A17 BRW Dekkingsplan 2026-2029
Tekst van het document
1
2
Deel 2: specialistische en- aanvullende taken
Vooruitblik proces
Naast basisbrandweerzorg zijn ook de specialistische en
van het proces. Met het vaststellen van dit plan wordt
aanvullende taken geanalyseerd en geëvalueerd.
de inrichtingsfase afgerond en start de uitvoeringsfase.
Voor onderstaande taken is de inrichting zodanig goed,
De wijzigingen worden geïmplementeerd en
dat er geen wijzigingen voorgesteld worden:
Brandweer Fryslân richt zich op de realisatie van de
Nieuw in dit dekkingsplan is de cyclische benadering
beschreven brandweerzorg. Eén keer per jaar wordt de Hulpverlening op hoogte (redvoertuig)
dekkingsprestatie beoordeeld op basis van daadwerkelijk
Mesthulpverlening (VIA)
bestreden incidenten. Indien dat inzicht aanleiding geeft
Specialistische hulpverlening (STH)
tot wijzigingen, start de dekkingsplancyclus opnieuw.
Duikteams (WO)
Conform het Besluit Veiligheidsregio’s wordt in ieder
Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen
geval eens per vier jaar een nieuw dekkingsplan aan het
Natuurbrandbestrijding
Algemeen Bestuur voorgelegd.
Operationele leiding Op het gebied van waterlevering en -transport, technische hulpverlening en incidentbestrijding op het water worden wijzigingen doorgevoerd. Bluswatervoorziening: Om de dekkingsgraad en beschikbaarheid van bluswater in Noord-Fryslân te vergroten wordt een kwaliteitsslag voorgesteld door het aantal waterwagens uit te breiden en waar mogelijk ongewenste dubbelfuncties op te heffen. Daarnaast worden 28 motorspuitaanhangers afgestoten, omdat ook bij de levering van bluswater geleund wordt op het netwerk. Technische hulpverlening met kraan: De analyse van Dekkingsplan 2.0 toonde voor deze taak een hoge overlap qua dekkingsgraad in de NWen ZO-hoek. Aanvullend toonde de evaluatie een relatief lage inzetfrequentie in de ZO-hoek. Om die reden gaat deze taak uitgevoerd worden met drie in plaats van vijf hulpverleningsvoertuigen. Incidentbestrijding op het water: Er is grote overlap in dekking door omliggende posten rondom post Balk (i.c.m. lage inzetfrequentie). Tegelijkertijd ontbreekt dekking in NO-Fryslân (waar uit de evaluatie bleek dat er wel incidenten hebben plaatsgevonden). Daarom wordt een oppervlakteredteam van Balk naar Ternaard verplaatst. Bovendien wordt, eveneens vanwege grote overlap en beperkte inzetfrequentie, het brandweervaartuig van Balk afgestoten.
3
SAMEN PARAAT 4
INHOUDSOPGAVE
9. Incidentbestrijding op het water
54
9.1.
Waterongevallen eenheid (WO)
55
Inleiding
6
9.2.
Oppervlakteredteam (OVRT)
56
Toelichting en leeswijzer
8
9.3.
Brandweer vaartuig (BRV)
58
9.4.
Nationale Reddingsvloot (NRV)
59
Deel 1 - Basisbrandweerzorg
10
9.5.
Olieschermen
60
1. Dekking bijstellen: huidige brandweerzorg (processtap 1)
12
1.1.
Dekkingsplan 2.0 – herziene versie
12
1.2.
Interne ontwikkelingen
12
1.3.
Externe ontwikkelingen
15
2. Beschrijven dekking (processtap 2) 2.1.
Onderzochte factoren Snelheid
19
Capaciteit
20
2.4.
Paraatheid
23
Aanpak
61 61
(TST-NB)
10.2. CCFM (CCFM)
62
10.3. Ondersteunend materiaal NBB
63
18
2.2.
3.1.
10.1. Tankautospuit Natuurbrandbestrijding
18
2.3.
3. Beoordelen dekking (processtap 3)
10. Natuurbrandbestrijding
26 26
11. Waddeneilanden
64
12. Operationele Leiding
65
12.1. Officier van Dienst (OvD)
65
12.2. Hoofd Officier van Dienst (HOvD)
66
12.3. Algemeen Commandant Brandweerzorg
66
(AC-B)
3.2.
Beoordeling snelheid
26
12.4. Commandant van Dienst (CvD)
67
3.3.
Beoordeling capaciteit
29
12.5. Adviseur Gevaarlijke Stoffen (AGS)
67
3.4.
Beoordeling paraatheid
30
12.6. Medewerker Staf Grootschalig
68
3.5.
Beoordeling werkdruk
30
Brandweer Optreden (Mw SGBO)
12.7. Woordvoerder Brandweer (WV)
68
4. Conclusie basisbrandweerzorg
31
12.8. Overig
68
Deel 2 - Specialistische- en aanvullende taken
32
13. Overige taken
69
5. Brand 5.1.
Redvoertuig (RV / HW)
6. Bluswatervoorziening 6.1.
Groot watertransport-systemen
34
13.1. Logistiek (LOG)
69
34
13.2. Verlichtingscontainer (LIH)
69
13.3. Reservevoertuigen
70
13.4. Personeel- / materieel voertuigen (PM)
70
36 36
(WTS / GWT)
14. Doorontwikkeling
71
6.2.
Waterwagen (WT / WTH)
38
14.1. Team Digitale Verkenning (TDV)
71
6.3.
Motorspuit aanhanger (MSA)
40
14.2. Operationele leiding
71
6.4.
Water inname punt (WIP)
42
7. Hulpverlening 7.1.
Hulpverleningsvoertuig-Kraan (HV-K)
44
Deel 3 - Doorkijk
72
15. Doorkijk
74
44
15.1. Dekkingsplan vaststellen (processtap 4)
74
7.2.
Mesthulpverlening (VIA)
46
15.2. Uitvoering bijstellen (processtap 5)
74
7.3.
Specialistisch Team Hulpverlening (STH)
47
15.3. Dekking uitvoeren (processtap 6)
74
15.4. Uitvoering beoordelen (processtap 7)
74
8. Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen (IBGS)
48
8.1.
48
Gaspakkenteam (GSE)
Bijlagen Bijlage 1 - Toelichting komst gebiedsgerichte
75 76
8.2.
Schuimblusvoertuig (SB)
50
8.3.
Basis ontsmettingseenheid (BOE)
51
Bijlage 2 - Overzicht aangepaste buurten
77
8.4.
Verkenningseenheden (VE)
52
Bijlage 3 - Aandachtspuntenlijst
78
Bijlage 4 - Takenoverzicht per post
79
Bijlage 5 - Wijzigingenoverzicht (postniveau)
80
Bijlage 6 - Afkortingenlijst
81
5
opkomsttijden
Inleiding Het dekkingsplan is één van de meest impactvolle documenten van Brandweer Fryslân. Los van de feitelijke en wettelijke status beschrijft het document namelijk de (repressieve) zorg die de brandweer biedt. Anders gezegd: dít is wat we doen, dít is wat de meer dan 1200 repressieve brandweercollega’s leveren aan de Friese samenleving, dág en nacht. Het dekkingsplan laat daarmee het hart zien van de Friese brandweerzorg. Het verbindt de brandweercollega’s, toont de onderlinge afhankelijkheden en laat zien hoe we elkaar versterken.
6
Paraatheid is ook meer dan een begrip: het is het primaire
complexer, groter, langduriger en repressief personeel
product dat de brandweer biedt aan de samenleving.
heeft steeds vaker te maken met uitdagingen op het
Incidenten (en de locatie ervan) kunnen we niet
gebied van werkdruk en paraatheid. Na een evaluatie in
voorspellen, maar paraat zijn als vangnet: daarvoor
2021 werd het Dekkingsplan 2.0, met een aantal beperkte
zijn we overal, dag en nacht beschikbaar. Elke post en
wijzigingen, voor de periode van 2022-2026 opnieuw
medewerker draagt hieraan bij, ook in gebieden die het
vastgesteld. Met de netwerkgedachte in haar fundament
geluk hebben minder incidenten te hebben. Wijzigingen in
liep het Dekkingsplan 2.0 vooruit op de thema’s werkdruk
dit dekkingsplan zijn dan ook primair geredeneerd vanuit
en paraatheid. In de landelijke systematiek hebben deze
dekking, en secundair op de aantallen incidenten.
thema’s een formele plek gekregen.
Voor Brandweer Fryslân is dit de vierde keer dat er een
Door de jaren heen is het hart van Brandweer Fryslân
dekkingsplan geschreven wordt. Na de regionalisering in
onveranderd. De toekomstverkenning in 2023 vatte dit
2014 was het eerste dekkingsplan een feitelijke status quo
samen in de uitspraak ‘Tegearre binne wy der, hjoed
zonder wijzigingen ten opzichte van de gemeentelijke
en moarn’. Brandweer Fryslân is trots op wat ze samen
inrichting. In het daaropvolgende ‘Dekkingsplan 2.0 –
bereikt heeft, en bouwt daar in het volste vertrouwen op
Samen paraat’ maakten we de transitie van historisch
verder. Dat niet alles hetzelfde zal blijven is onvermijdelijk.
gegroeid naar een inhoudelijk beredeneerd plan.
