CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 5, deelonderzoek 3 Bovenkerkerweg en Maalderij

Raadsvergadering 19 april 2023, gemeente amstelveenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Bovenkerkerweg en Maalderij met gecoördineerde omgevingsvergunning28.456 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Moutlocatie te Amstelveen herontwikkelings- en nieuwbouwlocatie tussen Bovenkerkerweg en Maalderij

Deelonderzoek III : Nader en aanvullend bodemonderzoek

Moutlocatie te Amstelveen Deelonderzoek III: Nader en aanvullend bodemonderzoek

Projectcode: Kenmerk: Datum: Opdrachtgever:

18012TRA-03 U18-0312 10 april 2018 Trebbe Wonen

Deze rapportage mag niet anders dan in zijn geheel en niet zonder toestemming van de opdrachtgever worden gekopieerd, vermenigvuldigd en/of verzonden.

opsteller:

ing. J.M. Lohmeijer

controle:

ing. B.C.R. Willems

2001-2002

Inhoudsopgave 1

Inleiding......................................................................................................................................... 4

2

Uitgangssituatie ............................................................................................................................. 5 2.1 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

3

Nader en aanvullend bodemonderzoek ....................................................................................... 17 3.1 3.2 3.3

4

Algemeen ........................................................................................................................ 17 Waarnemingen / monstersamenstelling en analysepakketten ......................................... 19 Analyseresultaten ............................................................................................................ 26

Modellering ................................................................................................................................. 34 4.1 4.2

5

Algemeen .......................................................................................................................... 5 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 7 Conceptueel model ............................................................................................................ 8 Visualisatie en onderzoeksvragen conceptueel model .................................................... 11 Onderzoeksopzet ............................................................................................................. 12 Overige gevallen van bodemverontreiniging Moutlocatie .............................................. 15

Deelonderzoek III-A: Verontreiniging metalen en PAK Bovenkerkerweg 9-19............ 35 Deelonderzoek III-B: Verontreiniging olieproduct vml. Bovenkerkerweg 9 ................. 38

Conclusies en aanbevelingen....................................................................................................... 41

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

8. 9.

Overzichtskaart Situatietekeningen / modellering (schaal 1 : 500) Grafische boorprofielen Overschrijdingstabellen Analysecertificaten Overschrijdingstabellen en Analysecertificaten fase 1 – 2016 Historische gegevens a. Notitie Uitkomsten fase 1 – 2016 door Hoste Milieutechniek BV b. BAG gegevens c. Topotijdreis d. Samenvatting voorgaande bodemonderzoeken e. Aanvullende vooronderzoekgegevens NEN 5725 Certificaten betrokken personen Toelichting en normen Besluit bodemkwaliteit

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

3 / 42

1

Inleiding

In opdracht van Trebbe Wonen heeft Hoste Milieutechniek BV een 3-delig gecombineerd milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de geplande nieuwbouw op de Moutlocatie te Amstelveen. Onderhavige rapportage beschrijft deelonderzoek III: nader en aanvullend bodemonderzoek op de percelen Bovenkerkerweg 7-21. De overige deelonderzoeken betreffen actualiserend verkennend bodemonderzoek (deelonderzoek I) en verkennend en nader onderzoek asbest in grond (deelonderzoek II). Aanleiding tot het uitvoeren van het bodemonderzoek is de voorgenomen realisatie van woningbouw op de locatie. Voorafgaand aan bouwrijp maken zullen sanerende maatregelen genomen moeten worden. Het doel van het milieukundig onderzoek is meerledig: - het actualiseren en/of completeren van de bodemonderzoek gegevens van eerder op de locatie uitgevoerde bodemonderzoeken; - actualisatie en nader afperken van op verschillende terreindelen aangetoonde verontreinigingen met zware metalen en minerale olie, zijnde een Wbb-‘geval van ernstige bodemverontreiniging’. - het bepalen van de aard en omvang van aanwezige verontreinigingen, of er sprake is van meer dan twee ‘gevallen van ernstige bodemverontreiniging’ en daarbij of de sanering van de geconstateerde verontreinigingen spoedeisend is.

Het onderzoek dient geschikt te zijn om bij het bevoegd gezag een saneringsplan in te dienen en ten behoeve van de bouwwerkzaamheden een omgevingsvergunning aan te vragen. Het bodemonderzoek is per verontreiniging / deelonderzoek opgezet in navolging van de NTA 5755 1. Voorafgaande aan de veldwerkzaamheden is aanvullend historisch vooronderzoek op basisniveau uitgevoerd, in overeenstemming met de NEN 5725 2. In hoofdstuk 2 van de rapportage is de uitgangssituatie beschreven. In dit hoofdstuk wordt een korte toelichting gegeven op het huidige en historische gebruik van de locatie. Op basis hiervan en de locatieinspectie zijn een conceptueel model en op basis hiervan onderzoeksvragen en -opzet geformuleerd met betrekking tot de te verwachten milieuhygiënische kwaliteit van de bodem op de onderzoekslocatie. In hoofdstuk 3 zijn de uitgevoerde veldwerkzaamheden en chemische analyses ten behoeve van het verkennend onderzoek NEN 5740 opgenomen. In hoofdstuk 4 is het conceptueel model getoetst aan de actuele modellering van aanwezige verontreinigingen. Op basis hiervan zijn de risico´s in het kader van aanstaande sanerende maatregelen geïnventariseerd. Tenslotte worden in hoofdstuk 5 de conclusies en aanbevelingen geformuleerd.

1

NTA 5755 ‘Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek –Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging’, juli 2010 2 NEN 5725: Bodem – Strategie bij het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, oktober 2017 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

4 / 42

2

Uitgangssituatie

Deelonderzoek III betreft nader bodemonderzoek naar eerder in 2007/2008 en 2016/2017 aangetoonde verontreinigingen. In het kader van de Wbb zijn 2 gevallen van ernstige bodemverontreiniging gedefinieerd, deels reeds onderzocht. Het betreft een historische verontreiniging met zware metalen en plaatselijk PAK op een groot deel van de percelen van Bovenkerkerweg 9-19 (circa 3.000 m2), onderzocht in deelonderzoek III-A. Daarnaast betreft het een ernstig geval van bodemverontreiniging met olieproduct(en) op een deel van het achterterrein van het voormalig auto/garagebedrijf aan de Bovenkerkerweg 5-9, onderzocht in deelonderzoek III-B. Deelonderzoek III-C betreft aanvullend bodemonderzoek ter plaatse van aangetoonde matige verontreinigingen met metalen en PAK op het nog in gebruik zijnde perceel Bovenkerkerweg 21. 2.1

Algemeen

Locatiegegevens Adres: Bovenkerkerweg voormalig 5-9 t/m 21 Kadaster (III-A, III-B): - vml. nr. 5-7, opp. ca. 415 m2, gemeente Amstelveen, sectie O, nrs. 9165 en 3977 (gedeeltelijk); - vml. nr. 9, opp. 1.850 m2, gemeente Amstelveen, sectie O, nrs. 2236 en 2202; - vml.13-15, opp. 1.560 m2, gemeente Amstelveen, sectie O, nrs. 2519 en 6671; - vml.17-19, opp. 2.345 m2, gemeente Amstelveen, sectie O, nrs. 3773 en 3776; totaal oppervlak vml. 9-19: circa 6.170 m² Gebruik:

braakliggend

X-coördinaat: 117.860 Y-coördinaat: 478.255 Kadaster (III-C): - vml. nr 21, opp. 862 m2, gemeente Amstelveen, sectie O, nr. 3774. Gebruik :

wonen met tuin

X-coördinaat: 117.870 Y-coördinaat: 478.200 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

5 / 42

Op de te onderzoeken terreindelen is nieuwbouw gepland (wonen met tuin). Voorafgaand aan bouwrijp maken zullen sanerende maatregelen genomen moeten worden. De locatie bestaat op Bovenkerkerweg 5-9 t/m 19 uit braakliggend/na sloop gelijk gemaakt terrein. Aan de westzijde van de percelen Bovenkerkerweg ligt een sloot. Deze behoort niet tot de onderzoekslocatie. Op Bovenkerkerweg nr. 21 is de locatie in gebruik voor wonen met tuin. Ook is een carport aanwezig. Voormalig gebruik De percelen Bovenkerkerweg 5-7 betreffen een voormalig (vrijstaand) pand op de hoek met de Noorddammerlaan en de Bovenkerkerweg, in het verleden onderdeel van het autobedrijf Nissan Auto Benelux op nr. 5-9. Het terrein is voor het grootste deel braakliggend (groenstrook). De percelen Bovenkerkerweg 9 betreffen de voormalige garage, showroom en werkplaats, voorzien van een ondergrondse opslagtank buiten voor afgewerkte olie en een ondergrondse oliewaterafscheider (extra vulpunt en ontluchting), op het stallingterrein voor occasions en werkvoertuigen. Recent zijn het na sloop achtergebleven grof puin-depot en de oorspronkelijke betonvloer verwijderd. Het terrein is braakliggend. De percelen Bovenkerkerweg 13-15 betreffen twee voormalig geschakelde woningen en voormalige loods voor opslag van bouwpakketten en oude auto’s. Het terrein is braakliggend.

