Bijlage 7 vd toelichting Quickscan ecologie Oostelijke Poeloever 2
Tekst van het document
QUICKSCAN OOSTELIJKE POELOEVER AMSTELVEEN
December 2019
Onderzoek naar beschermde flora en fauna Wet natuurbescherming 2017 en vervolgonderzoek vleermuizen
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen Onderzoek naar beschermde flora en fauna Wet natuurbescherming 2017 en vervolgonderzoek vleermuizen
Opgesteld door: N.Daemen bc. ecoloog
In opdracht van: Martin Friederichs Noorddammerlaan 10 1185ZA Amstelveen © December 2019
1
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Inhoudsopgave INLEIDING ................................................................................................... 3 1.1 Algemeen ........................................................................................... 3 1.2 Werkwijze ........................................................................................... 3 LIGGING EN BEGRENZING ............................................................................ 4 2.1 Plangebied ............................................................................................ 4 2.2 Ligging t.o.v. beschermde natuurgebieden ................................................. 5 INVENTARISATIE RESULTATEN .................................................................... 7 3.1 Objecten ............................................................................................... 7 Gebouwen en verhardingen ......................................................................... 7 Beplantingen en groen ............................................................................... 10 Water ...................................................................................................... 11 3.2 Soorten................................................................................................ 11 NDFF en waarnemingen .............................................................................
11 Overige informatie .................................................................................... 11 Aangetroffen soorten ................................................................................. 12 Conclusie soorten ....................................................................................... 15 WETGEVING ............................................................................................... 16 4.1 Soortenbescherming .............................................................................. 16 4.2 Gebiedsbescherming .............................................................................. 18 HUIDIG GEBRUIK EN VOORGENOMEN ACTIVITEITEN IN HET PLANGEBIED 19 5.1 Huidig gebruik en beheer ........................................................................ 19 5.2 Voorgenomen activiteiten en planning ...................................................... 19 6. TOETSING VAN DE ACTIVITEITEN .......................................................... 20 6.1 Effecten op soorten................................................................................ 20 6.2 Effecten op Natura-2000 gebied, PAS en NNN ............................................ 21 6.3 Zorgplicht compenserende en mitigerende maatregelen .............................. 22 GERAADPLEEGDE BRONNEN .......................................................................
24 Literatuur ................................................................................................ 24 Internet ................................................................................................... 24 Foto’s en kaarten ...................................................................................... 24 BIJLAGEN ................................................................................................... 25 Overzicht NDFF quickscanhulp Natuurloket BIJ12 ............................................ 25 Soorten waarvoor in provincie Noord-Holland een vrijstelling geldt ..................... 28 Bijlage Effectenindicator soorten ................................................................... 29 Bijlage Maatregelen indicator ........................................................................ 31 Bijlage Sonogrammen ................................................................................. 33 colofon ...................................................................................................... 35 Foto Bijlage................................................................................................ 36
2
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Inleiding 1.1
Algemeen
Vanuit Horsman & Co Vastgoed II BV is er een woningplan gemaakt voor de ruimtelijke ontwikkeling van een locatie aan de Handweg te Amstelveen. Het betreft de herontwikkeling van het tuincentrum Life&Garden en de Van Diemen Funsports locatie. Next Architecten Amsterdam maakte een stedenbouwkundige, ruimtelijke en functionele studie van de locatie. Voor de ontwikkeling met woningen is ook een wijziging van het bestemmingsplan nodig. Een van de vereiste is een quickscan flora en fauna Nb-wet 2017. Aan Arda advies voor natuur, cultuurhistorie en recreatie is gevraagd een quickscan Nb-wet 2017 op te stellen t.b.v. van de bestemmingsplanwijziging. De quickscan geeft antwoord op de volgende vragen: - zijn er beschermde soorten in het gebied aanwezig? Zo ja; - zijn de voorgenomen werkzaamheden en inrichting van invloed op beschermde soorten of op beschermde gebieden? En zo ja; - welke maatregelen zijn vervolgens nodig?
1.2
Werkwijze
Voor het opstellen van de quickscan is de volgende werkwijze gevolgd: a. Locatiebezoeken met onderzoek naar flora en fauna; Het éénmalige quickscan bezoek vond plaats op 25 oktober. Omdat op voorhand bekend was dat er vleermuizen in de omgeving voorkomen, werden eerst twee avond/nachtbezoeken ingepland zodat er geen tijd verloren zo gaan i.v.m. het te volgen vleermuisprotocol. Het eerste bezoek vond plaats op 27 augustus 2019 en het tweede bezoek op 27 september. Tijdens het veldbezoek wordt gelet op biotopen, vegetatie en diersoorten of sporen van dieren. De gebouwen worden van buiten en binnen geïnspecteerd op voorkomen of geschiktheid voor vleermuizen en andere overwinterende soorten. Een locatiebezoek is een momentopname. De tijd van het jaar en de weersomstandigheden zijn bepalend voor het aantreffen van organismen. Onder minder gunstige omstandigheden is op basis van “expert judgement” een indruk gemaakt. De eigenaren worden bevraagd op het voorkomen van beschermde soorten en andere gegevens. b. Bureau onderzoek Literatuur onderzoek, naslagwerk en internetsites zijn de belangrijkste bronnen van de kantoorstudie. Waar bruikbaar zijn tekstonderdelen onder verwijzing in het rapport opgenomen. Via de “quickscanhulp” Natuurloket werd een soortlijst uit de Nationale databank flora en fauna (NDFF) opgevraagd. c.
Rapportage De gevonden informatie werd gebundeld en geanalyseerd om vervolgens te worden getoetst aan de Wet natuurbescherming 2017 en in de rapportage vastgelegd.
3
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Ligging en begrenzing 2.1 Plangebied Het plangebied/perceel ligt in de gemeente Amstelveen Handweg 121/129 1185 TW en bekend onder kadastraalnummers perceel 4686, 4448, 4297, 3297, 4564 en 3973 en Amersfoort-coördinaten 117887/478575. Het plangebied is het rode vlakje op de kaart. De totale oppervlakte van de kavel bedraagt ±8450M2.
Kaart en luchtfoto (Bron: Open topokaart Pdok-service)
Het plangebied is vanaf de Handweg ontsloten via een oprit aan de noordzijde die uitkomt op een ruime parkeerplaats voor de kas van Life and Garden. Een tweede ontsluiting ligt aan de zuidzijde met een ruime parkeerplaats voor Van Diemen Funsports. Op het terrein van Life and Garden staan een kas met aanbouw, een opslag en tafels voor buitenplanten. Aan de westzijde aan het water ligt een tuin met tuinhuisje, een restant van de voormalige volkstuin. De tuin is tot voorkort nog gebruikt. De grond van de tuin is van de gemeente Amstelveen. Op het terrein van Van Diemen Funsport staan het winkelpand en botenloodsen. Aan het water liggen steigers. Tussen de beide percelen ligt een sloot die door de beplanting sterk overschaduwd is.
