CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Concept statuten na fusie

Raadsvergadering 10 december 2025, gemeente amstelveenBij agendapunt: Statutenwijziging ten behoeve van de fusie Stichting Amstelwijs en Onderwijsgroep Amstelland7.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VAN DOORNE N.V. SL/ML/RM/203918214 Concept de dato 6 november 2025

CONCEPTSTATUTEN SAMENWERKINGSSTICHTING AMSTELWIJS-AMSTELLAND Na statutenwijziging genaamd: [·opnemen nieuwe naam·] STATUTEN Begripsbepalingen Artikel 1 1.

In deze statuten wordt verstaan onder: a. b.

bevoegd gezag: de stichting als bedoeld in deze statuten; college van bestuur: het orgaan dat belast is met het statutaire bestuur en de vertegenwoordiging van de stichting;

c.

gemeenschappelijke

medezeggenschapsraad:

de

(gemeenschappelijke)

medezeggenschapsraad, die de bevoegdheden heeft als toegekend in de Wet medezeggenschap op scholen; d.

gemeente: de gemeente Amstelveen en Ouder-Amstel, zijnde de gemeenten waar openbaar onderwijs wordt verleend;

e.

gemeenteraden: de gemeenteraden van de gemeenten;

f.

raad van toezicht: het orgaan dat belast is met de functie intern toezicht als bedoeld in artikel 17b Wpo;

g.

school/scholen: de door de stichting in stand gehouden school/scholen voor primair onderwijs en de speciale school/scholen voor basisonderwijs;

h.

schriftelijk: per post, per e-mail of via enig ander elektronisch communicatiemiddel, waarmee het mogelijk is een bericht te verzenden dat leesbaar en reproduceerbaar is, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld;

i.

stichting: deze stichting, zijnde stichting [•Samenwerkingsbestuur•], statutair gevestigd in de gemeente Amstelveen, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer: 34238596;

j.

Wpo: de Wet op het primair onderwijs, dan wel een daarvoor in de plaats komende wet.

2.

Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, houdt een verwijzing naar een begrip of woord in het enkelvoud een verwijzing naar de meervoudsvorm van dit begrip of woord in en omgekeerd.

3.

Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, houdt een verwijzing naar het mannelijke geslacht een verwijzing naar het vrouwelijke geslacht in en omgekeerd en/of worden personen met een andere gender(identiteit) bedoeld.

Naam en zetel Artikel 2 1.

De stichting draagt de naam: Stichting [•Samenwerkingsbestuur•].

2.

De stichting heeft haar zetel in de gemeente Amstelveen.

3.

De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd.

Doel Artikel 3

1 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

1.

De stichting heeft ten doel: het als samenwerkingsstichting als bedoeld in artikel 17 van de Wpo geven van kwalitatief hoogwaardig onderwijs, bestaande uit openbaar primair onderwijs, speciaal onderwijs en confessioneel onderwijs en met respect voor de Rooms-Katholieke en ProtestantsChristelijke tradities, in afzonderlijke scholen voor openbaar onderwijs en scholen op Rooms-Katholieke,

Protestants-Christelijke,

interconfessionele

en/of

algemeen-

bijzondere grondslag, alsmede al hetgeen daarmee verband houdt en daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin. 2.

De stichting tracht haar doel onder meer te bereiken door: a.

het onderhouden van de nodige contacten met gemeentelijke, regionale, provinciale en landelijke organen op het gebied van het basisonderwijs en door het optreden als gesprekspartner wanneer een en ander in het kader van haar doelstelling gewenst is;

b.

de samenwerking te bevorderen met andere instellingen welke op het terrein van

c.

het tot stand brengen van samenwerking met andere instellingen, werkzaam op de

het basisonderwijs werkzaam zijn; terreinen van jeugdbeleid, in het bijzonder van kinderopvang, onderwijs en jeugdwelzijn alsmede het bieden en ontwikkelen van een doorlopende leerlijn voor kinderen; d.

beleidsplannen voor te bereiden, op te stellen en te doen verwezenlijken;

e.

het oprichten en beheren van één of meer openbare, Rooms-Katholieke,

f.

het benutten van alle andere wettige middelen, die ter bereiking van het doel nuttig

g.

het doen geven en bevorderen van primair onderwijs in de zin van de Wet op het

Protestants-Christelijke, interconfessionele en/of algemeen-bijzondere scholen; kunnen zijn; primair onderwijs alsook op basis van andere onderwijswetgeving die op de stichting van toepassing kan zijn; h.

het besturen, faciliteren en (financieel) ondersteunen van stichtingen en organisaties die ten doel hebben of betrokken zijn bij het verzorgen van diensten ten behoeve van kinderen en/of hun ouders en/of het exploiteren van daartoe dienende voorzieningen, alsmede het aangaan van samenwerkingsverbanden met of het deelnemen in stichtingen en organisaties;

i.

het

initiëren

en

realiseren

van

projecten

die

het

welzijn

en

de

ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen in het primair onderwijs bevorderen en/of die bijdragen aan vernieuwing en/of verdieping van het aanbod van voorschoolse, schoolse en vrije tijdsvoorzieningen; j.

het in algemene zin (doen) ontwikkelen van (pedagogisch/didactisch) beleid en visie ten behoeve van de stichting en de rechtspersonen waarover de stichting het bestuur voert en het behartigen van belangen en het verrichten van andere diensten om de rechtspersonen waarover de stichting het bestuur voert te ondersteunen en te faciliteren,

en al hetgeen met voorstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord. 3.

