Beantwoording Feitelijke vragen bij SP toekomst parkeerbeleid
Tekst van het document
Feitelijke vragen bij SP: Toekomst parkeerbeleid Programmanummer: 1.2 Zaaknummer: 550333 Vragensteller (fractie)
nr.
Vraag
Antwoord
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
1.
Inwoners van onder meer de Zeeuwsestraat ontvingen op 23 april 2026 een brief van de Gemeente Amersfoort over het mogelijk toekennen van de status “GROP” (geen recht op parkeervergunning) aan woningen binnen complexen met parkeren op eigen terrein. Bij meerdere bewoners leidt dit tot grote zorgen en onduidelijkheid. Veel huishoudens beschikken over één eigen parkeerplaats, maar zijn vanwege werk afhankelijk van een tweede auto en maken in de kwestie die ons ter oren kwam al sinds 2007 gebruik van een tweede bewonersvergunning. Daarnaast heeft de communicatie vanuit de gemeente de afgelopen maanden juist extra verwarring veroorzaakt. Bewoners ontvingen eerst een factuur voor verlenging van hun vergunning met één jaar, daarna een bevestiging van toewijzing tot april 2027, om vervolgens kort daarna te horen dat de vergunning toch maar vijf maanden geldig zou zijn en het betaalde bedrag zou worden teruggestort. Klopt het dat de bewoners in het complex aan de Zeeuwsestraat hun tweede vergunning nu kwijtraken?
Bij het verlenen van de bouw- of omgevingsvergunning voor het wooncomplex aan de Zeeuwsestraat is bepaald hoeveel parkeerplaatsen er nodig waren aan de hand van de toen geldende parkeernorm. De benodigde parkeerplaatsen zijn vervolgens op eigen terrein ontworpen en gerealiseerd. De gemeente heeft medewerking verleend aan het realiseren van dit wooncomplex in de wetenschap dat deze ontwikkeling zou voorzien in zijn eigen parkeerbehoefte en geen extra parkeerdruk zou veroorzaken in de openbare ruimte. Om die reden is aan dit complex de status GROP (Geen Recht Op Parkeervergunning) gekoppeld. Bewoners van deze adressen komen niet in aanmerking voor een bewonersvergunning om op straat te kunnen parkeren. Tot 1 oktober 2025 was de term GROP alleen voorbehouden aan ontwikkelingen in de binnenstad waar het niet mogelijk of wenselijk was de benodigde hoeveelheid parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren. Aangezien dit in de binnenstad veelal onmogelijk en anders onwenselijk is, verleent de gemeente medewerking aan deze ontwikkelingen in de wetenschap dat deze ontwikkelingen geen extra parkeerdruk veroorzaken in de openbare ruimte, doordat er geen parkeervergunning wordt verleend. Zonder deze mogelijkheid zouden bijna alle ontwikkelingen in de binnen onmogelijk worden gemaakt. Buiten de binnenstad werd alleen de status POET gehanteerd.
Als je een parkeergelegenheid op eigen terrein had volgens een bouw-/omgevingsvergunning, erfpachts- of splitsingsakte, raadsbesluit of huur- of koopovereenkomst werd een POET Pagina 1 van 5
status gehanteerd. Voor deze adressen kon geen eerste bewonersvergunning worden aangevraagd, maar wel een tweede als op het adres twee auto’s geregistreerd stonden. Dit betekende dat het parkeerbeleid voor de uitgifte van parkeervergunningen niet aansloot bij het parkeerbeleid voor ruimtelijke ontwikkelingen. Daar werd er immers bij veel wooncomplexen van uitgegaan dat deze geen extra parkeerdruk zouden veroorzaken in de openbare ruimte. Dit is met de Beleidsregels POET (parkeren op eigen terrein) en GROP (geen recht op parkeervergunning) rechtgezet. Voor vergunninghouders met GROP die voorheen een tweede bewonersvergunning hadden, en de vergunning vanwege de (nieuwe) GROP-status van hun adres niet wordt verlengd, wordt een overgangsregeling ingesteld. Deze regeling houdt in dat zij gedurende 3 jaar hun huidige bewonersvergunning kunnen behouden. Dit betekent dat huidige bewoners van het complex aan de Zeeuwsestraat met een tweede bewonersvergunning dus tijdelijk een vergunning kunnen krijgen om op straat te parkeren. Het college moet nog besluiten om deze overgangsregeling ook voor de huidige vergunninggebieden in te stellen. Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
2.
