Agendabundel
Tekst van het document
HOOFDSTUK 8. GESCHILLEN, KLACHTEN EN BEZWAREN Artikel 33. Geschillen 1. Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28 van de Wgr de beslissing van Gedeputeerde Staten wordt ingeroepen, legt het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio het geschil voor aan een daartoe door partijen in te stellen geschillencommissie. 2. De geschillencommissie bestaat uit vertegenwoordigers, aangewezen door elk der bij het geschil betrokken partijen, alsmede een door deze vertegenwoordigers aangewezen onafhankelijke voorzitter. 3. De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken besturen. 4. De geschillencommissie brengt aan het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio advies uit over de mogelijkheden partijen tot overeenstemming te brengen.
GR VrAA 2024
20
Artikel 34. Klachten Voor de afhandeling van klachten zal een klachtenregeling worden opgesteld. Artikel 35. Behandeling bezwaarschriften Bij de afhandeling van bezwaarschriften op grond van de Algemene wet bestuursrecht zal toepassing worden gegeven aan artikel 7:13 Algemene wet bestuursrecht en zal voor het horen van belanghebbenden gebruik worden gemaakt van de voorzieningen van de gemeente Amsterdam, tenzij het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio anders besluit. HOOFDSTUK 9. SLOTBEPALINGEN Artikel 36. Bekendmaking 1. De colleges dragen op de gebruikelijke wijze zorg voor de bekendmaking van de regeling. 2. Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio zendt de regeling aan Gedeputeerde Staten. 3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid is overeenkomstig van toepassing op besluiten tot toetreding en uittreding tot de regeling alsmede tot wijziging en opheffing van de regeling. Artikel 37. Inwerkingtreding en duur 1. Deze gewijzigde regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na haar bekendmaking. 2.
De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
Artikel 38. Overgangsbepaling Totdat ter zake een nieuw besluit wordt genomen, blijven besluiten en verordeningen gebaseerd op de ‘Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2008’ en de ‘Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2015’ onverkort van toepassing. Artikel 39. Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024.
GR VrAA 2024
21
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024 ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING Considerans Per 1 januari 2008 is door de deelnemende gemeenten de Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland gevormd en is de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland 2008 opgesteld. Met de inwerkingtreding van de Wet veiligheidsregio’s op 1 oktober 2010 en de Wijzigingswet veiligheidsregio’s per 1 januari 2014 dient de gemeenschappelijke regeling herzien te worden. In dat kader is de regeling "Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2015" opgesteld. De colleges van burgemeester en wethouders hebben nadien op voorstel van het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio besloten om de "Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Amsterdam- Amstelland 2015" een aantal keren te wijzigen. Voor deze herzieningen zijn naast besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de betrokken gemeenten ook besluiten van de gemeenteraden vereist (artikel 1, lid 2 en 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen). HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Definities De definities in dit artikel zijn consequent in de tekst gebruikt. Artikel 2. Gemeentewet Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 3.
Openbaar lichaam De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die behoren tot een regio als bedoeld in artikel 8 Wvr, treffen een gemeenschappelijke regeling, waarbij een openbaar lichaam wordt ingesteld met de aanduiding: Veiligheidsregio. Een openbaar lichaam is een rechtspersoon, waardoor het zelfstandig kan deelnemen aan het rechtsverkeer en bijvoorbeeld overeenkomsten kan aangaan. Artikel 10 derde lid van de Wgr bepaalt dat een plaats van vestiging wordt opgenomen. Artikel 4. Verzorgingsgebied Het Nederlandse grondgebied is verdeeld in regio’s. De Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland beslaat het grondgebied van de genoemde gemeenten conform artikel 8 Wvr en de bijlage bij artikel 8 Wvr.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
1
HOOFDSTUK 2. DOELSTELLING, TAKEN EN BEVOEGDHEDEN Artikel 5. Doelstelling Aangezien verschillende wetten een uitgebreide omschrijving kennen van de te vervullen taken op het gebied van Brandweerzorg, Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en de bestrijding en beheersing van Crises wordt in de eerste drie subleden verwezen naar de toepasselijke wetten. Artikel 6. Taken De taken van de Veiligheidsregio zijn de activiteiten die de Veiligheidsregio ontplooit in het kader van de te behartigen belangen. In dit geval wordt de Veiligheidsregio door de colleges van burgemeesters en wethouders belast met de taken zoals in deze bepaling genoemde wetsartikelen. Artikel 7. Verplichtingen van de Gemeenten Om een correcte uitvoering te kunnen geven aan de aan de Veiligheidsregio opgedragen taken dient de Veiligheidsregio te kunnen beschikken over voor de opgedragen taken relevante informatie of voor de Veiligheidsregio beschikbaar gestelde faciliteiten. HOOFDSTUK 3. HET BESTUUR VAN DE VEILIGHEIDSREGIO Artikel 8. Organen Artikel 12 Wgr bepaalt dat het bestuur van het openbaar lichaam bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een Voorzitter. Het algemeen bestuur staat aan het hoofd van het openbaar lichaam. De Voorzitter is tevens Voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. 3.1 HET ALGEMEEN BESTUUR VAN DE VEILIGHEIDSREGIO Artikel 9.
Samenstelling In dit artikel is vastgelegd dat de burgemeesters van de Gemeenten lid zijn van het algemeen bestuur. Bij verhindering of ontstentenis van een burgemeester, treedt de loco-burgemeester namens zijn Gemeente op als lid van het bestuur van de Veiligheidsregio, zulks op grond van de algemene waarnemingsregel van artikel 77 lid 1 Gemeentewet. De Voorzitter van het bestuur van de Veiligheidsregio wordt bij koninklijk besluit benoemd. Bij verhindering of ontstentenis van de Voorzitter wordt deze in zijn of haar rol als Voorzitter vervangen door een door het algemeen bestuur aan te wijzen lid van het algemeen bestuur. Artikel 10. Werkwijze In artikel 22, tweede lid, Wgr is geregeld dat het bestuur van de Veiligheidsregio jaarlijks tenminste viermaal vergadert.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
2
Bij de vergaderingen worden de Hoofdofficier van Justitie, de Dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht en de Commissaris van de Koning uitgenodigd om deel te nemen. De Directeur Veiligheidsregio/Commandant van de Brandweer AmsterdamAmstelland, de Directeur Publieke Gezondheid, de Politiechef Regionale Eenheid Amsterdam, de Coördinerend gemeentesecretaris, de directeur Openbare Orde en Veiligheid van de gemeente Amsterdam en andere functionarissen wier aanwezigheid in verband met de te behandelen onderwerpen van belang is worden uitgenodigd. Op grond van lid 5 zijn de vergaderingen van het bestuur van de Veiligheidsregio openbaar (zie tevens artikel 22, derde lid, Wgr). Het vierde en vijfde lid van artikel 22 Wgr regelen de procedure die moet worden gevolgd om een vergadering in beslotenheid te laten plaatsvinden. Het zesde lid van dit artikel bevat een lijst met onderwerpen waarover in ieder geval niet in beslotenheid besloten mag worden. Deze lijst is gebaseerd op artikel 24 Gemeentewet. Artikel 11. Besluitvorming Krachtens lid 1 heeft elk lid van het bestuur van de Veiligheidsregio in de vergadering één stem. Bij besluiten hebben alle Gemeenten daarom gelijke invloed. Besluiten worden op grond van lid 2 genomen met gewone meerderheid van stemmen, dat wil zeggen: de helft van de uitgebrachte stemmen plus één.