Voor wat betreft het openbaar onderwijs dat wordt verzorgd door de stichting in stand gehouden openbare scholen wordt ervoor gezorgd dat dit bijdraagt aan de ontwikkeling van

2 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

de

leerlingen

met

aandacht

voor

de

godsdienstige,

levensbeschouwelijke

en

maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving, en met onderkenning van de betekenis en verscheidenheid van die waarden. Het openbaar onderwijs dat wordt verzorgd door de stichting wordt gegeven met inachtneming van de eerbiediging van ieders levensbeschouwing of godsdienst. 4.

Voor wat betreft de Rooms-Katholieke en Protestants Christelijke scholen gaat de stichting voor haar handelen en voor het in die scholen te geven onderwijs uit van de christelijke (rooms-katholieke en protestants-christelijke) beginselen en uitgangspunten.

5.

Alle scholen zijn toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing.

6.

De stichting geeft inkleuring van de grondslag en geeft hierbij kaders voor de scholen die door de stichting in stand worden gehouden. In het schoolplan geven de scholen die onder het bestuur ressorteren aan hoe hiermee wordt omgegaan.

7.

De stichting heeft geen winstoogmerk.

Middelen en beheer Artikel 4 1.

Het vermogen en de inkomsten van de stichting worden gevormd door: a. rijksbekostiging, vergoedingen, subsidies en overige bijdragen; b. inkomsten en opbrengsten uit de activiteiten van de stichting; c. het eigen vermogen van de stichting en de daaruit voortvloeiende inkomsten; d. schenkingen, erfstellingen en legaten; en e. al hetgeen verder op wettige wijze wordt verkregen.

2.

Erfstellingen kunnen door de stichting slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.

Organen Artikel 5 De stichting kent als civielrechtelijke organen: a.

het college van bestuur;

b.

de raad van toezicht.

College van bestuur; benoeming Artikel 6 1.

Het aantal leden van college van bestuur wordt bepaald door de Raad van Toezicht met een maximum van drie leden. Tot leden van het college van bestuur kunnen alleen natuurlijke personen worden benoemd.

2.

Leden van het college van bestuur worden benoemd door de raad van toezicht, na verkregen advies van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.

3.

Bij de samenstelling van het college van bestuur wordt gelet op de diverse facetten die de aandacht van het college van bestuur vragen. De benoeming van een lid van het college van bestuur geschiedt aan de hand van een door de raad van toezicht vast te stellen selectieprocedure en een algemeen profiel, alsmede in geval van een meerhoofdig college van bestuur, een profiel per zetel. De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt door de raad van toezicht in staat gesteld advies uit te brengen terzake de profielen. De profielen worden voorafgaand aan een benoeming openbaar gemaakt.

4.

De verdere procedure voor de benoeming van de leden van het college van bestuur kan, met inachtneming van de relevante wettelijke bepalingen en daaruit voortvloeiende rechten voor de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, worden geregeld in de werving- en

3 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

selectieprocedure of het reglement van het college van bestuur of het bestuurs- en toezichtreglement. 5.

De leden van het college van bestuur zijn onafhankelijk ten opzichte van elkaar, de (leden van de) raad van toezicht en van de (deel)belangen van de stichting.

6.

De leden van het college van bestuur dienen het doel van de stichting en de grondslagen van de door de stichting in stand gehouden scholen als beschreven in artikel 3 van deze statuten te onderschrijven, de belangen van de stichting te behartigen en loyaal mee te werken aan het bewerkstelligen van de doelstellingen van de stichting.

7.

Het college van bestuur werkt vanuit het uitgangspunt van collegiaal bestuur, tenzij de raad van toezicht anders beslist en één van de leden van het college van bestuur tot voorzitter benoemt. Het college van bestuur kan onderling vaststellen welk lid van het college van bestuur met welke taak meer in het bijzonder zal zijn belast. De hoofdlijnen van de onderlinge taakverdeling worden door de raad van toezicht goedgekeurd. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle leden van het college van bestuur onverlet.

8.

De leden van het college van bestuur worden benoemd voor een termijn gelijk aan de duur van hun arbeidsovereenkomst dan wel voor een andere door de raad van toezicht te bepalen termijn.

9.

