CConstaterende datAmersfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke onderbouwing Koedijkerweg 6

Commissie Omgeving 15 april 2026, gemeente AmersfoortBij agendapunt: VERDAAGD Verklaring van geen bedenkingen Koedijkerweg 619.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Ruimtelijke onderbouwing Gemeente Amersfoort – Koedijkerweg 6

25

5.

Uitvoerbaarheid

5.1.

Economische uitvoerbaarheid Conform artikel 6.12. lid 1 Wro dient de gemeenteraad een exploitatieplan vast te stellen voor gronden waarop een bouwplan gerealiseerd wordt. Volgens artikel 6.2.1. van het Bro wordt hier in ieder geval de bouw van één of meerdere hoofdgebouwen onder verstaan. Voor het plan zal derhalve in principe een exploitatieplan vastgesteld dienen te worden. Conform artikel 6.12. lid 2 Wro kan de gemeenteraad besluiten om geen exploitatieplan vast te stellen indien het verhaal van de kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluiten begrepen gronden anderszins verzekerd is. De economische uitvoerbaarheid komt volledig voor de rekening van de initiatiefnemer. De gemeente Amersfoort en de initiatiefnemer zullen een anterieure overeenkomst afsluiten. Voor de gemeente Amersfoort zijn er geen financieel-economische gevolgen voor deze ruimtelijke ontwikkelingen.

5.2.

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Op grond van artikel 6.18 van het Besluit omgevingsrecht is op de voorbereiding van een omgevingsvergunning die wordt verleend met toepassing van het eerste lid, onder a, sub 3‫ ﹾ‬van artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, is artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing. Op basis van de realisatieparagraaf nationaal ruimtelijk beleid dient alleen vooroverleg met diensten van de rijksoverheid indien nationale belangen in geding zijn. Daarvan is in dit geval geen sprake. Het bouwplan zal in het kader van het vooroverleg worden voorgelegd aan de Provincie Utrecht en het Waterschap Vallei en Veluwe. Eventuele reacties worden te zijner tijd in deze paragraaf samengevat en beantwoord. In het kader van het participatietraject heeft initiatiefnemer de planontwikkeling voorgelegd aan omwonenden (Hogeweg 271 tot en met 273 en Koedijkerweg 2 tot en met 14). Zes van de zeven omwonenden hebben aangegeven geen bezwaren te hebben tegen de voorgenomen ontwikkeling. De andere omwonende heeft nog niet gereageerd. Ten behoeve van de omgevingsvergunning zal de uitgebreide procedure uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht worden doorlopen. Dat houdt in het dat het ontwerp van de omgevingsvergunning ter inzage wordt gelegd, waarbij eenieder gelegenheid wordt geboden zienswijzen kenbaar te maken.

Ruimtelijke onderbouwing Gemeente Amersfoort – Koedijkerweg 6

26

6.

Conclusie De agrarische bedrijfsactiviteiten op het perceel Koedijkerweg 6 zijn beëindigd. Gelet op de staat van de opstallen en de ligging van het bedrijf tussen woningen en niet-agrarische bedrijven ligt het niet voor de hand dat er zich in de toekomst een duurzaam en eigentijds agrarisch bedrijf zich ter plaatse zal vestigen. Ten oosten van het perceel zijn reeds bedrijfsopstallen aanwezig. Gelet op de ligging van het perceel langs het spoor ligt een herinvulling naar bedrijfsopstallen voor niet-agrarische bedrijfsactiviteiten daardoor het meest voor de hand. Daardoor kan tevens tegemoet worden gekomen aan de ruimtebehoefte van Babboe. In deze ruimtelijke onderbouwing is aangetoond dat er vanuit de diverse (milieu)aspecten geen belemmeringen naar voren zijn gekomen voor deze ontwikkeling. De bouw van de bedrijfshallen heeft evenmin onevenredige gevolgen voor het woon- en leefklimaat van omwonenden.

Ruimtelijke onderbouwing Gemeente Amersfoort – Koedijkerweg 6

35

Bijlagen

36

Bijlage 1 Inrichtingsplan

Inrichtingsplan ‘Koedijkerweg 6’ te Amersfoort

Colofon Titel Subtitel

Inrichtingsplan Koedijkerweg 6, te Amersfoort

Opdrachtgever

Luijk architecten Laanstraat 13 3743 BA Baarn

Projectlocatie Projectnummer

Koedijkerweg 6, te Amersfoort 36LOP01-20

Datum Status

17 maart 2022 Concept

Veldonderzoek

S.T. Brouwer

Auteur(s)

S.T. Brouwer

Kwaliteitscontrole

G.R. Bouw

BSc Wiskunde en Toepassingen, Universiteit Utrecht Oud-vrijwilliger IVN Nijkerk bij Landschapsbeheer en Weidevogelbescherming Gecertificeerd Imker

Werkvoorbereider Wet natuurbescherming, ruimtelijke ontwikkeling niveau 3 Planvormer Wet natuurbescherming, ruimtelijke ontwikkeling niveau 4 European Tree Worker (ETW) European Tree Technician (ETT) Boom technisch adviseur, Norminstituut handboek bomen HBO Minor bomen en stedelijke omgeving Gecertificeerd Boom Veiligheid Controleur

Copyright © 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

Kennismaken met FF Solutions FF Solutions ‘Wet natuurbescherming’ FF Solutions is een Eco consultancy die zich heeft toegelegd op het in kaart brengen van voorkomende ecologische vraagstukken die bij ruimtelijke ontwikkelingen zich kunnen voordoen. FF Solutions is voorzien van de laatste kennis op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling met betrekking tot de Wet natuurbescherming (Wnb). Ten behoeve van de uitwerking van de Wet natuurbescherming hanteert FF Solutions de gedragscode ‘Gedragscode soortbescherming gemeenten’. Deze gedragscode is opgesteld door Koninklijke Vereniging Stadswerk Nederland en goedgekeurd door het RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en biedt opdrachtgevers en andere belanghebbenden een basis om de leden aan te spreken op de kwaliteit van hun werk. FF Solutions ‘Boomtechniek’ FF Solutions is een consultancy die zich heeft toegelegd op het onder andere in kaart brengen van voorkomende boom vraagstukken die bij ruimtelijke ontwikkelingen zich kunnen voordoen. FF Solutions is voorzien van de laatste kennis op het gebied van boomtechniek met betrekking tot weten regelgeving en groeiomstandigheden van de boom. De kennis is getoetst onder Europees toezicht, het EAC. Middels een puntensysteem wordt de kennis en kwaliteit van de kennis op pijl gehouden en geborgd.

FF Solutions onderhoudt de vereiste kwalificaties, waardoor de certificering geborgd blijft. FF Solutions ‘Landschappelijke inpassingen’ FF Solutions is een consultancy die zich heeft toegelegd op het o.a. in kaart brengen en tekenen van landschappelijke inrichting plannen die bij ruimtelijke ontwikkelingen toegepast kunnen worden. FF Solutions is voorzien van kennis op het gebied van landschappelijke inpassingen met betrekking tot het in kaart brengen van gebied eigen natuurwaarden. FF Solutions onderhoud de benodigde kennis door continu zich te blijven verdiepen in natuurwaarden die gesteld worden aan bepaalde gebieden. FF Solutions onderhoudt dan ook diverse kwalificaties die aan dit onderwerp zijn gerelateerd. Uitgebreidere informatie bevindt zich in bijlage 1.

Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Gebiedsbeschrijving 2.1 Topografische ligging

5 6 6

2.2 Beekdallandschap

7

3 Groen inrichtingsplan en natuur-inclusieve maatregelen 3.2 Versterking natuurwaarde en natuur-inclusief bouwen

9 12

4 Samenvatting en conclusies 5 Bijlagen Bijlage 1: Over FF Solutions

14 15 15

Bijlage 2: Ontwerpen

16

1

Inleiding FF Solutions heeft van Luijk architecten opdracht gekregen een groen inrichtingsplan met natuurinclusieve maatregelen op te stellen voor de ontwikkeling ‘Koedijkerweg 6’, te Amersfoort. Binnen de ontwikkeling bestaat het voornemen om een bedrijfsruimte en kantoor te bouwen gelegen op het perceel Koedijkerweg 6. Het inrichtingsplan wat aangeleverd wordt zal een meerwaarde bieden voor de landschappelijke inpassing van de kavel binnen de directe omgeving en zal een meerwaarde zijn voor de natuur. Het inrichtingsplan zal ingaan op het landschapstype waarbinnen de projectlocatie zich bevindt, welke kenmerken dit landschapstype typeren en hoe deze kenmerken verwerkt worden in het inrichtingsplan. Op deze manier wordt de projectlocatie ingepast binnen de kenmerken van het landschap zoals deze gewenst is te zijn. Tevens zal een meerwaarde gecreëerd worden voor soorten flora en fauna welk voorkomen in de directe omgeving.

