CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 13 Rapportage stikstofdepositie Stadsplein Bioscoop

Raadsvergadering 9 november 2022, gemeente amstelveenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Stadsplein Bioscoop4.007 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stikstofdepositie berekening Project Versie Projectnummer Kenmerk Datum Auteur Controle

Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer info@meesruimteenmilieu.nl | www.meesruimteenmilieu.nl | | IBAN NL94ABNA0587770562 | KvK 34237628

Bioscoop Amstelveen Versie 2 21240 KODU/21240.02.ST 6 april 2022 K. van Duijn MSc mr. A. van Dam

COLOFON Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer 085 – 744 08 38 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, elektronisch op geluidsband of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Mees Ruimte & Milieu.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 2

INHOUDSOPGAVE 1

2

3

4

5

Inleiding

4

Aanleiding projectgebied Doel Situering ten opzichte van Natura 2000-gebieden Leeswijzer

4 4 5 7 7

Wet- en Regelgeving

8

Inleiding AERIUS-calculator Wet stikstofreductie en natuurverbetering Tussenuitspraak van de Raad van State in de zaak ViA15 Toename van Stikstof (in de gebruiksfase) Intern salderen Passende beoordeling Stikstof registratie systeem

8 8 8 9 9 10 10 10

Stikstofdepositie onderzoek

11

Onderzoeksopzet en afbakening Emissies gebruiksfase Emissie wegverkeer Emissie gebouwen/functies

11 11 11 13

AERIUS-berekeningen

14

Berekening gebruiksfase

14

Conclusie

15

Bijlage 1 Uitdraai AERIUS-calculator Bioscoop Amstelveen gebruiksfase, 6 april 2022

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 3

1

INLEIDING AANLEIDING In opdracht van Pathé Theaters B.V. heeft Mees Ruimte & Milieu onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op de nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden ten gevolge van de toevoeging van een Pathé bioscoop met maximaal 1.250 zitplaatsen aan het Stadsplein in Amstelveen. In het kader van de Wet natuurbescherming moet uitgesloten worden dat significante negatieve effecten optreden in Natura 2000-gebieden. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000-gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of handeling leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden die overbelast zijn. Daartoe wordt een stikstofberekening gemaakt met behulp van de AERIUS-calculator. De stikstofdepositieberekening heeft tot doel de NOx (stikstofoxiden) en NH3 (ammoniak) emissies door het voornemen inzichtelijk te maken en de toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te berekenen. De stikstofdepositieberekening wordt afgesloten met een conclusie waarbij duidelijk wordt of in het kader van de Wet natuurbescherming significante negatieve effecten uitgesloten kunnen worden.

PROJECTGEBIED De projectlocatie is gelegen aan het Stadsplein in Amstelveen. Aan het pand waar de Schouwburg en een cultureel centrum zich bevinden, wordt de bioscoop toegevoegd. De bioscoop bestaat uit 7 bioscoopalen met maximaal 1.250 zitplaatsen. Parkeren vindt plaats in de omliggende parkeergarages. Vanaf het Stadsplein bezien bevindt de bioscoop zich aan de achterzijde van het theater en het culturele centrum. In de huidige situatie bevindt zich op de locatie een busplatform en de laad en los plaatsen voor de Schouwburg en het culturele centrum aan het Stadsplein.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 4

Figuur 1 Globale ligging projectlocatie (bron: QGIS, eigen bewerking)

Figuur 2 Huidige situatie (bron: Google Streetview)

DOEL Het doel is om aan de achterzijde van de schouwburg en het culturele centrum een bioscoop te realiseren met 7 zalen en maximaal 1.250 zitplaatsen. De bioscoop bestaat uit 5 bouwlagen waarbij op de begane grond zich alleen de entree van de bioscoop bevindt aan het stadsplein. De eerste verdieping bestaat uit een