In lid 2 is opgenomen dat als de stemmen staken, de stem van de Voorzitter beslist. In lid 3 is opgenomen dat in die gevallen waarin de burgemeester van de Gemeente Amsterdam overwegende bezwaren heeft tegen een besluit en dus tegenstemt, deze tegenstem tot verwerping van het besluit leidt. Artikel 13 lid 4 onder b van de Wgr biedt de mogelijkheid om bepaalde leden (of een bepaald lid) meervoudig stemrecht te geven. Aldus voorziet de wet in de mogelijkheid van een stemverdeling van leden van het bestuur van de Veiligheidsregio waarbij de stem van bepaalde leden zwaarder telt. Lid 2 en lid 3 van de gemeenschappelijke regeling zijn daarvan een uitwerking. Op vergaderingen van het bestuur van de Veiligheidsregio van een openbaar lichaam zijn de besluitvormingsregels in artikel 31 Gemeentewet (stemmingen over personen) en artikel 32 Gemeentewet (stemmingen over zaken) van – dwingende – toepassing (artikel 22, eerste lid, Wgr). Artikel 12. Taken en bevoegdheden Dit artikel regelt de taken en bevoegdheden van het bestuur van de Veiligheidsregio. Artikel 13. Informatie en verantwoording De artikelen 16, 17, 18 en 19 van de Wgr schrijven voor dat een gemeenschappelijke regeling bepalingen bevat over het verstrekken van informatie, de wijze waarop informatie wordt verstrekt en het afleggen van verantwoording.
Daarbij gaat het zowel om de informatie- en verantwoordingsplicht binnen de gemeenschappelijke regeling (de relatie tussen het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur) als om de informatie- en verantwoordingsplicht van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de raden van de gemeenten en Gedeputeerde Staten.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
3
Artikel 14. Advies Deze bepaling betreft het verstrekken van advies aan de colleges van de Gemeenten. Artikel 15. Zienswijze In art. 10, vijfde lid Wgr worden gemeenschappelijke regelingen verplicht om bepalingen te bevatten die de besluiten van het bestuur van de Veiligheidsregio beschrijven waarover de raden van de gemeenten een zienswijze naar voren kunnen brengen voorafgaand aan het nemen van het besluit. Het gaat dan om andere besluiten dan die op grond van de wet al reeds aan de raden worden voorgelegd voor zienswijze, zoals het wijzigen en vaststellen van de ontwerpbegroting. Ook wanneer géén specifieke besluiten worden voorgelegd aan de raden voor zienswijzen, moet dit in de gemeenschappelijke regeling worden geregeld. Op basis van de Wvr en Wgr worden de belangrijkste besluiten al voorgelegd aan de raden voor zienswijze. Dit artikel is een uitwerking van art. 10, vijfde lid Wgr. Artikel 16. Participatie Dit artikel regelt de voorwaarden voor het betrekken van ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van deze regeling. Artikel 17. Evaluatie Dit artikel houdt bepalingen in omtrent de evaluatie van de regeling, in overeenstemming met art. 11a Wgr. 3.2 DE VOORZITTER EN SECRETARIS Artikel 18. Taken en bevoegdheden De Wgr en de Wet veiligheidsregio’s bevat bepalingen omtrent het voorzitterschap.
Artikel 19. De Secretaris De ambtelijk secretaris heeft als taak het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de Voorzitter bij hun taakuitoefening te ondersteunen. De secretaris heeft daarbij een adviserende rol. HOOFDSTUK 4. DE AMBTELIJKE ORGANISATIE Artikel 20. De organisaties Dit artikel en artikel 21 regelt de inrichting van de ambtelijke organisatie van de Veiligheidsregio. Er is een organisatie belast met de Brandweerzorg (zoals gedefinieerd) en een organisatie belast met de Geneeskundige hulpverlening (zoals gedefinieerd). Artikel 36 van de Wet veiligheidsregio’s stelt dat het bestuur van de Veiligheidsregio een coördinerend functionaris aanwijst belast met de coördinatie van de maatregelen en voorzieningen die de gemeenten treffen met het oog op een ramp of crisis. Hiertoe wordt in artikel 20 lid 6 de Coördinerend gemeentesecretaris aangewezen.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
4
In overeenstemming met artikel 24 Wgr wordt er een vaste commissie van advies aan het bestuur van de Veiligheidsregio ingesteld: de Veiligheidsdirectie. De Hoofdofficier van Justitie vertegenwoordigt het justitiële gezag met betrekking tot de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. Met de eindverantwoordelijken van de uitvoerende diensten, de directeur Veiligheidsregio, de commandant van de Brandweer Amsterdam-Amstelland, de vertegenwoordigers van de GHOR, de Politie Regionale Eenheid Amsterdam, de directeur OOV van de gemeente Amsterdam en de Coördinerend gemeentesecretaris als representant van de gemeentelijke kolom bespreken zij onderwerpen die worden voorgelegd aan het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio. Andere functionarissen, zoals vertegenwoordigers van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht, Havenbedrijf Amsterdam en Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied worden uitgenodigd om het overleg van de Veiligheidsdirectie bij te wonen indien er onderwerpen worden behandeld die voor hen van belang zijn. De Veiligheidsdirectie is daarmee het overlegorgaan waarin de vijf partners bij crisisbeheersing in de Veiligheidsregio het multidisciplinaire beleid kunnen afstemmen. De Veiligheidsdirectie vormt een overleg- en afstemmingsorgaan dat het bestuur van de Veiligheidsregio adviseert.
Deelname aan deze adviescommissie doet niets af aan de eigenstandige verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de leden. De ambtelijk secretaris die de Veiligheidsdirectie voorzit verzorgt de verbinding met het bestuur van de Veiligheidsregio. Artikel 21. De inrichting van de ambtelijke organisatie en rechtspositieregeling Dit artikel spreekt voor zich.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
5
HOOFDSTUK 5. FINANCIËLE BEPALINGEN Artikel 22. Administratie en controle Met inachtneming van de vigerende regelgeving stelt het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio regels vast met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie en van het beheer van de geldmiddelen met inachtneming van de toepasselijke wettelijke bepalingen. Er zijn onder andere regels vastgesteld in de financiële verordening, in de nota reserves en voorzieningen en in het treasury statuut. Artikel 23. Programmabegroting In de programmabegroting staat wat het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio wil bereiken, wat het bestuur van de Veiligheidsregio daarvoor gaat doen en hoe de beschikbare middelen worden besteed. De programmabegroting geeft de kaders aan waarbinnen de ambtelijke organisatie van de veiligheidsregio werkt. Artikel 24. Begrotingsprocedure In dit artikel is de begrotingsprocedure vastgelegd. Op grond van artikel 35 van de Wgr wordt het ontwerp voordat dit door het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio wordt vastgesteld aan de raden van de gemeenten toegezonden voor zienswijze. Het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio moet voorafgaande aan het vaststellen van de begroting inhoudelijk reageren op eventuele ontvangen zienswijzen.