4
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
2.2 Ligging t.o.v. beschermde natuurgebieden Hemelsbreed ligt de locatie op 7,2 km. Ten opzichte van het Natura-2000 gebied De Botshol.
Uitsnede kaart Natura-2000 gebied bron: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000 https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/gebiedendatabase.aspx?subj=n2k&groep=7&id=n2k103&topic=doelstelling
Het plangebied grenst niet aan het Natuur Netwerk Nederland (NNN). De Amstelveense Poel is wel opgenomen in het NNN en zichtbaar als het groene vlak met blauwe rand op de kaart.
Uitsnede kaart natuurbeerplan NH Bron: https://maps.noordholland.nl/WebViewer/index.html?viewer=nbp
5
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Omgevingsstructuur met te slopen gebouwen (rood), verharding (gearceerd), grasveld(groen), beplanting en water
6
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Inventarisatie resultaten 3.1 Objecten In het plangebied komen de volgende biotopen voor: -
Gebouwen en verhardingen; Beplantingen en groen; Water.
Gebouwen en verhardingen Gebouwen en verhardingen nemen het grootste deel in beslag van het plangebied. Alle gebouwen binnen het plangebied worden uiteindelijk gesloopt. Verharding maakt plaats voor tuinen en huizen. Alle objecten werden van binnen en buiten gecontroleerd op geschiktheid als verblijfplaats voor vleermuizen en andere organismen. De kas van Life and Garden is opgebouwd uit een ijzeren frame en glasplaten. In de kas is het tuincentrum gevestigd. In de kas is horizontaal onder het glazendak zonwering aangebracht. De kas is in principe onverwarmd maar blijft warm door zoninstraling. Gedurende wintermaanden wordt bij koude de kas op temperatuur gehouden om bevriezing van planten te voorkomen. Er zijn geen nesten van vogels in de kas. Ook biedt de kas geen mogelijkheden als verblijfplaats voor vleermuizen (te open, te licht, tocht, temperatuur fluctuatie). Kas Life and Garden
Rondom de kas zijn aanbouwtjes geplaatst en een uitbreiding met een tent. De gebouwtjes betreffen een toiletvoorziening van het tuincentrum, een tent en een tuinhuisje. Het toiletgebouw zijn afgesloten containers. Er is ruimte onder de vloer van de containers, de tent en het tuinhuisje die geschikt is voor ringslang of rugstreeppad als winterverblijfplaats. De gebouwtjes werden rondom en binnen geïnspecteerd zonder resultaat. Geschiktheid voor vleermuizen lijkt uitgesloten en zijn geen indicaties voor vleermuizen aangetroffen zoals ontlasting, bekendheid met zwermen of dode individuen.
7
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Aan de zuidzijde van de kas staat een lange opslag voor bloempotten, hout, grond en allerlei materialen. Het betreft een overkapping met een transparant golfplaten dak. Het materiaal ligt op pallets waaronder amfibieën en reptielen een eventuele winterslaapplaats kunnen vinden. Voor vleermuizen is de overkapping ongeschikt (te open, te licht, tocht, temperatuur fluctuatie). Aan de noordzijde van de kas staan een vrachtwagen aanhangers en allerlei materiaal. Ook op deze plek zijn er tal van schuilmogelijkheden voor amfibieën en reptielen temeer omdat het hier gaat om winkeldochters, oude pallets en afgeschreven spullen die lang blijven liggen.
Opslag noordzijde
Aan de westzijde van de kas ligt een restant van de volkstuinen die hier ooit waren. Het betreft een verwaarloosde tuin omgeven met een dichtbegroeide schutting met klimop. Rondom is er een dichte begroeiing met o.a. besdragende struiken en er hangen overal nestkastjes. In de tuin staan een tweetal tuinhuisjes. Het was een kleine oase. De huurster van de tuin is op leeftijd en niet meer in staat om onderhoud te plegen. In de tuin en de huisjes zijn er veel mogelijkheden voor vogels, vleermuizen, amfibieën en reptielen om een winterverblijf of anderszins een schuilplek te vinden. Volkstuin
8
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Het terrein rondom de grote kas is verhard. Uitzondering betreft de smalle strook achter opslag met beplanting; een strook aan westzijde achter de kas langs het water met hortensia’s en aan de noordzijde een met klimop begroeide schutting. Op het terrein van Van Diemen Fun Sports staan een winkelpand, een werkplaats en lage opslagloodsen voor boten. Het winkelpand met glazen voorpui is een met pannen gedekt dak is volledig geïsoleerd zonder openingen van buiten naar binnen. Het pand heeft geen betekenis voor vogels, vleermuizen of anderszins. Tussen het winkelpand en de werkplaats zit een ruimte. Deze is echter aan beide zijde open. De ruimte onder de dakgoot is mogelijk geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen maar afgesloten. Winkelpand Van Diemen Fun Sports
De werkplaats voor waxen van snowboards en ski’s ligt direct achter het winkelpand. De werkplaats is vanaf de buitenzijde niet toegankelijk voor vogels of vleermuizen. De machines maken een verstorend geluid. De opslagloodsen zijn opgebouwd met een houtenskelet en bekleed met eterniet platen en eternietgolfplaten op het dak. Een deel van de loods is een botenhuis dat in open verbinding staat met het buitenwater. Dit deel van de loods heeft daarom een hoge luchtvochtigheid. Overige delen van de loods zijn van buitenaf door openingen bereikbaar maar tonen droog. Botenloods met water en open verbinding
De ruimtes zijn onverwarmd. De temperatuur fluctueert mee met de buitentemperatuur. In de ruimte werden twee nesten aangetroffen. Gezien het gebruikte materiaal gaat het om kauwtjes.
9
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Beplantingen en groen Beplanting van enige omvang ontbreekt. De aanwezige beplantingen zijn beperkt tot een haag of smalle stroken met struiken en verwilderde beplanting. Op het terrein rondom van Diemen Fun Sports komt geen beplanting voor maar wordt het groen gevormd door een tweetal intensief gemaaide grasvelden. De beplanting van enige betekenis groeit in een smalle strook ± 1,5m. breed tussen de sloot en de opslag aan de zuidzijde van de kas. Hier groeien inlandse vogelkers en wilgen. De belangrijkste beplanting betreft een de struikgroep met bloem- en besdragende soorten die rondom en op de voormalige volkstuin aan de westzijde staan. De beplanting is van betekenis voor vogels om te foerageren maar ook om te broeden. De aanwezige vogelhuisjes op de volkstuin dragen daar aan bij. Beplanting smalle strook
Helaas wordt de tuin niet meer onderhouden en zal verder verwilderen. Vleermuizen foerageren rondom de beplanting boven het water en de solitaire els. Ze gebruiken de luwte van de smalle strook beplanting om te foerageren. Een solitaire ruim uitgegroeide els staat op de noordoosthoek aan het water achter de kas. Op de grens van de parkeerplaats en de huizen aan de Handweg staat een brede haag met Leylandi’s. Ecologisch is de haag van betekenis voor broedende vogels. Deze haag heeft geen betekenis als geschikte route voor vleermuizen.