2

Gebiedsbeschrijving

2.1

Topografische ligging De projectlocatie bevindt zich in Amersfoort, ten noorden van natuurgebied Bloeidaal en ten zuiden van de spoorlijn. De ligging van de projectlocatie is te zien in Fig. 2.0 en Fig. 2.1.

Fig. 2.0 Topografische aanduiding projectlocatie (rood omrand) (achtergrondbron: www.pdok.nl)

Fig. 2.1 Topografische aanduiding projectlocatie (rood omrand) (achtergrondbron: www.pdok.nl)

Vanuit de Structuurvisie Amersfoort 20301 (hierna genoemd structuurvisie) wordt bekend dat de kavel ligt binnen het gebied welk aangegeven staat als ‘Buitengebied beekdalen’. Het natuurgebied welk ten zuiden van de projectlocatie ligt (Bloeidaal) is een belangrijke groene corridor van de stad naar het buitengebied.

Fig. 2.2 Topografische aanduiding projectlocatie (rood omrand) binnen landschapstype (achtergrondbron: Structuurvisie)

1

Structuurvisie Amersfoort 2030, Een nieuwe ruimtelijke sturingsfilosofie voor onze stad (Gemeente Amersfoort)

2.2

Beekdallandschap De kavel ligt zoals reeds vermeld in het Buitengebied Beekdalen, oftewel in een beekdallandschap. Het beekdallandschap wordt getypeerd door verschillende kernmerken, de belangrijkste kernmerken worden samengevat in Tab. 2.3.

Tab 2.3: Belangrijkste kenmerken beekdallandschap (bron: Kennisnetwerk OBN en Beekdallandschappen van W.Th. Wassink)

Beekdallandschap Relatief laaggelegen gebieden aan weerszijden van beken

Voormalig hooilanden, nu meestal bloemrijke hooilanden

Aanwezigheid diffuse afvoersystemen, zoals grote vochtige, vaak moerassige gebieden

Gradiënten in grote of kleine mate

Aanwezigheid van natuurbossen, zowel beekbegeleidend bos (broekbos) als droge bostypen

Kleinschalig landschap met fijnmazig verkaveling

Doormiddel van eerder uitgevoerde veldbezoeken aan de omgeving van het kavel zijn belangrijke kenmerken van het aanwezige landschap gefotografeerd, tevens is gebruik gemaakt van bureauonderzoek om de omgeving te scannen. De kenmerken zijn te zien in Figuur 2.4 t/m 2.7.

Fig. 2.4 Natuurgebied Bloeidaal, met kruidenrijk hooiland, boomsingels en bosgebieden met rietland (bron: FF Solutions)

Fig. 2.5 Oranjetipje op pinksterbloem (bron: FF Solutions)

Fig. 2.7 Natuurgebied Bloeidaal, met beek, grasland en bosgebieden (bron: Utrechts Landschap)

Fig. 2.6 Kruidenrijk grasland (bron: FF Solutions)

Het beekdallandschap waarbinnen het kavel ligt volgens de structuurvisie is vooral goed zichtbaar in het aangrenzende natuurgebied Bloeidaal. Door Bloeidaal stroomt de Hoevelakense beek en Barneveldse beek en zijn er diverse kleinere beekjes/watergangen zichtbaar. Hiernaast zijn hier zowel nat als droge kruiden-/bloemrijke graslanden aanwezig. Naast grasland zijn er ook bossen aanwezig, zowel droge als nattere bossen welk bestaan uit diverse soorten bomen, van wilgen tot elzen en eiken.

Vanuit topografische kaarten (zie Fig. 2.8, Fig. 2.9) is goed te zien dat het plangebied in het verleden binnen of net ten noorden ligt van het beekdallandschap door de duidelijke aanwezigheid van beken met kleinschalige verkaveling rondom en aanwezigheid van bosschages rondom de beek (beekbegeleidend bos). In de loop der jaren (zie Fig. 2.10) zijn enkele kavels toegenomen in grootte of zijn groenstructuren verdwenen.

Fig. 2.8, Omgeving in 1900, projectlocatie rood omrand (bron: https://www.topotijdreis.nl)

Fig. 2.9, Omgeving in 1950, projectlocatie rood omrand (bron: https://www.topotijdreis.nl)

Fig. 2.10, Omgeving in 2020, projectlocatie rood omrand (bron: https://www.topotijdreis.nl)

3

Groen inrichtingsplan en natuur-inclusieve maatregelen Om het landschap binnen de projectlocatie in te laten passen binnen het beekdallandschap en omliggende omgeving, worden kenmerken welk voorkomen in de directe omgeving teruggebracht worden binnen de projectlocatie. Tevens worden natuur-inclusieve maatregelen toegepast in de bebouwing, naast het groen welk eveneens een meerwaarde zal bieden voor natuur. In onderstaande tabel zullen de punten welk zijn verwerkt in het inrichtingsplan worden samengevat. In de bijlage is het ontwerp voor de inpassing en hierbij horende elementen toegevoegd, tevens is een separaat bestand aangeleverd met ontwerpen.

Tab 3.0: Kenmerken welk verwerkt zijn in het inrichtingsplan

Kenmerken in het inrichtingsplan Houtsingels / boomrijen binnen het plangebied

Bloemrijk grasland in de vorm van borders met beplanting welk bloemrijk grasland weerspiegeld

Struweel aan noordoostzijde plangebied

Gesneden beukenhaag op enkele plaatsen als afscheiding

Parkeerplaatsen omgeven door natuur

Gevelbeplanting op nieuw te bouwen gebouwen

Neststenen en nestkasten voor broedvogels inbouwen, voor huismus, mezen, boeren-/huiszwaluwen

De rest van dit hoofdstuk zal ingaan op de uitwerken van ieder van de punten en de details daaromtrent. Houtsingels/boomrijen en struweel Het gebied welk ten oosten van de projectlocatie ligt heeft reeds een ontwerp verkregen voor een zonnepark welk hier gerealiseerd zal worden. Onderdeel van dit plan is het aanleggen van (laag) struweel op de grens met het plangebied voor de ontwikkeling binnen de Koedijkerweg. Om dit struweel kracht bij te zetten zal eveneens binnen het kavel een struweel worden aangeplant op de grens met het zonnepark, bestaande uit dezelfde beplanting.

Fig. 3.1, Detailuitsnede van ontwerp voor naastgelegen zonneveld, struweel rood omrand (bron: Landschapsplan/beeldkwaliteitsparagraaf Zonnepark Hoevelakense Beek)

Beplanting welk toegepast zal worden binnen dit struweel is: Tab 3.2: Beplanting struweel

Beplanting binnen de aan te planten struweel Meidoorn (Crataegus monogyna)

Gelderse roos (Viburnum opulus)

Sleedoorn (Prunus spinosa)

Gele kornoelje (Cornus mas)

Liguster (Ligustrum vulgare)

Een kenmerk welk eveneens teruggebracht zal worden zijn houtsingels / boomrijen. Deze worden mede aangeplant om het zicht vanaf de spoorlijn en omliggende woningen ten noordwesten naar de nieuw te bouwen gebouwen te blokkeren. Er wordt hier gekozen voor een elzensingel, maar ook wilgen in borders. Beplanting welk toegepast zal worden binnen deze boomrijen is dus: Tab 3.3: Beplanting boomrijen

Beplanting binnen de aan te planten boomrijen Zwarte els (Alnus glutinosa)

Wilg (Salix alba)

Een voorbeeld van de elzensingels en struweel zoals waar naar wordt gestreefd is te zien in Fig. 3.4 en Fig. 3.5.

Fig. 3.4, Streefbeeld elzensingel

Fig. 3.5, Streefbeeld struweel

Bloemrijk grasland weerspiegeld in borders en parkeerplaatsen met natuur Om de bloem- en kruidenrijke hooilanden in de omgeving te weerspiegelen binnen de projectlocatie zullen borders worden aangeplant met beplanting welk het gevoel geven tegen een bloemrijke grasland aan te kijken. Tevens zullen knotwilgen worden aangeplant in de borders om ook hier een versmelting met de omgeving te creëren en boomsingels over te laten lopen naar de projectlocatie. De parkeerplaatsen welk binnen de projectlocatie worden gerealiseerd zullen worden omringd met de borders om het stenige karakter van de parkeerplaatsen te verminderen. In Fig. 3.7 zijn situatieschetsen te zien welk gecombineerd het streefbeeld vormen voor de bloemrijke borders met knotwilgen.