Tegelijkertijd gaat dat alle medewerkers ook aan het hart, zeker bij posten waar taken veranderen of taken verplaatst
Het besef dat Brandweer Fryslân een netwerkorganisatie
worden naar andere posten. In alle gevallen toont het de
is werd hier expliciet benadrukt. Alleen sámen kunnen
kracht en passie van Brandweer Fryslân: sámen zijn wij er
wij incidenten het hoofd bieden, want de uitdagingen
voor de samenleving. Gisteren, vandaag en morgen.
die op de posten afkomen zijn legio. Incidenten worden
Figuur 1
7
TOELICHTING EN LEESWIJZER Specialismen en aanvullende taken
Het dekkingsplan dat voorligt, is opgesteld via de handreiking landelijke uniforme systematiek dekkingsplannen (hierna genoemd: de handreiking). Het is een generieke methode voor het bepalen van opkomsttijden van basisbrandweereenheden en het kunnen analyseren van de vereiste prestaties. Bovendien omvat het een cyclisch proces en draagt het bij aan het bestuurlijke en vakinhoudelijke gesprek over de brandweerzorg.
Het beoordelingskader in de handreiking spitst zich toe op basisbrandweereenheden. Dit dekkingsplan beschrijft ook overige specialismes en aanvullende taken, zodat het dekkingsplan beter als basis kan dienen voor toekomstige voorzienbare en onvoorzienbare wijzigingen binnen de repressieve inrichting. Deze zijn beoordeeld aan de hand van normen uit het Dekkingsplan 2.0.
Bestuurlijke opdracht en overige bouwstenen
De handreiking wordt sinds enkele jaren toegepast en bouwt voort op decennialange praktijkervaring van de brandweer, gecombineerd met inzichten uit het programma RemBrand en het rapport ‘Brandveiligheid is een coproductie’. De bandbreedtes van Rembrand zoals deze bij het Dekkingsplan 2.0 toegepast werden, worden losgelaten in dit dekkingsplan. Deze zijn in de handreiking vervangen door gebiedsgerichte opkomsttijden (GGO). Een nadere toelichting op de gebiedsgerichte opkomsttijden ten opzichte van object gebonden opkomsttijden is te vinden in bijlage 1.
Het bestuur van Veiligheidsregio Fryslân heeft voorafgaand aan het opstellen van dit dekkingsplan de opdracht gegeven om het netwerk van 66 posten, van waaruit de basisbrandweerzorg geleverd wordt, te behouden en kritisch te kijken naar de inrichting van de specialistische en aanvullende taken. Naast deze opdracht, het wettelijk kader en de handreiking zijn ook andere beleidsstukken als bouwsteen gebruikt voor dit dekkingsplan. Denk dan aan het incidentrisicoprofiel, een adviesdocument van het project Fjoer en Wetter, natuurbrandbestrijding of de notitie over schuimblussing.
8
Leeswijzer De indeling van dit document komt grotendeels voort uit de processtappen uit de handreiking. Deel 1 richt zich op de primaire dekking van de basisbrandweereenheden en omvat processtappen 1 t/m 3 uit de handreiking. Hoofdstuk 1 beschrijft de aanleidingen en noodzaak tot het opstellen van een nieuw dekkingsplan, zoals interne en externe ontwikkelingen, en wijzigingen ten opzichte van het oude dekkingsplan. Hoofdstuk 2 beschrijft de huidige dekking van basisbrandweerzorg. Hoofdstuk 3 geeft de indeling van risicocategorieën weer (het brandrisicoprofiel voor basisbrandweerzorg), en de mate waarin voldaan wordt aan de daarvoor geldende opkomsttijden. Deel 2 gaat in op de dekking van specialistische en aanvullende taken en kan daarmee gezien worden als materieelspreidingsplan. Hoofdstuk 4 t/m 14 beschrijft de taken brand, hulpverlening, incident¬bestrijding gevaarlijke stoffen, incidentbestrijding op het water, natuurbrandbestrijding, operationele leiding en overige taken. Deel 3 geeft een doorkijk op de resterende vier processtappen uit de handreiking. Het betreft komende processtappen die onderdeel uitmaken van de cyclische benadering om het dekkingsplan in de toekomst te blijven herzien. 2 dekking beschrijven
1 dekking bijstellen
inrichting
veranderen
Figuur 2 - Dekkingsacht
3 dekking beoordelen
vaststellen
4 dekkingsplan verwezenlijken
5 bijstellen uitvoering
verantwoorden
uitvoering
7 beoordelen uitvoering
6 uitvoeren dekking
9
Deel 1 Basisbrandweerzorg In dit eerste deel van het dekkingsplan is de basisbrandweerzorg in Fryslân uitgewerkt aan de hand van de landelijke uniforme systematiek voor dekkingsplannen en daarvoor zijn de processtappen doorlopen die in de handreiking zijn opgenomen. Het deel is ingedeeld op basis van de hoofdstukken: dekking bijstellen, beschrijven dekking en beoordelen dekking.
10
11
1. DEKKING BIJSTELLEN: HUIDIGE BRANDWEERZORG (PROCESSTAP 1) Dit hoofdstuk schetst de regionale context die dient als vertrekpunt voor het opstellen van een nieuw dekkingsplan. Brandweer Fryslân maakt inzichtelijk welke ontstane of voorgenomen wijzigingen in de ruimtelijke orde, gebruik gebouwen en/of de organisatie van invloed zijn op de regionale dekking en zo ja, in welke mate. Het huidige bestuurlijk vastgestelde ‘Dekkingsplan 2.0 – herziene versie’ is hiervoor als referentiekader gebruikt.
1.1
Dekkingsplan 2.0 – herziene versie
In 2017 stelde het bestuur het ‘Dekkingsplan 2.0 Samen
Minder structureel, maar afhankelijk van de lokale
Paraat’ vast, en benadrukte hiermee het belang van
omstandigheden, ondersteunen beroepskrachten in de
de netwerkorganisatie. In het plan werd duidelijk dat
dagsituatie meerdere vrijwillige posten in de paraatheid.
de gewenste brandweerzorg geleverd wordt in een netwerk van uiteindelijk 66 posten en meer dan 1200
De repressieve inrichting van de brandweer is gebaseerd
zeer betrokken medewerkers, waarvan het merendeel
op een stand-by situatie waarbij alle voer- en/of
vrijwillig. Het plan gold voor 4 jaar, is in 2021 geëvalueerd
vaartuigen beschikbaar op de brandweerkazernes staan.
en heeft (in een beperkt herziene variant) een looptijd
Elke inzet heeft direct invloed op de repressieve dekking
tot 2026. Het (herziene) Dekkingsplan 2.0 kent een
van het betreffende verzorgingsgebied. Hierbij houden
inhoudelijke basering op het ‘RemBrand’-gedachtegoed.
we geen rekening met gelijktijdigheid van incidenten.
De normeringen hierin zijn destijds gebruikt om tot een balans tussen risico’s enerzijds en brandweerzorg
1.2.2. Vrijwilligers
anderzijds te kunnen komen. Vanuit de netwerkgedachte
Van de 66 posten in Brandweer Fryslân wordt – van
liep het Dekkingsplan 2.0 ook al vooruit op de thema’s
oudsher - 65 bemenst door vrijwilligers, en wordt
werkdruk en paraatheid, die nu in de landelijke
uitgegaan van opkomst op basis van vrije instroom.
systematiek een formele plek hebben gekregen. Dit zorgt
Dit houdt in dat vrijwilligers door de meldkamer worden
ervoor dat bij de overgang van het huidige Dekkingsplan
gealarmeerd om vervolgens vanuit hun verblijfplaats
2.0 naar de landelijke systematiek voor Dekkingsplannen
op te komen naar de brandweerkazerne, waarna
het voor wat betreft basisbrandweer-zorg niet tot
wordt uitgerukt naar het incident. Als de paraatheid
wezenlijke verschillen heeft geleid.
erom vraagt kan er gebruik gemaakt worden van één van de volgende dienstmodellen: 24-uursbezetting, dagbezetting, kazernering, ploegensysteem en/of
1.2
Interne ontwikkelingen
incidentele consignatie.
1.2.1. Repressieve inrichting De repressieve brandweerorganisatie van Veiligheidsregio
Het is bekend dat een post soms minder vrijwilligers
Fryslân bestaat uit 66 brandweerkazernes, verspreid
beschikbaar heeft om uit te rukken dan noodzakelijk is.
over 18 gemeenten. Twee geografisch over de regio
Brandweer Fryslân is daarom vanaf 2017 ingericht
verspreidde afdelingen sturen de posten aan. De
als een robuust netwerk van vrijwillige posten om
hoofdpost Leeuwarden – Aldlânsdyk heeft voor de basis-
een betrouwbare paraatheid te kunnen leveren en
en specialistische brandweerzorg een beroepsbezetting.
zodoende repressieve dekking te kunnen realiseren.