Op grond van het vijfde lid van artikel 35 van de Wgr hebben de raden de mogelijkheid om een zienswijze over de vastgestelde begroting aan Gedeputeerde Staten te zenden. Artikel 25. Bijdragen aan de Veiligheidsregio De regionale bijdrage van de gemeenten bestaat uit de kosten basisbrandweerzorg, crisisbeheersing en bevolkingszorgtaken, het voorzien in de meldkamerfunctie en bestuurlijke ondersteuning. Daarnaast kunnen de gemeenten via een lokale (maatwerk)bijdrage maatwerktaken inkopen ten aanzien van de brandweerzorg. De toerekening van de kosten voor deze onderdelen vindt plaats op basis van een vastgestelde financiële verdeelsleutel voor de regionale basisbrandweerzorg en het inwoneraantal voor de overige regionale taken. Voor het maatwerk is de lokale bijdrage gelijk aan de geraamde kosten per gemeente. Artikel 26. Indexering Voor de indexering wordt de indexering van de gemeente Amsterdam aangehouden. Artikel 27. Jaarrekeningprocedure en kadernota Ingevolge artikel 34, derde lid Wgr dient de jaarrekening door het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio te worden vastgesteld in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. Ingevolge het derde lid wordt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling en in elk geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop het betrekking heeft aan Gedeputeerde Staten toegezonden.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
6
Het dagelijks bestuur kan aan het algemeen bestuur een voorstel doen om een positief of negatief resultaat te bestemmen. Hierbij kan gedacht worden aan het verrekenen van het resultaat met de gemeenten, het doteren of onttrekken van het resultaat aan de reserves, het inzetten van een positief resultaat voor (incidentele) prioriteiten of een combinatie daarvan. Een bestemmingsvoorstel wordt voorgelegd aan de raden voor zienswijze. Artikel 28. Geldmiddelen De genoemde geldmiddelen betreffen de normale middelen die de regio ieder jaar ter beschikking heeft. In artikel 51 van de Wvr is tevens een bijstandsregeling opgenomen voor gemeenten en veiligheidsregio’s die daadwerkelijk te maken krijgen met de bestrijding van een ramp. De minister kan daarvoor een extra bijdrage leveren. HOOFDSTUK 6. ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN Artikel 29. Archivering Op grond van artikel 40, derde lid, van de Archiefwet 1995 gelden voor een gemeenschappelijke regeling de bepalingen omtrent de zorg voor de archiefbescheiden. HOOFDSTUK 7. BIJZONDERE BEPALINGEN Artikel 30. Toe- en uittreding Zoals artikel 9 Wgr vereist kent de gemeenschappelijke regeling bepalingen over de toe- en uittreding tot en uit de gemeenschappelijke regeling.
Op basis van artikel 9 van de Wvr moeten de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die behoren tot een regio als bedoeld in artikel 8 van die wet een gemeenschappelijke regeling treffen. Dit betekent dat een gemeente alleen kan toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke regeling als de verdeling van de gemeenten in regio’s wordt gewijzigd. In dat geval zijn de gemeenten waarop de wijziging betrekking heeft zelfs verplicht om over te gaan naar een andere regeling. Het derde lid bepaalt dat het bestuur van de Veiligheidsregio de gevolgen van de toetreding regelt en dat zij voorwaarden kan verbinden aan de toetreding. Uittreding is slechts mogelijk na voldoening aan door het bestuur van de Veiligheidsregio nader te stellen voorwaarden, zoals geformuleerd in het vierde lid. Artikel 31. Wijziging De gemeenschappelijke regeling kan slechts worden gewijzigd bij unaniem besluit van de desbetreffende bestuursorganen van de Gemeenten. Artikel 32. Opheffing Op basis van artikel 9 van de Wvr moeten de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die behoren tot een regio als bedoeld in artikel 8 van de Wvr een gemeenschappelijke regeling treffen. Dit betekent dat een regeling alleen kan worden opgeheven als daarmee een nieuwe regeling in werking treedt die voldoet aan de eis in de Wvr.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
7
HOOFDSTUK 8. GESCHILLEN, KLACHTEN EN BEZWAREN Artikel 33. Geschillen De bedoeling van dit artikel is om geschillen eerst op intergemeentelijk niveau te doen beslechten. Mochten partijen er op dit niveau niet uitkomen, dan staat de weg naar Gedeputeerde Staten op grond van artikel 28 Wgr weer volledig open. Artikel 34. Klachten Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 35. Behandeling bezwaarschriften Voor wat betreft het horen in een bezwaarschriftprocedure wordt gebruik gemaakt van voorzieningen van de gemeente Amsterdam. Dit artikel laat de bevoegdheid tot het nemen van het besluit op bezwaar onverlet. HOOFDSTUK 9. Slotbepalingen Artikel 36. Bekendmaking Artikel 26 Wgr bepaalt dat de Gemeenten de gemeenschappelijke regeling op de gebruikelijke wijze bekend dienen te maken. Het bestuur van de Veiligheidsregio stuurt de regeling namens de gemeenten toe aan Gedeputeerde Staten. Artikel 37. Inwerkingtreding en duur De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Artikel 38. Overgangsbepaling Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 39. Citeertitel De titel waaronder de regeling zal worden aangehaald.
Memorie van Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland 2024
8
Wettelijke wijzigingen met toelichting
Uitwerking in GR
Zienswijze bij treffen reqelinq: Voorheen was het zo dat voor het treffen of wijzigen van een regeling ‘slechts’ toestemming nodig was van de raden. Deze kon alleen worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Met de wetswijziging hebben de raden de gelegenheid gekregen om vooraf een zienswijze te geven op het gehele ontwerp van een GR.
Uitwerking in de GR Geen, volgt uit de wet.
Gemeenschappelijke adviescommissie: De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten krijgen de mogelijkheid om bij een gemeenschappelijke regeling een gemeenschappelijke adviescommissie in te laten stellen bestaande uit raadsleden van de deelnemende gemeenten.
Uitwerking in de GR Geen, volgt uit de wet.
Zienswijze voor besluiten: Behalve de zienswijzen op de ontwerpbegroting, zoals al bestond in de oude Wgr, kunnen de deelnemers aan de GR (de colleges) samen met de raden afspraken maken over andere voorgenomen besluiten waar de raden zienswijzen op wensen te geven. Bijvoorbeeld bij besluiten met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige besluiten of beleidsmatige keuzes. Het (dagelijks) bestuur van de GR moet vervolgens voorafgaand aan het daadwerkelijke besluit aan de raden laten weten of er
Uitwerking in de GR Anders dan bestemmingsvoorstellen, zoals bedoeld in artikel 27, vijfde lid, en besluiten waarover bij of krachtens de wet de raden een zienswijze naar voren kunnen brengen, zijn er, tenzij door het algemeen bestuur anders bepaald, geen besluiten van het algemeen bestuur waarvoor aan de raden vooraf zienswijze dient te worden gevraagd, als bedoeld in artikel 10, vijfde en zesde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. (art. 15 GR VRAA)
Toelichting uitwerking in de GR
Toelichting Op voorstel van de gemeenteraden gezamenlijk stelt het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio een gemeenschappelijke adviescommissie in, die het AB kan voorzien van advies. De raad van de gemeente Amsterdam had een motie aangenomen waarin werd opgeroepen tot instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie, echter steunen niet alle overige raden van de deelnemende gemeenten de instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie. Toelichting Op basis van de Wvr en Wgr worden de belangrijkste besluiten en documenten al aan van de raden voorgelegd voor zienswijze, namelijk: - Begroting: mogelijkheid tot zienswijze voor de gemeenteraden op de ontwerpbegroting, art. 35 Wgr. - Beleidsplan: voorafgaand aan de vaststelling van het beleidsplan overlegt de burgemeester van een gemeente in het gebied van de veiligheidsregio met de gemeenteraad over het ontwerpbeleidsplan, art. 14 Wvr. - Regionaal risicoprofiel: het bestuur van de veiligheidsregio stelt het risicoprofiel vast na overleg met de raden van de deelnemende
iets wordt gedaan met hun zienswijzen.
Afspraken over participatie: Binnen gemeenten en door raden wordt veel aandacht geschonken aan participatie, bij GR-en is dit moeilijker. Participatie krijgt met de wetswijziging een vaste plek binnen elke GR. In elke regeling dient te worden opgenomen of, en zo ja op welke wijze, burgers en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid van onderwerpen die bij de GR zijn belegd.