Tot lid van het college van bestuur kan niet worden benoemd: a.

een lid van de raad van toezicht of een voormalig lid van de raad van toezicht voor een periode van vier jaar na aftreden;

b.

een persoon die tevens de functie van intern toezichthouder vervult bij een andere onderwijsorganisatie binnen dezelfde onderwijssector als de stichting (uitzondering hierop betreft de samenwerkingsverbanden passend onderwijs waar de stichting deel van uitmaakt);

c.

een persoon die tevens de functie van intern toezichthouder vervult bij een onderwijsorganisatie in een aanpalende onderwijssector als de stichting, wanneer de voedingsgebieden in relevante mate overlappen.

10.

De vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden van de leden van het college van bestuur uit hoofde van hun arbeidsovereenkomst geschiedt door de raad van toezicht. Bij de vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden wordt aangesloten bij de voor bestuurders in de sector(en) geldende bezoldigingsnormen.

11.

In een vacature in het college van bestuur wordt zo spoedig mogelijk voorzien. In geval van een vacature behoudt het college van bestuur zijn bevoegdheden.

College van bestuur; schorsing en ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 7 1.

De leden van het college van bestuur worden geschorst en ontslagen door de raad van toezicht. Een besluit tot ontslag wordt slechts genomen na verkregen advies van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.

2.

Indien een lid van het college van bestuur is geschorst, dient de raad van toezicht binnen drie maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing.

4 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie maanden, ingaande op de dag waarop de raad van toezicht het besluit tot verlenging heeft genomen. 3.

Een lid van het college van bestuur wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van de raad van toezicht te verantwoorden en kan zich daarbij door een raadsman laten bijstaan. Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het betreffende lid van het college van bestuur vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord.

4.

Een lid van het college van bestuur defungeert voorts: a.

door zijn vrijwillig aftreden;

b.

doordat hij failliet wordt verklaard of aan hem surseance van betaling wordt verleend dan wel de schuldsaneringregeling natuurlijke personen - al dan niet voorlopig - op hem van toepassing wordt verklaard;

c.

indien titel 16 (curatele), titel 19 (onderbewindstelling) en/of titel 20 (mentorschap) van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek op hem van toepassing wordt;

d.

door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele herbenoeming;

5.

e.

door het eindigen van zijn arbeidsovereenkomst;

f.

door zijn ontslag door de rechtbank;

g.

door zijn overlijden.

Ingeval van ontstentenis of belet van een lid van het college van bestuur berust het bestuur tijdelijk bij het overgebleven lid of de overgebleven leden van het college van bestuur. Ingeval van ontstentenis of belet van het enige lid of alle leden van het college van bestuur berust het bestuur tijdelijk bij één of meer door de raad van toezicht aan te wijzen personen, onverminderd de verplichting voor de raad van toezicht zo spoedig mogelijk in het college van bestuur te voorzien. Leden van de raad van toezicht verrichten nimmer taken van het college van bestuur. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door defungeren door ontslag van een lid van het college van bestuur of door defungeren op één van de gronden genoemd in lid 4, waarbij geen directe opvolger is benoemd. Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat een lid van het college van bestuur tijdelijk onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken, of een lid van het college van bestuur is geschorst.

College van bestuur; taken en bevoegdheden Artikel 8 1.

Het college van bestuur is belast met het besturen van de stichting, onder toezicht van de raad van toezicht. Aan het college van bestuur komen in de stichting alle taken en bevoegdheden toe die tot het bevoegd gezag behoren en die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.

2.

Bij de vervulling van zijn taak richten de leden van het college van bestuur zich naar het doel, de grondslagen en het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. Het college van bestuur is zich bewust van de maatschappelijke functie van de stichting en het publiek belang.

3.

Het college van bestuur waarborgt op bestuursniveau de verschillende grondslagen van de door de stichting in stand gehouden scholen als beschreven in artikel 3 van deze statuten.

4.

Het college van bestuur formuleert concrete strategische doelstellingen van de stichting, daarbij rekening houdend met de belangen van hen die bij de scholen zijn betrokken en

5 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

rekening houdend met de eisen die de samenleving aan het onderwijs stelt. Het college van bestuur legt in het bestuursverslag verantwoording af over de mate waarin de gestelde missie en doelstellingen worden behaald. 5.

Het college van bestuur legt verantwoording af aan de raad van toezicht en verschaft de raad van toezicht tijdig de gegevens die noodzakelijk zijn voor de goede uitoefening van de taak van de raad van toezicht. Het college van bestuur brengt aan de raad van toezicht periodiek verslag uit. In het reglement van het college van bestuur of het bestuurs- en toezichtreglement wordt de wijze waarop dit dient te geschieden vastgelegd.

6.

