Raadsvoorstel Wijziging Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022
Tekst van het document
Voorstel Cluster
: Sociaal Domein
Portefeuillehouder : Piet IJnsen Onderwerp
Nummer
:
Datum vergadering
: 26 februari 2024
: Wijziging centrumregeling SDF
Voorgesteld besluit -
Kennis te nemen van de voorgenomen wijziging van de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022. Geen gebruik te maken van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. Toestemming te verlenen aan het college van burgemeester en wethouders om het “Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022” vast te stellen. Beoogd effect
De Friese gemeenten vinden het van belang om samen te werken in het sociale domein en hebben op bepaalde onderwerpen zelfs een wettelijke plicht om samen te werken. Afspraken zijn vastgelegd in de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022. Naar aanleiding van de wijziging van de Wet gemeenteschappelijke regelingen (Wgr) is het nodig een aantal aanpassingen door te voeren in de Centrumregeling. Ook wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om een inhoudelijke aanpassing te doen. Inleiding De Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 wordt op onderdelen gewijzigd. Hieronder volgt een toelichting per onderdeel. Hierbij wordt een koppeling gemaakt tussen de artikelen uit de wet en de artikelen uit de Centrumregeling. 1. De evaluatie uit artikel 11a van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen In dit artikel is opgenomen dat iedere gemeenschappelijke regeling een bepaling moet bevatten over de evaluatie van de regeling. De bepaling kan inhouden dat niet wordt geëvalueerd. Wordt er wel geëvalueerd, dan zullen de bepalingen gaan over wat er wordt geëvalueerd, hoe vaak en op welke wijze. In de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 is op dit moment in artikel 26 het volgende opgenomen over de evaluatie: -
-
Jaarlijks wordt in het gemeentesecretarissen overleg, bedoeld in artikel 13, de stand van zaken omtrent de samenwerking besproken met als doel om bijsturing te kunnen geven. Eens in de twee jaren organiseert het gemeentesecretarissenoverleg een reflectie op de samenwerking met alle direct betrokkenen bij deze regeling, in ieder geval de portefeuillehouders, de gemeentesecretarissen en de hoofden van het sociaal domein. Deze regeling en de uitvoering daarvan wordt in het vijfde jaar, uiterlijk voor 1 oktober 2027 geëvalueerd, mede ten behoeve van besluitvorming die betrekking heeft op artikel 22, onder 2 of 3. Deze besluitvorming door de colleges en de burgemeester van de gemeenten vindt vóór 31 december 2027 plaats.
Als dit wordt getoetst aan artikel 11a van de Wgr, is te zien dat Centrumregeling voldoet aan de volgende punten: - Wat er wordt geëvalueerd? Namelijk de stand van zaken omtrent de samenwerking; - Hoe vaak er wordt geëvalueerd? Namelijk eens in de twee jaren.
In aanvulling op bovenstaande punten kan een specifieke periode opgenomen worden waarin de evaluatie plaatsvindt. Hierbij is het advies om de startdatum in te stellen op 1 oktober 2026 en de einddatum op 1 september 2027. De duur van deze periode is gekozen vanwege de omvang van deze evaluatie. Er is in 2020 een uitgebreide, langdurige evaluatie gedaan. Ook ontbreekt momenteel de wijze waarop er wordt geëvalueerd. Het advies is om op te nemen dat een onafhankelijke externe partij de evaluatie uitvoert. 2. De uittreding uit artikel 9 van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen Momenteel wordt er in artikel 23 van de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 gesproken over de uittreding én de opheffing. Aangezien de wijziging uit artikel 9 van de Wgr zich enkel richt op de uittreding, is het advies om de bepalingen over uittreding en opheffing niet langer samen te voegen, maar op te splitsen. In het wijzigingsbesluit wordt artikel 23 gewijzigd in artikel 23 en 23a. In artikel 23 van de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 is het volgende opgenomen: 1. Opheffing en uittreding is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste zes jaar na 1 januari 2022. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de gemeenten overeenstemming bestaat. 2.
Deze regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van de colleges en de burgemeesters van de gemeenten. Opheffing kan niet plaatsvinden zolang voor een van de taken bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, een wettelijke verplichting tot samenwerking bestaat, met uitzondering van de situatie waarin de deelnemende bestuursorganen voor die verplichte samenwerking reeds een ander samenwerkingsverband zijn aangegaan. 3. Indien een besluit tot opheffing of uittreding, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, geven de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen. 4. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid. Uit artikel 9 van de Wgr blijkt dat de uittredingsbepaling iets moet zeggen over de voorwaarden van uittreding, de gevolgen van de uittreding (zoals de gevolgen voor het vermogen) en de vereffening van het vermogen. In de huidige Centrumregeling ontbreekt een bepaling over de gevolgen en vereffening van het vermogen. Na het bestuderen van een andere gemeenschappelijke regeling, was te zien dat er in de Gemeenschappelijke regeling Sociale werkvoorziening Fryslân in lid 3 van artikel 2.6 gebruik wordt gemaakt van het gevolg voor het vermogen.