De percelen Bovenkerkerweg 17-19 betreffen twee voormalig geschakelde opstallen, waarvan nr. 17 een ijzeropslag/-handel en nr. 19 een woning. Daarachter heeft een kippenhok annex schuurtje gestaan. Verder zijn de percelen in gebruik geweest als bessen- en moestuin. Het terrein is braakliggend. De percelen Bovenkerkerweg 21 betreft een woning met schuur/carport, toegangsweg/oprit, en tuin met moestuin en kas. In de westelijke hoek op het achterterrein is een waterpartij aanwezig, zijtak van de aanliggende sloot. Door ons bureau is het volgende onderzoek reeds uitgevoerd:  ‘Uitkomsten fase 1 verkennend en actualiserend bodemonderzoek, Moutlocatie Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 16240WAA, d.d. 15 september 2016;  ‘Verkennend bodemonderzoek Bovenkerkerweg 21/23 Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 17230TRA, d.d. 1 september 2017. Het verkennend onderzoek fase 1 in 2016 (16240WAA) is met spoed en niet conform een bepaalde strategie uit de NEN 5740 of NTA 5755 verricht, in het kader van (versnelde) aankoop. In het fase 1 bodemonderzoek en in aanloop naar het fase 2 onderzoek is historisch vooronderzoek op basisniveau uitgevoerd. Onder meer zijn een tien tot twintigtal onderzoeken beoordeeld en samengevat. Deze informatie is opgenomen in bijlage 7. Voor gedetailleerde historische informatie wordt verwezen naar de betreffende bodemonderzoeken.

De beschikbare historische informatie en beschikbare bodemonderzoeken zijn volledig verzameld, geïnterpreteerd en vertaald in een sluitende hypothese per deelonderzoek(en). Zie ook de paragraaf 2.4 ’conceptueel model’.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

6 / 42

2.3

Bodemopbouw en geohydrologie

De informatie die hieronder volgt is grotendeels afgeleid uit de Grondwaterkaart van Nederland (24 west/oost en 25 west/oost) van de afdeling Grondwater en Geo-Energie van TNO te Delft en “de lithostratigrafische indeling van Nederland – Formaties uit het Tertiair en Kwartiar” (TNO NITG). Tabel 2.3.1. Geohydrologisch overzicht Typering Ligging in meters t.o.v. NAP Deklaag (slecht doorlatend) - 2 tot – 11 1e en 2e watervoerend pakket - 11 tot – 50

Lithologie

klei, veen matig fijne tot grove grinden schelphoudende zanden k: doorlatendheidscoëfficient horizontaal in meters per dag C: verticale weerstand in dagen

Geohydrologie

Formatie

C = 5.000 – 20.000 dg k = 7 – 35 m/d

Naaldwijk / Nieuwkoop Boxtel en Eem

Uit geohydrologische kaarten blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie geen scheidingslaag aanwezig is tussen het 1e en 2e watervoerend pakket. De stijghoogte van het grondwater in het 1e watervoerend pakket bedraagt ca. 4,5 m-NAP. De stromingsrichting van het grondwater in het 1e watervoerend pakket is zuid tot zuidwestelijk. De grondwaterstand in de slecht doorlatende deklaag bedraagt ca. 3,5 m-NAP. Lokaal kan de opbouw van de deklaag afwijken. Bodemkwaliteitskaart regio Amstelland-Meerlanden De locatie ligt volgens de bodemkwaliteitskaart voor regio AmstellandMeerlanden3 in bodemfunctieklasse industrie. Vermoedelijk zal deze indeling in de toekomst moeten worden gewijzigd in functieklasse wonen. De locatie ligt deels in bodemkwaliteitszone W1, met name de zijde Noorddammerlaan en de percelen Bovenkerkerweg. Zone W1 valt onder ontgravingsklasse industrie. Het overige deel van de locatie aan de Maalderij ligt in bodemkwaliteitszone I2. Zone I2 valt onder ontgravingsklasse landbouw/natuur. De bijbehorende achtergrondgehalten uit de bodemkwaliteitskaart AmstellandMeerlanden staan hiernaast gegeven. Voor een te plegen grondverzet dient conform het Besluit bodemkwaliteit uit worden gegaan van het stand-still principe (bodemkwaliteit verslechterd niet ). Getallen vergezeld van een * daarvan ligt de 95 percentielwaarde (in 95 % van de gevallen) boven de interventiewaarde.

In verband hiermee is de interventie-waarde als bovengrens aangehouden. In zone W1 bovengrond betreft dit de parameters lood en zink, in de ondergrond de parameters koper, lood en zink. Hierbij is sprake van historische ophogingen en/of historische verontreinigingen. 3

‘Nota bodembeheer Regio Amstelland-Meerlanden’, CSO Adviesbureau voor Milieu-Onderzoek b.v., projectnr. 09K189, herzien 14 maart 2013.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

7 / 42

2.4

Conceptueel model

De informatie die is verzameld in het vooronderzoek en de informatie uit eerdere onderzoeken vormen de basis voor het conceptueel model. Het conceptueel model is opgesteld aan de hand van paragraaf 6.4.4 en 6.4.3 uit de NTA 5755 4. In het model worden verwachtingen geformuleerd over de aard, plaats van voorkomen en verdeling van verontreinigende stoffen (bodemfase). Het nadere onderzoek bestaat steeds uit een onderzoeksprogramma afgeleid van het conceptueel model waarbij de contouren van de verontreinigingen in de grond (en het grondwater) worden uitgekarteerd. Het conceptueel model is een afgeleide van de laatste onderzoeksgegevens door ons bureau uit 2016 en bestaat uit een bovenaanzicht en modellering van de voornaamste verontreinigingen. 2.4.1 Deelonderzoek III-A Op de percelen Bovenkerkerweg 9-19 is op basis van voorgaande bodemonderzoeken sprake van een omvangrijk geval van ernstige bodemverontreiniging, diffuus heterogeen en historisch van aard. De verwachting is dat op de onderzoekslocatie immobiele verontreinigingen met metalen en mogelijk PAK aanwezig zijn in verschillende bodemlagen. Met deelonderzoek III-A wordt inzicht verkregen in de omvang van de immobiele verontreiniging(en) per te onderscheiden bodemlaag/-pakket (NTA 5755, par. 6.4.4: ”Aanwijzingen voor het bepalen van de omvang van diffuse verontreiniging”).

Het nader onderzoek is gebaseerd op de strategie VED-HE (“onderzoeksstrategie voor een diffuse verontreiniging, heterogeen verdeeld” ) uit de NEN 5740 5. Het nader onderzoek naar de metalen en PAK verontreiniging is gericht op het globaal vastleggen van interventie- en/of tussenwaarde contouren in verschillende bodemlagen, waarbij de onderlinge afstand tussen de boringen zoveel mogelijk gelijk wordt gehouden. Vervolgens wordt voor het totaal aan onderzoeksgegevens het verband tussen bepaalde waarnemingen en aangetoonde concentraties nagegaan zodat per bodemlaag de isoconcentratielijnen (lees: contouren van de aanwezige verontreiniging) kunnen worden vastgesteld. Het nader onderzoek is verder gericht op het vastleggen van de voornaamste risico’s van de aanwezige verontreiniging. Verontreinigingssituatie In een halve cirkel over de zuidkant van het terrein is over een brede strook van ten minste vijfentwintig meter de bodem sterk verontreinigd met enkele zware metalen en plaatselijk met PAK. Het betreft diverse bodemlagen met of zonder (puin)bijmengingen in de grond. De strook loopt, vanaf de sloot, over het perceel Bovenkerkerweg 17-19, tot ongeveer halverwege het perceel Bovenkerkerweg 9. Binnen de halve cirkel is een in 2007 aangetoonde sterke verontreiniging met zink en lood nog mogelijk aanwezig, gelegen tussen het (toen aanwezig) sloopafval en de sloot.