Waarom heeft de gemeente eerst een jaarverlenging van parkeervergunningen gefactureerd en toegewezen, terwijl kort daarna bleek dat vergunningen mogelijk zouden vervallen?
Vanaf 1 oktober 2025 gelden nieuwe vergunningtarieven , met een verschil in tarief tussen eerste, tweede en volgende vergunningen. Daarvoor waren de tarieven voor eerste en volgende vergunningen gelijk. De al lopende vergunningen, met een looptijd van 1 mei tot 30 april, kregen pas voor het eerst te maken met deze tariefswijziging vanaf de verlenging per 1 mei 2026. Door het verschil in tarief tussen de eerste en de tweede vergunning kregen we veel meldingen van bewoners die het niet eens waren met de POET status die ze al jaren hadden. Door de vragen die dit oproept, hebben wij ervoor gekozen om ook voor deze gebieden te werken aan een openbare lijst met adressen die niet of beperkt in aanmerking komen voor een parkeervergunning op basis van de Beleidsregels POET en GROP. Pagina 2 van 5
Daar kwam bij dat het tarief voor de eerste, tweede en volgende bewonersvergunningen voor vergunningzones X, Y1, Y2 en Z per abuis niet was opgenomen in de Verordening parkeerbelasting 2025-2026. Daarom mogen voor deze vergunningen geen kosten worden gerekend. Om de periode dat we geen kosten in rekening brengen voor deze vergunningen zo kort mogelijk te houden, hebben we de looptijd van de vergunningen ingekort naar 5 maanden. Hiermee komt de datum van verlenging van deze vergunningen gelijk te liggen met de verlengdatum van de overige vergunningzones. Zie ook collegebericht 2026-072. Om die reden hebben we bewoners geïnformeerd dat hun vergunning tot 1 oktober 2026 wordt verlengd zonder dat hiervoor kosten in rekening worden gebracht en dat wij in de tussentijd toewerken naar een openbare lijst met een adressen met een POET- en GROP-status. Dit is dus in de brief aangekondigd. Bewoners zijn in de gelegenheid gesteld om op een voorgenomen adresrestrictie te reageren voordat het college de POET- of GROP-status definitief vaststelt. Zoals toegelicht bij vraag 1 bestaat hierdoor de kans dat een vergunning per 1 oktober 2026 niet wordt verlengd als de houder niet in aanmerking komt voor de overgangsregeling. Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
3.
Vindt het college dat deze tegenstrijdige communicatie zorgvuldig en betrouwbaar overkomt richting inwoners?
Het college betreurt het dat vergunninghouders eerst een verlengingsvoorstel voor een jaar hebben ontvangen dat daarna is omgezet voor een kortere periode.
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
4.
Waarom worden bewoners van appartementencomplexen met één parkeerplaats anders behandeld dan bewoners van woningen met parkeren op eigen terrein, die vaak nog wel een tweede vergunning kunnen aanvragen?
Zoals ook in het antwoord op vraag 1 is aangeven is de bouwof omgevingsvergunning leidend. Als bij grondgebonden woningen de parkeernorm volledig op eigen terrein is opgelost, wordt, als deze na 1 oktober 2010 een bouw- of omgevingsvergunning hebben gekregen, ook een GROP-status toegekend. Vaak is bij grondgebonden woningen een deel van de parkeernorm (bijvoorbeeld 1,0 van de 1,4 parkeerplaatsen) op eigen terrein opgelost en de rest in het openbaar gebied. In dat geval komen bewoners wel in aanmerking voor een tweede vergunning (de parkeernorm gaat er in dat geval vanuit dat niet iedereen een tweede auto zal hebben) en wordt een POET status toegekend. Bij situaties vóór 1 oktober 2010 wordt bij grondgebonden woningen de feitelijke situatie als uitgangspunt genomen. Dit betekent dat niet het bepaalde Pagina 3 van 5
in de bouw- of omgevingsvergunning leidend is, maar het aantal parkeerplaatsen dat feitelijk op eigen terrein aanwezig is. Bij appartementencomplexen komt het veel vaker voor dat de volledige parkeernorm op privaat terrein is opgelost. Daarom wordt daar veel vaker een GROP-status toegekend. Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
5.