Solitaire els
10
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Water Water van de Kleine Poel is rondom het plangebied ruimschoots aanwezig. Een tweetal sloten liggen aan noord- en zuidzijde van Van Diemen Fun Sports waarvan een sloot doorloopt tot aan de Handweg. Het ruime water rondom de steigers van de kleine jachthaven is van betekenis voor foeragerende vleermuizen. Onder de dekking van de beplanting zijn er mogelijkheden voor eenden, meerkoet en waterhoen om te nestelen. Ringslang kan via de sloten diep in plangebied komen om te foerageren op aanwezige amfibieën. Aan de overzijde aan de westkant ligt een ecologisch beheerd rietland met broeihopen voor ringslang.
3.2 Soorten Bij de beoordeling van de quickscan horen ook de waarnemingen van soorten die in het recente en langere verleden in de omgeving zijn waargenomen. Waarnemingen ouder dan drie jaar zijn slechts indicatief bruikbaar.
NDFF en waarnemingen Uit de NDFF (Nationale databank flora en fauna) werd via de “quickscanhulp” een uitdraai opgevraagd. Aan de hand van de uitdraai en de voorkomende biotopen kon een inschatting worden gemaakt van het voorkomen van beschermde soorten. Het voorkomen van de soorten werd ook nagezien op de verspreidingskaarten van de websites van PGO’s en de Verspreidingsatlas. In bijlage “Overzicht NDFF quickscanhulp Natuurloket BIJ12” is de tabel voor zover het de meest mobiele soorten binnen een afstand van 0-5 km betreft opgenomen en beoordeeld. In de tabel is na analyse een kleurcode ingevoerd welke soorten relevant zijn en in het veldbezoek extra aandacht kregen. Mogelijk voorkomende beschermde en niet van ontheffing vrijgestelde soorten op basis van de aanwezige biotopen in vergelijking met de tabel Wnb soorten en de habitatrichtlijnsoorten betreffen; zoogdieren(marterachtigen, vleermuizen),vogels (huismus met jaarrond beschermd nest) en reptielen (ringslang).
Overige informatie De eigenaren werden bevraagd op voorkomen van mogelijk beschermde dieren. In bijzonder werd gevraagd naar waarnemingen van ringslang maar deze kon niet worden bevestigd. Bekend is uit de directe omgeving dat ringslang voorkomt en ook regelmatig is gezien in tuinen en het voormalige tuincentrum Konijnenburg 500m noordelijk. In het voorjaar van 2019 is in de nabijheid in de Kleine Poel een speciale oever ingericht voor ringslangen. Uit de quickscan Oostelijke Poeloever november 2016 (Arda advies) en voortgezet onderzoeken naar vleermuizen, marterachtigen en waterspitsmuis (Arda advies) blijken met name gewone- en ruige dwergvleermuis alsmede laatvlieger en watervleermuis voor te komen boven de Kleine Poel. Rosse vleermuis werd éénmaal overvliegend gehoord. Op basis van deze voorkennis werd daarom direct gestart met onderzoek naar vleermuizen.
11
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Marterachtigen en waterspitmuis konden niet worden aangetoond in de vervolgonderzoeken. Gezien de activiteiten in de omgeving worden de soorten ook niet in het plangebied verwacht. Het ontbreekt bovendien aan de nodige structuren voor deze soorten.
Aangetroffen soorten Planten Er zijn geen beschermde planten aangetroffen. De bestaande vegetatie wordt intensief beheerd. Er zijn daarom geen beschermde soorten te verwachten. In de voormalige volkstuin kunnen planten voorkomen met een beschermde status omdat de huurster ecologisch beheerde. De planten zijn echter ingezaaid of geplant. Van natuurlijke oorsprong is geen sprake.
Bruin heidestaartje (Cladonia glauca)
Op de eternietplaten van de botenloods groeit een mossengemeenschap met o.a. purpersteeltje, en gewoon muisjesmos. Er werden geen beschermde soorten gezien. Op een klein afdak met eternietplaat groeide Bruin heidestaartje (Cladonia glauca) een algemeen voorkomend korstmos. Zoogdieren Tijdens het veldbezoek werden met uitzondering van vleermuizen geen (beschermde) zoogdieren waargenomen of sporen van zoogdieren. Tijdens de avondbezoeken voor vleermuizen werden gewone- en ruige dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis en watervleermuis waargenomen. In het plangebied zijn nauwelijks geschikte biotopen aanwezig voor zoogdieren. Het verharde oppervlak en gebouwen beperken de ruimte. Voedsel, veiligheid, rust en voortplanting ontbreken grotendeels. De voormalige volkstuin maakt hierop een uitzondering. Mogelijk komen hier egel en muizen voor.
12
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Vleermuizen Met twee batdetectors Petterson D100 werd door twee waarnemers geluisterd naar mogelijke sociale geluiden voor het uitvliegen van de vleermuizen vanuit de gebouwen op 27 augustus tussen 20.00 en 0.30uur 22°C 1 á 2 BF. Oost en lichte sluier bewolking, zon onder 20.40. Tot een half uur na zondondergang/duisternis werd gewacht om uitvliegen uit de gebouwen waar te nemen en van vleermuizen in de directe omgeving. Met de Batdetector “Baton XD” werden tijdens het eerste vleermuisonderzoek opnames gemaakt. De “Baton XD” legde om 22.00 de eerste waarneming vast boven het water van de Kleine Poel. Het betrof een ruige dwergvleermuis. In totaal volgden 349 opnames verspreid over het gebied. 105 opnames waren bruikbaar voor determinatie. (zie bijlage Sonogrammen). Zoals op het screenshot van de app. Vleermuisrecorder te zien is, werd er druk gebruik gemaakt van het plangebied om te foerageren en in het bijzonder boven het water van de Kleine Poel en langs de bosschages. Aan de zuidzijde van de botenloods werd een baltsende gewone dwergvleermuis aangetroffen en met een opname vastgelegd. De vleermuis vloog langs de gevel van de botenloods en het winkelpand heen en weer. Er werden echter geen voortplantingsplaatsen aan de gebouwen gevonden. Wel een zijn er holten in de bomen net buiten het plangebied waarvan de gewone dwergvleermuis mogelijk gebruik maakt.