4

NTA 5755 ‘Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek –Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging’, juli 2010; 5 NEN 5740: Bodem – Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond, januari 2009/A1:2016. 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

8 / 42

De metalenverontreiniging is in 2016 globaal, mede op basis voorgaande onderzoeksresultaten, grotendeels in kaart gebracht (zie bijlage 7d). In de voorgaande onderzoeken zijn op diverse plaatsen tevens matige tot sterke verontreinigingen met PAK aangetroffen. De oppervlakte van het verontreinigd terrein (III-A) is op basis van historische informatie, voorgaande bodemonderzoeken en enkele actuele onderzoeksgegevens geschat op circa 2.800 m2 met daarbinnen nog eens circa 200 m2. Daarmee komt het totale verontreinigd oppervlak op circa 3.000 m2. De verontreiniging in de puinhoudende bovenlaag wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het puin afkomstig van de sloop van de voormalige bebouwing. De verontreiniging in de zintuiglijk schone boven-/ondergrond is waarschijnlijk historisch van aard. De contouren-tekening met dwarsdoorsneden uit 2016 is terug te vinden in bijlage 7a. Conform offerte wordt voor deelonderzoek III-A een oppervlakte van circa 2.900 m2 aangehouden. Een gedeelte (100 m2) valt samen met deelonderzoek III-B. 2.4.2 Deelonderzoek III-B Op de westzijde van het perceel van voormalig Bovenkerkerweg 9 is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie. Het betreft een mobiele verontreinigingssituatie.

Volgens het standaard model is in de meest voorkomende gevallen een bronlocatie te onderscheiden en stroomafwaarts een pluim met afnemende concentraties. De verontreiniging is het gevolg van bedrijfsactiviteiten van autohandel en –garagebedrijf Nissan Auto Benelux (morsingen en lekverliezen van brandstof en afgewerkte olie). Het onderzoek dient voor het verkrijgen van de actuele omvang van de mobiele verontreiniging als één geval van ernstige bodemverontreiniging (NTA 5755, par. 6.4.3: ”Aanwijzingen voor het bepalen van de omvang van lokale verontreiniging met een duidelijke verontreinigingskern in een mobiele verontreinigingssituatie”). Deelonderzoek III-B is gericht op uitkarteren van de pluim van de verontreiniging in grond en grondwater ofwel dat deze in voldoende mate wordt vastgesteld door interpolatie van de waarnemingen en aangetoonde concentraties.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

9 / 42

Verontreinigingssituatie In 2007 heeft BK Ingenieurs een verkennend en nader bodemonderzoek6 uitgevoerd rond het auto-/garagebedrijf op Bovenkerkerweg 9. In de laag van 0,5 tot 1,2 m-mv is ten minste 225 m3 grond en grondwater sterk verontreinigd met minerale olie en licht tot matig verontreinigd met vluchtige aromaten. Opgemerkt wordt dat niet onder het aanwezige bedrijfspand onderzocht is. In de sloot zijn in het slib lichte verontreinigingen met koper, lood, zink en PAK aangetoond. In 2016 is de globale omvang van de verontreiniging in concentraties boven de interventiewaarde (grond en grondwater) op basis van het onderzoek door HMT geschat op ten minste 560 m3 met een verontreinigd oppervlak van ten minste 500 m2. De aanname was (en is) dat de verontreiniging met minerale olie in de grond en in het grondwater grotendeels zullen overeenkomen. De uitgangssituatie, de contouren-tekening met dwarsdoorsneden, is terug te vinden in bijlage 7. Voor deelonderzoek III-B is een oppervlakte van circa 750 m2 aangehouden. 2.4.3 Deelonderzoek III-C Op de oprit en aanliggend gedeelte ‘erf’ van Bovenkerkerweg 21 wordt een aanvullend bodemonderzoek naar metalen en PAK verricht.

Uit de resultaten van het verkennend bodemonderzoek aan de Bovenkerkerweg 21-23 door ons bureau in 20177 blijkt dat in de kleilaag onder de oprit van 0,3 tot 0,5 m-mv overschrijdingen van de tussenwaarde (criterium nader onderzoek) met lood, zink en PAK worden aangetoond. Doel van het aanvullend verkennend bodemonderzoek is met beperkte onderzoeksinspanning nagaan van de omvang van de aanwezige matige tot sterke verontreiniging met metalen en PAK.

6

- ‘Verkennend bodemonderzoek Bovenkerkerweg 5-9 te Amstelveen’, BK Ingenieurs, 20070654, d.d. 28 augustus 2007; - ‘Nader bodemonderzoek Bovenkerkerweg 5-9 te Amstelveen’, BK Ingenieurs, 20070654, d.d. 28 januari 2008. 7 ‘Verkennend bodemonderzoek Bovenkerkerweg 21/23 Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 17230TRA, d.d. 1 september 2017 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

10 / 42

Het aanvullend onderzoek is gebaseerd op de strategie VED-HE (“onderzoeksstrategie voor een diffuse verontreiniging, heterogeen verdeeld” ) uit de NEN 5740. Met het totaal aan onderzoeksgegevens wordt het verband tussen bepaalde waarnemingen en aangetoonde concentraties nagegaan. Per bodemlaag worden de isoconcentratielijnen vastgesteld, namelijk de tussenwaarde-contour en indien van toepassing de interventiewaarde-contour. Het te onderzoeken oppervlak in deelonderzoek III-C omvat circa 400 m2.

2.5

Visualisatie en onderzoeksvragen conceptueel model

Het conceptueel model wordt gebruikt als hulpmiddel bij de interpretatie en de rapportage van de onderzoeksresultaten. In de voorfase van het onderzoek zijn een aantal onderzoeksvragen opgesteld, leidend bij het aanvullen van de beschikbare informatie tot het benodigde detailniveau. Voor een visualisatie van de conceptuele modellen van de metalen- en PAK verontreiniging (III-A) en van de olieverontreiniging (III-B) wordt verwezen naar bijlage 7. Dit betreft het oorspronkelijke conceptuele model uit 2016 (‘uitkomsten fase 1’ : contouren-tekening met dwarsdoorsneden), zie bijlage 7. De onderzoeksvragen van het conceptueel model voor de Moutlocatie zijn op basis van de resultaten en conclusies uit voorgaande bodemonderzoeken, met inbegrip van de kennisleemte uit 2016 fase 1 als volgt te beantwoorden. Tabel 2.5.1. Nader onderzoek omvang diffuse verontreiniging / lokale verontreiniging (paragraaf 6.4.4 / 6.4.3 NTA 5755 – juli 2010) Onderzoeksvragen Wat is de informatiebehoefte, Deelonderzoek III-A is gericht op vaststellen van de interventiewaarde-contouren van gericht op de omvang van de immobiele verontreinigende stoffen in horizontale richting in verschillende bodemlagen. verontreiniging ? Globaal verticale afperking van deze omvangrijke verontreiniging(en) is wenselijk.

Deelonderzoek III-B is gericht op het vaststellen van de omvang van de mobiele verontreiniging met minerale olie in horizontale en verticale richting, de I-contour en AWcontour in grond en de I-contour en S-contour in grondwater. Deelonderzoek III-C is gericht op het nagaan en indien van toepassing uitkarteren van een sterke verontreiniging met metalen en PAK. Nagegaan wordt of hierbij sprake is van een ‘geval van ernstige bodemverontreiniging’ of van (slechts) een ‘ spot’ met concentraties boven interventiewaarde Op welke parameters richt het Deelonderzoek III-A: zware metalen, met name lood, zink en koper in ‘deklaag’ ; onderzoek zich ? plaatselijk: PAK in bovengrond Deelonderzoek III-B: minerale olie, vluchtige aromaten in grond en grondwater MTBE en ETBE in grondwater (brandstof gerelateerd) Deelonderzoek III-C(beperkt): zware metalen en PAK in bovengrond Dient de omvang in de vaste Deelonderzoek III-A: Ja, nagaan of de door ons bureau opgestelde I-contour uit 2016 bodem zowel horizontaal als voldoet aan de verwachting; verticaal te worden Deelonderzoek III-B: Ja, nagaan of de door ons bureau in 2016 opgetekende I-contour vastgelegd ? (kern en deels pluim) zowel in grond als grondwater voldoet aan de verwachting; Deelonderzoek III-C: Nee, tenzij sterk verhoogde gehaltes in de grond worden aangetoond; Vaststellen dikte en oppervlak verontreinigde volume bodem(laag).

In beginsel worden boringen verricht op (potentieel) verontreinigde plaatsen, rondom boringen 6, 7, 12 en 25 uit 2017.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

11 / 42

Vervolg tabel 2.5.1. Onderzoeksvragen Wat is het criterium waarop de gezochte omvang zich richt ?