De post Leeuwarden – Noord wordt in de dagsituatie
Ook kan een post een beroep doen op de zogenaamde
(maandag tot en met vrijdag van 07.30 tot 17.30 uur)
paraatheidspoule, waarbij per situatie gekeken wordt
beroepsmatig bemenst. Aanvullend op de brandweerzorg
of er beroepspersoneel beschikbaar is om de post in de
vanuit de posten zijn er continu 12 functionarissen
dagsituatie te ondersteunen in haar paraatheid.
op piket beschikbaar voor operationele leiding en ondersteuning.
12
1.2.3. Beroepsmatig repressieve medewerkers
1.2.5. TS-Flex
De post Leeuwarden Aldlânsdyk kenmerkt zich door een
brandweervrijwilligers op te vangen hebben de
beroepsbezetting. Het betreft hier een 24-uursdienst en
posten een vakbekwaamheidsprogramma doorlopen
een repressieve dagdienst. Samen met de vrijwilligers
om met minder dan zes personen met een TS-Flex de
van post Noord draagt zij zorg voor continu voldoende
incidentbestrijding te beginnen. Hierbij geldt het principe
operationele slagkracht. Het risicobeeld van de gemeente
‘TS6 als het kan, TS-Flex als het moet’, waarbij we in de
Leeuwarden met veel inwoners, hoogbouw in het
basis werken met een standaard TS6. Maar wanneer de
Noorden, een oude binnenstad, ziekenhuis, gevangenis,
opkomst hiervoor onvoorzien niet toereikend is, staan
vliegbasis en een groot aantal inzetten en specialismen
we optioneel het uitrukken tot en met het minimum van
in combinatie met de vastgestelde opkomsttijden
een TS 4 toe. Deze eenheid bestaat uit een standaard
vraagt om een snelle uitruktijd en beroepsbezetting.
tankautospuit en vier personen: een bevelvoerder,
Dagdienstmedewerkers zijn op andere kazernes ook
een chauffeur/voertuigbediener en minimaal twee
aanwezig, maar draaien daar vaak niet in een hard rooster
manschappen. Het TS-Flex beleid geldt alleen voor de
mee in de uitruk. Zij rukken, mits aanwezig en wanneer
basisbrandweerzorg: voor de specialistische taken is geen
de werkzaamheden het toelaten, meestal uit samen met
beleid ontwikkeld om (ten negatieve) af te wijken van de
opgeroepen vrijwilligers. Bovendien wordt een groot
vereiste personele bezetting. Brandweer Fryslân maakt
deel van de piketfuncties ingevuld door collega’s die een
geen gebruik van samengestelde eenheden.
Om de trend van verminderde paraatheid bij
beheersmatige functie binnen Brandweer Fryslân hebben. De medewerkers in de 24-uursdienst en repressieve
1.2.6. Interne afspraken omtrent alarmering
dagdienst leveren ook een beheersmatige bijdrage in de
Via een één-weg pagersysteem alarmeert de meldkamer
koude organisatie. Zij voeren werkzaamheden uit voor de
momenteel Friese brandweereenheden. Bij niet-voorziene
functionele gebieden Materieelbeheer, Vakbekwaamheid,
paraatheidsproblemen kan daar via dit systeem niet over
Risicobeheersing en Planvorming.
gecommuniceerd worden met de meldkamer. Een tweeweg pagersysteem kan dat wel. Het grote voordeel van
1.2.4. Uitruk op Maat
een dergelijk systeem is dat de oplopende opkomsttijd
De basisbrandweerzorg is in Brandweer Fryslân gebouwd
beperkt wordt, doordat een buurpost sneller gealarmeerd
op een volledig bemenste TS (TS6) als uitgangspunt. De
kan worden. Brandweer Fryslân ziet meerwaarde in deze
personele formatie van alle posten is gericht om dit te
functionaliteit. In de afgelopen jaren heeft Brandweer
kunnen leveren. Deze inrichting is in lijn met de wet
Fryslân hier al onderzoek naar gedaan, en is destijds in
en het Besluit Veiligheidsregio’s, en is opgehangen aan
afstemming met de Bestuurscommissie Veiligheid besloten
het maatgevende incident ‘Brand gebouw’. Dit vereist
om een aantal jaren te wachten totdat er robuustere
de inzet van een tankautospuit met zes personen (TS6),
en gebruiksvriendelijkere twee-weg pagers op de markt
hoewel het merendeel van de (níet-maatgevende)
zouden komen. In 2025 neemt Brandweer Fryslân hier
incidenten een lichtere inzet vraagt.
opnieuw een standpunt over in. Mogelijk wordt in 2026 tot aanschaf van de twee-weg pagers overgegaan. Hier wordt te zijner tijd met het bestuur over gesproken.
Het landelijk kader Uitruk op Maat (UoM) geeft mogelijkheden in het differentiëren van de inzet van mensen en middelen naar incidenttypes en risico’s. Door
De gebruikte paraatheidssystemen (Brandweerrooster,
te differentiëren kan de brandweer op modulaire wijze
WiiB) worden momenteel gebruikt om de posten
nabij of op de plaats incident een tankautospuit en zes
vooraf inzage te bieden in de beschikbaarheid van hun
personen samenstellen. Veiligheidsregio’s zijn binnen de
ploegleden. Het biedt de posten de mogelijkheid om
wettelijke kaders vrij de eigen werkvorm te kiezen.
maatregelen te treffen bij onvoldoende beschikbaarheid,
De uitgangspunten staan beschreven in het ‘Bijgesteld
zoals uitmelden en/of het organiseren van
Landelijk Kader Uitruk op Maat’. Veiligheidsregio
beroepsondersteuning uit de flexibele schil.
Fryslân kent de volgende optionele afwijking van de basisbrandweereenheid:
13
1.2.7. Samenwerking externe partijen
Vanaf 2022 is Brandweer Fryslân projectmatig bezig
In Veiligheidsregio Fryslân zijn geen bedrijven die een
om deze vorm van incidentbestrijding aanzienlijk te
aanwijzing hebben tot het instellen van een bedrijfs-
verstevigen. Met de door het bestuur in 2023 extra
brandweer. Een tweetal bedrijven hebben een extra-
beschikbaar gestelde middelen heeft Brandweer
uitgeruste BHV-organisatie: Douwe Egberts in Joure en
Fryslân hiervoor de aanschaf in gang gezet voor
Philips in Drachten. Met beide bedrijven is afgesproken
specialistische eenheden. In dit dekkingsplan wordt
dat zij niet ingezet worden op publiek terrein.
de inrichting voor deze taak opgenomen.
•
Het militair terrein van de Vliegbasis Leeuwarden
Mesthulpverlening
heeft voor het vliegverkeer beschikking over eigen
In de provincie Fryslân is een grote agrarische
brandweerzorg. Deze wordt bij alarmeringen op het
sector. Omdat incidenten met mestputten (in
militair terrein als eerste zélf gealarmeerd, en conform
combinatie met vee en/of grote huisdieren) frequent
het rampenbestrijdingsplan worden de benodigde civiele
voorkwamen is Brandweer Fryslân in 2019 begonnen
hulpverleners ook gealarmeerd.
met het specialistische taak mesthulpverlening. Vijf teams zijn toen aanvullend uitgerust en opgeleid
1.2.8. Doorontwikkeling brandweerzorg
voor het bestrijden van dergelijke incidenten. Anno
In de jaren van het huidige dekkingsplan (2017-2025)
2024 zijn hiervan vier teams over. In dit dekkingsplan
heeft Brandweer Fryslân een aantal ontwikkelingen
wordt de inrichting voor deze taak opgenomen.
doorlopen die niet in het (herziene) Dekkingsplan 2.0
•
vermeld zijn. In dit dekkingsplan worden deze wel
Bluswatervoorzieningen Brandbestrijding is onlosmakelijk verbonden met
opgenomen. De ontwikkelingen zijn:
het voorhanden hebben van bluswater. Ook als een •
Specialistisch en Grootschalig Brandweer Optreden (S-GBO)
brand te groot is om nog bestreden te kunnen
Voor specialistisch- en grootschalig brandweer
te voorkomen dat de brand zich uitbreidt naar een
optreden (S-GBO) volgt Brandweer Fryslân de
naastgelegen perceel. In 2019 heeft Brandweer
landelijke visie op GBO. Deze visie is in 2019
Fryslân, in opdracht van de Bestuurscommissie
grotendeels geïmplementeerd, maar destijds niet
Veiligheid, dan ook beleid op
opgenomen in het dekkingsplan.
bluswatervoorzieningen opgesteld. Om de benodigde
worden, is voldoende bluswater een vereiste om
middelen gemotiveerd al dan niet op te nemen in het
•
Operationele leiding
nieuwe dekkingsplan is in 2024 projectmatig
Hiermee wordt gedoeld op de operationele
onderzocht in hoeverre hiertoe nog noodzaak is. De
structuur van incidentbestrijding vanuit de
adviezen zijn verwerkt in het nieuwe dekkingsplan.
brandweer. Deze structuur loopt uiteen van de
•
basisbrandweerzorg (waar een bevelvoerder de
•
Ondersteuningspeloton Schiermonnikoog
eerste operationele leidinggevende is) tot aan GRIP2,
Op Schiermonnikoog wordt, ter ondersteuning
waarbij de Algemeen Commandant Brandweer (AC-B)
van de brandweereenheid, gebruik gemaakt
de hoogst operationeel leidinggevende is. Een deel
van een zgn. ondersteuningspeloton. Deze eenheid
ervan wordt geleverd vanuit de basisbrandweerzorg,
bestaat uit vrijwilligers van het eiland (niet zijnde
en was daardoor vanaf 2017 vermeld in het
brandweervrijwilligers) die hand en spandiensten
Dekkingsplan 2.0. Een ander deel wordt geleverd
verrichten om de brandweereenheid en de
vanuit de (S-)GBO inrichting. Aangezien deze
andere hulpdiensten te ontlasten. Brandweer Fryslân
werkwijze niet vermeld was in het dekkingsplan,
faciliteert deze eenheid met een specifieke
was dit deel van de operationele leiding (en
aanstelling, ongevallenverzekering en
ondersteuning) niet volledig in beeld.
vakbekwaamheidsactiviteiten.