Ander baltsgedrag werd in het plangebied niet waargenomen. Watervleermuis en ruige dwergvleermuis werden boven het water van de Kleine Poel gehoord en een viertal Laatvlieger langs de Handweg. Rosse vleermuis werd éénmaal geregistreerd boven het water. Het betrof voor alle soorten foeragerend gedrag.
Screenshot vleermuis app. 27-8-2019
13
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
De tweede ronde werd gedaan door één waarnemer en was gericht op vaststellen van gebruik van het plangebied en gebouwen als paarterritorium. “Tijdens de tweede ronde op 17 september 2019 van 21:30 tot 23:30; 13°C, zuidwest 1 Bft, droog, 1/4 bewolkt, zon onder 19.33; een langdurig jagende ruige dwergvleermuis naast de zuidgevel van Handweg 129, Van Diemen Fun Sports (slootje) en een jagende gewone dwergvleermuis aan de noordkant (ook een slootje). Verder een jagende rosse vleermuis die in een wat groter gebied rond dat adres rondvloog, ook langdurig gehoord. Bij de zuidgevel van het woongebouw tegenover de kerk (overzijde Handweg) een baltsend mannetje gewone dwergvleermuis”. (Bron: Floor van Vliet vleermuisonderzoeker) Balts- of andere activiteiten rond de kas of de gebouwen van Van Diemen Fun Sports worden verder niet gemeld door de vleermuisonderzoeker. Het weer in de periode voorafgaande aan het tweede bezoek was voor vleermuizen niet optimaal. Op 25 oktober werden de gebouwen geïnspecteerd. Er werden geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van vleermuizen. De kas, het winkelpand, werkplaats en opslagloodsen bieden geen mogelijkheden voor winter-, zomer of kraamverblijfplaatsen; de gebouwen zijn of afgesloten, te tochtig, te droog, te veel temperatuurschommelingen en onrustig.
Er zijn ook geen indicaties aangetroffen zoals ontlasting, dode vleermuizen of waarnemingen die duiden op de aanwezigheid van verblijfplaatsen. Watervleermuis en Rosse vleermuis hebben voorkeur voor bomen om te verblijven waarmee deze soorten voor de gebouwen in het plangebied worden uitgesloten als verblijfplaats. Gewone dwergvleermuis heeft wel een voorkeur voor gebouwen maar bij voorkeur een gebouw met een hoger gelegen invlieghoogte dan de gebouwen in het plangebied. De soort wordt echter op vreemde plekken aangetroffen. Een massaverblijfplaats wordt echter in de gebouwen in het plangebied niet verwacht. Daarvoor zouden er meer indicaties zijn aangetroffen. In de directe omgeving zijn meerdere mogelijkheden voor verblijfplaatsen zoals oudere huizen met pannen gedekte daken. Ruige dwergvleermuis heeft ook voorkeur voor gebouwen maar wordt ook wel in bomen aangetroffen. Voor een kraam/zomerverblijfplaats ontbreken de indicaties. Een winterverblijfplaats van een solitair mannetje ruige dwergvleermuis kan altijd voorkomen. Een baltsterritorium verblijfplaats is niet aangetroffen in de gebouwen van het plangebied. Laatvlieger komt met name langs de Handweg voor waarbij de gevel van de oude Handwegkerk centraal staat! Mogelijk is hier een verblijfplaats doch niet in eerder onderzoek gevonden. Het plangebied is voor de vleermuizen een niet essentieel foerageergebied.
Foerageren gebeurt voornamelijk boven het water in de luwte van de beplanting. De luwte tussen gebouwen en de weinige beplanting maar ook de druk op het gebied door de nieuwbouw aan de noordzijde dragen bij aan de grotere dichtheid van foeragerende dieren in het plangebied.
14
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Vogels Tijdens het veld bezoek werden merel, koolmees, pimpelmees, spreeuw, ekster, kauw en in het water, meerkoet, fuut en waterhoen waargenomen. In het botenhuis werden twee oude nesten van vermoedelijk kauw gezien. In de beplanting rond de voormalige volkstuin en de nodige klimopbegroeiing is ruimte voor nesten. Huismus werd niet waargenomen en ook navragen naar huismus leverde geen nieuwe informatie. Andere vogels met een jaarrond beschermd nest werden niet gezien. Verlaten kauwennest
Amfibieën en reptielen Tijdens het veldbezoek 25 oktober werden geen amfibieën of reptielen gezien. Gezien de tijd van het jaar zijn de meeste dieren inmiddels naar hun winterverblijfplaats vertrokken. Waar mogelijk werd gekeken onder losliggende stenen, hout of anderszins materialen om onder weg te kruipen maar amfibieën werden niet gezien. Ook reptielen werden ondanks de vele aanwezige schuilplekken niet waargenomen. Ook navragen leverde geen extra informatie op. Insecten en lagere diersoorten Ondanks de heldere zonnige dag en bloeiende klimop werden tijdens het veldbezoek geen vermeldenswaardige insecten of lagere diersoorten waargenomen.
Conclusie soorten De inrichting van het plangebied biedt weinig ruimte aan flora en fauna. Ondanks de open ruimte in de botenloodsen komen er slechts kauwennesten voor. Voor vleermuizen zijn verblijfsmogelijkheden nagenoeg uitgesloten. Het baltsterritorium gewone dwergvleermuis duidt op aanwezigheid van een baltsverblijfplaats nabij de botenloods maar kon niet worden aangetoond. Bij sloop zal het territorium en mogelijke verblijfplaats verdwijnen. De eerste twee vleermuisonderzoeken en het onderzoek van de gebouwen zijn uitgevoerd volgens Protocol Netwerk Groen Bureaus 2017. De twee zomervervolgonderzoeken worden niet meer noodzakelijk geacht omdat iedere indicatie voor gebruik van de gebouwen als kraam/zomer of massaverblijfplaats wordt uitgesloten. Met de aanwezigheid/winterverblijfplaats van ringslang moet ondanks de marginaliteit/ onnatuurlijkheid van het plangebied als biotoop, zeker rekening worden gehouden.