Deelonderzoek III-A: de interventiewaardecontour van verontreinigende stoffen in de grond; Deelonderzoek III-B: de interventiewaardecontour van verontreinigende stoffen in grond en grondwater (naar verwachting in hoofdzaak minerale olie); Deelonderzoek III-C: Wbb omvangscriterium voor ernstig geval van bodemverontreiniging in grond van 25 m3 bodemvolume verontreinigd gelijk aan/boven interventiewaarde;

Dient de omvang van de verontreiniging in het grondwater te worden bepaald ?

Ja, van aangetoonde mobiele verontreiniging(en) in het grondwater. Van immobiele verontreiniging is in het grondwater geen sprake.

Dient onderscheid te worden gemaakt tussen geringe bijmengingen en matig- tot sterke bijmengingen met bodemvreemd materiaal ?

Ja, door het verband aan te tonen tussen bepaalde waarnemingen en concentraties is het mogelijk om isoconcentratielijnen vast te stellen, zonder op veel plaatsen concentraties te meten (interpolatie techniek). Bijvoorbeeld de ligging van de interventiewaardecontour in het grondwater optekenen door de gemeten concentraties in peilbuizen te interpreteren aan de hand van de hoogte van de gemeten concentratie en eventueel visueel waargenomen (mate van) verontreiniging in nabij gesitueerde boringen. De contour zal op basis van de interpretatie verder uit de verontreinigde peilbuizen kunnen worden opgetekend. Ja, met name in verband met de mogelijke aanwezigheid van asbest(houdende) materialen; Ja, bij afwijkende bodemvreemde lagen en/of bestanddelen; Nee, namelijk zintuiglijk schone lagen waar in voorgaande bodemonderzoeken en / of gegevens uit het vooronderzoek verontreiniging in is aangetoond. Nee, het betreft risico’s die niet afwijken van een standaard onderzoekssituatie. In deze 2e fase (nader) onderzoek is het wenselijk de verspreiding van de olieverontreiniging naar de sloot in beeld te krijgen.

Dient extra aandacht besteed te worden aan bodemlagen met bepaalde fysische kenmerken ? Zijn er specifieke risico’s of kenmerken van een bepaalde verontreiniging die extra dienen te worden onderzocht ?

2.6

Onderzoeksopzet

De onderzoeksopzet van deelonderzoeken III-A, III-B en III-C is opgesteld in overeenstemming met de NTA 5755 waarbij het bijbehorende conceptuele model als leidraad geldt. Gedurende het onderzoek is het op basis van richtlijn NTA 5755 mogelijk het conceptueel model bij te stellen. Tijdens de locatie-inspectie op 12 februari 2018 zijn door het HMT veldwerk team meerdere scherven asbestverdacht materiaal op het maaiveld van de percelen Bovenkerkerweg 5/9 -19 waargenomen. Vanwege deze melding is een aanpassing gemaakt in de strategie voor het asbest in grond-onderzoek op de volgende dag (zie rapportage deelonderzoek II). Dit heeft niet geleid tot aanpassing van het onderzoeksprogramma van deelonderzoeken III-A en III-B. Op de locatie zijn verder geen bodembedreigende activiteiten waargenomen en zijn geen noemenswaardige verzakkingen, ophogingen, verdachte plekken, verkleuringen en brandplekken aangetroffen. Opgemerkt wordt dat op de percelen Bovenkerkerweg 5/9 -19 nog altijd restanten van de sloop zichtbaar waren (resten puin maaiveld, geen grof materiaal).

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

12 / 42

2.6.1 Deelonderzoek III-A: Verontreiniging met metalen en PAK vml. Bovenkerkerweg 9-19 De diverse verontreinigde bodemlagen worden middels diepe boringen tot maximaal 3,0 m-mv in beeld gebracht. Voor de aanpak is het verontreinigd terrein opgedeeld in 4 delen met onderling verschillende homogene bodemopbouw (NO, ZO, ZW en NW). Tussen de boringen wordt overal een afstand van circa 10 meter aangehouden, rekening houdend met de posities van de boringen uit het fase 1 onderzoek op de Moutlocatie door ons bureau in 2016. Bij het chemisch-analytisch onderzoek zou oorspronkelijk gebruik worden gemaakt van mengmonsters, echter vanwege een aangetroffen heterogene bodemopbouw binnen de onderscheiden zones is gekozen voor analyse van separate deelmonsters. In tabel 2.6.1 is het onderzoeksprogramma van deelonderzoek III-A weergegeven. Benoemde terreindelen worden als 1 deellocatie gerapporteerd. Tabel 2.6.1. Te verrichten werkzaamheden Deellocatie / terreindelen Boringen (m-mv) Noordoostelijke zone+contour 5 x 1,0 1 x 2,0 1.000 m2 1 x 3,0 2 x 1,0 Zuidoostelijke zone +contour 1 x 2,0 800 m2 1 x 3,0 4 x 1,0 Zuidwestelijke zone +contour 3 x 2,0 900 m2 1 x 3,0 5 x 1,0* (Noord)Westelijke spot/zone 1 x 2,0* 200 m2 L=Lutum, H=Humus * Deels combinatie met deelonderzoek III-B

Peilbuizen (m-mv) -

Analyses grond

Analyses grondwater -

Strategie

-

4 x metalen +L/H

-

Nader onderzoek raster 10 x 10 m

-

7 x metalen +L/H

-

Nader onderzoek raster 10 x 10 m

-

6 x metalen +L/H

-

Nader onderzoek raster 7,5 x 7,5 m

7 x metalen +L/H 3 x PAK +H

Nader onderzoek raster 10 x 10 m

In het verleden is langs de oostelijke rand van het terrein (zijde Bovenkerkerweg) op meerdere plaatsen een ondoordringbare laag aangetroffen. Voor de te verrichten werkzaamheden is op deze terreindelen gedurende 1 dag veldwerk een graafmachine ingezet. Op de perceelsgrens tussen de percelen Bovenkerkerweg 13-15 en 17-19 (respectievelijk percelen 6671 en 3776) is in het verleden een gedeelte watergang gedempt. De herkomst van het materiaal is niet bekend. Een compleet nader onderzoek is niet zinvol geacht. De voormalige watergang (begrenzing) is in de saneringsfase met behulp van een graafmachine waarschijnlijk vrij goed te bepalen. Met geringe onderzoeksinspanning wordt de kwaliteit van de bodem ter plaatse vastgesteld. In deelonderzoek I (actualiserend verkennend) en deelonderzoek II (verkennend en nader asbestonderzoek) zijn aanwijzingen gevonden van een diffuus heterogeen aanwezige verontreiniging met PAK. Deelonderzoek III-A is mede gericht op deze verontreiniging. De conclusie hieromtrent is in dit rapport onder hoofdstuk 5 opgenomen.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

13 / 42

2.6.2 Deelonderzoek III-B: Verontreiniging met minerale olie vml. Bovenkerkerweg 9 Op deellocatie III-B is vermoedelijk sprake van een ‘vermengde’ verontreiniging met olieproducten, namelijk benzine (brandstof), afgewerkte olie gerelateerd aan onderhoudswerkzaamheden en mogelijke overige olieproducten. De omvang van de verontreiniging met minerale olie in de bodem is op basis van de onderzoeksresultaten uit fase 18 geschat op 500 m3 sterk verontreinigde grond. De gemiddelde laagdikte is bepaald op 0,9 meter rond/onder grondwaterstand. Op de bronlocatie (verontreinigingskern) is de verontreiniging in 2016 met machinale boringen verticaal in beeld gebracht. Voor het afperkend onderzoek naar de verontreinigingspluim is een oppervlakte (ca. 25 x 30=) 750 m2 aangehouden. Gezien de posities van de boringen uit fase 1 is voor fase 2 een rastermaat van 7,5 x 7,5 meter de meest praktische opzet (zie bijlage 7, achter ‘Conceptueel model’). In de volgende figuur en onderstaande tabel 2.6.2 is het onderzoeksprogramma van deelonderzoek III-B weergegeven.

