’s in de openbare ruimte eenmalig in 2022 en reservering van deze middelen voor 2023 en verder (structureel) in afwachting van nadere besluitvorming via CUP 22-26; # toekenning budget voor inburgering ELIP (Einde Lening); # toekenning budget voor Leefbaarheidstoets (inburgering); # verhoging bijdrage WSW/AM-Match; # verhoging budget re-integratie nieuwe doelgroepen; # verwerking budget voor reeds in uitvoering genomen energietoeslag lage inkomens; # aanvulling budget voor Gezond in de Stad (GIDS); # aanvulling budget voor POK-gelden (nav Parlementair Onderzoek Kinderopvangtoeslag); # aanvulling budget uitvoering Wet open overheid op stelpost taakmutaties; d) een structurele verlaging van de uitkering BUIG met € 650.000 en een structurele verhoging van de bijstandsuitgaven met € 200.000 per 2022 conform regel B in het financieel

totaaloverzicht in de aangeboden notitie; e) In afwijking van de vooralsnog bepaalde percentages onder beslispunt 3 conform de Perspectiefnota in de begroting 2023 rekening te houden met een prijscompensatie van 5%, een looncompensatie van 4% en een tariefindex van 4,5% (prijspeil CEP maart 2022, afgerond);

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=f0902bc9-71a1-427c-a220-347316c5df7d