Onderstaand de desbetreffende bepaling: Bij uittreding stelt het algemeen bestuur de verplichtingen van de uittredende deelnemer vast. Daarbij geldt als richtsnoer dat de uittredende deelnemer aan het openbaar lichaam gedurende vijf jaar te rekenen van de datum van uittreding (de realisering daarvan) af een bijdrage is verschuldigd, welke voor het eerste jaar 100%, voor het tweede jaar 80%, voor het derde jaar 60%, voor het vierde jaar 40% en voor het vijfde jaar 20% van de laatstelijk door de deelnemer verschuldigde jaarbijdrage kan belopen. Het algemeen bestuur regelt voorts zo nodig de overige gevolgen van een uittreding. Het advies is om een voorbeeld te nemen aan artikel 2.6 van de Gemeenschappelijke regeling Sociale werkvoorziening Fryslân en een soortgelijk lid op te nemen over de (financiële) gevolgen van een uittreding. Hierbij zal de gedachtegang van deze bepaling gehanteerd worden, maar is er een aanpassing nodig van de grondslag die wordt gehanteerd in de berekening. Deze grondslag heeft betrekking op de exploitatie in het jaar waarin de uittreding wordt gedaan. Ook is het advies om de termijn met de daarbij horende percentages aan te passen.
Het voorstel hierin is om een uittredingtermijn van maximaal drie jaar op te nemen en hierbij de volgende percentages aan te houden: Daarbij geldt als richtsnoer dat de uittredende deelnemer aan het openbaar lichaam gedurende drie jaar te rekenen van de datum van uittreding (de realisering daarvan) af een bijdrage is verschuldigd, welke voor het eerste jaar 100%, voor het tweede jaar 70%, voor het derde jaar 40%. Bovenstaande punten zijn verwerkt tot artikel 23 lid 4 zoals opgenomen in het wijzigingsbesluit. De overige bepalingen uit 23 zijn behouden gebleven en komen terug in zowel het nieuwe artikel 23 en het nieuwe artikel 23a.
Overigens moet worden opgemerkt dat deze uittredingsbepaling op dit moment een puur hypothetische kwestie betreft. De Minister heeft aangeven in het kader van de hervormingen in de Jeugdzorg wettelijk verplichte samenwerking te willen opleggen. In deze wettelijke plicht wordt naar verwachting bepaald welke regio’s moeten samenwerken en hoogstwaarschijnlijk ook welke centrumgemeente hiervoor zal worden aangewezen. Dat maakt uittreding onmogelijk, aangezien we wettelijk gedwongen blijven te samenwerken in de huidige constellatie. Dus deze aanpassing is meer een cosmetische om de regeling in lijn met de Wgr te brengen.
3. Burgerparticipatie uit artikel 10 van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen Naast de extra invloed die de lokale politiek krijgt op de gemeenschappelijke regelingen, vergroot de wijziging van de Wgr ook de mogelijkheden voor inspraak van de burger. De wijziging van de Wgr voorziet in de introductie van de verplichting dat in de gemeenschappelijke regeling bepalingen zijn opgenomen over de wijze waarop ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van de regeling betrokken worden. De Wgr laat overigens de vrijheid om te regelen dat een dergelijke inspraakmogelijkheid niet geboden wordt. Net als bij de bevoegdheid tot het indienen van zienswijzen door de lokale politiek over voorgenomen besluiten van het samenwerkingsverband, kan er dus voor worden gekozen om vast te leggen dat er geen inspraakmogelijkheid is. Het advies is om hierover aandacht te besteden in het huishoudelijk reglement van SDF. De Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 ziet namelijk enkel op uitvoeringsaspecten, hierdoor is het niet noodzakelijk en wenselijk om deze bepaling op te nemen in de Centrumregeling.
EXTRA: Aanpassing van het artikel omtrent het Directeuren- en Managersoverleg Met de herziene regeling van 2022 heeft een nieuw gremium zijn intrede gedaan, te weten het Directeuren- en Managersoverleg. Dit overleg is een goed jaar onderweg en heeft zijn draai gevonden. Echter is de praktische werkwijze iets anders dan de in de regeling voorgestelde werkwijze. Dit betreft met name artikel 15 lid 1 die nu als volgt luidt: “Het managementoverleg sociaal domein bestaat uit directeur MO van de centrumgemeente en vier tot zes managers van afdelingen/sectoren sociaal domein van de gastgemeenten die worden aangewezen door zowel het portefeuillehouderoverleg WMO en Jeugd via een gezamenlijke voordracht.” Omdat vrijwel elke gemeente de mogelijkheid wil hebben aan te kunnen sluiten bij dit overleg, en indien dat niet het geval is zelf wil kunnen kiezen hoe zij zich aldaar laten vertegenwoordigen, wordt voorgesteld om het artikel aan te passen naar: “Het managementoverleg sociaal domein bestaat uit de directeur van de centrumgemeente en directeuren en/of managers van afdelingen/sectoren sociaal domein van de gastgemeenten. Een gastgemeente kan zich door een directeur en/of manager van een andere gastgemeente laten vertegenwoordigen.” Conclusie en vervolg Samenvattend wordt er geadviseerd om de Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân op drie onderdelen te wijzigen.