Fig. 3.7, Streefbeeld bloemrijke borders met knotwilgen

Gevelbeplanting Enkele muren van de te bouwen gebouwen zullen worden beplant met gevelplanting, ofwel rechtstreeks op de muur of doormiddel van een stalen constructie. Gevelbeplanting welk toegepast zal worden is klimop. Tab 3.3: Beplanting gevelbeplanting

Beplanting binnen de aan te planten gevelbeplanting Klimop (Hedera helix)

3.2

Versterking natuurwaarde en natuur-inclusief bouwen Naast het aanplanten van diverse beplanting, zal er ook natuur-inclusief gebouwd worden met betrekking tot enkel de gebouwen. Een onderdeel welk reeds benoemd is, is de aanleg van gevelbeplanting. Tevens zullen ook neststenen en nestkasten worden opgehangen om natuur welk aanwezig is in de omgeving aan te trekken naar de projectlocatie. In de omgeving zijn reeds diverse soorten vogels aanwezig, bijvoorbeeld huiszwaluwen, huismussen, zwarte roodstaarten, merels en diverse soorten mezen, zo blijkt uit data van de NDFF (Nationale Databank Flora en Fauna). Voor deze soorten vogels zullen neststenen en nestkasten worden geïntegreerd in het ontwerpplan van de gebouwen. Nestverblijven welk geplaatst zullen worden zijn: Nestkast ideaal als broedplaats voor de huismus, maar ook ringmussen en mezen maken er gebruik van. Deze nestkasten zullen op minimaal drie meter hoogte worden geplaatst, op plaatsen zoals aangegeven in het ontwerp (zie bijlage). Hierbij worden de nestkasten zo geplaatst dat invliegopeningen op minimaal 50 cm van elkaar liggen, dit conform BIJ12-kennisdocumet Huismus. De kasten zijn zo gesitueerd dat geschikt leefgebied aanwezig is rondom de kasten, mede door het nieuw aan te leggen leefgebied. Fig. 3.8, NK MU 07 Inbouwsteen Mus (bron: Vivara pro)

Aantal te plaatsen: 10 stuks Kunstnest welk ruimte biedt voor vestiging van de huiszwaluw. Deze kunstnesten zullen worden geplaatst onder het dakoverstek aan de meest noordelijk gerichte zijden. Aantal te plaatsen: 5 stuks, ieder bestaande uit 2 kunstnesten

Fig. 3.9, KN HZ 09 Kunstnest Huiszwaluw (bron: Vivara pro)

Nestkast welk ruimte biedt aan de roodborst, gekraagde roodstaart, zwarte roodstaart, grauwe vliegenvanger, witte kwikstaart en winterkoning. De nestkasten zullen worden geplaatst in de te behouden bomen, met de invliegopening naar het noorden of oosten. De kasten worden opgehangen op minimaal twee meter hoogte. Aantal te plaatsen: 3 stuks

Fig. 3.10, NK BA 01 Nestkast open (bron: Vivara pro)

Naast de nestkasten biedt het aangeplante groen ook meerwaarde voor de natuur, voor zowel vogels, insecten als grondgebonden zoogdieren. De bloemrijke border en struweel bieden voedselgelegenheid voor insecten, vogels en grondgebonden zoogdieren. Daarnaast biedt gevelbeplanting op den duur ook ruimte voor vestiging van broedvogels, de merel is een soort welk regelmatig broedt in klimophagen of klimopgevels. De elzensingel en knotwilgen bieden op hun beurt ook geschikte plaatsen voor de steenuil om in te zitten en-/of rusten. Natuur welk aanwezig is in de omgeving van de projectlocatie krijgt door de beplanting en het natuur-inclusief bouwen de mogelijkheid een nieuw stuk leefgebied toe te voegen aan reeds bestaand leefgebied. Hiermee ontstaat een meerwaarde voor mens, natuur en milieu.

4

Samenvatting en conclusies FF Solutions heeft van Luijk architecten opdracht gekregen een inrichtingsplan op te stellen voor de ontwikkeling ‘Koedijkerweg 6’, te Amersfoort. Binnen de ontwikkeling bestaat het voornemen om een bedrijfsruimte en kantoor te bouwen gelegen op het perceel Koedijkerweg 6. Het voorgestelde inrichtingsplan biedt een meerwaarde voor het inpassen van de projectlocatie in het beekdallandschap zoals deze aanwezig is in de omgeving. Het kavel zal door toepassing van het inrichtingsplan diverse kenmerken van het beekdallandschap terugbrengen en het beekdallandschap hiermee versterken. Boomsingels zullen versterkt en aangeplant worden in de omgeving van het kavel om zo boomsingels die in de loop der jaren verloren zijn gegaan weer terug te laten komen. Tevens worden bloemrijke graslanden weerspiegeld door bloemrijke borders met knotwilgen. Naast borders wordt ook geïnvesteerd in het realiseren van gevelbeplanting en nestkasten voor diverse soorten broedvogels. Hiermee wordt eveneens een meerwaarde verwacht voor de aanwezige natuur in de omgeving. Kortom, dit inrichtingsplan herbergt diverse elementen die het beekdallandschap zullen versterken. Een meerwaarde zal hiermee ontstaan voor mens, natuur en het behoud van het beekdallandschap en bijbehorende natuur.

Naam ondertekenende.

Nijkerk, 17 maart 2022

Dhr. G.R. Bouw

Handtekening.

5

Bijlagen

Bijlage 1: Over FF Solutions FF Solutions is een onafhankelijk adviesbureau. Wij bieden realistisch advies en concrete oplossingen voor milieuvraagstukken en willen daarmee een bijdrage leveren aan een duurzaam en verantwoord gebruik van onze leefomgeving. Diensten Wij kunnen u van dienst zijn met diverse oplossingen op het gebied van Natuurbeschermingswetgeving, begeleiding uitvoeren plan van aanpak, landschappelijke inpassing bouwprojecten. Werkwijze Inzet en professionele betrokkenheid en oplossingsgerichtheid kenmerkt onze diensten. De verantwoordelijke projectleider is het eenduidige aanspreekpunt voor de klant en draagt zorg voor alle aspecten van het project: kwaliteit, tijd, geld, communicatie en organisatie. De kernwaarden deskundig, oplossingsgericht, vertrouwd, betrokken, flexibel, zorgvuldig en vernieuwend zijn een belangrijke leidraad in ons handelen. Kennis Het deskundig begeleiden van onze opdrachtgevers vraagt om betrokkenheid bij en kennis van de bedoelingen van de opdrachtgever. Het vereist ook gedegen en actuele vakinhoudelijke kennis. Alle beschikbare kennis wordt snel en effectief ingezet. Persoonlijke en inhoudelijke ontwikkeling staat centraal want het werk vraagt steeds om nieuwe kennis en nieuwe verantwoordelijkheden.

Creativiteit Wij zijn in staat om buiten de geijkte kaders een oplossing te zoeken met in achtneming van de geldende wet- en regelgeving. Oplossingen die bedoeld zijn om snel en efficiënt het doel van de opdrachtgever te bereiken. Kwaliteit Er wordt continue gestreefd naar het verhogen van de professionaliteit van de dienstverlening. Het leveren van diensten wordt intern op een dusdanige wijze georganiseerd dat het gevraagde resultaat daadwerkelijk op een zo effectief en efficiënt mogelijke wijze wordt voortgebracht. Hierbij staat de klanttevredenheid centraal.

Bijlage 2: Ontwerpen Ontwerpen zijn eveneens separaat aangeleverd zodat deze op grotere schaal bekeken kunnen worden.