Natuurbrandbestrijding
•
Doorontwikkeling bouwagenda
In 2023 is natuurbrand in de Nationale risicoanalyse
Brandweer Fryslân kent 66 kazernes, waarvan de
geclassificeerd als ‘zeer waarschijnlijk’. Ook in Fryslân
meeste in eigendom van de Veiligheidsregio zijn.
vraagt het aandacht. Zowel in het voorkomen van-,
Sinds de regionalisering in 2014 werkt Brandweer
voorbereiden op- en het bestrijden van
Fryslân planmatig aan een kwaliteitsverbetering
daadwerkelijke incidenten.
van het vastgoed (lees kazernes).
14
Hiervoor zijn twee instrumenten ingezet: de
verkenningseenheid. Vanuit een financieel-
portfolio-analyse wat een belangrijk ondersteunend
economisch standpunt en in het licht van de
instrument is voor het bepalen van de
verduurzaming van het wagenpark is er een behoefte
prioriteitsvolgorde bij vervanging en/of verbetering
om de inzet van ondersteunende voertuigen te
van kazernes (de zogeheten Bouwagenda).
evalueren.
Nieuwbouw vindt plaats op basis van een blauwdrukaanpak. Per type kazerne (compact,
1.3
middel, groot) is er een basisontwerp. Dit is o.a.
1.3.1. Geografie en demografie
Externe ontwikkelingen
effectief voor de ontwerpfase. Na de bouw van de
Veiligheidsregio Fryslân (VRF) is congruent aan de
eerste kazerne volgens dit principe heeft een
grenzen van de provincie Fryslân. De vijf omringende
evaluatie plaatsgevonden. Op basis hiervan is in
Veiligheidsregio’s zijn: Groningen, Drenthe, Overijssel,
samenhang met de noodzaak om bouwkosten in de
Flevoland en Noord-Holland-Noord. De provincie Fryslân
hand te houden een bijgestelde blauwdruk voor de
heeft een oppervlakte van 5.753 km² en bestaat voor
compacte kazerne ontwikkeld. Deze is goed
59% uit land, voor 30% uit buitenwater en voor 11% uit
ontvangen bij posten. Zo blijft nieuwbouw van
binnenwater. Een aanzienlijk deel van het land ligt net
kazernes nog mogelijk. Tegelijkertijd bereidt
onder de zeespiegel. Het grootste deel van de Waddenzee
Brandweer Fryslân zich voor op de periode na afloop
valt onder de regio Fryslân. Tot de regio behoren de
van de bouwagenda. Om vorm te geven aan
bewoonde eilanden Vlieland, Terschelling, Ameland en
toekomstbestendige, functionele en betaalbare
Schiermonnikoog.
huisvesting is gestart met de ontwikkeling van een De provincie Fryslân kent vanwege het vele water diverse
strategisch huisvestingsprogramma.
meren, rivieren en kanalen. Vanuit Leeuwarden lopen
•
Energietransitie: verduurzaming wagenpark
spoorlijnen naar Harlingen, Stavoren, Heerenveen en
Brandweer Fryslân kent een groot wagenpark, zowel
Groningen. Voor autoverkeer zijn er vier snelwegen: de
voor brandweerzorg (repressief) als voor
A6, A7, A31 en A32.
ondersteunende taken. Duurzaamheid is een steeds belangrijker thema voor het wagenpark. Op
Verspreid over 18 gemeenten wonen in de provincie
grond van wet- en regelgeving en maatschappelijke
Fryslân ruim 660.000 mensen. Fryslân is met haar
ambitie is er de noodzaak om uitstoot zoveel
oppervlakte verreweg de grootste en qua inwonertal
mogelijk te minimaliseren, waarbij voor repressieve
de twaalfde Veiligheidsregio in Nederland. De
voertuigen de veiligheidsfunctie leidend blijft. Dit
bevolkingsprognose (CBS, 2022) laat een krimp van
betekent dat bij vervanging binnen het wagenpark
de bevolking en een toenemende vergrijzing in de
de insteek is om zoveel mogelijk voertuigen met
plattelandsgemeenten zien. De prognose van het
beperkte tot geen emissie te verwerven, zoals
afnemen van de inwonersaantallen zal voornamelijk
hybride en elektrische voertuigen. Deze ontwikkeling
het resultaat zijn van het overlijden van de grote
heeft ook financiële effecten: vervangende
babyboomgeneratie.
voertuigen blijken dikwijls duurder te zijn. Daarnaast vraagt dit een goede infrastructuur voor de brandstofvoorziening. De komende jaren ontstaat er meer zicht op de (financiële) impact van deze ontwikkelingen.
•
Gebruik ondersteunende voertuigen Elke brandweerpost beschikt sinds 2017 over een ondersteunend voertuig voor personeel- en materieelvervoer. Dit voertuig wordt bijvoorbeeld gebruikt tijdens oefenmomenten, vervoer van cursisten naar een opleidingslocatie. In de jaren na de introductie heeft het voertuig in een aantal gevallen ook een repressieve rol gekregen, bijvoorbeeld bij het narijden naar een incident in het eigen operationele gebied, het vervoeren van een aanhanger tijdens incidenten en het inzetten als vervoer van een 15
1.3.2. Toekomstverkenning Brandweer Fryslân In 2023 heeft Brandweer Fryslân een toekomstverkenning
Sindsdien zijn diverse (grote) gemeenten in Nederland
uitgevoerd, in navolging op de provinciale
hiermee gaan experimenteren. Binnen Fryslân hebben
toekomstverkenning van de Veiligheidsregio Fryslân. Eén
de Provincie Fryslân en een aantal gemeenten hierover
van de zaken die hierin naar voren kwam is de gebleken
beleidsvoornemens ontwikkeld, en is de verwachting dat
kracht van de netwerkorganisatie. Dit heeft geresulteerd
in de komende jaren steeds meer wegen aangewezen
in een robuust stelsel waarbij posten elkaar ondersteunen
worden waarop maximaal 30 km/u gereden mag
in het leveren van brandweerzorg. Ook gaf de verkenning
worden. Een impact op brandweerzorg is op voorhand
zicht op een verwachtte toename aan de behoefte in
niet te schetsen; in de landelijke afwegingsschema’s
maatwerk. Zeker bij landelijk gelegen posten is het niet
en gemeentelijke plannen wordt weliswaar rekening
meer vanzelfsprekend dat wonen en werken in dezelfde
gehouden met behoeften van noodhulpdiensten, maar
omgeving plaatsvindt. Overdag zorgt dit in toenemende
het betekent ook dat brandweervrijwilligers minder snel
mate voor paraatheidsuitdagingen, waarvoor creatief
op de kazerne kunnen zijn. Dit dekkingsplan is gebaseerd
maatwerk (zoals flexwerken of werken vanuit een
op berekeningen gebruikmakend van huidige actuele
kazerne, maar ook andere samenstellingen van eenheden
snelheden op de verschillende wegdelen. Doorgevoerde
en/of takenpakketten) vereist is om antwoord te bieden
wijzigingen door gemeentes kunnen aanleiding zijn tot
aan dergelijke uitdagingen. Landelijk wordt de komende
bijstellen van de dekking.
jaren nagedacht over anders inrichten van het repressieve functiehuis van Brandweer Nederland, mede omdat deze
1.3.6. Ruimtelijke ontwikkelingen
worsteling ook in andere regio’s herkend wordt.