Op basis van welke actuele parkeerdrukmetingen concludeert het college dat deze maatregel noodzakelijk is, terwijl bewoners aangeven dat er in de betreffende straten structureel voldoende parkeerruimte beschikbaar is?
Een POET- of GROP-status van een adres staat los van de parkeerdruk op straat. Het gaat om de parkeersituatie die met de planvorming is beoogd om te voorkomen dat meer mensen in de openbare ruimte parkeren dan waar bij de planvorming rekening mee is gehouden en daardoor een hogere parkeerdruk veroorzaken voor overige bewoners.
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
6.
Is het college bereid maatwerk toe te passen voor huishoudens die aantoonbaar afhankelijk zijn van twee auto’s vanwege werk en beperkte bereikbaarheid met openbaar vervoer?
Voor vergunninghouders met GROP die voorheen een tweede bewonersvergunning hadden, en waarvan de vergunning vanwege de (nieuwe) GROP-status van hun adres niet wordt verlengd, wordt een overgangsregeling ingesteld. Deze regeling houdt in dat zij gedurende 3 jaar hun huidige bewonersvergunning kunnen behouden. Of een huishouden aantoonbaar afhankelijk is van een auto wordt niet bij deze overgangsregeling meegewogen.
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
7.
Welke lessen heeft het college geleerd van de situatie rond de Westsingel, waar langdurig met bewoners en de raad gezocht moest worden naar oplossingen voor gedupeerde inwoners?
Op basis van de casus Westsingel is de regeling tijdelijke voorzetting bewonersvergunning geïntroduceerd. Hiermee kunnen bewoners nog 3 jaar van hun vergunning gebruik blijven maken. Ook heeft de casus Westsingel ons vooral geleerd om duidelijk en open te communiceren en sneller tot besluiten te komen.
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
8.
Waarom kiest het college opnieuw voor een generieke maatregel die grote impact heeft op bestaande bewonerssituaties, terwijl de ervaringen rond de Westsingel juist hebben laten zien hoe belangrijk duidelijke communicatie, participatie en maatwerk zijn?
Het college kiest voor eenduidig beleid waar het kan en maatwerk waar het moet. Ook voor bewoners van gebieden waar vóór 1 oktober 2025 al parkeerregulering van kracht was, maar waar per 1 oktober 2025 nog niet het nieuwe parkeerbeleid is ingevoerd, gelden de (nieuwe) parkeertarieven en regels voor de verlening van parkeervergunningen. Ook streven we ernaar om de overgangsregelingen die voor de bewoners van Fase 1 zijn geïnitieerd, ook voor hen van kracht te laten zijn.
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
9.
Wanneer zijn de blauwe strepen die de parkeerplaatsen van een blauwe zone markeren verwijderd bij het Neptunusplein en het Euterpeplein?
Deze zijn half april verwijderd.
Pagina 4 van 5
Tom van Lamoen (Amersfoort voor Vrijheid)
10.
Waarom is hier niet mee gewacht tot na de uitkomst van de commissievergadering van 13 Mei 2026? Het parkeerbeleid op deze pleinen was juist een van de hete hangijzers
Met de blauwe lijnen en de borden voor betaald parkeren was er een erg onduidelijke situatie waar we veel klachten over kregen. Ook is het verkeersbesluit voor het opheffen van de blauwe zone al langere tijd geleden genomen. Wachten was daarom niet wenselijk, maar volgens het college ook niet nodig, omdat het geen relatie heeft met het verzoek van het college aan de gemeenteraad om richting te geven over de verdere uitbreiding van betaald parkeren (fase 2 en verder).
Pagina 5 van 5