54

Bijlage 2 Zaaiadvies

Betreft: inzaaien wadibodem .1. . . . Horizontaal of met een talud flauwer dan 1 : 3 . .1. . . Direct voorafgaande aan het zaaien de grond . . . . . zaaiklaar maken door het aandrukken en . . . . . verkruimelen van de bovenste 20 tot 30 mm . . .2. . Zaadmengsel ten behoeve van schrale grasvelden . . . . . Type: M4 Bloemrijk bermenmengsel - Cruydt Hoeck . . . . . Hoeveelheid: 0,20 kg/100 m2 . . . .1. Het zaad 10 tot 20 mm onderwerken . . . . .1 De grond na opkomst van het zaad aandrukken

56

Bijlage 3 Bomen groen natuurinclusief

bestaande boom buurperceel handhaven

362

1

362

22.000

bestaande boom buurperceel handhaven

bestaande boom buurperceel handhaven 363

30

27

bestaande boom buurperceel handhaven

50.000

verharding 3.732,50 m2

bestemming bedrijventerrein 770,00 m2

683

24

17

2

10.046

6.000

21

20

22.000

12.000

mezenkastje

11.000

18

11.000

7.635

2.156

10.000

105

2

mezenkastje

23

12 105

Verhouding groen en verharding groen 609m2 verharding 3732m2 percentage groen=16% Berekening waterberging per m2 verharding 20mm waterberging (per m2) waterberging 1000mm diep verharding 3742m2/50=75m2

10.000

12

N

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

bestemming bedrijventerrein 880,00 m2 30.000

waterberging 75,00 m2 1m diep

35.000

6

groen 608,52 m2

6

bestaande boom buurperceel handhaven 364

683

bestaande boom buurperceel handhaven 20.000

kantoorfunctie 220,00 m2

beukenhaag 1,5m hoog 28

bestaande boom buurperceel handhaven 364

15.709 10

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

bestaande boom kappen kroon ca. 6m

bestaande boom buurperceel handhaven 363

9

groen

bestaande boom buurperceel handhaven

bestaande boom kappen kroon ca. 6m

19.336

360

bestaande boom buurperceel handhaven

6.000

360

361

19.336

361

Natuurinclusieve maatregelen gebouw Volgens het nader onderzoek van FF Solutions 25-10-2021: "Binnen de projectlocatie zijn vastgesteld; -Deel van het leefgebied diverse vleermuizen, niet essentieel. -Leefgebied diverse algemene broedvogels; -Nestplaatsen diverse algemene broedvogels;" Aan de zuidoostzijde wordt bij ieder gebouw een tweetal mezenkastjes opgehangen. Verder zal de aanwezige waterberging zorgen voor een verhoging van de biodiversiteit Het groen zal worden beheerd door een hovenier

1-12/

1-12/ 123

2

113 0

Koedi

Koedi

113 0

2

Koedijkerweg 6 kadastraal bekend gemeente: Amersfoort Sectie: R, nr.: 683

j kerweg

j kerweg

situatie bestaand

situatie nieuw

15.709

28 bestaande boom buurperceel handhaven 363

bestaande boom buurperceel handhaven

50.000

verharding 3.732,50 m2

35.000

30.000

waterberging 75,00 m2 1m diep

bestemming bedrijventerrein 770,00 m2

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

bestemming bedrijventerrein 880,00 m2

683

24

17

10.046

22.000

21

20 12.000

mezenkastje

11.000

18

11.000

7.635

2.156

bestaande boom buurperceel handhaven 363

22.524

19.336

19.336

30

27

bestaande boom buurperceel handhaven

verharding 3.732,50 m2

bestaande boom buurperceel handhaven 364

groen 608,52 m2

waterberging 75,00 m2 1m diep

bestemming bedrijventerrein 770,00 m2

683

24

17 23

12 105

2

10.046

Verhouding groen en verharding groen 609m2 verharding 3732m2 percentage groen=16% Berekening waterberging per m2 verharding 20mm waterberging (per m2) waterberging 1000mm diep verharding 3742m2/50=75m2

10.000

Natuurinclusieve maatregelen gebouw Volgens het nader onderzoek van FF Solutions 25-10-2021: "Binnen de projectlocatie zijn vastgesteld; -Deel van het leefgebied diverse vleermuizen, niet essentieel. -Leefgebied diverse algemene broedvogels; -Nestplaatsen diverse algemene broedvogels;" Aan de zuidoostzijde wordt bij ieder gebouw een tweetal mezenkastjes opgehangen.

N

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

bestemming bedrijventerrein 880,00 m2

6.000

mezenkastje 22.000

21

20 12.000

mezenkastje

11.000

18

11.000

7.635

2.156

Natuurinclusieve maatregelen gebouw Volgens het nader onderzoek van FF Solutions 25-10-2021: "Binnen de projectlocatie zijn vastgesteld; -Deel van het leefgebied diverse vleermuizen, niet essentieel. -Leefgebied diverse algemene broedvogels; -Nestplaatsen diverse algemene broedvogels;" Aan de zuidoostzijde wordt bij ieder gebouw een tweetal mezenkastjes opgehangen.

Verder zal de aanwezige waterberging zorgen voor een verhoging van de biodiversiteit

Verder zal de aanwezige waterberging zorgen voor een verhoging van de biodiversiteit

Het groen zal worden beheerd door een hovenier

Het groen zal worden beheerd door een hovenier

Parkeren: Bedrijfsverzamelgebouw norm min. 1,3 per 100m2 BVO 1650m2=16,5x1,3=21pp Kantoren norm min. 1,7 per 100m2 BVO 440m2=4,4x1,7=8pp Totaal: 29pp, voldoet

113 4

1-12/

1-12/

Parkeren: Bedrijfsverzamelgebouw norm min. 1,3 per 100m2 BVO 1650m2=16,5x1,3=21pp Kantoren norm min. 1,7 per 100m2 BVO 440m2=4,4x1,7=8pp Totaal: 29pp, voldoet

20

20

123

kantoorfunctie 220,00 m2

12/

12/

113 4

6.000

mezenkastje

10.000

23

12 2

Verhouding groen en verharding groen 609m2 verharding 3732m2 percentage groen=16%

28

Berekening waterberging per m2 verharding 20mm waterberging (per m2) waterberging 1000mm diep verharding 3742m2/50=75m2

10.000

105

N

6

groen 608,52 m2

6

bestaande boom buurperceel handhaven 364

beukenhaag 1,5m hoog

30

27

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

bestaande boom buurperceel handhaven 20.000

kantoorfunctie 220,00 m2

10

30.000

beukenhaag 1,5m hoog

15.709

groen

bestaande boom buurperceel handhaven 20.000

type boom n.t.b. (gebiedseigen) kroon ca. 6m

22.000

10.000

10

groen

362

9

22.524

22.000

1 6.000

362

9

bestaande boom buurperceel handhaven

50.000

6.000

1

360

35.000

bestaande boom buurperceel handhaven

19.336

360

361

19.336

361

123

2

113 0

Koedi

Koedi

2

113 0

j kerweg

j kerweg

10

Parkeren: Bedrijfsverzamelgebouw norm min. 1,3 per 100m2 BVO 1650m2=16,5x1,3=21pp Kantoren norm min. 1,7 per 100m2 BVO 440m2=4,4x1,7=8pp Totaal: 29pp, voldoet

20

20

123

22.524

12/

113 4

12/

113 4

situatie nieuw luchtfoto

maatvoering door de aannemer in het werk vooraf te controleren!

situatie nieuw met bestemmingsplan

bladnr:1 situatie

] luijk architecten [

1856 nieuwbouw Koedijkerweg 6 Amersfoort, datum: 10-02-2022 formaat: A1 schaal:1:500 laanstraat 13, 3743 ba baarn, t: +31 (0)35 5426536, e: albert@luijkarchitecten.nl

58

Bijlage 4 Watertoets

datum 4-6-2020 dossiercode 20200604-10-23458 Afsprakennotitie voor ruimtelijke plannen met mogelijk een groot waterbelang (normale procedure)

Algemeen Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, Provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. Via de digitale watertoets is beoordeeld of en welke waterbelangen voor het plan relevant zijn.

Beoordeling Binnen het plangebied liggen een of meerdere belangrijke oppervlaktewateren, waterkeringen of gebieden die zijn aangewezen voor regionale waterberging. Dit betekent dat mogelijk daarmee primaire waterbelangen worden geraakt.

In het specifieke geval van het plan "Ruimtelijke onderbouwing Koedijkerweg 6" gaat het om de belangen:

Over de hierboven genoemde primaire belangen wil het waterschap graag in gesprek met de initiatiefnemer van het plan. Omdat er meer dan 1500 m2 toename van verhard oppervlak wordt gerealiseerd is ook het realiseren van waterberging een agendapunt. Binnen 2 weken wordt u benaderd voor het plannen van een overleg.

Aandachtspunten Naast de primaire waterbelangen, zullen in het overleg ook een aantal algemene en gebiedsspecifieke aandachtspunten voor water aan de orde komen.

Algemene aandachtspunten Vasthouden - bergen - afvoeren Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegen gegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap.

Grondwaterneutraal bouwen Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken / draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar.