Ook in Fryslân is sprake van woningnood. Zowel in de stedelijke als in de plattelandsgebieden is behoefte tot
1.3.3. Rechtspositie vrijwilligers
het creëren van nieuwe woningen. In combinatie met
De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat de
de vergrijzing is een behoefte zichtbaar op zogenaamde
huidige rechtspositie van brandweervrijwilligers geen
nultredenwoningen en geclusterde woningen; woningen
vanzelfsprekendheid is. Er ontstonden o.a. vraagtekens
die geschikt zijn voor minder-zelfredzame ouderen. Dit
over het inhoudelijke onderscheid tussen beroepsmatig
heeft mogelijk ook impact op het brandrisicoprofiel.
en vrijwillig brandweerpersoneel en over de vraag in
Ook de energietransitie heeft effect op de ruimtelijke
hoeverre vrijwillig brandweerpersoneel een alarmering
ontwikkelingen: toenemende isolatie, ecologische
mocht weigeren. Hoewel er op dit moment geen concrete
bouwmaterialen, toenemend gebruik van zonne-energie
wijzigingen verwacht worden, blijft de kans bestaan
en alternatieve energievoorzieningen in- en rondom
dat de (Europese) overheid hierin op termijn alsnog
woningen (zoals thuis- en wijkbatterijen) zorgen voor
aanpassingen nodig achten.
verandering in brandrisico’s. Dit dekkingsplan gaat uit van de huidige ruimtelijke indeling. Daar waar de brandweer
1.3.4. Interregionale afspraken
naar verwachting laat is, wordt het des te belangrijker
Brandweer Fryslân heeft op een aantal vlakken
dat de functionele gebieden Risicobeheersing extra
interregionale afspraken. Op detailniveau betreft
inspanning leveren, bijvoorbeeld door Brandveilig Leven-
dit het inzetten van basisbrandweerzorg rond de
programma’s.
provinciegrenzen. Brandweer Fryslân helpt de buurregio’s en visa versa. Op het niveau van specialistisch grootschalig brandweeroptreden levert Brandweer Fryslân in NoordNederland het Specialistisch Team Hulpverlening (STH), wat o.a. ingezet kan worden bij instortingen. Ook draagt Brandweer Fryslân voor incidenten op het water bij aan de Nationale Reddingsvloot (NRV); de landelijke hybride organisatie van Brandweer en Reddingsbrigades.
1.3.5. Verlaging maximumsnelheid binnen de bebouwde kom In 2020 heeft de Tweede Kamer ingestemd met een motie om de maximumsnelheid in de bebouwde kom te verlagen van 50 naar 30 km/u.
16
17
2. BESCHRIJVEN DEKKING (PROCESSTAP 2) Dit hoofdstuk beschrijft de verwachte dekking van basisbrandweerzorg in het verzorgingsgebied van Brandweer Fryslân. Aan de hand van de handreiking Gebiedsgerichte Opkomsttijden wordt inzichtelijk waar de brandweer repressief toe in staat is onder de beschreven situatie uit hoofdstuk 1.
2.1
Onderzochte factoren
Het inzicht ontstaat door vier factoren te beschrijven:
Factor
Onderwerp
Snelheid
Maatgevend scenario Snelste hulp ter plaatse
snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk. Enkel
Capaciteit
voor de factoren snelheid en capaciteit bestaat een
Slagkracht Grootschalig optreden
beoordelingskader. Door toch ook de factoren paraatheid Paraatheid
en werkdruk te beschrijven wordt er een beter inzicht
Beschikbaarheid Gelijktijdigheid
in de dekking gecreëerd. Het tabel hiernaast geeft weer
Restdekking
op basis van welke onderwerpen de factoren beschreven Werkdruk
worden.
Alarmeringsfrequentie
2.1.1. Prognose opkomsttijd Voor de factoren snelheid en capaciteit is de prognose van de opkomsttijd van belang. De opkomsttijd bij een incident is de tijdsduur tussen de melding van een hulpvraag bij de meldkamer tot het moment waarop de brandweereenheid op de incidentlocatie arriveert. Onder prognose wordt in dit verband de verwachte opkomsttijd voor een specifieke locatie verstaan. De opkomsttijd bestaat uit drie tijdselementen, namelijk meldkamertijd, uitruktijd en rijtijd. Onderstaande figuur geeft dat schematisch weer. incident
hulp arriveert
hulpvraag
proces burger
opkomsttijd alameren
proces meldkamer
meldkamertijd uitruk
aanname proces brandweer
uitruktijd
rijtijd eerste eenheid ter plaatse
pager alarm
Meldkamer De meldkamertijd is de tijd die de meldkamer nodig
Het betreft hier dezelfde data als die is gebruikt voor de
heeft om een incident aan te nemen, triage te plegen,
kazernevolgordetabel (KVT).
en passende eenheden te alarmeren. Voor het bepalen van dit dekkingsplan is de meldkamertijd berekend op
Rijtijd
70 seconden. Het is berekend aan de hand van alle prio-
De rijtijd is de tijd tussen het vertrek vanaf de uitruklocatie
1 meldingen in de periode 2021 tot en met 2023. Dit
tot de aankomt bij een incidentlocatie. Voor het bepalen
tijdselement is voor iedere bepaling van de verwachte
van de verwachte rijtijd is de Wegstatus Module in de
opkomsttijd voor het gehele verzorgingsgebied van
applicatie CARE-DRIvE gebruikt. Hierin is het wegennet
Brandweer Fryslân hetzelfde.
opgedeeld in straatdelen, en heeft ieder deel een eigen gemiddelde snelheid die is vastgesteld aan de hand van de
Uitruktijd
daadwerkelijk gereden snelheid door personenvoertuigen
De uitruktijd is de tijd tussen de alarmering van een
over een periode van vier jaar. Dit zijn zogenaamde
eenheid en de uitruk naar een incident. De uitruktijden
speedprofiles.
zijn per post berekend op basis van gerealiseerde tijden in de periode van 2021 tot en met 2023.
18
2.2.
Snelheid
Snelheid beschrijft de best geschatte tijd waarmee de
De snelheid wordt beschreven op basis van de dag-situatie.
eerste hulpverlening bij een incident ter plaatse kan zijn.
Enerzijds omdat er, met uitzondering van Post Noord,
Het gebied waar een basisbrandweereenheid het snelst
binnen de regionale dekking geen onderscheid wordt
is ten opzichte van andere basisbrandweereenheden
gemaakt naar tijdstip van de dag. Anderzijds omdat in de
noemen we het operationele gebied van die eenheid.
ANW-situatie ten opzichte van de dag-situatie de prestatie
Omdat conform de handreiking het incidenttype
in slechts 3% van de vakken verandert.
gebouwbrand als maatgevend scenario is genomen, wordt in dit verband gesproken over basisbrandweereenheden.
De volgende afbeelding toont de snelheid van opkomst
De wet schrijft een TS6 als basisbrandweereenheid voor.
van een basisbrandweereenheid (de eerste TS) in de dag-
Met behulp van de factor opkomsttijd wordt inzicht in de
situatie weer. Hoe lichter de kleur, hoe sneller de eenheid
snelheid gegeven.
ter plaatse is.
Wanneer dezelfde prestatie in een S-curve wordt weergegeven, dan ziet dat er als volgt uit. Hierbij is de dekking op objectniveau berekend. De grafiek hiernaast geeft op de horizontale as de opkomsttijd weer, en in de verticale as staat het percentage objecten dat wordt bereikt. In de dagsituatie blijkt dat bij het maatgevend scenario gebouwbrand de eerste TS in 30% van de gevallen binnen 7 minuten ter plaatse is bij het incident. Voor 90% van de objecten is dat binnen 12 minuten. 19
2.3
Capaciteit
2.3.1
Slagkracht
Capaciteit bestaat uit slagkracht en grootschalige- en
Slagkracht1 is het vermogen om bij opschaling tijdig
langdurige inzetten. Dit wordt beschreven omdat de
meerdere eenheden tot een maximum van drie
dekking niet enkel wordt bepaald door de snelheid
tankautospuiten bij het incident ter plaatse te krijgen.
waarmee eenheden bij een incident ter plaatse kunnen
De basisbrandweerzorg voorziet in een slagkracht tot
zijn, maar ook door de beschikbaarheid van voldoende
maximaal drie tankautospuiten en één bijzonder voertuig
eenheden bij opschaling.
onder leiding van een officier van dienst. Een inzet met meer dan drie tankautospuiten wordt grootschalig genoemd. Onderstaande afbeelding laat zien hoeveel TS’en binnen vijftien minuten ter plaatse kunnen zijn. Hoe donkerder de vlek, hoe lager de slagkracht.
1
NB. In Dekkingsplan 2.0 werd dit onderdeel beschreven als toegevoegde waarde van een kazerne. In tabel-vorm werd
toen inzichtelijk gemaakt wat voor bijdrage posten hadden als 2e eenheid in een naastgelegen operationeel gebied. Conform de handreiking wordt dit nu onder de noemer slagkracht inzichtelijk gemaakt, en uitgebreid met de 3e eenheid. 20
Aanvullend toont onderstaande afbeelding binnen hoeveel minuten drie TS’en ter plaatse kunnen zijn. Hoe donker der de vlek, hoe langer het duurt voordat de derde TS ter plaatse is.
In deze afbeelding valt de classificatie van de
Onderstaande S-curve laat zien hoe snel de eerste, tweede
Waddeneilanden op. De posten op de eilanden zijn
en derde TS bij het maatgevend scenario gebouwbrand
uitgerust met maximaal twee TS’en, en dus moet de derde
ter plaatse kunnen zijn. Het toont welk percentage van
TS altijd van vaste wal komen, en heeft daarom hoge
de objecten (verticale as) bereikt wordt in een bepaalde
opkomsttijd. Brandweer Fryslân heeft afspraken met de
opkomsttijd (horizontale as). Uit de S-curve blijkt dat in
veerdiensten over het overbrengen van materieel ten tijde
50% van de gevallen drie TS’en binnen 15 minuten ter
van incidenten. De posten op de eilanden zijn uitgerust
plaatse kunnen zijn.
met aanvullend materiaal, om de periode te overbruggen voordat versterking is gearriveerd.