Uitwerking in de GR Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van deze regeling slechts betrokken, voor zover dat bij of krachtens wet is vereist, of voor zover door het algemeen bestuur bepaald. (art. 16 GR VRAA)
gemeenten, waarbij het bestuur de raden tevens verzoekt hun wensen kenbaar te maken omtrent het in het beleidsplan op te nemen beleid, art. 15 Wvr. - Regionaal crisisplan: bij het opmaken worden afspraken gemaakt met bij mogelijke rampen en crises betrokken partijen, art. 16 Wvr. - Rampbestrijdingsplannen: bij het aanwijzen waarvoor het bestuur van de veiligheidsregio een rampbestrijdingsplan vaststelt, worden tevens regels gesteld over het raadplegen van de bevolking bij het opstellen van het plan en van belangrijke wijzigingen van dat plan, art. 17 Wvr. Toelichting De veiligheidsregio heeft een wettelijke opdracht en wettelijke taken die zij voor een ieder op gelijk niveau moet uitvoeren en aanbieden. Hierbij is het in veel gevallen reeds wettelijk verplicht om belanghebbenden en partners te betrekken. Een aantal voorbeelden op een rij: - Regionaal risicoprofiel: het bestuur van de veiligheidsregio nodigt ten minste eenmaal per jaar de bij mogelijke rampen en crises in de regio betrokken partijen uit voor een gezamenlijk overleg over de risico’s in de regio, art. 15 Wvr. - Rampbestrijdingsplannen: bij het aanwijzen waarvoor het bestuur van de veiligheidsregio een rampbestrijdingsplan vaststelt, worden tevens regels gesteld over het raadplegen van de bevolking bij het opstellen van het plan en van belangrijke wijzigingen van dat plan, art. 17 Wvr.
- Regionaal crisisplan: bij het opmaken worden afspraken gemaakt met bij mogelijke rampen en crises betrokken partijen, art. 16 Wvr. Een formeel systeem waarin burgers en belanghebbenden bij andere besluiten worden betrokken bestaat
Actieve informatieplicht: het bestuur van een GR moet raden ongevraagd alle informatie verstrekken die zij nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. De informatieplicht is niet beperkt tot te nemen of genomen besluiten. Het gaat om het uit eigen beweging informatie verschaffen wanneer het bestuur van de GR inschat dat dit relevant is of kan zijn voor de deelnemers om de controlerende taak goed uit te kunnen voeren. In de tekst van de GR moeten afspraken worden vastgelegd over de wijze waarop deze informatie wordt aangeleverd.
Afspraken over evaluatie: Het is verplicht om in de GR afspraken op te nemen over het evalueren van de GR. Er zijn geen wettelijke voorschriften voor de inhoud van deze afspraken, het is aan de deelnemers om hier invulling aan te geven. Desgewenst is het ook mogelijk af te zien van de evaluatie en dat te vermelden in de GR.
1. Uitwerking in de GR Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio geeft de raden en de colleges uit eigen beweging of op hun verzoek alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door hen gevoerde en te voeren beleid nodig is. (art. 13 lid 1 GR VRAA)
bij de veiligheidsregio momenteel niet. Daarom wordt er een algemene bepaling opgenomen in de GR op grond waarvan het bestuur bij de ontwikkeling van beleid bepaalde organisaties of doelgroepen kan betrekken indien nodig of gewenst. 1. Toelichting Dit is een uitwerking van art. 16 lid 2 Wgr. 2. Toelichting Dit is een uitwerking van art. 17 lid 2 en 3 Wgr.
Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio geeft schriftelijk de door een of meer leden van de raden en de colleges gevraagde inlichtingen. (art. 13 lid 2 GR VRAA) 2. Uitwerking in de GR Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio zendt jaarlijks een informatiebrief aan de raden met daarin een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen binnen de Veiligheidsregio. (art. 13 lid 5 GR VRAA) Uitwerking in de GR 1. Het algemeen bestuur draagt ervoor zorg dat de regeling periodiek, doch tenminste één maal per zes jaar wordt geëvalueerd. 2. Als de evaluatie conclusies en aanbevelingen bevat, dan verwerkt het algemeen bestuur deze in een voorstel hoe hieraan gevolg wordt gegeven. 3. De conclusies en aanbevelingen als bedoeld in het vorige lid, kunnen aanleiding zijn om te betrekken in de daaropvolgende evaluatieperiode. (art. 17 GR VRAA)
Toelichting De GR VrAA kent op dit moment geen evaluatiebepaling. Het wordt verplicht om afspraken te maken over evaluatie van de gemeenschappelijke regeling. Er is geen wettelijke regeling opgenomen over waar de evaluatie op gericht moet zijn, hoe vaak die moet plaats vinden en de wijze waarop de evaluatie moet plaatsvinden. Dit mag naar eigen inzicht worden vormgegeven. Er kan ook worden opgenomen in de gemeenschappelijke regeling dat er geen evaluatie zal plaatsvinden.
Afspraken over uittreding: Deze wijziging betreft een nadere specificering van minimale afspraken die gemaakt moeten worden in geval van uittreding. Voortaan moeten afspraken gemaakt worden over de gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon, contracten, huisvesting en investeringen. Aanvullende afspraken over uittreding dienen dan ook in de GR-en te worden opgenomen.
Uitwerking in de GR Uittreding door een of meer van de Gemeenten uit deze regeling is slechts mogelijk na voldoening aan door het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio nader te stellen voorwaarden. Deze voorwaarden zien in ieder geval op de gevolgen van de uittreding voor personeel, contracten, huisvesting en investeringen, waarbij de volgende uitgangspunten in acht worden genomen: a. de uittredende gemeente draagt de kosten die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding en de overige gemeenten ondervinden geen financieel nadeel van de uittreding; b. de kosten voor het uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek naar de financiële, personele en overige gevolgen komen voor rekening van de gemeente die voornemens is uit te treden; c. In het voorstel inhoudende de voorwaarden die zien op de gevolgen van de voorgenomen uittreding worden ten minste de volgende kostensoorten onderscheiden: • frictiekosten (eenmalige personele en materiële kosten als gevolg van het uittreden); • direct vervallen kosten (kosten die vervallen bij de uittreding en daaraan verbonden overname van taken); • op termijn te vervallen kosten (kosten die op termijn door te bezuinigen vervallen); • schaalnadelen (kosten die niet wijzigen als gevolg van het uittreden gedurende vijf jaar na uittreding);
Toelichting Op grond van de gewijzigde Wgr moet een gemeenschappelijke regeling bepalingen bevatten die zien op de voorwaarden waaronder een gemeente kan uittreden en de gevolgen van de uittreding, waaronder bepalingen omtrent de gevolgen voor het vermogen van de gemeenschappelijke regeling. In de Memorie van toelichting bij de wetswijziging worden afspraken over personeel, contracten, huisvesting en investeringen als voorbeeld genoemd.
•
Aanpassing begrotingscyclus: De termijn voor toezending van de kadernota, de ontwerpbegroting en de begroting aan de gemeenteraden wordt verruimd. Op deze manier moet de begrotingscyclus van GR-en beter aansluiten op die van gemeenten. Door deze betere afstemming moet het voor de raden makkelijker worden om te overzien wat de gevolgen zijn van uitgaven in een GR voor vaststelling van de begroting van de eigen gemeente. De kadernota moet jaarlijks voor 30 april in plaats van 15 april naar de raden worden gestuurd. De termijn voor het indienen van de zienswijze op de ontwerpbegroting verder ook met een aantal weken verruimd. Verder is de nieuwe datum voor toezending van de vastgestelde begroting naar Gedeputeerde Staten verlengd van 1 augustus naar 15 september. Overigens geldt de verruiming van de termijnen niet voor de jaarrekening en dient de vastgestelde jaarrekening nog steeds voor 15 juli naar GS te zijn verstuurd.
aandeel in de reserves en voorzieningen. (art. 30 lid 4 GR VRAA) Uitwerking in de GR Zie art. 24 en art. 27 GR VRAA.
Extra vergoeding voor lidmaatschap nieuwe gemeenschappelijke commissies: Bij een keuze voor een gemeenschappelijke adviescommissie kan een vergoeding verstrekt worden aan deelnemende raadsleden. Dit kan binnen de GR nader worden uitgewerkt.