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 5

overkraging van het busplatform. Op deze verdieping bevind zich onder andere de foyer, de shop, het kantoor en de eerste bioscoopzaal. De overige bioscoopzalen bevinden zich op de derde en vijfde verdieping. Met de bouw van de bioscoop wijzigt ook de ontsluiting van de Schouwburg parkeergarage naar de achterzijde. Deze zal daardoor direct aansluiten op de Meander. Hierdoor zal aan de voorzijde van het Stadshart alleen nog maar de Stadspleingarage ontsloten worden. De achterzijde wordt door de nieuwe aansluiting van de Meander op de A9 straks beter bereikbaar, waardoor de Schouwburggarage met een ontsluiting aan deze zijde beter benut kan worden dan in de huidige situatie. Figuur 3 voorlopig ontwerp (bron: EUP Design)

Figuur 4 Visualisatie bioscoop (bron: EUP Design)

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 6

SITUERING TEN OPZICHTE VAN NATURA 2000-GEBIEDEN Ten behoeve van de stikstofdepositieberekeningen dient rekening gehouden te worden met de Natura 2000gebieden rondom de projectlocatie. Nabij de projectlocatie zijn de navolgende Natura 2000-gebieden gesitueerd: Botshol Markermeer & IJmeer (niet stikstofgevoelig) Oostelijke Vechtplassen

Gelegen op circa 6,3 km afstand Gelegen op circa 12,4 km afstand Gelegen op circa 13,9 km afstand

Overige Natura 2000-gebieden zijn op grotere afstand gelegen van de beoogde ontwikkeling waar mogelijk nog een bijdrage kan worden berekend. In de onderstaande figuur is een kaart opgenomen met de ligging van de projectlocatie ten opzichte van de omliggende natuurgebieden. Figuur 5 Projectlocatie ten opzichte van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied. (bron: Qgis, eigen bewerking)

LEESWIJZER Onderhavige rapportage is opgebouwd uit een vijftal hoofdstukken:  Hoofdstuk 1 betreft de inleiding;  Hoofdstuk 2 betreft de wet- en regelgeving;  Hoofdstuk 3 betreft een toelichting op de onderzoeksopzet;  Hoofdstuk 4 betreft de AERIUS-berekeningen;  Hoofdstuk 5 betreft de conclusie.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 7

2

WET- EN REGELGEVING INLEIDING In Nederland zijn ongeveer 160 Natura 2000-gebieden aangewezen; gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Een toename van de stikstofdepositie kan leiden tot significante negatieve effecten op de beschermde natuurgebieden, wat alleen is toegestaan met een Wet natuurbescherming (Wnb) vergunning in combinatie met een passende beoordeling. Daarom dient voor nieuwe plannen en projecten onderzocht te worden in hoeverre er sprake is van een significant negatief effect op de relevante Natura 2000-gebieden.

AERIUS-CALCULATOR Op basis van de berekende NOx en NH3 emissies die een project, andere handeling of planologische mogelijkheden van een plan uitstoot wordt met een verspreidingsmodel de stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitatten en leefgebieden in Natura 2000-gebieden berekend. Er wordt gebruik gemaakt van het rekenprogramma AERIUS-calculator voor wat betreft informatie over de actuele stikstofdepositie en kritische depositiewaarde (kdw) van stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden in de Natura 2000gebieden. Sinds 20 januari 2022 is de AERIUS calculator 2021 beschikbaar en vanaf dat moment de versie waarmee de berekeningen uitgevoerd moeten worden. Met betrekking tot de berekeningen in AERIUS zijn twee fases te onderscheiden, de aanlegfase (tijdelijke fase) en de gebruiksfase (het gebruik van de ontwikkeling na afloop van de aanlegfase). Significante negatieve effecten kunnen worden uitgesloten als door het project, andere handeling of planologische mogelijkheden van een plan geen stikstofdepositie toename plaatsvindt op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden in Natura 2000-gebieden die al overbelast zijn. Hiervan is in ieder geval sprake als de berekende toename in stikstofdepositie niet groter is dan 0,00 mol/ha/jr.