Schoon houden - scheiden - schoon maken Om verontreiniging van bodem, grond- en/of oppervlaktewater te voorkomen is het van belang dat het afstromende hemelwater niet verontreinigd raakt. Dit kan door nadere eisen / randvoorwaarden te stellen aan bijvoorbeeld de toegepaste (bouw)materialen. Wij vragen de initiatiefnemer om duurzame bouwmaterialen te gebruiken. De gemeente kan u hiermee verder helpen.

Tot slot Heeft u vragen of opmerkingen over deze watertoetsapplicatie? Laat het ons per mail weten [watertoets@vallei-veluwe.nl]. Voor dringende watertoetszaken kunt u ons telefonisch bereiken op 055 - 52 72 911.

Team Watertoets, Waterschap Vallei en Veluwe

Disclaimer

Waterschap Vallei en Veluwe streeft ernaar om correcte en actuele informatie in deze watertoetsapplicatie aan te bieden. Aan het beschikbaar gestelde kaartinformatie kunnen geen rechten worden ontleend. Waterschap Vallei en Veluwe aanvaard geen aansprakelijkheid voor enige vorm van schade naar aanleiding van het gebruik of de informatie die via deze applicatie beschikbaar wordt gesteld. www.dewatertoets.nl

62

Bijlage 5 Quickscan wet natuurbescherming

Quickscan Wet natuurbescherming ‘Koedijkerweg 6’ Te Amersfoort

In opdracht van en in samenwerking met;

Blad 2 van 39

Colofon Titel Subtitel

Quickscan wet natuurbescherming

Opdrachtgever

Luijk Architecten Laanstraat 13 3743 BA Baarn

Contactpersoon

A. Luijk

Projectlocatie

Koedijkerweg 6 te Amersfoort

Projectnummer Datum Status

36QS01-20003 9 maart 2020 Concept

Veldonderzoek

A.K. v.d. Zalm

Auteur(s)

P.D. Fitskie

Koedijkerweg 6, te Amersfoort

Flora- en fauna controleur Flora- en fauna inspecteur Flora- en fauna deskundige, Ruimtelijke ontwikkeling niveau 3

Ecologisch adviseur

Gecontroleerd door G.R. Bouw

Flora- en fauna deskundige, Ruimtelijke ontwikkeling niveau 3 Flora- en fauna deskundige, Ruimtelijke ontwikkeling niveau 4 European Tree Worker (ETW) European Tree Technician (ETT) Boom technisch adviseur, Norminstituut handboek bomen HBO Minor bomen en stedelijke omgeving Gecertificeerd Boom Veiligheid Controleur

Copyright © 2020 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

Blad 3 van 39

Kennismaken met FF Solutions FF Solutions ‘Wet natuurbescherming’ FF Solutions is een Eco consultancy die zich heeft toegelegd op het in kaart brengen van voorkomende ecologische vraagstukken die bij ruimtelijke ontwikkelingen zich kunnen voordoen. FF Solutions is voorzien van de laatste kennis op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling met betrekking tot de Wet natuurbescherming (Wnb). Ten behoeve van de uitwerking van de Wet natuurbescherming hanteert FF Solutions de gedragscode ‘Zorgvuldig handelen Wet natuurbescherming Ruimtelijke Ontwikkeling & Inrichting’. Deze gedragscode is opgesteld door Stadswerk Ede en goedgekeurd door het RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en biedt opdrachtgevers en andere belanghebbenden een basis om de leden aan te spreken op de kwaliteit van hun werk. FF Solutions ‘Boomtechniek’ FF Solutions is een consultancy die zich heeft toegelegd op het onder andere in kaart brengen van voorkomende boom vraagstukken die bij ruimtelijke ontwikkelingen zich kunnen voordoen. FF Solutions is voorzien van de laatste kennis op het gebied van boomtechniek met betrekking tot weten regelgeving en groeiomstandigheden van de boom. De kennis is getoetst onder Europees toezicht, het EAC. Middels een puntensysteem wordt de kennis en kwaliteit van de kennis op pijl gehouden en geborgd.

FF Solutions onderhoudt de vereiste kwalificaties, waardoor de certificering geborgd blijft. FF Solutions ‘Landschappelijke inpassingen’ FF Solutions is een consultancy die zich heeft toegelegd op het o.a. in kaart brengen en tekenen van landschappelijke inrichting plannen die bij ruimtelijke ontwikkelingen toegepast kunnen worden. FF Solutions is voorzien van kennis op het gebied van landschappelijke inpassingen met betrekking tot het in kaart brengen van gebied eigen natuurwaarden. FF Solutions onderhoud de benodigde kennis door continu zich te blijven verdiepen in natuurwaarden die gesteld worden aan bepaalde gebieden. FF Solutions onderhoudt dan ook diverse kwalificaties die aan dit onderwerp zijn gerelateerd. Uitgebreidere informatie bevindt zich in bijlage 3.

Blad 4 van 39

Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 Methoden

5 5

1.2 Betrouwbaarheid

6

1.3 leeswijzer

6

2 Bureauonderzoek 2.1 Huidig gebruik onderzoekslocatie en omgeving

7 7

2.2 Toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en voorgenomen ingrepen

8

2.3 Topografische ligging

9

2.4 Bureauonderzoek beschermde soorten.

9

2.5 Beschermde houtopstanden

10

2.6 Natura 2000

10

2.7 Ecologische hoofdstructuur (NNN)

10

2.8 Ander beleidsmatig beschermd gebied

10

3 Veldonderzoek 3.1 Soortenonderzoek binnen de projectlocatie

11 11

3.2 Samenvatting van de veldgegevens

13

4 Onderzoeksresultaten en toepassing WNB 4.1 Vogels

14 14

4.2 Vleermuizen

16

4.3 Overige zoogdieren

18

4.4 Reptielen, amfibieën en vissen

19

4.5 Insecten

21

4.6 Vaatplanten

22

4.7 Beschermde houtopstanden

22

4.8 Zorgvuldig handelen en algemene zorgplicht

23

4.9 Erkend belang

23

4.10 Noodzaak tot nader onderzoek

24

4.11 Gebiedsbescherming

24

5 Samenvatting en conclusies 5.1 Eind Conclusie

25 26

6 Bijlagen Bijlage 1: Bronnen

27 27

Bijlage 2: Verklarende woordenlijst

28

Bijlage 3: Over FF Solutions

31

Bijlage 4: Toepassing van de natuurwetgeving

32

Bijlage 5: Foto’s

35

Blad 5 van 39

1

Inleiding FF Solutions heeft van Luijk Architecten opdracht gekregen een quickscan wet natuurbescherming uit te voeren binnen de ontwikkeling ‘Koedijkerweg 6’, te Amersfoort. De voorgenomen ontwikkeling betreft het slopen van een boerderij en enkele opstallen om ruimte te maken voor de ontwikkeling van een tweetal nieuwe bedrijf -/verzamel hallen. De voorgenomen ontwikkeling betreft een functiewijziging binnen de projectlocatie. Na realisatie van het project zal de functionaliteit van de projectlocatie mogelijk wezenlijk gewijzigd zijn. De Quickscan Wet natuurbescherming heeft als doel in te schatten of er binnen de onderzoek locatie beschermde planten- en diersoorten aanwezig of te verwachten zijn, die volgens de Wet natuurbescherming een beschermde status hebben en mogelijk verstoring kunnen ondervinden door de voorgenomen ingreep. Tevens is beoordeeld of de voorgenomen ingreep invloed kan hebben op gebieden die een beleidsmatige bescherming genieten of deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN).

1.1

Methoden Bij de beoordeling van het plangebied is een bronnenonderzoek verricht naar het voorkomen van beschermde soorten en de ligging van beschermde gebieden in de regio. Daarvoor is de Nationale Databank Flora en Fauna (hierna NDFF genoemd) geraadpleegd. Voor de ligging van beschermde gebieden is gebruik gemaakt van de website van het ministerie van economische zaken, ‘Beschermde natuur in Nederland, soorten en gebieden in wetgeving en beleid’ en digitale atlassen van de betreffende provincie. De geraadpleegde bronnen staan vermeldt in bijlage 1. Door middel van een veldonderzoek wordt de projectlocatie onderzocht op sporen, verblijf en-/ of rustplaatsen. Er wordt een schatting gedaan welke beschermde soorten zich binnen de projectlocatie aanwezig kunnen zijn. Daarbij is gelet op de daadwerkelijke aanwezigheid van beschermde soorten en indirecte aanwezigheid in de vorm van sporen (verblijfplaatsen, wissels, uitwerpselen, pootafdrukken en dergelijke). Tijdens het veldonderzoek wordt er onder andere gebruik gemaakt van een checklist voor het inschatten van aanwezigheid vleermuizen, opgesteld door Netwerk Groene Bureaus. Tevens is het terrein beoordeeld op de geschiktheid voor beschermde soorten (habitatbeoordeling). Een verklarende woordenlijst bevindt zich in bijlage 2.