8

‘Uitkomsten fase 1 verkennend en actualiserend bodemonderzoek, Moutlocatie Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 16240WAA, 15 september 2016

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

14 / 42

Tabel 2.6.2. Te verrichten werkzaamheden Deellocatie / terreindelen Boringen (m-mv) Binnen en rondom vml. 4 x 2,0 werkplaats Verontreinigingskern Gedeelte bouw- en sloopafval op maaiveld L=Lutum, H=Humus

1 x 2,0

Peilbuizen (m-mv) 2 x 2,5 (NEN)

Analyses grond

1 x 1,5 (snijdend) 1 x 3,5 (diep) 1 x 2,5

2 x minerale olie +H

6 x minerale olie +H

2 x minerale olie +H

Analyses grondwater 2 x minerale olie +BTEXN 2 x minerale olie +BTEXN 1 x minerale olie +BTEXN

Strategie Nader onderzoek raster 7,5 x 7,5 m

Nader onderzoek raster 15 x 15 m

Rondom het voormalige pand zijn in de grond ondoordringbare lagen aanwezig, hoofdzakelijk bestaand uit puin. Onder de vloer van het voormalige pand liggen ondoordringbare lagen, vermoedelijk kabelgoten of een kelder. Voor de te verrichten werkzaamheden is gedurende 1 dag veldwerk gebruik gemaakt van een graafmachine, zolang hierbij de verontreinigingssituatie dit toeliet. 2.6.3 Deelonderzoek III-C: Verontreiniging met metalen en PAK Bovenkerkerweg 21 In tabel 2.6.3 is het onderzoeksprogramma weergegeven. Tabel 2.6.3. Te verrichten werkzaamheden Deellocatie Boringen (m-mv) 5 x 1,0 III-C) Bovenkerkerweg 21-23 1 x 2,0 zuidoost-verdacht (< 1.000 m2)

Peilbuizen (m-mv) -

Analyses grond 2 x NEN+L/H

Analyses grondwater -

Strategie Nader onderzoek gebaseerd op de strategie VED-HE uit de NEN5740

L =Lutum, H=Humus ONV =strategie voor onverdachte locatie VED-HE= strategie voor verdachte locatie, diffuse verontreiniging, heterogeen verdeeld * restant voor onverdacht geheel terrein conform offerte 16240WAA, HMT, 15-07-16; mogelijk combinatie met deelonderzoeken II en III

Op de locatie zijn geen bodembedreigende activiteiten waargenomen en zijn geen noemenswaardige verzakkingen, ophogingen, verdachte plekken, verkleuringen en brandplekken aangetroffen.

2.7

Overige gevallen van bodemverontreiniging Moutlocatie

Op de Moutlocatie zijn meerdere gevallen van ernstige bodemverontreiniging bekend die in het verleden of recentelijk voldoende zijn onderzocht: - In 2017 (HMT) is midden op het terrein van Bovenkerkerweg 23 in de klei onderlaag (0,5-1,5 m-mv), onder een baksteen-/ puinlaag, een sterke verontreiniging met lood aangetroffen. De verontreiniging wordt ruimtelijk begrensd door de voorgevel van de werkplaats en de perceelsgrens aan twee zijden. De omvang van de verontreiniging is circa 130 m3. Daarmee betreft het een geval van ernstige bodemverontreiniging (Wbb) waarvoor sanerende maatregelen van toepassing zijn. De baksteen-/puinlaag bevat asbest in gehalten boven de restconcentratienorm. De hoeveelheid asbesthoudend puin is geschat op circa 50 m3. 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

15 / 42

-

-

-

Aangrenzend is in de klei bovengrond onder de oprit een spot met PAK boven interventiewaarde aangetroffen, naar schatting één of enkele kuubs in omvang. In 2017 (HMT) is op het achterterrein van Bovenkerkerweg 21 in een kleiige sliblaag, zijnde het uiteinde van een in het verleden gedempte watergang (0,5-1,0 m-mv), een sterke verontreiniging met lood en zink aangetoond. De herkomst van het materiaal is niet bekend. De demping dateert uit dezelfde periode als de demping op de perceelsgrens tussen de percelen Bovenkerkerweg 13-15 en 17-19, rond 1995 (zie deelonderzoek I-B). De omvang van de sterk verontreinigde demping op het achterterrein van Bovenkerkerweg 21 wordt op basis van de in 2017 verkregen resultaten berekend op 35 m3. In 2016 (HMT) is een proefgat verricht in de (sloot)demping tussen de percelen Bovenkerkerweg 13-15 en 17-19. In het proefgat (PG03) is in de kleilaag van 0,7 tot 1,2 m-mv een sterke verontreiniging met lood aangetoond. In 2018 (HMT, deelonderzoek I-B) is in het midden van de Moutlocatie (boring 120) een ‘spot’ sterke loodverontreiniging aangetoond in de klei- en veenlaag van 1,5 tot 2,5 m-mv, met daarboven in de laag van 1,0 tot 1,5 m-mv een matige loodverontreiniging. De bodemopbouw is overeenkomstig proefgat PG03 (2016). Gezien de situering van deze nieuwe spot betreft dit waarschijnlijk het verlengde van het verontreinigde dempingsmateriaal.

De omvang van de sterke loodverontreiniging is ten minste 105 m3. Omdat de verontreiniging is veroorzaakt na 1987 betreft het een nieuw geval van bodemverontreiniging dat verplicht verwijderd dient te worden (Wbb). In 2018 (HMT, deelonderzoek II-A) is nabij het voormalige bedrijfspand van het auto/garagebedrijf in de grond een ‘spot’ met asbest in een gehalte boven de interventiewaarde aangetoond. Dit betreft mogelijk minder dan een kuub met asbest verontreinigde grond. De spot met sterke asbestverontreiniging is volgens de Wet bodembescherming saneringsplichtig. Opgemerkt wordt dat op het maaiveld van percelen Bovenkerkerweg 9-19 asbesthoudend materiaal voorkomt, op basis van de veldresultaten en onderzoeksgegevens is ingeschat dat het gehalte aan asbest onder het de actiewaarde van 50 mg/kg d.s. ligt. De problematiek met het visueel op maaiveld aangetroffen asbest (niet alles is tijdens de maaiveld inspectie bemonsterd) is dat lokaal hogere asbestconcentraties kunnen voorkomen dan het berekende gemiddelde.

De hierboven genoemde aanwezige verontreinigingen zijn uitgebreid beschreven in onze deelonderzoeken I en II op de Moutlocatie.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

16 / 42

3

Nader en aanvullend bodemonderzoek

3.1

Algemeen

Het veldwerk is uitgevoerd op 12 en 13 februari 2018 en op 7 en 15 maart 2018. Enkele boringen zijn gebruikt in meerdere deelonderzoeken. Zover relevant wordt tevens verslag gedaan van de verkregen onderzoeksresultaten uit fase 1, uitgevoerd op 23, 25 en 26 augustus 2016. Deze resultaten vallen onder het beschreven conceptueel model (paragraaf 2.4) en behoren niet tot onderhavig NTA 5755 onderzoek. Voor de boorlocaties wordt verwezen naar de tekeningen in bijlage 2. Hier staan tevens de boringen uit onze voorgaande onderzoeken op weergegeven. In tabel 3.1.1. is een overzicht van de uitgevoerde boringen opgenomen. Tabel 3.1.1.

Uitgevoerde boringen en peilbuizen Deellocatie Boringen (m-mv) III-A) Metalenverontreiniging 105, 106 (0,8) gestuit Bovenkerkerweg 9-19 107, 141, 142 (0,5) gestuit 109, 110, 111 (0,4) gestuit 116**, 118** (0,9) gestuit 104, 114**, 126, 127**, 128**, 129, 130, 131, 132, 135, 138 (1,0) 102, 113, 115**, 134 (2,0) 112, 133, 136** (3,0) 117, 137 (2,5) tevens peilbuis 2016 3, 6, 9, 10, 12, 15 (1,9/2,0) verricht in 2016 III-B) Olieverontreiniging 108, 142 (0,5) gestuit Bovenkerkerweg 9 101 (0,8) gestuit 118**, 119, 122, 123, 140 (0,9) gestuit 114** (1,0) 103 (1,9) 115** (2,0) kern: 125 (1,2) tevens peilbuis kern: 116**, 121, 121A, 121B, 141 (0,4/0,7) gestuit 2016 20 (2,7) Sialtech 21 (1,7) gestaakt Brussee 22 (2,8) Sialtech 23 (3,0) verricht in 2016 24 (2,0) 25-1 (0,7) 4x gestuit III-C) Bovenkerkerweg 21 153, 155, 156, 157 (1,0) 158 (1,2) 154 (2,0) * De betreffende boring is verricht tot 2,5 m-mv ** Gecombineerde boring (114, 127, 128 oorspronkelijk gereserveerd voor deelonderzoek I-B)

Peilbuizen (m-mv)

117 (1,5-2,5) 124 (2,5-3,5) 125 (0,0-1,0) 139 (1,2-2,2) 140A (0,0-0,7)

2016 25 (1,0-2,0) onbekend oud boorgat (=proefgat PG02)

De boringen zijn met een Edelmanboor en guts uitgevoerd. De opgeboorde grond is lithologisch en zintuiglijk onderzocht. De opgeboorde grond is per bodemlaag of in trajecten van ten hoogste 0,5 meter bemonsterd. Zintuiglijk afwijkende bodemlagen zijn apart bemonsterd. 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