15
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Wetgeving 4.1 Soortenbescherming In dit hoofdstuk zijn verkorte citaten opgenomen uit de brochure van RVO “Soortenbescherming bij Ruimtelijke ingrepen” 2017 (1) (3) en uit de “bijlage B van de provinciale uitvoeringsverordening Wet Natuurbescherming Noord-Holland 2016”, een voor alle provincies algemeen geldende tekst (2). (1) Vanaf 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming ingegaan. Deze wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. De Wet natuurbescherming staat in het teken van de verbinding tussen ecologie en economie en bescherming van natuur. Het voorziet in duidelijke en eenvoudige regels ter bescherming van waardevolle natuur en in minder administratieve lasten. De Wet natuurbescherming benoemt niet welke concrete activiteiten wel of niet zijn toegestaan. Het uitgangspunt van de wet is dat geen schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. Dit betekent in de praktijk dat het gaat om het effect van uw activiteiten op beschermde soorten. Heel vaak gaan activiteiten en werkzaamheden en de bescherming van soorten prima samen. Als u uw werk zo kunt inrichten dat u geen schade toebrengt aan beschermde soorten, dan hoeft u vooraf niets te regelen. Soms is het echter onvermijdelijk dat schade wordt gedaan aan beschermde dieren en planten.
In die situaties is het nodig om vooraf te bekijken of hiervoor een vrijstelling geldt, of dat een ontheffing moet worden aangevraagd. De Wet natuurbescherming kent een apart beschermingsregime voor soorten van de Vogelrichtlijn, een apart beschermingsregime voor soorten van de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn en een apart beschermingsregime voor andere soorten, die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden. Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. Alle vogels, in totaal ruim 700 soorten, zijn (beschermd). Daarnaast worden ongeveer 230 overige Europese en nationale soorten beschermd. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: • Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is. • Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geeft voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid. • Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort. Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een ontheffing worden verleend.
Voor een aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingen mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode.
16
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
“Ook gemeenten hebben een belangrijke rol bij de uitvoering van de Wet natuurbescherming. Als sprake is van locatie gebonden activiteiten met gevolgen voor wettelijk beschermde dier- en plantensoorten, moet ofwel een quickscan deel uitmaken van de procedure bij het verkrijgen van een omgevingsvergunning, ofwel er wordt voorafgaand aan het aanvragen van de omgevingsvergunning apart een ontheffing aangevraagd. In het eerste geval geeft de initiatiefnemer bij de aanvraag omgevingsvergunning aan dat er sprake is van handelingen met gevolgen voor beschermde dieren/plantensoorten. Deze werkwijze staat bekend als vrijwillig aanhaken. Het is aan de gemeente (als bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning) om te controleren of de aanvraag voor een omgevingsvergunning volledig is, of dat de aanvrager al apart ontheffing heeft aangevraagd. Essentieel is dat de gemeente toetst of de initiatiefnemer al dan niet terecht heeft aangegeven of de handeling gevolgen heeft voor beschermde soorten. Als een initiatiefnemer vooraf géén aparte ontheffing soortenbescherming heeft aangevraagd, dan moet de quickscan aanhaken en kan geen afzonderlijke ontheffing meer worden aangevraagd. Bij aanhaken legt de gemeente de aanvraag voor aan de provincie als het bevoegd gezag voor de quickscan. De provincie geeft op grond van de inhoudelijke toetsing al dan niet een Verklaring van geen bedenkingen (Vvgb) af.
Overigens geldt dezelfde procedure bij handelingen met gevolgen voor beschermde Natura 2000-gebieden”. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan de eerder genoemde drie criteria zijn voldaan. Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een ontheffing worden verleend. Voor een aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingen mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode”. (2) provinciale verordening; Vrijstelling van het verbod op doden en verstoren bij ruimtelijke ingrepen “Een belangrijke taak die aan de provincies wordt gedecentraliseerd is ontheffingsverlening bij ruimtelijke ingrepen. Op het moment dat een initiatiefnemer voornemens is tot een ruimtelijke ingreep (een schuurtje, bedrijventerrein, weg, windmolenpark, etc.), dient hij middels een ecologische toets te onderzoeken welke dier- of plantsoorten op de desbetreffende locatie aanwezig zijn. Indien beschermde soorten worden gevonden, kan voor de soorten die op de lijst in bijlage 1 bij de wet (de in Nederland beschermde soorten) ontheffing te worden aangevraagd.
Dit is geregeld in artikel 3.10, tweede lid sub a van de wet, dat luidt dat het verbod op doden of vangen kan worden opgeheven “in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied”. Het is ook mogelijk dat uw Staten een lijst opnemen met vrijgestelde soorten, zodat niet bij iedere ingreep opnieuw een ontheffing aangevraagd hoeft te worden”.
Bij ruimtelijke ingrepen zoals wijzigen van een bestemmingsplan kan de “Quickscan” “aanhaken” . De gemeente kan vervolgens de Quickscan voorleggen aan de provincie die beslist of zij een verklaring van geen bezwaar afgeven of dat alsnog een ontheffing vereist is. In geval van habitatrichtlijnsoorten is een ontheffing noodzakelijk op grond van verstoring en vernietiging van het natuurlijke habitat.
17
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
4.2 Gebiedsbescherming De volgende tekst is overgenomen van de internetsite van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (ODNHN) t.a.v. van de bescherming van het Natura-2000 gebieden en aangepast als algemene tekst voor Nederland. “Voortvloeiend uit de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn is in Nederland een groot aantal gebieden aangewezen als beschermd Natura2000-gebied. Deze bescherming is geregeld in hoofdstuk 2 van de Wet natuurbescherming. In Nederland bevinden zich verschillende Natura2000-gebieden. Voor elk van deze gebieden is bepaald welke natuurlijke kenmerken beschermd zijn, behouden moeten blijven of uitgebreid moeten worden. Dit zijn de zogenaamde instandhoudingsdoelen. Het kan daarbij gaan om planten en om dieren. Op grond van de Wet natuurbescherming is het verboden om zonder vergunning activiteiten uit te voeren die een negatieve invloed kunnen hebben op deze instandhoudingsdoelen. Indien dat wel zo is, wordt bij de beoordeling van de vergunningaanvraag een strenge toets aangelegd, waarmee de alternatieven voor de activiteit worden beoordeeld. Voor nieuwe activiteiten of uitbreiding van bestaande activiteiten, moet u mogelijk een vergunning op basis van de Wet natuurbescherming aanvragen. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als een nieuwe koeienstal wordt gebouwd of als een groot evenement wordt georganiseerd.