Blad 6 van 39

1.2

Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving ten aanzien van natuurwetgeving(zie bijlage 4). Het onderzoek betreft een moment opname en geeft een inschatting van de geschiktheid van de onderzoekslocatie voor beschermde soorten. Het incidenteel voorkomen van beschermde soorten is echter nooit met zekerheid te voorspellen. FF Solutions accepteert derhalve op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door FF Solutions uitgevoerde onderzoek neemt. In het algemeen kan gesteld worden dat een Quickscan geldig is voor een periode van 2 tot 3 jaar, tenzij in deze periode de ecologische omstandigheden wezenlijk zijn veranderd en/of de Wet natuurbescherming dan wel inzichten hieromtrent zijn gewijzigd. Bij uitstel van de uitvoering van een project met meer dan 3 jaar verdient het aanbeveling de resultaten van de Quickscan opnieuw te toetsen. FF Solutions verklaart ten behoeve van de onderzoekslocatie niet eerder betrokken te zijn geweest voor ecologische advisering of ecologisch onderzoek. Voor zover bij de opdrachtgever bekend, is er niet eerder ecologisch onderzoek op de onderzoekslocatie uitgevoerd.

1.3

leeswijzer Dit onderzoek is opgedeeld in een bureauonderzoek en een veldonderzoek. Hoofdstuk 2 bestaat uit het bureauonderzoek, waarin het huidige, toekomstige gebruik en topografische ligging van de onderzoekslocatie besproken wordt. Ook vind u in dit hoofdstuk de gegevens van de NDFF en te verwachtte beschermde soorten omtrent de onderzoekslocatie, beschermde houtopstanden, Natura 2000, ecologische hoofdstructuur en andere beleidsmatig beschermde gebieden. In hoofdstuk 3 komt het veldonderzoek aan bod. Dit veldonderzoek bestaat uit een verslag van de onderzochte projectlocatie. Dit hoofdstuk wordt afgesloten met een schema voorzien van de samenvatting van de veldgegevens. Hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de onderzoeksresultaten en toepassing WNB, hier komt het bureauonderzoek en veldonderzoek samen. Per categorie beschermde soorten worden de vaststellingen, methode vaststellingen en de toepassing beschreven. Het onderzoek wordt in hoofdstuk 5 afgesloten met de samenvatting en conclusies op de uitkomst van het onderzoek.

Blad 7 van 39

2

Bureauonderzoek Binnen het bureauonderzoek wordt de huidige situering en voorgenomen ontwikkelingen van de projectlocatie beschreven. De topografische ligging en invloeden ten opzichte van gebiedsbescherming. Tijdens het bureauonderzoek wordt onderzocht of de onderzoekslocatie binnen het verspreidingsgebied ligt van beschermde soorten De verzamelde informatie uit het bureauonderzoek vormt een basis voor het veldonderzoek. Tijdens het veldonderzoek wordt binnen en rondom de onderzoeklocatie uitgebreid geïnspecteerd op verblijfsmogelijkheden, sporen en-/ of resten van beschermde soorten, ook soorten die vanwege gebrekkige habitat eisen mogelijkerwijs niet verblijven binnen de onderzoekslocatie.

2.1

Huidig gebruik onderzoekslocatie en omgeving De projectlocatie bevindt zich binnen de bebouwde kom van Amersfoort. De directe omgeving bestaat voornamelijk uit een woonboerderijen, industriegebied, watergangen, treinspoor en agrarische gebied. De projectlocatie bestaat uit een kavel van 3.848 m2, een vrijstaande woonboerderij en diverse opstallen allen sterk verouderd en in slechte staat van onderhoud. Voorheen is het terrein in gebruik geweest door een stalhouderij.

G F

H I

E D

B

J

C A

A B C D E F G

Opstal Boerderij Houten opstal Overkapping hooi kap Paardenstal Paardenstal steen

H Krulwilg I

Schietwilg

J

Hazelaar Projectlocatie

Fig. 2.1 Indeling projectlocatie (achtergrondbron: www.pdok.nl)

A. Opstal A De opstal bestaat uit bakstenen muren, een betonnen vloer en met dakpannen bedekt dak. Er bevinden zich houten deuren met diverse openingen en kieren. Aan de binnenzijde is een metalen frame te zien, het dak is afgewerkt met dakbeschot. Achter opstal A bevindt zich een vervallen opstal met ingestort dak. Met houten en damwandprofielen muren.

Blad 8 van 39

B. Boerderij De met bakstenen muren bestaande boerderij is voor een deel bepleisterd in verouderde staat. De dakbedekking van de boerderij bestaat uit dakpannen met diverse kieren, enkele dakramen en een in slechte staat verkerende boei delen. C. Houten opstal De uit houten muren bestaande opstal verkeerd in redelijke staat. De dakbedekking bestaat uit damwandprofielen. Er bevinden zich enkele openingen/ kieren tussen de muren en het dak. D. Overkapping Damwandprofiel dak en muren, aan één zijde is de overkapping open. E. Hooi kap Een met golfplaten bedek puntdak, vermoedelijk in hoogte verstelbaar. De kap bevindt zich momenteel laag bij de grond. Onder de hooi kap bevindt zich gras en restanten hooi. F. Paardenstal Een paardenstal bestaand uit damwandprofielen in combinatie met houten wanden. De paardenstal verkeerd in slechte staat, er bevinden zich veel openingen. Het dak van de paardenstal is deels ingestort. Aan de voorzijde bevinden zich houten staldeuren, delen met spijlen en enkele bovendelen van de deur zijn geopend. G. Stenen paardenstal De paardenstal bestaat uit stenen muren met een plat dak. De boeidelen verkeren in slechte staat. Achter de paardenstal bevindt zich een voormalig betonnen mestopslag. Er bevinden zich enkele bomen, bosschage en een omheinde bak met restanten hoog kruid laag en grassen binnen de projectlocatie.

Een deel van het erf is bestraat, enkele plaatsen voornamelijk aan de randen van de projectlocatie bevinden zich restanten van hoge grassen/ kruid laag. Naast de projectlocatie bevindt zich een watergang welk doorloopt naar de achterzijde van de projectlocatie. Belendend aan de watergang aan de achterzijde van de projectlocatie bevindt zich een treinspoor. Aan de rechterzijde van de projectlocatie bevindt zich een bedrijfshal met bijbehorend terrein. Aan de linkerzijde van de projectlocatie bevindt zich de watergang, gevolgd door particuliere woonlocaties.

2.2

Toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en voorgenomen ingrepen De voorgenomen ontwikkeling betreft het slopen van een boerderij en enkele opstallen om ruimte te maken voor de ontwikkeling van een tweetal nieuwe bedrijf -/verzamel hallen. De voorgenomen ontwikkeling betreft een functiewijziging binnen de projectlocatie. Na realisatie van het project zal de functionaliteit van de projectlocatie mogelijk wezenlijk gewijzigd zijn. Detailgegevens omtrent de toekomstige inrichting van de onderzoekslocatie en de situering van het te ontwikkelen terrein zijn bij FF Solutions niet bekend. In de directe omgeving bestaat het voornemen een zonnepark van 13,5 ha te realiseren.

Blad 9 van 39

2.3

Topografische ligging De topografische ligging van de onderzoekslocatie afgebeeld op verschillende figuren.

Fig. 2.2 Topografische aanduiding projectlocatie (achtergrondbron: www.pdok.nl)

2.4

Fig. 2.3 Topografische aanduiding projectlocatie (achtergrondbron: www.pdok.nl)

Bureauonderzoek beschermde soorten. Tijdens het bureauonderzoek wordt onderzocht of de onderzoekslocatie binnen het verspreidingsgebied ligt van beschermde soorten. Er is gebruik gemaakt van beschikbare bronnen zoals actuele verspreidingsgegevens zie voor een volledig overzicht het hoofdstuk Geraadpleegde bronnen. De NDFF verleent toegang tot gebruik van hun databank. Verkregen informatie is bij FF Solutions aanwezig, en mag worden ingezien. Ter bescherming van de NDFF wordt de verkregen informatie van de NDFF niet aan derden verspreid. Bij het gebruik van waarnemingen is rekening gehouden met de juridische houdbaarheid van gegevens (3-5 jaar). Oudere waarnemingen worden gebruikt om een beeld van de ecologische potenties van een gebied te geven. Er is gezocht naar waarnemingen gedaan in de afgelopen 3 jaar. Binnen de projectlocatie worden geen waarnemingen vermeld. De directe omgeving meldt waarnemingen van kraai, kauw, bruin zandoogje en zuidelijk spitskopje. Aan de overzijde van het spoor worden waarnemingen vermeld van invasieve vaatplanten, de reuzebalsemien, reuzenberenklauw en Japanse duizendknoop. Ook wordt een waarneming van de buizerd in een nabij gelegen industrie terrein genoemd.