17 / 42

Het grondwater op deellocatie III-A en deellocatie III-B is bemonsterd op 15 maart 2018. De veldwerkzaamheden, monstername en monsterbehandeling zijn uitgevoerd conform de richtlijnen die zijn opgesteld in de BRL SIKB 2000. Hoste Milieutechniek is door de KIWA gecertificeerd voor het verrichten van “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” conform deze BRL. Een overzicht van de betrokken medewerkers is opgenomen in bijlage 8. De grond- en grondwatermonsters zijn voor chemische analyse bij Eurofins-Analytico te Barneveld aangeboden en conform de AS3000 accreditatie onderzocht. Hoste Milieutechniek is als opdrachtnemer onafhankelijk van de opdrachtgever. Tussen beide bestaat geen relatie zoals bedoeld in paragraaf 3.1.7. van de BRL SIKB 2000. Deelonderzoek III-A Op deellocatie III-A (metalen- en PAK-verontreiniging) zijn in 2016 in het meest verdachte gebied 6 diepe boringen verricht, boorpuntnummers 3, 6, 9, 10, 12, en 15. In de veldwerkrondes in 2018 zijn in totaal 28 boringen verricht, boorpuntnummers: 102, 104 t/m 107, 109 t/m 118, 126, 127, 129 t/m 135, 137, 138, 141 en 142. Vanwege de zintuiglijke waarnemingen in boring 137 is deze afgewerkt tot peilbuis. Op deellocatie III-A is het grondwater tijdens het plaatsen van de peilbuizen aangetroffen op een diepte varierend van 0,3 m-mv (verontreinigingskern) tot 1,5 m-mv (overzijde sloot).

De asfaltverharding ter hoogte van boring 10 (2016) is in 2018 niet opnieuw aangetroffen. Deelonderzoek III-B Op deellocatie III-B zijn in 2016 ter hoogte van de verontreiniging machinaal 4 boringen tot circa 2,5 à 3,0 m-mv machinaal verricht met een Avegaar-boor, genummerd 20 t/m 23. Aan twee zijden is handmatig een boring tot 2,0 meter verricht, nummers 24 en 25 (+ proefgat PG02). Op 13 februari 2018 is gebruik gemaakt van een graafmachine om handmatig niet te doorboren lagen te doorgraven. Wanneer dit materiaal zintuiglijk sterk verontreinigd met olie bleek te zijn, is de betreffende boring / proefsleuf gestaakt. Vanwege ondoordringbare lagen op de ´bronlocatie´ is de aanwezigheid van de ondergrondse opslagtank voor afgewerkte olie niet bevestigd. De loze ruimte onder de voormalige betonvloer is tijdens de laatste sloop- en opruimactiviteiten in 2017 gevuld met zand. In de veldwerkrondes in 2018 zijn in totaal 22 boringen verricht, boorpuntnummers 101, 103, 108, 114 t/m 119, 121(A en B) t/m 125, 139 en 140(A) t/m 143. Verschillende boringen zijn gecombineerd uitgevoerd met III-A. In 2016 aangetroffen verhardingen zijn in de tussentijd van de locatie verwijderd geweest. Het grondwater is tijdens het plaatsen van de afperkende peilbuizen aangetroffen op 0,8 à 0,9 m-mv.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

18 / 42

Peilbuis 125 in de kern van de verontreiniging is afgewerkt met een 1 meter-filter snijdend met de grondwaterstand. Veel boringen zijn gestuit. De ondoordringbare funderingslagen vanaf ten minste 0,4 à 0,5 m-mv hebben nadere bepaling van de laagdikte van de verontreiniging met minerale olie in grond en grondwater belemmerd. Peilbuis 140A is vanwege het stuiten van de boring afgewerkt met een snijdend filter met een natte deel van 20 cm snijdend met de grondwaterstand. De diepe peilbuis in de verontreinigingskern is vanwege de ondoordringbare (funderings)laag verplaatst. Voor beeldvorming is het diepere grondwater aan de overzijde van de sloot onderzocht. Uit vooronderzoek gegevens bestaan aanwijzingen dat de verontreiniging verspreid is (geweest) tot in de afwateringssloot. De verontreiniging is tevens doorgedrongen tot de bovengrond op enkele meters vanaf de sloot. De diepe peilbuis aan de overzijde van de sloot kan uitsluiten dat de olieverontreiniging niet verder verspreid is dan het terrein aan de Bovenkerkerweg. Deelonderzoek III-C Op deellocatie III-C is in 2017 9 in bovengrond mengmonster MM-02 van boringen 6 en 12 matig verontreinigd met lood en zink en licht verontreinigd met overige metalen en PAK. Bovengrond monster M-05 van boring 7 is matig verontreinig met lood zink en PAK en licht verontreinigd met overige metalen.

In de veldwerkronde van 15 maart 2018 zijn 6 aanvullende boringen verricht: boorpuntnummers 153 t/m 158.

3.2

Waarnemingen / monstersamenstelling en analysepakketten

De grafische boorprofielen van de grondboringen uit deelonderzoeken III-A, III-B en III-C zijn opgenomen in bijlage 3. Tevens zijn de grafische boorprofielen van de boringen uit onze onderzoeken uit 2016 en 2017 9 hierbij apart opgenomen. De bodemopbouw aangetroffen gedurende de deelonderzoeken is in hoofdlijn als volgt. Behalve op het zuidelijke deel van de locatie wordt in de bovengrond circa 0,5 tot 1,0 meter zand aangetroffen met daaronder circa 0,5 tot 1,0 meter klei op de veen onderlaag. Op het zuidelijk deel is sprake van circa 0,5 tot 1,0 meter klei bovengrond en veenondergrond. Op de noord- en oostzijde van de percelen aan de Bovenkerkerweg zijn veel boringen gestuit op een ondoordringbare (puin)laag op 0,5 à 1,0 m-mv. Gezien de verschillende bijmengingen in diverse bodemlagen, verschillen in laagdikte en plaatselijke inschakelingen van afwijkende lagen is geen homogene bodemopbouw te benoemen. Op Bovenkerkerweg 21 is sprake van circa 0,5 meter klei dan wel zand op een veen ondergrond. Opgemerkt wordt dat op deellocatie III-B in meerdere boringen een sterke benzinegeur is waargenomen. 9

- ‘Uitkomsten fase 1 verkennend en actualiserend bodemonderzoek, Moutlocatie Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 16240WAA, d.d. 15 september 2016 ; - ‘Verkennend bodemonderzoek Bovenkerkerweg 21/23 Amstelveen’, Hoste Milieutechniek BV, 17230TRA, d.d. 1 september 2017.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

19 / 42

3.2.1 Zintuiglijke waarnemingen deelonderzoek III-A In tabellen 3.2.1-A en 3.2.1-B zijn uit deelonderzoek III-A naar metalen en PAK de aangetroffen zintuiglijke waarnemingen in de opgeboorde grond weergegeven. De mate van een bodemvreemde bijmenging is een goede indicatie voor een verontreiniging. Daarnaast is de zintuiglijk schone grond op de zuidzijde van de locatie mogelijk sterk verontreinigd met metalen. Tabel 3.2.1-A. Waargenomen bodemvreemd materiaal in 2016 Boring diepte (m-mv) Bodem Bijmenging 03 0,0-0,22 Beton, daaronder tot 0,7 m-mv loze ruimte 0,75-1,0 Zand Sterk kolengruishoudend, matig puin- en baksteenhoudend 1,0-1,2 Klei (zandig) Matig puin- en baksteenhoudend 06 0,0-0,15 Beton, daaronder tot 0,7 m-mv loze ruimte 0,7-1,0 Zand Matig puin- en slakkenhoudend, matig sintelhoudend 1,0-1,3 Klei (zandig) Zwak puin- en baksteenhoudend 09 0,15-0,5 Zand Sterk puinhoudend, matig baksteenhoudend 0,5-0,7 Zand Zwak puinhoudend 10 0,08-1,0 Veen Zwak puinhoudend 12 0,0-0,4 Zand Uiterst baksteenhoudend, sterk puinhoudend 0,6-0,9 Klei (zandig) Zwak puin- en baksteenhoudend 15 0,0-0,2 Zand Sterk puinhoudend 0,2-0,4 Zand Matig repac-houdend 0,4-0,6 Klei (zandig) Zwak puin- en slakkenhoudend 0,6-1,0 Klei (zandig) Zwak puinhoudend 1,0-2,0 Klei (zandig) Matig en sterk houthoudend

