CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Was-wordt lijst inhoudelijke wijzigingsvoorstellen APV Amstelveen

Raadsvergadering 29 november 2023, gemeente amstelveenBij agendapunt: Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Amstelveen2.251 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was/ wordt lijst inhoudelijke wijzigingsvoorstellen Amstelveen In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet en – als het een facultatieve bepaling betreft – eveneens onderstreept (aangezien dan de hele bepaling cursief is i.v.m. het facultatieve karakter). In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. Artikel 2:10 lid 5 wordt als volgt gewijzigd:

Bestaande tekst Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg

Nieuwe tekst Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg

5. In afwijking van het vierde lid is geen ontheffing nodig voor de bij besluit van het college aangewezen voorwerpen, onder de voorwaarden dat deze voorwerpen maximaal 6 maanden worden geplaatst en minimaal 4 weken voor de plaatsing melding is gedaan middels een door het college vastgesteld meldingsformulier. Het eerste lid, onder a, is van overeenkomstige toepassing.

5. In afwijking van het vierde lid is geen ontheffing nodig: a. voor de bij besluit van het college aangewezen voorwerpen, onder de voorwaarden dat deze voorwerpen maximaal 6 maanden worden geplaatst en minimaal 4 weken voor de plaatsing melding is gedaan middels een door het college vastgesteld meldingsformulier. Het eerste lid, onder a, is van overeenkomstige toepassing, of; b. indien op basis van de ‘Amstelveense richtlijn voor tijdelijke verkeersmaatregelen’ toestemming is verleend door de wegbeheerder, mits de daarbij gestelde voorwaarden worden nageleefd.

1

Artikel 2:11 lid 3 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

Nieuwe tekst Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

3. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing indien in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam publieke taken worden verricht.

3.Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing indien in opdracht van de wegbeheerder publieke taken worden verricht en deze toestemming heeft verleend op basis van de ‘Amstelveense richtlijn voor tijdelijke verkeersmaatregelen’ en de bij de toestemming gestelde voorwaarden worden nageleefd.

Toelichting Algemeen In de Wegenverkeerswet zijn vastgestelde regels opgenomen voor het verzekeren van de veiligheid op de weg. De wegbeheerder heeft de plicht de weg in stand te houden, te onderhouden, en de weggebruikers te beschermen. Tevens de bevoegdheid voor het stellen van regels en tot het geven van ontheffingen. Volgens de Wegenverkeerswet dient een wegbeheerder van de weg toestemming te geven voor tijdelijke verkeersmaatregelen. Dit valt onder de wetgeving van de Wegenverkeerswet 1994, artikel 34 Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW). Wegwerkzaamheden en de bijbehorende tijdelijke verkeersmaatregelen moeten op een verkeersveilige manier worden uitgevoerd. De eisen waaraan moet worden voldaan zijn vastgelegd in de CROW-publicatie 96b (Maatregelen op niet-autosnelwegen). ARTV is opgesteld als aanvulling op deze richtlijn en geldt voor iedereen die tijdelijke verkeersmaatregelen wil toepassen met effect op het wegennet van Amstelveen. De APV bevat regels over het werken binnen het fysieke domein en moet worden aangepast met het oog op de handhaafbaarheid van de Amstelveense Richtlijn Tijdelijke Verkeersmaatregelen (ARTV).

2

Artikel 2:10 bullit 5 Voorwerpen op of aan de weg In dit onderdeel wordt een beperking opgelegd voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg, of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan. Er is geen ontheffing nodig voor de bij besluit van het college aangewezen voorwerpen, onder bepaalde voorwaarden. Toestemming voor het toepassen van tijdelijke verkeersmaatregelen wordt verleend door de wegbeheerder en niet door het college. Het plaatsen van tijdelijke verkeersmaatregelen dient hierop te worden uitgezonderd, mits wordt voldaan aan de door de ARTV opgelegde bepalingen. Aangezien de toestemming wordt verleend door de wegbeheerder dient een extra bullit te worden ingevoegd en dient de APV hierop te worden aangepast. Artikel 2:11 bullit 3 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg In dit onderdeel wordt een beperking opgelegd voor het in afwijking van een vergunning aanleggen van een weg, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing indien in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam publieke taken worden verricht.

Toestemming voor het toepassen van tijdelijke verkeersmaatregelen wordt verleend door de wegbeheerder en niet door het bestuurlijke orgaan. Toestemming wordt verleend, mits wordt voldaan aan de door de ARTV opgelegde bepalingen. Aangezien de toestemming wordt verleend door de wegbeheerder in plaats van het bestuurlijk orgaan dient de APV hierop te worden aangepast.

3

Artikel 2:25 (leden 5, 6 en 7) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:25 Evenement 1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: a. er een organisator is; b. de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan via een volledig ingevuld formulier melding klein evenement. 3. De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 4. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 5. In afwijking van artikel 1:3 kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een regulier evenement niet te behandelen als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het

Nieuwe tekst Artikel 2:25 Evenement 1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: a. er een organisator is; b. de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan via een volledig ingevuld formulier melding klein evenement. 3. De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 4. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 5. De burgemeester kan besluiten een aanvraag voor een regulier evenement te weigeren als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend.