WET STIKSTOFREDUCTIE EN NATUURVERBETERING Per 1 juli is de Wet stikstofreductie en natuurverbetering in werking getreden. De Wet wijzigt de Wet natuurbescherming middels de toevoeging van een aantal artikelen. Belangrijke onderdelen van de Wet zijn een zo ver mogelijke reductie van stikstofdepositie op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden en een partiële vrijstelling voor de bouwsector. Tegelijkertijd ziet de wet toe op het legaliseren van de projecten met een geringe stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden die voldeden aan de voorwaarden van artikel 2.12 van het Besluit natuurbescherming, zoals dat luidde op 28 mei 2019. Hiermee wil de overheid invulling geven aan het rechtszekerheidsbeginsel voor bedrijven die op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) te goeder trouw hebben gehandeld. Belangrijk voor nieuwe bouwprojecten is dat in de Wet stikstofreductie en natuurverbetering een partiële vrijstelling van de natuurvergunningplicht opgenomen voor activiteiten in de bouwsector. Deze is middels artikel 2.9a opgenomen in de Wet Natuurbescherming. Dit is verder uitgewerkt in het Besluit natuurbescherming. In artikel 2.5 van het besluit is opgenomen dat de vrijstelling geldt voor de tijdelijke bouwof sloopwerkzaamheden aan een (bouw)werk inclusief de daarmee samenhangende vervoersbewegingen.

De vrijstelling geldt dus niet voor structurele stikstofemissies in de gebruiksfase of voor andere emissies dan stikstof. Daarmee is bepaald dat de aanlegfase in principe niet meegenomen hoeft te worden in stikstofdepositieberekeningen. Wel geldt er voor de aanlegfase in de toekomst wel een prestatieverplichting

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 8

om met zo duurzaam mogelijk materieel te bouwen. Dit is onderdeel van de omgevingswet en zal na inwerkingtreding van de omgevingswet van kracht worden.

TUSSENUITSPRAAK VAN DE RAAD VAN STATE IN DE ZAAK VIA15 Op basis van de tussenuitspraak van de Raad van State op 20 januari 2021 in de zaak kan niet zonder nadere onderbouwing gebruik gemaakt worden van SRM2 in AERIUS Calculator bij de beoordeling van het depositie-effect van projecten waarin wegverkeer een rol speelt. Als gevolg van de tussenuitspraak van de Raad van State in de zaak ViA15 was ten aanzien van de toen geldende AERIUS-calculator een aanpassing vereist ten aanzien van berekeningen voor wegverkeer met SRM2. Buiten 5 km van de lijnbronnen met wegverkeer berekent de implementatie van SRM2 de hoeveelheid aan stikstofdepositie namelijk niet. Dit is opgelost in de AERIUS calculator 2021 die sinds januari 2022 gebruikt dient te worden voor stikstofdepositieberekeningen. In AERIUS 2021 wordt wegverkeer berekend tot op een afstand van 25 kilometer.

TOENAME VAN STIKSTOF (IN DE GEBRUIKSFASE) Elke toename in stikstofdepositie van meer dan 0,00 mol/ha/jaar op een overbelast stikstofgevoelig instandhoudingsdoel (habitattype of leefgebied) is in potentie een significant negatief effect. Een dergelijke toename in stikstofdepositie betekent daardoor dat het project niet zonder meer vergunbaar is onder de Wet natuurbescherming. Indien een vergunningplicht geldt zal voor het initiatief een individuele Passende Beoordeling gemaakt moeten worden op basis waarvan bepaald wordt of een vergunning wordt afgegeven. Om te bepalen of er überhaupt een vergunningplicht geldt moet allereerst vastgesteld worden of het project of plan kan leiden tot significante negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen van een of meer Natura 2000gebieden. Dat gebeurt in de eerste plaats in de Voortoets. In deze rapportage is die Voortoets gedaan op basis van de AERIUS-calculator. Figuur 6. Schema beoordeling effecten stikstofdepositie van plannen en projecten.

In de Voortoets wordt eerst gekeken of er sprake is van stikstofdepositie en – wanneer een significant negatief effect niet kan worden uitgesloten – of intern salderen een optie is. Beide stappen worden veelal al doorlopen bij het opstellen van een AERIUS-berekening. Wanneer uit de AERIUS-calculator blijkt dat het project een bijdrage heeft die niet hoger is dan 0,00 mol/ha/j op nabijgelegen Natura 2000-gebieden, kan het project zonder vergunningplicht doorgang vinden.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 9