Blad 10 van 39

2.5

Beschermde houtopstanden De projectlocatie is gelegen binnen de bebouwde kom van Amersfoort. Ons is onbekend of en welke bomen er gekapt worden.

2.6

Natura 2000 De onderzoekslocatie is niet gelegen binnen de grenzen dat aangewezen is als Natura 2000gebied. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied, Arkemheen is gelegen op een afstand van ruim 6,8 kilometer van het gebied. In Figuur 2.4 is de ligging van de onderzoekslocatie ten opzichte van het Natura 2000- gebied weergegeven.

2.7

Ecologische hoofdstructuur (NNN) De onderzoekslocatie is niet gelegen binnen de grenzen dat aangewezen is als NNN-gebied(fig. 2.2). Het meest nabij gelegen NNN-gebied ligt op ruim 370 meter afstand van de projectlocatie. De onderzoekslocatie is niet gelegen binnen de grenzen dat aangewezen is als groene contour. Het meest nabij gelegen gebied ligt op ruim 1,9 km afstand van de projectlocatie.

Fig. 2.4 Ligging onderzoekslocatie ten opzichte van de Natura 2000-gebieden (licht groen)

2.8

Fig. 2.5 Ligging onderzoekslocatie ten opzichte van NNNgebieden, NNN-gebied (groen), groene contour (lichtgroen)

Ander beleidsmatig beschermd gebied De onderzoekslocatie is zover bekend bij FF Solutions, niet gelegen binnen grenzen dat aangewezen is als ander beleidsmatig beschermd gebied.

Blad 11 van 39

3

Veldonderzoek In dit veldonderzoek is de projectlocatie onderzocht op vestigingsplaatsen van mogelijk gevestigde flora en/of fauna. Ook de directe omgeving is hierbij zover mogelijk onderzocht op potentiële vestigingsplaatsen en/of biotopen van beschermde soorten.

3.1

Soortenonderzoek binnen de projectlocatie In dit veldonderzoek is de projectlocatie onderzocht op vestigingsplaatsen van mogelijk gevestigde flora en/of fauna. Waarnemingen worden omschreven per soort. Het veldonderzoek vond plaats op 19 februari 2020, ( 8 °C, half bewolkt, droog, 1-2 BFT). De projectlocatie en directe omgeving is onderzocht naar sporen van (beschermde) soorten.

2x nestplaats steenuil, braakballen, prooiresten, uitwerpselen

Jaarrond beschermde nesten Er zijn twee nesten waargenomen, vermoedelijk van de steenuil. Binnen houten opstal C, en in een kier in het boeideel van de boerderij. Ook zijn er resten (lege slakkenhuizen, dode rosse woelmuis, uitwerpselen) waargenomen rondom deze nestplaatsen. In een aangrenzende schuur zijn braakballen, vermoedelijk van de steenuil waargenomen.

Nestplaats buizerd 3x buizerd, huismussen buiten projectlocatie

Ook zijn er huismussen waargenomen in de directe omgeving. En drie buizerds in vlucht waargenomen buiten projectlocatie, waarvan één buizerd landt op een nest aan de overzijde van het spoor. Binnen de projectlocatie zijn er openingen en kieren waargenomen onder dakpannen geschikt als invliegopening voor huismussen voor vestingplaatsen. De openingen onder de dakpannen bieden onvoldoende uitvliegruimte voor de gierzwaluw. De projectlocatie biedt een beperkte hoeveelheid groenblijvend struikgewas aan. De directe omgeving is voorzien van een grote hoeveelheid groenblijvend struikgewas. Ook bevinden zich binnen de directe omgeving diverse oude woningen, met mogelijk verblijfplaatsen voor de huismus.

Algemene broedvogels

Algemene broedvogel Er zijn waarnemingen gedaan binnen de projectlocatie van diverse algemene broedvogels. Ook binnen de projectlocatie zijn diverse nestplaatsen waargenomen. Er bevinden zich voldoende openingen en kieren waarbij algemene broedvogels toegang krijgen tot de opstallen. Maar ook de aanwezige bosschage geeft mogelijkheid tot vestiging. Buiten de projectlocatie zijn ook waarnemingen gedaan van algemene broedvogels. Er bevindt zich een grotere hoeveelheid bosschage buiten de projectlocatie, wat een geschikte vestingplaats voor algemene broedvogels biedt.

Vleermuizen Verblijfplaatsen, Er bevinden zich voldoende openingen en kieren in de opstallen en de boerderij welk kan foerageergebied, functioneren als invliegopening voor vleermuizen. Het is aannemelijk dat de voormalige functie van het gebouw (houden van paarden) vliegen en insecten aantrekt. Wat een voedselbron is voor vleermuizen. Binnen de projectlocatie is er een openruimte aanwezig, met in een L – vorm de opstallen welk als oriëntatiepunt in gebruik kunnen worden.

Blad 12 van 39

Belendend aan de projectlocatie bevindt zich een smalle watergang welk in verbinding staat met een grotere watergang, de Barneveldsche beek. Grondgebonden zoogdieren Veldmuis, bruine rat Er zijn uitwerpselen en holen waargenomen vermoedelijk van de veldmuis en bruine rat. Zowel binnen de opstallen en boerderij, als buiten zijn deze waargenomen. rosse woelmuis

Er is een dode rosse woelmuis waargenomen in de houten opstal C, vermoedelijk een gevallen prooi van de steenuil.

incidenteel aanwezige kleine grondgebonden zoogdieren

De opstallen zijn allemaal toegankelijk doormiddel van openingen, kieren of ingevallen delen. De hoge grassen bieden voldoende dekking voor kleine grondgebonden zoogdieren. Er bevinden zich stapels hooi binnen de projectlocatie, echter niet de omvang die een marter verlangt om zich te vestigen. Er is geen dominante urine lucht, kenmerkend voor de marter waargenomen. Amfibieën, reptielen, vissen en libellen Amfibieën, reptielen, vissen en libellen verlangen (jaarrond) wateroppervlakken, welk aanwezig is in de directe omgeving van de projectlocatie. Er zijn geen sporen en-/ of amfibieën, reptielen, vissen en libellen waargenomen door onze deskundige. Beschermde dagvlinders en libellen Er zijn geen beschermde vlinders, libellen of hun waardplanten vastgesteld door onze deskundige. Het veldonderzoek is uitgevoerd buiten het groeiseizoen van veel vaatplanten, er is geen indicatie dat waardplanten voor beschermde soorten aanwezig zullen zijn. Beschermde ongewervelde Er is geen rottend eikenhout of jaarrond wateroppervlak waargenomen binnen de projectlocatie. Beschermde vaatplanten Er zijn geen beschermde vaatplanten waargenomen binnen de projectlocatie. Het veldonderzoek is uitgevoerd buiten het groeiseizoen van veel vaatplanten, er is geen indicatie dat beschermde soorten aanwezig zullen zijn.

Blad 13 van 39

3.2

Samenvatting van de veldgegevens Veldonderzoek 19 februari 2020 Te verwachten Te nemen en/of verblijfplaatsen genomen actie binnen de project binnen het locatie verkennend onderzoek Diverse soorten nee

Te verwachten soorten /geschiktheid van habitat binnen de projectlocatie

Visuele waarnemingen zonder verblijfplaats binnen de projectlocatie

Visueel waar genomen verblijf plaatsen binnen de projectlocatie

Broedvogels algemeen

Ja, grote diversiteit

Diverse in opstallen en bosschage

Broedvogels jaar rond beschermd Vleermuizen Vleermuizen foerageergebied Vleermuizen vliegroute Grondgebonden zoogdieren Reptielen

Buizerd

Steenuil 2x

Huismus, steenuil

nee

nee nee

invliegopening invliegopening

ja ja

nee nee

nee Rosse woelmuis

nee Bruine rat, veldmuis

nee bruine rat, veldmuis

nee nee

nee

nee

mogelijk

nee

Amfibieën

nee

nee

mogelijk

nee

Vissen

nee

nee

nee

nee

Beschermde libellen

nee

nee

nee

nee

Beschermde dagvlinders Ongewervelden

nee nee

nee nee

nee nee

nee nee

Beschermde vaatplanten

nee

nee

nee

nee

Gebied bescherming Natura 2000 NNN Ontwikkel zone Andere beleidsmatig beschermde gebieden

Gebied aanwezigheid > 6,8 km > 370 m > 1,9 km Geen

Beschermde Houtopstanden Aantal bomen Oppervlakte

onbekend onbekend

Tabel: Veldonderzoek inventarisatie ontwikkeling ‘Koedijkerweg 6’ te Amersfoort, opgesteld 9 maart 2020.