Het college van bestuur maakt jaarlijks, uiterlijk op één december voorafgaand aan het begrotingsjaar, een begroting op. Het college van bestuur stelt voorts jaarlijks, binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, met inachtneming van het bepaalde in artikel 15, de jaarrekening en het bestuursverslag op. Vaststelling door het college van bestuur van de in dit lid bedoelde documenten geschiedt met inachtneming van het bepaalde in lid 8 en nadat aan de voorschriften volgend uit artikel 17 lid 4 onder d. van de Wpo (overleg met de gemeenteraden) en/of conform daarover gemaakte afspraken met de gemeenteraden is voldaan, waarbij de gemeenteraden, indien zij een toets uitvoeren, zich daarbij beperken tot een toets op continuïteit van het openbaar onderwijs.

7.

Het college van bestuur is slechts met goedkeuring van de raad van toezicht bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt (de rechtshandelingen als bedoeld in artikel 291 lid 2 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek). Op het ontbreken van de in dit lid bedoelde goedkeuring kan tegen derden een beroep worden gedaan, als gevolg waarvan de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het college van bestuur en de individuele leden van het college van bestuur wordt beperkt.

8.

Het college van bestuur behoeft voorts – met inachtneming van het bepaalde in lid 5 –de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht voor bestuursbesluiten tot: a.

het vaststellen van het (strategisch) meerjarenbeleidsplan en de meerjarenbegroting;

b.

het vaststellen van de jaarlijkse begroting en beleidsplan;

c.

de vaststelling van de jaarrekening en het bestuursverslag (jaarverslag), met dien verstande dat deze goedkeuring niet wordt verleend voordat de raad van toezicht kennis heeft genomen van de bevindingen van de accountant;

d.

het aangaan van (financiële) verplichtingen en het doen van bestedingen en investeringen die niet zijn voorzien in de goedgekeurde begroting en die een door de raad van toezicht vastgesteld en aan het college van bestuur meegedeeld bedrag te boven gaan;

e.

het aanvragen van faillissement en surseance van betaling;

f.

ingrijpende reorganisaties, waaronder in ieder geval moet worden verstaan een

g.

de wijziging van de grondslag van een of meer onder het bevoegd gezag van de

collectief ontslag; stichting staande scholen; h.

oprichting, (het doen van een voorstel tot) opheffing, samenvoeging of overdracht van een onder het bevoegd gezag van de stichting staande school, alsmede het stichten van een nieuwe school, dan wel het aanvaarden van het bevoegd gezag over een school;

6 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

i.

het aangaan, wijzigen en verbreken van duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon of organisatie indien die samenwerking van ingrijpende betekenis is voor de stichting en/of de met haar in een groep verbonden rechtspersonen;

j.

het verkrijgen, wijzigen of beëindigen van een deelneming of zeggenschap in een andere rechtspersoon en het oprichten van een andere rechtspersoon, alsmede de vaststelling en wijziging van diens statuten voor zover het college van bestuur daartoe bevoegd is;

k.

het vaststellen van een bestuursreglement of het bestuurs- en toezichtreglement;

l.

het wijzigen van de statuten en het ontbinden van de stichting, waaronder begrepen de bestemming van het batig saldo;

m. 9..

juridische fusie, (af)splitsing of omzetting van de stichting.

De raad van toezicht is bevoegd ook andere besluiten dan in dit artikel genoemd aan zijn goedkeuring te onderwerpen. Deze andere besluiten dienen duidelijk te worden omschreven en schriftelijk aan het college van bestuur te worden medegedeeld.

College van bestuur; besluitvorming Artikel 9 1.

De besluiten van het college van bestuur worden schriftelijk vastgelegd.

2.

Het college van bestuur vergadert zo dikwijls een lid van het college van bestuur dat wenselijk acht. In de vergaderingen van het college van bestuur heeft ieder lid van het college van bestuur één stem en worden besluiten genomen met ten minste een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Staken de stemmen ten aanzien van een voorstel, wordt het voorstel op de agenda van een volgende vergadering van het college van bestuur geplaatst. Staken de stemmen in die tweede vergadering opnieuw, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.

3.

De vergaderingen van het college van bestuur zijn openbaar, tenzij het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen: a.

het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;

b.

de economische of financiële belangen van de stichting;

c.

het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheden betrokken personen dan wel derden.

4.

Ingeval van een direct of indirect persoonlijk belang van een lid van het college van bestuur, dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie, onthoudt het betreffende lid van het college van bestuur zich van beraadslaging en besluitvorming. Indien daardoor geen besluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door de raad van toezicht.

5.

Het college van bestuur kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van het college van bestuur die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan en door elkaar worden verstaan.

6.

Het college van bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk en unaniem geschiedt. Deze besluiten worden conform het bepaalde in lid 1 vastgelegd.

7.

Het college van bestuur zal met inachtneming van deze statuten, een reglement van het college van bestuur of het bestuurs- en toezichtreglement opstellen waarin de wijze van vergadering en besluitvorming, alsmede verdere aangelegenheden die het college van bestuur intern betreffen nader worden geregeld.

College van bestuur; vertegenwoordiging

7 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

Artikel 10 1.