De boringen uit 2016 zijn verricht op ongeveer 20 tot 30 meter van de Bovenkerkerweg, vanaf het voormalige auto/garagebedrijfsgebouw nr. 9 tot op het perceel Bovenkerkerweg nr. 17-19 (vml.). Tabel 3.2.1-B. Waargenomen bodemvreemd materiaal in 2018 Boring diepte (m-mv) Bodem Bijmenging 110 0,2-0,4 Klei Sterk puinhoudend (gestuit) 111 0,0-0,4 Zand Sterk puinhoudend (gestuit) 112 0,0-0,5 Zand Zwak puinhoudend 113 0,0-0,5 Zand Matig puinhoudend 114 0,2-1,0 Klei Zwak puinhoudend, zwak kool/avi-ashoudend 115 0,0-0,5 Zand Zwak puinhoudend, zwak kool/avi-ashoudend 116 0,5-0,9 zand Zwak puinhoudend, sterke olie-waterreactie, matige benzinegeur (gestuit) 117 0,0-1,0 Klei (zandig) Zwak puinhoudend 118 0,0-0,2 Zand Sterke olie-waterreactie 0,2-0,6 Zand Uiterste olie-waterreactie, uiterste benzinegeur 0,6-0,9 Slakken/zand, uiterste olie-waterreactie, uiterste benzinegeur (gestuit) 126 0,0-1,0 Klei (zandig) Matig puinhoudend 128 0,0-1,0 Klei Zwak puinhoudend 129 0,5-1,0 Klei Sterk houthoudend 135 0,0-0,5 Zand Matig puinhoudend 136 0,0-0,5 Klei (zandig) Zwak puinhoudend 137 0,0-0,5 Zand Matig puinhoudend 0,5-1,0 Klei (zandig) Laagjes puin, matige olie-waterreactie 138 0,0-0,5 Klei Zwak puinhoudend 141 0,2-0,4 Zand Sterk kool/avi-ashoudend, zwak betonpuinhoudend Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur (gestuit) 142 0,2-0,5 Zand Sterk kool/avi-ashoudend, zwak betonpuinhoudend 18012TRA-03

/ kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

20 / 42

Ten aanzien van het nader onderzoek naar PAK (III-A) kan opgemerkt worden dat ten noorden en ten oosten van voormalig bedrijfsgebouw nr. 9, waar BK in 2007 matige verontreinigingen met PAK heeft aangetoond, in de bodem geen aanwijzingen zijn gevonden (koolas/-gruis of sintels) die kunnen duiden op een verontreiniging met PAK. Van de zintuiglijk schone grond is ter verificatie een analyse op PAK ingezet. Nabij boring 114, ten westen van voormalig bedrijfsgebouw nr. 9, zijn in meerdere stuitboringen zwakke tot sterke bijmengingen met koolas aangetroffen (zie tabel 3.2.1 en 3.2.2). Verwezen wordt naar de inspectiegaten AS107 en AS110 uit deelonderzoek II-A, met een sterke bijmenging met kolengruis in de bovengrond. Daarmee is de onderzoekslocatie alsnog verdacht van een PAK-verontreiniging. In het analyseprogramma zijn meerdere separate monsters ingezet op een PAK analyse. 3.2.2 Zintuiglijke waarnemingen deelonderzoek III-B In tabellen 3.2.3 en 3.2.4 zijn uit deelonderzoek III-B naar de omvang van de olieverontreiniging de aangetroffen zintuiglijke waarnemingen in de opgeboorde grond weergegeven. De mate van oliewaarneming is een goede indicatie voor de mate van verontreiniging. In 2016 is de kern van de verontreiniging vastgesteld, daarbij bleken drie van de vier machinale boringen rond de vermoede kern zintuiglijk matig tot sterk verontreinigd te zijn met olieproduct.

Tevens is de onderzijde van de olieverontreiniging in de kern vastgesteld. Tabel 3.2.2-A. Zintuiglijke oliewaarnemingen en overig bodemvreemd materiaal 2016 Boring diepte (m-mv) Bodem Bijmenging 20 (kern) 0,0-0,05 Tegel 0,7-0,9 Zand Matige olie-waterreactie 0,9-1,2 Veen Matige olie-waterreactie 1,2-1,7 Zand Sterke olie-waterreactie, sterk puinhoudend 1,7-2,2 Veen Zwakke olie-waterreactie 21 (kern) 0,0-0,18 Beton, daaronder tot 0,9 m-mv loze ruimte 1,1-1,3 Zand Matige olie-waterreactie, sterk puinhoudend, zwak slakkenhoudend 1,3-1,7 Volledig puingranulaat, sterke olie-waterreactie 22 (kern) 0,0-0,15 Beton, daaronder tot 0,9 m-mv loze ruimte 1,1-1,8 Zand Matige olie-waterreactie, sterk puinhoudend 23 (kern) 0,0-0,05 Tegel 0,7-1,0 Zand Matige olie-waterreactie 1,0-2,0 Zand Matige olie-waterreactie, sterk puinhoudend 2,0-2,5 Veen Zwakke olie-waterreactie 24 0,0-0,05 Tegel 0,9-1,1 Zand Matig puinhoudend 25 (pluim) 0,0-0,05 Tegel 0,4-0,7 Zand Zwakke olie-waterreactie, gestuit

De afperkende boringen van 2018 zijn zoveel mogelijk verricht in het vooraf vastgestelde raster (zie paragraaf 2.6.2). Wanneer een te verrichten boring of peilbuis werd belemmerd door een hinderende (puin-/funderings)laag is deze in overleg met de projectleider enkele meters verplaatst. Wanneer in een boring aan de buitenkant van de verontreiniging zintuiglijk olieverontreiniging werd vastgesteld, zijn in overleg met de projectleider een of meer extra afperkende boring(en) verricht. 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

21 / 42

Tabel 3.2.2-B. Zintuiglijke oliewaarnemingen en overig bodemvreemd materiaal 2018 Boring diepte (m-mv) Bodem Bijmenging 103 0,5-0,9 Zand Zwak puinhoudend 114 0,2-1,0 Klei Zwak puinhoudend, zwak kool/avi-ashoudend 115 0,0-0,5 Zand Zwak puinhoudend, zwak kool/avi-ashoudend 116 0,5-0,9 zand Sterke olie-waterreactie, matige benzinegeur, zwak puinhoudend, (gestuit) 117 0,0-1,0 Klei (zandig) Zwak puinhoudend 118 0,0-0,2 Zand Sterke olie-waterreactie 0,2-0,6 Zand Uiterste olie-waterreactie, uiterste benzinegeur 0,6-0,9 Slakken/zand, uiterste olie-waterreactie, uiterste benzinegeur (gestuit) 119 0,0-0,5 Zand Matige olie-waterreactie, matige benzinegeur 0,5-0,8 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur (gestuit) 121 0,2-0,5 Zand Matige olie-waterreactie, zwakke benzinegeur 121A 0,2-0,5 Zand Matige olie-waterreactie, zwakke benzinegeur 121B 0,2-0,7 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur, zwak betonpuinhoudend 122 0,5-0,9 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur (gestuit) 123 0,5-0,9 Zand Zwakke olie-waterreactie, zwakke benzinegeur 124 0,5-1,0 Klei (zandig) Zwak puinhoudend 125 0,0-0,3 Zand Zwakke olie-waterreactie, zwakke benzinegeur 0,3-0,7 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur 0,7-1,2 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur, matig puinhoudend 140 0,5-0,7 Zand Matige olie-waterreactie, zwakke benzinegeur 0,7-0,9 Veen Zwakke

olie-waterreactie, zwakke benzinegeur (gestuit) 141 0,2-0,4 Zand Sterke olie-waterreactie, sterke benzinegeur Sterk kool/avi-ashoudend, zwak betonpuinhoudend(gestuit) 142 0,2-0,5 Zand Sterk kool/avi-ashoudend, zwak betonpuinhoudend

3.2.3 Zintuiglijke waarnemingen deelonderzoek III-C In tabellen 3.2.5 de aangetroffen zintuiglijke waarnemingen in de opgeboorde grond weergegeven. In het voorgaande onderzoek (HMT, 2017) is in slechts één van de (vier) onderhavige en nabij gesitueerde boringen een bodemvreemde bijmenging waargenomen. Tabel 3.2.3. Waargenomen bodemvreemd materiaal Boring diepte (m-mv) Bodem 153 0,0-0,5 Klei (zandig) 154 0,0-0,5 Klei (zandig) 155 0,0-1,0 Klei (zandig) 157 0,1-0,5 zand 158 0,6-0,7 -

Bijmenging Zwak puinhoudend Zwak puinhoudend, zwak houthoudend Zwak puinhoudend Matig puinhoudend Koolas

7 2017

Zwak kool/avi-ashoudend

0,12-0,5

Klei (zandig)

3.2.4 Grondwatermonsterneming In tabel 3.2.1 zijn de meetgegevens van de watermonstername opgenomen. Hieruit blijkt dat de pH- en EC-waarden niet afwijken van de van nature voorkomende waarden.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