Daarvan komen twee wijzigingen voort uit de wetwijziging en wordt er nog een wijziging gedaan om de regeling af te stemmen op de praktische werkwijze. Het thema burgerparticipatie krijgt een plek in het huishoudelijk reglement van SDF. Met dit voorstel wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen op de voorgestelde wijzigingen zoals opgenomen in het ‘Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022’. Het advies is om geen zienswijze in te dienen en toestemming te verlenen aan het college van burgemeester en wethouders om het “Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022” vast te stellen. Het vervolgproces hangt af van of er zienswijzen worden ingediend en of hier acties uit voortkomen.
Achtergrondinformatie Met ingang van 1 juli 2022 treedt een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking. De gewijzigde Wgr dwingt tot wijziging van alle gemeenschappelijke regelingen. De wetswijziging strekt ertoe de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen te versterken. Gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen krijgen meer mogelijkheden hun hun kaderstellende en controlerende rol binnen de samenwerkingsverbanden waaraan zij deelnemen, te verstevigen. Met de wetswijziging wordt een aantal aanpassingen en aanvullingen geïntroduceerd op de al bestaande wettelijke bevoegdheden en instrumenten. Een aantal van deze wijzigingen treedt op 1 juli 2022 direct in werking, een ander deel moet binnen twee jaar geïmplementeerd zijn in alle gemeenschappelijke regelingen. De gewijzigde Wgr dwingt tot wijziging van alle gemeenschappelijke regelingen. Hoewel de wetswijzigingen voor centrumregelingen geen grote impact hebben, zijn er wel enkele zaken waar de wet van verlangt dat deze ook voor centrumregelingen gelden. De Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân valt onder werking van de Wgr is daarom een regeling waar eisen uit deze wet ook voor komen te gelden. Argumenten 1.1 De wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft ook gevolgen voor centrumregelingen.
De Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân valt onder werking van de Wgr is daarom een regeling waar eisen uit deze wet ook voor komen te gelden. De wijziging betreft slechts enkele onderdelen van de huidige Centrumregeling. Deze zijn opgenomen in het ‘Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022’. 1.2 Naast de verplichte wijzigingen wordt ook een wijziging voorgesteld om de Centrumregeling af te stemmen op de praktische uitvoering ervan. Door deze aanpassing worden alle gemeenten in de gelegenheid gesteld om het Managementoverleg sociaal domein bij te wonen of om zich in dit overleg te laten vertegenwoordigen door een directeur of manager van een andere gemeente. 2.1 Een voorgenomen wijziging van een gemeenschappelijke regeling moet aan de gemeenteraad worden toegezonden om de raad in de gelegenheid te stellen om een zienswijze in te dienen. Dit is geregeld in artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Het college van B&W kan de regeling niet eerder wijzigen dan dat de raad toestemming heeft gegeven. Kosten en dekking Met dit besluit zijn geen extra financiële middelen gemoeid. Risico’s of kanttekeningen Het niet nemen van dit besluit, heeft tot gevolg dat in strijd met de Wet gemeenschappelijke regelingen gewerkt wordt. Planning en uitvoering -
Het besluit van de gemeenteraad wordt gecommuniceerd met gemeente Leeuwarden. De vervolgstappen zijn afhankelijk van of er zienswijzen worden ingediend of hier acties uit voortkomen. Uiteindelijk zal het college van burgemeester en wethouders worden gevraagd om het “Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022” vast te stellen.
Het college van burgemeester en wethouders,
Leo Pieter Stoel burgemeester
Iwan Valk secretaris-directeur
Besluit Cluster
: Sociaal Domein
Portefeuillehouder : Piet IJnsen Onderwerp
Nummer
:
Datum vergadering
: 26 februari 2024
: Wijziging centrumregeling SDF
De raad van de gemeente Ameland, Overwegende - De wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr); - Dat de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân onder de werking van de Wgr valt en de eisen uit deze wet ook voor deze regeling gelden; - Dat door het beperkt aantal wijzigingen het nemen van een wijzigingsbesluit volstaat; Besluit: -
Kennis te nemen van de voorgenomen wijziging van de Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022. Geen gebruik te maken van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. Toestemming te verlenen aan het college van burgemeester en wethouders om het “Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022” vast te stellen.
Ballum, 26 februari 2024
Leo Pieter Stoel voorzitter
Jacqueline Metz griffier