Uitwerking in de GR Geen.
Recht van onderzoek:
Geen, volgt uit de wet.
Toelichting De (aanlever)termijnen die onderdeel uitmaken van de zogeheten planningen control-cyclus zijn aangepast conform de nieuwe wettelijke (aanlever)termijnen.
Toelichting De VrAA kent nog geen gemeenschappelijke adviescommissie. Zodra er een commissie wordt ingesteld, kan het bestuur van de VrAA een vergoeding verstrekken aan de raadsleden die deelnemen aan de commissie.
raden kunnen een gemeenschappelijke onderzoekscommissie instellen in de vorm van een gemeenschappelijk orgaan. Deze commissie kan onderzoek doen naar de bestuursvoering bij een GR als geheel. Voorwaarde voor de instelling van een gemeenschappelijke onderzoekscommissie is dat alle deelnemers hiermee instemmen (unaniem). Deze mogelijkheid is in de Gemeentewet verankerd en behoeft geen extra vastlegging in een GR. Onderzoeksmogelijkheden lokale rekenkamers: Deze wijziging betreft vooral een verdere verduidelijking van de huidige bevoegdheden van lokale rekenkamers en is ook verankerd in de Gemeentewet en behoeft geen nadere vastlegging van afspraken in een GR.
Geen, volgt uit de wet.
Aan de colleges van de deelnemende gemeenten van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland Uw kenmerk : Ons kenmerk : 2023/206 Onderwerp: wijziging GR VrAA Datum: 18 december 2023
Contactpersoon: A. Lotfi E-mail : alladin.lotfi@veiligheidsregioaa.nl Bijlagen: 3
Geachte colleges, Hierbij ontvangt u het ontwerp van de voorgenomen wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland. Wij verzoeken u het ontwerp voor te leggen aan uw gemeenteraad voor een zienswijze. Aanleiding De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is per 1 juli 2022 aangepast. Volgens de wet moeten alle gemeenschappelijke regelingen, dus ook de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland (GR VrAA), binnen twee jaar, uiterlijk 1 juli 2024, zijn aangepast. In de wijzigingsprocedure hebben de raden van de deelnemende gemeenten een belangrijke rol, zij hebben de wettelijke mogelijkheid om bij het wijzigen van de GR VrAA een zienswijze te geven op het ontwerp daarvan en toestemming te geven voor het treffen van de gewijzigde regeling (conform art. 1 Wgr). Voor het opstellen van de gewijzigde concept-regeling heeft de huidige regeling als basis gediend. Voor het verwerken van de benodigde wijzigingen heeft de Veiligheidsregio gebruik gemaakt van informatie van het landelijk netwerk juristen veiligheidsregio’s. Er heeft ook afstemming plaatsgevonden over de ontwerpregeling met ambtenaren van de deelnemende gemeenten in het zogeheten RAO/RTAT. Daarnaast voldoet de conceptregeling aan de eisen die gesteld worden in de gewijzigde Wgr.
In de bestuursvergadering van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland van 18 december 2023 is het eindconcept van de voorgenomen wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland vastgesteld. De wijzigingen op hoofdlijnen De wetswijzigingen zijn grofweg in te delen in drie categorieën: 1. Versterken van de positie van gemeenteraden bij beleidsvorming door mogelijkheid van: a. mogelijkheid tot verruiming indiening zienswijzen door raden, b. instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie (initiatief bij gemeenteraden), c. het maken van afspraken over de participatie van inwoners,
d. invulling actieve informatieplicht. 2. Aanvullende controle-instrumenten (in Gemeentewet) voor gemeenteraden door: a. mogelijkheid om een gemeenschappelijke enquête-/onderzoekscommissie in te stellen, b. verduidelijking van de onderzoeksbevoegdheid lokale rekenkamers richting bestuur gemeenschappelijke regeling. 3. Verbeteren van de positie van gemeenteraden wat betreft het functioneren van de regeling door: a. mogelijkheid van afspraken over evaluatie, b. aanscherping afspraken over uittreding, c. betere aansluiting begrotingscyclus gemeenschappelijke regeling op gemeentelijke cyclus (termijnen volgen uit de wet). De VrAA heeft deze wetswijzigingen vertaald in een nieuwe ontwerpregeling. In het document ‘Uitwerking wijzigingen Wgr in concept GR VrAA 2024’, als bijlage bijgevoegd aan deze brief, kunt u teruglezen op welke wijze bovengenoemde thema’s zijn uitgewerkt in de gemeenschappelijke regeling. Overige wijzigingen Naast bovengenoemde wijzigingen wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om andere onderdelen van de GR VrAA te actualiseren. De (uitvoering van de) regionale taken bevolkingszorg zijn opgenomen in de GR VrAA, dit ontbrak voorheen in de regeling. De paragraaf inzake de archieftaken is tevens voorzien van een inhoudelijke update, ter verduidelijking van de toezicht en uitvoeringstaken rondom archivering.
Tot slot zijn er nog redactionele aanpassingen doorgevoerd in de tekst van de GR VrAA ter verbetering van de leesbaarheid van de regeling. Doorzending voor zienswijze Wij verzoeken u het ontwerp van de gewijzigde GR VrAA voor te leggen aan de gemeenteraden voor zienswijze, zoals voorgeschreven in art. 1, lid 2 en 3 van de Wgr. De colleges leggen de ontwerpregeling aan hun raden voor. De raden hebben na ontvangst van de ontwerpregeling acht weken de tijd om bij de colleges hun zienswijze naar voren te brengen. Graag ontvangen wij uw reactie op de ontwerpregeling met de eventuele zienswijze van de raad vóór 1 maart 2024. Met vriendelijke groet,
F. Halsema Voorzitter Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland
Notitie instellen dagelijks bestuur Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland Van: Tijs van Lieshout, directeur Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland. Aanleiding Op grond van de Wgr is het voor de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland (VrAA) verplicht om een dagelijks bestuur in stand te houden (zie art. 12 lid 1 Wgr). In de wet wordt er dan ook een rol toebedeeld aan het dagelijks bestuur van een gemeenschappelijke regeling (GR) bij de uitvoering van bepaalde procedures, bijvoorbeeld de planning- en control-cyclus. Zo is het dagelijks bestuur verantwoordelijk voor het zenden van de vastgestelde begroting aan de Gedeputeerde Staten (art. 34 lid 2 Wgr), het zenden van de vastgestelde jaarrekening aan de Gedeputeerde Staten (art. 34 lid 4 Wgr), het zenden van de voorlopige jaarrekening en kadernota aan de raden (art. 34b Wgr) en het toezenden van documenten, zoals de begroting, voor zienswijze aan de raden en het in ontvangst nemen van en reageren op eventuele zienswijzen afkomstig van de raden (art. 35 Wgr). Formeel gezien moet het dagelijks bestuur ook uitvoering geven aan deze wettelijke taken, en niet het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur van de VrAA heeft dit in de praktijk opgelost door zelf uitvoering te geven aan de wettelijke taken van het dagelijks bestuur, dit is echter geen juiste gang van zaken.
De GR VRAA veronderstelt ook dat er conform de wet een dagelijks bestuur aanwezig is binnen de VrAA (zie art. 8 en 9 GR VrAA). Voorstel Gelet op het bovenstaande wordt er in de eerstvolgende bestuursvergadering in maart 2024 een voorstel ingediend om het instellen van een dagelijks bestuur VrAA te realiseren met inachtneming van de geldende wettelijke eisen: -
Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en twee of meer andere leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen. De voorzitter is tevens voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur De aangewezen leden van het dagelijks bestuur mogen niet allen afkomstig zijn uit dezelfde gemeente. De leden van het dagelijks bestuur mogen nimmer de meerderheid van het algemeen bestuur uitmaken.
