Beantwoording technische vragen
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen ChristenUnie 1: Is het mogelijk de gepresenteerde data rondom ervaren gezondheid, mentale gezondheid, zorg/hulp, genotmiddelengebruik en leefgewoonten uit te breiden met andere, eveneens belangrijke, indicatoren van de mate van gezondheid van de leefomgeving? In de gezondheidsanalyse is bijvoorbeeld geen aandacht geschonken aan cijfers over de hoeveelheid inwoners die lijden/medicatie gebruiken aan/door ziektes rondom ademhalingsstelsel, hart en vaatstelsel en stofwisseling. Ook ontbreken de gegevens over geboorte-uitkomsten en doodsoorzaak van overleden inwoners. We hebben een uitgebreide analyse gedaan van gezondheidsuitdagingen in relatie tot de leefomgeving. We hebben daarin een afbakening gemaakt door in te zoomen op factoren die met de levensstijl van inwoners te maken hebben. Daarnaast hebben we gebruik gemaakt van informatie van gezondheidspartners zoals de GGD, zij besteden ook geen aandacht aan de gevraagde onderwerpen. Deze onderwerpen zien wij dan ook meer als vraagstuk in het zorgdomein en minder in het domein van de gezonde leefomgeving.
2: Welke potentieel ziekmakende stoffen staan het Schone Lucht Akkoord centraal? Zijn deze stoffen alle stoffen die potentieel ziekmakend kunnen zijn en in de Amstelveense lucht worden aangetroffen? Wanneer worden de (tussentijdse) Amstelveense uitkomsten gedeeld met de raad? Op de website Home - Schone lucht akkoord staat veel informatie over wat het akkoord inhoudt en waar de focus op ligt. De focus ligt op het aanpakken van diverse mogelijk potentieel vervuilende activiteiten die binnen een gemeente of provincie plaatsvinden en waar deze lokale overheden invloed op kunnen uitoefenen; niet specifiek op de aanpak van ziekmakende stoffen. Activiteiten a.g.v. Schiphol zijn nadrukkelijk niet meegenomen in het SLA omdat daar via andere sporen al aandacht aan wordt besteedt. De gemeente Amstelveen rapporteert aan het SLA; zodra alle gegevens landelijk zijn verzameld en bekend worden gemaakt, zal dat binnen de gemeente gecommuniceerd worden. 3: BRS en MRA helpen om helderheid te krijgen bij het rijk over normen en regels rondom uitstoot Schiphol (blz. 28). Wat gaat de gemeente doen wanneer de helderheid over normen/regels gegeven is? Hoe zal de naleving ervan worden gemonitord? We hebben nog geen helderheid en kunnen nog niet aangeven hoe zaken verder lopen als er helderheid over normen/regels is. Dit maakt naar verwachting geen onderdeel uit van de Visie Gezonde Leefomgeving.
4: In het rapport staat niets over de mogelijke gezondheidsrisico’s rondom PFAS vervuild drinkwater, of voedsel a.g.v. het jarenlange gebruik ervan op Schiphol. Wat is de reden dat dit in dit rapport over een gezonde leefomgeving ontbreekt? Zie hiervoor ook het antwoord op vraag 1. We hebben milieufactoren vooral in relatie tot gedrag beschouwd (bijvoorbeeld vervuiling autoverkeer in relatie tot transitie naar meer lopen en fietsen voor dubbele gezondheidswinst). De bodemkwaliteit is binnen de gemeente bekend, er wordt bijna continu onderzoek gedaan en we hebben een goed beeld van de kwaliteit. Daar wordt rekening mee gehouden bij bestemmingen. Het monitoren van drinkwater gaat via de drinkwaterleidingbedrijven. 5: Transparante communicatie over overlast en gezondheidsrisico’s als gevolg van Schiphol is een voornemen te lezen in dit rapport. Hoe worden inwoners momenteel over overlast en gezondheidsrisico's geïnformeerd? Hoe wil de gemeente dit veranderen?
De rapportage gaat over de gemaakte analyse en bouwstenen en er worden nog geen beleidsvoornemens in beschreven. Momenteel wordt de website Wonen bij Schiphol (amstelveen.nl) periodiek geactualiseerd bij nieuwe ontwikkelingen. 6: In de analyse (p.23) staat dat er volgens het STOMP-principe ‘meer prioriteit wordt gegeven aan meer duurzame vormen van mobiliteit.’ In de volgorde: Stappen, Trappen (fietsen), OV, Mobility as a Service, Privé-auto. Gaat deze volgorde ook op voor de hoeveelheid geld die de gemeente afgelopen jaren heeft besteed aan de aanleg, onderhoud en verdere uitbreiding van de diverse soorten mobiliteit? Nee.