22 / 42

Tabel 3.2.4. Metingen tijdens de watermonstername III-A: Pb137 Bemonsteringsdatum: 15-03-2018 Zuurgraad (pH) Electrisch geleidingsvermogen (μS/cm) Grondwaterstand (m-mv) Troebelheid gemeten in het veld (NTU) Goed doorlopend / niet belucht Slecht doorlopend / niet belucht Slecht doorlopend / wel belucht Bemonsteringsdatum: Zuurgraad (pH) Electrisch geleidingsvermogen (μS/cm) Grondwaterstand (m-mv) Troebelheid gemeten in het veld (NTU) Goed doorlopend / niet belucht Slecht doorlopend / niet belucht Slecht doorlopend / wel belucht

III-B: Pb125 15-03-2018

III-B: Pb124 15-03-2018

7,12 898 0,54 2,1 *

nb nb nb 5-10 *

7,12 957 1,1 7,6 *

III-B: Pb140A 15-03-2018

III-B: Pb139 15-03-2018

III-B: Pb117 15-03-2018

7,22 554 0,0 18,1 *

7,23 584 0,55 4,0 *

7,68 549 0,2 22,1 (snijdend)*

III-B: Pb25 15-03-2018 6,43 1.234 0,38 75 (snijdend)*

In afwijking tot VKB-protocol 2002 inzake monsterneming van het grondwater zijn aan het grondwater uit peilbuis 125 in de verontreinigingskern geen veldmetingen verricht vanwege mogelijk beschadigen van de meetapparatuur door contaminatie met puur product. Peilbuis 25 is een peilbuis tot 2,0 m-mv en staat daarmee snijdend met de grondwaterspiegel. Het verkregen grondwatermonster betreft een belucht monster. Voorafgaand aan de bemonstering is de peilbuis eenmaal leeggepompt geweest. Peilbuis 140A is een peilbuis tot 1,0 m-mv en staat daarmee snijdend met de grondwaterspiegel. Het verkregen grondwatermonster betreft een belucht monster. Idem peilbuis 125. 3.2.5 Analyseprogramma De monstersamenstelling en de analysepakketten voor grond zijn weergegeven in tabel 3.2.2. Enkele monsters zijn afkomstig uit het overlappende gedeelte van deelonderzoeken III-A en III-B ingezet. Daarnaast zijn op enkele verdachte monsters extra analyses verricht op PAK.

18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

23 / 42

Tabel 3.2.5. Deelonderzoek III-A: monstersamenstelling en analysepakketten AnalyseBoring- en potnummers Diepte Motivatie Analyses monster (m-mv) Deelonderzoek III-A: Verontreiniging met metalen en PAK vml. Bovenkerkerweg 9-19 (ca. 2.900 m2) MM-04 114.2+114.3 0,2 – 1,0 klei, zwak kool/avi-as + puin PAK + metalen (9) + H/L MM-05 105.2+106.2 0,5 – 0,8 zand PAK + H M-06 115.1 0,0 – 0,5 zand, zwak kool/avi-as + puin PAK + metalen (9) + H/L M-07 128.1 0,0 – 0,5 klei, zwak puin metalen (9) + H/L M-08 126.1 0,0 – 0,5 klei (zandig), matig puin metalen (9) + H/L M-09 117.1 0,0 – 0,5 klei (zandig), zwak puin metalen (9) + H/L M-10 117.3 1,0 – 1,5 veen metalen (9) + H/L M-11 113.2 0,5 – 1,0 klei metalen (9) + H/L M-12 113.1 0,0 – 0,5 zand, matig puin metalen (9) + H/L M-13 129.1 0,0 – 0,5 klei (zandig), zwak puin metalen (9) + H/L M-14 130.1 0,0 – 0,5 klei metalen (9) + H/L M-15 131.1 0,0 – 0,5 klei metalen (9) M-16 132.1 0,0 – 0,5 klei metalen (9) M-17 133.1 0,0 – 0,5 klei (zandig) metalen (9) + H/L MM-18 133.3+134.2 0,5 – 1,5 klei metalen (9) + H/L M-19 135.1 0,0 – 0,5 zand, matig puin metalen (9) + H/L M-20 136.1 0,0 – 0,5 klei (zandig), zwak puin metalen (9) + H/L M-21 137.1 0,0 – 0,5 zand, matig puin metalen (9) + H/L M-22 138.1 0,0 – 0,5 klei, zwak puin metalen (9) + H/L M-23 112.1 0,0 – 0,5 zand, zwak puin metalen (9) + H/L M-24 112.3 1,0 -1,5 klei metalen (9) + H/L M-25 111.1 0,0

– 0,4 zand, sterk puin metalen (9) + H/L M-26 110.1 0,0 – 0,2 zand metalen (9) + H/L M-27 107.1 0,0 – 0,5 zand metalen (9) + H/L klei (zandig), laagjes puin, minerale olie + metalen (9) M-28 137.2 0,5 – 1,0 + H/L zwak/matig olie zand, sterk benzine/olie, sterk PAK + lood + minerale olie M-41 141.2 0,2 – 0,4 kool/avi-as, zwak betonpuin + H/L zand, sterk kool/avi-as, zwak M-42 142.2 0,2 – 0,5 PAK + minerale olie + H betonpuin ; horizontl afperking Pb137 137 1,2 – 2,2 grondwater minerale olie + BTEXN MM-08 2016 MM-09 2016

3.5+6.4+PG01.4 3.6+6.5

0,7 – 1,3 1,2 – 1,8

MM-10 2016

12.3+15.4

0,6 – 1,0

MM-11 2016

9.3+12.1

0,0 – 0,5

MM-12 2016 M-10 2016

9.5+12.2+15.5+PG03.3 10

0,4 – 1,5 0,08 – 0,58

H/L

klei (zandig) zwak/matig puin klei klei (zandig) zwak puin-/ baksteenhoudend zand, sterk puin-/ baksteenhoudend klei (zandig) veen, zwak puinhoudend

PAK + metalen (9) + H/L PAK + metalen (9) + H/L metalen (9) + H/L PAK + metalen (9) + H/L NEN-grond + H/L metalen (9) + H/L

organische stof- en lutumgehalte

Hieronder worden de diverse ingezette analyse-pakketten nader toegelicht. * Grond: - zware metalen(9): barium, cadmium, koper, kobalt, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink; - PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen):10 stuks van VROM; - BTEXN (vluchtige aromaten): benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen. * Grondwater: - BTEXN (vluchtige aromaten): benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen. 18012TRA-03 / kenmerk U18-0312 / 10 april 2018 Deelonderzoek III Nader en aanvullend bodemonderzoek Bovenkerkerweg te Amstelveen

24 / 42

Tabel 3.2.6. Deelonderzoek III-B: monstersamenstelling en analysepakketten AnalyseBoring- en potnummers Diepte Motivatie monster (m-mv) Deelonderzoek III-B: Verontreiniging met olieproduct vml. Bovenkerkerweg 9 (ca. 750 m2) zand, sterk olie/benzine ; M-29 0,5 – 0,9 123.2 horizontale afperking zand, sterk olie/benzine ; M-30 0,5 – 0,8 119.2 steekbus / hor.begrenzing zand, uiterst olie/benzine ; M-31 0,2 – 0,6 118.2 horizontale begrenzing zand, sterk benzine, matig M-32 0,5 – 0,9 116.2 olie, zwak puin; hor. afperking zand, sterk olie/benzine ; M-33 0,5 – 0,9 122.2 horizontale afperking zand, zwak puin ; M-34 0,5 – 0,9 103.2 horizontale afperking zand ; horizontale afperking M-40 0,2 – 0,5 139.2

NEN-grond (1) + H/L* minerale olie + H minerale olie + H minerale olie + H minerale olie + H

1,0 – 2,0 1,2 – 2,2 1,2 – 2,2 2,5 – 3,5 1,1 – 1,3 0,7 – 0,9 1,7 – 2,2 1,1 – 1,6 1,8 – 2,3 0,7 – 0,9 1,0 – 1,5 1,5 – 1,8 0,7 – 1,1 1,0 – 2,0

zand, matig olie zand, matig olie; steekbus veen, verticale afperking zand, matig olie veen, verticale afperking zand, matig olie; steekbus zand, zwak olie klei (zandig), zwak olie zand grondwater ; hor. verspreiding

minerale olie + H minerale olie + BTEXN + H minerale olie + H minerale olie + H minerale olie + H minerale olie + BTEXN + H minerale olie + H minerale olie + H minerale olie + BTEXN minerale olie + BTEXN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=c2fbc94c-457b-402f-ae19-627d55cad583