De stichting wordt vertegenwoordigd door het college van bestuur.

2.

Krachtens besluit van het college van bestuur kan aan één of meer personen een volmacht worden

verleend

om

de

stichting

te

vertegenwoordigen.

De

gevolmachtigde

vertegenwoordigt de stichting met inachtneming van de grenzen van zijn volmacht. Raad van toezicht; samenstelling en benoeming Artikel 11 1.

De raad van toezicht bestaat uit een door de raad van toezicht te bepalen aantal leden van ten minste vijf en ten hoogste zeven natuurlijke personen. Wordt het aantal leden minder dan vijf, dan behoudt de raad van toezicht zijn bevoegdheden, onder de verplichting om onverwijld maatregelen te nemen tot aanvulling van zijn ledental.

2.

De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de raad van toezicht, met inachtneming van het hierna bepaalde. In het geval er een vacature ontstaat of zal ontstaan zal de raad van toezicht de gemeenteraden hierover informeren. Voorts zal de raad van toezicht de gemeenteraden informeren over elke voorgenomen benoeming (uitgezonderd herbenoeming) van een lid van de raad van toezicht. De gemeenteraden kunnen eventuele bezwaren kenbaar maken aan de voorzitter van de raad van toezicht of het college van bestuur.

3.

Bij de samenstelling van de raad van toezicht wordt gelet op diverse facetten die de aandacht van de raad van toezicht vragen, waarbij de raad van toezicht in ieder geval wordt samengesteld op basis van algemeen bestuurlijke kwaliteiten, affiniteit met de doelstelling en grondslagen van de stichting en met een spreiding van deskundigheden en achtergronden (diversiteit). Benoeming vindt plaats aan de hand van een door de raad van toezicht, vast te stellen (openbare) werving- en selectieprocedure en op basis van een vooraf openbaar gemaakt algemeen profiel, alsmede een profiel per zetel. De profielen bevatten de deskundigheden waarover de leden van de raad van toezicht dienen te beschikken. Bij het ontstaan van een vacature gaat de raad van toezicht na of het algemene dan wel individuele profiel voor de betreffende zetel nadere uitwerking en/of aanpassing behoeft. De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen terzake de profielen.

4.

De samenstelling van de raad van toezicht is dusdanig dat de leden ten opzichte van elkaar, de leden van het college van bestuur en welk deelbelang ook onafhankelijk en kritisch kunnen opereren. De leden van de raad van toezicht vervullen hun taak zonder mandaat en onafhankelijk van bij de stichting betrokken deelbelangen.

5.

Tot lid van de raad van toezicht kan niet worden benoemd: a.

een lid van het college van bestuur of een voormalig lid van het college van bestuur

b.

een persoon die bestuurder is bij een andere onderwijsorganisatie binnen dezelfde

voor een periode van vier jaar na aftreden; onderwijssector

als

de

stichting

(uitzondering

hierop

betreft

de

samenwerkingsverbanden passend onderwijs waar de stichting deel van uitmaakt); c.

een persoon die tevens de functie van bestuurder vervult bij een onderwijsorganisatie in een aanpalende onderwijssector als de stichting wanneer de voedingsgebieden in relevante mate overlappen;

d.

ouder is van een kind dat onderwijs volgt op een door de stichting in stand gehouden school.

8 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

6.

De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld een bindende voordracht te doen voor één zetel in de raad van toezicht. De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad kan besluiten van het vorenstaande af te zien of daar andersluidende afspraken over te maken met de raad van toezicht.

7.

De leden van de raad van toezicht dienen het doel van de stichting en de verschillende grondslagen van de door de stichting in stand gehouden scholen als beschreven in artikel 3 van deze statuten te onderschrijven, de belangen van de stichting te behartigen en loyaal mee te werken aan het bewerkstelligen van de doelstellingen van de stichting.

8.

De voorzitter en desgewenst de vice-voorzitter van de raad van toezicht worden door de raad van toezicht uit zijn midden aangewezen.

9.

De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van maximaal vier jaar. Aftreden geschiedt na het eindigen van de benoemingsperiode en met in achtneming van een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar voor een periode van maximaal vier jaar, rekening houdende met de omstandigheid dat niemand langer dan acht jaar aaneengesloten lid van de raad van toezicht kan zijn.

10.

In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. In geval van vacatures behoudt de raad van

11.

De leden van de raad van toezicht ontvangen een honorering en vergoeding voor de ten

toezicht zijn bevoegdheden. behoeve van de stichting gemaakte (on)kosten. De hoogte hiervan wordt door de raad van toezicht vastgesteld, met inachtneming van de voor intern toezichthouders in de sector geldende bezoldigingsnormen. Jaarlijks wordt door de raad van toezicht in de jaarrekening verantwoord welke bedragen zijn toegekend aan de leden van de raad van toezicht. Raad van toezicht; schorsing, ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 12 1.