21
2.3.2
Grootschalig brandweeroptreden (GBO)
Interregionale bijstand GBO
Bij een inzet met meer dan drie basisbrandweereenheden
Een peloton kan ook ingezet worden om (specialistische)
wordt gesproken over grootschalig brandweeroptreden.
bijstand te leveren aan een andere veiligheidsregio.
Vier eenheden vormen samen met een
Brandweer Fryslân kan de volgende eenheden in
pelotonscommandant een peloton. Het eerste peloton
interregionaal verband leveren:
wordt geformeerd vanuit de KVT: de dichtstbijzijnde eenheden worden hiervoor geselecteerd.
•
1x peloton basisbrandweerzorg o
inzetbaar binnen 60 minuten op de eigen
Het inzetten van een peloton heeft impact op de
regiogrens
restdekking van de regio. Opvolgende pelotons worden
•
via de KVT daarom samengesteld uit eenheden van posten
1x peloton grootschalige watervoorziening o
inzetbaar binnen 60 minuten op de eigen
die verder weg en verspreid in de regio liggen. Doordat
regiogrens
elke regio heeft vastgesteld welke tankautospuiten
•
géén onderdeel mogen zijn van in één keer opgeroepen
1x peloton redding en technische hulpverlening o
pelotons, is restdekking en inzetbaarheid van specialismen
inzetbaar binnen 60 minuten op de eigen
regiogrens
per regio zo passend mogelijk georganiseerd.
•
Van de 66 posten die in Fryslân basisbrandweerzorg
bieden zijn 21 te selecteren voor optreden in GBO-
•
1x Specialistisch Team Hulpverlening (STH) o
verband. In theorie kan Brandweer Fryslân hiermee •
binnen 90 minuten na alarmering
1x peloton Nationale Reddingsvloot o
vijf pelotons basisbrandweerzorg vormen, mits er geen
30 minuten na alarmering uitgerukt, ter plaatse
binnen 3 uur na alarmering op vertreklocatie
1x peloton logistiek en ondersteuning
ander peloton nodig is (bijvoorbeeld Grootschalige Watervoorziening of Logistiek).
Verzoeken om meer interregionale eenheden kunnen via verzoeken tot landelijke bijstand aan Brandweer Fryslan
De pelotonscommandanten voor de pelotons komen
gesteld worden. Aanvullend zijn via de samenwerking met
uit de zes OvD-gebieden die Fryslân telt. Praktisch
de Veiligheidsregio Groningen (VRG) en Veiligheidsregio
gezien ligt het aantal pelotons daarmee lager, omdat bij
Drenthe (VRD) pelotons beschikbaar die Brandweer
een GBO-waardig incident meestal, naast de pelotons
Fryslân niet zelf kan leveren2, zoals Grootschalige
basisbrandweerzorg, ook een peloton GWV en Logistiek
Ontsmetting.
wordt ingezet. Brandweer Fryslân kan in basis de onderstaande pelotons formeren: •
5x peloton basisbrandweerzorg o
1e peloton binnen 30 minuten inzetbaar
o
Maximaal aantal pelotons afhankelijk van
•
feitelijke situatie
3x peloton technische hulpverlening en redding o
1e peloton binnen 60 minuten inzetbaar
o
Maximaal aantal pelotons afhankelijk van
feitelijke situatie •
2x peloton logistiek en ondersteuning o
•
2x peloton grootschalige watervoorziening o
•
1e peloton binnen 30 minuten inzetbaar 1e peloton binnen 30 minuten inzetbaar
1x peloton natuurbrand o
Binnen 30 minuten inzetbaar op vaste wal
o
Realiseerbaar na de uitrol van de NBB-voertuigen 2
Deze staan beschreven in het Handboek grootschalig
brandweeroptreden Noord-Nederland (2020)
22
2.4
Paraatheid
De indicatie wordt gegeven aan de hand van
De paraatheid gaat over de mate waarin de brandweer
uitdienstmeldingen en het aantal incidenten in een
erin kan voorzien dat een aangewezen eenheid met
verzorgingsgebied van een post waar een andere post
werkend materieel en voldoende personeel naar een
naartoe is gegaan.
incident kan uitrukken en daadwerkelijk kan optreden. Een dekkingsplan is namelijk statisch: eenheden lijken
Onderstaande tabel toont het percentage waarbij een
altijd paraat. Brandweer Fryslân is grotendeels gebaseerd
post de eerste TS leverde binnen het verzorgingsgebied
op vrijwilligheid door middel van vrije instroom.
van een andere post, terwijl deze niet elders werd ingezet.
Dat houdt in dat de organisatie verwacht dat de
Totaal alarmeringen*, met uitzondering van
vrijwilliger naar de kazerne komt als de pager gaat
31 december en 1 januari
en de vrijwilliger beschikbaar is. Een gevolg van vrije
Aantal alarmeringen waar een andere post is
instroom is dat de paraatheid niet altijd gegarandeerd is.
uitgerukt dan volgens KVT
Door factoren als beschikbaarheid en gelijktijdigheid te
Percentage waarbij een andere post de
beschrijven, wordt meer recht aan de praktijk gedaan.
2.4.1
eerste TS leverde
Beschikbaarheid
13.430 465 4%
*GMS dataset 2021 t/m maart 2023
Beschikbaarheid is de mate waarin de brandweer voldoende (gekwalificeerd) personeel en werkend
Onderstaande tabel en grafieken geven het aantal en
materieel op de 66 posten beschikbaar heeft om
de spreiding van uitdienstmeldingen weer. Een dataset
daadwerkelijk naar een incident uit te rukken. Bij
van de meldkamer is gebruikt en het betreft de periode
de hoofdpost in Leeuwarden (en Post Noord in de
oktober 2022 t/m april 2024. Het is met de beschikbare
dagsituatie) is de beschikbaarheid gegarandeerd doordat
data niet mogelijk om vast te stellen of er ten tijde van de
beroepspersoneel gekazerneerd is. Over de 65 vrijwillige
uitdienststelling ook meldingen zijn binnengekomen bij
brandweerposten is bekend dat deze niet altijd 24/7
de betreffende post. Indien hier sprake van is geweest, is
paraat zijn. De meeste knelpunten worden ervaren in
een beroep gedaan op een nabijgelegen post.
de dag-periode. Brandweer Fryslân registreert geen beschikbaarheid, maar kan wel een indicatie van de
TS
Aantal uitdienstmeldingen
paraatheid geven. Deze overzichten geven geen sluitend
ANW
762
beeld, maar tonen wel aan dat niet altijd alle posten
DAG
1.698
paraat zijn.
Totaal
2.460
Impact beschikbaarheid Posten kunnen ad hoc of gepland buiten dienst zijn. Gepland kan zijn vanwege onderhoud aan het voertuig, vakbekwaamheidsactiviteiten, of wanneer vooraf bekend is dat binnen een bepaalde periode onvoldoende mensen beschikbaar zijn. Brandweer Fryslân heeft uitgangspunten geformuleerd en maatregelen genomen om beschikbaarheid zo goed als mogelijk in te richten. 23
Deze uitgangspunten zijn:
2.4.3
•
De basisformatie van de post wordt ingericht op een
Bij grootschalige en langdurige inzetten worden veel
basiseenheid (6 personen)
eenheden ingezet. Het aantal ingezette eenheden kan
De gewenste basisformatie is 200% voor manschappen,
zo groot zijn, dat de beschikbaarheid van eenheden voor
en 400% voor bevelvoerder en chauffeur van de
de rest van de regio fors terugloopt. Dit doet zich zowel
eenheid met de mogelijkheid tot gemotiveerd
voor bij een incident in het eigen verzorgingsgebied
afwijken
als in geval van bijstand. De inzet van een groot aantal
De gewenste basisformatie van een ploegensysteem
eenheden tegelijkertijd heeft overduidelijk invloed op de
per ploeg is 150% voor manschappen, chauffeurs en
dekking van (een deel van) het verzorgingsgebied. Om
bevelvoerders met de mogelijkheid tot gemotiveerd
die reden dient een surplus aan capaciteit beschikbaar
afwijken
te blijven als verantwoorde restdekking van het risico
De bezetting van een hulpverleningsvoertuig (HV-K) of
in het verzorgingsgebied, rekening houdend met reeds
redvoertuig (RV) komt bovenop de basisformatie van
ingezette eenheden. Brandweer Fryslân regelt alarmering
een post
en dus ook de pelotonsvorming en bijstandsverlening
De bezetting van de overige specialistische eenheden
via de KVT. De selectie van eenheden die worden
wordt geleverd door de basisformatie van de post
ingedeeld bij een peloton vindt plaats (in GMS) op
•
•
•
•
Restdekking
basis van aanrijdtijd (snelste hulp), maar vooraf zijn De maatregelen zijn:
specifieke posten aangewezen die niet in deze berekening
•
De opbouw als netwerkorganisatie, waarin posten
meegenomen worden. Hierdoor blijft restdekking
nabij genoeg van elkaar gepositioneerd zijn om elkaar
gegarandeerd.
te kunnen ondersteunen •
Het beschikbaar stellen van een paraatheidsmonitoring
2.4.4
Werkdruk
systeem voor alle posten
De factor werkdruk is geïntroduceerd is in de landelijke
•
Het gebruiken van de TS-Flex mogelijkheden
systematiek voor dekkingsplannen3. Dit als handvat voor
•
Het hebben van een paraatheidspoule
regio’s om zowel de meerwaarde van een post- als de
beroepsmedewerkers
individuele belasting die de zorg impliceert voor diens
Het flexibel kunnen alarmeren, bijvoorbeeld tijdens
medewerkers te kwantificeren. Regio’s zijn vrij om duiding
vakantieperioden
te geven aan dit handvat.