4

evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 6. In afwijking van artikel 1:3 kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een aandacht evenement niet te behandelen als minder dan 12 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 7. In afwijking van artikel 1:3 kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een risico evenement niet te behandelen als: a. het risico evenement niet door de organisator daarvan voor 1 december van het voorafgaande jaar en tot 1 jaar voorafgaand aan het evenement is gemeld via het meldingsformulier risico evenement; b. minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 8. Onverminderd artikel 1:8 kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala’s geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 9. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 10. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve

6. De burgemeester kan besluiten een aanvraag voor een aandacht evenement te weigeren als minder dan 12 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 7. De burgemeester kan besluiten een aanvraag voor een risico evenement te weigeren als: a. het risico evenement niet door de organisator daarvan voor 1 december van het voorafgaande jaar en tot 1 jaar voorafgaand aan het evenement is gemeld via het meldingsformulier risico evenement; b. minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 8. Onverminderd artikel 1:8 kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala’s geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 9. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 10. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

5

beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Algemeen Zie ook de onderstaande artikelsgewijze toelichting: Artikel 2:25 Evenementenvergunning In de leden 5, 6 en 7 zijn de aanvraagtermijnen vastgesteld. Vijfde lid Conform het uitvoeringskader is opgenomen dat de burgemeester een vergunningaanvraag kan weigeren indien niet minimaal 8 weken voorafgaand aan een Regulier evenement een volledige aanvraag is ingediend. Zesde lid Conform het uitvoeringskader is opgenomen dat de burgemeester een vergunningaanvraag kan weigeren indien niet minimaal 12 weken voorafgaand aan een Aandacht evenement een volledige aanvraag is ingediend. Zevende lid Conform het uitvoeringskader is opgenomen dat de burgemeester een vergunningaanvraag kan weigeren als niet minimaal 26 weken voorafgaand aan een Risico evenement een volledige aanvraag is ingediend. De inzet op evenementen door de politie wordt aan het begin van het kalenderjaar gedaan. Als aan het begin van een kalenderjaar niet bekend is dat een Risico evenement plaatsvindt dan kan dit betekenen dat er onvoldoende capaciteit is voor dit evenement. De aanvrager van een groot evenement wordt daarom ook gevraagd om voor 1 december en een 1 jaar voorafgaand aan het evenement dit evenement te melden. Dit biedt de gemeente ook de gelegenheid om in een vroeg stadium afspraken te maken met de organisator.

6

Artikel 2.48a wordt als volgt gewijzigd Bestaande tekst Artikel 2.48a Lachgasverbod 1. Het is verboden op een openbare plaats die deel uitmaakt van een door het college ter bescherming van de openbare orde of het woon- en leefklimaat aangewezen gebied distikstofmonoxide (lachgas) of daarop gelijkend waar recreatief als roesmiddel te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben.

Nieuwe tekst Artikel 2.48a Lachgasverbod Vervallen

2. Het college kan in het aanwijzingsbesluit het in het eerste lid bedoelde verbod beperken tot bepaalde tijden. Toelichting Algemeen Zie ook de onderstaande artikelsgewijze toelichting: Artikel 2.48a Lachgasverbod Deze lokale gebiedsgerichte verbodsbepaling is in 2020 toegevoegd aan de APV. In aanloop naar het toevoegen van lachgas aan lijst II van de Opiumwet was behoefte om lokaal op te kunnen treden tegen het gebruik hiervan en de overlast die daardoor ontstond. Inmiddels is lachgas toegevoegd aan lijst II van de Opiumwet. Hiermee is het per 1 januari 2023 verboden om lachgas binnen of buiten Nederland te brengen, te verkopen of te hebben. Dit maakt een specifiek lokaal verbod overbodig.

7

Artikel 4:8 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen

Nieuwe tekst Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen

Het is verboden binnen de bebouwde kom op een openbare plaats zijn natuurlijke behoefte te doen buiten daarvoor bestemde plaatsen.

Het is verboden binnen de bebouwde kom, alsmede binnen een door het college aangewezen gebied buiten de bebouwde kom, op een openbare plaats zijn natuurlijke behoefte te doen buiten daarvoor bestemde plaatsen.

De toelichting bij artikel 4:8 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen

Nieuwe tekst Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen

Dit artikel spreekt voor zich.

Het in dit artikel genoemde verbod geldt zowel voor openbare plaatsen binnen de bebouwde kom als voor openbare plaatsen in door het college aangewezen gebieden buiten de bebouwde kom. De door het college aangewezen gebieden zullen worden opgenomen in aanwijzingsbesluiten. Overtreding van het verbod is strafbaar gesteld in hoofdstuk 6 van de APV.

8

Toelichting APV artikel voor de gemeenteraad Volgens het huidige APV-artikel is het reeds verboden om de natuurlijke behoefte te doen binnen de bebouwde kom op een openbare plaats buiten daarvoor bestemde plaatsen. Om ook in gebieden buiten de bebouwde kom handhavend te kunnen optreden tegen overlast als gevolg van het doen van de natuurlijke behoefte op een openbare plaats buiten daarvoor bestemde plaatsen, is ons voorstel om het APV-artikel uit te breiden. Het verbod zal dan niet langer enkel van toepassing zijn binnen de bebouwde kom, maar ook binnen een door het college aangewezen gebied buiten de bebouwde kom. In het gebied langs de Amstel is sprake van grote problematiek die wordt veroorzaakt door sloepen met hierop feestende mensen die met name uit de richting van de gemeente Amsterdam komen. De door hen veroorzaakte overlast bestaat onder andere uit het doen van de natuurlijke behoefte. Zij meren regelmatig aan om hun natuurlijke behoefte te doen. Naast de geluidsoverlast wordt hier ook veel overlast van ervaren door omwonenden. Op dit moment is het nog niet mogelijk om dergelijk gedrag te beboeten. Dit gebied zou middels een aanwijzingsbesluit door het college aangewezen kunnen worden. De uitbreiding van artikel 4:8 van de APV biedt dus een extra kapstok om overlast als gevolg van het doen van de natuurlijke behoefte in te dammen.

De reeds bestaande artikelen zijn hiertoe onvoldoende.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=05065457-a958-4888-b712-eb846ec79d7f