Het kan zijn dat u wilt gaan vliegen met bijvoorbeeld een klein sportvliegtuig, een watervliegtuig, een helikopter en/of een luchtballon. Indien u voor de starts en landingen een zogenaamde TUG-ontheffing moet aanvragen en de locatie voor de starts en landingen ligt nabij een Natura2000-gebied, dient er ook een toetsing plaats te vinden in het kader van de Wet natuurbescherming. U vult hiervoor het Aanvraagformulier Gebiedsbescherming in.” Voorwaarden vergunning “U moet een vergunning aanvragen als: • u projecten wilt realiseren of handelingen wilt verrichten in of nabij een gebied dat is aangewezen als Natura 2000-gebied; • niet kan worden uitgesloten dat uw activiteiten de kwaliteit aantasten van natuurlijke habitats of de habitats verslechteren; • niet kan worden uitgesloten dat uw activiteiten een negatief effect hebben op de planten- en diersoorten, waarvoor het gebied is aangewezen; • deze activiteiten niet genoemd zijn in een Natura 2000-gebiedbeheerplannen.”
Toetsing van de voorgenomen activiteiten is naast de effecten op de eerder genoemde soorten ook van toepassing op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura-2000. De invloed van de voorgenomen activiteiten is gezien de afstand tot het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied nihil. Invloed op het Natuur Netwerk Nederland wordt niet verwacht omdat geen gebied verloren gaat in het netwerk of dat er sprake is van versnippering van het netwerk. Er worden geen bomen of houtopstanden gekapt.
18
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Huidig gebruik en voorgenomen activiteiten in het plangebied 5.1 Huidig gebruik en beheer De gevestigde bedrijven in het plangebied zijn nog volop in uitvoering. Op drukke dagen betekent dit een flinke verkeersstroom van en naar het tuincentrum en de sportwinkel. Het tuincentrum wordt bovendien regelmatig bevoorraad. Het onderhoud van het terrein is vrij intensief met uitzondering van de strook aan de noordzijde die als opslag voor allerlei wordt gebruikt. Gedurende de wintermaanden zijn de botenloodsen en de jachthaven relatief rustig. Vanaf ongeveer maart neemt de drukte toe en wordt er vanaf de jachthaven gevaren op de poel. Het betreft kleine schepen om te zeilen, roeien of te vissen op de Amstelveense Poel. Het onderhoud van dit deel van het terrein is intensief. De voormalige volkstuin is omdat het deel zo goed als verlaten is een kleine oase van rust en natuur. Het beheer is sinds afgelopen jaar niet meer uitgevoerd. Van belang zijn de werkzaamheden die worden uitgevoerd ten noorden van het plangebied. In 2019 is dit gebied op de schop gegaan en wordt heringericht met woningen en een appartementen complex. Door de herinrichting zijn biotopen verloren gegaan en is de ecologische druk op de resterende biotopen opgelopen. Na herinrichting zal de druk afnemen door inrichting van de tuinen en de openbare ruimte.
In het appartementen complex worden paarverblijven gerealiseerd voor vleermuizen en een oever is ingericht voor ringslangen.
5.2 Voorgenomen activiteiten en planning De voorgenomen werkzaamheden in het gebied betreffen sloop van de gebouwen, grondbewerking en nieuwbouw met vier woningen en een appartementencomplex. Herinrichting van de openbare ruimte met groen. De bebouwing zal landschappelijk worden ingepast. Vooralsnog is er geen planning vastgesteld. Bron: Conceptdocument NEXT architecten
19
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
6. Toetsing van de activiteiten Sloop- en bouwactiviteiten hebben altijd een effect op planten en dieren. Veelal is sprake van tijdelijke effecten. De effecten van de voorgenomen activiteiten zijn plaatsgebonden. De effecten op de beschermde dieren zijn sterk afhankelijk van het tijdstip van verstoring en welke voorzorgmaatregelen of mitigerende maatregelen worden genomen. De voorgenomen herinrichting betekent van dit plan betekent een flinke afname van bebouwd en verhard oppervlak dat later wordt ingevuld met beplanting, tuinen, water en oevers. Slechts een klein deel wordt gebruikt voor infrastructuur en parkeren. Voor het bepalen van de effecten is gebruik gemaakt van de effectenindicator Min. LNV. In de monitor zijn een beperkt aantal gegeneraliseerde werkzaamheden opgenomen. De effectenindicator soorten werd ingevoerd voor; slopen, asbest verwijderen, werken of werkzaamheden uitvoeren, en woning bouwen. De effectenindicator gaf aan: “In het door u geselecteerde gebied komen, in combinatie met de geselecteerde activiteit(en), geen Wettelijk beschermde soorten voor waarbij schadelijke effecten worden verwacht.” Zie bijlage Effecten monitor.
Bron: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicatorsoortenappl2016.aspx?subj=soorten#effecten De conclusie uit de effectenmonitor sluit echter niet aan op de uitkomsten van het veldbezoek omdat gewone dwergvleermuis, een beschermde soort, is waargenomen en ringslang in de directe omgeving voorkomt. (zie ook Bijlage Effectenindicator soorten) De uitdraai van quickscanhulp toont meer soorten. De soorten bevinden zich echter wel binnen een afstand van 0-5 km vanaf het plangebied maar behoeven niet persé in het plangebied voor te komen. Deze soorten zijn op grond van het biotoop en op basis van “expert judgement” uitgesloten.
6.1 Effecten op soorten Om de effecten vast te stellen op de beschermde soorten werd de maatregelen indicator beschermde soorten gebruikt voor gewone dwergvleermuis en ringslang. Voor gewone dwergvleermuis betekenen de werkzaamheden verlies van een baltsterritorium en voor de ringslang mogelijk een overwinterplek. Indien andere beschermde soorten als passant voorkomen dan zullen deze soorten tijdens sloop en nieuwbouwactiviteiten het plangebied gaan mijden. Daarbij moet in ogenschouw worden genomen dat er in de directe omgeving ten tijde van deze quickscan grote werkzaamheden plaatsvinden met een grote impact op de natuur van de omgeving en dat het nog zeker drie jaar duurt voordat de rust wederkeert. In de bijlage Maatregelen indicator zijn de maatregelen kortweg opgenomen. Bron: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicatormaatregelenappl.aspx?subj=soorten#maatregelen
20
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Soorten Huismus werd niet waargenomen tijdens het veldbezoek. Gezien het ontbreken van de soort en geen aanwijzingen voor nesten, is de soort uitgesloten en zijn er geen effecten te verwachten. De huidige met pannen gedekte daken zijn geïsoleerd. In de omgeving zijn er oudere huizen en schuurtjes met veel mogelijkheden voor huismus. Gewone dwergvleermuis werd foeragerend en baltsend aangetroffen. Een zomer- of kraamverblijf kon tijdens dit veldbezoek niet worden geconstateerd gezien de ongeschiktheid van de gebouwen en ontbreken van indicaties. Een individueel exemplaar kan altijd nog ergens verborgen aanwezig zijn hetgeen ook geldt voor ruige dwergvleermuis. Het plangebied is gezien de overige aanwezige groenstructuren en water in de omgeving geen essentieel foerageergebied. Wel is er op dit moment ook voor vleermuizen aanzienlijk meer druk op het plangebied i.v.m. grootschalige werkzaamheden direct aan de noordzijde van het plangebied. In de directe omgeving zijn er wel mogelijkheden voor verblijfplaatsen zoals onder dakpannen, stootvoegen, boomholten en dilatatievoegen van gebouwen. Ringslang komt in de directe omgeving voor. Voor de ringslang is onlangs nog een aparte oever aangelegd. Ervaring uit de omgeving leert dat de soort met enige regelmaat ook in tuinen en zelf in het tuincentrum verscheen. Daarom kan aanwezigheid van ringslang niet worden uitgesloten.