Een lid van de raad van toezicht kan worden geschorst en ontslagen door de raad van toezicht, wegens: a.

verwaarlozing van zijn taak of onvoldoende functioneren;

b.

onverenigbaarheid van functies of belangen;

c.

wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan zijn handhaving als lid van de raad van toezicht redelijkerwijs niet in het belang is van de stichting.

2.

Artikel 7 lid 2 en lid 3 zijn van overeenkomstige toepassing in geval van schorsing of ontslag

3.

Een lid van de raad van toezicht defungeert voorts:

van een lid van de raad van toezicht. a.

door zijn vrijwillig aftreden (bedanken);

b.

doordat hij failliet wordt verklaard of aan hem surseance van betaling wordt verleend dan wel de schuldsaneringregeling natuurlijke personen - al dan niet voorlopig - op hem van toepassing wordt verklaard;

c.

indien titel 16, titel 19 en/of titel 20 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek op hem van toepassing wordt;

d.

door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn

e.

door zijn ontslag door de rechtbank;

f.

door zijn overlijden.

eventuele herbenoeming;

9 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

4.

In geval van ontstentenis of belet van één of meer leden van de raad van toezicht nemen de overblijvende leden, of neemt het overblijvende lid, de voltallige taken van de raad van toezicht waar. Een niet voltallige raad van toezicht blijft volledig bevoegd. Ingeval van ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht, wordt door een (gedurende de periode van ten minste een jaar) op grond van lid 3 sub a of d afgetreden oudlid van de raad van toezicht, op verzoek van het college van bestuur, een nieuw (tijdelijk) lid van de raad van toezicht aangewezen, die alsdan tijdelijk belast is met het toezicht, onder de taak te voorzien in de benoeming van nieuwe leden van de raad van toezicht. Indien er geen afgetreden oud-lid van de raad van toezicht beschikbaar is, is het Nederlands Arbitrage Instituut bevoegd een persoon aan te wijzen tot (tijdelijk) lid van de raad van toezicht. Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval de situatie verstaan dat een lid van de raad van toezicht zijn functie tijdelijk niet kan uitoefenen. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door aftreden of ontslag van een lid van de raad van toezicht waarbij geen directe opvolger is benoemd of door overlijden van een lid van de raad van toezicht.

Raad van toezicht; taken en bevoegdheden Artikel 13 1.

De raad van toezicht houdt integraal intern toezicht op de verwezenlijking van de grondslagen en doelstelling van de stichting, de algemene gang van zaken binnen de stichting en de scholen die door de stichting in stand worden gehouden, alsmede op het beleid en het functioneren van het college van bestuur. De raad van toezicht staat het college van bestuur met advies terzijde en fungeert als klankbord. De raad van toezicht kan het college van bestuur gevraagd en ongevraagd adviseren.

2.

De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht zijn zodanig dat de raad van toezicht een deugdelijk en onafhankelijk intern toezicht kan uitoefenen. Onverminderd het overigens bij of krachtens deze statuten bepaalde, is de raad van toezicht belast met: a.

het goedkeuren van de besluiten van het college van bestuur als genoemd in deze

b.

het toezien op de verwezenlijking van de grondslagen en de doelstelling van de

statuten; stichting, het bereiken van de doelen en gewenste resultaten en het belang van de samenleving; c.

het houden van toezicht op het functioneren van het college van bestuur en het toezien op de naleving door het college van bestuur van de wettelijke verplichtingen, de code voor goed bestuur en eventuele afwijkingen van die code;

d.

het toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige, efficiënte en rechtmatige bestemming en aanwending van financiële middelen;

e.

het namens de stichting fungeren als werkgever van het college van bestuur;

f.

het aanwijzen van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek die verslag uitbrengt aan de raad van toezicht.

3.

Bij de vervulling van hun taak richten de leden van de raad van toezicht zich naar het doel,

4.

De raad van toezicht kan onderling vaststellen welk lid van de raad van toezicht met welke

de grondslagen en het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. taak meer in het bijzonder zal zijn belast. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle leden van de raad van toezicht onverlet. 5.

De raad van toezicht legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden als hiervoor genoemd, in het bestuursverslag van de stichting.

10 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

6.

Het college van bestuur verstrekt de raad van toezicht gevraagd en ongevraagd alle informatie omtrent alle onderwerpen de stichting betreffende die voor een goed functioneren van de raad van toezicht naar het oordeel van de raad van toezicht nodig of dienstig zijn. Het college van bestuur stelt ten minste een keer per jaar de raad van toezicht schriftelijk op de hoogte van de hoofdlijnen van het strategisch beleid, van de algemene en financiële risico’s, van de gebruikte beheers- en controlesystemen en over de onderwijskwaliteit.

7.

De raad van toezicht is bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; de raad van toezicht heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen.

8.

De raad van toezicht kan voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak zich doen bijstaan door één of meer deskundigen.