Intern salderen Als uit de berekening van de gebruiksfase voor de beoogde situatie blijkt dat sprake is van een (te hoge) toename van stikstofdepositie, kan een verschilberekening gemaakt worden. Een verschilberekening bestaat uit een berekening van de referentiesituatie en de nieuwe situatie. Als uit deze verschilberekening volgt dat sprake is van een afname van stikstofdepositie in de nieuwe situatie t.o.v. de referentiesituatie, kan geoordeeld worden dat geen sprake is van een toename van stikstofdepositie. Dit wordt intern salderen genoemd. In twee recente uitspraken (ECLI:NL:RVS:2021:71 en ECLI:NL:RVS:2021:175) heeft de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigd dat er geen vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (“Wnb”) nodig is als met succes het principe van intern salderen wordt toegepast.

Passende beoordeling Indien significante negatieve effecten op basis van intern salderen niet uit te sluiten zijn, dient een passende beoordeling te worden gemaakt, rekening houdend met de instandhoudingsdoelstellingen voor dat gebied. Wanneer uit de passende beoordeling de zekerheid wordt verkregen dat het project geen significante gevolgen heeft kan deze zonder vergunning worden uitgevoerd. Indien significante effecten niet zijn uit te sluiten dan kunnen de volgende stappen doorlopen worden:     

Beoordeling significantie door ecoloog Mitigatie Externe saldering Gebruik maken van het stikstof registratiesysteem ADC-toets

Deze rapportage beperkt zich vooralsnog tot een beschrijving van de uitgevoerde AERIUS-berekening. Mocht uit de AERIUS-berekening blijken dat een significant negatief effect op het nabijgelegen Natura 2000gebied niet op voorhand uit te sluiten is, wordt onderzocht in hoeverre bovenstaande stappen ingezet kunnen worden.

Stikstof registratie systeem Sinds 24 maart 2020 kan een natuurvergunning worden aangevraagd op basis van het stikstofregistratiesysteem. Dit geldt in eerste instantie voor de woningbouw en een beperkt aantal grote infraprojecten. Voorwaarde voor het stikstofregistratiesysteem is dat er eerst stikstofruimte wordt gecreëerd door maatregelen die de stikstofneerslag verminderen. De verlaging overdag van de maximumsnelheid op autosnelwegen naar 100 km/uur is de eerste maatregel die stikstofruimte heeft opgeleverd. Voor woningbouw is het mogelijk om op basis van het stikstofregistratiesysteem een natuurvergunning te verkrijgen. Er wordt een conceptaanvraag ingediend bij de omgevingsdienst. Wanneer een conceptaanvraag als voldoende is beoordeeld en er sprake is van een formele aanvraag voor een vergunning of een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming, dient binnen een termijn van 13 weken, die kan worden verlengd met 7 weken, te worden beslist. Het kan voorkomen dat de omgevingsdienst de beoogde ontwikkeling bestempeld als een complex project. Op grond van artikel 2.7 van de Wnb geldt dan een beslis termijn van 6 maanden. Deze termijn kan met 6 weken verlengd worden. Dit wordt binnen de eerste 8 weken na indiening van de aanvraag besloten. Binnen de beslistermijn van 6 maanden legt de omgevingsdienst een ontwerpbesluit 6 weken ter inzage.

In deze periode kunnen belanghebbenden schriftelijk of mondeling reageren. Na de inzagetermijn worden de aanvraag en de definitieve vergunning gepubliceerd en nogmaals 6 weken ter inzage gelegd.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 10

3

STIKSTOFDEPOSITIE ONDERZOEK ONDERZOEKSOPZET EN AFBAKENING In dit onderzoek zijn de NOx en NH3 emissies gedurende de gebruiksfase in kaart gebracht. De emissieberekeningen tijdens de gebruiksfase zijn gebaseerd op eventuele emissies door gebruik van aardgas en de verkeersgeneratie als gevolg van de ontwikkeling. Voor de stikstofdepositieberekening ligt de focus, na de inwerkingtreding van de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (per 1 juli 2021), op de verkeersgeneratie (per etmaal) welke als gevolg van de planrealisatie ontstaat. Voor het rekenjaar wordt in AERIUS uitgegaan van 2023. Omdat de ontwikkeling nog een planologische procedure moet doorlopen zal de daadwerkelijke gebruiksfase verder in de tijd liggen. Omdat AERIUS rekening houdt met een schoner wagenpark in de verdere toekomst, wordt met een jonger rekenjaar met een hogere stikstofemissie gerekend. De daadwerkelijke uitstoot van stikstof zal daardoor mogelijk lager liggen dan berekend.