Bij onrust gaan ringslangen op de loop. Echter in de winterperiode als de dieren in winterslaap zijn, zijn ze kwetsbaar. Werkzaamheden uitvoeren in de periode vanaf november tot en met maart moet worden vermeden. Voorafgaande aan de sloop dient er een ecologisch schouw plaats te vinden. Een gunstige omstandigheid voor beschermde soorten is handhaving van de voormalige volkstuin. Het zal in de toekomst een vrij gelegen “natuur” eiland kunnen zijn.
6.2 Effecten op Natura-2000 gebied, PAS en NNN
Gezien de afstanden tot Natura-2000 gebieden worden geen effecten van de voorgenomen werkzaamheden verwacht op individuele dieren of populaties van beschermde dieren. NNN Er zijn geen effecten van de activiteiten op het Natuur Netwerk Nederland omdat geen gebied verloren gaat of versnippering plaatsvindt. De voorgenomen activiteiten hebben geen invloed op populaties of individuele soorten in de NNN.
21
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
6.3 Zorgplicht compenserende en mitigerende maatregelen Voor beschermde en niet beschermde dieren geldt allereerst de algemene zorgplicht. Aanbevolen wordt om de volgende mitigerende maatregelen te nemen om aan de zorgplicht te voldoen:
Voer de werkzaamheden uit met een door de Rijksoverheid goedgekeurde gedragscode; Voer de werkzaamheden uit buiten de kwetsbare periode voor dieren zoals broedtijd, voortplantingstijd; Voer activiteiten zodanig uit dat dieren de kans krijgen om voor de werkzaamheden te vluchten naar een geschikt onderkomen; Doof bouwlampen in de nachtelijke uren of gebruik gedempt licht; Biedt in de nieuwbouw ruimte aan soorten als vleermuizen en huismus.
Voor de beschermde soorten wordt verwezen naar de bijlage Maatregelen indicator. De specifiekere maatregelen zijn te raadplegen in de Kennisdocumenten Soortenbescherming https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/kennisdocumenten-soorten-ontheffingen-wet-natuurbescherming
en op de website van de Maatregelenindicator staan de te nemen maatregelen uitgebreid beschreven.
Conclusie en aanbeveling
Tijdens het veldbezoek zijn beschermde diersoorten aangetroffen. Voor de meeste soorten geldt echter een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling mits er aan de algemene zorgplicht voor deze soorten wordt voldaan zoals beschreven onder 6.3 mitigerende maatregelen. Gewone dwergvleermuis komt voor. Een baltsterritorium/verblijfplaats zal verdwijnen bij sloop en nieuwbouw. Ringslang komt in de directe omgeving voor. De aanwezigheid van een winterslaapplaats is niet uitgesloten. Bij sloop van de gebouwen en opruimen van het gebied kan de soort worden aangetroffen. Er verdwijnt geen natuurlijk habitat van de soort. Wel zal verstoring kunnen optreden. Significante effecten van de activiteiten op individuen of populaties in Natura-2000 gebieden zijn uitgesloten. Het Natuur Netwerk Nederland wordt niet aangetast en er wordt geen invloed van de werkzaamheden verwacht. Voor gewone dwergvleermuis dient een ontheffing te worden aangevraagd voor verdwijnen van een baltsterritorium/verblijfplaats en deze moet worden gemitigeerd door ophangen van minimaal 4 vleermuiskasten en worden gecompenseerd in de nieuwbouw met minimaal 4 ingebouwde permanente verblijfplaatsen. Voor ringslang dient een ontheffing te worden aangevraagd op grond van mogelijke verstoring. Aanbevolen wordt het natuureiland voor ringslang geschikt te maken met bijvoorbeeld een broeihoop.
22
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
De eerste twee vleermuisonderzoeken en het onderzoek van de gebouwen zijn uitgevoerd volgens Protocol Netwerk Groen Bureaus 2017. De twee zomervervolgonderzoeken worden niet meer noodzakelijk geacht omdat iedere indicatie voor gebruik van de gebouwen als kraam/zomer of massaverblijfplaats wordt uitgesloten. Bij de aanvraag voor een ontheffing dient een actieplan te worden gevoegd. Raadpleeg voor de inhoud “Toelichtingsformulier soortenbescherming” op https://www.rudnhn.nl/Wet_natuurbescherming/Soortenbescherming. Sloop zal onder ecologische begeleiding moeten plaatsvinden aan de hand van het actieplan en op te stellen ecologisch werkprotocol. Aanbevolen wordt om te bouwen inclusief natuur d.w.z. in het ontwerp van de nieuwbouw rekening te houden met huismussen en vleermuizen. Inbouwen van vleermuisverblijven in de spouwmuur of het maken van een “vogelvide” onder de pannen of geen gebruik maken van vogelschroot zijn goede mogelijkheden. Bron: http://www.vivarapro.nl/multimedia/image/xl/95714_NK-VV-01_studiofoto.jpg
Vogelvide
Raadpleeg voor natuur inclusief bouwen ook
https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/gebouwen/technieken-beheer-en-innovatie/natuurinclusiefbouwen
en/of https://www.bouwwereld.nl/duurzaamheid/toolbox-natuurinclusief-bouwen-gelanceerd/
23
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Geraadpleegde bronnen Literatuur Jansen, A. M & Schaminée J.H.J., Europese Natuur in Nederland, Soorten van de Habitatrichtlijn. KNNV uitgeverij, Utrecht, 2008 Jansen, A. M & Schaminée J.H.J., Europese Natuur in Nederland, Z e e e n k u s t N a t u r a 2 0 0 g e b i e d e n KNNV uitgeverij, Utrecht, 2009 Diverse Kennisdocumenten BIJ12, (Huismus, Gewone dwergvleermuis, Laatvlieger etc.) Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen min EZ december 2016. Arda advies, Daemen.N Quickscan Poeloever Oost 2016 Arda advies, Daemen. N. Rapportage vervolgonderzoek vleermuizen 2016/17 Arda advies, Daemen. N. Onderzoek naar marterachtigen en waterspitsmuis tuincentrum konijnenburg en de Kleine Poel te Amstelveen,2018
Internet Voorzover niet eerder in bronvermeldingen opgenomen: http://www.ndff.nl http://telmee.nl/ http://waarneming.nl http://www.vleermuis.net https://www.pdok.nl/ https://www.verspreidingsatlas.nl https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicatormaatregelenappl.aspx?subj=soorten#maatrege len https://www.bij12.nl/ https://www.odnhn.nl/
Foto’s en kaarten Fotografie: Kaarten:
N.Daemen pdokservice, Open streetmap, Luchtfoto 2018 Ortho 2018 infrarood Bewerking N.Daemen QGIS 2.14 Essen
24
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Bijlagen Overzicht NDFF quickscanhulp Natuurloket BIJ12 Bekende verspreiding van soorten ten opzichte van het plangebied - levering uit de NDFF. disclaimer De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in een bepaald gebied. Het systeem is in opbouw, nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten. Copyright vermelden bij verwijzen of citeren naar deze levering: '© NDFF - quickscanhulp.nl 06-12-2019 11:37:58'