Raad van toezicht; vergadering en besluitvorming Artikel 14 1.

De raad van toezicht vergadert ten minste vier keer per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter of twee of meer leden van de raad van toezicht dit wenselijk acht(en).

2.

De oproeping tot de vergadering van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk aan ieder lid van de raad van toezicht en wordt verzonden door de raad van toezicht in opdracht van degene die het houden van de vergadering heeft verlangd. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen.

3.

De termijn van oproeping bedraagt ten minste zeven dagen. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, zulks ter beoordeling van de voorzitter.

4.

Een lid van de raad van toezicht kan zich ter vergadering door een schriftelijk gevolmachtigd ander lid van de raad van toezicht doen vertegenwoordigen.

5.

De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht; bij zijn ontstentenis of afwezigheid voorziet de vergadering zelf in de leiding. De voorzitter wijst een notulist aan.

6.

Geldige besluiten kunnen slechts worden genomen, indien alle leden van de raad van toezicht met inachtneming van het hiervoor bepaalde zijn opgeroepen en meer dan de helft van het aantal in functie zijnde leden van de raad van toezicht ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Indien de voorschriften omtrent de oproeping niet in acht zijn genomen, kunnen niettemin geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

7.

De leden van de raad van toezicht streven naar consensus ten aanzien van besluitvorming van de raad van toezicht. In de vergaderingen van de raad van toezicht heeft ieder lid één stem. Tenzij anders blijkt in deze statuten, worden besluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Een blanco uitgebrachte stem geldt als een niet uitgebrachte stem. Indien de stemmen staken ten aanzien van een voorstel, wordt het voorstel op de agenda geplaatst van een volgende vergadering. Indien de stemmen dan opnieuw staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.

8.

Een lid van de raad van toezicht neemt niet deel aan de beraadslaging en de besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. De aanwezigheid van dit lid

11 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

telt niet mee voor een quorum. Het besluit wordt alsdan genomen door de overige leden van de raad van toezicht, met inachtneming van het bepaalde in dit artikel. Wanneer hierdoor geen besluit kan worden genomen, wordt het besluit schriftelijk en met algemene stemmen genomen door de raad van toezicht, onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen. 9.

De raad van toezicht kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van de raad van toezicht die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan. Een lid van de raad van toezicht kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel aan een vergadering van de raad van toezicht deelnemen, mits dat lid van de raad van toezicht steeds alle andere leden van de raad van toezicht kan verstaan en door die andere leden van de raad van toezicht wordt verstaan.

10.

De raad van toezicht kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk en unaniem geschiedt. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld.

11.

De leden van het college van bestuur wonen de vergaderingen van de raad van toezicht bij, tenzij de raad van toezicht met redenen omkleed aangeeft zonder de leden van het college van bestuur te willen vergaderen.

12.

De raad van toezicht zal met inachtneming van deze statuten, een reglement raad van toezicht opstellen waarin aangelegenheden hen intern betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, nader worden geregeld.

Personeelsbeleid Artikel 15 Bij de benoeming van personeel van de stichting zal de stichting zich ervan verzekeren, dat het personeel de identiteiten van de door de stichting in stand gehouden scholen als beschreven in artikel 3 van deze statuten respecteert en loyaal zal meewerken aan de doelstellingen van de stichting en de school, zoals die in het schoolplan, mede ten aanzien van de identiteit van de betreffende school zijn omschreven. Boekjaar en jaarstukken Artikel 16 1.

Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.

2.

Het college van bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting zodanige aantekeningen te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. Het college van bestuur neemt daarbij de wettelijke verplichtingen en richtlijnen vanuit het ministerie belast met de zorg voor onderwijs in acht.

3.

Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken van de stichting afgesloten. Daaruit wordt door het college van bestuur een jaarrekening over het geëindigde boekjaar opgemaakt, bevattende in ieder geval een balans en een staat van baten en lasten, deze stukken verder ook aan te duiden als: de jaarstukken, welke jaarstukken, vergezeld van een rapport van een door de raad van toezicht te benoemen accountant, binnen zes maanden na afloop van het boekjaar aan de Raad van Toezicht ter goedkeuring wordt aangeboden. Aan de jaarrekening wordt toegevoegd een door het college van bestuur op te maken bestuursverslag, indien en voor zover de stichting daartoe op grond van de op haar van

12 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

toepassing zijnde wet en regelgeving verplicht is. De hiervoor in dit lid gemelde termijn ten aanzien van de jaarrekening is daarop van overeenkomstige toepassing. 4.

Het college van bestuur brengt jaarlijks aan de gemeenteraden verslag uit over de werkzaamheden,

waarbij

in

ieder

geval

aandacht

wordt

geschonken

aan

de

wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. Het verslag wordt bekendgemaakt. 5.