Uitwerking Het dagelijks bestuur moet op grond van de wettelijke regels bestaan uit minimaal drie leden, waaronder in ieder geval de voorzitter van de VrAA. In het aanwijzingsbesluit worden de burgemeesters van Amstelveen en Uithoorn, gelet op de portefeuilles die zij houden in het algemeen bestuur, aangewezen als de overige twee leden van het dagelijks bestuur. Om de werklast van de leden van het dagelijks bestuur op te vangen, kunnen wettelijke besluiten/brieven die afkomstig moeten zijn van het dagelijks bestuur ook afgehamerd worden in de vergaderingen van het algemeen bestuur. De besluiten/brieven worden dan, zoals nu reeds het geval is, op reguliere wijze besproken in de vergaderingen van het algemeen bestuur. Het verschil met de huidige praktijk is dat de besluiten/brieven na akkoord geparafeerd worden als zijnde besluiten/brieven van het dagelijks bestuur van de VrAA (met handtekening van de voorzitter en ambtelijk secretaris). Alhoewel deze besluiten/brieven, vanwege praktische redenen, besproken worden in de vergaderingen van het algemeen bestuur, is formeel gezien slechts instemming nodig van de voorzitter en de twee aangewezen leden voor het afdoen van de betrokken besluiten/brieven. Mocht een besluit van het
dagelijks bestuur nodig zijn buiten de vergaderingen van het algemeen bestuur om, dan kunnen de leden van het dagelijks bestuur via e-mail hun akkoord geven op het voorgenomen besluit (zie art. 11 lid 4 GR VrAA nieuw). De leden van het dagelijks bestuur hoeven zo niet -aanvullend op de vergaderingen van het algemeen bestuur- fysiek of digitaal bijeen te komen om de betrokken besluiten/brieven af te doen. Overigens staan het de leden van het algemeen bestuur vrij om uit hun midden twee andere leden aan te wijzen-dan de burgemeesters van Amstelveen en Uithoorn als zijnde leden van het dagelijks bestuur VrAA. In de eerstvolgende bestuursvergadering in maart 2024 wordt er een aanwijzingsbesluit voorgelegd aan het algemeen bestuur (in de stille procedure).
{{signer1}}
{{signer2}}
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Amstelveen;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, d.d. 16 januari 2024, zaaknummer Z23112393; gelet op artikel 1, lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
Besluit
Om de conceptregeling van de Gemeenschappelijke Regeling van de Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland voor kennisgeving aan te nemen en geen zienswijze in te dienen. Aldus besloten in de openbare vergadering van 28 februari 2024. De griffier,
De voorzitter,
Debby de Heus
Tjapko Poppens
Dit document is elektronisch ondertekend. Zie de elektronische handtekening(en) rechtsboven op pagina 1.
Raadsvergadering Behandelvoorstel agendacommissie Onderwerp Datum raadsvergadering Locatie Voorzitter Griffier Portefeuillehouder Openbare bespreking Behandelend ambtenaar
Huisvesting voor De Wereldschool, Islamitische basisschool Elif en de Japanse kleuterschool Tulip Gakuen. 28 februari 2024 Raadzaal Tjapko Poppens Debby de Heus Tjapko Poppens Ja Joyce Wijngaarde / j.wijngaarde@amstelveen.nl / 06 4346 2854
Live-uitzending
Ja, op https://amstelveen.bestuurlijkeinformatie.nl
Advies van de agendacommissie
Stemstuk. Met de besluiten worden voor drie scholen op korte termijn oplossingen getroffen. De huisvesting van onderwijs en gerechtvaardigde uitbreiding zijn wettelijke taken voor de gemeente. Ondanks dat het voorgestelde besluit geen permanente oplossing is voor de wereldschool, is er geen ander alternatief. Debat zou mogelijk zijn voor de beslispunten die gaan over Tulip Gakuen; formeel valt deze school niet onder onze huisvestingsplicht, maar daarmee zouden de leerlingen zich aanmelden bij andere scholen in Amstelveen waarmee het alsnog onder de verantwoordelijkheid van de gemeente komt te vallen.
Voorafgaande behandeling Het Raadsgesprek
Insprekers kunnen zich uiterlijk tot 12 februari om 12.00 uur melden om in te spreken tijdens Het Raadsgesprek van 14 februari.
Technische vragen
Technische vragen kunt u tot maandag 19 februari om 12.00 uur stellen aan de behandelend ambtenaar met een cc aan raadsgriffie@amstelveen.nl. De antwoorden worden bij de vergaderstukken in Ibabs gezet.
Het Raadsdebat
Over dit onderwerp is geen raadsdebat ingepland.
Behandelwijze tijdens de raadsvergadering Toelichting en doel van het agendapunt
1. 2. 3.
Gevraagd besluit:
Voldoende laagdrempelige taalklassen beschikbaar stellen zoals beschreven in het coalitieakkoord. Voldoen aan de wettelijke plicht die de gemeente heeft om basisscholen te huisvesten met voldoende m² voor de leerlingen. De gemeente investeert in de gezondheid van haar burgers door beweging te stimuleren.
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: De wereldschool 1. De Wereldschool te verhuizen naar het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7. 2. De kosten voor het geschikt maken van het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7 inclusief verhuiskosten van €500.000,te dekken uit de algemene reserve. 3. De eerder beschikte middelen voor de huur van 2 lokalen van de Kinderkorf voor 2024 en 2025 van jaarlijks €27.000,- vrij te laten vallen, ten gunste van de algemene reserve.
IBS Elif 4. Eén lokaal aan de Schweitzerlaan 4 opknappen ten behoeve van de uitbreiding van IBS Elif. 5. De kosten voor het opknappen van het lokaal aan de Schweitzerlaan 4 van €21.000,- te dekken uit de algemene reserve. Tulip Gakuen 6. Tulip Gakuen te verhuizen naar de Amsterdamseweg 209. 7. Eén speeltoestel op het schoolplein van de Amsterdamseweg 209 te plaatsen. 8. De kosten voor het speeltoestel aan de Amsterdamseweg 209 van €35.000,- te dekken uit de algemene reserve. Beschikbare stukken
Het raadsvoorstel.
Stemstuk
In de raadsvergadering kunt u verzoeken het stemstuk alsnog te bespreken. Dit is een voorstel van orde. Stemt de meerderheid van de raad daarmee in, dan wordt het voorstel aan de bespreekstukken toegevoegd. Anders kunt u bij de stemming een stemverklaring afleggen.