Blad 14 van 39

4

Onderzoeksresultaten en toepassing WNB Op basis van het uitgevoerde bureauonderzoek en het veldonderzoek is beoordeeld welke beschermde soorten (mogelijk) aanwezig zijn. Vervolgens is op basis van de geplande ingrepen bepaald welke effecten kunnen optreden op deze soorten. Per beschermde soort wordt beschreven welke mogelijk risico’s bestaan van overtreding van de Wet natuurbescherming. Indien van toepassing wordt aangegeven voor welke soorten een vervolgtraject noodzakelijk is, bijvoorbeeld omdat toetsing van de ingreep aan de Wet natuurbescherming op basis van de huidige onderzoeksinspanning niet mogelijk is. Tevens wordt beschreven wat de eventuele consequenties zijn ten aanzien van vergunningen en ontheffingen.

4.1

Vogels Beschermde vogelsoorten worden onderscheiden in vijf categorieën. Er wordt onderscheid gemaakt in hoeverre soorten het nest permanent benutten, koloniebroeders zijn en in hoeverre zij in staat zijn een nest (opnieuw) op te bouwen. Waarbij de nestplaatsen van de eerste vier categorieën behoren tot jaarrond beschermde nesten van broedvogels. De vijfde categorie broedvogels wordt benoemd als de algemene broedvogels.

4.1.1 Jaarrond beschermde nesten van broedvogels Vaststellingen De geraadpleegde bronnen melden geen waarneming binnen de projectlocatie. Wel zijn er waarnemingen bekend in de omgeving van de projectlocatie omtrent de buizerd. Er zijn twee nestplaatsen vermoedelijk van de steenuil waargenomen, in de houten opstal C en een openstaand boeideel in de boerderij. Er zijn sporen (prooi, braakbal, uitwerpselen) waargenomen vermoedelijk van de steenuil. De steenuil verlangt kleinschalig cultuurlandschap, variatie houtwallen, heggen en wei, knoestige bomen. En foerageert in open terrein met lage vegetatie en 1 tot 1,5 meter hoge zitplaatsen. De projectlocatie en directe omgeving bieden dit aan de steenuil. Er zijn veel sporen en vestingplaatsen waargenomen van muis-/ ratachtige gedaan binnen de projectlocatie, een geschikte voedingsbron voor roofvogels en uilen. Het is aannemelijk dat de steenuil verblijft binnen de projectlocatie. Er zijn waarnemingen gedaan van huismussen in de aangrenzende percelen, de huismussen bevinden zich in het groenblijvend struikgewas. De projectlocatie en directe omgeving bieden een geschikte leefomgeving voor de huismus in de vorm van rommelige menselijke omgeving, groenblijvend struikgewas, water en zanderig terrein. De openingen en kieren in de opstallen bieden potentiele nestplaatsen aan voor de huismus.

De invliegopeningen zijn niet geschikt voor de gierzwaluw, het ontbreekt aan voldoende uitval mogelijkheid. Mogelijk verblijft de huismus binnen de projectlocatie, nader onderzoek naar de huismus kan duidelijkheid geven of en waar de huismus verblijft binnen de projectlocatie. Er zijn geen andere broedvogels of nestplaatsen waargenomen binnen de projectlocatie met jaarrond beschermde nesten. Wel is buiten de projectlocatie op circa 50 meter van de projectlocatie een buizerd, welk landt op een nest waargenomen in een boom aan de bosrand. Tussen de projectlocatie en deze bosrand bevindt zich onder andere een treinspoor. Ook zijn nog twee andere buizerds waargenomen rondom deze bomenrij.

Blad 15 van 39

Het is aannemelijk dat de buizerd met regelmaat foerageert binnen de projectlocatie, echter biedt de directe omgeving een soortgelijke omgeving aan. En is de buizerd in staat over een groot gebied te foerageren. Het is niet aannemelijk dat er schade zal ontstaan aan de gunstige instandhouding van de buizerd binnen deze ontwikkeling. Nestplaatsen en de leefomgeving van de huismus en steenuil zijn strikt beschermd binnen de Wnb volgens Europese bescherming van de vogelrichtlijn. Onderstaand de artikelen die kunnen worden overtreden door de voorgenomen ontwikkeling zijn; - Art. 3.1.1, specifieke beschermde soorten te doden of te vangen. - Art. 3.1.2, de voortplantingsplaats of rustplaats te beschadigen, vernielen of wegnemen. - Art. 3.1.3, eieren te beschadigen, rapen of bezitten - Art. 3.1.4, specifieke beschermde soorten verstoren Methode vaststelling Waarnemingen binnen en in de directe omgeving van de projectlocatie opgevraagd bij verspreidingsatlassen. Projectlocatie is visueel onderzocht op beschermde soorten. De dakvlakken zijn met de (nacht)verrekijker Swarovski EL 8.5x42 WB Swarovision onderzocht op nest -/ rustplaatsen en/of uitwerpselen. Directe omgeving gescreend naar geschikte habitat eisen, visueel en kaarten geraadpleegd.

Toepassing Nader onderzoek naar de steenuil en huismus kan vaststellen welke populaties de projectlocatie en de directe omgeving benutten en welke functionaliteiten deze heeft voor de soorten. Tevens kan beoordeeld worden welke maatregelen passend zijn binnen deze voorgenomen ontwikkeling. 4.1.2 Broedvogels algemeen Vaststellingen De geraadpleegde bronnen melden waarnemingen van deze soorten in de directe omgeving van de projectlocatie. Er zijn diverse broedvogels binnen en in de directe omgeving van de projectlocatie waargenomen tijdens het veldonderzoek. Er zijn enkele nestplaatsen waargenomen binnen de projectlocatie tijdens het veldonderzoek. Algemene broedvogels kunnen zich vrij gemakkelijk vestigen binnen en rondom de projectlocatie. Nestplaatsen van algemene broedvogels zijn strikt beschermd binnen de Wnb volgens Europese bescherming van de vogelrichtlijn. Onderstaand de artikelen die kunnen worden overtreden door de voorgenomen ontwikkeling zijn; - Art. 3.1.1, specifieke beschermde soorten te doden of te vangen - Art. 3.1.2, de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen, vernielen of wegnemen. - Art. 3.1.3, eieren te beschadigen, rapen of bezitten - Art. 3.1.4, specifieke beschermde soorten verstoren Werkzaamheden rondom of aan functionele nestplaatsen mogen deze niet beschadigen of opheffen.

Een nestplaats is functioneel tijdens het broedseizoen, en actief bij aanwezigheid van broedvogel. De kwetsbare periode van de voortplanting loopt van half maart tot half augustus. De genoemde periode kan eerder of later beginnen of eindigen afhankelijk van de lokale klimatologische omstandigheden en afhankelijk van de meteorologische omstandigheden voorafgaand aan of tijdens de werkzaamheden. Ook per broedpaar kan de voortplantingsperiode verschillen. Handelingen aan de bomen en bosschage kunnen alleen uitgevoerd worden buiten het broedseizoen om, of de bomen en bosschages moet voorafgaand de werkzaamheden door een deskundige geschouwd te worden op aanwezigheid van actieve nesten.

Blad 16 van 39

Methode vaststelling Waarnemingen binnen en in de directe omgeving van de projectlocatie opgevraagd bij verspreidingsatlassen. Projectlocatie is visueel onderzocht op beschermde soorten. De dakvlakken zijn met de (nacht)verrekijker Swarovski EL 8.5x42 WB Swarovision onderzocht op nest -/ rustplaatsen en/of uitwerpselen. Directe omgeving gescreend naar geschikte habitat eisen, visueel en kaarten geraadpleegd. Toepassing Het is niet aannemelijk dat er schade zal ontstaan aan de gunstige instandhouding bij het in acht nemen van specifieke maatregelen omtrent vogelsoorten binnen deze ontwikkeling. Handelen buiten het broedseizoen, voorafgaand werkzaamheden schouwen tijdens het broedseizoen waarborgt de gunstige instandhouding van deze soorten. Er zijn in het kader van de Wnb geen grote belemmeringen ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling wat betreft deze soort(en).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16788938/1