EMISSIES GEBRUIKSFASE Het onderzoeksgebied voor de gebruiksfase wordt bepaald door het gebied waarbinnen effecten als gevolg van het plan kunnen worden verwacht. Voor de bioscoop wordt de verkeersaantrekkende werking bepaald en met de eventuele uitstoot van NOx als gevolg van aardgasgebruik meegenomen in de berekening.

Emissie wegverkeer Door Goudappel Coffeng is een verkeersonderzoek uitgevoerd in het kader van de ontwikkeling van de bioscoop. Daarbij is uitgegaan van een grootte van maximaal 1.250 zitplaatsen en 6.000 m2 BVO. CROW hanteert de volgende uitgangspunten en kentallen: -

Per zitplaats wordt gerekend met een vloeroppervlak van 3 m2. Voor de 1.250 zitplaatsen is gerekend met een vloeroppervlak van 3.750 m2 (1.250 x 3). Het overige oppervlak is bestemd voor ondersteunende voorzieningen voor de bioscoop. De verkeersgeneratie voor een bioscoop is 2,6 - 5,8 ritten per etmaal weekdag per 100 m2 vloeroppervlak. Omdat het hier gaat om een goed bereikbare locatie (de A9 is vlakbij), is het maximale kengetal van 5,8 gehanteerd.

In totaal bedraagt de verkeersgeneratie van de bioscoop 218 ritten per etmaal voor een weekdag. In het onderzoek van Goudappel Coffeng wordt ervan uitgegaan dat alle bezoekers van de bioscoop parkeren in de Schouwburggarage. Daarnaast wordt de bioscoop bevoorraad. Worst-case wordt uitgegaan dat van de totale verkeersgeneratie 10 ritten zwaar vrachtverkeer ten behoeve van deze bevoorrading betreffen.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 11

Tabel 1 Verkeersgeneratie per etmaal.

In de studie van Goudappel Coffeng waar het verkeer van het Stadshart vandaan komt, is onderstaande figuur opgenomen. Voor de bioscoop is dezelfde verdeling aangehouden waarbij geparkeerd wordt in de Schouwburggarage. Figuur 7 Verdeling verkeer van en naar het stadshart (Bron: Goudappel Coffeng)

Onderstaande wegvlakken zijn opgenomen voor de routing in de berekening: Route 1: Amstelveenseweg - Keizer Karelweg (noord) – Thomas Cookstraat – Meander (25% file); Route 2: Buitenveldertselaan – Beneluxbaan (noord) – Handelsweg – Meander (10% file); Route 3: A9 (oost) – Keizer Karelweg – Meander (50% file); Route 4: Beneluxbaan (zuid) – Handelsweg – Meander (10% file); Route 5: Van der Hooplaan - Keizer Karelweg (zuid) – Meander (10% file); Route 6: Keizer Karelweg (zuid) – Meander (10% file); Route 7: A9 (west) – Keizer Karelweg – Meander (50% file). Door het beperkte aantal vervoersbewegingen, worden deze al snel opgenomen in het heersende verkeer omdat het verkeer zich in hoeveelheid, snelheid, rij- en stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg kan bevinden.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 12

De bepaling in hoeverre deze voertuigen in de file staan is gedaan op basis van stagnatiefactor uit de NSLmonitoringstool. Rondom de projectlocatie verschilt de stagnatiefactor per route. In de AERIUS-calculator is per route het zwaarste filepercentage op die route opgenomen. Figuur 8 Stagnatiefactor verkeer rondom de projectlocatie (Bron: NSL-Monitoring tool)

Voor het aandeel motorvoertuigen die over de ontsluiting routes geleid worden, worden de percentages van Goudappel Coffeng aangehouden. Voor de zware vrachtbewegingen wordt ervan uitgegaan dat deze vanaf de A9 komen. Tabel 2 Verkeersgeneratie per etmaal.