{{signer1}} 10/01/2024 12:18:06 CET
Signed By: Poppens, T. <t.poppens@amstelveen.nl> ID: 295a5f75-b7b5-46cf-a773-ce4f0ee3e051 Auth: Scribble
{{signer2}} 10/01/2024 10:22:42 CET
Signed By: Winthorst, H.H. <b.winthorst@amstelveen.nl>
RAADSVOORSTEL
ID: 295a5f75-b7b5-46cf-a773-ce4f0ee3e051 Auth: Scribble
Zaaknummer:
Z23-108444
Voorstel van:
college van burgemeester en wethouders
Datum: Portefeuillehouder:
Behandelend ambtenaar:
J. Wijngaarde 06 434 62 854 j.wijngaarde@amstelveen.nl Vastgoed
9 januari 2024 wethouder Frank Berkhout
Onderwerp
Huisvesting voor De Wereldschool, Islamitische basisschool (IBS) Elif en de Japanse kleuterschool Tulip Gakuen. Raadsbesluit
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten:
De Wereldschool 1. De Wereldschool te verhuizen naar het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7. 2. De kosten voor het geschikt maken van het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7 inclusief verhuiskosten van € 500.000,- te dekken uit de algemene reserve. 3. De eerder beschikte middelen voor de huur van 2 lokalen van de Kinderkorf voor 2024 en 2025 van jaarlijks € 27.000,- vrij te laten vallen, ten gunste van de algemene reserve. IBS Elif 4. Eén lokaal aan de Schweitzerlaan 4 opknappen ten behoeve van de uitbreiding van IBS Elif. 5. De kosten voor het opknappen van het lokaal aan de Schweitzerlaan 4 van € 21.000,te dekken uit de algemene reserve. Tulip Gakuen 6. Tulip Gakuen te verhuizen naar de Amsterdamseweg 209. 7. Een speeltoestel op het schoolplein van de Amsterdamseweg 209 te plaatsen. 8. De kosten voor het speeltoestel aan de Amsterdamseweg 209 van € 35.000,- te dekken uit de algemene reserve. Samenvatting
Het aantal leerlingen van De Wereldschool en de IBS Elif groeit, waardoor de scholen een behoefte hebben aan meer m2. Door de Wereldschool te verhuizen naar de Dr. Schaepmanlaan 7 kan de Wereldschool uitbreiden van 5 naar 8 groepen. IBS Elif kan uitbreiden in het schoolgebouw aan de Schweitzerlaan 4, maar dan heeft Tulip Gakuen, die ook aan de Schweitzerlaan 4 gevestigd is, nieuwe huisvesting nodig. Het voorstel is om Tulip Gakuen naar de Amsterdamseweg 209 te verhuizen, die dan beschikbaar is omdat De Wereldschool is verhuisd naar de Dr. Schaepmanlaan 7. IBS Elif kan dan uitbreiden naar uiteindelijk 297 leerlingen (stichtingsnorm).
Pagina
2 van 6
Doel
1.
2. 3.
Voldoende laagdrempelige taalklassen beschikbaar stellen zoals beschreven in het coalitieakkoord 2022-2026 “Warm hart voor Amstelveen”. Kinderen die worden aangemeld voor een taalschool kunnen dan direct geplaatst worden op één van de twee taalscholen. Voldoen aan de wettelijke plicht die de gemeente heeft om basisscholen te huisvesten met voldoende m2 voor de leerlingen. De gemeente investeert in de gezondheid van haar burgers door beweging te stimuleren.
Prestatie
1. 2. 3. 4.
De Wereldschool verhuizen naar de Dr. Schaepmanlaan 7. Een lokaal geschikt maken voor onderwijs aan de Schweitzerlaan 4-6, zodat IBS Elif kan uitbreiden in leerlingenaantal. Tulip Gakuen verhuizen naar de Amsterdamseweg 209. Een speeltoestel neer zetten op de Amsterdamseweg 209.
Voorgeschiedenis en context
De Wereldschool biedt nieuwkomersonderwijs voor kinderen in de leeftijd van 6 tot 13 jaar aan. Deze taalschool zit momenteel aan de Amsterdamseweg 209 gehuisvest. Het schoolgebouw aan de Amsterdamseweg 209 heeft ruimte voor 5 klaslokalen. Door de groei van het aantal nieuwkomers heeft De Wereldschool in december 2022 een aanvraag gedaan voor extra klaslokalen om nieuwe leerlingen te kunnen plaatsen. Bij de Perspectiefnota 2024 is budget toegekend voor uitbreiding van 2 lokalen. Dit zou plaatsvinden door huur van 2 lokalen van de Kinderkorf. Deze lokalen van de Kinderkorf bleken na inspectie in 2023 niet geschikt voor onderwijs. Daarom is de urgentie nog groter geworden om snel met een alternatief te komen. Om leerlingen op korte termijn wel te kunnen plaatsen heeft De Wereldschool momenteel klassen met een groepsgrootte van ongeveer 22/23 leerlingen, terwijl groepen van ongeveer 16 leerlingen de norm is voor de taalscholen in Amstelveen. Voor de taalscholen wordt gerekend met de huisvestingsnorm van het speciaal basisonderwijs. In het schooljaar 2023/2024 is Stichting Islamitisch Onderwijs (SIO) IBS Elif Amstelveen gestart als nieuwe rijks bekostigde school. De school heeft 8 jaar de tijd om de stichtingsnorm van 297 leerlingen te behalen. IBS Elif is momenteel aan de Schweitzerlaan 4-6 gehuisvest.
De school is gestart met 5 lokalen, waarbij er een groeimogelijkheid is naar 7 lokalen (798 m2 maximaal beschikbare ruimte). De groei van de school gaat sneller dan verwacht. Uit de laatst verkregen leerlingenaantallen van oktober 2023 bleek dat de school inmiddels 100 leerlingen heeft en dat er 31 leerlingen op de peuter/kleuterwachtlijst staan (859 m2 benodigde ruimte). Hierdoor is de tot op heden beschikbare groei naar 7 lokalen niet meer genoeg. Het overgrote deel van de leerlingen komt uit Amstelveen en Uithoorn. Tulip Gakuen is een Japanse kleuterschool die kleuteronderwijs biedt aan kinderen in de leeftijd van 2 tot 6 jaar. De Tulip Gakuen school is sinds 2004 gehuisvest aan de Schweitzerlaan 4-6 waar zij op dit moment circa 942 m2 huurt. Dit onderwijs is gebaseerd op de richtlijnen van Japans kleuteronderwijs. Overwegingen die hebben geleid tot het voorgestelde besluit
De Wereldschool
Pagina
3 van 6
1.1 In het schoolgebouw aan de Schaepmanlaan 7 kan De Wereldschool uitbreiden. Door de Wereldschool te verhuizen van de Amsterdamseweg 209 naar het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7, kan De Wereldschool doorgroeien naar 8 leslokalen. Op dit moment heeft De Wereldschool aan de Amsterdamseweg 209 5 lokalen. Met deze verhuizing kan de school uitbreiden met de benodigde 2 groepen Ook is er in de toekomst nog uitbreiding mogelijk naar een 8ste groep. 1.2 Uitbreiding is een voorziening in de huisvesting. Als de leerlingenaantallen van een basisschool de noodzaak van uitbreiding rechtvaardigen, heeft de gemeente de wettelijke taak om de uitbreiding te realiseren. Dit is opgenomen in de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Amstelveen 2016. 1.3 Urgentie is erg hoog. Doordat de lokalen van de Kinderkorf na inspectie niet geschikt bleken voor onderwijs is de urgentie nog groter geworden om snel met een alternatief te komen. 1.4 De verhuizing biedt ook een oplossing voor knelpunt van IBS Elif. Doordat De Wereldschool verhuist, komt de locatie op de Amsterdamseweg 209 vrij. Deze locatie biedt voldoende ruimte voor Tulip Gakuen, waardoor er ook ruimte vrijkomt voor verdere groei van de IBS Elif voor verdere groei op de Schweitzerlaan 4-6. 2.1 Het bedrag van € 500.000,- zijn de kosten om het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7 gereed te maken voor onderwijs. De Dr.
Schaepmanlaan 7 is een oud gebouw en dient gebruiksklaar gemaakt te worden om De Wereldschool te kunnen huisvesten. 2.2 Het huisvesten van scholen is een wettelijke taak. De gemeente is verantwoordelijk voor het huisvesten van scholen in het primair onderwijs. Het gaat om een wettelijke zorgplicht waarvan de bekostiging onderdeel uitmaakt van de algemene middelen van de gemeente. 3.1 Voor de uitbreiding van De Wereldschool zal er geen gebruik gemaakt worden van de lokalen van de Kinderkorf. Na inspectie bleken de lokalen niet geschikt voor het geven voor hele dagen onderwijs. De begrote extra huurlasten bij de Perspectiefnota van 2 lokalen van de Kinderkorf voor 2024 en 2025 van jaarlijks € 27.000,- kunnen daarom ook vrijvallen. IBS Elif 4.1 Vanaf het schooljaar 2024/2025 heeft IBS Elif 2 extra lokalen nodig voor de uitbreiding van het leerlingenaantal.In het schooljaar 2024/2025 start IBS Elif met een derde kleuterklas en een aparte groep 4 en 5. Hiervoor zijn 2 extra lokalen nodig. Een lokaal is al gereed gemaakt en kan direct in gebruik genomen worden. Een tweede lokaal staat leeg, maar moet eerst gereed gemaakt worden voor gebruik. Met het gereedmaken van het tweede lokaal heeft IBS 798 m2 in gebruik. Met de verhuizing van Tulip Gakuen is er nog 942 m2 beschikbaar voor de verdere groei van IBS Elif naar 297 leerlingen.