De jaarstukken als hiervoor in lid 3 bedoeld worden binnen zes maanden na afloop van het boekjaar door het college van bestuur vastgesteld – met inachtneming van het bepaalde in artikel 8 lid 6 en lid 8 en nadat ten aanzien van de jaarrekening aan de voorschriften volgend uit artikel 17 lid 4 onder d. van de Wpo (overleg met de gemeenteraden) en/of conform daarover gemaakte afspraken met de gemeenteraden is voldaan, waarbij de gemeenteraden, indien zij een toets uitvoeren, zich daarbij beperken tot een toets op continuïteit van het openbaar onderwijs –en ten blijke daarvan door alle leden van het college van bestuur en alle leden van de raad van toezicht ondertekend. Ontbreekt de handtekening van één van hen, dan wordt daarvan onder opgave van reden melding gedaan.

6.

De raad van toezicht kan in een apart besluit de leden van het college van bestuur decharge verlenen voor het gevoerde bestuur, nadat de jaarrekening is goedgekeurd door de raad van toezicht.

7.

Het college van bestuur is verplicht de in de vorige leden van dit artikel bedoelde bescheiden ten minste zeven jaar te bewaren.

Statutenwijziging Artikel 17 1.

Het college van bestuur is bevoegd te besluiten tot wijziging van deze statuten, met voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. De statuten van de stichting kunnen voorts slechts worden gewijzigd met inachtneming van artikel 19 en na goedkeuring van de gemeenteraden. De gemeenteraden kunnen de goedkeuring aan een voorgenomen statutenwijziging slechts onthouden indien de overheersende invloed van de overheid ten aanzien van het openbaar onderwijs in het bestuur niet is verzekerd.

2.

Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een voorstel tot goedkeuring van de statutenwijziging zal worden gedaan, dient zulks steeds te worden vermeld. Tevens dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, bij de oproeping te worden gevoegd.

4.

Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.

3.

Het college van bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige

Ieder lid van het college van bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden. doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het door de Kamer van Koophandel in stand gehouden handelsregister. 4.

Het hiervoor in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het besluit tot juridische fusie en het besluit tot juridische splitsing.

Ontbinding en vereffening Artikel 18 1.

Het college van bestuur is bevoegd te besluiten tot ontbinding van de stichting, met voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot ontbinding is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden.

13 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

2.

Het bepaalde in artikel 17 met betrekking tot de totstandkoming van de besluitvorming terzake statutenwijziging is van overeenkomstige toepassing op de besluitvorming tot ontbinding van de stichting.

3.

De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan, voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".

4.

De vereffening geschiedt door het college van bestuur, dan wel door een door het college van

5.

Een eventueel batig saldo wordt uitgekeerd aan een door het college van bestuur, met

6.

Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van

bestuur aan te wijzen (rechts)persoon. goedkeuring van de raad van toezicht, aan te wijzen doel. de ontbonden stichting gedurende zeven jaar berusten onder een door de vereffenaars aan te wijzen natuurlijk persoon of rechtspersoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven aan het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. Extern toezicht Artikel 19 In aanvulling op de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht, geldt gelet op het openbaar karakter van het onderwijs op bepaalde scholen voorts dat de gemeenteraden bevoegd zijn in geval van ernstige taakverwaarlozing door het college van bestuur of het functioneren van het college van bestuur in strijd met het bepaalde in de Wpo, maatregelen te nemen die de gemeenteraden nodig achten om de continuïteit van het openbaar onderwijs te waarborgen. Slotbepaling Tenslotte verklaart de verschenen persoon, handelend als vermeld, dat per het moment van het van kracht worden van de onderhavige statutenwijziging: a.

het College van Bestuur van de stichting is samengesteld als volgt: -

Lucia Hendrika Maria Buis, geboren op negen oktober negentienhonderd zesenzestig; en

b.

Haico Eric van Velzen, geboren op tweeëntwintig maart negentienhonderd tachtig;

de Raad van Toezicht van de stichting is samengesteld als volgt: -

[●], geboren op [●];

-

[●], geboren op [●];

-

[●] geboren op [●];

-

[●], geboren op [●];

-

[●], geboren op [●].

SLOT AKTE De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. Deze akte is verleden te Amsterdam op de datum vermeld in de aanhef van deze akte. De zakelijke inhoud van deze akte is door mij, notaris, aan de verschenen persoon meegedeeld en toegelicht, waarbij ik, notaris, de verschenen persoon heb gewezen op de gevolgen die uit de inhoud van de akte voortvloeien. De verschenen persoon heeft ten slotte verklaard tijdig van de inhoud van deze akte kennis te hebben genomen en met die inhoud en de beperkte voorlezing van de akte in te stemmen. Onmiddellijk na voorlezing van ten minste die gedeelten van de akte waarvan de wet voorlezing voorschrijft, is de akte door de verschenen persoon en mij, notaris, ondertekend.

14 203918214/30052464 CONCEPT Akte van statutenwijziging

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=a69b7fb0-6ba0-45db-8e17-37c1b199a31b