• •
Het voorhanden hebben van reservevoertuigen en het beperken van de tijdsduur van
Werkdruk heeft een rechtstreekse relatie met het aantal
onderhoudswerkzaamheden
keer per jaar dat een brandweereenheid gealarmeerd wordt. Het heeft echter niet enkel betrekking op
2.4.2
Gelijktijdigheid
het aantal alarmeringen, maar het gaat er ook over
Gelijktijdigheid ontstaat als de meldkamer een beroep
met hoeveel mensen dit werk gedaan moet worden.
wil doen op een eenheid die reeds is ingezet. Inzicht in
Omgekeerd evenredig heeft de periode dat een post niet
de kans op gelijktijdigheid is relevant voor de paraatheid.
gealarmeerd wordt, maar diens medewerkers zichzelf
Het zegt namelijk iets over de mate waarin de brandweer
wel motiveren en inspannen om beschikbaar te blijven
erin kan voorzien dat de snelste eenheid ter plaatse komt.
(het ‘wachten op een alarmering’), impact op haar
Daarmee geeft gelijktijdigheid inzicht in de kwaliteit van
medewerkers. Per post, en per functie zal dit verschillend
de dekking.
zijn. Brandweer Fryslân geeft in onderstaande tabel inzicht in de werkdruk door de alarmeringsfrequentie weer te geven.
Brandweer Fryslân kan gelijktijdigheid enkel kwalitatief beoordelen. Op basis van een inschatting wordt gesteld dat dit weinig voorkomt, met uitzondering van piekmomenten zoals de jaarwisseling en stormen. Enkel bij posten met veel alarmeringen kan gelijktijdigheid een enkele keer plaatsvinden. In deze gevallen wordt
NB. In Dekkingsplan 2.0 werd deze factor zichtbaar
de kazerne volgorde tabel (KVT) toegepast en wordt de
3
dichtstbijzijnde beschikbare eenheid gealarmeerd.
gemaakt in de opzet van de netwerkorganisatie, waarbij door als netwerk te opereren samen met een buurpost brandweerzorg in stand wordt gehouden. Ook was het verwerkt in de basisformatie van een post en de werkwijze rond TS-Flex. 24
Brandweerpost
Alarmeringen per jaar4
Brandweerpost
Alarmeringen per jaar4
LWD Hoofdpost
1066
Mantgum
37
Drachten
412
Vlieland
37
Heerenveen
410
Koudum
36
Sneek
380
Oudega6
36
LWD Post Noord
296
Nieuwehorne
33m
Harlingen
194
Nes
32
Burgum
187
Ferwert
29
Joure
157
Makkum
29
Franeker
154
Midsland
27
Grou
133
Marsum
27
Dokkum
125
Bakhuizen
27
Bolsward
119
Wommels
27
Beetsterzwaag
102
Parrega
25
Wolvega
98
Scherpenzeel
24
Ureterp
93
Hollum
21
Lemmer
91
Sloten
20
Oosterwolde
78
Stavoren
20
Surhuisterveen
76
Woudsend
18
Akkrum
75
Heeg
75
Beleving werkdruk
De Westereen
71
Naast de daadwerkelijke alarmeringen zijn er ook andere
Gorredijk
71
aspecten van invloed op de werkdruk. Vanwege het vrije
Buitenpost
70
instroomprincipe bij 65 brandweerposten valt het niet
Menaam
70
altijd mee om een post in dienst en dus paraat te houden.
Tjalleberd
64
Hierdoor kunnen de vrijwilligers die vaak beschikbaar
Kollum
61
zijn of beschikbaar zijn op momenten dat anderen er niet
IJlst
59
Gytsjerk
55
Stiens
53
Appelscha
53
Langweer
52
Witmarsum
50
Balk
49
Jubbega
46
St. Annaparochie
46
Schiermonnikoog
45
Oldeberkoop
44
Workum
44
Echten
44
Noordwolde
43
Sint Nicolaasga
41
West-Terschelling
41
5
Drogeham
41
beroepspersoneel en is er sprake van kazernering.
Haulerwijk
41
Het uitsplitsen op basis van de beschikbare data is niet
Anjum
39
mogelijk.
Damwâld
39
Hallum
37
Ternaard
37
5
zijn, extra werkdruk ervaren. Hiervoor is aandacht op de brandweerposten.
4
Afgeleid op basis van het totaal alarmeringen van
basisbrandweerzorg én specialistische taken van een kazerne in de periode 2021-2023. De aantallen zeggen niet iets over de daadwerkelijke duur van een inzet.
6
In de dag-periode wordt deze post bemand door
Voor Oudega is gerekend met de inzet vanaf oktober
2022.
25
3. BEOORDELEN DEKKING (PROCESSTAP 3) In de eerste twee hoofdstukken staat beschreven op welke manier Brandweer Fryslân haar repressieve organisatie heeft ingericht en welke repressieve dekking op basis daarvan verwacht wordt. In dit hoofdstuk wordt op basis van de uitkomsten in hoofdstuk 2, de verwachte repressieve dekking getoetst en beoordeeld. Zo wordt inzichtelijk of de repressieve mogelijkheden het verzorgingsgebied voldoende afdekken of dat er aanpassingen en/of aanvullende maatregelen nodig zijn.
3.1
Aanpak
Met behulp van een normenkader wordt de snelheid van de eerst aankomende tankautospuit beoordeeld. Voor de factor snelheid en capaciteit is het normenkader al vastgesteld. Voor de factoren paraatheid en werkdruk is geen normenkader beschikbaar, daarom worden deze factoren kwalitatief beschreven. Op basis van de totale beoordeling van deze factoren kan de brandweer constateren in hoeverre deze verwachte repressieve dekking past binnen het wettelijk kader en de bestuurlijke afspraken binnen de brandweerregio.
3.2
Beoordeling snelheid
Voor het beoordelen van de factor snelheid, zijn de gebieden in categorieën opgedeeld. Per buurt (CBS buurtindeling 2024) wordt vervolgens de theoretisch behaalde opkomsttijd vergeleken met de toegestane bandbreedte uit het beoordelingskader.
3.2.1
Indeling gebieden
Conform de beschrijving in het beoordelingskader gebiedsgerichte opkomsttijden zijn voor alle buurten een categorie berekend op basis van het overheersend karakter van het gebied. Onderstaande tabel toont een overzicht van deze categorieën.
Categorie
Overheersend karakter van het gebied
Referentiewaarde
Bandbreedte
in minuten
in minuten*
• Oude binnensteden I
• Gebouwen voor slapende niet-zelfredzame personen • Portiekwoningen
7 minuten
4-10 minuten
10 minuten
7-13 minuten
• Woongebouwen met vloerhoogte >20 II III
• Woningen • Gebouwen voor zelfredzame personen • Verspreid liggende woningen • Verspreid liggende gebouwen voor zelfredzame personen
15 minuten
*) de gegeven minimale waarde is een inzichtwaarde, uiteraard mag het altijd sneller
26
12-18 minuten
Zie hieronder de categorisering voor de buurten in Fryslân:
De landelijke handreiking classificeert Fryslân overwegend
Er zijn twee grove aanpassingen toegepast in de indeling
als risicogebied 3. Veel buurten in Fryslân zijn echter
van gebieden. De eerste behelst het aanpassen van een
minder fijnmazig dan in andere delen van Nederland,
aantal buurtvakken van risicogebied 3 naar 2. Hierbij is de
zoals in de Randstad. Fryslân heeft een overwegend
handreiking GGO aangehouden; buurten zijn opgeknipt
landelijk karakter. Dit geeft in de GGO-classificatie echter
naar nieuwe vakken waar sprake was van meer dan
geen goede afspiegeling van de Friese dorpskernen
500 objecten per vierkante km. Het gaat hierbij om 25
waar de meeste risico’s zijn. Daarom zijn een aantal
buurtvakken.
aanpassingen doorgevoerd. Deze aanpassingen leiden niet tot een aangepaste dekking in het kader van de
De tweede aanpassing behelst het ‘opknippen’ van een
basisbrandweerzorg.
aantal buurtvakken rondom Sneek. Ook hier is gebruik gemaakt van de GGO-handreiking en is een buurtvak
Bij bijna alle CBS-gebieden is de categorie volgens de
opgedeeld in twee losse vakken (dit vak werd tot de
definitie tot stand gekomen. Uitgangspunt hierbij is
aanpassing verdeeld door een doorgaande weg).
dat overeenkomstige gebieden ook overeenkomstige
In bijlage 2 staat een overzicht van alle aangepaste
categorieën behoren te hebben. Uit de resultaten
buurten.
blijkt dat niet altijd zo te zijn. Soms zijn gebieden zeer ruim getekend waardoor er relatief een te lage adressendichtheid wordt berekend. Kenmerkend aan brandweerregio Fryslân is dat op enkele grote woonkernen na, veel buitengebied is. Daarom zijn een aantal CBS-gebieden aangepast door ze bijvoorbeeld te “knippen”.