Op de volgende pagina's vindt u de lijst met soorten en afstanden ten opzichte van het plangebied dat deze soorten zijn waargenomen. Een toelichting op deze lijst is te vinden op: www.quickscanhulp.nl. Mocht u vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de Helpdesk van Het Natuurloket: e-mail: serviceteamndff@natuurloket.nl telefoon: 0800 2356333
25
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Soort
Soortgroep
Bescherming
Afstand
Bastaardkikker
Amfibieën
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Bruine kikker
Amfibieën
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Gewone pad
Amfibieën
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Kleine watersalamander
Amfibieën
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Meerkikker
Amfibieën
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Ringslang
Reptielen
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Akkerboterbloem
Vaatplanten
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Kartuizer anjer
Vaatplanten
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Naakte lathyrus
Vaatplanten
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Naaldenkervel
Vaatplanten
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Wilde ridderspoor
Vaatplanten
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Boommarter
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Bosmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Bunzing
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Dwergmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Eekhoorn
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Egel
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Gewone bosspitsmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Haas
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Huisspitsmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Konijn
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Rosse woelmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Veldmuis
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Vos
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Wezel
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Woelrat
Zoogdieren
wnb-andere soorten
0 - 1 km
Rugstreeppad
Amfibieën
wnb-hrl
0 - 1 km
Muurhagedis
Reptielen
wnb-hrl
0 - 1 km
Gewone dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Laatvlieger
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Rosse vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Ruige dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Watervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Boomvalk
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
26
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Buizerd
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Gierzwaluw
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Grote Gele Kwikstaart
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Havik
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Huismus 2
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Kerkuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Ooievaar
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Ransuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Roek
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Grijs = biotopen ongeschikt of komt zeker in de directe nabijheid niet voor Groen = biotopen geschikt, kan voorkomen maar is bij ruimtelijke ontwikkeling vrijgesteld voor ontheffing, wel geldt de algemene zorgplicht Paars = biotopen geschikt, kan voorkomen, komt in directe nabijheid voor, ontheffing verplicht of positieve afwijzing bij het nemen van voldoende mitigerende maatregelen of compensatie Vogels zijn allemaal beschermd Rood = biotopen geschikt, mogelijk voorkomende soort, extra aandacht bij veldbezoek Overige vogels met cijfer toevoeging is categorie beschermd nest, 1 en 2 hoogste bescherming, of passant.
27
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Soorten waarvoor in provincie Noord-Holland een vrijstelling geldt Amfibieën Zoogdieren
Bruine kikker
Rana temporaria
Aardmuis
Microtus agrestis
Gewone pad
Bufo bufo
Bosmuis
Apodemus sylvaticus
Kleine
Triturus vulgaris
Dwergmuis
Micromys minutus
Meerkikker
Rana ridibunda
Dwergspitsmuis
Sorex minutus
Middelste groene
Rana esculenta
Egel
Erinaceus europaeus
Gewone bosspitsmuis
Sorex araneus
Haas
Lepus europeus
Huisspitsmuis
Crocidura russula
Konijn
Oryctolagus cuniculus
Ondergrondse woelmuis
Pitymys subterraneus
Ree
Capreolus capreolus
Rosse woelmuis
Clethrionomys glareolus
Tweekleurige bosspitsmuis
Sorex coronatus
Veldmuis
Microtus arvalis
Vos
Vulpes vulpes
Woelrat
Arvicola terrestris
28
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Bijlage Effectenindicator soorten
29
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
30
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Bijlage Maatregelen indicator
31
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Zie voor meer info https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicatormaatregelenappl.aspx?subj=soorten#maatregelen
32
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Bijlage Sonogrammen
Ruige dwergvleermuis Batscan 9.0 00113727-8-2019, 22.07
Gewone dwergvleermuis Batscan 9.0 220722 27-8-2019, 22.07
33
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Laatvlieger Batscan 9.0 230237 27-8-2019 23.02
Rosse vleermuis Batscan 9.0 222828 27-8-2019 22.28
34
colofon 3 4 5 Andersenhof 8 3446 BS Woerden Internet: www.arda-natuur.nl / n.daemen@arda-natuur.nl T 0348743245 M 0614604974 KvK 34223327 BTW NL71023380B01
De veldwerkzaamheden en rapportage zijn door N.D.Daemen bc. Arda advies voor natuur en landschap verricht. Dhr. Daemen heeft een HBO opleiding milieukunde en is afgestudeerd in richting ecologie en natuurbeheer. Dhr. Daemen heeft ruime ervaring (>20 jaar) met inventarisaties van diverse soortgroepen waaronder vogels, flora, kleine marterachtigen, insecten, amfibieën en reptielen. Arda is niet aangesloten maar onderschrijft wel de gedragscode van het Netwerk Groene Bureaus in samenwerking met bureaus uit dit Netwerk en als zelfstandige onderneming. Voor schade die het gevolg is van besluiten van opdrachtgever op basis van het advies, is ARDA adviesbureau voor natuur, cultuurhistorie en recreatie niet aansprakelijk.
QUICKSCAN oostelijke Poeloever Amstelveen
Foto Bijlage
Zicht op jachthaven en rietveld in de achtergrond
Achterzijde kas tuincentrum met tent en toiletunit
oever westzijde tuincentrum zicht volkstuin
oud tuinhuisje achter de kas
Enkele onderzochte details
36
Winkelpand en ingang werkplaats botenloods
Botenloods achterzijde
Achterzijde botenloods
Zuidzijde botenloods met paarterritorium
Achterzijde met sanitair
Botenloods