Emissie gebouwen/functies De bioscoop worden gasloos aangesloten, derhalve is er geen emissiebron voor gasgebruik opgenomen.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 13

4

AERIUS-BEREKENINGEN Er is een stikstofberekening uitgevoerd voor de gebruiksfase. Met de AERIUS-calculator zijn de eerdere genoemde emissiebronnen gemodelleerd.

BEREKENING GEBRUIKSFASE In de gebruiksfase wordt uitgegaan van de volgende emissiebronnen:  Bioscoop met maximaal 1.250 zitplaatsen (gasloos)  Verkeersgeneratie van 208 vervoersbewegingen licht verkeer per etmaal  Verkeersgeneratie van 10 vervoersbewegingen zwaar verkeer per etmaal Voor de ontsluiting in de gebruiksfase wordt uitgegaan van zeven routes. Deze routes zijn aangegeven als lijnbron. Over de routes is de maximale verwachte verkeersgeneratie geleid zoals bepaald in tabel 2. Na berekening van de stikstofdepositie concludeert de AERIUS-calculator dat er geen rekenresultaten zijn hoger dan 0,00 mol/ha/j voor de gebruiksfase. In bijlage 1 zijn de invoergegevens voor de gebruiksfase weergegeven.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 14

5

CONCLUSIE De AERIUS-calculator 2021 geeft als uitkomst van de berekening dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Het aspect stikstof vormt geen belemmering bij de realisatie van het voorgenomen initiatief en het aanvragen van een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming is dan ook niet noodzakelijk. Het AERIUS-analysebestand van de uitgevoerde berekeningen met rekenresultaten heeft het kenmerk: - AERIUS_bijlage_Bioscoop Amstelveen V2 Dit bestand kan ter beschikking worden gesteld aan het bevoegde gezag.

Mees Ruimte & Milieu | 21240.02.ST

Pagina | 15

BIJLAGE 1 Uitdraai AERIUS-calculator Bioscoop Amstelveen gebruiksfase, 6 april 2022

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

MEES Ruimte & Milieu Stadsplein, 1181 ZM Amstelveen Bioscoop Amstelveen Berekening gebruiksfase voor 1.250 stoelen

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RUj7tP8hXf34 06 april 2022, 16:11 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2023

Gebruiksfase bioscoop - Beoogd

Resultaten

Emissie NH3 3,7 kg/j

Hoogste depositie Hexagon Gebruiksfase bioscoop - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) 0,00 ha Gekarteerd oppervlak met afname (ha) 0,00 ha Grootste toename van depositie 0,00 mol/ha/j Grootste afname van depositie 0,00 mol/ha/j

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Emissie NOx 81,0 kg/j Gebied

2/6

Projectberekening

Gebruiksfase bioscoop (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen  Verkeersnetwerk

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Emissie NH3 3,7 kg/j

Emissie NOx 81,0 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

1000 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase bioscoop" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

0,00

0,00

0,00

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.5_20220328_855771c674 Database versie 2021.0.5_855771c674 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

6/6

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

MEES Ruimte & Milieu Stadsplein, 1181 ZM Amstelveen Bioscoop Amstelveen Berekening gebruiksfase voor 1.250 stoelen

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RUj7tP8hXf34 06 april 2022, 16:11 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2023

Gebruiksfase bioscoop - Beoogd

Resultaten

Emissie NH3 3,7 kg/j

Hoogste depositie Hexagon Gebruiksfase bioscoop - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) 0,00 ha Gekarteerd oppervlak met afname (ha) 0,00 ha Grootste toename van depositie 0,00 mol/ha/j Grootste afname van depositie 0,00 mol/ha/j

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Emissie NOx 81,0 kg/j Gebied

2/6

Projectberekening

Gebruiksfase bioscoop (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen  Verkeersnetwerk

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Emissie NH3 3,7 kg/j

Emissie NOx 81,0 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

1000 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase bioscoop" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

0,00

0,00

0,00

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.5_20220328_855771c674 Database versie 2021.0.5_855771c674 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RUj7tP8hXf34 (06 april 2022)

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=8234147d-da20-46ec-9590-966fde51a136