27
Voorbeeld Cat.2
3.2.2. Beoordeling gebieden Voor iedere buurt is berekend wat de theoretische
referentiewaarde opkomsttijd
opkomsttijd is van de eerste tankautospuit in die betreffende buurt. Vervolgens is die tijd vergeleken met
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
de referentiewaarde en de bandbreedte van de categorie van de buurt. Iedere buurt is op deze manier beoordeeld op snelheid: goed (sneller dan referentiewaarde),
Goed
voldoende (tussen referentiewaarde en einde
Voldoende
Onvoldoende
bandbreedte) of onvoldoende (buiten bandbreedte).
Wanneer de opkomsttijd in een buurt hoger is dan de
Ter verduidelijking hieronder een voorbeeld:
maximale bandbreedte, is er aanvullende duiding nodig. In onderstaande afbeelding is de beoordeling van de
Voorbeeld: Buurt X heeft een berekende opkomsttijd
dekking per buurt voor Brandweer Fryslân gevisualiseerd.
van 8 minuten. Onderstaand figuur toont hoe deze
We zien dat 41 van de 956 buurten rood gekleurd
opkomsttijd van een categorie-II-gebied zich verhoudt
zijn (waarbij 36 buurten alleen in de ANW situatie
tot de referentiewaarde van bandbreedte. De
onvoldoende scoren). Dit betekent dat de dekking in deze
bandbreedte voor categorie II ligt tussen de 7 en 13
buurten onvoldoende is. Deze rode buurten zijn op de
minuten. De opkomsttijd ligt hier binnen.
aandachtspuntenlijst gezet voor nadere beschouwing.
28
Dag en avond-, nacht-, weekendsituatie
18+objecten
De afbeelding hierboven toont de dag-situatie. Er zijn
Het Besluit Veiligheidsregio’s (Bvr) schrijft voor dat
enkele verschillen in prestatie tussen de dag- en ANW
een opkomsttijd niet hoger dan 18 minuten mag zijn.
situatie. Deze zijn te verklaren door het verschil in
Desalniettemin zijn er in Fryslân 405 objecten die in de
uitruktijden tussen beide situaties. In Leeuwarden ontstaat
dag-situatie niet binnen 18 minuten bereikt kunnen
een verschil omdat de basisbrandweerzorg-eenheid
worden. Dit is inherent aan de geografie van Fryslân.
overdag door beroepspersoneel verzorgd wordt, en in de
Zo zijn objecten vanwege water niet bereikbaar via de
ANW-situatie door vrijwilligers met vrije opkomst.
weg, of zijn deze gelegen in slecht bereikbare plaatsen. Deze zogenaamde 18+objecten zijn onderdeel van de
Dekking DAG
Aantal
Goed
Percentage 750
aandachtspuntenlijst die met gemeenten gedeeld wordt. 79%
Onvoldoende
41
4%
Compenserende maatregelen
Voldoende
165
17%
Voor de aandachtsobjecten zijn aanvullende maatregelen
Totaal
956
100%
beschikbaar, bijvoorbeeld:
Dekking ANW
Aantal
Percentage
•
uitvoeringsprogramma Brandveilig leven;
•
voorlichting over brandveiligheid en preventieve
Goed
743
78%
Onvoldoende
36
4%
•
oefenen bij de betreffende objecten;
Voldoende
177
18%
•
operationele voorbereiding: bijstellen van de
Totaal
956
100%
voorzieningen;
repressieve inzetvoorstellen (bijvoorbeeld standaard meer eenheden alarmeren);
3.2.3. Beoordeling aandachtsobjecten
•
advies en toezicht.
Aandachtsobjecten verdienen een individuele beoordeling. Dit zijn categorie 1-objecten (zie tabel
3.3.
Beoordeling capaciteit
bij paragraaf 3.2.1) met een opkomsttijd buiten de
Om de capaciteit te beoordelen wordt gekeken naar de
bandbreedte, dus hoger dan 10 minuten. Dit is ongeacht
factoren slagkracht en grootschalig brandweeroptreden.
welke categorie het gebied heeft waarin het object ligt.
De handreiking biedt voor beide een beoordelingskader.
Er zijn in de regio 2.432 aandachtsobjecten met een
De capaciteit wordt op basis van deze beoordelingskaders
overschrijding van de opkomsttijd in de dagsituatie.
beschreven.
Voor de ANW-situatie zijn dit 2.305 objecten.
3.3.1. Beoordeling slagkracht Aandachtspuntenlijst
Voor het voorkomen van slachtoffers en het beperken van
Met het huidige niveau van basisbrandweerzorg
(brand-)uitbreiding is slagkracht essentieel. Voor goede
is de dekking niet overal voldoende. Op de
brandweerzorg is meer nodig dan alleen een snelle eerste
aandachtspuntenlijst staan zowel gebieden als objecten
eenheid ter plaatse. Daarom wordt in deze paragraaf ook
die niet voldoen aan de voor die categorie vastgestelde
de opkomsttijd van de tweede en de derde tankautospuit
maximale bandbreedte. Net als in het Dekkingsplan
en het redvoertuig in categorie 1- gebieden beoordeeld.
2.0 is er geen aanleiding om de dekking op het gebied van brandweerzorg voor deze gebieden en objecten te
In onderstaande tabel wordt het verband getoond tussen
versterken. Er zijn maatregelen beschikbaar op het gebied
de slagkracht en de risicogebieden. Voor categorie 1
van voorkomen- en beperken van brand. In bijlage 3 is per
gebieden wordt gekeken naar de slagkracht van drie
gemeente inzichtelijk gemaakt hoeveel aandachtsobjecten
tankautospuiten en een redvoertuig. Voor categorie 2
er zijn en welke buurten aandachtsgebieden zijn. Een
gebieden wordt gekeken naar de slagkracht van twee
gedetailleerde aandachtspuntenlijst met welke specifieke
tankautospuiten en bij categorie 3 gebieden wordt
objecten het betreft, wordt separaat met gemeenten
slagkracht buiten beschouwing gelaten.
gedeeld.
Risiconiveau
29
TS1 (min)
TS2 (min)
TS3 (min)
RV (min)
8-12 (10)
4-10 (7)
1
4-10 (7)
6-12 (9)
2
7-13 (10)
12-18 (15)
3
12-18 (15)
Op basis van snelheidsberekeningen volgens de werkwijze in processtap 2 wordt bepaald of een 2e of 3e TS binnen de genoemde bandbreedte in een gebied kan zijn. In onderstaande tabel staat aangegeven bij hoeveel gebieden de bandbreedte wordt overschreden. Categorie Capaciteit
Onder
referentiewaarde bandbreedte
bandbreedte
1
1e TS
8
5
1
2e TS
4
6
4
2
Tussen referentiewaarde Boven
3e TS
0
0
14
RV
14
0
0
1e TS
205
110
34
2e TS
262
80
7
517
30
5
Aantal buurten 14
349
3e TS 3
1e TS
552
2e TS 3e TS Totaal aantal gebieden 956 Voor de 65 buurten die boven de bandbreedte scoren
3.4.2. Gelijktijdigheid
vanuit de slagkracht zijn de eerdergenoemde aanvullende
Gelijktijdige meldingen in het verzorgingsgebied van een
maatregelen mogelijk.
post komen weinig voor in Fryslân. In de enkele gevallen dat dit zich toch voordoet, wordt een nabijgelegen
3.3.2. Beoordeling grootschalig brandweeroptreden
post gealarmeerd. Hierdoor is het niet noodzakelijk om
Ten behoeve van bijstand aan andere veiligheidsregio’s
risicogebied 1 worden geen aanvullende paraatheideisen
kan Brandweer Fryslân aan de landelijke GBO-verplichting
gesteld om gelijktijdigheid te kunnen ondervangen.
aanvullende maatregelen te treffen. Ook aan posten in
voldoen om één peloton basisbrandweerzorg, één peloton grootschalig watertransport en één peloton redding en
3.4.3. Restdekking
technische hulpverlening binnen zestig minuten op de
Vooral bij grootschalige en langdurige inzetten is het
eigen regiogrens te leveren.
belangrijk restdekking goed te organiseren. Brandweer Fryslân heeft dit georganiseerd door vooraf posten te