5.1 Het bedrag van € 21.000,- zijn de kosten om een lokaal aan de Schweitzerlaan 4-6 gereed te maken voor onderwijs. Het bedrag van € 21.000,- is gebaseerd op de kosten die in 2023 zijn gemaakt voor het gereedmaken van de lokalen die IBS Elif nu in gebruik heeft. Tulip Gakuen
Pagina
4 van 6
6.1 Door Tulip Gakuen te verhuizen komt er voldoende ruimte vrij op de huidige locatie (Schweitzerlaan 4-6) voor verdere groei van de IBS Elif.De Tulip Gakuen school is sinds 2004 gehuisvest aan de Schweitzerlaan 4-6 waar zij op dit moment circa 942 m2 huurt. Door Tulip Gakuen te verhuizen komt deze extra ruimte vrij op de Schweitzerlaan 4-6 voor verdere groei van de IBS Elif. De Amsterdamseweg 209 heeft voldoende ruimte voor de Tulip Gakuen en is daarmee een goed alternatief. 6.2 Tulip Gakuen draagt bij aan een gunstig leefklimaat van Amstelveen voor de Japanse gemeenschap. De Japanse kleuterschool is een belangrijke voorziening voor de Japanse gemeenschap. Naast een educatieve functie heeft de school ook een belangrijke sociale functie voor internationale nieuwkomers uit deze doelgroep, omdat jonge Japanse gezinnen hier veelal tijdelijk verblijven in verband met hun werk. Dit laatste is vooral van belang voor jonge moeders die over het algemeen met hun werkende echtgenoot meereizen. In lijn met het internationale beleid helpt deze voorziening hen om sneller de weg te vinden in Amstelveen. Door de Japanse kleuterschool binnen de stadsgrenzen te houden blijft Amstelveen aantrekkelijk voor deze groep en het bedrijfsleven. 7.1 Het schoolplein aan de Amsterdamseweg 209 is nu niet uitdagend voor kinderen. Tulip Gakuen biedt onderwijs aan kinderen in de leeftijd van 2 tot 6 jaar.
Het schoolplein aan de Amsterdamseweg 209 is volledig bestraat en heeft op dit moment geen speelvoorziening op het schoolplein. Een speeltoestel brengt kinderen in beweging dat belangrijk is voor de gezondheid. 8.1 Stimuleren van gezond gedrag is één van de actiepunten in het coalitieakkoord 20222026 “Warm hart voor Amstelveen”. De financiering van een speeltoestel op de Amsterdamseweg 209 voor Tulip Gakuen past daarom binnen de gemeentelijke taken. Keuzemogelijkheden/alternatieven
Voor de uitbreiding van de Wereldschool is gekeken naar verschillende alternatieven. Geen van hen bleek geschikt voor de doelgroep van de school. Er is geen alternatief beschikbaar waarbij alle drie de scholen in voldoende m2 gehuisvest kunnen worden. Participatie
De omwonenden van de Dr. Schaepmanlaan 7 worden geïnformeerd over de verhuizing van de Wereldschool. Kanttekeningen en risico’s
1.1 Het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7 is geen permanente oplossing. In het kader van de gebiedsontwikkeling rondom de A9 is het nog niet duidelijk wat de plannen zijn voor het schoolgebouw aan de Dr. Schaepmanlaan 7 in het Oude Dorp. De verhuizing geeft het onderwijs echter wel voldoende tijd om na te denken over een visie op de taalscholen. Hier kan dan passende permanente huisvesting bij worden gezocht. De Wereldschool kan aan de Dr. Schaepmanlaan gehuisvest blijven tot die permanente huisvesting gevonden is. 6.1 De gemeente heeft geen huisvestingsplicht voor Tulip Gakuen. Tulip Gakuen kan gezien worden als een privéschool. Zij ontvangen geen rijksbekostiging. Echter bieden zij wel aan circa 70 Japanse kleuters onderwijs. Indien Tulip Gakuen zou
Pagina
5 van 6
moeten stoppen, omdat zij geen huisvesting meer hebben dan zullen deze kleuters zich aanmelden bij andere scholen in Amstelveen. De kans bestaat dan dat deze scholen een aanvraag doen voor een voorziening in de huisvesting om de kinderen te kunnen plaatsen. Financiën
De € 500.000,- voor het verhuizen van de Wereldschool naar de Dr. Schaepmanlaan 7 zijn de geraamde kosten voor het gebruiksklaar maken van het gebouw. Onder andere het plafond en de vloer worden vervangen zodat de school het pand in gebruik kan nemen. Deze kosten vallen niet onder levensduur verlengend onderhoud en zijn derhalve ook niet activeerbaar. In dit advies wordt voorgesteld de dekking uit de algemene reserve te halen. De huisvesting van de Wereldschool past binnen de gemeentelijke taken. De € 21.000,- voor het opknappen van het lokaal aan de Schweitzerlaan 4-6 zijn de geraamde kosten voor het gebruiksklaar maken. Er wordt onder andere een nieuw plafond geplaatst en de muren worden geschilderd. Ook heeft het lokaal een nieuwe pantry nodig en wordt er elektra aangelegd. In dit advies wordt voorgesteld de dekking uit de algemene reserve te halen. De huisvesting van IBS Elif past binnen de gemeentelijke taken. De € 35.000,- voor het plaatsen van een speeltoestel aan de Amsterdamseweg 209 zijn de geraamde kosten voor het aanschaffen en plaatsen van een speeltoestel. In dit voorstel wordt voorgesteld de kosten hiervan te dekken uit de algemene reserve. Het plaatsen van een speeltoestel past binnen de doelstellingen van de gemeente. Via deze aanvraag wordt voorgesteld om één extra lokaal aan de Schweitzerlaan 4 op te knappen ten behoeve van de uitbreiding van IBS Elif.
Na de verhuizing van Tulip Gakuen komen de overige ruimtes beschikbaar voor een verdere groei van de IBS Elif. De benodigde kosten voor geschikt maken van deze ruimtes voor verdere uitbreiding van IBS Elif worden betrokken bij de integrale afweging in het kader van de opstelling van de Perspectief Nota 2025 en de besluitvorming hieromtrent. Vervolgstappen Uitvoering en procesplanning
Na het besluit van de raad starten de werkzaamheden aan het schoolgebouw op de Dr. Schaepmanlaan 7 in maart 2024. Volgens planning zal de Wereldschool in augustus 2024 verhuizen. Hierna kan Tulip Gakuen in het schoolgebouw aan de Amsterdamseweg 209 trekken. In maart 2024 starten ook de werkzaamheden aan het lokaal in de Schweitzerlaan 4-6. Het lokaal zal voor schooljaar 2024/2025 gereed zijn. Na de verhuizing van Tulip Gakuen wordt er een planning gemaakt om het verdere gebouw aan de Schweitzerlaan 4-6 op te knappen voor IBS Elif. Evaluatie
Het proces wordt continue geëvalueerd met de betrokken partijen en de projectleider. Duurzaamheidsaspecten
Om de uitbreiding mogelijk te maken wordt gebruik gemaakt van het bestaande voorraad onderwijshuisvesting van de gemeente Amstelveen. Bijlagen
-